CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

210119 Bijlage I Nota van Uitgangspunten

raadscommissie Stedelijke Ontwikkeling 23 november 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Bijlagen29.975 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Nota van Uitgangspunten Herontwikkeling Pesthuis Leiden

September 2017

Inhoud 1. INLEIDING 2 2. HET PESTHUISCOMPLEX 6 2.1 Algemene beschrijving 2.2 Positie in de stad 2.3 Ontwikkelingen in de omgeving

3. CULTUURHISTORIE 24 3.1 Geschiedenis van het Leidse Pesthuis 3.2 Het Pesthuisterrein

4. PLANOLOGISCHE INFORMATIE 4.1 Beleidskaders

36

4.1.1 Rijksbeleid 4.1.2 Provinciaal en regionaal beleid 4.1.3 Gemeentelijk en regionaal beleid 4.1.4 Conclusie beleidskaders

4.2 Omgevingsaspecten 4.2.1 Vigerend bestemmingsplan 4.2.2 Stedenbouw/Welstand 4.2.3 Verkeer 4.2.4 Milieu 4.2.5 Archeologie en Cultuurhistorie 4.2.6 Conclusie regelgeving

5. AMBITIES EN RANDVOORWAARDEN 5.1 Programma 5.2 Cultuurhistorische waarde 5.3 Stedenbouwkundige inpassing 5.4 Haalbaarheid

54

6. BEOORDELINGSKADER 64 6.1 Programma 6.2 Cultuurhistorische waarde 6.3 Stedenbouwkundige inpassing 6.4 Haalbaarheid

COLOFON 68

Inhoud | Pesthuis Leiden | 1

2 | Pesthuis Leiden

1. INLEIDING

| Pesthuis Leiden | 3

4 | Pesthuis Leiden

1. Inleiding Een nieuwe functie voor het Pesthuiscomplex Naast het Centraal Station van Leiden en tussen de Leidse Binnenstad en het Bio Science Park ligt het unieke Pesthuiscomplex. Dit bijzondere complex bestaat uit het Pesthuis uit 1661, een voormalig gevangenisgebouw en een aantal woonhuizen. Het complex is omgeven door water en groen en ligt direct aan het vernieuwde Van Leeuwenhoekpark. Jarenlang is het Pesthuiscomplex eigendom geweest van het Rijksvastgoedbedrijf en heeft het gefungeerd als entreegebouw van Naturalis. Maar nu komt hij weer op zichzelf te staan. Het Pesthuis wordt los gemaakt van Naturalis en verkocht door het Rijksvastgoedbedrijf. Waar het lange tijd in dienst stond van Naturalis ontstaat nu de mogelijkheid om de potentie van het Pesthuis volledig te benutten. De verkoop van het Pesthuiscomplex biedt nieuwe kansen voor het complex zelf, zijn directe omgeving en voor de stad Leiden. Het Pesthuiscomplex kan een icoon worden met een verbindende en aantrekkende kracht. Het kan bijdragen aan de verbinding tussen het Bio Science Park en de binnenstad, een functie krijgen in de Kennisstad van Leiden en een publieke trekker worden buiten de Singel.

De verkoop Wanneer de nieuwbouw van Naturalis in 2018 gereed is, zal het Pesthuis verkocht worden. Daarom heeft het Rijksvastgoedbedrijf samen met de Gemeente Leiden de ambities en randvoorwaarden voor herontwikkeling uitgewerkt. Deze zijn samengevat in deze Nota van Uitgangspunten, die op ..... vastgesteld is. De condities voor de verkoop en de te volgen verkoopprocedure zijn te vinden op Biedboek.nl. Leeswijzer Deze nota geeft in hoofdstuk 2 informatie over het huidige Pesthuiscomplex en recente ontwikkelingen in de omgeving, en in hoofdstuk 3 over de historie ervan en over de cultuurhistorische waarden. Het vigerend beleid dat van toepassing is op de herontwikkeling van het Pesthuiscomplex wordt behandeld in hoofdstuk 4. En in hoofdstuk 5 worden de ambities en randvoorwaarden voor herontwikkeling behandeld. De criteria, op basis waarvan een selectie plaats zal vinden van partijen die in aanmerking komen om een bieding te doen, zijn vermeld in hoofdstuk 6.

Bebouwing ca. 1682 rondom het Pesthuis

Het Pesthuis als entreegebouw van Naturalis

Historische prent van het Pesthuis Inleiding | Pesthuis Leiden | 5

6 | Pesthuis Leiden

2. HET PESTHUISCOMPLEX

| Pesthuis Leiden | 7

2. Het Pesthuiscomplex

Gebouwen pesthuiscomplex Terrein pesthuiscomplex

2.1. Algemene informatie Huidige functie: Publieksentree Museum, woningen, museum Adres: Pesthuislaan 1-7 , 2333 BA Leiden Bruto vloeroppervlak: 7196* m2 Architecten: H.C. van Duyvenvlucht (oorspronkelijke ontwerp, 1661); Architectenbureau Bob C. van Beek BV (constructief herstel, 1987); F.H. Robers (renovatie regentenkamer, 1995), A.P.J.M. Verheijen (Verheijen Verkoren Knappers De Haan Architecten) (nieuwbouw Naturalis, verbinding met Pesthuis, en inbouwpakket Pesthuis, 1998), Bosch-Slabbers (herinrichting terrein en binnenplaats, 1998). Monument: Het Pesthuis (Pesthuislaan 7), het voormalig woonhuis van de binnenvader (Pesthuislaan 2-3) en het voormalig cellencomplex (Pesthuislaan 4) zijn rijksmonumenten Bouwjaar: tussen 1661 (Pesthuis) en 1998 (verbouwing en aanbouw Pesthuis)

Waterwegen

Het Pesthuiscomplex

Het Pesthuiscomplex ligt tussen het LUMC en het Bio Science Park. Het wordt begrensd door de Plesmanlaan, de Darwinweg, het fietspad in het Leeuwenhoekpark, het LUMC-terrein en het voormalige ambulance gebouw. Het terrein is ca. 2 hectare groot en bestaat uit zowel de gebouwen (een tweetal gebouwen met museale functie en een viertal gebouwen met acht woningen) als het terrein en de waterlopen. Eén van de musea is een deel (entreegebouw) van Naturalis en is gevestigd in het voormalig Pesthuis. Het andere museum is een atelier annex expositieruimte en is gevestigd in de voormalige gevangenis. Een monumentenstatus hebben alleen het woonhuis van de binnenvader op Pesthuislaan 2,3,3a, het cellencomplex op Pesthuislaan 4 en het Pesthuis op Pesthuislaan 7. Het Pesthuisterrein met de genoemde monumenten en alle overige gebouwen zijn van hoge cultuurhistorische waarde, vanwege de nog afleesbare functie als 17e-eeuwse isolatie- en quarantaineinrichting voor de pest. De woningen zullen in bewoonde staat verkocht worden.

2/3 1

4

5 6

7

6a 6b

Het terrein

Tegenwoordig is het Pesthuiscomplex aan vrijwel alle zijden ingesloten door grootschalige nieuwbouw en brede wegen. Binnen dit verstedelijkte en verdichte gebied is het Pesthuisterrein van belang vanwege de open (onbebouwde) groene structuur, als functioneel onderdeel van het complex en als relict van een verder verdwenen cultuurlandschap. Het terrein kan thans beschouwd worden als een ‘groene stedebouwkundige kamer’ waarvan de wanden gevormd worden door de bebouwing van het LUMC en het Naturalis en het Leids Bio Science Park. Het verharde voorterrein is het hart van het Pesthuiscomplex en vormt van oudsher de toegang via de Pesthuislaan aan de oostzijde. Nu wordt het gebied ontsloten via de Pesthuislaan en Plesmanlaan, maar dat zal met de realisatie van de Leidse Ring Noord gaan veranderen. De toekomstige auto-ontsluiting wordt aan de Darwinweg gepland. Centraal in het Pesthuiscomplex ligt het unieke Pesthuis, dat gebouwd is in 1661. Passend bij zijn oorspronkelijke functie wordt het gebouw omsloten door waterlopen en bomen. Het Pesthuis ligt geïsoleerd en wordt alleen ontsloten via een brug naar het voorterrein en de Pesthuislaan. Aan het voorterrein staan de bijgebouwen, bestaande uit het voormalige cellencomplex, het wachtlokaal met portierswoning en vier woningen. Ondanks latere veranderingen is de oorspronkelijke terreinopzet nog voor een belangrijk deel herkenbaar.

De waterloop aan de westzijde vanaf het Pesthuis richting de Sandifortdreef maakt deel uit van de oude polderverkaveling.

Het Pesthuis en de omliggende gracht 8 | Pesthuis Leiden

Onderdelen van het Pesthuiscomplex met oppervlakten in BVO en monumentstatus

1. Wachtlokaal (1805) en portierswoning (1814) 2/3. Woonhuis binnenvader (1635) 4. Cellencomplex (1847) 5. Dubbele woonhuis (waarschijnlijk 1661) 6. Uitbreiding woning 5 6a. Woning 6b. Woning (samen met woning 6a) 7. Pesthuis (1661)

Pesthuislaan 1 Pesthuislaan 2, 3, 3a Pesthuislaan 4 Pesthuislaan 5 Pesthuislaan 6 Pesthuislaan 6a Pesthuislaan 6b Pesthuislaan 7

Pesthuis en de omliggende complexonderdelen in huidige situatie (met huisnummers)

adres

functie

BVO

monumentstatus

1. Pesthuislaan 1 woning 250* m2 2 Pesthuislaan 2 woning 146* m2 Rijksmonument 3. Pesthuislaan 3 woning 146* m2 Rijksmonument 3A Pesthuislaan 3a woning 321* m2 Rijksmonument 4. Pesthuislaan 4 museum 506* m2 Rijksmonument 5 Pesthuislaan 5 woning 219* m2 6. Pesthuislaan 6 woning 100* m2 6a Pesthuislaan 6a woning 298* m2 6b. Pesthuislaan 6b woning 157* m2 7. Pesthuislaan 7 museum 4524* m2 Rijksmonument ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------*inmeting volgens NEN 2580, 4-9-’17 Totaal 6667* m2 bvo

Leeuwenhoekpark

eg Darwinw

in voorterre

LUMC

Het Pesthuiscomplex gezien vanaf Naturalis

Pesthuislaan

Het Pesthuiscomplex gezien vanaf het Van Leeuwenhoekpark

Naturalis

voormalige ambulancepost

Plesmanlaan

Pesthuiscomplex, situatie eind 2016

Zicht op de binnenplaats van het Pesthuis Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 9

1. Het Wachtlokaal met portierswoning

2/3. Woonhuis binnenvader

4. Cellencomplex

Zicht vanuit het noorden (kant Van Leeuwenhoekpark) langs het cellencomplex richting het pesthuis

10 | Pesthuis Leiden

Pesthuislaan 1

Dit is het voormalig wachtlokaal uit 1805, ter bewaking van de toegangsbrug tot het Pesthuisterrein en de bijbehorende portierswoning uit. Achter het wachthuis werd in 1814 een portierswoning gebouwd. De brug vormde de enige toegang over land tot het geheel door grachten omgeven Pesthuisterrein. De huidige bebouwing dateert naar verluidt uit de vroege 19de eeuw en is in twee fasen – 1805 en 1814 – tot stand gekomen. Het wachtlokaal heeft vermoedelijk een T-vormige opzet. Aan de achterzijde is dit pand uitgebreid met een éénlaags woonhuis met zadeldak in eenzelfde architectuur. Het exterieur van de woning maakt een homogene 19de-eeuwse indruk, met enkele ondergeschikte recente wijzigingen en toevoegingen. Rond 1900 was het pand aan de voorzijde voorzien van een brede luifel. In welke staat het interieur verkeert, is niet bekend. Van het pand zijn geen bouwtekeningen bekend.

Pesthuislaan 2, 3, 3a (Rijksmonument: 25438)

Het vrijstaande huis van de binnenvader behoort tot de oudste bebouwing op het Pesthuisterrein en kwam vermoedelijk rond 1635 tot stand, gelijktijdig met het houten noodpesthuis. Het gebouw was de dienstwoning van het complex. Behalve dat de binnenvader en bedienden of personeel er woonden, waren hier ook de keukens van het Pesthuis ondergebracht. Op hoofdlijnen komt de contouren van de bebouwing overeen met de bebouwing weergegeven op de oudste kaartbeelden. Door zijn bijzonder opbouw vormt het pand een markante verschijningsvorm. Het voorste deel heeft een nagenoeg vierkant grondvlak en omvat twee bouwlagen (met een tentdak). Aan de noordzijde sluit hier een rechthoekig, lager bouwvolume met een zeer steil zadeldak op aan. Het muurwerk van de gevels van beide bouwdelen is 17de-eeuws en toont een rijkdom aan bouwsporen. Haaks hierop is, aan de oostzijde, een derde bouwvolume. Analyse van bouwtekeningen doet vermoeden dat de oorspronkelijke ruimtelijke indeling van de plattegronden voor een belangrijk deel nog aanwezig is.

Pesthuislaan 4 (Rijksmonument: 515091)

Pesthuislaan 4 werd in 1848 gebouwd als strafcellengebouw voor militairen als uitbreiding van de functie van het Pesthuis, dat sinds 1822 als gevangenis in gebruik was. Het gebouw is gebouwd op een vierkante grondslag en telde oorspronkelijk twintig strafcellen verdeeld over twee verdiepingen en aan weerszijden van een hoge vide. Het pand is ontworpen in sobere Eclecticistische stijl, die typerend is voor de utilitaire en militaire gebouwen uit het midden van de negentiende eeuw. De tralies, die oorspronkelijk aan de buitenkant van alle vensters aangebracht waren, zijn verwijderd. De ingang in de westelijke eindgevel, die toegang gaf tot de inmiddels verwijderde luchtplaats, is gewijzigd. Het heeft een streng en sober silhouet, dat passend is bij de functie van gevangenis. In een latere fase werden de cellen gewijzigd tot dienstwoningen. De voormalige militaire gevangenis is in rode baksteen opgetrokken op een rechthoekige plattegrond onder een schilddak met grijze gesmoorde Hollandse pannen en een overstekende houten gootlijst. De langsgevels bevatten vijf vensterassen met in de buitenste elk een hooggeplaatst bovenlicht en in de drie middelste assen telkens grote getoogde schuifvensters, met houten

kozijnen waarin een kleine roedenverdeling. Strekken boven de vensters, hardstenen waterdorpels eronder. In de zuidelijke langsgevel kleine hoge getoogde vensters in de buitenste vensterassen. In de eindgevels bevinden zich de houten toegangsdeuren onder grote rondboogvensters, eveneens met een kleine roedenverdeling. De ingang met bovenlicht in de oostelijke eindgevel bevindt zich in een platte éénlaags uitbouw. Pironnen op de nokeinden, twee hoge gemetselde schoorstenen en een platte houten dakkapel met meerruits vensters centraal in ieder dakvlak. Van het interieur zijn onder meer bewaard gebleven: De indeling van het gebouw met een brede gang op de begane grond en een rondgaande houten galerij op ijzeren consoles op de verdieping. De houten trap is voorzien van ijzeren trappalen en een ijzeren balustrade. De ijzeren balustrade van de galerij heeft ook gekruiste spijlen. Aan de gang bevinden zich cellen en grotere ruimtes, aan de galerij cellen en zelfs twee isoleercellen met hekwerk in de cel. De grotere ruimtes op de begane grond worden overspannen door meerdere troggewelven waarvan de aansluitingen bekleed zijn met houten cassettes. De cellen worden overkluisd door één troggewelf en hebben aangesmeerde vloeren en muren. Enkele cellen zijn nog gemeubileerd met een vastgeklonken houten tafeltje en kastje. Ze worden afgesloten door houten (paneel)deuren met ijzerbeslag.

De isoleercellen hebben dubbele deuren. Oorspronkelijk waren de gewelven en muren in de cellen geschilderd in okergeel en bruin. De meubels waren groen. De droogzolder onder de houten kap die diende voor het eten en de was, is voorzien van wanden die bestaan uit houten lamellen. Sinds de bouw in 1848 heeft het verschillende functies gehad. In 1890 werd het een Huis van Bewaring voor Vrouwen. In 1902 werd het ingericht voor de zaalopzichteressen van de Rijkswerkinrichting. Ten tijde van het Legermuseum (1941 tot 1980) waren hier de restauratiewerkplaatsen en een smederij van het museum ondergebracht. Na vertrek van het Legermuseum vestigde zich hier een kunstenares. Tegenwoordig is dit het onderkomen van de Phila del ART, een werkplaats voor beeldende kunst. In 1998 is het pand gerestaureerd door architect F.H. Robers. De verschillende functies die het gebouw heeft gehad worden weerspiegeld in de vensterindeling van de gevels. De kleine, hoog in de gevel geplaatste vensters wijzen nog op het gevangenisverleden (hoewel alle tralies verwijderd zijn). De vergroting van een deel van de vensters hangt samen met de wijziging van het gebouw tot woonruimte voor de bewaarders in 1902.

cellen in de huidige opzet nog goed afleesbaar en beleefbaar. Tijdens de restauratiewerkzaamheden zijn in twee cellen rijke Jugendstil muurschilderingen aangetroffen. Deze zijn waarschijnlijk aangebracht in de vroege twintigste eeuw. Het gebouw is de oudste bewaard gebleven cellulaire gevangenis van Nederland en werd gebouwd naar ontwerp van waterstaatingenieur Van Ortt. Het uitgangspunt van het cellulaire systeem was een streng verbod op onderling contact tussen de gevangen onderling. Het gebouw gold als vernieuwend. Het voormalige cellengebouw is van algemeen belang wegens architectuuren cultuurhistorische als ook typologische waarde als in- en uitwendig overwegend gaaf bewaard en kenmerkend onderdeel van een middennegentiende-eeuws gevangeniscomplex. In het gebouw zijn zeer vroege toepassingen van nieuwe bouwmaterialen zoals Portlandcement en asfalt terug te vinden.

Plattegronden begane grond en eerste verdieping cellencomplex

De huidige bouwmassa is in belangrijke mate nog authentiek. Ook de hoofdopzet van de plattegrond met een centrale middengang en vide is nog aanwezig. De vertrekken op de eerste verdieping zijn bereikbaar via een smalle rondgaande overloop of galerij met balustrade die rust op de fraai gedecoreerde gietijzeren consoles. De grote gietijzeren ramen zorgen voor een ruime lichtinval. Verschillende interieuronderdelen herinneren nog aan de gevangenisfunctie: een groot deel van de oorspronkelijke celdeuren is nog aanwezig. Op de eerste verdieping bevinden zich nog twee authentieke isoleercellen met hekwerk en dubbele deur. Eén van de twee cellen is gecapitonneerd, dat wil zeggen dat de wanden met leer bekleed zijn. Enkele cellen zijn nog gemeubileerd met een vastgeklonken tafeltje en kastje. De cellen worden afgesloten met houten (paneel)deuren met ijzeren beslag. Hoewel een aantal cellen in de loop der tijd is samengevoegd tot grotere ruimten, is de ruimtelijke structuur van de afzonderlijke

Gevel cellencomplex Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 11

6a/6b Woonhuis

5/6 Dubbel woonhuis

7. Het Pesthuis

Het Pesthuis met de toegangsweg vanaf het bestrate voorplein via een loopbrug naar de entreepoort.

12 | Pesthuis Leiden

Pesthuislaan 5, 6

Een éénlaags gebouw waarin thans twee woonhuizen zijn ondergebracht, dat mogelijk teruggaat op een in de 17de-eeuws reeds op deze plaatsaanwezige bebouwing, die in de loop der eeuwen een aantal zeer uiteenlopende functies heeft vervuld en verschillende malen is gewijzigd. Het dubbele woonhuis (Pesthuislaan 5) is hoogstwaarschijnlijk tegelijkertijd met het Pesthuis zelf gebouwd (rond 1661). In een archiefstuk uit 1822 is sprake van een ‘koepel’. In 1806 zou het pand, voor rekening van het ‘Gouvernement’, zijn uitgebreid met een bouwdeel met twee kamers die aansloten op deze koepel. Deze ruimten dienden als ‘Theatrum anatomicum’ en als onderwijslokaal. Het is denkbaar dat het Pesthuis, later Militair Hospitaal, net als het Ceaciliagasthuis aan de Faculteit der Geneeskunde van de Universiteit Leiden verbonden was en dat hier onderwijs werd gegeven. In hun huidige verschijningsvorm zijn de woningen goed herkenbaar als dienstwoningen uit de tweede helft van de 19de eeuw. De forse dakopbouw aan de voor- en achterzijde zijn van recenter datum en ontsieren het bouwvolume.

Pesthuislaan 6a, 6b

Dubbel woonhuis (éénlaags met zadeldak met uitbouw met plat dak), waarvan het hoofdbouwvolume in 1858 gebouwd is als smederij. Naar verluidt werd het gebouw rond 1889 gebruikt voor opsluiting van besmettelijk zieke gedetineerden. De huidige indeling is vermoedelijk met een verbouwing in de jaren ’20 of ’30 van de twintigste eeuw tot stand gekomen. Ondanks het feit dat het pand thans is opgedeeld in twee woningen, is van deze vooroorlogse indeling nog veel herkenbaar. De plattegrond kenmerkt zich door een lange centrale middengang met aan de oostzijde kleine kamers (cellen?) met nog de oorspronkelijke deuren en stalen ramen. Hoewel sommige kamertjes zijn samengevoegd tot grotere ruimten is deze structuur nog goed afleesbaar. In diezelfde periode is het pand aan de zuidzijde uitgebreid met een éénlaags bouwvolume met plat dak. De stalen ramen met kantelbaar bovendeel, die de oostgevel sieren, zijn karakteristiek voor detentiehuizen. De gevel van de hoofdbouw aan de westzijde kenmerkt zich door een reeks rondboogvensters, karakteristiek voor de gevangenisarchitectuur uit het midden van de 19de eeuw. De gevelindeling aan de oostzijde met ‘gewone’ schuiframen wijkt daar van af en dateert vermoedelijk uit de late 19de of vroege 20st eeuw.

betreft een nagenoeg symmetrisch gebouw, met als uitzondering de entree -met gebeeldhouwde omlijsting en reliëf- aan de linkerzijde van de noordgevel (waarachter o.a. de toegang via de trap naar de regentenkamer grenzend aan de oostgevel). Een gracht deelde de binnenplaats in 2 delen, deze stond in verbinding d.m.v. een overkluizing met de buitengracht die rondom het gebouw loopt (de gracht op de binnenplaats en overkluizing zijn niet meer aanwezig, wel is de plaats van de overkluizing nog zichtbaar). De binnenplaats heeft rondom een zuilengalerij, vanaf de binnenplaats zijn de zalen te bereiken.

plattegronden bestaand BEGANE GROND

Door de jaren heen heeft het pand diverse bestemmingen gehad, zoals (militair) hospitaal, gevangenis en museum. Het gebouw werd diverse keren voor deze wisselende bestemmingen aangepast. Tussen 1941 en 1943 volgde een restauratie en verbouwing t.b.v. het leger- en wapenmuseum. De verbindingsdeuren tussen de zalen, die oorspronkelijk aan de zijde van de binnenplaats zaten, werden naar het midden van de dwarsmuren verplaatst. In 1980 was het pand in een ernstig vervallen staat. Voordat het pand werd overgedragen aan de Rijksgebouwendienst en in gebruik werd genomen als entreegebouw (1998) van Naturalis is het gerestaureerd en verbouwd. Deze restauratie bestond uit twee fasen. Bij de eerste was de gemeente Leiden de opdrachtgever. Daarbij werd onder andere het grootste deel van de houten onderdelen -kozijnen en alle balklagen- vervangen. Tijdens de tweede fase, in opdracht van de Rijksgebouwendienst, verscheen op de kap een globale reconstructie van de 4 hoekschoorstenen. In de noordgevel op het niveau van de vensters is een opening gemaakt voor de verbinding met de nieuwbouw. Ook werden enkele openingen aan de binnenplaatszijde op begane-grondniveau aangebracht en werden door Fons Verheijen enkele als losstaande meubels ontworpen toevoegingen in het interieur aangebracht.

Naturalis ++ 100622 versie 3

bijlagen plattegronden bestaand EERSTE VERDIEPING

Ondanks de leeftijd van het gebouw, de diverse bestemmingen, restauraties en verbouwingen is het oorspronkelijke (17e eeuwse) beeld grotendeels behouden.

Pesthuislaan 7 (Rijksmonument: 25439)

bijlagen

Het oude Pesthuis is opgetrokken om een vierkante binnenplaats en wordt omgeven door een gracht, die aan de Oostzijde is verlegd bij het bouwen van den 19de-eeuwse vleugel. Aan de binnenplaats bevindt zich tegen de muren onder de vensters een galerij bestaande uit hardstenen kolommen die een houten dak dragen. De hoofdingang aan de Noordzijde wordt gevormd door een zandstenen poort met Toscaanse pilasters, die een hoofdgestel dragen, waarvan het fries prijkt met vijf wapens van regenten. Daarboven bevindt zich een reliëf, eveneens van zandsteen, voorstellende de Pest in de gedaante van een furie met gesel en wolf, aan wie zich een kindje vastklemt, terwijl rechts daarvan een uitgeteerde moeder haar stervend kind vasthoudt. Op de stam van de boom, geheel rechts, gemerkt: R. Verhulst 1660. Het oorspronkelijke Pesthuis bestaat uit 8 hoge zalen rond een binnenplaats. Op begane grond niveau zijn de gevels zowel aan de buitengevels buitenzijde en als aan de binnenplaatsgevels gesloten. Hoog geplaatste vensters aan beide zijden van de zalen voorzien deze van licht en lucht. De architectuur

bijlagen

Naturalis ++ 100622 versie 3

plattegronden bestaand ZOLDER VERDIEPING

Boven: Het Pesthuis en de binnenplaats gezien van bovenaf Rechts: De plattegronden van de begane grond, de insteekvloeren op de eerste verdieping en de zolderverdieping van het Pesthuis tijdens het gebruik als entreegebouw van Naturalis. Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 13 Naturalis ++ 100622 versie 3

Auteursrecht

Behalve de culturele waarden die verband houden met de voorgeschiedenis van het complex, is ook de ontwikkeling van belang die verband houdt met de omvorming van het complex tot onderdeel van Museum Naturalis. Daarbij zijn (tenminste) drie ontwerpers betrokken geweest: • Fons Verheijen, Ontwerper van Naturalis en in het verlengde daarvan als hoofdarchitect ook van de nieuwe elementen (zowel bouwkundig als behorend tot de inrichting) in het Pesthuis. • Flip Robers, als restauratiearchitect, betrokken bij het Pesthuis. Robers heeft later ook de restauratie van het cellengebouw Pesthuislaan 4 voor zijn rekening genomen. (Ontwerper van de cascorestauratie van het Pesthuis, in opdracht van de toenmalige eigenaar, gemeente Leiden, was Bob C. van Beek.) • Bosch-Slabbers als ontwerper van de herinrichting van het binnenterrein van het Pesthuis en van de directe omgeving van het museum. Daarnaast zijn er ook de nodige objecten op het terrein geplaatst. Ervaring leert dat het verstandig is om ook de culturele waarden van de nieuwe ingrepen in beeld te brengen. Dit heeft mede te maken met het nog vigerende auteursrecht (en zal vooral betrekking hebben op de ingrepen van Verheijen en van Bosch-Slabbers). De (bouw)historische verkenning zal zich ook hierover moeten uitspreken.

•

•

daglichtopeningen (dakkapellen) zijn naar het binnenterrein gesitueerd. De hoge ruimten in het Pesthuis zijn voor een tal van functies niet noodzakelijk of zelfs onwenselijk. In/aan de bestaande constructie mogen tussenvloeren niet zomaar worden aangebracht. Om toch extra vloeren aan te brengen, en tevens het probleem van na-isolatie op te lossen, kan gedacht worden aan een doos in doos constructie. Waarbij de huidige constructie niet of nauwelijks wordt aangetast en de extra schil de isolerende functie kan overnemen. Het gebrek aan uitzicht en daglichttoetreding zal voor de begane grond blijven bestaan. Als de begane grond een algemene functie krijgt en de zolderverdieping en eventuele nieuwe tussenverdieping een woon- of logiesfunctie krijgen kunnen zaken als het gebrek aan buitenruimten op de verdiepingen ook beperkend werken.

Cellencomplex (Pesthuislaan 4) • •

Door de draagstructuur en functionele indeling van de gevangenis (monument) is het niet mogelijk grote ruimten te creëren. Ook hier speelt een probleem met daglicht en uitzicht. Deze beperking geldt echter voor ca. 40% van de ruimte waar de originele kleine gevangenis vensters nog aanwezig zijn.

Archeologische verwachtingen

Het Pesthuis is indertijd gerealiseerd op een terrein van drie morgen (een oude Europese oppervlaktemaat, een Rijnlandse morgen is ca. 8516 vierkante meter), dat uit de bezittingen van het Sint-Catharinagasthuis was verkregen. Dit terrein lag toen kort buiten de stadsvest, in Oegstgeest. Het terrein zal een agrarische bestemming hebben gehad. Gelet op de ligging nabij de Rijnmond en het duingebied kan gebruik van de grond en bewoning in de IJzertijd, de Romeinse Tijd en de vroege Middeleeuwen zeker niet uitgesloten worden. Het Sint-Catharinagasthuis dateert van vóór 1275, maar nog nagegaan moet worden sinds wanneer het terrein in Oegstgeest in eigendom van dat gasthuis was. Hoe het ook zij, de kans bestaat dat het terrein nog tal van sporen van bewoning en gebruik vanaf de IJzertijd tot en met de Moderne Tijd bevat. Dat betekent dat nagegaan moet worden (tenminste met een Bureauonderzoek, zo nodig aangevuld met enkele verkenningen in het veld), wat de archeologische verwachtingen kunnen zijn. Dit zal immers mede bepalend zijn voor de wenselijkheid (en mogelijkheden) van grondverstorende werkzaamheden.

Bouwtechnische staat

De staat van de bezochte gebouwen (hoofdgebouw en cellencomplex) is goed. Bij het voormalig Pesthuis heeft in 1987 constructief herstel plaats gevonden en in 1995 een restauratie van de regentenkamer. De voormalige gevangenis is in 2000 gerestaureerd. De panden zijn goed onderhouden, mede gezien de voorgaande ingrepen, zijn er dan ook geen ernstige bouwtechnische of constructieve problemen - zoals vergaande scheurvorming door verzakking etc. - geconstateerd. Het is van belang dat regulier onderhoud – schilderwerk, voegwerk, loodwerk, kleine lekkages etc. consequent wordt doorgezet om toekomstige problemen en grote investeringen te beperken. De aanwezige E- en W- installaties zijn specifiek voor de huidige functie. Verwachting is dan ook dat deze installaties bij herbestemming aangepast dan wel vervangen dienen te worden. Zowel de bouwtechnische staat als de monumentenstatus van het complex geven beperkingen voor herbestemming. Belangrijke aandachtspunten hierbij zijn de energetische kwaliteiten (isolatie/koudebruggen/installaties), daglichttoetreding en toegankelijkheid.

Hoofdgebouw (Pesthuislaan 7) • •

Door de draagstructuur met houten kolommen in de buitengevel is naisolatie van de schil met voorzetwanden niet mogelijk i.v.m. de dauwpunt verschuiving. Hierdoor treedt condensatie in de constructie op. Het Pesthuis heeft op de begane grond niet of nauwelijks daglichtopeningen. Deze daglichtopeningen kunnen i.v.m. de monumentenstatus ook niet zomaar worden ingepast. Ook de zolderverdieping heeft niet of nauwelijks daglichtopeningen. De enkele

14 | Pesthuis Leiden

Interieur van de entreehal in het Pesthuis in de huidige staat

Interieur van een van de voormalige ziekenzalen in gebruik als expositie van Naturalis

Zicht op de binnenplaats en de gallerijen aan de binnenzijde van het Pesthuis

Overige aandachtspunten •

•

De nutsvoorzieningen van het Pesthuis komen nu alle binnen via de loopbrug over de Darwinweg. Deze brug zal worden verwijderd. In elk geval moet het Pesthuis na het verwijderen van de brug op de nutsvoorzieningen aangesloten blijven. Het Rijksvastgoedbedrijf zal zorg dragen voor aansluiting op de nutsvoorzieningen na verwijdering van de loopbrug. Een deel van het terrein bestaat uit open water. Niet alleen dient dit voor de opvang en afvoer van regenwater. Mogelijk behoort het ook tot open water waarover het waterschap medezeggenschap heeft. Het water behoort tevens tot de belangrijke historische elementen op het terrein. Uit recent cultuurhistorisch onderzoek van Bureau Monument en Cultuur, augustus 2017, blijkt dat het terrein met de waterlopen en de

•

groenstructuur van hoge stedenbouwkundige waarde zijn; Asbest zal bij Pesthuislaan 4 en 7, gelet op de tamelijk recente restauraties, geen probleem vormen. Voor de rest van het complex zal een inventarisatie van asbest en bodemvervuiling nodig zijn.

Conclusie

Het Pesthuis in Leiden is een voor Nederland uniek voorbeeld van een voor een zeer specifiek doel gebouwde medische openbare inrichting. Samen met het thans verdwenen Amsterdamse Pesthuis, is het enige als zodanig gebouwde pesthuis in Nederland, en is het gaaf en herkenbaar als gebouwtype bewaard gebleven. Daarmee is het één van de belangrijkste monumenten van de geschiedenis van de gezondheidszorg. De cultuurhistorische waarde van dit

gebouw beperkt zich niet tot het Pesthuis als los object. Het is onderdeel van een terrein met een complex van gebouwenen. Dit complex bestaat enerzijds uit gebouwen die onderdeel zijn van de oorspronkelijke aanleg als pesthuis, anderzijds uit gebouwen die zijn toegevoegd nadat het complex al snel werd benut voor militaire doeleinden. De militaire geschiedenis vormt dan ook een belangrijke tweede tijdslaag. Daarnaast brengt de oorspronkelijke functie van het pesthuis een heel specifieke relatie tussen gebouw en omgeving met zich mee. De ligging en de omgeving van het gebouw zijn bewust ontworpen in relatie tot het functioneren van het gebouw. Daarmee is de omgeving, nog sterker dan bij de meeste andere monumenten, onderdeel van de cultuurhistorische waarde van het object. Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 15

2.2. Positie in de stad Het Pesthuiscomplex ligt ten Westen van het Centraal Station van Leiden, tussen de binnenstad en het Bio Science Park. Hiermee ligt het strategisch tussen de culturele binnenstad en de kennisstad van Leiden. Het Centraal Station ligt op loopafstand en met de trein is Schiphol binnen 15 minuten bereikbaar. Het Pesthuis ligt aan de Plesmanlaan en deze weg is onderdeel van de Leidse Ring. Dit betekent dat de hele stad vanaf deze locatie eenvoudig te bereiken is en dat je snel bij de A44 bent die naar Den Haag, Amsterdam en Haarlem leidt. Via de Plesmanlaan en het LUMC terrein is tevens de binnenstad binnen handbereik en het hart van de stad ligt op 10 minuten lopen afstand. Als 17e-eeuws monument is het Pesthuis een opvallend fenomeen binnen het Bio Science Park. Het complex ligt te midden van de bedrijven die gericht zijn op de life sciences en het Pesthuis brengt cultuur binnen deze kennisstad. Het is vrijwel het enige 17e-eeuwse gebouw buiten de Singel. Daarnaast hebben het Pesthuis en het cellencomplex nu een publieke functie en brengen zij samen met Naturalis en het Van Leeuwenhoekpark leven en een stedelijke dynamiek in het Bio Science Park.

Bio Science Park

Centraal Station LUMC

A44 Plesmanlaan

Gelegen tussen het Bio Science Park en de binnenstad heeft de Pesthuiscomplex de potentie om een verbindende schakel te worden. De stad Leiden heeft de ambitie om de culturele binnenstad en de kennisstad van het Bio Science Park met elkaar te verbinden. Zowel ruimtelijk als programmatisch kan het Pesthuiscomplex hierin een grote rol gaan vervullen. Met een (semi)publieke herbestemming kan het vernieuwde Pesthuiscomplex verbinden, verlevendigen en de twee werelden samen brengen. Daarnaast kan een positieve uitstraling hebben op de omgeving en het stedelijk leven verlengen tot in het Bio Science Park.

binnenstad

Stedelijke context van het Pesthuis (google maps)

Voorpost van de binnenstad op kaart uit ca. 1815 16 | Pesthuis Leiden

Positie Pesthuis in Leiden, gelegen tussen Bio Science Park en binnenstad

Kans positie, Pesthuis als verbindende schakel

Locatiekwaliteiten Bereikbaarheid en parkeren: • Het Pesthuiscomplex is als centrum stedelijke locatie goed bereikbaar per auto. De Plesmanlaan is als Leidse Ring een efficiënte verbinding tussen de A44, de binnenstad en de rest van de stad. • De locatie is zeer goed bereikbaar per openbaar vervoer: het ligt op loopafstand van Leiden Centraal. • Parkeergelegenheid op het terrein is in de huidige situatie zeer beperkt. Wel is er op het terrein beperkt ruimte voor het creëren van extra parkeerplaatsen. • In de directe omgeving van het Pesthuiscomplex zijn enkele grote voorzieningen voor betaald parkeren beschikbaar. Parken en verblijfsruimtes • Het Pesthuiscomplex grenst direct aan het Van Leeuwenhoekpark, met het restaurant De Stal, mooie groene verblijfsruimtes en doorgaande routes die het gebied met de omgeving verbinden. • In het verlengde van het Van Leeuwenhoekpark ligt het Schilperoortpark dat verbonden is met het Bos van Bosman en doorloopt in de groenstructuren van Oegstgeest. • Aan de andere kant van het spoor begint de binnenstad met het Singelpark dat het historische centrum van Leiden omringt met groen. Het is een kilometerslang stadspark met het water van de singels als een blauwe ader door het park. • Aan de zuidzijde van de Plesmanlaan ligt het Park Kweeklust met groene verblijfsruimtes en een kinderboerderij.

Woonkwaliteit: • Met zijn ligging in het Bio Science Park heeft het Pesthuiscomplex beperkte woonkwaliteiten. Het Pesthuiscomplex wordt omringd de gebouwen van het LUMC, Naturalis en het Bio Science Park waardoor het onderdeel is van de kennisstad. • De woonvoorzieningen/-gebouwen waar het Bio Science Park over beschikt liggen, met uitzondering van de woningen op het complex zelf, niet in de directe omgeving van het Pesthuiscomplex. • Woongebouwen op het Bio Science Park zijn primair gericht op studenten. Werkvoorzieningen in de omgeving: • In de directe omgeving van de locatie bevindt zich een groot aantal arbeidsplaatsen. Belangrijke werkgevers zijn het LUMC, de Universiteit Leiden, Hogeschool Leiden en de biotechnologische bedrijven van het Bio Science Park.

Het Pesthuiscomplex tussen het LUMC, Het Bio Science Park en de Plesmanlaan Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 17

Zicht op het Pesthuiscomplex en het cellencomplex vanuit het Leeuwenhoekpark 18 | Pesthuis Leiden

Commerciële voorzieningen: • Het stationsgebied ligt op loopafstand van de locatie en beschikt over, op de treinreiziger toegesneden, dagelijkse voorzieningen. • Het centrum van Leiden, met een sterk aanbod aan grootstedelijke retail voorzieningen ligt op fiets- en loopafstand van de locatie. • In het centrum van Leiden bevindt zich een uitgebreid aanbod aan horeca, variërend van goede restaurants tot gezellige studentencafés. In de directe omgeving is een beperkt aantal horecagelegenheden. In het Van Leeuwenhoekpark ligt het restaurant De Stal. • Het Bio Science Park en het stationsgebied beschikken over enkele grote zakelijke vier sterren hotels, zoals het nieuwe Hampshire hotel (118 kamers) en het Golden Tulip (103 kamers) nabij het station en het Hilton Garden Inn (173 kamers) naast de A44. Maatschappelijke en culturele voorzieningen: • Het Bio Science Park herbergt faculteiten van de belangrijkste onderwijsinstellingen van Leiden, de Universiteit Leiden, Hogeschool en het ROC. Basis- en middelbaar onderwijs bevinden zich op fietsafstand in de woonbuurten Houtkwartier, Raadsherenbuurt en Vogelwijk. • Op loopafstand van de locatie bevinden zich enkele musea. Het Anatomisch Museum in de geneeskundefaculteit aan het Hippocratespad en Museum Naturalis.

• Op fietsafstand van de locatie bevindt zich het centrum van Leiden met een rijk cultureel aanbod aan monumenten, musea en podia. • Op loopafstand van de locatie bevinden zich medische topvoorzieningen van hoofdzakelijk (boven)regionale uitstraling. Voorzieningen als huisen tandarts en meer reguliere paramedische zorg bevinden zich in de woonbuurten en rond het Alrijne Ziekenhuis in het Houtkwartier.

Zicht vanaf Naturalis met links het Pesthuiscomplex en op de achtergrond de binnenstad van Leiden

Pesthuislaan

Darwinweg

Plesmanlaan Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 19

2.3. Ontwikkelingen in de omgeving Het Pesthuiscomplex ligt in een dynamische omgeving, ingeklemd tussen stationsgebied, Bio Science Park en Plesmanlaan. In deze omgeving lopen verschillende grote projecten, die kansen, maar ook bedreigingen kunnen vormen voor de herontwikkeling van het Pesthuiscomplex. De belangrijkste projecten zijn:

4

1. Aanleg Leidse Ring Noord

Met het project Leidse Ring Noord werken Leiden en Leiderdorp aan een betere doorstroming van doorgaand verkeer op de Plesmanlaan, Schipholweg, Willem de Zwijgerlaan en de Oude Spoorbaan. Deze wegen vormen samen met de A4, A44, N446 en de nog aan te leggen Rijnlandroute de Leidse Ring. De ringstructuur moet doorgaand verkeer om het stadscentrum van Leiden en de dorpskern van Leiderdorp leiden, zodat daar meer ruimte ontstaat voor bestemmingsverkeer, openbaar vervoer, fietsers en voetgangers. Langs de Leidse Ring Noord worden extra maatregelen genomen om tot een goede inpassing te komen. Ter hoogte van de Darwinweg en de Vondellaan wordt een ongelijkvloerse kruising aangelegd. De gemeenteraden van Leiden en Leiderdorp hebben dit voornemen in 2016 in het kaderbesluit Leidse Ring Noord vastgelegd. De komende periode worden het kruispunt Plesmanlaan-Darwinweg-Vondellaan en het kruispunt Engelendaal uitgewerkt tot het niveau van een uitvoeringsbesluit. Dit betekent dat er onder andere gewerkt wordt aan nader onderzoek, planologische procedures en de voorbereiding van de aanbesteding van de ongelijkvloerse kruising. De planning is om een uitvoeringsbesluit voor de zomer van 2018 voor te leggen aan de gemeenteraden van Leiden en Leiderdorp. Daarna wordt zo snel mogelijk gestart met de aanbesteding en bouw van het kruispunt Plesmanlaan-Darwinweg-Vondellaan.

Zie ook: https://www.leiden.nl/themas/bereikbaarheid/leidse-ring-noord In het kaderbesluit wordt uitgegaan van een ongelijkvloerse ‘bajonet’kruising, waarbij Darwinweg en Vondellaan op hun huidige plek blijven liggen. Momenteel wordt ook gestudeerd op een ‘rechtstandige’ kruising, waarbij de Vondellaan wordt verlegd in het verlengde van de Darwinweg. Motorhuis krijgt dan een nieuwe vestiging (zie afbeelding). Ambities reconstructie Ring Noord vanuit Pesthuiscomplex/ groene zone

In het Masterplan Bio Science Park wordt het Pesthuiscomplex gezien als onderdeel van een groene zone. Deze zone is de benadering van het Bio Science Park vanuit de Binnenstad. Een goede afstemming met de herprofilering van de stadsring is nodig om deze groene zone naar het zuiden toe in samenhang vorm te geven. Een ‘rechtstandige’ kruising tussen Darwinweg-Vondellaan en de Ring is van het grootste belang om de in het Masterplan beoogde aansluiting Bioscience Park - Binnenstad te kunnen realiseren. Vanuit deze optiek zijn de volgende ambities geformuleerd voor de herprofilering van de Leidse Ring Noord: 1. verbeteren van de situatie tussen ringweg en Pesthuis 2. vormgeven van de zone tussen ringweg en Pesthuis, als entree van de groene zone Pesthuiscomplex-Van Leeuwenhoekpark 20 | Pesthuis Leiden

5 3

2

1

Ontwikkellocaties omgeving Pesthuis (nummers op de kaart corresponderen met nummers in tekst)

3. bij herinrichting van deze zone streven naar herstel van de oorspronkelijke dubbele grachtenring rond het Pesthuis Hierbij wordt beoogd: ad.-1 • zo veel mogelijjk ruimte te laten tussen wegtracee en Pesthuis (ondermeer door realisatie van een ‘rechtstandige’ kruising tussen Darwinweg-Vondellaan en de Ring) • een hoogteligging van wegen en paden, niet hoger dan in de huidige situatie • auto-ontsluiting van het Pesthuisterrein vanaf de Darwinweg ter hoogte van de Mendelweg (rechtstreekse aansluiting op Ring vervalt) ad.-2 • bij inrichting van de zone tussen ringweg en Pesthuis wordt deze

• •

Situatie 1683 geprojecteerd op huidige situatie

herkenbaar als onderdeel van de groene zone Pesthuiscomplex - Van Leeuwenhoekpark; met name in de keuze en situering van groen (bomen), water en paden een doorgaande fietsroute als onderdeel van de ring kan eventueel in deze zone worden ingepast een goede voetgangersverbinding vanuit deze zone naar de binnenstad

ad.-3 • een op de historie gebaseerde inpassing van het pesthuis in zijn omgeving, waarbij de isolatie van het Pesthuis middels een dubbele ring van water en bomen rondom het gebouw kenmerkend is (zie afbeelding hierboven) • het bieden van de mogelijkheid van een rondwandeling rond het Pesthuis

Leeuwenhoekpark

LUMC

STEO Naturalis

Pesthuis STEO

Singelpark Park Kweeklust

STEO

1

Kaderbesluit Leidse Ring Noord (juli 2016); Uitsnede kruising Plesmanlaan / Vondellaan / Darwinweg 2 lagen

Bajonet

groene inpassing wordt met bewoners uitgewerkt

verbetering interieur Plesmanviaduct 0m NAP

Vondellaan Rechtstandig

3 lagen

Morsweg

Darwinweg

Traject van de Leidse Ring, met in het rood de complete Leidse Ring Noord

1

1

Onderzoekvarianten voor optimalisatie van de kruising

Pesthuis

Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 21

2. Nieuwbouw Naturalis

Het Nationaal Centrum voor Biodiversiteit Naturalis breidt uit op het terrein naast het huidige gebouw aan de westkant en op de huidige personeelsparkeerplaats. Alle museumzalen en publieke functies, zoals het restaurant en de winkel komen in de nieuwbouw. De depots voor collectie en de kantoren komen in het gerenoveerde gebouw en de al bestaande toren, die vanaf het begin een icoon was in Leiden. Voor de onderzoekslaboratoria komt een nieuwe aanbouw aan het ensemble.

3 2

De centraal gelegen nieuwe publieke hal verbindt beide gebouwen én alle functies met elkaar. Dit wordt de hoofdentree van het nieuwe Naturalis Biodiversity Center. Raakvlakken met ontwikkeling Pesthuiscomplex: Het museum Naturalis krijgt een nieuwe entree aan de Darwinweg. Ten noorden van het Pesthuiscomplex is een loop- en fietsroute gemaakt naar het nieuwe Naturalisgebouw. Hierdoor is de historische oriëntatie van het Pesthuiscomplex op de Plesmanlaan veranderd en is het wenselijk het Pesthuiscomplex ook naar de noordzijde oriënteren. Zie ook: http://www.naturalis.nl/nl/over-ons/nieuws/blogs/Vernieuwing/hetontwerp-van-ons-nieuwe-museum-klaar/

2

3. Ontwikkeling Stationsgebied Leiden Centraal

3

De komende jaren wordt het Leidse stationsgebied opnieuw ingericht. De gemeente Leiden wil hier een levendig gebied realiseren met nieuwe woningen, horecagelegenheden, goed bereikbare kantoorruimte, winkels en extra fietsenstallingen. Met deze plannen wil de gemeente zorgen voor: • een goede verbinding tussen Leiden Centraal, het Bio Science Park en de binnenstad; • een aantrekkelijke entree naar de stad, aan beide zijden van het station; • het stationsgebied als een toplocatie voor wonen, werken, verblijven en ontspannen; • een toekomstbestendig OV-knooppunt; • een betere leefbaarheid en verkeersveiligheid voor voetgangers, fietsers, auto’s en bussen. Voor twee complexen wordt de bouw nu voorbereid: De Lorentz en de Geus. Daarnaast wordt momenteel onderzoek gedaan naar de beste locatie voor een nieuwe busterminal. Zie ook: http://binnenstad.leiden.nl/ontwikkellocaties/stationsgebied

4. Ontwikkeling Leiden Bio Science Park

4 22 | Pesthuis Leiden

Leiden Bio Science Park (LBSP) is het grootste dedicated park voor biomedische life sciences in Nederland. Voor een impuls aan de nationale kennissamenleving is het noodzakelijk internationaal aan de top mee te draaien. Gemeente Leiden en Universiteit Leiden hebben daarom de handen ineengeslagen om het bestaande kenniscluster verder te ontwikkelen. Naast bedrijvigheid zijn in het gebied vele andere functies, zoals het LUMC, onderwijs, wonen en musea (Naturalis en Corpus). Een belangrijke ambitie is een opwaardering van de kwaliteit van het gebied als Hollandse Campus. De omvorming van een ”bedrijventerrein” naar een ”campus”. Met de vaststelling van het Masterplan Gorlaeus (begin 2017) kan hier verder uitwerking aan

worden gegeven. In het raamwerk voor de openbare ruimte van het Bio Science Park lopen twee groene dooraderingen: één aansluitend op het landgoed Endegeest en één die aansluit op het Bos van Bosman. Het Pesthuiscomplex ligt in deze laatste groene dooradering, die feitelijk wordt gevormd door twee parken: Het Van Leeuwenhoekpark dat direct aan het Pesthuiscomplex grenst en het Schilperoortpark. dat ten noorden hiervan ligt. In de groene dooraderingen bevinden zich tevens belangrijke fiets- en wandelroutes die aansluiten op het netwerk van paden op lokale en regionale schaal.

5

5

Raakvlakken met ontwikkeling Pesthuiscomplex: Het is de wens de groene dooraderingen te verbinden met twee andere groenstructuren in de stad, nl. het Singelpark en Park Kweeklust. Dit betekent dat het Pesthuiscomplex onderdeel wordt van de grotere parkstructuur en over de ringweg gelinkt moet worden aan de andere parken. Zie ook: https://gemeente.leiden.nl/en/projecten/bouwenaandestad/leidenbioscience-park/

5. Van Leeuwenhoekpark [gerealiseerd in 2016]

In 2016 is het Van Leeuwenhoekpark opgeleverd, direct ten noorden van het Pesthuiscomplex. Het park kent twee belangrijke elementen: • Een monumentale spiegelvijver, gelegen in de as van het Pesthuis en de Voormalige Vrouwengevangenis. • De voormalige stal van stier Herman (de eerste gekloonde stier ter wereld), dat nu verbouwd is tot een horeca-etablissement. • Door het park lopen belangrijke routes naar de Hogeschool, het Bio Science Park en Naturalis. Waar historisch gezien de weilanden ten noorden van het Pesthuiscomplex de achterkant vormden, is door de aanleg van het Van Leeuwenhoekpark en met name door het ontwerp van de vijver een omkering ontstaan. Prominent in de zichtlijn gelegen is het Pesthuis nu onderdeel geworden van het park. De paden met bomenrijen sluiten aan op de bomenstructuur rond het Pesthuis. Raakvlakken met ontwikkeling Pesthuiscomplex: Door aanleg van de vijver is een blikveld geïntroduceerd op het Pesthuiscomplex. De gebouwen rond het Pesthuis zouden ook een oriëntatie moeten krijgen naar het Van Leeuwenhoekpark. De zichtlijnen naar het Pesthuis moeten vrij blijven van bebouwing. Tussen het Pesthuis en het achtergelegen Heeremacomplex is een scherm van bomen gewenst, om de kracht van het historische ensemble te versterken.

5 Het pesthuiscomplex | Pesthuis Leiden | 23

24 | Pesthuis Leiden

3. CULTUURHISTORIE

| Pesthuis Leiden | 25

3.1. Geschiedenis Leidse Pesthuis De tweede pestpandemie, beter bekend als de Zwarte Dood, verspreidde zich gedurende de veertiende, vijftiende en zestiende eeuw over de wereld. In Nederland heerste de pest tot in de zeventiende eeuw, en specifiek in Leiden zijn golven van de ziekte in 1574, 1601, 1604, 1624, 1635, 1655 en 1669 geboekstaafd. Vóór de moderne medische wetenschap was een bekende maatregel tegen de ziekte onder andere het isoleren van pestlijders. Vrijwel elke middeleeuwse stad van betekenis had wel ergens een pest-, leprozen- of dolhuis, gesitueerd aan de rand van of liefst op enige afstand van de stad. In Leiden deden in de zestiende eeuw verschillende gebouwen (voornamelijk kloosters) tijdelijk dienst als pesthuis, veelal binnen de stad. Pas tijdens de pestepidemie van 1635 besloot het Leidse stadsbestuur om naar een buitenstedelijke opvang van alle (minvermogende) pestlijders te streven. Het stadsbestuur kocht een terrein gelegen kort buiten de stadsvest in Oegstgeest. Daarop zou niet alleen snel een houten noodpesthuis worden gebouwd, maar te zijner tijd zou hierop ook een nieuw en modern stenen pesthuis kunnen verrijzen. Met het Amsterdamse Pesthuis als voorbeeld, had het stadsbestuur de ambitie om een pesthuis te bouwen dat paste bij het formaat, de rijkdom en allure van Leiden.

Het complex ligt kort buiten de stad om de gewenste isolatie van de besmettelijke zieken te verzekeren. Hoewel geïsoleerd van de stad is de afstand beperkt om met zo min mogelijk moeite in geval van een epidemie grote aantallen zieken te kunnen overbrengen. Omwille van de gewenste afzondering was het complex omgeven door een dubbele omgrachting. Tegelijkertijd vormde de waterstructuur ook de belangrijkste toegang tot het complex. Het vervoer per boot was snel en beperkte ook het contact met andere reizigers en omwonenden. De bereikbaarheid over de weg was secundair en beperkt tot één, goed controleerbare ingang. Rond het gebouw was een stevige groengordel aangeplant die enerzijds een wandeling kon vormen voor overlevenden, maar evenzeer een afscheiding van de rest van de wereld. Wellicht schreef men hier ook een beschermende werking aan toe onder invloed van de miasmatheorie.

Plattegrond van het Pesthuis in oorspronkelijke staat (reconstructie)

Het eerste Pesthuiscomplex (1635) met de houten noodvoorzieningen

Het ontwerp vormt een strikt geometrische en barokke aanleg maar ingepast in de ter plaatse onregelmatige middeleeuwse polderverkaveling. Deze inpassing sluit aan op de manier waarop de 17e eeuwse uitleggen van Leiden zijn ontworpen. In ontwerp en uitvoering sluit het geheel goed aan op het strakke classicisme dat in Leiden vanaf Arent van ’s-Gravesande gebruikt werd. Vanwege de hoge nood, diende het houten noodpesthuis zo snel mogelijk te worden gebouwd. Alle timmerlieden in Leiden moesten er aan meewerken en zo verrees het houten noodpesthuis in slechts enkele maanden, dat in november 1635 in gebruik werd genomen. Vervolgens begon de bouw van het bakstenen huis van de binnenvader, met de regentenkamer en de keukens. Een gedeelte van het terrein werd omgracht, om gereed te maken voor het latere definitieve pesthuis. Tot die tijd werd het omgrachte terrein gebruikt als moestuin en boomgaard. De bouw van het bakstenen pesthuis liet echter op zich wachten. Toen in 1655 opnieuw een pestepidemie de stad teisterde (de op één na laatste in de Leidse geschiedenis) was de eerste steen nog niet gelegd. Wel werd er in dat jaar een bakstenen zaalgebouw voor weeskinderen opgetrokken.

Pas in 1657, na nagedacht te hebben over een eventueel tweede houten noodpesthuis, besloot het stadsbestuur het College van Regenten toch toestemming te verlenen voor de bouw van het definitieve bakstenen Pesthuis op het omgrachte terrein. 26 | Pesthuis Leiden

Doorsnede en gevelaanzicht van de oorspronkelijke staat van het pesthuis (reconstructie)

Reconstructie van een onuitgevoerde versie van het ontwerp voor het Pesthuis uit 1655

Het Leidse Pesthuis op een gravure uit 1762.

Het bouwplan werd gemaakt door stadstimmerman Huybert Cornelisz. van Duyvenvlucht. Het definitieve bouwplan is echter helaas niet bewaard gebleven. Uit het bestaande gebouw en een plattegrond van 1762 is dat plan echter goed te reconstrueren. Het carrévormige gebouw bestaat voornamelijk uit een achttal grote zalen, vier links en vier rechts van de gracht die de binnenplaats in tweeën deelde. Die aan de ene zijde waren bestemd voor de vrouwen, die aan de andere voor de mannen. De zalen waren hoog en ruim, langs de randen voorzien van bedsteden. Daarboven bevonden zich aan weerszijden grote kruisvensters voor de nodige lichtinval en ventilatie. De hoofdingang werd asymmetrisch geplaatst en geeft toegang tot een kleine hal waarin zich een trap bevindt die omhoog voert naar de regentenkamer. In het verlengde daarvan gaat die trap verder naar boven. Via een spiltrap die in de aangrenzende zaal is uitgebouwd konden daarvandaan de zolders worden bereikt. Naast die hoofdingang is er nog één toegang (niet zichtbaar op de plattegrond): de toegang naar de kelder die onder de regentenkamer is gesitueerd en die dezelfde omvang heeft. Dit oorspronkelijk gerealiseerde plan is echter anders dan een eerder symmetrisch ontwerp van een tekening van rond 1655, dat veertien kleinere ziekenzalen bevatte.

Toegangspoort met reliëf door Rombout Verhulst in 1660.

De befaamde Leidse beeldhouwer Rombout Verhulst hakte de fraaie omlijsting van de ingang en het reliëf dat daarboven is aangebracht. De hardstenen kolommen voor de overdekte omloop werden door hem kant en klaar besteld bij Jacques van Reck, hardsteenverkoper uit het Belgische Écaussinnes. Tegelijk

met het Pesthuis verrezen twee kleine huisjes, die nu nog (sterk verbouwd en uitgebreid) aanwezig zijn. In de loop van 1661 kwam het Pesthuis, voor die tijd een zeer moderne inrichting, gereed. In 1669 werd in Leiden nog een kleine pestepidemie gemeld. Het is echter de vraag of en in hoeverre het Pesthuis voor de opvang van de zieken werd gebruikt. Mogelijk gebruikte men het houten noodpesthuis, dat pas in 1717 wegens bouwvalligheid werd gesloopt. Het Pesthuis is dus niet of nauwelijks gebruikt voor het doel waarvoor het is gebouwd. In 1672, het rampjaar, diende het voor de opvang van gewonde soldaten. Voorbehoud was wel dat in het geval van een pestepidemie de soldaten plaats moesten maken voor de pestljders. Die restrictie gold ook bij later gebruik van het Pesthuis voor andere doeleinden dan waarvoor het gebouw was opgetrokken. Het gebouw heeft in de zeventiende en achttiende eeuw enkele malen dienst gedaan als militair noodhospitaal. Ook werd het een enkele maal gebruikt voor de opsluiting van krijgsgevangenen. In 1784 stond het complex bekend als het Hannoversch Hospitaal vanwege de grootschalige opvang van Duitse en later Franse militairen. In de ziekenzalen (met slechts ongeveer 200 bedsteden) en zolders verbleven de ruim anderhalf duizend gewonde militairen (veelal in noodbedden en hangmatten) en het zaalgebouw voor wezen werd omgebouwd tot apotheek.

Vanaf 1 november 1802 werd het militair gebruik officieel bestendigd, en werd het complex verhuurd om dienst te doen als Bataafs Militair Hospitaal. Toen Cultuurhistorie | Pesthuis Leiden | 27

de huurovereenkomst in 1822 werd beëindigd, werd een uitgebreide inspectie van het gebouwencomplex gedaan en zijn velen aanpassingen gedaan, waarvan het bewaarde rapport goed inzicht geeft in de gebouwen en indeling. Bij Koninklijk Besluit in 1822 werd het complex bestemd tot provinciale correctionele (militaire) gevangenis. Stadsarchitect Salomon van der Pauw, die samen met geniecommandant kapitein W. Blanken Jz. de beschrijving van het complex had opgesteld, kreeg opdracht de nodige verbouwingen te ontwerpen, die in 1823 werden aanbesteed. De definitieve oplevering, waarbij ook de zolders voor een deel als gevangeniszalen waren ingericht vond plaats in 1825. Aanzicht, doorsnede en plattegrond van het door Allard Pierson ontworpen gebouw voor nachteljke afzondering.

Toen het gebouw in de 19e eeuw voor langere tijd als gevangenisinrichting werd gebruikt, veranderen vooral de bijgebouwen. Meerdere volumes worden toegevoegd, maar deze zijn deels ook weer afgebroken. Ruimtelijk gezien is de grootste ingreep het wijzigen van het waterstelsel, waarbij aan de zuidzijde een enkele gracht is ontstaan in plaats van een dubbele, om plaats te maken voor het alkovengebouw (zie verder in tekst). Daarnaast is de groenstructuur rond het Pesthuis aanzienlijk verschraald. Gedurende de jaren dat het complex als penitentiaire inrichting diende werden meerdere nevengebouwen gesticht. Het cellengebouwtje op het voorterrein kwam in 1847 tot stand. Het werd opgetrokken als gebouw met twintig strafcellen. Later zou het onder meer dienst doen als huis van bewaring en als woning voor opzieneressen. Dankzij de zorgvuldige restauratie door architect Flip Robers is het karakter van het cellengebouw goed bewaard en waar nodig weer vrijgelegd. Tegenwoordig huisvest het tentoonstellings- en werkruimten van de Stichting Philadelphia Zorg. De smederij, een gebouw waar nu twee woonhuizen zijn ingericht, is in 1858 tot stand gekomen.

Dit gebouw is (nog) niet bouwhistorisch onderzocht, de huidige vorm doet echter vermoeden dat de grote ruimten aan weerszijden van een middengang dienst gedaan hebben als celruimten, mogelijk in verband met de opsluiting van gedetineerde besmettelijke zieken, waartoe de smederij in 1888 werd bestemd.

Pesthuiscomplex met gebouwen aan het einde van de negentiende eeuw. Het Pesthuis zelf is aangegeven met de indeling die in 1941 is gerealiseerd. H is het dubbele woonhuis dat (waarschijnlijk) tegelijk met het Pesthuis is gerealiseerd. B is het nog bestaande woonhuis van de binnenvader, Z de zalen voor weeskinderen (later apotheek en timmerwerkplaats). W is het wachtlokaal van 1805 en de portierswoning van 1814. S is de smederij van 1858. P1 (inmiddels gesloopt), P2 (uitbreiding woning H), P3, P4 (inmiddels gesloopt), P5 en P6 zijn in de negentiende eeuw gerealiseerd. 28 | Pesthuis Leiden

alkovengebouw geschikt te maken werden de vier zalen op de begane grond heringericht met een blikslagerij, een kleermakerij, een borstelmakerij en drie verblijfszalen. Op de verdieping bleven de vier zalen met (totaal 192) alkoven gehandhaafd en bestemd als nachtverblijf voor de burgerlijke gedetineerden. In het Pesthuis werden de zalen die eerder gebruikt werden als schoenmakerij en mandenmakerij ingericht voor de opsluiting van de militair gedetineerden en voorzien van in totaal 126 alkoven. Zowel bij de verbouw van het alkovengebouw als bij de herinrichting van het Pesthuis werden gedetineerde vaklieden ingeschakeld, en werden de kosten beperkt. In de jaren ‘80 was het alkovengebouw in gebruik door de Reinwardt Academie, als opleidingsgebouw voor museummedewerkers. In 1996 werd het gebouw gesloopt en werd de gedempte gracht weer uitgegraven. In 1890 verloor het complex zijn bestemming tot militaire en burgerlijke gevangenis. De militair gedetineerden verhuisden naar de bijzondere strafgevangenis de Blokhuispoort in Leeuwarden, de burgerlijke gedetineerden verhuisden naar verschillende andere gevangenissen. Het grootste deel van het complex ging vanaf dat jaar functioneren als Rijkswerkinrichting voor Vrouwen. Zowel het alkovengebouw als het Pesthuis werden daartoe wederom verbouwd.

Op de begane grond van het alkovengebouw werd bijvoorbeeld weer een zaal met 48 alkoven ingericht (daarmee kwam het totaal aantal alkoven in dat gebouw op 240). Het Pesthuis zelf zou, met uitzondering van de ziekenzaal, voornamelijk bestemd worden voor werk- en verblijfsruimten, waaronder de reeds aanwezige school en bibliotheek op zolder. Veel overbodig geworden bouwsels en gebouwen rond het Pesthuis werden gesloopt. Daarmee verdwenen de touwbaan, de timmerwinkel, de ververij, het hospitaal, de apotheek, de wasserij en de drogerij. Ook de voormalige gasfabriek, waarmee het complex enige tijd zijn eigen voorziening in petroleumgas had, werd bij die gelegenheid afgebroken. Alle verbouwingen en wijzigingen waren ontworpen door de ingenieur-architect van Justitie, Willem Cornelis Metzelaar. Voor de werkzaamheden werd, als vanouds, toestemming gevraagd en verkregen van het College van Regenten van het Pesthuis, dat nog steeds eigenaar van het complex was. Het strafcellengebouw kwam niet bij de

Een grote uitbreiding van het complex kwam tot stand in 1861-1863. Aanleiding was de zedenloosheid onder de militaire gevangenen, voornamelijk in de grote slaapzalen op de zolders van het gebouw (waar aanvankelijk alkoven als oplossing zouden komen). Bovendien waren de zolders niet ontworpen voor een andere functie dan als een plafond voor de zalen eronder. De oplossing werd gevonden in de bouw van een alkovengebouw. In de trend van het politieke debat over de invoering van het cellulaire stelsel dat in die tijd plaatsvond werd het gebouw zo ontworpen dat het desgewenst eenvoudig kon worden verbouwd tot een cellulaire gevangenis. De gracht aan de oostzijde van het Pesthuis werd gedempt en op enige afstand van het Pesthuis, direct langs de toegangsweg, verrees vervolgens het nieuwe gebouw voor nachtelijke afzondering, ontworpen door Allard Pierson. Het bevatte maar liefst 384 alkoven, verdeeld over vier zalen op de begane grond en vier zalen op de verdieping. Tegelijkertijd werden ook de nodige aanpassingen in het oude Pesthuis gerealiseerd. De zaal rechts van de entreehal werd ingedeeld in kleinere vertrekken, zoals bezoekersruimten en een verblijfs- en slaapzaal voor bewakers. Als gevolg van de opheffing van het huis van correctie in Hoorn in 1886 werden de correctioneel opgesloten gedetineerden naar het alkovengebouw in Leiden overgeplaatst.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10710668/1