Verslag gemeenteraad Leiden 18 februari 2021 (wordt niet vastgesteld)
Tekst van het document
Bij dit amendement ligt de focus op het behoud van de expertise van het personeel van DZB. Die expertise is belangrijk om een bloeiend sociaal ontwikkelbedrijf te kunnen blijven in de toekomst. Een inkrimping van het personeelsbestand lijkt onoverkomelijk. Daarom is er de wens dat deze inkrimping zoveel mogelijk via natuurlijk verloop zal gaan en dat boventallig personeel bij andere gemeentelijke organisaties kan gaan werken. Het derde amendement (zie bijlage A200151.03) wordt ingediend met de SP, PvdA, PvdD en het CDA. Het gaat over de betrokkenheid van de gemeenteraad. Politiek Den Haag is in beweging. Er kan komend jaar veel veranderen bij Sociale Ontwikkelbedrijven. Die verandering kan er voor zorgen dat deze Toekomstvisie straks enigszins achterhaald is. Als deze wordt aangepast, moet de raad daarbij actief betrokken worden. De wens is om dan opnieuw een Wensen en bedenkingen procedure aan de raad voor te leggen.
18
Bij diverse andere amendementen die zullen worden ingediend, is D66 mede indiener. De heer Bleijie (CDA) zegt dat Leiden trots mag zijn op De Zijlbedrijven en op de mensen die daar werken. Leiden mag ook trots zijn op DZB als onderdeel van het sociaal beleid in de stad. Hier wordt de afstand van Leidenaren tot de arbeidsmarkt werkelijk verkleind. Met pijn in het hart ziet het CDA dat de plannen van het college, waarin staat dat de rol en delen van DZB zullen worden afgebouwd. De mooie dagen van DZB horen wellicht tot het verleden. Het is lastig te begrijpen dat dit uit de koker van een links college komt. Dat er veranderingen nodig zijn, dat ziet het CDA ook wel, maar het college zou in plaats van afbouwen, moeten kiezen voor ombouwen. DZB ombouwen naar een Sociaal Ontwikkelbedrijf van de toekomst. Niet minder maar juist meer doelgroepen moeten aan de slag bij DZB. Samen met de PvdA, SP en PS dient het CDA een amendement (zie bijlage A200151.04) in om onderzoek te doen naar hoe meer doelgroepen aan de slag kunnen gaan bij DZB. De doorontwikkeling van DZB naar een breed Sociaal Ontwikkelbedrijf moet doorgaan. De timing hiervan is zwak. Wsw-bedrijven staan hoog op de Haagse agenda. Het CDA zou de onderhandelingen van het Kabinet willen afwachten.
Niet voor niets ligt er een initiatiefvoorstel van het CDA en de SP in de Tweede Kamer en een aangenomen motie met het verzoek om extra middelen. Daarom nu een onomkeerbare afbouw van DZB. Deze wens ziet het CDA middels een amendement (zie bijlage A200151.05) graag opgenomen worden. Het amendement wordt mede ingediend door D66, PvdA, PS, SP en de CU. De wethouder is in de commissie Werk en Middelen sceptisch geweest over de Haagse ontwikkelingen. Met die houding komt Leiden er zeker niet. De heer Bleijie zou de wethouder deze ontwikkeling juist willen laten omarmen. Samen met andere gemeenten moet ervoor worden gezorgd dat het Rijk de afspraken nakomt. Het CDA gaat ervan uit dat de wethouder dit ook zal doen, ten behoeve van DZB. Mevrouw Klever (PvdA) zegt dat iedereen een nuttige bijdrage wil leveren, erkenning wil krijgen en een volwaardig inkomen wil verdienen. Mensen met een arbeidshandicap hebben soms een steuntje in de rug nodig., Dan is het van groot belang dat ze die steun ook krijgen. De PvdA vindt dat de mensen met een arbeidsbeperking volwaardig mee moeten kunnen doen. De inzet van het college om DZB om te vormen tot een Sociaal Ontwikkelbedrijf kan op instemming van de PvdA rekenen. DZB moet als springplank, maar ook als vangnet fungeren. Een actieve samenwerking met reguliere werkgevers helpt daarbij.
Samen met vrijwel de voltallige raad pleit de PvdA ervoor om de menselijke maat en daarmee de maatschappelijke waarden van werk bij de hervorming van DZB als uitgangspunt te nemen. Winst en productiecijfers zijn geen doel op zich. Die zijn van ondergeschikt belang. Een amendement (zie bijlage A20151.07) wordt ingediend. De PvdA vindt dat de herziening van taken er niet toe mag leiden dat de werknemers minder begeleiding krijgen vanuit DZB. Er dient te allen tijde een geschikt vangnet bij DZB te zijn, mochten werknemers het onverhoopt niet redden bij een reguliere werkgever. Het gaat erom dat mensen de juiste ondersteuning wordt geboden. Hiertoe wordt een amendement (zie bijlage A200151.06) ingediend. In Den Haag buitelen alle partijen over elkaar met geld voor alles en iedereen. Ook de Sociale Ontwikkelbedrijven wordt veel geld in het vooruitzicht gesteld. Mocht er extra geld komen dan wil de PvdA graag opnieuw over de Toekomstvisie DZB Leiden te spreken. Mevrouw Voorwald (VVD) vertelt dat de VVD zeer te spreken is over de Toekomstvisie. De fractie staat volledig achter het standpunt van het college dat DZB geen dingen moet doen, die anderen beter kunnen en dat DZB efficiënt moet kunnen opereren. Het doel is tenslotte om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk te helpen bij reguliere werkgevers, ook als dat met enige begeleiding is.
De VVD vindt het logisch dat DBZ mee krimpt als de doelgroep kleiner wordt.
19
Het bestaan van DZB is tenslotte geen doel op zich. Uiteindelijk ziet de VVD zoveel mogelijk mensen, als het kan en bij hen past, aan de slag gaan bij reguliere werkgevers. De VVD wil in dat licht een bedenking meegeven aan het college. Dat het college vindt dat DZB geen dingen moet doen die anderen ook of beter kunnen, is terecht, maar de VVD vindt dat de gemeente zelf dit principe ook zou moeten naleven. Op dit moment verzorgt DZB al leerwerkbedrijf de businesspost en de koffiecorner in het nieuwe stadhuis. De VVD vindt dat deze taken prima kunnen worden opgepakt door een private partij, die de doelgroep via een regulier contract in dienst kan nemen, of door de gemeente als reguliere werkgever. Het college wordt dringend opgeroepen om hierover na te denken. In de commissie bleek geen steun te zijn voor deze bedenking. Daarom dient de VVD hiervoor geen amendement in. De VVD vindt dat veel van de ingediende voorstellen afbreuk doen aan het principe dat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zoveel mogelijk begeleid moeten worden naar een reguliere baan. De fractie vindt het zonde als mensen onnodig lang beschut blijven werken, wat hun groei zal beperken. Een ander deel van de voorstellen laat een ongezonde weerstand en wantrouwen zien naar de samenwerking met private partijen. De VVD vindt dat onterecht.
Er zijn meer dan genoeg bedrijven die laten zien fatsoenlijke begeleiding te kunnen bieden op de werkvloer. De VVD hoopt dat een groot deel van de voorstellen wordt ontraden, zodat de fractie de Toekomstvisie kan steunen. De heer Terlouw (GL) vindt het een mooie gedachte dat iedereen in de samenleving kan meedoen en dat er voor iedereen een plek is om op eigen niveau te kunnen werken. In de Toekomstvisie is dit mede ingegeven door een bezuinigingsopgave, op een goede manier vorm gegeven. DZB blijft sociale werkgelegenheid bieden door samenwerking met bedrijven uit de private sector. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zullen zoveel mogelijk worden uitgeplaatst naar het reguliere bedrijfsleven. Voor mensen waarvoor dit geen mogelijkheid is, zullen er beschermde werkplekken blijven bestaan bij DZB. DZB gaat met een taalwerktraject aan de slag om mensen met een taalachterstand intensief te begeleiden naar een reguliere baan. Hoewel het hier om een bezuinigingsoperatie gaat, is er van de nood een deugd gemaakt door mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt een volwaardige kans te bieden om mee te doen in de samenleving. Tegelijkertijd kan DZB de toekomst met vertrouwen tegemoet zien.
De kwaliteit van de werkplekken, als het gaat om begeleiding, aanpassing van de werkplekken en het werktempo bij de uitplaatsing van mensen naar het reguliere bedrijfsleven moet worden gegarandeerd. Financiële overwegingen komen wat GL betreft dan op de tweede plaats. Samen met de PvdA, CU, D66 dient GL een wens in waarin de menselijk maat boven winst en productiecijfers van DZB gaat. De heer Van Halm (SP) zegt dat de SP nogal wat problemen heeft met dit voorstel. Dat via een Wensen en bedenkingen procedure wordt bekeken/beslist hoe Leiden op termijn vier miljoen euro gaat bezuinigen op DZB gaat er bij de SP echt niet in. De fractie is het er pertinent mee oneens en had hierover graag een inhoudelijke discussie gevoerd. Het is bijzonder dat de coronacrisis wordt gebruikt als argument om nu tempo te gaan maken. Dit laat juist zien dat nu moet worden geïnvesteerd en gefocust op behoud. Niet het doorvoeren van bezuinigingen. Zelfs de Tweede Kamer is het hiermee eens. Het is ongemakkelijk te noemen dat deze maand nog moties zijn aangenomen om een QuickScan te maken over de financiële problemen die er momenteel zijn bij de Sociale Werkbedrijven en de uitkomst bij de Voorjaarsnota te presenteren. Vanuit het Rijk wordt gezocht naar extra middelen om tekorten aan te vullen.
In de Tweede Kamer is een nota van SP en CDA aangenomen waarmee de komende maanden aan de slag wordt gegaan met een Sociaal Ontwikkelbedrijf. Daar is ongetwijfeld ook een rol voor DZB weggelegd. De wethouder gaf aan dat Leiden niet altijd kan rekenen op landelijke steun. Die analyse deelt de heer Van Halm met de wethouder. Dit is echt een concreet landelijk plan. De wethouder moet het
20
met de SP eens zijn dat de timing bizar is. De SP doet een dringende oproep om echt inhoudelijk met de commissie in gesprek te gaan en juist nu geen onomkeerbare stappen te maken. De SP is blij dat veel partijen in grote lijnen dit ongemak delen. Er zijn goede amendementen ingediend. Met deze terechte wensen en bedenkingen laat de raad zien dat er twijfels zijn en dat de raad wil meedenken en wil zoeken naar oplossingen. De SP roept het college op om verder te kijken dan de collegebevoegdheid. Geef de raad hierin echt een kans. De heer Kersten (PS) vertelt dat Partij Sleutelstad tegen dit voorstel is. Juist nu het initiatiefnota van SP en CDA het zeker gaat halen in de Tweede Kamer was het beter geweest om even te wachten met dit raadsvoorstel, met alle risico’s van dien. Het echec van de Participatiewet van Kleinsma is in de initiatiefnota aangetoond. Door haar kwamen niet meer maar minder mensen met afstand tot de arbeidsmarkt aan werk. De oude DZB en sociale werkvoorziening moet dus worden hersteld. Leiden blijft met de falende Kleinsma modellen werken. Er komt nu extra geld van het Rijk. Het voorstel van SP, CDA en PS betreft de mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. In Leiden zou vooruitgelopen moeten worden op de maatregelen om mensen met die afstand en vooral de mensen in de bijstand te helpen met DZB.
Er wordt dan minder geld uitgegeven aan bijstand en mensen krijgen een baan en hun waardigheid terug. De wens om meer doelgroepen aan de slag te laten gaan bij DZB wordt gesteund door Partij Sleutelstad. Inkrimping moet alleen door natuurlijk verloop plaatsvinden. Kennis, kunde en werkgeverscontacten moeten bij DZB behouden blijven. De heer Krol (CU) is tevreden met het feit dat het college kiest voor een tijdige bijsturing. Tegelijkertijd betekent dat wel dat er veel mensen, die werken bij DZB, een onzekere positie te hebben. Samen met andere partijen wil de CU nog veel wensen en bedenkingen meegeven aan het college. Wat de CU betreft mag de maatschappelijke waarde van DZB nooit uit het oog worden verloren. De menselijke maat moet altijd centraal staan. Wanneer het kan is het prachtig als mensen zoveel mogelijk kunnen werken op de reguliere arbeidsmarkt. Het is niet zaligmakend. De gevolgen van corona kunnen een belemmering vormen om werkgevers te verleiden om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Het college moet daar een vinger aan de pols houden. Het college moet geen onomkeerbare maatregelen nemen in de afbouw van DZB tot na de Kabinetsformatie. De heer Jitan (LP) heeft zijn bedenkingen over dit plan. In de samenleving telt iedereen mee. Ieder individu moet een waardevol leven kunnen leiden, dus ook mensen met beperkingen en taalachterstand.
De Participatiewet is bedoeld om werkgevers te stimuleren meer mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen en een passende plek te bieden. LP heeft drie wensen. Er komt een krimp bij DZB. LP hoopt dat dit via verklaarbaar verloop en zo min mogelijk gedwongen ontslag verloopt. LP vraagt het college om te kijken of deze medewerkers bij de gemeente aan het werk kunnen. Een wens is om voorlopig omkeerbare besluiten te nemen en de landelijke ontwikkelingen af te wachten. De laatste wens is dat de raad periodiek wordt geïnformeerd over de uitwerking van de Toekomstvisie. Wethouder Van Delft gaf in de commissie aan dat er veel wordt gesproken over termen en cijfers, ontwikkelingen, terwijl het uiteindelijk om mensen gaat. Het gaat om mensen die niet zo makkelijk aan een baan komen, maar wie het wel belangrijk is om aan het werk te gaan. DZB is en was een bedrijf dat zorgt dat deze mensen aan het werk komen. De gemeente is vanwege veranderde wetgeving geconfronteerd met het feit dat moet worden nagedacht over wat er nu en in de
21
komende tien jaar gaat gebeuren. Deze visie op de komende tien jaar is wat in gang wordt gezet. Het is zeker niet iets dat morgen geregeld gaat worden. Wat het college heel belangrijk vindt is de inclusieve arbeidsmarkt. Het college gunt iedereen een baan midden in de samenleving., Mensen verdienen dat. Er zit in zoverre een bezuinigingsopgave in dat dat gemeentelijke bijdrage hetzelfde blijft. Die bijdrage wordt niet verminderd. Van buitenaf wordt de bijdrage verminderd. Mocht het Kabinet besluiten, na de formatie, om heel veel geld bij te dragen, dan kan het college daar goed mee uit te voeten. Blijft staan dat het college iedereen een plek gunt in de arbeidsmarkt. Dat is de basis voor dit voorstel. Het college wil niet afbreken, afbouwen maar omvormen en veel wendbaarder worden om te zorgen dat iedereen de plek krijgt die hij of zij verdient. Dat betekent dat DZB de springplank is voor mensen. Er wordt echt geïnvesteerd in mensen. DZB is ook het vangnet, voor als het dan toch niet lukt. Het wordt geen makkelijk traject. Met bedrijven moet contact worden gezocht. Er moet voor worden gezorgd dat mensen daar op een goede manier terechtkomen. Daar hoort ook begeleiding bij, van de mensen die daar gaan werken, de bedrijven, maar ook van de mensen die daar al werken. Ook daarin wil het college investeren. Uiteindelijk zijn de financiële kaders ook van belang.
De gemeente moet wel uitkomen met het totale budget en zal keuzes moeten maken. Bij interruptie vraagt de heer Kersten (PS) waarom niet kan worden gewacht op de ontwikkelingen van het Rijk. Wethouder Van Delft beantwoordt deze vraag graag bij het betreffende amendement. Het eerste amendement vraagt om een vinger aan de pols bij publiek-private samenwerking. Dat lijkt het college logisch. In de economie is een tweedeling te zien. Er zijn bedrijven die het zeer goed doen. Ze kunnen bijna niet aan personeel komen. Er zijn ook bedrijven waar je nu geen mensen plaatst. De bedenking in het amendement 2 wordt gedeeld. Het is meer dan logisch om een vinger aan de pols te houden. Het amendement wordt door het college omarmd. Een aantal partijen vraagt via amendement 7 om de menselijke maat boven winst en productiecijfers te stellen. Dat is nu zo bij DZB. Het gevoel van trots en dat je met DZB samenwerkt wil de gemeente over houden. Het amendement sluit aan op de visie. Uiteindelijk is DZB wel een bedrijf dat onderdeel is van de gemeente. Het moet financieel wel ‘uitkomen’. Afgewogen moet worden welke extra euro wordt ingezet ten opzichte van wat het aan kwalitatieve winst voor de mensen oplevert. Het college verwacht geen blanco cheque van de raad te krijgen om alles te doen wat men maar kan bedenken. Amendement 4 over de werksoorten volgt logisch uit de visie.
Voor het taalwerktraject zal er werk moeten worden geboden waarbij tegelijkertijd de taal wordt geleerd. Als het toch niet mag lukken dan moet de vangnetfunctie er gewoon zijn. Het is de bedoeling om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de reguliere bedrijven. Bij interruptie vraagt mevrouw Voorwald (VVD) waarom het college niet aangeeft dat de amendementen 2 en 7 feitelijk overbodig zijn. Wethouder Van Delft vindt dat een kwestie van linksaf of rechtsaf redeneren. Het college heeft goed gehoord dat de indieners deze zorg hebben. Die sluit aan bij wat in de visie wordt beoogd. Als partijen het belangrijk vinden om dat nogmaals te benadrukken dan kan het college dat omarmen. Het college deelt niet met de VVD dat deze amendementen verstrekkender zijn. Ze drukken een gevoelen uit. Het college deelt het gevoel dat publiek-private samenwerking lastig kan zijn. Onder het tweede gedachtestreepje van amendement 5 wordt de wens uitgesproken om meer
22
gebruik te maken van de mogelijkheden van de Loonpostensubsidie. Het college is bereid om te kijken wat de subsidie nog meer zou kunnen betekenen. Sommige gemeenten zetten daarop sterk in. Het is wel ‘buiten de deur’, dus bij reguliere werkgevers. Er wordt een verminderde loonwaarde aangetoond. De mensen zijn opgenomen in het doelgroepenregister. Het college is bereid om de raad nader te informeren over hoe dit instrument kan worden ingezet. Het onderdeel ‘binnen DZB’ is geen onderdeel van deze visie. Dat stukje in het amendement kan het college niet omarmen. Het CDA wenst geen onomkeerbare afbouw. In de commissie is aangegeven dat met deze visie aan de slag wordt gegaan. Omdat dit een langere termijntraject, zal in de praktijk blijken dat de formatie eerder is afgerond dan dat de eerste publiek-private samenwerking is gerealiseerd. Pas als die zich bewezen hebben komt het moment waarop begeleiding minder nodig is. Dan kan worden bekeken of deze mensen op een andere plek nodig zijn. Uit de aard van dit traject blijkt al dat de formatie eerder duidelijkheid zal bieden. Amendement 3 is in de commissie al toegezegd. Mocht blijken dat er veel geld beschikbaar komt voor de Sociale Ontwikkelbedrijven, wat het college toejuicht, dan komt het college terug naar de raad. Dat kan worden gekoppeld aan een evaluatie van het beleidsplan Werk en Participatie.
Amendement 1 ‘Inkrimping personeel en behoud expertise’: in het huidige personeelsbeleid is het al zo dat als mensen boventallig worden, gekeken wordt hoe deze mensen elders kunnen worden ingezet. Dat kan bij de gemeente, maar ook in de Leidse regio wordt gekeken of men elders aan de slag kan. Het amendement ís in lijn met het gemeentelijk beleid. Amendement 6 wenst dat mensen begeleid blijven worden. Dat zou vanuit DZB kunnen, maar het kan ook op een andere manier geregeld worden. Er bestaan manieren zoals jobcoaching. Deze uniforme regeling geldt binnen Holland-Rijnland. Het begeleiden geldt voor zowel de werkgever, voor collega’s als voor de mensen zelf, die het betreft. Bij interruptie vraagt de heer Bleijie (CDA) over onomkeerbare stappen en de Kabinetsformatie het volgende. Klopt het dat het college tot de formatie van het Kabinet geen onomkeerbare besluiten neemt? Wethouder Van Delft zegt dat het de bedoeling is om in ieder geval de publiek-private samenwerking op te gaan zoeken en die aan te gaan. In de commissie werd tot de onomkeerbare stappen gerekend het afbouwen van begeleiding binnen DZB. Die stap vindt pas later in het proces plaats. In feite als de eerste fase geslaagd is. Het college verwacht dat dan de Kabinetsformatie zal zijn afgerond.
Bij interruptie vraagt de heer Krijgsman (D66) over amendement 4 of het klopt dat een gevraagde over de loonkostensubsidie binnen DZB niet mogelijk is. Wethouder Van Delft antwoordt dat het college loonkostensubsidie wil inzetten bij werkgevers in de reguliere arbeidsmarkt. Als de subsidie wordt ingezet voor mensen die bij DZB werken dan zijn de kosten van het bedrijf DZB en de begeleiding hoger dan de loonkostensubsidie. Het college streeft ernaar om de loonkostensubsidie buiten, bij reguliere bedrijven toe te passen. Een aantal mensen is aan het werk bij DZB met loonkostensubsidie. Dat zou geen doel op zich moeten zijn. Het is niet altijd zwart/wit. Bij Stichting Participatiewerk kan men in dienst komen. Ze kunnen alsnog worden gedetacheerd bij reguliere bedrijven. De werkgevers worden deels ontzorgd doordat de gemeente het werkgeverschap op zich neemt. De mensen zijn wel bij een reguliere werkgever aan de slag.
23
Op de vraag van mevrouw Voorwald waarom de gemeente zelf niet meer gebruikmaakt van reguliere werkgevers, maar juist DZB aan het werk zet. Dat gebeurt op uitspraak van de raad. DZB is een preferente leverancier. Tweede termijn: De heer Terlouw (GL) vindt dat er tussen wensen en bedenkingen veel overlap zit. Toch kan GL veel amendementen steunen. Enkele zijn overbodig. Omdat GL niets tegen die amendementen heeft worden ze toch gesteund. De amendementen 1, 3, 5, 6 en 7 worden gesteund, net als amendement 4. Bij de laatste wil GL opmerkingen dat de positieve ontwikkeling om mensen een kans in de samenleving te bieden heel erg belangrijk is. Het moet niet de intentie zijn om minder mensen naar het reguliere bedrijfsleven te verplaatsen. Amendement 2 is overbodig maar wordt gesteund. Mevrouw Van Schaik (PvdD) zegt dat de PvdD niet gelukkig is met dit voorstel, ondanks de geruststellende woorden van de wethouder. Het is niet fijn dat de raad alleen via een Wensen en bedenkingen procedure input aan het college kan meegeven. Het is een ingrijpend besluit. Een uitgebreider debat waarin de raad meer aan zet was, zou meer op zijn plaats zijn geweest. Om die reden dient de PvdD het amendement van D66 mede in. Over de voorgestelde aanpak heeft de PvdD zorgpunten, zoals de publiek private samenwerking of de kwaliteit van de begeleiding.
De ingediende voorstellen op deze punten worden gesteund. Het is opvallend dat dit voorstel komt in een tijd dat er landelijk veel ontwikkelingen gaande zijn over het Sociale Ontwikkelbedrijf. In dat licht is het ongelukkig om juist op dit moment aan de slag te gaan met dit voorstel. Ook de oproep om nu geen onomkeerbare stappen te zetten wordt gesteund. Bij interruptie merkt de heer Bleijie (CDA) op dat het CDA amendement 4 wijzigt naar aanleiding van de reactie van het college. De tweede bullet wordt gewijzigd. Amendement 4 wordt gewijzigd opnieuw ingediend. Wethouder Van Delft zegt in reactie op mevrouw Van Schaik dat het college al langer aan de visie werkte. Het is een visie voor de komende tien jaar. Dat is een reden om er nu niet meteen mee te stoppen. Ook in deze tijd biedt een deel van het bedrijfsleven echt kansen voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Die kans wil het college nu benutten. Met een tempo dat past bij deze tijd wil het college stappen zetten in het omvormen van DZB. De voorzitter gaat over tot de stemmingen. A200151.01 ‘Inkrimping personeel en behoud expertise’ Amendement 1 wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 stemmen tegen. A200151.02 ‘Vinger aan de pols bij publiek-private samenwerking’ Amendement 2 wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 stemmen tegen.
A200151.03 ‘Raad aan zet bij aanpassing Toekomstvisie DZB’ Amendement 3 wordt met algemene stemmen aangenomen. Gewijzigd A200151.04 ‘Wens voldoende werksoorten bij DZB’ Gewijzigd amendement 4 wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 stemmen tegen.
24
A200151.05 ‘Wens geen onomkeerbare afbouw’ Amendement 5 wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 stemmen tegen. A200151.06 ‘Geen achteruitgang in begeleiding’ Amendement 6 wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 stemmen tegen. A200151.07 ‘Menselijke maat boven winst en productiecijfers DZB’ Amendement 7 wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 stemmen tegen. RV 20.0151 Wensen en bedenkingen Toekomstvisie DZB Leiden 2030 Stemverklaring: mevrouw Voorwald (VVD) zegt dat de VVD wilde afwachten welke voorstellen zouden worden aangenomen om te bepalen of de visie kan worden gesteund. De VVD kan het voorstel niet steunen. Er zijn teveel amendementen aangenomen die niet bijdragen aan het begeleiden van mensen naar de arbeidsmarkt, maar mensen te lang weerhouden. De raad besluit overeenkomstig het zojuist geamendeerde voorstel met 32 stemmen voor en 6 stemmen tegen. 16. RV 21.0003 Nota van Uitgangspunten Plesmanlaan 100 De heer Friso (GL) zegt dat het goed is om her te gebruiken in plaats van weg te gooien. Dat gebeurt met dit mooie transformatieplan. In het gebouw worden vele woningen gerealiseerd. Daar heeft de stad wat aan. Het is zaak dat de gemeente haar missie waarmaakt van verdichten met een verbetering van de leefomgeving, waar ook andere bewoners iets aan hebben. Er moet flink worden vergroend in het versteende, voormalige kantoorgebied.
Deze kavel hangt integraal samen met de hele omgeving. Een integrale ecologische visie is wenselijk. Het groen op de ontwikkellocaties moet in samenhang met openbaar groen worden ingericht. Aan het groen in de openbare ruimte moeten ontwikkelaars financieel bijdragen. Het past dat de gemeente de regie pakt en dat de raad aan het stuur blijft. Het mandaat van de raad en de financiering voor het groen worden geregeld middels een amendement (zie bijlage A210003.01), dat GL mede namens D66 indient. Er kunnen niet genoeg sociale huurwoningen bij komen in de stad. De meest doeltreffende manier om dat te regelen is om ook die opgave integraal te bekijken. Het college zou in de volgende woningbouwmonitor moeten aangeven waar de stappen gezet worden om aan de 30 procentnorm te voldoen, nu het in dit voorstel op 20 procent blijft staan. Het is mooi dat de gemeente in dit project al grip op huurprijsstijgingen probeert te krijgen. Dit is in lijn met de Woonvisie. GL gaat ervan uit dat dit niet de ruimte voor discussie beperkt over de maximale huurverhoging voor zittende huurders, die bij de Doelgroepenverordening wordt gevoerd. Omwonenden hebben gedegen en constructief meegedacht. Ze willen meedenken over de warmtevoorziening.
Wil de wethouder hen daarbij laten aanhaken en informeren over kansen? Het levert een bijdrage aan de integrale en stadsbrede verbonden opgave van woningen toevoegen en vergroenen. De heer Otten (PvdA) constateert dat met het voorliggende plan een substantieel aantal woningen aan de stad wordt toegevoegd. De woningbouwmachine begint goed op stoom te komen. Dat is goed nieuws voor alle woningzoekenden. De PvdA kan deze Nota van Uitgangspunten steunen. Op het gebied van sociale huur mag het wat scherper en ambitieuzer. De gemeente kan iets doen aan het aandeel sociale huur en de manier waarop de woningen worden toegewezen. De PvdA houdt graag vast aan het in het beleid voor sociale nieuwbouw
25
overeengekomen aandeel van 30 procent sociale huur. Daarnaast vindt de PvdA het van belang dat de nieuwe woningen op een eerlijke manier worden verdeeld. De PvdA dient een amendement (zie bijlage A210003.02) in dat regelt dat het regionale woonruimteverdeelsysteem het platform moet zijn waar de sociale huur wordt toegewezen. Bij interruptie vraagt de heer De Crom (VVD) waarom het nodig is om het percentage sociale huur op te hogen naar 30 procent, zolang het stadsbrede doel van 30 procent sociale huur wordt behaald. De heer Otten (PvdA) antwoordt dat het belangrijk is dat dit aandeel stadsbreed wordt behaald. Juist in wijken waar nu al weinig sociale huurwoningen zijn, is het goed om voor een betere mix en verdeling te zorgen. In dit plan zou 30 procent sociale huur nog tot een winstgevende casus kunnen leiden. Bij interruptie vraagt de heer Friso (GL) of de heer Otten met hem van mening is dat er een enorm gat wordt geslagen in de erfpachtsuppletie. Waarom pleit de PvdA ook voor vergroening terwijl tegelijk een voorstel wordt gedaan waardoor de vergroening niet kan worden waargemaakt? De heer Otten (PvdA) kan niet reageren op een voorstel dat nog niet is ingediend. De heer Theeuwen (SP) begreep van het college dat 30 procent sociale huur niet mogelijk is. Zij beriep zich op een vertrouwelijk rapport van Fakton.
30 procent sociale huur levert een business case op die niet alleen haalbaar is, maar ook voldoende geld oplevert om in de openbare ruimte te kunnen investeren. De SP dient met zes andere partijen, die voor meer sociale huurwoningen staan, een amendement (zie bijlage A210003.03) in om de keuze te maken voor 30 procent sociale huurwoningen. Het geld dat hiervoor nodig is, wil het college in de openbare ruimte investeren. Daarvoor is geen enkele onderbouwing aangedragen. Een inhoudelijke keuze daarover is niet aan de gemeenteraad voorgelegd. Waarom heeft het college geen onderbouwing gegeven, noch de gemeenteraad de keuze hierover gelaten? Bij interruptie vraagt de heer Friso (GL) of het een goed idee zou zijn om juist vast te leggen dat de bijdrage van de ontwikkelaar in vergroening wordt gestoken. De heer Theeuwen (SP) zegt dat GL hier probeert te doen is het benodigde geld om in 30 procent sociale huur te investeren, te steken in een groenverhaal, waarvan onduidelijk is wat daarvan terecht komt. De SP en zes andere fracties kiezen voor 30 procent sociale huur in plaats van dat geld over te hevelen naar de openbare ruimte. Bij interruptie vraagt de heer Gaulard (D66) of er meer geld over is voor het inrichten van de openbare ruimte wanneer wordt vastgehouden aan 20 procent sociale huur. De heer Theeuwen (SP) antwoordt dat er dan meer geld over is.
Daarvoor wordt tien procent aan sociale huurwoningen opgeofferd. Onduidelijk is wat er met een miljoen euro gaat gebeuren. Het is belangrijk om meer betaalbare woonruimte in Nederland te creëren. Die kans ligt nu voor. Leiden moet die kans met beide handen pakken. Voor het groen wordt zeker ook een oplossing gevonden. De heer De Crom (VVD) spreekt van een mooi plan en een goede kans voor een flink aantal
26
woningen. De zorgen van de buurt zijn in de commissie besproken. In de volgende fase wordt er hard aan gewerkt om die zorgen weg te nemen. Er komt een goede parkeeroplossing. De VVD tekent een voorstel mee dat het CDA nog gaat indienen. Dit plan is niet alleen een mooie kans voor wonen, maar ook voor werk en voorzieningen, in de nabijheid van het groeiende Bio Science Park. Er liggen kansen voor start ups en flexwerkplekken. Samen met D66 en PS dient de VVD een motie (zie M210003.01) in om de mogelijkheden hiervoor te verkennen. Bij interruptie vraagt de heer Theeuwen (SP) of de VVD voor 30 procent sociale huurwoningen gaat kiezen of voor een uitgave van een miljoen euro in de openbare ruimte. De heer De Crom (VVD) zegt dat de VVD voornamelijk wil bouwen voor de doorstroming. Er moet meer worden aangeboden in de vrije sectormarkt. Mensen die nu scheefwonen kunnen dan doorstromen naar een vrije sectorwoning, waardoor er weer woningen beschikbaar komen in de sociale sector. Bij dit plan is het belangrijk dat er voldoende wordt gebouwd voor de doorstroom in alle prijscategorieën. De balans zoals die nu wordt gegeven, vindt de VVD voldoende. De buurt wil echt een grote inzet op de openbare ruimte. In die zin wordt het voorstel van de SP niet gesteund door de VVD. Bij interruptie vraagt de heer Otten (PvdA) of flexplekken voorgaan op de voorzieningen, of kan het een extra zijn.
De heer De Crom (VVD) weet dat er veel vierkante meters beschikbaar zijn voor commerciële ruimte. Over de bestemming moet nog een knoop worden doorgehakt. Het pand is gelegen vlak bij het Bio Science Park. Beginnende ondernemers hebben behoefte aan betaalbare ruimte om hun onderneming te starten. Het is een goede locatie om flexwerkplekken te realiseren. De VVD wil het idee verkennen. De heer Gaulard (D66) meldt dat veel over dit gebied wordt gesproken door de raad. Dat is prachtig. Veel mensen zijn blij over de manier waarop het gebouw wordt hergebruikt. Niemand is eigenlijk tegen de herontwikkeling van dit gebouw. Het brengt wel een aantal problemen met zich mee, die te maken hebben met de inrichting van de openbare ruimte. De contouren van het gebouw zijn bepaald. Dat is een verzwaring van de opgave voor de ontwikkelaar. D66 heeft goed naar de buurt geluisterd. De fractie wil een forse investering in de kwaliteit van de openbare ruimte. Om die reden wordt het voorstel van GL gesteund. De motie van de VVD heeft D66 ook meegetekend. Juist die plek is bij uitstek geschikt om creatief ondernemerschap mogelijk te maken. Bij interruptie vraagt mevrouw Heijnen (CDA) of de heer Gaulard met haar van mening is dat de buurt juist zorgen heeft uitgesproken over recreatief groen.
Hoe zorgt D66 voor echt recreatief groen, waar men de hond kan laten uitlaten en waar men kan picknicken? De heer Gaulard (D66 antwoordt dat hiervoor kan worden gezorgd door aan deze zaken aandacht te besteden in het separate voorstel dat nog aan de raad wordt voorgelegd. Het voorstel van GL is helder. Het vraagt om divers en kwalitatief groen toe te voegen aan de wijk. Het voorstel dat separaat volgt zal daarop worden beoordeeld. Bij interruptie vraagt de heer De Crom (VVD) wat de heer Gaulard ervan vindt dat D66, als coalitiepartner het plan in gevaar brengt door een voorstel van de SP mee in te dienen. De heer Gaulard (D66) vindt dat 30 procent sociale woningen voor de stad staat, maar dat
27
maatwerk mogelijk is. Er kunnen woningen worden toegevoegd en de garantie op een goed ingerichte openbare ruimte kan worden afgegeven. D66 maakt daarin een andere afweging. Bij interruptie vraagt de heer Otten (PvdA) over de erfpachtsuppletie of D66 mogelijkheden ziet om net als bij andere woningbouwprojecten op andere wijze de financiën te regelen voor de openbare ruimte. De heer Gaulard (D66) zou deze interessante discussie willen voeren bij de Omgevingsvisie 2.0. Als wordt verdicht in de stad is de vraag hoeveel geld daarbij moet worden gereserveerd om ook de zachte kant van het geheel goed in te richten. Mevrouw Heijnen (CDA) zegt dat het CDA voorstander is van bouwen, zeker wanneer bestaand vastgoed kan worden getransformeerd. De fractie is blij met de omvang van het pand. Ze heeft wel zorgen over de weerslag op het voorzieningenniveau in de wijk. Er komen 425 extra woningen in een gebied waar er nu 280 zijn, zonder dat daar enig groen of speelplaats aan toe wordt gevoegd. Het CDA vroeg diverse keren waar dit gerealiseerd zou kunnen worden. Hierop kwam nog geen antwoord. Samen met de SP, PvdD, PvdA, VVD, CU en PS dient het CDA een motie (zie bijlage M210003.02) in om inzichtelijk te maken hoeveel groenvoorzieningen het college voornemens is toe te voegen voor de nieuwe bewoners en dit bij het bestemmingsplan aan de raad voor te leggen.
Bij interruptie vraagt de heer Friso (GL) wat mevrouw Heijnen zelf een passende groenvoorziening vindt voor de nieuwe bewoners. Mevrouw Heijnen (CDA) zegt dat haar fractie daarvoor zeker ideeën heeft, die ze bij de bespreking van het bestemmingsplan naar buiten zal brengen. Het CDA is benieuwd naar de afstand voor nieuwe bewoners tot die groenvoorzieningen. Het CDA vraagt zich af wanneer het extra groen dat nodig is voor deze nieuwe woningen, op de tocht komt te staan. Dit is een kunstgreep en een laatste poging om toch nog iets voor die bewoners te regelen. Het gaat het CDA niet om vergroening in het algemeen. De fractie maakt een duidelijk onderscheid tussen vergroening van de openbare ruimte en groen waarin bewoners kunnen recreëren. Bij interruptie vraagt heer Theeuwen (SP) of de raad niet had moeten weten wat er kan worden gekocht van het geld dat hiervoor nu wordt uitgegeven. Mevrouw Heijnen antwoordt bevestigend. Het CDA vindt het een gekke situatie om eerst het plan van een ontwikkelaar af te wachten en dan de kaders met betrekking tot sociale huur en vergroening onder de loep te nemen. De hoeveelheid vergroening had al in het ontwikkelperspectief moeten zitten. Er zijn twee locaties waar met potlood groen kan worden geschetst, terwijl de raad niet wordt verteld welke locaties dat zijn, dat is voor het CDA te mager.
Bij interruptie vraagt de heer Gaulard (D66) of het CDA het met D66 eens is dat de kaders voor groen in het gehele gebied in december zijn vastgesteld. Het is toch beter om die uitwerking integraal voor het gehele gebied aangeleverd te krijgen in plaats van voor dit ‘postzegeltje’? Mevrouw Heijnen (CDA) is dat zeker eens met D66. Was het maar uitgewerkt in het ontwikkelperspectief. Dan had dit het CDA gerust kunnen stellen dat die voorzieningen voor bewoners er komen. Wat het CDA in het ontwikkelperspectief en in de beantwoording van het college ziet is dat er veel vergroening van de openbare ruimte plaatsvindt. Dat vindt het CDA
28
zeker belangrijk, maar dat is geen vervanging voor recreatief groen, waar mensen kunnen vertoeven. Het CDA ziet nergens dat onderscheid. De fractie wil inzetten op recreatief groen. Bij interruptie vraagt de heer Kersten (PS) of mevrouw Heijnen met het eens is dat in december is vastgesteld dat er in de Verbeekstraat groen wordt gepland. Mevrouw Heijnen (CDA) denkt dat het niet comfortabel picknicken is in een vergroende middenberm. Het CDA is blij met dat type groen, maar de fractie ziet dat niet als een verlichting voor de buurt. De heer Van der Kaap (PvdD) zegt dat de transformatie van kantoren naar woningen de voorkeur heeft als het gaat om het toevoegen van woonruimte. Het is een vorm van hergebruik en recycling. Dat kan de PvdD alleen maar toejuichen, zeker als het aansluit bij de duurzaamheidsambities. Het gaat bij het toevoegen van woningen en bewoners niet alleen om de vierkante meters binnenshuis maar ook om die buitenshuis, die de nieuwe en bestaande bewoners kunnen worden geboden. De PvdD betreurt het dat bij het voorliggende raadsvoorstel alleen wordt gesproken over de binnenruimte. De belangrijke buitenruimte, faciliteiten en groen komen later. De PvdD wil dat meer in samenhang en meer integraal behandelen.
Daarom dient de PvdD met het CDA en andere partijen een motie in die vraagt om een kwantificering van de extra groenvoorzieningen en speelplaatsen, gerelateerd aan het aantal te realiseren woningen. Liever had de PvdD dit in samenhang behandeld en niet, zoals nu, achteraf. Er wordt onvoldoende waarde gehecht aan het belang van groen in de directe woonomgeving. Het college houdt de raad een wortel voor. Als wordt afgezien van 30 procent sociale huur en wordt ingestemd met 20 procent, dan is er meer geld voor vergroening. Het amendement dat vasthoudt aan 30 procent is om die reden mede ondertekend door de PvdD. De heer Van der Kaap heeft moeite met de framing dat er gekozen moet worden tussen groen en sociaal. Dat is een keuze die de fractie niet wil maken. Het is merkwaardig dat die uit de koker van GL komt. Het duidt een beetje op politieke schizofrenie. Bij interruptie vraagt de heer Gaulard (D66) waar de PvdD heeft gelezen dat het voorstel door GL en D66 een keuze voorlegt tussen sociaal of groen. De heer Van der Kaap (PvdD) legt uit dat er een miljoen euro vrijkomt door voor 20 in plaats van 30 procent sociale huur te gaan. De PvdD wil haar keuze niet afhankelijk maken door het al dan niet kiezen voor sociale huur. Vergroening mag niet ten koste gaan van de sociale woningbouw.
Bij interruptie vraagt de heer Friso (GL) of de PvdD vindt dat het geld niet door de ontwikkelaar maar door de gemeente moet worden betaald. De heer Van der Kaap (PvdD) antwoordt dat de PvdD vergroening te belangrijk vindt om het afhankelijk te laten zijn van wat er uit een marktpartij gehaald kan worden. De heer Kersten (PS) vindt ook dat de gemeente de taak heeft om te vergroenen. Dat moet niet afhankelijk zijn van erfpachtsuppletie of de opbrengsten van een businesscase van een project. Met de bewoners van de omgeving vindt PS dat het een mooi project is. PS is blij dat er 145 bij komen in de wijk. Met de bewoners is de fractie ook van mening dat de participatie in het vervolgtraject beter moet. Men zag niets terug van ingediende zaken. De raad gaat nu groen en een speelplaats voorstellen. PS steunt het voorstel van de VVD om in de plint ondernemers een plek te bieden. Dit zal de exploitatie van het gebouw ten goede komen
29
en gaat niet ten koste van woningen. PS is voor het idee van GL om de duurzaamheid te bevorderen. Het college moet zich aan BENG houden. Dit zou ook moet gelden voor garages en winkelruimtes. De heer Krol (CU) zegt dat er op hoofdlijnen een redelijk goed voorstel ligt. CU ziet op een aantal punten nog ruimte voor verbetering. De CU heeft moeite met de argumentatie van het college om 20 in plaats van 30 procent sociale woningbouw toe te voegen. Het is lastig om een afweging te maken tussen 20 of 30 procent sociale woningen of een zo groen mogelijke inrichting anderzijds. Met het CDA wordt het voorstel gedaan om de extra groenvoorzieningen en speelplaatsen gerelateerd aan het aantal nieuwe woningen te kwantificeren en aan te geven waar dit gerealiseerd wordt. Ook het amendement van GL wordt van harte gesteund. De CU is ook geneigd om het amendement van de SP te steunen om 30 procent sociale woningen toe te voegen, maar de heer Krol is eerst benieuwd naar de argumenten van het college. Wethouder Spijker zegt dat dit plan een Nota van Uitgangspunten is. Het betreft een gebouw dat er al staat. Dat is wezenlijk anders dan wanneer het om nieuwbouw gaat. De wethouder is trots dat bij dit plan kan worden gesproken over transformatie. De ontwikkeling is circulair. Deze mogelijkheid in de stad moet ook echt worden benut. Het voorstel is om 60 procent betaalbaar wonen toe te voegen.
Er is veel discussie over 20 en 30 procent sociale huur. Stadsbreed is afgesproken om 30 sociaal te bouwen. Met de bouwmonitor wordt periodiek aangegeven wat de stand van zaken is. Het college is met het beleidsakkoord aan de slag gegaan om 30 procent sociaal op te nemen in de ontwikkeling van het stationsgebied. Het Rijk heeft Leiden meer dan vier miljoen euro toegekend om 700 woningen te realiseren in het stationsgebied, waarvan 75 procent betaalbaar. Dat is een mooie stap voorwaarts. Leiden heeft sociale huurwoningen nodig, maar ook woningen net daarboven. Doorstroming is ook nodig, zoals de heer De Crom al meldde. Bij De Zwijger komen ook heel veel sociale huurwoningen. Turkoois is met 100 woningen in handen van Portaal gekomen. Er zijn al grote stappen gemaakt om 30 procent te realiseren. Dit project leent zich minder goed voor 30 procent sociaal. Dat is omdat het een bestaande gebouw is, waarbij er rekening moet worden gehouden met een bepaalde indeling en kolommen. Vandaar dat aan 60 procent betaalbaar kan worden gedaan. Er kunnen enorm grote woningen worden gerealiseerd. Sociaal drukt altijd op de businesscase. Een ander belangrijk argument is de erfpachtsuppletie. Fakton heeft uitgerekend wat de waardevermeerdering is. Dat is niet de businesscase. Daar komt een miljoen euro meer uit. Dat bedrag kan worden geïnvesteerd in het groen in de omgeving.
Het college maakte al een plan in het Ontwikkelperspectief De Mors. Dat is wat meer hoog over, maar de raad heeft daarover wel besloten. Het idee is steeds geweest om met deze nota van uitgangspunt dit plan voor te leggen. In de Verbeekstraat zijn nog andere ontwikkelingen. Na de transformatie kan ook de openbare ruimte worden aangepakt. Dan is duidelijk wat de transformatie op de Verbeekstraat doet. Tevens is er zicht op de gelden die binnenkomen. Dat is een reden waarom de raad dit op een later moment krijgt voorgelegd. Het amendement van GL stelt voor om de erfpachtsuppletie als dekking te gebruiken. Het college kan het amendement omarmen. Het college zal zich inspannen om bij de bestemmingsplanwijziging een inrichtingsplan aan de raad voor te leggen. Dat zal zijn op basis van Voorlopige Ontwerpen en voorlopige normbedragen en met een zicht op dekking. Bij interruptie vraagt de heer Otten (PvdA) over de investering van 16 miljoen euro voor het vergroenen van het Bio Science Park waarom op deze locatie erfpachtsuppletie de enige manier
30
is om groen te kunnen toevoegen. Wethouder Spijker zegt dat het Bio Science Park niet te vergelijken is met dit project. Er zijn hybride vormen van gebiedsontwikkeling. Als de stad wordt verdicht moet dit gelijk oplopen met vergroening. Er moet goed worden nagedacht over waar het geld vandaan moet worden gehaald. Hier ligt een kans om met erfpachtsuppletie een bedrag beschikbaar te hebben voor vergroening. Er is afgesproken dat wordt gewerkt aan sociaal stadsbreed. In de Woonvisie is opgenomen dat wordt gekeken naar een menging in een gebied en naar de mooiste balans in doelgroepen en woningen die kunnen worden gerealiseerd. Bij interruptie vraagt de heer De Crom (VVD) over het voorstel van GL of dit andere consequenties met zich meebrengt dan het college al van plan was. Wethouder Spijker antwoordt dat het plan van het college is om de erfpachtsuppletie voor vergroening te gebruiken. GL stelt voor om dit in een navolgend voorstel direct inzichtelijk te maken. De wethouder ziet het als een oproep om dit gelijktijdig met de bestemmingsplanwijziging te laten lopen. Dat zal altijd een apart besluit zijn. Het gaat over de openbare ruimte. Bij interruptie vraagt de heer Theeuwen (SP) om een beantwoording van zijn vragen. Wethouder Spijker zegt dat in een Ontwikkelperspectief staat aangegeven wat het college aan vergroening in het gebied wil.
Er is pas een Voorlopig ontwerp of inrichtingsplan als bekend is wat er in het gebied gaat plaatsvinden en welke financiën beschikbaar zijn om vergroening te realiseren. Deze Nota van Uitgangspunten is van de eigenaar van het perceel die bebouwing wil realiseren. Het is in dit huis niet gebruikelijk om daar dan direct allerlei zaken zoals de openbare buitenruimte aan toe te voegen. Het college hoort een roep over verduidelijking. Naar aanleiding van het amendement van GL en de motie van het CDA streeft het college ernaar om dat gelijktijdig voor te leggen. Het college heeft een afweging gemaakt, uitgaande van 30 procent stadsbreed is. Leiden is daar goed mee op weg. Voor deze locatie heeft het college gemeend dat 60 procent betaalbaar een logische plek is om hier te realiseren. Bij interruptie vraagt de heer Kersten (PS) waarom het college blijft doorgaan over 20 procent, terwijl het gehouden is aan 30 procent. Wethouder Spijker heeft deze vraag al meerdere keren beantwoord. Over het amendement over het woonruimte verdeelsysteem merkt de wethouder op dat in het kader van de Woonvisie uitvoeringsagenda is afgesproken dat zodra niet corporaties sociale huurwoningen bouwen deze aangeboden moeten worden via het woonruimte verdeelsysteem.
De plannen voor de Plesmanlaan zijn eerder ontstaan, in de tijd dat het nog 20 procent sociaal was en het verdeelsysteem nog geen verplichting was. Om die reden is het hier niet in terechtgekomen. Het college kan het amendement echter wel omarmen, omdat dit is afgesproken in de Woonvisie. Het is ook passend in dit project. Het amendement van de SP over 30 procent woningen sociaal is al uitvoering besproken. Er is een bewuste keuze gemaakt om voor 20 procent sociaal te gaan. Het streven is stadsbreed om 30 procent te halen. Het amendement wordt ontraden. Bij interruptie vraagt de heer Theeuwen (SP) of de afspraak voor 20 procent met de
31
projectontwikkelaar is gemaakt. Wethouder Spijker antwoordt dat die afspraak niet is gemaakt. Het was een kwestie van rekenen en tekenen. Het college is heel blij met 60 procent betaalbaar. Van de motie van de VVD over ruimte voor ondernemerschap wordt het college blij. Het is goed om te onderzoeken of er flexibele ruimtes zijn en werkplekken voor start ups. De motie wordt omarmd. Initiatiefnemer heeft al aangegeven zich hiervoor te zullen inspannen. De motie van het CDA gaat over het kwantificeren van groen- en speelvoorzieningen. De motie kan worden omarmd, maar daarbij wordt opgemerkt dat het college op dit moment niet gaat voor een bepaalde norm van groen ten opzichte van bewoning. In de eerste plaats wordt gegaan voor kwaliteit. Op basis van een Voorlopig Ontwerp kan inzichtelijk worden gemaakt hoeveel groen erbij komt in de omgeving. Bij interruptie vraagt mevrouw Heijnen (CDA) of de wethouder dan ook spreekt van recreatief groen. Het gaat niet om de vergroening van de totale omgeving. Wethouder Spijker kan de exacte inhoud niet aangeven, omdat er nog ontworpen moet worden. Ze legt dan voor wat het college op dat moment heeft bij de bestemmingsplanwijziging. Tweede termijn: De heer Friso (GL) zegt dat de gesuggereerde tegenstelling tussen groen en sociaal niet bestaat. De raad wil en/en. En/en kan alleen stadsbreed.
De coalitie regelt 30 procent sociale woningen., Hier moet worden geregeld dat de ontwikkelaar betaalt voor dit groen. Vergroening is locatie gebonden. Laten we op deze locatie die verantwoordelijkheid gezamenlijk pakken. De heer Gaulard (D66) kan zich aansluiten bij de woorden van de heer Friso. De motie van het CDA en het amendement van de PvdA zijn omarmd door het college. D66 steunt deze dan ook. De fractie stemt tegen het amendement van de SP. In tegenstelling tot de heer Friso ziet de heer Van der Kaap (PvdD) de tegenstelling wel. De PvdD is minstens zo sterk voor een vergaande vergroening, alleen wil de PvdD dat niet laten afhangen van de relatie tot de erfpachtsuppletie. De ontwikkelaar verdient meer omdat de gemeente dan meer kan vergroenen. Dat principe stuit de PvdD tegen de borst. De PvdD stemt tegen dat amendement en voor alle andere voorstellen. Wethouder Spijker zegt dat het niet zo is dat de gemeente de ontwikkelaar laat verdienen en daarom het plan laat doorgaan. De waardebepaling staat los van wat de ontwikkelaar verdient. De gemeente heeft uitsluitend laten berekenen wat de erfpachtsuppletie doet als 20 of 30 sociaal wonen wordt gekozen. Dat staat los van de businesscase van de ontwikkelaar. Het college heeft er alle vertrouwen in dat de gemeente goed op weg is naar 30 procent sociale woningen stadsbreed. Er zijn goede prestatieafspraken gemaakt.
Landelijk is een beweging gaande om te investeren in de sociale woningbouw. Er komen allerlei gelden los. Er is een Volkshuisvestingfonds in het leven geroepen. Het college zit er bovenop om de stad echt van iedereen te maken en voor elk segment. De voorzitter gaat over tot stemming. A210003.01 ‘Integraal plan voor groene omgeving’
32
Amendement 1 wordt aangenomen met 29 stemmen voor en 9 stemmen voor. A210003.02 ‘Woonruimte verdeelsysteem’ Amendement 2 wordt met algemene stemmen aangenomen. A210003.03 ’30 procent van de woningen sociaal’ Amendement 3 wordt verworpen met 23 stemmen tegen en 15 stemmen voor. M210003.01 ‘Ruimte voor ondernemerschap’ Motie 1 wordt met algemene stemmen aangenomen. M210003.02 ‘Groene voorzieningen relateren aan nieuwe bewoners’ Stemverklaring: De heer Friso (GL) zegt dat deze motie niet veel regelt, maar een signaal afgeeft dat wel in lijn is met de visie en het eerdere amendement van GL bij het vaststellen van het ontwikkelperspectief. GL gaat er niet voorliggen en kan met de motie als signaal instemmen. Motie 2 wordt met algemene stemmen aangenomen. RV 21.0003 ‘Nota van Uitgangspunten Plesmanlaan 100’ Stemverklaringen: De heer Theeuwen (SP) vertelt dat de SP niet blij is met hoe de informatie tot de raad is gebracht en dat het amendement om 30 procent sociale woningen is weggestemd. Het is zo een mooi project om een gebouw om te zetten naar woonruimte dat de SP niet tegen kan stemmen. De heer Kersten (PS) is vanwege de niet aangenomen constructieve, goede zaken, teleurgesteld, maar de fractie stemt wel voor want het is een heel mooi project. De raad besluit met algemene stemmen overeenkomstig het zojuist geamendeerde raadsvoorstel.
Vanwege het bereiken van het tijdstip van 23.00 uur komt de voorzitter met een ordevoorstel. Het voorstel om de vergadering voort te zetten en de agenda af te maken wordt met 34 stemmen voor en 4 stemmen aangenomen. 17. RV 21.0005 Wensen en bedenkingen Uitvoeringsprogramma 2021 Vergunning Toezicht en Handhaving De voorzitter draagt bij dit agendapunt het voorzitterschap over aan de vicevoorzitter de heer Van Peijpe, hierna te noemen: voorzitter. Mevrouw Heijnen (CDA) zegt dat voor het CDA handhaving van misstanden op de woningmarkt een hoge prioriteit heeft en zeker ook de verhuurmarkt. In april 2020 vroeg het CDA samen met de CU aandacht voor het handhaven van de Verordening op woning- en kamerbemiddelingsbureaus. Uit antwoorden op die vragen bleek dat Leiden een brakke verordening had die niet uitvoerbaar was. Een nieuw stelsel van regels werd binnen een paar maanden beloofd. Samen met de CU en PS wil het CDA de wens opnemen om deze maatregelen te implementeren en om halfjaarlijks over de voortgang te rapporteren. Hiertoe wordt een amendement (zie bijlage A210005.01) ingediend. Bij interruptie vraagt de heer Otten (PvdA) of het amendement betekent dat er meer handhavingscapaciteit moet komen, of dat er op andere terreinen minder gehandhaafd moet worden.
33
Mevrouw Heijnen (CDA) antwoordt dat er niet meer handhavingscapaciteit voor nodig is. Het stelsel van regels laat nog op zich wachten. Met allerlei maatregelen kan worden aangehaakt bij bestaande maatregelen. De heer Krol (CU) zegt dat er een prima Uitvoeringsprogramma voorligt. Er is een onderwerp dat daarin ook nog meegenomen zou moeten worden, namelijk prioriteit van handhaving en regulering van de verhuurmarkt. Daarom wordt samen met het CDA een amendement ingediend. Het college kondigde afgelopen zomer aan dat het de komende maanden werk zou maken van een stelsel van maatregelen om misstanden op de verhuurmarkt tegen te gaan. De CU wil dat graag als prioriteit terugzien in de handhaving. Burgemeester Lenferink zegt dat er na de beantwoording van schriftelijke vragen nog een belangrijk moment is geweest waarop dit onderwerp besproken is, namelijk in de commissie van 1 oktober. Toen is uitgebreid stilgestaan bij alle maatregelen. De burgemeester heeft toen duidelijk gemaakt dat dit voor het overgrote deel geen taak van de gemeente is. De gemeente heeft daarin geen bevoegdheden. In de antwoorden van het college is gesteld dat het college met een aantal dingen aan de slag zou gaan. Het college gaat met de aanpak van verkamering het vraagstuk van huren meenemen in de beoordeling. Tot een bepaald niveau kan het college daar iets mee. Dat is onderdeel van de aanpak.
De raad zal dat in de evaluatie terug vinden. Er is gesproken over het inzetten van een huurteam. Dat is geen bevoegdheid, maar een hulpmiddel voor kamerbewoners om hun recht te halen. De gemeente kan niet handhaven op de hoogte van huren, noch op zaken die bij verhuurders spelen. De Huurcommissie kan daarin wel een hulpmiddel zijn. Die kan uitspraak doen. Een huurteam kan huurders helpen om makkelijker naar de Huurcommissie te stappen om een uitspraak te krijgen. Dat huurteam is op 1 oktober uitgebreid besproken. De conclusie was toen dat het een belangrijk instrument is. Afgelopen dinsdag heeft het college daarover een besluit genomen. Er wordt een tender gehouden om te beoordelen wie op basis van een door de gemeente verstrekte subsidie een belangrijke bijdrage aan de invulling kan leveren. Als er signalen zijn kan de gemeente ook melding doen bij de Autoriteit Consument en Markt. In de motie wordt verwezen naar een aansluiting bij de ontwikkeling van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. Dat leidt ook niet vandaag of morgen tot een nieuwe actie. Het ministerie ziet dat dit een probleem is en wil ook graag actie ondernemen. Daarvoor zijn allerlei wetswijzigingen nodig. Men is aan het zoeken naar een nieuwe aanpak op dit vlak. Dat doet het ministerie samen met gemeenten. Leiden maakt daarvan ook deel uit.
Het kan niet elk half jaar tot een resultaat leiden. Bij interruptie vraagt mevrouw Heijnen (CDA) waarom nu de stand van zaken wordt besproken. Waarom is het college niet eerder teruggekomen op de belofte in het antwoord op de schriftelijke vragen, dat binnen een aantal maanden een stelsel van regels zou komen? Burgemeester Lenferink zegt dat daarover juist op 1 oktober is gesproken. De commissie Stedelijke Ontwikkeling was uitgenodigd om bij die behandeling aanwezig te zijn. Toen zijn alle punten doorgelopen en is geconstateerd dat het huurteam het belangrijkste instrument is. Het is jammer dat de gemeente daarop niet kan acteren. De wetgever heeft ten aanzien van de hoogte van de huren nadrukkelijk aangewezen wie daarover uitspraken kan doen. De gemeente kan daar niet op acteren. De vorige verordening was een poging om je als gemeente te wurmen in een situatie waarin je eigenlijk geen bevoegdheden hebt. Die is niet goed gelukt. Dat is de reden om het nu over een andere boeg te gooien. Bij het Verkameringsbeleid gaat de gemeente, voor zover dat mogelijk is, dat thema zo goed mogelijk behandelen. De raad krijgt binnen afzienbare tijd de evaluatie te zien. Het belangrijkste instrument is het inzetten van een huurteam. Daarover nam het
34
college op 16 februari jl. een besluit. Het inzetten van de Huurcommissie is een wettelijk recht. Onderzoek doen bij andere gemeenten is gebeurd. De conclusie was dat het ook geen effectief instrument was. De overweging om een ondermijningsbepaling op te nemen is nog in onderzoek. Dit kan niet op korte termijn worden uitgevoerd. Het college ontraadt het amendement. Het valt grotendeels buiten de mogelijkheden van de gemeente. Bij de evaluatie van het verkameringsbeleid kan de raad met het college bespreken wat er op dat vlak gebeurt. Het voorstel over het huurteam wat in het college tot een besluit heeft geleid, kan de raad ook zien. Bij interruptie vraagt de heer Krol (CU) waarom de raad niet halfjaarlijks kan worden geïnformeerd over die zaken waarin de gemeente wel een rol kan spelen. Waarom kan de ondermijningsbepaling niet worden opgenomen in de APV? Burgemeester Lenferink heeft niet gezegd dat de ondermijningsbepaling niet kan worden ingezet. Hij gaf aan het dat niet op korte termijn tot een resultaat leidt. Dit vraagt de nodige voorbereiding. Het heeft dan ook geen zin om hierover op korte termijn te rapporteren. De overige punten die de burgemeester heeft genoemd hebben al tot een conclusie geleid. Ook daarin helpt een halfjaarlijkse rapportage niet. Het eerste punt in de motie maakt onderdeel uit van het Verkameringsbeleid en daarover volgt binnenkort een evaluatie.
Het college constateert dat de wetgever dit onderwerp grotendeels bij andere organisaties heeft gelegd. Het ministerie ziet zelf ook wel dat het stelsel om het probleem aan te pakken niet erg sterk is in Nederland. Tweede termijn: Mevrouw Heijnen (CDA) zegt dat het CDA voldoende aanknopingspunten ziet om halfjaarlijks op de hoogte te worden gehouden. Het amendement blijft gehandhaafd. De heer Van Diepen (D66) constateert dat de mogelijkheden vrij beperkt zijn voor een gemeente. Het is goed dat in het najaar is gekozen voor een vergroting van het budget voor het huurteam. Dat lijkt het middel te zijn wat de gemeente kan inzetten. D66 blijft daarover graag op de hoogte. De fractie stemt tegen het amendement. De heer Friso (GL) zegt dat wanpraktijken in de kamerbemiddeling aangepakt moeten worden. Dat lukt helaas niet met een lokale verordening. Een stelsel maatregelen is aangekondigd. Daarin staan zaken waarvoor GL zich hard heeft gemaakt, zoals het huurteam. Maatregelen zijn niet hetzelfde als regels. De vraag is of de regels gehandhaafd worden bij verkamering. De overige maatregelen hebben de steun van GL, maar die zijn geen onderdeel van dit Uitvoeringsprogramma. Wat GL betreft valt er verder niet zoveel te rapporteren. De fractie ziet niet de toegevoegde waarde van het amendement.
De heer Otten (PvdA) vertelt dat de PvdA samen met het CDA graag blijft nadenken over hoe deze kwestie goed kan worden aangepakt. Gehoord hebbende het debat ontstaat het gevoel dat het amendement niet goed past bij het voorstel dat nu voorligt. Daarom zal de PvdA op dit moment tegen stemmen. De heer De Crom (VVD) merkt op dat de fractie de intentie van het amendement volledig deelt. Echter wat de burgemeester opmerkt valt ook goed te begrijpen. Het zou mooi zijn als de burgemeester kan aangeven hoe hij met het onderwerp aan de slag gaat. Mogelijk kan het hij het op de agenda in Den Haag krijgen? De VVD zal het amendement steunen en hoopt dat bij de uitvoering nader tot elkaar kan worden gekomen.
35
Burgemeester Lenferink begrijpt dat het voor de raad een belangrijk onderwerp is. Het is een lastig thema als het gaat om de inzet van instrumenten. Hij geeft in overweging om de discussie te voeren bij het Jaarverslag. Wethouder Spijker is druk bezig met het inrichten van het huurteam. De burgemeester kan geen enkele belofte doen over de termijn van inzet van de ondermijningsbepaling. Tussentijdse rapportage heeft geen zin, omdat er niets te rapporteren valt. De heer Van Peijpe draagt het voorzitterschap weer over aan burgemeester Lenferink, hierna te noemen: voorzitter. De voorzitter gaat over tot stemming. A210005.01 ‘Prioriteit voor handhaving en regulering verhuurmarkt’ Amendement 1 wordt verworpen met 23 stemmen tegen en 15 stemmen voor. RV 21.0005 ‘Wensen en bedenkingen Uitvoeringsprogramma 2021 Vergunning Toezicht en Handhaving’ Stemverklaring: Mevrouw Heijnen (CDA) vertelt dat dit voor het CDA een lastig punt is. Eerst wordt naar een vergunning ‘gegrepen’, dan naar een stelsel van maatregelen, vervolgens naar een prioriteit en nu naar vrijwel niets. Het CDA zal zich op inhoudelijke opties beraden, maar zal nu voor dit voorstel stemmen. De raad besluit met algemene stemmen overeenkomstig het voorstel. 18. Moties VOD SP n.a.v. Wethoudersbrief evaluaties maatwerkbudget en stichting leergeld De heer Van Halm (SP) constateert dat het maatwerkbudget echt niet functioneert.