CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

2573-48 Bijlage 45 toelichting, Integraal huisvestingsplan voortgezet onderwijs 2017-2026.pdf

Raadsvergadering 22 februari 2022, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel: Vaststellen bestemmingsplan Stedelijk.13.475 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlage: 45

Gemeente Leidschendam-Voorburg Integraal Huisvestingsplan 

Voortgezet Onderwijs

|

2017-2026 2017

Gemeente Leidschendam-Voorburg Integraal Huisvestingsplan Voortgezet Onderwijs 2017-2026

INHOUDSOPGAVE Ondertekening

6

Samenvatting

7

1 Inleiding 1.1 Doelstelling 1.2 Aanpak 1.3 Leeswijzer

10 10 11 11

2 Visie

12

3 Het Voortgezet Onderwijs van Leidschendam-Voorburg 3.1 Schoolbesturen 3.2 Onderwijsaanbod  3.3 Profilering 3.4 Onderwijskwaliteit 3.5 Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen

14 14 14 16 19 19

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

4 Regiofunctie 4.1 Ambitie 4.2 Leerlingenstromen 4.3 Instroom 4.4 Uitstroom 4.5 Conclusie

21 21 22 23 24 24

5 Trends en Ontwikkelingen 5.1 Ontwikkeling leerlingenaantallen regio Den Haag 5.2 Ontwikkeling leerlingenaantallen Leidschendam-Voorburg 5.3 Ontwikkeling onderwijsniveau leerlingen 5.4 Vernieuwing VMBO 5.5 Internationale Schakelklassen  5.6 Functionaliteit 5.7 Duurzaamheid 5.8 Kwaliteitskader 5.9 Normbedragen 5.10 Renovatie

26 26 26 27 28 28 29 30 30 31 32

4

6 Beleidsambities 6.1 Volumeafspraken 6.2 Functionaliteit onderwijshuisvesting 6.3 Gymnastiek 6.4 VO-scholen met (bredere) maatschappelijke functie 6.5 Toekomstbestendige en duurzame huisvesting

33 33 34 34 34 34

7 Analyse Volumeafspraken 7.1 Opmerking capaciteit 7.2 Afspraken uit het verleden 7.3 Inventarisatie gewenste leerlingenaantallen 7.4 Conclusie: gewenste volumeafspraken

35 35 35 35 36

8 Analyse Functionaliteit Onderwijshuisvesting 8.1 Analyse functionaliteit 8.2 Conclusie: huisvestingsopgaven

39 39 41

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

9 Analyse Gymnastiek 9.1 Analyse gymnastiek 9.2 Conclusie: huisvestingsopgave

42 42 42

10 Analyse Toekomstbestendige huisvesting 10.1 Beleid toekomstbestendige en duurzame huisvesting 10.2 Ambitie toekomstbestendige en duurzame huisvesting 10.3 Discrepantie in onderwijshuisvesting 10.4 Conclusie Normbedragen

43 43 43 44 45

11 Uitvoering

46

5

ONDERTEKENING Er is intensief gesproken over het IHP, de toekomst van het Voortgezet Onderwijs, gebouwen en locaties, financiën, mogelijkheden en onmogelijkheden. Altijd in goede sfeer, respectvol, open en constructief. Vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de kwaliteit en de continuïteit van het onderwijs zijn afspraken gemaakt die door partijen afzonderlijk niet gerealiseerd zouden kunnen worden.

Aldus overeengekomen en getekend op (datum nog nader in te vullen)

Gemeente Leidschendam-Voorburg Uiteindelijk heeft dat geleid tot voorliggend IHP-VO, met daarin de gezamenlijk gedragen intenties voor het voortgezet onderwijs voor de komende jaren.

Scholengroep Spinoza

Lucas Onderwijs

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

6

SAMENVATTING “Goed onderwijs is van groot belang om optimale kansen te creëren voor Leidschendam-Voorburg en haar inwoners. Het vervult een grote rol bij de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Onderwijs is belangrijk voor het economisch succes van individuen. Onderwijs leidt tot sociale stijging, zorgt voor verbinding en verkleint de verschillen tussen sociale milieus.”

Bovenstaand citaat is afkomstig uit de onderwijsvisie. De gemeente vindt goed onderwijs belangrijk. Iedere jeugdige in Leidschendam-Voorburg dient zich zo goed mogelijk te ontwikkelen om optimaal te kunnen participeren in de maatschappij van morgen. Onderwijs speelt hierbij een centrale rol. Onderwijshuisvesting is de fysieke randvoorwaarde voor goed onderwijs. De gemeente heeft daarom Integrale Huisvestingsplannen (IHP) voor het Primair Onderwijs (PO) en het Voortgezet Onderwijs (VO) opgesteld. De IHP’s hebben een strategisch karakter door vanuit visie, beleid en ontwikkelingen strategische keuzes te maken. Daarnaast wordt invulling gegeven aan de wettelijke taak van de gemeente: het voorzien in voldoende en adequate huisvesting. Schoolbesturen zijn in een vroeg stadium betrokken bij de planvorming. Dit IHP omschrijft voor de periode 2017-2026 de gewenste voorzieningenstructuur voor onderwijshuisvesting vanuit een visie op onderwijs en onderwijshuisvesting. Er is een analyse gemaakt van de regio. Trends en ontwikkelingen zijn in beeld gebracht. Vanuit visie, rekening houdend met een analyse van de regio en trends en ontwikkelingen, zijn beleidsambities geformuleerd. Van iedere ambitie is de haalbaarheid onderzocht en vertaald in een concrete opgave.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Visie op onderwijshuisvesting De onderstaande figuur geeft een samenvatting van de visie op onderwijs­huisvesting. VISIE OP ONDERWIJSHUISVESTING Leidschendam-Voorburg heeft onderwijshuisvesting van deze tijd: schoon, veilig, comfortabel en duurzaam. • Naar school in eigen wijk: de onderwijshuisvesting voorziet in een dekkend aanbod. Voor het VO is er voldoende aanbod op ieder onderwijsniveau. • Kind centraal in ontwerp: de onderwijshuisvesting sluit aan op het onderwijsconcept, werken ondersteunend voor de ontwikkeling van kinderen en bieden een goede werkomgeving voor het personeel van de school. • Gezond en duurzaam: de onderwijshuisvesting is duurzaam gebouwd en kent een gezond binnenklimaat en een gezonde exploitatie. • Flexibiliteit: de onderwijshuisvesting is eenvoudig aan te passen. • Buitenruimte: naast de onderwijshuisvesting is er voldoende, hoogwaardige (groene) buitenruimte.

Regioanalyse VO-scholen zijn regionale voorzieningen: VO-leerlingen kijken over gemeentegrenzen heen. Er zijn omvangrijke leerlingenstromen tussen LeidschendamVoorburg en Den Haag, Rijswijk, Pijnacker-Nootdorp en Zoetermeer. Het VO van Leidschendam-Voorburg heeft een sterkere regiofunctie dan het VO in de randgemeenten. Er gaan ongeveer 4.900 leerlingen in LeidschendamVoorburg naar school, terwijl er slechts ongeveer 3.800 leerlingen woonachtig zijn in de gemeente.

7

De inwoners van Leidschendam-Voorburg veel keuzemogelijkheden in het VO. Dit blijkt bijvoorbeeld uit een vergelijking met de rest van Zuid-Holland. Met uitzondering van Praktijkonderwijs zijn alle onderwijsniveaus aanwezig. Het VO draagt zodoende bij aan het hoogwaardige voorzieningenniveau van Leidschendam-Voorburg, en is daarmee belangrijk voor leefbaarheid van de gemeente. Het onderwijsaanbod levert een grote bijdrage aan de regio en maakt de gemeente onderscheidend (Unique Selling Point).

Beleidsambities & Uitvoering In dit IHP hebben de gemeente en de schoolbesturen aanvullend beleid voor onderwijshuisvesting geformuleerd. Drie beleidsambities zijn vertaald in opgaven: 1. Volumeafspraken: borgen van het huidige onderwijsaanbod en het faciliteren van een beperkte groei

Trends en Ontwikkelingen De gemeente en de schoolbesturen willen het onderwijs laten aansluiten bij de ontwikkeling van de maatschappij. De volgende maatschappelijke ontwikkelingen zijn daarom betrokken bij de planvorming van dit IHP: ·· De toename van het leerlingenaantal in de regio Haaglanden en Leidschendam-Voorburg zelf. ·· De opwaartse druk op het onderwijsniveau van het VO. Er komen steeds meer HAVO/VWO-leerlingen en minder VMBO-leerlingen. ·· De vernieuwing van het VMBO. Vanaf schooljaar 2016/2017 zijn de 33 beroepsgerichte programma’s vervangen door tien profielen. ·· De behoefte aan Internationale Schakelklassen voor kinderen uit het buitenland. ·· De ontwikkelingen op het gebied van onderwijs welke eisen stellen aan onderwijshuisvesting: passend onderwijs, differentiatie, digitalisering, pro­fes­sionalisering en flexibiliteit. ·· De toenemende aandacht voor duurzaamheid en kwaliteit van schoolgebouwen en de ontoereikende normbedragen voor de realisatie van deze ambities. ·· De (landelijke) discussie over de financiering van renovatie van school­gebouwen.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

De capaciteit van de huidige gebouwen en de volumeafspraken uit het verleden zijn leidend geweest voor de volumeafspraken. Daarnaast zijn groeimogelijkheden onderzocht. In de huidige situatie is alleen een groeimogelijkheid aanwezig in de huisvesting van de VMBO scholen. De VMBO-T/HAVO/VWO scholen kunnen geen extra leerlingen aannemen. In de gewenste volumeafspraken is daarom rekening gehouden met een uitbreiding van de leerlingenaantallen bij het Sint Maartenscollege en bij het Dalton Voorburg met 150 leerlingen. 2. Huisvestingsopgaven: verbeteren van de functionaliteit van het gebouwenbestand. Aan de hand van een analyse van de functionaliteit van de gebouwen is in beeld gebracht welke schoolgebouwen in aanmerking komen voor aanpassing, renovatie of nieuwbouw. ·· Nieuwbouw Veurs Voorburg (rekening houden met vernieuwing VMBO, meer praktijkruimtes van een hoger niveau) – start bouw 2018. ·· Nieuwbouw of renovatie Sint Maartenscollege (incl. uitbreiding) – start bouw 2021. ·· Nieuwbouw of renovatie Dalton Voorburg (incl. uitbreiding) – start bouw 2026. ·· Eventuele onderwijskundige vernieuwing Corbulo College.

8

De uitbreiding van de leerlingenaantallen bij het Sint Maartenscollege en Dalton Voorburg (volumeafspraken) worden zodoende pas bij (ver)nieuwbouw gerealiseerd. 3. Onderzoek normbedragen: realiseren van duurzame en toekomstbestendige huisvesting De gemeente en schoolbesturen willen gebouwen neerzetten welke voldoen aan het Bouwbesluit en toekomstbestendig en duurzaam zijn. Deze ambitie leidt tot een hoog opslagpercentage bij investeringsopgaven: het verschil tussen de normbedragen en het Bouwbesluit 2015 bedraagt 46%. Het verschil tussen de normbedragen en het Kwaliteitskader VO is zelfs 83%. Gezien de hoogte van de opslagpercentages wil de gemeente nader onderzoek doen. Dit leidt tot een strategie voor de korte en lange termijn. Korte termijn Op de korte termijn wordt gezocht naar een oplossing over het door de gemeente beschikbaar te stellen budget voor de nieuwbouw van Veurs Voorburg aan de Rijnlandlaan. De nieuwbouw van deze school kan niet worden uitgesteld. Lange termijn Voor de lange termijn onderzoekt de gemeente de haalbaarheid van een andere bekostigingssystematiek, waarbij het Haagse model als leidraad kan dienen. Daarnaast gaat de gemeente, samen met andere gemeenten en de schoolbesturen in de regio Haaglanden onderzoeken of de VNG te bewegen is om de normvergoeding tegen het licht te houden.

Te denken valt aan het invoeren van regionale verschillen in de normvergoeding.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

9

1

INLEIDING “Goed onderwijs is van groot belang om optimale kansen te creëren voor Leidschendam-Voorburg en haar inwoners. Het vervult een grote rol bij de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Onderwijs is belangrijk voor het economisch succes van individuen. Onderwijs leidt tot sociale stijging, zorgt voor verbinding en verkleint de verschillen tussen sociale milieus.”

Bovenstaand citaat is afkomstig uit de in 2015 vastgestelde onderwijsvisie van de gemeente Leidschendam-Voorburg. De gemeente vindt goed onderwijs belangrijk. Iedere jeugdige in Leidschendam-Voorburg dient zich zo goed mogelijk te ontwikkelen om optimaal te kunnen participeren in de maatschappij van morgen. Onderwijs speelt hierbij een centrale rol. Onderwijshuisvesting is een speerpunt van de onderwijsvisie omdat het de fysieke randvoorwaarde is voor het onderwijs. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het onderhoud. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor (vervangende) nieuwbouw1. De gemeente en schoolbesturen streven naar een goede spreiding van onderwijshuisvesting en een volledig onderwijsaanbod. De onderwijshuisvesting moet daarbij flexibel zijn, huidige en toekomstige onderwijsconcepten faciliteren, duurzaam zijn gebouwd en een gezond binnenklimaat hebben. Om invulling te kunnen geven aan deze ambitie werken gemeente en schoolbesturen in Leidschendam-Voorburg met Integrale Huisvestingsplannen (IHP). De gemeente en schoolbesturen willen het bestaande IHP voor het Voortgezet Onderwijs (VO) uit 2005 actualiseren en een meer strategisch karakter geven waarbij vanuit visie, beleid en ontwikkelingen strategische keuzes worden gemaakt.

1

Het nut van IHP’s wordt steeds meer erkend. De Tweede Kamer heeft in het debat van 12 april 2016 aandacht gevraagd voor de wettelijke verankering van IHP’s. De staatssecretaris gaat daarover in gesprek met VO-raad, PO-Raad en VNG. De PO-raad, VO-raad en de VNG hebben de staatssecretaris een gezamenlijk voorstel gestuurd voor het toekennen van een wettelijke status aan IHP’s. De gemeente Leidschendam-Voorburg loopt met de IHP’s voor Primair Onderwijs (PO) en VO voorop.

1.1

Doelstelling

De doelstelling van dit Integraal Huisvestingsplan Voortgezet Onderwijs (IHP-VO) is: Het optimaliseren van de voorzieningen voor VO in Leidschendam-Voorburg. Daarbij wordt rekening gehouden met de VO-voorzieningen in de regio. Het IHP-VO omschrijft de inzet van het beleid en de concrete planvorming voor de periode tot 2026. Resultaat is een planmatige aanpak met een beschrijving van de te realiseren projecten. Het IHP-VO vertaalt de onderwijskundige behoefte voor het VO naar een plan voor de gewenste huisvesting: kwantitatief en kwalitatief. Het IHP-VO stelt de gemeente en schoolbesturen in staat om gericht onderwijshuisvestingsbeleid te

Wet Voortgezet Onderwijs.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

10

voeren, strategische keuzes te maken en besluiten integraal af te wegen. Ad hoc huisvestingsaanvragen en desinvesteringen worden hiermee voor­komen. Afbakening Dit IHP heeft alleen betrekking VO-scholen zoals gedefinieerd in de Wet Voortgezet Onderwijs. Dit betekent dat de school voor (Voortgezet) Speciaal Onderwijs ‘De Horizon’ te Leidschendam geen onderdeel uit maakt van dit plan.

1.2

Aanpak

1.3

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 gaat in op de visie van de gemeente en de schoolbesturen. Hoofdstuk 3 beschrijft het VO van de gemeente. Hoofdstuk 4 analyseert de leerlingenstromen in de regio Haaglanden. Hoofdstuk 5 bespreekt de voor dit IHP relevante trends en ontwikkelingen. Hoofdstuk 6 duidt de beleidsambities van de gemeente en de schoolbesturen voor de onderwijshuisvesting van het VO. Hoofdstuk 7 t/m 10 analyseren voor de beleidsambities de huidige situatie en de opgave om de ambitie te realiseren. Hoofdstuk 11 vat de opgaven samen, inclusief financiële vertaling.

Het IHP is in nauw en constructief overleg met de VO-schoolbesturen en gemeente opgesteld. Door het IHP gezamenlijk te ontwikkelen, zijn plannen van gemeente en scholen op elkaar afgestemd. Leerlingenprognoses, gebouwgegevens en leerlingenstromen zijn geanalyseerd. In interviews met de schoolbesturen is het IHP-traject besproken, zijn beleidsontwikkelingen en beleidswensen doorgenomen en de visies en ambities van de individuele schoolbesturen in beeld gebracht. Voor inzicht in de profilering van de school en de staat van de gebouwen is ook gesproken met rectoren en schooldirecteuren. Per school zijn wenselijke ingrepen in beeld gebracht. Vervolgens is de haalbaarheid van deze ingrepen in de onderwijshuisvesting verkend. Gezamenlijk zijn keuzes gemaakt voor uitvoerbare oplossingen. Deze oplossingen komen terug in dit IHP.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

11

2

VISIE Onderwijs- en onderwijshuisvestingsbeleid staan niet op zichzelf maar sluiten aan bij de strategische visie van de gemeente Leidschendam-Voorburg. Op die manier geeft het IHP mede richting aan de gewenste lange termijnontwikkeling van de gemeente en de schoolbesturen.

Dit hoofdstuk vat de verschillende visies van de gemeente samen. De visies zijn in samenwerking met inwoners en instellingen opgesteld. De visie op onderwijs en onderwijshuisvesting is met schoolbesturen, maatschappelijke partners, inwoners en leerlingen opgesteld. VISIE OP LEIDSCHENDAM-VOORBURG Leidschendam-Voorburg is een aantrekkelijke groene woon- en werk gemeente. • Aantrekkelijk: hoogwaardige leefbaarheid via een schone leefomgeving, sociaal vangnet, scala aan voorzieningen en goede bereikbaarheid • Evenwichtige bevolkingsopbouw: streven naar een evenwichtige bevolkingsopbouw naar leeftijd, inkomen en afkomst. • Moderne overheid: gestelde regels handhaven, klantgerichter en efficiënter werken en partijen in de stad bij ambities betrekken. • Regionale samenwerking: verantwoordelijkheid nemen als partner in de regio en richten op actieve samenwerking.

VISIE OP DE SOCIALE STRUCTUUR

VISIE OP DE RUIMTELIJKE STRUCTUUR Leidschendam-Voorburg is een van de meest aantrekkelijke ontmoetings- en vestigingsplaatsen in de Randstad. • Groene duurzame woonstad: versterken hoogwaardige gevarieerde woon- en verblijfskwaliteit in grootstedelijk netwerk. • Groene en stedelijke voorzieningen dichtbij: verbeteren economische kansen en versterken voorzieningenstructuur. • Regionale bereikbaarheid: beter benutten regionale bereikbaarheid en koppelen ruimtelijke ontwikkelingen en mobiliteit.

VISIE OP ONDERWIJS Leidschendam-Voorburg biedt de jeugd mogelijkheden om optimaal te kunnen participeren in de maatschappij. • Integrale Kindcentra: IKC’s ontwikkelen waar onderwijs, kinderopvang, peuterspeelzaalwerk en buitenschoolse opvang in één organisatorische eenheid zijn samengevoegd. • VO-scholen met (bredere) maatschappelijke functie: het realiseren van VO-scholen met een (bredere) maatschappelijke functie. VO-scholen in de gemeente welke structureel samen werken met meerdere partners op het gebied van welzijn, zorg, sport en kunst en cultuur. • Gezonde en Veilige Scholen: in het onderwijs is aandacht besteden aan gezondheid en (sociale en fysieke) veiligheid. • Relatie Onderwijs en Arbeidsmarkt: inzetten op de relatie tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt. Leerlingen leren vaardigheden die aansluiten bij de arbeidsmarkt en oriënteren zich vroegtijdig op de arbeidsmarkt.

Leidschendam-Voorburg is een sociaal gezonde gemeente. • • • •

De basis op orde: het op orde houden van de sociale infrastuur van voorzieningen in de stad. Iedereen doet mee: iedereen volwaardig mee laten doen in de maatschappij. Solidaire stad: bouwen op inwoners en organisaties die zich inzetten voor hun naasten, de buurt en de stad. Een vangnet zonder gaten: ondersteuning bieden aan inwoners die het op eigen kracht niet redden.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

VISIE OP ONDERWIJSHUISVESTING Leidschendam-Voorburg heeft onderwijshuisvesting van deze tijd: schoon, veilig, comfortabel en duurzaam. • Naar school in eigen wijk: de onderwijshuisvesting voorziet in een dekkend aanbod. Voor het VO is er voldoende aanbod op ieder onderwijsniveau. • Kind centraal in ontwerp: de onderwijshuisvesting sluit aan op het onderwijsconcept, werken ondersteunend voor de ontwikkeling van kinderen en bieden een goede werkomgeving voor het personeel van de school. • Gezond en duurzaam: de onderwijshuisvesting is duurzaam gebouwd en kent een gezond binnenklimaat en een gezonde exploitatie. • Flexibiliteit: de onderwijshuisvesting is eenvoudig aan te passen. • Buitenruimte: naast de onderwijshuisvesting is er voldoende, hoogwaardige (groene) buitenruimte.

12

VISIE OP SPORT Leidschendam-Voorburg is de sport- en beweeggemeente van Nederland. • Sport- en beweegaanbod: het sport- en beweegaanbod past bij de behoefte van inwoners in de regio zoals kinderen, veertigers en 65-plussers. • Sport in het onderwijs: leerlingen bewegen tijdens hun reguliere lessen, en leren wat gezond eten is. • Gezonde Scholen: scholen hebben het certificaat bewegen en sport (‘Gezonde School’). • Sportfaciliteiten: sportaccommodaties (ook gymzalen) zijn van goede kwaliteit, worden goed onderhouden en worden optimaal benut.

VISIE OP CULTUUR Leidschendam-Voorburg hecht waarde aan kunst- en cultuur. • Kunst- en cultuureducatie: vergroten en verdiepen van het aanbod het aan kunst- en cultuureducatie in het PO en VO. • Stimuleren van creativiteit: creativiteit is een belangrijke vaardigheid in de huidige samenleving. Kennis maken met kunst en cultuur door te leren, te doen en te ervaren, vergroot die vaardigheid.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

13

3

HET VOORTGEZET ONDERWIJS VAN LEIDSCHENDAM-VOORBURG Het VO bereidt leerlingen voor op vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt. Het VO draagt bij aan de persoonlijke vorming van jongeren zodat zij optimaal kunnen functioneren in de maatschappij: nu en in de toekomst.

Dit hoofdstuk beschrijft het onderwijsaanbod van het VO in LeidschendamVoorburg. Er wordt ingegaan op de schoolbesturen, het onderwijsaanbod, profilering, onderwijskwaliteit en het Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen.

3.1

Schoolbesturen

Leidschendam-Voorburg telt zeven VO-scholen. Het VO wordt aangeboden door Scholengroep Spinoza en Esloo Onderwijsgroep van Lucas Onderwijs. Voortgezet Onderwijs

Scholen (in L-V)

(aantal 2016)

Scholengroep Spinoza

6

4.670

Esloo Onderwijsgroep (Lucas Onderwijs)

1

220

Totaal aantal VO-scholen

7

4.890

Leerlingen

Tabel 1: overzicht VO in Leidschendam-Voorburg (teldatum 1-10-2016).

Scholengroep Spinoza Scholengroep Spinoza biedt VO aan in Leidschendam-Voorburg en Den Haag. In Leidschendam-Voorburg biedt Spinoza een breed aanbod aan VO: alle niveaus van het VMBO (met LWOO), HAVO, VWO en Gymnasium.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Esloo Onderwijsgroep De Esloo Onderwijsgroep is een interconfessionele scholengroep en biedt VO aan in Den Haag en Leidschendam-Voorburg. In Leidschendam-Voorburg biedt de Esloo Onderwijsgroep technisch VMBO-onderwijs. De Esloo Onderwijs­ groep maakt deel uit van Lucas Onderwijs.

3.2

Onderwijsaanbod

In het VO zijn in Leidschendam-Voorburg de volgende onderwijsniveaus aanwezig: VMBO ·· VMBO met leerwegondersteuning (LWOO) ·· VMBO basisberoepsgerichte leerweg (VMBO-B) ·· VMBO kaderberoepsgerichte leerweg (VMBO-K) ·· VMBO gemengde leerweg (VMBO-GT) ·· VMBO theoretische leerweg (VMBO-T/MAVO) HAVO VWO ·· Atheneum ·· Gymnasium (atheneum met Grieks en Latijn)

14

In tabel 2 is het aanbod per onderwijsniveau, per school weergegeven. In tabel 3 is op basis van de leerlingenadministratie2 het onderwijsniveau weergegeven van alle VO-leerlingen woonachtig in Leidschendam-Voorburg. Dit is afgezet tegen het aanbod per onderwijsniveau in Leidschendam-Voorburg.

Onderwijsniveau

Veurs Voorburg

Corbulo College

Veurs Lyceum

Dalton Voorburg

S. Maart. college

Gymn. Novum

Totaal

VWO

310

400

430

720

1.860

HAVO

310

400

430

1.140

310

400

430

1.500

VMBO-GT/T

200

VMBO-K

100

200

VMBO-B

100

200

’s-Grav. College

Er is voor ieder onderwijsniveau voldoende aanbod in Leidschendam-Voorburg. Dit sluit aan op de onderwijsvisie (H2): een dekkend onderwijsaanbod op ieder onderwijsniveau. Het valt op dat er overschotten in aanbod zijn. Dit komt door de regiofunctie en ambitie (zie H4). Er is geen Praktijkonderwijs (PRO), maar daarvoor is meer dan voldoende aanbod in de regio.

160

460

160

300

PRO

0

Tabel 2: capaciteit per onderwijsniveau in Leidschendam-Voorburg.

Onderwijsniveau

Totaal Leerlingen (Leerlingenadministratie)

Totaal Aanbod

Tekort (-) / Overschot (+)

VWO

1.540

1.860

320

HAVO

960

1.140

180

VMBO-GT/T

600

1.500

900

VMBO-K

360

460

100

VMBO-B

270

300

30

PRO

70

0

-70

Totaal

3.800

5.260

1.460

Tabel 3: aantal leerlingen per onderwijsniveau en aanbod per onderwijsniveau in Leidschendam-Voorburg.

2

De cijfers voor het aantal leerlingen per onderwijssoort zijn een schatting. De leerlingenadministratie voegt in de brugklas onderwijsniveaus samen: brugklassen zijn regelmatig een combinatie van onderwijssoorten (bijv. HAVO/ VWO). In deze tabel zijn de leerlingen in een combinatiebrugklas gelijkmatig over de onderwijssoorten verdeeld.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

15

VEURS VOORBURG

3.3

CORBULO COLLEGE

Profilering

De VO-scholen hebben ieder een eigen profilering. Deze paragraaf beschrijft deze profilering. 1. Veurs Voorburg Veurs Voorburg aan de Van Horvettestraat telt ca. 360 leerlingen. De school biedt alle niveaus van het VMBO: VMBO-B, VMBO-K, VMBO-GT en VMBO-T. De school heeft twee profielen: Zorg & Welzijn en Handel & Administratie. In de VMBO-GT en de VMBO-T-afdeling biedt de school ook extra praktijkvakken op het gebied van technologie. De school biedt veel onderwijs aan leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben: LWOO (leerwegondersteunend onderwijs) leerlingen. LWOO-leer­ lingen krijgen les in kleinere groepen. Zodoende is er relatief meer onderwijsruimte, en meer onderwijspersoneel nodig. De kracht van de school ligt in de kleinschaligheid en de geborgenheid van het onderwijs.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

’S - GR AVENDREEF COLLEGE LEIDSCHENDAM

2. Corbulo College Het Corbulo College aan de Van Tuyll van Serooskerkenstraat heeft ca. 220 leerlingen en is een school voor VMBO-B, VMBO-K en VMBO-GT (met en zonder LWOO). De school richt zich op modern techniekonderwijs. Met ingang van het schooljaar 2017/2018 biedt de school vanaf de bovenbouw de volgende profielen aan: “Bouw, Wonen & Interieur”, “Produceren, Installeren & Energie” en “Mobiliteit en Transport”. Dit in het kader van de landelijke vernieuwing van het VMBO (zie par. 5.4). Vanaf het schooljaar 2016-2017 is in het eerste leerjaar gestart met een nieuw beroepsgericht programma met techniek technologie en design. 3. ’s-Gravendreef College Leidschendam Het ’s-Gravendreef College aan het Fluitpolderplein telt ca. 190 leerlingen en is een school voor VMBO-K en VMBO-GT. De school deelt het gebouw met het ID-College. De school werkt intensief samen met het ’s-Gravendreef College in Leidschenveen (valt onder hetzelfde schoolbestuur). De school biedt twee profielen: Economie en Zorg & Welzijn. Het ’s-Gravendreef College staat voor het behoud van goede zaken uit het traditionele onderwijs – deugdelijke instructie en begeleiding van leerlingen tijdens klassikale lessen.

16

VEURS LYCEUM

4. Veurs Lyceum Het Veurs Lyceum aan de Burgemeester Kolfschotenlaan telt ca. 930 leerlingen en is een school voor VMBO-T, HAVO, Atheneum en Gymnasium. Het Veurs Lyceum heeft een traditionele organisatie en bijzondere talentstromen. De school biedt leerlingen in de onderbouw drie talentstromen: “Kunst & Media”, “Science” en “Sport”. In iedere talentstroom werkt een leerling gedurende twee uur per week aan het aanleren van vaardigheden die passen bij het onderwijs en het leven in de 21e eeuw. In de talentstromen worden de verschillende onderwijsniveaus met elkaar gecombineerd. Dit leidt tot ontmoeting tussen de leerlingen en voorkomt segregatie tussen de onderwijsniveaus. Het Veurs Lyceum gaat de talentstromen vanaf schooljaar 2017/2018 ook in de bovenbouw aanbieden. Het Veurs Lyceum zou zich in de toekomst kunnen ontwikkelen tot Technasium.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

DALTON VOORBURG

5. Dalton Voorburg Dalton Voorburg aan de Loolaan telt ca. 1.210 leerlingen en is een school voor VMBO-T, HAVO en Atheneum en Gymnasium. De school biedt Dalton­­onder­ wijs waarbij de nadruk ligt op de keuze­vrijheid voor de leerling, samenwerking met andere leerlingen en de ontwikkeling van zelfstandigheid. Er is daarnaast extra aandacht voor kunstvakken en maatschappelijke vorming. Andere kenmerkende eigenschappen van de school zijn: ·· Heterogene brugklassen: leerlingen met een VMBO-T, HAVO en VWO zitten het eerste jaar samen in een klas. Slechts 4% van alle scholen in Nederland heeft een heterogene brugklas. De heterogene klas biedt extra kansen voor leerlingen met een VMBO-T-advies en zorgt ervoor dat alle leerlingen elkaar in de brugklas ontmoeten. Dit bevordert integratie tussen de onderwijsniveaus. ·· Begaafdheidsprofiel: passend onderwijs voor begaafde leerlingen in brede zin; cognitief, sportief, muzikaal of artistiek. ·· Gepersonaliseerd leren: leerlingen starten een eigen leerlijn waarbij zij voor bepaalde vakken een hoger onderwijsniveau halen.

17

SINT MA ARTENSCOLLEGE

GYMNASIUM NOVUM

6. Sint Maartenscollege Het Sint Maartenscollege aan de Aart van der Leeuwkade telt ca. 1.250 leerlingen en is een school voor VMBO-T, HAVO, Atheneum en Gymnasium. Excellente leerlingen hebben de mogelijkheid om op het VWO tweetalig onderwijs (Engels) te volgen.

7. Gymnasium Novum Gymnasium Novum aan de Aart van der Leeuwkade telt ca. 730 leerlingen en is een school voor Atheneum en Gymnasium. Gymnasium Novum is bezig om het onderwijsaanbod te veranderen; over drie jaar biedt de school alleen nog maar Gymnasium.

Het Sint Maartenscollege biedt traditioneel onderwijs met een katholiek karakter. De kracht van de school is de ontwikkeling van leerlingen; gemiddeld 30-40% van de VMBO-T leerlingen stroomt door naar de HAVO.

Gymnasium Novum heeft overwegend bèta-leerlingen (70%). De school heeft een uitdagend onderwijsaanbod en een zelf-ontwikkeld onderwijsconcept: ·· Keuzevakken: leerlingen kunnen extra vakken volgen. ·· Eigen ontworpen vakken: voorbeelden zijn Natech (een combinatie van natuurkunde en techniek), Science+ (verdieping voor bèta-leerlingen), West Europese Christelijke Cultuur (kennismaking met de Christelijke cultuur om de maatschappij te kunnen duiden). ·· Novumuren (onderbouw) en Novumbanduren (bovenbouw): leerlingen krijgen extra ondersteuning, verbreding of verdieping. ·· Thematijd: docenten van meerdere vakken geven gezamenlijk les over een thema, hetgeen de relaties tussen de vakken zichtbaar maakt.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

18

3.4

Onderwijskwaliteit

De Onderwijsinspectie analyseert jaarlijks de kwaliteit van het onderwijs per school en onderwijsniveau. Alle VO-scholen staan onder basistoezicht. Dit houdt in dat het onderwijs op de scholen volgens de Onderwijsinspectie van voldoende kwaliteit is.

3.5

Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen

Sinds 2008 hebben VO-scholen de mogelijkheid om een Regionaal Plan Onderwijsvoorzieningen (RPO) op te stellen. In het RPO bepalen regionale VO-schoolbesturen gezamenlijk hoe de VO-scholen binnen de regio georganiseerd worden. De gemeenten Den Haag, Rijswijk, Pijnacker-Nootdorp en Leidschendam Voorburg vormen de regio Haaglanden voor het RPO. Alle VO-schoolbesturen hebben deelgenomen aan de totstandkoming van het RPO. De gemeente heeft een rol bij het vaststellen van het RPO vanuit de zorgfunctie voor adequate huisvesting. Voordat het RPO wordt vastgesteld, wordt met de gemeente overlegd over het concept-RPO. Het RPO-Haaglanden 2013-2018 is aan de gemeente voorgelegd in oktober 2012. Het RPO-Haaglanden 2013-2018 heeft geen huisvestingsconsequenties voor de gemeente Leidschendam-Voorburg. Voor de periode 2018-2023 wordt een nieuw RPO opgesteld. Dit proces is in schooljaar 2016-2017 opgestart. Eventuele opgaven voortkomend uit dit IHP, welke een relatie hebben met de wetgeving van het RPO, kunnen worden ingebracht in het volgende RPO.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

19

HERKOMST EN SCHOOLKEUZE VO -LEERLINGEN

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

20

4 REGIOFUNCTIE In de dichtbevolkte regio Haaglanden zijn veel VO-scholen welke relatief dicht bij elkaar liggen. VO-leerlingen overschrijden regelmatig gemeentegrenzen bij hun schoolkeuze. VO-scholen zijn daarmee regionale voorzieningen.

Dit hoofdstuk bespreekt de ambitie van de gemeente voor het VO en analyseert de leerlingenstromen in de regio Haaglanden.

4.1

·· Leefbaarometer Rijksoverheid: de gemeente scoort ‘Goed’ op de Leefbaarometer. De onderstaande afbeelding laat de resultaten zien.

Ambitie

Leidschendam-Voorburg heeft voor het VO een breed onderwijsaanbod (zie par. 3.2) en een regiofunctie. Het behoud en de ontwikkeling van dit brede, regionale onderwijsaanbod sluit aan op de strategische visie van de gemeente (zie ook H2). Daarbij staan onder andere leefbaarheid en regionale samenwerking centraal. Deze paragraaf bespreekt de samenhang van deze elementen met het regionale aanbod voor het VO. Leefbaarheid “Leefbaarheid staat voorop. Leidschendam-Voorburg moet in de eerste plaats een gemeente zijn waarin het prettig wonen is.” (Strategische Visie LeidschendamVoorburg 2020). Leidschendam-Voorburg scoort hoog op leefbaarheid: ·· Wijkatlas Leidschendam-Voorburg; de gemeente krijgt een 7,7 voor de leefbaarheid van haar eigen inwoners. ·· Elsevier & Bureau Louter: in een vergelijking van alle 390 gemeenten in Nederland neemt Leidschendam-Voorburg de 19e plaats voor wat betreft de kwaliteit van de leefomgeving. ·· Atlas voor Gemeenten: in een vergelijking van de 50 grootste gemeenten in Nederland neemt Leidschendam-Voorburg de 10e plaats in.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Figuur 1: Leefbaarometer Rijksoverheid, score gemeente Leidschendam-Voorburg.

Belangrijk voor de hoge score op leefbaarheid is het voorzieningenniveau van Leidschendam-Voorburg. Dit geldt voor alle onderzoeken, maar is met name goed te zien in de score op de Leefbaarometer van de Rijksoverheid. Een belangrijk onderdeel van het hoogwaardige voorzieningenniveau van Leidschendam-Voorburg zijn de VO-voorzieningen. Het CBS doet onderzoek naar de nabijheid van VO-scholen in gemeenten. De onderstaande tabel geeft hiervan de resultaten.

21

VO Totaal

VO Totaal

VO Totaal

VO Totaal

Afstand tot school

< 3 KM

< 5km

< 10 KM

Leidschendam-Voorburg

1 km

7 scholen

16 scholen

45 scholen

Gem Zuid Holland

3 km

3 scholen

5 scholen

18 scholen

Tabel 4: gemiddelde reisafstanden voor inwoners van Leidschendam-Voorburg en Zuid-Holland van hun woonadres naar de dichtstbijzijnde VO-school.

De bovenstaande tabel laat zien dat de inwoners van Leidschendam-Voorburg ten opzichte van het gemiddelde van Zuid-Holland veel meer keuzemogelijkheden hebben in het VO. Het VO draagt zodoende bij aan het hoogwaardige voorzieningenniveau van Leidschendam-Voorburg, en is daarmee belangrijk voor leefbaarheid van de gemeente. Regionale Samenwerking De visies in H2 en het voorgaande over leefbaarheid is overwegend geredeneerd vanuit de gemeente zelf. Echter, de gemeente maakt ook onderdeel uit van een breder geheel: de regio. In de ‘Strategische Visie LeidschendamVoorburg 2020’ geeft de gemeente aan dat zij ook haar verantwoordelijkheid wil nemen als partner in de regio. Het VO van de gemeente geeft invulling aan deze verantwoordelijkheid. Het VO van de gemeente heeft een regionale functie: Leidschendam-Voorburg heeft voor het VO een grootschalig en breed onderwijsaanbod (zie par. 3.2). Dit onderwijsaanbod maakt de gemeente onderscheidend in de regio (Unique Selling Point) en levert een grote bijdrage aan het onderwijs in de regio.

4.2

Er gaan 4.900 leerlingen in Leidschendam-Voorburg naar school, terwijl er slechts 3.801 leerlingen woonachtig zijn in de gemeente (teldatum 1-10-20153). De meeste leerlingen in Leidschendam-Voorburg gaan in de eigen gemeente naar school. Van de 3.801 leerlingen die wonen in de gemeente LeidschendamVoorburg gaan 2.575 (68%) in de eigen gemeente naar school. Er gaan in totaal er 2.325 leerlingen uit andere gemeenten in Leidschendam-Voorburg naar school. Er gaan in totaal 1.226 leerlingen uit Leidschendam-Voorburg buiten de gemeente naar school. De leerlingen op de VO-scholen in Leidschendam-Voorburg komen uit: Den Haag

1.574 leerlingen

Rijswijk

388 leerlingen

Pijnacker-Nootdorp

284 leerlingen

Overig

79 leerlingen

Totaal

2.325 leerlingen

De leerlingen uit Leidschendam-Voorburg die kiezen voor een VO-school buiten de gemeente gaan naar: Den Haag

960 leerlingen

Zoetermeer

97 leerlingen

Overig

169 leerlingen

Totaal

1.226 leerlingen

3

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Leerlingenstromen

Opmerking: de regioanalyse is niet op de meest recente teldatum van 1-10-2016 gebaseerd. De cijfers benodigd voor de analyse zijn op het moment van schrijven niet door DUO gepubliceerd.

22

4.3

Instroom

Herkomst Leerlingen Leidschendam-Voorburg (per school)

In de vorige paragraaf is geconstateerd dat veel leerlingen uit Den Haag, Rijswijk en Pijnacker-Nootdorp in Leidschendam-Voorburg naar school gaan. Deze paragraaf geeft drie verklaringen voor deze instroom.

900

1. Historisch gegroeide route: Een deel van de instroom heeft een historische verklaring. Vroeger gingen veel leerlingen uit Pijnacker-Nootdorp naar school in Voorburg. Nu er meer keuze is voor leerlingen uit Pijnacker-Nootdorp (door de komst van scholen in Ypenburg-Leidschenveen) is deze stroom afgenomen. Toch kiezen nog relatief veel kinderen uit Pijnacker-Nootdorp voor een VO-school in Voorburg, onder andere omdat ouders bekend zijn met het onderwijs in Leidschendam-Voorburg.

500

800 700 600

400 300 200 100 0

Dalton Voorburg

Sint Maartenscollege

Aantal Ll. uit LV

Veurs Lyceum

Gymnasium Novum

Aantal Ll. uit DH

Veurs Voorburg

Aantal Ll. uit RW

’s-Gravendreef Corbulo College College

Aantal Ll. uit P-N

Figuur 2: herkomst van de leerlingen weergeven per school.

Figuur 2: herkomst van de leerlingen weergeven per school.

2. Geografische ligging: ·· De leerlingen uit Den Haag zijn afkomstig uit de wijken die grenzen aan Leidschendam-Voorburg. De meeste leerlingen zijn afkomstig uit Leidschenveen (35%) en Ypenburg (21%). Daarnaast komen er vooral leerlingen uit Laak, Mariahoeve en Marlot, Stationsbuurt en Bezuidenhout4. ·· De leerlingen uit Rijswijk zijn voor 75% afkomstig uit Oost-Rijswijk. ·· De leerlingen uit Pijnacker-Nootdorp zijn voor 89% afkomstig uit Nootdorp. 3. Onderwijsaanbod Veurs Voorburg, Dalton Voorburg, Gymnasium Novum en het Corbulo College hebben een onderwijsaanbod welke voorziet in een regionale behoefte. Het is opvallend dat het Sint Maartenscollege, het ’s-Gravendreef College en het Veurs Lyceum ondanks het vrij traditionele onderwijsaanbod veel leerlingen van buiten aantrekken (fig. 2). De geografische ligging van de scholen lijkt de primaire reden voor deze instroom. 4

Deze cijfers zijn een benadering. DUO (min. OCW) specificeert alleen de vier cijfers van een postcode.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

23

4.4 Uitstroom Ondanks het brede VO-aanbod zijn er leerlingen die buiten de gemeente naar school gaan. Het grootste gedeelte (960 leerlingen) gaat naar Den Haag. Deze paragraaf geeft een verklaring voor deze uitstroom naar Den Haag.

Uitstroom leerlingen naar Den Haag (per school) 350 300 250

In paragraaf 3.2 is geconcludeerd dat de uitstroomt niet verklaard wordt door een gebrek aan onderwijsaanbod in Leidschendam-Voorburg. Met uitzondering van het Praktijkonderwijs is er voor iedere onderwijssoort een overschot in aanbod. De reden voor een schoolkeuze buiten Leidschendam-Voorburg lijkt te liggen in de keuze voor een ander onderwijsaanbod of profilering.

200 150 100 50 0

Leerlingen uit Leidschendam-Voorburg gaan naar 30 verschillende scholen in Den Haag. 70% van deze uitstroom (ca. 670 leerlingen) gaat naar zeven scholen (zie fig. 3). Deze scholen hebben het volgende onderwijsaanbod of profilering. 1 Wellantcollege Westvliet:  groen profiel en de brugklas combinatie VMBO-B/VMBO-K 2 Chr. Zandvliet College: alleen HAVO/VWO en christelijke signatuur 3 Maerlant Lyceum: alleen HAVO/VWO 4 ’s-Gravendreef College: combinatie VMBO-K, VMBO-GT en HAVO 5 François Vatelschool: andere VMBO-profielen (Bakkerij, Horeca, ICT en Sport Toerisme en Recreatie) en de brugklas combinatie VMBO-B/VMBO-K 6 Haags Montessori Lyceum: montessorionderwijs 7 Montaigne Lyceum:  de combinatie VMBO-K, VMBO-GT, VMBO-T, HAVO en VWO Daarnaast is het opvallend dat met uitzondering van de François Vatelschool en het Haags Montessori Lyceum alle zeven scholen een nieuw gebouw hebben (het Maerlant is gerenoveerd).

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Wellantcollege Chr. Zandvliet Westvliet College

Maerlant College

's-Gravendreef College (Lveen)

François Vatelschool

Haags Montessori Lyceum

Montaigne Lyceum

Overig (22 scholen)

Figuur3:3:uitstroom uitstroom van van de perper school. Figuur de leerlingen leerlingenweergegeven weergegeven school.

4.5

Conclusie

Er zijn leerlingenstromen tussen Leidschendam-Voorburg en Den Haag, Rijswijk, Pijnacker-Nootdorp en Zoetermeer. Het Randstedelijke karakter van de gemeente lijkt de belangrijkste reden: VO-leerlingen kijken over gemeentegrenzen heen. Daarnaast is er sprake van historisch gegroeide routes. De gemeente en de schoolbesturen vinden het huidige aanbod van VO in Leidschendam-Voorburg een kwaliteit. Zij vinden het onderwijsaanbod en/ of profilering van de VO-scholen goed afgestemd op de regio. Verandering is (nog) niet nodig: ·· Een deel van de uitstroom zijn leerlingen welke kiezen voor een ander VMBO-profiel. Een aanbod van alle VMBO-profielen binnen één gemeente is niet haalbaar. Bovendien liggen het Wellantcollege en de François Vatelschool op fietsafstand.

24

·· Een deel van de uitstroom zijn HAVO/VWO-leerlingen welke kiezen voor een school met uitsluitend HAVO/VWO-onderwijs. Scholengroep Spinoza biedt VMBO-T, HAVO en VWO-onderwijs in Leidschendam-Voorburg. Scholengroep Spinoza wil op dit moment geen school starten met alleen

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

HAVO/VWO. Bij Spinoza zou dat betekenen dat de VMBO-T-afdeling bij een van de drie brede scholengemeenschappen uit verhuisd zou moeten worden. Momenteel zijn hiervoor geen concrete plannen, dat kan echter wel wijzigen.

25

5

TRENDS EN ONTWIKKELINGEN Onderwijs is een dynamisch beleidsveld. De gemeente en de schoolbesturen willen het onderwijs laten aansluiten bij de ontwikkeling van de maatschappij. Maatschappelijke ontwikkelingen worden daarom betrokken bij de planvorming dit IHP.

Dit hoofdstuk bespreekt relevante trends en ontwikkelingen in onderwijs- en onderwijshuisvesting. Daarbij wordt aangegeven of de gemeente en schoolbesturen op deze trend willen anticiperen.

5.1

Ontwikkeling leerlingenaantallen regio Den Haag

Het leerlingenaantal in de regio Haaglanden neemt toe. Dit is afwijkend van de landelijke trend. Landelijk daalt het leerlingaantal in het PO sinds 2008-2009. In de toekomst zal het leerlingaantal in het VO ook gaan dalen: “Enkel in de regio’s Den Haag, Amsterdam, Delft en Westland zal het leerlingenaantal nog toenemen. In alle andere regio’s loopt het leerlingaantal tot 2025 terug.” 5

5.2

Ontwikkeling leerlingenaantallen Leidschendam-Voorburg

De prognose-VO van augstus 2015 (Pronexus) voorziet dat het leerlingenaantal in Leidschendam-Voorburg licht zal toenemen met 4% tot 5.090 leerlingen in 2020. Daarna stabiliseert het leerlingenaantal (5.104 leerlingen in 2035). Jaartal Leerlingen­ aantal

2016 Teldatum

2017 Teldatum

2017 Prognose

2020 Prognose

2025 Prognose

2035 Prognose

4.900

4.890

5.075

5.074

5.063

5.104

Tabel 5: Teldata en leerlingenprognose Pronexus.

De prognose wordt elke twee jaar geactualiseerd. De huidige prognose is gebaseerd op teldatum 2015 (okt. 2014). Inmiddels zijn ook de teldata van 2016 (okt. 2015) en 2017 (okt. 2016) bekend. Het vergelijken van deze twee teldata (tabel 5) laat zien dat het leerlingenaantal gelijk blijft. Scholengroep Spinoza geeft aan dat dit komt doordat zij leerlingen moeten weigeren (zie ook H7).

5

K. Straus (2015), Initiatiefnota van het lid Straus: Krimp in het voortgezet onderwijs – van kramp naar kans.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Reactie Pronexus Er is reden om aan te nemen dat het aantal VO-leerlingen van LeidschendamVoorburg sneller stijgt. De prognose-VO van augustus 2015 gaat uit van een woningbouwprogramma van 548 woningen in 2014–2020. De recent opgestelde prognose van het PO gaat uit van 1.984 woningen, ruim drie keer zo veel.

26

5.3 Conclusie Het leerlingenaantal in de regio Haaglanden en de gemeente neemt waarschijnlijk toe. Relatie met dit IHP: De gemeente en de schoolbesturen willen een beperkte groei kunnen faciliteren. Het leerlingenaantal gaat waarschijnlijk toenemen en de scholen moeten nu te vaak leerlingen weigeren.

Ontwikkeling onderwijsniveau leerlingen

Er is een opwaartse druk is op het onderwijsniveau van het VO. Er komen steeds meer HAVO/VWO-leerlingen en minder VMBO-leerlingen. Dit heeft te maken met betere scholing en hogere onderwijs­adviezen. De hogere onderwijsadviezen zijn veroorzaakt doordat het schooladvies in 2014 leidend is geworden bij toelating tot het VO. De Citotoets is niet meer leidend. Voor de gemeenten Den Haag, Leidschendam-Voorburg en Rijswijk is in tabel 6 weergegeven hoe de schooladviezen zich hebben ontwikkeld. Basisschooladviezen

2007

2009

2011

2013

2015

PRO

4%

4%

3%

3%

4%

VMBO-B

15%

13%

11%

11%

12%

VMBO-K

16%

15%

15%

14%

15%

VMBO-GT

19%

18%

20%

18%

16%

VMBO-T/HAVO

9%

10%

11%

11%

10%

HAVO

13%

14%

15%

14%

14%

HAVO/VWO

10%

12%

11%

12%

11%

VWO

13%

15%

16%

18%

17%

Tabel 6: schooladviezen voor het voortgezet onderwijs in RPO Haaglanden, uitgedrukt in percentages.

Het is opvallend dat het de hoogte van de schooladviezen de afgelopen jaren zijn gestegen. Dit uit zich met name in de stijging van het advies voor VWO met 4%. Tegelijkertijd is het advies voor VMBO-B met 3% gedaald. Relatie met dit IHP: De gemeente en de schoolbesturen zien (ondanks de stijging van de hoogte van de schooladviezen) geen aanleiding om het huidige onderwijsaanbod naar boven bij te stellen. De schoolbesturen verwachten dat de onderwijsadviezen in de toekomst naar beneden bijgesteld worden.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

27

5.4

Vernieuwing VMBO

Op de scholen in Leidschendam-Voorburg die VMBO-B, VMBO-K of VMBO-GT aanbieden, is de vernieuwing van het VMBO ingevoerd. Vanaf school­ jaar 2016/2017 zijn de huidige 33 beroeps­ gerichte programma’s vervangen door tien profielen. Leerlingen kiezen één profiel. De vernieuwing moet de volgende voordelen bieden: ·· Een betere afstemming van het onderwijsaanbod op het vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt in de regio.6 ·· Meer ruimte en keuzemogelijkheden voor leerlingen. ·· Voor de scholen is het beperkte aantal profielen gemakkelijker te organiseren. ·· Bredere profielen waardoor leerlingen meer kansen hebben op de arbeidsmarkt. Dit is nodig omdat het aanbod aan laaggeschoold werk afneemt terwijl de eisen aan de werknemers, vooral op communicatief vlak, hoger worden.

De gemeente en de schoolbesturen willen in de onderwijshuisvesting rekening houden met de vernieuwing.

5.5

Internationale Schakelklassen

Voor kinderen uit het buitenland, zijn er internationale schakelklassen in het VO (ISK). In de ISK’s leren leerlingen zo snel mogelijk Nederlands, zodat ze kunnen overstappen naar regulier VO-onderwijs. Er is landelijk druk op de ISK’s: op 23 november 2015 zaten 47.574 personen in opvanglocaties van wie er 5.920 de VO-leeftijd hebben7. In het bestuursakkoord (2016) tussen Rijk en gemeenten is afgesproken om leegstaande gebouwen geschikt te maken voor onderwijs. Daarnaast is er een mogelijkheid om VO-noodlocaties financieel te ondersteunen. Ten slotte is 16 miljoen euro beschikbaar voor het inrichten van (tijdelijke) huisvesting voor ISK’s.

Relatie met dit IHP: De gemeente en de schoolbesturen verheugen zich over de vernieuwing. De vernieuwing is echter geen aanleiding voor verandering in het onderwijsaanbod of profilering van de scholen in Leidschendam-Voorburg.

Relatie met dit IHP: De behoefte aan ISK’s is op regionaal niveau in beeld gebracht.8 Er zijn voor de regio als geheel voldoende ISK-klassen gerealiseerd in 2016. In LeidschendamVoorburg zijn echter geen ISK’s, vanwege ruimtegebrek.

De schoolbesturen geven wel aan dat de verschuiving gevolgen heeft voor de onderwijshuisvesting: ·· Er is behoefte aan praktijkruimtes van een hoger niveau (dicht bij de arbeidsmarkt). ·· Er is behoefte aan meer verschillende praktijkruimtes om leerlingen het onderwijs van één profiel te kunnen bieden (voor zorg & welzijn is er bijv. behoefte aan praktijkruimte voor verpleegkunde én praktijkruimte voor kappers-activiteiten).

De instroom van ISK-leerlingen in het VO leidt tot een beperkte groei. De gemeente en de schoolbesturen willen deze beperkte groei kunnen faciliteren.

7 8 6

Sander Dekker (2015), Kamerbrief over de professionalisering van de nieuwe profielen in het VMBO

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Cijfers VO-raad Gemeenten: Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Wassenaar, Westland en Zoetermeer.

28

5.6

Functionaliteit

Ontwikkelingen op het gebied van onderwijs stellen eisen aan schoolgebouwen. De belangrijkste ontwikkelingen in onderwijs welke eisen stellen aan schoolgebouwen zijn9: ·· Passend Onderwijs: Passend Onderwijs is in schooljaar 2014/2015 ingevoerd. Het doel is om leerlingen met een extra zorgbehoefte een passende plek geven binnen het onderwijs. Dit heeft gevolgen voor de onderwijshuisvesting. In sommige schoolgebouwen moeten voorzieningen getroffen worden om kinderen met lichamelijke problemen en/of gedragsproblemen onderwijs te kunnen bieden. ·· Differentiatie: lesvormen worden steeds beter afgestemd op de individuele onderwijsbehoefte van leerlingen (gepersonaliseerd leren). Daartoe is meer differentiatie in lesvormen nodig. Schoolgebouwen moeten ruimten bieden om deze gedifferentieerde lesvormen te faciliteren. ·· Digitalisering van het onderwijs: binnen het onderwijs gaat meer aandacht uit naar ICT. Leerlingen moeten basale ICT-vaardigheden aanleren. Tegelijker­ tijd maakt ICT als middel grote hoeveelheden informatie toegankelijk en faciliteert eigen leerroutes. Digitale hulpmiddelen (smartboard, internet, iPad’s e.d.) worden steeds meer ingezet. School­gebouwen moeten ruimtes en infrastructuur voor deze functies bieden. ·· Professionalisering van leraren: de verwachting is dat docenten hierbij een werkruimte (lees: kantoor) nodig zullen hebben.

·· Flexibiliteit: De maatschappij verandert in een rap tempo. Welke kennis, vaardigheden en inrichting van gebouwen in de toekomst nodig zijn is nog onzeker. Schoolgebouwen moeten daarom flexibeler worden ingericht en eenvoudiger kunnen worden aangepast. Zo is er bijvoorbeeld een trend om er bij nieuwbouw voor te zorgen dat aparte ruimtes aparte ingangen hebben en ervoor te zorgen dat binnenwanden verplaatst kunnen worden.

9

Relatie met dit IHP: De gemeente en de schoolbesturen willen deze vier ontwikkelingen betrekken bij de onderwijshuisvesting.

Algemene Rekenkamer (2016), Schoolgebouwen primair en voortgezet onderwijs: de praktijk gecheckt.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

29

5.7

Duurzaamheid

Duurzaamheid heeft invloed op onderwijshuisvesting. Duurzaamheid kan worden gedefinieerd als “ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoefte te voorzien in gevaar te brengen.”10 Duurzame ontwikkeling streeft naar evenwicht tussen ecologische, economische en sociale belangen. Er worden steeds meer eisen en richtlijnen ontwikkeld voor de duurzaamheid van schoolgebouwen. Er wordt bijvoorbeeld gekeken naar energieprestaties, luchtkwaliteit, milieubelasting van bouwen, gebruikskwaliteit, toekomstwaarde van gebouwen. Voor de periode 2008-2016 heeft de Rijksoverheid een aantal maatregelen genomen om de kwaliteit van (onder meer) onderwijshuisvesting te verbeteren. Maatregelen zijn de ‘Verbetering Binnenmilieu en Energiezuinigheid’ en het ‘Programma van Eisen Frisse Scholen’. Recentere maatregelen zijn de ‘Green Deal Verduurzaming Scholen’ uit 2014 en de ‘Actieagenda Architectuur en Ruimtelijk Ontwerp 2013-2016’. Relatie met dit IHP: De gemeente en schoolbesturen willen een duurzaam beleid voor schoolgebouwen voeren.

10

5.8

Kwaliteitskader

In het Kwaliteitskader-VO (2016) hebben de VNG, PO-Raad, Ruimte OK en een aantal schoolbesturen kwalitatieve kaders gesteld voor de bouw en verbouw van scholen. Het Kwaliteitskader-VO bevat een reeks eenduidige, herkenbare en praktisch toepasbare prestatiecriteria voor een schoolgebouw, verdeeld over drie thema’s: ·· Beleving (Architectonische kwaliteitscriteria) Prestatiecriteria gerelateerd aan de verschijningsvorm en beeld- en sfeer-verwachting van het exterieur en interieur. ·· Gebruik (Functionele kwaliteitscriteria) Prestatiecriteria gerelateerd aan de omvang, situering en geschiktheid van ruimten, op basis van de activiteiten die er plaatsvinden. ·· Techniek (Technische kwaliteitscriteria) Prestatiecriteria gerelateerd aan gezondheid, duurzaamheid en onderhoud. Het kader maakt de bovenstaande prestatiecriteria inzichtelijk en bespreekbaar. Relatie met dit IHP: De gemeente en de schoolbesturen willen het Kwaliteitskader voor onderwijshuisvesting (deels) invoeren. Voor een uitwerking hiervan zie H10.

VN-Comissie Brundtland (1987)

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

30

5.9

Normbedragen

In de verordening onderwijshuisvesting van de gemeente is de vergoeding voor huisvestingsvoorzieningen vastgelegd in zogenoemde ‘normbedragen’. De normbedragen gaan uit van een sober, maar doelmatig gebouw, dat voldoet aan de eisen van (onder meer) het Bouwbesluit 2012. De hoogte van de normbedragen staat al een aantal jaren ter discussie. Voor de economische recessie werden de normbudgetten bij aanbestedingen vaak overschreden. Tijdens de economische recessie bleek het zo nu en dan mogelijk om binnen normbudgetten te bouwen. Sinds het economisch herstel blijkt bouwen binnen normbudget vrijwel onmogelijk. Er zijn vraagtekens of de normbedragen voldoen: de normbedragen zouden geen rekening houden met aangescherpte bouwtechnische eisen uit het Bouwbesluit 2015 en eisen met betrekking tot eigentijds onderwijs. Dit beeld wordt door onderzoek bevestigd. Met de publicatie van het Kwaliteitskader VO (zie par. 5.8) is een doorrekening gemaakt van de bouwkosten.11 In de doorrekening is een vergelijking gemaakt tussen (zie figuur 4): ·· De normbedragen. ·· De stichtingskosten van een VO-school gebaseerd op het Bouwbesluit 2015. ·· De stichtingskosten van een VO-school op het Bouwbesluit 2015 én de aanvullende eisen uit het Kwaliteitskader.

11

Kwaliteitskader huisvesting Voortgezet Onderwijs, financiële paragraaf, Documentatie Bouwwezen (BDB), april 2016.

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Vergelijk normbedragen per 1 januari 2016 (stichtingskosten incl. btw) € 2.500 € 2.060 € 2.000 € 1.500

€ 1.643 € 1.124

€ 1.000 € 500 € Normbedrag VNG

Bouwbesluit

Bouwbesluit + Kwaliteitskader

Figuur4:4:Verhouding Verhouding normbedragen, en en Kwaliteitskader VO.VO (peildatum januari 2016). Figuur normbedragen,Bouwbesluitniveau Bouwbesluitniveau2015 2015 Kwaliteitskader

Het verschil tussen de normbedragen en het Bouwbesluit 2015 bedraagt 46%. Het verschil tussen de normbedragen en het Kwaliteitskader VO is 83%. BDB verklaart dit als volgt: “de overheid heeft de wettelijke normen (Bouwbesluit) waar een nieuw schoolgebouw aan moet voldoen telkens aangescherpt, waarmee de kosten automatisch hoger werden. De Rijksoverheid heeft deze kosten echter nooit gecompenseerd aan gemeenten dan wel schoolbesturen”. De doorrekening van BDB houdt geen rekening met aanbestedingsvoordelen. Omdat er in de markt aanzienlijke aanbestedingsvoordelen (10-15%) waren en veel gemeenten de normbedragen met 7-10% ophoogden (budget voor Frisse Scholen), kon toch worden gebouwd. De aanbestedingsvoordelen ontstonden doordat aannemers gedurende deze periode sneller bereid waren met een lagere aanbesteding genoegen te nemen. Er is inmiddels een verhoging van de bouwprijzen door een herstel van de bouwmarkt. Dit betekent dat gemeenten rekening moeten houden met een significant hoger budget voor onderwijshuisvesting.

31

5.10 Renovatie Relatie met dit IHP: De gemeente en de schoolbesturen willen net als bij het IHP-PO de norm­ bedragen voor het IHP-VO verhogen. In dit IHP (hoofdstuk 10) wordt hiervoor een procesvoorstel opgenomen.

Er is discussie over de financiering van renovatie van schoolgebouwen. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor (groot) onderhoud, gemeenten voor nieuwbouw. Renovatie zit in feite tussen beide uitersten en is nog niet wettelijk geregeld. De staatssecretaris heeft onlangs dit probleem erkend en wil renovatie in de wet regelen12. De PO-raad, VO-raad en de VNG hebben de staatssecretaris een gezamenlijk voorstel gestuurd voor de wijze waarop om kan worden gegaan met renovatie. Relatie met dit IHP: De gemeente heeft gebouwen welke in aanmerking komen voor renovatie. Daarbij zal ook de (mogelijke) monumentale status van (onderdelen van) schoolgebouwen en de beperkte ruimte binnen de gemeente een rol spelen. De PO-raad, VO-raad en de VNG hebben de staatssecretaris een gezamenlijk voorstel gestuurd voor de wijze waarop om kan worden gegaan met renovatie. De gemeente en schoolbesturen willen tot afspraken komen over de renovatie van schoolgebouwen. Op het moment dat er landelijk een regeling is voor de renovatie van schoolgebouwen zullen gemeente en schoolbesturen daarbij aansluiten.

12

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

Kamer en Dekker erkennen probleem renovatieregels, VO-Raad, april 2016.

32

6 BELEIDSAMBITIES De gemeente heeft beleidsambities welke de verordening voor de onderwijshuisvesting overstijgen. In dit IHP formuleren de gemeente en de schoolbesturen aanvullend beleid voor onderwijshuisvesting.

Dit hoofdstuk bespreekt de beleidsambities van de gemeente en de school­ besturen. De beleidsambities komen voort uit de visie, de regioanalyse en analyse van trends en ontwikkelingen. Als aanvullend beleid willen de gemeente en de schoolbesturen: ·· Volumeafspraken maken; ·· de functionaliteit van de onderwijshuisvesting verbeteren; ·· voldoende gymnastiekcapaciteit bieden; ·· breed gewortelde VO-scholen realiseren; ·· toekomstbestendige en duurzame onderwijshuisvesting realiseren.

6.1

Volumeafspraken

Gemeente en schoolbesturen willen voorzien in voldoende aanbod op ieder onderwijsniveau (H2). De gemeente heeft een dekkend onderwijsaanbod en een regiofunctie (H4). Gemeente en schoolbesturen vinden het wenselijk om deze regiofunctie en het onderwijsaanbod te behouden. Gemeente en schoolbesturen willen een beperkte groei faciliteren vanwege de voorziene stijging van het leerlingenaantal in de gemeente. Deze groei wordt veroorzaakt door bevolkingsgroei (par. 5.1 en 5.2) en de instroom van ISK-leerlingen in het reguliere onderwijs (par. 5.5). Om het huidige onderwijsaanbod nu en in de toekomst te borgen, willen de gemeente en de schoolbesturen volumeafspraken maken. In dit IHP wordt het gewenste leerlingenaantal per school besproken en vertaald in volume­ afspraken (H7).

G E M E E N T E L E I D S C H E N DA M - V O O R B U R G INTEGRAAL HUISVESTINGSPLAN

33

6.2

Functionaliteit onderwijshuisvesting

Gemeente en schoolbesturen willen dat schoolgebouwen in de gemeente aansluiten op het onderwijsconcept, ondersteunend werken voor de ontwikkeling van kinderen en een goede werkomgeving voor het personeel bieden (H2). Daarbij willen zij ook rekening houden met onderwijskundige ontwikkelingen (par. 5.6). In brede zin is er behoefte aan flexibele onderwijshuisvesting.

6.4 VO-scholen met (bredere) maatschappelijke functie Gemeente en schoolbesturen streven naar VO-scholen met een (bredere) maatschappelijke functie (H2). Deze scholen werken samen met meerdere partners op het gebied van welzijn, zorg, sport en kunst en cultuur. Dit creëert zinvolle arrangementen: Veurs Voorburg heeft bijvoorbeeld een wijkrestaurant.

Dit IHP analyseert de functionaliteit van het gebouwenbestand (H8). Er wordt een voorstel opgenomen welke schoolgebouwen in aanmerking komen voor aanpassingen, renovatie of nieuwbouw (H8).

Deze beleidsambitie heeft geen consequenties voor de onderwijshuisvesting en wordt in dit IHP niet verder uitgewerkt. In de Lokale Educatieve Agenda 2016-2018 is de ontwikkeling van VO-scholen (bredere) maatschappelijke functie een speerpunt.

6.3

6.5

Gymnastiek

Gemeente en schoolbesturen willen sport en bewegingsonderwijs optimaal inzetten. In de recent vastgestelde sportvisie (H2) en in de Lokale Educatieve Agenda 2016-2018 wordt benadrukt dat gezond eten, sporten en bewegen een vast onderdeel zijn van het onderwijs. Voor adequaat bewegingsonderwijs is voldoende gymnastiekcapaciteit nodig. Met de voorziene nieuwbouw van drie gymzalen op de plek van de Maartenshal (zie H9) is er voldoende huisvesting voor de gymnastiekbehoefte.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=a6a562ec-3ab9-4655-b155-0a568f848f0f