CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept-besluitenlijst Gemeenteraad Leiden 8 oktober 2020

Gemeenteraad 28 januari 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Vaststelling besluitenlijst van 8 oktober 202037.703 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

GEMEENTERAAD VAN LEIDEN Besluitenlijst van de vergadering op 8 oktober 2020, 20:00 tot 01:40 uur __________________________________________________________________________ PLV VOORZITTER de heer W. van Peijpe VOORZITTER: de heer H.J.J. Lenferink (agendapunt 8 en 9) GRIFFIER: de heer G.F.C. Van Leiden LOCATIE: digitaal Aanwezig zijn voorts 39 raadsleden: de heer Bleijie (CDA), mevrouw Van Bree (GL), de heer De Crom (VVD), de heer Van Diepen (D66), de heer Dirkse (VVD), de heer Friso (GL), mevrouw Van Gaal (GL), de heer Gaulard (D66), mevrouw Gilissen (VVD), mevrouw Haliloviċ (D66), de heer Van Halm (SP), mevrouw Heijnen (CDA), mevrouw Herman (D66), mevrouw Van der Jagt (PvdA), de heer Jermoumi (PvdA), de heer Jitan (LP), mevrouw Jordan (D66), de heer Van der Kaap (PvdD), de heer Kersten (PS), mevrouw Klever (PvdA), de heer Köroğlu (D66), de heer Krijgsman (D66), de heer Krol (CU, tot agendapunt 18) mevrouw Van Kruijssen (GL, tot agendapunt 9), de heer Leest (VVD), de heer Olthof (D66), de heer Otten (PvdA), de heer Van Peijpe (GL), mevrouw Raat (PvdD), de heer Rowaan (GL), mevrouw Van Schaik-Gerritsen (PvdD), mevrouw Schreuder (GL), de heer van Spronsen (GL), de heer Storm (CDA), de heer Terlouw (GL, vanaf agendapunt 9), de heer Theeuwen (SP), mevrouw Verbree (VVD), mevrouw Voorwald (VVD), mevrouw Van Walraven (SP) en mevrouw Zeggelt (D66).

Tevens aanwezig: burgemeester Lenferink (tot agendapunt 11), de wethouders Damen (PvdA), Van Delft (GL), Dirkse (D66), North (GL) en Spijker (D66) en de gemeentesecretaris mevrouw Van Vliet. Afwezig is: geen

1. Opening De plv. voorzitter opent de vergadering. 2. Vaststelling van de agenda De agenda wordt gewijzigd vastgesteld met dien verstande dat:  op voorstel van de commissie Stedelijke Ontwikkeling, RV 20.0092 Voorbereidingsbesluit Lammenschansstrip, als hamerstuk wordt toegevoegd wordt aan de agenda. Het raadsvoorstel is tot de vergadering als geheim stuk behandeld, deze geheimhouding komt nu te vervallen;  op verzoek van de heer Krol (CU), RV 20.0081 Concept Omgevingsagenda 2040, als tweede bespreekpunt wordt behandeld. 3. Actualiteit De heer Bleijie (CDA) stelt vragen over ventilatie op scholen in verband met COVID-19. Wethouder Dirkse antwoordt namens het college. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) stelt vragen over vermeende discriminatie op basis van geaardheid. Wethouder Dirkse antwoordt namens het college.

1/95

4. Mededelingen De plv. voorzitter feliciteert namens de raad mevrouw Van Bree (GL) en de heer Krol (CU) hartelijk met de geboorte van hun zonen. Burgemeester Lenferink informeert de gemeenteraad over de stand van zaken met betrekking tot Covid19. Mevrouw Van Gaal (GL), de heer Kersten (PS), de heer Köroğlu (D66) en de heer Theeuwen (SP) stellen vragen aan de burgemeester. 5. Regeling van werkzaamheden De raad besluit overeenkomstig het voorstel met betrekking tot de Regeling van Werkzaamheden. 6. Ingekomen stukken 01. Brief Particulier mbt maaibeleid- en uitvoering d.d. 10092020 Brief voor kennisgeving aannemen 02. 5e Coronabrief aan raad d.d. 14092020 College B&W Brief desgewenst betrekken bij behandeling Corona-dossier in commissies 03. Brief Referendumkamer aan raad - kennisgeving mogelijk referenduminitiatief d.d.14092020 brief in handen stellen van presidium voor advisering proces 04. Brief Maatwerkbudget d.d.140915 Wethouder Damen Brief desgewenst betrekken bij begrotingsbehandeling 05. Brief stand van zaken ongedocumenteerden d.d.14092020 Wethouder Damen Brief te agenderen voor een vergadering van de commissie OS in afwachting van een behandelvoorstel van de VVD. lndien dit voorstel niet tijdig wordt aangeleverd wordt de brief voor kennisgeving aangenomen. 06.

Brief Leden en opdracht Evaluatiecommissie d.d.16092020 Rekenkamercommissie Brief voor kennisgeving aannemen 07. Brief Privatiseren Leidse markt d.d. 08092020 Wethouder Delft Brief voor kennisgeving aannemen 08. Brief Advies Kaderbrief 2020 - 2024 d.d.09072020 Ondernemingsraad Brief desgewenst betrokken bij de behandeling van de Kaderbrief 09. Reactie gs op advies OR Kaderbrief 2020 - 2024 d.d.07092020 Gemeentesecr. van Vliet Brief desgewenst betrokken bij behandeling Kaderbrief 10. Motie Raden in verzet - gemeente Middelburg d.d.180920 Brief voor kennisgeving aannemen 11. Brief Onbewaakte overgang FNV-Kadergroep Spoorwegveiligheid Brief voor kennisgeving aannemen 12. Brief 12e Noodverordening COVID-19 VRHM 20 september 2020 Brief voor kennisgeving aannemen 13. Brief Mensenrechten en Moria FNV d.d.210920 Brief voor kennisgeving aannemen 14. Brief Roomburg gemeenteraad reactie WOB verzoeken d.d.20092020 Brief desgewenst te betrekken bij behandeling RV 20.0088 Inrichtingsvoorstel wijksportpark Roomburgerpark 15. 10e Brief aan de raden COVID-19 d.d.20092020 VRHM T.z.t. betrekken bij de verantwoording Corona-maatregelen VRHM 16. Brief Voortgang Stimuleringsfonds Leiden d.d.22092020 College B&W 2/95

Brief desgewenst behandeld in commissie WM bij Corona-dossier 17. Ontslagbrief d.d. 22092020 raadslid Hester van Kruijssen (GroenLinks) Brief voor kennisgeving aannemen, afscheid op 8 oktober 2020 18. Brief Onderzoek samenwerkingsmodel bedrijfsvoering d.d. 24092020 College B&W Brief te agenderen in commissie WM 19. Brief Collegevoorstel bij reactie op initiatiefvoorstel CDA 'Samen tegen eenzaamheid' d.d.29092020 College B&W Brief te betrekken bij RV 20.0084 Initiatiefvoorstel Samen tegen Eenzaamheid in cie OS 15/10 en raad 10/11 20. Leidens Ontzet vieren we klein maar fijn Brief voor kennisgeving aannemen 22 Brief aan Presidium Datum en procesvoorstel rondetafelgesprek Jeugdzorg Wethoudersbrief M. Damen d.d.280920 Brief is behandeld door het Presidium 23 COVID bij dakloze ongedocumenteerde GIL Brief voor kennisgeving aannemen 24 Open brief Stichting Écht Scheiden Zonder Schade d.d.280920 Brief voor kennisgeving aannemen 25 14e Noodverordening COVID-19 VRHM d.d.29092020 VRHM T.z.t.

betrekken bij verantwoording Coronamaatregelen VRHM 28 Herinrichting Roomburgerpark Brief voor kennisgeving aannemen 29 2 en 3 oktober met digi bgm Brief B&W d.d.300920 Brief voor kennisgeving aannemen 30 Tijdelijk ontslag gemeenteraad Lianne Raat d.d.280920 Brief voor kennisgeving aannemen 31 Masterplan Verkeer Houtkwartier en de vervolgstappen d.d.300920 Brief voor kennisgeving aannemen De lijst van ingekomen stukken wordt gewijzigd (advies bij brief nr. 5) vastgesteld. 7. Vaststelling besluitenlijst De besluitenlijsten van 9 en 16 juli en 17 september 2020 zijn nog niet gereed en zullen in een volgende vergadering worden vastgesteld.

AFSCHEID, BEËDIGING EN BENOEMING LEDEN 8. Afscheid van Hester van Kruijssen (GL) en Lianne Raat (PvdD) De raad neemt afscheid van het raadslid Hester van Kruijssen (GL). De voorzitter bedankt haar hartelijk voor haar inzet als raadslid. De raad neemt tijdelijk afscheid van het raadslid Lianne Raat (PvdD). Mevrouw Raat zal vanaf 2 november een tijd afwezig zijn vanwege herstel van een operatie. Haar vervanger zal in de volgende raad worden beëdigd. 9. Beëdiging nieuw raadslid Marcel Terlouw (GL) De heer Köroğlu (voorzitter Commissie Onderzoek geloofsbrieven) vertelt dat de commissie bestaande uit de leden Van Gaal, Verbree, Bleijie en hemzelf de geloofsbrieven van het 3/95

opnieuw benoemde lid van de raad, de heer Marcel Terlouw, onderzocht en akkoord heeft bevonden. De commissie stelt daarmee vast dat de heer Terlouw als lid van de raad kan worden toegelaten. Marcel Terlouw (GL) wordt beëdigd als raadslid en gefeliciteerd. 10. Benoemingen in commissies De raad besluit om, op voordracht van de fractie van GroenLinks:  mevrouw Van Bree te benoemen als lid van de commissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid;  de heer Terlouw te benoemen als lid van de commissie Werk en Middelen;  de heer Friso te benoemen als lid van de commissie Stedelijke Ontwikkeling. De raad besluit om, op voordracht van de fractie van de VVD:  de heer Dirkse te benoemen als lid van de commissie Stedelijke Ontwikkeling. De raad besluit om, op voordracht van de fractie van Leiden Participeert:  de heer Jitan te benoemen als lid van de commissies Onderwijs en Samenleving, Werk en Middelen en de Commissie voor de Rekeningen;  het duolid de heer Siwpersad te benoemen als lid van de commissies Leefbaarheid en Bereikbaarheid en de commissie Stedelijke Ontwikkeling. Mevrouw Van Gaal (GL) wordt woordvoerder in de commissie Werk en Middelen. De heer Leest (VVD) wordt woordvoerder van de commissie Stedelijke Ontwikkeling.

HAMERSTUKKEN 11. RV 20.0077 Verordening tot intrekken verordening op de woning- en kamerbemiddelingsbureaus 2014 BESLUIT bij RV 20.0077 (incl. erratum): 1. De Verordening tot intrekking van de verordening op de woning- en kamerbemiddelingsbureaus 2014 vast te stellen Artikel 1 De Verordening op de woning- en kamerbemiddelingsbureaus 2014 wordt per 1 november 2020 ingetrokken. Artikel 2 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2. De datum van ingang is 1 november 2020 3. Deze verordening wordt aangehaald als “Intrekkingsverordening verordening op de woning- en kamerbemiddelingsbureaus 2014”. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.

4/95

12. RV 20.0082 Overname water Dobbewatering van het Hoogheemraadschap van Rijnland BESLUIT bij RV 20.0082: 1. over te gaan tot de aankoop van het water van de Dobbewatering van het Hoogheemraadschap van Rijnland voor een aankoopbedrag van € 350.000, bijkomende kosten € 20.000; 2. een investeringskrediet van € 370.000 beschikbaar te stellen voor de aankoop van het water. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.

13. RV 20.0083 Statutenwijziging Stichting Scholengroep Leonardo da Vinci 2020 BESLUIT bij RV 20.0083: 1. goedkeuring te verlenen aan de door de Stichting Scholengroep Leonardo da Vinci verzochte wijziging van haar statuten, welke betrekking heeft op de overgang van een éénhoofdig bestuur naar de mogelijkheid van een één- of meerhoofdig College van Bestuur, en bij een formeel aftreden volgens rooster in bijzondere omstandigheden een eenmalige verlenging van een jaar van de zittingsperiode van een lid van de Raad van Toezicht. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.

14. RV 20.0094 Vaststellen Verordening op de Vertrouwenscommissie 2020 (her)benoeming en klankbordgesprekken burgemeester Leiden en instellen en benoemen commissie BESLUIT bij RV 20.0094 (incl. erratum): I. Vast te stellen de navolgende Verordening op de Vertrouwenscommissie 2020, over de commissie die de aanbeveling tot (her-)benoeming van de burgemeester voorbereidt en belast wordt met de tussentijdse klankbordgesprekken met de burgemeester. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: 1. Commissie: de vertrouwenscommissie (her)benoeming en klankbordgesprekken burgemeester Leiden 2. De voorzitter: de voorzitter van de Vertrouwenscommissie; 3. De minister: de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; 4. Commissaris: de Commissaris van de Koning in de provincie Zuid-Holland. 5. Raad: de raad van de gemeente Leiden. 6. Aanbeveling: de schriftelijke verklaring van de raad omtrent de (her-)benoeming van de burgemeester.

5/95

Artikel 2 Taken en bevoegdheden De Commissie heeft tot taak: a. de aanbeveling tot benoeming of herbenoeming van de burgemeester voor te bereiden, of b. het houden van klankbordgesprekken met de burgemeester. Artikel 3 Samenstelling Commissie 1. De Commissie bestaat uit de leden van de raad, door de Raad uit haar midden benoemd. Daarbij is uitgangspunt dat dit de fractievoorzitters zijn van iedere fractie in de Raad. 2. Indien de gemeenteraad niet heeft bepaald wie voorzitter van de commissie is, kiest de commissie deze uit haar midden. 3. De Commissie kent geen plaatsvervangende leden. Artikel 4 Ambtelijke ondersteuning 1. De raadsgriffier is secretaris van de Commissie en geeft uit dien hoofde ambtelijke ondersteuning aan de Commissie. 2. De gemeentesecretaris is plaatsvervangend secretaris van de Commissie en vervangt de secretaris bij zijn afwezigheid. 3. De (plaatsvervangend) secretaris is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de Commissie. Artikel 5. Adviseur 1. De Raad kan een of meer wethouders als adviseur toevoegen aan de Commissie in verband met de vervulling van de in artikel 2, onder a. genoemde taken. 2. De adviseur wordt uitgenodigd voor de vergaderingen van de Commissie. 3. Een adviseur is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de Commissie. Artikel 6 Vergaderingen 1.

De Commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste zes leden dit noodzakelijk acht(en). De commissie vergadert slechts indien meer dan de helft van het aantal leden aanwezig is. 2. De voorzitter bepaalt de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. De voorzitter roept de volgende personen schriftelijk tot de vergadering op: a. de leden van de Commissie; b. de burgemeester, voor zover met hem een gesprek plaats heeft. c. indien een adviseur aan de Commissie is toegevoegd, de adviseur. 3. De in het tweede lid bedoelde oproeping geschiedt ten minste vierentwintig uren voorafgaand aan de vergadering, Indien bijzondere omstandigheden een spoedige bijeenkomst van de Commissie vergen, kan van de in de eerste volzin van dit lid bedoelde termijn worden afgeweken. Artikel 7 Stemming De Commissie besluit bij de voorbereiding van en over de vaststelling van een aanbeveling bij meerderheid van stemmen, waarbij elk lid één stem heeft. Indien de stemmen staken, wordt het nemen van een beslissing uitgesteld tot de volgende vergadering. Is uitstel van de beslissing niet mogelijk of staken de stemmen ook in die volgende vergadering, dan worden de verschillende meningen in het in artikel 8 bedoelde verslag opgenomen.

6/95

Artikel 8 Verslag De Commissie brengt over haar werkzaamheden ter voorbereiding op het doen van een aanbeveling schriftelijk een verslag van bevindingen uit aan de Raad en aan de Commissaris. Het verslag van bevindingen dat de Commissie uitbrengt aan de Raad en de Commissaris bevat in ieder geval: a. een weergave van de wijze waarop de Commissie haar werkzaamheden heeft verricht; b. een concept aanbeveling met een gemotiveerde weergave van de bevindingen van de Commissie. BIJZONDERE BEPALINGEN OVER DE BENOEMINGSPROCEDURE Artikel 9 Informatie over en gesprek met kandidaten in benoemingsprocedure 1. De Commissie verschaft zich slechts door tussenkomst van de Commissaris de door haar nodig geachte informatie over de kandidaten. 2. De secretaris nodigt namens de voorzitter kandidaten uit voor een gesprek met de Commissie. De Commissie treft daarbij de voorzieningen die nodig zijn ter bescherming van de privacy van de kandidaat. Elk overleg met derden, in welke vorm dan ook, is uitgesloten. Artikel 10 Bijzondere bepalingen inzake verslaglegging bij benoeming 1. De Commissie brengt van haar bevindingen verslag uit aan de Raad en aan de Commissaris. 2. Het in artikel 8 bedoelde verslag van bevindingen wordt in ieder geval vergezeld van de conceptaanbeveling van twee personen.

BIJZONDERE BEPALINGEN OVER DE HERBENOEMINGSPROCEDURE Artikel 11 Informatie over en gesprek met de burgemeester in de herbenoemingsprocedure 1. De Commissie maakt vooraf aan de burgemeester, de Raad en de Commissaris kenbaar op basis van welke informatiebronnen zij zich een oordeel zal vormen over het functioneren van de burgemeester. Daarbij baseert zij zich in ieder geval op de profielschets en de wettelijke taken van de burgemeester. 2. Alvorens haar verslag van bevindingen aan de Raad, de Commissaris en de burgemeester te zenden, bespreekt de Commissie dit met de burgemeester. Van dit gesprek wordt een verslag gemaakt dat bij het verslag van bevindingen wordt gevoegd. Artikel 12 Bijzondere bepalingen inzake verslaglegging bij herbenoeming 1. Het in artikel 8 bedoelde verslag van bevindingen wordt in ieder geval vergezeld van een conceptaanbeveling inzake de herbenoeming. 2. Indien ter zake van het functioneren van de burgemeester afspraken zijn gemaakt tussen de Commissie en de burgemeester, worden deze expliciet in het verslag van bevindingen vermeld.

7/95

KLANKBORDGESRPREKKEN Artikel 13. Bijzondere bepalingen over klankbordgesprekken 1. De Commissie houdt jaarlijks een klankbordgesprek met de burgemeester over het functioneren. 2. De Commissie houdt een extra klankbordgesprek met de burgemeester in het eerste jaar na de benoeming van een nieuwe burgemeester, het 100-dagen gesprek. 3. Indien de Commissie dan wel de burgemeester de wens daartoe kenbaar maken, houdt de Commissie tussentijds een klankbordgesprek met de burgemeester. 4. De Commissie maakt voorafgaand aan de klankbordgesprekken kenbaar aan de burgemeester bij wie zij informatie zal inwinnen over het functioneren van de burgemeester. 5. De Commissie beschouwt het functioneren van de burgemeester in elk geval aan de hand van de profielschets en aan de wettelijke taken van de burgemeester. Tevens betrekt de commissie hierbij het verslag van en de afspraken uit het vorige klankbordgesprek. Artikel 14 Bijzondere bepalingen inzake verslaglegging van klankbordgesprekken 1. Alvorens het verslag vast te stellen, krijgt de burgemeester de gelegenheid te reageren op het concept. 2. Het verslag wordt getekend door alle deelnemers aan het gesprek. 3. Raadsleden kunnen het verslag onder geheimhouding inzien bij de secretaris van de commissie. Het verslag wordt niet openbaar gemaakt. 4. Een afschrift van het verslag wordt gezonden aan de Commissaris.

GEHEIMHOUDING, ARCHIVERING EN ONTBINDING Artikel 15 Geheimhouding 1. Op alle informatie van de Commissie rust ingevolge de wet de verplichting tot geheimhouding, welke zich uitstrekt tot eenieder die van de informatie kennis draagt. 2. De vergaderingen van de Commissie zijn ingevolge de wet besloten. De voorzitter van de Commissie wijst in elke vergadering op de geheimhoudingsplicht. 3. Stukken die van de Commissie uitgaan worden onder vermelding van “geheim” door de voorzitter en de secretaris ondertekend en verstuurd. Stukken bestemd voor de Commissie worden onder vermelding van “geheim” gezonden aan de secretaris en aldaar bewaard tot het moment van archivering. De secretaris ziet er op toe dat de geheimhouding in deze procesgang wordt gegarandeerd. 4. Aan degenen die geen lid zijn van de Commissie wordt ingevolge de wet geen informatie verstrekt omtrent de inhoud van de stukken of het behandelde ter vergadering of in het gesprek. 5. De Commissie treft een voorziening met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken. 6. De geheimhoudingsplicht blijft ingevolge de wet ook in het geval de Commissie wordt ontbonden van kracht.

8/95

Artikel 16 Archivering 1. De secretaris van de Commissie draagt er zorg voor dat na afronding van de benoeming of herbenoeming alle archiefbescheiden onverwijld in een envelop worden verzegeld en gerubriceerd als "geheim", en worden overgebracht naar de op grond van artikel 31 van de Archiefwet door de Raad aangewezen archiefbewaarplaats. 2. De secretaris van de Commissie draagt er zorg voor dat in het belang van een zorgvuldige overbrenging naar de gemeentelijke archiefbewaarplaats, als bedoeld in artikel 12 van de Archiefwet 1995, een verklaring van overbrenging, als bedoeld in artikel 9 van het Archiefbesluit 1995, wordt opgesteld voor archiefbescheiden waarvoor de wettelijke termijn verstreken is. In deze verklaring wordt melding gemaakt van het besluit tot toepassing van artikel 15, eerste lid sub a, van de Archiefwet 1995 en de daarin gestelde beperkingen aan de openbaarheid, tot de archiefbescheiden 75 jaar oud zijn. 3. De secretaris van de Commissie draagt er bij de herbenoemingsprocedure zorg voor dat alle overige bescheiden en alle kopieën van de in dit artikel bedoelde bescheiden worden vernietigd. Artikel 17 Ontbinding van de Commissie 1. De Commissie blijft in stand zolang zij niet wordt ontbonden. 2.

Mocht ontbinding van de Commissie toch wenselijk zijn, dan is lopende een procedure tot herbenoeming, ontbinding van de commissie uitsluitend mogelijk met ingang van de dag volgende op die waarop door de minister aan de Raad bekend is gemaakt dat de burgemeester bij Koninklijk besluit is herbenoemd. . 3. Mocht ontbinding van de Commissie toch wenselijk zijn, dan is lopende een procedure tot benoeming, ontbinding van de Commissie uitsluitend mogelijk met ingang van de dag volgend op die waarop door de minister aan de Raad bekend is gemaakt dat in de vacature is voorzien. 4. Mocht ontbinding van de Commissie toch wenselijk zijn, dan is lopende het voeren van een klankbordgesprek, ontbinding van de Commissie uitsluitend mogelijk als het verslag van het klankbordgesprek is vastgesteld. RESTBEPALINGEN Artikel 18 Onvoorziene gevallen In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist de Commissie. Artikel 19 Inwerkingtreding en citeertitel 1. De verordening wordt aangehaald als “Verordening vertrouwenscommissie (her)benoeming, en klankbordgesprekken burgemeester Leiden 2020'; 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag van de bekendmaking.

II.

a.

b.

In te stellen een commissie die tot taak heeft de aanbeveling door de raad voor te bereiden in het kader van de (her-)benoemingsprocedure van de burgemeester en die belast wordt met het voeren van de tussentijdse klankbordgesprekken met de burgemeester.(Vertrouwenscommissie); aan te wijzen als leden van deze commissie: de heer V. Köroğlu , namens de fractie van D66, voorzitter 9/95

mevrouw G. van Gaal, namens de fractie van GL mevrouw D.M. Verbree, namens de fractie van de VVD de heer A. Jermoumi, namens de fractie van de PvdA de heer J. Bleijie, namens de fractie van het CDA mevrouw M. van Schaik – Gerritsen, namens de fractie van de PvdD de heer A.H.L. Theeuwen, namens de fractie van SP de heer W.I.M. Kersten, namens de fractie van PS de heer P. Krol, namens de fractie van de CU, en de heer A. Jitan, namens de fractie van LP; Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.

15. RV 20.0092 Voorbereidingsbesluit Lammenschansstrip BESLUIT bij RV 20.0092: 1. Op grond van artikel 3.7, lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) het voorbereidingsbesluit NL.IMRO.0546. VBB0016-0301 te nemen dat van toepassing is op delen van het perceel kadastraal perceel kadastraal bekend onder sectie O, met de nummers 2236; 5257; 4882; 4881; 2052; 2043 zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening met nummer NL.IMRO.0546. VBB0016-0301, zodat het college de verschillende bestemmingsplanwijzigingen in de Lammenschansstrip kan voorbereiden; 2. Te bepalen op grond van artikel 3.7 lid 4 Wro dat het in het gebied waarvoor dit voorbereidingsbesluit geldt verboden is om het gebruik van gronden en bouwwerken of een deel daarvan te wijzigen in een andere vorm van gebruik dan aanwezig op de dag van inwerkingtreding van dit voorbereidingsbesluit; 3. Te bepalen dat dit voorbereidingsbesluit in werking treedt op de dag van bekendmaking in de Staatscourant. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.

BESPREEKPUNTEN 16. RV 20.0056 Gebiedsvisie Schipholweg De behandeling van dit agendapunt is verplaatst van de raad van 17 september 2020. De teksten van de ingediende amendementen zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Van Diepen (D66) amendement:20.0056/01 Onderwerp: De hoogte in waar het kan Bovenstaand amendement wordt aangenomen met 29 stemmen voor en 10 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van CDA, PvdD, SP en CU tegen het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Terlouw (GL) amendement:20.0056/02 Onderwerp: Breedte Parmentierweg en behoud plantsoen 10/95

Bovenstaand amendement wordt aangenomen met 26 stemmen voor en 13 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD, CDA, PvdD en PS tegen het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Van der Kaap (PvdD) amendement:20.0056/03 Onderwerp: Behoud plantsoen en keerlus Bovenstaand amendement wordt verworpen met 11 stemmen voor en 28 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van CDA, PvdD, SP, PS en CU voor het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Otten (PvdA) amendement:20.0056/04 Onderwerp: Openhouden Parmentierweg Bovenstaand amendement wordt met algemene stemmen aangenomen. Ingediend wordt door raadslid Otten (PvdA) amendement:20.0056/05 Onderwerp: Heroverweging kantooroppervlakte Bovenstaand amendement wordt aangenomen met 36 stemmen voor en 3 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van het CDA tegen het amendement hebben gestemd. BESLUIT bij RV 20.0056: 1. de gebiedsvisie Schipholweg als kader voor de verdere herontwikkeling van het gebied rondom de Schipholweg vast te stellen en daarmee in te stemmen met de volgende hoofdpunten:  Menselijke maat  Duurzaam ruimtegebruik  Klimaatadaptief en circulair  Levendig en veelzijdig  Verbinden en verblijven Die verder zijn uitgewerkt in spelregels en uitgangspunten voor: i.

Verkeer en stromen  Netwerk voor langzaam verkeer: Door efficiëntieslagen in de verkeersafwikkeling voor de auto wordt ruimte vrijgemaakt voor langzaam verkeer enerzijds en vergroening van de buitenruimte anderzijds.  Gedeelde en geclusterde parkeervoorzieningen: samen met inzet op deelmobiliteitsconcepten scheppen ruimte in de openbare ruimte, maar ook voor aantrekkelijke functies die bijdragen aan de levendigheid van het woon- en werkgebied.  Stimuleren van duurzame mobiliteitsvormen: Bij een duurzaam mobiliteitssysteem horen het stimuleren van de fietsers en voetgangers, maar ook het stimuleren van het openbaar vervoer en schone deelmobiliteit. Daarom moeten er deelmobiliteitsconcepten worden toegepast.  Geen afsluiting Parmentierweg: om de bereikbaarheid van de Maredijkbuurt te waarborgen, voor particulieren, bedrijven en calamiteitenverkeer, blijft de aansluiting van de Parmentierweg op de kruising Schipholweg-Dellaertweg behouden. ii. Openbare ruimte:

11/95

Aangename groene buitenruimte: De openbare ruimte wordt ontworpen als een samenhangend geheel en een gedifferentieerd aanbod van sferen (rust enreuring) is. Door stevig in te zetten op vergroening zullen de verschillende straten een aangenaam karakter krijgen, elk met zijn eigen dynamiek en een vormgeving die hier bij aansluit.  Klimaatadaptief en ecologisch ingericht: Vergroening zorgt voor een beter microklimaat, draagt bij aan klimaatadaptie en geeft een impuls aan de ecologische waarden van het gebied.  Diversiteit in verblijfsplekken: Het Schipholweggebied wordt naast een doorvoergebied ook een plek om aangenaam te kunnen verblijven. Hiervoor wordt nieuwe kwalitatief hoogwaardige openbare toegevoegd aan het Schipholweggebied. iii. Gebouwen en functies:  Gebouwen met menselijke maat: Door de menselijke maat terug te brengen aan de Schipholweg, in aansluiting op de schaal van Leiden, ontstaat een aangenaam woon- en werkgebied. Bij de inrichting van de Schipholweg houden we rekening met iedereen, jong en oud, met en zonder fysieke belemmering of beperking.  Levendige mix van functies: Een gebied voor iedereen. Op blokniveau wordt daarom gestreefd naar een menging van onder meer wonen, kantoren, hotel, maatschappelijke voorzieningen en ondersteunende horeca.

 Circulair en duurzaam: Door circulair te bouwen, transformeren en slopen wordt de ecologische voetprint tot een minimum beperkt. Gebouwen zijn natuurinclusief en bieden geschikte omstandigheden voor fauna.  De hoogte in waar het kan: De bouwhoogte voor woontorens aan weerzijden van de Schipholweg op 70 meter te zetten, met ruimte voor een hoogteaccent tot 90 meter.  Actualisatie kantoorbehoefte: Bij de eerstvolgende actualisatie van de kantorenstrategie Holland-Rijnland wordt opnieuw bezien of de geraamde behoefte aan kantooroppervlakte nog aansluit bij de realiteit. Eveneens wordt dan een hernieuwde afweging gemaakt tussen het belang van (meer) kantooroppervlakte en het belang van woonruimte. Tot aan deze actualisatie wordt de huidige kantorenstrategie voortgezet. 2. dat na vaststelling van deze visie afdoende kaders zijn vastgesteld voor de ontwikkeling van dit gebied. Waardoor voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen die passen binnen de kaders van deze visie niet opnieuw kaders hoeven te worden vastgesteld via een Nota van Uitgangspunten. 3. inkomsten vanwege herontwikkelingen binnen de scope van de gebiedsvisie Schipholweg toe te voegen aan de reserve grondexploitaties en te oormerken voor de realisatie van de gebiedsvisie Schipholweg. In dit geval ook voor erfpachtopbrengsten.

Dit in afwijking van de gangbare methode om die eerst ten gunste te laten komen van de reserve afkoopsommen erfpacht, en pas via een jaarlijkse vrijval ten gunste van de reserve grondexploitaties te brengen. Vanwege de langjarige duur van de ontwikkeling kan op deze manier gegarandeerd worden dat inkomsten uit het gebied ook daadwerkelijk ten goede komen aan de beoogde investeringen in o.a. de openbare ruimte en duurzaamheid in hetzelfde gebied.

12/95

Bovenstaand raadsvoorstel wordt aangenomen met 29 stemmen voor en 10 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van CDA, PvdD, SP en CU tegen het voorstel hebben gestemd.

17. RV 20.0081 Concept-Regionale Omgevingsagenda 2040 ‘Aan de slag met Hart van Holland’, vaststelling wensen en bedenkingen; aanbieding aan de raad De teksten van de ingediende amendementen zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Terlouw (GL) amendement: A.20.0081/01 Onderwerp: Grenzen van Natuur Netwerken Nederland als minimum bij regionale omgevingsagenda 2040 Bovenstaand amendement wordt aangenomen met stemmen 33 voor en 6 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van de VVD tegen het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Otten (PvdA) amendement: A.20.0081/02 Onderwerp: Onderstreep het belang van woningbouw Bovenstaand amendement wordt aangenomen met stemmen 36 voor en 3 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van PvdD tegen het amendement hebben gestemd.

Ingediend wordt door raadslid Theeuwen (SP) amendement: A.20.0081/03 Onderwerp: Een economie die mens en dier vooropstelt Bovenstaande amendement wordt verworpen met 15 stemmen voor en 24 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van GL, PvdD, SP en PS voor het amendement hebben gestemd Ingediend wordt door raadslid Krol (CU) amendement: A.20.0081/04 Onderwerp: Aandacht voor leefbaarheid, duurzaamheid en circulariteit Bovenstaand amendement wordt aangenomen met 30 stemmen voor en 9 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD en PvdD tegen het amendement hebben gestemd. BESLUIT bij RV 20.0081: 1. de volgende wensen en bedenkingen ten aanzien van de Regionale Omgevingsagenda Aan de slag met Hart van Holland mee te geven aan het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland: a. de noodzaak om onze economie en ons vestigingsklimaat te versterken en dat verbeteren van de bereikbaarheid daar een belangrijk element in is. Dat komt samen in het Leiden Bio Science Park en het stationsgebied. De doorontwikkeling van dit gebied is cruciaal voor de ontwikkeling van onze kenniseconomie en daarmee voor de economische motor van onze regio; b.

waar dit effectief kan zijn, ook nu al, het belang om onze economie, onze mobiliteit en ons vestigingsklimaat te versterken dan wel lokaal, dan wel samen met buurgemeenten dan wel met onze regio onder de aandacht van het provincie en rijk te brengen;

13/95

c.

het potentiegebied Leiden Bio Science Park verder brengen door samen met Katwijk, Oegstgeest en Wassenaar te werken aan de grensoverschrijdende integrale ruimtelijke ontwikkeling van het stedelijke weefsel rond het Leiden Bio Science Park; d. met Zoeterwoude in overleg te gaan over de versterking van de verbinding van het cluster rond de N11 en Heineken; e. het bredere gesprek over de verbreding van de basis van de kenniseconomie samen met Noordwijk, Katwijk en de provincie te voeren; f. met de Hart van Holland-gemeenten het gesprek te voeren over de versterking van de maakindustrie in de overige potentiegebieden; g. in regionaal verband het gesprek aan te gaan over het benutten van de rode draden in de context van lokale gebiedsontwikkeling: i. kwaliteit door verscheidenheid: de grote kracht van onze regio is de relatieve kleinschaligheid en diversiteit van de verschillende kernen. De identiteit van de kernen, de bijhorende woonmilieus en programma’s moeten veel meer uitgangspunt worden van de gesprekken binnen de regio; ii. in het gesprek over de economie met de buurgemeenten, de regio en de provincie meer inhoud genereren zodat er meer kennis is over de wederkerigheid tussen de economische functies en de regio; iii. het behoud van het aantrekkelijke landschap is voor onze kennisregio belangrijk omdat het bijdraagt aan een sterk vestigingsklimaat.

Het rijk en de provincie hebben daar uitspraken over gedaan. Als regio en zeker als het verstedelijkte gebied zou meervoudig ruimtegebruik, om te voorkomen dat opgaven worden afgewenteld op het landschap, het dragende principe moeten zijn. De grenzen van het Natuur Netwerk Nederland (NNN) (waarin opgenomen Natura 200 gebieden, ecologische verbindings zones en belangrijke weidevogel gebieden) moeten als minimum grens aangehouden worden en in elk geval niet overschreden worden; iv. in het potentiegebied Leiden Bio Science Park de afstemming tussen mobiliteit en verstedelijking meenemen. Dit gebied waar Katwijk, Oegstgeest, Wassenaar en Leiden steeds nauwer vervlochten raken is het nieuwe geografische centrum van het verstedelijkte gebied tussen Zee en Zoeterwoude. Een goede grensoverstijgende gebiedsontwikkeling biedt voor nu en voor later grote kansen; v. de energietransitie en energie-infrastructuur zijn grote ruimtevragers en zullen zichtbaar zijn in het landschap en zichtbaar worden in het verstedelijkte gebied. Hier kan meervoudig ruimtegebruik kansen brengen die bij een alleen sectorale aanpak niet in beeld komen; h. voor opgaven zoals bijvoorbeeld de ontwikkeling van het Leiden Bio Science Park, het Stationsgebied of bij deelname aan gremia als de Verstedelijkingsalliantie, het Innovation Quarter of de Economic Board heeft Leiden de regie.

Leiden neemt de ruimte om als kansen zich voordoen die te benutten om de eigen opgaven in de Landsdelige Omgevingsagenda van het Rijk te borgen; i. de economische visie en het bijbehorende beleid moeten naast economische groei ook integraal gericht zijn op leefbaarheid, duurzaamheid en circulariteit ten dienste van welzijn van mens en dier; j. de noodzaak om het beoogde doel van ongeveer 30.000 nieuwe woningen te halen en dat alle deelnemende gemeenten hier voortvarend mee aan de slag moeten. Het

14/95

aanpakken van de woningnood is een belangrijke voorwaarde voor een toekomstbestendige en inclusieve regio.

Bovenstaand raadsvoorstel wordt aangenomen met 36 stemmen voor en 3 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van de PvdD tegen het voorstel hebben gestemd.

18. RV 20.0064 Aanpassing Welstandsnota 2014, inzake regels voor toepassing zonnepanelen De teksten van de ingediende amendementen zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Van Diepen (D66) amendement: A.20.0064/01 Onderwerp: Meer ruimte voor zonnepanelen in de monumentale stad Bovenstaand amendement wordt aangenomen met stemmen 29 voor en 9 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD en CDA tegen het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Van Diepen (D66) amendement: A.20.0064/02 Onderwerp: Meer ruimte voor zonnepanelen in de Zuidelijke schil Bovenstaand amendement wordt aangenomen met stemmen 34 voor en 4 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van PvdA tegen het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Terlouw (GL) amendement: A.20.0064/03 Onderwerp: Criteria voor de plaatsing van zonnepanelen op niet zichtbare dakdelen Bovenstaand amendement wordt aangenomen met stemmen 34 voor en 4 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van de PvdA tegen het amendement hebben gestemd. BESLUIT bij RV 20.0064: 1. Vast te stellen de nota: Zonnepanelen in beschermd stadsgezicht; 2.

Vast te stellen de Verordening tot wijziging van de Welstandsnota 2014, luidende aldus: Verordening tot wijziging van de Welstandsnota 2014 De raad van de gemeente Leiden; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van <datum voorstel>; gelet op: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), Besluit omgevingsrecht (Bor), Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor); besluit vast te stellen de volgende wijziging van de Welstandsnota 2014: Artikel I. Wijziging Welstandsnota De Welstandsnota 2014 wordt als volgt gewijzigd:

15/95

A. In Hoofdstuk 7 Objectcriteria, onder Object 6 op pagina 195 de tweede alinea te vervangen door: In de meeste gebieden kunnen zonnepanelen zonder omgevingsvergunning geplaatst worden. In de gebieden Binnenstad en Zuidelijke schil gaat dit op voor panelen op het achterdakvlak dat niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd is. Een omgevingsvergunning is in deze twee gebieden wel vereist voor zonnepanelen op platte daken en voor- en zijdakvlakken en kan alleen verstrekt worden op voorwaarde dat de panelen niet zichtbaar zijn vanuit openbaar toegankelijke ruimte (Dakvlaktype 1). Uitzondering op deze voorwaarde vormen de panden (Dakvlaktype 2 en 3)) zoals aangegeven op de kaart Z/20/1524572. In de bijlage staan de criteria vermeld die gelden voor de verschillende Dakvlaktypes. In Hoofdstuk 7 Objectcriteria, onder Object 6 op pagina 195 de derde alinea te vervangen door: Het begrip zichtbaarheid wordt bepaald aan de hand van een zichtlijn die de zichtbare gedeeltes van het dakvlak aanduidt. Een zichtlijn wordt bepaald vanuit de openbare ruimte, zowel aan de voor-, zij- als achterkant het pand. De lijn wordt genomen vanaf de gevelwand aan de overzijde van de straat (bij voortuinen vanaf de grens van de openbare ruimte) of het openbaar gebied (met een maximale afstand van 35 meter) op 1,80 meter hoogte naar de goot. B.

In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context op pagina 211 toe te voegen na het derde aandachtspunt de volgende tekst:  aanvullende mogelijkheden binnen het beschermd stadsgezicht - Dakvlaktype 2 beschermd stadsgezicht - Dakvlaktype 3 beschermd stadsgezicht - vervanging legaal aanwezige zichtbare zonnepanelen C. In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context op pagina 212, onder Uitganspunt aan het einde van de tweede alinea toe te voegen de volgende tekst: Binnen het Beschermd stadsgezicht binnenstad zijn panden aanwezig met een beperkte cultuurhistorische waarde en een geringe bijdrage aan het historisch stadsbeeld. Binnen het beschermd stadsgezicht Zuidelijke Schil geldt een ruimer regime voor zonnepanelen (uitgezonderd de aanwezige monumenten). Op deze panden zijn, onder voorwaarden, ook zonnepanelen toegestaan die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Daarnaast blijven voor dit dakvlaktype de Aanvullende criteria (p.218 en verder) voor de niet-zichtbare dakdelen van toepassing. Deze objecten (Dakvlaktype 2) zijn aangegeven op de kaart Z/20/1524572. Op deze kaart zijn tevens aangegeven de bestaande nieuwbouw, gebouwen met grote platte daken en stadsvernieuwing (Dakvlaktype 3). Ook hier 5/8 blijven naast de uitbreiding van mogelijkheden voor het plaatsen van zichtbare panelen, de Aanvullende criteria (p.218 en verder) voor de niet-zichtbare dakdelen van toepassing.

En overeenkomstig de Zonnekaart (kaart Z/20/1524572) aan te passen. D. In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context, onder Uitvoeringseisen op pagina 214 in de eerste alinea:

16/95

Bepaalde dakvlakken kunnen zichtbaar zijn vanaf grote afstand (meer dan 75 meter), zoals bijvoorbeeld mansardekappen. Te vervangen door de volgende tekst: Bepaalde dakvlakken kunnen zichtbaar zijn vanaf grote afstand (meer dan 35 meter), zoals bijvoor-beeld mansardekappen. In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context, onder Zichtlijn op pagina 215 in de eerste alinea: (met een maximale afstand van 75 meter gemeten vanaf de gevels van het pand) Te vervangen door de volgende tekst: (met een maximale afstand van 35 meter gemeten vanaf de gevels van het pand) In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context na “Definitie Zichtlijn” (pagina 215 tot en met 2017) en voor “Aanvullende criteria” in te voegen: Aanvullende mogelijkheden binnen het beschermd stadsgezicht Panden (Dakvlaktype 2) zoals aangegeven op kaart Z/20/1524572 Zonnepanelen op een hellend dakvlak, zichtbaar vanaf de openbare weg zijn toegestaan op deze panden mits deze aan de volgende voorwaarden voldoen:  aangebracht in een hellingshoek gelijk aan de hellingshoek van het dakvlak  aangebracht boven de bestaande dakbedekking  onderzijde paneel maximaal 8 cm. boven de bestaande dakbedekking  per dakvlak 1 type paneel  de kleur van de panelen moet aansluiten op de kleur van de aanwezige dakbedekking zonder glimmende metaalkleurige frames, achtergronden en indeling.

 binnen een architectuureenheid moeten de panelen aansluiten in positie, kleur, afmetingen en type  de panelen vormen één aaneengesloten rechthoekig vlak (tekening)  rondom moeten twee pannen of, indien er geen sprake is van een pannendak, 50 cm. worden vrij gehouden van dakranden  uitzondering op het voorgaande vormen paneelvlakken gelegen op een doorlopend dakvlak op meerdere panden. Deze sluiten op elkaar aan zodat op het dakvlak één paneelvlak ontstaat. (tekening)  indien de collector of het paneel niet één geheel vormt met de installatie voor het opslaan van water of het omzetten van de opgewekte elektriciteit: die installatie aan de binnenzijde van het bouwwerk is geplaatst.

17/95

Voorbeeld dakvlak waarbij de panelen één aaneengesloten rechthoekig vlak vormen bij Dakvlaktype 2 Voorbeeld dakvlak met dakkapellen waarbij de panelen eenzelfde rechthoekig vlak vorm bij Dakvlaktype 2

18/95

Panden (Dakvlaktype 3) zoals aangegeven op kaart Z/20/1524572 Zonnepanelen op een hellend dakvlak, zichtbaar vanaf de openbare weg zijn toegestaan op deze panden mits deze aan de volgende voorwaarden voldoen  aangebracht in een hellingshoek gelijk aan de hellingshoek van het dakvlak  aangebracht direct op het dakvlak  de panelen moeten in een donkere of doffe kleur of aansluiten op de kleur van de aanwezige dakbedekking, zonder glimmende aluminium frames, achtergronden en randen.  rondom moeten twee pannen of, indien er geen sprake is van een pannendak, 50 cm. worden vrij gehouden van de dakranden  indien de collector of het paneel niet één geheel vormt met de installatie voor het opslaan van water of het omzetten van de opgewekte elektriciteit: die installatie aan de binnenzijde van het bouwwerk is geplaatst.

Panden waarop legaal zonnepanelen zijn aangebracht, op een hellend dakvlak, al dan niet zichtbaar vanaf de openbare weg, vóór de datum van aanwijzing van het beschermd stadsgezicht waarin deze gelegen zijn (Leiden binnen de Singels 12-08-1981, Leiden Zuidelijke Schil 13-04-2011) Het is toegestaan bestaande panelen te vervangen door nieuwe zonnepanelen mits aan deze aan de volgende voorwaarden voldoen  het oppervlak van (het samenstel van) de nieuwe panelen is gelijk aan of kleiner dan het oppervlak van de bestaande panelen  aangebracht in een hellingshoek gelijk aan de hellingshoek van het dakvlak  aangebracht boven de bestaande dakbedekking  onderzijde paneel maximaal 8 cm. boven de bestaande dakbedekking  per dakvlak 1 type paneel  de kleur van de panelen moet aansluiten op de kleur van de aanwezige dakbedekking zonder glimmende metaalkleurige frames, achtergronden en indeling.  rondom de panelen moet minimaal twee pannen of, indien er geen sprake is van een pannendak, 50 cm. worden vrij gehouden  de panelen vormen maximaal twee aaneengesloten rechthoekig vlakken (tekening)  indien de collector of het paneel niet één geheel vormt met de installatie voor het opslaan van water of het omzetten van de opgewekte elektriciteit: die installatie aan de binnenzijde van het bouwwerk is geplaatst.

19/95

Voorbeeld twee aaneengesloten rechthoekige vlakken

E. In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context onder “Aanvullende criteria” onder “Mansardekap” op pagina 218 komen de aandachtspunten t.a.v. zonnepanelen op dakdelen die niet zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte als volgt te luiden:  aangebracht op het bovenste dakvlak, helling dakvlak maximaal 15 graden  ligging onder dezelfde hellingshoek als het dakvlak  minimaal 30 centimeter van een eventueel zijdakvlak  minimaal 30 centimeter van de nok en de knik in het dakvlak  boven de bestaande dakbedekking aangebracht  onderzijde paneel maximaal 8 centimeter boven de bestaande dakbedekking  de randen en zichtbare beplating van de panelen zijn uitgevoerd in een donkere en doffe kleur, of een kleur passend bij de dakbedekking. F. In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context onder “Aanvullende criteria” onder “Plat dak” op pagina 219 komt het laatste aandachtspunt als volgt te luiden:  de randen en zichtbare beplating van de panelen zijn uitgevoerd in een donkere en doffe kleur, of een kleur passend bij de dakbedekking. G. In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context onder “Aanvullende criteria” onder ”Dwarskap of schilddak” op pagina 220 komen de aandachtspunten t.a.v. zonnepanelen op dakdelen die niet zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte als volgt te luiden:  geplaatst onder dezelfde hellingshoek als het dakvlak 20/95

     

minimaal 50 cm afstand tot de dakrand/hoekkeper aan de voor- en achtergevel minimaal 50 cm afstand tot de nok minimaal 50 cm afstand tot de goot aangebracht boven de bestaande dakbedekking onderzijde paneel maximaal 8 centimeter boven de bestaande dakbedekking de randen en zichtbare beplating van de panelen zijn uitgevoerd in een donkere en doffe kleur, of een kleur passend bij de dakbedekking.

H. In Bijlage 2 Zonne-Energie in Historische context onder “Aanvullende criteria” onder “Dakkapel” op pagina 221 komt het laatste aandachtspunt als volgt te luiden:  de randen en zichtbare beplating van de panelen zijn uitgevoerd in een donkere en doffe kleur, of een kleur passend bij de dakbedekking. Artikel II Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking Bovenstaand raadsvoorstel wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van de VVD tegen het voorstel hebben gestemd.

19. RV 20.0074 Vaststellen Verordening hemelwater en grondwater Gemeente Leiden 2020 De tekst van de ingediende motie is te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Van Schaik (PvdD) motie: M.20.0074/01 Onderwerp: Maak ook plannen voor bestaande bouw Bovenstaande motie wordt verworpen met 31 stemmen voor en 7 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van PvdD, SP en PS voor de motie hebben gestemd. BESLUIT bij RV 20.0074 (incl. erratum): de Verordening hemelwater en grondwater Gemeente Leiden 2020 vast te stellen, luidende aldus; HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: 1. Beheerder: de beheerder van het openbaar riool: het college van burgemeester en wethouders; 2. Bouwen: het nieuw plaatsen (oprichten) van een bouwwerk. Bijvoorbeeld het oprichten van een woning, tuinhuisje, serre, enz. Een bestaande schuur verplaatsen naar een andere locatie betreft ook het oprichten van een nieuw bouwwerk. Er kan in dat geval geen sprake zijn van 'verbouwen', aangezien de schuur nog niet op de betreffende locatie stond. 3.

Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren met inbegrip van de daarvan deel uitmakende 21/95

bouwwerkgebonden installaties. Hieronder valt niet een schip dat wordt gebruikt voor verblijf van personen en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart; 4. Drainage: een systeem van doorlatende, geperforeerde pijpen in de bodem, waarin opvang en afvoer van overtollig grondwater plaatsvindt, waardoor de grondwaterstand beheerst kan worden. 5. Drukriolering: Het openbaar riool, voor de afvoer van afvalwater, exclusief hemelwater, waarbij het transport door het riool plaats vindt door middel van met pompinstallaties veroorzaakte druk; 6. Eigenaar: degene op wiens terrein het hemelwater valt of onder wiens terrein zich het grondwater bevindt; 7. Groen dak: een doelbewust met planten begroeid dak; 8. Grondwater: al het water dat zich onder het bodemoppervlak in de verzadigde zone bevindt en dat in direct contact met bodem of ondergrond staat; 9. Hemelwatervoorziening: voorziening voor de inzameling en verdere verwerking van afvloeiend hemelwater, niet zijnde een openbaar vuilwaterriool in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast; 10. Infiltratie: het proces waarbij hemelwater wegzakt in de bodem; 11. Keur: de Keur van het Hoogheemraadschap van Rijnland; 12. Nieuwbouw: een volledig nieuw te bouwen bouwwerk of uitbreiding van een bestaand gebouw met een aanbouw. 13.

Nieuw Bouwwerk: bouwwerk dat wordt opgericht na inwerkingtreding van deze verordening, inclusief vernieuwbouw; 14. Riolering: voorziening voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast; 15. Standplaats: Onder een standplaats moet worden verstaan een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten. Het plaatsen van een woonwagen op een standplaats moet dus worden gezien als bouwen en is bouwvergunningplichtig. 16. Stedelijk afvalwater: huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater; 17. Verhard oppervlak: oppervlak voorzien van verhardingen (o.a. daken, wegen, verharde terreinen, etc.), zodanig dat hemelwater van dit oppervlak niet in de bodem kan infiltreren; 18. Verhard oppervlak, nieuw: verhard oppervlak dat wordt aangelegd na inwerkingtreding van deze verordening, inclusief aanleg na verwijdering van bestaand verhard oppervlak. 19. Vernieuwbouw: het slopen en opnieuw bouwen van een bouwwerk. Artikel 2 Reikwijdte van de verordening 1. Deze verordening is, voor wat betreft het lozen van hemelwater, van toepassing op: a.

het bouwen van bouwwerken als bedoeld in artikel 2.1 lid 1a van de Wabo; b. het uitvoeren van een werk als bedoeld in artikel 2.1 lid 1b van de Wabo wat leidt tot het aanleggen van nieuw verhard oppervlak. 2. Deze verordening is, voor wat betreft het lozen van grondwater, van toepassing op alle lozingen van grondwater op de openbare riolering en/of hemelwatervoorziening. Artikel 3: Werkingsgebied Deze verordening is van toepassing op het grondgebied van de gemeente Leiden. 22/95

HOOFDSTUK 2. Lozen van hemelwater bij Nieuwbouw en Vernieuwbouw Artikel 4 Verbod op lozen van hemelwater op de riolering 1. Het is niet toegestaan om bij nieuwbouw en vernieuwbouw vanaf een nieuw bouwwerk of een nieuw verhard oppervlak hemelwater te lozen op de riolering of openbaar terrein. 2. De eigenaar van een perceel is verplicht om, in aanvulling op de eisen vastgelegd in de Keur van het Hoogheemraadschap van Rijnland, hemelwater op zijn eigen terrein te verwerken. De eigenaar is vrij om te kiezen welke voorzieningen hij daarvoor gebruikt zolang deze voorziening maar minimaal 60 liter per m2 verhard oppervlak kan vasthouden of bergen. 3. Het verbod uit het eerste lid geldt niet wanneer er , als gevolg van extreme neerslag meer hemelwater verwerkt moet worden dan de hoeveelheid die in het tweede lid genoemd wordt. De eigenaar is daarom verplicht de overstortvoorziening, waarmee de hierboven bedoelde grotere hoeveelheid hemelwater op het (gemengde) riool wordt geloosd, zo in te richten dat de beheerder de werking en het onderhoud kan controleren De eigenaar moet hiervoor een ontwerptekening, revisietekening en beheerplan door de beheerder laten goedkeuren. 4. De hemelwatervoorziening wordt zo ontworpen en in stand gehouden dat deze: a. het opgevangen hemelwater hergebruikt of vertraagd afvoert; en b.

binnen vijf dagen weer volledig beschikbaar is voor het verwerken van een volgende regenbui. Dit mag langer zijn indien het systeem is aangesloten op regenradar waarbij 24 uur vooraf aan een regenbui het systeem automatisch loost op het (gemengde) riool. 5. Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het in het eerste en tweede lid gestelde als van de eigenaar van het nieuw bouwwerk of het nieuw verhard oppervlak redelijkerwijs een te grote inspanning wordt geëist in verhouding tot het doel dat met het verbod wordt gediend. 6. Bij elke (ver)nieuwbouwactiviteit geldt dat de al aanwezige totale hoeveelheid (hemel)waterberging niet af mag nemen. 7. De voorzieningen als bedoeld in het tweede lid dienen uiterlijk 10 weken na het gereedkomen van het nieuw bouwwerk of aanleg van het nieuw verhard oppervlak gerealiseerd te zijn en moeten blijvend in stand gehouden worden. Artikel 5 Vrijstelling voor kleine en grote oppervlakken 1. Het verbod, bedoeld in artikel 4, is niet van toepassing als het totaaloppervlak van nieuwe bouwwerken en nieuw verhard oppervlak minder dan 50 m2 bedraagt. 2. Het verbod, bedoeld in artikel 4, is niet van toepassing als het totaaloppervlak van nieuwe bouwwerken en nieuw verhard oppervlak meer bedraagt dan 500 m2 als wordt voldaan aan beide onderstaande voorwaarden: 23/95

a. de aan te leggen compensatie van verharding in het watersysteem die wordt aangelegd volgens de vereisten van de Keur moet ook de vereiste hemelwaterberging van 60 mm borgen, en; b. de afstroming naar het bergend oppervlaktewater bij regenval zo wordt ingericht dat er geen wateroverlast ontstaat bij een regenbui van 60 mm. Als niet aan deze voorwaarden wordt voldaan, moet naast de compensatie in het oppervlaktewatersysteem vanuit de Keur ook de vereiste hemelwaterberging in het kader van de verordening worden aangelegd. Artikel 6 Melding Degene die een nieuwe bouwwerk opricht door middel van nieuwbouw of vernieuwbouw, of een nieuw verhard oppervlak aanbrengt, als bedoeld in artikel 2, meldt dit bij de beheerder en bij het Hoogheemraadschap van Rijnland. Een aanvraag om een omgevingsvergunning bouwen of omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, wordt gelijkgesteld met een melding. De aanvrager moet bij de melding een ontwerptekening, revisietekening en monitor- en beheerplan van de berging die wordt aangelegd ter goedkeuring voorleggen aan de beheerder. Artikel 7 Kwaliteit af te voeren hemelwater Het afstromende hemelwater, als bedoeld in artikel 4, mag niet verontreinigd zijn als gevolg van afspoelen of uitlogen van de gebruikte bouwmaterialen of geloosde stoffen.

HOOFDSTUK 3 Lozen van grondwater Artikel 8 Verbod op lozen van grondwater op de riolering of openbare hemelwatervoorziening 1. Het is niet toegestaan om grondwater af te voeren naar de openbare riolering of openbare hemelwatervoorziening. 2. De beheerder kan een ontheffing verlenen van het verbod uit het eerste lid als: a. het bestaande gemiddelde hoogste grondwaterpeil (GHG) op het perceel hoger ligt dan 0,50 meter minus straatpeil en de afvoer daarmee de functie heeft van drainage en het afvoeren van grondwater niet leidt tot een onaanvaardbare grondwaterstandsverlaging in de omgevende percelen; b. van de perceeleigenaar redelijkerwijs geen andere wijze van afvoer van het hemelwater of grondwater kan worden gevergd Aan de ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. 3. Een ontheffing als bedoeld in het tweede lid vervalt zodra het mogelijk is om te lozen op een openbaar hemelwaterstelsel of drainagestelsel. HOOFDSTUK 4 Overige bepalingen Artikel 9 Strafbepaling Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en de daarbij gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie. Artikel 10 Voorbereiding, uitvoering, toezicht en handhaving

24/95

1. Aansluiting van hemelwaterleidingen op openbare voorzieningen, zoals straatkolken, leidingen en de openbare weg, dienen volgens de eisen van de beheerder uitgevoerd te worden. 2. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college aan te wijzen of aangewezen personen of groep van personen. Artikel 11 Onderhoud en beheer 1. De eigenaar is verantwoordelijk voor het onderhoud en beheer van zijn hemelwatervoorzieningen en grondwatervoorzieningen. 2. Tijdens de beheerfase dient de eigenaar de juiste werking van zijn hemelwatervoorzieningen en grondwatervoorzieningen aan de beheerder te kunnen aantonen. Artikel 12 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Deze verordening is niet van toepassing op: a. bouwwerken die op het moment van inwerkingtreding van deze verordening reeds bestonden; b. bouwwerken waarvoor vóór inwerkingtreding van deze verordening een omgevingsvergunning voor bouwen is aangevraagd en; c. ruimtelijke activiteiten waarvoor vóór inwerkingtreding van deze verordening een Nota van Uitgangspunten of een (ontwerp) bestemmingsplan is vastgesteld; d.

ruimtelijke activiteiten waarvoor binnen zes weken na inwerkingtreding van deze verordening door het college een ontwikkelovereenkomst, samenwerkingsovereenkomst of anterieure overeenkomst is afgesloten of een tender is uitgeschreven, en; e. gebieden waarvoor een kaderstellend document is vastgesteld en welke is opgenomen in bijlage 1. Artikel 13 Citeertitel De verordening wordt aangehaald als: Verordening afvoer hemelwater en grondwater Gemeente Leiden 2020. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.

20. RV 20.0079 Vaststellen Verordening fysieke leefomgeving en intrekking en wijzigingen verordeningen De tekst van de ingediende (en ingetrokken) motie is te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Verbree (VVD) motie: M.20.0079/01 Onderwerp: Een positieve grondhouding Bovenstaande motie wordt voor de stemming ingetrokken door de indiener.

25/95

BESLUIT bij RV 20.0079 (incl. 2 errata): 1. Vast te stellen de Verordening voor de fysieke leefomgeving Leiden 2020, luidende aldus: Verordening fysieke leefomgeving Leiden Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepalingen Bijlage 1 bij deze verordening bevat begripsbepalingen voor de toepassing van deze verordening. Artikel 1.2 Toepassingsbereik 1. Deze verordening gaat over: a. De fysieke leefomgeving, en; b. Activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. 2. De fysieke leefomgeving omvat in ieder geval: a. Bouwwerken; b. Infrastructuur; c. Watersystemen; d. Water; e. Bodem; f. Lucht; g. Landschappen; h. Natuur; i. Cultureel erfgoed; j. Werelderfgoed. 3. Als gevolgen voor de fysieke leefomgeving worden in ieder geval aangemerkt gevolgen die kunnen voortvloeien uit: a. Het wijzigen van onderdelen van de fysieke leefomgeving of het gebruik daarvan; b. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen; c. Activiteiten waardoor emissies, hinder of risico’s worden veroorzaakt; d. Het nalaten van activiteiten. 4. Als gevolgen voor de fysieke leefomgeving worden ook aangemerkt gevolgen voor de mens, voor zover deze wordt, of kan worden beïnvloed door of via onderdelen van de fysieke leefomgeving.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9665635/1