CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

210038 Bijlage 7 Participatieverslag 'Samen maken we het stationsgebied' 1

raadscommissie Stedelijke Ontwikkeling 18 mei 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Bijlagen33.410 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Positief aan de plannen is de realisatie van woningen en verbetering van fietsvoorzieningen, maar alleen die fietsvoorzieningen (parkeren) en de oversteken naar de Schipholweg en Dellaertweg zijn positief en reëel. Dat kan niet worden gezegd van de voorgenomen omleidingsroutes voor doorgaande fietsers. Dat is tekentafellogica maar houdt geen rekening met het gedrag van fietsers. Het principe in de gebiedsvisie betreft het aantrekkelijker maken van fietsroutes over de flanken. Met name aan de zuidzijde kan hier een grote capaciteitssprong gemaakt worden. Deze route wordt nu relatief weinig gebruikt vanwege matige aansluitingen op het overige fietsnetwerk, smalle paden en een niet heel aantrekkelijke omgeving. Fietsers kiezen hun route op basis van verschillende overwegingen (kortste route, zo weinig mogelijk oponthoud, brede en asfaltfietspaden, aantrekkelijke omgeving). De route langs de Plesmanlaan is nu al een van de kortste routes vanuit het centrum maar door andere aspecten niet (nog) niet aantrekkelijke genoeg. In het kader van de Leidse Ring wordt ter hoogte van de Darwinweg een flinke verbetering in onderdoorgangen aangebracht, in de MIRT-verkenning zal een verbreding van de fietstunnels aan de orde zijn en vanuit de herinrichting Stationsgebied en autoluwe binnenstad wordt gewerkt aan betere fietsomstandigheden op de Morssingel en Morsweg.

De norm voor de sociale woningbouw zoals gehanteerd is prachtig maar naar ik heb begrepen nu nog onbetaalbaar. Ook hier zal ben ik bang de sociale woningbouw weer snel worden ingeruild voor vrije sector om deze plannen betaalbaar te kunnen maken. Hoe hard gaan die eisen voor sociale woningbouw worden? In de gebiedsvisie is het uitgangpunt opgenomen van het nog te realiseren woningbouwprogramma 30% sociale woningbouw wordt. Dit is een harde eis.

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

5/5

Afgezien van inhoudelijke reacties is de termijn van reageren buitengewoon kort en niet acceptabel. Een toegezegde reactie van Burgemeester en wethouders op bezwaren van de kennistafel over het frustrerende proces voorafgaand aan de gebiedsvisie is nog niet ontvangen. Waarom die korte en benauwde termijnen? Er is op 21 april een afspraak gepland om met vertegenwoordiging van het college verder te spreken over de bezwaren ten aanzien van het functioneren van de Kennistafel. Voor het participatieproces voor de uitwerking van de gebiedsvisie is uitgebreid de tijd genomen. Vanaf stap 1, de uitwerking van de Gebiedsagenda, begin 2020. Stap 2 de Informatiefase in maart. Stap 3 de meedenkfase en juni/juli en in september. En stap 4, de Reflectiefase, in februari 2021. Door de Reflectiefase ook ruim van te voren aan te kondigen hebben we de gelegenheid geboden vooraf rekening te kunnen houden met het geven van feedback op de concept gebiedsvisie. Ik vertrouw erop u voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet,

Jelle Deurman

Retouradres: Postbus 9100, 2300 PC Leiden

Gemeente Leiden Bezoekadres Stationsplein 107 2312 AJ LEIDEN

De heer Gravenmeijer

Postadres Postbus 9100 2300 PC LEIDEN E-mail j.deurman@leiden.nl Website www.leiden.nl/gemeente

19 april 2021 Z/15/248216/3653366 OnderwerpzZReactie concept gebiedsvisie Datum

Contactpersoon

Ons kenmerk

Doorkiesnummer

J. Deurman 14071

aa

*Z1F7DF65D4B*

kn u m m Geachte heer Gravenmeijer, er

Dank voor uw uitgebreide reactie op de concept gebiedsvisie. De punten die u in uw brief benoemd zijn opgenomen in het Participatieverslag (zie Doemee.leiden.nl) waarin onder meer het totale overzicht is opgenomen van onderwerpen waar reactie op gekomen is. In dat document wordt per onderwerp aangegeven wat met de input is gedaan en/of wat de beantwoording van een vraag is. In het participatieverslag is ook, geanonimiseerd, uw reactie en ons antwoord opgenomen. In deze brief treft u specifiek het antwoord aan op uw ingebrachte punten. Deze zijn cursief opgenomen in deze brief. Als je het woord “visie” op internet opzoekt, vind je verschillende betekenissen. Het kan gaan om “een inspirerend toekomstbeeld”, “een (misschien) bereikbare droom van wat een organisatie wil doen en waar ze wil komen”, of “een weloverwogen mening over een zaak en hoe die zich zou moeten ontwikkelen”. De eerste betekenis lijkt leidend te zijn geweest bij het opstellen van de Gebiedsvisie. Deze lijkt vooral geschreven te zijn om de lezer enthousiast te maken. De tekst heeft soms meer het karakter van een reclamefolder dan van een beleidsdocument. Zo komt het woord “groen” maar liefst 157 keer voor. Het gevolg is wel dat vaak niet duidelijk is, wat beleidskeuzes, wat ambities en wat dromen zijn. Op zich is er niets tegen als de gemeente een inspirerend toekomstbeeld schetst en de burgers daarin meeneemt.

Maar als je vooral wilt inspireren is het verleidelijk problemen terzijde te schuiven en oplossingen op de lange baan te schuiven. Zoals bij de bus routes of bij de bomen op het stationsplein – die daar misschien helemaal niet kunnen komen vanwege alle kabels in de ondergrond. Het wordt echter een probleem als dit inspirerende beeld in latere jaren als dogma gebruikt gaat worden. Zoals gebeurde met het STEO. Alsof er nu allemaal onwrikbare afspraken liggen, die de raad als heilig beschouwt en waar de burger zich maar bij heeft neer te leggen.

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

2/4

De consequentie is dat je als burger niet weet wat de status is van de beweringen die in dit document worden gedaan. Bij de uitwerking van de gebiedsvisie en het daarbij doorlopen uitgebreide participatieproces is het projectteam altijd open en transparant geweest over onderliggend beleid, onderzoeken, feiten & cijfers etc. Ook wat hiervan de status is. Als voorbeeld is daarvan is tijdens de meer dan 10 bijeenkomsten van de Kennistafel. Tijdens de meer dan 10 bijeenkomsten van de Kennistafel is heel veel informatie gedeeld en zijn besproken stukken gedeeld. Deze zijn ook op Doemee.leiden.nl geplaatst. En wanneer daar bij u nog onduidelijkheid over is lichten we die graag toe. In de gebiedsvisie zelf is ook, mede naar aanleiding van de participatie, aangegeven wat de status is van verschillende voorstellen. Zo zijn bij taxipalet en buskavel verschillende opties opgenomen die binnen het MIRT-traject verder worden bestudeerd. Voor de openbare ruimte zijn kaders opgenomen die bij ontwerp en inrichting leidend zijn, maar nog wel verder moeten worden uitgewerkt. De tweede betekenis in misschien ook van toepassing. Maar dat de droom misschien niet bereikbaar is, klinkt niet erg door in de Concept Gebiedsvisie. En, wat de gemeente wil doen om deze droom te bereiken blijft, op zijn zachts gezegd, onderbelicht.

Dit laatste is vooral problematisch omdat de burger dan niet kan beoordelen of deze droom realistisch is. En ook niet kan afwegen of de doelen de middelen wel rechtvaardigen. Die middelen, immers, kent de burger niet. In de Concept Gebiedsvisie Stationsgebied vinden we vrijwel geen dilemma’s waar afwegingen moeten worden gemaakt. Waar de keuze voor het één ten koste gaat van de keuze voor iets anders. Het lijkt ongeloofwaardig dat die dilemma’s er niet zijn. Het gevolg is dat de burger straks te maken krijgt met consequenties die nu niet zijn te overzien. De gebiedsvisie stationsgebied Leiden is een integraal document dat de ruimte geeft en kaders stelt om kansen en vraagstukken met betrekking tot duurzame verstedelijking toekomstbestendig op te pakken. Voor de visie zijn alle actuele opgaven en ontwikkelingen van het Leidse stationsgebied in samenhang bekeken en beoordeeld. De visie draagt bij aan de ontwikkeling van Knooppunt Leiden Centraal en de Duurzaamste Kilometer, geeft invulling aan de verstedelijkingsopgave en de groei van de kenniseconomie. In de gebiedsvisie zijn de actuele ambities, beleid en eerdere besluiten ingepast. Door de vaststelling van de visie worden deze zaken geborgd en op een heldere en eenduidige manier vastgelegd voor de toekomstige duurzame ontwikkeling van het Stationsgebied.

In de gebiedsvisie is ook rekening gehouden met het MIRT-besluit Knooppunt Leiden Centraal dat is genomen in november 2020. De visie vervangt het stedenbouwkundige plan uit 2012, op basis waarvan de eerste ontwikkelingen in het gebied in gang zijn gezet. Op visie niveau is naar consequenties van de plannen gekeken. Daarvoor verwijzen we u bijvoorbeeld naar het hoofdstuk 5.2 De gebouwen in het stationsgebied. Bij de uitwerking van de verschillende kavels moeten ook weer onderzoeken verricht worden naar de consequenties van bebouwing.

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

3/4

Daarnaast is bijvoorbeeld op pagina 72 ook aangegeven waar kabels en leidingen mogelijk voor extra inspanning zorgen m.b.t. groen. Ook de derde betekenis lijkt van toepassing. De gemeente wil uiteraard (ook) een weloverwogen mening presenteren over het stationsgebied en hoe dit zich zou moeten ontwikkelen. Deze mening zal ook zeker weloverwogen zijn. De lezer krijgt hier echter weinig van mee. Een weloverwogen mening veronderstelt een analyse waarin feiten en ambities bij elkaar worden gebracht in een integrale samenhang. In een participatieproces waarin burgers serieus worden genomen, moeten zij worden geïnformeerd over deze integrale analyse van feiten en ambities waar de Gebiedsvisie op is gebaseerd. Op dit punt schiet het document ernstig tekort. Bovendien veronderstelt volwaardige burgerparticipatie dat gestreefd wordt naar overeenstemming over welke de feiten ertoe doen en of die voor handen zijn. Dit had de taak moeten zijn van de zo geheten kennistafel, die heeft haar werk echter opgeschort. Daar zij het commitment van het gemeentebestuur miste en de informatievoorziening vanuit de gemeente niet adequaat vond. Een specifiek pijnpunt vormde bovendien het gebrek aan meetbare duurzaamheidsambities. Dit betekent dat onvoldoende duidelijk is óf en hoe de gemaakte keuzes door feiten kunnen worden onderbouwd.

En dus ook niet hoe de plannen zouden moeten veranderen als de feiten zich anders ontwikkelen dan gedacht. In de voorbereiding op de uitwerking van de gebiedsvisie is door het projectteam veel onderzoek geactualiseerd en zijn nieuwe documenten uitgewerkt zoals de Gebiedsagenda Stationsgebied, het Handelingsperspectief voor de OV-Knoop, Leiden Verbindt, het Identiteitskompas, de Koersnotitie Mobiliteit, het duurzaamheidsadvies van Over Morgen, de ecologische advisering van Buiting. Ook is het beleid van de gemeente op verschillende onderwerpen in deze periode geactualiseerd. Veel van deze informatie is besproken tijdens de meer dan 10 bijeenkomsten van de Kennistafel. Terug te vinden op het Doemee.leiden.nlplatform en als bijlage bij het raadsvoorstel voor vaststelling van de gebiedsvisie toegevoegd. Specifiek voor de onderbouwing en afwegingen m.b.t. de mobiliteitsstructuur en routes is Mobiliteitsstructuur stationsgebied opgesteld. Verder is in de periode vanaf eind 2019 t/m begin 2021 een uitgebreid participatieproces doorlopen. Zie hiervoor het ‘Participatieverslag’ (zie Doemee.leiden.nl). Tijdens dit proces door veel belanghebbenden en belangstellenden veel waardevolle informatie verzameld die is gebuikt bij de uitwerking van de gebiedsvisie. De gebiedsvisie 2021 vervangt het stedenbouwkundige plan uit 2012.

Juist omdat er nieuwe ontwikkelingen aan de orde zijn die verwerking vragen in een verrijkte/geactualiseerde gebiedsvisie. Wanneer de komende jaren ontwikkelingen aan de orde komen die van invloed zijn op de nu voorliggende visie kan overwogen de gebiedsvisie 2021 te herijken. Samenvattend kan worden vastgesteld dat het document tekortschiet, als beleidsdocument en als basis voor (verdere) burgerparticipatie.

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

4/4

In vervolg op bovenstaande antwoorden op uw reacties delen wij uw vaststelling dat het document tekort schiet niet. Op basis van de gebiedsvisie gaan we verder met de uitwerking van de verschillende deelprojecten met stakeholders, marktpartijen, woningcorporaties, mede overheden. Dit betekent dat het participatieproces een vervolg krijgt in het MIRT-traject, de uitwerking van kavelpaspoorten, de uitwerking van inrichtingsplannen van de openbare ruimte en bij de realisatie van (bouw)plannen. Er wordt een overkoepelend participatieplan opgesteld voor het stationsgebied waarbij de ontwikkeling van het gebied in de tijd centraal staat: projecten zitten in verschillende fasen van ontwikkeling en vergen specifieke participatie voor wat betreft ‘hoe en waar mensen hun belang kunnen inbrengen’. Hierin wordt expliciet gemaakt hoe het met de kaders zit: vastgestelde kaders (uitwerking binnen de gebiedsvisies) en kaders in beweging (te maken keuzes binnen het MIRT-traject). In het overkoepelde participatieplan wordt ook beschreven hoe we belanghebbenden overzicht bieden in de samenhang tussen de verschillende trajecten en projecten in en rondom het plangebied. Randvoorwaardelijk is een representatieve vertegenwoordiging met duidelijk spelregels en procesafspraken. Ik vertrouw erop u voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet,

Jelle Deurman

Retouradres: Postbus 9100, 2300 PC Leiden

Gemeente Leiden Bezoekadres Stationsplein 107 2312 AJ LEIDEN

De heer M. Mentzel m.a.mentzel@planet.nl

Postadres Postbus 9100 2300 PC LEIDEN E-mail j.deurman@leiden.nl Website www.leiden.nl/gemeente

19 april 2021 Ons kenmerk Z/15/248216/3653362 OnderwerpzZReactie concept gebiedsvisie Datum

Contactpersoon Doorkiesnummer

J. Deurman 14071

aa

*Z1F7DF5A0BF*

kn u m m Geachte heer Mentzel, er

Dank voor uw uitgebreide reactie op de concept gebiedsvisie. De punten die u in uw brief benoemd zijn opgenomen in het Participatieverslag (zie Doemee.leiden.nl) waarin onder meer het totale overzicht is opgenomen van onderwerpen waar reactie op gekomen is. In dat document wordt per onderwerp aangegeven wat met de input is gedaan en/of wat de beantwoording van een vraag is. In het participatieverslag is ook, geanonimiseerd, uw reactie en ons antwoord opgenomen. In deze brief treft u specifiek het antwoord aan op uw ingebrachte punten. Deze zijn cursief opgenomen in deze brief. Als bewoner van de Raadsherenbuurt - sedert vele jaren - heb ik de drastische veranderingen in het Stationsgebied van nabij meegemaakt. Steeds meer wordt het Stationsgebied met al zijn bouwmassa’s een barrière voor de voetganger en de fietser die zich vanuit de Leidse Binnenstad naar deze wijk begeeft. (Het betreft een afstand van 2 tot 4 km.) Ook de bereikbaarheid met het Openbaar Vervoer is sterk verminderd. Doorgaande OV-lijnen zijn verdwenen. Realiseert u zich dat mijn wijk grenst aan belangrijke woongebieden in Oegstgeest? Ook vandaar is de bereikbaarheid met de Leidse binnenstad en haar vele bovenlokale sociale, culturele en onderwijsvoorzieningen bepaald niet beter geworden. Uw plan is heel ambitieus.

Echter, de infrastructuur rondom het station en de relatie met de Zeezijde is onvoldoende onderzocht en geanalyseerd. Ik denk bijv. aan de tunnels (Walenkamptunnel en Rijnburgerviaduct), maar ook de passage door het Stationsgebouw, die nú al sterk te kort schieten, en zeker niet op toekomstige ontwikkelingen zijn berekend. Het was opvallend dat in de officiële digitale presentatie op donderdag 11 februari 17.00 – 18.15 uur op deze problematische samenhang van de twee zijden van het Stationsgebied nauwelijks of niet werd ingegaan.

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

2/2

Het is mijns inziens erg nodig om uw Gebiedsvisie op dit belangrijke onderdeel te wijzigen, te verbeteren en opnieuw te bespreken. Dank voor uw reactie op de concept gebiedsvisie. U vraagt aandacht voor de verbindingen die van en naar het Stationsgebied lopen en met name verbindingen die door het stationsgebied lopen. In uw geval van de Raadsherenbuurt naar de Leidse Binnenstad. Een van de doelen van de gebiedsvisie is om de verbinding tussen beiden zijden van het spoor te verbeteren. Om uitwisseling tussen de Bio Science Park zijde en de centrumzijde voor voetgangers, fietsers en ov gebruikers prettiger en logischer te maken. Dit betekent dat de verschillende tunnels en de centrale stationshal aangepast/verbeterd moeten worden. De barrières worden niet zozeer door bouwmassa's veroorzaakt maar door de indeling van de openbare ruimte. Er is sprake van een grote menging van bussen, auto's, fietsers en voetgangers op routes en openbare ruimte die daar niet goed op is ingericht. Voor verbeteringen van de onderdoorgangen is de gemeente Leiden afhankelijk van partijen zoals de provincie, het Rijk, ProRail en de NS. Samen met deze partijen wordt daarom een zogenaamde MIRT verkenning opgestart, volgend op de gebiedsvisie. Een MIRT status betekent dat deze partijen zich verbinden aan deze opgave.

De verkenning gaat over het toekomstige openbaar vervoersknooppunt (trein- en busstation, onderdoorgangen) en directe omgeving. De verbinding van beide stadsdelen door middel van verbetering van de diverse onderdoorgangen zal daar een belangrijk onderwerp zijn. Daarvoor is in de gebiedsvisie flexibiliteit opgenomen ten aanzien van die ruimte, bijvoorbeeld door het beschrijven van opties voor de busstation locatie en het taxipalet. U geeft aan dat u vindt dat de bereikbaarheid met het openbaar vervoer sterk is verminderd. Dit herkennen wij niet als zodanig. De bereikbaarheid voor het openbaar vervoer (bus) is sterk is en blijft in zijn totaliteit op niveau. Wel is het zo dat het lijnennet jaarlijks door de vervoerder (Arriva op dit moment) wordt aangepast. Hierbij wordt steeds meer wordt ingezet op de drukst bezette (R-net) lijnen. Dit kan soms een verschuiving betekenen op andere lijnen. Ten aanzien van de mobiliteitsstructuur in het stationsgebied (en de raakvlakken met routes rondom het stationsgebied) kan gemeld worden dat deze in de nieuwe versie van de gebiedsvisie meer aandacht besteed wordt aan de onderbouwing en de integrale afweging die is gemaakt ten aanzien van de routestructuur. De verschillende onderzoeken die zijn gedaan laten voor dit moment voldoende en meerdere mogelijkheden zien om dit te realiseren.

Voor het niveau van de gebiedsvisie is dat een voldoende basis om op door te werken. Uitwerking is zeker nog nodig om de definitieve oplossingen, keuze in de varianten, de inrichting en planning te bepalen. Ik vertrouw erop u voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Jelle Deurman

Retouradres: Postbus 9100, 2300 PC Leiden

Gemeente Leiden Bezoekadres Stationsplein 107 2312 AJ LEIDEN

De heer P. Borsjé Rijnsburgerweg 22 LEIDEN

Postadres Postbus 9100 2300 PC LEIDEN E-mail j.deurman@leiden.nl Website www.leiden.nl/gemeente

19 april 2021 Z/15/248216/3653328 OnderwerpzZReactie op concept gebiedsvisie Datum

Contactpersoon

Ons kenmerk

Doorkiesnummer

J. Deurman 14071

aa

*Z1F7DDF7179*

kn u m m Geachte heer Borsjé, er

Dank voor uw uitgebreide reactie op de concept gebiedsvisie. De punten die u in uw brief benoemd zijn opgenomen in het Participatieverslag (zie Doemee.leiden.nl) waarin onder meer het totale overzicht is opgenomen van onderwerpen waar reactie op gekomen is. In dat document wordt per onderwerp aangegeven wat met de input is gedaan en/of wat de beantwoording van een vraag is. In het participatieverslag is ook, geanonimiseerd, uw reactie en ons antwoord opgenomen. In deze brief treft u specifiek het antwoord aan op uw ingebrachte punten. Deze zijn cursief opgenomen in deze brief. a. Reeds enige jaren ben ik als burger actief betrokken bij de ontwikkelingen in en om het Stationsgebied in Leiden. Het participatietraject bij de voorbereiding van een Gebiedsvisie voor het Stationsgebied is dus een van de vele participatie/overleg- en inspraaktrajecten geweest waar ik aan heb deelgenomen in dit verband, samen overigens met een grote groep andere burgers en betrokkenen. b. Dienaangaande merk ik op dat de reeds eerder opgedane ervaringen en communicaties die in dat verband van belang blijven en zo veel mogelijk meegenomen dienen te worden in de afwegingen aangaande het onderhavige traject.

Een grote groep burgers en betrokkenen hebben gepoogd deze ervaringen met uw College en het betreffend ambtelijke projectteam te delen om te zorgen dat de onzorgvuldigheden en fouten -ten aanzien van burger/stakeholderparticipatie als zodanig en de voorbereiding van (concept) planvorming- in ieder geval bij de voorbereiding van het Gebiedsvisie voor het Stationsgebied zoveel mogelijk vermeden zouden worden. Gegeven het feit dat in ieder geval een groot deel van het direct betrokken ambtelijk team aanzienlijk minder ervaring heeft met de ontwikkelingen bij het Leidse Stationsgebied dan veel burgers en overige betrokkenen, en bovendien belangrijke onderdelen van de specifieke administratie en knowhow -opvallend genoeg- ten aanzien van de eerdere ervaringen, communicaties en participatietrajecten in de gemeentelijke archieven niet meer was te achterhalen voor nu betrokken ambtelijk team, lag een zeer nauwe betrokkenheid vanuit deze burgers en andere betrokkenen ook zeer voor de hand.1 Uw bijdrage hierin is zeer gewaardeerd. In de voorbereiding op de uitwerking van de gebiedsvisie is door het projectteam veel onderzoek geactualiseerd en zijn nieuwe documenten uitgewerkt zoals de Gebiedsagenda Stationsgebied, het Handelingsperspectief

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

2 / 16

voor de OV-Knoop, Leiden Verbindt, het Identiteitskompas, de Koersnotitie Mobiliteit, het duurzaamheidsadvies van Over Morgen, de ecologische advisering van Buiting. Ook is het beleid van de gemeente op verschillende onderwerpen in deze periode geactualiseerd. Verder is in de periode vanaf eind 2019 t/m begin 2021 een uitgebreid participatieproces doorlopen. Zie hiervoor het ‘Participatieverslag’ (zie Doemee.leiden.nl). Tijdens dit proces door veel belanghebbenden en belangstellenden veel waardevolle informatie verzameld die is gebuikt bij de uitwerking van de gebiedsvisie. Al deze documenten zijn bij u bekend en in participatieve processen tot stand gekomen. Verder heeft het projectteam gesproken met bureau WesselinkVanZijst. Tijdens dat gesprek is het participatieproces uit 2017 besproken en reflectie gevraagd op het participatieproces voor uitwerking van de gebiedsvisie. Deze reflectie was ronduit positief: uitgebreid, zorgvuldig en transparant. Ook de Kennistafel als plek waar feiten en cijfers besproken werden positief gewaardeerd.

1 Als pregnant voorbeeld in dit kader verwijs ik naar de betreffende adviezen die het bureau WesselinkVanZijst in 2017 in verband met hun procesbegeleiding van het toenmalige participatietraject aan de gemeente had verstrekt en die klaarblijkelijk niet meer in de gemeentelijke archieven aanwezig zijn; deze adviezen heb ik op verzoek van het ambtelijk team aan het ambtelijk team ter beschikking gesteld. Uit mijn verdere communicatie met het ambtelijk team heb ik moeten opmaken dat meer belangrijke informatie uit het verleden niet ter beschikking stond van het ambtelijk projectteam. Gegeven de complexiteit en de geschiedenis van de betreffende planontwikkelingen in het Stationsgebied is dat toch een opmerkelijke gang van zaken en niet bevorderlijk voor de bijvoorbeeld consistentie en integraliteit in de planontwikkeling. c. Zoals ik hieronder zal aangeven hebben de inspanningen van vele burgers en andere betrokkenen helaas niet mogen baten. Ik moet zelfs concluderen dat alleen reeds de procedurele gebreken in de aanpak voor mij -en een grote groep andere burgers en betrokkenen- aanleiding is om de concept Gebiedsvisie zoals die op 11 februari formeel is gepresenteerd af te wijzen. Dat betekent dat ik mij ook genoodzaakt zie mijn commentaar op de verder inhoudelijke aspecten van de concept Gebiedsvisie sterk te beperken. d. Ik zal mijn zienswijze hieronder nader toelichten.

Overigens besef ik dat onderstaande punten reeds in de aanloop naar het onderhavige participatieproces en gedurende de participaties -goeddeels met letterlijk dezelfde bewoordingen- reeds is ingebracht. Ter wille van de consistente communicatie en urgentie van de onderliggende problematiek voel ik mij echter gedwongen de onderstaande punten te herhalen. 1. Gebiedsagenda voor het Stationsgebied 1.1 De nu voorliggende concept Gebiedsvisie vormt de uitwerking van de in februari door de gemeenteraad vastgestelde Gebiedsagenda voor het Stationsgebied. Volgens deze agenda de bedoeling was het verouderde Masterplan van 2012 voor het Stationsgebied "te verrijken" op basis van duurzaamheidsgrondslagen, in meest brede zin -overigens ook in overeenstemming met het initiatief om het Leidse Stationsgebied deel te laten uitmaken van de "Duurzaamste Kilometer van Nederland".2 De Gebiedsagenda vormde ook de grondslag voor het opstarten van een (hernieuwd) participatieproces, nadat eerder vanuit de gemeentelijke zijde het participatieproces omtrent de locatie van het busstation en bus routering in 2017 eenzijdig was opgeschort.

2 Dit is bovendien een initiatief waar de gemeente Leiden ook EU-subsidies voor heeft gekregen als onderdeel van het Europese Sponge-project, met het ontwikkelen van een "Green Deal" met alle betrokken partijen en burgers, onder meer met het oog op het ontwikkelen van klimaatadaptatieve maatregelen.

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

3 / 16

1.2 Een kernoverweging uit die Gebiedsagenda luidt "verduurzaming vraagt om meetbaarheid".3 In dit verband heb in mijn inspraakbijdrage in de Raadscommissievergadering Stedelijke Ontwikkeling van 16 januari 2020, bij de behandeling van de Gebiedsagenda voor het Stationsgebied, nadrukkelijk aandacht gevraagd om transparantie ten aanzien van onderliggende feitencomplex, om het borgen van een transparant, evenwichtige en zorgvuldig participatieproces, en een daadwerkelijk integrale aanpak (volledigheidshalve heb ik mijn inspreeknotitie hierbij aangehecht). Deze aspecten zijn fundamenteel om in een dergelijk complex ruimtelijk ordeningsvraagstuk te komen tot een transparante, evenwichtige en zorgvuldige belangenafweging en planvorming, overeenkomstig de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. 3 Dat het in de Leidse planvorming ten aanzien van duurzaamheid in de praktijk juist schort aan het "meetbaar" maken van doelstellingen is reeds nadrukkelijk gesignaleerd door de Leidse Rekenkamer (zie het rapport "Rekenen voor Duurzaam Leiden", november 2015). In bovenstaande alinea worden veel onderwerpen benoemd; het meten van duurzaamheid, onderliggende feitencomplex, een transparant en evenwichtig participatieproces, integrale aanpak. In het vervolg van deze brief wordt hierop terug gekomen. 2.

Kennistafel 2.1 Om invulling te geven aan bovenstaande is door een groep bijzonder actieve burgers geijverd voor de totstandkoming van de zogeheten "Kennistafel". De Kennistafel is ook geformeerd, en ik heb als burger ook daarin geparticipeerd. Bij onze gezamenlijk processuele afspraken voor het functioneren van de Kennistafel is uitgebreid gesproken en aandacht besteed bij het zorgvuldig formuleren van de "uitgangspunten" van de Kennistafel, en ook vastgelegd dat deze onderdeel is van de joint fact finding-exercitie, welke begrepen dient te worden als een bescheiden maar cruciaal onderdeel van het participatieproces. Dit is overigens ook in lijn met de adviezen zoals neergelegd door het bureau WesselinkVanZijst in 2017, bij het participatietraject voor de locatie van het busstation en betreffende bus routering, waar de betreffende functie van de Kennistafel was ingevuld door een "Klankbordgroep". Vanuit de kant van de deelnemende burgers is bij de voorbereiding van de Kennistafel ook gepleit voor een brede stakeholder deelname -inclusief experts- bij de Kennistafel. Het ambtelijk gaf echter aan met andere betreffende partijen en stakeholders separaat te willen communiceren. Tevens hebben de burgers aandacht gevraagd voor expliciete processuele borging, en heroverweging van de (te) ambitieuze tijdlijn voor de voorbereiding van de concept Gebiedsvisie.

Hoewel er in beginsel begrip werd getoond voor deze zorgen is er door uw College en het ambtelijk team toen niet onmiddellijk aangegeven hoe met deze zorgen om zou worden gegaan, bijvoorbeeld door het doen van aanpassingen in de inrichting van het participatieproces. Dit was naar oordeel van de betrokken burgers absoluut geen wenselijke gang van zaken, maar voor het ambtelijk team en uw College was het instellen van de Kennistafel als zodanig klaarblijkelijk al ingrijpend genoeg, en werd een nadere processuele borging en aanpassing van het voorgenomen tijdstraject niet nodig geacht. De Kennistafel is tijdens het participatieproces als overlegtafel toegevoegd om onderliggende feiten en cijfers met elkaar te bespreken. Bij de vorming van de Kennistafel is door het projectteam een nadrukkelijk inspanning gedaan een brede vertegenwoordiging vanuit het stationsgebied/de stad te verkrijgen. Deze is met alleen vertegenwoordiging vanuit de omgeving Rijnsburgerweg eenzijdig gebleven. Dit tot teleurstelling van deelnemers en gemeente. Met ‘brede stakeholders’ doelt u onder andere op de Fietsersbond, de Provincie Zuid Holland, ProRail. Met deze partijen stond en staat de gemeente al in verbinding in aparte overlegstructuren. Het participatieproces was duidelijk, transparant en overzichtelijk ingericht en de periode van eind 2019 t/m begin 2021.

Na vaststelling van de gebiedsagenda zijn de stappen van

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

4 / 16

Informeren, Meedenken en Reflecteren doorlopen. En ook de fase van Besluitvorming door de raad is er gelegenheid uw reactie kenbaar te maken. Daarbij is door de deelnemers van de Kennistafel het zorgpunt van de te krappe planning aangegeven. De Reflectiefase heeft uiteindelijk 2 maanden later plaats gevonden om alle verkregen input goed te kunnen verwerken in de concept gebiedsvisie en daarop reactie te vragen. 2.2 Bovenstaande is een teleurstellende constatering en heeft er mede toe bijgedragen dat de Kennistafel effectief niet -of althans volstrekt onvoldoende- heeft kunnen bijdragen aan het versterken van het gehele participatieproces. De reacties van de deelnemers van de Kennistafel waren op onderdelen ook positief. Met name de circa 10 bijeenkomsten over het onderwerp Mobiliteit en de OV-Knoop werden positief gewaardeerd. En ook de reactie op de gedeelde feiten en cijfers van de deelnemers was waardevol voor het projectteam. 2.3 De Kennistafel heeft naar oordeel van de deelnemende burgers vervolgens ook inhoudelijk niet gefunctioneerd op een wijze die in lijn was met de eerder genoemde uitgangspunten. In zijn algemeenheid bleven de sessies steken op het delen van bepaalde beleidsuitgangspunten met bepaalde aspecten -met een selectie aan feiten/data- die als onderbouwing zouden moeten dienen.

De deelnemende burgers hadden echter bij het opzetten van de Kennistafel -dus vooraf- verzocht de beschikbare relevante feiten/data inclusief onderzoeken en onderzoeksvragen- transparant te delen. Daarbij was de inzet deze gegevens ook gelijk voor alle participerende burgers en andere betrokkenen bij het participatieproces ter beschikking kon worden gesteld, met het oog op de eerder genoemde "joint fact finding", bijvoorbeeld door het opzetten van een specifieke website, in lijn met de aanpak die was ontwikkeld bij het participatieproces van 2017. Het is in dat verband in zijn zachts gezegd opmerkelijk dat ik uiteindelijk op basis van een WOB-verzoek pas vorige maand de toezegging heb ontvangen dat de betreffende eerder gevraagde informatie alsnog zal worden verstrekt. Bovendien moet ik vaststellen dat ik nog lang niet alle informatie in dat verband heb mogen ontvangen. Tijdens de meer dan 10 bijeenkomsten van de Kennistafel is heel veel informatie gedeeld en zijn besproken stukken gedeeld. Deze zijn ook op Doemee.leiden.nl geplaatst. Door het projectteam is altijd de lijn aangehouden dat informatie transparant wordt gedeeld. Met het niet meer deelnemen aan de Kennistafel is de tafel waar de feiten en cijfers werden besproken vanaf dat moment gestopt.

2.4 Over het onvoldoende functioneren van de Kennistafel is meermaals binnen de Kennistafel en met het ambtelijk team gesproken, maar ook een evaluatiegesprek met het ambtelijk team resulteerde uiteindelijk niet in een verbetering van de gang van zaken. De kritiek die de burgers hadden ten aanzien van het functioneren van de Kennistafel, en daarmee het participatieproces als zodanig, is bovendien met wethouders Fleur Spijker en Ashley North, en tevens met de burgermeester besproken, op respectievelijk 1 en 3 februari 2021.4 Hoewel de wethouders en de burgemeester hadden aangegeven op deze zorgen terug te komen met een nadere reactie hebben de leden van de Kennistafel hieromtrent vooralsnog niets mogen vernemen. Ondertussen heeft deze gang van zaken erin geresulteerd dat de betrokken burgers zich gedwongen hebben gevoeld hun deelname aan de Kennistafel op te schorten. Dit is een uitermate teleurstellende uitkomst na de forste inspanningen die door de betrokken burgers -en betrokken ambtenaren- is geleverd ter wille van dit initiatief. 4 De betreffende zorgen zijn door de leden van de Kennistafel ook neergelegd in een "open brief" van 8 februari 2021, gericht aan de Gemeenteraad. Om het iets preciezer aan te geven: Tijdens het gesprek met de betrokken bestuurders op 1 februari hebben de deelnemers aan de Kennistafel richting de betrokken bestuurders

Gemeente Leiden Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Pagina

5 / 16

aangegeven zich terug te trekken uit de Kennistafel. Het projectteam was hier vooraf niet over geïnformeerd. Op 21 april is met de betrokken bestuurders vervolgoverleg gepland om over het functioneren van de Kennistafel verder te spreken. 2.5 Hierbij signaleer ik ook dat in tegenstelling tot 2017 er geen onafhankelijke procesbegeleider is betrokken bij de begeleiding van het participatieproces. Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat een belangrijke rol heeft gespeeld in de uiteindelijk teleurstellende opstelling vanuit gemeentelijke zijde en de evidente procedurele tekortkomingen bij de inrichting van het participatieproces. Het participatieproces is over het geheel genomen goed verlopen. Er is uitgebreid de tijd genomen om tijdens de verschillende stappen te informeren, mee te laten denken en te kunnen reflecteren. Ondanks de aanpassingen als gevolg van Corona is er door veel belanghebbenden en belangstellenden deel genomen en is er veel input geleverd. Dat de ervaring met de Kennistafel u niet positief heeft gestemd betekend niet dat daarmee het gehele participatieproces tekort is geschoten. Uw reflectie op het participatieproces wordt op basis van de ontvangen reacties in de reflectiefase niet breed gedeeld. 3.

Eisen voor een duurzame gebiedsontwikkeling 3.1 Een van de kernpunten van de zorgen van de kant van de burgers zijn te herleiden tot de eisen die aan daadwerkelijk "duurzame gebiedsontwikkeling" dienen te worden gesteld. Het dient voor alle betrokkenen (van de kant van de gemeente, maar ook van de kant van de burgers en overige betrokkenen) duidelijk te zijn dat duurzaamheid geen vrijblijvende exercitie is. De aanpak ten behoeve van "duurzame gebiedsontwikkeling" kent bepaalde -ook internationaal erkende- normen en uitgangspunten, en te hanteren technieken. 5 Deze aanpak is daarom niet toevallig ook consistent -en wordt in feite bevestigd- door bijvoorbeeld de publicaties die te vinden zijn op de website van het bureau "OverMorgen", die juist bij de ontwikkeling van de Gebiedsvisie van het Stationsgebied zijn betrokken als duurzaamheidsconsultants.6 In dat verband kunnen de volgende elementen worden genoemd: https://www.gebiedsontwikkeling.nu/artikelen/werk-niet-data-gedreven-maar-dataondersteund/.

De betreffende consultant van het bureau OverMorgen dat bij het onderdeel 'groen en duurzaam' aanwezig was tijdens de online-bijeenkomst van 17 februari 2021 waarin additionele toelichting werd gegeven door het ambtelijk team bij de duurzaamheidsaspecten van de concept Gebiedsvisie bevestigde ook de betreffende dilemma's en aanpak ten aanzien van duurzame gebiedsontwikkeling, waarbij ook de nuance werd gemaakt dat de effectiviteit van het hanteren van een bepaalde norm (zoals BREEAM) op zichzelf ook wordt bepaald door de technische en praktische mogelijkheden en de complexiteit van de betreffende casus, maar dat de inzet van de betreffende ambitieuze norm zoals BREEAM vanuit strikte duurzaamheidsoptiek op zich juist een gerechtvaardigde keuze kan worden genoemd, al was het maar om de onderliggende complexiteit inzichtelijk te maken. 5 Zie bijvoorbeeld de BREEAM-norm voor duurzame gebiedsontwikkeling, zoals door de burgers meermaals aangegeven, zie bijvoorbeeld ook in mijn boven genoemd inspraakbijdrage van 16 januari 2020. 6 Hierbij ter informatie de betreffende link naar de website: https://www.ruimteenwonen.nl/geen-gebiedsontwikkeling-zonder-data. In de Gebiedsagenda hebben we Duurzaamheid als belangrijk agendapunt geadresseerd en tijdens het participatieproces heeft het projectteam dit onderwerp nadrukkelijk onder de aandacht gebracht.

Over Morgen heeft duurzaamheidsvisie zorgvuldig opgebouwd en mede op basis van externe expertise ingezet. Daarbij is ook aan joint fact finding gedaan door

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10070553/1