CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapportage Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting 2025 - 2050 Leeuwarden

Informatieve bijeenkomst - raadzaal 3 september 2025, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Integraal HuisvestingsPlan voor het onderwijs21.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Integraal Huisvestingsplan onderwijs Gemeente Leeuwarden 2025 - 2050

Opdrachtgever Gemeente Leeuwarden

Datum 26 mei 2025

Referentienummer 2230447/20250224Lke01

Auteur(s) Timon Bulten Noud Hes Remco Bresser

4.3

Inhoudsopgave Voorwoord

4

Begrippenlijst

5

1.

2.

3.

4.

Inleiding

5.

Betaalbare onderwijshuisvesting

24

4.3.1

Kaders en ontwikkelingen

24

4.3.2

De visie in de gemeente Leeuwarden

24

Gebouwen en maatregelen

27

5.1

Lopende projecten

27

6

5.2

Leeuwarden – Noord

30

1.1

Werkwijze en proces

6

5.3

Leeuwarden – Oost

37

1.2

Afbakening

6

5.4

Leeuwarden – Zuid

41

1.3

Looptijd

6

5.5

Goutum

45

5.6

Buitengebied – Zuid

49

5.7

Grou - Jirnsum

53

5.8

Hempens

56

5.9

Buitengebied – Noord

59

5.10 Voortgezet onderwijs

63

5.11 Speciaal onderwijs

71

Wettelijke kaders en verantwoordelijkheden

7

2.1

Wie is wettelijk verantwoordelijk voor onderwijshuisvesting?

7

2.2

De rol van het Integraal Huisvestingsplan (IHP)

7

De huidige situatie in cijfers

9

3.1

Leerlingenaantallen

9

3.2

Kerncijfers gebouwenportefeuille onderwijs

11

3.3

Wat is de omvang van de scholen?

11

3.4

Hoe oud zijn de schoolgebouwen?

12

Visie op onderwijs en huisvesting

15

4.1

Onderwijs voor iedereen: aanbod en samenwerking

17

4.1.1

Kaders en ontwikkelingen

17

4.1.2

De visie in de gemeente Leeuwarden

17

Duurzame, gezonde en aanpasbare gebouwen

21

4.2

4.2.1

Kaders en ontwikkelingen

21

4.2.2

De visie in de gemeente Leeuwarden

21

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

6.

7.

Financiële kaders en investeringen

74

6.1

Uitgangspunten investeringsbedragen

74

6.2

Investeringsbijdrage schoolbesturen

75

Maatregelen en uitvoeringsagenda

76

7.1

Hoe zijn de maatregelen bepaald?

76

7.2

Hoe komt een project tot uitvoering?

78

7.3

Slim faseren en flexibel uitvoeren

78

7.4

Hoe wordt een afweging gemaakt in een businesscase?

78

7.5

Twee uitvoeringsagenda’s

79

7.6

Uitvoeringagenda per tijdvak

80

8.

Bewegingsonderwijs

87

8.1

Uitgangspunten

87

8.2

Ontwikkeling van de behoefte aan klokuren bewegingsonderwijs

87

8.3

Normatieve afstand tot een accommodatie

88

Bijlage 1: Factsheets gebouwen

90

Bijlage 2: Capaciteiten accommodaties bewegingsonderwijs

91

De inhoud van deze uitgave is eigendom van ICS Adviseurs B.V. te Zwolle. Enkel de opdrachtgever waarmee ICS Adviseurs B.V. een overeenkomst is aangegaan, heeft een gebruiksrecht voor deze uitgave. De inhoud en omvang van dat gebruiksrecht zijn vastgelegd in de algemene voorwaarden van ICS Adviseurs B.V., gedeponeerd bij de Rechtbank Overijssel onder nummer 9/2021, dan wel in de overeenkomst zoals hiervoor bedoeld. Elk ander gebruik van deze uitgave, door opdrachtgever en of derden is uitgesloten, inhoudende dat niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, via internet, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van ICS Adviseurs B.V.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

Voorwoord Nader toe te voegen.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

4/94

Begrippenlijst Doorexploiteren Binnen de wetgeving voor onderwijshuisvesting zijn de schoolbesturen verantwoordelijk voor de exploitatie van schoolgebouwen. Dit betreft o.a. de schoonmaak, beheer, energielasten, functionele aanpassingen en (groot) onderhoud. Wanneer er geen maatregel wordt toegepast, zoals nieuwbouw of renovatie, wordt er gesproken over doorexploiteren.

Groot onderhoud Bij het uitvoeren van groot onderhoud worden gebouwdelen onderhouden of vervangen om de functionaliteit van het gebouw in stand te houden. Bij groot onderhoud ligt enkel de focus op het in stand houden van het gebouw, bij renovatie worden aanpassingen gedaan om het gebouw te laten voldoen aan moderne kwaliteitsstandaarden.

Integraal Kindcentrum (IKC): De Leeuwarder definitie Een IKC is een voorziening waar kinderopvang en onderwijs onder één dak zijn gehuisvest. Een IKC biedt kinderen van 0 tot en met 12 jaar een totaalaanbod in zorg, cognitief, sociaal-emotioneel, cultureel en fysiek opzicht op basis van één pedagogische visie. Het aanbod wordt geïntegreerd aangeboden en komt tot stand op basis van één visie o.b.v. een analyse van beschikbare data over doelgroep, wijk, ouders en kinderen die dit IKC bezoeken.

Kinderdagverblijf (KDV) Een kinderdagverblijf is een voorziening voor de professionele opvang van kinderen die gezien hun leeftijd nog niet naar school gaan (0-4 jaar). Het is een brede verzamelterm voor opvang voor baby’s en peuters.

Nieuwbouw Nieuw te realiseren gebouw of vervangend gebouw, uitgaande van een technische levensduur van minstens 40 jaar. In de gemeente Leeuwarden wordt voor nieuwbouw uitgegaan van een levensduur van 50 jaar.

Renovatie Renovatie wordt vooruitlopend op het aanstaande wetsvoorstel in dit IHP aangemerkt als een voorziening in de huisvesting. Voorwaarde is dat er sprake

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

is van een verlenging van de levensduur van een gebouw met ten minste 25 jaar, met een streven naar 40 jaar. De gemeente neemt de verantwoordelijkheid voor de benodigde investering, wanneer het schoolbestuur voldoet aan haar verantwoordelijkheid voor het onderhoud.

Primair onderwijs Het primair onderwijs is een overkoepelende term voor het basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs.

Speciaal basisonderwijs Het speciaal basisonderwijs biedt een plek aan leerlingen die vanwege leeren gedragsproblematiek een aanvullende behoefte hebben waarin op een reguliere basisschool niet voorzien kan worden.

Verduurzaming Verduurzaming van het gebouw bestaat primair uit het isoleren en aardgasvrij maken van gebouwen. Bij een maatregel is dit onderdeel van de opgave, voor de overige gebouwen is dit als onderdeel van planmatig onderhoud de verantwoordelijkheid van schoolbesturen, voor zover dat mogelijk is en wettelijk gezien toegestaan.

Voortgezet onderwijs Het voortgezet onderwijs bestaat uit het praktijkonderwijs, vmbo, havo en vwo. Dit onderwijs is opvolgend aan het basisonderwijs.

(Voortgezet) speciaal onderwijs Het (voortgezet) speciaal onderwijs biedt onderwijs aan leerlingen met noodzaak aan specialistische ondersteuning door gedragsproblematiek of een fysieke beperking en is onderverdeeld in het speciaal onderwijs (SO) en voortgezet speciaal onderwijs (VSO). Het (V)SO valt wettelijk niet onder de Wet op Primair Onderwijs (WPO) of de Wet op het Voorgezet Onderwijs (VWO) maar onder de Wet op de Expertisecentra (WEC).

Ruimtesaldo De gemeentelijke Verordening Voorzieningen huisvesting onderwijs schrijft een normatieve ruimtebehoefte voor, oftewel hoeveel ruimte een school nodig heeft/recht op heeft. Het verschil tussen de beschikbare ruimte en de normatieve ruimtebehoefte is het ruimtesaldo.

5/94

1. Inleiding De gemeente Leeuwarden heeft in 2020 de Voorzieningenplanning Onderwijs vastgesteld. Dit Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) is de opvolger en actualisatie van de Voorzieningenplanning. Dit IHP biedt de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties een beleidsperspectief voor onderwijshuisvesting, geborgd in een lang termijnplan voor de periode 2025 – 2050.

1.1 Werkwijze en proces Dit IHP is een gezamenlijk plan van de gemeente Leeuwarden, schoolbesturen en de kinderopvangorganisaties uit de gemeente onder begeleiding van ICSadviseurs.

De gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties hebben in de eerste fase, de visiefase, samengewerkt aan hun toekomstbeeld voor de onderwijshuisvesting. Welke ontwikkelingen spelen er en hoe speelt de onderwijshuisvesting hierop in? De visie vormt de basis voor de inhoudelijke keuzes in de scenario’s en uitvoering. Vervolgens zijn alle locaties in kaart gebracht via vragenlijsten, locatiebezoeken en interviews. De lokale context per schoollocatie is samen met het schoolbestuur en kinderopvangorganisaties verkend in bilaterale gesprekken. Vervolgens is er gezamenlijk door alle partijen in verschillende werksessies gewerkt aan de planvorming, scenario’s en financiën. Dit alles heeft geresulteerd in een breed gedragen plan voor de onderwijshuisvesting tot 2050 met een concrete agenda voor de eerste 4 jaar en lopende projecten.

1.2 Afbakening Het IHP betreft alle schoolgebouwen voor het primair onderwijs (inclusief het (voortgezet) speciaal onderwijs) en voortgezet onderwijs. De uitzondering hierop betreffen scholen voor zogenoemd ‘groen voortgezet onderwijs’ en SO Fier, welke beiden vanwege hun bekostigingsstructuur zelf verantwoordelijk zijn voor huisvesting. Kinderopvangorganisaties: Kinderopvangorganisaties zijn vanwege inhoudelijke samenwerking en afhankelijkheid nauw betrokken geweest bij de visie- en planvorming van het IHP. De gemeente Leeuwarden investeert, faciliterend aan haar IKC-ambitie ‘Kansen voor Kinderen’, in huisvesting voor kinderopvangorganisaties die samenwerken met het onderwijs. Deze wordt vervolgens kostprijsdekkend verhuurd aan de kinderopvangorganisatie. De huisvesting van kinderopvangorganisaties is daarmee, als onderdeel van een IKC, geen onderdeel van de uitvoeringsagenda in hoofdstuk 7. Bewegingsonderwijs: De gemeente bezit verschillende gymzalen en sporthallen die worden gebruikt voor bewegingsonderwijs, de gemeente is namelijk verantwoordelijk voor voldoende en adequate sportaccommodaties voor het bewegingsonderwijs. In dit IHP is daarom in hoofdstuk 8 a.d.h.v. de scenario’s een analyse gemaakt van de huidige en toekomstige capaciteit.

1.3 Looptijd Investeren in vastgoed vraagt om een langetermijnvisie; dit IHP beslaat daarom een periode van 16 jaar met een doorkijk tot 2050. Dit zorgt voor een langetermijnkoers en creëert daarmee duidelijkheid voor alle partijen. ▪ ▪ ▪

Het plan bestaat uit tijdblokken van 4 jaar; Het plan wordt elke 4 jaar herijkt; De feitelijke data als leerlingenprognoses worden elke 2 jaar geactualiseerd.

Daarmee is het plan een dynamisch document wat mee verandert met de tijd en de veranderende omstandigheden.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

6/94

2. Wettelijke kaders en verantwoordelijkheden 2.1 Wie is wettelijk verantwoordelijk voor onderwijshuisvesting? Gemeente en schoolbesturen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor onderwijshuisvesting.

▪

Gemeentelijke zorgplicht De gemeente heeft de wettelijke zorgplicht om te voorzien in voldoende en kwalitatief goede huisvesting voor het onderwijs. De zorgplicht is verankerd in de Wet op het primair onderwijs (WPO), de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO) en de Wet op expertisecentra (WEC).

▪

Wetsvoorstel planmatige & doelmatige aanpak onderwijshuisvesting Het IHP wordt naar verwachting een wettelijke verplichting. Het ministerie van OCW werkt momenteel aan het wetsvoorstel “planmatige aanpak onderwijshuisvesting”. Hierin wordt formeel geregeld dat: ▪ ▪ ▪ ▪

gemeenten verplicht worden om een IHP vast te stellen; schoolbesturen verplicht worden om een MJOP op te stellen; renovatie een voorziening wordt in de huisvesting en onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid valt; het investeringsverbod voor het primair onderwijs gedeeltelijk wordt opgeheven.

In het IHP wordt, vooruitlopend op de wetgeving, renovatie ook als door de gemeente te bekostigen voorziening in de huisvesting beschouwd.

De gemeente is verantwoordelijk voor investeringen in (vervangende) nieuwbouw, uitbreiding, eerste inrichting, herstel van constructiefouten en herstel en vervanging bij schade door bijzondere omstandigheden (bijvoorbeeld vandalisme of weersomstandigheden).

2.2 De rol van het Integraal Huisvestingsplan (IHP)

Gemeenten ontvangen via het gemeentefonds van het Rijk financiële middelen om te kunnen voldoen aan deze zorgplicht. De gemeente is vrij om deze middelen naar eigen inzicht te besteden en weegt daarvoor de investeringen in onderwijshuisvesting af tegen haar andere taken en verantwoordelijkheden.

▪

De verantwoordelijkheid van schoolbesturen De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het onderhouden en exploiteren van de gebouwen. Hiervoor ontvangen zij middelen van het Rijk als onderdeel van de lumpsumvergoeding. Bij het planmatig onderhoud wordt minimaal het conditieniveau 3 van instandhouding op sober en doelmatig niveau (NEN2767) gehanteerd. Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor de handhaving van dit niveau en de uitvoering van de onderhoudswerkzaamheden.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

De gemeente heeft drie kaderstellende instrumenten (vastgesteld door de gemeenteraad) waarmee zij stuurt, te weten:

Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Leeuwarden De verordening van de gemeente beschrijft de formele regels voor de wijze van berekenen van de ruimtevraag en het ruimteaanbod van (bewegings)onderwijshuisvesting. Ook beschrijft de verordening de formele regels die gelden bij het aanvragen en toetsen van voorzieningen in de onderwijshuisvesting.

▪

Gemeentelijke begroting Een financieel kaderstellend instrument.

▪

Integraal Huisvestingsplan Het IHP is een inhoudelijk kaderstellend instrument. Het IHP heeft de status van een inhoudelijk kaderstellend document, waarbij alle betrokken partijen zich committeren aan een gezamenlijke inspanningsverplichting. Het IHP biedt daarmee het kader voor de uitvoering en concretisering van het onderwijshuisvestingsbeleid.

7/94

Onderwijshuisvesting in 2025

36 kernen

17

162.541 m² bvo

schoolbesturen

onderwijscapaciteit

75

locaties 52 (S)BO

17.586

18 VO 5 (V)SO

leerlingen in 2039

17.746 leerlingen in 2024

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

8/94

3. De huidige situatie in cijfers Er zijn verschillende ontwikkelingen die vragen om aanpassing van onderwijshuisvesting. Bijvoorbeeld veranderingen in leerlingenaantallen, waardoor gebouwen te krap of te ruim zijn of veroudering van de portefeuille. Dit hoofdstuk gaat dieper in op de demografische ontwikkeling en de omvang en staat van de huidige portefeuille.

▪

De daling die het aantal leerlingen in het primair onderwijs in het afgelopen decennia heeft doorgemaakt vindt momenteel plaats in het voortgezet onderwijs. Dit betekent dat het aantal leerlingen nog enkele jaren blijft dalen en daarna stabiliseert. Op de langere termijn, over circa 10 jaar, wordt er een lichte groei voorspeld.

3.1 Leerlingenaantallen In 2024 (peildatum 1 okt. 2023) volgen er in de gemeente Leeuwarden 17.746 leerlingen onderwijs. Dit betreffen reguliere scholen, maar ook bijvoorbeeld onderwijs voor nieuwkomers. Tot 2039 daalt het aantal leerlingen licht met 0,9% tot 17.586 leerlingen. ▪

De leerlingenprognoses voorspellen aan de hand van geplande woningbouw, demografische ontwikkelingen en voedingsgebieden het aantal leerlingen voor de komende jaren. Deze vormen het fundament voor de planning van de omvang van onderwijsgebouwen.

▪

Na jaren van dalende leerlingenaantallen stabiliseert het aantal leerlingen in het (speciaal) basisonderwijs zich in de komende 10 jaar op circa 9.400, gevolgd door een kleine daling. De ontwikkeling verschilt echter sterk per gebied. Het zuiden van de stad Leeuwarden groeit sterk mede door toevoeging van nieuwbouwwoningen, terwijl op andere plekken sprake is van krimp. Instroom van migratie betreft overstijgend de voornaamste bron van groei, deze is echter relatief onvoorspelbaar

▪

844 leerlingen volgen momenteel (voortgezet) speciaal onderwijs in de gemeente. De gehanteerde prognose gaat uit van een stabiel leerlingenaantal. De in- en uitstroom in het speciaal onderwijs is echter relatief onvoorspelbaar en beperkt afhankelijk van demografische factoren. In de afgelopen jaren is het aantal leerlingen sterk toegenomen.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

9/94

Ontwikkeling leerlingenaantallen []

10000 9000 8000 7000 6000 5000 4000

3000 2000 1000 0 2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030 VO

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

2031 V(SO)

2032

2033

2034

2035

2036

2037

2038

2039

(S)BO 10/94 10/93

3.2 Kerncijfers gebouwenportefeuille onderwijs Op pagina 8 is een overzicht weergegeven met kerncijfers. In totaal bestaat de portefeuille onderwijshuisvesting op 1 januari uit 75 gebouwen, daarbij delen enkele scholen samen een gebouw. In 52 gebouwen zijn scholen voor (speciaal) basisonderwijs gehuisvest, in 18 gebouwen is een middelbare school gehuisvest en in 5 gebouwen is (voortgezet) speciaal onderwijs gehuisvest. De 75 gebouwen zijn ondergebracht bij 17 verschillende schoolbesturen: de gemeente Leeuwarden kenmerkt zich daarbij door een relatief groot aantal schoolbesturen. Dit betreffen 10 schoolbesturen in het primair onderwijs, 5 schoolbesturen in het voortgezet onderwijs en 2 schoolbesturen in het speciaal onderwijs. De gemeente Leeuwarden kent 36 kernen waarvan er in 15 kernen een school aanwezig is.

3.3 Wat is de omvang van de scholen? De rijksoverheid stelt een minimum schoolomvang (aantal leerlingen) per type onderwijs en per gemeente vast. Voor de gemeente Leeuwarden geldt voor het basisonderwijs een gesplitste norm:

▪

▪

▪

Voor scholen in het stedelijk gebied geldt een opheffingsnorm van 153 leerlingen, voor scholen in het landelijk gebied is dit 42 leerlingen. Wanneer scholen 3 jaar op rij minder leerlingen hebben dan de norm, verliest het schoolbestuur in principe de bekostiging vanuit het Rijk. Er zijn momenteel 7 scholen voor primair onderwijs met een leerlingenaantal onder de opheffingsnorm (153 leerlingen). Schoolbesturen kunnen scholen met een omvang onder de norm in stand houden op basis van enkele criteria. Dit is nader toegelicht in hoofdstuk 4.3. Voor het voortgezet onderwijs verschilt de opheffingsnorm per type onderwijs, dit varieert daarbij o.a. ook op basis van het aantal aangeboden profielen. De norm varieert tussen de 70 en 360 leerlingen.

In de grafiek aan de rechterzijde van de pagina is de gemiddelde schoolgrootte (BRIN-nummer) per type onderwijs en instandhoudingsgebied weergegeven. 2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

[](V)SO

132

SO

155

VO

474

SBO

171

BO

206 0

100

200

300

400

500

Gemiddeld aantal leerlingen per onderwijssoort

Gemeente

206

Dorpen

132

Leeuwarden

260 0

50

100

150

200

250

Gemiddeld aantal leerlingen 11/93 11/94 t.o.v. opheffingsnorm

300

3.4 Hoe oud zijn de schoolgebouwen? Het overzicht op pagina 13 toont de leeftijd van de onderwijsgebouwen in de gemeente in 2024. ▪

De grafiek toont de leeftijd van alle schoolgebouwen in de gemeente Leeuwarden. Hiermee wordt bedoeld het aantal jaar sinds de bouw of levensduurverlengende renovatie van het oorspronkelijke bouwdeel, met uitzondering van monumentale gebouwen.

▪

De theoretische levensduur van een schoolgebouw is initieel minimaal 40 jaar. Na 40 jaar neemt de kans toe dat er sprake is van een dermate grote veroudering dat regulier onderhoud niet meer volstaat. De getoonde leeftijd betreft een indicatie voor de mate van veroudering en staat van de portefeuille.

▪

De 7 oudste gebouwen betreffen gemeentelijke en rijksmonumenten, deze zijn significant ouder dan de overige gebouwen. De theoretische levensduur geeft geen getrouw beeld van de ouderdom, 1 van de gebouwen is namelijk tussentijds meerdere malen op verschillende wijzen gerenoveerd. Van de 7 gebouwen verkeert circa de helft in goede staat en is de helft (sterk) verouderd.

▪

De portefeuille met onderwijsgebouwen in de gemeente is sterk verouderd en vraagt om grootschalige investeringen. Veel gebouwen zijn in de decennia na de Tweede Wereldoorlog gerealiseerd.

▪

Van de 75 gebouwen zijn er momenteel 32 gebouwen ouder dan 40 jaar (43%) = de theoretische levensduur. In 2040 zijn in totaal 47 van 75 gebouwen ouder van 40 jaar (63%) wanneer er geen maatregelen worden getroffen.

▪

De verouderde, maar ook de nieuwere gebouwen voldoen grotendeels nog niet aan de duurzaamheidseisen passend bij het klimaatakkoord.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

7 Monumentale gebouwen Rijks- en gemeentelijke monumenten

43% Is ouder dan de theoretische levensduur in het jaar 2024

12/94 12/93

Gebouwleeftijd

180

160

140

120

100

80

60 Theoretische levensduur (40 jaar) 40

20

0 Monumentale gebouwen

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

13/94 13/93

De staat van de onderwijshuisvesting ____ ▪

In de gemeente Leeuwarden zijn in totaal 75 onderwijsgebouwen.

▪

De komende jaren is er sprake van een lichte groei in het aantal leerlingen in het primair onderwijs. Het voortgezet onderwijs maakt momenteel een daling in het aantal leerlingen door.

▪

Een groot deel van de gebouwen is sterk verouderd én vraagt om een grote investering, bijvoorbeeld in verduurzaming en het binnenklimaat.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

14/94 14/93

4. Visie op onderwijs en huisvesting De gemeente Leeuwarden, de schoolbesturen en de kinderopvangorganisaties zetten zich gezamenlijk in voor toekomstbestendig onderwijs en opvang. Voor nu, maar zeker ook met het oog op 2050. Niet omdat het kan, maar omdat het moet. Het doel is om tot kwalitatief goede, duurzame, energieneutrale, (financieel) gezonde onderwijslocaties te komen. Dat vraagt om een gezamenlijke aanpak! En om een perspectief dat breder kijkt dan alleen onderwijshuisvesting. Dit IHP koppelt daarom de doelstellingen uit flankerend beleid aan de opgave voor onderwijshuisvesting en geeft de strategie voor de periode van nu tot 2050.

Gezamenlijke prioriteiten

Onderwijs voor iedereen: aanbod en samenwerking

De visie op onderwijs en huisvesting legt hiervoor de basis en fungeert als leidraad voor het ontwikkelen, verbeteren en beheren van onderwijshuisvesting, in de stad en in de kernen daaromheen. De visie is gestoeld op meerdere thema’s die samenvallen in drie hoofdonderwerpen. Per hoofdonderwerp worden eerst de relevante kaders en ontwikkelingen geschetst om vervolgens de gezamenlijke visie en ambitie van gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties daarop te geven. Deze visie geeft de ambitie weer. Huisvesting van onderwijs en kinderopvang is echter complex. Maatwerk op alle thema’s in deze visie is daarom mogelijk – en soms zelfs nodig.

Duurzame, gezonde en aanpasbare gebouwen

Betaalbare onderwijshuisvesting

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

15/94 15/93

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

16/94

4.1 Onderwijs voor iedereen: aanbod en samenwerking 4.1.1 Kaders en ontwikkelingen Passend onderwijs voor alle kinderen Per 1 augustus 2014 hebben scholen de zorgplicht om een passende onderwijsplek voor ieder kind aan te bieden. Zodra een school niet tegemoet kan komen aan de zorgbehoefte van een kind, is zij verantwoordelijk om met ouders en schoolbesturen in de regio een passende onderwijsplek te bieden. Schoolbesturen geven gezamenlijk invulling aan deze zorgplicht via de Samenwerkingsverbanden voor PO en VO.

Onderwijsakkoord Fryslân Vijf onderwijsinstellingen in het beroeps- en hoger onderwijs, de provincie Fryslân en gemeente Leeuwarden hebben Het Onderwijsakkoord Fryslân gesloten. In dit akkoord wordt gestreefd naar inhoudelijke samenwerking tussen de onderwijsinstellingen om het onderwijs beter aan te laten sluiten bij de persoonlijke behoefte van de leerling en de arbeidsmarkt. Onder andere wordt als doel gesteld om de doorstroming vanuit het funderend onderwijs naar vervolgonderwijs (mbo, hbo, wo) te vergroten en een viertal lycea te ontwikkelen op voor Friesland relevante sectoren.

4.1.2 De visie in de gemeente Leeuwarden Thuisnabij onderwijs

Het onderwijs in de gemeente Leeuwarden is voor iedereen; iedereen heeft een kansrijke start op ontwikkeling, ieder kind gaat naar school, het onderwijs is inclusief en het onderwijs is van goede kwaliteit. De strategische onderwijsvisie zet in op gelijke kansen, de koppeling van zorg met (speciaal en passend) onderwijs, aandacht voor kwetsbare jongeren, talentontwikkeling en toekomstgericht onderwijs. De leeromgeving is duurzaam en sociaal en fysiek veilig.

De gemeente Leeuwarden bestaat sinds 1 januari 2018 uit de stad en 35 andere kernen. Een divers aanbod van onderwijs (onderwijsconcept en denominaties) wordt nagestreefd, evenals een goede spreiding van onderwijs over de wijken en de kernen. Voor het PO betekent dat doorgaans een spreiding van scholen en onderwijsconcepten over het gehele grondgebied van de gemeente, zodat het onderwijs in de wijken en kernen plaatsvindt. Daadwerkelijk thuisnabij. Voor leerlingen in het VO geldt veelal een hogere actieradius; dit laat ruimte voor de afweging tussen spreiding of clustering van onderwijslocaties.

Bestrijden van kansenongelijkheid: Kansen voor Kinderen

Doorgaan met IKC-vorming

Strategische onderwijsvisie

De gemeente Leeuwarden wil de ontwikkelingskansen voor kinderen vergroten door te investeren in Integrale Kindcentra (IKC’s), waarbij de prioriteit ligt bij de IKC’s in de zogenoemde aandachtsgebieden. Dit vindt plaats vanuit het beleid Kansen voor Kinderen1. Hiermee wordt geïnvesteerd in samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs, aanvullend aanbod (rijke schooldag) en het inzetten van extra expertise.

De vorming van IKC’s en het samenwerken van de verschillende disciplines rondom het kind draagt bij aan het voorkomen van ontwikkelingsachterstanden en kansenongelijkheid door het vroegtijdig signaleren van gedragsproblematiek, de ‘warme overdracht’ tussen opvang en onderwijs en het bieden van een doorlopende ontwikkellijn voor kinderen. Het IKC vervult daarmee een kernfunctie in de ontwikkeling van kinderen.

1 De keuze om te focussen op de aandachtsgebieden is gebaseerd op de uitkomsten van de

Analyse Aandachtsgebieden. Het beleid wordt momenteel uitgevoerd vanuit het Uitvoeringsprogramma Kansen voor Kinderen 2 (2021-2028).

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

17/94

De schoolbesturen en kinderopvangorganisaties hebben in samenwerking met de gemeente vooropgelopen in de ontwikkeling van beleid rondom IKCvorming. Ruim de helft van de basisscholen is tot op heden omgevormd tot een IKC. Deze ontwikkeling stimuleren de gemeente, kinderopvangorganisaties en de schoolbesturen gezamenlijk.

Inclusief onderwijs Gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties erkennen het belang van passend en inclusief onderwijs. Inclusief onderwijs houdt in dat niemand wordt uitgesloten vanwege een beperking en iedereen op elke school of IKC welkom is. Kinderen leren, spelen en werken samen en ieder kind kan zich optimaal ontwikkelen. Met de ondersteuning en zorg die daarvoor nodig zijn. Dit vraagt om sectoroverstijgende samenwerkingen tussen kinderopvang, PO, VO, (V)SO en zorgaanbieders. Waar kansen zich voordoen, kunnen regulier en speciaal onderwijs bij elkaar – samen onder één dak of als buren naast elkaar – worden gepositioneerd in de stad.

Ruimte voor passend en inclusief onderwijs Vanuit Kansen voor Kinderen krijgen zogenaamde Plus IKC’s extra middelen voor personeel en ondersteuning. Plus IKC’s zijn de IKC’s in aandachtsgebieden, zoals in Kansen voor Kinderen uitgewerkt. Extra ondersteuning en personele inzet vraagt mogelijk ook om andersoortige ruimtes, zoals gespreks- of therapieruimtes. De behoefte aan het type en de omvang van deze ruimtes kan per schoollocatie verschillen. Schoolbesturen en gemeente zoeken samen naar de mogelijkheden tot realisatie (en bekostiging) van deze ruimtes. Een beknopt plan van aanpak moet de grondslag bieden voor het gebruik van en type ruimtes. Schoolbesturen en gemeente onderzoeken samen of de ruimtes middels functionele aanpassingen in de (overmaat van) bestaande onderwijsgebouwen kan worden gerealiseerd. Indien dit ruimtelijk of financieel niet mogelijk is, kan (tijdelijke) uitbreiding van het gebouw een oplossing bieden. Schoolbesturen en gemeente zoeken in dat geval gezamenlijk naar middelen en mogelijkheden om de ruimtes te realiseren.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

Het IHP houdt vooraf rekening met een toeslag van 10% op de normatieve ruimtebehoefte voor de Plus IKC’s. De invulling daarvan dient te worden nader uitgewerkt.

Rijke schooldag Schoolbesturen zetten in samenwerking met de gemeente in op de rijke schooldag. Leren gebeurt niet enkel tijdens schooltijd en in het klaslokaal, maar ook buiten school(tijd) door extra-curriculaire activiteiten aan te bieden, zoals kunst, cultuur, muziek, wetenschap en techniek. Schoolbesturen en gemeente duiden gezamenlijk de noodzaak en behoefte in de wijken. Voor het aanbod van de rijke schooldag wordt zoveel als mogelijk de bestaande capaciteit van gebouwen benut. Schoolbesturen dragen middels functionele aanpassingen zorg voor de aansluiting van de ruimte op de gewenste (onderwijs)activiteiten.

Investeren in ruimte voor kinderopvang In tegenstelling tot onderwijshuisvesting is het huisvesten van kinderopvangorganisaties geen wettelijke taak van de gemeente. Momenteel is er sprake van verschillende juridische oplossingen voor de huisvesting van kinderopvang. Voor nieuwe investeringen gelden de volgende en reeds bestaande uitgangspunten: ▪ ▪

Het schoolbestuur, in samenwerking met de kinderopvangorganisatie, is leidend in de IKC-vorming, dit vanuit het beleid Kracht vanuit de Basis. De gemeente Leeuwarden verzorgt een voorfinanciering in ruimtes voor kinderopvang. De gemeente sluit daarbij met de kinderopvangorganisatie een vaststellingsovereenkomst waarin afgesproken wordt dat de kapitaallasten van de investering in 10 tot 15 jaar worden terugbetaald.

In bijlage VI van de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Leeuwarden 2018 wordt nader toegelicht hoe de betreffende constructie werkt.

18/94

Doorlopende leerlijn 0 - 18 jaar

Bewegingsonderwijs

Op diverse plekken in het land ontstaan bij wijze van pilot initiatieven voor tienerscholen of scholen voor 10 - 14 jaar. Het doel van deze initiatieven is het versoepelen en verkleinen van de overgang van basis- naar voortgezet onderwijs. Het onderwijs op tienerscholen vormt een doorlopende leerlijn van basis- naar voortgezet onderwijs. Leerlingen stappen niet na groep 8 over, maar blijven tot hun 14e jaar op de basisschool of tienerschool. Zo krijgen leerlingen meer tijd om te ontdekken wat ze willen en wat bij ze past en wordt vroegtijdige ‘selectie’ gereduceerd. Door schoolbesturen in gemeente Leeuwarden wordt de meerwaarde die een tienerschool biedt voor een deel van de doelgroep ingezien. Schoolbesturen verkennen de toekomstige mogelijkheden van scholen voor 0 – 18 jaar en (VO-)campussen, met als doel een goede basis (en een passend keuzemoment) voor leerlingen te bieden, segregatie te reduceren (campus) en vroegselectie tegen te gaan. Wanneer zich in ruimtelijke zin kansen voordoen, bijvoorbeeld bij nieuwbouw van zowel basis- als voortgezet onderwijs, worden mogelijkheden voor inhoudelijke ontwikkeling van een tienerschool of een campus voor kinderen van 0 tot 18 jaar onderzocht.

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor voldoende en adequate huisvesting van het bewegingsonderwijs. Het bewegingsonderwijs is een integraal onderdeel van het onderwijsaanbod. In de jonge jaren van een kind wordt de basis gelegd voor een gezonde leefstijl met voldoende beweging en ontwikkeling van motorische en sociale vaardigheden. De uitgangspunten: ▪

▪

Onderwijs aan anderstaligen Ook in Leeuwarden wordt onderwijs gegeven aan anderstalige kinderen. De toestroom van vluchtelingenkinderen naar de ISK’s en het NT2-onderwijs is groot en de druk neemt toe. Leerlingen zijn dan wel op de ISK’s dan wel binnen de Taalschool of aparte taalklassen opgevangen. Schoolbesturen hebben behoefte aan een visie gericht op het nieuwkomersonderwijs, inclusief huisvesting.

Vervolgonderwijs Het voortgezet onderwijs heeft de ambitie binnen de lijnen uit het Onderwijsakkoord breder samen te werken met instellingen voor MBO, HBO en WO in onderwijs en huisvesting in de vorm van de genoemde lycea. Ook zijn vrijkomende onderwijslocaties van deze instellingen mogelijk interessant als locatie voor het funderend onderwijs.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

▪

▪

De gemeente zorgt nu en in de toekomst voor voldoende ruimte om te voldoen aan de wettelijke plicht om alle leerlingen, bij het PO minimaal twee keer 45 minuten per week en bij het VO conform de geldende normen, bewegingsonderwijs aan te bieden. De accommodaties dienen binnen een afstand van 1 tot 7 kilometer van de scholen te liggen, afhankelijk van het aantal klokuren bewegingsonderwijs, conform de gemeentelijke verordening. Het streven is om de KVLO-norm te hanteren, waarbij een accommodatie voor bewegingsonderwijs beschikbaar is binnen: ─ maximaal 750 meter voor BO; ─ maximaal 300 meter voor (V)SO en SBO; ─ maximaal 1 kilometer voor Praktijkonderwijs en LWOO; en ─ maximaal 3 kilometer voor VO. Voor de omvang van sportvloeren (en daarmee de binnensportaccommodaties) worden zoveel mogelijk de richtlijnen van KVLO gehanteerd. De gemeente kijkt samen met de schoolbesturen integraal naar bewegen. Daarbij worden de mogelijkheden verkend om het bewegingsonderwijs buiten aan te bieden in de nabijheid van de scholen en op een voor de gebruikmakende scholen zo goed mogelijk bereikbare plek in de wijk of buurt. Hierbij kan worden aangesloten op de wens van het onderwijs om bewegen breder in te zetten.

19/94

Ambities voor de huisvesting ▪ ▪

▪

▪

Nieuwe of gerenoveerde onderwijshuisvesting faciliteert de vorming van doorgaande ontwikkellijnen van 0 – 14/18 jaar. De gemeente investeert in structurele huisvesting voor kinderopvang en andere partners bij een integrale samenwerking. Waar inhoudelijk meerwaarde wordt gezien in samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs, worden onderwijsvoorzieningen, waar mogelijk, bij elkaar gepositioneerd. Voor passend en inclusief onderwijs binnen de Plus IKC’s wordt rekening gehouden met 10% aanvullende ruimtebehoefte. De daadwerkelijke invulling en bekostiging hiervan dienen schoolbestuur en gemeente nader uit te werken.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

20/94

4.2 Duurzame, gezonde en aanpasbare gebouwen 4.2.1 Kaders en ontwikkelingen Bouwbesluit Met ingang van 1 januari 2021 zijn de eisen aan de energieprestatie van nieuwe schoolgebouwen verhoogd; voor nieuwbouw is het uitgangspunt om een bijna energieneutraal gebouw (BENG) te realiseren. Daarnaast is de verwachting dat door nieuwe Europese wetgeving per 2027 energieneutraal bouwen (ENG) de standaard gaat worden voor publieke gebouwen.

Aardgasvrij bouwen Per 1 juli 2018 worden geen gasaansluitingen voor kleinverbruik gerealiseerd. Aardgasvrij bouwen is de norm voor nieuwbouw.

Klimaatwet In het Klimaatakkoord van Parijs is in 2015 afgesproken dat de opwarming van de aarde wordt beperkt tot minder dan 2º Celsius ten opzichte van het preindustriële tijdperk. Hiertoe zijn twee fasen afgesproken: ▪ ▪

In 2030 is de uitstoot van CO2 met 49% verminderd ten opzichte van 1990; In 2050 is de uitstoot van CO2 met 95% verminderd.

Bijdragen aan dit doel is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheden, bedrijfsleven en maatschappelijke partners. Het Klimaatakkoord is vertaald in de Klimaatwet. In de Klimaatwet is vastgelegd om in 2050 klimaatneutraal te zijn en per 2030 ten minste 55% aan CO2-uitstoot te reduceren.

Warmtevisie De Warmtevisie van de gemeente Leeuwarden stelt om in 2050 fossielvrij te zijn. Dat vraagt om andere energiebronnen. De Warmtevisie stelt een routekaart tot 2030 voor waarin kansen beschreven staan om buurten, wijken en dorpen van het aardgas af te koppelen en op andere alternatieven aan te sluiten.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

Netcongestie vormt een belemmering voor de uitvoering Op veel plekken in Nederland, waaronder in de gemeente Leeuwarden, is onvoldoende capaciteit op het stroomnet. Nieuwe aansluitingen op het stroomnet worden daarom niet, zeer beperkt of vertraagd afgegeven. Daarmee vormt netcongestie een risico voor de doorlooptijd van nieuwbouwen renovatieprojecten en wordt de verduurzaming van de vastgoedportefeuille vertraagd.

Kwaliteitskader RuimteOK Het kwaliteitskader van RuimteOK (hoofdstuk C: Techniek) beschrijft uitgangspunten voor duurzame onderwijshuisvesting. Hoofdstuk C: Techniek uit dit kwaliteitskader is van toepassing op dit IHP. De uitzonderingen en concretiseringen worden in paragraaf 4.2.2. beschreven.

4.2.2 De visie in de gemeente Leeuwarden In 2050 energieneutraal en fossielvrij Het klimaat verandert merkbaar, zowel ver weg als dichtbij. Temperaturen stijgen, seizoenen vervagen en extreme weersverschijnselen zijn intenser en frequenter aanwezig. Natuurlijke grondstoffen raken uitgeput. De urgentie is hoog; bij ‘geen beleid’ zal de CO2-uitstoot aanzienlijk groeien (tot +150 Gt per jaar, wereldwijd) en zal de gemiddelde temperatuur harder stijgen dan 1,5º Celsius (Climate Action Tracker, 2021). De gebouwde omgeving is voor circa 40% verantwoordelijk voor de gehele Nederlandse CO2-uitstoot. Daarvan is 66% gerelateerd aan de exploitatie van een gebouw en 33% aan materialen en bouwprocessen. Een gezonde en prettige leef- en leeromgeving voor Leeuwarden en de kernen is het streven. Nu en in de toekomst. Een gezonde toekomst voor de kinderen begint echter vandaag. Het IHP zet in op vernieuwing en verduurzaming van de vastgoedportefeuille voor onderwijs. Bij investeringen wordt direct geïnvesteerd in kwaliteit en duurzaamheid, om daarmee herhaaldelijke, kleinere investeringen in de toekomst te voorkomen. Liever in één keer goed! 2050 is een harde deadline en koppelt de uitgangspunten uit meerdere lokale en (inter)nationale beleidsstukken, wetten en akkoorden. Daarom stelt het IHP: de onderwijshuisvesting is vóór 2050 energieneutraal, aardgasloos en fossielvrij.

21/94

▪

▪

Nieuwbouw wordt over 50 jaar afgeschreven, vér voorbij 2050. Voor nieuwbouw is het uitgangspunt energieneutraal (ENG), boven het wettelijke minimum. Voor renovatie van bestaande onderwijsgebouwen geldt ook energieneutraal (ENG) als uitgangspunt. In een businesscase, voortvloeiend uit dit IHP, dient echter te worden aangetoond dat dit middels een renovatie technisch, bouwkundig en financieel mogelijk is en daarmee een verlenging van de levensduur van het gebouw kan worden afgegeven.

Verduurzamen betekent ook overstappen op hernieuwbare warmtebronnen en loskomen van fossiele brandstoffen. Het IHP volgt de ambities die worden gesteld in de Warmtevisie. Voor nieuwbouw is aardgasloos reeds de norm. Voor bestaande schoolgebouwen wordt de koppeling in planning en technische mogelijkheden gelegd met de Warmtevisie.

Een fris en gezond binnenklimaat Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) stelt eisen aan het binnenklimaat van gebouwen. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland heeft een Programma van Eisen voor ‘Frisse Scholen’2 opgesteld, waarmee schoolbesturen en gemeenten hun ambities voor binnenklimaat kunnen bepalen. Dit Programma van Eisen gaat uit van vijf pijlers: energie, lucht, temperatuur, licht en geluid. Voor deze pijlers worden drie klassen onderscheiden, waarbij normen en grenswaarden worden aangeduid: klasse C is hiermee grotendeels gelijk aan het Bbl, klasse B wordt als ‘goed’ aangeduid en klasse A wordt als ‘uitmuntend’ aangeduid. Voor nieuwbouw is de eis in Leeuwarden Frisse Scholen klasse B. Bij bestaande gebouwen (renovatie of vernieuwbouw) wordt beoogd, indien technisch haalbaar, naar Frisse Scholen klasse B te renoveren.

Aanpasbare huisvesting Bij (vervangende) nieuwbouw is aanpasbaarheid een belangrijke voorwaarde. Onderwijsconcepten veranderen. Het is de wens dat gebouwen wisselende onderwijsconcepten blijvend kunnen faciliteren. Drie uitgangspunten voor nieuwbouw zijn van belang:

▪

▪

▪

Rekening houden met uitbreidingsmogelijkheden: in de planvorming wordt rekening gehouden met (toekomstige) uitbreiding. Dit door planologisch en in het ontwerp voorbereidingen te treffen, voldoende ruimte op en rond het perceel te voorzien of te voorzien in zwaardere constructies voor het opbouwen van een extra bouwlaag. Dit zonder dat de uitbreiding afbreuk doet aan het onderwijskundige of pedagogische concept. Aanpasbare indelingen: in de planvorming wordt rekening gehouden met toekomstige aanpasbaarheid om onderwijsontwikkeling (flexibel) op te vangen. Het gebouw moet de gebruikers faciliteren en niet andersom. Dit door het bouwen van draagconstructies met zoveel mogelijk vrij indeelbare vloeren en een installatieconcept waarmee grote investeringen bij aanpassingen (en veranderingen in het binnenklimaat) zoveel mogelijk worden voorkomen. Remontabel bouwen: voor nieuwbouw wordt ingezet op remontabel bouwen. Daarmee wordt het verplaatsen, veranderen of opnieuw gebruiken van (delen van) het gebouw eenvoudiger.

Circulariteit en klimaatadaptiviteit verankerd in Programma Volhoudbaar Met betrekking tot de circulaire economie werkt de gemeente vanuit het Programma Volhoudbaar. Hierin worden drie doelstellingen benoemd: meer grondstoffen en materialen terugwinnen of hergebruiken, Leeuwarden op de kaart zetten als dé vestigingsplaats voor circulaire bedrijven en meer circulaire projecten. Voor nieuwbouw is circulair en biobased bouwen de nieuwe norm – vanaf nu en ten minste per 2030 conform Coalitieakkoord en Uitvoeringsprogramma Circulaire Economie – om daarmee materiaalgebruik in 2030 te halveren.

Een veilig en leefbare leefomgeving – in stad en buitengebied – is het doel. Door klimaatverandering is er steeds meer sprake van extreme buien en lange perioden van droogte en hitte in de gebouwde omgeving. Aanpassingen in de samenleving (klimaatadaptatie) zijn nodig om nu en in de toekomst de

2 Programma van Eisen Frisse Scholen, RVO (2021).

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

22/94

veiligheid en leefbaarheid te garanderen en tot een klimaatbestendige fysieke omgeving te komen. Het Leeuwarder beleid voor klimaatadaptatie, Programma Volhoudbaar 2.0, kent drie hoofddoelstellingen: het toevoegen van extra waterberging, het toevoegen van extra schaduw rondom kwetsbare functies en aanvullende maatregelen treffen om te anticiperen op droogte. Specifiek voor (nieuwbouw)projecten geldt dat de omgeving direct volledig dient te voldoen aan de gestelde eisen.

Groene schoolpleinen De gemeente en schoolbesturen zien veel meerwaarde in groene schoolpleinen. Verschillende scholen hebben daarom reeds een groen schoolplein. De gemeente beschikt over een subsidiemaatregel voor het realiseren van groene schoolpleinen. Groene schoolpleinen hebben vele voordelen: ze nodigen uit tot beweging, hebben een educatief doel en dragen bij aan een klimaatbestendige fysieke omgeving (tegengaan hittestress, infiltratie regenwater).

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

Ambities voor de huisvesting ▪ ▪

▪

▪

Voor nieuwbouw zijn de uitgangspunten ENG, aardgasloos, circulair, biobased en Frisse Scholen klasse B. Nieuwe schoolgebouwen worden slim ontworpen: ontwerp en constructie houden rekening met uitbreidingsmogelijkheden in de toekomst, aanpasbaarheid van de indeling en remontabele materialen. Voor renovatie van bestaande schoolgebouwen is het uitgangspunt ENG en Frisse Scholen klasse B waar mogelijk. Bestaande gebouwen worden onderzocht op de technische en bouwkundige haalbaarheid van deze uitgangspunten. Voor bestaande gebouwen wordt de koppeling met de Warmtevisie gelegd om zodoende af te koppelen van het aardgas.

23/94

4.3 Betaalbare onderwijshuisvesting 4.3.1 Kaders en ontwikkelingen Scheiding van taken Van wetswege hebben gemeenten en schoolbesturen ieder een eigen taak bij de huisvesting van scholen, zie ook hoofdstuk 2 ‘Wettelijke kaders en verantwoordelijkheden’. Gemeenten zijn vanuit hun zorgplicht verantwoordelijk voor de aanwezigheid van voldoende en adequate onderwijscapaciteit. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het onderwijs en de exploitatie van schoolgebouwen en daarbij behorend onderhoud en aanpassingen.

Schoolbesturen hebben op basis van de Wet op Primair Onderwijs een aantal methoden om scholen onder de opheffingsnorm in stand te houden, waaronder de gemiddelde schoolgrootte. Deze uitzondering bepaalt dat een schoolbestuur scholen onder de opheffingsnorm in stand kunnen houden mits de gemiddelde schoolgrootte van al haar scholen 10/6e maal het gewogen gemiddelde van de opheffingsnorm(en) bedraagt. De school moet echter ten minste 23 leerlingen tellen.

Gebrek aan middelen gemeente en lumpsum schoolbesturen Zowel de gemeente alsmede de schoolbesturen ontvangen structureel te weinig middelen voor uitvoeren van de taken en oplossen van alle uitdagingen rondom onderwijshuisvesting zoals verduurzaming en het binnenklimaat.

Renovatie wordt een formele voorziening

Rekenen met restwaarde

Renovatie is tot op heden geen gemeentelijke verantwoordelijkheid. Het ministerie werkt momenteel aan een wetswijziging om levensduurverlengende renovatie (ten minste 25 jaar) van een onderwijsgebouw ook als voorziening te beschouwen. Naar verwachting treedt de wetgeving in per 1 januari 2026.

De financiële verordening van de gemeente Leeuwarden maakt het mogelijk om schoolgebouwen, in het geval van nieuwbouw, tot een materiële restwaarde van 5% boekhoudkundig af te schrijven, mits het gebouw voor 55% losmaakbaar is gerealiseerd. De lagere afschrijving leidt tot meer investeringsruimte voor duurzame onderwijshuisvesting.

Investeringsverbod Schoolbesturen in het primair onderwijs kunnen vooralsnog niet investeren in gebouwen, tenzij met de investering de exploitatielasten kunnen worden verlicht. Te denken valt aan investeren in energiebesparende maatregelen. In het voorliggende wetsvoorstel wordt het investeringsverbod voor schoolbesturen opgeheven, zodat ook schoolbesturen kunnen mee-investeren in renovatie of verduurzaming. Het opheffen van het investeringsverbod leidt echter niet tot het verstrekken van extra middelen door de rijksoverheid.

Opheffingsnorm Voor scholen in het primair onderwijs stelt de rijksoverheid een minimum schoolomvang (aantal leerlingen) per gemeente vast. Voor de gemeente Leeuwarden geldt een gesplitste norm: voor scholen in het stedelijk gebied geldt een opheffingsnorm van 153 leerlingen, voor scholen in het landelijk gebied is dit 42 leerlingen. Wanneer scholen 3 jaar op rij minder leerlingen hebben dan de opheffingsnorm, verliest het schoolbestuur in principe de bekostiging vanuit de rijksoverheid.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

4.3.2 De visie in de gemeente Leeuwarden Investeren in de toekomst De middelen voor onderwijshuisvesting in de gemeente Leeuwarden worden zoveel als mogelijk ingezet voor permanente onderwijscapaciteit. Vanuit duurzaamheid en doelmatigheid wordt zoveel mogelijk geïnvesteerd in maatregelen die effect hebben op lange termijn.

Cofinanciering De gezamenlijke ambities voor de onderwijshuisvesting in Leeuwarden en het buitengebied liggen hoger dan het wettelijk minimum. Dit is nodig om extra kwaliteit en duurzame, toekomst-omarmende onderwijsgebouwen te realiseren. Duurzame huisvesting is een gezamenlijke verantwoordelijkheid en de bekostiging hiervan is een gezamenlijke zoektocht tussen gemeente en schoolbesturen.

24/94

Voor de ambities boven het wettelijk minimum wordt per project, voortvloeiend uit dit IHP, een gezamenlijke businesscase opgesteld. Hiervoor geldt de Total Costs of Ownership-benadering. In de businesscase worden, naast de technische, ruimtelijke en functionele haalbaarheid, ook de financiële haalbaarheid van projecten en ambities onderzocht. De voor gemeenten en schoolbesturen geldende wet- en regelgeving is daarin leidend. Daarbij zijn mogelijk andere geldstromen binnen de gemeente aan te koppelen en anderzijds kunnen schoolbesturen de vrijval van onderhoudsreserveringen inzetten.

Rekenen met restwaarde In het IHP kan worden gerekend met restwaarde waar dat, conform verordening, kan en mag. De restwaarde van 5% reduceert de jaarlijkse kapitaallasten. Met deze ‘besparing’ kunnen de circulaire ambities mede gerealiseerd worden; circulair bouwen vraagt doorgaans om een hogere investering.

Maatwerk voor monumenten Leeuwarden kent een aantal monumentale schoolgebouwen. Behoud van deze panden kan op verschillende redenen zijn gestoeld, zoals profilering van de school, behoud van stadsgezicht, et cetera. Het onderhoud van monumenten is in gevallen minder eenvoudig dan onderhoud van ‘reguliere’ gebouwen, laat staan aanpassingen aan het exterieur, verduurzaming of renovatie. In dit geval geldt een maatwerkaanpak, eveneens op basis van een businesscase.

Ruimtebehoefte Gemeente en schoolbesturen streven naar een efficiënte inzet van de beschikbare onderwijshuisvesting en de financiële middelen hiervoor. Ruimtevraag en -aanbod worden zoveel mogelijk op elkaar afgestemd om normatieve overmaat of tekorten te voorkomen. Dat betekent onderwijsplekken realiseren waar ze nodig zijn en leegstaande onderwijscapaciteit zoveel mogelijk voorkomen of zelfs reduceren. Voor piekperioden wordt gezocht naar alternatieve oplossingen. De verordening biedt het College van Burgemeester en Wethouders de mogelijkheid onderwijscapaciteit bij een andere school of instelling in te zetten voor een school waar ruimtetekort optreedt. Echter, een normatief ruimtetekort wordt in

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

eerste instantie zoveel mogelijk opgelost door medegebruik van bestaande onderwijscapaciteit bij andere scholen in het voedingsgebied. Wanneer medegebruik bij andere scholen niet mogelijk is, biedt de inzet van tijdelijke huisvesting een alternatief.

Instandhouding van scholen In de gemeente Leeuwarden geldt dat spreiding en thuisnabijheid van onderwijs een groot goed is. Kwalitatief goede onderwijsvoorzieningen in stad en buitengebied is het doel, ook wanneer de kwaliteit en exploitatie van een school als gevolg van leerlingendaling onder druk komen te staan. Daartoe dragen gemeente en schoolbesturen gezamenlijk een verantwoordelijkheid. De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit en exploitatie van het onderwijs. Zij streven ernaar het onderwijs in de wijken en kernen in stand te houden, mits de kwaliteit onderwijsinhoudelijk en financieel kan worden gegarandeerd.

Doelmatig investeren In principe investeert – in de zin van een huisvestingsvoorziening – de gemeente niet in scholen die meerjarig onder de opheffingsnorm verkeren. De uitzondering daarop is wanneer de zorgplicht van de gemeente van toepassing is. Investeren in onderwijshuisvesting is maatwerk; mogelijk zijn er andere belangen te vinden om a) deze scholen in stand te houden en b) een voorziening of investering toe te kennen. Bijvoorbeeld waar het gaat om behoud van leefbaarheid in wijken of dorpen, spreiding van onderwijs, thuisnabijheid van onderwijs, inzet op het oplossen van achterstanden, verduurzaming van schoolgebouwen, et cetera.

Overmaat in gebouwen De normatieve overmaat in gebouwen leidt niet automatisch tot een ingreep in de huisvestingssituatie van een school. Een normatieve overmaat is niet per direct te vertalen in een functionele overmaat; in bestaande gebouwen kan sprake zijn van een inefficiënte indeling. Daarnaast kan een overmaat ruimte geven aan het onderwijs. Anderzijds kan reductie van de overmaat – bijvoorbeeld door ruimtes te verhuren of zelfs af te stoten - bijdragen aan reductie van de exploitatielasten. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de exploitatie van de scholen en daarmee voor de (normatieve) overmaat die mogelijk in gebouwen zichtbaar is.

25/94

Ambities voor de huisvesting ▪

▪

▪

▪

Middelen voor onderwijshuisvesting worden zoveel mogelijk toekomstbestendig ingezet in permanente onderwijscapaciteit. Voor ambities boven het wettelijk minimum voeren gemeente en schoolbesturen gezamenlijk een businesscase uit op basis van Total Costs of Ownership. Onderwijshuisvesting is een gezamenlijke verantwoordelijkheid binnen de voor gemeente en schoolbesturen geldende wet- en regelgeving en de specifieke (on)mogelijkheden. Voor nieuwbouw geldt dat kan worden afgeschreven tot een restwaarde van 5%, mits 55% van het gebouw aantoonbaar losmaakbaar is gerealiseerd. Ruimtevraag en -aanbod worden zoveel mogelijk op elkaar afgestemd, zodat onderwijsruimte beschikbaar is waar nodig.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

26/94

5. Gebouwen en maatregelen Elk schoolgebouw heeft een voorgenomen perspectief voor de huisvesting tot 2050. Dit betreffen de genoemde maatregelen zoals omschreven in hoofdstuk 4. Hierbij worden er zes typen maatregelen onderscheiden: nieuwbouw, renovatie, uitbreiding, doorexploiteren, verduurzamen en afstoten.

5.1 Lopende projecten

Per school zijn de adresgegevens, toekomstig leerlingenaantal, de ruimtelijke grondslag en de maatregel beschreven. In hoofdstuk 7 worden de typen maatregelen nader omschreven. De scenario’s zijn verdeeld over lopende projecten, en de verschillende dorpen en/of stadsdelen per type onderwijssoort. In totaal kent de gemeente 36 kernen waarvan in 15 kernen een school aanwezig is. Alle gebouwen zijn binnen het IHP opgedeeld in 9 deelgebieden. In het IHP wordt een samenvatting weergegeven. In bijlage 1 is per schoollocatie een factsheet beschikbaar.

Professor Wassenberghskoalle Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Ieborchpaed 6

Lekkum

-

1.256

Nieuwbouw

Toelichting: De Professor Wassenberghskoalle is een basisschool in Lekkum. Het huidige schoolgebouw is sterk verouderd en er is sprake van ruimtetekort. De school krijgt een nieuw schoolgebouw voor in totaal 210 leerlingen basisonderwijs en daarnaast kinderopvang aangeboden door kinderopvangorganisatie SKF.

VSO It Twalûk Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Larixstraat 3

Leeuwarden

83

976

Nieuwbouw

Toelichting: It Twaluk – locatie Larixstraat is een school voor speciaal onderwijs. Er wordt op dit moment gewerkt aan een nieuw schoolgebouw. In dit pand zullen straks niet alleen de leerlingen van It Twaluk terecht kunnen, maar ook Alliade en Wille Kinderopvang krijgen er een plek. Zo ontstaat een centrale en inclusieve omgeving waar zorg, opvang en speciaal onderwijs samenkomen. Het gebouw wordt gebouwd voor 83 leerlingen, het schoolbestuur verwacht echter op termijn een hoger leerlingenaantal door stijgende behoefte aan speciaal onderwijs.

IKC Teresa Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Wergeasterdyk 58

Leeuwarden

-

-

Uitbreiding

Toelichting: IKC Teresa is gehuisvest in een recent gebouw uit 2019. De school heeft door een groeiend leerlingenaantal een ruimtetekort en beschikt over tijdelijke huisvesting. De school is momenteel bezig met de voorbereiding van een uitbreiding, hierna beschikt de school over 1996m2 bvo (capaciteit van 357 leerlingen).

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

27/94

De Pionier Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Molkenkelder 4a

Goutum

263

-

Doorexploiteren

Toelichting: De Pionier is gehuisvest in een karakteristiek gebouw uit 2009. De school ervaart door een sterke groei in het aantal leerlingen momenteel ruimtetekort, er wordt daarom gebouwd aan een uitbreiding welke na de zomer van 2025 wordt opgeleverd. Daarmee bedraagt de capaciteit straks 475 leerlingen.

St. Thomasschool Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Averkampstraat 10

Leeuwarden

309

1.754

Uitbreiding + afweging nieuwbouw/renovatie

Toelichting: De St. Thomasschool is gehuisvest in een gebouw uit 1957. De gebouwkwaliteit is nog redelijk, alhoewel het gebouw te klein is voor het aantal leerlingen. Op termijn is een renovatie of nieuwbouw noodzakelijk, echter een oplossing voor het ruimtetekort is urgent. Op korte termijn wordt een uitbreiding à 2 lokalen gerealiseerd. Op lange termijn wordt de afweging tussen nieuwbouw, renovatie en vernieuwbouw gemaakt om tot toekomstbestendige huisvesting te komen.

SBO Aquamarijn Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Brandemeer 35

Leeuwarden

206

2.503

Renovatie

Toelichting: SBO Aquamarijn is een school voor speciaal basisonderwijs. De school heeft middelen toegekend gekregen voor uitbreiding van 262 m2 (maximale capaciteit 298 leerlingen), maar is eerst bezig met het ontwikkelen van een integraal plan voor de renovatie van het gebouw. De school is gehuisvest in een verouderd gebouw uit 1980.

De Dorpskoalle Wirdum Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

T. Beekhuisstraat 4

Wirdum

115

778

Nieuwbouw

Toelichting: De Dorpskoalle Wirdum groeit van 88 naar 115 leerlingen tot 2039. Momenteel is de school bezig met een haalbaarheidsonderzoek voor nieuwe huisvesting als onderdeel van een dorpsvoorziening. De nieuwbouw is naar verwachting in 2028 gerealiseerd.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

28/94

L wn

Leeuwarden - Noord 2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

29/94

5.2 Leeuwarden – Noord

Leerlingenprognoses

Het deelgebied Leeuwarden – Noord kent zeven reguliere basisscholen en een school voor speciaal basisonderwijs. Per school zijn de adresgegevens, toekomstig leerlingenaantal, de ruimtelijke grondslag en de maatregel beschreven.

3500

3000

2500

2000

Facts & Figures

1500

1000

45,6

226.359

23.199

jaar

kg CO₂

m² bvo

Gemiddelde leeftijd

CO₂-uitstoot per jaar

Onderwijscapaciteit

500

0 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 SBO Aquamarijn

Leeuwarder Schoolve reniging

Kindcentrum Eestroom

IKC Aventurijn

De Vosse burc ht

De Olde nije

Albertine Agne sschool

IKC de Kinderkoepe l

Prins Mauritss chool

St. Thomasschool

Koningin Wilhelminas chool - Fonte instraat

IKC Marie Louise

IKC Franciscus

IKC Kinderkoepe l - locatie VdV

Prins Constantijn

IKC Eigen Wijs

SBO Eigen Wijs

Wisse llocatie: Goudenrege ns traat

Wisse llocatie: Telemannstraat

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

30/94

SBO Aquamarijn Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Brandemeer 35

Leeuwarden

206

2.503

Renovatie

Toelichting: SBO Aquamarijn is een school voor speciaal basisonderwijs. De school heeft middelen toegekend gekregen voor uitbreiding van 262 m2 (maximale capaciteit 298 leerlingen), maar is eerst bezig met het ontwikkelen van een integraal plan voor de renovatie van het gebouw. De school is gehuisvest in een verouderd gebouw uit 1980.

Leeuwarder Schoolvereniging Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Jelsumerstraat 10

Leeuwarden

289

1.654

Afweging nieuwbouw/renovatie

Toelichting: De Leeuwarder Schoolvereniging is een eenpitter en kent een regionale functie. Het leerlingenaantal stijgt van 260 tot 290 leerlingen in 2039. Normatief blijft een overmaat zichtbaar. De school is gehuisvest in een gebouw uit 1968 dat door de jaren heen meermaals is uitgebreid. Het gebouw is in 2010 gedeeltelijk gerenoveerd, maar vraagt gezien het oorspronkelijke bouwjaar om een grotere renovatie, of als alternatief nieuwbouw. Het schoolbestuur hecht waarde aan herinzet van het huidige gebouw. Parkeren in de omgeving vormt een probleem en wordt buiten het IHP onderzocht. LSV werkt in haar gebouw samen met Kinderopvang SKF.

IKC Aventurijn Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Tjerk Hiddestraat 5-1

Leeuwarden

103

Grondslag (m2)

Maatregel Doorexploiteren

Toelichting: IKC Aventurijn is een kindcentrum voor kinderen van 0 – 12 jaar waarin het onderwijs samenwerkt met Kinderopvang SKF. Het aardgasvrije gebouw is in 2017 gerealiseerd en biedt een normatieve overmaat van ruim 200 m² bvo. Daarmee wordt voor IKC Aventurijn geen maatregel in dit IHP voorzien.

Kindcentrum Eestroom Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Droppingstraat 2

Leeuwarden

93

2.380

Renovatie

Toelichting: Kindcentrum Eestroom is gevestigd in een multifunctioneel gebouw uit 2009 in de Vrijheidswijk. Het gebouw is volledig in eigendom van de gemeente, de gemeente is voornemens om het gebouw op termijn te renoveren en te verduurzamen.

2230447/20250224Lke01 | www.icsadviseurs.nl

31/94

De Vosseburcht Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Coornhertstraat 8

Leeuwarden

204

1.329

Verduurzaming

Toelichting: De Vosseburcht is gehuisvest in een monument uit 1929. Vanaf 2025 stijgt het leerlingenaantal totdat het in 2029 op circa 200 leerlingen stabiliseert. Normatief gezien is een overmaat van ongeveer 100 m² bvo zichtbaar, in de praktijk wordt dit echter niet ervaren. In 2025 vindt daarom nader onderzoek plaats naar de ruimtebehoefte van de school. In de Voorzieningenplanning is een bedrag voor gebouwverbeteringen toegekend. Het schoolbestuur heeft ook de DUMAVAsubsidie aangevraagd, waarmee zij het gebouw kan verduurzamen.

De Oldenije Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

St. Anthonystraat 5

Leeuwarden

215

-

Doorexploiteren

Toelichting: De Oldenije is gehuisvest in een recent gerenoveerd en uitgebreid gebouw. In het gebouw wordt er samengewerkt door het onderwijs en Kinderopvang SKF. Voor De Oldenije is geen maatregel voorzien in het IHP.

Albertine Agnesschool Adres

Kern

Aantal leerlingen in 2039

Grondslag (m2)

Maatregel

Euterpestraat 28-1

Leeuwarden

219

-

Doorexploiteren

Toelichting: De Albertine Agnesschool is gehuisvest in een nieuw gebouw uit 2022. In het IKC wordt er samengewerkt met Sinne Kinderopvang. De school geeft les aan circa 200 leerlingen, alhoewel een groei na 2031 wordt geprognosticeerd. Normatief bezien is een lichte overmaat van 150 m² bvo zichtbaar. In dit IHP wordt geen maatregel voorzien voor IKC Albertine Agnes.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=36c74f3f-2bf0-4a9a-8ec5-74b4da959942