CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

Segment 001 van Partiële herziening bestemmingsplan Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster t.b.v. evenementen_Bijlage 7 bij de toelichting - PlanMER

Besluitvorming (raad) 11 maart 2024, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Partiële herziening bestemmingsplan Groene Ster tbv evenementen34.769 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

De Groene Ster Plan-MER partiële herziening bestemmingsplan Leeuwarden – Recreatiegebied Groene Ster ten behoeve van evenementen

Gemeente Leeuwarden 13 maart 20238 december 2023

Project Opdrachtgever

Document

Status Datum Referentie

Projectcode Projectleider Projectdirecteur

Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door

De Groene Ster Gemeente Leeuwarden

Plan-MER partiële herziening bestemmingsplan Leeuwarden – Recreatiegebied Groene Ster ten behoeve van evenementen Definitief 04Definitief 05 13 maart 20238 december 2023 127741/23-004.465127741/23-019.810

127741 Dr.ir. W. Soepboer A.M. Springer-Rouwette MSc

F.D. Kesmer MSc Dr.ir. W. Soepboer Dr.ir. W. Soepboer

Paraaf

Adres

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Daalsesingel 51c Postbus 24087 3502 MB Utrecht +31 (0)30 765 19 00 www.witteveenbos.com KvK 38020751

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.

INHOUDSOPGAVE

SAMENVATTING

7

1

AANLEIDING EN DOEL

16

1.1

Een vaste plek voor (muziek)evenementen

16

1.2

Milieueffectrapportage

17

1.3

Leeswijzer

17

2

RELEVANTE KADERS EN AANPAK

19

2.1

Referentiesituatie

19

2.2

Planvormend beleidskader

28

2.3

Verantwoording locatiekeuze

29

2.3.1 2.3.2 2.3.3 2.3.4 2.3.5 2.3.6

29 29 29 32 33 36

2.4

Aanleiding Doel locatie alternatievenonderzoek Trechtering locatiealternatieven Afweging locatiealternatieven Beoordeling locatiealternatieven Afweging locatie

Methode en beoordelingskader

37

2.4.1 2.4.2 2.4.3 2.4.4

37 37 41 41

Huidige situatie en autonome ontwikkeling Beoordelingskader Wijze van beoordeling Plangebied en studiegebied

3

ALTERNATIEVEN

43

3.1

Het voornemen

43

3.2

Ontwikkeling van de alternatieven

43

3.3

Alternatief 1: maximaal alternatief

45

3.3.1 3.3.2

45 47

3.4

3.5

Situatie A (muziekevenementen) Situatie B (overige evenementen)

Alternatief 2: plusalternatief

48

3.4.1 3.4.2

48 54

Situatie A (muziekevenementen) Situatie B (overige evenementen)

Samenvatting van de alternatieven

56

3.6

Overige uitgangspunten

58

4

EFFECTEN

59

4.1

Niet-maatgevende effecten

59

4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.1.5

Bodem Water Landschap Gezondheid Duurzaamheid

59 60 60 60 61

Maatgevende effecten

62

4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.2.4 4.2.5

62 63 73 77 96

4.2

Overzicht maatgevende effecten Natuur Verkeer en parkeren Geluid Luchtkwaliteit

4.3

Mogelijke optimaliserende, mitigerende en compenserende maatregelen

98

5

VOORKEURSALTERNATIEF, ONZEKERHEDEN EN AANBEVELINGEN

101

5.1

Voorkeursalternatief

101

5.2

Inzet optimaliserende en mitigerende maatregelen

101

5.3

Leemten in kennis en onzekerheden

101

5.4

Aanzet voor monitoring en evaluatie

102

6

PROCEDURES EN VERVOLG

103

6.1

Milieueffectrapportage

103

6.1.1 6.1.2

103 103

M.e.r.-plicht M.e.r.-procedure

6.2

Procedure

104

7

REFERENTIES

106

Laatste pagina

106

Bijlage(n) I

Verklarende woordenlijst

II

Deelrapport natuur

III

Deelrapport verkeer en parkeren

IV

Deelrapport geluid (DCMR)

Aantal pagina's 3 7771054 6466 385968

V

Notitie luchtkwaliteit

15

VI

Verwerking advies Commissie m.e.r.

3

VII

Detaillering huidig gebruik

2

SAMENVATTING 1. Een vaste plek voor (muziek)evenementen Een deel van het recreatiegebied De Groene Ster (afbeelding 0.1) bij Leeuwarden wordt sinds 2014 tijdens de zomermaanden gebruikt voor muziekevenementen. De gemeente Leeuwarden wil nu het huidige bestemmingsplan partieel herzien om, naast de bestaande recreatieve mogelijkheden, ook muziekevenementen en overige evenementen planologisch toe te staan. Voor de (muziek)evenementen zijn de afgelopen jaren tijdelijke omgevingsvergunningen verleend, omdat deze evenementen nu niet passen binnen het huidige bestemmingsplan. In het recreatiegebied vinden nu ook al overige evenementen plaats, waaronder een survivalrun. De gemeente Leeuwarden wil de evenementen mogelijk maken in evenwicht met andere belangen als de natuurwaarden, bewoners in de omgeving, recreanten en bedrijven in het gebied. De bedoeling van deze planmilieueffectrapportage is om de omgeving en het milieu een volwaardige plaats in het besluitvormingsproces te geven.

Afbeelding 0.1 Plangebied partiële herziening bestemmingsplan 'Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster t.b.v. evenementen'

2. Milieueffectrapportage (m.e.r.) Plan-m.e.r.-plicht De verplichting om de procedure voor milieueffectrapportage (m.e.r. 1) te doorlopen bij de partiële herziening van het bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster’, komt omdat hierbij een Passende Beoordeling volgens de Wet natuurbescherming nodig is. De reden hiervoor is de nabije ligging van het Natura 2000-gebied Groote Wielen. 1

Gebruikelijk hanteren wij de afkorting MER voor het milieueffectrapport en de afkorting m.e.r. voor de milieueffectrapportage als procedure.

7 | 106

Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

In eerste instantie konden significant negatieve effecten van het plan op de instandhoudingsdoelstellingen van de Groote Wielen niet worden uitgesloten. Om deze reden is een Passende Beoordeling gemaakt. Het uitvoeren van een Passende Beoordeling leidt volgens de Wet milieubeheer tot een directe plicht om een plan-m.e.r. te doorlopen. Een plan-m.e.r. is de m.e.r.-procedure voor een plan als een omgevingsvisie of een bestemmingsplan (er is ook een vaak meer concrete project-m.er.-procedure). De gemeente Leeuwarden is de initiatiefnemer en het bevoegde gezag voor deze m.e.r. Milieueffectrapport (MER) Voorliggend rapport is het planmilieueffectrapport (plan-MER, hierna MER) voor de partiële herziening van het bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster’. Het MER beschrijft wat de (milieu)effecten zijn van de ontwikkeling die de gemeente Leeuwarden voor ogen heeft om muziekevenementen en overige evenementen mogelijk te maken in De Groene Ster. In het MER worden verschillende alternatieven onderzocht. Door de alternatieven te vergelijken wordt duidelijk welke voor- en nadelen bepaalde keuzen hebben voor het milieu en wat randvoorwaarden, belemmeringen en kansen zijn bij deze plannen. 3. Referentiesituatie De effecten van het voornemen worden bepaald ten opzichte van de referentiesituatie.

Dat is de huidige situatie en eventuele vastgestelde toekomstige ontwikkelingen zoals bepaalde woningbouw en trendmatige ontwikkelingen als klimaatveranderingen. Het plangebied ligt in een recreatiegebied: De Groene Ster. In het noorden en zuiden van De Groene Ster is bos en water aanwezig. Ten westen van het recreatiegebied ligt de stad Leeuwarden, met de woonwijken Camminghaburen en Blitsaerd. Verder is De Groene Ster omringd door landbouwgronden, met hier en daar een woning of bedrijfsterrein. In het oostelijk deel van het recreatiegebied ligt een (mini)golfbaan, camping en dierentuin (AquaZoo). Het plangebied betreft het noordwestelijke deel van het recreatiegebied. Dit deel heeft in de bestaande situatie een gevarieerde ruimtelijke structuur. Het noordelijk deel van het plangebied bestaat voornamelijk uit bosschages met daar doorheen fiets- en wandelroutes. Ook liggen hier parkeerplaatsen. Het zuidelijk deel van het recreatiegebied bestaat uit grasvelden, waterpartijen, bosschages, zwemwater en stranden, ligweides en fiets- en wandelroutes. In het gebied bevindt zich ook een nudistenstrand, kiosk, een speeltuin en een aantal hondenlosloopgebieden. In de wateren vindt (nachtelijk) sportvissen plaats. Het plangebied is daarmee een belangrijk recreatiegebied. Niet alleen voor bewoners van Leeuwarden, maar ook voor mensen daarbuiten.

Jaarlijks wordt het gebied bezocht door vele recreanten. 4. Voornemen Het voornemen dat in het MER wordt beoordeeld, is het gebruik van een deel van het recreatiegebied De Groene Ster als evenemententerrein. Het doel is een partiële herziening van het geldende bestemmingsplan op te stellen dat ruimte biedt aan twee typen evenementen (opgesteld op basis van mate van geluids- en lichtproductie): - muziekevenementen; - overige evenementen. Tabel 0.1 geeft de verschillen tussen de evenementen weer.

Tabel 0.1 Het voornemen: ruimte bieden aan twee typen evenementen Type evenement

Duur

Periode

Geluidsproductie

Lichtproductie

Verblijfsmogelijkheden

muziekevenementen

≥ 1 dag (exclusief op-

dag-, avond- en nachtperiode

versterkt muziekgeluid

kunstlicht

kamperen toegestaan

8 | 106

Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Type evenement

Duur

Periode

Geluidsproductie

Lichtproductie

Verblijfsmogelijkheden

dag- en avondperiode

niet of nauwelijks muziekgeluid (uitsluitend achtergrondmuziek en/of een omroepinstallatie)

geen gebruik kunstlicht (alleen daglicht)

kamperen niet toegestaan

en afbouwdagen) overige evenementen

1 of 2 dagen (exclusief open afbouw dagen)

5. Onderbouwing locatie De gemeente Leeuwarden heeft een locatie alternatievenonderzoek uitgevoerd om zorgvuldig de mogelijke alternatieve locaties voor (muziek)evenementen te onderzoeken. In het onderzoek zijn naast het gebied De Groene Ster door trechteren 6 andere mogelijke locatiealternatieven overgebleven. Voor de trechtering is uitgegaan van evenementen waarvoor in de afgelopen jaren een vergunning is verleend. De muziekevenementen met een groot ruimtegebruik hebben, vanwege de geluidsproductie en de mogelijkheid van kamperen, de grootste impact op natuur en leefomgeving. Deze evenementen zijn als uitgangspunt genomen voor het zoeken naar realistische locatiealternatieven. Dat betekent dat gekeken is naar locaties waar onder andere 15.000 mensen (bezoekers, crew, artiesten en dergelijke) terecht kunnen en waar ter plaatse ruimte is om te kamperen en parkeren. De minimale omvang voor een muziekevenement groot ruimtegebruik is circa 35 ha. In totaal zijn er zeven alternatieve locatiealternatieven (inclusief De Groene Ster) die in eerste instantie voldoen aan de voorwaarden (zie afbeelding 0.2). Deze gebieden zijn vervolgens vergeleken aan de hand van milieu- en omgevingsaspecten.

Afbeelding 0.2 Locatiealternatieven die overblijven na eerste trechtering (in geel VII: de Groene Ster)

9 | 106

Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Vanuit het milieuaspect geluid blijkt dat alle locaties risico’s met zich meedragen voor de haalbaarheid van het plan. Locatie VII (De Groene Ster) heeft wel kansen of voorzieningen die wel bijdragen aan de haalbaarheid. Daarentegen vormt deze locatie als enige meer risico voor natuuraspecten. Uit de passende beoordelingen die in de loop der tijd voor de evenementen in De Groene Ster zijn gemaakt, blijkt echter dat met het nemen van mitigerende maatregelen er geen sprake is van een significant negatief effect op de beschermde natuur. De gemeente vindt het belangrijk om als Friese hoofdstad gemeente een zo goed mogelijk recreatie- en evenemententerrein te hebben. Uit het locatie alternatievenonderzoek blijkt dat De Groene Ster, inclusief mitigerende maatregelen voor natuur, de geschiktste locatie is voor het houden van evenementen. Het recreatiegebied is vanwege de huidige recreatiefunctie al zodanig ingericht dat er ook goed evenementen gehouden kunnen worden. Er zijn onder meer paden aanwezig en verharde parkeerterreinen. Daarnaast zijn in dit gebied voorzieningen aanwezig, zoals elektriciteitsleidingen en drainagevoorzieningen. De sfeer/aantrekkelijkheid in De Groene Ster is goed vanwege met name al het water en de bosschages. De bereikbaarheid van De Groene Ster is eveneens een belangrijk aspect in de gemeentelijke afweging.

Ook hiervoor hoeven geen voorzieningen te worden aangelegd of verkeersstructuren worden gewijzigd (bijvoorbeeld de (tijdelijke) aanleg van wegen en parkeerterreinen). De gemeente vindt het hierbij wel belangrijk dat de geïdentificeerde milieueffecten voor natuur en geluid worden verzacht door het nemen van passende maatregelen. Deze zullen waar mogelijk in het uiteindelijke plan worden geborgd. Het MER gaat verder in het gebruik van De Groene Ster als evenemententerrein. 6. Alternatieven De alternatieven in dit MER richten zich op de twee dominante keuzes die voorliggen in het bestemmingsplan: 1 type evenementen: muziekevenementen en overige evenementen; 2 type beperkingen: om effecten op natuur en leefomgeving te beperken. Deze keuzes zijn naar verwachting bepalend voor de mogelijkheden in het gebied en zijn naar verwachting het meest onderscheidend. De hoeveelheid geluidsproductie (in cumulatie) en lichtproductie (afhankelijk van het type evenement en het type beperking) zijn bepalend voor de omgevingskwaliteit van De Groene Ster en de nabije omgeving (voor mens en dier). Alternatief 1: maximaal alternatief Het maximaal alternatief gaat uit van een zo veel mogelijk onbegrensd bestemmingsplan voor muziek - en overige evenementen.

Daarmee biedt het MER milieu-informatie voor een van de uiterste bandbreedtes voor het voornemen, gericht op het mogelijk maken van de maximale ruimte voor evenementen. Voor muziekevenementen is er uitgegaan van maximaal 20.000 aanwezigen. Hierbij is een voor natuur en leefomgeving zo ongunstig mogelijke versie een eerder vergund muziekevenement als uitgangspunt genomen. Alternatief 2: plusalternatief Het plusalternatief gaat uit van een begrensd bestemmingsplan, in zowel tijd, de beschikbare locaties, als in het soort evenementen. Het gaat om het voornemen plus milieumaatregelen waarmee mogelijk negatieve milieueffecten worden tegengegaan. Daarbij is gebruik gemaakt van de indeling: muziekevenementen groot ruimtegebruik, muziekevenementen klein ruimtegebruik, en overige evenementen. Het doel van deze indeling is niet meer ruimte in het recreatiegebied beschikbaar te stellen dan voor zo’n evenement noodzakelijk is. Door te differentiëren tussen groot- en klein ruimtegebruik wordt voorkomen dat steeds het hele gebied beschikbaar is voor een (muziek)evenement.

10 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Naast een fysieke beperking, is ook gekozen voor een verdere beperking in het evenementenseizoen. Verder worden er specifieke beperkingen opgelegd op het gebied van licht- en geluidsbelasting en belasting voor de natuur. Vaak zijn alternatieven in een MER nog niet geoptimaliseerd vanuit de milieueffecten. Alternatief 2 heeft in het ontwerp al wel maatregelen opgenomen om effecten te voorkomen. Deze beperkingen en ingrepen zijn in de afgelopen jaren al onderzocht bij vergunningverlening van verschillende evenementen, onder andere wat betreft natuur en geluid. De genoemde beperkingen en ingrepen worden in dit MER beoordeeld als onderdeel van het alternatief. Situaties voor type evenementen Voor het mogelijk maken van evenementen in De Groene Ster wordt onderscheid gemaakt in twee typen evenementen. De scheiding is op basis van onder meer geluid- en lichtproductie en duur van de evenementen. Om het milieueffect goed in beeld te brengen, zijn deze evenementen als aparte situaties beoordeeld. Het gaat om situatie A (muziekevenementen) en situatie B (overige evenementen). Voor alternatief 1 (maximaal alternatief) en 2 (plusalternatief) zijn de situaties verschillend ingevuld. Positionering podia geen variant Inrichtingsvarianten waar podia van plek verschillen zijn nauwelijks onderscheidend. Dezelfde woningen vallen binnen een geluidscontour.

Een podium iets naar het westen of oosten heeft geen significant effect op de verschillen tussen de alternatieven, dit is daarom niet meegenomen in de alternatieven.

Tabel 0.2 Hoofdlijnen van de alternatieven Alternatief

1. maximaal alternatief

2. plusalternatief

situatie

A. muziekevenementen

B. overige evenementen

A. muziekevenementen

B. overige evenementen

periode

Maart t/m half oktober

Mei Maart t/m half oktober

15 mei t/m 14 oktober klein ruimtegebruik; 1 augustus - 14 oktober groot ruimtegebruik

15 mei t/m 14 oktober

duur

≥ 1 dag (exclusief open afbouw)

1 of 2 dagen (exclusief op- en afbouw)

≥ 1 dag met een maximum van 5 evenementendagen achter elkaar. (exclusief op- en afbouw)

1 of 2 dagen (exclusief op- en afbouw)

maximum aantal evenementenda gen per kalenderjaar

max. 15 evenementendagen per kalenderjaar

max. 210 overige evenementen per kalenderjaar

maximaal 3 muziekevenementen met een maximum van 12 evenementendagen

maximaal 10 evenementendagen of maximaal 22 evenementendagen wanneer muziekevenementen niet plaatsvinden

tijden evenement

24 u/dag

07.00 – 23.00 uur

muziekevenementen met camping: 24 u / per dag

07.00 – 23.00 uur

muziekevenementen zonder camping: ma t/m do: 1311.00 - 24.00 uur; vr: 1311.00 - 01.00 uur; za en dagen gevolg door officiële feestdag: 11.00 - 01.00 uur; z: 13.00 - 24.00 uur

11 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Alternatief

1. maximaal alternatief

2. plusalternatief

periode

dag-, avond- en nachtperiode

dag- en avondperiode

dag-, avond- en nachtperiode

dag- en avondperiode

geluidproductie

versterkt muziekgeluid

niet of nauwelijks (uitsluitend achtergrondmuziek en/of met een omroepinstallatie)

beperkingen over maximum geluidsniveau tijdens dag- en avondperiode en nachtperiode

alleen met een laag geluidsniveau (alleen achtergrondmuziek/ omroepinstallatie met naleving van het activiteitenbesluit)

tijden hoger geluidsniveau

geen beperkingen vanuit gemeentelijk beleid

niet toegestaan

Emuziekevenement mét en zonder camping: ma t/m do: 08.00 - 23.00 uur; vr: 08.00 - 24.00 uur; za en dagen gevolgd door officiële feestdag: 09.00 - 24.00 uur; zo: 13.00 - 23.00 uur

niet toegestaan

muziekevenement zonder camping: ma t/m do: 11.00 23.00 uur; vr: 11.00 - 24.00 uur za en dagen gevolgd door officiële feestdag: 11.00 - 24.00 uur zo: 13.00 - 23.00 uur vuurwerk/lasers hows

geen vuurwerk- en lasershows

geen vuurwerk- en lasershows

geen vuurwerk- en lasershows

geen vuurwerk- en lasershows

lichtgebruik

kunstlicht toegestaan

geen gebruik kunstlicht (alleen daglicht)

kunstlicht toegestaan, geen directe lichtuitstraling op het oppervlaktewater anders dan vleermuisvriendelijke amberkleurige of rode verlichting**

geen gebruik kunstlicht (alleen daglicht)

verblijfsmogelijkheden/ overnachtingen

kamperen overal toegestaan

kamperen niet toegestaan

kamperen mogelijk, maximaal 20 kampeerdagen per kalenderjaar; op beperkte locaties mogelijk

Kamperen niet toegestaan

grenzen

afbeelding 3.2

afbeelding 3.2

blauwe en rode lijn in afbeelding 3.3 - binnen 2 meter van de oeverzones die onderdeel kunnen vormen van het leefgebied van de waterspitsmuis oever geen evenement, binnen 5 meter geen podium

paarse lijn in afbeelding 3.3 binnen 2 meter van de oeverzones die onderdeel kunnen vormen van het leefgebied van de waterspitsmuis oever geen evenement, binnen 5 meter geen podium

maximaal aantal aanwezigen***

20.000 per dag

4.000 per dag

15.000 per dag

3.000 per dag

Maximum open

210

210

48

16

12 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Alternatief

1. maximaal alternatief

2. plusalternatief

afbouwdagen per kalenderjaar op- en afbouwtijden

er gelden geen restricties

er gelden geen restricties

24 uur****

07.00 - 23.00 uur ****

verdeling vervoerwijzen

50 % auto (inclusief taxi & K+R), 10 % camper, 20 % OVbus, 16,5 % touringcar, 3 % fiets, 0,5 % lopen

90 % auto (inclusief taxi & K+R), 9,5 % fiets en 0,5 % lopen

50 % auto (inclusief taxi & K+R), 10 % camper, 20 % OV-bus, 16,5 % touringcar, 3 % fiets en 0,5 % lopen

90 % auto (inclusief taxi & K+R), 9,5 % fiets en 0,5 % lopen

Geldend voor alternatief 2: *

Voorwaarde: uitvoeren broedvogelinventarisatie door een ecologisch deskundige voor muziekevenementen in de periode 15 mei tot en met 31 augustus binnen een week voorafgaand aan muziekevenementen om te bepalen waar zich bezette nesten van vogels bevinden. Waar nodig worden maatregelen voorgeschreven om negatieve effecten op broedvogels als gevolg van het muziekevenement te voorkomen.

**

Voorwaarde: voor een muziekevenement wordt een lichtplan opgesteld door een ecologisch deskundige. Voorafgaand aan een muziekevenement wordt verder een lichtschouw uitgevoerd door een ecologisch deskundige. Zo nodig wordt de verlichting anders gericht om directe lichtuitstraling te voorkomen op het oppervlaktewater en op andere kwetsbare locaties, zoals op bosschages met broedvogels.

*** Dit betekent niet dat dit maximum onder alle omstandigheden zal worden vergund. Dat is afhankelijk van indeling en gebruik van het terrein, het netto beschikbare aantal m². **** Na 21.00 uur zijn op- en afbouwwerkzaamheden toegestaan. Na 21.00 uur zijn op- en afbouwwerkzaamheden alleen toegestaan met een laag geluidsniveau. De maximale geluidsniveaus tijdens op- en afbouwwerkzaamheden zijn opgenomen in de Passende Beoordeling. Er is geen kunstlicht toegestaan bij overige evenementen, bij muziekevenementen wel.

7. Effecten en effectbeoordeling alternatieven Wijze van beoordeling De effectbeoordeling in dit MER vindt plaats op basis van een vijfpuntsbeoordelingsschaal, zie tabel 0.3.

Tabel 0.3 Beoordelingsschaal Score

Oordeel ten opzichte van de referentiesituatie

Wanneer toegekend?

--

zeer negatief

sterke verslechtering ten opzichte van de referentiesituatie

-

negatief

verslechtering ten opzichte van de referentiesituatie

0

neutraal

geen verandering ten opzichte van de referentiesituatie

+

positief

verbetering ten opzichte van de referentiesituatie

++

zeer positief

sterke verbetering ten opzichte van de referentiesituatie

Beoordeling Tabel 0.5 geeft een overzicht van de effecten van de alternatieven met de verschillende situaties (muziek- en overige evenementen). Hierin zijn alleen de maatgevende thema’s natuur, verkeer en parkeren, geluid en luchtkwaliteit opgenomen. De tabel is ingekort, voor het overzicht zijn de criteria waar geen effecten worden verwacht (0), niet in opgenomen. Duidelijk is dat de maatregelen die zijn opgenomen in het plusalternatief (alternatief 2) tot minder milieueffecten en een betere beoordeling leiden dan alternatief 1 (maximaal alternatief). Omdat het

13 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

plusalternatief het alternatief is dat in de planregels is uitgewerkt, wordt hier nader op de negatieve tot zeer negatieve effecten van alternatief 2 ingegaan: de verkeersafwikkeling voor gemotoriseerd verkeer is bij alle type evenementen (2A en 2B) als zeer negatief beoordeeld (--). Voor muziekevenementen met 15.000 aanwezigen en bij overige evenementen met 3.000 aanwezigen komt de cyclustijd zowel bij aanvang als na afloop van het evenement boven de grenswaarde uit van 120 seconden waardoor het kruispunt het verkeer niet meer voldoende kan verwerken; op het meest ongunstige dag (zondag) rijden er slechts 3 buslijnen met een frequentie van 1x/uur. In totaal is er behoefte aan 220 busritten (100 vanaf het station en 120 aanvullend vanaf het parkeerterrein) gedurende een piekmoment (-); de vraag naar parkeerplaatsen (3.000 parkeerplaatsen) bij alternatief 2A is meer dan het aantal parkeerplaatsen dat beschikbaar is (1.569 parkeerplaatsen)(-); het totaal aantal voertuigen op de N355 is passend bij de capaciteit (7.200 pae/uur) en inrichting van een 2x2 gebiedsontsluitingsweg. Het totaal aantal voertuigen op de parallelweg in de maatgevende richting bij aanvang en na afloop van het muziekevenement past niet bij de capaciteit (1.500 pae/uur)1. Bij een overige evenement past dit wel.

Maar in beide gevallen geldt dat de hoge intensiteit op de parallelweg in combinatie met een oversteek voor voetgangers en fietsoversteek naar verwachting voor onveilige situaties zorgt (-); het muziekevenement voor het alternatief 2A heeft negatieve effecten vanwege het geluid van de muziek in de dag- en avondperiode. Het geluid van muziekevenementen in de nachtperiode veroorzaakt een relatief kleine toename van het aantal potentieel gehinderde woningen (2,5 2,3% ten opzichte van de situatie zonder evenement). Dit vindt maximaal 12 dagen per jaar plaats. De berekende geluidsniveaus van de muziekevenementen voor alternatief 2A zijn aanvaardbaar op basis van jurisprudentie en de Beleidsregel geluid Evenementen in de open lucht (2022). Er treedt geen onduldbare hinder op. Het geluid voldoet aan de grenswaarden op basis van het housespectrum en ultrabasspectrum. Het MER gaat in op mogelijke maatregelen en monitoring om zeer negatieve effecten tegen te gaan.

Tabel 0.4 Effecten voor alternatief 1 (maximaal alternatief) en 2 (plusalternatief) Thema

Aspect

Criterium (invloed op) /effecttype

1A

1B

2A

2B

natuur

gebiedsbescherming

Natura 2000-gebieden verzuring en vermesting

--

--

0

0

verstoring door geluid

--

0

0

0

verstoring door licht

--

0

0

0

verstoring door geluid

--

0

0

0

verstoring door licht

-/--

0

0

0

optische verstoring en betreding

--

--

0

0

Natuurnetwerk Nederland

natuur buiten het NNN en weidevogel- of ganzengebieden

soortenbescherming

verstoring door licht

--

0

0

0

optische verstoring en betreding

--

--

0

0

--

0

0

0

soortenbescherming verstoring door geluid

1

De invloed van het extra aantal voertuigen in de referentiesituatie op basis van de tellingen uit 2022 (151 mvt/uur in beide richtingen in plaats van 28 mvt/uur bij aanvang en 4 mvt/uur na afloop van het evenement) heeft geen invloed op de beoordeling van dit criterium aangezien dit criterium al als negatief (-) is beoordeeld en er geen negatievere beoordeling mogelijk is

14 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Thema

verkeer en parkeren

geluid

luchtkwaliteit

1

Aspect

Criterium (invloed op) /effecttype

1A

1B

2A

2B

verstoring door licht

--

0

0

0

optische verstoring

--

--

0

0

verkeersafwikkeling gemotoriseerd verkeer

--

--

--

--

capaciteit en serviceniveau openbaar vervoer

-

0

-

0

autoparkeren

parkeerdruk

--

0

-

0

verkeersveiligheid

verkeersaanbod en risicoprofiel

-

-

-

-

geluidhinder woningen

aantal mogelijk gehinderde woningen: dag-/ avondperiode

--

n.v.t.

-

n.v.t.

muziekevenement nachtperiode

--

n.v.t.

-

n.v.t.

cumulatie met wegverkeer dag-/ avondperiode

--

n.v.t.

-

n.v.t.

cumulatie met wegverkeer nachtperiode

--

n.v.t.

0

n.v.t.

blootstelling aan schadelijke stoffen (concentraties NO2 en PM10)1

-

bereikbaarheid

luchtverontreiniging

0

De concentraties van PM10 en PM2,5 hangen sterk met elkaar samen en in de praktijk blijkt dat als er wordt voldaan aan de grenswaarde voor PM10, dit ook het geval is voor PM2,5 PM2,5 is niet als criterium opgenomen.

15 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

1 AANLEIDING EN DOEL 1.1

Een vaste plek voor (muziek)evenementen

In 2018 was Leeuwarden de culturele hoofdstad van Europa. Dit was een aanjager voor een duurzame ontwikkeling van onder andere evenementen. De gemeente Leeuwarden wil ontwikkeling van evenementen blijven stimuleren en mogelijk maken, en daarmee een topevenementenstad in Noord-Nederland zijn. De gemeente nam deze ambitie al op in de visienota Evenementen (2018) en de Omgevingsvisie (2021). De reden voor de ambitie is dat de evenementen een culturele, maatschappelijke waarde en een economisch belang hebben voor de stad Leeuwarden en haar omgeving. Bovendien kunnen festivals een broedplaats zijn voor innovatieve ontwikkelingen; plekken waar kunstdisciplines samenkomen en maatschappelijke ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld duurzaamheid een rol spelen. Een deel van het recreatiegebied De Groene Ster (afbeelding 1.1) bij Leeuwarden wordt sinds 2014 tijdens de zomermaanden gebruikt voor muziekevenementen. De gemeente Leeuwarden wil nu het huidige bestemmingsplan partieel herzien om, naast de bestaande recreatieve mogelijkheden, ook muziekevenementen en overige evenementen planologisch toe te staan.

Afbeelding 1.1 Plangebied bestemmingsplan ‘Leeuwarden – Recreatiegebied Groene Ster t.b.v. evenementen’

16 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Voor de (muziek)evenementen zijn de afgelopen jaren tijdelijke omgevingsvergunningen verleend, omdat deze evenementen nu niet passen binnen het huidige bestemmingsplan. In het recreatiegebied vinden nu ook al overige evenementen plaats, waaronder een survivalrun. De gemeente Leeuwarden wil de evenementen mogelijk maken in evenwicht met andere belangen als de natuurwaarden, bewoners in de omgeving, recreanten en bedrijven in het gebied. De bedoeling van deze planmilieueffectrapportage is om de omgeving en het milieu een volwaardige plaats in het besluitvormingsproces te geven.

1.2

Milieueffectrapportage

Passende Beoordeling De verplichting om de procedure voor milieueffectrapportage (m.e.r. 1) te doorlopen bij de partiële herziening van het bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster’, komt omdat hierbij een Passende Beoordeling volgens de Wet natuurbescherming nodig is. De reden hiervoor is de nabije ligging van het Natura 2000-gebied Groote Wielen. In eerste instantie konden significant negatieve effecten van het plan op de instandhoudingsdoelstellingen van de Groote Wielen niet worden uitgesloten. Om deze reden is een Passende Beoordeling gemaakt. Het uitvoeren van een Passende Beoordeling leidt volgens de Wet milieubeheer tot een directe plicht om een plan-m.e.r. te doorlopen. Een plan-m.e.r. is de m.e.r.-procedure voor een plan als een omgevingsvisie of een bestemmingsplan (er is ook een vaak meer concrete project-m.er.-procedure). Milieueffectrapport Voorliggend rapport is het planmilieueffectrapport (plan-MER, hierna MER) voor de partiële herziening van het bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster’. Het MER beschrijft wat de (milieu)effecten zijn van de ontwikkeling die de gemeente Leeuwarden voor ogen heeft om muziekevenementen en overige evenementen mogelijk te maken in De Groene Ster. In het MER worden verschillende alternatieven onderzocht.

Door de alternatieven te vergelijken wordt duidelijk welke voor- en nadelen bepaalde keuzen hebben voor het milieu en wat randvoorwaarden, belemmeringen en kansen zijn bij deze plannen.

1.3

Leeswijzer

Het hoofdrapport MER bestaat uit een toelichting op de aanleiding en doelstelling van dit MER voor De Groene Ster (hoofdstuk 1). Vervolgens zijn de relevante kaders en aanpak (hoofdstuk 2) en de te onderzoeken alternatieven (hoofdstuk 3) toegelicht. Hoofdstuk 4 beschrijft wat de milieueffecten zijn van de verschillende alternatieven en welke voor- en nadelen en aandachtspunten er zijn voor het mogelijk maken van (muziek)evenementen. Hoofdstuk 5 gaat in op de onzekerheden van het onderzoek en aanbevelingen bij dit MER en bevat een aanzet voor monitoring. Tenslotte geeft hoofdstuk 6 een toelichting op de m.e.r,procedure, in samenhang met de procedure voor het bestemmingsplan. Bijlage I geeft een verklarende woordenlijst.

1

Gebruikelijk hanteren wij de afkorting MER voor het milieueffectrapport en de afkorting m.e.r. voor de milieueffectrapportage als procedure.

17 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Voor enkele milieuthema’s bestaat ook een bijlage die ingaat op de achtergronden, methoden en effecten. Het gaat om de volgende bijlagen: - bijlage II deelrapport natuur (inclusief passende beoordeling in bijlage III van het deelrapport natuur); - bijlage III deelrapport verkeer en parkeren; - bijlage IV deelrapport geluid; - bijlage V notitie luchtkwaliteit. Bijlage VI geeft een toelichting over de omgang met het advies van de commissie voor de milieueffectrapportage op het uit te voeren onderzoek. Bijlage VII geeft een detaillering van het huidig gebruik van het recreatiegebied.

18 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

2 RELEVANTE KADERS EN AANPAK Dit hoofdstuk bevat een toelichting op het plangebied (paragrafen 2.1-2.2), een verantwoording van de locatiekeuze (paragraaf 2.3) en de aanpak van het milieuonderzoek (paragraaf 2.4).

2.1

Referentiesituatie

Bijlagen II t/m V beschrijven de referentiesituatie vanuit de verschillende milieuthema’s. Deze paragraaf bevat een korte toelichting op het plangebied en onder andere de huidige functies daarbinnen. Gebruiksfuncties Afbeelding 2.1 en afbeelding 2.2 geven het landgebruik en de huidige bestemmingen in en rondom De Groene Ster weer. Ten (noord)westen van het recreatiegebied ligt de stad Leeuwarden, met de woonwijken Camminghaburen en Blitsaerd. Verder is De Groene Ster omringd door landbouwgronden, met hier en daar een woning of bedrijf.

Afbeelding 2.1 Landgebruik (CBS, 2015)

19 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

De Groene Ster In het oostelijk deel van het recreatiegebied liggen enkele grootschalige recreatieve functies; een (mini)golfbaan, camping en dierentuin (AquaZoo). Meer naar het oosten ligt het dorp Tytsjerk. Het westelijke deel van De Groene Ster wordt gekenmerkt door een meer natuurlijke inrichting met mogelijkheden en voorzieningen voor water-, fiets- en wandelrecreatie (onder andere stranden, fiets- en wandelroutes en parkeerplaatsen). Ook zijn hier verspreid enkele woningen aanwezig.

Afbeelding 2.2 Plangebied met enkelbestemming recreatie-dagrecreatie (lichtgroen) en natuur (grijsgroen) (ruimtelijkeplannen.nl)

Beschrijving plangebied Het plangebied betreft het noordwestelijke deel van het recreatiegebied. Dit deel heeft in de bestaande situatie een gevarieerde ruimtelijke structuur. Het noordelijk deel van het plangebied bestaat voornamelijk uit bosschages met daar doorheen fiets- en wandelroutes. Ook liggen hier parkeerplaatsen. Het zuidelijk deel van het plangebied bestaat uit grasvelden, waterpartijen, bosschages, stranden met ligweides (waaronder een nudistenstrand) en door het gebied heen liggen fiets- en wandelroutes. In het gebied bevindt zich ook een kiosk, een speeltuin en een hondenlosloopgebied. In de wateren vindt (nachtelijk) sportvissen plaats (zie bijlage VII voor meer details over zonering). Het plangebied is daarmee een belangrijk recreatiegebied. Niet alleen voor bewoners van Leeuwarden, maar ook voor mensen daarbuiten. Jaarlijks wordt het gebied bezocht door vele recreanten. Bestemmingen binnen het plangebied In het huidige bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster’ heeft het plangebied de enkelbestemmingen ‘Recreatie-Dagrecreatie’ (lichtgroen in afbeelding 2.2) en ‘Natuur’ (grijsgroen). Het bestemmingsplan maakt extensieve dagrecreatie mogelijk.

Het gaat daarbij om recreatievormen die in hoofdzaak zijn gericht op natuur- en landschapsbeleving zoals wandelen en fietsen en die in principe plaatsvinden tussen zonsopgang en zonsondergang en niet gericht zijn op het verstrekken van nachtverblijf. Nachtvissen met beschutting van tentjes is in enkele gebieden wel mogelijk (zie bijlage VII).

20 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Onbeperkte sport- en spelmogelijkheden zijn mogelijk zolang het op recreatie is gericht, bijvoorbeeld een hardloop- of fietswedstrijd. In de bestemming natuur zijn vooral droge en (half)natte ruigvegetatieve terreinen en water aanwezig. De gronden zijn vooral bestemd voor het behoud, het herstel en/of de ontwikkeling van natuurwetenschappelijke en landschappelijke waarden. Ook omvat het groenvoorzieningen en recreatief medegebruik. Verkeersstructuur Het recreatiegebied De Groene Ster wordt ontsloten via de provinciale weg N355/Groningerstraatweg. Deze weg is, ter hoogte van het recreatiegebied, vormgegeven als 2x2-strooksautoweg met een maximum snelheid van 70 km/uur. Ter hoogte van het plangebied bevindt zich een kruispunt waarmee verkeer van en naar het plangebied ontsloten wordt. Het kruispunt is voorzien van een verkeersregelinstallatie en aparte opstelstroken voor links- en rechtsafslaand verkeer. Vanaf de N355 rijdt het verkeer via het kruispunt N355 - Groene Ster de parallelweg op. Voetgangers steken vanaf de zuidelijke bushalte de parallelweg over en fietsers maken gebruik van het vrijliggende fietspad aan de zuidzijde van de parallelweg. Gemotoriseerd verkeer naar het plangebied kruist het vrijliggende fietspad en dient hierbij voorrang te verlenen aan de fietsers.

Afbeelding 2.3 N355 ter hoogte van het plangebied (bron: open topo)

De verkeersintensiteit van/naar recreatiegebied De Groene Ster in de referentiesituatie (2032) bedraagt 160 motorvoertuigen per dag. In 2022 zijn nieuwe verkeerstellingen verricht. Hieruit blijkt dat de intensiteit op de parallelweg 1.505 mvt/weekdagetmaal bedraagt. De intensiteit van/naar de parkeerterreinen bedraagt 899 mvt/weekdagetmaal (zie bijlage III).

21 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Openbaar vervoer De locatie is per bus goed bereikbaar. Ter hoogte van aansluiting De Groene Ster bevindt zich in beide rijrichtingen een bushalte (Ouddeel) waar verschillende buslijnen halteren. Vanaf Intercitystation Leeuwarden bedraagt de reistijd per bus circa 15 minuten. Fiets Fietsers kunnen in de huidige situatie gebruik maken van 2 snelfietsroutes (zie afbeelding 2.4). Eén boven (langs de zuidzijde van de Groningerstraatweg) en één onder het recreatiegebied langs. Op de snelfietsroute die onder het plangebied langs loopt, wordt er aangesloten op 2 recreatieve fietsroutes. Ook door het plangebied lopen nog een aantal andere solitaire fietspaden en verder maakt het fietsverkeer gebruik van de dezelfde wegen als het autoverkeer (niet opgenomen in onderstaande afbeelding). Daarmee wordt het terrein op een goede wijze voor fietsers ontsloten. De routes zijn opgenomen in afbeelding 2.4. Uit tellingen van de gemeente Leeuwarden blijkt dat er circa 450 fietsers per etmaal gebruik maken van de noordelijke snelfietsroute (2019) en circa 600 fietsers per etmaal gebruik maken van de zuidelijke snelfietsroutes. In 2022 zijn nieuwe verkeerstellingen verricht voor de noordelijke snelfietsroute. Hieruit blijkt dat er gemiddeld 730 fietsers per werkdagetmaal gebruik maken van de route (bijlage III).

Afbeelding 2.4 Kaart fietsnetwerk (bron: gemeente Leeuwarden)

Autoparkeren In het plangebied zijn diverse parkeergelegenheden aanwezig. Er zijn in totaal negen parkeerterreinen (waarvan 8 voor evenementen gebruikt mogen worden) (zie afbeelding 2.5). Er zijn geen autonome ontwikkelingen voor autoparkeren voorzien. De situatie zoals beschreven voor de huidige situatie geldt voor de referentiesituatie. Wel zal er, net als voor de verkeersintensiteiten, rekening gehouden moeten worden met een autonome groei. Deze is echter beperkt en zorgt in de referentiesituatie niet tot problemen als het gaat om parkeerdruk. Op basis van het aantal bezoekers per auto van/naar het plangebied (circa 160, zie bijlage III), kan tevens worden geconcludeerd dat de huidige parkeercapaciteit ruim voldoende is in de referentiesituatie.

22 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Afbeelding 2.5 Overzicht parkeerterreinen

Verkeersveiligheid De autonome groei van 1,5 % zal zorgen voor hogere intensiteiten op de N355 (3.640 mvt. op basis van vuistregel: 10 % van de etmaalintensiteit). Net als voor de huidige situatie geldt dat deze intensiteiten passend zijn bij dit type weg en ook de scheiding van fietsers, bromfietsers en overig langzaam verkeer en de afwezigheid van erfaansluitingen is conform de inrichtingseisen. Ook voor de parallelweg geldt dat het aantal voertuigen dat hier tijdens de spits (16 mvt op basis van vuistregel: 10 % van de etmaalintensiteit) gebruik van maakt passend is bij dit type weg. Tijdens de tellingen in oktober 2022 is het verkeer op de parallelweg geteld. De telcijfers laten zien dat het in de referentiesituatie gaat om 1.505 mvt/etmaal. Op basis van de vuistregel dat 10 % van de etmaalintensiteit hier tijdens de spits gebruik van maakt, bedraagt de spitsintensiteit 151 mvt/uur. Dit ligt hoger dan de 16 mvt/uur waar vanuit is gegaan op basis van de tellingen uit 2019 maar is nog steeds passend bij dit type weg (zie bijlage III). Natuur Het deelrapport Natuur (bijlage II) gaat nader in op de referentiesituatie voor gebieds- en soortenbescherming. Hier volgt een samenvatting. Natura 2000 Het Natura 2000-gebied de Groote Wielen ligt op een afstand van ruim 60 meter ten noorden van het plangebied en wordt daarvan gescheiden door de Groningerstraatweg N355.

De zuidkant van de Groote Wielen kent daardoor in de huidige situatie al niet een stil gebied. Verder is sprake van vliegbewegingen van vliegtuigen van vliegbasis Leeuwarden. Het gebied is op 24 maart 2000 aangewezen als Vogelrichtlijngebied en op 30 december 2010 als Habitatrichtlijngebied. De Groote Wielen ligt op de grens van zandgrond, laagveen en kleigrond. Het bestaat uit grote plassen en vaarten, rietmoerassen, graslanden en twee eendenkooien.

23 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Afbeelding 2.6 Ligging plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden en EHS (Bron: provincie Fryslân, nationaal georegister)

De kernopgaven voor het Natura 2000-gebied Groote Wielen zijn1: - plas-drassituaties: zorgen voor voldoende plas-drassituaties voor de noordse woelmuis, de smient en de broedvogels zoals het porseleinhoen en de kemphaan smienten A050 en broedvogels, zoals porseleinhoen A119 en kemphaan A151, en de noordse woelmuis *H1340; - herstel rietland: herstel van grote oppervlakten/brede zones overjarig riet, inclusief waterriet, door herstel van natuurlijke peildynamiek en tegengaan verdroging voor - rietmoerasvogels zoals de roerdomp en voor de noordse woelmuis *H1340; - ruiplaatsen: voldoende ruiplaatsen en rustgebieden voor watervogels zoals ganzen. De noordse woelmuis komt naar alle waarschijnlijkheid niet meer voor in Natura 2000-gebied de Groote Wielen. Omdat de soort wel een instandhoudingsdoel heeft binnen het Natura 2000-gebied worden mogelijke effecten op deze soort wel beoordeeld. Natuurnetwerk Nederland (NNN) De Groene Ster valt binnen het NNN2-gebied Veenweidegebied/Friese merengebied. Afbeelding 2.7 geeft het soort NNN aan (water of overige natuur). Belangrijke aandachtsoorten in het Veenweidegebied/Friese merengebied zijn meervleermuis, noordse woelmuis, grote modderkruiper en zwarte stern3.

Het NNNgebied heeft de functie van leefgebied natte dooradering De bosschages aan de zuidzijde van het plangebied die zijn aangewezen als NNN, hebben in het natuurbeheerplan van de provincie Fryslân het beheertype N14.03 Haagbeuken- en essenbos. Van de kenmerkende soorten van dit beheertype zijn uitsluitend de broedvogels zoals boomklever, nachtegaal, en de vaatplant daslook bekend uit De Groene Ster. Deze bosschages zijn verder met name van belang als leefgebied voor vleermuizen, broedvogels en kleine grondgebonden zoogdieren. 1

Deze kernopgaven staan in het Beheerplan Natura 2000-gebied Groote Wielen (provincie Fryslân, 2022

2

De Ecologische Hoofdstructuur (EHS) is de voorloper van Natuurnetwerk Nederland (NNN).

3

Zwarte stern komt niet voor in het onderzoeksgebied en er is ook geen geschikt biotoop aanwezig.

24 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Afbeelding 2.7 Ligging EHS (nu NNN) en Natura 2000 in en om het plangebied (Bron: provincie Fryslân) (A) en de beheertypen van het NNN, gebaseerd op de nota weidevogels 2021-2030, provincie Friesland (B)

A.

B.

25 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Kleine stukjes grasveld en enkele oeverzones behoren tot het beheertype N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland. Van de kenmerkende soorten zijn de dagvlinders bruin zandoogje, hooibeestje, groot dikkopje en zwartsprietdikkopje en de planten echte koekoeksbloem, knoopkruid en zwarte zegge uit het gebied bekend. De ondergroei van de bosschages varieert van open (geen struweel en weinig tot geen kruidachtige planten) tot dichtbegroeid onder andere met bramen. De bosschages aan de zuidzijde van het plangebied die onderdeel vormen van het NNN zijn behalve het normale recreatieve gebruik nog onderdeel van een hondenlosloopgebied, waardoor honden ook buiten de paden komen. Natuur buiten het NNN en weidevogel- of ganzengebieden De kleine zwemplas, de bosschages aan de noordrand van het plangebied, een graslandgebied aan de westrand en een klein gebied aan de oostrand van het plangebied zijn aangewezen als ‘natuur buiten het NNN’. De bosschages aan de noordzijde van het plangebied die zijn aangewezen als ‘natuur buiten het NNN’ hebben net als de bosschages aan de zuidzijde die onderdeel zijn van het NNN in het natuurbeheerplan van de provincie Fryslân het beheertype N14.03 Haagbeuken- en essenbos. Het bos in dit deelgebied bestaat uit de bosstroken, wandelpaden en enkele watergangen. De bosschages bestaan vooral uit oude bomen, waaronder dode bomen met spechtengaten.

Het gebied is deels in gebruik als homoontmoetingsplaats (westelijk deel), waardoor in de bosschages padenstructuren zijn ontstaan. Het grasland aan de uiterste westpunt bestaat uit twee graslandpercelen met enkele ondiepe greppels die worden omgeven door rijen van jonge bomen met ondergroei. Ook dit deelgebied is in gebruik als hondenlosloopgebied. Het deelgebied aan de oostrand bestaat uit een schiereiland met grasland en een groep bomen dat wordt omgeven door met (riet)ruigte begroeide brede oeverstroken en water dat onderdeel vormt van de Kleine Wielen. Het plangebied ligt op 400 meter afstand van beschermde weidevogelkansgebieden (afbeelding 2.8). Weidevogelparels en ganzenfoerageergebieden liggen op grotere afstand.

Afbeelding 2.8 Ligging van het plangebied (rode lijn) ten opzichte van het dichtstbijzijnde weidevogelkansgebied (groene arcering) (bijlage III van bijlage II)

26 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Soortenbescherming Uit het plangebied zijn geen beschermde plantensoorten bekend. In 2021 is in de berm van een parkeerplaats de beschermde soort kluwenklokje aangetroffen (NDFF). Deze soort komt in Nederland alleen in het wild voor langs de rivieren en mogelijk Zuid-Limburg. Het is echter ook een geliefde tuinplant en wordt in stedelijk gebied en parken verwilderd aangetroffen. In De Groene Ster betreft het ook een verwilderd exemplaar, het betreft geen natuurlijke standplaats van deze soort. In 2016, 2017, 2018 en 2019 zijn tijdens vleermuisinventarisaties in verband met een aantal evenementen 7 vleermuissoorten foeragerend waargenomen in het plangebied. Het betrof gewone- en ruige dwergvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis, gewone grootoorvleermuis, meervleermuis en watervleermuis. Ook een deel van de andere vleermuissoorten kan de wateren om het plangebied als vliegroute benutten. Verder zijn in het plangebied alleen nog foeragerende vleermuizen waargenomen langs lineaire structuren in het plangebied en is er een vliegroute van rosse vleermuis over het plangebied vanaf de Groote Wielen over de Groningerstraatweg naar de Kleine Wielen, waarna de dieren in zuidoostelijke richting verdwijnen.

Uit het plangebied zijn 15 algemene grondgebonden zoogdieren bekend, te weten; aardmuis, bosmuis, dwergmuis, dwergspitsmuis, rosse woelmuis, veldmuis, bunzing, hermelijn, wezel, steenmarter, konijn, haas, egel, ree en vos. Otter, boommarter en waterspitsmuis zijn eveneens bekend uit het plangebied. De aanwezigheid van verblijfplaatsen van de schuwe otter binnen het plangebied wordt uitgesloten door het intensieve recreatieve gebruik. In december 2018 en maart 2019 is nader onderzoek naar waterspitsmuis uitgevoerd. Tijdens het onderzoek zijn 2 waterspitsmuizen in het plangebied gevangen. Daarnaast is in 2022 op een nieuwe locatie een waterspitsmuis aangetroffen, Uit de omgeving van het plangebied zijn verschillende vogelsoorten bekend waarvan de nesten jaarrond beschermd zijn. In 2021 was één territorium van ransuil aanwezig is, maar er zijn geen jongen gehoord. Er is eveneens een territorium van sperwer vastgesteld aan de westkant van het gebied. Een nest van de sperwer is niet gevonden. Een kolonie roeken broedde in 2018 in één van de bosschages binnen het plangebied. In 2021 zijn geen broedgevallen van roek vastgesteld tijdens de broedvogelmonitoring. Het plangebied kan ook onderdeel vormen van het foerageergebied van vogels met jaarrond beschermde nesten, zoals de buizerd, sperwer, ooievaar, roek en ransuil.

Deze soorten zijn waargenomen tijdens de vogelinventarisatie in 2019 en/of 2021. Verder is de boomvalk bekend uit de omgeving, zodat deze soort het plangebied ook als foerageergebied gebruikt. In de opgaande beplanting en op de met ruigte begroeide oevers binnen het plangebied is een aantal broedvogels te verwachten waarvan de nesten niet jaarrond beschermd zijn. Het betreft voornamelijk algemene broedvogels, maar ook zijn enkele territoria van schaarsere soorten vastgesteld, zoals blauwborst, spotvogel, koekoek en roerdomp. In 2020 is van de laatste soort één nest aangetroffen aan de zuidzijde van het plangebied. Uit de directe omgeving van het plangebied zijn enkele algemene amfibieënsoorten bekend: bastaardkikker, bruine kikker, meerkikker, gewone pad en kleine watersalamander. In de nabijheid van het plangebied zijn ook heikikker en rugstreeppad bekend. Rugstreeppadden zijn aangewezen op ondiepe, snel opwarmende plaatsen en locaties met vergraafbare zandgrond, die ontbreken in het plangebied. Het voortplantingsbiotoop van de heikikker aan de noordoost- en zuidzijde van het plangebied valt buiten de begrenzing van het plangebied. In 2022 is een actualisatie uitgevoerd van het heikikkeronderzoek en is nog slechts één roepend mannetje van heikikker aangetroffen aan de zuidoostzijde van het plangebied.

In de NDFF (Nationale Databank Flora en Fauna) is net naast het plangebied een waarneming opgenomen van een beschermde reptielensoort, de ringslang. In de omgeving van de Groene Ster is de afgelopen 10 jaar een incidentele waarneming van ringslang bekend uit 2014 (NDFF, 2023). In de rapporten van Van Hooff 2019 en 2020 wordt een waarneming van ringslang gemeld bij de Alddeel. Deze waarneming is niet in het NDFF opgenomen. Voor ringslang is in potentie wel geschikt leefgebied aanwezig in het plangebied, maar deze soort is nooit waargenomen in het plangebied.

27 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Geschikt leefgebied voor andere reptielensoorten ontbreekt in het plangebied. De vissoort grote modderkruiper is bekend uit het plangebied. Uit het plangebied zijn drie beschermde ongewervelden bekend, namelijk gevlekte witsnuitlibel, grote vos en grote weerschijnvlinder. Uit de wijdere omgeving zijn nog de libellensoorten groene glazenmaker en sierlijke witsnuitlibel bekend. Mogelijk komen de gestreepte waterroofkever en platte schijfhoren in wateren binnen het plangebied voor. Het voorkomen van andere door de Wet natuurbescherming beschermde ongewervelden kan worden uitgesloten op grond van de verspreiding en/of het ontbreken van geschikt biotoop. Ruimtelijke ontwikkelingen In de milieueffectonderzoeken wordt rekening gehouden met de autonome ontwikkelingen in en om het plangebied. Dit zijn de ontwikkelingen die ook plaatsvinden als de wijziging van het bestemmingsplan geen doorgang vindt. Dit kunnen toekomstige ruimtelijke- of infrastructurele ontwikkelingen zijn, waarvoor een (ontwerp)besluit beschikbaar is. Deze ontwikkelingen worden naar verwachting binnenkort (volledig) gerealiseerd en zijn doorgaans planologisch mogelijk gemaakt in de afgelopen jaren. In en om het plangebied vinden komende jaren verschillende projecten autonoom plaats. Tabel 2.1 geeft een overzicht van het autonome bouwprogramma.

Dit zijn de ontwikkelingen waarmee het in deze studie gebruikte verkeersmodel van de gemeente Leeuwarden van uit gaat.

Tabel 2.1 Autonoom bouwprogramma meegenomen in verkeersmodel gemeente Leeuwarden Ontwikkelingen

Programma

(Ontwerp)besluit

woonwijk Blitsaerd

+111 woningen

Beheersverordening ‘Leeuwarden -Tusken Moark en Ie’* (vastgesteld 2015-03-09) en bestemmingsplan ‘Leeuwarden – Blitsaerd Oost’ (vastgesteld 2021-09-13)

woonwijk Middelsee

+3.200 woningen waarvan 750 woningen in fase 1

bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Middelsee fase 1’ (vastgesteld 2020-01-22)

Generieke planoverstijgende ontwikkelingen Daarnaast zijn er generieke ontwikkelingen die het gebiedsniveau overstijgen. Op het gebied van milieu is dit bijvoorbeeld de trendmatige verbetering van de luchtkwaliteit door (inter-)nationale afspraken of de klimaatverandering die op basis van verschillende scenario´s te verwachten is. Ook zijn er technologische, demografische, politieke, economische en sociale ontwikkelingen die in meer of mindere mate invloed hebben op de autonome ontwikkeling van het plangebied. Zo bepaalt het migratieoverschot en de ontwikkeling van de werkgelegenheid in sterke mate de aard en de hoogte van de woningbouwopgave. Ook technologische innovaties, zoals zelfgestuurd of emissieloos rijden, zijn zeker vanaf 2030 van grote invloed op de verplaatsingspatronen en milieucondities in en rondom het plangebied. Deze generieke planoverstijgende ontwikkelingen worden in het MER betrokken.

2.2

Planvormend beleidskader

Het geldende bestemmingsplan ‘Leeuwarden - Recreatiegebied Groene Ster’ biedt geen ruimte voor evenementen. Om evenementen binnen het recreatiegebied De Groene Ster mogelijk te maken heeft de gemeente tot nu toe gewerkt met vergunningen. Voor kleine evenementen werd vaak een vergunning op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) verleend, bij grotere (muziek)evenementen werd ook een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan verleend (Wabo).

28 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

De gemeente wil evenementen nu graag structureel regelen en juridisch-planologisch mogelijk maken door een partiële herziening van het geldende bestemmingsplan. Hierdoor is dan geen omgevingsvergunning voor de evenementen meer nodig. De gemeenteraad van Leeuwarden besloot dan ook om een nieuw bestemmingsplan op te stellen waarin voorwaarden zijn opgenomen waarbinnen evenementen georganiseerd kunnen worden. Dit heeft ertoe geleid dat in 2018 een voorontwerpbestemmingsplan is opgesteld dat van 26 juli 2018 tot en met 19 september 2018 ter inzage lag. In 2018 heeft ook de Rechtbank Noord-Nederland naar aanleiding van de verleende vergunningen voor evenementen in De Groene Ster geoordeeld dat een Passende Beoordeling op grond van de Wet natuurbescherming moest worden opgesteld over het effect van de (muziek)evenementen op natuurwaarden. Een belangrijk aspect hierbij is de ligging van het plangebied op korte afstand van het Natura 2000-gebied Groote Wielen, onder meer in verband met de aanwezigheid van de Natura 2000-soort meervleermuis binnen het plangebied.

2.3

Verantwoording locatiekeuze

2.3.1

Aanleiding

Partiële herziening bestemmingsplan De Groene Ster als evenementenlocatie Het gebied De Groene Ster wordt al vele jaren gebruikt voor verschillende muziekevenementen. Dit gebied heeft planologisch de bestemmingen ‘Recreatie – Dagrecreatie’ en ‘Natuur’. Binnen de huidige planologische bestemmingen werden tot dusver op basis van vergunningen muziekevenementen toegelaten. Op grond van artikel 3 lid 1 Wro moet het bestaande gebruik van de gronden worden vastgelegd in een bestemmingsplan, rekening houdend met toekomstige ontwikkelingen waarvan de verwachting is dat die de komende jaren zullen worden verwezenlijkt. In de partiële herziening van het bestemmingplan waarin de evenementen planologisch mogelijk worden gemaakt, blijft de bestaande recreatieve bestemming in stand en wordt deze vervolgens aangevuld met enkele bijzondere regels voor de evenementen. Aan de orde is dus het planologisch vastleggen van het bestaande gebruik van De Groene Ster, zoals dat al jaren (sinds 2014) in een reeks van vergunningen is toegestaan. Redelijke alternatieven De Commissie m.e.r. heeft in haar advies op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau aangegeven dat in het plan-MER met het oog op de beoordeling van de milieueffecten ook een onderzoek naar locatiealternatieven moet worden opgenomen. De gemeente onderzocht daarop 7 mogelijke locatiealternatieven.

2.3.2

Doel locatie alternatievenonderzoek

De gemeente Leeuwarden heeft een locatie alternatievenonderzoek uitgevoerd om zorgvuldig de mogelijke alternatieve locaties voor (muziek)evenementen te onderzoeken. In het onderzoek zijn naast het gebied De Groene Ster door trechteren 6 andere mogelijke locatiealternatieven overgebleven.

2.3.3

Trechtering locatiealternatieven

Voor de zoektocht naar locatiealternatieven is een trechteringsproces doorlopen. De trechtering doorliep criteria die bepalend zijn of een locatie voor evenementen rondom Leeuwarden in potentie al dan niet redelijk/realistisch is.

29 | 106 Witteveen+Bos | 127741/23-004.465127741/23-019.810 | Definitief 04Definitief 05

Uitgangspunt trechtering Voor de trechtering is uitgegaan van evenementen waarvoor in de afgelopen jaren een vergunning is verleend. De muziekevenementen met een groot ruimtegebruik hebben, vanwege de geluidsproductie en de mogelijkheid van kamperen, de grootste impact op natuur en leefomgeving. Deze evenementen zijn als uitgangspunt genomen voor het zoeken naar realistische locatiealternatieven. Dat betekent dat gekeken is naar locaties waar onder andere 15.000 mensen (bezoekers, crew, artiesten en dergelijke) terecht kunnen en waar ter plaatse ruimte is om te kamperen en parkeren. De minimale omvang voor een muziekevenement groot ruimtegebruik is circa 35 ha. Dit oppervlakte is gebaseerd op de ruimte die tijdens de huidige evenementen in de Groene Ster bruikbaar is. Het gebied voor muziekevenementen “groot ruimtegebruik” in De Groene Ster heeft namelijk een maximum oppervlakte van circa 68 ha. Dit terrein is maar voor circa de helft bruikbaar vanwege met name grote oppervlakten water en bosschages. Binnen dit ruimtegebruik passen ook muziekevenementen kleiner ruimtegebruik1. en de kleinere overige evenementen2. Dichtbij de stad Leeuwarden Gebieden buiten de gemeentegrens van Leeuwarden vallen af vanwege de bevoegdheid van de gemeente Leeuwarden om alleen binnen haar gemeentegrenzen besluiten te nemen.

Gebieden die te ver van het centrum van Leeuwarden liggen, vallen af vanwege economische spin-off, bereikbaarheid en duurzaamheid. Dit wordt hierna toegelicht. Voor de economische vitaliteit en aantrekkingskracht van een stad is een diversiteit aan culturele voorzieningen waaronder een evenemententerrein in/nabij de stad van belang. Bezoekers van evenementen moeten zoveel mogelijk met de fiets of het openbaar vervoer kunnen komen vanwege duurzaamheid. De locatie moet daarom niet te ver van de stad Leeuwarden af liggen, gezien de fietsafstand (bij lokale evenementen) en de aanwezigheid van een intercitystation (bij (inter)nationale evenementen). Een intercitystation waarborgt dat je nog maar een klein stukje met ander (openbaar) vervoer hoeft te reizen. Ruim binnen deze begrenzing liggen ook de meeste locatiealternatieven die zijn aangedragen door indieners van zienswijzen op de notitie Reikwijdte en Detailniveau (BügelHajema, 2020). Eén genoemde locatie door indieners van zienswijzen valt buiten de contour rondom Leeuwarden, namelijk het buitengebied ten noorden van Grou en Jirnsum. Deze locatie ligt op circa 15 kilometer vanaf het centrum van Leeuwarden en ligt daarbij buiten de contour rondom Leeuwarden. Verenigbaar met evenementen Gebieden die onverenigbaar zijn met evenementen vallen af (zie afbeelding 2.9).

Dit betreft: - de bebouwde kom van de stad Leeuwarden en de dorpen. Het gaat om het bestaand bebouwd gebied conform de ‘Verordening Romte Fryslân’ van de provincie Fryslân. Binnen de bebouwde kom zijn geen locaties aanwezig met voldoende omvang (circa 35 ha). In de stad Leeuwarden zijn er diverse andere locaties aanwezig voor evenementen zonder kamperen zoals het Oldehoofsterkerkhof, het Wilhelminaplein, de Prinsentuin en het Frieslandplein (WTC). Zie ook de Visienota evenementen gemeente Leeuwarden; - ook gaat het om locaties waarvoor al concrete (bouw)plannen zijn, zoals in de woonwijken Blitsaerd Oost, Middelsee, de Hem, Wiarda, de Klamp en Unia; - zonnevelden en zoekgebieden zonnevelden, hier zijn geen evenementen mogelijk; - vliegbasis inclusief ‘veiligheidszone-munitie B’, omdat hier geen recreatie is toegestaan volgens het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening. In veiligheidszone – munitie B is het oprichten van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen niet

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=8edc7722-bcea-4fff-af33-f877073876ba