RKC Leiden Leiderdorp Jaarverslag 2021 Onderzoeksagenda 2022-2023
Tekst van het document
29
College x
b.
c.
informatiebehoefte, los van de bestaande voorschriften en procedures, bij de raad gepeild. En daarbij wordt gezorgd voor regelmatige en toegankelijke informatie aan de raad die uitdaagt en verleidt tot het nemen van de rol die de raad in deze discussies dient te nemen. Zie erop toe dat de voorstellen aan de raad helder en eenduidig verwijzen naar dit eigen kader. Gebruik in ieder geval ondubbelzinnige terminologie: het eigen gemeentelijk kader voor Leiderdorp is iets anders dan de beleidskaders of de kadernota van een verbonden partij zelf, of regionale afspraken over de financiering van verbonden partijen dan wel wettelijke kaders die voor een samenwerkingsverband gelden. Zet de raadsvoorstellen met betrekking tot de financiële stukken van verbonden partijen strakker en eenduidiger op: de kadernota en een voorlopige jaarrekening zijn ter informatie, en bij de ontwerpbegroting kan een zienswijze worden gegeven. Beschikt de raad daarnaast nog over andere ‘positieve’ mogelijkheden, bijvoorbeeld op grond van een eigen gemeentelijk kader of regionale afspraken, vermeld dit dan eveneens in het voorstel en gebruik hiervoor een eenduidige taal.
2.
Te agenderen voor voorbereiding in de commissie regionale samenwerking en bespreking in het politiek forum, de vraag of de nog geldende Nota Verbonden Partijen (2011) en de huidige opzet van de paragraaf verbonden partijen in de gemeentebegroting (nog) beantwoorden aan de actuele informatiebehoefte van de raad.
x
3.
Het presidium te verzoeken te agenderen voor het politiek forum en de raad van het door het college gemaakte actuele en beknopte gemeentelijk kader voor de samenwerking (zie 1.a). De raad kan aan de hand hiervan bespreken en bepalen op welk moment en met welke informatie de raad bij een samenwerking betrokken wordt.
x
Betreffende prioritering en sturing in samenwerkingsverbanden: 1. Het college te verzoeken een advies voor te bereiden aangaande prioritering samenwerkingsverbanden zodat deze geagendeerd kan worden in de commissie regionale samenwerking.
4.
x
2. Te agenderen voor voorbereiding in de commissie regionale samenwerking en bespreking in het politiek forum, de vraag of de nog geldende Nota Verbonden Partijen (2011) en de huidige opzet van de paragraaf verbonden partijen in de gemeentebegroting (nog) beantwoorden aan de actuele informatiebehoefte van de raad.
x
Het presidium te verzoeken te agenderen voor het politiek forum en de raad van het door het college gemaakte actuele en beknopte gemeentelijk kader voor de samenwerking (zie 1.a). De raad kan aan de hand hiervan bespreken en bepalen op welk moment en met welke informatie de raad bij een samenwerking betrokken wordt.
x
Betreffende prioritering en sturing in samenwerkingsverbanden: 1. Het college te verzoeken een advies voor te bereiden aangaande prioritering samenwerkingsverbanden zodat deze geagendeerd kan worden in de commissie regionale samenwerking. 2. Op voorstel van de commissie regionale samenwerking raadsrapporteurs aan te stellen om de geprioriteerde samenwerkingsverbanden te volgen. De raadsrapporteurs nemen kennis van zienswijzen van andere gemeenten en brengen gevraagd en ongevraagd ‘neutraal’ advies uit aan de raad.
30
x
x
5.
De commissie regionale samenwerking samen met de griffie het gesprek over verbinding met raadsleden van andere gemeenten voort te laten zetten.
x
Betreffende de implementatie aanbevelingen: 4. Het college te verzoeken om in 2022 te rapporteren over de voortgang van de uitvoering van de aanbevelingen in de rekenkamerbrief.
RV Z/21/124827/261165 gemeenteraad Leiderdorp 31 januari 2022 Aanbevelingen rapport Rekenkamercommissie Leiden-Leiderdorp, ‘Bomen in Leiderdorp, papier en praktijk’ (Herplantfonds), aangeboden 18 oktober 2021 Voorstel tot besluit Raad 1. De conclusies uit de brief van de Rekenkamercommissie over te nemen en naar aanleiding van de aanbevelingen van de Rekenkamercommissie het college te verzoeken: a. bij toekomstig bomenbeleid een keuze voor te bereiden voor de raad tussen: 1) een beleid gebaseerd op het criterium kwalitatieve herplant, 2) een beleid gebaseerd op vervanging op basis van aantallen, 3) een beleid gebaseerd op vervanging van boomwaarde. b.
Indien blijvend gekozen wordt voor een beleid op basis van het criterium kwalitatieve herplant: • Een bewuste afweging te maken tussen het belang van bomen en groen en andere maatschappelijke opgaven bij ruimtelijke ontwikkelingen; • Objectieve criteria te ontwikkelen om te toetsen wanneer voldaan is aan voldoende ‘kwalitatieve herplant’ bij ruimtelijke projecten; • Bij de toetsing van de criteria het groenoverleg te betrekken als adviesorgaan.
c.
Manieren te vinden om het Herplantfonds actiever te gebruiken in het kader van het garanderen van voldoende vervanging van gekapte bomen en/of boomwaarde. Jaarlijks verantwoording af te leggen over de kap en herplant in kwantitatieve en kwalitatieve zin door onder andere inzicht te geven in de mutaties in het Herplantfonds en de bomenbalans waarbij: 1) voor de ruimtelijke projecten aangegeven wordt in hoeverre de in de groentoets beschreven vervanging ook daadwerkelijk is gerealiseerd, 2) in de bomenbalans nieuwe bomen pas mee te tellen op het moment dat de plant daadwerkelijk is gerealiseerd
d.
31
x
College x