CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

Visie armoede en schuldhulp "Samen werken aan een armoedevrij Leeuwarden"

Besluitvorming (raad) 22 december 2021, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Visie armoede en schuldhulp "Samen werken aan een armoedevrij Leeuwarden"17.724 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Visie armoede en schuldhulp

Samen werken aan een armoedevrij Leeuwarden

Inhoud

Voorwoord 

3

Inleiding 

5

Samenvatting 

7

Armoede op landelijk niveau 

10

Armoede in Leeuwarden 

14

De ambitie: een armoedevrij Leeuwarden  17 Pijler 1 - De laatste generatie in armoede  19 Pijler 2 - Het vergroten van bestaanszekerheid  24 Pijler 3 - Het vereenvoudigen en versnellen van de schuldenaanpak 

30

Communicatie en Dienstverlening 

38

Samenwerking 

42

Meting en monitoring 

44

Financieel kader 

46

Risico’s 

51

Bijlagen 

53

Voorwoord

Voorwoord Voor veel inwoners van Leeuwarden horen armoede en schulden bij het dagelijks leven. Leven in armoede en met schulden veroorzaakt stress, gezondheidsproblemen en vereenzaming. Vaak gaat dit van generatie op generatie. In de gemeente Leeuwarden willen we het taboe op armoede en schulphulpverlening doorbreken. Ik ging in gesprek met ervaringsdeskundigen en professionele hulpverleners. Zij gaven mij waardevolle informatie over wat er anders zou moeten in ons gemeentelijk beleid. Wat in alle gesprekken naar voren komt, is een andere manier van benadering; toegankelijker en zonder oordeel en een betere samenwerking tussen instanties, waarbij de mens centraal staat met hulp op maat. Om de armoede van generatie op generatie te doorbreken en de bestaanszekerheid te vergroten, maken we de aanpak van schulden sneller en eenvoudiger.

Deze nota had niet tot stand kunnen komen zonder de inbreng van inwoners, hulpverleners en alle maatschappelijke instanties die bij armoede en schuldhulpverlening betrokken zijn. Zij waren aanwezig bij de verschillende thematische sessies die we hebben georganiseerd in de periode maart-september 2021. Deze sessies richtten zich op: de laatste generatie in armoede, het vergroten van de bestaanszekerheid, het vereenvoudigen en versnellen van de schuldenaanpak en mensgerichte communicatie. Dit beleidsplan wordt in november met de leden van de raad besproken. Ik wens u veel inspiratie toe tijdens het lezen én samen uitvoeren van dit beleidsplan. Want alleen door samen te werken vergroten we de kansen op een armoedevrij bestaan voor iedereen. Hein Kuiken, Wethouder armoede en schuldhulpverlening gemeente Leeuwarden

‘In de gemeente Leeuwarden willen we het taboe op armoede en schulphulpverlening doorbreken.’

4

Samenvatting

Samenvatting

Figuur 1: Samenvatting

Ieder kind heeft een sterke basis Pijler 1: De laatste generatie in armoede

De Visie Armoede en Schuldhulp

de gemeente Leeuwarden om de

Wonen is voor iedereen betaalbaar

Ambitie: Een armoedevrij Leeuwarden

Toegang tot gezondheidszorg Pijler 2: Vergroten van de bestaanszekerheid

Zoveel mogelijk mensen aan het werk Veilige leefomgeving

negatieve gevolgen van armoede te beperken en schulden te voorkomen.

Gelijke kansen op maximale ontwikkelng Gezinnen zijn ontlast en ontstresst

van de gemeente Leeuwarden gaat over de brede ambitie van

Ieder kind en gezin kan meedoen

Vertrouwd, zonder oordeel en toegankelijk

Meer zekerheid over bestaansminimum Impact: Alle inwoners kunnen meedoen in de samenleving en kunnen zich ontwikkelen waardoor zij een goede kwaliteit van leven ervaren en beschikken over voldoende middelen om dit te realiseren

Integrale schuldenaanpak Pijler 3: Vereenvoudigen en versnellen van de schuldenaanpak

Preventief en proactief Snel en efficiënt Duurzame oplossing

Definitie van Armoede: ‘Onze inwoners zijn arm wanneer ze gedurende langere tijd niet ervaren de middelen te hebben voor goederen en voorzieningen die in de samenleving als minimaal noodzakelijk gelden om menswaardig te leven, mee te doen en je te ontwikkelen. Het ontbreekt veelal aan perspectief op verbetering.1’

1 Definitie Sociaal Cultureel Planbureau en rapport ‘Bouwstenen voor een nieuw armoedebeleid in de gemeente Leeuwarden’ Stichting Platform Armoede en Schulden Fryslân

De gemeente Leeuwarden staat helaas al jaren in de top tien van gemeenten met de meeste armoede. 1 op de 5 huishoudens in de gemeente Leeuwarden heeft een inkomen lager dan 125% van het wettelijk sociaal minimum. En 1 op de 8 kinderen groeit op in een huishouden met een inkomen lager dan 125% van het wettelijk sociaal minimum. Armoede is een hardnekkig probleem en omvat meer dan alleen financiële armoede. Leven in armoede doorkruist alle levensgebieden. Het vraagt een integrale aanpak. Binnen de muren van het gemeentehuis zoeken wij dan ook de samenwerking

6

met de andere beleidsthema’s, zoals zorg, wonen, onderwijs en cultuur. Daarbuiten willen wij met externe partners de samenwerking die er al is verstevigen. Armoede bestrijden vraagt ook een stevige aanpak. Onze ambitie is daarom groot. Wij gaan voor een armoedevrij Leeuwarden. Onze aanpak om deze ambitie te realiseren bestaat uit 3 pijlers. Een belangrijke sleutel voor succes is dat we stress-sensitief leren werken. Daarnaast moeten we onze bejegening en houding afstemmen op wat armoede en schulden voor mensen betekent en hoe het hun denken en handelen beïnvloedt.

Inleiding 7

Inleiding Niemand wil armoede. Maar de realiteit is dat armoede onderdeel is van onze samenleving. De vraag is hoe we armoede terugdringen. In deze Visie Armoede en Schuldhulp van de gemeente Leeuwarden beschrijven we hoe we hier in Leeuwarden aan willen werken; wat onze ambities is voor de lange termijn en wat de concrete acties zijn voor de komende jaren.

Aanleiding Armoede is een complex probleem. De oorzaken en gevolgen van armoede zijn even divers als de mensen die het treft. In Leeuwarden heeft 20% van de huishoudens een laag inkomen. Armoede kan iedereen treffen. De gemeente Leeuwarden is Global Goals gemeente. ‘Geen armoede’ is de eerste Global Goal en gaat over het halveren van het aantal mensen dat onder de armoedegrens leeft, het zorgen voor gelijke toegang tot basisvoorzieningen en gelijke economische rechten en het vergroten van weerbaarheid van mensen in kwetsbare situaties. In totaal zijn er 17 doelen. Naast het eerste doel zijn er ook andere Global Goals die betrekking hebben op armoede en schulden, zoals ‘geen honger’ (2), ‘goede gezondheid en welzijn’ (3), ‘ongelijkheid verminderen’ (10), ‘betaalbare en duurzame energie’ (7) en ‘waardig werk en economische groei’ (8). Het Collegeprogramma van 2018-2022 ‘De Kracht van Samen: Bouwen aan een sociaal, vernieuwend en duurzaam Leeuwarden’2 is gebaseerd op de Global Goals. Het college heeft de ambitie om meer integraal te werken en zich te richten op preventie en (vroeg)signalering van armoede en schulden.

2 https://www.leeuwarden.nl/nl/file/2650/download

8

Global Goals In 2015 werden wereldleiders het eens over 17 Sustainable Development Goals oftewel SDG’s (doelen voor duurzame ontwikkeling) om de wereld een betere plek te maken in 2030: gezonder, rechtvaardiger en duurzamer. Leeuwarden is sinds 2019 officieel Global Goal Gemeente. Dat wil zeggen dat wij op lokaal niveau werken aan het realiseren van de SDG’s.

Een nieuwe aanpak De gemeente is vastbesloten om de armoede te bestrijden. De ambitie is groot en vraagt een nieuwe integrale aanpak van armoede en schulden. Deze Visie Armoede en Schuldhulp geeft inzicht in wat we willen bereiken, langs welke denk- en oplossingsrichting en hoe we in de uitvoering aan concrete oplossingen gaan werken. In 2020 heeft een accentverschuiving plaatsgevonden in onze kijk op armoede en schuldhulp. Op basis van gesprekken met maatschappelijk betrokken

partijen, de ambitie van het armoedepact (nu Moedige Dialoog Leeuwarden), landelijke beleidsontwikkelingen, wetenschappelijke inzichten en gesprekken met o.a. ervaringsdeskundigen is geconcludeerd dat de instrumenten die vanaf 2014 zijn ingezet, het armoedeprobleem in kwantitatieve zin nauwelijks hebben verminderd. Dit maakte het noodzakelijk om meer focus aan te brengen. Die focus komt in deze visie terug. We richten ons op het doorbreken van de armoede van generatie op generatie, het vergroten van de bestaanszekerheid en het vereenvoudigen van de schuldenaanpak. Het bestrijden van armoede en schulden doet de gemeente niet alleen. Zij heeft hierbij iedereen nodig. Er is sprake van een gedeelde verantwoordelijkheid. Deze visie is tot stand gekomen in samenwerking met de mensen en organisaties die betrokken zijn bij het thema armoede en schulden. Daarnaast is er aandacht voor de raakvlakken en samenwerking met andere beleidsterreinen om tot een beter resultaat te komen en voor wetenschappelijke inzichten om de aanpak effectiever te maken. Leeswijzer In deze notitie leggen we onze brede visie vast voor armoede en schulden in Leeuwarden. Daarbij beschrijven we in het volgende hoofdstuk allereerst de landelijke context en het lokale perspectief van de armoede en schuldenproblematiek. Deze kaders vormen de basis van onze visie en de daaruit voortvloeiende aanpak en acties.

Deze staan verwoord in de eerste 3 hoofdstukken. Vervolgens gaan we in op de dienstverlening en communicatie, noodzakelijk voor het slagen van onze aanpak. De notitie wordt afgesloten met een beschrijving van de effectmeting en de monitoring en het financieel kader en de risico’s.

9

Armoede op landelijk niveau

Armoede op landelijk niveau Armoedebeleid is een samenspel van regelingen van het Rijk en regelingen en activiteiten die de gemeente uitvoert. Het Rijk bepaalt in grote lijnen de wet- en regelgeving die ervoor moet zorgen dat iedereen voldoende inkomen heeft. Denk aan de Participatiewet, waarin staat wie in aanmerking komen voor bijstand, of de Wet op het Minimumloon. Ook het Toeslagenstelsel (huurtoeslag, zorgtoeslag en kinderopvangtoeslag) is een verantwoordelijkheid van het Rijk. De gemeenten zijn deels verantwoordelijk voor de uitvoering van deze wetten. Hieronder vallen ook het armoedebeleid en de schuldhulpverlening. Zij moeten maatregelen nemen om armoede te voorkomen of zo veel mogelijk terug te dringen. De landelijke kaders en ontwikkelingen zijn de leidraad voor de gemeentelijke aanpak. De huidige coronacrisis geeft druk op de bestaanszekerheid. Mensen die al voor deze crisis in een kwetsbare situatie zaten, zijn nu extra kwetsbaar geworden, zoals jongeren die klaar zijn met hun opleiding, zzp’ers en flexwerkers. Bij hen vallen stabiele inkomensstromen weg. Door de coronacrisis verwachten we daarom extra vragen op middellange en lange termijn voor financiële dienstverlening en schuldhulpverlening.3

3 SCP: Maatschappelijke gevolgen van Corona

In de afgelopen 4 jaar is een aantal rapporten verschenen die de algemene visie op armoedebestrijding en schuldhulp en het landelijke beleid mede bepalen. De laatste generatie in armoede In 2017 publiceerden de SER en de Kinderombudsman een aantal belangrijke rapporten over opgroeien in armoede. Daarin stond onder andere wat opgroeien in armoede met een kind op de korte en de lange termijn doet. Armoede kan op de korte termijn leiden tot sociale uitsluiting en op de lange termijn tot slechtere prestaties op school en zelfs probleemgedrag. Daarnaast lopen kinderen die in armoede opgroeien een groter risico op armoede als volwassene. Om de armoede bij kinderen terug te dringen, heeft het Rijk in 2019 vier ambities geformuleerd. 1. Alle kinderen in armoede kunnen meedoen. 2. Daling van het aantal huishoudens met kinderen en een laag inkomen. 3. Periodiek inzicht in de kans op armoede onder kinderen. 4. Een overzicht bieden van goede voorbeelden en initiatieven in de aanpak armoede onder kinderen. De Kinderombudsman concludeert o.a. dat kinderen en jongeren die opgroeien in armoede op alle levensgebieden in hun ontwikkeling worden belemmerd. De aanbeveling is dat gemeenten hun beleid integraal vormgeven.

Voor gemeenten zijn jaarlijks extra middelen beschikbaar om kinderarmoede tegen te gaan. Sinds 2017 is er elk jaar € 100 miljoen beschikbaar. Hiervan gaat € 85 miljoen structureel naar gemeenten. De rest van de middelen gaat naar organisaties die zich richten op het bestrijden van armoede onder kinderen in Nederland en in het Caribisch gebied. Met gemeenten is in 2017 de afspraak gemaakt dat zij zich inzetten om kinderen te ondersteunen zodat ze kunnen meedoen aan sport en cultuur, met sociale activiteiten op school en in hun vrije tijd. Deze afspraak is inmiddels bijgesteld. Gemeenten worden ook geacht maatregelen te treffen om armoede van generatie op generatie te doorbreken. De gemeenten zetten de beschikbare middelen met name in op kindregelingen die voorzien in materiële ondersteuning. Het vergroten van bestaanszekerheid Steeds meer mensen hebben moeite met rondkomen. Het gaat daarbij niet meer alleen om mensen met een minimum- of laag inkomen. Ook mensen met een hoger inkomen komen in de problemen. Dit kan de bestaanszekerheid aantasten. Bijvoorbeeld wanneer de flexibilisering van de arbeidsmarkt zorgt voor onzekerheid over werk en inkomsten of door het groeiende tekort aan geschikte en betaalbare woningen, waardoor mensen zich genoodzaakt zien een steeds groter deel van hun inkomen te besteden aan wonen.

Ook de stijgende zorgkosten zijn niet meer voor iedereen op te brengen. Dit kan de zorg minder toegankelijk maken. Het kan ook leiden tot zorgmijding, met soms uiteindelijk hoger zorgkosten tot gevolg.

In de propositie ‘De winst van het sociaal domein’4 vragen de gemeenten aandacht van het Rijk voor drie opgaven, waaronder het herstellen van bestaanszekerheid.

De winst van het sociale domein In de propositie wordt verwoord wat hiervoor nodig is en welke langjarige en niet vrijblijvende commitment het vraagt van de overheid en de maatschappelijke partners. De gemeenten zetten onder meer in op het terugbrengen van de menselijke maat en zekerheid op betekenisvol en betaald werk. Van het Rijk vragen zij onder meer een herziening van de Participatiewet die gemeenten meer ruimte biedt voor maatwerk, soepelere overgangen in de ondersteuning van inwoners door meer samenhang tussen zorg en ontwikkeling, een voorspelbaar toeslagensysteem, een anticyclisch investeringsmodel voor de Participatiewet en het arbeidsmarktbeleid en vereenvoudigde financieringsmogelijkheden voor scholing.

De aanpak van schulden In 2018 is het Actieplan Brede Schuldenaanpak gestart. Dit actieplan is opgesteld door het Rijk in samenwerking met gemeenten en diverse landelijke ketenpartners. Doel van het actieplan was het aantal mensen met schulden te verkleinen.

4 De winst van het sociaal domein, VNG/Divosa, april 2021.

Daarbij werd ingezet op de volgende drie actielijnen: 1. problematische schulden voorkomen, 2. ontzorgen en ondersteunen, en 3. zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde incasso. Deze lijnen werden uitgewerkt in meer dan veertig maatregelen en initiatieven.5 In de afgelopen jaren is onder andere ingezet op het bevorderen van de inzet op vroegsignalering, het verbreden van de Nederlandse Schuldhulproute (NSR), het verbeteren van de onderlinge samenwerking en kwaliteit van vrijwillige schuldhulp via de Alliantie voor Vrijwillige Schuldhulp (AVS), versnelling van Collectief Schuldregelen, versnelling van het Schuldenknooppunt, verdere professionalisering van de schuldhulpverlening en de implementatie van de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet. In 2021 is de Brede schuldenaanpak geëvalueerd.6 Positief is dat er op veel maatregelen en initiatieven is ingezet en dat de brede schuldenaanpak daar structuur aan gaf. Tegelijkertijd bleef het ook lastig om zicht te houden op alle initiatieven. De verwachting is dat de brede schuldenaanpak en ook het samenwerkingsverband door het volgende kabinet wordt voortgezet. In het vervolg is van belang vooral in te zetten op maatregelen met bewezen effect.

5 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/schulden/schuldenaanpakken 6 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/ kamerstukken/2021/03/11/kamerbrief-tand-van-zaken-armoedeen-schuldenaanpak

12

De NVVK belofte De NVVK is de grootste branchevereniging voor schuldhulp en financiële dienstverlening. Om de kwaliteit van de schuldenaanpak te verbeteren heeft de vereniging de ‘NVVK belofte’7 opgesteld. Deze bestaat uit de volgende 6 punten: 1. Aanmelden zonder drempels (waaronder ook inzetten op positieve bejegening door een stress-sensitieve aanpak). 2. Hulp op basis van vertrouwen. 3. Duidelijkheid waar je aan toe bent. 4. Geen inwoners buiten de boot. 5. Druk schuldeisers verlagen. 6. Zo goed mogelijk schuldenvrij. In onze aanpak sluiten we aan op deze 6 uitgangspunten.

Overheidsbeleid en wet- en regelgeving In de aanpak van de armoede- en schuldenproblematiek wordt door de overheid sterk ingezet op werk en activering. De gedachte hierachter is dat betaald werk ertoe leidt dat er geen of minder beroep gedaan wordt op de financiële ondersteuning van de overheid. Dit geldt voor een deel van de mensen die een beroep doen op ondersteuning. Maar een betaalde baan is niet voor iedereen vanzelfsprekend een eerste stap en niet iedereen kan deelnemen aan het arbeidsproces. Denk aan gepensioneerden of mensen die arbeidsongeschikt zijn. Ook heeft een aanzienlijk deel van de mensen die in armoede

7 https://www.nvvk.nl/thema/nvvk-belofte

leven al gewoon een betaalde baan. Zij zijn echter niet in staat met hun inkomen in bestaanszekerheid te voorzien; de zogenaamde werkende armen. Voor sommigen is betaald werk simpelweg geen oplossing. Om op gemeentelijk niveau invulling te geven aan het beleid op het terrein van armoede en schulden is de wet- en regelgeving van belang. We geven bondig de inhoud van deze wet- en regelgeving weer. Participatiewet8 Sinds 1 januari 2015 is de Participatiewet van kracht. De Participatiewet heeft als doel mensen te activeren en waar mogelijk te begeleiden naar betaald werk. De Participatiewet is het sociaal vangnet en biedt de gemeente de mogelijkheid om naast het verstrekken van algemene bijstand ook via de bijzondere bijstand inkomensondersteuning te bieden. Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs)9 Op 1 juli 2012 is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) ingevoerd. Deze wet regelt dat gemeenten een zorgplicht hebben om inwoners door middel van integrale schuldhulpverlening te helpen bij het oplossen en voorkomen van schulden. De Wgs is een kaderwet, wat betekent dat de gemeenten vrij zijn in het vormgeven van het beleid rondom schuldhulpverlening.

Het voornaamste doel is het beter helpen van mensen met (problematische) schulden door het realiseren van een effectievere schuldhulpverlening, waarin niet alleen aandacht is voor het oplossen van schulden, maar juist ook voor de achterliggende oorzaken. Per 1 januari 2021 is een wijziging aangebracht in de Wgs, die uitwisseling van persoonsgegevens voor de schuldhulpverlening faciliteert. Daarnaast heeft de wijziging tot gevolg dat vroegsignalering een verplichte taak is voor gemeenten. Verhuurders, zorgverzekeraars en water- en energieleveranciers moeten sinds 1 januari 2021 gemeenten informeren als zij zien dat hun klanten rekeningen niet betalen. Hiervoor is geen toestemming nodig van de klant. De gemeenten doen vervolgens elke gemelde inwoner een hulpaanbod.10 Beschermingsbewind Vanaf 1 januari 2021 kan de gemeente gebruik maken van het adviesrecht rondom schuldenbewind (artikel 1:432a BW). Verder vormt schuldenbewind vanaf 1 januari 2021 een tijdelijke maatregel. De richtlijn van de Expertgroep CBM11 is dat schuldenbewind voor maximaal 5 jaar wordt uitgesproken. De rechtbank heeft de wettelijke opdracht toe te zien op de kwaliteit van beschermingsbewind. De bewindvoerders moeten aan kwaliteitseisen voldoen. Hierover zijn wettelijke afspraken gemaakt in het Besluit kwaliteitseisen curatoren,

8 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/participatiewet/ participatiewet-informatie-voor-gemeenten

10 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/schulden/gemeentensneller-signaleren-van-schulden

9 https://www.stratech.nl/sociaal-financieel/kenniscentrum/wetgemeentelijke-schuldhulpverlening.html

11 Expertgroep CBM is een adviesgroep van curatoren, beschermingsbewindvoerders en mentoren

13

beschermingsbewindvoerders en mentoren. De rechtbank controleert de uitvoering van het bewind o.a. door beoordeling van de ‘rekening & verantwoording’ (een financieel verslag van de bewindvoerder). Wanneer een bewindvoerder in zijn of haar taak tekortschiet, kan de onderbewindgestelde (al dan niet met behulp van onafhankelijke cliëntondersteuning) een klacht bij de rechtbank indienen. Nieuwe wet inburgering12 Er is een nieuwe Wet Inburgering 2021. Deze wet stelt de gemeente verantwoordelijk voor de organisatie en uitvoering van het nieuwe inburgeringsstelsel. Uit de nieuwe wet volgt onder andere de verplichting dat uitkeringsgerechtigde inburgeraars financieel worden ontzorgd. Daarnaast wordt de gemeente ook verantwoordelijk voor de begeleiding gericht op financiële (zelf)redzaamheid. Aansluiting bij bestaand beleid De gemeente Leeuwarden streeft naar een integrale aanpak voor armoede en schuldhulp, overstijgend aan verschillende leefdomeinen. De aanpak bouwt op en sluit aan bij bestaand beleid. In bijlage G is een opsomming van dit bestaand beleid opgenomen.

12 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/inburgeren-in-nederland/ nieuwe-wet-inburgering

Armoede in Leeuwarden 14

Armoede in Leeuwarden verschillende manieren geïnterpreteerd

Armoede is meer dan alleen een tekort aan materiële welvaart. Weinig financiële middelen gaan vaak samen met ongunstige levensomstandigheden en werken sociale uitsluiting in de hand.14

kan worden. Om een gezamenlijke en

We kunnen hierbij een onderscheid maken tussen:

gedragen ambitie te realiseren, willen

• Structurele armoede: van generatie op generatie en/of langdurige armoede • Incidentele armoede: armoede veroorzaakt door levensgebeurtenissen met financiële gevolgen

Armoede is een term die op

we hetzelfde verstaan als er gesproken wordt over armoede. In dit beleidsplan hanteren wij de definitie als volgt: ‘Onze inwoners zijn arm wanneer ze gedurende langere tijd niet ervaren de middelen te hebben voor goederen en voorzieningen die in de samenleving als minimaal noodzakelijk gelden, om menswaardig te leven, mee te doen en je te ontwikkelen. Het ontbreekt veelal aan perspectief op verbetering.’ 13

13 Definitie Sociaal Cultureel Planbureau en rapport ‘Bouwstenen voor een nieuw armoedebeleid in de gemeente Leeuwarden’ Stichting Platform Armoede en Schulden Fryslân

De omvang van armoede in Leeuwarden bepalen we aan de hand van financiële armoede. We hanteren de CBS-criteria voor een laag inkomen. We gaan uit van 120% van het sociaal minimum.

14 CBS: Perspectieven op armoede en sociale uitsluiting - Armoede en sociale uitsluiting 2019 | CBS

15

Armoede is meer dan alleen een tekort aan materiële welvaart. Weinig financiële middelen gaan vaak samen met ongunstige levens­omstandig­heden en werken sociale uitsluiting in de hand.

Armoede in beeld: de cijfers ‘Leeuwarden in top tien armste gemeenten.’ Dit is een voorbeeld van een nieuwskop die ons helaas niet onbekend voorkomt. Armoede in Leeuwarden is een hardnekkig probleem. In bijlage A is een Infographic opgenomen met meer informatie over armoede in Leeuwarden. Als we kijken naar de cijfers, zien we het volgende.15 Minimahuishoudens In Leeuwarden heeft 1 op de 10 huishoudens een inkomen lager dan 101% van het wettelijk sociaal minimum16. Ruim de helft hiervan heeft een bijstandsuitkering. 1 op de 5 huishoudens heeft een inkomen lager dan 120%. De wijken met het hoogste aandeel minimahuishoudens zijn: • Heechterp & Schieringen • Vrijheidswijk • Bilgaard

Kinderen in armoede In Leeuwarden groeit 1 op de 8 kinderen op in een huishouden met een inkomen <120% van het sociale minimum. In 2018 waren dit 2925 kinderen. Positief is dat het aantal en aandeel kinderen in minimahuishoudens in 2018 lager is dan de jaren ervoor. Van alle kinderen die in armoede leven, heeft 75% de basisschoolleeftijd of jonger. Dit maakt het primair onderwijs tot een belangrijke vindplaats en samenwerkingspartner. Risicogroepen Groepen met een hoger risico op armoede zijn onder meer jongeren met een lage opleiding, alleenstaande ouders, sociale minima, werklozen, zzp’ers en verslaafden. Alleenstaanden en eenoudergezinnen met minderjarige kinderen hebben het hoogste risico op armoede en schulden.17 Ook heeft 30% moeite met lezen en schrijven en 15% heeft een LVB en/of GGZ-problematiek. Leeuwarden heeft relatief meer eenpersoonshuishoudens dan andere gemeenten. Negatief banksaldo Naast een laag inkomen heeft 1 op de 5 huishoudens in Leeuwarden een negatief banksaldo. Bij huishoudens met een inkomen <101% is dat 1 op de 4.

15 Armoedemonitor Data Fryslân: Project Armoederegelingen: iedereen in beeld? 2018 16 CBS: Tot aan de pensioengerechtigde leeftijd is het sociaal minimum gelijk aan de hoogte van de bijstandsuitkering en vanaf de pensioengerechtigde leeftijd is het ontleend aan het AOW-pensioen.

17 Wie hebben een hoog risico op armoede Sociaal Planbureau Groningen

16

Van alle kinderen die in armoede leven, heeft 75% de basisschoolleeftijd of jonger. Dit maakt het primair onderwijs tot een belangrijke vindplaats en samenwerkings­ partner.

De ambitie: een armoedevrij Leeuwarden 17

De ambitie: een armoedevrij Leeuwarden De cijfers van armoede in Leeuwarden laten zien dat armoede in Leeuwarden nog altijd een actueel probleem is. Armoede kan grote gevolgen hebben. Armoede kan bijvoorbeeld slecht zijn voor de gezondheid, heeft invloed op de woonsituatie en zorgt voor minder ontwikkelkansen. Daarnaast kan het zorgen voor schaamte, sociale isolatie, eenzaamheid, stress en depressie.18

Armoede kan ook de oorzaak zijn van eerdergenoemde punten. Het is dus een probleem dat duidelijk een goede aanpak nodig heeft voor een lange termijn. Deze visie heeft daarom ook geen einddatum. Jaarlijks toetsen we de (deel)ambities en doelen en stellen we, binnen de bestaande verantwoordingsstructuur, concrete doelen voor het komende jaar. Ambitie We leggen de lat hoog. Onze ambitie is een armoedevrij Leeuwarden. Armoedevrij betekent niet dat er geen financiële armoede meer is. Dat kunnen we helaas niet waarmaken. We kijken naar de impact van armoede. Een armoedevrij Leeuwarden is een Leeuwarden waarin: ‘alle inwoners kunnen meedoen in de samenleving en zich kunnen ontwikkelen, waardoor zij een goede kwaliteit van leven ervaren en beschikken over voldoende middelen om dit te realiseren.’

Deze ambitie vraagt een aanpak op verschillende leefgebieden en leefdomeinen. Gericht op vernieuwing, borging en met aandacht voor wetenschap. Hierbij is samenwerking met externe partners en inwoners van groot belang. Deze aanpak bestaat uit 3 pijlers: 1. De laatste generatie in armoede 2. Het vergroten van de bestaanszekerheid 3. Het vereenvoudigen en versnellen van de schuldenaanpak Voor iedere pijler zijn korte- en lange termijn doelen geformuleerd. In het volgende hoofdstuk beschrijven we welke doelen dit zijn en hoe we die doelen gaan realiseren. In het hoofdstuk effectmeting en monitoring gaan we verder in op hoe we dit gaan meten. Als 0-meting gelden de cijfers die zijn opgenomen in de armoedemonitor.

Onze ambitie is een Leeuwarden waarin: ‘alle inwoners kunnen meedoen in de samenleving en zich kunnen ontwikkelen, waardoor zij een goede kwaliteit van leven ervaren en beschikken over voldoende middelen om dit te realiseren.’

18 https://www.armoedefonds.nl/gevolgen-van-armoede

18

Pijler 1 – De laatste generatie in armoede 19

Pijler 1 – De laatste generatie in armoede In het onderzoek van de Kinderombudsman ‘Alle kinderen kansrijk’ is gesproken met kinderen en jongeren die te maken hebben met armoede. Zij vertelden dat ze bang zijn dat er niet genoeg geld is voor eten of dat ze uit huis gezet zullen worden vanwege schulden. En ook dat ze niet altijd meekunnen met schoolreisje of uitgenodigd worden voor feestjes omdat ze zelf nooit een feestje geven. Door alle zorgen kunnen de kinderen en jongeren zich vaak niet goed concentreren op school. Armoede gaat om veel meer dan het niet hebben van spullen. Sociale uitsluiting en kansenongelijkheid liggen op de loer. Dit vraagt een stevige, onderbouwde aanpak.19

Ambitie Onze ambitie is om te voorkomen dat een overdracht van armoede plaatsvindt van generatie op generatie. Om dit te stoppen en het verschil te maken, focussen wij ons op kinderen die opgroeien in armoede. We zorgen ervoor dat kinderen die in armoede leven mee kunnen doen met school-, sport-, en cultuuractiviteiten. Daarnaast vergroten we hun ontwikkelkansen, bijvoorbeeld door de kinderen te laten kennismaken met geschoolde beroepen via bliksemstages. Het gezinssysteem is daarbij het uitgangspunt. Uit verschillende onderzoeken blijkt namelijk dat de crux hem zit in een integrale aanpak die het leven van kinderen op alle vlakken verbetert.20 Hiervoor is het nodig dat: 1. Ieder kind een sterke basis heeft 2. Ieder kind en ieder gezin mee kan doen 3. Ieder kind gelijke kansen heeft zich maximaal te ontwikkelen 4. Het gezin in armoede ontlast en ontstresst wordt Deze voorwaarden hebben we vertaald in korte- en lange termijn doelen.

20 Lusse, M. & Kassenberg, A. (2021). Omgaan met kinderarmoede in het sociaal domein. Handreiking voor professionals. Hogeschool Rotterdam en Hanzehogeschool Groningen; Visser, S. (2019). Mechanismen van en interventies bij intergenerationele armoede: Een literatuuronderzoek. Rijksuniversiteit Groningen; Kalthoff, H. (2020). Opgroeien en opvoeden in armoede. Utrecht: Nederlands Jeugdinstituut.

19 De wetenschappelijke onderbouwing van de aanpak van regeneratie van armoede is opgenomen in bijlage B

20

Figuur 2: Pijler 1: de laatste generatie in armoede Kansen voor kinderen 2 IKC's plus Ieder kind heeft een sterke basis

Kansrijke start Nationaal Programma Onderwijs Financiële educatie

Pijler 1: De laatste generatie in armoede

Ieder kind en ieder gezin kan meedoen

Sam& Bevorderen inclusie en geletterdheid

Verrijkende ervaringen Ieder kind heeft gelijke kansen zich maximaal te ontwikkkelen

Ambitie: We voorkomen overdracht van armoede van generatie op generatie

Projecten op basisscholen met behulp van Jeugdeducatiefonds Continueren initiatieven sport en cultuur Alliantie kinderarmoede

Gezinnen zijn ontlast en ontstresst

21

Versterken bestaanszekerheid Versterken stress-sensitief werken

Doelen Korte termijn (2022 en 2023): • Jaarlijks doen 10% meer kinderen in armoede mee aan school-, sport- en culturele activiteiten ten opzichte van het jaar daarvoor. • Jaarlijks doen 10% meer kinderen in armoede mee aan projecten die de ontwikkelkansen van kinderen vergroten ten opzichte van het jaar daarvoor (975 leerlingen zijn in 2020 bereikt door projecten van JINC). • Het percentage jongeren dat de startkwalificatie21 heeft behaald op 23-jarige leeftijd neemt jaarlijks toe (in schooljaar 2018-2019 behaalde 97,2% van de 9439 jongeren een startkwalificatie22). Lange termijn: • Kinderen die opgroeien in een gezin in de bijstand leven als volwassenen niet in de bijstand. • Het aantal kinderen dat opgroeit in armoede neemt af.

Aanpak Een sterke basis voor ieder kind Voor de (toekomst van de) samenleving is het van belang dat kinderen en jongeren zich gezond en veilig ontwikkelen. Hiervoor hebben ze een veelzijdige en uitdagende omgeving nodig, waarin ieder kind en iedere jongere zich veilig en prettig voelt, zijn talenten ontdekt en ontplooit, en optimaal tot zijn recht komt.23 Deze omgeving vormt een sterke basis.

21 Een startkwalificatie is een diploma havo, vwo, mbo niveau 2 of hoger. Als leerlingen van 16 tot 18 jaar val je onder de kwalificatieplicht. 22 https://www.ocwincijfers.nl/sectoren/onderwijs-algemeen/ documenten/publicaties/2020/11/16/vsv-per-gemeente 23 Samen-om-het-kind-Deel-1-Een-sterke-basis.pdf (nji.nl)

De gemeente Leeuwarden wil de ontwikkelingskansen voor kinderen vergroten door te investeren in het jonge kind en meer preventief te werken. Dit gaan wij doen door versterking van de samenwerking tussen ouders, onderwijs, jeugdzorg, sport en werk. Met name binnen de volgende actielijnen: • Kansen voor Kinderen 2: de Integrale Kindcentra (IKC’s), met name in de aandachtsgebieden HeechterpSchieringen, Vrijheidswijk en Bilgaard, Heechterp & Schieringen, Bilgaard & Havankpark e.o., Potmargezone, Oud-Oost, Nijlân & De Zwette en Huizum-West spelen hierbij een belangrijke rol. De IKC’s in deze wijken en buurten zijn de plekken waar het uitvoeringsprogramma ‘Kansen voor Kinderen 2’ (KvK2) in de periode 2021-2028 handen en voeten krijgt, omdat in die buurten en wijken de problematiek het grootst is. IKC’s in de aandachtsgebieden kunnen een ‘Plus’ krijgen. Dit betekent dat er voor hen extra middelen, personeel en ondersteuning beschikbaar zijn om de leef- en leeromstandigheden voor kinderen te verbeteren en de kans op achterstanden in onderwijs en opvang te verkleinen. Daar nemen we een periode van 8 jaar voor. • Kansrijke start: in het programma Kansrijke start wordt de samenwerking tussen de medische geboortezorg en het sociaal domein versterkt, waardoor zo vroeg mogelijk kwetsbare zwangeren of kwetsbare situaties in beeld komen.

Met dit programma voorkomen we blijvende achterstanden bij kinderen door het wegnemen van risicofactoren gedurende de zwangerschap en de eerste levensjaren.

• Nationaal Programma Onderwijs: vanuit het Nationaal Programma Onderwijs worden activiteiten ontwikkeld om de vaardigheden van leerlingen op cognitief, sociaal en emotioneel vlak te stimuleren.

22

• Schoolontbijt: we vinden het belangrijk dat kinderen met een gevulde maag in de schoolbanken zitten. Een gezond ontbijt vormt de basis voor een schooldag, waarmee de leermogelijkheden van kinderen worden vergroot. We onderschrijven het initiatief van de buurvrouw&buurvouw (b&b), die sinds deze zomer activiteiten gericht op het voorzien in een schoolontbijt bij Leeuwarder scholen verkend. Er is door een aantal scholen herkend en erkend dat dit probleem speelt. De school, ouders en b&b trekken hier samen in op.

• Financiële educatie: uit diverse onderzoeken komt de aanbeveling om kinderen verstandig te leren omgaan met geld. Belangrijk is dat er een doorlopende leerlijn is op het onderdeel financiële educatie, aansluitend bij het leerniveau en leeftijd van de kinderen. Samen met De Moedige Dialoog Leeuwarden werken we een divers aanbod in financiële educatie uit, dat ingezet kan worden op BO en VO. Een aandachtspunt is wanneer jongeren 18 jaar worden. Jongeren zijn dan volgens de wet volwassen en krijgen er automatisch verantwoordelijkheden bij, zoals zelf een zorgverzekering afsluiten en betalen, maar ook bijvoorbeeld het aanvragen van zorgtoeslag. Jongeren die Jeugdhulp ontvangen zijn vaak nog niet zelfstandig bij 18 jaar. Om hen te ondersteunen bij deze overgang en de (financiële) verantwoordelijkheden te dragen, wordt in afstemming met de jongere vanaf 16,5 jaar een toekomstplan opgesteld. Hiervoor heeft de gemeente Leeuwarden een format ontwikkeld. Het gaat om een samenwerkingsafspraak waar geen extra middelen voor worden ingezet. Het opstellen van een toekomstplan is opgenomen in de regionale contracten met alle Jeugdhulpaanbieders.

Ieder kind en ieder gezin kan meedoen Kinderen in armoede voelen zich vaak anders, omdat ze niet kunnen meedoen. Onder meedoen verstaan we onder meer het ontmoeten van anderen, deelnemen aan sportieve of culturele activiteiten en het hebben van een stabiele daginvulling. Sociale uitsluiting kan het gevolg zijn van niet meedoen. Van belang is dus dat kinderen en het gezin mee kunnen doen.24 Om het meedoen mogelijk te maken en te stimuleren, zetten we in op de volgende acties: • We blijven ook de komende jaren inzetten op het ontwikkelen en stimuleren van het gebruik van de regelingen binnen samenvoorallekinderen.nl (Sam&) Dit is een samenwerking tussen Leergeld, Jeugdfonds Sport en Cultuur, Stichting Jarige Job, Kinderhulp. De ambitie wordt gerealiseerd door landelijke en lokale campagnes. • We bevorderen (digitale) inclusie en geletterdheid bij kinderen en volwassenen. Vanuit de Inclusie Agenda 2020-2022 en het Uitvoeringsprogramma Laaggeletterdheid Leeuwarden zijn er initiatieven ontwikkeld om dit verder vorm te geven. Gelijke kansen voor ontwikkeling In onze gemeente willen we niet dat het uitmaakt waar je wieg staat en dat dit invloed heeft op de ontwikkeling van een kind. Ieder kind heeft gelijke kansen om zich te ontwikkelen. Om dit te bevorderen zetten wij in op de volgende actielijnen:

24 Lusse, M. & Kassenberg, A. (2021). Omgaan met kinderarmoede in het sociaal domein. Handreiking voor professionals. Hogeschool Rotterdam en Hanzehogeschool Groningen.

• Verrijkende ervaringen: we willen dat in 2022 10% meer jongeren deelnemen aan diverse projecten die ontwikkelkansen van jongeren vergroten. We streven daarbij naar een “doorlopende ervaringslijn”. Daarmee bedoelen we dat we jongeren op het VO in de kansarme wijken ieder jaar een project aangereikt krijgen, zodat ze jaar op jaar een ervaring hebben die bijdraagt aan hun ontwikkeling. We onderzoeken de mogelijkheid dit te ontwikkelen binnen het Programma Leeuwarden Oost. • Via de samenwerking met het Jeugdeducatiefonds willen we de ontwikkelkansen van kinderen in het primair onderwijs vergroten. Door middel van cofinanciering draagt het Jeugdeducatiefonds bij aan projecten op Leeuwarder basisscholen. • We continueren initiatieven als sport- en cultuurcoaches, Jonge helden, het project Circus Adje Lambertz en Centrum voor talentontwikkeling. • De gemeente Leeuwarden wordt partner van de Alliantie Kinderarmoede. De Alliantie Kinderarmoede is een kennisplatform van publiekprivate partijen die een einde willen maken aan kinderarmoede. Binnen deze samenwerking worden werkzame initiatieven uitgewisseld. Het gezin (in armoede) ontlasten en ontstressen Kinderen dragen ook de lasten van de geldzorgen thuis. Bij het voorkomen dat armoede van generatie op generatie overgaat, is het dus van belang niet alleen te kijken naar het kind, maar het gezin te ontlasten en ontstressen.

Hiervoor zetten we in op: • Het vergroten van de bestaanszekerheid van volwassenen, ouders en gezinnen (hierop gaan we verder in bij Pijler 2). • Het versterken van een stress-sensitieve manier van werken (hierop gaan we verder in het hoofdstuk Werkwijze en dienstverlening).

23

‘Ik probeer de eindjes aan elkaar te knopen zonder hulp. Maar toen mijn dochter jarig was en ik geen geld had voor de traktatie op school, kreeg ik een bedrag van de vrijwilliger van het bewonersbedrijf. Daar heb ik een vertrouwensband mee en zij kent mijn situatie.’

Pijler 2 - Het vergroten van bestaanszekerheid 24

Pijler 2 - Het vergroten van bestaanszekerheid Bij bestaanszekerheid gaat het erom dat iemand voldoende geld heeft om een dak boven het hoofd te hebben, te eten en kleding te kopen. Bestaanszekerheid betekent ook dat het mogelijk is te sparen zodat er een financiële buffer is en dat er zorg is als je ziek wordt. Dit zijn voorwaarden om de rust en ruimte te vinden voor ontwikkeling en meedoen in de samenleving. Uit ervaringen van onder andere Inclusieve Stad weten we dat in veel gevallen de bestaanszekerheid ontbreekt en dat het investeren daarin veel oplevert.

Ambitie Onze ambitie is om de bestaanszekerheid van inwoners te vergroten, zodat iedereen in staat is om te voorzien in zijn of haar primaire levensbehoeften en hierdoor mee kan doen in de samenleving. Dit betekent dat: 1. wonen voor iedereen betaalbaar is 2. iedereen toegang heeft tot gezondheidszorg 3. zoveel mogelijk mensen richting werk worden begeleid 4. er een veilige leefomgeving is 5. we met inwoners kijken hoe we het bestaansminimum kunnen zekerstellen

Doelen Korte termijn (2022 en 2023): • Jaarlijks realiseren we een stijging van 10% ten opzichte van het voorgaande jaar in het bereik van de energiecoaches (722 huisbezoeken in 2020). • Geen huisuitzettingen op grond van huurachterstanden (2 huisuitzettingen op basis van betalingsachterstanden in 2020). • De gemeente draagt zorg voor het aanbieden van een (financieel) passende zorgverzekering voor alle minima (met hoge zorgkosten) en voorkomt achterstanden op de zorgpremie (3.300 huishoudens in 2020). • Jaarlijks realiseren we een stijging van 5% ten opzichte van 2020 in het gebruik van de minimaregelingen (1.350 huishoudens maken gebruik van Bijzonder Bijstand) • Alle inwoners en hulpverleners zijn op de hoogte van de verschillende inkomensregelingen.

Lange termijn: • Iedere inwoner heeft een passende woning die bijdraagt aan het woongenot. • Inwoners zijn tevreden over de leefbaarheid in hun wijk. • Over 10 jaar is 75% van de bijstandsgerechtigden naar maximaal vermogen actief op de reguliere arbeidsmarkt. • Een daling van het aantal inwoners dat gebruik maakt van inkomensregelingen.

Aanpak 1. Wonen is voor iedereen betaalbaar De betaalbaarheid van woningen is de afgelopen jaren verslechterd. Met name voor huishoudens met een laag inkomen vormen de hoge woonlasten vaak een probleem en een toename van de betaalrisico’s. Uit een onderzoek van het Nibud25 blijkt dat woonlasten onevenredig oplopen binnen het huishoudbudget; 26% van de huurders heeft zelfs te hoge woonlasten om te voorzien in de primaire levensbehoeften. Daarnaast blijkt uit cijfers van de VNG26 dat in 2019 landelijk 14.3% van de huishoudens in corporatiewoningen een betaalrisico lopen. In Leeuwarden is dit 16.8%. TNO becijferde onlangs dat ruim een half miljoen huishoudens in Nederland door slecht geïsoleerde woningen 40% meer gas en 10% meer elektriciteit gebruikt dan gemiddeld.27

25 Hoe gaan mensen om het hoge woonlasten, 2019 26 Waarstaatjegemeente.nl 27 De feiten over energiearmoede, 2021

25

Figuur 3 – Pijler 2 Vergroten van bestaanszekerheid

Minder huishoudens me betaalrisico Voldoende sociale woningen Wonen is voor iedereen betaalbaar

Voorkomen huisuitzettingen door vroegsignalering Betaalbare energielasten Balans particulier-sociale huur Positieve gezondheid Doorbreken ongezonde leefpatronen jongeren

Iedereen heeft toegang tot gezondheidszorg

Collectieve zorgverzekering

Pijler 2:

Aansluiten Friese preventieaanpak, kansrijke start en sportakkoord

Vergroten van bestaanszekerheid

Betaalbare gezonde voeding Sport en bewegen toegankelijk voor jongeren Wegnemen van belemmeringen

Ambitie: We vergroten de bestaanszekerheid van bewoners zodat iedereen in staat is en voorzien in zijn of haar primaire levensbehoeften en mee kan doen in de samenleving

Zoveel mogelijk mensen zijn aan het werk

Stimuleren door deeltijdpremie Meer inzetten van inkomstenverekening Surplus Project schuldenproblematiek jongeren Aandacht voor relatie armoede-geweld in

De leefomgeving is veilig

Aanpak geweld in afhankelijkheidsrelatie Fries actieplan duurzame aanpak geweld in afhankelijkheidsrelaties Lokaal actieplan huiselijk geweld

Bereiken moeilijk bereikbare doelgroepen minimaregelingen Meer zekerheid over bestaansminimum

Informeren werkende armen Communicatieplan minimaregelngen Vergroten toegankelijkheid regelingen Meedoen-pas Financieel ontzorgen en financiële zelfredzaamheid nieuwkomers

26

Daardoor zijn deze huishoudens een relatief groot deel van hun (lage) inkomen kwijt aan de energierekening. In de Volkshuisvestingsvisie 2021 “Leeuwarden ongedeeld en vitaal” heeft de gemeente een stevige ambitie voor betaalbaar wonen geformuleerd. Wonen is een basisbehoefte en dient voor eenieder toegankelijk te zijn, ook financieel. Betaalbaar wonen betekent dat een huishouden in staat moet zijn om na aftrek van de woonlasten voldoende geld over te houden voor de overige primaire levensbehoeften. Tot woonlasten behoren de huur- of hypotheekkosten en de kosten voor water, elektriciteit en gas. In de betaalbaarheid van wonen spelen verschillende partijen een rol. De betaalbaarheid van wonen geven we vorm langs de volgende actielijnen: • Het verkleinen van het aantal huishoudens met een betaalrisico • Het creëren van voldoende sociale huurwoningen • Het voorkomen van huisuitzettingen door huurachterstand middels vroegsignalering • Het realiseren van betaalbare energielasten • Aanpassen balans tussen particuliere en sociale huur Voor de verdere uitwerking verwijzen wij naar de Volkshuisvestingsvisie 2021. Voor de komende jaren blijven we onze aanpak langs deze lijnen vormgeven.

Daarnaast zetten we in op het verder verbeteren van vroegsignalering, de invoering van de Voorzieningenwijzer, de verzilverlening en de borgstelling voor een duurzaamheidslening voor mensen die voor de verduurzaming van hun woning geen reguliere lening kunnen krijgen.

2. Gezondheidszorg is toegankelijk Gezondheid en armoede zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Uit cijfers blijkt dat bij huishoudens met een lager inkomen vaker sprake is van een ongezonde levensstijl. Deze inwoners hebben hogere zorgkosten, zijn meer aangewezen op Wmo-voorzieningen en zijn vaker niet in staat volledig te werken. Armoede kan zowel op de fysieke als de mentale gezondheid nadelige effecten hebben. Zo kan stress, door bijvoorbeeld schulden, tot veel andere gezondheidsproblemen leiden. De samenhang tussen armoede en gezondheid is al zichtbaar tijdens de zwangerschap en de eerste levensjaren van een kind. Moeders die leven in armoede roken en drinken meer tijdens de zwangerschap.28 Daarnaast constateren consultatiebureaus dat kinderen die opgroeien in armoede vaker overgewicht hebben en dat er vaker sprake is van ontwikkelingsachterstand. Kinderen die opgroeien in armoede beginnen dus ook met een gezondheidsachterstand. Het is daarom van belang armoede en gezondheid niet los van elkaar te zien, maar integraal op te pakken samen met andere beleidsterreinen als onderwijs, jeugd en Wmo. Naast de aanpak om de brede gezondheid van inwoners te verbeteren, willen we ook de noodzakelijke zorg die inwoners nodig hebben betaalbaar houden. Voor de groep minima met structureel hoge zorgkosten is er de collectieve zorgverzekering AV Frieso compleet.

Het oorspronkelijke doel van deze verzekering was inwoners met een laag inkomen toegang te geven tot betaalbare zorg.

Maar de collectieve zorgverzekering bevindt zich steeds meer op het snijvlak van het beleid rondom armoede, schulden en zorg. De verzekering kan schulden voorkomen, zorgmijding tegengaan, biedt inkomensondersteuning en voorkomt wanbetaling. Het is belangrijk om de toegankelijkheid van de zorg te waarborgen en tegelijkertijd de kosten beheersbaar te houden. Daarom is er recent opdracht gegeven tot een evaluatie van de AV Frieso. Op basis van de resultaten geven we invulling aan een (meer) toekomstbestendig instrument om de zorg voor inwoners met een laag inkomen toegankelijk en betaalbaar te houden. Om gezondheid te verbeteren en armoede te verlichten zetten we in op de volgende actielijnen: • Werken vanuit het gedachtegoed van positieve gezondheid om integraal inwoners te ondersteunen. • Inzet op jongeren van 0-18 jaar oud om in een vroeg stadium ongezonde leefpatronen te doorbreken. Hierin samen optrekken met de ouders. • Blijven aanbieden van collectieve zorgverzekering voor minima in 2022 en 2023. • Aansluiting zoeken bij de ‘Friese Preventieaanpak’, ‘kansrijke start’ en het ‘sportakkoord’. • Gezonde voeding betaalbaar en toegankelijk maken en houden voor gebruikers van de voedselbank. Hierbij gaan we nauw samenwerken met de voedselbank. • Sporten en bewegen toegankelijk houden voor kinderen uit minima gezinnen.

28 https://publicaties.zonmw.nl/voor-vrouwen-met-een-lagesociaaleconomische-status-is-stoppen-met-roken-extra-lastig/

27

3. Zoveel mogelijk mensen aan het werk De ambitie is om zoveel mogelijk mensen te ondersteunen richting werk en de belemmeringen zoveel mogelijk weg te nemen: ‘Iedereen die kan werken, gaat ook aan het werk!’ Wij zijn ervan overtuigd dat het voor ieder mens belangrijk is om te werken. Het versterkt het gevoel van eigenwaarde, geeft zin, zorgt voor dagritme en het biedt mogelijkheden voor sociale contacten en bovenal perspectief. Of het nou om betaald werk gaat of onbetaald werk. Het is een manier om te participeren en (weer) onderdeel te worden van de samenleving. Dit is een belangrijke factor voor bestaanszekerheid. Om meer mensen naar werk toe te leiden, zetten we in op de volgende actielijnen: • Het wegnemen van belemmeringen: vanuit de uitvoering ondersteunen we waar nodig om mensen maximaal mee te laten doen in de maatschappij. Dit doen we door onder meer bronnen van stress (zoals schulden) zoveel mogelijk weg te nemen of te reduceren. Daarnaast willen we inwoners persoonlijk en op maat inzicht geven in wat het aanvaarden van werk betekent in hun situatie. Als daar knelpunten in zitten, nemen we deze waar mogelijk weg. • Werken stimuleren door middel van deeltijdpremie: iedere uitkeringsgerechtigde van 27+ jaar krijgt eens per half jaar een premie toegekend van 8% van de inkomsten over dat half jaar.

Bij iedere maand deeltijd werken, komt dit neer op ongeveer een extra maandinkomen per jaar. De hoogte van de premie belemmert volledige uitstroom uit de bijstand naar werk niet, omdat deze genoeg is om werk lonend te maken, maar niet zo hoog dat mensen te maken krijgen met de armoedeval. De premie wordt vanaf 1 januari 2019 toegepast. In 2022 wordt de effectiviteit onderzocht.

• Het verhoogd inzetten van Surplus: Surplus is een andere manier van inkomstenverrekening van loon met de bijstandsuitkering. Surplus wordt altijd toegepast in overleg met de inwoner. Bij Surplus krijgen inwoners hun loon en aanvullende uitkering maandelijks op een vast betaalmoment door de gemeente uitbetaald. Dit biedt meer stabiliteit, zekerheid, rust en overzicht voor de inwoner. De verrekenmethode is met name geschikt voor mensen met sterk wisselende inkomsten (bijv. 0- uren contracten) of onregelmatig inkomen (bijv. 4-wekelijkse betaling van loon, waardoor de betaaldatum per maand wisselt). Ook bij meerdere werkgevers kan Surplus uitkomst bieden. Momenteel zitten er ca 40 bijstandsgerechtigden in deze verrekenmethode. We gaan de methode vaker aanbieden aan inwoners. • Het project schuldenproblematiek jongeren tot 27 jaar (onderdeel van het project i4sociaal29). Hierin wordt gekeken naar mogelijkheden voor preventie, bewustwording en een slimme manier van gegevensuitwisseling met onze schuldhulpverleningspartijen. Het doel is om tijdig de juiste hulp, informatie en middelen in te zetten bij financiële problemen, zodat de belemmering om naar school of aan het werk te gaan zoveel mogelijk weg kan worden weggenomen. Hierbij werken we samen met ervaringsdeskundigen om zo goed mogelijk aan te kunnen sluiten op de denk- en leefwereld van de jongeren.

4. Veilige leefomgeving Armoede en schulden hebben op verschillende manieren een relatie met veiligheid. Armoede en financiële problemen kunnen zowel risicofactoren (oorzaak) als gevolg zijn van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Ook is er een relatie tussen armoede en de leefbaarheid (inclusief veiligheid) in verschillende wijken. Armoede vormt een risico voor geweld in afhankelijkheidsrelaties. Financiële problemen, werkloosheid en slechte omstandigheden tot stress en geweld kunnen leiden. Armoede is een gevolg van geweld bij bijvoorbeeld uitbuiting van ouderen of vrouwen in de vrouwenopvang. In het laatste geval kan geweld ook gevolgen hebben voor opleiding, werk en wonen. Zo blijkt uit onderzoek dat 40% van de slachtoffers moest verhuizen en eenzelfde percentage zichzelf financiële beperkingen moest opleggen.30 De aanpak van armoede en schulden dient rekening te houden met de relaties tussen armoede, geweld en criminaliteit. Dit geven we vorm door aansluiting te zoeken met bestaand beleid, zoals: • De Regiovisie ‘Aanpak geweld in afhankelijkheidsrelaties’ • Fries Actieplan ‘Een duurzame aanpak van geweld in afhankelijkheidsrelaties’ • Het Lokaal Actieplan Huiselijk Geweld en Kindermishandeling We nemen armoede als risicofactor en gevolg van geweld en onveiligheid op in dit beleid.

29 i4Sociaal staat voor een nieuwe, innovatieve manier van communiceren en informeren binnen het sociaal domein. De vier belangrijkste uitgangspunten zijn: persoonlijk, zelfstandig, vrij(blijvend) en verbindend.

30 https://www.movisie.nl/artikel/financiele-kwetsbaarheid-huiselijkgeweld-kindermishandeling

28

Een concreet voorbeeld hiervan is de aanpak van financieel misbruik bij ouderen. In Leeuwarden is hiervoor de werkgroep Veilig Ouder Worden Leeuwarden opgericht. Dit is een samenwerking van verschillende ketenpartners binnen de gemeente die een bijdrage leveren aan het voorkomen en signaleren van financieel misbruik bij ouderen, het verlagen van de drempel voor het vragen van advies en het versterken van elkaars kennis. In deze werkgroep zit een afvaardiging van notarissen, bewindvoering, bank, Veilig Thuis, gebiedsteams (Amaryllis) en gemeente (beleid). Binnen de werkgroep wordt gefocust op de eerste stap: bewustwording van het bestaan van (financieel) misbruik van ouderen. Dit draagt bij aan het voorkomen van en signaleren van ouderenmishandeling. 5. Meer zekerheid over bestaansminimum De gemeente heeft de wettelijke plicht om inwoners die niet in hun eigen bestaan kunnen voorzien een uitkering te verstrekken. Door verschillende omstandigheden komt het echter weleens voor dat het inkomen onder het bestaansminimum daalt. Dit is niet wenselijk omdat dit tot armoede en schuldenproblematiek kan leiden. Daarom stelt de gemeente zich ten doel haar inwoners zo veel mogelijk zekerheid te bieden over hun bestaansminimum en met inwoners te kijken van welke minimaregelingen zij gebruik kunnen maken wanneer hun inkomen hieronder dreigt te komen.

Dit doet de gemeente met de volgende minimaregelingen: • Collectieve ziektekostenverzekering (AV Frieso Compleet) • Individuele inkomenstoeslag • Individuele studietoeslag • Sam& voor alle kinderen • Kwijtschelding • Bijzondere bijstand

Daarnaast is de ruimte voor het ontvangen van giften voor mensen die een bijstandsuitkering ontvangen verruimd van €500 naar €1.200 per jaar. De afgelopen jaren is er hard gewerkt om het aantal inwoners dat gebruik maakt van de minimaregelingen te vergroten.31 Dit is gedaan op de volgende twee manieren:

‘We zetten erop in dat ieder kind en gezin kan meedoen.’

1. Vergroten van de bekendheid van de minimaregelingen. 2. Toegankelijker maken van de minimaregelingen.32 Niet alle inwoners met een minimuminkomen zijn bij de gemeente in beeld. Het gaat dan onder andere om werkende armen (in loondienst of zzp’ers) of inwoners met een uitkering van UWV of SVB. Deze groep is lastig vindbaar. Om het gebruik van de regelingen nog verder te vergroten, gaan we de komende jaren inzetten op: • Het bereiken van de werkende armen: naar aanleiding van een onderzoek over hoe werkende armen te bereiken, wordt er vanaf 2022 gestart met het aanbieden van informatiepakketten aan werkgevers. • De toegankelijkheid minimaregelingen vergroten: de individuele inkomenstoeslag wordt, voor inwoners die een bijstandsuitkering ontvangen en eerder individuele inkomenstoeslag hebben ontvangen, zoveel mogelijk automatisch toegekend. Voor inwoners zonder een bijstandsuitkering is dat niet uitvoerbaar. Onderzocht wordt of voor deze inwoners de aanvraagprocedure voor een nieuwe aanvraag vereenvoudigd kan worden. Ingezet wordt op een proactieve benadering van de inwoners, bijvoorbeeld door de inzet van ervaringsdeskundigen.

31 Voor cijfers van bereik van de minimavoorzieningen over de afgelopen jaren zie bijlage E 32 Voor bestaande afwegingskaders minimaregelingen zie bijlage E

• In 2022 wordt er een enquête uitgezet onder gebruikers van de minimaregelingen om input te krijgen voor de wijze waarop het bereik kan worden vergroot. • Op dit moment is het lastig om het bereik van de minimaregelingen weer te geven op de totale populatie van inwoners die er recht op heeft. Om beter zicht te krijgen op dit bereik, zetten we in op het verbeteren van de armoedemonitor. Meedoen-pas Het is belangrijk dat ieder kind en gezin mee kan doen. In pijler 1 geven we aan dat we hierop inzetten. Met Sam& is dat voor de kinderen in de gemeente Leeuwarden geregeld. Dit willen we ook voor volwassenen realiseren. Er zijn diverse voorbeelden van steden die werken met een pas, zoals de Stadjespas in Groningen, de U-pas in Utrecht en de Ooievaarspas in Den Haag. We gaan in 2023 verkennen of het invoeren van een dergelijke pas in Leeuwarden haalbaar is. Nieuwkomers Het vergroten van bestaanszekerheid geldt voor iedereen binnen gemeente Leeuwarden. Een doelgroep die specifieke aandacht vraagt zijn de nieuwkomers. Het is gebleken dat nieuwkomers kwetsbaar zijn op het gebied van financiële zelfredzaamheid.

29

Op 1 januari 2021 is de nieuwe inburgeringswet in werking getreden. Hierdoor is de gemeente verantwoordelijk voor de organisatie en uitvoering van het nieuwe inburgeringsstelsel. Uit deze nieuwe wet volgt onder andere de verplichting dat uitkeringsgerechtigde inburgeraars financieel worden ontzorgd. Daarnaast wordt de gemeente verantwoordelijk voor de begeleiding gericht op financiële (zelf)redzaamheid. De aanpak hiervan is in samenhang opgesteld met het beleidsplan nieuwkomers Leeuwarden 2021 en ziet er als volgt uit: • Financieel ontzorgen: dit is een technische taak en gaat over het doorbetalen van de vaste lasten. Dit zijn de huur, gas/water/licht en de zorgverzekering. Dit geeft nieuwkomers de ruimte om stap voor stap te oefenen met overige zaken die betaald moeten worden; • Financiële zelfredzaamheid: vanaf de start van het ontzorgen, zet de gemeente in op begeleiding naar zelfredzaamheid. Hiermee wordt voorkomen dat na de verplichte periode van ontzorgen alsnog financiële problemen ontstaan. De uitvoerder maakt een persoonlijk plan met de nieuwkomer en hangt in drie fasen samen met het ontzorgen. De begeleiding is gericht op: begrijpen wat er in de ontzorging gebeurt (stap 1), begeleiding in het leren van het zelf doen (stap 2) en begeleiding en ondersteunen waar nodig (stap 3).

Pijler 3 - Het vereenvoudigen en versnellen van de schuldenaanpak 30

Pijler 3 - Het vereenvoudigen en versnellen van de schuldenaanpak Armoede beperkt zich niet tot mensen met een erg laag inkomen. Iedereen kan voor korte of langere tijd in armoede terecht komen door schulden. Een belangrijke oorzaak voor het ontstaan van schulden zijn levensgebeurtenissen, zoals het verliezen van een baan, echtscheiding of een verhuizing. Leeuwarden wil een nieuwe aanpak inzetten voor schulden, waarin het vroeg signaleren van mogelijke financiële problemen na levensgebeurtenissen en snel ingrijpen centraal staan.

Ambitie De ambitie van de schuldenaanpak is het voorkomen, vroeg signaleren en duurzaam oplossen van (escalatie van) schuldenproblematiek. Hiervoor is het nodig dat de aanpak: 1. integraal wordt geboden 2. preventief en proactief wordt ingezet 3. snel en effectief is 4. een duurzame oplossing biedt In onze aanpak staat de inwoner centraal en willen we samen met inwoners en samenwerkingspartners inzetten op oplossingen waar inwoners echt wat aan hebben. Doelen Korte termijn (2022 en 2023): • Jaarlijks realiseren we een daling van 10% ten opzichte van het voorgaande jaar in uitval tijdens de schuldhulpverlening. • Jaarlijks realiseren we een daling van 5% ten opzichte van het voorgaande jaar in terugval van schulden/schuldhulpverlening. In 2020 had 4,27% van de inwoners en 11% van de ondernemers die zich meldden voor schuldhulpverlening eerder gebruik gemaakt van schuldhulpverlening. • Jaarlijks realiseren we een stijging van 5% ten opzichte van het voorgaande jaar in het gebruik van de schuldhulpverlening. In 2020 meldden 343 inwoners zich voor de particuliere schuldhulpverlening en 38 ondernemers voor de zakelijke schuldhulpverlening.

31

• Jaarlijks vergroten wij het bereik met onze vroegsignaleringsaanpak met 5%. Lange termijn: • Inwoners weten waar ze terechtkunnen bij hulp bij (beginnende) schulden • Inwoners met schulden worden in een zo’n vroeg mogelijke stadium geholpen • Inwoners die schuldhulpverlening succesvol hebben afgerond komen niet opnieuw in de schulden • Over 5 jaar daalt de instroom in de schuldhulpverlening ten opzichte van het voorgaande jaar • Minder huishoudens hebben achterstanden in de betaling van hun vaste lasten en/of rekeningen

Figuur 4 – Pijler 3 Het vereenvoudigen en versnellen van de schuldenaanpak Integrale schuldenaanpak

Regie in de keten Afspraken over rol, taken en warme overdracht Preventief werken bij levensgebeurtenissen

Pijler 3: Vereenvoudigen en versnellen schuldenaanpak

Doorbreken van taboe Preventief en proactief

Vroege hulp door intensievere samenwerking Sociaal incasseren Onderzoek overnemen lasten nieuwskomers Continueren bestaande aanpak

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=6491b2e0-eb8b-484b-97bf-d87279287d34