CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

1938_PlanMER CIDB Deelrapport 2 Ruimtegebruik en verstedelijking - 14juni2022 DEF.pdf

Commissie Omgeving 28 juni 2022, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsbrief: Terinzagelegging Ontwerp Masterplan Bereikbaarheid CID Binckhorst44.996 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Het gaat om een indicatie van de capaciteit, omdat dit uiteindelijk afhangt van de specifieke vormgeving van de fietsroutes en doorstroming op kruispunten. Uit de resultaten van deze figuur is te herleiden dat de maatregelen in het Basispakket Mobiliteit op het gebied van langzaam verkeer zorgen voor een verlaging van de druk op de fietsroutes. Dit geldt voor alle alternatieven, aangezien dezelfde maatregelen zijn voorzien. De toevoeging van nieuwe en verbetering van bestaande fietsverbindingen in en van/naar CID Binckhorst zorgt voor een verbetering in directheid en kwaliteit. Ondanks een (kleine) toename in het fietsgebruik binnen en van/naar CID Binckhorst, worden de omliggende fietsroutes enigszins minder belast. Hiermee dragen de maatregelen in het Basispakket Mobiliteit bij aan de realiseerbaarheid van het verstedelijkingsprogramma. Indicatieve verhouding intensiteit/capaciteit fietsroutes 1,4 1,2 1,0 0,8 0,6 0,4 0,2 0,0

Referentie

Alternatieven

Figuur 2-61 Inzetbereik OV-systemen en aantal reizigers drukste punt Binckhorstlaan (gebaseerd op Goudappel, 2013)

Capaciteit autoverkeer Wat betreft autoverkeer is ook in de mobiliteitsanalyse geconstateerd dat er sprake is van een hoge druk op het autonetwerk in en om CID Binckhorst. Met een aantal maatregelen in de afgelopen jaren is positief bijgedragen aan de bereikbaarheid van CID Binckhorst en meer algemeen Den Haag. Denk hierbij in CID Binckhorst met name aan de gerealiseerde Rotterdamsebaan en Supernovaweg en aanpassingen aan de Binckhorstlaan. Dit onder andere om aan te sluiten op de centrumring (S100) en de A12/Utrechtsebaan te ontlasten 19. Geconstateerd is dat tussen de huidige situatie en referentiesituatie een stijging van de hoeveelheid verkeer is te verwachten. Het wegennet rondom Binckhorst heeft in de referentiesituatie daarbij onvoldoende restcapaciteit om deze groei op te vangen, vooral op het stedelijk wegennet. Dit uit zich onder meer in problemen met de verkeersafwikkeling op verschillende kruispunten, met name de Binckhorstlaan-Supernovaweg, Maanweg, Prinses Mariannelaan-Geestbrugweg en Haagweg.

19

86

In het verkeersmodel is geen rekening gehouden met een eventuele toekomstige aanpassing van het Schenkviaduct.

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

Bij de analyses van de effecten van varianten is een lichte afname van de hoeveelheid autoverkeer te verwachten, door verbetering van voorzieningen voor fiets en OV (zie ook deelrapport 1 Mobiliteit). Daarnaast zijn bij de ontwikkeling van de Binckhorst en in het Basispakket Mobiliteit ontwikkelingen voorzien op gebied van Smart Mobility (algehele bevordering van deel- en MaaS concepten en wijkhubs met verschillende vormen van deelvervoer). Deze afname geldt voor alle varianten en is verspreid over het hele wegennet in en om CID Binckhorst. De afname van het autoverkeer in de varianten is dermate beperkt dat deze niet voor grote veranderingen zorgen. De varianten bieden daarmee geen noemenswaardige ontlasting van de knelpunten). Belangrijk aandachtspunt bij de varianten is wel dat op diverse kruispunten in en rond het gebied Binckhorst de capaciteit voor het autoverkeer wordt verminderd. Dit is vooral een gevolg van minder capaciteit op de kruispunten, door de inpassing van het OV. Het gaat dan enerzijds om benodigde fysieke ruimte voor inpassing van de HOV-baan, waardoor minder opstelcapaciteit voor het autoverkeer beschikbaar is. Anderzijds gaat het om het vaker ‘doorsnijden’ van grote autostromen, doordat het HOV prioriteit krijgt op de kruispunten.

Hiermee kan de conclusie in algemene zin worden getrokken dat de verkeersafwikkeling op het stedelijke wegennet problematisch wordt, waarbij de toevoeging van HOV op specifieke locaties, zonder compenserende maatregelen, voor verdere verslechtering zorgt. Het autonetwerk heeft dan ook onvoldoende capaciteit om extra ruimte te bieden voor het realiseren van het verstedelijkingsprogramma. In lijn met de beoogde mobiliteitstransitie is de verstedelijking vooral afhankelijk van kwaliteit en capaciteit van zowel de fietsvoorzieningen als het openbaar vervoer. Het stedelijk verkeersnetwerk loopt, zonder aanvullend beleid gericht op mobiliteitstransitie, op diverse punten vast.

2.4.7

Kwalitatieve aansluiting maatregelenpakket op verstedelijkingsprogramma

Tabel 2-18 geeft een overzicht van de effecten met betrekking tot het criterium Kwalitatieve aansluiting maatregelenpakket op verstedelijkingsprogramma. Hierbij is gekeken naar de ontwikkelmogelijkheden van naastliggende percelen in de alternatieven. De situatie waarin sprake is van verdere doorkoppeling met de regio (‘doorkijkscenario’ LReg) is niet beoordeeld. Tabel 2-18 Effecten Plan-MER – Kwalitatieve aansluiting maatregelenpakket op verstedelijkingsprogramma Deelgebied

Alternatief

Ref.

3

4

1B

1T

1 1L +1

1L -1

2B

2T

2 2L +1

3B

4T

5B

5 5T

Lekstraat en sporendriehoek

alle

0

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

Binckhorstlaan (Den Haag)

alle

0

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

0

-

-

0

0

-

-

0

-

-

-

-

Binckhorstlaan gebied tussen Mercuriusweg / Supernovaweg en Binckhorstlaan Binckhorstlaan / Trekvlietzone

0

-

-

0

0

-

-

-

-

-

-

Binckhorstbrug

1, 2, 3, 5

0

-

-

--

--

-

-

-

-

-

-

-

Maanweg: Maanhaven

1, 3, 5

0

-

+

-

-

nvt

nvt

nvt

-

nvt

-

+

Maanweg 174, gebouw aan de hoek

1, 3, 5

0

-

0

+

+

0

0

0

-

nvt

-

0

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

--

nvt

nvt

nvt

Melkwegstraat Voorburg station

alle

0

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

+

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

--

--

Eindscore Kwalitatieve aansluiting maatregelenpakket 0 op verstedelijkingsprogramma

-

-

--

--

-

-

-

--

-

--

--

Junopark

Lekstraat (alle alternatieve) De HOV-halte Lekstraat helpt bij de verdere ontwikkeling van het gebied sporendriehoek en kan mogelijk ook een impuls geven bij de herontwikkeling van het Schenkviaduct. Binckhorstlaan (alle alternatieven) De bereikbaarheid van de percelen aan de Binckhorstlaan is bij de bus- en tramvarianten een aandachtspunt bij de verdere inpassing van de HOV-baan op maaiveld. Bij de lightrailvarianten moet de bereikbaarheid van Bink36 mogelijk via een andere route worden ingepast. De HOV-Halte Mercuriusweg heeft in alle alternatieven en varianten een positieve invloed ontwikkeling van NoordWest deelgebied (wonen / werken/ park) en Maakindustrie gebied (impuls voor economische ontwikkeling, creëren van banen). Ook is sprake van een positieve invloed op de bereikbaarheid van nieuwe ontwikkeling B-Proud (toren aan de hoek). Mogelijkheid om parkeernorm te verlagen.

87

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

In variant 4T wordt alleen het HOV-tracé in de Lekstraat en de Binckhorstlaan gerealiseerd. De haltes zijn voorzien in de Lekstraat, nabij de Mercuriusweg en bij station Voorburg. Daarmee is in Binckhorst één halte voorzien. Het gebied Maanweg kan worden ontsloten via de fiets naar deze halte danwel naar station Voorburg Binckhorstlaan gebied tussen Mercuriusweg / Supernovaweg en Binckhorstlaan In de bus- en tramvarianten zijn de percelen langs de HOV-baan door de maaiveldligging niet meer bereikbaar. Een aandachtspunt bij de inpassing van de HOV-baan is daarmee de bereikbaarheid van de percelen direct aan de Binckhorstlaan. Vanuit de stedenbouwkundige ontwikkeling is het wenselijk om de bouwblokken zoveel mogelijk via de achterzijde te ontsluiten. Dit sluit aan bij het uitgangspunt om geen perceelsaansluitingen te laten kruisen met de HOV-baan. Het is de vraag of dit voor alle percelen haalbaar is, in ieder geval in de tijdelijke situatie vooruitlopend op verdere ontwikkeling van het gebied. In het bijzonder is hier de bereikbaarheid van het tankstation te benoemen. Dit vergt een nadere uitwerking voor een nieuwe ontsluiting bij de verdere inpassing van het HOV (bijv. ontsluiting via de achterzijde). Dit is negatief beoordeeld (-). Bij de lightrailvarianten blijven de percelen en het tankstation bereikbaar (0).

Binckhorstlaan, Trekvlietzone In alle bus- en tramvarianten heeft de HOV-halte Zonweg in de Binckhorstlaan een positieve invloed op de ontwikkelingen in de Trekvlietzone. Ook is sprake van invloed op de mogelijke ontwikkeling aan de kant van Binckhaven waardoor de ruimtelijke scheiding met een HOV-baan in de Binckhorstlaan wordt vergroot (-). Dit kan een extra reden zijn om in het kader van de verstedelijking ook een nieuwe brug tussen Saturnuskade en Binckhorstlaan te maken. Bij de lightrailvarianten 1L en 2L gaan bewoners van de Trekvlietzone naar de haltes Mercuriusweg en Maanweg (en steken de Binckhorstlaan over), de HOV-baan kan onderlangs gepasseerd worden (0). Binckhorstbrug Bij de bus en tramvarianten en variant 2L is meer breedte nodig voor de brug en aanlanding (-). Het ontwikkelen van de kavel met Dana Petroleum is wel mogelijk. Bij variant 1L beperken de benodigde boogstralen voor de bocht in de lightrail de maat van het naastgelegen perceel. De ontwikkeling van de kavel van Dana Petroleum is niet meer mogelijk, dit vergt een aanpassing van de Visie Maanweg. (- -). Maanweg, Maanhaven De verharding van de busbaan aan de Maanweg om de varianten 1B, 3B en 5B maakt het straatprofiel minder groen, dit past niet goed bij de Visie Maanweg en kan een negatief effect hebben om de ontwikkeling van de Maanhaven (gebied met mogelijke 1000 woningen).

De HOV-bushalte Maanweg in de varianten 1B en 5B en de HOV-Halte Melkwegstraat heeft een positieve invloed om de ontwikkeling van Maanhaven. De verbinding van de toekomstige woningen en CID met de HOV-bus is iets beter dan bestaande buslijn. De busvarianten zijn beoordeeld als negatief (-). De tramvarianten passen bij het document Visie Maanweg. Ook hier heeft de HOV-halte Maanweg een positieve invloed om de ontwikkeling van Maanhaven en zorgt voor een betere verbinding toekomstige woningen en CID (+). De lightrailvariant 1L ligt op enige afstand van de percelen, echter de hoge ligging heeft mogelijk impact op bouwlagen die als woningen geprogrammeerd kunnen worden. Net als bij de tram heeft de HOV-halte Maanweg een positieve invloed om de ontwikkeling van Maanhaven en zorgt voor een betere verbinding toekomstige woningen en CID. De bereikbaarheid van de halte op 100 tot 200 meter van de Binckhorstlaan is minder gunstig. Optie is een halte (net als bij de bus en tramvarianten van alternatief 1 en 5) ter hoogte van de Melkwegstraat of als tweede halte in de Binckhorstlaan te leggen. Variant 1L is beoordeeld als negatief (-). Maanweg 174, gebouw aan de hoek In de busvarianten 1B, 3B en 5B zorgt de verharde busbaan in de Maanweg voor een grotere ruimtelijke scheiding tussen de Binckhorst en station Voorburg (-). Variant 2B ligt de tunnelbak langs het gebouw.

Dit zorgt voor extra verharding maar niet voor een grotere ruimtelijke scheiding vanwege de bundeling met het spoor en de A12 (0). De tramvarianten 1T en 5T hebben door de groene afwerking geen effect (0). Variant 2T ligt in een tunnelbak langs gebouw wat zorgt voor extra verharding maar niet voor een grotere ruimtelijke scheiding vanwege de bundeling met het spoor en de A12 (0). In variant 1L kan het stedelijke karakter van de lightrail een entree van Binckhorst vormen. Mogelijke impuls voor herinrichting van gebouw Maanweg 174 (+). In variant 2L ligt de lightrail parallel aan het spoor en de A12, dit maakt dat de infrabundel groter wordt en niet als entree wordt gezien (0). Melkwegstraat Voor de verdere uitwerking van variant 3B is het van belang om een stedenbouwkundige visie te ontwikkelen op de OV-structuur, de betekenis voor de stedenbouwkundige structuren in Binckhorst en de vertaling hiervan naar de eisen aan het dwarsprofiel en inrichting. 88

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

In het noordelijk deel van de Melkwegstraat moeten de aanliggende percelen aan de westzijde (direct langs de busbaan) worden ontsloten via de Zonweg en de Saturnusstraat. In de Melkwegstraat is binnen de kaders van het Omgevingsplan Binckhorst een aantal bouwplannen in ontwikkeling, zoals de OneMilkyway en Frank is een Binck. De HOV-baan is weliswaar in te passen buiten de percelen van deze bouwplannen, er is echter geen ruimte voor een trottoir aan de westzijde. De HOV-bussen rijden daarmee vlak langs het gebouw en het gebouw is niet toegankelijk vanaf die zijde (terwijl daar in het bouwplan wel vanuit gegaan is). De garage voor autoverkeer is bereikbaar vanaf de Saturnusstraat. Variant 3B is beoordeeld als zeer negatief (- -). Voorburg station In alle alternatieven verbindt de HOV-halte dit deel van Voorburg beter en sneller met CID. Dit biedt mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen rondom het station, het verbeteren van de sociale veiligheid en het toevoegen van voorzieningen. Alle varianten zijn beoordeeld als positief (+) Junopark Alternatief 5 heeft ter hoogte van de Jupiterkade impact op de ontwikkeling van het bouwplan Junopark, het gaat ten koste van ontwikkelruimte op de kade. Bij verdere uitwerking van een variant via deze route moet de ruimtelijke inpassing nader onderzocht worden.

In het gebiedspaspoort is voor de kade een nadruk op het ‘verblijven’ voorzien met een wandelroute en groen en een rijbaan voor auto- en fietsverkeer. Met de inpassing van de HOV-baan gaat dat karakter van de kade grotendeels verloren. Met een HOV-baan in het midden van de kade is er aan beide zijden een ruimte van ongeveer 5 meter over voor trottoir c.q. kade. Alternatief 5 is beoordeeld als zeer negatief (- -).

2.5

Mitigerende en compenserende maatregelen

Wijkgroen • Lightrail met verhoogde ligging: In de planuitwerkingsfase kan nader onderzoek uitwijzen op welke wijze ruimte voor groen en (eventueel iets kleinere) bomen mogelijk is. • Lekstraat: inpassing van nieuwe aanplant is mogelijk. De score voor dit deelgebied wijzigt daarmee in neutraal (0). • Binckhorstlaan (Den Haag): in het profiel van de Binckhorstlaan met de HOV-baan kan beplanting worden ingepast in alle alternatieven. Aan beide zijden van de HOV-baan is ruimte voor een groenstrook met bomen. De score voor deze deelgebieden wijzigt daarmee in neutraal (0). • Binckhorstlaan (Voorburg): er is geen mitigatie mogelijk van de bomen die in de middenberm als gevolg van de HOV-baan moeten wijken in alternatief 1 t/m 4. • Zonweg: – Het profiel biedt bij de bus en tram ruimte voor de inpassing van bomen tussen de HOV-baan en het trottoir/fietspad. Ook is het mogelijk om een andere ligging van de fietspaden te kiezen, waarbij meer bomen behouden blijven. De score wijzigt daarmee in variant 2B en 2T van sterk negatief naar neutraal. In de lightrail betreft het lage beplanting onder de railconstructie. De score wijzigt daarmee in variant 2L van sterk negatief naar negatief.

– Om de bestaande bomen te behouden kan in de varianten 2B en 2T van alternatief 2 gekozen worden voor een iets andere opbouw van het dwarsprofiel, bijvoorbeeld door de fietspaden tegen de rijbaan aan te leggen (groenstrook en fietspad verwisselen). • Maanweg: – Belangrijk vraagstuk voor de inpassing van de HOV-baan in het profiel van de Maanweg is op welke wijze de groenzone (ecologische verbindingszone) zoveel mogelijk ontzien kan worden. In de busvarianten (1B en deels 3B) is om die reden een smaller wegprofiel toegepast ten opzichte van de tramvarianten (1T en 5T) en lightrailvariant (1L). Dit is ook de voorkeur voor de tram- en lightrailvarianten om aantasting te beperken. Een andere optie is om de gevellijn (op de begane grond) naar achteren te leggen, vanuit stedenbouwkundig oogpunt is deze optie minder wenselijk. De aantasting moet gecompenseerd worden. – Bij nadere uitwerking in de vervolgfase is een afweging om de halte in de Maanweg bij alternatief 1 en 5 en het kruispunt Melkwegstraat verder uit elkaar te liggen. Door het verplaatsen van de halte is mogelijk een smallere strook van de groenzone nodig (maar wel over grotere lengte). • Broekslootkade: De HOV-baan gaat in alternatief 5 ten koste van de groene zone en de bomen aan de noordzijde van de watergang. Bij variant 5T gaat dit ook ten koste van de groenstrook aan de zuidzijde van de watergang.

In het profiel is geen ruimte voor nieuwe aanplant. De aantasting moet gecompenseerd worden. • Stationsplein Voorburg: in variant 4T moet nader bekeken worden of de bestaande bomen gehandhaafd kunnen blijven. Bij behoud wijzigt de score voor dit deelgebied in neutraal (0).

89

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

Barrièrewerking / oversteekbaarheid • Aanlanding station Voorburg: Een mogelijke optimalisatie in de varianten 1T, 2T en 5T is een tramhalte aan de noordwestzijde van de Prinses Mariannelaan in plaats van op het stationsplein. Hier is ook een perrontoegang van het NS station Voorburg. Het kruisen van de Prinses Mariannelaan met een trambaan is dan niet nodig en er is meer ruimte voor de kruiswissel nabij de halte. Nadeel is dat de tramhalte verder van de overige stationsvoorzieningen afligt. Deze optimalisatie kan in een vervolgfase nader worden onderzocht, onder andere naar de capaciteit van de perrontoegang van het station. • Binckhorstlaan (Voorburg): in de alternatieven 1 t/m 4 worden door de HOV-baan in een middenligging de aantakkende straten (Overburgkade, Corbulokade, Flaviusstraat en Paradijsstraat) minder goed bereikbaar omdat verkeer van/naar de zijstraten de HOV-baan niet kan kruisen. Hierdoor zijn deze straten bij de Binckhorstlaan slechts in één richting te benaderen en verlaten. In de planuitwerkingsfase zal opnieuw naar de verkeersstructuur van de omliggende wijken worden gekeken (herziening routering) om de bereikbaarheid van deze straten te borgen. • Maanweg: In de variant 1L-1 wordt de Westenburgstraat waarschijnlijk afgesloten. Verkeer tussen Voorburg en de aansluiting op de A12 moet dan via de Prinses Mariannelaan en Laan van Nieuw Oosteinde omrijden.

Eventueel kan dit voorkomen worden door de hellingbaan verder in de Maanweg te leggen, zodat de Westenburgstraat ondergronds gekruist wordt. De Westenburgstraat kan dan aangesloten blijven op de Maanweg. Dit vraagt om een langere tunnel. • Zonweg: In variant 2B en 2T worden 3 zijwegen afgesloten van de Zonweg. Het is te overwegen om één aantakking te behouden (bijvoorbeeld Zuiderkroonstraat) voor de ontsluiting van het gebied vanaf de Zonweg, mits deze beveiligd wordt. Te slopen panden • Zonweg: Voor alternatief 2 en 3 geldt dat afstand tussen de huidige bebouwing aan beide zijden van de Zonweg (net) voldoende is om ook zonder sloop van gebouwen een HOV-tracé in te kunnen passen. Bij deze optie betekent dit dat er geen ruimte is voor een groene structuur met bomenlaan en vrijliggende fietspaden. Tevens zal in dat geval een deel van de grote kabels en leidingen verplaatst moeten worden om te voorkomen dat de HOV-baan hierboven komt. Verlies parkeergelegenheid • Prinses Mariannelaan (west) en Geestbrugweg: – Mogelijkheden zoeken naar realiseren van parkeerruimte elders in de wijk. – In de bus- en tramvarianten is met een smaller trottoir bij de halte in de Prinses Mariannelaan het mogelijk om de parkeerplaatsen eventueel terug te brengen. – Bij de busvarianten is te overwegen om de tramsporen te verwijderen.

De ligging van de bestaande tramsporen is sterk sturend voor de inpassing van de bushaltes. Door verwijdering van de sporen is er meer ruimte en flexibiliteit voor inpassing van de bushaltes met behoud van kwaliteit voor de omgeving en parkeergelegenheid terug te brengen. – In de bus en tramvarianten is het, vanwege de krappe mogelijkheden voor inpassing van de haltes nabij de Haagweg, een optie om de halte in de Haagweg te situeren in plaats van de Geestbrugweg om de parkeergelegenheid in de Geestbrugweg op deze locatie te behouden. Er is echter in de Haagweg vergelijkbare beperkte inpassingsruimte als in de Geestbrugweg.

90

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

Tabel 2-19 Effecten Plan-MER – Wijkgroen na mitigatie (score zonder mitigatie staat tussen haakjes) Deelgebied

Alternatief

3

4

1B

1T

1L +1

1L -1

2B

2T

2L +1

3B

4T

5B

5T

0

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0 (-)

0

-

(- -)

(- -)

(- -)

0

0

0

-

0

-

(- -)

0

--

(- -)

(- -)

--

--

(- -)

(- -)

--

nvt

--

(- -)

2, 3

0

nvt

nvt

nvt

nvt

0 (- -)

0 (- -)

(- -)

0 (- -)

nvt

nvt

nvt

Regulusweg

2

0

nvt

nvt

nvt

nvt

--

--

0

-

nvt

nvt

nvt

Melkwegstraat

3

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

--

nvt

nvt

nvt

Lus Voorburg - Prinses Mariannelaan – oost

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

0

nvt

nvt

Lus Voorburg - Laan van Middenburg

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

0

nvt

nvt

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

0

nvt

nvt

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

0 (-)

nvt

nvt

0

--

-

--

--

--

-

--

--

-

nvt

nvt

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

nvt

nvt

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

nvt

nvt

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

-

-

0

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

--

--

0

--

(- -)

(- -)

--

--

(- -)

(- -)

--

-

--

--

Lekstraat

alle

Binckhorstlaan (Noord)

alle

Binckhorstlaan (Midden)

alle

Maanweg

1, 2, 3, 5

Opa’s veldje

1, 2, 3, 5

Zonweg

4

Lus Voorburg - Westeinde Lus Voorburg - Stationsplein Binckhorstlaan (Zuid) Prinses Mariannelaan – west

1 t/m 4

Geestbrugweg Jupiterkade

5

Broekslootkade

Totale score wijkgroen na mitigatie

2.6

Ref.

1

2

5

2040 L Reg

--

Leemten in kennis

Voor de aspecten ruimtegebruik en verstedelijking zijn de volgende leemten geconstateerd: •

•

91

Voor alle alternatieven geldt dat het niet bekend wat de exacte invulling van het omliggende gebied wordt, wel zijn diverse kaders bekend waaraan de ontwikkelingen moeten voldoen. In de beoordeling is rekening gehouden met de nu bekende ruimtelijke plannen ten aanzien van de verstedelijksopgave in CID Binckhorst. De orde van grootte van effecten is hiermee wel aan te geven. Vanuit de voorgenomen herinrichting van het gebied wordt ook voorzien in nieuwe beplanting en mogelijke aanpassing/amoveren van aanwezige panden als gevolg van herinrichting. Bij te slopen panden en aantasting wijkgroen is worst-case uitgegaan van de aanwezige panden.

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

3

Conclusies

In tabel 3-1 zijn de effectscores voor de aspecten ruimtegebruik en verstedelijking samengevat. Uit de tabel volgt dat de varianten voor verlies aan parkeerplaatsen en kwalitatieve aansluiting maatregelenpakket op naastliggende percelen niet onderscheidend zijn. Voor wijkgroen, te slopen panden, ruimtelijke kwaliteit en realiseerbaarheid van het verstedelijkingsprogramma verschillen de scores tussen de varianten. Na de tabel volgt voor de alternatieven in het plangebied per aspect een samenvatting van de effecten. Tabel 3-1 Overzicht effecten m.b.t. de leefomgeving – aspecten ruimtegebruik en verstedelijking Aspect

Criterium (indicator)

Ruimtegebruik

Verstedelijking

Ref.

3

4

1B

1T

1 1L +1

1L -1

2B

2T

2 2L +1

3B

4T

5B

5 5T

2040 L Reg

Wijkgroen

0

--

--

--

--

--

--

--

--

-

--

--

--

Barrièrewerking, oversteekbaarheid

0

-

-

--

--

-

-

-

-

-

--

--

nb

Te slopen panden

0

-

-

-

-

--

--

--

--

-

-

-

nb

Verlies parkeerplaatsen

0

--

--

--

--

--

--

--

--

--

--

--

nb

Ruimtelijke kwaliteit

0

--

-

--

--

--

-

--

--

-

--

--

nb

Realiseerbaarheid van het verstedelijkingsprogramma (capaciteit verkeersnetwerk)

0

+

++

++

++

+

++

++

+

++

+

++

++

Kwalitatieve aansluiting maatregelenpakket: ontwikkelmogelijkheden naastliggende percelen

0

-

-

--

--

-

-

-

--

-

--

--

nb

Alternatieven in plangebied (lokaal) Ruimtegebruik Wijkgroen In alle alternatieven is sprake van ruimtebeslag op het aanwezige groen in de wijk, deels kan dit worden gemitigeerd. Alternatief 5 (5B en 5T) gevolgd door variant 1L tasten wijkgroen het meest aan en alternatief 4 het minst. Variant 4T scoort iets gunstiger op wijkgroen ten opzichte van de andere alternatieven omdat de HOV-baan (en daarmee ook de aantasting) korter is dan de andere alternatieven. In de lus Voorburg rijdt de tram met het verkeer mee en is de aantasting van wijkgroen minimaal. De busvarianten zijn ten opzichte van de tramvarianten iets negatiever vanwege de geheel verharde HOV-baan waar bij een railoplossing op maaiveld grasafwerking voorzien is op meerdere delen. • In alle alternatieven is sprake van ruimtebeslag op groen langs de Lekstraat en Binckhorstlaan, dit is niet onderscheidend. Voor dit traject geldt dat er voldoende ruimte is voor herplant van bomen. • Voor de route naar Voorburg geldt dat de alternatieven vanaf de Zonweg verschillende tracés kennen: – Alternatief 1, deels 3 en 5 volgen het tracé langs de Maanweg. Langs de Maanweg is bij de bus een smaller profiel toegepast met versmalling van het voetpad en groenstrook langs het fietspad (in totaal circa 2,8 m smaller) waardoor de groenstrook met veel bomen (tevens ecologische verbindingszone) zoveel mogelijk wordt ontzien.

Dit profiel kan ook bij de tram en lightrail worden toegepast. – Alternatief 2 en 3 en buigen af bij de Zonweg. In de Zonweg is sprake van aantasting van de aanwezige bomen, waarbij in de eindsituatie wel kan worden voorzien in nieuwe bomen. Met een optimalisatie van het profiel is mogelijk ook deels behoud van bomen mogelijk. – Alternatief 2 loopt verder via de Regulusweg. Bij de busvariant 2B en tramvariant 2T is er permanente aantasting van de bomen langs de Regulusweg (circa 17 bomen), herplant is hier gezien de beperkte ruimte niet mogelijk. De lightrail 2L ligt in het spoortalud en heeft deze aantasting niet. – In alternatief 3 buigt de busbaan (3T) in de Zonweg af naar de Melkwegstraat. Hier is door de beperkte ruimte sprake van permanente aantasting van de bomen die in het trottoir staan (rond de 40 bomen). Er is in de eindsituatie geen ruimte voor nieuwe bomen. – In alternatief 4 loopt het tracé via de Voorburgse Binckhorstlaan en de Prinses Mariannelaan met een lus door Voorburg. In dit deel van de Binckhorstlaan is sprake van permanente aantasting van de bomen in de middenberm, er is geen ruimte voor nieuwe bomen. Variant 4T scoort iets gunstiger op wijkgroen ten opzichte van de andere alternatieven omdat de HOV-baan (en daarmee ook de aantasting) korter is dan de andere alternatieven.

– Alternatieven 1, 2, 3 en 5 lopen allen langs opa’s veldje wat leidt tot aantasting van het groen in danwel langs het spoortalud. Met inpassing is het wel mogelijk om dit deels te mitigeren (vervolgfase). De lightrailvarianten 1L en 2L liggen in het spoortalud en hebben aantasting van het groen in het spoortalud, variant 2L ligt daarbij iets dichter op het bestaande spoor. De bus- en tramvarianten van alternatief 1, 2, 3 en 5 overlappen deel met de Huygenstraverse en de bestaande bomenrijen die daarin aanwezig zijn. De varianten 2B en 2T liggen in een tunnelbak.

92

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

•

Voor de route naar Rijswijk/Delft geldt dat de alternatieven twee routes kennen, als bus of tramverbinding: – In alternatieven 1 t/m 4 loopt het tracé via het Voorburgse deel van de Binckhorstlaan, de Prinses Mariannelaan (west) en de Geestbrugweg. Hierbij is in de Binckhorstlaan sprake van permanente aantasting van de bomen in de middenberm vanwege de aanleg van een HOV-baan, er is geen ruimte voor nieuwe bomen. In variant 1L gaat de hellingbaan ook (permanent) ten koste van één bomenrij in het trottoir, deze variant is daarmee het meest negatief. In de Prinses Mariannelaan en de Geestbrugweg rijdt het HOV met het verkeer mee en is ook sprake van aantasting van wijkgroen. Bij de busvariant (1B, 2B en 3B) gaat het om circa 10 bomen (8 in de Geestbrugweg en 2 in de Prinses Mariannelaan) en bij de tramvariant (1T, 2T en 4T) om circa 11 bomen (3 in de Geestbrugweg en 8 in de Prinses Mariannelaan) – In alternatief 5 loopt het tracé met een vrijliggende HOV-baan via de Jupiterkade en de Broekslootkade. Dit gaat ten koste van enige bestaande beplanting op de Jupiterkade en heeft impact op het beoogde groene wensbeeld dat niet mogelijk is. In de Broekslootkade is sprake van permanente aantasting van de noordelijke groenstrook (tevens stedelijke ecologische verbindingszone) langs Broeksloot met veel bomen (bij de tram rond de 50 bomen en bij de bus rond de 40 bomen).

Het ruimtebeslag op de groenstrook langs de Broekslootkade is bij variant 5T circa 4.000 m2 en bij variant 5B circa 2.400 m2. In de tramvariant betreft dit deels ook de groenstrook langs de zuidzijde van de Broeksloot.

Barrièrewerking, oversteekbaarheid Bij alle alternatieven geldt dat de aanwezige autoinfrastructuur grotendeels sturend is voor de barrièrewerking. De ‘fysieke’ oversteekbaarheid voor langzaam verkeer (fietsers en voetgangers) wijzigt ten opzichte van de referentiesituatie op een aantal locaties, dit geldt vooral voor de HOV-verbinding naar Rijswijk/Delft. In de alternatieven 1 t/m 4 heeft het HOV-tracé in de middenberm van de Binckhorstlaan in Voorburg impact op de oversteekbaarheid en doorsteken van zijwegen. Variant 1L met een hellingbaan is daarmee het negatiefst. In alternatief 5 zorgt de HOVbaan in de Jupiterkade en Broekslootkade voor barrièrewerking, dit is ook zeer negatief beoordeeld. In alternatief 3 is in de Melkwegstraat sprake van barrièrewerking door de inpassing van de busbaan en minder ruimte voor voetgangers en fietsers, de HOV-baan is van invloed op de bereikbaarheid van bouwplannen. De varianten 1L, 5B en 5T zijn daarmee negatiever beoordeeld dan de overige varianten. Te slopen panden In alle alternatieven is sprake van ruimtebeslag op bestaande panden. Binnen de alternatieven zijn afhankelijk van het HOV-type kleine verschillen te zien, dit is niet van invloed op de beoordeling.

Alternatief 2 en 3 hebben met circa 30 te slopen panden de grootste impact op bestaande panden en zijn daarmee negatiever beoordeeld dan de overige alternatieven waar sprake is van circa 20 te slopen panden. Verlies parkeerplaatsen In alle alternatieven is sprake van een aanzienlijk aantal te verwijderen parkeerplaatsen. Voor de straten in de Binckhorst zelf geldt dat in de stedenbouwkundige visie parkeren op straat zoveel mogelijk wordt beperkt. Door nieuwbouw met parkeergelegenheid op eigen terrein (POET) vervalt de behoefte aan parkeren op openbare weg. In de straten in Voorburg en Rijswijk is weinig tot geen ruimte beschikbaar om te verwijderen parkeerplaatsen te compenseren. Alle alternatieven zijn om die reden zeer negatief beoordeeld. Het exacte aantal verloren parkeerplaatsen is afhankelijk van het uiteindelijke inpassingsplan (uit te werken in de volgende fase, de planuitwerking). Bevindingen voor een aantal deelgebieden waar lokaal wel sprake is van onderscheid tussen de varianten: •

•

93

Binckhorstlaan (Voorburg, alternatief 1 t/m 4): – In de busvarianten 1B, 2B en 3B en tramvarianten (1T, 2T en 4T en ook 2L) vervallen alle parkeerplaatsen langs de oostzijde van Binckhorstlaan over een afstand van circa 100 meter. Bij aanpassing van het kruispunt met de Prinses Mariannelaan vervallen bij de tramvarianten ook een aantal parkeerplaatsen. – In variant 1L vervallen als gevolg van de HOV-baan op een hellingbaan alle parkeerplaatsen in de Binckhorstlaan, aan beide zijden van de weg. Ook bij de aanpassing van het kruispunt met de Prinses Mariannelaan vervallen een aantal parkeerplaatsen. Deze variant is daarmee het meest negatief. Prinses Mariannelaan (west) en Geestbrugweg (alternatief 1 t/m 4) – In de busvarianten 1B, 2B en 3B geldt dat voor de aanpassing van drie bestaande bushaltes nabij de Geestbrug en Haagweg (verbreding perron) ten koste gaat van circa 8 parkeerplaatsen in de Prinses Mariannelaan en circa 15 parkeerplaatsen in de Geestbrugweg. – In de tramvarianten 1T, 2T en 4T geldt dat de haltes aan weerzijden van de Geestbrug wordt verplaatst naar de andere zijde van de weg. De 18 parkeerplaatsen langs de zuidzijde van de Prinses Mariannelaan worden daarbij aangepast tot langsparkeren (i.p.v. schuinparkeren). Dit gaat ten koste van een aantal parkeerplaatsen.

In de Geestbrugweg gaan circa 14 schuinparkeren en 2 parkeerplaatsen in de Penninglaan verloren bij de inpassing van de halte aan de noordzijde van de weg. De inpassing van de tramhalte en aanpassing sporen nabij de Haagweg gaat ten koste van circa 7 parkeerplaatsen.

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

•

•

Prinses Mariannelaan (oost) en station Voorburg (alternatief 4) – De aanpassing van de halte Diaconessenhuis in variant 4T gaat ten koste van circa 9 parkeerplaatsen en de nieuwe tramhalte bij het stationsplein Voorburg tussen de bestaande tramsporen en de rijbaan gaat ten koste van circa 16 parkeerplaatsen en een deel van een parkeerplaats voor bussen. Broekslootkade (alternatief 5) – In beide alternatieven gaat de HOV-baan ten koste van de parkeerplaatsen langs de noordzijde van de Broeksloot over een afstand van circa 215 meter (inschatting circa 35 parkeerplaatsen).

Ruimtelijke kwaliteit De beoordeling van de ruimtelijke kwaliteit is gebaseerd op de verandering van de kwaliteit van de openbare ruimte als gevolg van een HOV-baan (belevingswaarde en gebruikswaarde), kwaliteit groen, Continuïteit vormgeving HOV en relatie tot bebouwing. •

•

•

•

Voor de kwaliteit van de openbare ruimte zijn in het algemeen de tramvarianten gunstiger dan de busvarianten omdat bij een busbaan het verhard oppervlak wordt vergroot. In de tram- en lightrailvarianten zijn er meer mogelijkheden voor de kwalitatieve inrichting van de straat ten opzichte van de busvarianten. Varianten 1T en 2T tasten de openbare ruimte het minst aan waar alternatief 5 (5B en 5T) en de variant 1L heel zichtbaar zijn vanwege de (zware) infrastructurele constructies. In variant 1L en alternatief 5 komt dat vooral doordat de HOV-baan door een bestaande rustige woonwijk loopt met constructies (hellingbaan in de Binckhorstlaan en hellingbanen met hefbrug in de route via de Jupiterkade/Broekslootkade). Dit past niet goed bij de plannen voor dit gebied. Variant 4T is met name negatief in Voorburg maar heeft minder effecten in de Binckhorst. In de vervolgfase is bij de uitwerking van het voorkeursalternatief verdere inpassing noodzakelijk om effecten te beperken en binnen de beoogde visies kwalitatief in te passen. Bij kwaliteit groen is beoordeeld of het huidige karakter van het groen danwel het lokaal beoogd beleid voor groen met een hoogfrequente HOV-verbinding wordt versterkt of juist niet. Alternatief 5 en de lightrailvarianten scoren hierop zeer negatief (- -), de overige varianten zijn beoordeeld als negatief (-).

In alternatief 5 wordt naast de groenstrook (stedelijke ecologische verbindingszonde (EVZ) Laakzone) in de Maanweg ook de groenstrook (eveneens EVZ Laakzone) in de Broekslootkade aangetast. De groene afwerking van de trambaan helpt om het groene beeld van deze verbinding te behouden, dit leidt echter niet tot een minder negatieve score ten opzichte van een busbaan. In de lightrail gaan de hellingen in de Binckhorstlaan (Voorburg) in 1L en in de Binckhortslaan na de Zonweg ten koste van groen en beleidsplannen. In de overige varianten zijn er negatieve effecten te zien in de Maanweg, Opa’s veldje, Zonweg en Regulusweg. Vanuit oogpunt continuïteit in vormgeving op systeemniveau zijn de lightrailvarianten en alternatief 5 zeer negatief beoordeeld (o.a. hellingbanen en tevens hefbrug bij alternatief 5) en busvarianten neutraal. Voor de lightrail geldt dat met een zorgvuldig en modern/innovatief ontwerp het wel mogelijk is om een positieve impact (met groen karakter) te krijgen. De tramvarianten 1T en 2T zijn positief beoordeeld omdat de tram in Den Haag reeds een dominant onderdeel is van het bestaande OV-netwerk. Qua beeld en ervaring sluit een tram in de CID Binckhorst daarmee goed op dit systeem. Variant 4T ligt in Voorburg in een gebied waar dit minder past en is neutraal beoordeeld.

Voor de relatie tot bebouwing (beleving HOV-baan) zijn de bus- en tramvarianten van alternatief 1 en 2 en variant 4T minder negatief beoordeeld dan de lightrailvarianten (1L en 2L), variant 3B en alternatief 5. In de varianten 1L, 2L, 3B en alternatief ligt de HOV-baan dicht bij de gebouwen, dit maakt het moeilijker om een kwalitatief betere ruimte te maken voor woningen. Ook hiervoor geldt dat de hellingbanen in variant 1L en alternatief 5 voor de verbinding met Rijswijk/Delft een verslechtering zijn voor de bestaande (lage) bebouwing. Bij de lightrailvarianten 1L en 2L is sprake van een verlies van kwaliteit voor de functies die op de hoogte van de lightrail liggen, vooral voor woningen is dit slechter. De verhoogde lightrailvarianten zijn ook bij Opa’s veldje vanwege de zichtbaarheid negatiever beoordeeld dan de bus- en tramvarianten.

Realiseerbaarheid van het verstedelijkingsprogramma (capaciteit verkeersnetwerk). Alle alternatieven genereren grofweg hetzelfde aantal verplaatsingen van en naar CID Binckhorst. Dit verschilt niet veel van het aantal verplaatsingen in de referentiesituatie. De mensen die van of naar het gebied willen reizen, kunnen dat over het algemeen ook. Er zijn goede alternatieven voor de auto nodig en het autonetwerk moet anders vormgegeven worden om bereikbaarheid en leefbaarheid in de stad te borgen. Het systeem moet voldoende capaciteit hebben en de stromen op een efficiënte manier verdelen. •

94

Capaciteit OV: De verschillende HOV-typen hebben een andere capaciteit, waardoor zij ook in verschillende mate kunnen bijdragen aan de verstedelijking. Er is gekeken naar zowel de OV-capaciteit die aan het OV-systeem wordt toegevoegd als de mate waarin daar daadwerkelijk gebruik van wordt gemaakt (o.b.v. bezettingspercentage). In de resultaten zijn vergelijkbare resultaten te zien voor elk OV-systeem, respectievelijk de busvarianten, de tram- en lightrailvarianten: – Bij de tram- en lightrailvarianten is sprake van een aanzienlijk capaciteitsvergroting, aangezien zowel de zitcapaciteit van de voertuigen groter is (158 zitplaatsen) als de frequentie toeneemt. Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

•

•

Hierbij is bovendien te zien dat de toegevoegde capaciteit ook goed gebruikt wordt. Wel valt op dat er hierbij een ongelijke verdeling is te zien in de tak naar Rijswijk (ongeveer 130% bezet) en de tak naar Voorburg (ongeveer 35%). Op de verbinding tussen Binckhorst en Den Haag resulteert dit in een goede bezetting van iets meer dan 80%. – De maximale bezettingsgraad in de busvarianten blijft beperkt tot ongeveer 60% van de capaciteit en buslijn 26 wordt minder belast. Alle OV-systemen zijn voldoende in staat om de hoeveelheid reizigers te vervoeren. Bij alle varianten valt het aantal verwachte reizigers binnen de bandbreedte van de geschiktheid van het betreffende OV-systeem. Varianten met tram of lightrail geven het meest invulling aan de latente vervoersvraag voor openbaar vervoer vanuit het gebied (++). De bijdrage van variant met HOV-bus is hierin minder groot (+). Alle varianten dragen daarmee bij aan het verstedelijkingsprogramma. Capaciteit fietsverkeer: In de omgeving van de CID Binckhorst wordt in de referentiesituatie uitgegaan van het aantrekkelijker maken van diverse fietsroutes in het kader van Ruim baan voor de Fiets. In zowel de referentiesituatie als bij de alternatieven is sprake van een hoge belasting van het fietsnetwerk.

De maatregelen in het Basispakket Mobiliteit zoals voorzien in alle alternatieven op het gebied van langzaam verkeer zorgen voor een verlaging van de druk op de fietsroutes, door extra verbindingen (zoals Waldorpstraat-Parallelweg). De toevoeging van nieuwe en verbetering van bestaande fietsverbindingen in en van/naar CID Binckhorst zorgt voor een verbetering in directheid en kwaliteit. Ondanks een (kleine) toename in het fietsgebruik binnen en van/naar CID Binckhorst, worden de omliggende fietsroutes enigszins minder belast. Hiermee dragen de maatregelen in het Basispakket Mobiliteit bij aan de realiseerbaarheid van het verstedelijkingsprogramma. Capaciteit autoverkeer: Geconstateerd is dat tussen de huidige situatie en referentiesituatie een stijging van de hoeveelheid verkeer is te verwachten. Het wegennet rondom Binckhorst heeft in de referentiesituatie daarbij onvoldoende restcapaciteit om deze groei op te vangen, vooral op het stedelijk wegennet. Dit uit zich onder meer in problemen met de verkeersafwikkeling op verschillende kruispunten, met name de Binckhorstlaan-Supernovaweg, Maanweg, Prinses Mariannelaan-Geestbrugweg en Haagweg. In alle varianten is een (zeer lichte) afname van de hoeveelheid autoverkeer te verwachten ten opzichte van de referentie. Toch is er geen grote verbetering als gevolg van de varianten te verwachten (0).

Bij autonome ontwikkeling zijn problemen in de verkeersafwikkeling op het stedelijk wegennet te verwachten. De varianten zorgen echter niet voor vermindering van de knelpunten op het hoofd- of het stedelijk wegennet. Ook kan de inpassing van de HOV-verbinding op een aantal kruispunten tot verdere vermindering van de afwikkelcapaciteit leiden. Bij een meer sturend mobiliteitsbeleid neemt de hoeveelheid autoverkeer (in zowel referentie als alternatieven) minder sterk toe, waardoor de knelpunten in het stedelijk wegennet beperkter zijn.

Kwalitatieve aansluiting maatregelenpakket op verstedelijkingsprogramma Alle alternatieven zijn in meer of mindere mate van invloed op de ontwikkelmogelijkheden van naastliggende percelen. De haltes bij de Lekstraat en station Voorburg in alle alternatieven kunnen een impuls geven bij de herontwikkeling van het Schenkviaduct en bieden mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen rondom het station. In de Binckhorstlaan is de bereikbaarheid van de percelen in alle alternatieven voor de vervolgfase een aandachtspunt (o.a. tankstation) omdat met de HOV-baan ontsluiting wijzigt. Varianten 1L, 3B en alternatief 5 zijn negatiever beoordeeld dan de andere varianten. Variant 1L heeft ruimtebeslag op het perceel van Dana Petroleum en daarmee impact op de Visie Maanweg en de ontwikkeling van de Maanhaven. Variant 3B heeft impact op bouwplannen in ontwikkeling, zoals de OneMilkyway en Frank is een Binck omdat deze niet via de Melkwegstraat toegankelijk zijn. Alternatief 5 legt ruimtebeslag op de Jupiterkade en past daarmee niet in de visie van het gebiedspaspoort Junopark.

95

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

Bijlage 1 Literatuurlijst Beleid, studies en adviezen gerelateerd aan bereikbaarheid en mobiliteit: [D 1]

VINU, MIRT-Verkenning Schaalsprong regionale bereikbaarheid CID-Binckhorst, Startdocument, definitief, 30 oktober 2018.

[D 2]

No-regretpakket CID-Binckhorst Realisatieplan t.b.v. besluitvorming Programmaraad MOVE, 16 juli 2019. Vastgesteld door gemeente Den Haag op 16 juli (DSO/2019.520 RIS303062).

[D 3]

Gemeenten Den Haag en Leidschendam-Voorburg, NRD Verkenning Bereikbaarheid CID – Binckhorst, 25 juni 2020.

[D 4]

Commissie voor de milieueffectrapportage, Verkenning Bereikbaarheid central innovation district Binckhorst, Advies over reikwijdte en detailniveau van het milieueffectrapport, projectnummer: 3505, 14 december 2020.

[D 5]

Gemeente Den Haag, Fietsstrategie Den Haag 2040, Ruim baan voor de fiets, 2019.

[D 6]

Gemeente Rijswijk, Structuurvisie Mobiliteit Rijswijk 2020, Mobiliteit in Balans, april 2011.

Beleid en rapportages gerelateerd aan verstedelijking, (leef)omgeving, openbare ruimte, ruimtelijke kwaliteit, stedelijk (wijk)groen en duurzaamheid: Regionaal: [D 7]

Provincie Zuid-Holland, Omgevingsvisie, Omgevingsbeleid Zuid-Holland, 2019a.

[D 8]

Provincie Zuid-Holland, Omgevingsverordening Zuid-Holland, PZH-2019-677696264, 20 februari 2019.

[D 9]

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Nationale Omgevingsvisie (NOVI), Duurzaam perspectief voor onze leefomgeving, september 2020.

[D 10] Provincie Zuid-Holland, Omgevingsprogramma, 2021 vastgesteld. Gemeente Den Haag: [D 11] Gemeente Den Haag, Dienst Stadsbeheer, Nota Ecologische Verbindingszones 2008-2018, Hoofdlijnen voor inrichting en beheer | Uitvoeringsprogramma 2008 – 2018, 2009, vastgesteld 15 januari 2009. [D 12] Gemeente Den Haag, Nota Haagse Bomen 2008-2017, Kiezen voor kwaliteit en diversiteit, september 2009. [deze nota zal vervangen worden door een nieuwe beleidsnota voor bomen die in 2020 wordt opgesteld] [D 13] Gemeente Den Haag, Nota Stadsnatuur, Voor een leefbaar en biodivers Den Haag, 2020 vastgesteld. [D 14] Gemeente Den Haag, Agenda Groen voor de Stad 2016, Groen doet goed! Doe je mee?, 6 juli 2016. [deze nota zal vervangen worden door een nieuwe beleidsnota voor stadsnatuur die in 2020 wordt opgesteld] [D 15] Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling en Dienst Stadsbeheer, Kadernota Openbare Ruimte Den Haag 2012, Ruimte voor Kwaliteit, RIS nr. 249315, vastgesteld 22 november 2012. [D 16] Gemeente Den Haag, Agenda Ruimte voor de Stad, 9 september 2016. [D 17] Gemeente Den Haag, Handboek Openbare Ruimte Binckhorst, projectnr. IbDH: 95022889, mei 2019 [D 18] Gemeente Den Haag, Plan Openbare ruimte & buitenruimte Binckhorst, projectnr. IbDH: 95022889, mei 2019. [D 19] PosadMaxwan i.s.m.

gemeente Den Haag, Beeldkwaliteitsplan Binckhorst, Uitwerking van de Gebiedsaanpak Binckhorst, 4 juni 2020, vastgesteld. [D 20] PosadMaxwan i.o.v. Gemeente Den Haag en samenwerkende partijen binnen het Gebiedspaspoort Maanweg, Visie Maanweg, Stedenbouwkundige kaders ten behoeve van het gebiedspaspoort Maanweg, 3 december 2019. [D 21] Gemeente Den Haag, Gebiedspaspoort Junopark, juni 2020. [D 22] Witteveen+Bos i.o.v. gemeente Den Haag, Milieueffectrapport Central Innovation District, status definitief 03, referentie 110741/20-006.177, 20 april 2020.

97

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

[D 23] Gemeente Den Haag, Structuurvisie CID Den Haag, 1 juli 2021, vastgesteld juli 2021. [D 24] Gemeente Den Haag, Gereedschapskist Openbare Ruimte CID, 2020. [D 25] Gemeente Den Haag, Gebiedsagenda College Campus (Den Haag HS/Laakhavens), 2018. [D 26] Gemeente Den Haag, Gebiedsagenda Policy Campus Centraal (Overkluizing Utrechtsebaan (A12)/CS-Oost), 2018. [D 27] Gemeente Den Haag, Gebiedsagenda ICT- Security Campus (Den Haag Laan van NOI), 2018. [D 28] Gemeente Den Haag, OmgevingsEffectRapport (OER) Omgevingsplan Binckhorst, 2020. [D 29] Gemeente Den Haag, Omgevingsplan Binckhorst (Planregels en verbeelding), vastgesteld 29 november 2018 & gewijzigde vaststelling 25 november 2020. [D 30] Gemeente Den Haag, Nota Haagse Hoogbouw: Eyeline en Skyline, 2017. [D 31] MUST i.o.v. de gemeente Den Haag, Haagse iconen, kansen voor de groenblauwe structuur van de stad, 2018. [D 32] Gemeente Den Haag, Kadernota Duurzaamheid Schone energie in een groene stad, De Haagse aanpak, 2019. [D 33] Gemeente Den Haag, Stedelijk Energieplan Den Haag, Schone Energie voor Den Haag, RIS 306869, 2020. [D 34] Gemeente Den Haag, Bestemmingsplan Laakwijk – Schipperskwartier, vastgesteld 9-7-2009. [D 35] Gemeente Den Haag, Richtlijn Licht op Natuur, 16 november 2017.

Gemeente Leidschendam-Voorburg: [D 36] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Groenstructuurplan Gemeente Leidschendam-Voorburg, Buitengewoon groen, versie 1.4, november 2009. [D 37] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Uitvoeringsprogramma & investeringsagenda Groenstructuurplan Gemeente Leidschendam-Voorburg Buitengewoon groen, versie 1.0, januari 2012. [D 38] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Structuurvisie Ruimte voor Wensen 2040, Herijking 2012, januari 2012, vastgesteld 25 september 2012. [D 39] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Wijkgroenbeheerplan Voorburg West en Park Leeuwenbergh, Toekomstvisie voor de komende vijf jaar 2016-2020, december 2015. [D 40] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Kompas van de leefomgeving, Op weg naar de Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg, 8 september 2018. [D 41] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Bestemmingsplan Voorburg West / Park Leeuwenbergh, vastgesteld 2016. [D 42] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Bestemmingsplan Rotterdamsebaan, vastgesteld 2013. [D 43] Gemeente Leidschendam-Voorburg, Uitvoeringsprogramma duurzaamheid 2019-2022, 2019. Gemeente Rijswijk: [D 44] Gemeente Rijswijk, Coalitieakkoord Rijswijk 2019 -2022 & ‘’Rijswijk maken we samen’’ – Ons werkprogramma, 2018. [D 45] Gemeente Rijswijk, Groenbeleidsplan 2010-2020, BomeNatuuRecreatie, vastgesteld door de gemeenteraad, 16 februari 2010.

[D 46] Gemeente Rijswijk, Groenbeheerplan 2020 – 2023 'Basis op Orde' in Rijswijk voor een groene, duurzame woon- en werkstad, 12 december 2019. [D 47] Gemeente Rijswijk, Beheersverordening Cromvliet, vastgesteld 2013. [D 48] Gemeente Rijswijk, Duurzaamheidsagenda 2020: Op weg naar een duurzaam Rijswijk, 2020.

98

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

Bijlage 2 Begrippen- en afkortingenlijst Aansluiting

Kruispunt van wegen waarbij uitwisseling van verkeer plaats vindt.

Achtergrondconcentratie

De reeds aanwezige concentraties, ten gevolge van stedelijke en industriële emissies en buitenlandse bronnen.

Alternatief

Oplossingsrichting voor het behalen van de doelstellingen van het CID Binckhorst. De Wet milieubeheer schrijft voor, dat in een MER alleen alternatieven moeten worden beschouwd, die redelijkerwijs in de besluitvorming een rol kunnen spelen.

Aspect

Aspecten zijn de onderwerpen die binnen een milieuthema worden onderzocht. Elk aspect is vertaald naar één of meerdere criteria op basis waarvan de effectbeoordeling plaatsvindt.

Autonome ontwikkeling

Ontwikkelingen die onafhankelijk van de transformatie van CID Binckhorst plaats vinden. Dit kunnen toekomstige ruimtelijke of infrastructurele ontwikkelingen zijn waarover al een besluit beschikbaar is.

Avondspits

Periode met verkeer van werkplaats naar woonplaats. De periode duurt van circa 16.00 - 18.00 uur.

Barrièrewerking

Belemmerende werking van wegen en andere infrastructurele voorzieningen voor dieren of mensen om zich van de ene naar de andere plaats te begeven.

Bereikbaarheid

De mate waarin een locatie (binnen acceptabele tijd) te bereiken is.

Bevoegd gezag

Eén of meer overheidsinstanties die bevoegd zijn om over de activiteit van de initiatiefnemer het besluit te nemen.

BO MIRT

Het MIRT gaat uit van een intensieve samenwerking tussen het Rijk en decentrale overheden. Om dit bestuurlijk te faciliteren vindt er elk najaar een bestuurlijk overleg MIRT (BO MIRT) plaats

Capaciteit

De maximale hoeveelheid voertuigen die in een bepaalde tijdsperiode kan passeren op een bepaald wegvak.

CID

Central Innovation District. Het gebied tussen en rondom de stations Hollands Spoor, Den Haag Centraal en Den Haal Laan van NOI.

Commissie voor de m.e.r.

Een landelijke commissie van onafhankelijke milieudeskundigen; zij adviseren het bevoegd gezag over richtlijnen voor het milieueffectrapport en over de kwaliteit van de informatie in het milieueffectrapport.

Compenserende maatregelen

Maatregelen die de nadelige invloed van een ingreep / activiteit compenseert door elders een positief effect te genereren.

Criterium

Onderdeel van een milieuaspect aan de hand waarvan de effectbeoordeling plaatsvindt.

EVZ

Ecologische Verbindingszone. Dit zijn groenstroken/zones waardoor planten en dieren zich van het ene naar het andere natuurgebied kunnen verplaatsen.20

Expert Judgement

Een expert maakt op basis van kennis en ervaring opgedaan bij vergelijkbare projecten, een zo objectief mogelijke inschatting van de effecten.

Externe veiligheid

Externe Veiligheid gaat over het beheersen van risico’s die mensen lopen door opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen in hun omgeving.

Fauna

Verzameling van diersoorten die in een gebied wordt aangetroffen

HOV

Hoogwaardig Openbaar Vervoer: Stads- en streekvervoer dat voldoet aan hoge eisen op het gebied van doorstroming. Deze heeft een hoge gemiddelde rijsnelheid.

Infrastructuur

Het geheel aan wegen, vaarwegen, spoorlijnen, leidingen, etc. waarlangs iets of iemand wordt verplaatst.

Intensiteit

Aantal voertuigen dat in een bepaalde tijdsperiode een bepaald wegvak passeert.

Kruising

Kruising van infrastructuur waarbij geen uitwisseling van verkeer plaats vindt.

Kruising gelijkvloers

Ontmoetingspunt van twee of meer niet-stroomwegen waarbij het verkeer vanuit alle richtingen geen vrije doorgang heeft en er bijvoorbeeld verkeersregelinstallaties nodig zijn.

20

99

Voor een meer uitgebreide uitleg en een overzicht, zie https://www.denhaag.nl/nl/in-de-stad/natuur-en-milieu/groen-en-bomen/stadsnatuurbeschermen-en-versterken.htm

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

PLAN-MER MIRT-VERKENNING BEREIKBAARHEID CID BINCKHORST DEELRAPPORT 2 – RUIMTEGEBRUIK EN VERSTEDELIJKING

Kruising ongelijkvloers

Ontmoetingspunt van twee of meer niet-stroomwegen waarbij het verkeer vanuit alle richtingen vrij doorgang heeft. Hierbij wordt gebruik gemaakt van kunstwerken zoals bruggen, viaducten of tunnels. De verhoogde ligging van de kruising (of het tracé) wordt ook wel aangeduid als +1 en een verdiepte ligging als -1.

Leefbaarheid

Term waarmee de kwaliteit van de woon- en leefomgeving van mensen en andere organismen worden aangeduid.

Maaiveld

Het aardoppervlak van het natuurlijk of aangelegde terrein.

m.e.r.

Met kleine letters wordt de in de wet voorgeschreven procedure aangeduid, ofwel het traject dat doorlopen moet worden om de milieueffecten in beeld te brengen. De m.e.r.-procedure is een hulpmiddel om het milieubelang volwaardig mee te kunnen wegen in de besluitvorming.

Milieueffectrapport (MER)

Openbaar document waarin de voorgenomen activiteit en de redelijkerwijs in beschouwing te nemen alternatieven en de te verwachten gevolgen op het milieu in hun onderlinge samenhang worden beschreven en beoordeeld. Het MER wordt opgesteld ten behoeve van één of meer besluiten die over de betreffende activiteit genomen moeten worden.

Mitigeren

Het verminderen van nadelige effecten (op het milieu) door het treffen van bepaalde maatregelen.

Mitigerende maatregelen

Verzachtende maatregelen, waardoor een milieueffect wordt afgezwakt.

MIRT

MIRT staat voor het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. In dit programma werkt de Rijksoverheid samen met provincies, gemeenten en de vervoersregio’s aan ruimtelijke projecten. De afspraken over de financiële investeringen in deze projecten vindt plaats binnen het MIRT.

MRDH

Metropoolregio Rotterdam Den Haag

Netwerk

Het totaal van wegen en/of verbindingen binnen een bepaald gebied.

No-regretpakket

Dit pakket bevat (mobiliteits)maatregelen die in de periode tot 2023 (autonoom) worden uitgevoerd en vooruitlopend op de verdere mobiliteitsmaatregelen voor de CID Binckhorst worden gerealiseerd.

NRD Notitie Reikwijdte en Detailniveau

Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) geeft aan welke alternatieven worden onderzocht en welke criteria en methoden worden gebruikt om de milieueffecten in kaart te brengen.

Omgevingswet

Een nieuwe wet die vanaf juli 2022 onder andere de Wet ruimtelijke ordening en tientallen andere wetten vervangt. In deze wet is in ruimtelijke plannen veel meer ruimte voor flexibiliteit opgenomen om beter om te kunnen gaan met onzekerheid van de toekomst.

Ongelijkvloers

Een ongelijkvloerse kruising is een kruising van twee of meerdere vervoersstromen (weg, waterweg, spoorweg) waarbij gebruikgemaakt wordt van kunstwerken (zoals bruggen, viaducten en tunnels) zodat de stroom of het verkeer niet gehinderd wordt. Dit dus in tegenstelling tot een gelijkvloerse kruising.

OV

Openbaar vervoer.

Plaatsgebonden risico (PR) Het risico op een bepaalde plaats, uitgedrukt in de kans per jaar om buiten een inrichting waar gevaarlijke stoffen aanwezig (mogen) zijn, te overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongeval met die stoffen binnen die inrichting. Plangebied

Het gebied waarbinnen de ontwikkeling, of één van de alternatieven, kan worden gerealiseerd. Vergelijk: studiegebied.

Plan-MER

Brengt in beeld wat de milieueffecten zijn van de drie alternatieven die voorliggen. Het Plan-MER heeft een globaal karakter, passend bij het abstractieniveau van de huidige fase. De alternatieven in het Plan-MER richten zich op de maatgevende keuzes in het CID-gebied met de meest onderscheidende milieueffecten. Het Plan-MER levert milieu-informatie op die gebruikt wordt in de alternatievenafweging om uiteindelijk tot een Voorkeursalternatief te komen.

Planstudie

De verbindende schakel tussen een initiatief en de voorbereiding op de aanbesteding van het gekozen voorkeursalternatief.

Referentie

Vergelijking(smaatstaf).

Referentiesituatie

De referentiesituatie gaat uit van de bestaande situatie en de autonome ontwikkelingen. Het betreft in deze verkenning de huidige situatie, inclusief de realisatie van alle vastgestelde plannen in de omgeving van CID Binckhorst. Voor CID Binckhorst is de referentiesituatie 2040. Dit betekent dat al rekening is gehouden met de groei van de verstedelijking in dit gebied in en rond Den Haag.

Rotterdamsebaan

Een ondergrondse verbinding (tunnel) tussen knooppunt Ypenburg en CID-Binckhorst (in 2021 opengesteld).

Ruimtebeslag

De fysieke ruimte die nodig is voor de aanleg en inpassing van een alternatief of variant.

100

Onze referentie: D10042535 - Datum: 14 juni 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=92960f65-fb00-41ab-bb2d-f629544b3f2a