210101 Bijlage 2 Wijkanalyse Vaststellen Ontwikkelperspectief Leiden-Noord
Tekst van het document
Leiden-Noord Wijkanalyse Januari 2021
Inhoud 1. Inleiding 1.1 Ontwikkelperspectief Leiden-Noord 1.2 De wijkanalyse 1.3 Proces
5 5 7 7
2. Context 2.1 Ontstaansgeschiedenis 2.2 Leiden-Noord in 2020 2.3 De inwoners van Leiden-Noord 2.4 Dynamiek
9 9 13 24 31
3.
Bewoners over Leiden-Noord
33
4. Trends en ontwikkelingen 4.1 Landelijke trends en ontwikkelingen 4.2 Stadsbrede opgaven 4.3 Ontwikkelingen in de omgeving.
35 35 36 39
5.
41
Opgaven Leiden-Noord
6. Vervolg
45
Hoek Parkstraat - Timorstraat bij Het Gebouw en de Oude Kooi. (Foto: Bram Pater)
2 Wijkanalyse Leiden-Noord
Wijkanalyse Leiden-Noord
3
1. Inleiding Deze wijkanalyse gaat over de buurten: Groenoord, Noorderkwartier en De Kooi. Samen vormen zij de wijk (het district) Leiden-Noord. Deze wijk is volop in beweging. In de afgelopen jaren is het Wijkontwikkelplan Noord (WOP Noord) grotendeels uitgevoerd en hebben er grote ontwikkelingen plaatsgevonden, zoals de bouw van Nieuw Leyden, de nieuwe wijk Groenoord en de ontwikkeling van het Kooiplein. Daarnaast vond een groot aantal kleinere projecten plaats. Samen met de twee gerealiseerde overkluizingen over de Willem de Zwijgerlaan hebben de projecten bijgedragen aan het aanzien van de wijk en is de leefbaarheid in delen van de wijk verbeterd. Dit jaar wordt WOP Noord afgerond, maar dit betekent niet het einde van de ontwikkelingen in Noord. Een deel van het WOP wordt verder uitgevoerd. Er staan verschillende nieuwe grote ontwikkelingen op de agenda, die een bijdrage zullen leveren aan LeidenNoord maar ook aan de stad Leiden. Zo wordt een groot deel van de corporatiewoningen vernieuwd en worden nieuwe woningen toegevoegd. Ook de Willem de Zwijgerlaan zal verder ontwikkeld worden als onderdeel van de Leidse Ring Noord. Deze zal ingepast worden in de gebiedsontwikkeling rond het Kooiplein.
Projectgebied Ontwikkelperspectief Noord
Met al deze ontwikkelingen wordt invulling gegeven aan de grote woningbouwopgave van Leiden. De ontwikkelingen bieden mogelijkheden om bij te dragen aan een verbetering van de leefbaarheid en gezondheid van de mensen in de wijk. Daarnaast dragen de projecten bij aan de ambities van Leiden op het gebied van groen, klimaatadaptatie, energietransitie en circulariteit en zal ingespeeld worden op de specifieke opgaven van Leiden-Noord Er gaat dus nog veel gebeuren in Leiden-Noord. De opgaven en ambities vragen in meer of mindere mate om ruimte of ander ruimtegebruik. Hoe groot is deze ruimtevraag? En welke gevolgen heeft het toevoegen van extra woningen in Noord voor de kwaliteit van de woon- en leefomgeving van de huidige bewoners? Hoe
4 Wijkanalyse Leiden-Noord
wordt omgegaan met sociale opgaven? Op welke manier kunnen de ruimtelijke opgaven een antwoord bieden voor sociale opgaven? Al dit soort vragen moeten in samenhang worden bekeken en afgewogen. Om deze samenhang te creëren en de ontwikkelingen in een groter geheel te bekijken, is een wijkbreed (ontwikkel)perspectief nodig.
1.1
Ontwikkelperspectief Leiden-Noord
In de Omgevingsvisie Leiden 2040 wordt beschreven hoe de gemeente om wil gaan met de groei en ontwikkeling van Leiden. De omgevingsvisie helpt om samenhang te brengen in de fysieke projecten in de stad, om deze beter te laten aansluiten op sociale, maatschappelijke en economische doelen en om investeringen goed te richten. Het Ontwikkelperspectief Leiden-Noord is een gebiedsuitwerking van de Omgevingsvisie Leiden 2040 en richt zich specifiek op de toekomst van de fysieke leefomgeving van LeidenNoord. Het ontwikkelperspectief is dus een van de instrumenten om te werken met de nieuwe Omgevingswet. In het Ontwikkelperspectief Noord gaat het over de gebiedseigen kwaliteiten van Leiden-Noord. Centraal staat wat er goed is aan de wijk, wat er beter kan en wat de ambities zijn. Er zal worden beschreven welke woonen werkmilieus er zijn en voor de toekomst gewenst zijn en welk aanbod van functies en voorzieningen daarbij hoort. Daarbij worden de stadsbrede opgaven bekeken en ingevuld welke betekenis deze voor Leiden-Noord kunnen hebben. Het Ontwikkelperspectief Noord is geen exacte blauwdruk waarin wordt beschreven hoe de ontwikkeling van de wijk zal plaatsvinden. In plaats daarvan biedt het Ontwikkelperspectief Noord handvatten op basis waarvan de gemeenteraad en bewoners initiatieven kunnen toetsen en is het een uitnodigend perspectief voor ontwikkelende partijen.
Wijkanalyse Leiden-Noord
5
1.2
De wijkanalyse
Deze wijkanalyse is het vertrekpunt voor het opstellen van het Ontwikkelperspectief Noord. De analyse is gebaseerd op een inventarisatie van cijfers en gegevens over Leiden-Noord, informatie van betrokken ambtenaren en andere partijen die een rol spelen in de wijk. Ook hebben gesprekken met bewoners plaatsgevonden, waardoor zij ook een bijdrage hebben geleverd aan deze wijkanalyse. Daarnaast zijn er verschillende nota’s en visies die een beeld geven van de toekomst van Leiden. Ook landelijke trends die van invloed zijn op de ontwikkeling van de stad zijn meegenomen. De verzamelde informatie is in de wijkanalyse inzichtelijk gemaakt en samengevat tot een aantal relevante thema’s voor Leiden-Noord. Deze zijn vertaald in opgaven voor de wijk, die het startpunt vormen voor het Ontwikkelperspectief Leiden-Noord.
1.3
Luchtfoto Het gebouw en omgeving (Foto: buro JP)
Proces
De wijkanalyse biedt een breed beeld aan opgaven voor Leiden-Noord. In het traject na deze analyse worden de opgaven aangescherpt. Het gaat erom hoe de opgaven zich ten opzichte van elkaar verhouden en hoe dit zich vertaald in keuzes per locaties. Het Ontwikkelperspectief presenteert de gemaakte keuzes en schetst een perspectief van de gewenste ontwikkelingen en bijbehorende randvoorwaarden.
Luchtfoto de Oude Kooi (Foto: buro JP)
6 Wijkanalyse Leiden-Noord
Wijkanalyse Leiden-Noord
7
2. Context 2.1
Ontstaansgeschiedenis
Leiden-Noord is een wijk met een organische ontstaansgeschiedenis. De wijk kent sporen vanaf de late middeleeuwen tot nu, zonder dat één periode dominant is. De verschillende bouwfasen zijn tot op zekere hoogte wel geografisch afgebakend, maar lopen ook door elkaar en bestaan naast elkaar. In enkele gevallen lopen deze overgangen logisch en begrijpelijk in elkaar over, terwijl dit in andere gevallen minder duidelijk zichtbaar is.
Leiden 1875
Tot 1900: Weilanden en lintbebouwing De ontwikkeling van Leiden-Noord tot de dichtbevolkte woonbuurt die het nu is, begint aan het einde van de 19e eeuw. Het huidige Leiden-Noord behoorde tot die tijd tot Leiderdorp. Weilanden en een aantal huizen langs de Singel, de Mare en de Rijn bepaalden al sinds de 17e eeuw het landschap. Door de annexatie van 1896, waarbij delen van Oegstgeest en Leiderdorp werden overgenomen door Leiden, breidde de stad zich flink uit, onder andere met het grondgebied van het huidige Leiden-Noord. Al voor de stadsuitbreiding van 1896 bouwen particuliere investeerders rijtjes kleine arbeiderswoningen in doodlopende straatjes. Een stedenbouwkundig plan ontbreekt en de gemeentegrens wordt heel praktisch gevormd door de oude ringsloot van de Stadspolder. De polderstructuur bleef het uitgangspunt tot aan de stadsuitbreiding van 1920. Wel verrijzen de eerste stedelijke gebouwen in de wijk zoals het station Herensingel en een aantal scholen. Ook bedrijven vestigen zich in dit vooralsnog lege deel van de stad. De eerste grote infrastructuur in de polder was de spoorlijn uit 1848 vanaf de lijn Haarlem-Leiden naar de Gasfabriek langs de Stadsvuilgracht. Een tweede spoorlijn komt in 1912 wanneer de Haarlemmermeerspoorlijn wordt aangelegd.
Vooroorlogse periode: De Woningwet van 1902 De militaire verdedigingswal langs de Maresingel en de Herensingel verloor door militaire ontwikkelingen zijn functie. Het vrijkomen van de stadswallen bood ruimte aan de opkomende fabrieken ten tijden van de industriële revolutie. In de weilanden aan de noordzijde van singels kwam de huisvesting van de arbeiders van deze fabrieken. Door de woningwet van 1902 werd het mogelijk om vervallen woningen onbewoonbaar te verklaren, en werd de bouw van betere woningen vereenvoudigd en gestimuleerd. Op deze manier werd het mogelijk om in Leiden-Noord woonruimte te realiseren voor de vele fabrieksarbeiders. In de periode tussen 1905 en 1920 kwamen, mede in Leiden-Noord, honderden sociale woningen gereed. De Oude Kooi is hier een mooi voorbeeld van. Naoorlogse periode: wederopbouw en stadsvernieuwing De naoorlogse ontwikkeling begon in Leiden-Noord in 1950/51 met de Prinsessenbuurt. Met weinig geld en materialen werd een bescheiden uitbreidingswijk gebouwd volgens de stedenbouwkundige principes van het interbellum met bescheiden, gezonde, comfortabele en betaalbare woningen en aandacht voor verfraaiing van de stad. Na 1945 bleek al snel dat op deze manier de enorme woningnood niet kon worden aangepakt. Grootschalige seriebouw met gebruik van industriële bouwtechnieken vormden de oplossing voor dit vraagstuk.
Met het Uitbreidingsplan van 1957 kreeg Leiden-Noord de aanzet tot een moderne wijkontwikkeling en de Willem de Zwijgerlaan werd verlengd en opgewaardeerd tot de huidige hoofdontsluitingsweg. Ter weerszijden van de weg kwamen gestapelde woningen in verkavelingen die typerend zijn voor de wederopbouw. Daarnaast kwamen er diverse voorzieningen zoals scholen, bescheiden kerkgebouwen en winkels verspreid over de wijk. Ten noorden van de Willem de Zwijgerlaan ontstond in 1958 een volkstuincomplex dat als een grote groenzone Leiden-Noord scheidt van de Merenwijk.
Zuidelijk deel Noorderkwartier ca. 1890
8 Wijkanalyse Leiden-Noord
Wijkanalyse Leiden-Noord
9
In de jaren ’60 en ’70 verdween de textiel- en metaalindustrie uit Leiden en de aanblik van de arbeiderswijk Leiden-Noord veranderde. Het wegtrekken van de industrie uit de stad zorgde ervoor dat Leiden zich meer ging richten op kennisintensieve arbeid. Terwijl de bevolking van Leiden steeds jonger, rijker en hoger opgeleid werd, gold dit niet voor de inwoners van Leiden-Noord. De handarbeiders vertrokken uit de stad, en de woningen in LeidenNoord raakten bewoond door meer ongeschoolde arbeiders en werklozen. Op deze manier veranderde Leiden-Noord en het bijbehorende saamhorigheidsgevoel van de arbeiderswijk van voor de jaren ’60-’70. De sociale problematiek groeide en Leiden-Noord ontwikkelde een steeds negatiever imago onder de Leidse bevolking. In de jaren '90 maakte de traditionele stadsvernieuwing plaats voor integrale stedelijke vernieuwing. Een groot deel van de Zijl-oever werd ontwikkeld met nieuwbouw.
Na 2000: transformatie en verdichting Begin 21e eeuw vond er een flink aantal grotere en kleinere gebiedsontwikkelingen plaats in de wijk. Aan het Bonaireplein werd, ter vervanging van een bestaand aantal scholen, een nieuw groot multifunctioneel gebouw voor de wijk gemaakt. Ook werd het voormalige slachthuisterrein getransformeerd tot de succesvolle woonwijk Nieuw Leyden en werd het terrein van de Groenoordhallen voor een groot deel getransformeerd tot een nieuwe aantrekkelijke woonwijk. Daarnaast werd de Willem de Zwijgerlaan gedeeltelijk overkluisd en zijn de gebieden aan weerszijden van de weg beter met elkaar verbonden.
Het station Herensingel, gebouwd in 1911 en gesloopt in 1970. (Foto: Erfgoed Leiden en omstreken)
Ontwerp partieel uitbreidingsplan Noord, 1952
10 Wijkanalyse Leiden-Noord
Groei van Leiden Noord door de jaren heen
Wijkanalyse Leiden-Noord
11
2.2
Leiden-Noord in 2020
2.2.1 Buurten De ontstaansgeschiedenis van Leiden-Noord is goed terug te zien in de huidige situatie. De wijk is vanaf de Singel naar het Noorden gegroeid. Er is een duidelijke verdeling te zien tussen de vooroorlogse delen, naoorlogse delen, de uitbreidingen en de transformaties. Niet alleen in de typen woningen, maar ook in de architectuur, stedenbouwkundige structuur en de openbare ruimte. Zo bestaat Leiden-Noord uit verschillende buurten met elk een eigen karakter en een eigen bewonerssamenstelling. Officieel bestaat Leiden-Noord uit de drie buurten Groenoord, Noorderkwartier en De Kooi. Maar binnen deze buurten bestaan weer kleinere buurten die de ‘CBS-buurtgrenzen’ overschrijden zoals De Hoven, De Prinsessenbuurt en het in 2014 opgeleverde Nieuw Leyden. En ook binnen deze buurten zijn weer kleinere buurten te onderscheiden. Voorbeelden hiervan zijn de Kooi en De Oude Kooi, de verdeling van Nieuw Leyden en de Hoven Oost en West. Leiden-Noord is een mozaïek van verschillende buurten met grote contrasten. Het is een wijk waarin oude en nieuwe bebouwing naast elkaar staat en waarin sterk verschillende bewoners naast elkaar leven. Opvallend aan Leiden-Noord is de grote
hoeveelheid corporatiewoningen. Zowel in De Kooi als in het Noorderkwartier is er veel corporatiebezit, met name van Portaal en De Sleutels en een deel van Ons Doel. Het zijn grotendeels sociale huurwoningen waarvan de meeste woningen in het Noorderkwartier en de Kooi liggen. 2.2.2 Infrastructuur Alle drie de buurten van Leiden-Noord grenzen aan de binnenstad en liggen aan de Willem de Zwijgerlaan. Hiermee is de hele wijk goed bereikbaar en ligt het centrum op loop- en fietsafstand. LeidenNoord kent een aantal grote infrastructuur lijnen die de wijk naar de omliggende gebieden goed ontsluiten, maar die de wijk zelf ook verder verdelen. De Willem de Zwijgerlaan is een doorgaande weg met betekenis voor de hele stad. Als onderdeel van de Leidse Ring Noord is de doorstroming van auto’s de hoofdfunctie van deze weg. Langs de weg loopt ook een regionale fietsroute en een hoofdfietsroute, die de stad verbinden met Oegstgeest en Leiderdorp. Doordat de nadruk van deze weg op de doorstroming ligt, is hij minder goed verbonden met de directe omgeving en verdeelt hij Leiden-Noord in een noordelijke- en zuidelijke helft. Hierdoor zijn verschillende voorzieningen in Noord slecht bereikbaar. De laatste jaren is gewerkt aan de oversteekbaarheid van de weg door onder andere de realisatie van twee overkluizingen. Hierdoor zijn de
Bouwjaren
Buurten CBS
12 Wijkanalyse Leiden-Noord
Fysieke buurten
Sociale buurten
Bouwjaren en corporatiebezit (gele vlakken)
Wijkanalyse Leiden-Noord
13
1. Groenoord
2. Groenoord Noord 10. Het Gebouw en De Kooi
11. Hoven Oost
1 2 11
4 3
6
10
7 8 5
3. Nieuw Leyden
9
4. Willem de Zwijgerlaan, Groenoord
9. De Oude Kooi langs de Zijl
De verschillende buurten en identiteiten van Leiden-Noord. (Foto's: gemeente Leiden)
5. Noorderkwartier
14 Wijkanalyse Leiden-Noord
6. Prinsessenbuurt
7. Kooiplein en omgeving
8. De Oude Kooi
Wijkanalyse Leiden-Noord
15
noord- en zuidzijde, op die locaties, beter met elkaar verbonden. Het is echter nog steeds een grote opgave om de barrièrewerking voor fietsers en voetgangers te verminderen. In noord-zuidrichting verbinden de Gooimeerlaan, Kooilaan, Sumatralaan/IJsselmeerlaan en de Marnixstraat Leiden-Noord met de binnenstad, de Willem de Zwijgerlaan en de Merenwijk. Deze wegen zijn een onderdeel van de omliggende wijk, maar vragen ook om een betere oversteekbaarheid en meer veiligheid. De Haarlemmerweg is van oudsher een lange lijn langs de Haarlemmertrekvaart, die tussen het hart van Leiden en de Kagerplassen bij Warmond loopt.
Autostructuur Leiden-Noord
Fietsstructuur Leiden-Noord
16 Wijkanalyse Leiden-Noord
Met deze infrastructuur is Leiden-Noord voor de auto goed bereikbaar. Wat de auto betreft ligt de opgave meer bij het parkeren, aangezien de straten in LeidenNoord smal zijn, de parkeerdruk in sommige delen erg hoog is en er komen steeds meer auto’s bij komen. Met name in De Kooi en het Noorderkwartier is het een uitdaging om in de smalle straten parkeren. De ruimte daarvoor wordt nog beperkter als deze gecombineerd moet worden met ambities op het gebied van groen, klimaatadaptatie, ondergrondse infrastructuur, fiets parkeren, verblijven en doorgaande routes. Het openbaar vervoernetwerk van Leiden-Noord loopt over de hoofdroutes van de wijk. Via de Willem de Zwijgerlaan en de Singel wordt de wijk ontsloten
richting station Leiden Centraal, Leiderdorp en verder. Vanaf 2021 komt er voor de R-net lijn naar Leiderdorp ook een stop bij de bushalte Groenoord op de Willem de Zwijgerlaan. Samen met de R-net halte Kooiplein heeft Leiden-Noord daarmee twee HOV haltes, die een goede ‘dekking’ geven in Noord met een actieradius van 500 á 750m. De lijn zorgt voor een frequente en directe verbinding met Leiden CS en Leiderdorp. Ook voor de fiets is Leiden-Noord goed bereikbaar. Zowel in noord-zuidrichting als in de oost-westrichting liggen fietsroutes die de wijk met het centrum, de Willem de Zwijgerlaan en de Merenwijk verbinden. De hoofdroutes voor de auto bieden ruimte voor de fietser en zijn daardoor succesvolle fietsverbindingen. Ondanks deze aanwezige routes ligt er nog een opgave voor verbetering van het fietsnetwerk in Leiden-Noord. Zo missen er in het bestaande netwerk nog schakels zoals de verbinding met de Merenwijk in noordzuidrichting en het netwerk in oost-westrichting, eventueel naar Leiderdorp. Ook is de Lage Rijndijk momenteel een zeer druk gebruikte fietsroute, waarbij het huidige profiel weinig ruimte aan de fietser geeft. Daarnaast is de verlichting van de routes niet overal goed geregeld, voorbeelden hiervan zijn de Gooimeerlaan en IJsselmeerlaan.
Verbeteringen van het netwerk zijn te vinden aan de Herensingel en de Maresingel, die recent zijn ingericht met aandacht voor de fietser en voetganger.
Openbaar vervoernetwerk
Wijkanalyse Leiden-Noord
17
Voor de voetgangers zijn vooral de hoofdautoroutes een aandachtspunt. Zoals eerder genoemd laat de oversteekbaarheid van de Willem de Zwijgerlaan te wensen over. Dit is een aandachtspunt bij de ontwikkeling van de Leidse Ring Noord. In het openbaar vervoernetwerk valt op dat de oostzijde van Leiden-Noord goed voorzien is en dat de westzijde betere voorzieningen behoeft. De meeste inwoners van Leiden-Noord lopen minder dan 400m om openbaar vervoer haltes te bereiken, maar voor Groenoord en het Noorderkwartier, liggen de haltes te ver weg. Daarnaast gaan de buslijnen die halteren op de Willem de Zwijgerlaan naar station Leiden Centraal en is er geen directe verbinding naar de binnenstad. 2.2.3 Voorzieningen Leiden-Noord grenst aan de zuidzijde in zijn geheel aan het centrum van de stad. Gezien de grote vraag naar stedelijk georiënteerde woningen is de wijk geografisch gezien een aantrekkelijke woonlocatie. Diverse bruggen verbinden Leiden-Noord met het centrum, waardoor de reistijd voor voetgangers, fietsers en automobilisten relatief kort is en ook de vele stedelijke voorzieningen in het centrum makkelijk bereikbaar zijn.
Voorzieningen
Maximale loopafstand naar belangrijke voorzieningen in de wijk
18 Wijkanalyse Leiden-Noord
Het voorzieningenaanbod in Leiden-Noord ligt verspreid over de wijk. Een cluster van voorzieningen is te vinden op en rond het Kooiplein. Zo zijn in ‘Het Gebouw’ naast drie basisscholen onder andere ook een bibliotheek, een huisarts, centrum voor Jeugd & Gezin, een buurtcentrum, een buitenschoolse opvang,
jongerenwerk, het ‘zakgeldbureau’ en groepswoningen te vinden. De meeste voorzieningen met een buurtfunctie zoals basisscholen en huisartsen, liggen in De Kooi en langs de Herensingel. Op het bedrijventerrein de Hallen, gelegen ten noorden van de wijk Groenoord, worden naast bedrijvigheid ook andere functies mogelijk gemaakt. Om in een vraag te voorzien vanuit de wijk kunnen buurtvoorzieningen zoals bijvoorbeeld een huisarts, een tandarts of fysio zich hier vestigen. De voorzieningen in Leiden–Noord zijn niet voor alle bewoners van Leiden-Noord goed bereikbaar. Voor sommige doelgroepen zijn de af te leggen afstanden naar de buurtvoorzieningen te groot. Daarnaast zijn de bestaande huisartsenpraktijken reeds zwaar belast. Met de geplande bouwontwikkelingen zal rekening gehouden moeten worden met een uitbreiding en spreiding van de benodigde buurtvoorzieningen. Sociale voorzieningen gericht op ontmoeting zijn verspreid over de wijk terug te vinden. Zo heeft elke buurt een huis van de buurt en/of een buurtkamer. Daarnaast zijn verspreid over de wijk verschillende religieuze instellingen te vinden voor verschillende geloofsstromen. Deze zijn echter niet altijd even actief of toegankelijk, waardoor met name ouderen en jongeren een gemis aan ontmoetingsplekken voelen.
Andere vormen van bedrijvigheid in de wijk zijn de maatschappelijke voorzieningen zoals zorgcentra en kinderdagverblijven. Detailhandel is met name geclusterd rond het Kooiplein en daarnaast verspreid in de wijk aanwezig aan de Surinamestraat, Willem de Zwijgerlaan en de Maresingel/Herensingel.
Speelplekken in Leiden-Noord, getoets adhv de richtlijnen (Bron: gemeente Leiden) Wijkanalyse Leiden-Noord
19
2.2.4 Sport, spel en bewegen Op dit moment wordt in Leiden-Noord aan de richtlijn voor de hoeveelheid speel- en beweegruimte voldaan. Voor kinderen tot 12 jaar zijn er voldoende speelplekken. Voor de oudere jeugd zijn er in Groenoord en Noorderkwartier daarentegen niet voldoende beweegmogelijkheden. Door nieuwe ontwikkelingen aan de Sumatrastraat en de Corantijnstraat staan de huidige speeltuinen onder druk. Daarnaast is, met het huidige aantal inwoners en de woningopgave, het waarborgen van voldoende ruimte en voldoende speelplekken ook voor de toekomst een grote opgave. Het relatief hoge aantal jongeren met overgewicht in de wijk onderstreept eveneens het belang van voldoende speel- en sport mogelijkheden in de wijk.
De speeltuinvereniging Noorderkwartier (Foto: gemeente Leiden)
In Leiden-Noord zijn twee speeltuinen, Noorderkwartier en Oosterkwartier. De speeltuinen hebben een belangrijke functie in de buurt. Ze bieden een veilige plek voor kinderen om te spelen en daarnaast een plek voor buurtbewoners om elkaar te ontmoeten. Er vinden activiteiten plaats voor de hele buurt. De verenigingen hebben net een nieuw bestuur en de komende jaren zal er met veel energie aan een buurtfunctie van de speeltuinen worden gewerkt. Het Noorderpark met de Tuin van Noord is opgeknapt en biedt meer mogelijkheden voor sporten, spelen en bewegen. Sportpark Noord is openbaar toegankelijk voor de buurt en ook het Kooipark biedt mogelijkheden voor sport en spel. Desondanks is er bij volwassenen behoefte aan meer sport- en beweegmogelijkheden in de openbare ruimte. In het beleidskader sport en gezondheid 2019-2023 Samen maken we de stad gezond en actief is de ambitie geformuleerd om van sportpark Noord een wijksportpark te maken. Het gaat er hierbij om dat naast de twee reeds gehuisveste sportverenigingen ook scholen, andere sportaanbieders, wijkverenigingen, ongeorganiseerde sporters en wijkbewoners gestimuleerd worden om meer gebruik gaan maken van het sportpark. De bereikbaarheid van sportpark Noord is slecht door de Willem de Zwijgerlaan en door de ligging tussen deze weg en de volkstuinen is het sportpark slecht verbonden met Leiden-Noord en de Merenwijk.
Door het sportpark beter met zijn omgeving te verbinden en beter toegankelijk te maken, wordt de betekenis voor de bewoners van Leiden-Noord vergroot.
Verder staat in de Kooi het zwembad De Zijl, dat ruimte biedt aan sport, ontmoeten en spelen. Dit zwembad heeft een stadsbrede functie. De gebruikers komen uit de hele stad en zelfs uit de directe omgeving van Leiden. Tot slot vergt het onderhoud van de openbare ruimte extra aandacht: dit krijgt in leiden-Noord een lager rapportcijfer dan gemiddeld in Leiden. Een schone openbare ruimte die goed onderhouden is, nodigt mensen uit om naar buiten te gaan en te gaan bewegen. 2.2.5 Bedrijvigheid Leiden-Noord is vooral een woonwijk. Bedrijven en andere commerciële instellingen zijn vooral te vinden langs de Willem de Zwijgerlaan ter hoogte van Groenoord. Winkels bevinden zich voornamelijk op het Kooiplein in De Kooi. In het noordwesten van de wijk ligt het bedrijventerrein De Hallen. Na de sloop en transformatie van de Groenoordhallen is dit het enige cluster van bedrijven naast een aantal afzonderlijke bedrijven verspreid in de wijk. Op het bedrijventerrein zijn zogenaamde bedrijfsunits toegevoegd waar kleinschalige bedrijven zich kunnen vestigen. De aanwezige winkels, bedrijven en andere commerciële voorzieningen worden (m.u.v. Groenoord Noord) nauwelijks gemengd met woningen. In de wijk wonen zo’n 950 zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers). In vergelijking met andere Leidse wijken is dit relatief veel.
In de periode 2008–2018 was de stijging van het aantal zzp’ers in Leiden-Noord het grootst. Het Noorderkwartier en De Kooi waren in 2018 de buurten waar de meeste zzp’ers woonden van alle Leidse wijken. De sectoren waarin zzp’ers in de wijk voornamelijk werkzaam zijn verschillen per buurt. In Groenoord is ‘advisering, onderzoek en speciale zakelijke dienstverlening’ de grootste sector, terwijl dit in het Noorderkwartier en De Kooi ‘bouwnijverheid’ is. Overige sectoren waarin een groot aantal bewoners van Groenoord, Noorderkwartier en De Kooi werkzaam zijn, zijn ‘gezondheids- en welzijnszorg’ en ‘Cultuur, sport en recreatie’. Het werkveld waarin zzp’ers werkzaam zijn heeft invloed op de eventuele vraag naar werkplekken in de wijk. Zzp’ers maken minder gebruik van traditionele winkel- of kantoorruimtes en werken in sommige gevallen vanuit huis.
De Driemanschapskade als nieuwe groene schakel voor langzaam verkeer (Foto: gemeente Leiden)
20 Wijkanalyse Leiden-Noord
Wijkanalyse Leiden-Noord
21
2.2.6 Ecologie en water Leiden-Noord omvat met het Noorderpark een van de grote groengebieden van Leiden. Daarnaast wordt de wijk omgeven door grote groen- en waterstructuren die het Noorderpark verbinden met het Singelpark, park Merenwijk, de Leidse Hout, de Kagerplassen en het Groene Hart. De verbindingen tussen deze parken lopen door Leiden-Noord heen en zijn gekoppeld aan de waterstructuren en infrastructuur. Zo zijn de Sumatrastraat/IJsselmeerlaan, de Kooilaan, de Marnixstraat en de Gooimeerlaan wijk-ontsluitingslanen en groene verbindingen. De Willem de Zwijgerlaan behoort tot de Groene Hoofdstructuur-Lanen. Ondanks dat deze straten benoemd zijn als belangrijke groenverbindingen kunnen ze in de realiteit nog versterkt en verbeterd worden. Zo zijn de straten vooral gericht op het verkeer en is er weinig ruimte voor groen. Ook de fietspaden in Leiden-Noord kunnen gecombineerd worden met doorgaande groene structuren en ecologische verbindingen. Naast de grote groengebieden en de verbindingen kent Leiden-Noord in de wijk alleen versnipperd groen. Het Kooipark, de Bernhardkade/Kralenddijkade, de oevers van het Zwartewater, de groenstructuur van Groenoord en de oevers van de Zijl brengen groen en water in de buurten. Maar verder zijn er, naast alle tuinen, weinig openbare groene plekken in het Noorderkwartier en De Kooi.
De hoge parkeerdruk in verschillende delen van de wijk maakt het moeilijk om Leiden-Noord te vergroenen. De smalle straten bieden weinig ruimte om zowel de parkeervraag als de wens voor vergroening te realiseren.
Hoofdgroenstructuur Leiden-Noord
Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (KNMI-scenario WH2050); klimaatatlas Rijnland. De kaart toont de GHGresultaten voor toekomstig klimaat; voluit de Gemiddeld Hoogste Grondwaterstanden (GHG) van het Nationaal Watermodel (resultaten september 2017) voor toekomstig klimaat (KNMI-klimaatscenario WH2050). Brondata en aanvullende informatie over het Nationaal Watermodel zijn te vinden via www.klimaateffectatlas.nl
22 Wijkanalyse Leiden-Noord
Qua water wordt de wijk omgeven door de Zijl, de Oude Rijn, de Singel, de Haarlemmertrekvaart en de Slaaghsloot. De Zijl/Rijn-Schiekanaal en Oude Rijn zijn grote nationale waterlijnen, de Haarlemmertrekvaart een regionale waterlijn en de Singel is onderdeel van het Singelpark. Deze watergangen geven Leiden-Noord prachtige randen waarvan de kwaliteiten nog beter benut zouden kunnen worden. Binnen de wijk worden de buurten voornamelijk gekenmerkt door smalle straten met veel verharding en auto’s. De enige waterstructuren in de wijk Leiden-Noord zijn de Bernhardkade, het Zwartewater, het water in Groenoord en het water om het Noorderpark.
2.2.7 Duurzaamheid Leiden-Noord kent grote opgaven wanneer het gaat om duurzaamheid. Er is daarbij onderscheid te maken tussen de oudere delen (De Kooi, Noorderkwartier) en de nieuwe delen (Nieuw Leyden en Groenoord). Op verschillende thema’s is er in Leiden-Noord veel duurzaamheidswinst te behalen. Delen in De Kooi, het Noorderkwartier en Groenoord liggen relatief laag en hebben te maken met bodemdaling en daardoor wateroverlast. Daarnaast kent de wijk een grote hoeveelheid verharding waardoor de wateroverlast verergert. In grote delen van de wijk is sprake van hittestress. Dit heeft effect op de openbare ruimte en op de gebouwen en op de levensvatbaarheid van het groen. Het huidige bomenbestand zal op termijn door bodemdaling (grondwater komt hoger te staan) steeds nattere voeten krijgen. Niet alle bomen kunnen daar goed tegen. Om de effecten van klimaatverandering tegen te gaan, is een deel van de openbare ruimte in de Oude Kooi en het Noorderkwartier vernieuwd en er zijn diverse maatregelen getroffen. De uitdagingen op het gebied van bodemdaling en klimaatadaptatie (wateroverlast en hittestress) blijven echter bestaan. De bodemdaling zal over 20 jaar voor nieuwe problemen zorgen en er liggen voor nu nog concrete opgaven.
Zo is er in de oude delen van Groenoord nog wateroverlast, kan de ecologische kwaliteit van de Bernhardkade verbeterd worden en kan verder gezocht worden naar mogelijkheden voor het vergroenen van de wijk en het organiseren van afwatering. Wat de bebouwing betreft is er ook een slag te slaan. Een groot deel van de oudere bebouwing heeft een energielabel D tot en met F, terwijl de nieuwbouw label A tot en met C heeft. Daarnaast maakt een groot deel van Leiden-Noord nog gebruikt van gas, terwijl Nieuw Leyden en Groenoord al gebruik maken van stadswarmte. Bij renovatie of sloop - nieuwbouw kunnen woningen duurzamer worden gemaakt. Zoals bijvoorbeeld bij de centrale blokken in de Oude Kooi wordt gedaan. De grote hoeveelheid corporatiewoningen maakt deze opgave eenvoudiger, doordat grotere delen van de wijk tegelijk verduurzaamd kunnen worden.
Wijkanalyse Leiden-Noord
23
2.3
De inwoners van Leiden-Noord
De analyse van de inwonerssamenstelling van Leiden– Noord is gebaseerd op data van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Dit zijn gegevens over de wijk Leiden-Noord en de buurten Groenoord, Noorderkwartier en De Kooi. Gegevens over kleinere buurten, zoals De Hoven of Nieuw Leyden, zijn niet beschikbaar. 2.3.1 Bevolkingsopbouw Het aantal inwoners in Leiden-Noord is de afgelopen tien jaar sterk gegroeid (zie tabel 1) en die groei is aanzienlijk groter (11,7%) dan in Leiden als geheel. De ontwikkeling van Nieuw Leyden en Groenoord hebben hierin de grootste bijdrage geleverd. De buurt Groenoord is hierdoor in de afgelopen tien jaar in inwonersaantal meer dan verdubbeld. De overige buurten zijn eveneens gegroeid, al wijkt dit niet veel af van de gemiddelde groei in de stad Leiden als geheel. Leiden-Noord is grofweg te verdelen in twee delen. Groenoord kan hierbij worden gezien als een echte ‘gezinswijk’ met relatief veel kinderen en mensen van middelbare leeftijd en een hoge gemiddelde huishoudensgrootte. Het Noorderkwartier en De Kooi zijn meer gemengde wijken met een gemêleerde samenstelling van leeftijden en meer eenpersoonshuishoudens.
Studenten wonen in vergelijking met andere wijken in mindere mate in Leiden-Noord. Studentenwoningen, bijvoorbeeld van DUWO, zijn dan ook niet aanwezig in de wijk. Wel zijn er verschillende straten in de wijk waar veel studenten wonen in particuliere huurwoningen, bijvoorbeeld in- en langs de Sophiastraat in het Noorderkwartier. Ook in Groenoord-Zuid zijn veel woningen verkamerd. 2.3.2 Herkomst Leiden-Noord kent relatief veel inwoners met een nietNederlandse komaf. 38% van de inwoners uit de wijk is niet in Nederland geboren, of heeft minimaal één ouder die niet in Nederland is geboren, tegenover 31% in de stad Leiden als geheel (tabel 3). Binnen Leiden-Noord zijn grote verschillen op het gebied van herkomst van de bewoners. In vergelijking tot de wijk Leiden-Noord wonen in Groenoord relatief veel mensen van Nederlandse komaf (± 70%). Voor De Kooi, en met name voor het Noorderkwartier, geldt daarentegen dat er relatief veel mensen wonen met een niet-Nederlandse achtergrond. Binnen de buurten zelf zijn eveneens verschillen waar te nemen. Zo wonen in het Noorderkwartier vooral inwoners met een nietNederlandse afkomst in De Hoven, terwijl in de Prinsessenbuurt ten zuiden van de Willem de Zwijgerlaan verhoudingsgewijs veel mensen met een Nederlandse afkomst wonen.
2.3.3 Inkomens De hoogte van inkomens is in Leiden-Noord heel verschillend. Waar de gemiddelde inkomens in Groenoord sterk boven het Leidse gemiddelde liggen, verdienen de inwoners van het Noorderkwartier en De Kooi beduidend minder dan de gemiddelde Leidse inwoner (zie tabel 4). In deze buurten is het percentage bijstandsgerechtigden en het percentage kinderen in een bijstandsgezin ook beduidend hoger dan in de rest van Leiden. Van alle Leidse inwoners hebben de bewoners van Leiden-Noord het vaakst moeite om rond te komen. Bij zo’n 1 op de 3 inwoners uit LeidenNoord is hier sprake van.
2.3.4 Woningen & huishoudens De afgelopen jaren zijn er veel woningen bijgebouwd in Leiden-Noord (zie tabel 5). Grote ontwikkelingen waren Nieuw Leyden (deels Groenoord, deels Noorderkwartier), Groenoord-Noord en ‘Het Gebouw’ (De Kooi). In Groenoord is het aantal eengezinswoningen in vergelijking tot de rest van de wijk en de rest van de stad relatief groot. In het Noorderkwartier, en met name in De Kooi, zijn meer gestapelde woningen te vinden. De gemiddelde WOZwaarde in Groenoord ligt boven het Leidse gemiddelde, terwijl dit in het Noorderkwartier en De Kooi onder het Leidse gemiddelde ligt.
Uit tabel 4; is af te lezen dat het gemiddelde besteedbare huishoudinkomen in Leiden-Noord harder is gegroeid dan in de rest van Leiden. Dit geldt voornamelijk voor Groenoord maar ook het Noorderkwartier en De Kooi. De gemiddelde inkomens in Leiden-Noord liggen hiermee nog altijd lager dan het Leidse gemiddelde, maar de inkomensverschillen met de rest van de stad zijn kleiner geworden. Dit betekent niet dat het aantal inwoners met lagere inkomens is afgenomen, maar eerder dat het aantal inwoners met hogere inkomens in alle drie de buurten is toegenomen. Dit is een gevolg van de diverse woningbouwprojecten die de afgelopen jaren in Leiden-Noord gerealiseerd zijn. Hoewel het gemiddelde inkomensniveau is gegroeid, is het aantal kwetsbare bewoners, die geconcentreerd over een aantal plekken in de wijk wonen, gelijk gebleven.
In het Noorderkwartier en De Kooi zijn, in verhouding tot de rest van de stad, veel corporatiewoningen en weinig particuliere huurwoningen en koopwoningen. Voor Groenoord geldt het tegenovergestelde, deze buurt kent bovengemiddeld veel koopwoningen en relatief weinig particuliere- en sociale huurwoningen. Naast de reguliere koop- en huurwoningen zijn in Leiden-Noord enkele woonzorgvoorzieningen te vinden. Zo biedt Ankerplaats van Gemiva in Nieuw Leyden zowel begeleid als zelfstandig wonen voor mensen met een verstandelijke beperking aan. Mensen die zorg, behandeling of ondersteuning nodig hebben kunnen terecht bij Topaz Overrhyn aan de Willem de Zwijgerlaan, de Haardstee in Het Gebouw, Cardea in de Driftkikker en bij één van de zorgwoningen van Libertas in Het Gebouw. De andere groep huishoudens zijn mensen die Noord als tijdelijk perspectief voor zichzelf zien. Het gaat in veel gevallen om alleenstaanden en koppels zonder kinderen op zoek naar betaalbare, kleinschalige woonruimte dichtbij het centrum. Zij hebben minder binding met de wijk en zullen in de periode dat ze er wonen ook niet veel willen investeren.
Tabel 1: Demografische ontwikkeling Leiden-Noord. (Bron: Leiden in Cijfers, bron BRP gemeente Leiden)
Tabel 2: Leeftijdsverdeling Leiden-Noord. (Bron: Leiden in Cijfers, bron BRP gemeente Leiden)
Tabel 3: Herkomst van de bewoners in Leiden-Noord. (Bron: Leiden in Cijfers, bron BRP gemeente Leiden)
24 Wijkanalyse Leiden-Noord
Tabel 4: Inkomens in Leiden-Noord (Bron: Uit Leiden in Cijfers, bron CBS – regionaal inkomensonderzoek & team Werk in Inkomen gemeente Leiden) Wijkanalyse Leiden-Noord
25
Corporatiebezit in Noord. (Huidige verdeling van het corporatiebezit moet nog nader gecontroleerd worden.)
2.3.5 Inwonersprofielen Om een beeld te geven van de inwoners van de stad, heeft de gemeente Leiden samen met het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) 9 inwonersprofielen opgesteld. In deze analyse worden kenmerken van bewoners zoals leeftijd, inkomen of geslacht gecombineerd om zo 9 groepen van elkaar te onderscheiden. Uit deze analyse blijkt dat Leiden-Noord een zeer gevarieerde bewonerssamenstelling heeft. De ‘welvarende werknemer met eigenwoning’ is met ruim 20% de meest voorkomende groep in Leiden-Noord. Daarop volgt met ruim 17% de ‘werknemer wonend in een corporatiewoning'. Ook hier is weer een duidelijk verschil te zien tussen inwoners van Groenoord waar 46,4% onder de groep ‘welvarende werknemer met eigenwoning’ valt en Noorderkwartier en De Kooi waar de groep ‘Werknemer met corporatiewoning’ het meest voor komt (zo’n 20%, terwijl dit in de stad Leiden als geheel 9% bedraagt). Overigens geldt voor LeidenNoord in het algemeen dat de buurten bestaan uit een gevarieerde groep inwoners. Zo wonen er twee typen huishoudens in Leiden-Noord. Huishoudens die zich voor langere tijd willen vestigen en zich verbonden voelen met de wijk en die vooral in Groenoord, Nieuw Leyden en de oostelijke Kooi zijn komen wonen. Zij zijn hier komen woningen vanwege de nieuwe woningen en woonmilieus.
De andere groep huishoudens zijn mensen die Noord als tijdelijk perspectief voor zichzelf zien. Het gaat in veel gevallen om alleenstaanden en koppels zonder kinderen op zoek naar betaalbare, kleinschalige woonruimte dichtbij het centrum. Zij hebben minder binding met de wijk en zullen in de periode dat ze er wonen ook niet veel willen investeren.
Eengezinswoningen, Falckstraat Voor meer informatie over de inwonersprofielen, zie https://dashboards.cbs.nl/v2/de_mensen_van/ 2.3.6 Leefbaarheid De Leefbaarometer (www.leefbarometer.nl) geeft een schatting van de leefbaarheid in een gebied. Volgens de Leefbaarometer is de leefbaarheid de mate waarin de omgeving aansluit bij de eisen en wensen die er door mens aan worden gesteld. Een gemiddeld gebied in Nederland scoort tussen ‘Ruim voldoende’ en ‘Goed’ op deze schaal. Dit betekent dat gebieden die bijvoorbeeld ‘Voldoende’ scoren, groen kleuren op de kaart, maar onder het nationaal gemiddelde liggen. Binnen Leiden-Noord zijn duidelijke verschillen op het gebied van leefbaarheid. De scores variëren van uitstekend in Groenoord tot (ruim) onvoldoende in een deel van de Kooi. Het gebied langs de Willem de Zwijgerlaan tot aan de Soestdijkkade scoort ‘zwak’. Het meer zuidelijke deel van het Noorderkwartier richting de Herensingel scoort beter, ‘voldoende’ tot ‘ruim voldoende’. Het meest kwetsbare deel van LeidenNoord is te vinden in De Hoven binnen de buurt De Kooi. Het gebied scoort tussen de ruim onvoldoende en onvoldoende. Het grootste deel van de buurt scoort zwak, terwijl het gebied langs het Rijn-Schiekanaal met ‘ruim voldoende’ wordt aangeduid.
Hoewel Leiden-Noord op het gebied van leefbaarheid volgens de laatste cijfers wat achterblijft bij de rest van Leiden, is de leefbaarheid in de periode 2008-2018 in grote delen van de wijk (sterk) verbeterd. Dit is voornamelijk terug te zien rond de Bernhardstraat waar
Leefbaarheidssituatie volgens de Leefbaarometer 2018
Tabel 5: Woningvoorraad in Leiden-Noord. (Bron: Leiden in Cijfers, bron CBS)
Ontwikkeling van de leefbaarheidssituatie volgend de Leefbarometer 2018
26 Wijkanalyse Leiden-Noord
Tabel 6: Woningen naar eigendom in Leiden-Noord. (Bron: Leiden in Cijfers, bron CBS)
Wijkanalyse Leiden-Noord
27
sloop- en nieuwbouw van woningen heeft plaatsgevonden en rond Nieuw Leyden. In De Kooi hebben de gebieden rond ‘Het Gebouw’, het Kooiplein en ‘de noordelijke blokken’ rond de Voorstraat en de Zijlover de meest positieve ontwikkeling doorgemaakt. Het feit dat er sprake is van wateroverlast door bodemdaling kan een negatief effect hebben op de waardering van de leefbaarheid in een wijk. 2.3.7 Veiligheid Op basis van beschikbare cijfers kan geconcludeerd worden dat Leiden-Noord in de afgelopen jaren veiliger is geworden. Waar in 2011 nog 47% van de inwoners aangaf in dat jaar slachtoffer te zijn geworden van criminaliteit, is dat in 2019 gedaald tot 12%. Alle drie de buurten zijn er op het gebied van veiligheid in de afgelopen jaren op vooruit gegaan. (Bron: Veiligheidsmonitor) Hetzelfde geldt voor de stad Leiden als geheel. Bewoners van Leiden-Noord waarderen de veiligheid en leefbaarheid in 2019 beduidend beter dan in 2013, al blijft het nog wel achter bij het Leids gemiddelde. Nieuw Leyden tegenover de woningen in de Prinsessenbuurt. (Foto: gemeente Leiden)
2.3.8 Sociale cohesie Bewoners van Leiden-Noord beoordelen de sociale cohesie in de wijk met een 5,8, eveneens het gemiddelde cijfer van de stad Leiden als geheel. In de afgelopen jaren (van 2013 tot 2019) zijn bewoners de sociale cohesie beter gaan beoordelen.
2.3.9 Gezondheid Bewoners van Leiden-Noord hebben bovengemiddeld vaak te maken met gezondheids- en vitaliteitsproblemen. Zo kampen bewoners van LeidenNoord volgens de meest recente cijfers het vaakst met overgewicht en voldoen relatief weinig mensen aan de GGD-richtlijn voor voldoende sport- en beweging. (Bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen GGD, 2016). Inwoners van Leiden-Noord zijn daarnaast in vergelijking tot andere Leidse wijken het minst vaak lid van een sportvereniging. Onder ‘positieve gezondheid’ verstaat men het vermogen van mensen om eigen regie over het leven te kunnen voeren en om te gaan met fysieke, emotionele en sociale levensuitdagingen. Als met deze blik wordt gekeken naar de gezondheid van de bewoners, valt op dat een groot aantal inwoners van de wijk aangeeft weinig regie over het leven te ervaren. Ook eenzaamheid en risico op angst en depressies komen vaak voor. (Brond: Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen GGD, 2016). Bij de beschikbare gegevens op buurtniveau is te zien dat al deze gezondheids- en vitaliteitsproblemen voornamelijk spelen in het Noorderkwartier en De Kooi, en in veel mindere mate in Groenoord.
Op basis van verschillende vragen over gevoelens bij de buurt lijken de bewoners van Leiden-Noord hun wijk steeds beter te waarderen (zie tabel 8). Terwijl LeidenNoord in 2013 nog op vele gebieden in negatieve zin afweek van het Leidse gemiddelde, zijn deze verschillen in de afgelopen jaren beduidend kleiner geworden of zelfs teniet gedaan. Zo voelen steeds meer mensen zich thuis bij de mensen in de buurt en zijn de mensen meer tevreden over de bevolkingssamenstelling van de wijk.
2016
De Surinamestraat, met het Gebouw tegenover de woningen van woningcorporatie Portaal. (Foto: gemeente Leiden) Tabel 7: Sport en bewegen in Leiden-Noord. (Bron: Uit Leiden in Cijfers, bron gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen GGD 2016 & GGD Hollands midden)
28 Wijkanalyse Leiden-Noord
Wijkanalyse Leiden-Noord
29
2.4
Dynamiek
De afgelopen jaren is er veel gebeurd in Leiden-Noord en de ontwikkeling van de wijk gaat verder. De projectenkaart geeft inzicht in de grote hoeveelheid projecten die op dit moment (najaar 2020) in Noord lopen of gepland zijn. De projecten zijn verschillend van aard en schaal (gebiedsvisie, kleine bouwplannen, gebiedsontwikkeling, aanpak openbare ruimte, ontwerp Leidse Ring Noord, etc.) en spelen in verschillende termijnen (korte, middellange en lange termijn). Door de afgeronde projecten, lopende projecten en geplande projecten, zal een groot deel van Leiden-Noord in 2040 vernieuwd zijn. Leiden-Noord kent nu een aantal grote ontwikkelingen die invloed zullen hebben op een groter deel van de wijk. Deze ontwikkelingen bevinden zich vooral op strategische locaties langs de Willem de Zwijgerlaan; in de Omgevingsvisie Leiden 2040 zijn ze als plekken met stedelijke dynamiek benoemd. Dit zijn plekken waar in de komende jaren een overlap aan opgaven aan de orde is en waar ruimte ontstaat of is ontstaan voor woningen en voorzieningen. Lopende en nieuwe (woningbouw) projecten kunnen hier een bijdrage leveren aan het verbeteren van de leefbaarheid van de omgeving. Tegelijk speelt in deze projecten de uitdaging om het nieuwe programma in de bestaande context van Leiden-Noord te passen en aan te laten sluiten op de behoefte van de huidige bewoners.
Overzicht projecten in Leiden-Noord, in verschillende fasen. (najaar 2020)
Behalve de genoemde ontwikkelingen spelen in Noord grote opgaven voor wat betreft duurzaamheid en zal de al in gang gezette vernieuwing van de openbare ruimte verder gaan. Hetzelfde geldt voor de vernieuwing van de woningen met bijvoorbeeld nieuwbouw van de zuidelijke blokken in De Kooi. De ontwikkelingen in Leiden-Noord kunnen de positie van de wijk versterken en ten opzichte van de stad verbeteren. De introductie van nieuwe woningen en nieuwe woonmilieus kan bijdragen aan de leefbaarheid en de identiteit van de wijk. Vernieuwing van de woningen leidt tot betere kwaliteit en kan de leefbaarheid vergroten. Dit biedt de bewoners een beter perspectief. Ook de verduurzaming van de wijk verbetert de leefbaarheid en de toekomstwaarde van de wijk. De individuele ontwikkelingen bieden daarnaast de mogelijkheid om wijkbrede opgaven aan te pakken, zoals het verbeteren van de verbinding met de Merenwijk, het verbeteren van de ecologische structuren en het verduurzamen van Leiden-Noord.
1
De reeds gerealiseerde bouwprojecten rond potentiegebied 1. (Foto: gemeente Leiden)
30 Wijkanalyse Leiden-Noord
In Noord gaat dit specifiek over de ontwikkeling van Groenoord Fase 2 en LEAD, in aansluiting op de ontwikkelingen aan de nabijgelegen Schipholweg (1). Tevens over de vernieuwing van de Prinsessenbuurt, afronding van het Kooiplein, de gebiedsontwikkeling Willem de Zwijgerlaan Oost, de LRN Willem de Zwijgerlaan en aansluitend de ontwikkeling aan de Corantijnstraat (2).
2
Potentiegebieden, LRN, Warmterotonde en klimaatadaptief inrichten
Wijkanalyse Leiden-Noord
31
3. Bewoners over Leiden-Noord Om van bewoners uit Leiden-Noord te horen hoe zij momenteel de wijk ervaren en welke ontwikkelingen zij graag zouden zien in de toekomst, is de gemeente Leiden als een karavaan door de wijk getrokken. Tijdens deze karavaan is op verschillende locaties met ruim 200 bewoners en gebruikers van de wijk gesproken. Hierbij stonden vragen centraal als ‘woont u met plezier in de wijk’, ‘wat zou u willen veranderen in Leiden-Noord als u burgemeester of wethouder zou zijn’ en ‘hoe zou Leiden-Noord er volgens u over 20 jaar uit moeten zien’?
De identiteit van Leiden-Noord, in woorden die het meest genoemd zijn tijdens de karavaan.
Leiden-Noord Het woord waar een groot aantal bewoners de wijk mee omschrijft is ‘divers’. Deze diversiteit is terug te zien in verschillende bewonersgroepen, culturen en leeftijden, maar ook in de verschillende bouwstijlen en de inrichting van de openbare ruimte. Deze diversiteit wordt als kracht van de wijk gezien maar ook als bron van zorgen en uitdagingen. Zo merken verschillende bewoners op dat Leiden-Noord een diverse en multiculturele wijk is, en dat dit de levendigheid en de gezelligheid in de wijk ten goede komt. Aan de andere kant zijn er bewoners die hier hun zorgen over uiten, onder andere over het (gebrek aan) sociale contact tussen verschillende bewoners onderling en de verschillende (botsende?) leefstijlen. Dat Leiden-Noord niet kan worden gezien als één uniforme wijk, maar eerder een verzameling is van verschillende kleinere buurten, is terug te zien in de antwoorden van de bewoners. De redenen dat mensen met plezier in de wijk wonen, verschillen dan ook van buurt tot buurt. Zo wonen bewoners van Groenoord en Nieuw Leyden in veel gevallen met plezier in de wijk door een rustige en kindvriendelijke woonomgeving. Inwoners van het Noorderkwartier en De Kooi noemen onder andere de gezelligheid tussen bewoners en de groene woonomgeving als positieve punten van de wijk.
De zorgen die bewoners uiten verschillen eveneens tussen de verschillende buurten. In en om Groenoord betreft dit voornamelijk de grootschalige woningbouw en de bijbehorende hoogtes en architectuur. Verschillende bewoners pleiten ervoor dat nieuwe woningen in maat, schaal en architectuur moeten aansluiten bij het karakter van de wijk. In de overige delen van de wijk worden veelal andere ’onderwerpen genoemd. In het Noorderkwartier en De Kooi uiten mensen vooral hun zorgen over de huidige staat van de woningen, het vele afval op straat en het gebrek aan ontmoetingsplekken met overlast gevende jeugd tot gevolg. De huidige Willem de Zwijgerlaan werd over de gehele wijk genoemd als aandachtspunt, met name op het gebied van oversteekbaarheid, luchtkwaliteit en geluidshinder. Met de karavaan hebben de eerste participatierondes plaatsgevonden in het kader van het Ontwikkelperspectief Leiden-Noord. Er is gesproken met een diverse groep mensen uit verschillende buurten. Jongeren tot 19 jaar werden daarentegen minder bereikt. Tijdens volgende participatiemomenten vanuit het Ontwikkelperspectief zal worden ingezet om ook deze jongere doelgroep goed te bereiken, om zo vanuit verschillende oogpunten een blik op de wijk te kunnen geven.
Daarnaast zullen in het vervolg van het traject nog verschillende andere momenten en manieren georganiseerd worden waarop bewoners kunnen meedoen- en denken. Hierbij wordt niet alleen gesproken met bewoners, maar ook met ondernemers, actieve organisaties en verenigingen in de wijk. Daarnaast zullen de informatie- en participatiemomenten in het kader van lopende projecten als bron van informatie dienen.
In gesprek met bewoners tijdens de Karavaan. (Foto: gemeente Leiden)
32 Wijkanalyse Leiden-Noord
Wijkanalyse Leiden-Noord
33
4. Trends en ontwikkelingen 4.1
Landelijke trends en ontwikkelingen
Bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving is het van belang om rekening te houden met, en in te spelen op landelijke trends en ontwikkelingen. In het Ontwikkelperspectief Leiden-Noord zal een verdiepingsslag worden gemaakt wat deze trends en ontwikkelingen specifiek voor Leiden-Noord betekenen.
Nieuwe ruimtevragers en ander ruimtegebruik
Trends en ontwikkelingen | ruimtevragers Bevolkingsgroei | De bevolking groeit onder andere door de trek naar de stad, de groeiende levensverwachting (vergrijzing en langer zelfstandig wonen) en huishoudensverdunning. De bouw van nieuwe woningen blijft achter bij de vraag en er is krapte in de sociale huursector. De opgave is om geschikte woningen en bijbehorend voorzieningen te realiseren die passend zijn bij zowel de behoefte als de omgeving. Klimaatverandering | Leiden en de Leidenaren moeten worden beschermd tegen schade door wateroverlast, overstromingsgevaar en hitte. Dat kan worden gedaan door klimaatadaptatie en vergroening van de stad. Vergroening draagt ook bij aan bij het streven naar een veilige, gezonde en aantrekkelijke woonomgeving. Daarnaast moet gekeken worden welke maatregelen genomen kunnen worden omtrent de bodem, aangezien de toevoeging van woningen een verzwarend effect op de bodem zal hebben, met verdere bodemdaling tot gevolg. Energietransitie | Het lange termijndoel is dat de stad in 2050 klimaatneutraal is. In Leiden kan de grootste winst worden behaald door het besparen van energie. Energie die na besparing nog gebruikt wordt moet komen van duurzame energiebronnen. Bij het toewerken naar een aardgasvrije stad wordt vooral ingezet op het aanleggen van nieuwe energie infrastructuur.
Biodiversiteit De biodiversiteit in de stad verdient extra aandacht bij de verstedelijkingsopgave. Met de nieuwe ontwikkelingen wordt vaak aandacht besteed aan de ecologie en biodiversiteit, maar Leiden boet nog te vaak in op de ecologie. Bij bouwprojecten moet ingezet worden op het natuurinclusief bouwen en bij de herinrichting van de openbare ruimte moet niet alleen gekeken naar de gebruiksfunctie, maar ook de biodiversiteit. Boven- en ondergrond Met de nieuwe ontwikkelingen in de stad worden de boven- en ondergrond een ruimtelijke opgave. Niet alleen boven de grond is er een gebrek aan ruimte; ook onder de grond wordt het moeilijk om alle ambities te realiseren. De combinatie tussen groen, parkeren, afwatering, kabels, leidingen en energietransitie is overal in Leiden een uitdaging, maar vormt in de smalle straten van Leiden-Noord een complexe integrale opgave. Circulaire economie | Leiden is circulair in 2050. Dit houdt onder andere in dat we meer en meer van bezit naar delen gaan. Na 2050 mogen alleen duurzaam geproduceerde, hernieuwbare of algemeen beschikbare grondstoffen worden gebruikt. Hierdoor laten we zo weinig mogelijk afval achter. Trends en ontwikkelingen | verandering in ruimtegebruik Duurzame mobiliteit | Alle vormen van mobiliteit nemen toe. Leiden wil de stad goed toegankelijk houden, maar ook een leefbare, duurzame en groene stad zijn.
Dat kan door het bevorderen van het gebruik van fiets en OV, smart mobility en de behoefte aan autobewegingen te beperken. Gezondheid | De verschillen in leefsituatie tussen bepaalde groepen wordt groter. In 2040 is Leiden een leefomgeving waarin een gezonde keuze een makkelijke keuze is. Verschillen in gezondheid die samenhangen met opleiding en inkomen worden verminderd.
Het Noorderkwartier is een van de eerste gebieden in Leiden waar het riool en de openbare ruimte toekomstbestendig en klimaatbestendig worden ingericht. (Beeld: project NKO)
34 Wijkanalyse Leiden-Noord
Wijkanalyse Leiden-Noord
35
Inclusiviteit | Op verschillende domeinen is er een hardnekkig verschil tussen groepen. Er is een groep bij wie een slechte objectieve leefsituatie gepaard gaat met ontevredenheid over het leven. Fysiek beleid voor de leefomgeving is geen directe oplossing voor dit probleem, maar kan wel bijdragen aan een verbetering. Duurzame mobiliteit | Door de groei van het aantal inwoners en de werkgelegenheid in de regio zal het drukker worden op de weg en in het openbaar vervoer. Om ervoor te zorgen dat iedereen gemakkelijk, comfortabel en snel van A naar B kan blijven gaan moet mobiliteit anders worden georganiseerd. De nadruk ligt daarbij op andere vormen van mobiliteit dan de auto. Er wordt geïnvesteerd in fietsroutes om het gebruik van de fiets ook op de middellange afstand te stimuleren en faciliteren. Daarnaast zal het noodzakelijk zijn om het openbaar vervoer te versterken. Leiden agendeert bij de verantwoordelijke partijen, zoals de Provincie, om te onderzoeken hoe de OV-capaciteit in de stad vergroot kan worden. Dat betreft ook, voor de lange termijn (na 2040), aanpassingen aan het spoor en station(s).
Omgevingsvisie Leiden 2040: De Stad van Historie, cultuur en vooruitgang
36 Wijkanalyse Leiden-Noord
4.2
Stadsbrede opgaven
In de Omgevingsvisie Leiden 2040-1.0 wordt beschreven hoe Leiden zich tot 2040 zou moeten ontwikkelen. De omgevingsvisie helpt de gemeente om samenhang te brengen in de fysieke projecten in de stad, om deze beter te laten aansluiten op sociale, maatschappelijke en economische doelen en om investeringen goed te richten. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om woningbouw, werkgelegenheid, maar ook ontmoetingsplekken, vergroening, aanleg van nieuwe verbindingen tussen buurten en wijken voor voetgangers en fietsers, om infrastructuur die nodig is voor gasvrije woonwijken, om openbare ruimte en nog veel meer. In de omgevingsvisie wordt aandacht besteed aan de waarden van de stad, die zijn vertaald in zes verhaallijnen die als vertrekpunt dienen voor de ontwikkeling van Leiden. Als verhaallijnen worden toegepast, bijvoorbeeld voor een nieuwe ontwikkeling, zal dit tot het maken van keuzes leiden. Niet alles kan tegelijk en niet alles is overal wenselijk. De zes verhaallijnen zijn:
1. Stad van historie, cultuur en vooruitgang In het Leiden van 2040 gaan historie en cultuur hand in hand, net als in het Leiden van vandaag. De ontwikkeling van Leiden als stad van historie en cultuur is niet zonder dilemma’s, bijvoorbeeld met betrekking tot de bescherming van historische waarden versus vernieuwing: er is geen strikte begrenzing te geven van historische waarden die het verdienen beschermd te worden. Wat voor de een toe te juichen vernieuwing is, is voor de ander een ernstige aantasting van historisch panorama. De omgevingsvisie 1.1 geeft aan dat Leiden cultuurhistorie gaat gebruiken voor het versterken van de identiteit van de wijken, juist ook buiten het centrum. Dan is het OP Noord de plek om voor de betreffende wijk te duiden wat de fysieke historische dragers zijn van die identiteit. 2. Groene en gezonde stad In 2040 is Leiden een stad met méér groen, met groen dat aantrekkelijker is, en met groen dat méér bijdraagt aan gezondheid, aan biodiversiteit en aan bescherming tegen de gevolgen van klimaatverandering. Het vergroenen van de stad leidt ook tot dilemma’s, verschillende ruimteclaims en keuzes die daarin
gemaakt moeten worden. Bijvoorbeeld kan worden gebouwd op plekken die nu nog groen zijn? En welke mogelijkheden zijn er om meer mensen te laten genieten van private groengebieden, zoals de schoolpleinen, volkstuin- en sportcomplexen? 3. Stad voor iedereen Het Leiden van 2040 heeft een stadsklimaat waarin het vanzelfsprekend is dat alle Leidenaren meetellen, meedoen en zich thuis voelen. Diverse veranderingen in de leefomgeving, zoals realisatie van voldoende betaalbare woningen, ruimte voor werkgelegenheid, meer gemengde wijken en spreiding van voorzieningen zouden daar aan bijdragen. 4. Stad van kennisoverdracht – onderwijs, kennis en werk Het Leiden van 2040 is een stad waar kennisoverdracht centraal staat, waar stedelijke ontwikkeling heeft bijgedragen aan een krachtige en vitale stedelijke economie, en die internationale aantrekkingskracht heeft. Dit legt een claim op ruimtes die ook voor andere ruimtevragers bedacht zijn. Bedrijven met zware
Omgevingsvisie Leiden 2040: De Groene en Gezonde stad
Wijkanalyse Leiden-Noord
37
milieucategorieën vormen een dilemma: de woonstad is steeds meer om de werkstad heen gegroeid, ook om bedrijven met hindercirkels. Bestaande werklocaties zijn heel aantrekkelijk voor een nieuw hoogwaardig woonwerkprogramma. Uitplaatsing van hindergevoelige bedrijvigheid kost echter veel geld. In stand houden belemmert de ontwikkeling van een gemengd stedelijk milieu. 5. Verbonden stad In 2040 is Leiden nog veel meer dan vandaag een verbonden stad. Fietsers, voetgangers en openbaar vervoer krijgen voorrang. Grote delen van de stad zijn in 2040 autovrij of autoluw. Maar veranderingen in mobiliteit (minder autogebruik, meer fiets en openbaar vervoer) vergen gewenning en kosten daarmee tijd. Daarnaast vragen aanpassingen aan de infrastructuur ten behoeve van een goed fiets- en ov netwerk om stevige investeringen.
Omgevingsvisie Leiden 2040: De Waterstad
38 Wijkanalyse Leiden-Noord
6. Waterstad In 2040 woont, werkt en recreëert Leiden zich veel meer aan het water, in gemengde stadswijken. Oude waterlopen zijn de nieuwe plekken voor stedelijke ontwikkeling, voor levendige gebieden aan het water. Het water is aantrekkelijk om op te recreëren en wonen. Dit kan haaks staan op de wens om meer biodiversiteit en betere waterkwaliteit te genereren. In het proces van totstandkoming van het Ontwikkelperspectief zal per verhaallijn de verdieping worden gezocht. Daarbij wordt per verhaallijn afgewogen en gemotiveerd op welke wijze de in Noord gaan landen. Nieuwe werkwijze Leiden wil meer samenwerken met haar inwoners en partijen in de stad. Dit is bekrachtigd in het beleidsakkoord 2018-2022 ‘Samen maken we de Stad’. De energie van Leidenaren om zich in te zetten voor elkaar en voor de toekomst van de stad moet de ruimte krijgen. Het ontwikkelperspectief Leiden-Noord biedt een mooie kans om op een goede manier samenwerking te vinden tussen inwoners, ondernemers, organisaties, maatschappelijke instellingen als zorg, welzijn en onderwijs, en de gemeente.
4.3
Ontwikkelingen in de omgeving.
Stationsgebied Het Stationsgebied zal de komende jaren transformeren van een reizigersgebied naar een aantrekkelijk Leids district waar wonen, werken en ontmoeten samen komen. Het Stationsgebied blijft een regionaal en nationaal OV-knooppunt en het visitekaartje van de stad. Het dagelijkse reizigersaantal van 80.000 in- en uitstappers zal in de komende jaren toenemen. Tegelijkertijd ontwikkelt zich hier één van de duurzaamste buurten van Nederland. Voor LeidenNoord betekent dit dat er meer werkplekken beschikbaar zullen zijn in de directe omgeving en dat het aanbod aan stedelijke voorzieningen zal stijgen. Om extra druk op de bestaande voorzieningen in LeidenNoord, zoals scholen, welzijnsvoorzieningen en zorg, te voorkomen moet er in de wijk extra aanbod worden gecreëerd. Energiepark Het terrein rond de energiecentrale aan de Langegracht, inclusief het Stadsbouwhuis, biedt unieke kansen om herontwikkeling van industrieel erfgoed te combineren met de ontwikkeling van groen,