200038 Bijlage 1 Parkeervisie Auto en fietsparkeren 2020-2030
Tekst van het document
Auto- en fietsparkeren 2020 - 2030
Parkeervisie
Uitgave: april 2020 Beeld: Buro JP: voorkant, p. 9, 13, 15, 16, 24, 42, 46 en 60
Henk Spek - collectie Historische Vereniging Oud Leiden: p. 8 Visualisatiekoning: p. 20 De auteursrechten van het toegepaste beeldmateriaal zijn - zover bekend - hier vermeld. Staat uw foto erin zonder vermelding, laat het ons weten via bureaucommunicatie@leiden.nl.
Auto- en fietsparkeren 2020 - 2030
Parkeervisie
Inhoudsopgave Voorwoord.............................................................................................................. 7 1. E en nieuwe visie op auto- en fietsparkeren.................................................... 8 1.1 Waarom een nieuwe visie op parkeren?............................................................ 8 1.2 Vertaling naar een nieuwe parkeervisie.......................................................... 10 1.3 Het ontstaan van deze parkeervisie................................................................ 11 2. Auto- en fietsparkeren in Leiden op dit moment.......................................... 13 2.1 Zo is het autoparkeren nu georganiseerd........................................................ 13 2.2 Zo is het fietsparkeren nu georganiseerd........................................................ 15 2.3 De effecten van het huidige parkeerbeleid..................................................... 16 3. D e ambities van de gemeente Leiden............................................................ 20 3.1 Duurzame verstedelijking............................................................................... 20 3.2 Klimaatneutraal, groen en circulair................................................................. 20 3.3 Leiden fietsstad.............................................................................................
20 3.4 Minder autobewegingen en een autoluwe binnenstad................................... 21 3.5 Een aantrekkelijk economisch vestigingsklimaat.............................................. 22 3.6 Financiën....................................................................................................... 23 4. De Leidse visie op autoparkeren..................................................................... 25 4.1 De zes visiepunten voor autoparkeren............................................................ 25 4.2 De gemeente Leiden en de duurzame verstedelijkingsopgave........................ 25 4.3 De gemeente Leiden hanteert een gebiedsgerichte aanpak............................ 26 4.4 Verbetering kwaliteit van de openbare ruimte................................................ 27 4.5 De gemeente Leiden kiest voor sturend parkeerbeleid.................................... 28 4.6 Beïnvloeden, benutten, beprijzen en bouwen................................................. 29 4.7 Geen extra parkeerplaatsen in de openbare ruimte........................................ 30 5. Parkeren in de historische binnenstad en de omgeving station Leiden Centraal.................................................................................... 31 5.1 Huidige situatie..............................................................................................
31 5.2 Beleidsuitgangspunten en doelen................................................................... 32 5.3 Beleidsuitwerking........................................................................................... 33 6. Parkeren in Leiden Bio Science Park................................................................ 37 6.1 Huidige situatie.............................................................................................. 37 6.2 Beleidsuitgangspunten en doelen................................................................... 37 6.3 Beleidsuitwerking.......................................................................................... 38 4
7. Parkeren in de eerste schil rond de binnenstad............................................. 39 7.1 Huidige situatie.............................................................................................. 39 7.2 Beleidsuitgangspunten en doelen................................................................... 40 7.3 Beleidsuitwerking........................................................................................... 41 8. Parkeren in de tweede schil rond de binnenstad.......................................... 43 8.1 Huidige situatie.............................................................................................. 43 8.2 Beleidsuitgangspunten en doelen................................................................... 44 8.3 Beleidsuitwerking.......................................................................................... 45 9. Parkeren in het overgangsgebied................................................................... 47 9.1 Huidige situatie.............................................................................................. 47 9.2 Beleidsuitgangspunten en doelen................................................................... 47 9.3 Beleidsuitwerking........................................................................................... 48 10.
Parkeren in de woonwijken........................................................................... 49 10.1 Huidige situatie............................................................................................ 49 10.2 Beleidsuitgangspunten en doelen................................................................. 50 10.3 Beleidsuitwerking......................................................................................... 50 11. De Leidse visie op fietsparkeren.................................................................... 53 11.1 De acht visiepunten voor fietsparkeren.......................................................... 53 11.2 De gemeente besteedt extra aandacht aan focusgebieden........................... 54 11.3 De gemeente zet de juiste fiets(er) op de juiste plek...................................... 54 11.4 Versterken van de keten............................................................................... 54 11.5 De gemeente benut gebouwde fietsparkeervoorzieningen........................... 55 11.6 De gemeente investeert in hoogwaardige fietsparkeervoorzieningen............ 56 11.7 Regulering van het fietsparkeren................................................................... 57 11.8 De fiets als uitgangspunt in het ontwerp......................................................
57 11.9 De gemeente zoekt aansluiting bij (nieuwbouw)projecten............................. 58 12. Uitwerking parkeervisie fiets........................................................................ 61 12.1 Uitwerking fietsparkeerfilosofie.................................................................... 61 12.3 Focusgebieden............................................................................................. 67 Bijlage 1 Maatregelenoverzicht Auto................................................................. 72 Bijlage 2 Maatregelenoverzicht Fiets.................................................................. 76 Bijlage 3 Problematiek parkeren grote voertuigen........................................... 78
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
12.2 Stadsbrede aanpak....................................................................................... 64
5
6
Voorwoord Leiden staat op een kruispunt waar het mobiliteit en parkeren betreft. Om deze dicht bebouwde stad leefbaar, bereikbaar en gastvrij te houden is het maken van keuzes noodzakelijk. Concrete keuzes voor duurzame groei. We hebben meer woningen en extra groen nodig, in een economisch gezond klimaat. Onze mobiliteitskeuzes sluiten daarbij aan: duurzame, schone vervoersvormen zoals het openbaar vervoer, de fiets en de voetganger krijgen voorrang, de auto krijgt een minder prominente rol. Zodat we onze spaarzame ruimte zo efficiënt mogelijk kunnen gebruiken en de stad aantrekkelijk houden voor bewoners en bezoekers. In het nieuwe parkeerbeleid zien we deze ingeslagen weg terug. Met oog voor de verschillende leefgebieden in de stad – vergelijk bijvoorbeeld de historische binnenstad eens met de woonwijken uit de 20ste eeuw – kiezen we voor maatwerk bij autoparkeren. Elk leefgebied kent een eigen pakket aan maatregelen, dat aansluit op de specifieke wensen en knelpunten in de wijk. Zo sturen we aan op minder geparkeerde auto’s op straat door beter gebruik van gemeentelijke en particuliere parkeergarages, zowel in het centrum als daar buiten. Om de binnenstad goed bereikbaar te houden voor de auto verkennen we samen met onze stadspartners de mogelijkheden van mobiliteitshubs en transferia.
Nieuw is ook een flexibele parkeernorm voor de auto bij nieuwbouw of een nieuwe functie van een gebouw. Niet één parkeernorm voor heel Leiden, maar de mogelijkheid om per gebied, functie en doelgroep te differentiëren. Zo creëren we letterlijk en figuurlijk ruimte om de broodnodige bouwprojecten in onze stad, zoals nieuwe woningen, te kunnen realiseren.
Parkeren is geen doel op zich maar een stap op weg naar de bestemming. Waar we zo snel en soepel willen arriveren, met de fiets of de auto. Deze visie geeft aan hoe parkeren kan bijdragen aan de leefbaarheid, bereikbaarheid en gastvrijheid van onze stad die continu in beweging is. Ashley North Wethouder Duurzaamheid, Mobiliteit & Beheer Openbare Ruimte
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
Het fietsparkeren in Leiden heeft een stevige injectie nodig. De komende jaren wordt door de hele stad flink geïnvesteerd in fietsparkeerplekken. Drukbezochte locaties zoals de stations, de binnenstad en de (wijk)winkelcentra krijgen daarbij prioriteit. Een andere focus voor het fietsparkeren is beter gebruik van bestaande stallingen – publiek en privaat – en het bijbouwen van nieuwe fietsparkeerplekken met oog voor kwaliteit. Primeur van deze parkeervisie is de fietsparkeernorm: bij nieuwbouw of een nieuwe functie van een bestaand gebouw is een aantal fietsparkeerplekken vereist en het liefst op eigen terrein. De fiets parkeernorm geeft de fietser garantie op voldoende en goede stallingsplek en biedt de ontwikkelaar voldoende flexibiliteit om te kunnen blijven bouwen. Meer fietsparkeerplek naast comfortabele fietsroutes maakt de fiets een aantrekkelijker vervoermiddel en stimuleert zo de keuze voor schoon vervoer. En dat zorgt voor een prettigere leefomgeving mét schone lucht, én een fraaier straatbeeld, in heel Leiden.
7
1. Een nieuwe visie op autoen fietsparkeren De gemeente Leiden wil duurzaam, bereikbaar, leefbaar en aantrekkelijk zijn. Een nieuwe visie op auto- en fietsparkeren helpt om dit te bereiken.
1.1 Waarom een nieuwe visie op parkeren? Leiden is een aantrekkelijke historische stad die meegeniet van de moderne welvaartsgroei in Nederland. Dat is fijn en brengt tegelijkertijd nieuwe uitdagingen met zich mee. Steeds meer mensen bezitten en gebruiken een auto. Ondertussen groeit Leiden, op economisch gebied, als kennisstad en in aantallen bezoekers van winkels, musea en andere uitgaansgelegenheden. Met als gevolg dat het druk is in de stad. En het wordt nog drukker: tot 2030 moeten er 8.500 nieuwe woningen en 2.700 studentenwoningen gebouwd worden binnen de gemeentegrenzen.
Parkeerterrein Lammermarkt in het verleden, voor de bouw van de ondergrondse parkeergarage
Uit de stadsgesprekken over mobiliteit komt duidelijk naar voren; onze bewoners en ondernemers houden van de stad, maar maken zich zorgen over de leefbaarheid als we nog verder groeien. Parkeren wordt hierbij vaak als zorg genoemd: ‘kan ik mijn auto nog wel kwijt’, ‘kunnen bezoekers nog wel naar het centrum komen’, ‘hoe krijg en houd ik werk nemers als ze straks niet meer met de auto kunnen’. Logische zorgen, die niet oplosbaar zijn door nog meer publieke garages te bouwen, of schaarse openbare ruimte op te offeren voor parkeerplaatsen. Dus is de rode draad van deze parkeernota: ‘de juiste parkeerder op de juiste plek’. Door te kijken hoe we parkeergedrag kunnen sturen, duidelijkheid te geven over waar parkeren wel, en niet meer mogelijk is, te bevorderen dat mensen alternatieven hebben als OV en fiets, willen we de schaarse openbare ruimte optimaal benutten. De gemeente wil voorkomen dat de bereikbaarheid van de stad verder onder druk komt te staan. Daarvoor is een verandering in mobiliteit nodig. De gemeente stimuleert deze verandering door de nadruk op voetgangers, fiets en openbaar vervoer te leggen. Autoverkeer gaat zoveel mogelijk buiten het centrum om, via de ringstructuur. De gemeente gebruikt ook parkeren om duurzame mobiliteit te versterken. 8
Cultuurplein Lammermarkt, het maaiveld na bouw van de ondergrondse parkeergarage
Bereikbaarheid en duurzame mobiliteit zijn nauw gerelateerd aan andere doelen van de gemeente Leiden. Denk aan vergroenen, klimaatadaptatie, biodivers en natuurinclusief bouwen, de energietransitie en circulair bouwen. Vooral voor vergroenen en klimaatad aptatie is ruimte nodig. Daarom pakt de gemeente dit gelijktijdig op met veranderingen in het parkeren. Zo levert de gemeente een bijdrage aan de gezondheid en veiligheid van Leidenaren en bezoekers aan de stad. In het Beleidsakkoord 2018-2022: Samen maken we de stad staan de plannen van de gemeente Leiden voor de komende jaren. Inzetten op duurzaamheid om de leefbaarheid te vergroten is een belangrijk uitgangspunt. In het beleidsakkoord staan belangrijke mobiliteitskeuzes. Zoals ‘Leiden fietsstad’ en ‘het openbaar vervoer als gelijkwaardig alternatief voor de auto’. Deze omslag naar duurzamere vervoermiddelen moet de stad leefbaar en bereikbaar houden.
Samenvattend is de parkeervisie opgebouwd langs drie redeneerlijnen: 1. De juiste parkeerder op de juiste plek. We willen duidelijkheid verschaffen over wie waar tegen welke kosten een plek kan vinden. Zodat de automobilist of fietsparkeerder weet waar hij/zij aan toe is, niet nodeloos hoeft te zoeken, en desgewenst de afweging kan maken om voor een andere vervoerswijze te kiezen als dat makkelijker, goedkoper of betrouwbaarder blijkt te zijn. 2. Openbare ruimte is, in een sterk groeiende stad, te kostbaar om nog verder te verstenen voor parkeerplaatsen. Liever kiezen wij voor groen, water, spelen, zonnen, wandelen, dan nog meer parkeerplaatsen toe voegen. We kiezen daarom voor het beter reguleren van het parkeren in de openbare ruimte.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
In de Mobiliteitsnota 2020-2030 wordt het brede kader geschetst rond het beleid dat wordt gevoerd op mobiliteitsgebied door Leiden. Het is tevens vertrekpunt voor verdere uitwerkingen voor specifieke modaliteiten. Het overkoepelende doel van de mobiliteitsnota is het verkeerssysteem duurzamer en evenwichtiger te maken. Hierbij is de bereikbaarheid nog steeds belangrijk voor het economisch functioneren van de stad en daarmee voor het welzijn van inwoners, maar het verkeerssysteem draagt ook bij aan het realiseren van de leefbaarheid van de stad en de gezondheid van haar inwoners en bezoekers. Het plan heeft dus een duidelijk kader dat verder reikt dan alleen mobiliteitsdoelstellingen.
9
3. De fiets krijgt een prominente rol als duurzame en schone vervoersvorm. Dat faciliteren we met hogere kwaliteit van fietsparkeervoorzieningen én uitbreiden van de fiets parkeervoorzieningen. Meer aandacht voor fietsparkeernormen en kwaliteitsambities/ kwaliteitseisen bij nieuwe ontwikkelingen. We introduceren een fietsparkeernorm zodat we in de toekomst fietsers de garantie geven op goede en voldoende stalling. Op deze manier stimuleren we het gebruik van de fiets en verrommelt de stad niet. De automobilist en de fietser in Leiden gaan hier onder andere het volgende van merken: Korte termijn: tot en met 2022. 1. In de binnenstad parkeren bezoekers in de parkeergarages, bewoners met vergunning kunnen op straat. Dit voorkomt zoekverkeer, en levert extra openbare ruimte voor de noodzakelijke vergroening op. 2. Flexibele parkeertarieven, en parkeren op straat is nooit goedkoper dan in de garages. 3. Nieuwe ontwikkelingen, Parkeren op eigen terrein (POET) en beperken parkeervergunningen. 4. Extra fietsparkeerplaatsen bij stations en andere focusgebieden. 5. Regulering van fietsparkeren op knelpunten, zoals de Breestraat en omgeving. Middellange/lange termijn: vanaf 2022-2023 (deels na monitoring effecten korte termijn maat regelen). 1. Winkelcentra betaald. 2. Uitbreiding betaald parkeren gebied. 3. Verplaatsen Parkeergarage Morspoort en faciliteren parkeren op afstand. 4.
Afschaffen van de derde vergunning. 5. Extra fietsparkeerplaatsen in de rest van de stad. 6. Uitbreiding regulering zone fiets en tijdsduurbeperking in fietsparkeergarages.
1.2 Vertaling naar een nieuwe parkeervisie Als er verschillende ruimtelijke claims liggen, moeten er keuzes worden gemaakt. Zeker in de ‘kleinste grote stad van Nederland’. Ieder nieuw project is een soort puzzel, elke vierkante meter kan maar één keer worden gebruikt en bestemd. Geparkeerde en rijdende auto’s nemen veel kostbare ruimte in en hebben invloed op de leefbaarheid in de stad. Sturen op parkeren is dus een manier om de leefbaarheid in de stad te vergroten. Voorbeelden zijn minder straatparkeerplaatsen en meer duurzame vervoersmiddelen.
Ambities mobiliteit De gemeente Leiden streeft naar een mobiliteitssysteem dat bijdraagt aan een gezonde en klimaatneutrale stad. Een verandering van vervoerwijze, naar fiets, lopen en openbaar vervoer, is van groot belang om deze ambitie waar te maken. In de buurten in en om het historische centrum wil de gemeente daarom een autoluwe binnenstad te creëren. Leiden is vooral ook een compacte stad. Dat maakt de stad zeer geschikt voor vervoer per fiets. Het verder ontwikkelen van het fietsnetwerk in en om de stad is een goede manier om dit te stimuleren. Hier horen ook goede fietsstallingen op de bestemmingslocaties van fietsers bij. Denk aan de stations, maatschappelijke voorzieningen en bushaltes. Om de overlast van het nu nog gemotoriseerde verkeer in de verblijfsgebieden te beperken, werkt de gemeente verder aan de Leidse Ring. Samen met de Rijnlandroute zorgt de Leidse Ring straks voor een goede ontsluiting van de stad. Binnen de verstedelijkingsopgave (bouwopgave) wil Leiden waar mogelijk en nodig sturen op de parkeernorm. Vanuit de gedachte dat dit bijdraagt aan een 10
gezonde, groene en duurzame stad. Op de grotere ontwikkellocaties is goed openbaar vervoer (OV) dan ook een belangrijke voorwaarde. Dit OV is op termijn ook schoner, beter, frequenter en flexibeler. Samen met fietsen en lopen vormt het OV de ruggengraat van het stedelijke mobiliteitssysteem. Innovaties krijgen hierin een natuurlijke plek. Voorbeelden zijn een andere manier van distributie van goederen in de stad, MaaS – Mobility as a Service: afhankelijk van de reis krijgt de gebruiker de best passende vervoerswijze(n) aangeboden – en het verzamelen van data voor een steeds beter verkeersmanagement.
De juiste parkeerder op de juiste plek De gemeente Leiden kiest voor de juiste parkeerder op de juiste plek. Leiden doet aan verwachtingenmanagement, door duidelijk aan te geven of, en zo ja waar en voor hoelang en tegen welk tarief, een parkeerder zijn auto of fiets kwijt kan. Een bewoner weet welke vergunning hij kan aanvragen en waar hij kan parkeren. Een toekomstige Leidenaar weet of zijn nieuwe huur- of koopappartement een parkeerplek heeft. Een bezoeker weet van tevoren dat hij de auto in een garage kwijt kan, en ziet via slim verkeersmanagement waar plek is. Een nieuwe werknemer weet dat hij met het openbaar vervoer moet komen als hij in de buurt van het station werkt. Of hoeveel parkeerplekken zijn werkgever op eigen terrein of elders heeft. Indien een bedrijf of een werknemer gebruikmaakt van een vrachtwagen weet hij waar hij deze kan parkeren. Deze duidelijkheid geeft inwoners, bezoekers, studenten en werknemers de mogelijkheid te kiezen voor de auto, het openbaar vervoer of de fiets. Of om gewoon te voet te gaan. Om te kunnen sturen op parkeren, moet de gemeente Leiden eerst weten hoe ze dat kan doen en welke dilemma’s bepaalde keuzes met zich meebrengen. Deze parkeervisie geeft de kaders voor het parkeren van auto én fiets. Binnen deze kaders maakt de gemeente Leiden de komende jaren keuzes. Daarbij staat de verstedelijkingsopgave centraal.
Omdat de gemeente duidelijke doelen heeft voor het vervoer per fiets, is fietsparkeren een integraal onderdeel van deze visie. De gemeente wil in de toekomst meer voorzieningen voor de geparkeerde fiets hebben. Zowel in bestaande wijken en buurten als in nieuwbouw en in gebouwen en gebieden die een andere functie krijgen. De hoofdlijnen van de parkeervisie worden uitgewerkt in beleidslijnen, oplossingsrichtingen en concrete maatregelen. De regels voor de parkeernormen, en ook de parkeernormen zelf, staan in de Beleidsregels Parkeernormen Leiden 2020.
• Hoe de gemeente Leiden haar ambities voor de fysieke leefomgeving wil waarmaken, staat in de Omgevingsvisie Leiden 2040. De omgevingsvisie is het toekomstperspectief en het referentiekader voor de ruimtelijke ontwikkeling van Leiden. In de omgevingsvisie komen de hoofdlijnen van de parkeervisie terug, om de rol van parkeren bij nieuwe duurzame ontwikkelingen te verduidelijken. De parkeervisie is uiteraard binnen het kader van de omgevingsvisie opgesteld. • Min of meer gelijktijdig met het vaststellen van de parkeervisie stelt de gemeenteraad ook de geactualiseerde Mobiliteitsnota vast. Een groot deel van de lopende mobiliteitsprojecten komen voort uit de beleidsuitgangspunten in deze Mobiliteitsnota, en worden gefinancierd uit de Reserve Duurzame Stad.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
1.3 Het ontstaan van deze parkeervisie
11
• Aan de parkeervisie werkten bewoners, ondernemers, bedrijven, instellingen en belangenorganisaties mee. Zij konden aangeven wat goed gaat, wat beter kan en welke kansen of bedreigingen zij vanuit hun belang zien. Ook de visiepunten voor het autoen fietsparkeren zijn aan hen voorgelegd. De medewerking van deze belanghebbenden was van grote waarde voor de parkeervisie. Hun reacties staan in de oplegnotitie Participatiedocument bij de Parkeervisie gemeente Leiden 2020-2030. • In de periode van 28 januari 2020 tot en met 13 maart 2020 konden er inspraakreacties worden gegeven op de Parkeervisie en de Beleidsregels. Van de inspraakreacties is een nota van beantwoording opgesteld waarbij iedere reactie van een antwoord is voorzien.
12
2. Auto- en fietsparkeren in Leiden op dit moment De parkeervisie begint niet bij nul. De gemeente Leiden investeerde de afgelopen jaren flink in parkeren. De parkeervisie bouwt hierop voort.
2.1 Zo is het autoparkeren nu georganiseerd
Figuur 1 Zonekaart betaald parkeren Leiden
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
In grote delen van Leiden geldt betaald parkeren. Zone A (de historische binnenstad en de stationsomgeving) heeft het meest restrictieve parkeerregime. Bewoners kunnen in dit gebied twee parkeervergunningen aanvragen, met oplopend tarief. In zone B1 en B2 kunnen bewoners drie parkeervergunningen aanvragen, zonder oplopend tarief. De tijden en tarieven van de parkeerregulering verschillen van zone tot zone (zie Figuur 1).
13
Een noemenswaardig aspect van het huidige parkeerregime is de flexibiliteit. Bewoners uit zone A kunnen met hun parkeervergunning in heel zone B parkeren. Ook bewoners uit zone B1 of B2 kunnen zonder bijbetaling in heel zone B parkeren. Deze flexibiliteit maakt het voor bewoners aantrekkelijk om zich in de stad met de auto te verplaatsen.
Vrachtwagens worden op het eigen terrein van de bedrijven geparkeerd. Daarnaast heeft de gemeente via de Algemene Plaatselijke Verordening (verder APV) 23 (zie hieronder) gebieden/straten aangewezen waar grote voertuigen, zoals een vrachtwagen1. Deze gebieden zijn zodanig gelegen dat de overlast zo beperkt mogelijk is voor de (woon)omgeving. In bijlage 3 is een lijst opgenomen van de bestaande problemen rond het parkeren van grote voertuigen, waaronder vrachtwagens, in Leiden. Een klacht is bijvoorbeeld: een vracht wagenchauffeur neemt ‘zijn’ vrachtwagen mee naar huis, en gaat naar zijn vrachtwagen met de auto. Hierdoor ontstaat er parkeerdruk. De klachten worden gemonitord en op basis van de klachten zal onderzocht worden welke aanvullende maatregelen nodig zijn. Bij het zoeken naar locaties voor parkeren op afstand zal ook het parkeren van grote voertuigen worden meegenomen.
1 In artikel 5.8 van de APV wordt de definitie van een groot voertuig beschreven (een lengte van meer dan 6 meter of een hoogte van meer dan 2,4 meter).
14
Parkeerlocaties voor grote voertuigen Locatie
Omschrijving
1
Admiraal Banckertweg
oostelijke rijbaan vanaf Karel Doormanweg
2
Willem Barentszstraat
tussen J.C. Rijpstraat en Willem Barentszstraat, 17 meter
3
Willem Barentszstraat
tussen J.C. Rijpstraat en Willem Barentszstraat, 41meter
4
Flevodwarsweg
tegenover nummer 2
5
Flevoweg
tussen nummers 2 t/m 13
6
Flevoweg
tussen nummers 21 t/m 25
7
Flevoweg
tussen mummers 9 t/m 11
8
Flevoweg
vanaf Flevodwarsweg tot nummer 27
9
Hoge Morsweg
tussen Smaragdlaan en Lutuliuspad noordzijde
10
J.C. De Rijpstraat
tussen Willem Barentszstraat en Willem Barentszstraat
11
Kenauweg
noord westzijde tussen nummers 2 t/m 10
12
Kenauweg
noord westzijde tussen nummers 24 t/m 34
13
Levendaal
Garenmarkt
14
Rooseveltstraat
t.h.v. Van Der Helmstraat
15
Rooseveltstraat
tegenover nummer 55
16
Saffierstraat
tussen Opaalstraat en Topaaslaan
17
Toussaintkade
tussen Boshuizerkadenen Churchilllaan
18
Vondellaan
t.h.v. Motorhuis
19
Wassenaarseweg
tegenover inrit revalidatiecentrum
20
Willem Barentszstraat
tussen Willem Barentszstraat en Willem Barentszstraat
21
Zaalbergweg
vanaf Clos en Leenbruggenweg tot nummer 9 zijde spoorlijn
22
Zaalbergweg
tussen Tieleman en Drosweg en Harteveltweg zijde spoorlijn
Tabel 1 Locaties vrachtwagen parkeren
In de binnenstad en rondom station Leiden Centraal beschikt Leiden over een groot aantal parkeerplaatsen voor fietsen. De binnenstad heeft één inpandige stalling: de Waagstalling. Deze biedt plaats aan 880 fietsen. Op zaterdagen creëert de gemeente met pop-upstallingen tijdelijk extra capaciteit in de binnenstad. Het gebied rondom station Leiden Centraal beschikt over bijna 13.000 fietsparkeerplaatsen, verdeeld over zeven stallingen. Twee stallingen zijn niet-permanent. De Lorentzstalling biedt plaats aan circa 4.800 fietsen. Naast de voorzieningen voor reizigers en bezoekers vindt het grootste deel van het fiets parkeren plaats op eigen terrein. Vooral in woongebieden van na de jaren ‘60 is bij de bouw rekening gehouden met de fietsparkeerbehoefte van bewoners. Alleen in de omgeving van station Leiden Centraal is het fietsparkeren gereguleerd. In dit gebied worden buiten de voorzieningen geparkeerde fietsen verwijderd. Ook al zijn er verschillende fietsenstallingen in de stationsomgeving – op straat en in gebouwde vorm –,
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
2.2 Zo is het fietsparkeren nu georganiseerd
15
fietsers kunnen hun fiets niet altijd parkeren. In de binnenstad en rond de andere twee treinstations gelden geen restricties. Hier worden buiten de voorzieningen geparkeerde fietsen niet verwijderd. Met uitzondering van fietswrakken: als de staat van onderhoud het fietsen onmogelijk maakt, kan een fiets het label ‘wrakfiets’ krijgen. De eigenaar van de fiets heeft vervolgens zeven dagen de tijd om de fiets op te knappen of binnen te zetten. Op dit moment kan de gemeente Leiden – behalve via het bouwbesluit – de aanleg van fietsparkeerplaatsen in nieuwbouw en gebouwen die een andere functie krijgen niet afdwingen.
2.3 De effecten van het huidige parkeerbeleid In delen van de stad werkt het huidige parkeerbeleid goed. Maar de situatie is nog niet optimaal. Er zijn nog steeds parkeerknelpunten waarvoor deze parkeervisie oplossingen moet aandragen. De bewoners, bedrijven, ondernemers en instellingen die aan deze parkeervisie meewerkten, benoemden de meest urgente parkeerknelpunten. 2.3.1 Knelpunt 1: parkeeroverlast aan de grenzen van het betaald parkeerregime Vóór 2016 gold betaald parkeren alleen in de historische binnenstad en enkele schilwijken. De aangrenzende wijken hadden een hoge parkeerdruk. Dit kwam onder andere door ‘overlopers’: bezoekers aan de stad of werknemers uit de binnenstad die niet wilden betalen voor parkeren. Met de uitbreiding van het betaald parkeren nam de overloop van parkeerders vanuit de binnenstad naar de schil af. Dit is een positief effect. Toch komt ook nu nog overloop van parkeerders voor. Belanghebbenden ervaren dit als een knelpunt. Belangrijke oorzaken zijn: • het parkeertarief: in de binnenstad (zone A) is het tarief hoger dan in de eerste schil rond de binnenstad (zone B1); • de reguleringstijd: in de eerste schil rond de binnenstad eindigt het betaald parkeren om 19:30 uur, in de binnenstad om 21:00 uur; 16
• de dagen waarop het betaald parkeren van kracht is: in de eerste schil rond de binnenstad geldt op zondag vrij parkeren, in de binnenstad niet; • overloop van vergunninghouders op de grenzen van zone B1 en B2. 2.3.2 Knelpunt 2: hoge parkeerdruk in de woonwijken De woonwijken Stevenshof, Merenwijk en Roomburg kenmerken zich door een relatief grote autoafhankelijkheid. Het autobezit in deze wijken is hoog: ongeveer 53% hoger dan het Leidse gemiddelde. Vooral in de Stevenshof staat het aantal geparkeerde auto’s niet in verhouding tot het aantal aanwezige parkeerplaatsen. Uit nachttellingen blijkt bijvoorbeeld dat de Stevenshof een gemiddelde parkeerdruk van 89% heeft. In de woonwijken geldt nu een vraagvolgend parkeerbeleid. Dit betekent dat de gemeente het aantal parkeerplaatsen afstemt op de vraag naar parkeerplaatsen. Een aantal jaar geleden leidde dit tot een uitbreiding van de parkeercapaciteit in de Stevenshof en de Merenwijk. Deze parkeervisie maakt de beleidsmatige keuze of de gemeente dit beleid in de toekomst voortzet of een ander parkeerbeleid introduceert.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
In hoofdstuk 10 wordt de maatregelen voor de woonwijken toegelicht.
17
2.3.3 Knelpunt 3: parkeren als barrière voor nieuwbouw en functie verandering van gebouwen Voor nieuwbouw en gebouwen die een andere functie krijgen geldt een door de parkeernormen vastgesteld aantal parkeerplaatsen. Hoe groter het project, hoe meer parkeer plaatsen. Voor grote projecten kan dat neerkomen op honderden parkeerplaatsen. Vaak ontbreekt de ruimte voor parkeerplaatsen op maaiveldniveau. Dan moeten er gebouwde parkeervoorzieningen komen, onder of naast het gebouw. De doelgroep moet betalen om in deze gebouwde parkeervoorzieningen te mogen parkeren. Dit kan door een abonnement te nemen of een parkeerplek te huren of te kopen. De kosten van abonnement, huur of koop zijn echter altijd hoger dan de kosten van een parkeervergunning op straat. En in gebieden zonder betaald parkeren kan gratis in de openbare ruimte geparkeerd worden. Elke stimulans om de gebouwde parkeervoorziening te gebruiken ontbreekt. Voor ontwikkelaars is het dus haast onmogelijk om een gebouwde parkeervoorziening rendabel te exploiteren. Zo vormt parkeren een (financiële) barrière voor nieuwbouw of gebouwen die een andere functie krijgen. Parkeerregulering op straat invoeren lijkt onontkoombaar: om de nieuwbouw of functieverandering voor de ontwikkelaar financieel rond te krijgen én om ongewenste effecten (overloop van parkeerders) in de nabije omgeving te voorkomen.
Immers, de enige mogelijkheid om te voorkomen dat nieuwe bewoners hun auto op straat parkeren, in plaats van de – meestal duurdere – parkeerplaatsen in de inpandige parkeergarage of gereserveerde straatparkeerplekken van de nieuwbouw te gebruiken, is door het parkeren op straat te reguleren, En bijvoorbeeld nieuwe bewoners geen vergunning te verlenen.
18
2.3.4 Knelpunt 4: geparkeerde fietsen in de binnenstad en in gebieden daarbuiten Het fietsparkeren rondom station Leiden Centraal is een blijvende uitdaging. Ondanks het grote aantal parkeerplaatsen voor fietsen in bestaande stallingen en stallingen in aanbouw, voldoet het gebied naar verwachting nog niet aan de parkeerbehoefte.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
Het fietsparkeeronderzoek uit 2018 maakte een probleem in de binnenstad duidelijk: het gebrek aan parkeervoorzieningen voor fietsen. De gemeente Leiden moet in de binnenstad ongeveer 6.000 extra plaatsen creëren. Dit aantal is gebaseerd op het huidige aantal fietsen en houdt nog geen rekening met toekomstige groei. Prognoses laten een groei verwachting van 40% zien. En die groei zal zeker plaatsvinden: Leiden wil immers een fietsstad zijn en de komende tijd vestigen zich duizenden nieuwe huishoudens in de stad. Hierbij moet ook op voorhand gemeld worden dat fietsparkeren duidelijk samenhangt met gedrag. Prima fietsenstallingen blijven soms half leeg, terwijl geparkeerde fietsen bijna in de winkel staan. Enerzijds zullen we dus voorzieningen moeten treffen, anderzijds moeten we ‘foutparkeren’ willen reguleren en aanpakken.
19
3. De ambities van de gemeente Leiden De gemeente Leiden heeft flinke ambities op het gebied van duurzaamheid, economie, ruimte, mobiliteit en milieu. Deze ambities staan in het Beleidsakkoord 2018-2022. Het sleutelwoord is ‘duurzame verstedelijking’. Dat betekent woningen bouwen op een duurzame manier, zodat de stad voor iedereen toegankelijk en leefbaar blijft. Al deze ambities hebben invloed op het parkeren. Want parkeren is een manier om de aantrekkelijkheid, bereikbaarheid, leefbaarheid en duurzaamheid van de stad op niveau te houden of te krijgen.
3.1 Duurzame verstedelijking Tot 2030 worden in Leiden 8.500 nieuwe woningen gebouwd. Er is vooral behoefte aan sociale huurwoningen en middeldure koopwoningen. Het merendeel van deze woningen wordt gebouwd op bestaande locaties in de stad. Daarnaast is er behoefte aan ongeveer 2.700 extra studentenkamers. Leiden heeft zes potentiegebieden aangewezen voor deze grootschalige woningbouw2: het stationsgebied, centrum zuidwest, de Lammenschans driehoek, de voormalige industriezone, het oostelijk deel van de Willem de Zwijgerlaan en de entree Plesmanlaan. Ook moet er een plan komen voor de Kopermolen in de Merenwijk. Werkgelegenheid wil de gemeente meer concentreren in het Bio Science Park en het stationsgebied. Het stationsgebied moet de verbinding tussen de binnenstad en het Bio Science Park versterken. Deze bouwprojecten moeten bijdragen aan een gezond, duurzaam en aantrekkelijk Leiden. Aangepaste parkeernormen kunnen een rol spelen. Ze kunnen bijvoorbeeld helpen om bouwprojecten haalbaar te maken, zonder extra parkeerdruk in de openbare ruimte te veroorzaken. Ook lage parkeernormen met een flexibele toepassing rondom (H)OV-locaties leveren een bijdrage aan de duurzame verstedelijkingsopgave, door de nadruk op de fiets en het openbaar vervoer te leggen.
3.2 Klimaatneutraal, groen en circulair In 2050 moet Leiden een klimaatneutrale stad zijn. Klimaatadaptie (waaronder water berging), biodiverse vergroening, circulariteit en duurzame mobiliteit zijn thema’s met een directe relatie met parkeren. Voor een betere waterberging in het stedelijk gebied is openbare ruimte nodig, dus ook parkeerplaatsen en weginfrastructuur. Meer groen en water in plaats van parkeerplaatsen draagt bij aan het voorkomen van hittestress. Parkeren kan deelmobiliteit – een vorm van circulariteit – stimuleren. Bijvoorbeeld door parkeerhubs aan te leggen, waar bewoners gebruik kunnen maken van deelauto’s of deelfietsen. Zo moedigt de gemeente Leiden duurzame mobiliteit aan. Ook de verduurzaming van auto’s – elektrisch rijden en het gebruik van alternatieve brandstoffen – levert een bijdrage aan een klimaatneutraal Leiden. Het nieuwe parkeerbeleid houdt hier rekening mee.
3.3 Leiden fietsstad In een compacte stad als Leiden, die steeds drukker wordt, zijn de fiets en het openbaar vervoer logische vervoermiddelen voor bewoners, bezoekers en werknemers. Bestaande en nieuwe Leidenaren moeten hun mobiliteitsbehoefte minder met de auto invullen. Deze verandering van vervoerwijze leidt tot minder autobewegingen en dus minder belasting van
2
20
Omgevingsvisie Leiden 2040
het milieu en de openbare ruimte. Om dit te bereiken investeren de gemeente Leiden en de provincie Zuid-Holland in het fiets- en openbaarvervoernetwerk.
Visualisatie Centrumroute tracédeel Hooigracht
De fiets heeft een dubbele rol in het vervoer: • voor- en/of natransport bij het gebruik van openbaar vervoer; • deur-tot-deur-vervoermiddel voor afstanden tot ongeveer 8 kilometer en met de elektrische fiets zelfs tot 15 kilometer. Dit maakt de fiets tot het vervoermiddel bij uitstek in een compacte stad als Leiden. De gemeente stimuleert fietsgebruik. Bijvoorbeeld met extra fietsenstallingen, vooral bij station Leiden Centraal en station Lammenschans.
3.4 Minder autobewegingen en een autoluwe binnenstad
Leiden is dichtbebouwd en de openbare ruimte is schaars en kostbaar. De binnenstad en delen van de schil daaromheen hebben een sterk stenig karakter. De gemeente wil de openbare ruimte vergroenen en zo de kwaliteit verbeteren. Deze ambitie heeft een directe relatie met het streven om hittestress te voorkomen en de waterberging te verbeteren. De gemeente kan de leefbaarheid verbeteren door de binnenstad voor een deel autoluw te maken, met meer autovrije straten. Maar voor een betere kwaliteit van de openbare ruimte is meer nodig dan vergroenen. De stad heeft ook ontmoetingsplekken nodig, aantrekkelijke looproutes en ruimte om de fiets te parkeren. Om al deze doelen te bereiken, brengt de gemeente het aantal parkeerplaatsen in de openbare ruimte gefaseerd terug. Voor speciale doelgroepen blijft er voldoende parkeerruimte op straat aanwezig. Hieronder verstaan wij voorzieningen voor: elektrische voertuigen, deelauto’s, logistiek verkeer (laden en lossen en grote voertuigen) en gehandicapten.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
De gemeente wil het aantal verkeersbewegingen met de auto in de stad verminderen. Dit geldt voor bewegingen naar de stad toe en bewegingen binnen de stad. Sturend parkeerbeleid kan het aantal autobewegingen verminderen. Binnen en rondom de singels is de openbare ruimte vanuit historisch perspectief niet ingericht op rijdende en stilstaande auto’s. De doorstroming staat hier onder druk. De gemeente wil dit veranderen. Daarom investeert de gemeente Leiden in nieuwe fiets- en (hoogwaardige) openbaar vervoerverbindingen. Daarnaast steunt de gemeente initiatieven als deelauto’s en andere mobiliteitsconcepten. Zowel bedrijven als particuliere Leidenaren profiteren hiervan.
21
Leiden is een inclusieve stad. We vinden het belangrijk dat iedereen mee kan doen. Daarom besteden wij extra aandacht aan een goede bereikbaarheid en bruikbaarheid van de voorzieningen en de openbare ruimte voor gehandicapten.
Ruimtegebruik van de fiets De uitstoot van CO2 is verschillend per vervoerswijze. De fiets is een van de schoonste vervoersmiddelen. Het ruimtegebruik van een geparkeerde fiets is daarnaast veel kleiner dan het ruimtegebruik van een geparkeerde auto. Dit betekent echter niet dat de fiets per definitie een ruimte-efficiënt vervoermiddel is. Ongeveer 15% van alle fietsen wordt (haast) niet gebruikt. Ook is het ruimtegebruik van een fiets die niet in een voorziening staat veel groter dan van een fiets die wél in een voorziening staat. bron: Climatetasmania.org
3.5 Een aantrekkelijk economisch vestigingsklimaat De gemeente Leiden wil aantrekkelijk blijven voor bestaande en nieuwe bedrijven, winkels en instellingen. Het Bio Science Park is niet meer weg te denken. Binnen tien jaar kan het aantal banen daar met de helft toenemen tot 25.000. Daarnaast investeert de gemeente in de ontwikkeling van de omgeving van station Leiden Centraal en in verbeteringen van de binnenstad. Vanwege zijn ligging in de Randstad heeft Leiden op economisch vlak concurrentie van verschillende steden. De manier waarop de stad het parkeren organiseert, is mede bepalend voor de economische vitaliteit. Goede parkeervoorzieningen voor fiets en auto hebben invloed op de vastgoedwaarde van gebouwen. Dit geldt vooral voor bedrijfsgebouwen. Want gebouwen zonder (betaalbare) parkeergelegenheid zijn minder aantrekkelijk voor bepaalde branches.
22
Als winkelstad en toeristische trekpleister moet Leiden auto- en fietsparkeervoorzieningen van hoog niveau hebben. De bereikbaarheid van de stad moet gegarandeerd zijn. Met twee nieuwe, moderne parkeergarages (Lammermarkt en Garenmarkt) geeft de gemeente een kwaliteitsimpuls aan het parkeerareaal voor auto’s. Met de fietsenstalling onder Lorentz geeft de gemeente een kwaliteitsimpuls aan haar fietsparkeerareaal.
3.6 Financiën De kosten en opbrengsten van auto- en fietsparkeren verlopen via het ‘gesloten’ systeem van de parkeerreserve. Alle inkomsten van en uitgaven voor bouw, exploitatie, toezicht en handhaving - van zowel parkeren op straat als parkeren in de garages - worden in deze reserve met elkaar verrekend. Vooral het realiseren van nieuwe en extra fietsvoorzieningen rond de stations vergt aanzienlijke investeringen. Hierbij zetten wij in op co-financiering door het Rijk en de Provincie. We onderzoeken, zoals afgesproken in het beleidsakkoord, om het tarief van de tweede en derde parkeervergunning van een huishouden aan te passen. Het tarief van de eerste parkeervergunning blijft, afgezien van de jaarlijkse indexatie, gelijk. Het is dus geen doel op zich om parkeren duurder te maken. Het is in de eerste plaats een instrument dat bezoekers van de binnenstad stimuleert om gebruik te maken van schonere vervoersvormen die bovendien minder ruimte in beslag nemen. Het is een maatregel die er juist voor zorgt dat de juiste parkeerder op de juiste plek terecht komt.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
Om de model shift en de doelen voor duurzame mobiliteit te bereiken, verhogen we zowel in 2021 als in 2022 de parkeertarieven met € 0,30 per uur. Dit is inclusief inflatiecorrectie. Via het financieel perspectief Duurzame Stad investeren we de extra inkomsten terug in duurzame mobiliteit.
23
24
4. De Leidse visie op autoparkeren 4.1 De zes visiepunten voor autoparkeren Duurzame verstedelijking, minder autobewegingen, meer ruimte voor groen, spelen en recreëren en fietsgebruik stimuleren: de gemeente Leiden heeft grote ambities. De organisatie van het parkeren in de stad draagt in bij aan het waarmaken van deze ambities. De visiepunten voor autoparkeren (Tabel 1) zijn de rode draad in deze parkeervisie. De visiepunten zijn richtinggevend en vormen het kader voor de keuzes in deze parkeervisie. In de volgende paragrafen worden de visiepunten verder uitgewerkt.
De zes visiepunten voor autoparkeren 1. Leiden staat voor een duurzame verstedelijkingsopgave. Het past het parkeerbeleid aan om verdere groei in woningen mogelijk te maken, om de overgang naar schoon vervoer te stimuleren en zo beter in te spelen op de veranderende mobiliteitsbehoefte van inwoners. 2. In Leiden sluiten de parkeeroplossingen aan bij de eigenschappen en ambities van wijken en buurten. De gemeente hanteert een gebiedsgerichte aanpak. 3. Leiden zet in op een verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte. Teneinde leefbare wijken te kunnen borgen waar ruimte is voor groen, water, spelen en bewegen, gaan we het parkeren in de openbare ruimte beter reguleren. 4. Met sturend parkeerbeleid laat de gemeente Leiden de juiste doelgroep op de juiste plaats parkeren. 5. Voor parkeren hanteert de gemeente Leiden de standaardbenadering ‘beïnvloeden, benutten, beprijzen en bouwen’. 6. In Leiden voegen we geen parkeerplaatsen in de openbare ruimte toe om parkeerknelpunten op te lossen.
Tabel 1 De zes visiepunten voor autoparkeren
4.2 De gemeente Leiden en de duurzame verstedelijkingsopgave De komende jaren moet een groot aantal woningen in Leiden worden gebouwd. Ook moet de stad maatregelen nemen tegen wateroverlast, hitte, droogte, overstroming en slechte luchtkwaliteit. De duurzame verstedelijkingsopgave bundelt al deze opgaven.
Leiden staat voor een duurzame verstedelijkingsopgave. Het past het parkeerbeleid aan om verdere groei in woningen mogelijk te maken, om de overgang naar schoon vervoer te stimuleren en zo beter in te spelen op de veranderende mobiliteitsbehoefte van inwoners.
De duurzame verstedelijkingsopgave stimuleert het gebruik van duurzame vervoersmiddelen. Ook worden extra parkeerplaatsen in de openbare ruimte en verhoging van de parkeerdruk voorkomen. Dat heeft gevolgen voor nieuwbouw en gebouwen die een andere functie krijgen: • Er moeten kwalitatief hoogwaardige alternatieven geboden worden voor autobezit en -gebruik: het gebruik van het openbaar vervoer, de fiets en lopen zijn logische alternatieven. De mobiliteitsvisie gaat in op het versterken van deze vervoersalternatieven. • Er moeten deelauto’s, deelfietsen en andere (toekomstige) vormen van deelmobiliteit worden aanbieden. • De totale parkeerbehoefte van bewoners en bezoekers moet op eigen terrein gefaciliteerd worden in parkeer- en stallingsgarages. • Bewoners van deze gebouwen krijgen geen (bezoekers)parkeervergunningen voor het parkeren in de bestaande openbare ruimte.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
Visiepunt 1
25
De duurzame verstedelijkingsopgave houdt ook rekening met het elektrisch rijden. Het aantal elektrisch aangedreven auto’s (volledig elektrisch of plug-in hybride) steeg de afgelopen jaren sterk. Op de lange termijn kan ook de (gedeeltelijk) zelfrijdende auto een rol van betekenis spelen in de duurzame verstedelijkingsopgave.
4.3 De gemeente Leiden hanteert een gebiedsgerichte aanpak Leiden is een van de compactste steden van Nederland. Het autoparkeren verschilt sterk tussen wijken en buurten. Een invloedrijke factor is de ligging van wijken en buurten ten opzichte van de binnenstad en de (H)OV-locaties. Met een nieuwe gebiedsgerichte aanpak houdt de gemeente rekening met de specifieke eigenschappen van wijken en buurten. Bij de gebiedsgerichte aanpak hoort ook een eigen tijdspad.
Visiepunt 2
In Leiden sluiten de parkeeroplossingen aan bij de eigenschappen en ambities van wijken en buurten. De gemeente hanteert een gebiedsgerichte aanpak.
Voor een gebiedsgerichte aanpak moet de stad verdeeld worden in gebieden. Deze gebieden heten ‘leefmilieus’. Ieder leefmilieu bestaat uit meerdere wijken en buurten. Deze wijken en buurten vertonen onderling voldoende samenhang om een leefmilieu te vormen. Denk aan stedenbouwkundige opzet, verkeersstructuur, demografie, autobezit en parkeervormen. De indeling in leefmilieus volgt ‘natuurlijke’ grenzen, zoals gebiedsontsluitingswegen (bijvoorbeeld Churchilllaan en Doctor Lelylaan), het spoor en waterpartijen. Ook bestaande parkeerknelpunten spelen mee in de indeling in leefmilieus. Tabel 2 toont de indeling in leefmilieus voor het autoparkeren. Roomburg heeft zowel een woonfunctie als een functie als bedrijventerrein. Omdat de woonfunctie overheerst, wordt Roomburg als woonwijk gezien. Figuur 2 geeft deze indeling op kaart weer.
Nr.
Leefmilieu
Globale begrenzing van of wijken bij dit leefmilieu
I.
Historische binnenstad en stationsomgeving
Singelstructuur, omgeving station Leiden Centraal
II.
Bio Science Park (BSP)
Begrenzing BSP (gemeentegrens/Plesmanlaan)
III A.
Eerste schil rond de binnenstad
Spoorlijn/Willem de Zwijgerlaan/Rijn-Schiekanaal
III B.
Tweede schil rond de binnenstad
Spoorlijn/Churchilllaan/Doctor Lelylaan
IV.
Overgangsgebied
Churchilllaan/Doctor Lelylaan/Vliet/Rijn
V
Woonwijken
Stevenshof, Merenwijk, Roomburg en Waardeiland
Tabel 2
26
Gebiedsindeling parkeervisie autoparkeren
Figuur 2 Gebiedsindeling parkeervisie auto parkeren
4.4 Verbetering kwaliteit van de openbare ruimte Autoparkeren leidt in algemene zin tot een groot beslag op de openbare ruimte. Daarom heeft een verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte consequenties voor het parkeren.
Leiden zet in op een verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte. Teneinde leefbare wijken te kunnen borgen waar ruimte is voor groen, water, spelen en bewegen, gaan we het parkeren in de openbare ruimte beter reguleren.
In Leiden gaan parkeerplaatsen ruimte maken voor openbaar groen, speelplaatsen, plekken om elkaar te ontmoeten en plaatsen om de fiets te parkeren. In alle delen van de stad is hier behoefte aan, maar vooral in de dichtbebouwde schilwijken. Door het stenige karakter van deze wijken zijn hittestress en wateroverlast twee acute problemen. De gemeente moet hier op korte termijn oplossingen voor vinden. Om parkeerplaatsen op te heffen gebruikt de gemeente een sturende aanpak. Waar mogelijk wordt aansluiting gezocht bij herinrichtingsprojecten, zoals werkzaamheden aan riolering of kabels en leidingen of herbestrating.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
Visiepunt 3
27
4.5 De gemeente Leiden kiest voor sturend parkeerbeleid Sturend parkeerbeleid is de tegenhanger van vraagvolgend parkeerbeleid. Het staat voor het sturen van doelgroepen via parkeerregulering. Doelgroepen sturen kan in aantallen of naar gewenste parkeerlocaties.
Visiepunt 4
Met sturend parkeerbeleid laat de gemeente Leiden de juiste doelgroep op de juiste plaats parkeren.
Bezoekers die voor meerdere uren in de binnenstad willen verblijven, parkeren nu deels in de openbare ruimte. Denk aan dagtoeristen en zakelijke bezoekers. Dat is een ongewenste situatie. De openbare parkeergarages zijn immers beschikbaar voor parkeerders die voor meerdere uren in de binnenstad verblijven. De gemeente gebruikt sturend parkeerbeleid om de juiste doelgroep op de juiste plek te laten parkeren. Voor bepaalde doelgroepen betekent dit dat ze langere loopafstanden tussen de parkeerlocatie en de bestemmingslocatie hebben. Om lange loopafstanden te overbruggen kunnen ze gebruikmaken van bijvoorbeeld Park & Bike of Park & Ride. Deze locaties sluiten daarnaast goed aan op het openbaar vervoerssysteem of alternatieve oplossingen zoals het Haagweg-concept. De overstap van de auto naar de fiets (de last mile) moet van een hoog kwaliteitsniveau zijn en een groot gebruiksgemak kennen.
Wie parkeert waar? De gewenste parkeerlocaties voor de grootste en meest voorkomende doelgroepen zijn: - Bewoners en bezoekers van bewoners: parkeren op eigen parkeerplaatsen en bij afwezigheid hiervan in de openbare ruimte. - (Ultra)kortparkeerders zoals leveranciers, zorgverleners en mantelzorgers: parkeren in de openbare ruimte op korte loopafstand van hun bestemming. - Bezoekers van de stad: parkeren zo veel mogelijk in de openbare parkeergarages. - Werknemers: parkeren zo veel mogelijk op parkeerlocaties op grotere afstand van hun bestemming. Zij verplaatsen zichzelf te voet of met de fiets naar hun bestemmingslocatie. - Bestuurders van grote voertuigen parkeren hun voertuig op het eigen terrein van het bedrijf of op de bestaande aangewezen pareerplaatsen.
28
4.6 Beïnvloeden, benutten, beprijzen en bouwen Om in een leefmilieu doelen te bereiken of huidige parkeerknelpunten op te lossen, hanteert de gemeente Leiden de standaardbenadering ‘beïnvloeden, benutten, beprijzen en bouwen’.
Visiepunt 5
Voor parkeren hanteert de gemeente Leiden de standaardbenadering ‘beïnvloeden, benutten, beprijzen en bouwen’.
4.6.1 Beïnvloeden ‘Beïnvloeden’ staat voor het beïnvloeden van de parkeervraag. Zo kan het stimuleren van alternatieve vervoerswijzen leiden tot een lagere parkeervraag. Voorbeelden van alternatieve vervoerswijzen zijn het openbaar vervoer, de fiets en lopen. Ook deelmobiliteit aanbieden kan de parkeervraag beïnvloeden. Voor het beïnvloeden van de parkeervraag zijn meestal publieke of private investeringen nodig. Ook de kosten van parkeren verhogen is een manier om de parkeervraag te beïnvloeden. Daar gaat paragraaf 4.6.3 verder op in. De gemeente onderzoekt of met behulp van ‘nudging’ (het positief stimuleren van gewenst gedrag) positieve effecten kunnen worden bereikt rond het parkeergedrag. 4.6.2 Benutten In Leiden zijn verschillende soorten (gebouwde) parkeervoorzieningen aanwezig (publiek en privaat). De parkeerplaatsen in deze voorzieningen worden niet op alle momenten van de dag volledig benut. De gemeente zet in op een maximale benutting. De voorzieningen kunnen bijvoorbeeld tegemoetkomen aan de parkeervraag van bewoners en werknemers. De voorzieningen moeten wel aan een aantal randvoorwaarden voldoen, zoals de loopafstand tot bestemmingslocaties, bereikbaarheid en fysieke toegankelijkheid.
Benutting van de bezoekersparkeergarages in de binnenstad
4.6.3 Beprijzen Het beprijzen van parkeren is een beïnvloedingsmaatregel (zie paragraaf 4.6.1). Parkeerregulering invoeren of uitbreiden is een vorm van beprijzen. Er zijn verschillende redenen om parkeren (verder) te beprijzen: • de parkeerdruk verlagen en zo ruimte creëren voor het opheffen van parkeerplaatsen; • de juiste doelgroep op de juiste (parkeer)plaats laten parkeren (zie visiepunt 5); • autoverkeersstromen kunnen beïnvloeden.
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
Als de parkeergarage Garenmarkt klaar is, heeft de gemeente vier parkeer garages in de binnenstad. Deze parkeergarages hebben allereerst een bezoekers functie. Op doordeweekse avonden, zaterdag en zondag zijn de parkeerplaatsen in deze parkeergarages grotendeels bezet. Op doordeweekse ochtenden, middagen en in de nacht is de bezetting van de parkeergarages lager. Dan zijn er minder bezoekers in de stad. Tijdens de daluren kunnen werknemers (overdag en in de middag) en bewoners (’s nachts) de lege plekken in de parkeergarages gebruiken.
29
4.6.4 Bouwen Met bouwen wordt niet de aanleg van extra parkeerplaatsen bedoeld (zie visiepunt 6). Bouwen staat hier voor de herontwikkeling van bestaande parkeerplaatsen. Voorbeelden zijn: • bestaande losse parkeerplaatsen verplaatsen naar een concentratie van parkeerplaatsen, zoals een parkeerterreintje. • symmetrische straatprofielen veranderen in asymmetrische straatprofielen: aan één zijde lang parkeren en aan de andere zijde ruimte voor openbaar groen en fietsparkeerplaatsen.
4.7 Geen extra parkeerplaatsen in de openbare ruimte Visiepunt 3 geeft aan dat de gemeente Leiden streeft naar minder parkeerplaatsen in de openbare ruimte. In het verlengde daarvan legt de gemeente in principe geen parkeerplaatsen aan om (bestaande) parkeerknelpunten op te lossen. In bijzondere situaties zijn er uitzonderingen mogelijk. Uitzondering hierop zijn parkeerlocaties op afstand zoals Park & Ride, Park & Bike en mobiliteitshubs. Leiden zet zich in om de bestaande parkeergelegen heden (publiek of privaat) efficiënter in te zetten voor de stad. Wij gaan graag met private eigenaren van parkeergelegenheden in gesprek om deze gelegenheden (op drukke momenten) in te zetten voor het parkeren van bezoekers of werknemers van deze stad.
Visiepunt 6
In Leiden voegen we geen parkeerplaatsen in de openbare ruimte toe om parkeer knelpunten op te lossen.
In de volgende hoofdstukken worden de visiepunten per leefmilieu uitgewerkt in beleidsuitgangspunten en maatregelen.
30
5. P arkeren in de historische binnenstad en de omgeving station Leiden Centraal 5.1 Huidige situatie De historische binnenstad en de omgeving van station Leiden Centraal zijn de intensiefst gebruikte delen van Leiden. Het gebied kenmerkt zich door een voornamelijk zeventiendeeeuwse bebouwingsstructuur. Met rijdende en stilstaande auto’s is hier van oudsher geen rekening gehouden. Parkeren heeft hier veel verschillende verschijningsvormen. Twee recente aanwinsten zijn de parkeergarages Lammermarkt en Garenmarkt.
Het gebied heeft verschillende parkeerknelpunten. Het meest zichtbare knelpunt is de aantrekkende werking van de ruim 6.500 parkeerplaatsen in het gebied. Vooral in de spits zorgt dit voor opstoppingen. Andere knelpunten zijn: • een hoge parkeerdruk op verschillende momenten van de dag; • parkeerders op de verkeerde plek: bezoekers parkeren niet in de parkeergarages, maar op straat, wat ook nog tot zoekverkeer in de vaak smalle woonstraten leidt; • geparkeerde en parkerende auto’s en zoekverkeer in de binnenstad zorgen met name langs diverse grachten en in smalle straatjes voor een verkeersonveilige situatie voor fietsers en voetgangers. Zij komen in de knel te zitten in de beperkte fysieke ruimte. • beperkte haalbaarheid van ontwikkelingen: nieuwbouw en gebouwen die een andere functie krijgen hebben vaak onvoldoende ruimte voor parkeerplaatsen (op eigen terrein); • bewoners uit de binnenstad (Zone A) met een parkeervergunning kunnen zonder extra kosten in heel Leiden parkeren: dit leidt tot overloop naar omliggende buurten en mogelijk extra interne verplaatsingen. De hoge parkeerdruk in de binnenstad en de omgeving van station Leiden Centraal maakt duidelijk dat parkeervraag en parkeeraanbod niet met elkaar in balans zijn. In de binnenstad zal de vraag naar parkeergelegenheid echter altijd groter zijn dan het aanbod.
Dit komt door de economische en toeristische aantrekkingskracht van de binnenstad. Voldoende parkeer-
Parkeervisie gemeente Leiden 2020 - 2030
Historische binnenstad en stationsomgeving
31
capaciteit voor alle doelgroepen is echter kostbaar en trekt een wissel op de kwaliteit van de openbare ruimte. Bovendien kan de capaciteit van het wegennet deze verkeersstroom niet aan. Om de leefbaarheid en de bereikbaarheid van de binnenstad goed te houden moeten de juiste doelgroepen (vraag) de juiste parkeervoorzieningen gebruiken (aanbod).
5.2 Beleidsuitgangspunten en doelen De gemeente Leiden streeft naar een meer autoluwe binnenstad. Dit is ook een van de ambities uit het beleidsakkoord. De organisatie van het parkeren speelt hierbij een belangrijke rol. Parkeerplaatsen hebben nu eenmaal een aantrekkende werking. In de binnenstad en de omgeving van station Leiden Centraal gaat Leiden de straatparkeerplaatsen stapsgewijs opheffen. Om dit verantwoord te doen, moet eerst het aantal parkeerders op straat afnemen. De beleidsuitgangspunten voor de binnenstad en de omgeving van station Leiden Centraal zijn: a. Bezoekers aan de binnenstad hebben voldoende mogelijkheden om hun auto te parkeren in (de omgeving van) de binnenstad, bij voorkeur in de gebouwde parkeervoorzieningen met een goede autobereikbaarheid. b. Werknemers uit het centrum parkeren op afstand of op dalmomenten (werkdagen) in de parkeergarages. c. De gemeente beperkt het parkeren op straat zoveel mogelijk: (lang) parkeren door bezoekers vindt zo min mogelijk op straat plaats. Het parkeerregime op straat ondersteunt dit. d. Met tarifering stuurt de gemeente doelgroepen naar de juiste plek. Parkeren op straat wordt substantieel duurder dan parkeren in de parkeergarages. Parkeren op afstand (P+R) kost het minst. e.
Openbare parkeergarages worden optimaal benut: tijdens de daluren kunnen bewoners, bezoekers van bewoners en werknemers uit de binnenstad en de stationsomgeving de openbare parkeergarages gebruiken, tegen beperkte aanvullende parkeerkosten. f. Bij nieuwbouw en gebouwen die een andere functie krijgen mogen slechts een maximaal (beleidsmatig bepaald) aantal parkeerplaatsen worden aangelegd. Om extra autoverkeer van en naar de binnenstad te beperken. g. Het aantal uit te geven parkeervergunningen wordt beperkt tot maximaal één. Op termijn resulteert dit in minder auto’s op straat en dus in mogelijkheden om de openbare ruimte aantrekkelijker in te richten.
32
5.3 Beleidsuitwerking De uitwerking van de beleidsuitgangspunten voor de binnenstad bestaat grotendeels uit aanpassingen van het parkeerregime. Niet iedere maatregel wordt op korte termijn ingevoerd. De gemeente monitort zorgvuldig of maatregelen het gewenste effect hebben. En bepaalt dan of aanvullende maatregelen nodig zijn. De gemeente voert eerst beheers- en beïnvloedingsmaatregelen in, zodat parkeren minder in de openbare ruimte plaatsvindt. Langparkeerders kunnen in de daluren in de openbare parkeergarages parkeren. In het gebied rond station Leiden Centraal houdt de gemeente het bouwen van parkeerplaatsen bij nieuwbouw en andere projecten tegen. Zo wil de gemeente het gebruik van de fiets en het openbaar vervoer stimuleren. En het aantal autobewegingen van en naar de binnenstad verminderen. Tabel 3 bevat de beleidsuitwerking voor de historische binnenstad en omgeving station Leiden Centraal. De gemeente wil het parkeren op straat in de binnenstad en de omgeving van station Leiden Centraal stapsgewijs verminderen. En zo meer ruimte creëren voor een gezonde en leefbare buitenruimte. Daarvoor moet de juiste doelgroep op de juiste plek parkeren. De focus ligt op bezoekersparkeren in de parkeergarage en lang parkerende werknemers zoveel mogelijk op afstand.