CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

210023 Bijlage 5a bij Nota van beantwoording Verordening tot wijziging van de Verordening fysieke leefomgeving Leiden 2020

raadscommissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid 27 mei 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Bijlagen bij raadsvoorstel21.692 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

geen

127

Inwoner van Leiden

Ingewikkeld

De BV20 lijkt geschreven vanuit het perspectief van de gemeente. Het is voor een particulier niet duidelijk wat je op basis van de verordening moet doen. Er moet helder en eenvoudig beschreven worden wat een particulier wanneer moet doen.

De regels voor bomen maken sinds dit jaar onderdeel uit van de Verordening fysieke leefomgeving en volgen daarom de nummering van die verordening. Naar aanleiding van de inspraak maken we stappen om de regels te verduidelijken. Daarnaast zullen wij in de communicatie, onder andere op onze website, aandacht besteden aan het over het voetlicht brengen van deze regels.

geen

128

Inwoner van Leiden

afmeting

129

Inwoner van Leiden

afmeting

130

Inwoner van Leiden

afmeting

131

Inwoner van Leiden

status kader

132

Inwoner van Leiden

status kader

1. In BK20 p1 staat dat er 76.000 bomen in het bomenbestand zitten– is dit veel? In BV15 Artikel 1 lid d: boom: een houtachtig opgaand gewas zowel levend als afgestorven met een stamomtrek van minimaal 30 centimeter (= diameter van 9,5 centimeter). In BV20 Bijlage 1 K. bullet 3: Solitaire houtopstand: Een houtachtig, opgaand gewas, levend of afgestorven, met een stamdiameter van minimaal 14 centimeter. D. De stamdiameter of stamomtrek van een boom is toegenomen en daarmee is het aantal mogelijk te beschermen bomen afgenomen. Dit is niet de bedoeling, wanneer je een groene stad wilt. Ik vind dat de stamomtrek van BV15 in BV20 overgenomen moet worden. Het aantal waardevolle en beschermde bomen is per Verordening afgenomen, alleen de criteria van BV20 zijn iets objectiever en daardoor makkelijker te handhaven. Er zijn nu echter veel bomen die niet aan de Groene Norm gaan voldoen, omdat ze de omvang of leeftijd niet halen (zoals een gele kornoelje of berk). Deze bomen passen wel in de waarden van BV15. Ik wil graag de ruimere waarden toegevoegd zien. Met de punten D en E concludeer ik dat het niet de bedoeling van de gemeente is de bomen in de gemeente te beschermen, maar dat bomen aan veel criteria moeten voldoen voor ze beschermd zijn. Op deze manier krijg je geen biodiverse groene klimaatadaptieve stad buiten de Groene Hoofdstructuur.

Mij lijkt het zinvol om alle bomen die volwassen zijn en daarmee hun optimale waarde voor biodiversiteit en klimaatadaptatie hebben bereikt, te beschermen voor de toekomst. 3. Het Beleidskader (BK20) verwijst in de inleiding naar zichzelf als afwegingskader a. Het beleidskader is geen kader van beleid, maar is inderdaad een afwegingskader. b. BK20 geeft een toelichting op de verordening, maar de gebruikte begrippen sluiten niet 1 op 1 aan op de begrippen in de BV20. H. Het beleidskader (BK20) moet een toelichting zijn op de BV20, maar schept door het gebruik van andere begrippen geen duidelijkheid, maar juist verwarring. Voor de leesbaarheid moeten de begrippen overeen gaan komen.

In de vigerende regelgeving komt de 30cm inderdaad voor. Deze geldt voor boomgebieden ter bescherming van nieuwe aanplant. In de voorgestelde regeling maken we een andere afweging voor bescherming van die boomgebieden. Het college is van mening dat de voorgestelde waarden voldoende zijn.

geen

Dit doen we via de basisbescherming voor alle bomen van 14cm diameter en meer in het openbaar gebied.

geen

Het college deelt deze mening en zal de inleiding daarop aanpassen

Aanpassen inleiding

Beleidkader en begrippen rondom de definitie boom zijn inderdaad verwarrend.

Aangepasse n begrippen

geen

133

Inwoner van Leiden

status kader

BK20 kan een beleidskader zijn, als je verwijst naar andere Wetten, Beleid en Uitvoeringsprogramma’s zoals bijvoorbeeld ‘RV20.0027 …Uitvoeringsprogramma 2020-2023’ Door ook te verwijzen naar de doelen G1-G4 en de doelen in H4.2 kun je nu onderzoeken of de concept-BV20 ook doel 2 ‘het creëren van kansrijke nieuwe leefgebieden’ moet stimuleren. Later kun je hiermee de werking/resultaten van BV20 evalueren. Zorg dat je BV20 kunt toetsen op het functioneren en vervolgens gericht aan kunt passen. Het hangt nu los. Voor het invoeren van de verordening is gekozen voor een inspraakperiode. Tegelijk met de inspraakperiode geeft de Leidse Milieuraad advies en levert de Rekenkamer een rapport op. Door dit parallelle traject ontneemt de gemeente zichzelf daarmee evaluatie- en bijstuurmomenten en daarmee een zorgvuldig proces. Door het deels volgtijdelijk te doen, hoeven burgers geen tijd te besteden aan punten die al door vorige lezers zijn aangegeven.

134

Inwoner van Leiden

rapporten parallel

135

Inwoner van Leiden

Norminstitu ut bomen & Omgevings wet

De gemeente Leiden is niet de enige gemeente die de Bomen een plaats moet geven in de Omgevingswet. In juni 2021 komt het Norminstituut Bomen met een Handreiking Omgevingswet en Bomen. Het Norminstituut Bomen werkt samen met CROW en de Bomenstichting. De Handreiking behandelt onder andere de Beleidskaders en participatie; een stappenplan om bomen in de omgevingsvisie, -plan en -programma te verankeren en hoe dit Beleid in de praktijd werkt. Met primair aandacht voor biodiversiteitsherstel, klimaatadaptatie en het creëren van een waardevolle leefomgeving. De Omgevingswet gaat gelden voor alles en iedereen en thema’s in de Handreiking komen overeen met veel punten in mijn zienswijze. Het lijkt mij verstandig om niet zelf het wiel uit te vinden, hoe goed dat wiel ook lijkt te zijn, maar op te lopen met andere gemeenten.

136

Inwoner van Leiden

inspraakper iode

Even een heel ander punt: Het inlevermoment van een zienswijze is meestal een vrijdag en nu een donderdag. Voor burgers is het prettig dat zij in het weekend nog kunnen schaven aan een tekst. Als gemeente zou ik uitgaan van de burger en voor het uiterste inlevermoment bijvoorbeeld maandag 12:00 nemen, zodat eventuele technische storingen nog opgevangen kunnen worden.

Het Beleidskader wordt met de verordening door de gemeenteraad vastgesteld en fungeert daarmee als beleidsregels in de zin van de Awb.

Aanpassen besluit

Het college betrekt beide adviezen bij het komen tot een definitief voorstel. Daarnaast heeft het college geen invloed op de agenda van een externe organisatie als de Rekenkamercommissie. Met het openemen van de regels voor bomen in de Verordening fysieke leefomgeving bereidt Leiden zich voor op de komst van de Omgevingswet en het Leids omgevingsplan. Het college is op de hoogte van ontwikkelingen op dat gebied maar kiest op dit moment voor het naar hoger niveau brengen van de huidige regelgeving. Voor kennisgeving aangenomen.

geen

geen

geen

137

Inwoner van Leiden

Register ecologische bomen

138

Inwoner van Leiden

Verwarrend

139

Inwoner van Leiden

verwarrend

VRAAG 1 Kunt u in het beleidskader (of in een, in verschillende commentaren aanbevolen, artikelsgewijze toelichting) uitleggen, hoe de nieuwe cijferlijst van min 1 tot en met plus 4 (het Register ecologische bomen) zich verhoudt tot de nu geldende validatie? Een paar belangrijke begrippen worden niet erg consequent benoemd. Afstemming tussen wijzigingsverordening en beleidskader lijkt hier en daar te ontbreken. In de wijzigingsverordening is sprake van een kapvergunning, het werkwoord ‘kappen’ wordt vrijelijk gebruikt – maar voor kappen is geen begripsbepaling opgenomen; de term is zelfs verdwenen uit de herziene begripsbepaling nr. 57, ‘Vellen’. Ook in het beleidskader worden kappen en vellen echter door elkaar gebruikt. VRAAG 2 Gaat het hier om een vergissing of om een bewuste keuze? Wat is het voordeel van het officieel schrappen van de term ‘kappen’, als die term vervolgens (net als in het algemene taalgebruik) onbekommerd wordt gebruikt? VRAAG 3 Als u stelt dat de basisbescherming 45 cm omtrek blijft, waar doelt u dan op? Dan loopt de mate van bescherming van bomen sterk terug … Het was immers 30 centimeter? NB Deze vraag is in zekere zin beantwoord onder nummer 33 van de vragen van de Bomenbond c.s.

(ten behoeve van de online sessie op 12 maart), waar blijkt dat de gemeente de afgelopen jaren in afwijking van de vigerende verordening een maat van 45 cm heeft gehanteerd (“45 cm is de maatvoering die de afgelopen jaren reeds is gevoerd”). Maar in de Vfl staat dus echt nog steeds 30 centimeter – de Vfl dateert uit 2020 (Gmb. 2020, 274261). Kunt u voor deze blijkbaar routinematige afwijking van uw eigen regels een meer dan ambtelijke verklaring bieden?

Deze zaken hebben geen relatie met elkaar.

geen

Een correcte constatering, we vervangen overal de term kappen door vellen.

Term kappen vervangen voor vellen

In de vigerende regelgeving komt de 30cm inderdaad voor. Deze geldt voor boomgebieden ter bescherming van nieuwe aanplant. In de voorgestelde regeling maken we een andere afweging voor bescherming van die boomgebieden.

geen

140

141

Inwoner van Leiden

Inwoner van Leiden

Verwarrend

Groene kaart

De begripsbepaling ‘Boom’ vervalt, zoals gezegd, en wordt vervangen door ‘Solitaire houtopstand’, maar in de begripsbepaling ‘Houtopstand’ (nr. 34) is en blijft (ondanks wijziging) gewoon sprake van ‘boom’ en/of ‘bomen’. Iets dergelijks geldt voor de nieuw in te voegen begripsbepaling van voorheen ‘Boom’ zelf als ‘Solitaire houtopstand: Een houtachtig, opgaand gewas, levend of afgestorven (…)’. In de wijzigingsverordening en in het beleidskader wordt zowel de oude als de nieuwe term gebruikt; de woorden boom en bomen komen gewoon volop voor, zie bijvoorbeeld artikel 4.1.1.1. Logisch, niemand laat zijn hond tegen een solitaire houtopstand plassen, maar waarom zou u het dan zo ingewikkeld maken? VRAAG 4 Kunt u de nieuw voorgestelde c.q. te wijzigen begripsbepalingen nog eens kritisch bekijken en ze in elk geval naast de artikelen in de wijzigingsverordening en naast het beleidskader leggen om tot een betere onderlinge afstemming te komen? In de wijzigingsverordening wordt in artikel 2.4.1.2, lid 2 sub a verwezen naar figuur 3.3 in het Uitvoeringsprogramma 2020-2023 - Leiden biodivers en klimaatbestendig (RV 20.0027). Het verschil tussen deze figuur en de Groene Kaart is volgens mij meer dan hemelsbreed. Uw (ambtelijke) mening luidt dat het verschil niet meer dan hemelsbreed is (zie beantwoording vragen Bomenbond t.b.v. de extra informatiesessie op 12 maart).

Ik ga er geen welles-nietes spelletje van maken, maar ik wil wel herhalen dat figuur 3.3, een 'overzicht van de parken uit het IP Parken', niet kan dienen als zelfstandige visuele weergave van het gemeentelijke bomenbeleid. Niet alleen omdat Figuur 3.3 vergeleken bij de Groene Kaart slecht leesbaar is en veel minder informatie biedt, maar ook omdat figuur 3.3 een ‘einddatum’ heeft. Deze figuur geeft alleen aan, welke parken wanneer zijn/worden gerenoveerd en/of heringericht. Uiterlijk 2023 moeten alle met bepaalde kleuren aangeduide parken heringericht zijn. In 2023 is het dan tijd voor een nieuwe kaart. Waarom daar nog een paar jaar mee wachten, als de Bomenverordening nu herzien moet worden? VRAAG 5 Kunt u alsnog alle Leidse (solitaire) houtopstanden en boomstructuren op één (digitale en regelmatig aangevulde en bijgehouden) overzichtskaart zetten?

Het college is dit met u eens de begripsbepaling boom word in ere hersteld.

De begripsbepal ing ‘Boom’ terugebracht

Over een aantal maanden wordt de Omgevingswet van kracht en krijgt Leiden een omgevingsplan van rechtswege. Een van de eerste acties zal zijn het opnemen van de Verordening fysieke leefomgeving in het omgevingsplan. Daarmee worden deze regels onderdeel van het Digitaal stelsel omgevingswet (DSO). Ze zullen dan beter vindbaar zijn en het zal voor particulieren en initiatiefnemers gemakkelijker worden om er achter te komen welke regels op een bepaalde locatie gelden.

geen

De verwachting is dat ook waardevolle bomen op private grond in het DSO op te nemen zijn.

142

Inwoner van Leiden

Toezicht

143

Inwoner van Leiden

Strafbepali ng

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn de toezichthouders belast die bij besluit van het college zijn aangewezen. VRAAG 6 Kunt u garanderen dat deze toezichthouders genoeg kennis van ‘bomen’ en hun biodiverse relaties hebben, om daadwerkelijk in te grijpen wanneer bij bijvoorbeeld bouw- en inrichtingsactiviteiten ‘bomen’ in de knel raken? Bent u eventueel bereid, de handhavers regelmatig extra (bij)scholing te bieden? 2. De op grond van dit artikel ingestelde strafvervolging laat onverlet de mogelijkheid van het instellen door het college van een privaatrechtelijke vordering tot schadevergoeding wegens schade aan bomen of een houtopstand waarvan de gemeente de rechthebbende is. VRAAG 7 Het beleidskader doet vermoeden, dat deze bepaling wordt vervangen door het (tot ‘uitvoerders’ gerichte) voorgestelde artikel 4.1.1.3, lid 4 (p. 10). Is dat inderdaad uw bedoeling? Werkt het niet meer preventief, als een dergelijke bepaling in de buurt van de strafbepaling blijft staan?

Ja, gemeentelijke toezichters beschikken over de kennis en kunde om hun taak uit te oefenen en worden regelmatig bijgeschoold.

geen

Nee, de struktuur van de Verordening fysieke leefomgeving staat dit niet toe. Daarbij geldt de bepaling ongeacht de plek waar deze staat.

geen

144

Inwoner van Leiden

Beschadige n bomen

In samenhang met deze laatste vraag tot slot van dit stukje nog een suggestie voor een bepaling, gericht tot een ieder, die al in het begin van Afdeling 3.6 zou kunnen worden ingevoegd: “Het is verboden om bomen, die publiek eigendom zijn, te beschadigen, te bekladden of te beplakken.” VRAAG 8 Waarom ontbreekt deze of een vergelijkbare bepaling ‘Bescherming publieke bomen’ in de wijzigingsverordening? Bent u bereid, een dergelijke verbodsbepaling (met bijbehorende vermelding in de strafbepaling) alsnog in te voegen? Zo nee, waarom niet?

145

Inwoner van Leiden

Verwijzen Wnb

VRAAG 9 Kunt u alsnog een verwijzing naar de regels ter bescherming van vogels, soorten van de habitatrichtlijn en ‘nationale soorten’ in het beleidskader opnemen (met een andere, meer inhoudelijke strekking dan “Voor bomen die vallen onder de regelgeving van de Wet natuurbescherming geldt dat na kap binnen 3 jaar herplant plaats moet vinden. In de praktijk streeft gemeente Leiden naar herplant binnen 1 jaar”, p. 11)?

146

Inwoner van Leiden

Dode bomen

Bomen die u blijkbaar niet ‘ecologisch’ vindt, kunnen vanuit het perspectief van de biodiversiteit bekeken wel degelijk ecologische waarde hebben. Zo zijn zelfs of juist dode bomen onmisbaar voor veel wilde dieren. VRAAG 10 Bent u bereid het advies van de milieuraad over te nemen, om boomstronken, wortels en oude, stervende en/of zieke bomen te laten staan waar die niet absoluut noodzakelijk verwijderd moeten worden?

147

Inwoner van Leiden

Meldplicht

VRAAG 11 Kunt u ‘functionele’ en ‘overige’ bomen als integraal deel van het natuurnetwerk opwaarderen, in plaats van in te zetten op vervanging door ‘betere bomen’, die zich nog maar moeten bewijzen?

Naast het verbod op plakken en kladden dat is opgenomen in de APV is het niet toegestaan andermanse (gemeentelijk of niet) eigendom te schaden.

geen

Het is niet gebruikelijk, noch noodzakelijk, om in een verordening regelgeving van de provincie of het rijk te herhalen. Wij zullen dat in deze verordening dan ook niet doen. Uiteraard zijn deze stukken regelgeving wel van belang bij de beoordeling van compensatieplannen! Is in lijn met vigerend beleid

geen

Het college respecteert deze mening maar deelt deze niet.

geen

geen

148

Inwoner van Leiden

Ingewikkeld

Een extra reden om nog eens heel kritisch naar de nu voorgelegde stukken te kijken is in mijn ogen de verregaande slordigheid, die zich uit in spelfouten en een gebrekkige schrijfstijl. Dit geldt zowel voor de verordening zelf als voor het beleidskader. Wat mij bijvoorbeeld opviel is het zeer flexibele gebruik van de term ‘groene norm(en)’. Hoeveel zijn er daarvan? De ‘Groene Norm’ suggereert dat het er één is, maar die omvat blijkens het voorgestelde artikel 2.4.1.1, tweede en derde lid, een viertal aanwijscriteria. In het beleidskader is afwisselend sprake van ‘de’ of ‘een groene norm’ en dan weer van ‘groene normen’, met een of twee of geen hoofdletters – heel nonchalant bij een kennelijk zo fundamenteel uitgangspunt. En jammer, want hoe meer groenen normen hoe beter!

U constateert terecht dat de stukken taalkundige verbetering behoeven, dit nemen we mee.

Taalkundige verbeteringe n

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9983245/1