CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

2494 06. Ontwerpbegroting 2023 GR GGD en VT Haaglanden

Raadsvergadering 10 mei 2022, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel: Vaststellen zienswijze op Ontwerpbegrotingswijzigingen 2022 en Ontwerpbegroting 2023 GR GGD en Veilig Thuis Haaglanden.26.964 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

1.2.15 Hygiëne-inspectie seksinrichtingen Wat willen we bereiken? Het beschermen van de gezondheid van de burger en de sekswerker door een veilige en hygiënische omgeving van instellingen en voorzieningen te bevorderen. Wat gaan we daarvoor doen? Uitvoeren van inspecties bij seksinrichtingen conform de hygiënerichtlijnen van het Landelijk Centrum voor Hygiëne en Veiligheid. Dit betreft onder andere: • Inventariseren van voorzieningen. • Inspecteren voorzieningen. • Adviseren en rapporteren. Product Aantal locaties waar één of meer keren een inspectie is uitgevoerd

Prognose 2023 67

Wat zetten we daarbij in? Taak Hygiëne-inspectie seksinrichtingen

Begrote lasten € 38.000

Wat draagt deze taak bij aan de Visie 2030? Deze taak draagt vooral bij aan de ambities ‘Voorvechter gelijke kansen op een goede gezondheid’, ‘Adviseur voor een gezonde leefomgeving’ en ‘Regionale partner acute problemen publieke gezondheid’. In al onze advisering hebben we oog voor de context en daarmee aandacht voor de mogelijkheid van gezondheidsachterstanden. In aanvulling hierop betreft dit werkzaamheden op werkplaatsen waar werknemers werken met verhoogde kans op gezondheidsachterstanden. De advisering rondom infectierisico en hygiëne is onderdeel van de advisering op gezonde leefomgeving. Bij verschillende van de typen advisering is sprake van, of bestaat een risico op, acute gezondheidsproblemen.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 23

1.2.16 Lijkschouw (Taken Wet op de Lijkbezorging) Wat willen we bereiken? Het op professionele wijze uitvoeren van de lijkschouw, afhandelen van euthanasie en afhandelen van verzoeken tot uitstellen/vervroegen van begrafenissen/crematies of afhandelen van verzoeken voor het vervoeren van een overledene naar het buitenland. Het op professionele wijze uitvoeren van forensisch-medisch onderzoek bij kindermishandeling (FMEK). Wat gaan we daarvoor doen? • Uitvoeren van de lijkschouw, vaststellen van de aard van het overlijden (natuurlijk of nietnatuurlijk overlijden) en zo mogelijk vaststellen van de doodsoorzaak door de forensisch arts. • Het uitvoeren van taken van de forensisch arts in het kader van de meldingsprocedure euthanasie. • Uitvoeren van activiteiten in het kader van de NODOK-procedure (Nader Onderzoek Doodsoorzaak van Kinderen) door de forensisch arts in geval van onverwacht/onverklaard overlijden bij kinderen. • Afgeven van een verklaring waarmee een begrafenis/crematie uitgesteld of vervroegd kan worden en afgeven van een lijkenpas (voor vervoer van een overledene naar het buitenland). • Intercollegiale consultatie tussen de forensisch arts en andere artsen (zoals huisartsen en medisch specialisten). • Uitvoeren van taken ten behoeve van Forensisch Medische Expertise Kindermishandeling door hiervoor opgeleide forensisch artsen.

• Uitvoeren van taken ten behoeve van letselbeschrijving. Product Collegiaal overleg/advies Euthanasie Lijkschouw Meldingen overleden minderjarigen Uitstel begrafenis & lijkenpas Forensisch onderzoek bij Kindermishandeling Letselbeschrijving

Prognose 2023* 295 424 783 21 321 NNB** NNB**

* Zoals opgenomen in de Voorjaarsbrief 2023. ** Betreffen nieuwe taken.

Wat zetten we daarbij in? Begrote lasten* Taak Lijkschouw

€ 555.000

* Eventuele consequenties van de herziening forensische geneeskunde, zoals benoemd onder ‘Uitdagingen op het gebied van de publieke gezondheid in de regio Haaglanden – Ontwikkelingen publieke gezondheid’, zijn nog onbekend en dus niet meegenomen.

Wat draagt deze taak bij aan de Visie 2030? Deze taak is niet direct te koppelen aan een ambitie.

Pijler 5: Brede Public Health 1.2.17 Directeur Publieke Gezondheid Wat willen we bereiken? Het organiseren van een inhoudelijk en bestuurlijk goede aanpak om vraagstukken op het gebied van publieke gezondheid het hoofd te kunnen bieden. Dit is wettelijk vastgelegd in de functie Directeur Publieke Gezondheid (DPG).

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 24

Wat gaan we daarvoor doen? De inzet voor brede public health betreft de functie DPG zelf en algemene organisatietaken van de GGD. Met de functie DPG is er een centraal aanspreekpunt voor het bestuur, gemeenten en hulpdiensten, waardoor een integrale sturing op de publieke en acute gezondheid mogelijk is, juist bij crises. De functionaris DPG is voor twee organisaties verantwoordelijk; voor zowel de GGD als de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR), onderdeel van de Veiligheidsregio Haaglanden. Onderdeel van de functie DPG is behoud en ontwikkeling van GGD-expertise en organisatiebrede voorbereiding op toekomstige trends. In 2023 gaat het daarbij onder andere over de implementatie van de Visie 2030 van en voor de GGD. Wat zetten we daarbij in? Taak Directeur publieke gezondheid

Begrote lasten € 951.000

Wat draagt deze taak bij aan de Visie 2030? Deze taak draagt bij aan alle ambities van de Visie 2030, maar met name de ambitie ‘Regionale partner acute problemen publieke gezondheid’.

1.2.18 Taken van de GGD als zorginstelling Wat willen we bereiken? Het borgen van verantwoorde en kwalitatief hoogwaardige individuele (medische) zorg door GGD Haaglanden als zorginstelling. Zo voldoen we aan wettelijke en maatschappelijke verplichtingen voor zorginstellingen. Wat gaan we daarvoor doen? • Invulling geven aan GGD-brede activiteiten op het gebied van opleiding en deskundigheidsbevordering. • Activiteiten in het kader van de hernieuwde erkenning als opleidingsinstelling. • Als opleidings-GGD betrokken blijven bij de ontwikkelingen rond het landelijk werkgeverschap voor Arts in Opleiding (AIOS) en het boeien en binden van professionals voor de (publieke) gezondheidszorg. • Adequaat afhandelen van de klachten en Veilig Incidenten Melden (VIM)-procedure. • Het in stand houden en verder completeren van het GGD-brede kwaliteitssysteem, gekoppeld aan de noodzakelijke certificering. • Deelnemen in de Academische Werkplaats Publieke Gezondheid Noordelijk Zuid-Holland, met de Haagse Hogeschool, de Academische werkplaats G4-USER, en andere relevante opleidingsen onderzoeksactiviteiten van andere zorg- en kennispartners.

Wat zetten we daarbij in? Begrote lasten Taak Taken van de GGD als € 496.000 zorginstelling Wat draagt deze taak bij aan de Visie 2030? De taken van de GGD als zorginstelling dragen bij aan het realiseren van de hele Visie 2030: ondersteunen en inspireren in het realiseren van de afzonderlijke ambities en het samenbrengen van verschillende afdelingen en onderwerpen voor een integrale blik.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 25

1.2.19 Publieksinformatie Wat willen we bereiken? Het inrichten van een professioneel laagdrempelig eerstelijns informatiecentrum, dat fungeert als een spin in het web voor klantcommunicatie GGD breed. Dat doen wij door als infocentrum het eerste aanspreekpunt te zijn van de GGD met één centraal emailadres en één centraal telefoonnummer voor bewoners, organisaties en professionals voor vragen, advies of voor het maken van een afspraak. Wat gaan we daarvoor doen? • Leveren en ontsluiten van kennis over gezondheid, ziektepreventie en gezondheidsvoorzieningen, onder andere door: o een centraal frontoffice, gebruikmakend van drie primaire informatiekanalen (click, call & face) o een relatiebeheersysteem o uitleen van voorlichtingsmateriaal aan bijvoorbeeld scholen. • Beschikken over een up-to-date relatiebeheersysteem op basis waarvan de GGD op efficiënte wijze kan communiceren met relevante organisaties en professionals (bijvoorbeeld in geval van een uitbraak van een infectieziekte, crisis of hitte-protocol). • Continu verbeteren van de dienstverlening, door gerichte training, scholing en feedback van klantcontact. Product

Prognose 2023

Telefonische contactmomenten

36.000

E-mail contactmomenten

6.000

Wat zetten we daarbij in? Begrote lasten Taak Publieksinformatie

€ 195.000

Wat draagt deze taak bij aan de Visie 2030? Voor kwetsbare groepen is navigeren op het internet en websites geen vanzelfsprekendheid en zij kiezen er dan ook vaak voor om te bellen en/of te mailen bij algemene vragen. Daarmee draagt de publieksinformatiefunctie van de GGD vooral bij aan de ambitie ‘Voorvechter gelijke kansen op een goede gezondheid’. Daarnaast draagt publieksinformatie bij aan de ambitie ‘Regionale partner bij acute problemen publieke gezondheid’, bijvoorbeeld in het kader van de coronacrisis.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 26

1.3 Programma Veilig Thuis 1.3.1 Kaders De Meldcode voor huiselijk geweld en kindermishandeling helpt professionals goed te reageren bij vermoedens van kindermishandeling en andere vormen van huiselijk geweld. Met de Meldcode komen slachtoffers eerder in beeld en kan eerder hulp ingezet worden. Daarvoor is het nodig dat beroepskrachten goed uit de voeten kunnen met signalen en wanneer dat nodig is, situaties van vermoedens van onveiligheid melden bij Veilig Thuis. De Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling stelt voor professionals, werkzaam in sectoren van gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning, jeugdhulp of justitie, een professionele norm om melding te doen bij Veilig Thuis als er vermoedens zijn van acute en structurele onveiligheid. Ook individuele omstanders kunnen een melding doen bij Veilig Thuis. Veilig Thuis Haaglanden voert een gemeentelijke taak uit die voortkomt uit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 (Wmo 2015), te weten: Veilig Thuis oefent op basis van artikel 4.1.1.

lid 2 Wmo 2015 de volgende taken uit: o het fungeren als meldpunt voor gevallen of vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling o het naar aanleiding van een melding van huiselijk geweld of kindermishandeling (of een vermoeden daarvan) onderzoeken of hier daadwerkelijk sprake van is o het beoordelen van de vraag of en zo ja, tot welke stappen de melding van huiselijk geweld of kindermishandeling of een vermoeden daarvan aanleiding geeft o het in kennis stellen van een instantie die passende professionele hulp kan verlenen bij huiselijk geweld of kindermishandeling, van een melding van huiselijk geweld of kindermishandeling of een vermoeden daarvan, indien het belang van de betrokkene dan wel de ernst van de situatie waarop de melding betrekking heeft daartoe aanleiding geeft o het in kennis stellen van de politie of de Raad voor de Kinderbescherming van een melding van huiselijk geweld of kindermishandeling of een vermoeden daarvan, indien het belang van de betrokkene dan wel de ernst van de situatie waarop de melding betrekking heeft daartoe aanleiding geeft o indien Veilig Thuis een verzoek tot onderzoek bij de Raad voor de kinderbescherming doet, het in kennis stellen daarvan van het college van B&W o het op de hoogte stellen van degene die een melding heeft gedaan, van de stappen die naar aanleiding van de melding zijn ondernomen Op basis van de Wmo 2015 verstrekt

Veilig Thuis aan degene die een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling heeft, desgevraagd advies over de stappen die in verband daarmee kunnen worden ondernomen en verleent daarbij zo nodig ondersteuning.

1.3.2 Missie, visie en doelstellingen Missie De missie van Veilig Thuis Haaglanden luidt: ‘Als VT willen wij in samenwerking met collega-instellingen aantoonbaar voorkomen en duurzaam stoppen van huiselijk geweld en kindermishandeling in de regio Haaglanden en zorgdragen voor herstel van schade bij de directbetrokkenen’. Visie Directe Veiligheid staat voorop: Het geweld stopt en de slachtoffers zijn veilig. Veilig Thuis geeft advies, beoordeelt meldingen, doet onderzoek en draagt indien nodig naar passende hulpverlening. Partnerschap in samenwerking: Intensivering van de samenwerking tussen ketenpartners is noodzakelijk om toe te kunnen werken naar duurzame veiligheid. Het vraagt om organisatie overstijgende vormen van samenwerking waarbij expertise aanvullend en in samenhang wordt ingezet in casussen. Lerende organisatie: Openstaan voor feedback van betrokkenen ten behoeve van onze dienstverlening om zodoende onze werkwijze en bedrijfsvoering te verbeteren. De samenwerking met en het leren van cliënten staat hierin centraal. (Klachten, veerkracht, ervaringsdeskundigen). Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 27

Doelstellingen “Meldingen tijdig afronden” Er komen steeds meer signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling in beeld. Op dit moment lukt het niet om volledig binnen de wettelijke termijnen te werken. Werving en behoud van personeel is in de krappe arbeidsmarkt een uitdaging. Tevens gaat de krapte elders in de keten gepaard met een blijvend hoog aantal (her-)meldingen bij VTH en met beperkingen in de overdracht aan ketenpartners, waardoor VTH extra werk doet. In de eerste helft van 2021 liep de wachtlijst op, maar deze stabiliseerde in de laatste twee kwartalen. Ook in 2023 zal het werken binnen de wettelijke termijnen (van 10 weken voor het doen van Onderzoek of Voorwaarden en Vervolg) en 5 (werk)dagen voor de veiligheidsbeoordeling) een belangrijke en uitdagende doelstelling zijn. “VTH is binnen de keten een sterk expertisecentrum: versterken expertiserol, meer advies en focus op ernstig en hardnekkig geweld” Een effectieve aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling is een aanpak van de gehele keten. Belangrijk aandachtspunt is dat de wachtlijst en de doorlooptijd van interventies bij Veilig Thuis ook gerelateerd is aan beperkingen in de doorstroom in de keten, aangezien interventies door Veilig Thuis bijna altijd worden voorafgegaan (preventie) of worden opgevolgd door de inzet van andere partnerorganisaties in de keten.

Wachtlijsten en doorlooptijden bij VTH en bij lokale teams, specialistische hulpverlening of bijvoorbeeld de Raad voor de Kinderbescherming zijn communicerende vaten. VTH wil in samenwerking met ketenpartners komen tot een meer effectieve positie van VTH in de keten, door een versterking van de expertise en voorlichtingsfunctie, het inzetten van een lichte interventie waar dat kan (zoals advies) en door de eigen zwaardere interventies Onderzoek en Voorwaarden en Vervolg te richten op acute en/of structurele onveiligheid met een focus op ernstig en hardnekkig geweld. “Resultaatgerichte sturing: versterkte uitvoering” Deze doelstellingen vragen om een resultaatgerichte werkwijze van Veilig Thuis: VTH richt zich in 2022 op het operationeel maken van het management dashboard en de Ketenmonitor: ‘forward looking’ sturingsinformatie, waarmee tijdig bijgestuurd kan worden bij grotere fluctuaties van de instroom, en om te voorkomen dat achterstanden zich opstapelen. Verder stuurt VTH op tijdigheid en kwaliteit (cf. de landelijke protocollen), actuele kennis en expertise op alle onderdelen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Hierbij zijn in de bedrijfsvoering de mogelijkheden van de inbedding in de gemeente den Haag volledig benut.

1.3.3 Ontwikkelingen in 2023 In het afgelopen jaar was een stabilisatie zichtbaar van het aantal adviezen. Het aantal adviezen is met 1% gedaald (2021:9.445, 2020: 9.562). Het aantal meldingen laat een daling van 9,3% zien in 2021 ten opzichte van 2020 (2021: 9.314, 2020: 10.266). Uit onderzoek van het NSCR is gebleken dat het coronavirus vooralsnog geen effect heeft op de ontwikkeling van het aantal meldingen en adviezen. Desalniettemin blijven de volumes aanzienlijk en om alle casussen zo goed en snel als mogelijk op te kunnen pakken, wordt binnen VTH gewerkt met een mix van vast personeel en inkoop van diensten bij externe partijen. In onderstaande tabel is de instroom van meldingen en adviezen bij Veilig Thuis Haaglanden weergegeven voor 2021, verdeeld per gemeente.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 28

Tabel 1: Aantallen adviezen en meldingen 2021 ten opzichte van 2020 per gemeente en de buitenregio.

De ontwikkelingen van het aantal adviezen en meldingen en de werkvoorraad in de afgelopen 2 jaar zijn in onderstaande grafiek per kwartaal weergegeven.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 29

Samengevat zijn de aantallen per jaar:

2021

werkelijk

Instroom adviezen 9.411

Instroom meldingen 9.338

Werkvoorraad per 31-12 458

2020

werkelijk

9.540

10.266

323

2019

werkelijk

8.187

10.392

681

De begroting van Veilig Thuis wordt opgebouwd op basis van het zogenaamde Q-consultmodel. In dit model volgt uit de verwachte aantallen op basis van vastgestelde normtijden een benodigde formatie. Op basis van vastgestelde salarisbedragen per schaal wordt vervolgens de financiële begroting bepaald. Eén van de begrotingsuitgangspunten van Veilig Thuis is dat voor de raming van de verwachte instroom in de initiële begroting van het jaar T (2023) het jaar T-2 (de werkelijke instroom in 2021) als uitgangspunt wordt genomen. In 2022 zal een herijking van het rekenmodel worden uitgevoerd, dat gebruikt wordt voor toekomstige begrotingsramingen. Dit is van belang om een goede aansluiting te behouden tussen de werkelijke werkzaamheden die worden uitgevoerd en de normtijden die daarbij gehanteerd worden. De (financiële) impact van de herijking zal onderdeel uitmaken van de Voorjaarsbrief 2023 (en de begrotingswijziging in 2023).

Actualisatie prognose verwachte aantallen adviezen

Voor de ontwerpbegroting van 2023 wordt vooralsnog uitgegaan van 9.411 adviezen. Dit betekent voor de benodigde formatie en het benodigde budget het volgende:

Verwacht aantal

Benodigde formatie

Benodigd budget (incl. BVtoeslag)

Huidige begroting 2022/2023

8.556

13,87

€ 1.342.000

Voorstel bijgesteld begroting 2022/2023 o.b.v. actuele aantallen

9.411

14,91

€ 1.460.000

Aanpassing

855

1,04

€ 119.000

Adviezen (incl. ZSM en chatfunctie)

Actualisatie prognose verwachte aantallen meldingen

Voor de prognose van het aantal te verwerken meldingen dient rekening gehouden te worden met de werkvoorraad. Deze is per ultimo 2021 458. Hoewel er in 2020 een inhaalslag is geweest in het wegwerken van de wachtlijst, is deze in 2021 door personeelsgebrek weer opgelopen, maar is in de tweede helft van 2021 gestabiliseerd. Gezien de personele krapte is het niet te verwachten dat de hele werkvoorraad in 2022 alsnog wordt weggewerkt. Verwacht wordt (en wenselijk is) dat in ieder geval 50% van de huidige werkvoorraad zal worden weggewerkt. Voor het aantal te behandelen meldingen betekent dit dat deze bestaat uit de verwachte instroom + 50% van de huidige werkvoorraad, dus 9.338 + 50% x 458 = 9.567 meldingen. Bij de taak meldingen wordt een onderscheid gemaakt tussen meldingen die na ontvangst direct doorgezet kunnen worden naar het lokale veld, meldingen waarvan eerst onderzocht moet worden of er nader onderzoek nodig is (voorwaarden & vervolg) en meldingen waarbij sowieso een nader onderzoek door Veilig Thuis nodig is. De verhouding tussen deze drie verschillende soorten meldingen wordt de productmix genoemd. Bij de verschillende soorten meldingen zijn verschillende normtijden vastgesteld. Een melding die direct doorgezet kan worden naar het lokale veld kost minder tijd dan een melding waarbij eerst nader onderzoek nodig is.

In de huidige begroting is uitgegaan van de productmix zoals deze in 2019 werkelijk was. In 2021 bleek de verhouding tussen de verschillende soorten meldingen anders dan begroot. De productmix wordt bijgesteld op basis van de actuele verhouding in 2021, zodat de begroting wordt aangepast naar de actuele situatie. Hierbij geldt: Productmix Meldingen Direct naar lokale veld Interventie zonder onderzoek (V&V) Onderzoek

Deel 1 Beleidsbegroting

oud 48,8% 39,0% 12,2%

nieuw 56,2% 17,8% 26,0%

pagina 30

Verhouding vast-flexibel Actualisatie omvang flexibele schil maatschappelijk werkers Vanwege de onzekerheid over de volumeontwikkeling is eerder gekozen voor een mix van structurele en flexibele inzet van de benodigde capaciteit. De benodigde capaciteit hangt mede af van de vervolgstappen die Veilig Thuis na veiligheidsbeoordeling inzet (“productmix”). Eventuele ruimte die ontstaat door een gunstiger productmix dan voorzien wordt benut om openstaande werkvoorraad te verkleinen, zodat wachtlijsten en doorlooptijden korter worden. Uit bovenstaande grafiek is af te leiden dat de afgelopen 2 jaar de instroom fluctueerde in een bandbreedte tussen de 753 en 932 per maand (kwartaalinstroom omgerekend naar gemiddelden per maand). In het tweede kwartaal van 2020 en 2021 kende de instroom een verloop aan de bovenkant van de bandbreedte, terwijl voor de overige kwartalen het verloop zich aan de onderkant begaf van de bandbreedte. Op basis van de ontwikkeling van het aantal meldingen in de afgelopen 2 jaar is vast te stellen dat het aantal gemiddeld op 836 per maand ligt binnen een bandbreedte tussen de 753 en 932 per maand (kwartaalinstroom omgerekend naar gemiddelden per maand). De afwijking ten opzichte van het gemiddelde is dus maximaal ca. 10%. Hoewel de toekomst altijd onzeker is, lijkt het erop dat de instroom van meldingen dus relatief stabiel is.

Dit leidt ertoe dat wordt voorgesteld om de huidige verhouding tussen vast en flexibel personeel (2/3 vast, 1/3 flexibel) te herzien en deze verhouding bij te stellen naar 85%/15%. VTH geeft onder de huidige omstandigheden de voorkeur aan een groter bestand vaste medewerkers, zodat kennis en ervaring behouden blijft binnen de organisatie en VTH in staat zal zijn om door te bouwen aan de interne kwaliteitsimpuls, waarover gesproken is in paragraaf 3.4. Het verschil in kosten tussen een externe en een interne medewerkt is relatief klein. Voor extern personeel wordt gerekend met een uurtarief dat hoger ligt dan bij intern personeel. Daarentegen wordt bij extern personeel gerekend met een lagere BV-toeslag. De aanpassing van aantallen en omvang flexibele schil betekent voor de benodigde formatie en het benodigde budget het volgende:

Per saldo betekenen de bijstelling van de aantallen adviezen en meldingen, de productmix en de verhouding vast/flexibel personeel een verlaging van de formatie van 3,3 fte een verlaging van de begroting van € 169.000,- structureel. Dit is een optelsom van de actualisatie van het aantal meldingen (verlaging benodigd budget met € 288.000) en de actualisatie van het aantal adviezen (een verhoging van het benodigd budget van € 119.000). Coronavirus Gedurende de crisis wordt door het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) onderzoek gedaan naar huiselijk geweld tijdens de corona pandemie. Veilig Thuis Haaglanden levert data voor dit onderzoek. De meest recente uitkomsten wijzen uit dat de gevolgen van het coronavirus in 2021 geen grote afwijkingen vertoont in het aantal meldingen, advies vragen of huisverboden, deze uitkomst is in lijn met het jaar 2020. Veilig Thuis blijft de ontwikkelingen ten aanzien van het aantal adviezen en (aard van de) meldingen nauwlettend volgen, indien blijkt dat hier veranderingen in ontstaan dan zal VTH (waar mogelijk in afstemming met het Landelijk Netwerk Veilig Thuis) initiatieven ontwikkelen.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 31

Chatfunctie De landelijke politiek besloot in 2020 dat een chatfunctie moest worden ontwikkeld om de betrokkenen van huiselijk geweld een extra mogelijkheid te geven contact te leggen met Veilig Thuis. Sindsdien is VTH tijdens kantooruren regionaal bereikbaar via de chatfunctie. VWS verwacht dat de Veilig Thuis organisaties samen de technische ondersteuning van de chat bekostigen (die door ‘Serviant’ wordt ondersteunt en vanaf 2020 nog werd bekostigd door VWS). Ook zullen de Veilig Thuis organisaties naar verwachting zorgdragen voor een e-learning voor de medewerkers, die met de chatfunctie werken. Vanaf 1 april 2021 heeft VTH de samenwerking gezocht met VT Hollands Midden. Samen bemensen de beide VT-organisaties de chat (twee dagen door VTHM en drie dagen door VTH). De chatfunctie pilot wordt geëvalueerd en zal in ieder geval worden gecontinueerd tot eind 2022.

Beleidsmatige ontwikkelingen De beleidsmatige ontwikkelingen binnen de begroting zijn in te delen naar vier hoofdthema’s, die relevant zijn voor de verdere ontwikkeling van Veilig Thuis Haaglanden. De hoofdthema’s worden behandeld in de volgende sub-paragrafen: 1. Regiovisie aanpak huiselijk geweld en ketensamenwerking 2. Kwaliteitsimpuls VTH 3. Werving en behoud personeel 4. Informatievoorziening en ICT

1. Regiovisie aanpak huiselijk geweld en ketensamenwerking MDA++ aanpak Vanuit het ministerie VWS is het landelijke programma ‘Geweld hoort nergens thuis’ geïnitieerd, met als opdracht om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen via een multidisciplinaire aanpak. Dit beleid wordt ondersteund door de visie van het Verwey-Jonker instituut, die onderzoek deed naar huiselijk geweld en kindermishandeling in 2020.2 De wetenschappelijk directeur van het Verwey-Jonker instituut (Prof. dr. Majone Steketee) concludeert n.a.v. het onderzoek dat: “om gezinnen uit de vicieuze cirkel van geweld te halen, blijft maatwerk en een integrale aanpak nodig”. De ketensamenwerking Haaglanden is een voorbeeld van die integrale aanpak. Het programma heeft o.a. vorm gekregen in het project MDA++, de samenwerking met het uitvoeringsprogramma Regiovisie HG en de versterking van de lokale teams. In het najaar van 2021 is besloten dat MDA++ structureel wordt ingebed als reguliere werkwijze binnen de ketensamenwerking: een specialistische multidisciplinaire aanpak voor de meest complexe casuïstiek, waarin specialistische straf, zorg en medische professionals met het gezin samenwerken. Door het landelijk programma ‘Geweld hoort nergens thuis’ is de aanpak voorgeschreven als effectieve ketenaanpak voor de meest complexe problematiek.

Samen met het Zorg & Veiligheidshuis (ZVHH) vervult VTH een belangrijke rol in die aanpak. Voor de MDA++ aanpak door Veilig Thuis Haaglanden is door de centrumgemeenten tot en met 2026 budget gereserveerd vanuit de DUVO-middelen. Bij de overgang van pilotinzet naar structurele inzet wordt de financiering onderdeel van de reguliere begroting van alle ketenpartners. In 2023 wordt bekeken of een aanvullend bedrag nodig is om de stijgende aantallen MDA++ cases op te kunnen vangen, en een verbetering van de regionale poortwachter- en adviesfunctie te kunnen realiseren. Indien sprake is van een extra investering in de MDA++ aanpak wordt bezien of dit een structureel karakter heeft en of er mogelijkheden zijn om de inzet vanuit VTH aan te passen op het beschikbaar gestelde budget vanuit de centrumgemeenten. Besluitvorming hierover door het AB zal plaatsvinden in het najaar (bij de Verkenning).

Verwey-Jonker Instituut, november 2020; ‘Kwestie van lange adem: Kan huiselijk geweld en kindermishandeling echt stoppen?’ 2

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 32

Toekomstscenario ‘Kind- en gezinsbescherming’ Op 30 maart 2021 werd het ‘toekomstscenario kind- en gezinsbescherming’ naar de Tweede Kamer gestuurd. het toekomstscenario biedt perspectief hoe de jeugdbeschermingsketen er op de middellange termijn slimmer en effectiever uit kan zien (2026-2031), waarbij het belang van kind en gezin centraal staat. Het toekomstscenario wordt in samenwerking met betrokken partijen opgesteld, in opdracht van de ministeries van VWS en J&V en de VNG. De kind- en gezinsbescherming zijn daarbij onderdeel van een brede en gezinsgerichte aanpak. De basisprincipes van het scenario zijn ‘gezinsgericht’, ‘rechtsbeschermend en transparant’, ‘eenvoudig’ en ‘lerend’. Belangrijk uitgangspunt is dat er voor kind en gezin één vast gezicht is. Rondom het kind is er een Lokaal Team met een vast contactpersoon. Deze werkt nauw samen met een Regionaal Veiligheidsteam waarin functies van de Gecertificeerde Instellingen, Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming zijn samengebracht. Er is een stuurgroep gevormd van regiopartners die verkennen hoe invulling gegeven kan worden aan het toekomstscenario, zoals het definiëren van pilots, en de randvoorwaarden om te starten.

Leden van de stuurgroep zijn de directie van VTH, Jeugdbescherming West, de William Schrikkerstichting, de Raad van de Kinderbescherming, Perspektief (Vrouwenopvang) en een vertegenwoordiging van de lokale teams van de deelnemende gemeenten. Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden Vanaf 1 februari 2022 wordt de samenwerking met het Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden (ZVHH) geïntensiveerd, door de inzet van drie VTH-professionals. Deze professional treden op als materiedeskundige op gebied waar zorg en straf van toepassing is, en zullen voor 4 uur per week aansluiten bij weeg- en focusoverleg. Ook zullen zij de partnercollega’s van ZVHH ondersteunen en adviseren op basis van hun ervaring en deskundigheid. De samenwerking tussen VTH en het ZVHH is een voorbeeld van hoe VTH de geïntegreerde ketenaanpak vormgeeft. Versterken Lokale teams De lokale teams zijn een belangrijke basis voor het verstevigen en verbeteren van de aanpak van huiselijk geweld. Om de samenwerking in de keten te verbeteren en de lokale teams in de Haaglanden gemeenten te versterken is de komende jaren voor elke gemeentebudget beschikbaar om de plannen uit te voeren onder eigen regie en verantwoordelijkheid.

2.

Kwaliteitsimpuls VTH

Om invulling te kunnen blijven geven aan die wettelijke taken van Veilig Thuis is naast de verbetering van de ketensamenwerking ook investering in de kwaliteit van het werk binnen Veilig Thuis nodig. Vanuit de keten is vraag naar expertise en ondersteuning op de onderwerpen ouderenmishandeling, stalking, eer gerelateerd, seksueel geweld en complexe scheidingen. Het afgelopen jaar heeft VTH verder geïnvesteerd in (de training van) aandachts-functionarissen op deze onderwerpen zodat ze cliënten en de keten ten aanzien van deze problematiek op een juiste manier kan ondersteunen, passend binnen haar wettelijke taken. VTH beoogt een aantal inhoudelijke kwaliteitsverbeteringen te maken in 2022 en 2023. Speerpunten zijn de verbetering van het feitenonderzoek, aanhaken bij het cliëntentevredenheidsonderzoek van LNVT en de opzet van een klachtencommissie en calamiteitencommissie. Deze speerpunten hebben het doel VTH als lerende organisatie op de kaart te zetten en een algehele kwaliteitsimpuls te geven. Verbetering feitenonderzoek Het feitenonderzoek is een wettelijke taak, dus het is van belang om de kwaliteit hiervan blijvend te ontwikkelen. Om dit te bereiken krijgen werknemers van VTH verplichte trainingen om hun onderzoeksvaardigheden te verbeteren. Denk hierbij aan het schrijven van rapportages, uitnodigingsbrieven en afsluitbrieven.

Ook leren zij te rapporteren in een uniforme stijl en (waar mogelijk) in samenwerking met de client. Cliënttevredenheidsonderzoek Vanuit het Landelijk Netwerk Veilig Thuis (LNVT) is in 2020 jaar een start gemaakt met een clienttevredenheidonderzoek. LNVT heeft hiervoor een projectleider ingehuurd, die de verschillende organisaties uit het netwerk helpt met het opzetten van een onderzoeksmethode. Het doel van het project is om van VT’s lerende organisaties te maken, die op zorgvuldige wijze feedback weten te verkrijgen van hun cliënten, en deze informatie op juiste wijze te verwerken. Waarmee betere sturingsinformatie ontstaat voor beleidsmakers uit het netwerk. Het is de ambitie van VTH om aan te sluiten bij dit project.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 33

Klachtencoördinatoren VTH kent vanaf 2021 een interne- en externe klachtenafhandeling. Cliënten hebben het recht om een onafhankelijke (externe) klachtenfunctionaris te raadplegen, wanneer zij daar behoefte aan hebben. Hiervoor maakt VTH gebruik van het externe bureau U.S. Legal. In sommige gevallen vinden cliënten het geen probleem om hun klacht intern te laten behandelen. Soms is een klacht eerder gericht op de functie van ‘een luisterend oor’ of bedoeld als opbouwende kritiek. Deze klachten worden afgehandeld door de klachtencoördinatoren van VTH. Calamiteitencommissie Calamiteiten waar jeugdigen bij betrokken zijn moeten altijd worden gemeld aan de inspectie jeugd en gezondheidzorg. Het onderzoek hierbij moest in het verleden (extern) worden ingehuurd door VTH. Het doel is dat VTH op termijn zelfstandig onderzoek kan doen bij calamiteiten om zodoende de deskundigheid van de organisatie als geheel te verhogen, hiertoe worden momenteel medewerkers opgeleid. Het is de verwachting dat de calamiteitencommissie medio 2022 kan worden ingezet. De calamiteitencommissie opereert gemiddeld één keer per jaar (ook in jaren waarin geen calamiteiten zijn, want in dat geval wordt een calamiteit geoefend). De commissie bestaat uit 9 leden, de opdrachtgever, voorzitter, penvoerders, interviewers en een beleidsmedewerker.

3.

Werving en behoud personeel

Ondanks de grote inspanningen die de VTH-professionals dagelijks verrichten, blijven de wachtlijsten aanwezig. VTH heeft nog steeds een tekort aan capaciteit in haar formatie, met verhoogde werkdruk tot gevolg. Dit is een landelijk probleem waarmee meerdere organisaties in het netwerk worstelen, zoals de jeugdbescherming. VTH heeft het aannemen en opleiden van nieuwe collega’s tot een topprioriteit gemaakt en verwacht meerdere nieuwe collega’s aan te nemen. Ook detacheringsbureaus zetten mensen in voor VTH. VTH heeft haar aannamebeleid opnieuw geëvalueerd. Voorheen werden alleen medewerkers aangenomen met een directe SKJ-registratie, omdat deze registratie noodzakelijk is voor alle zaken waar kinderen bij betrokken zijn. Momenteel worden ook enkele medewerkers aangenomen met een ontwikkeltraject, op weg naar de SKJ-registratie. VTH stippelt hiervoor per medewerker het beste traject uit, waarbij de medewerker zo snel mogelijk ingezet kan worden in het werkveld. Wanneer deze trajecten succesvol verlopen is het mogelijk deze wervingsstrategie uit te breiden. VTH ontwikkelt doorlopend initiatieven om de medewerkers te behouden en te motiveren. Zo heeft VTH de nieuwe werkgroep ‘Binden & Boeien’ opgericht, die onderwerpen behandeld op gebied van communicatie en personeelszaken (zoals arbeidsvoorwaarden, opleiding e.d.) en een brug slaat tussen management en de medewerkers.

De werkgroep bestaat uit een regiomanager, een HRmanager, een communicatieadviseur en een beleidsmedewerker. Daarnaast voert VTH onderzoek uit naar de medewerkerstevredenheid (vaak met een specifiek thema, zoals ‘werkstress & werkbehoefte’ en ‘professioneel leiderschap & geluk’). Ook houdt VTH een periodiek ‘brand event’, dit is een bijeenkomst waarin VTH haar expertise deelt met geïnteresseerden uit het werkveld (zoals ketenpartners en maatschappelijke instanties). Naast het geven van voorlichting is dit event bedoeld om potentiële nieuwe medewerkers te werven voor VTH. Ook loopt een verkenning bij de GI’s (Jeugd Bescherming West en William Schrikker Stichting), de RvdK en VTH om een gezamenlijk traineeship aan te bieden aan ervaren professionals, die interesse hebben binnen het sociaal domein, maar nog niet beschikken over een SKJ-registratie.

4.

Informatievoorziening en ICT

ICT-migratie Vanaf 2021 zijn voorbereidingen getroffen om de ICT-omgeving van VTH over te dragen aan de ICT-afdeling van gemeente Den Haag. De verwachting is dat de overdracht in de eerste helft van 2022 plaats zal vinden. De migratie heeft meerdere voordelen, waaronder lagere veiligheidsrisico’s (voorkoming van datalekken en het voldoen aan AVG-vereisten) en mogelijke kostenbesparingen, zoals het verminderen van licenties en het creëren van synergievoordelen op gebied van sharedservices.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 34

Kwaliteitsimpuls website De VTH-website vormt een belangrijk vast communicatiekanaal van VTH. Gemiddeld krijgt de website van VTH 300 bezoekers per week. Het vormt daarmee een belangrijk kanaal naar buiten. Niet alleen look & feel en gebruikersgemak zijn essentieel, maar ook de inhoud en het goed laten functioneren zijn onderdeel van de wettelijke voorlichtingstaak. De huidige website wordt geprofessionaliseerd en het beheer wordt beter ingeregeld, zodat de website blijvend actueel is en voldoet aan de web-richtlijnen voor overheidsorganisaties. Aanbesteding clientvolgsysteem Eind 2022 eindigt het contract met de huidige leverancier van het clientvolgsysteem. Op dit moment loopt er een verkenning of het mogelijk is om aan te sluiten bij het clientvolgsysteem waar de Gemeente Den Haag een overeenkomst mee heeft. Indien dit clientvolgsysteem niet passend blijkt, zal eind 2021 gestart worden met een (wettelijk) aanbestedingstraject. Indien na de aanbesteding blijkt dat VTH bij de huidige leverancier kan blijven, zal dit naast de tijdsinvestering voor de aanbesteding, weinig impact hebben op de medewerkers van VTH. Indien uit de aanbesteding naar voren komt dat VTH over moet naar een ander systeem, dan zal dit invloed hebben op de afdeling functioneel beheer en de uitvoerende collega’s van VTH, omdat zij zich dan een nieuw systeem eigen moeten maken.

1.3.4 Taken In het takenpakket Veilig Thuis zijn meerdere taken te onderscheiden, waaronder advies, meldingen, coördinatie huisverbod en voorlichting. In de (financiële) begroting worden de kaders en takenpakket Veilig Thuis onderverdeeld, namelijk: • Advies (onderzoek en Voorwaarden & Vervolg) • Meldingen (inclusief monitoring) • Coördinatie huisverbod • Voorlichting In de volgende paragrafen is per taak weergegeven welke maatschappelijke doelen worden nagestreefd en wat Veilig Thuis Haaglanden hieraan gaat doen.

Advies Wat willen we bereiken? Omstanders en professionals ontvangen advies over de aard of ernst van signalen en kennen de stappen die zij kunnen zetten om situaties van huiselijk geweld of kindermishandeling te doorbreken en de veiligheid te herstellen. Zij zijn tevens in staat om de benodigde stappen te zetten. Wat gaan we daarvoor doen? o het bieden van advies aan professionals en omstanders met adviesgesprekken en/of ondersteuning, bijvoorbeeld door deel te nemen aan gesprekken met de directbetrokkenen, met een hulpverlener, school of politie o het verstrekken van informatie en advies op ZSM aan Reclassering Nederland, de Raad voor de Kinderbescherming, politie en het Openbaar Ministerie. Dagelijks worden alle aangehouden verdachten die voor een geweldsdelict zijn aangemerkt als huiselijk geweld op de ZSM-locatie besproken met Veilig Thuis. Het advies van Veilig Thuis is gebaseerd op dossierinformatie en op expertise van de aanpak van Huiselijk geweld en Kindermishandeling o het bieden van advies op het Veiligheidshuis middels deelname aan het weeg- en focusoverleg en het overleg rondom stalking en radicalisering. Het gaat hier om specifieke zaken met complexe vraagstukken rondom straf en zorg.

Wat zetten we daarbij in? Taak Advies

Deel 1 Beleidsbegroting

Begrote lasten € 984.000

pagina 35

Meldingen Wat willen we bereiken? Veilig Thuis biedt een optimale toegang voor degenen die een melding van (een vermoeden van) huiselijk geweld of kindermishandeling wensen te doen. Op basis van de inhoud van de melding komt Veilig Thuis in samenspraak met alle betrokkenen tot de noodzakelijke vervolgstappen en besluit wie de verantwoordelijkheid voor de uitvoering hiervoor neemt. Wat gaan we daarvoor doen? Alle meldingen worden bij binnenkomst direct beoordeeld op de vraag of crisisinterventie noodzakelijk is. Vervolgens wordt binnen een termijn van 5 (werk) dagen aanvullende informatie verzameld bij verschillende bronnen en vindt intercollegiale of multidisciplinaire beoordeling plaats. Dit proces wordt Veiligheidsbeoordeling kent binnen Veilig Thuis een aantal varianten en uitkomsten. Besluit na veiligheidsbeoordeling: einde bemoeienis Meldingen kunnen na zorgvuldige beoordeling de uitkomst hebben dat verdere bemoeienis van Veilig Thuis, lokale veld of collega-organisatie niet nodig is. Er zijn geen zorgen over de veiligheid van de betrokkenen. Besluit na veiligheidsbeoordeling: overdracht naar het lokale veld en/of bestaande hulpverlening In deze meldingen wijst de veiligheidsbeoordeling uit dat er sprake is van een casus die qua aard en ernst kan worden opgepakt door de lokale teams of bestaande hulpverlening die al bij het gezin betrokken is.

In dit geval voert Veilig Thuis geen monitoring uit. Besluit na veiligheidsbeoordeling: inzetten interventie zonder onderzoek (voorwaarden en vervolg) Veilig Thuis kiest voor deze interventie indien er aanwijzingen zijn voor een acute en/of structurele onveiligheid en als de directbetrokkenen voldoende bereid (en in staat zijn) om samen te werken aan het herstel van de veiligheid en daarbij zo nodig hulp te aanvaarden. De inzet is gericht op het opstellen van veiligheidsvoorwaarden in overleg met de betrokkenen en professionals en het overdragen naar een vervolgtraject. In veel gevallen vormen van (gespecialiseerde) hulpverlening. Besluit na veiligheidsbeoordeling: inzetten vervolgtraject met onderzoek In die situaties dat de bevoegdheid en de expertise van Veilig Thuis nodig zijn om helderheid te verkrijgen over de vraag of er sprake is van huiselijk geweld en/of kindermishandeling. indien betrokkenen onvoldoende bereid of in staat zijn hulp te accepteren wordt er onderzoek ingezet. Er wordt in kaart gebracht welke onderliggende problemen er zijn die moeten worden opgelost om tot duurzame veiligheid en herstel te komen. Vervolgens worden, net als bij Voorwaarden en Vervolg, veiligheidsvoorwaarden opgesteld. Monitoring De dienst monitoring wordt ingezet na het afsluiten van de dienst Onderzoek of Voorwaarden en Vervolg.

Na overdracht monitort Veilig Thuis de resultaten van het ingezette vervolgtraject en stuurt zo nodig bij. In 2021 wordt bij circa de helft van het aantal meldingen onderzoek of Voorwaarden en Vervolg ingezet. Monitoring is een van de wettelijke taken van Veilig Thuis; bij de monitoring volgt Veilig Thuis Haaglanden het handelingsprotocol. De maatschappelijk werker bepaalt (in overleg met de directbetrokkenen en de overdrachtspartij) na het afsluiten van het onderzoek of Voorwaarden en Vervolg, de monitoringsintensiteit en momenten per cliënt. Tijdens de monitoring komt Veilig Thuis Haaglanden tot een antwoord op de vragen: is de hulp op gang gekomen, is voldaan aan de veiligheidsvoorwaarden, hebben deze geleid tot directe veiligheid, is de stabiele veiligheid in voldoende mate hersteld, is er voldoende aandacht voor herstel van de opgelopen schade? Indien het oordeel positief is, sluit Veilig Thuis Haaglanden de monitorfase af. Indien dat niet zo is, dat kan Veilig Thuis Haaglanden de overdrachtspartijen bijvoorbeeld adviseren om de hulp bij te stellen of om stappen te zetten die leiden tot een dwangmaatregel. De intensievere monitoring betekent dat er voor een langere periode dient te worden gemonitord (gemiddeld 1,5 jaar of langer waar nodig), afhankelijk van de aard van de casus. Hierbij kiest Veilig Thuis Haaglanden voor een gedifferentieerde aanpak.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 36

Wat zetten we daarbij in? Taak Structurele formatie Flexibele schil

Begrote lasten € 9.418.000 € 1.657.000

Huisverbod coördinatie Wat willen we bereiken? Het doel van de functie Coördinatie huisverbod door Veilig Thuis is het verhogen van de effectiviteit van het huisverbod door het overzicht te bewaren, ondersteuning te bieden en te zorgen voor afstemming op hetgeen de hulpverlenende-, gemeentelijke- en strafrechtelijke partijen uitvoeren. Wat gaan we daarvoor doen? In het kader van de Wet Tijdelijk Huisverbod voert Veilig Thuis de coördinatie uit. Veilig Thuis stelt het zorgadvies op voor de gemeenten (lees: de burgemeester) over het (niet) verlengen van het huisverbod en ondersteunt de procesregisseurs van de gemeenten (behandeling van voorlopige voorzieningen en beroepszaken bij de rechtbank). De coördinatoren werken samen met de andere partijen die betrokken zijn bij het huisverbod. Zij beoordelen de veiligheidsafspraken en brengen hun expertise in. Op het Veiligheidshuis is een team van coördinatoren werkzaam ten behoeve van bovengenoemde taken en om de uitvoering van de hulpverlening door de Reclassering Nederland, Algemeen Maatschappelijk Werk en Crisisdienst Jeugd gedurende een huisverbod met elkaar af te stemmen. In 2021 ging het daarbij om 403 huisverboden. Wat zetten we daarbij in? Taak Huisverbod coördinatie

Begrote lasten € 489.000

Voorlichting Wat willen we bereiken? Het doel van de functie voorlichting is bewustwording, kennisoverdracht en het aanreiken van handelingsvaardigheden aan professionals op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling. Wat gaan we daarvoor doen? Veilig Thuis geeft voorlichting aan professionals over de verschillende vormen van huiselijk geweld en kindermishandeling en over de eigen werkwijze. Doelen van de voorlichting zijn verbetering van de signalering, ondersteunen van het werken volgens de meldcode en verbeteren van de samenwerking tussen Veilig Thuis en de samenwerkingspartners. De doelgroepen zijn alle professionals die betrokken zijn bij de signalering en de aanpak waarbij de nadruk ligt op het onderwijs, de gezondheidszorg en het lokale veld. Wat zetten we daarbij in? Taak Voorlichting

Deel 1 Beleidsbegroting

Begrote lasten € 14.000

pagina 37

1.4

Programma GR-ondersteuning

Wat willen we bereiken? Het doel van de GR-ondersteuning is het zo goed mogelijk ondersteunen van het algemeen en dagelijks bestuur van de GR, zodat zij hun taken goed kunnen uitvoeren. Wat gaan we daarvoor doen? Samen met de DPG en de DVT draagt de GR-ondersteuning zorg voor het opstellen van de p&c producten. De planning & control producten zijn een middel voor het bestuur van de GR om goed te kunnen sturen. Naast het op orde houden van de going-concern wordt in afstemming met de Ambtelijke Adviescommissies GGD en Veilig Thuis en de uitvoeringsorganisaties GGD en VT steeds gekeken naar verbetermogelijkheden. De komende periode zal dit bijvoorbeeld vorm krijgen in de opvolging van de verbeterpunten uit de evaluatie van de GR die onlangs is uitgevoerd. Daarnaast wordt in 2022 een evaluatieonderzoek uitgevoerd naar de systematiek van de bedrijfsvoeringstoeslag. Ook daaruit komen mogelijk verbeterpunten die komende periode verder opgepakt kunnen worden. Wat zetten we daarbij in? Taak

Begrote lasten

GR-ondersteuning

€ 439.000

2.

Paragrafen

2.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

2.1.1 Weerstandscapaciteit, risico’s en risicobeleid van de GR

Art. 24 derde lid van de Gemeenschappelijke Regeling bepaalt het volgende: “Financiële tekorten van de Uitvoeringsorganisatie GGD en de Uitvoeringsorganisatie Veilig Thuis die niet worden gedekt door voorzieningen daaromtrent in de dienstverleningsovereenkomst komen niet ten laste van het openbaar lichaam”. In de Dienstverleningsovereenkomst met de gemeente Den Haag (i.c. art. 5 van de meerjarige Raamovereenkomst) is overeengekomen dat de gemeente Den Haag als opdrachtnemer prudent om zal gaan met het maken van kosten voor de uitvoering van de GGD & Veilig Thuis Taken.

Risicoverdeling ten aanzien van begrotingsoverschrijdingen

Met betrekking tot het risico’s van begrotingsoverschrijdingen geldt het volgende onderscheid: i. Bij begrotingsoverschrijdingen die te maken hebben met veranderingen in de opdrachtverlening door Opdrachtgever GGD & Veilig Thuis Haaglanden, komen de daaruit voor Opdrachtnemer voortvloeiende directe en indirecte kosten voor rekening van Opdrachtgever GGD & Veilig Thuis Haaglanden3; ii. Bij begrotingsoverschrijdingen die te maken hebben met de bedrijfsvoering van Opdrachtnemer én niet met het onder (i) bedoelde, komen de daaruit voor Opdrachtnemer voortvloeiende directe en indirecte kosten voor rekening van Opdrachtnemer.

3

Voor de GGD-basistaak Toezicht op de kinderopvang en de GGD-plustaken geldt dat de definitieve vergoeding wordt berekend op basis van de gerealiseerde hoeveelheden en de vooraf bepaalde tarieven (P*Q). Voor de overige taken geldt dat de definitieve vergoeding gelijk is aan de vooraf overeengekomen vergoeding, onder voorbehoud van de toepasselijkheid van de risico-afspraken.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 38

Te verwachten begrotingsoverschrijdingen moeten blijken uit periodieke rapportages die ten minste eenmaal per half jaar door de opdrachtnemer worden verstrekt (art. 6 van de Raamovereenkomst). De inzet daarbij is de oorzaak tijdig te ondervangen en de overschrijding te minimaliseren. De gemeente Den Haag en de GR overleggen over de wijze waarop (c.q. door wie) de kostenoverschrijding wordt gedragen.

Algemene risico’s voor de GR

Aantoonbaar hogere directe en indirecte kosten komen voor rekening van Opdrachtgever GGD & Veilig Thuis Haaglanden als ze verband houden met: o Veranderingen in de GGD & Veilig Thuis Taken of eisen aan de GGD & Veilig Thuis Taken die door externe autoriteiten worden opgelegd o Calamiteiten (bijvoorbeeld uitbraak infectieziekten of maatschappelijke calamiteiten) o Calamiteiten in de bedrijfsvoering van Opdrachtnemer (bijvoorbeeld cyberattack, ICT kosten die niet van tevoren waren te voorzien) o Veranderingen in (de interpretatie van) het fiscale regime dat van toepassing is op een of meer van de GGD & VT taken o Hogere kosten dan voorzien door stijging van de CAO lonen van het Personeel en indien achteraf blijkt dat indexering conform de Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen lager uitvalt dan de consumentenprijsindex zoals door het CBS gepubliceerd o Kosten die voortvloeien uit wijzigingen in het Financieel statuut als bedoeld in artikel 23, lid 3 van de Regeling

Financiële kengetallen

Het BBV (Besluit Begroten en Verantwoorden) schrijft onderstaande financiële kengetallen met toelichting voor zodat een oordeel kan worden gevormd over de financiële gezondheid van de GR. Gewijzigde Jaarrekening Begroting Begroting Financiële kengetallen Begroting 2021 2022 2023 2022 Solvabiliteitsratio 46% 100% 100% 100% Structurele exploitatieruimte

5,15%

0

0

0

Netto schuldquote

-2,39%

-

-

-

Toelichting solvabiliteitsratio Definitie: eigen vermogen (reserves+resultaat) als percentage van het balanstotaal. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de GR in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Een hoger percentage geeft een gunstiger situatie weer. Verklaring waarde: De GR kan alle verplichtingen over 2023 nakomen. Toelichting structurele exploitatieruimte Definitie kengetal: saldo van structurele baten en lasten + saldo van structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves als percentage van de totale baten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Structureel evenwicht komt tot uiting in een structurele exploitatieruimte van 0%. Een hoger percentage geeft een gunstiger situatie weer. Verklaring waarde: Er is sprake van structureel evenwicht. Toelichting netto schuldquote Definitie kengetal: schuldenlast als percentage van eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een lager percentage geeft een gunstiger situatie weer.

Verklaring waarde: De GR GGD en VT Haaglanden heeft nagenoeg geen schulden; op de balans zijn slechts verschuldigde bedragen opgenomen naar aanleiding van de eindafrekening en –verrekening van de gemeente Den Haag. De netto schuldquote van de GR is zeer laag doordat er geen sprake is van investeringen, waardoor de exploitatie niet belast wordt met rentelasten en aflossingen. EMU-saldo Definitie: Het EMU-saldo is het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven van de collectieve sector (Rijk, medeoverheden en sociale fondsen). GR-en zijn, net als andere decentrale overheden, verplicht om hun bijdrage aan het EMU-saldo te presenteren.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 39

Gemeenschappelijke regelingen hebben geen individuele referentiewaarde. Het EMU-saldo van een gemeenschappelijke regeling maakt onderdeel uit van het EMU-saldo van de deelnemende gemeenten. EMU-saldo

Realisatie

Ontwerpbegroting

Gewijzigde begroting

Ontwerpbegroting

2021

2022

2022

2023

Begrotingsresultaat voor mutaties reserves Bij: Afschrijvingen Bij: Toevoegingen aan voorzieningen Af: Investeringen Af: Opbrengsten grondexploitaties Af: Uitgaven tlv voorzieningen Berekend EMU-saldo

2.1.2

2.268 0 0 0 0 0 2.268

0 0 0 0 0 0 0

-310 0 0 0 0 0 -310

Meerjarenraming 2024

20 0 0 0 0 0 20

2025

120 0 0 0 0 0 120

2026

120 0 0 0 0 0 120

120 0 0 0 0 0 120

Weerstandscapaciteit, risico’s en risicobeleid

In deze paragraaf zijn de risico’s die zich voor kunnen doen en die (financiële) impact kunnen hebben op de uitvoering van de taken door GGD en VT in 2023 opgenomen. Voor de risicoschatting wordt gebruik gemaakt van een 5-puntschaal, waarbij ieder risico wordt ingeschaald op een percentage, de gehanteerde schaal is als volgt: <5% Zeer geringe kans 25% Geringe kans 50% Reële kans 75% Waarschijnlijke kans >95% Zeer waarschijnlijke kans De financiële impact is ingeschat op best estimate value, voor zover een inschatting is te maken voor het financiële risico, wanneer een te grote onzekerheid bestaat (bijvoorbeeld omdat de grondslag van het risico nog onbekend is) staat de financiële impact aangeduid met ‘onbekend’. Risicotabel GGD In de onderstaande tabel zijn de risico’s opgenomen zoals geïdentificeerd voor de GGD in de begroting 2023. De geïdentificeerde risico’s worden ondervangen door beheersmaatregelen, waardoor sprake is van een aanvaardbaar restrisico. #

Risico programma regionale GGD-taken

Kans

Financiële impact

Beheersmaatregel/ toelichting

A

Takenpakket Opgelegde veranderingen in takenpakket of eisen aan taken die door externe autoriteiten opgelegd worden en tot aantoonbare verhoging van de kosten leiden

25%

Onbekend

Relevante (landelijke) ontwikkelingen worden gevolgd en waar nodig worden tijdig (financiële) keuzes voorgelegd aan het bestuur van de GR

B

Calamiteiten in de dienstverlening die leiden tot aantoonbaar hogere kosten voor de dienstverlening (uitbraak infectieziekten, maatschappelijke calamiteiten) voor zover deze kosten niet binnen de, in de dienstverlenings-overeenkomst overeengekomen, bandbreedtes vallen Calamiteiten in de bedrijfsvoering die maken dat de kosten aantoonbaar hoger zijn (bijv. cyberattack, ICT kosten die niet van tevoren waren te voorzien) Veranderingen in (de interpretatie van) het fiscale regime

25%

Onbekend

In geval van calamiteiten wordt capaciteit vrijgemaakt door andere taken een andere prioriteit toe te kennen

25%

Onbekend

De GR vraagt aan de opdrachtnemer om hier beheersmaatregelen voor te treffen

< 5%

€0

Geen. Fiscaal regime is bekend. De verwachting is dat deze niet zal wijzigen

C

D

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 40

E

CAO lonen Hogere kosten dan voorzien door stijging van de CAO lonen van het Personeel en indien achteraf blijkt dat indexering conform de Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen lager uitvalt dan de overeengekomen CAO voor de gemeenteambtenaren

50%

€ 130.000 (1% loonsom begroting 2023)

Voor de periode 2023 zal een nieuwe CAO worden afgesloten. De CAOontwikkeling wordt gevolgd en waar nodig worden tijdig keuzes voorgelegd aan het bestuur van de GR

F

Inwonersontwikkeling Een stijging van het aantal inwoners leidt tot extra werkzaamheden. Per 2023 krijgt de GGD hier een gewogen compensatie voor. Deze weging kan te laag uitpakken, waardoor niet alle werkzaamheden verricht kunnen worden.

<5%

€0

Vanaf 2023 vindt jaarlijks gewogen compensatie plaats. Na drie jaar wordt de systematiek geëvalueerd.

G

Vervanging HP-zone De implementatie van GGD Contact zal in 2022 leiden tot de loskoppeling en uitfasering van HPZone Lite. Dat betekent echter dat ook in 2023 nog gebruik zal worden gemaakt van HPZone. Dit systeem is verouderd en voldoet onvoldoende aan de huidige standaarden voor security en privacy waarbij het risico op datalekken, hoewel minder dan bij HPZone Lite, zal blijven bestaan. GGD GHOR heeft het voornemen om met de doorontwikkeling van GGD Contact ook HPZone op termijn, en naar verwachting zal dit pas na 2022 zijn, uit te faseren.

50%

Onbekend

De praktijk wijst uit dat doorontwikkeling van een nieuw systeem onder hoge tijdsdruk leidt tot oplevering van niet altijd goedwerkende functionaliteiten en daaropvolgende herstel patches. Dit verstoort de lopende werkzaamheden. Er is nauw contact met GGD GHOR om dit risico zoveel als mogelijk te beperken. Ook de hoge uitval van het HPZone systeem zorgt voor ongewenste werkonderbrekingen. GGD GHOR neemt hierin het voortouw om deze uitval zoveel mogelijk te beperken door systemen indien mogelijk op te schalen.

Deel 1 Beleidsbegroting

pagina 41

Risicotabel VT In de onderstaande tabel zijn de risico’s opgenomen zoals geïdentificeerd voor Veilig Thuis in de begroting 2023. De geïdentificeerde risico’s worden ondervangen door beheersmaatregelen, waardoor sprake is van een aanvaardbaar restrisico. #

Risico VT

Kans

Financiële impact

A

Takenpakket Opgelegde veranderingen in takenpakket of eisen aan taken die door externe autoriteiten opgelegd worden en tot aantoonbare verhoging van de kosten leiden.

<5%

Onbekend

B

Calamiteiten in de dienstverlening die leiden tot aantoonbaar hogere kosten voor de dienstverlening

25%

€ 20.000 per calamiteit

C

Veranderingen in de bedrijfsvoering die maken dat de kosten aantoonbaar hoger worden: • ICT-migratie naar gemeente Den Haag • Aanpassing van de normtijden

50%

Onbekend

D

Veranderingen in (de interpretatie van) het fiscale regime

<5%

Onbekend

E

CAO lonen Hogere kosten dan voorzien door stijging van de CAO lonen van het Personeel en indien achteraf blijkt dat indexering conform de Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen lager uitvalt dan de consumentenprijsindex zoals door het CBS gepubliceerd

50%

€ 127.000 (1% loonsom begroting 2023)

F

Groei Wanneer de groei uit het verleden (2019: was de groei ca. 22%) weer doorzet t.o.v. geraamd aantal meldingen (9.411 meldingen), kan het uitvoeringsniveau niet meer binnen budgettair kaders worden gerealiseerd Het niet in kunnen vullen van vacatures door krapte op de arbeidsmarkt

25%

ca €74.782 per extra benodigde medeweker (S09, t10)

Berekend bedrag is o.b.v. een full time ingezette maatschappelijk werker (36 uur/week).

50%

Ca. -/- € 74.782 per niet opgevulde vacature (s09, t10)

Wervingsacties, inzet op behoud medewerkers

G

Deel 1 Beleidsbegroting

Beheersmaatregel/ toelichting Er zijn geen aanpassingen van wettelijke kaders en/of het takenpakket van VTH gepland op een manier die tot aantoonbaar hogere kosten zouden kunnen leiden. Eén calamiteit is opgenomen in de begroting van 2023, er is een slechts een geringe kans op meer dan één calamiteit per jaar. In 2022 worden de voorbereidingen voortgezet om de ICTomgeving van VTH te migreren naar de omgeving van gemeente DH. Hier geldt een risico voor de opdrachtnemer op onvoorziene kosten (projectmanagement). Ook worden de normtijden van het Qconsult model in 2022 herzien, deze verandering kan leiden tot aantoonbaar hogere kosten. Er zijn geen veranderingen aangekondigd of ingepland vanuit de overheid, waarmee het fiscale regime zou kunnen worden herzien. Voor de periode 2023 zal een nieuwe CAO worden afgesloten. De CAOontwikkeling wordt gevolgd en waar nodig worden tijdig keuzes voorgelegd aan het bestuur van de GR

pagina 42

2.2

Bedrijfsvoering

2.2.1

Bedrijfsvoering GR

De uitvoeringsorganisaties rapporteren elke vier maanden aan de GR over de voortgang. Hiervan wordt door de GR-ondersteuning een integraal p&c product gemaakt voor het bestuur en de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. De rapportage-componenten zijn: o Voortgang van de taakrealisatie, indien mogelijk met cijfermatige/kwantitatieve indicatoren. o Stand van zaken van de begrotingsrealisatie, risico’s en ontwikkelingen die mogelijk effect hebben op de realisatie binnen de vastgestelde begroting (dreigende overschrijdingen) o Bedrijfsvoeringontwikkelingen Conform het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) worden in de begroting verplichte beleidsindicatoren opgenomen, voor zover relevant. De relevantie indicatoren zijn als volgt: Indicator

Indicator Toelichting Formatie van de GR in FTE per 1000 inwoners. De Directeur Publieke Gezondheid en de Directeur Veilig Thuis zijn onbezoldigde GR0,003 functionarissen met een bezoldigde aanstelling bij de Gemeente Den Haag. De GR-secretaris en GR-controller zijn bezoldigd in dienst bij de GR. Daarnaast heeft de GR secretarieel-administratieve ondersteuning.

Formatie*

Bezetting* Apparaatskosten*

Overhead

Bezetting in FTE per 1000 inwoners. Voor 2023 wordt uitgegaan van 0,003 een bezetting van vaste medewerkers in lijn met de beschikbare formatie. Apparaatskosten per inwoner. Dit is het budget GR-ondersteuning ten € 0,39 opzichte van het totaal aantal inwoners in de regio Haaglanden. % van de totale lasten. De totale lasten overhead zijn voor 2023 naar verwachting € 11,2 miljoen op een lastentotaal van € 34,2 miljoen. 28% Apart berekend voor GGD resp. Veilig Thuis is het overheadpercentage 26% resp. 29%. Er wordt voor 2023 niet ingezet op invulling van formatie middels externe inhuur.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=084037bc-947b-4af5-ba81-a4421baf155c