CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

2573-36 Bijlage 33 toelichting, Groenstructuurplan, uitvoeringsprogramma.pdf

Raadsvergadering 22 februari 2022, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel: Vaststellen bestemmingsplan Stedelijk.21.324 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bijlage: 33

Buitengewoon groen & A M M A R G O R P S A G D N I N R E E G O A V S T G N UI I R E T S E V IN

Groenstructuurplan Gemeente Leidschendam-Voorburg

Buitengewoon groen & A M M A R G O R P S A G D N I N R E E G O A V S T G I N U I R E T S E V IN

Groenstructuurplan Gemeente Leidschendam-Voorburg

Versie: 1.0 - januari 2012

Vastgesteld College: 31 januari 2012 Raad: 27 maart 2012

Voorwoord Aan de slag voor een stevige groene toekomst! Dat maakt dit Uitvoeringsprogramma mogelijk. Het accent ligt daarbij op het dichter bij de mensen brengen van het groen; dit zal beter zichtbaar, beter bruikbaar en beter bereikbaar worden. Daarbij staat ‘het groen’ niet alleen voor gras en bomen, maar voor de gehele openbare ruimte: een openbare ruimte die niet alleen aantrekkelijk is om te zien, maar vooral ook bruikbaar is. Dichtbij de voordeur voor de kinderen en verder van huis voor de recreant. Begin 2010 werd hiervoor al de basis gelegd met het gemeentelijk Groenstructuurplan ‘Buitengewoon Groen’. Hierin wordt ingezet op een stevige hoofdgroenstructuur, betere verbindingen met het buitengebied en daarnaast meer kwaliteit en diversiteit in het groen. Maar hoe vertaal je dat naar de uitvoering? Daarvoor zorgt dit Uitvoeringsprogramma. Het is als het ware een brug naar de realisatie. Om dat goed te doen is een helder plan gemaakt dat praktische oplossingsrichtingen geeft met overzichtelijke kaarten en tabellen. In feite is het een werkboek voor de dagelijkse praktijk dat voor alle gebieden in de gemeente snel inzicht geeft in de bestaande waarden en nieuwe mogelijkheden. Zo kan hiermee rekening worden gehouden in alle planprocessen. De komende jaren zal het Groenfonds worden ingezet waar dit het hardste nodig is en waar dit het meeste effect sorteert.

Wat het eerst zichtbaar wordt, zijn investeringen voor groenaanleg in lopende plannen zoals het Waterplan. En daar waar het groen sterk onder druk staat, zoals in de centrale groenzone, komt snel een verder uitgewerkt plan met oplossingen voor een integrale ontwikkeling inclusief het groen. Dat geldt ook voor het buitengebied waar geïnvesteerd wordt in landschapsverbetering rond Stompwijk.

Verder zal al het groen beter bereikbaar worden gemaakt via de gemeentelijke website. Een wervend groenportaal als wegwijzer naar de mooiste speelplekken, bijzondere bomen, interessante dieren, groene wandelroutes enzovoort, om nog meer te kunnen genieten van wat er al is. Tenslotte blijft het belangrijk dat iedereen actief de kans krijgt om mee te doen bij de uitwerking. Net zoals ook het Groenstructuurplan indertijd interactief is opgesteld met inwoners en deskundigen. Wij hopen u dus terug te zien als de maatregelen uit dit Uitvoeringsprogramma worden uitgewerkt in concrete ontwerpen, net zoals nu bij de uitvoering van het Waterplan gebeurt. Namens het College van Burgemeester en Wethouders, Marcel Houtzager (Wethouder Financiën, Grondzaken, Water en Groen)

Inhoudsopgave

Paginanummer

ALGEMEEN 1. Inleiding en leeswijzer 2. Relatie met andere beleidsvelden 3. Communicatie en inspraak 3.1 Interne communicatie 3.2 Externe communicatie 3.3 Inspraak bewoners bij de daadwerkelijke uitvoer 3.4 Digitaal groenportaal

8 9 11 13 13 13 13 15

UITVOERINGSPROGRAMMA 4. Inleiding 5. Groene paragraaf per project 6. Cultuurhistorie, karakter en duurzaamheid 7. De negen deeluitwerkingen 7.1 Groenvisie Schakenbosch 7.2 Centrale Zone 7.3 Vlietzone 7.4 Duivenvoordecorridor 7.5 Loo-zone 7.6 Spoorzone 7.7 Groenvisies voor de wijken 7.8 Groene lijnen 7.9 Stompwijkse buitengebied

16

INVESTERINGSAGENDA 8. Inleiding 9. Prioritering projecten 10. Financiering 11. Overzichtstabel met te treffen maatregelen 11.1 Overzichtskaart 11.2 Maatregelentabel

76

17 19 21 27 27 31 39 45 47 53 59 61 75

77 79 83 87 87 87

Paginanummer BIJLAGEN 7.7.1 Voorburg-Noord 7.7.2 Voorburg-West 7.7.3 Voorburg Oud 7.7.4 Raadhuiskwartier 7.7.5 Sijtwende 7.7.6 Bovenveen 7.7.7 Voorburg-Midden 7.7.8 Zeeheldenwijk 7.7.9 Essesteijn 7.7.10 Voorburg Damsigt 7.7.11 Park Veursehout 7.7.12 Verzetsheldenwijk 7.7.13 Klein Plaspoelpolder 7.7.14 Damcentrum 7.7.15 Leidschendam-Zuid 7.7.16 De Zijde 7.7.17 De Heuvel 7.7.18 Amstelwijk 7.7.19 Duivenvoorde 7.7.20 Prinsenhof 7.7.21 't Lien 7.7.22 Rietvink 7.7.23 Schakenbosch 7.7.24 Stompwijk 7.7.25 Park Leeuwenberg 7.7.26 Leidschenhage KAARTEN Cultuurhistorie 'Levende Canon' Ruimtelijke en landschappelijke karakteristiek Groenvisies voor de wijken Entreekaart Maatregelen m.u.v. wijken en lijnen Maatregelen wijken en lijnen Wijkindeling met wijknamen

130 134 138 140 142 144 146 150 154 156 160 164 166 168 170 172 176 178 180 182 186 188 190 192 194 196 198

20 22 58 60 88 89 132

ALGEMEEN

Pagina 9

1.

Inleiding en leeswijzer

De ambitie van de gemeente Leidschendam-Voorburg is hoog. De gemeente wil een groene woon- en werkstad binnen Haaglanden zijn. De Raad heeft daartoe in 2009 de opdracht gegeven een Groenstructuurplan op te stellen. Begin 2010 is dit Groenstructuurplan met als titel ‘Buitengewoon Groen’ vastgesteld. Dit uitvoeringsprogramma met investeringsagenda is een verdere uitwerking van het Groenstructuurplan. In het uitvoeringsprogramma worden de stappen en bouwstenen beschreven die gewenst zijn om de ambitie zoals beschreven in het groenstructuurplan te verwezenlijken. Het vertaalt de ambities in de eerste plaats naar opgaven. De opgaven worden vervolgens vertaald in maatregelen die meer uitvoeringsgericht zijn. Vervolgens wordt in de investeringsagenda het rendement, de prioriteit en waar mogelijk de kosten e.d. omschreven van de verschillende opgaven.

deeluitwerkingen is de urgentie echter zeer hoog. Dit wordt verder uitgewerkt in de investeringsagenda. Daarnaast wordt er thans al hard gewerkt aan de Duivenvoordecorridor en is er een start gemaakt met het Landschapsontwikkelingsplan (LOP) dat het hele buitengebied van de gemeente omvat. Aan deze twee deeluitwerkingen van het Groenstructuurplan wordt in dit uitvoeringsprogramma en investeringsagenda minder aandacht besteed, omdat dit al in het kader van andere planuitwerking wordt opgepakt.

Het is daarmee niet gezegd dat altijd alle maatregelen uitgevoerd zullen kunnen worden, omdat er vrijwel altijd meerdere belangen spelen en er afwegingen gemaakt zullen moeten worden. Door de opgaven en maatregelen echter serieus te nemen, is er wel de garantie dat alles goed wordt bekeken en er zodoende geen kansen gemist worden om het groen in de gemeente te verbeteren. Creatieve oplossingen worden daarbij ook gestimuleerd zoals het toepassen van ‘groene’ gevels en daken. In het Groenstructuurplan zijn negen deeluitwerkingen beschreven, die opgepakt moeten worden om de omschreven ambitie te verwezenlijken. Deze negen deeluitwerkingen zullen de leidraad vormen voor het uitvoeringsprogramma. Niet alle deeluitwerkingen kunnen tegelijkertijd opgepakt te worden. Van een aantal

Het eindbeeld volgens het Groenstructuurplan (bldz. 32)

Pagina 10

De relatie van de verschillende beleidsplannen ten opzichte van elkaar

Pagina 11

2.

Relatie met andere beleidsvelden

Het uitvoeringsprogramma en de investeringsagenda zijn een nadere uitwerking van het Groenstructuurplan ‘Buitengewoon Groen’ dat begin 2010 is vastgesteld. Dit plan is opgesteld in nauwe samenhang met andere gemeentelijke beleidsrappoorten, waaronder de gemeentelijke Structuurvisie Leidschendam-Voorburg 2020, ‘Ruimte voor wensen’, het Waterplan Leidschendam-Voorburg 2007-2015, het Verkeers- en vervoersplan 2003-2010 en het Speelruimteplan 2005. Daarnaast past het binnen het Regionaal Structuurplan Haaglanden (RSP) met het hieraan gekoppelde Groenbeleidsplan. Voor de relatie met de gemeenlijke beleidsplannen wordt verwezen naar het hiernaast getoonde beleidsschema.

Pagina 12

Pagina 13

3.

Communicatie en inspraak

Bij de implementatie van het Uitvoeringsprogramma Groenstructuurplan gaat het erom dat het uitvoeringsprogramma ook daadwerkelijk toegepast gaat worden. In eerste instantie is het derhalve van belang dat het binnen de gemeentelijke afdelingen een gedragen stuk is. Daarnaast is het van belang dat het ook het bestuur en de burgers bekend zijn met het document, zodat het meegenomen wordt bij het opstellen van ruimtelijke plannen. 3.1 Interne communicatie Binnen de gemeentelijke afdelingen is er tijdens het opstellen van het document breed gecommuniceerd over het Uitvoeringsprogramma Groenstructuurplan. Tevens hebben verschillende afdelingen input geleverd. Na vaststelling van het plan door de Raad is het document naar de relevante afdelingen binnen de gemeente gestuurd, zodat een ieder het direct kan inzien en toepassen. 3.2 Externe communicatie De Raad heeft het Uitvoeringsprogramma Groenstructuurplan in ***PM*** vastgesteld. Dit is vooraf gegaan door een presentatie tijdens de openRAADhuisavond op ***PM***. Tot slot zal het document voor iedereen via de gemeentelijke website beschikbaar zijn.

3.3 Inspraak bewoners bij de daadwerkelijke uitvoer Bewoners betrekken bij de inrichting van hun directe woonomgeving is van groot belang voor draagvlak. Vanuit de structuur van het groen is het soms echter onwenselijk om tegemoet te komen aan individuele wensen. Hieronder staat verwoord hoe om te gaan met bewonersparticipatie bij verschillende groengebieden.

Hoofdgroenstructuur Dit zijn de belangrijkste lijnen en groengebieden in de gemeente. Omdat de lijnen en gebieden onderdeel zijn van een groter geheel, is bewonersinspraak beperkt. Voorkomen moet immers worden dat door incidentele ingrepen op basis van bewonerswensen (b.v. kap van bomen i.v.m. schaduwoverlast) de structuur deels verloren gaat. Incidentele ingrepen in de hoofdstructuur kunnen van invloed zijn op een veel groter gebied en zijn dus onwenselijk. Tot de hoofdgroenstructuur behoren de ‘groene lijnen’ en de vier ‘groene zones’. Daarnaast behoren ook onderdelen van de overige deeluitwerkingsgebieden tot de hoofdgroenstructuur.

Wijkgroenstructuur Dit zijn de belangrijkste lijnen en groengebieden binnen een wijk. Bij de lijnen is ook hier bewonersinspraak beperkt. Hier geldt immers ook het feit dat door incidentele ingrepen op basis van bewonerswensen, de structuur deels verloren kan gaan. Incidentele ingrepen kunnen ook hier van invloed zijn op een groter gebied, wat ongewenst is. Daarnaast wordt per wijk de groenkarakteristiek beschreven. Dit onderscheidt de ene wijk van de andere. Inspraak is hier alleen binnen bepaalde kaders mogelijk.

Pagina 14

Pagina 15

Tot slot worden aan de wijkparken bepaalde hoofdlijnen meegegeven voor de inrichting van het gebied, om te voorkomen dat alle wijkparken op elkaar gaan lijken. Binnen deze hoofdlijnen is bewonersinspraak goed mogelijk en zelfs gewenst. De wijkparken hebben immers een functie voor die betreffende wijk; draagvlak is belangrijk. In de uitwerking van de deeluitwerking ‘Groenvisies voor de wijken’ wordt aangegeven wat de wijkgroenstructuur is.

Groen dat niet tot hoofd- of wijkgroenstructuur behoort Bij groen dat niet tot de hoofd- of wijkgroenstructuur behoort, is bewonersinspraak en –participatie mogelijk en wenselijk. Dit betrekt mensen immers bij het groen in hun straat, waardoor waardering en zorg voor het groen toeneemt. Wel blijft het een taak van de gemeente om de uiteindelijke afweging te maken, bewoners hebben inspraak, maar bepalen niet. Dit omvat vooral die gebieden in de wijken die niet tot één van de negen uitwerkingsgebieden behoren. 3.4 Digitaal groenportaal De gemeente Leidschendam-Voorburg wil een groene woongemeente zijn. Om mensen bewust te maken van het huidige groen en de kwaliteit hiervan, wordt een digitaal groenportaal (website) gerealiseerd. Dit is een wegwijzer naar uitvoeringsplannen, de mooiste speelplekken, bijzondere bomen, de historische landgoederen, interessante dieren etc. in de eigen woonomgeving. Eén en ander wordt vormgegeven door middel van een link naar een geografische kaart waarop de informatie per locatie terug te vinden is. Verder zijn er ‘groene wijkwandelingen’ te downloaden. Links zijn er ook naar informatie over het landelijk gebied met o.a. excursies en recreatieve adressen. Tot slot zijn er links naar verenigingen en stichtingen in de gemeente die een relatie met cultuurhistorie, flora, fauna en natuur hebben.

UITVOERINGSPROGRAMMA

Pagina 17

4.

Inleiding

In het uitvoeringsprogramma zijn de negen deeluitwerkingen vanuit het Groenstructuurplan verder uitgewerkt. Eerst wordt de huidige situatie beschreven, waarna ingegaan wordt op de potentieel aanwezige mogelijkheden. Tot slot worden de opgaven en maatregelen behandeld die opgepakt moeten worden om tot de beschreven ambitie te kunnen komen.

Pagina 18

Pagina 19

5.

Groene paragraaf per project

Het Groenstructuurplan geeft aan dat een ‘groene paragraaf’ in ruimtelijke plannen vanaf de initiatieffase standaard moet worden opgenomen. Deze ‘groene paragraaf’ verankert het groen op een soepele en effectieve wijze in de planprocessen. Hierdoor ontstaat er een win-winsituatie omdat plannen integraler aangepakt worden en met elkaar mee kunnen liften. Bovendien wordt voorkomen dat er onbedoeld ingrepen gedaan worden zonder deze te toetsen aan de groene ambities uit het Groenstructuurplan. In de groene paragraaf dienen de volgende punten duidelijk omschreven te worden: • Maakt het plangebied deel uit van de gemeentelijke hoofdgroenstructuur en zo ja, hoe wordt hier rekening mee gehouden? • Maakt het plangebied deel uit van de wijkhoofdgroenstructuur en zo ja, hoe wordt hier rekening mee gehouden? • Wat is de waarde is van het bestaande groen? • Hoe wordt er in de planvorming met het bestaande groen omgegaan? • Hoe wordt eventueel te verwijderen groen gecompenseerd? • Op welke wijze versterkt het nieuwe groen het plan en haar omgeving? • Hoe worden de financiële aspecten van het groen gedekt? De groene paragraaf dient vervolgens getoetst te worden aan het Groenstructuurplan en het onderhavige uitvoeringsprogramma.

Pagina 20

De ‘levende canon’ van de gemeente; de cultuurhistorische karakteristiek van de gemeente

Pagina 21

6. Cultuurhistorie, karakter en duurzaamheid In dit hoofdstuk zijn aspecten opgenomen die voor de hele gemeente gelden en niet specifiek toe te delen zijn naar één project of gebied. Ze gelden dus in meer of mindere mate voor alle in dit uitvoeringsprogramma beschreven gebieden. Dit hoofdstuk zal derhalve bij elk project geraadpleegd moeten worden. Cultuurhistorie Leidschendam-Voorburg heeft een rijke historie die ruim 5000 jaar teruggaat. De statige buitenplaatsen in Voorburg getuigen hiervan en ook het oude landschap rond Stompwijk. Ook bezitten we bijzondere stedenbouwkundige wijken van bekende architecten. Daarnaast ligt er veel verborgen onder de grond zoals het 2000 jaar oude kanaal van de Romeinse veldheer Corbulo. Al deze sporen vertellen over de plek waar wij leven en over het leven van onze voorouders. Het heeft zelfs economische waarde zoals blijkt uit de verkoopbrochures van ontwikkelaars waarin de (groene) rijkdom uit het verleden als verkoopargument wordt gebruikt.

Levende Canon Het Groenstructuurplan wil de belevingswaarde van onze gemeente vergroten door de karakteristiek van locaties te versterken. Het rijke verleden van de gemeente is hierbij een belangrijke inspiratiebron. Via de ´Levende Canon´ kunnen de sporen uit het verleden weer zichtbaar worden gemaakt. Hierbij valt te denken aan bijzondere groenstructuren en stedenbouwkundige patronen. Verder kan groen effectief worden ingezet om de ruimtelijke kwaliteit van cultuurhistorische elementen te structureren en te verbeteren. Veel aandacht is ook nodig voor behoud en herstel van karakteristieke groenaanleg omdat dit ‘modegevoelig’ is en als kwetsbaar levend materiaal vaak geruisloos verdwijnt. Plekken worden zo herkenbaarder en vertellen hun eigen verhaal. Op een overzichtelijke kaart zijn de belangrijkste mogelijkheden aangegeven als input bij plannen.

Opgaven en maatregelen • De cultuurhistorie in de gemeente op een aantal plekken zichtbaar maken in de vorm van een 'levende canan'; • De cultuurhistorische kaart gebruiken als input bij plannen; • Groen inzetten ter verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van cultuurhistorische en stedenbouwkundige elementen en structuren; • Op de buitenplaatsen verdwenen bijzondere bomen zoals naaldbomen weer aanplanten; • Markeren van woonplaatsen uit de steentijd bijvoorbeeld door de vorm van de verdwenen woningen met bomen in te planten; • Aandacht voor het behouden en herstellen van karakteristieke beplantingen die horen bij een bepaalde periode zoals de jaren 50 van de vorige eeuw; • De oorspronkelijke beplanting bij het markante raadhuis van Leidschendam renoveren en herstellen; • Het tracé van het kanaal van Corbulo zichtbaar maken door het te markeren met bijzondere bomen; • Het tracé van de Landscheiding als de grens tussen Rijnland en Delfland weer zichtbaar maken door beplanting en andere maatregelen; • Verdwenen buitenplaatsen en boerderijen zichtbaar maken met bijzondere beplanting; • Verdwenen windmolens markeren in de groenaanleg en het landschap; • Bijzondere gebeurtenissen zichtbaar maken zoals bijvoorbeeld de forten en schansen en de slag bij Wilsveen bij het ontzet van Leiden.

Pagina 22

De ruimtelijke en landschappelijke karakteristiek van de gemeente

Pagina 23

Ruimtelijke en landschappelijke karakteristiek De ligging van de gemeente tussen enerzijds het hoogstedelijke centrum van Den Haag en anderzijds het open veenweidelandschap rondom Stompwijk is een grote kwaliteit. Deze overgang is binnen de kernen Voorburg en Leidschendam duidelijk herkenbaar. Voorburg wordt gekenmerkt door een meer klassieke stedenbouw bestaande uit bouwblokken met parken, terwijl in Leidschendam meer de tuinstadgedachte de boventoon voert. Hier zijn de woningen in het groen gebouwd. Het groen is alom aanwezig. Binnen de gemeente treedt dus een verkleuring op van de stedelijke (rode) Voorburg naar het landelijke (groene) Leidschendam. Daarnaast is de gritstructuur karakteristiek, waarbij de lijnen evenwijdig aan de vliet de boventoon voeren. Zij geven samen met de groene zones structuur aan de gemeente. De foyers zijn overgenomen uit de Welstandsnota. Dit zijn drukke en representatieve plekken die als de ‘huiskamers’ van de gemeente ervaren worden. Het zijn karakteristieke plekken in de gemeente waar je je ‘thuis’ kunt voelen. Over het algemeen is het er prettig verblijven en onderscheidt het gebied zich van de rest van de gemeente. Vanzelfsprekend zijn de (voormalige) landgoederen langs de vliet karakteristiek voor de gemeente. Het sluizencomplex geeft de grens tussen de twee waterschappen aan.

Tot slot hebben vijf wijken een gebied met een bijzonder stedenbouwkundig concept dat zeer karakteristiek is. De gebieden zijn alle ontworpen door zeer bekende architecten/stedenbouwkundigen en kenmerken zich door een totaal ontwerp. Hierbij zijn het stedenbouwkundige plan, de woningen en de openbare ruimte vergaand in samenhang ontworpen. De gebieden liggen in Voorburg Oud, het Raadhuiskwartier, de Heuvel, Prinsenhof en Sijtwende. Voor een toelichting per gebied met de bijzonderheden wordt verwezen naar de beschrijving in de groenvisies voor de wijken, bijlage 1.

Opgaven en maatregelen • Zichtbaar maken van de ‘verkleuring’ van de gemeente van de meer ‘rode’ stedelijke klassieke wijken in Voorburg naar de meer ‘groene’, landelijke wijken in Leidschendam; • De gritstructuur van de stedelijke structuur in de gemeente benadrukken, waarbij met name de lijnen evenwijdig aan de Vliet continu worden vormgegeven en de lijnen die hier haaks opstaan discontinu; • Het vormgeven van de foyers als ‘huiskamer’ van de gemeente: als representatieve plekken; • De karakteristiek van de (voormalige) landgoederen behouden en waar mogelijk verder versterken; • De karakteristiek van de vier wijken met een bijzonder stedenbouwkundig concept behouden en waar mogelijk versterken; • Behoud van cultuurhistorische beplanting zoals hakhoutbosjes.

Pagina 24

Pagina 25

Duurzaamheid De gemeente zet hoog in op duurzaamheid. Daarbij wordt niet alleen gestreefd naar een forse afname van fossiel energiegebruik (Klimaatplan 2009-2020), maar wordt op alle beleidsthema’s gerelateerd aan werken en wonen ingezet om tot een optimale toekomstbestendige leefomgeving te komen. Belangrijke pijlers daarbij zijn: duurzame mobiliteit, het gemeentelijke waterplan, het beleidsplan openbare verlichting, de structuurvisie en het groenstructuurplan. Groen in de stad is één van de peilers die bijdraagt aan een duurzame ontwikkeling. Er zijn globaal drie aspecten van duurzaamheid waar zij een belangrijke bijdrage aan levert: • Gezondheid: groen biedt ontspanning, verlaagt stress, verminderd overgewicht bij kinderen en verkort het aantal opname dagen in het ziekenhuis; • Leefbaarheid: groen biedt ontmoetingsplekken voor bewoners, versterkt de sociale en motorische ontwikkeling van kinderen en heeft een educatieve functie; • Milieu: groen zet CO2 om in zuurstof, dempt temperatuurwisselingen in de stad en verhoogt de wateropvangcapaciteit, isoleert gebouwen en biedt een vestigings- en schuilplaats voor planten en dieren. Naast het gebruikelijke groen in de vorm van bomen, plantsoenen, tuinen en parken is het interessant om in te zetten op meer ongebruikelijke vormen van groen, zoals groene gevels en daken. Zij leveren een positieve bijdrage aan bovenstaande punten.

Enerzijds isoleren dit soort gevels en daken beter dan standaard gevels en daken, houden zij het regenwater langer vast bij hevige buien waardoor het rioolstelsel een minder grote piekbelasting krijgt en zorgen ze voor een habitat voor insecten en kleine vogels. Anderzijds hebben ze een visuele functie: groene gevels verzachten het beeld en groene daken in de buurt van hoogbouw leveren een aangenamer beeld vanuit deze hoogbouw.

Vanuit duurzaamheid is het ook van belang dat een brede variatie aan planten en dieren zich thuis voelt in de stad. Hiertoe is het van belang dat er een Flora- en Faunabiotopenplan komt, zodat inzicht gekregen wordt in de verschillende biotopen in de gemeente die interessant zijn voor plant en dier. Bij het opstellen van onderhoudsplannen kan vervolgens rekening gehouden worden met deze biotopen.

Opgaven en maatregelen • Versterken van de biodiversiteit en educatieve kwaliteit van het groen nabij scholen; • Groen zo aanbrengen dat het lang meegaat door de locatie voor met name bomen zorgvuldig te kiezen; • Groen waar mogelijk zo aanleggen dat het een aanleiding tot meer spelen en bewegen vormt, zodat de gezondheid bevorderd wordt; • Bij binnenstedelijke verdichtingsopgaven wordt nadrukkelijk bezien in hoeverre groen, waaronder ook verticaal groen en groene daken, kan bijdragen aan het tegengaan van temperatuurstijgingen (hittestress).

Pagina 26

Een sfeerbeeld dat de potentie van Schakenbosch weergeeft

Pagina 27

7.

De negen deeluitwerkingen

7.1

Groenvisie Schakenbosch

Schakenbosch vormt de overgangszone tussen het stedelijk gebied en de Duivenvoordecorridor. Komende jaren zal de Duivenvoordecorridor getransformeerd worden tot een aantrekkelijke groene zone met nieuwe buitenplaatsen. Om hier als gemeente optimaal van te kunnen profiteren, is het van belang dat de verbindingen tussen het stedelijk gebied en dit buitengebied veel nadrukkelijker en logischer vormgegeven worden. Aangezien Schakenbosch de schakel is tussen beide gebieden, is het van belang deze verbindingen goed vorm te geven in het stedenbouwkundig plan dat voor Schakenbosch gemaakt wordt. Op het ogenblik vormt Schakenbosch een buffer tussen het stedelijk gebied en het landelijk gebied. Het fungeert thans meer als barrière dan als aantrekkelijk verbindend gebied. De potentie van Schakenbosch Schakenbosch zal ontwikkeld moeten worden als een ‘overgangsgebied’ tussen het stedelijk en het landelijk gebied. Het blijft een groen karakter houden met bijzondere woonmilieus, waarin het prettig is om te wandelen en goede aansluitingen heeft op zowel het stedelijk gebied als het landelijk gebied/de Duivenvoordecorridor.

Bijkomende effecten van een aantrekkelijk en groen Schakenbosch: • Hoogwaardige groene woonmilieus die ontwikkeld kunnen worden, gelegen in een aantrekkelijke groene setting; • Een goed toegankelijk Schakenbosch versterkt het beeld dat de gemeente een groene woongemeente is; • Steeds meer bedrijven gaan dáár zitten, waar hun werknemers graag wonen en veel mensen wonen graag bij/in het groen. Daarnaast vestigen hoogwaardige bedrijven en kantoren zich ook graag aan/in het groen; • Een groene omgeving biedt ontspanning en verlaagt stress.

•

•

Daarnaast zorgt het ervoor dat mensen meer bewegen. Een toename van groen heeft derhalve een positief effect op de volksgezondheid; De OZB van woningen aan en in een park is gemiddeld zo’n 5% hoger dan die van vergelijkbare woningen die niet in een groene setting gelegen zijn. Hier heeft de gemeente dus direct (economisch) voordeel van groen; Een ‘groene long’ in de gemeente heeft positieve invloed op het stadsmilieu. Het zet het CO2 om in zuurstof. Een groene omgeving heeft meer capaciteit voor waterberging en zuivert tegelijkertijd het water dat terecht komt in singels en sloten. Dit heeft positieve invloed op de benodigde capaciteit van het rioolstelsel in de wijk.

Opgaven en maatregelen De opgaven in Schakenbosch vanuit het Groenstructuurplan zijn: 1. Schakenbosch vormgeven als overgangzone van stad naar platteland waarbij een groene setting het uitgangspunt vormt. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Het waarborgen van de ruimtelijke kwaliteit van deze zone; • De overgang ‘stad’ - ‘land’ vormgeven, waarbij onder andere gebruik gemaakt wordt van het oude boerderijlint en de Oude Veurse Achterweg; • Een goede analyse van bestaande natuur- en ecologische waarden in het gebied en dit als basis gebruiken voor de verdere inrichting van het gebied; • Bijzondere woonmilieus ontwikkelen die het groene karakter van dit gebied behouden; • Realiseren van aantrekkelijke langzaamverkeersroutes door het gebied die op een logische manier aansluiten op het stedelijk gebied en het buitengebied.

Pagina 28

Het is een mooie lentedag in 2020, een strak blauwe lucht en vanmiddag verwachten ze een temperatuur van tegen de 20 graden. De hele stad snakt ernaar om na de donkere, koude winter weer naar buiten te gaan. Ik pak mijn jas en loop via een groene route naar de centrale zone. Daar bruist het altijd van het leven, het is er heerlijk fietsen en wandelen en het is gewoon leuk om al die mensen daar actief bezig te zien. Maar vandaag heb ik even behoefte om alleen te zijn. Ik ga rechtsaf en loop zo Schakenbosch in. Het is heerlijk dat je op dit fiets-/wandelpad op alle overige verkeer voorrang hebt. Het is echt fantastisch wat de gemeente hier afgelopen jaren gerealiseerd heeft. Ik hoor ook steeds meer mensen die naar Schakenbosch komen. De gemeente heeft ervoor gezorgd dat het veel bereikbaarder is geworden. Daarnaast is het ook veel beter aangesloten op zijn omgeving. Daar waar het vroeger een gebied op zichzelf was, is het nu echt een overgangsgebied van de stad naar het platteland. Ondanks zijn populariteit is het er toch vrijwel altijd heerlijk rustig; echt een mooie plek om even tot mezelf te komen. Je kunt er fantastisch wandelen. In de verte hoor ik een groene specht. Het leuke aan deze wandeling is dat hij zo gevarieerd is.

In Schakenbosch waan je je in een bos met hier en daar een doorzicht naar prachtige woonbebouwing, terwijl je even verderop in de Duivenvoordecorridor tussen de koeien loopt! Vandaag ga ik op mijn favoriete bankje zitten, gelukkig zit er nog niemand. Hij staat aan de rand van het bos en kijkt zo uit over de landerijen. Tussen de bomen door zie ik in de verte de torens van kasteel Duivenvoorde. Ik mijmer een beetje voor mij uit en geniet van de zon op mijn gezicht. Het leven is eigenlijk best erg goed!

Schakenbosch in 2020

Pagina 29

2.

Ruimtelijk en functioneel doortrekken van de drie groene zones tot in het buitengebied. Aspecten die hierbij van belang zijn: • De langzaam verkeersroutes vanuit de zones op een ruimtelijk logische en functionele manier doortrekken tot in het buitengebied en hier aan laten sluiten op bestaande of in de toekomst te realiseren routes; • De ruimtelijke kwaliteit van deze routes moet in Schakenbosch gewaarborgd zijn; • Betreffende ‘doorgaande’ routes aansluiten op de routestructuur in Schakenbosch. 3.

Duidelijke verbindingen maken met zowel het stedelijk gebied als het buitengebied. Aspecten die hierbij van belang zijn: • De huidige fietspad-delen op een logische wijze met elkaar verbinden; • Een eenduidige inrichting van de langzaamverkeersroutes zodat deze herkenbaar zijn.

Pagina 30

Een sfeerbeeld dat de potentie van de centrale zone weergeeft

Pagina 31

7.2

Centrale Zone

Centrale Zone De centrale zone (in de herijking van de structuurvisie Ruimte voor Wensen de 'centrale groene zone' genoemd) vormt de groene ruggengraat van de gemeente. Deze zone staat onder druk door diverse ruimteclaims die vanuit verschillende sectoren op dit gebied gelegd worden. Het is niet gezegd dat deze hier geen plek kunnen krijgen, maar het is van belang dat ze de aantrekkelijke groenzone met langzaamverkeersroute die hier in potentie aanwezig is, niet frustreren.

nieuwe ‘groene’ stedelijke functies bij komen in de gemeente, dienen zij in eerste instantie in deze zone gesitueerd te worden. Er komt een hoogwaardige langzaamverkeersroute tussen de diverse functies door, waardoor een gevarieerde en aantrekkelijke route ontstaat. Deze route wordt door Schakenbosch aangesloten op het nieuwe routenetwerk van de Duivenvoordecorridor (verbetering stad-land relatie). De omliggende wijken zijn goed aangesloten op deze zone, waardoor je vanuit je huis op een makkelijke en aantrekkelijke manier snel in het buitengebied bent.

De centrale groenzone huisvest thans diverse groene stedelijke functies, zoals voetbalvelden, hockeyvelden, tennisvelden, een begraafplaats, een kinderboerderij, een bezoekerscentrum, de scouting en een manege. Deze functies bij elkaar vormen tezamen een groot deel van de centrale zone. Opvallend is echter dat de functies vrijwel allemaal in zichzelf gekeerd zijn; ze gaan nauwelijks relaties aan met de naastliggende functie. Dit geldt zowel op functioneel (verbindingen) als op ruimtelijk vlak. Veelal zijn de zijkanten ‘afgeplant’ en is er nauwelijks zicht van ‘buiten’ naar ‘binnen’. De verschillende functies worden daarnaast veelal van elkaar gescheiden door drukke wegen die de centrale zone kruisen. Daarnaast is kenmerkend voor deze strook dat er geen sprake is van één doorgaande langzaamverkeersroute door dit gebied. Delen ontbreken of sluiten niet op elkaar aan. Twee gebieden, te weten het gebied rondom de Vlieger en het gebied rondom de kinderboerderij behoren tot de ecologische kerngebieden binnen de gemeente.

Een speciaal aandachtspunt vormt de centrale zone ter hoogte van de Noordsingel. De groenzone versmalt hier sterk en beperkt zich tot het brede profiel van de Noordsingel. Tevens mist hier een langzaamverkeersroute. Op termijn dient de centrale zone hier versterkt en bij voorkeur verbreed te worden. Bij herontwikkeling van de bebouwing tussen de Noordsingel en Van Ruysdaellaan (school, woningen) en tussen de Noordsingel en Veurse Achterweg (kantoren t.b.v. o.a. Fugro) dient goed gekeken te worden hoe het nieuwe plan de centrale groenzone kan versterken.

De potentie van een groene centrale zone De kwaliteit van de gemeente bestaat uit een combinatie van drie aspecten: de ligging t.o.v. het centrum van Den Haag, de nabije ligging van het buitengebied en het groene karakter van de gemeente zelf. Dit laatste kan drastisch verbeterd worden door de aanleg van de centrale zone. De centrale zone heeft de potentie om uit te groeien tot een hoogwaardig park met daarin allerlei groenstedelijke functies. Als er

In het Groenstructuurplan is aan elk van de vier groenzones een thema gekoppeld. De centrale zone heeft als thema ‘actief in het groen’ gekregen, voortkomend uit de vele (sport)voorzieningen die er thans al aanwezig zijn. Bijkomende effecten van een groene centrale zone: • Hoogwaardige (groene) woonmilieus die ontwikkeld kunnen worden, gelegen aan een aantrekkelijk park; • Faciliteren van ‘groene actieve voorzieningen’ zoals sportvelden e.d.

Pagina 32

De huidige verschillende functies binnen de centrale zone

Pagina 33

De huidige situatie

De potentieel aanwezige situatie. Door het daadwerkelijk realiseren van een groene centrale zone, komen de verschillende wijken in de gemeente op korte afstand van het ‘grote groen’ te liggen.

Naast concrete aspecten zijn er ook meer indirecte voordelen van deze groene zone: • Stimuleren van alternatieven voor het autogebruik indien dit een logische, hoogwaardige langzaamverkeersroute wordt, waaraan de entrees van de verschillende voorzieningen liggen; • De centrale zone versterkt het beeld dat de gemeente een groene woongemeente is; • Steeds meer bedrijven gaan dáár zitten, waar hun werknemers graag wonen en veel mensen wonen graag in/bij het groen. Daarnaast vestigen hoogwaardige bedrijfsgebouwen (kantoren) zich ook graag aan/in het groen; • De centrale zone vormt een belangrijke verbinding vanuit de gemeente met het buitengebied/de Duivenvoordecorridor; • Een groene centrale zone geeft aanleiding om groenverbindingen te maken vanuit de aangrenzende wijken naar de groene centrale zone. Hierdoor wordt het groen nog meer de wijken ingetrokken; • Een groene omgeving biedt ontspanning en verlaagt stress. Daarnaast zorgt het ervoor dat mensen meer bewegen. Een toename van groen heeft derhalve een positief effect op de volksgezondheid; • De OZB van woningen aan een park is gemiddeld zo’n 5% hoger dan die van vergelijkbare woningen die niet in een groene setting gelegen zijn. Hier heeft de gemeente dus direct (economisch) voordeel van groen; • Een ‘groene long’ in de gemeente heeft positieve invloed op het stadsmilieu. Het zet het schadelijke CO2 om in zuurstof.

Een groene omgeving heeft meer capaciteit voor waterberging en zuivert tegelijkertijd het water dat terecht komt in singels en sloten. Dit heeft positieve invloed op de benodigde capaciteit van het rioolstelsel in een wijk.

Pagina 34

De huidige langzaamverkeersroute ligt veelal aan de rand van de centrale zone. Op een aantal plekken ontbreken de verbindingen tussen de langzaamverkeersroutes.

Pagina 35

Opgaven en maatregelen De opgaven in de centrale zone zijn: 1. Creëren van een hoogwaardige doorgaande langzaam verkeersroute vanaf de Loo-zone tot in het buitengebied. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Het waarborgen van het ruimtelijke kwaliteit in deze zone; • De huidige fietspad-delen op een logische wijze met elkaar verbinden; • Veilige kruisingen maken op die plekken waar autoverkeer rijdt, waarbij (bij voorkeur) het langzaam verkeer voorrang heeft; • Een eenduidige inrichting van de langzaamverkeersroute zodat deze herkenbaar is; • De verbinding tussen de centrale zone en Schakenbosch ter hoogte van het verpleegtehuis Prinsenhof verbeteren. 2.

Ruimtelijke samenhang creëren tussen de verschillende groene stedelijke voorzieningen. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Het aantal hekken minimaliseren. Afscheiding d.m.v. sloten of indien nodig, hekken om grotere gebieden, zodat niet elke voorziening zijn eigen hekwerk nodig heeft; • Groenvoorzieningen zo situeren dat doorzichten van de ene voorziening naar de andere mogelijk worden; • De hoofdentrees van de voorzieningen zo situeren dat deze allemaal op de langzaamverkeersroute zijn georiënteerd. 3.

Waar mogelijk de langzaamverkeersroute door de diverse sportcomplexen heen leiden, waardoor een voor de recreant zeer aantrekkelijke en gevarieerde route ontstaat. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Duidelijkheid over uitbreidingswensen van de zittende voorzieningen; • Het ‘openen’ van sportcomplexen voor de recreant; • Het verplaatsen van parkeerterreinen naar de rand/achterkant van de complexen, zodat de langzaamverkeersroute niet over deze parkeerterreinen loopt. De parkeerterreinen zijn alleen ‘van buitenaf’ bereikbaar.

4.

Bij herontwikkeling van de zone tussen de Noordsingel en de Van Ruysdaellaan en tussen de Noordsingel en de Veurse Achterweg dient de Centrale Zone versterkt te worden. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Duidelijkheid over wensen van de thans zittende bedrijven/ bebouwing; • Een visie hoe eventuele nieuwbouw in dienst kan staan van de centrale zone en deze ook versterkt. 5.

De Prins Bernardlaan en Noordsingel onderdeel uit laten maken van de centrale zone door deze om te vormen tot ‘parkway’. Aspecten die hierbij van belang zijn: • De brede bermen en groenstroken langs deze weg ruimtelijk onderdeel uit laten maken van de centrale zone; • De afscheidende ‘groene wand’ van de (sport)complexen aan de kant van de weg opener maken, zodat vanaf de weg zicht op deze faciliteiten geboden wordt; • Op termijn terugbrengen van de hoeveelheid verharding van deze wegen tot het strikt noodzakelijke. Dit geldt vooral op kruispunten. 6.

Het verbeteren van (langzaam verkeers)routes vanuit de woonwijken naar de Centrale Zone. Hierbij valt te denken aan bijvoorbeeld de Broeksloot, de Norah en de verschillende groengebieden die aan de Centrale Zone liggen (De Heuvel, De Prinsenhof, het Zijdepark e.d.) Aspecten die hierbij van belang zijn: • Maken van een plan per wijk welke routes hiervoor in aanmerking komen; • Goede verbindingen (oversteken) maken van deze routes naar de centrale zone; • Waar mogelijk vergroenen van deze routes, waardoor ze ruimtelijk aansluiten op de centrale zone.

Pagina 36

Het is een mooie lentedag in 2020, een strak blauwe lucht en vanmiddag verwachten ze een temperatuur van tegen de 20 graden. De hele stad snakt ernaar om na de donkere, koude winter weer naar buiten te gaan. Ik pak mijn fiets en rijd via een groene route naar de centrale zone. Daar bruist het altijd van het leven; het is er heerlijk fietsen en wandelen en het is gewoon leuk om al die mensen daar actief bezig te zien. Rechts is een scoutinggroep bezig om een huttenkamp te bouwen, terwijl iets verderop een groepje 65+-ers aan het discussiëren is welke jeu-de-boule bal nu het dichtste bij het kleine balletje ligt. Het bladerdak van de bomen filtert de zon, waardoor zich een mooi schaduwspel op het fietspad aftekent. Even verderop wordt er gehockeyd; ik zie net dat mijn 6-jarige buurmeisje een goal scoort. Waanzinnig van vreugde stort ze zich als volleerd hockeyster tussen haar juichende medespeelstertjes. Het is echt fantastisch wat de gemeente hier afgelopen jaren gerealiseerd heeft. Ik hoor ook steeds meer mensen die de fiets i.p.v. de auto pakken omdat het zo leuk is om deze route te fietsen en daarnaast is het ook gewoon sneller! Dat hebben ze overigens ook wel slim gedaan. Alle sportverenigingen en andere voorzieningen liggen met hun entree naar de langzaamverkeersroute die als een doorgaande lijn door dit gebied kronkelt.

Wie met de auto komt, moet ergens ‘achterin’ parkeren. Het voelt dan toch een beetje alsof je door de achterdeur naar binnen moet. Bij de kinderboerderij is het ook druk; ze zijn daar erg actief. Elke zaterdagochtend is er een ‘excursie’ voor de allerkleinsten en de iets ouderen mogen mee helpen de dieren te voederen. Uiteindelijk kom ik aan waar ik moet zijn. Een schitterend nieuw paviljoen midden in het groen gelegen, waar het heerlijk vertoeven is. De vriendin met wie ik afgesproken heb, zie ik al op het terras zitten. Ze heeft uitzicht over het voetbalveld waar haar zoontje zich in het zweet werkt. Ik begroet haar en neem een wijntje op het goede leven!

De centrale zone in 2020

Pagina 37

Tot slot Het is niet noodzakelijk om de maatregelen meteen helemaal uit te voeren. Het is daarentegen wel noodzakelijk dat er nu een visie/ ontwerp voor dit gebied gemaakt wordt, waar in de komende jaren naar toegewerkt kan worden. Dit om te voorkomen dat er binnenkort ongewenste en onomkeerbare ingrepen gedaan worden die haaks staan op de beschreven ambitie.

Pagina 38

Een sfeerbeeld dat de potentie van de vlietzone weergeeft

Pagina 39

7.3

Vlietzone

De Vlietzone is één van de vier belangrijke groenzones in de gemeente. Binnen deze zone is de Vliet de ruggengraat. De zone omvat tevens de landgoederen en de woonbebouwing die op de Vliet gericht is. De zone speelt een belangrijke rol als verbinding naar de Vlietlanden en daarmee richting de Duivenvoorde-corridor. Veel van de landgoederen die aan de Vliet liggen, behoren tot de ecologische kerngebieden van de gemeente. De Vliet stamt uit de Middeleeuwen en loopt van Leiden naar Rotterdam. Ze ligt op de overgang van de hoger gelegen zandige strandwal aan de noordzijde van de Vliet naar de lager gelegen venige strandvlaktes aan de zuidzijde. De ligging op deze overgang zorgt er mede voor dat de Vliet een asymmetrische opbouw heeft. De Vliet is van oudsher altijd een belangrijke vestigingsplaats geweest. Zo zijn zowel de kernen Voorburg als Leidschendam aan de Vliet ontstaan en liggen de diverse buitenplaatsen vrijwel allemaal aan de vliet. Plaatselijk zijn nog stroken van het oorspronkelijke slagenlandschap herkenbaar gebleven. Samen zorgt dat ervoor dat het thans een gevarieerde en recreatief aantrekkelijke groene zone is. Het gebied aan de westzijde is grotendeels bebouwd. De oever wordt gekenmerkt door een afwisseling van bebouwing en grote villa- en landgoedtuinen, die de Vliet een groen, historisch karakter geven.

Aan de oostzijde zijn drie delen te onderscheiden: • Vlietland; • Leidschendam Zuid en aansluitend daarop de Zeeheldenwijk; • Het gebied rond Westvliet. De eerste twee delen kennen een redelijk eenduidige inrichting. Het laatste deel, rond Westvliet, vormde lange tijd de overgang tussen stad en buitengebied. Typische stadsrand verschijnselen, zoals volkstuinen, tuincentra, sportvelden en kleinere bedrijven zijn hier tot ontwikkeling gekomen. Deze functies worden afgewisseld door restanten van het landelijk gebied, die hier op veel plaatsen nog tot aan de Vliet te herkennen zijn. Met de ontwikkeling van Leidschenveen

is dit gebied binnen de bebouwde kom komen te liggen en een soort restgebied geworden. Hierdoor bestaat het risico dat hier een adhoc inrichting plaats gaat vinden, waarmee het groene karakter langzaam verloren gaat. De eerst ontwikkelingen in deze richting tekenen zich reeds af. De potentie van de Vlietzone Met de ontwikkeling van Leidschenveen is het buitengebied voor Voorburg, maar ook de aansluitende delen van Rijswijk en Den Haag, verder weg komen te liggen. Daarmee is een goede, groene verbinding naar het buitengebied toe, belangrijker geworden. Insteek van zowel de Gemeente Leidschendam-Voorburg als regio Haaglanden is om onder andere het groene en recreatieve karakter van de vlietzone te versterken. Hiermee ontstaat een groene corridor die het stedelijk gebied van Delft, Rijswijk, Den Haag, Voorburg en Leidschendam met het buitengebied verbindt. Recreëren begint bij de voordeur; het is niet meer nodig om eerst in de auto te stappen om naar ‘buiten’ te gaan. In het groenstructuurplan heeft de vlietzone het thema ‘oever- en waterpark’ gekregen. Bijkomende effecten van een ‘groene’ vlietzone zijn: • Hoogwaardige groene woonmilieus die ontwikkeld kunnen worden, gelegen aan en in een aantrekkelijk ‘waterpark’; • Faciliteren van ‘recreatieve watergebonden voorzieningen’ zoals jachthaventjes, visgelegenheden, kano- en roeimogelijkheden e.d.

Hiermee neemt de recreatieve en toeristische aantrekkelijkheid van de gemeente toe.

Pagina 40

De vlietzone

Pagina 41

Naast concrete aspecten zijn er ook meer indirecte voordelen van een groene vlietzone: • Terugdringing van het (recreatief) autogebruik indien dit een logische, hoogwaardige recreatieve route wordt, omdat het niet nodig meer is om eerst met de auto ‘naar buiten’ te gaan; • Een groene vlietzone versterkt het beeld dat de gemeente een groene woongemeente is; • Steeds meer bedrijven gaan dáár zitten, waar hun werknemers graag wonen en veel mensen wonen graag in/bij het groen en water. Daarnaast vestigen hoogwaardige bedrijfsgebouwen (kantoren) zich ook graag aan/in het groen en water; • De vlietzone vormt een belangrijke verbinding vanuit de gemeente met de Duivenvoordecorridor en het buitengebied; • Een vlietzone geeft aanleiding om waterverbindingen te maken vanaf de Vliet naar de aangrenzende wijken. Hierdoor wordt het water de wijken ingetrokken, wat over het algemeen een meerwaarde aan de wijk geeft; • Een groene omgeving biedt ontspanning en verlaagt stress. Daarnaast zorgt het ervoor dat mensen meer bewegen. Een toename van groen heeft derhalve een positief effect op de volksgezondheid; • De OZB van woningen die aan water gelegen zijn, is gemiddeld zo’n 10-15% hoger dan die van vergelijkbare woningen die niet aan het water gelegen zijn. Hier heeft de gemeente dus direct (economisch) voordeel van groen en water.

Opgaven en maatregelen De opgaven in de vlietzone zijn: 1. Ontwikkelen van de totale vlietzone tot één ruimtelijk geheel Aspecten die hierbij van belang zijn: • Goede analyse van huidige en toekomstige ruimteclaims in het gebied; • Gezamenlijk en in goed overleg met omliggende gemeentes tot één visie komen voor de gehele vlietzone. Opgaven die hierbij vanuit de Gemeente Leidschendam-Voorburg van belang zij, zijn hieronder verwoord. Hierbij levert de cultuurhistorische analyse van de Vlietoevers uit 2010 een belangrijke input. 1.

Maken van een aantrekkelijke recreatieve groene route langs de zuid-oostzijde van de Vliet. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Mogelijkheden bekijken om de Westvlietweg te ‘downgraden’, waardoor de hoeveelheid autoverkeer afneemt en het aantrekkelijker wordt om hier te wandelen en fietsen; • Het verkeersluw maken van de Oostvlietweg, bij voorkeur alleen toegankelijk maken voor bestemmingsverkeer; • Logische verbindingen maken tussen de verschillende onderdelen van de langzaamverkeersroute zodat deze als één geheel herkenbaar is; • Veilige kruisingen maken op die plekken waar autoverkeer rijdt, waarbij (bij voorkeur) het langzaam verkeer voorrang heeft. 2.

Aandacht voor de toegankelijkheid van de oevers aan de westzijde van de Vliet, al dan niet in combinatie met routes door de landgoederen. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Duidelijkheid welke gronden openbaar- en welke privébezit zijn, zodat helder is waar routes gemaakt kunnen worden; • Bij nieuwe ontwikkelingen langs de vliet, de (openbare) bereikbaarheid van de Vliet meenemen.

Pagina 42

Het is een mooie lentedag in 2020, een strak blauwe lucht en vanmiddag verwachten ze een temperatuur van tegen de 20 graden. De hele stad snakt ernaar om na de donkere, koude winter weer naar buiten te gaan. Ik pak mijn fiets en rijd via een groene route naar de Vlietzone. Bij het sluizencomplex van Leidschendam is het al gezellig druk. De laatste jaren zijn hier allemaal terrasjes gekomen en is het autoverkeer teruggedrongen. Het is als het ware een dorpsplein waar de sluizen middenin liggen. Vanaf de terrasjes is het natuurlijk heerlijk commentaar leveren op al die booteigenaren die de ene keer met meer en de andere keer met minder succes hun boot aanmeren in de sluis. Even verderop fiets ik de Oostvlietweg op. Deze hebben ze echt verkeersluw gemaakt door er alleen nog maar bestemmingsverkeer toe te laten. Aan mijn rechterhand liggen de kano’s helemaal klaar om verhuurd te worden, terwijl even verderop een viswedstrijd wordt gehouden. Op het moment dat ik langsfiets, heeft een visser net beet en trekt uit alle macht. Als ik omkijk zie ik een vis bungelen van een centimeter of 40… Vanavond aan de bar zal hij vermoedelijk aangegroeid zijn tot zo’n 60-70 cm. denk ik met een glimlach… Nog iets verderop hebben een paar jongens een duikplank gemaakt waar vanaf ze de meest mooie duiken maken, gageslagen door een paar giechelende meiden.

Vorig jaar heeft Rijnland nog een landelijke prijs gewonnen voor het schoonste water in de categorie ‘middelgrote rivieren en kanalen’. Altijd leuk natuurlijk! Uiteindelijk stap ik af bij een voormalige boerderij die helemaal omgebouwd is tot recreatief centrum. Ik besluit eerst maar eens een biertje te pakken!

De Vlietzone in 2020

Pagina 43

3.

Stimuleren van voorzieningen ten behoeve van oever- en waterrecreatie Aspecten die hierbij van belang zijn: • Analyse van bestaande voorzieningen maken, inclusief mogelijke uitbreidingswensen; • Onderzoek doen naar de behoefte van nieuwe (watergebonden) voorzieningen; • Voorzieningen daar situeren zodat ze aansluiten op het karakter van de betreffende oever en deze ook versterken. 4.

Een verdere uitwerking maken van de gewenste functies en gebruik van deze zone Aspecten die hierbij van belang zijn: • Analyse van het huidige gebruik en functies in deze zone; • Uitbreidingswensen huidige voorzieningen in kaart brengen. 5. Versterken van de asymmetrie van de Vlietoevers. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Een heldere analyse maken van de kenmerken van de twee oevers en deze kenmerken vervolgens versterken; • Functies daar situeren zodat ze aansluiten op het karakter van de betreffende oever en deze ook versterken; • De karakteristieke stroken van het oorspronkelijke slagenlandschap zoveel mogelijk behouden en versterken. 6.

De diverse landgoederen ruimtelijk nog sterker verankeren met de vliet en deze toegankelijker maken voor de recreant Aspecten die hierbij van belang zijn: • Het waarborgen van het ruimtelijke kwaliteit in deze zone; • Eventuele aanpassingen in de landgoederen doorvoeren op basis van de (cultuur)historie van de verschillende landgoederen.

Tot slot Een groot deel van de Vlietzone ligt op Haags grondgebied, maar de beoogde ontwikkelingen hebben ook een forse (planologische) impact op de gemeenten Leidschendam-Voorburg en Rijswijk. Het betreft derhalve een regionale opgave. De beoogde ontwikkelingen in de Vlietzone zijn voorlopig van de baan. Pas na 2025 zullen er weer ontwikkelingen in de Vlietzone gaan plaatsvinden. Om de (groen)kwaliteiten in de Vlietzone te behouden en te versterken, worden er tussen de gemeenten Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Rijswijk en het Stadsgewest Haaglanden bestuurlijke afspraken gemaakt. Eén van deze afspraken is dat minstens één derde van het gebied wordt ontwikkeld tot robuust en aantrekkelijk gebied voor groen, natuur, recreatie en sport.

Pagina 44

Pagina 45

7.4

Duivenvoordecorridor

Huidige situatie en knelpunten De Duivenvoordecorridor omvat het buitengebied in de gemeente tussen de Vliet en het spoor. Het maakt onderdeel uit van het regiopark ‘Duin, Horst en Weide’. Insteek van het Regionaal Structuurplan Haaglanden is om in dit gebied de diverse landschapstypen (zee, duinen, horsten, veenweidegebied) te versterken en het gebied recreatief aantrekkelijker te maken. Het is uniek voor Nederland dat hier de opeenvolgende landschappen nog goed herkenbaar zijn. Vanwege de belangrijke waarden hebben de drie gemeentes Leidschendam, Voorschoten en Wassenaar het hele gebied boven de Veurseweg richting Wassenaar aangewezen als beschermd Stads- en Dorpsgezicht.

Omdat de insteek van het Landschapsontwikkelingsplan is om het buitengebied te versterken, is het voor het uitvoeringsprogramma Groenstructuurplan niet nodig om diep op het buitengebied in te gaan.

Daarnaast vormt het een groene bufferzone tussen Haaglanden en de Leidse regio (Rijksbufferzone). Goede verbindingen met het stedelijk gebied (de groene zones) vergroten de bereikbaarheid van dit gebied voor de recreant.

Opgaven en maatregelen De opgaven zoals verwoord in het Groenstructuurplan worden hieronder genoemd. Zij zullen meegenomen moeten worden in het Landschapsontwikkelingsplan. 1. Het versterken van het oorspronkelijke cultuurlandschap en de overgang in landschappen van zee naar veenweidegebied krachtig vormgeven; 2. Het saneren van de glastuinbouw; 3. Verbeteren van routes door het gebied heen en deze aansluiten op de groene zones in het stedelijk gebied.

Thans wordt er samen met de gemeente Voorschoten aan een plan voor deze corridor gewerkt, waarin het glas gesaneerd wordt en bekeken wordt hoe de ruimtelijke kwaliteit van deze zone versterkt kan worden. Een deel van het oorspronkelijke landschap wordt hersteld. Als kostendragers worden enkele nieuwe buitenplaatsen aangelegd op o.a. die plaatsen waar vroeger ook landgoederen lagen. Daarnaast wordt thans een Landschapsontwikkelingsplan (LOP) voor het buitengebied van de hele gemeente (en van een aantal omliggende gemeentes) opgesteld. In dit document zal beschreven worden hoe de bestaande waarden in het buitengebied zoveel mogelijk behouden en waar mogelijk verbeterd kunnen worden. Onderdeel van dit document is ook een voorstel voor de omgang van (cultuurhistorische) groenelementen in dit landschap. Dit zijn van oorsprong voornamelijk particuliere groenelementen, zoals dichtbeplante erven, hakhoutbosjes en meidoornhagen.

Ambitie De ambitie voor de Duivenvoordecorridor is om een aantrekkelijk recreatief uitloopgebied te ontwikkelen voor de stedeling, waarbij de agrarische functie behouden blijft en wordt versterkt. Bewoners moeten dit gebied op een eenvoudige manier kunnen bereiken. Insteek is om sterk in te zetten op de landschapstypen die hier van oorsprong voorkomen.

Pagina 46

Een sfeerbeeld dat de potentie van de Loo-zone weergeeft

Pagina 47

7.5

Loo-zone

De Loo-zone is ontstaan uit een zichtlijn tussen Huis Ten Bosch en de buitenplaats Vreugd en Rust die vrij moest blijven van bebouwing. Thans kunnen ze elkaar niet meer zien; de zone is echter wel vrij gebleven van bebouwing. Het Haagse deel bestaat voornamelijk uit sportvelden, terwijl het in Voorburg tot parkenstrook is uitgegroeid. Het oostelijke deel van de Loo-zone, het Park Vreugd en Rust en het Juliana-Bernardpark, is aangelegd in de late landschapsstijl, de romantische stijl. Beplanting en kleur waren een belangrijk ontwerpmiddel. De overige parkdelen hebben een recentere inrichting; ze zijn veel opener en over het algemeen strakker aangelegd. Langs de Broeksloot ligt nog een hakhoutbosje als restant van het oude agrarische landschap. De Loo-zone wordt op diverse punten door drukke infrastructuur doorsneden met parkeren daarlangs. Hierdoor komen diverse parkdelen los van elkaar te liggen. Dit wordt versterkt doordat de verschillende parkdelen een verschillende inrichting hebben. Er mist op het ogenblik een ‘rode draad’ die deze zone tot één geheel maakt. Daarnaast missen bepaalde delen van deze zone een eigen karakter. Andere delen bevatten elementen die op zichzelf staan en zich afkeren van de rest van het park met een lelijke afscherming. Vanuit het park wordt dit vaak als barrière ervaren. Kenmerkend aan de Loo-zone t.o.v.

de andere zones is dat deze zone haaks op de bodemkundige ondergrond ligt. Een deel ligt op een strandvlakte, terwijl een ander deel op de strandwal ligt. Deze overgang is (in hoogteligging) nog duidelijk te zien. Binnen het Groenstructuurplan heeft deze zone als thema ‘Stadspark’ gekregen.

De potentie van de Loo-zone De Loo-zone moet hét stadspark worden binnen de gemeente waarbij het een samenhangend geheel vormt van parkdelen die elk een eigen karakter hebben en waarbij rekening gehouden wordt met de bodemkundige onderlaag (overgang veen naar zand). Een langzaam verkeersstructuur verbindt de verschillende parkdelen met elkaar. Deze structuur zorgt tevens voor de verbinding van de overige zones (de Spoorzone, de Centrale Zone en de Vlietzone) met elkaar. De zone eindigt bij Vreugd en Rust, maar heeft nog wel een functionele verbinding met de Vlietzone. Aan de Haagse zijde dient, overeenkomstig de historie van dit gebied, zo wel een goede functionele als ruimtelijke verbinding te komen. Hierdoor ontstaat uiteindelijk één groene zone vanuit het centrum van Voorburg tot aan de kust. Dit is één van de groen blauwe schakels zoals benoemd in het Regionaal Structuurplan Haaglanden 2020. Deze zone heeft nadrukkelijk een parkkarakter. Functies als lig- en speelweides, een theehuis, speeltuinen, een rosarium, picknick- en barbecueplekken, een beeldentuin, diverse soorten kleinschalige marktjes, een visvijver, een trimbaan e.d. liggen in deze zone voor de hand.

De voordelen van de Loo-zone: • Hoogwaardige groene woonmilieus die ontwikkeld kunnen worden, gelegen aan een aantrekkelijk park; • De Loo-zone versterkt het beeld dat de gemeente een groene woongemeente is; • Steeds meer bedrijven gaan dáár zitten, waar hun werknemers graag wonen en veel mensen wonen graag in/bij het groen. Daarnaast vestigen hoogwaardige bedrijfsgebouwen (kantoren) zich ook graag aan het groen; • De Loo-zone vormt een aantrekkelijke verbinding tussen de Vlietzone en Den Haag en uiteindelijk de kust;

Pagina 48

De huidige verschillende functies binnen de Loo-zone

Pagina 49

•

•

•

•

Een groene Loo-zone geeft aanleiding om groenverbindingen te maken vanuit de aangrenzende wijken naar de Loo-zone. Hierdoor wordt het groen nog meer de wijken ingetrokken; Een groene omgeving biedt ontspanning en verlaagt stress. Daarnaast zorgt het ervoor dat mensen meer bewegen. Een toename van groen heeft derhalve een positief effect op de volksgezondheid; De OZB van woningen aan een park is gemiddeld zo’n 5% hoger dan die van vergelijkbare woningen die niet aan een park gelegen zijn. Hier heeft de gemeente dus direct (economisch) voordeel van groen; Een ‘groene long’ in de gemeente heeft positieve invloed op het stadsmilieu. Het zet het schadelijke CO2 om in zuurstof. Een groene omgeving heeft meer capaciteit voor waterberging en zuivert tegelijkertijd het water dat terecht komt in singels en sloten. Dit heeft positieve invloed op de benodigde capaciteit van het rioolstelsel in een wijk.

Opgaven en maatregelen De opgaven in de Loo-zone zijn: 1. De afzonderlijke parkdelen d.m.v. een ‘rode draad’ ruimtelijk meer met elkaar verbinden, zonder dat het karakter van de individuele parkdelen verloren gaat. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Maken van een integraal plan voor het verbeteren van de samenhang van de afzonderlijke parkdelen tot één doorlopend groengebied; • Bekijken hoe op de plekken waar de infrastructuur de parkzone doorsnijdt, de ruimtelijke continuïteit van de parkzone versterkt kan worden; • Bekijken of er een parkeerverbod ingesteld kan worden ter hoogte van het park, zodat de parkdelen visueel niet meer onderbroken worden; • De parkgroenstructuur doortrekken ten koste van het groen langs de doorsnijdende infrastructuur; • Waar mogelijk eenheid creëren in meubilair, verlichting en kunstwerken (bruggen e.d.).

2.

Maken van een continue langszaamverkeersroute door de gehele zone Aspecten die hierbij van belang zijn: • De huidige fietspad-delen op een logische wijze met elkaar verbinden; • Veilige kruisingen maken op die plekken waar autoverkeer rijdt, waarbij (bij voorkeur) het langzaam verkeer voorrang heeft; • Een eenduidige inrichting van de langzaamverkeersroute zodat deze herkenbaar is. 3.

Benoemen van het karakter per parkdeel en indien nodig herinrichten parkdelen, waarbij rekening gehouden wordt met de bodemkundige ondergrond en de ecologische en natuurwaarden. Aspecten die hierbij van belang zijn: • Uitgangspunt voor het herinrichten van de parkdelen moet het vergroten van de recreatieve beleving van deze zone zijn; • Studie naar gewenste recreatievormen in deze zone; • Analyse maken van de aanwezige ecologische en natuurwaarden en dit als basis nemen voor de verdere uitwerking; • Zichtbaar maken van de relatie met het verdwenen paleis ‘t oude Loo en de grote dierentuin hiervan; • Het waarborgen van het ruimtelijke kwaliteit in deze zone; • Ruimtelijk beter inpassen van thans losliggende elementen. 4.

Verbeteren van de fysieke en ruimtelijke verbinding met het Haagse deel van deze zone Aspecten die hierbij van belang zijn: • De oude zichtlijn Huize Ten Bosch-Vreugd en Rust weer zichtbaar maken; • Studie naar het verbeteren van de verbinding tussen de Loo-zone met het Haagse deel ter hoogte van het spoor; 5. Een fysieke verbinding maken met de Vlietzone over de Vliet heen Aspecten die hierbij van belang zijn: • Onderzoek naar de mogelijkheden van een brug of anderszins over de Vliet heen.

Pagina 50

Het is een mooie lentedag in 2020, een strak blauwe lucht en vanmiddag verwachten ze een temperatuur van tegen de 20 graden. De hele stad snakt ernaar om na de donkere, koude winter weer naar buiten te gaan. Ik pak mijn fiets en rijd via een groene route naar de Loo-zone. Bij de internationale beeldententoonstelling sla ik linksaf. Elk jaar wordt er in mei een beeldententoonstelling gehouden en na afloop bepalen de inwoners van de gemeente gezamenlijk welk beeld dit jaar aangekocht gaat worden door de gemeente. Het is een jaar of 10 geleden heel kleinschalig begonnen, maar nu heeft het echt nationale allure en kunstenaars vragen zelf om te mogen poseren. Het is een eer voor hen om hier te mogen staan! Ter hoogte van Voorburg-Midden is de wijkvereniging al vroeg bezig met de barbecue die vanavond gehouden wordt. Ik heb begrepen dat alle 100 plaatsen bezet zijn en dat er zelfs mensen teleurgesteld moesten worden. Ze hebben er mooi weer voor uitgekozen! Het is fijn dat je als fietser vrijwel overal voorrang hebt en dat ze nu één heldere route hebben aangelegd door het hele park heen. Bij het rosarium zie ik twee oudere dames genieten van de rozenpracht. Het is een geweldige route om vanuit de gemeente naar het strand te gaan. Ik fiets onder het spoor door Den Haag binnen, waar de groene zone gewoon doorloopt tot in het Haagse Bos.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=fc2d56f5-e1e3-4932-bcf5-cc73b8c0939a