Trends in Beeld 1 juni 2021
Tekst van het document
Gemeente Leeuwarden
Trends in Beeld 2021 Leeuwarden in cijfers, grafieken en kaarten
Rapportage, Statistiek & Onderzoek, Gemeente Leeuwarden 27 mei 2021 Michelle Melens Jaap Stuiver Erik van den Akker Ettje Tigchelaar 1
Trends in Beeld 2021 Inleiding In dit rapport vindt u de actuele (trend-)gegevens over gemeente Leeuwarden tot en met het jaar 2020. Dit rapport is gemaakt om inzicht te verkrijgen in trends op de hoofdlijnen die te maken hebben met vrijwel alle gemeentelijke beleidsvelden. Deels als basis en motivatie voor nieuw beleid, deels om te zien om wat werkt en wat (nog) niet werkt. Ook kan het zicht verschaffen op elkaar tegenwerkende situaties of bewegingen waardoor de gemeentelijke beleidsinspanningen mogelijk worden overtroffen of te niet gedaan. Zoals de coronacrisis veel doelstellingen en verwachtingen overhoopgegooid heeft. De opgenomen grafieken zijn vooral bedoeld om signalerend te zijn; indien bekend, is een korte verklaring gegeven van opgetreden ontwikkelingen. Vanwege de grote variatie in onderwerpen is het aan te bevelen om per onderwerp een inhoudelijk deskundige te raadplegen als meer informatie, een verdere verklaring of uitleg over een opgetreden trendbreuk nodig is. Overzicht van de onderwerpen: 1. Algemene trends 2. Cultuur 3. Sport 4. Jeugd en onderwijs 5. Sociaal maatschappelijke ontwikkeling 6. Werk en inkomen 7. Economie en toerisme 8. Wonen en milieu 9. Infrastructuur en mobiliteit 10. Beheer en leefomgeving 11. Veiligheid, openbare orde en handhaving 12.
Bestuur en middelen De gebruikte bronnen zijn vaak landelijk (CBS, werkgelegenheidsregister), maar ook gemeentelijke bronnen zijn benut (wijk- en dorpsenquêtes). Alle grafieken en tabellen zijn voorzien van een korte toelichting. Onderstaand een korte omschrijving van de opvallendste aspecten, inclusief achtergrondschets welke van belang is voor de juiste interpretatie van de gegevens (o.a. de gemeentelijke herindelingen).
Achtergrond bij de interpretatie van de gegevens Gemeente Leeuwarden is een gemeente waarvan het inwonertal jaarlijks met zo’n 500-600 inwoners toeneemt. Door de twee herindelingen in 2014 en 2018 kwamen er zo’n 24.000 extra inwoners bij. Deze herindelingen werken door in allerlei cijfers. Bijvoorbeeld op het gebied van overlast, zo is er op het platteland minder overlast van burengerucht veelal omdat er relatief meer vrijstaande woningen staan. Ook is het aandeel huurwoningen er lager. Bij het beschouwen van trends is het goed dit in het achterhoofd te houden. Een andere trend is de vergrijzing. De komende 20 jaar gaat vooral het aantal (en aandeel) 65-plussers toenemen en het aantal 20 tot 64-jarigen afnemen. De afgelopen jaren is er al sprake van vergrijzing geweest, dit heeft gevolgen voor oordelen over de leefomgeving en de gewenste voorzieningen en het gebruik daarvan.
2
Eveneens spelen de wooncrisis en de coronacrisis een rol. Zo heeft gemeente Leeuwarden in 2020 voor het eerst in jaren een positief migratiesaldo met overig Nederland (exclusief Friesland). Vanaf 2018 was hier al iets van een kentering zichtbaar. Wellicht speelt de krapte op de woningmarkt/ wooncrisis hierin een rol omdat deze krapte zich in de Randstad eerder liet voelen. Op economisch gebied, denk aan banengroei, inkomensgroei en afname werkloosheid ging het sinds 2015 niet slecht. Tot april 2019 tot de meest recente gegevens van april 2020, toen was weer sprake van een (lichte) banenkrimp in Leeuwarden na jaren van sterke banengroei. De coronacrisis zorgde onder andere voor een dalende bezetting van binnenstadsparkeergarages en minder vrijetijdsbezoek in 2020. Tenslotte is het goed om u te realiseren dat Leeuwarden een studentenstad is. Bij veel wijk- en dorpsenquête uitkomsten zit als achterliggend gegeven dat veel ‘aandachtswijken’ zowel veel studentenhuishoudens tellen als bijstandshuishoudens, twee verschillende groepen in één wijk. Waarbij de studenten vaak blijk geven van een optimistisch toekomstbeeld. Gemeente Leeuwarden heeft vanwege haar opleidingsfunctie/hbo-stad structureel een positief migratiesaldo van 15 t/m 19jarigen, lees voornamelijk studenten. Op iets oudere leeftijd vertrekt een deel van deze groep weer.
3
Inhoud Hoofdstuk 1 - Algemene trends...................................................................................................... 7 1.1 Ontwikkeling inwonersaantal .......................................................................................... 7 1.2 Prognose groene en grijze druk totale bevolking .............................................................. 7 1.3 Migratiesaldo................................................................................................................. 8 1.4 Migratiesaldo naar leeftijdsgroep .................................................................................... 8 1.5 Positie Woonaantrekkelijkheidsindex en Sociaal Economische Index ................................. 9 1.6 Samenstellende elementen positie Woonaantrekkelijkheidsindex.....................................
9 1.7 Samenstellende elementen positie Sociaal Economische Index ........................................10 1.8 Rang per onderdeel op Atlas voor Gemeente ..................................................................11 Hoofdstuk 2 - Cultuur ...................................................................................................................12 2.1 Aantal banen (15 uur of meer) in bedrijfsklasse kunst......................................................12 2.2 Aantal vestigingen in bedrijfsklasse kunst .......................................................................12 2.3 Bezoekersaantallen musea.............................................................................................13 2.4 Percentage met anderen muziek maken of andere creatieve zaken..................................14 2.5 Deelname volwassenen aan kunstzinnige activiteiten naar opleidingsniveau ....................14 2.6 Gebruik en voldoende aanwezig zijn Bibliotheek en Kunstkade ........................................15 2.7 Gebruik Kunstkade naar wijk gemiddelde 2018-2020.......................................................16 2.8 Gebruik Bibliotheek naar wijk gemiddelde 2018-2020 .....................................................17 2.9 Rapportcijfer Bibliotheek en Kunstkade ..........................................................................18 2.10 Bekendheid en
enthousiasme triënnales.........................................................................18 2.11 Enthousiasme triënnales naar wijk .................................................................................19 Hoofdstuk 3 - Sport ......................................................................................................................20 3.1 Gebruik van gemeentelijke zaalaccommodaties (in uren).................................................20 3.2 Gebruik van gemeentelijke accommodaties (in uren) ......................................................20 3.3 Aantal bezoeken zwembaden.........................................................................................21 3.4 Rang per themaonderdeel sport/gezondheid op Atlas voor Gemeenten ...........................21 3.5 Hoe vaak sporten ..........................................................................................................22 3.6 Minstens 1x per week sporten naar wijk .........................................................................23 Hoofdstuk 4 - Jeugd & Onderwijs ..................................................................................................24 4.1 Ontwikkelingen leerlingen (speciaal) basisonderwijs .......................................................24 4.2 Ontwikkeling aantal hbo-studenten tegenover 17 t/m
24-jarigen.....................................25 4.3 Aantal bo-, vo- en mbo-leerlingen en hbo- en wo-studenten............................................25 4.4 Aantal leerlingen voortgezet onderwijs...........................................................................26 4.5 Prognose aantal leerlingen voortgezet onderwijs ............................................................26 4.6 Geïndexeerde prognose aantal leerlingen voortgezet onderwijs ......................................27 4.7 Aantal wo-studenten.....................................................................................................27 4.8 Aantal hbo-studenten....................................................................................................28 Hoofdstuk 5 - Sociaal Maatschappelijke Ontwikkeling ....................................................................29 5.1 Geluksgevoel naar wijk ..................................................................................................29 5.2 Goede gezondheid naar wijk ..........................................................................................30 5.3 Contact met buren ........................................................................................................31 5.4 Contact met vrienden....................................................................................................31 5.5 Eenzaamheid
................................................................................................................32 5.6 Gevoel van eenzaamheid naar dagelijkse hoofdbezigheid................................................32 5.7 Deelname activiteiten wijkgebouw of dorpshuis .............................................................33 5.8 Contact met wijkpanel of dorpsbelang............................................................................33 5.9 Functioneren wijkpanel of dorpsbelang ..........................................................................34 5.10 Vrijwilligerswerk verricht ...............................................................................................34 5.11 Reden waarom geen vrijwilligerswerk gedaan wordt .......................................................35 5.12 Geven en willen geven van mantelzorg ...........................................................................35 4
5.13 (Mentale) gezondheid, beperkingen en mentale verslechtering door Coronacrisis per wijk36 5.14 Bekendheid welzijnsvoorzieningen .................................................................................37 5.15 Gebruik Welzijnsvoorzieningen ......................................................................................37 5.16 Afgelopen 12 maanden gediscrimineerd gevoeld ............................................................38 5.17 Aantal personen met een maatwerkarrangement (WMO) per 1.000 inwoners..................38 5.18 Gemeentelijke uitgaven WMO-maatwerkvoorzieningen, vergelijking ...............................39 5.19 Gemeentelijke uitgaven WMO-maatwerkvoorzieningen, trend ........................................40 5.20 Aantal WMO-cliënten per 1000 inwoners in een wijk ......................................................41 5.21 Aantal WMO-cliënten per 1000 inwoners van 65 jaar en ouder in een wijk .......................42 5.22 Kinderen in armoede .....................................................................................................43 Hoofdstuk 6 - Werk & Inkomen.....................................................................................................44 6.1 Geïndexeerde aantallen in het kader van Wet Werk en Bijstand (WWB) ...........................44 6.2 Geïndexeerde aantallen WW-uitkeringen
.......................................................................44 6.3 Openstaande fraudevorderingen per 100 uitkeringsgerechtigden ....................................45 6.4 Geïndexeerde openstaande vorderingen ........................................................................45 6.5 Openstaande verhaalvorderingen per 100 uitkeringsgerechtigden...................................46 6.6 Gestandaardiseerd huishoudinkomen in Gemeente Leeuwarden en Nederland ................46 6.7 Gestandaardiseerd huishoudinkomen naar 10%-groep....................................................47 6.8 Huishoudinkomen naar woningeigendom .......................................................................47 6.9 Gemiddeld besteedbaar huishoudinkomen naar inkomstenbron......................................48 6.10 Geïndexeerd gemiddeld besteedbaar huishoudinkomen naar inkomstenbron ..................48 6.11 Gemiddeld besteedbaar huishoudinkomen volgens eigen opgave ....................................49 6.12 Moeite met rondkomen.................................................................................................49 6.13 Woonlasten als percentage van het netto huishoudinkomen ...........................................50 6.14 Gemeentelijke woonlasten één- en meerpersoonshuishoudens .......................................50 Hoofdstuk 7 - Economie & Toerisme
.............................................................................................51 7.1 Geïndexeerde werkgelegenheid gemeente Leeuwarden, Friesland en Nederland .............51 7.2 Ontwikkeling aantal banen (15 uur per week of meer).....................................................51 7.3 Omvang werkgelegenheid naar sectoren ........................................................................52 7.4 Geïndexeerd aantal bedrijfsvestigingen ..........................................................................53 7.5 Totaal aantal banen en bedrijven watertechnologie ........................................................54 7.6 Werkzame beroepsbevolking naar beroepsniveau...........................................................55 7.7 Aantal elektrische voertuigen.........................................................................................55 7.8 Ontwikkeling leegstaande winkels kernwinkelstraten ......................................................56 7.9 Ontwikkeling aantal panden met functie winkel ..............................................................56 7.10 Functieveranderingen in de hele Binnenstad, aantal panden ...........................................57 7.11 Aantal overnachtingen in Friesland.................................................................................57 7.12 Aantal overnachtingen in Friesland vanuit Europa
...........................................................58 7.13 Geïndexeerd aantal overnachtingen in Friesland en Nederland ........................................58 7.14 Aantal hotelovernachtingen in Friesland .........................................................................59 7.15 Geïndexeerd aantal hotelovernachtingen in Friesland en Nederland ................................59 7.16 Aantal overnachtingen Friesland naar logiesvorm ...........................................................60 7.17 Herkomst vrije tijdsbezoeken .........................................................................................60 7.18 Aantal vrijetijdsbezoeken per 1000 inwoners ..................................................................61 7.19 Hoofdreden voor bezoek ...............................................................................................61 7.20 Ondernomen activiteiten ...............................................................................................62 Hoofdstuk 8 - Wonen & Milieu......................................................................................................63 8.1 Verandering woningvoorraad.........................................................................................63 8.2 Percentage groei woningvoorraad ten opzichte van bestaande voorraad .........................63 8.3 Verleende bouwvergunningen
woningen in grote Friese gemeenten................................64 8.4 Verleende bouwvergunningen woningen naar eigendom ................................................64 8.5 Ontwikkeling aantal bewoners nieuwbouwbuurten.........................................................65 5
8.6 Gemiddelde verkoopprijs gemeente Leeuwarden, Friesland en Nederland .......................65 8.7 Gemiddelde WOZ-waarde gemeente Leeuwarden, Friesland en Nederland ......................66 8.8 Koopwoningen op Funda in stad Leeuwarden en stad Groningen .....................................66 8.9 Koopwoningen op Funda naar prijsklasse stad Leeuwarden .............................................67 8.10 Geschatte verkoopprijs eigen koopwoning......................................................................67 8.11 Verhuisplannen.............................................................................................................68 8.12 Verhuisreden en waarheen ............................................................................................70 8.13 Voorkeurstype, prijs ......................................................................................................71 8.14 Gewenste prijsklasse en huur.........................................................................................72 8.15 Bekende energielabels woningen ...................................................................................73 8.16 Maandelijkse energiekosten naar woningtype ................................................................74 8.17 Gemiddeld gasverbruik woningen ..................................................................................74 8.18
Gemiddeld elektriciteitsverbruik woningen .....................................................................75 8.19 Opgewekte zonne-energie per inwoner ..........................................................................75 8.20 Afvalstoffenheffing per huishouden in euro's ..................................................................76 8.21 Aandeel afval gescheiden ingezameld.............................................................................76 8.22 Huishoudelijk afval in kg per inwoner naar soort .............................................................77 8.23 Afval apart houden volgens bewoners ............................................................................78 8.24 Maximum- en minimumtemperatuur Eelde en gemiddelde jaartemperatuur de Bildt .......79 8.25 Kennis van energietransitie ............................................................................................80 8.26 Getroffen verduurzamingsmaatregelen ..........................................................................80 8.27 Verduurzamingsplannen................................................................................................81 8.28 Bekendheid energieloket ...............................................................................................82 8.29 Bekendheid energiecoaches voor minima
.......................................................................83 Hoofdstuk 9 - Infrastructuur & Mobiliteit.......................................................................................84 9.1 Aantal geparkeerde auto's in de zes Leeuwarder parkeergarages .....................................84 9.2 Straat parkeren in en rond Binnenstad ...........................................................................84 9.3 Kort parkeren zes parkeergarages en parkeren in en rond de binnenstad .........................85 9.4 Kort parkeren zes parkeergarages en parkeren in en rond de binnenstad .........................85 9.5 Aantal gestalde (brom-)fietsen in fietsenstallingen ..........................................................86 9.6 Voornaamste vervoersmiddel vrijetijdsbezoekers diverse steden .....................................86 9.7 Parkeermogelijkheden auto bij woning en stads- en streekbussen ...................................87 Hoofdstuk 10 - Beheer & Leefomgeving.........................................................................................88 10.1 Saldo voor-/achteruitgang de afgelopen jaren per wijk of dorp ........................................88 10.2 Oordeel bewoners vooruitgang van wijk of dorp in het afgelopen jaar..............................89 10.3 Top 5 van categorieën meldingen over openbare ruimte
.................................................89 10.4 Percentage inwoners dat zicht vaak ergert aan zaken in de buurt, deel 1 ..........................90 10.5 Percentage inwoners tevreden met woonomgeving ........................................................90 10.6 Percentage groen in de wijk ...........................................................................................91 10.7 Percentage verharding per buurt stad Leeuwarden .........................................................92 10.8 Aantal auto’s per km2 per wijk .......................................................................................93 Hoofdstuk 11 - Veiligheid, Openbare Orde & Handhaving ...............................................................94 11.1 Veiligheidsprestatie Index (rapportcijfer) ........................................................................94 11.2 Gemiddelde score Veiligheidsprestatie Index naar wijk....................................................95 11.3 Veiligheidsprestatie-index naar item (rapportcijfer).........................................................96 Hoofdstuk 12 - Bestuur & Middelen ..............................................................................................97 12.1 Gemeentelijke heffingen per inwoner.............................................................................97 12.2 Percentage tijdige betalingen
.........................................................................................98 12.3 Gemiddelde aantal dagen voor betalingen......................................................................98 12.4 Aantal beltransacties per inwoner ..................................................................................99 12.5 Aantal DigID-transacties per kwartaal .............................................................................99 12.6 Corona, % besmette, in ziekenhuis opgenomen en overleden inwoners ......................... 100 6
Hoofdstuk 1 - Algemene trends 1.1
Ontwikkeling inwonersaantal 130.000 125.000 120.000 115.000 110.000
105.000 100.000 95.000 90.000 85.000 80.000 2000
2005
2010
2015
2020
2025
Bron: Gemeente Leeuwarden___________
Gemeente Leeuwarden groeit jaarlijks gemiddeld met zo’n 500-600 inwoners. Door de beide herindelingen (2014 en 2018) kwamen er zo’n 24.000 inwoners extra bij.
1.2
Prognose groene en grijze druk totale bevolking 100%
90%
19%
20%
22%
23%
24%
24%
24%
60%
58%
57%
55%
54%
55%
55%
21%
22%
22%
22%
22%
22%
21%
2020
2025
2030
2035
2040
2045
2050
80% 70%
60% 50% 40% 30%
20% 10% 0%
% 0 tot 20-jarigen
%20 tot 65-jarige
% 65-jarige en ouder Bron: CBS___________
De komende 20 jaar gaat vooral het aantal (en aandeel) 65-plussers toenemen en het aantal 20 tot 64-jarigen afnemen.
7
1.3
Migratiesaldo 1.200 1.000 800 600 400 200 0 -200
Friesland
Ov. Nederland
Buitenland/onbekend
2016
2018
Totaal
-400 -600 2015
2017
2019
2020 Bron: Gemeente Leeuwarden___________
Gemeente Leeuwarden heeft in 2020 voor het eerst in jaren een positief migratiesaldo met overig Nederland (exclusief Friesland). Vanaf 2018 was hier al iets van een kentering zichtbaar. Wellicht speelt de krapte op de woningmarkt, die zich in de randstad ee rder liet voelen, hierin een rol.
1.4
Migratiesaldo naar leeftijdsgroep 1000 800 600 400
200 0 -200
0 t/m 14jarige
15 t/m 19jarige
20 t/m 24jarige
25 t/m 44jarige
45 t/m 64jarige
2018
2020
65-jarige en ouder
-400 -600 -800 2015
2016
2017
2019
Bron: Gemeente Leeuwarden___________
Gemeente Leeuwarden heeft structureel een positief migratiesaldo van 15 t/m 19-jarigen, lees voornamelijk studenten. Het positieve saldo van 20 t/m 24-jarigen in 2019 kan wellicht komen door de toevoeging van zo’n 500 studio’s in de vorm van Markt058 (het voormalig AEGON-pand).
8
1.5
Positie Woonaantrekkelijkheidsindex en Sociaal Economische Index 0 5 10 15
20 25 30 35
40 45 50 2008
2010
2012
2014
2016
2018
2020
2022
Positie op Sociaal Economische Index Positie op Woonaantrekkelijkheids index Bron: Atlas voor Gemeenten___________
Hierbij geldt hoe hoger des te beter. In die zin is de positie van Gemeente Leeuwarden in de atlas van 2020 iets verbeterd ten opzichte van 2019 op beide indexen.
1.6
Samenstellende elementen positie Woonaantrekkelijkheidsindex 0 5 10
% vooroorlogse woningen
15
aanwezigheid universiteit
20
nabijheid natuurgebieden
25
cultureel aanbod culinair aanbod
30
% koopwoningen
35
veiligheid 40
bereikbaarheid banen
45 50 2010
2012
2014
2016
2018
2020
2022 Bron: Atlas voor Gemeenten___________
Veel zaken liggen vrij vast. Qua positie op veiligheid heeft Gemeente Leeuwarden een positieve verbetering doorgemaakt. Over een periode van 10 jaar geldt dat ook voor het culinair aanbod. En vanaf 2014 heel duidelijk voor het cultureel aanbod. Gemeente Leeuwarden scoort met 5 items een top 20 plaats. De bereikbaarheid van banen blijft achter. Dit geeft aan hoe belangrijk snelle verbindingen zijn met andere grote werkgelegenheidsconcentraties, zoals Groningen, Zwolle en de Randstad dan wel Noord-Holland.
9
1.7
Samenstellende elementen positie Sociaal Economische Index 0 5 10
arbeidsongeschiktheid
15
% zakelijke diensten
20
banen
25
% laagopgeleiden participatie vrouwen
30
armoede
35
werkloosheid 40
bijstand
45 50 2010
2012
2014
2016
2018
2020
2022 Bron: Atlas voor Gemeenten___________
Gemeente Leeuwarden heeft relatief weinig arbeidsongeschikten, relatief veel banen in zakelijke diensten en op zich veel banen ten opzichte van de bevolking. Echter met betrekking tot het aandeel mensen in de bijstand, werkloos of in de armoede dan zit Gemeente Leeuwarden bij de 10 minst scorende gemeenten op dit onderdeel. Een grote inkomende arbeidspendel zorgt voor deze tegenstrijdigheid.
10
1.8
Rang per onderdeel op Atlas voor Gemeente niet-stedelijke woonmilieus klassieke muziek huisprijzen vooroorlogse woningen particuliere huurwoningen arbeidsongeschiktheid podium kunsten ontwikkeling huisprijzen culinaire diversiteit culinaire kwaliteit financiële en zakelijke dienstverlening grensoverschreidende migratie westers laagopgeleiden popmuziek werkgelegenheidsquote grensoverschreidende migratie niet-westers toneel werkgelegenheid restaurants stedelijke woonmilieus bevolking grensoverschreidende migratie vroeg naoorlogse woningen geboorte sterfte Sociaal economische index participatie vrouwen stuwende werkgelegenheid koopwoningen onveiligheid corporatiewoningen binnenlandse migratie bevolkingsontwikkeling werkgelegenheids ontwikkeling ontwikkeling beroepsbevolking grenspendel van % beroerpsbevolking woonaantrekkelijkheid laat naoorlogse woningen armoede huishoudens grenzeloze woonaantrekkelijkheid bereikbare banen per fiets grenspendel van % banen werkloosheid bijstand bereikbare banen zonder fiets grenzeloze bereikbaarheid banen 2 grenzeloze bereikbaarheid banen 1
4 5 5 10 10 10 11 11 13 13 13 13 13 14 17 17 19 19 21 23 23 26 29 29 29 30 32 33 34 34 34 34 35 35 36 36 39 40 40 44 46 46 48 48 49 50 50 Bron: Atlas voor Gemeenten___________
Zonder te veel op details in te gaan, Gemeente Leeuwarden biedt heel veel elementen voor een prettig woonmilieu, een divers en op zich betaalbare woningvoorraad, veel voorzieningen/cultuur. Echter met een gebrek aan voldoende (bereikbare) banen. Dit komt door de ligging, andere grote werkgelegenheidsconcentraties liggen relatief ver weg in reistijd of afstand.
11
Hoofdstuk 2 - Cultuur 2.1
Aantal banen (15 uur of meer) in bedrijfsklasse kunst 700
600 500
14%
20%
300
100 0
11%
35%
37%
16%
17%
16%
400
200
17% 17%
30% 24%
18%
16%
18%
35%
15% 18%
37%
36%
33%
29% 18%
24%
32%
32%
29%
34%
28%
29%
32%
32%
2006
2008
2010
2012
2014
2016
2018
2020
Podiumkunsten & vermaak
Dienstverlening voor uitvoerende kunst
Schrijven en overige scheppende kunst
Theater, schouwburg Bron: Werkgelegenheidsregister___________
Het aantal banen van 15 uur of meer per week in de bedrijfsklasse kunst in gemeente Leeuwarden is tussen 2006 en 2018 toegenomen van 250 naar 600. Sindsdien is sprake van stabilisatie.
2.2
Aantal vestigingen in bedrijfsklasse kunst 800 700
600 500 400 300
53% 53% 58%
200
100 0
50%
49%
18%
20%
18%
19%
18%
48%
18%
30%
32%
24%
28%
34%
27%
2010
2012
2014
2016
2018
2020
Podiumkunsten & vermaak
Dienstverlening voor uitvoerende kunst
Schrijven en overige scheppende kunst
Theater, schouwburg Bron: Werkgelegenheidsregister___________
De groei van het aantal bedrijfsvestigingen in de bedrijfsklasse kunst gaat gestaag door. Schrijven en overige scheppende kunst is met ruim 300 vestigingen het grootst.
12
2.3
Bezoekersaantallen musea 120000
100000 Tresoar Natuurmuseum Fryslân
80000
Princessehof
Oldehove
60000
HCL
De Grutterswinkel
40000
Pier Pander Museum 20000
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2003
2005
2007
2009
2011
0 2014
2001
Museum Warten
400.000 350.000 300.000 250.000
200.000 150.000 100.000 50.000
2020
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2010
2008
2006
2004
2002
2000
0
Fries Museum Bron: Musea in Gemeente Leeuwarden___________
Hert fan Fryslân is per 2020 permanent gesloten. In Culturele Hoofdstadjaar 2018 piekten de bezoekersaantallen van musea, in 2020 dalen deze sterk door twee lockdowns in verband met corona.
13
2.4
Percentage met anderen muziek maken of andere creatieve zaken 100% 90% 80%
9% 3% 3% 9%
9% 5% 7%
11% 4% 5% 11%
70%
15% minstens 1x per week
60%
2x per maand
50% 40%
1x per maand 75%
30%
minder dan 1x per maand
69%
65%
zelden/nooit
20%
10% 0% 2016
2018
2020 Bron: Wijk- en dorpsenquête___________
Het percentage inwoners dat regelmatig bezig is met een creatieve hobby is door de jaren heen vrij stabiel. Het percentage inwoners dat aangeeft zelden of nooit creatief bezig te zijn met andere n daalt licht. Hierdoor stijgt het percentage dat aangeeft (minder dan) 1 keer per maand creatief bezig te zijn.
2.5
Deelname volwassenen aan kunstzinnige activiteiten naar opleidingsniveau
Geen / Lager- of basisonderwijs Lager beroepsonderwijs en algemeen voortgezet onderwijs (vmbo, vglo,… Hoger algemeen voortgezet onderwijs en vwo (havo, vwo, ath., gymn., hbs,…
2016
2018 Middelbaar beroepsonderwijs
2020
Hoger beroepsonderwijs
Wetenschappelijk onderwijs 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Over het algemeen geldt dat hoger opgeleiden vaker aan kunstzinnige activiteiten doen. Dit beeld is over de periode 2016-2020 vrij stabiel.
14
2.6
Gebruik en voldoende aanwezig zijn Bibliotheek en Kunstkade 90% 80%
70% 60%
50% 40%
30% 20%
10% 0%
2016
2018
2020
2016
Gebruik
2018
2020
Voldoende aanwezig Bibliotheek
Kunstkade Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Volgens de respondenten op de Wijk- en Dorpsenquête (een steekproef onder inwoners van 18 t/m 84 jaar) neemt het gebruik van zowel de bibliotheek en Kunstkade iets toe. Ook vinden steeds meer mensen dat de Bibliotheek voldoende aanwezig is. Voldoende aanwezigheid van Kunstkade piekte in 2018.
15
2.7
Gebruik Kunstkade naar wijk gemiddelde 2018-2020
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Het gebruik van Kunstkade kwam in 2016 en 2018 uit op 7% en in 2020 op 9%. In de kaart is weergegeven het gemiddelde van de jaren 2018 en 2020 per wijk. Dit omdat tweejaars gemiddelden betrouwbaarder zijn dan een enkel jaar. De afstand tot de Binnenstad lijkt voor een deel een verklaring voor het gebruik van Kunstkade, ondanks dat Kunstkade ook digitaal te benaderen is. Het kan niet gezegd worden dat alleen wijken met een hoger gemiddeld inkomen Kunstkade gebruiken en wijken met een lager gemiddeld inkomen niet.
16
2.8
Gebruik Bibliotheek naar wijk gemiddelde 2018-2020
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Dicht bij de binnenstad is het percentage Bibliotheek gebruikers hoger dan verder van de binnenstad. Met uitzondering van Goutum en De Zuidlanden (gebruik 50,5%). Ook Stiens e.o. en Hempens/Teerns & Zuiderburen scoren bovengemiddeld. Heechterp & Schieringen (27,5% gebruik), Dorpen Zuid-Oost (27% gebruik) en Dorpen Zuid-West (23,5% gebruik) scoren onder gemiddeld.
17
2.9
Rapportcijfer Bibliotheek en Kunstkade 10 9 8 7 6
5 4 2016
2018 Bibliotheek
2020
Kunstkade Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
De Bibliotheek kent een toenemende waardering. Het rapportcijfer is van een 7,4 in 2016 naar een 7,8 in 2020 gestegen. Kunstkade daalde licht, van een 7,3 naar een 7,1.
2.10 Bekendheid en enthousiasme triënnales 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30%
20% 10%
0% Bekend mee
Onbekend
Enthousiast
Neutraal
Niet enthousiast
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
De bekendheid van de triënnales is in 2020 15%. 51% is er enthousiast over, 8% niet.
18
2.11 Enthousiasme triënnales naar wijk
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Het enthousiasme over de triënnales is in de meeste stadswijken groter dan op het platteland.
19
Hoofdstuk 3 - Sport 3.1
Gebruik van gemeentelijke zaalaccommodaties (in uren) 20.000 18.000
16.000 14.000 12.000 10.000
8.000 6.000 4.000 2.000 0 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 sporthallen door scholen
sporthallen door verenigingen
sporthallen - overig en recreatie
gymlokalen Bron: BV Sport___________
Het gebruik van zaalaccommodaties loopt in 2019 op na een daling in 2018.
3.2
Gebruik van gemeentelijke accommodaties (in uren) 16.000 14.000 12.000 10.000 8.000
6.000 4.000 2.000 0
2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 sportvelden en atletiekbaan door scholen
sportvelden teams/verenigingen
verhuur zwembaden (incl. aan scholen) Bron: BV Sport___________
De verhuur van zwembaden stijgt sinds 2015, naar de redenen zou gevraagd kunnen worden bij BV Sport.
20
3.3
Aantal bezoeken zwembaden 600.000 500.000
18%
400.000 300.000
15%
17%
15%
14%
16%
16%
73%
72%
72%
16%
200.000
69%
73%
71%
72%
73%
11%
12%
13%
11%
13%
12%
12%
13%
2012
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
100.000 0
Recreanten met abonnement
Recreanten zonder abonnement
Les- en diplomazwemmen Bron: BV Sport___________
Het totaal aantal bezoeken aan zwembaden is de afgelopen jaren langzaam toegenomen naar 500.000 bezoeken in 2019. Recreanten zonder abonnement zijn de grootste groep gebruikers.
3.4
Rang per themaonderdeel sport/gezondheid op Atlas voor Gemeenten aanbod ongeorganiseerde sport % inwonders dat wekelijks sport % inwoners met obesitas % 65-jarige en ouder lid sportvereniging aanbod van georganiseerde sport % 25 tot 45-jarige lid sportvereniging omvang van sportaanbod % 45 tot 65-jarige lid sportvereniging % inwoners met overgewicht deelnamel aan ongeorganiseerde sport % inwoners lid sportvereniging diversiteit in sportaanbod % 0 tot 10-jarige lid sportvereniging % inwoners dat beweegnorm haalt deelname aan georganiseerde sport zorgkosten per inwoner % 10 tot 25-jarige lid sportvereniging
4 10 11 15 16 17 18 18 19 21 21 24 29 29 31 31
36 Bron: Atlas voor Gemeenten___________
Voor 12 van de 17 indicatoren met betrekking tot sport/gezondheid, bevindt gemeente Leeuwarden zich in de bovenste (goede) helft.
21
3.5
Hoe vaak sporten 100% 90% 80%
34%
34%
41%
70%
meerder keren per week
60%
1x per week 21%
21%
50%
22%
1x per maand
40% 30%
2x per maand
6%
6%
minder dan 1x per maand 5%
20%
31%
33%
2016
2018
10%
niet
26%
0% 2020 Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Aan bewoners wordt in de Wijk- en Dorpsenquête gevraagd hoe vaak men sport. Tussen 2016/2018 en 2020 zien we toename in de sportfrequentie. Ook is het percentage inwoners dat aangeeft niet te sporten gedaald.
22
3.6
Minstens 1x per week sporten naar wijk
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Het percentage inwoners dat aangeeft minsten 1x per week te sporten is het laagst in Heechterp & Schieringen en de Vrijheidswijk. In Goutum, Hempens/Teerns & Zuiderburen De Zuidlanden en Dorpen Zuid-West wordt het meest gesport.
23
Hoofdstuk 4 - Jeugd & Onderwijs 4.1
Ontwikkelingen leerlingen (speciaal) basisonderwijs 6.000
5.500 5.000
4.500 4.000 3.500 3.000 2.500 2000
2005
2010
2015
2020
Openbaar basisonderwijs
Bijzonder basisonderwijs
2005
2015
2025
700 600 500 400
300 200
100 0 2000
2010
Openbaar speciaal basisonderwijs
2020
2025
Bijzonder speciaal basisonderwijs Bron: Sector Onderwijs – Gemeente Leeuwarden___________
Het aantal leerlingen in het bijzonder speciaal onderwijs stijgt al sinds 2000. In het openbaar speciaal onderwijs ligt het aantal leerlingen nog altijd lager dan in de periode 2000-2007. In de cijfers van het basisonderwijs is de herindeling van zichtbaar.
24
4.2
Ontwikkeling aantal hbo-studenten tegenover 17 t/m 24-jarigen 180 160 140 120 100
80 60 2000
2002
2004
2006
2008
2010
hbo-studenten
2012
2014
2016
2018
2020
2022
17 t/m 24-jarige
Bron: NHL Stenden Hogeschool/Gemeente Leeuwarden___________
Tussen 2002 en 2014 is het aantal hbo-studenten fors gegroeid ten opzichte van het aantal 17 t/m 24-jarigen woonachtig in gemeente Leeuwarden. Vanaf 2014 zijn de aantallen meer stabiel met een uitschieter in 2019. Studenten van buiten de gemeente weten de hbo’s in Leeuwarden dus goed te vinden.
4.3
Aantal bo-, vo- en mbo-leerlingen en hbo- en wo-studenten 25.000
20.000
bo-leerlingen
15.000
vo-leerlingen mbo-leerlingen
10.000
hbo-studenten wo-studenten
5.000
0 2000
2005
2010
2015
2020
2025
Bron: Sector Onderwijs/Diverse onderwijsinstellingen___________
Het aantal hbo-studenten is sinds 2002 sterk gestegen van 15 duizend naar 23 duizend in 2020. Het aantal mbo- en vo-leerlingen is redelijk stabiel. In het basisonderwijs heeft tussen 2012 en 2014 een toename plaatsgevonden. Dit zal ongetwijfeld te maken hebben met herindeling of definitie verandering. Het aantal kinderen dat jaarlijks geboren wordt is vrij stabiel en kan de stijging niet verklaren. Het aantal wo-studenten is sinds de start van het wo-onderwijs in 2014 verdubbeld naar bijna 200 leerlingen in 2020 (zie ook 4.7). 25
4.4
Aantal leerlingen voortgezet onderwijs 4.500 4.000 3.500
Piter Jelles
3.000
Comenius
2.500
Beyers Naudé Nordwin College
2.000
Speciaal onderwijs 1.500
Gomarus College
1.000
OSG Sevenwolden
500
0 2000
2005
2010
2015
2020
2025 Bron: Sector Onderwijs___________
Het leerlingenaantal van het Comenius groeit, terwijl het aantal leerlingen op het Piter Jelles afneemt. De leerlingenaantallen op andere scholen voor voortgezet onderwijs variëren tussen de 100 en 600 leerlingen. Het Gomarus College ziet sinds 2018 een toename in aantal leerlingen.
4.5
Prognose aantal leerlingen voortgezet onderwijs 5.000 4.500 4.000 3.500 3.000
Piter Jelles
2.500
Comenius
Nordwin College
2.000
Beyers Naudé
1.500 1.000 500 0 2014
2018
2022
2026
2030
2034 Bron: DUO___________
De verwachting is dat door afname van het aantal jongeren in de leeftijd 12 t/m 17 jaar het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs gaat dalen. Dat zien we ook terug in de prognose van het leerlingaantal van middelbare scholen in Gemeente Leeuwarden.
26
4.6
Geïndexeerde prognose aantal leerlingen voortgezet onderwijs 104 102 100 98 Piter Jelles
96
Comenius
94
Totaal
92
Nordwin College
90
Beyers Naudé
88
86 84 2020
2025
2030
2035 Bron: DUO___________
Het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs zal met zo’n 7-8% gaan dalen, voor sommige middelbare scholen wordt wat meer krimp verwacht, voor andere minder.
4.7
Aantal wo-studenten 200 180
160 140 120
100 80 60
40 20 0 2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
wo-studenten Bron: Rijksuniversiteit Groningen – Campus Fryslân___________
Het aantal WO-studenten dat in gemeente Leeuwarden studeert stijgt gestaag.
27
4.8
Aantal hbo-studenten 22.000 20.000 18.000 16.000 14.000
12.000 10.000 2000
2002
2004
2006
2008
2010
2012
2014
2016
2018
2020
2022
NHL Stenden Hogeschool Bron: NHL Stenden Hogeschool___________
2.600
2.400 2.200 2.000 1.800 1.600
1.400 2000
2002
2004
2006
2008
2010
2012
2014
2016
2018
2020
2022
Van Hall Larenstein Bron: Van Hall Larenstein___________
Het aantal studenten studerend aan Leeuwarder hbo-instelling in Leeuwarden kent een stijgende lijn. NHL Stenden kent een stippellijn, dan wil zeggen een fictieve samenvoeging van beide instelling en van voor de fusie. Er studeren nu 23.000 hbo-studenten in Leeuwarden.
28
Hoofdstuk 5 - Sociaal Maatschappelijke Ontwikkeling 5.1
Geluksgevoel naar wijk
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
In de Wijk- en Dorpsenquête is eind 2020 gevraagd naar het geluksgevoel (rapportcijfer). Hierbij scoren Heechterp & Schieringen en Nijlân & De Zwette het laagst. In de dorpen maar ook de nieuwbouwwijken en Westeinde e.o. is men vaak meer dan gemiddeld gelukkig.
29
5.2
Goede gezondheid naar wijk
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
De wijken met veel gelukkige inwoners (eind 2020) zijn vaak ook de wijken waar relatief veel inwoners aangeven een goede gezondheid te bezitten.
30
5.3
Contact met buren 100% 90% 80%
33%
34%
37%
70% 60%
Vaak
50%
Regelmatig
40%
38%
47%
44%
Nauwelijks
Nooit
30% 20%
10%
21%
17%
17%
2016
2018
2020
0% Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Tussen 2016 en 2020 kan niet gezegd worden dat het contact met de buren minder geworden is. De afname van nauwelijks contact tussen 2016 en 2018 komt mede door de herindeling, in de dorpen is er vaker contact met de buren.
5.4
Contact met vrienden 100% 90% 80% 70% 60%
70%
66%
58%
Minstens 1x per week 2x per maand
50%
1x per maand
40%
Minder dan 1x per maand 20%
30% 17%
20%
14%
10%
8% 4%
8% 5%
2016
2018
Zelden of nooit
11% 6%
0%
2020 Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
In het contact met vrienden zit niet heel veel verandering, zij het dat mogelijk door Corona het aantal contacten met vrienden in 2020 wat lager ligt.
31
5.5
Eenzaamheid 100% 90% 80%
32%
40%
42%
70%
Nooit
60%
Zelden
50% 40%
Soms
40% 35%
Vaak
32%
Meestal
30%
Altijd 20%
10%
21%
22%
23%
2016
2018
2020
0% Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Opvallend is dat minder mensen in 2020 aangeven zich nooit eenzaam te voelen, maar deze ‘groep’ zit wellicht nu bij zelden. Over de hele linie lijkt eenzaamheid iets toe te nemen.
5.6
Gevoel van eenzaamheid naar dagelijkse hoofdbezigheid
Werk
19%
44%
34%
Pensioen/VUT
19%
40%
37% Altijd
Huishouden/zorg voor kinderen
36%
Anders
11%
Studie/opleiding
8%
Werkloos/arbeidsongeschikt
11%
27%
29%
36%
Meestal
41%
17%
37%
28%
22%
39%
27%
20%
Vaak Soms
Bijstandsuitkering
42% 0%
20%
40%
23% 60%
Zelden Nooit
16%
80%
100%
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Inwoners met een uitkering en studenten voelen zich vaker eenzaam dan werkenden, gepensioneerden en inwoners die voor het huishouden/kinderen zorgen.
32
5.7
Deelname activiteiten wijkgebouw of dorpshuis 100% 90% 80%
7%
8%
9%
25%
28%
26%
70% 60%
Vaak
50%
Regelmatig Nauwelijks
40% 30%
66%
62%
62%
2016
2018
2020
Nooit
20%
10% 0% Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Tussen 2016 en 2018 was er een (voorziene) toename van deelname van activiteiten wijkgebouw of dorpshuis door de herindeling. Tussen 2018 en 2020 is er weinig verandering. Dorpen Zuid -West (Mantgum, Weidum e.o.) scoort 53% vaak of regelmatig bezoek in 2020. Op afstand volgen Dokkumer Ie e.o. (22%, dit betreft Lekkum, Britsum e.o.), Dorpen Zuid-Oost (18%; Wergea, Wirdum e.o.) en Goutum (15%). Westeinde e.o. scoort met 13% als stadwijk het beste, Sonnenborgh e.o. met 0% het minst.
5.8
Contact met wijkpanel of dorpsbelang 100% 90%
20%
18%
44%
46%
23%
80%
70% 60%
Ja en weet wat ze doen 43%
50%
Nee, maar weet wat ze doen
40% Nee, weet ook niet wat ze doen
30% 20%
36%
36%
34%
2016
2018
2020
10% 0% Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Er is sprake van een lichte toename in het percentage mensen dat aangeeft contact te hebben gehad met het wijkpanel of dorpsbelang.
33
5.9
Functioneren wijkpanel of dorpsbelang 100%
4%
5%
4%
43%
40%
41%
90% 80% 70%
Zeer goed
60%
Goed
50%
Neutraal
40% 30%
Slecht 47%
49%
49%
4%
4%
4%
2016
2018
2020
Zeer slecht
20%
10% 0%
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Er zit weinig verandering in het oordeel over het functioneren van het wijkpanel of dorpsbelang.
5.10 Vrijwilligerswerk verricht Nee Op andere manier
Bij een sportvereniging Verlenen van mantelzorg 2016
Bij een bij culturele activiteit of…
2018
Voor school, wijk-/dorpsverenigingen
2020
Bijdrage in eigen straat/wijk Groenonderhoud/buurt…
Bijdrage aan politiek/beleid 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
Er lijkt een licht stijgende trend te zijn in het verrichten van vrijwilligerswerk. In 2016 gaf 51% aan dit niet te verrichten, in 2020: 47%.
34
5.11 Reden waarom geen vrijwilligerswerk gedaan wordt
20%
42%
Geen tijd voor Door Corona niet mogelijk
Geen idee wat te doen
14%
Nooit voor gevraagd
Geen zin in Anders
11%
14%
14%
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
De 47% die aangaf geen vrijwilligerswerk te verrichten is in 2020 gevraagd waarom. In een deel van de gevallen zegt men geen tijd voor of geen zin in. Maar er is ook een groep die geen idee heeft wat te doen of er niet voor gevraagd is.
5.12 Geven en willen geven van mantelzorg 60%
50%
40% 2016
30%
2018
2020 20%
10%
0%
Geeft mantelzorg
Is bereid mantelzorg te geven Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
In 2018 en 2020 geeft 27% van de mensen die zelf geen gezondheidsproblemen hebben de afgelopen 12 maanden mantelzorg te geven. Van degenen die dat op het moment van bevraging nog steeds deden geven aan daarmee gemiddeld 7 uur mee bezig te zijn, tegen 11 uur in 2018 en 10 uur in 2016. Deze laatste waarden moeten overigens niet te absoluut genomen worden omdat de groep die mantelzorg geeft kleiner is dan de groep die op alle vragen antwoord gegeven heeft.
35
5.13 (Mentale) gezondheid, beperkingen en mentale verslechtering door Coronacrisis per wijk Wijk Binnenstad Potmargezone Oud-Oost
Algemene Mentale Verslechtering Beperkingen gezondheid gezondheid gezondheid 71% 80% 23% 43% 74% 77% 17% 45% 76% 87% 17% 29% 81% 82% 88%
85% 88% 89%
14% 12% 11%
38% 32% 34%
79% 72% 69%
88% 74% 82%
12% 23% 23%
32% 39% 38%
81% 70% 69%
90% 81% 82%
16% 41% 29%
38% 29% 34%
85% 84% 72%
90% 91% 91%
10% 9% 22%
28% 24% 31%
91% 87% 87%
82% 98% 90%
9% 7% 8%
25% 26% 37%
Grou e.o.
81% 89% 84%
91% 88% 90%
10% 11% 7%
37% 27% 29%
Gemeente Leeuwarden
79%
86%
15%
34%
Sonnenborgh e.o. Westeinde e.o. Vossepark & Helicon Huizum-West Nijlân & De Zwette Heechterp & Schieringen Camminghaburen e.o. Bilgaard & Havankpark e.o. Vrijheidswijk Dokkumer Ie e.o. Stiens e.o. Aldlân & De Hemrik Goutum Hempens/Teerns & Zuiderburen De Zuidlanden Dorpen Zuid-Oost Dorpen Zuid-West
Bron: Wijk- en Dorpsenquête_
De wijken waar inwoners relatief minder vaak aangeven een goede gezondheid te hebben (eind 2020), zijn ook de wijken waar relatief veel mensen wonen die moeite met alle daagse handelingen hebben. Ook ligt de mentale gezondheid er vaak lager. Goutum lijkt hierin een beetje een uitzondering, daar wonen (fysiek) gezonde mensen maar een deel heeft wel mentale problemen c.q. melden relatief vaak dat de mentale gezondheid door de Coronacrisis achteruit is gegaan. In Nijlân & De Zwette worden met betrekking tot beide laatstgenoemde aspecten de meeste problemen gemeld. Jongvolwassen gaven (niet zichtbaar in de kaart!) vaker aan dat hun mentale gezondheid verslechterde door corona dan ouderen. Deze cijfers zijn eventueel op te vragen bij Rapportage, Statistiek en Onderzoek.
36
5.14 Bekendheid welzijnsvoorzieningen
Sociale wijkteams/dorpenteam
Veilig thuis 2016 2018 2020
Opvoedpunt Leeuwarden
Antidiscriminatiebureau Tûmba
0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
In de bekendheid van de vier gevraagde welzijnsvoorzieningen zit een stijgende lijn.
5.15 Gebruik Welzijnsvoorzieningen
Sociale wijkteams/dorpenteam
Veilig thuis 2016
2018 2020
Opvoedpunt Leeuwarden
Antidiscriminatiebureau Tûmba
0%
2%
4%
6%
8%
10%
12%
14%
Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
In het gebruik de vier gevraagde welzijnsvoorzieningen zit op Veilig thuis na geen stijgende lijn. Al is die laatste stijging niet significant.
37
5.16 Afgelopen 12 maanden gediscrimineerd gevoeld 100% 90% 80% 70% 60%
80%
Nooit
83%
85%
Een enkele keer
50%
Soms
40%
Regelmatig
30%
Vaak
20% 10%
10%
7%
9% 5%
9% 4%
2016
2018
2020
0% Bron: Wijk- en Dorpsenquête___________
De enquête-respondenten van 2020 geven aan minder last te hebben gehad van discriminatie als die van 2018 en 2016.
5.17 Aantal personen met een maatwerkarrangement (WMO) per 1.000 inwoners 70
2019
60
800 700
50
600 40
500 400
30
300
200
20
100
10
0 2018
0 2019
2020
2021
Hulpmiddelen/diensten
Hulp bij het huishouden
Ondersteuning thuis
Verblijf en opvang Bron: CBS___________
Binnen de WMO wordt het meest gebruik gemaakt van de categorie hulpmiddelen/diensten, gevolgd door hulp bij het huishouden. Verder geldt: hoe ouder, hoe meer er gebruik wordt gemaakt van de WMO.
38
euro per inwoner
5.18 Gemeentelijke uitgaven WMO-maatwerkvoorzieningen, vergelijking 1000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0
euro per inwoner
Totaal
Totaal exclusief verblijf en opvang
Verblijf en opvang, totaal
200 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0
Ondersteuning thuis, totaal
Hulp bij het huishouden
Hulpmiddelen en diensten, totaal Bron: CBS___________
Leeuwarden heeft in 2019 per inwoner net als Zwolle hoge uitgaven aan Verblijf aan opvang. Ondersteuning thuis scoort ook vrij hoog. Dit in vergelijking met Nederland en een aantal andere middelgrote gemeenten.
39
5.19 Gemeentelijke uitgaven WMO-maatwerkvoorzieningen, trend
euro per inwoner
1200 1000 800 600 400 200 0
2017*
2018*
2019* Bron: CBS___________
Leeuwarden heeft in 2019 per inwoner meer uitgaven aan WMO dan in 2018. Bij ondersteuning thuis totaal zit wel een lichte daling.
40
5.20 Aantal WMO-cliënten per 1000 inwoners in een wijk
Bron: CBS___________
Afgezet tegen alle inwoners heeft Bilgaard & Havankpark e.o. de meeste WMO-cliënten in het eerste halfjaar van 2020. Zie ook de volgende kaart waarin het aantal WMO-cliënten is afgezet tegen het aantal inwoners van 65 jaar en ouder in een wijk.
41
5.21 Aantal WMO-cliënten per 1000 inwoners van 65 jaar en ouder in een wijk
Bron: CBS___________
Afgezet tegen alle inwoners van 65 jaar en ouder heeft Heechterp & Schieringen met 943 per 1000 65 jaar en ouderen relatief het grootste aandeel WMO-cliënten in het eerste halfjaar van 2020. Bilgaard & Havankpark e.o., Oud-Oost en Potmargezone zitten daar met iets meer dan 600 per 1000 nog ruim onder.
42
5.22 Kinderen in armoede
Bron: GGD Fryslân___________
In de helft van de wijken van de gemeente ligt de door kinderen ervaren armoede boven de 5%. In de Binnenstad, Oud-Oost, Vrijheidswijk en Heechterp & Schieringen e.o. ligt dit percentage met tussen de 17 en 22% het hoogst.
43
Hoofdstuk 6 - Werk & Inkomen 6.1
Geïndexeerde aantallen in het kader van Wet Werk en Bijstand (WWB) 180 170 160
150 140 130 120
110 100 90 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 Gemeente Leeuwarden
Friesland
Nederland Bron: CBS___________
Sinds de financiële crisis van 2007/2008 was in Nederland, Friesland en Leeuwarden sprake van toename van het aantal mensen in de bijstand. De stijging van Leeuwarden wordt vertekend door de beide herindelingen van 2014 en 2018. Zonder de herindelingen is de stijging tot een indexcijfer van ongeveer 145 (+45% sinds 2010) maar iets sterker dan de Friese stijging.
6.2
Geïndexeerde aantallen WW-uitkeringen 130 120 110 100
90 80 70 jan
feb
mrt
apr
mei
Gemeente Leeuwarden
jun
jul
aug
Friesland
sep
okt
nov
dec
Nederland Bron: UWV___________
De ontwikkeling van het aantal WW-uitkeringen in 2020 laat duidelijk het effect zien van de eerste lockdown in maart 2020. Daarna vindt een daling plaats tot november 2020. Friesland en Leeuwarden kennen een minder sterke stijging van WW-uitkeringen dan Nederland. 44
6.3
Openstaande fraudevorderingen per 100 uitkeringsgerechtigden 40 35 30 25 20 15
10 5 0 2013
2014
2015
2016
2017
2018
Gemeente Leeuwarden
2019
Friesland
2020
2021
2022
Nederland Bron: CBS___________
Leeuwarden kent relatief veel openstaande fraudevorderingen per 100 uitkeringsgerechtigden.
6.4
Geïndexeerde openstaande vorderingen 130 125 120
115 110 105 100 95 90 2013
2014
2015
2016
2017
Gemeente Leeuwarden
2018
2019
Friesland
2020
2021
2022
Nederland Bron: CBS___________
Het openstaande bedrag aan vorderingen op uitkeringsgerechtigden is sinds 2018 in gemeente Leeuwarden sneller gestegen dan in Friesland en Nederland.
45
6.5
Openstaande verhaalvorderingen per 100 uitkeringsgerechtigden 5,0 4,5 4,0
3,5 3,0 2,5
2,0 1,5 1,0
0,5 0,0 2013
2014
2015
2016
2017
Gemeente Leeuwarden
2018
2019
Friesland
2020
2021
2022
Nederland Bron: CBS___________
Qua verhaalvorderingen per 100 uitkeringsgerechtigden zit Leeuwarden onder Friesland en Nederland.
6.6
Gestandaardiseerd huishoudinkomen in Gemeente Leeuwarden en Nederland € 32.000 € 30.000 € 28.000
€ 26.000 € 24.000
€ 22.000 € 20.000
2011
2012
2013
2014
2015
2016
2017
2018
Gemeente Leeuwarden
Nederland
LWD excl. Studenten
NL excl. Studenten
2019
2020
Bron: CBS___________
Het gestandaardiseerd huishoudinkomen (inkomen gecorrigeerd voor huishoudensgrootte) ligt in gemeente Leeuwarden een stuk lager dan landelijk. Dit effect komt maar voor een (klein) deel door de aanwezigheid van studentenhuishoudens.
46
6.7
Gestandaardiseerd huishoudinkomen naar 10%-groep 100% 90%
6% 8%
6% 7%
6% 8%
6% 7%
6% 7%
6% 7%
80%
9%
9%
9%
9%
9%
8%
70%
10%
10%
10%
9%
9%
10%
10%
10%
10%
10%
10%
10%
11%
11%
6e 10%-groep 5e 10%-groep
60%
10e 10%-groep
9e 10%-groep 8e 10%-groep
50%
11%
11%
11%
11%
40%
11%
11%
11%
11%
11%
11%
30%
11%
11%
11%
11%
11%
11%
20%
12%
12%
12%
12%
12%
12%
14%
14%
14%
14%
14%
14%
2014
2015
2016
2017
2018
2019
7e 10%-groep
4e 10%-groep 3e 10%-groep
10%
2e 10%-groep
1e 10%-groep
0% Bron: CBS___________
Gemeente Leeuwarden heeft relatief veel huishoudens in met name de laagste 10%s-groep, maar in alle 5 laagste groepen is sprak van oververtegenwoordiging en ondervertegenwoordiging in de drie hoogste. De cijfers zijn exclusief studentenhuishoudens.
6.8
Huishoudinkomen naar woningeigendom € 35.000 € 30.000 € 25.000 € 20.000 € 15.000 € 10.000 2011
2012
2013
2014
2015
Eigen woning
2016
2017
2018
2019
2020
Huurwoning zonder huurtoeslag
Huurwoning met huurtoeslag Bron: CBS___________
Over de hele linie zijn huisinkomens sinds 2011 gestegen. Bij woningeigenaren is de stijging 21,6%. Bij huurders zonder huurtoeslag 16,9% en bij huurders met huurtoeslag 16,7%. Dit wil overigens niet direct zeggen of inwoners ook meer te besteden kregen, daarvoor zou ook naar de inflatie gekeken moeten worden en bijvoorbeeld de woonlasten (die maar beperkt in het inflatiecijfer van het CBS zitten). Cijfers zijn exclusief studentenhuishoudens.
47
6.9
Gemiddeld besteedbaar huishoudinkomen naar inkomstenbron € 40.000 € 35.000 € 30.000
Zelfstandige
€ 25.000
Werknemer
AOW-uitkering € 20.000
WW-uitkering WIA-uitkering
€ 15.000
Bijstandsuitkering
€ 10.000
Studiefinanciering
€ 5.000
€2010
2012
2014
2016
2018
2020 Bron: CBS___________
Zelfstandigen hebben het gemiddeld hoogste inkomen in Leeuwarden. Daarna volgen werknemers en huishoudens met een AOW-uitkering.
6.10 Geïndexeerd gemiddeld besteedbaar huishoudinkomen naar inkomstenbron 130 125
WW-uitkering
120
Zelfstandige
115
Werknemer AOW-uitkering
110
Bijstandsuitkering
WIA-uitkering
105
Studiefinanciering 100
95 2010
2012
2014
2016
2018
2020 Bron: CBS___________
Tussen 2011 en 2018 stegen de inkomens van zelfstandigen met 19%, Werknemers 14%, WWuitkeringen 24%, WIA 12%, AOW 12%, Bijstand 10% en Studiefinanciering 2%.
48
6.11 Gemiddeld besteedbaar huishoudinkomen volgens eigen opgave 100% 10%
15%
90%
15%
19%
8% 80% 70% 60%
10%
11%
15%
13%
10%
16%
23%
27% €3.700 of meer
11% 13%
15% 16%
19%
50%
19%
19%
18% 21%
40%
20%
14% 12%
30% 20% 10%
14%
14%
16%
10%
14%
13%
2016
2017
12%
10%
8%
11%
2018
2019
0%
2015
9%
15%
€2.500 tot €3.200
€1.900 tot €2.500 €1.500 tot €1.900
17% 14%
17%
€3.200 tot €3.700
€1.000 tot €1.500 mi nder dan €1.000
10% 6%
2020 Bron: Wijkenquêtes___________
In de wijkenquêtes wordt gevraagd tot welke inkomensgroep bewoners behoren. Duidelijk zichtbaar is de stijging van de groep met gemiddeld besteedbaar inkomen vanaf €3.700 per maand. Opgemerkt moet worden dat de respons op de vragenlijst in 2020 hoog lag, mogelijk heeft dat (enige) invloed gehad op de uitkomsten. Daarnaast is er invloed geweest van de herindeling van 2018, de goede economie sinds 2015 en is er door (loon-)inflatie een vrijwel automatische stijging van de huishoudinkomens.
6.12 Moeite met rondkomen 100% 90%
14%
12%
36%
40%
17%
80%
70%
Heel gemakkelijk 45%
60%
Redelijk
50%
Moeilijk
40% 30%
37%
Heel moeilijk 38%
30%
20% 10%
Gemakkelijk
9%
7%
6%
2016
2018
2020
Niet
0% Bron: Wijk- en dorpsenquête___________
In de Wijk- en Dorpsenquête wordt de vraag gesteld of inwoners moeite hebben met rondkomen, tussen 2016 en 2020 is sprake van een verbetering, dit zal voor een groot deel komen door een betere economie (en deels nog door de herindeling van 2018). 49
6.13 Woonlasten als percentage van het netto huishoudinkomen 100% 90%
16%
17%
25%
26%
22%
80% 70%
Minder dan 20%
29%
60%
20 tot 30%
30 tot 40%
50%
26%
26%
40%
40 tot 50% 27%
30%
14%
10%
11%
0%
60% of meer
16%
20%
10%
50 tot 60%
9%
9%
6%
7% 4%
2016
2018
2020 Bron: Wijk- en dorpsenquête___________
Na een jarenlange stijging van de woonlasten voor hypotheek of huur (voor 2016), zien we sinds 2016 een daling.
6.14 Gemeentelijke woonlasten één- en meerpersoonshuishoudens € 800 € 750
€ 700 € 650
€ 600 € 550 € 500 € 450 2013
2014
2015
2016
2017
Eénpersoonshuishouden
2018
2019
2020
2021
2022
Meerpersoonshuishouden Bron: Coelo___________
Dit betreft de gemiddeld betaalde ozb, afvalstoffenheffing + rioolheffing – heffingskorting. Tussen 2018 en 2020 is een duidelijk sprake van een stijging van deze lasten voor inwoners van gemeente Leeuwarden. Sindsdien vlak de lijn weer af.
50
Hoofdstuk 7 - Economie & Toerisme 7.1
Geïndexeerde werkgelegenheid gemeente Leeuwarden, Friesland en Nederland 110
108 106 104 102
100 98 96
94 92 90 2010
2011
2012
2013
2014
Gemeente Leeuwarden
2015
2016
2017
Friesland
2018
2019
2020
Nederland Bron: CBS___________
Sinds eind 2016 (volgens LISA 2015, zie hieronder) groeit het aantal banen van werknemers (1 uur per week of meer) in Leeuwarden snel. Tussen eind 2010 en eind 2019 is de banengroei van werknemers (CBS) in gemeente Leeuwarden vrijwel gelijk aan de banengroei in Nederland.
7.2
Ontwikkeling aantal banen (15 uur per week of meer) 62.000
60.000
58.000
56.000
54.000
52.000
50.000 2000
2005
2010
2015
2020
2025
Bron: Werkgelegenheidsregister – Provincie Fryslân___________
Tussen 2008 en 2015 verdwenen 4.200 banen in gemeente Leeuwarden, die er tussen 2015 en 2019 in vier jaar tijd net zo hard weer bijkwamen, zij het vaak in andere sectoren, waarover hieronder meer. Tussen april 2019 en april 2020 verdwenen 460 banen.
51
7.3
Omvang werkgelegenheid naar sectoren 16.000 Zorg 14.000
Overheid
12.000
10.000
Zakelijke dienstverlening
8.000
Handel en reparatie
6.000
Onderwijs
4.000
Financiële instellingen
2.000
Industrie 0 2000
2005
2010
2015
2020
2025
4.000 3.500
3.000
Overige dienstverlening
2.500
Bouwnijverheid ICT
2.000
Horeca
Vervoer en opslag
1.500
Nutsbedrijven
1.000
Landbouw/visserij
500 0 2000
2005
2010
2015
2020
2025
Bron: Werkgelegenheidsregister – Provincie Fryslân___________
In bovenstaande grafieken zijn een aantal trends aan te wijzen. De groei in banen van 15 uur per week en meer van de Zorgsector, Zakelijke dienstverlening en Overige dienstverlening, Onderwijs, ICT en Horeca in gemeente Leeuwarden. Krimp is/was er sinds begin deze eeuw bij Financiële instellingen, Industrie, Landbouw, Vervoer en opslag en lange tijd Bouwnijverheid. De krimp in die laatste sector was erg fors tussen 2002 en 2015. Daarna is sprake van (enig) herstel.
52
7.4
Geïndexeerd aantal bedrijfsvestigingen 190 180 Nederland
170
Fryslân (PV)
160
Alkmaar
150
Groningen (gemeente)
140
Heerenveen
130
Leeuwarden
120
Smallingerland
110
Súdwest-Fryslân
100
Zwolle
90 2011
2013
2015
2017
2019
2021 Bron: CBS___________
Bedrijfstakken/branches (SBI 2008) A Landbouw, bosbouw en visserij B Delfstoffenwinning C Industrie D Energievoorziening E Waterbedrijven en afvalbeheer F Bouwnijverheid G Handel H Vervoer en opslag I Horeca J Informatie en communicatie K Financiële dienstverlening L Verhuur/handel van onroerend goed M Specialistische zakelijke diensten N Verhuur en overige zakelijke diensten R Cultuur, sport en recreatie S Overige dienstverlening U Extraterritoriale organisaties
Totaal
Saldo Saldo Saldo Saldo 2018 2019 2020* 2021* 18-19 19-20 20-21 18-21 340 340 340 345 0 0 5 5 0 0 0 0 0 0 0 0 480 480 480 475 0 0 -5 -5 15 20 20 25 5 0 5 10 20 15 15 20 -5 0 5 0 800 845 910 960 45 65 50 160 1845 1840 1885 2020 -5 45 135 175 225 235 265 290 10 30 25 65 435 460 480 505 25 20 25 70 655 665 690 695 10 25 5 40 555 580 620 630 25 40 10 75 175 185 205 205 10 20 0 30 2190 2275 2375 2405 85 100 30 215 455 505 525 540 50 20 15 85 835 915 955 970 80 40 15 135 715 740 775 800 25 35 25 85 0 0 0 0 0 0 0 0 9740 10100 10540 10885 360 440 345 1145 Bron: CBS_
Jaarlijks neemt per saldo het aantal bedrijfsvestigingen in gemeente Leeuwarden per jaar met zo’n 350-400 per jaar toe. Steden zoals Leeuwarden, Alkmaar, Groningen en Zwolle kennen daarbij een snellere groei dan ‘het platteland’ en dus ook het Nederlands gemiddelde. De ‘extra’ sprongen omhoog bij Groningen, Leeuwarden en SWF zijn herindelingen. In absolute cijfers zijn Bouw, Handel, Specialistische zakelijke diensten en Cultuur, sport en recreatie bedrijfstakken met een sterke toename van het aantal vestigingen in gemeente Leeuwarden sinds 2018.
53
Totaal aantal banen en bedrijven watertechnologie 1000 900 800 700 600 500 400 300 200 100 0
60 50
40 30 20
vestigingen
banen 15uw of meer
7.5
10 0
banen watertech. excl. Wetterskip en Vitens: banen Vitens & Wetterskip aantal watertech. bedrijven Bron: Werkgelegenheidsregister – Provincie Fryslân___________
Weergegeven is het aantal banen bij Vitens & Wetterskip enerzijds (blauw) en Wetsus, Wateralliance, RWZI en kleinere water technologische bedrijven al of niet op de WaterCampus anderzijds (oranje). Het aantal banen bij Wetterskip en Vitens samen schommelt sinds 2008 rond de 700. Het aantal (voltijd) banen bij kleinere water(tech)bedrijven is gestegen van 18 in 2004 naar rond de 250 banen in 2020. Het aantal vestigingen schommelt rond de 55. Niet meegenomen in dit overzicht zijn bedrijven die al dan niet na de start (op de WaterCampus) elders in Fryslân gevestigd zijn en grote ondernemingen ‘die iets met water’ erbij doen in de bedrijfsvoering/het productenpakket. Ook kan eens een enkel nieuw waterbedrijf in Leeuwarden ‘onder de radar’ blijven. Gekeken wordt naar nieuwe vestigingen op de watercampus. Overigens dateren de gegevens van april 2020. Het totaal aantal banen in watertechnologie in heel Fryslân ligt beduidend hoger, boven de 2.000, daarvoor wordt verwezen naar de onderzoeken van BBO.