CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerp Omgevingsvisie_Leeuwarden

Informatieve bijeenkomst - oranjezaal 11 oktober 2021, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Ontwerpomgevingsvisie14.461 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

OMGEVINGSVISIE GEMEENTE LEEUWARDEN

VERGROENEN VERBINDEN VERWAARDEN 31 AUGUSTUS 2021

1

DATUM: 31-8-2021 PROJECT: OMGEVINGSVISIE LEEUWARDEN OPDRACHTGEVER: GEMEENTE LEEUWARDEN STATUS: ONTWERP (versie 31-8)

2

1. INLEIDING Aanleiding Onze leefomgeving gaat de komende jaren veranderen. Grote maatschappelijke opgaven zoals de energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit en woningbouw vragen om antwoorden én om ruimte. Niet alles kan overal, niet alles kan samen, niet alles kan op korte termijn. Het maken van keuzes is noodzakelijk. Een visie op de fysieke leefomgeving is daarvoor een nuttig instrument. Die is er al op nationale schaal (NOVI) en voor de provincie Fryslân (POVI) en die is nu opgesteld voor de gemeente Leeuwarden (GOVI). Deze visies behandelen voor een belangrijk deel vergelijkbare opgaven en ambities, vanzelfsprekend op een verschillend schaalniveau. Een nieuwe integrale visie op de fysieke leefomgeving van de gemeente Leeuwarden staat ook voor een nieuw tijdperk. Bijna twintig jaar na de Stadsvisie ‘Varen onder eigen vlag’ en ruim twaalf jaar na de geactualiseerde versie daarvan ‘Fier verder’. Een visie die voortbouwt op de identiteit van stad, dorpen en buitengebied. Een visie die ook voorsorteert op de (beoogde) invoering van de Omgevingswet in 2022.

Doel Deze omgevingsvisie definieert de belangrijke opgaven en formuleert daarvoor doelstellingen. Nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen aan die doelstellingen. Dat kan door zelf initiatief te nemen, ontwikkelingen in de markt te sturen en door particulieren bij te laten dragen aan de grotere doelen voor de komende jaren. We leggen niet alle keuzes vast, maar beschrijven een werkwijze om tot de gewenste ontwikkeling te komen. Door in de omgevingsvisie aan te geven hoe afwegingen en keuzes gebiedsgericht worden gemaakt, wordt de visie een belangrijk richtinggevend instrument.

Met de omgevingsvisie willen we iedereen die actief is in onze leefomgeving inspireren om ideeën waar te maken die passen in onze gedeelde visie. Én om te investeren in de gezamenlijke doelstellingen voor onze stad, onze dorpen en het buitengebied.

Dynamische Horizon Met deze omgevingsvisie kijken we enkele decennia vooruit. Ambities en opgaven hebben ieder een eigen horizon en ook de ruimte blijft veranderen. Belangrijk is het besef dat deze visie geen blauwdruk plan is maar een dynamisch instrument. Onze eerste ‘halte’ is 2028, aansluitend op het decennium tussen LF2018 (Leeuwarden als culturele hoofdstad van Europa) en LF2028 (de inzet op de legacy van LF2018).

Ambities Als aftrap voor deze omgevingsvisie is in 2020 het positioneringsdocument ‘Leeuwarden in 2028’ door de gemeenteraad vastgesteld. In dat document zijn drie hoofdambities opgenomen die een positieve en kansrijke ontwikkeling van Leeuwarden naar 2028 beschrijven: 1. Het is goed leven in Leeuwarden in 2028; 2. Leeuwarden is in 2028 het hart van een bijzondere groen-blauwe regio; 3. Leeuwarden is in 2028 een sterke economische gemeente. De drie genoemde ambities gelden als uitgangspunt voor de ‘Leeuwarder omgevingsvisie’. In deze omgevingsvisie worden de ambities en opgaven uit het positioneringsdocument verder uitgewerkt, met elkaar in verband gebracht en wordt inzichtelijk op welke manier deze ambities ruimtelijk een plek krijgen.

Hart groen-blauwe regio

3

Leeuwarden is in 2028 een groen-blauwe gemeente. Water, natuur en open ruimte worden gekoesterd. Het bebouwd gebied is vrijwel niet toegenomen en in stad, in de dorpen en in het landschap is geen sprake meer van ‘verrommeling’ met bebouwing. De ecologische waarde van het landbouwgebied en de betekenis van het water en de waterhuishouding is veel groter geworden. De stad Leeuwarden en de regio versterken elkaar. Je kunt stedelijk wonen in het centrum en in de buitenwijken en landelijk wonen in één van de 35 dorpen of in het buitengebied.

Goed leven in Leeuwarden In 2028 voldoet de kwaliteit van onze leefomgeving aan de principes van de brede welvaart. Welvaart is meer dan geld, het gaat om kwaliteit van leven voor alle inwoners. In Leeuwarden kijken wij naar elkaar om en samen maken wij de gemeente Leeuwarden tot een fijne plek om te wonen, te werken, te ondernemen en te zijn. De gemeente, de markt en de maatschappelijke organisaties leveren daaraan hun eigen bijdrage. Hoewel het gemiddeld inkomen nog steeds relatief laag is, is in Fryslân, met Leeuwarden voorop, sprake van een regio met gelukkige en gezonde inwoners, die volop meedoen in de samenleving. Wij letten er bovendien op dat de brede welvaart evenwichtig een plek krijgt in al onze wijken en dorpen.

Sterke economische positie Leeuwarden is in 2028 het hart van Fryslân, voelt zich betrokken bij de hele provincie en heeft met afstand de grootste stad van de provincie. Leeuwarden is doorgegroeid tot een gemeente met ongeveer 130.000 inwoners. Het aantal inwoners en arbeidsplaatsen in de gemeente blijft in een rustig tempo doorgroeien, volgens prognoses tot 2040. Er zijn veel functies en organisaties op het terrein van zorg, onderwijs, kennis en bedrijvigheid. Ze zoeken elkaar op om beter te kunnen samenwerken en zo een betere kwaliteit te leveren.

4

De bruidstaart de ‘bruidstaart’ als samenhangend systeem van de SDG’s

“WAT” vraag Drie ambities

Sterke economische positie

€ Goed leven in Leeuwarden

Groen blauwe regio

Drie ambities

Participatie Vorm geven aan de toekomst van onze fysieke leefomgeving kunnen en willen wij als gemeente niet alleen doen. We doen dit samen met de Friese Mienskip: inwoners, ondernemers, onderwijs & kennisinstellingen, verenigingen en andere organisaties. De participatie rond deze omgevingsvisie is in enkele stappen verlopen. Er is een positioneringsdocument opgesteld waarover dialoogsessies zijn gehouden. Daarnaast is er gebruik gemaakt van de uitkomsten van ‘De Friese Aanpak’ en van de dialogen over recente visies als de gemeentelijke Volkshuistingsvisie. En de komende jaren zal veel project- en gebiedsgerichte participatie plaatsvinden bij de uitwerking van de visie in concrete ruimtelijke plannen. Wij vinden het belangrijk om de dialoog de komende jaren levend te houden, om met elkaar de veranderingen in onze leefomgeving te signaleren, te bestuderen en te bespreken. Een levendige dialoog over de grote vraagstukken en de betekenis daarvan voor stad, dorp en buitengebied draagt bij aan een goede en actuele omgang met onze omgeving.

Leeswijzer Na dit inleidende hoofdstuk gaan we in het hoofdstuk Identiteit in op de vragen ‘wie zijn we’, ‘waar zijn we trots op’ en ‘waar willen we naar toe’? In het hoofdstuk Opgaven staat de ‘wat’ vraag centraal. Wat komt er op ons af? Voor welke uitdagingen staan we? Wat zijn onze ambities? In het hoofdstuk Keuzes gaan we in op de keuzes die we maken en de afwegingen die daaraan ten grondslag liggen, de ‘hoe’ vraag. Ook vertalen we die keuzes en afwegingen naar de fysieke leefomgeving: de ‘waar’ vraag. Tenslotte gaan we in het hoofdstuk Handelingsperspectief in op de wijze waarop de visie richting geeft aan de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente zelf en aan ruimtelijke initiatieven van derde partijen. In de bijlagen is een uitgebreid overzicht toegevoegd van documenten die meer in detail een beeld geven van de gemeentelijke ambities per specifieke sector of per specifiek gebied.

Leeuwarden in 2028

Verwaarden

De aftrap voor een Leeuwarder Omgevingsvisie

Verbinden

Vergroenen Leeuwarden in 2028 | De aftrap voor een Leeuwarder Omgevingsvisie

1

Position paper

5

2. IDENTITEIT ‘Historie, water, kwaliteit’, begrippen die van oudsher passen bij de fysieke leefomgeving van Leeuwarden, de regio en Fryslân. ‘Cultuurbesef, trots, mienskip, eigenzinnigheid’, dit staat voor onze inwoners. Kenmerken en eigenschappen die we willen koesteren én inzetten bij te maken keuzes voor die fysieke leefomgeving. De omvang en de status van Leeuwarden (100.000+, hoofdstad van Fryslân, tweede stad van Noord-Nederland) zijn op meerdere manieren relevant. De uitstraling, de aantrekkingskracht en de centrumfunctie zien we als een belangrijke verantwoordelijkheid. Wij willen de positie van de gemeente versterken. Daarmee kan Leeuwarden zich onderscheiden. Niet als doel op zich, niet alleen ten faveure van Leeuwarden zelf, maar ook voor een leefbaar, florerend en economisch sterk verzorgingsgebied voor Noord-Fryslân, overig Fryslân en Noord-Nederland.

Verschillen als kwaliteit De gemeente Leeuwarden telt ongeveer 20% van de totale Friese populatie en is daarmee de grootste gemeente van de provincie. De gemeente bestaat uit een naar Nederlandse begrippen middelgrote stad, met 35 dorpen in een voornamelijk ruraal gebied. De dorpen zijn van verschillende omvang, met ieder een verschillend karakter en een eigen dynamiek, met de twee dorpen Grou en Stiens als lokale verzorgingskernen en hoofddorpen van de voormalige gemeenten. Het buitengebied kent veel agrarische bedrijven, natuurgebieden en ruimte voor recreatie en toerisme. Een buitengebied dat vanuit de stad in een mum van tijd bereikbaar is, met rust, ruimte, groen, schoonheid en gezonde lucht. De regio heeft baat bij de stad, maar de stad is evenzeer afhankelijk van en schatplichtig aan die regio.

6

Cultuur

Kwaliteit van leven

Onmiskenbaar is er een groeiend zelfbewustzijn van Leeuwarden. Onmiskenbaar is ook dat LF2018 hier volop aan heeft bijgedragen. Het culturele aanbod is van een hoog niveau. Cultuur maakt identiteit zichtbaar en expliciet, lokt daarmee nieuwe activiteiten uit zoals ondernemerschap en kwaliteitstoerisme. De cultuur hangt nauw samen met onze mentaliteit: ‘durven, doen, waarmaken’. De kracht van de regionale gemeenschapszin gecombineerd met (inter)nationale inspiratie en verbeeldingskracht. We bouwen voort op de successen van LF2018 via Arcadia 2022 en de daarop volgende edities in 2025 en 2028.

Het voorzieningenniveau van de stad is prima, wonen (nog) redelijk betaalbaar, de prijs-kwaliteitverhouding is goed, de menselijke maat een verademing. ‘Het is niet zo dat je iedereen kent, het is zeker niet zo dat niemand je kent’.

Water Voor de Friese steden is de relatie met het (bevroren) water vanzelfsprekend. Leeuwarden ‘begon’ als havenstad aan de toenmalige Middelzee; de invloed van zee en waterwegen is herkenbaar in de structuur van de stad. In de afgelopen decennia is de relatie tussen stad en water verder versterkt, met vele aan water gerelateerde projecten.

Bredere oriëntatie De toegenomen aanwezigheid van een jonge, diverse en internationaal georiënteerde populatie, heeft een grote impuls gegeven aan het stedelijk leven en de lokale economie. Onderscheidende en (internationaal) gerenommeerde bedrijven en onderzoeksinstituten, onder andere op het gebied van agri-food en watertechnologie zijn van grote betekenis, voor de werkgelegenheid, maar zeker ook voor het innoverend vermogen en de uitstraling van stad en regio.

Wel kent Leeuwarden een ‘scheve’ sociaaleconomische ladder. Het aantal inwoners met een uitkering is relatief hoog, de navenante sociale problematiek hardnekkig. Door vergrijzing en een mogelijk afnemend aantal jongeren dreigt op termijn een tekort aan arbeidspotentieel. En toch. De inwoners van Fryslân en van Leeuwarden geven zichzelf een relatief hoog cijfer voor geluk en leefkwaliteit.

Werken aan identiteit We werken doelbewust en zorgvuldig aan stad en regio. Context en continuïteit zijn belangrijke begrippen daarbij. Vanuit de waarden die we in de gemeente hebben, gaan we aan de slag met actuele opgaven. Vooruit kijken is daarbij noodzakelijk, soms buiten gebaande paden, met behulp van experimenten. Menselijke maat en gemeenschappelijke betrokkenheid zijn uitgangspunten. Korte lijnen tussen politiek, bestuur, professionals en burgers helpen daarbij.

7

3. OPGAVEN EN DOELSTELLINGEN In de afgelopen jaren is er veel geïnvesteerd in onze gemeente. De komende jaren kunnen we daarvan de vruchten plukken. Er dienen zich ook nieuwe uitdagingen aan. Het gaat zowel om de urgente grote transitie opgaven (landbouw, energie, klimaat) als om de opgaven vanuit de Mienskip (groeiverschillen, gezondheid, leefbaarheid). We zullen aan de slag moeten om onze stad en dorpen aantrekkelijk te houden om te wonen en te werken. In dit hoofdstuk gaan we in op wat er op ons afkomt en voor welke uitdagingen we staan. We formuleren voor die opgaven concrete doelstellingen die we voor de komende jaren nastreven.

Urgente actuele opgaven De grote vraagstukken die op wereldschaal spelen, zijn ook voor onze gemeente belangrijke opgaven. Denk aan klimaatverandering, de energietransitie, de biodiversiteitscrisis, het stikstofoverschot en op termijn het tekort aan grondstoffen. Landelijk hebben we te maken met een woningtekort en is de veenweideproblematiek urgent. We zullen een andere koers moeten varen om onze gemeente echt toekomstbestendig te maken. Het vormgeven aan een duurzame toekomst van onze leefomgeving is de integrale opgave op basis van die grote vraagstukken. Met ons grote buitengebied en het gebouwde gebied van stad en dorpen is dit de meest uitdagende opgave waar we in de omgevingsvisie specifiek voor Leeuwarden invulling aan moeten geven.

Meebewegen met de nationale bouwopgave In Nederland staan we voor grote opgaven, zoals de bouw van honderdduizenden nieuwe woningen. Leeuwarden wil als één van de grote steden van Noord-Nederland een bijdrage geven aan de invulling van deze nationale opgaven met een gevarieerd aanbod aan woonmilieus en werkgelegenheid in een op de toekomst gericht woonklimaat en een goede bereikbaarheid. Daarmee geven wij ook een impuls aan de ontwikkeling van Leeuwarden en aan de stadse identiteit.

8

€

Groen blauwe regio

Groen blauwe regio

Verscheidenheid In onze gemeente hebben we te maken met verschillen, contrasten en verscheidenheid. We kennen de drukte van de binnenstad én de rust en ruimte van het buitengebied. We hebben een grote verscheidenheid aan dorpen, met elk een eigen karakter. Maar we kennen ook grote verschillen tussen rijk en arm, theoretisch en praktisch opgeleid. Tussen fijne plekken om te wonen en wijken die uit oogpunt van leefbaarheid juist aandacht behoeven. We hebben te maken met vergrijzing en met een afnemend voorzieningenniveau in onze dorpen. Zowel maatschappelijke als ruimtelijke vraagstukken waar we in deze omgevingsvisie richting aan geven.

Blik op Europa De opgaven waar Leeuwarden voor staat toont sterke verwantschap met andere regio’s en steden in Europa, bijvoorbeeld in Noord-Duitsland en Scandinavië. Ook in deze regio’s zetten niet perse groeimodellen de toon, maar bepalen juist gezondheid leefkwaliteit, duurzame economie en duurzame mobiliteit de agenda. Samenwerking met hen biedt kennis, inspiratie en de samenwerking richting ‘Brussel’ is kansrijk.

Bescherming natuurgebieden en cultureel erfgoed

Verduurzaming landbouw

3.1 Groen-blauwe regio Opgaven Onze leefomgeving bepaalt in belangrijke mate de kwaliteit van leven. De uitdagingen om die ‘op orde’ te krijgen en toekomstbestendig te maken, zijn enorm. De aarde warmt op en dat wordt vooral veroorzaakt door onszelf. De manier waarop we leven zorgt ervoor dat er te veel broeikasgassen in de lucht komen - gassen die de lucht vervuilen en het op aarde steeds warmer maken. De opwarming van de aarde zorgt zowel voor verdroging als voor wateroverlast (in de vorm van piekregenbuien). De natuur staat in zowel het buitengebied als in de stad en de dorpen onder druk. In het stedelijk gebied zorgt de klimaatverandering zowel voor hitte als verdroging en daarmee voor aantasting van kades en funderingen. Door verzilting, verdroging en verzuring daalt de bodemkwaliteit en neemt de biodiversiteit in onze hele gemeente af. De toenemende verzilting is ook een bedreiging voor de landbouw: het zoute kwelwater bemoeilijkt de productie van de nu reguliere landbouwgewassen. Ook het bijzonderenu vooral agrarische- karakter van onze Veenweide gebieden staat onder druk. Het veen oxideert als gevolg van ontwatering, waardoor de bodem daalt. In onze Natura 2000 gebieden, de Alde Feanen en de Grote Wielen en de gebieden die tot het Nationaal Natuurnetwerk behoren (de Himpensermar en Leonserpolder) staat de natuur onder druk als gevolg van stikstofdepositie.

In het buitengebied is een brede strijd om de ruimte gaande. Er zijn diverse functies die ruimte vragen en die deels niet goed te combineren zijn (natuur, voedselproductie, energieopwekking, waterberging, CO2-opslag, woningbouw, toerisme en recreatie) en dat tegen een achtergrond van veranderende omstandigheden (bodemdaling, verzilting, verlagen stikstofuitstoot, verdroging, hittestress, enz.). Niet veranderen is geen optie. Hier ligt een grote uitdaging in een zorgvuldige afweging over de kwaliteit van de ruimte met het oog op het door ons zo gekoesterde groen-blauwe ‘open landschap’. 9

Doelstellingen Wij willen de bestaande groen-blauwe structuren daar waar mogelijk herstellen, versterken en uitbreiden. Dit moet leiden tot een toekomstbestendige leefomgeving. Een leefbare gemeente voor mens, dier en plant en een omgeving die bevorderlijk is voor biodiversiteitsherstel, klimaatadaptatie en gezond leven. De gemeente Leeuwarden gaat voor een groen-blauw netwerk in het bebouwde gebied (stad en dorpen) waarin alle inwoners kunnen wandelen, verkoeling zoeken, recreëren en genieten van een rijke stadsnatuur. En we streven naar verbinding met het buitengebied en recreatiegebieden zoals de Groene Ster. Herstel en versterking van het groen-blauwe netwerk is niet alleen een kwestie van een goed ingerichte bovengrondse ruimte. Ook de ondergrondse ruimte in de bodem moet daarvoor geschikt zijn (denk aan: vruchtbaarheid, voldoende water) en beschikbaar zijn (dus geen kabels en leidingen, of andere constructies of obstakels). Dit leidt tot de doelstelling om in de komende jaren ook de ondergrondse planning en ordening goed op orde te brengen.

Energietransitie Voor de toekomstbestendigheid van onze groenblauwe regio zijn een CO2-neutrale samenleving en economie nodig. Wij willen onze bijdrage leveren aan de energietransitie en de overstap maken naar schonere en meer duurzame manieren van energie, zoals windenergie, zonneenergie, waterkracht, geothermie en aquathermie. Dit vraagt ook om stevige aanpassingen in de energie-infrastructuur. Regie hierop vinden wij essentieel. Naast onze focus op energieopwekking zetten wij ook vol in op energiebesparing. Wij willen een volledig duurzame energievoorziening in 2050 en daarmee volledig onafhankelijk zijn van fossiele brandstoffen.

10

Om dat te bereiken hebben we in 2030 23% energie bespaard ten opzichte van 2020 en wordt 85% van de energie in de bebouwde omgeving duurzaam opgewekt. Om dit te realiseren zetten we de komende tijd maximaal in op duurzame energieopwekking in het bebouwd gebied, bijvoorbeeld door zonnepanelen op daken van woningen, bedrijfspanden, boven parkeerterreinen en andere vormen van dubbel ruimtegebruik. Wij realiseren ons echter dat we er met alleen ‘zon op dak’ absoluut niet komen. Zonneparken en windmolens zijn ook nodig. Er wordt gezocht naar locaties waar functies gebundeld kunnen worden en/of kansen ontstaan voor een bredere transitie in het landelijk gebied. In het zoekgebied energieopgave aan de westkant van de stad zoeken we naar een koppeling met nieuwe en bestaande functies in de energie-infrastructuur. In het buitengebied zoeken we naar koppelkansen met de bredere landbouw- en plattelandstransitie. Op het moment dat we de leefomgeving veranderen, moet dat een verbetering voor de leefomgeving opleveren. Daarbij worden potentiële gebieden gewogen in relatie tot de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Eigenaarschap en draagvlak in een gebied vinden wij essentieel voor de realisatie van installaties voor energieopwekking aldaar.

Vergroening gebouwen en openbare ruimte

Duurzame energie ingepast in het landschap

Dooradering groen-blauw structuren

Fietsroutes koppelen aan groenstructuren

Biodiversiteit en klimaat

Landbouwtransitie

Wij gaan in ons buitengebied voor biodiversiteitsherstel en klimaatadaptatie, waarbij we bewaken dat er een goed en werkbaar evenwicht is tussen landschappelijke waarden, landbouw, klimaat, natuur, cultuurhistorische waarden, ondernemerskansen en samenleving. Vast staat dat we in 2035 klimaatadaptief zijn en dat de biodiversiteit is toegenomen.

We faciliteren de landbouwsector om de omslag te maken naar duurzame en circulaire vormen van landbouw. Het zoeken naar nieuwe verdienmodellen hoort daar bij. Voor en met de landbouwsector streven we naar een toekomstbestendig voedselsysteem zonder negatieve effecten op onze lucht-, bodem- en waterkwaliteit. Korte ketens tussen producent en consument zien we als meerwaarde om tot een betere afstemming tussen producent en consument te komen en daardoor minder voedselverspilling en minder transport (dus minder CO2-uitstoot). Het gaat niet alleen om de landbouw, maar om de bredere transformatie waarbij we naar een nieuw evenwicht streven voor de onderlinge relatie tussen natuur, landbouw , biodiversiteit, landschap, cultuurhistorie, recreatie, klimaatopgaven en energieopwekking. Dit plaatst ons voor keuzes die per gebied anders zijn. Daarom streven we er naar de opgaven gebiedsgericht samen met stakeholders aan te pakken. Wij betrekken ook organisaties als de Dairy Campus, het Van Hall Instituut en de Watercampus bij deze transitie. Wij nemen hiervoor deel in de netwerkorganisaties die inzetten op de transformatie van het platteland en het ontwikkelen van nieuwe, houdbare verdienmodellen voor de landbouw zowel in het Veenweide- en Kleiweidegebied als in de Noordelijke Kleischil.

In Kleiweide streven we vooral naar een combinatie met behoud en versterken van de bestaande ruimtelijke kwaliteit van het landschap en biodiversiteitsherstel. In Veenweide richten we ons vooral op de veenoxidatie en het inspelen op de bodemdalingsproblematiek. In de Noordelijke Kleischil ligt er vooral een doel voor het omgaan met verzilting. Dit doen we altijd vanuit integrale gebiedsprocessen met de betrokken agrariërs, grondeigenaren en inwoners.

Bomenaanplant Wij gaan een zo groot mogelijke bijdrage leveren aan de landelijke doelstelling voor CO2 vastlegging in bomen, bos en natuur en levert daarmee een bijdrage aan de bossenstrategie van rijk en provincie. Wij streven naar een manier die past bij de waarde en identiteit van het open landschap. Wij richten ons bij de opgave voor Leeuwarden op meer bomen in de bestaande stad en aan de randen van dorpen en aansluiten bij historische landschapselementen en erfbeplantingen.

Ruimte voor water en natuurvriendelijke oevers

Verbetering biodiversiteit

11

€ Goed leven in Leeuwarden

3.2 Goed leven

sociaal isolement.

Digitaal netwerk

Ook bij de manier waarop we samenleven hebben we te maken met grote opgaven. We streven naar een ongedeelde gemeente waarin iedereen gelijke kansen heeft. De problemen door armoede in Leeuwarden zijn hardnekkig en stevig. Eén op de tien huishoudens in Leeuwarden leeft op het bestaansminimum. Er is een toenemende concentratie van de minst draagkrachtigen in de wijken met de goedkoopste woningen. Door huishoudensverdunning neemt daarnaast het draagvlak voor (wijk)voorzieningen af. Het hebben van voldoende woningen is een opgave op zich aan het worden. De kwaliteit en de bruikbaarheid van de openbare ruimte in wijken is onvoldoende en nodigt vaak niet uit tot ‘samen leven’. Leeuwarden is op de ranglijst ‘Gezonde Stad’ een grijze middenmoter. We werken aan steeds meer groen in de stad, maar er is weinig groen dat geschikt is voor kinderen om te kunnen spelen. De toegankelijkheid van voorzieningen en zorg, het openbaar vervoer en de veiligheid van fietsroutes zijn aandachtspunten.

Daarnaast wordt de samenleving steeds digitaler. Sociale verbindingen lopen niet langer enkel langs de lokale gemeenschappen, maar interactie vindt op steeds grotere afstand plaats. Het heeft gevolgen dat bestaande maatschappelijke scheidslijnen veranderen en er een zekere versplintering ontstaat in de samenleving. We moeten hier als overheid in meebewegen, maar ook faciliteren dat daar waar sociale cohesie van groot belang is, deze ook in dit tijdperk tot stand kan komen. Dat neemt niet weg dat digitale ontmoetingen ook afdoende moeten worden gefaciliteerd door overal een in de gemeente een

len Delen

Opgaven

Tr

ei

n

Sterke digitale infrastructuur

Vergrijzing Door vergrijzing en het langer thuis wonen van ouderen is sprake van verschraling van voorzieningen in wijken en dorpen. De bereikbaarheid van basisvoorzieningen (bijvoorbeeld de supermarkt, de bus en ontmoetingsplekken) staat met name in dorpen onder druk. En juist het ontbreken van ontmoetingsplekken in de openbare ruimte leidt tot

Afstanden verkleinen

SU P MA ER RK T

M AT

BUS

Voorzieningen dichtbij

12

Clusters op bijzondere locaties

betrouwbaar digitaal netwerk aanwezig te hebben.

Leefkwaliteit in de dorpen

Brede welvaart

In de dorpen zien we onderscheid tussen de dorpen met een regionale functie (Stiens en Grou) en de dorpen zonder die functie. Met name voor de kleinere dorpen zien we uitdagingen op het gebied van het ontwikkelen van geschikte woningen voor senioren en jongeren, de slechte bereikbaarheid met het openbaar vervoer, sluiting van een school, achteruitgang van voorzieningen en dergelijke. Aandacht zal ook uit moeten gaan naar voldoende sport- en beweegmogelijkheden in de dorpen en de omgeving. Wel is de sociale cohesie groot en zijn er tal van plannen om de identiteit en leefbaarheid van het dorp overeind te houden. Dat is een stevig fundament om op voort te bouwen.

Gebouwen en buitenruimte dragen bij aan gezondheid. Gezondheid en veiligheid zijn integraal onderdeel van ruimtelijke afwegingen. Wij zetten ons in voor een prettige, veilige en comfortabele openbare ruimte, groen en divers, met ruimte voor ontmoeten en bewegen. Drie pijlers zijn daarbij van belang: gezond, heel en veilig. Een gezonde gemeente is een groene gemeente. Een groene omgeving die stimuleert en uitnodigt, ook om te spelen en te ontmoeten. Drukte wordt afgewisseld met rust, stilte en ruimte. Ruimte voor stadstuinen en voedselbossen brengt ons dichter bij de voedselketen en het gezonde voedsel levert daarmee

Doelstellingen We vinden het belangrijk dat Leeuwarden een samenleving is waarin iedereen, gezond is, erbij hoort en iedereen daadwerkelijk deel kan uitmaken van de samenleving. Dat levert fysieke opgaven op: verkleinen ruimtelijke verschillen in de stad, toegankelijk maken van de dorpen voor doelgroepen, elke wijk plek laten bieden voor een brede doelgroep met voldoende beweegruimte en ook de allerlaagste inkomens keuzevrijheid bieden. En het levert een sociale opgave op: dat inwoners, overheden, maatschappelijke organisaties en zorgaanbieders samenwerken en zich inzetten om alle mensen mee te laten doen aan de samenleving, zowel in de stad als in de dorpen. Daar waar het kan moeten we samen met bewoners werken aan ‘ontmoeten en verbinden’. Daar waar het niet kan (om wat voor reden dan ook) moet er een alternatief zijn. We faciliteren en investeren daarbij ook aan een goede digitale infrastructuur.

Ruimte voor stadstuinen en voedselbossen op ko p Te rdap a Aa

n

ele

Voedselproductie aan voedselconsumptie koppelen

13

een bijdrage aan onze gezondheid. Ook willen we mensen uitnodigen om gezonde keuzes te maken (en ongezonde keuzes te beperken). Wij zetten in op verkleining van gezondheidsachterstanden door voor iedereen een gezonde levensstijl te stimuleren. Sporten verbindt en is goed voor de gezondheid. De buitenruimte faciliteert beweging. Gezond voedsel is logisch en overal. In het bijzonder is de schoolomgeving gezonder. Bij een veilige en gezonde leefomgeving hoort een goede voedselomgeving waarbij gezond eten gestimuleerd wordt en ongezond eten ontmoedigd, en waarbij er een rookvrije generatie ontstaat.

toekomstige achterstandswijken worden. We streven ongedeelde wijken na. Nabijheid van voorzieningen is een belangrijk punt, waarbij ook de toegang naar sociale voorzieningen en medische zorg is gewaarborgd. Voor onze nieuwbouwwijken betekent dit een belangrijke opgave zowel in variatie in doelgroepen als in voorzieningen en (digitale) verbindingen. De kern van de verstedelijking ligt bij goed bereikbare, binnenstedelijke locaties bij OVknooppunten langs het spoor en aanvullend langs de

Cultuur als bindmiddel We borduren voort op onze doelstellingen van Culturele Hoofdstad van Europa in 2018 en gebruiken cultuur als bindmiddel in de samenleving. Er is ruimte voor culturele uitingen en via cultuur stimuleren we ontmoeting en ontwikkelen we (jonge) talenten. We versterken het Leeuwarder Artistiek Klimaat door cultuureducatie en de culturele basisinfrastructuur voor jonge makers op orde te hebben. We investeren in (pas afgestudeerde) makers, om hen de ruimte te geven om te experimenteren en om hun talent verder te ontwikkelen.

Goed wonen Wonen is een eerste levensbehoefte. Een goede woning in een gezonde en veilige leefomgeving is één van de onderdelen waaraan we als gemeente een bijdrage kunnen leveren. Een goede woning is ook een betaalbare woning, zodat de lage inkomens ook budget over houden voor overige basisvoorzieningen zoals voedsel en kleding, maar zeker ook voor welbevinden door sport en cultuur. Het inzetten op mengen van leeftijden en inkomensgroepen moet voorkomen dat bestaande en nieuwe wijken de

14

Aantrekkelijke woonvormen

OV lijnen.

Uitnodigen tot bewegen Fietsroutes en wandelpaden zijn belangrijk om beweging te stimuleren. Extra aandacht is nodig voor de stadsrandzones en dorpsranden en het faciliteren van groen dichtbij en ‘om de hoek’. Doel is de stadsranden te openen voor een goed toegankelijk buitengebied en een benaderbare stad. De toegankelijkheid van het water voor suppen, zwemmen en roeien willen we daar waar mogelijk

Ruimte voor spelen. bewegen en ontmoeten

vergroten. We omarmen de kwaliteit van het water als waarde voor onze leefomgeving.

Fiets op 1 Goede mobiliteit is van levensbelang voor de stad. De groei van mobiliteit wordt vooral opgevangen door het faciliteren van openbaar vervoer, fietsen en lopen. Om van de buitenruimte weer een verblijfsruimte te maken, zal de auto - zeker in de stad- ‘een stapje terug’ moeten doen. We willen het fietsnetwerk verder ontwikkelen (Leeuwarden Fietsstad). Fietsen is om meerdere redenen een aantrekkelijke vervoersoptie en een goede keuze om van A naar B te komen. Fietsen is gezond, fietsen is schoon en stil, fietsen is voordelig en fietsen heeft een positief effect op leefbaarheid en positieve sociale effecten. Als gemeente onderkennen wij al deze voordelen elke dag. In de op te stellen nota ‘Fiets op 1’ gaan

Leeuwarden fietst

15

15

Sterke economische positie

€

wij onze aandacht nog meer richten op de fiets en de fietser in onze gemeente, werkend aan een vitale fietsstad en fietsregio.

een speler van internationaal formaat te zijn.

Opgaven

Beter bereikbaar

Een concurrerende en duurzame economie is van belang voor de leefbaarheid en brede welvaart in onze gemeente. Wij willen zoveel mogelijk mensen aan het werk helpen. We willen de studenten die in Leeuwarden zijn opgeleid graag voor de stad behouden. Een goed vestigingsklimaat voor mensen en bedrijven is daarbij een belangrijke voorwaarde.

Het versterken van de bereikbaarheid, met alle modaliteiten, is van grote betekenis voor de economische ontwikkeling van onze gemeente. Dit geldt zowel voor het openbaar vervoer, langzaam verkeer als ook de aansluitingen op de energieinfrastructuur en de digitale infrastructuur. We verkiezen openbaar vervoer en langzaam verkeer boven autoverkeer in de binnenstad en nieuwe ontwikkelgebieden als Spoordok. We zetten in op een fossielvrije stadsdistributie en een milieuvriendelijk goederen- en personenvervoer naar en in de stad vanuit mobiliteitshub Werpsterhoeke.

3.3 Sterke economische positie

Innovatie Het profiel van Leeuwarden als kennis- en innovatiestad op het gebied van onder meer watertechnologie, agri-food, creatieve industrie, media en cultuurtoerisme is de laatste decennia zorgvuldig opgebouwd en verankerd in de gemeente. Zo staan we ook (inter)nationaal bekend. We lopen met onze partners in Fryslân voorop in het vormgeven van een circulaire economie. De opgave is om deze positie vast te houden, mee te laten groeien en verder uit te bouwen, gekoppeld aan maatschappelijke opgaven en gebruik makend van onze positie in Noord-Nederland. Deze innovatie vraagt om de creatie van hoogwaardige, compacte stedelijke milieus die gekenmerkt worden door nabijheid, interactie en functiemenging. Een kennisintensieve economie gedijt goed in dit type stedelijk milieu, verbetert de concurrentiepositie en is uitermate gunstig om duurzaamheidsdoelstellingen te bereiken door bijvoorbeeld het terugdringen van het energieverbruik en de automobiliteit. Daarnaast zijn uitstekende verbindingen tussen stad en buitengebied, zo kenmerkend voor onze gemeente, essentieel voor innovatieve diensten en producten op het snijvlak van water, voedsel en energie. Deze zogenoemde ‘nexus’ biedt kansen aan de regio om

16

Een goede en snelle spoorverbinding tussen NoordNederland en de economische kerngebieden elders in het land staat daarbij voorop. Een dergelijke snelle verbinding brengt de Leeuwarder kwaliteiten dichterbij, bevordert de uitwisseling van specialiteiten en is ook vanuit toeristisch oogpunt erg belangrijk. Landsdeel Noord wordt daarmee ook aantrekkelijker als woonplaats. Banen in en

ID Un

ive

t rsi

y

Mengen van functies

EE

buiten Noord-Nederland komen sneller binnen het bereik van een grotere groep; belangrijk voor NoordNederland om ook in de toekomst over voldoende arbeidskrachten te kunnen beschikken. Jongere hoogopgeleiden blijven in of komen juist eerder naar Noord-Nederland. Economische clusters binnen het Noorden krijgen extra ontwikkelingskansen. Voor Leeuwarden én voor de Noord-Friese regio is het essentieel dat Leeuwarden een eindstation is van deze snelle spoorverbinding, met een directe, overstapvrije aansluiting. Voor Leeuwarden vinden wij het ook belangrijk dat de spoorverbinding met Groningen verder verbeterd wordt, qua snelheid, frequentie en stedelijke inpassing.

Actieve plinten

Versterk de binnenstad Er is in de afgelopen jaren fors geïnvesteerd in de binnenstad. De positie van de Leeuwarder binnenstad is in die zin goed - er is zeker geen sprake van ‘groot achterstallig onderhoud’. Er zijn echter ook ontwikkelingen die op de binnenstad afkomen, die om aanpassing, verandering en actie vragen. Denk daarbij aan de opkomst van e-commerce, mogelijke leegstand en de verschuiving naar een binnenstad als verblijfsruimte waar beleving centraal staat. Die trends zien we nu al en vragen dus op de korte termijn om antwoorden. De veranderingen vinden bovendien plaats in een context waarin andere (binnen)steden niet stil zitten. Om bezoekers te blijven trekken zal ook de Leeuwarder binnenstad moeten investeren in aantrekkingskracht en een strategie om onderscheidend te zijn. Alleen dan kan (economische) vitaliteit en de positie ten opzichte van andere (binnen)steden worden behouden en versterkt. We zetten in op cultuurtoerisme en watersport. Dat moet ook ruimtelijk worden gefaciliteerd. Op langere termijn kunnen alternatieve vaarroutes in beeld komen om watersportgebieden

17

Vergroten aantrekkingskracht van water

19

01

Cultureel erfgoed benutten

dichter bij elkaar te brengen. Ook is het van belang om de (water)verkeersveiligheid te vergroten door het scheiden van beroeps- en recreatievaart.

samen met autoluw maken en vergroenen en inzet van klimaatadaptieve maatregelen.

Doelstellingen

Evenementen

Wij streven naar een aantrekkelijke en vitale binnenstad met goede voorzieningen en een functiemix. We stimuleren ondernemerschap op het gebied van verkoop en vermaak. Een binnenstad waar mensen met plezier wonen, werken, winkelen en recreëren. Een binnenstad die van betekenis is voor de inwoners, maar die ook voor een grotere regio van belang is. Voor de retailstructuur binnen de gemeente Leeuwarden hanteren we enkele leidende principes die in de op te stellen ‘Retailvisie’ uitgewerkt worden. Enkele daarvan: ‘de binnenstad als vlaggenschip’, ‘een duurzame structuur en duurzaam ruimtegebruik’, ‘clustering van detailhandel en (overige) publieksvoorzieningen’ en ‘bevordering van samenwerking’. Het op peil houden van de historisch-ruimtelijke kwaliteit van de openbare ruimte en gebouwde omgeving is een belangrijke voorwaarde voor een aantrekkelijke binnenstad. De binnenstad wordt verder ontwikkeld als aangenaam verblijfsgebied met ruim baan voor cultuur, evenementen en festivals. Als leidend principe voor het (economisch) functioneren van de binnenstad houden we ‘compact en breder’ aan: een compacter kernwinkelgebied, en tegelijk een verbreding van draagvlak voor de binnenstad door een directe en duidelijke verbinding naar de omgeving.

Delen van de binnenstad missen specifieke groene en blauwe kwaliteiten en zijn hoog stedelijk, op korte afstand vinden we ‘groen en blauw’ (Prinsentuin, Potmarge). Voor de binnenstad hebben we daarnaast de ambitie om met toevoeging van woningen een betere functiemix te bereiken. Een aantrekkelijke en vitale binnenstad gaat bovendien

Binnen enkele jaren willen we een evenementenmix hebben die Leeuwarden regionaal, nationaal en internationaal de status verschaft van topevenementenstad in Noord-Nederland. We bouwen voort op de successen van ons culturele hoofdstadjaar 2018 via Arcadia 2022 en de daarop volgende edities in 2025 en 2028. We willen in Arcadia de belangrijke thema’s uit deze omgevingsvisie verbinden aan een lokaal en (inter)nationaal aansprekende kunst- en cultuurprogrammering, te beginnen met Arcadia 2022 waarin klimaatadaptatie, de energietransitie en inclusie centraal staan. We willen bestaande broedplaatsen de ruimte geven om verder te groeien en ruimte bieden aan nieuwe broedplaatsen. Wij bouwen door op een kwalitatief sterke noordelijke culturele infrastructuur die tot in de haarvaten van de regio doordringt, bijdraagt aan artistieke innovaties,

18

Ruimte voor evenementen

een breed en divers publieksbereik kent en een bijdrage levert aan maatschappelijke uitdagingen.

Kwaliteitstoerisme De gemeente Leeuwarden heeft veel te bieden aan bezoekers. Veel (cultuur)toeristen bezoeken onze bruisende en monumentale binnenstad, prachtige dorpen en een ruim buitengebied met prachtige fiets- vaar- en wandelroutes. We versterken de mogelijkheden voor waterrecreatie in de stad Leeuwarden en de beleving en toegankelijkheid van het water. We zetten in op kwaliteitstoerisme onder andere in Grou en de Âlde Feanen. Wij zetten in op een duurzame groei van het toerisme en kijken daarbij ook naar leefbaarheidseffecten (overlast, duurzaamheid, voedsel/culinair, gezond bewegen) waardoor zowel voor bezoekers als bewoners van Leeuwarden een positieve beleving ontstaat.

De stad als campus We zien Leeuwarden als één grote campus. Daarin ontwikkelen en vernieuwen we circulaire economie, duurzame landbouw, schone energie en robuuste wateroplossingen. En in Nederland zijn we een sterke speler, omdat we duidelijk laten horen hoe we denken over de ontwikkeling van middelgrote steden en het omliggend landschap. De kennis over water en watertechnologie in de Watercampus maakt Leeuwarden wereldspeler op dit terrein. De komende jaren blijven we investeren in de kenniseconomie zowel in het type bedrijven als in de gebieden waar ze gevestigd zijn, zoals de ontwikkeling van een

Media en Innovatie Campus. Dit draagt bij aan het groene beeld van de stad en zorgt voor nieuwe banen. Zo bieden we ruimte aan nieuwe bedrijven en werken we mee aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat. We streven naar logische verbindingen van campussen onderling en met de binnenstad, bijvoorbeeld door betere OV en fiets-verbindingen. We vinden het belangrijk dat studenten, promovendi en alumni een goede woonplek hebben en afgestudeerden in Leeuwarden blijven. Dit is goed voor de talenten die we nodig hebben in de hoogwaardige bedrijvigheid maar ook voor een complementaire opbouw van de Leeuwarder bevolking zowel in opleidingsniveau als in inkomen.

Leven lang leren Wij zetten in op sterk onderwijs passend bij de economie en het creëren van werkgelegenheid die bijdraagt aan de ontwikkeling van Leeuwarden als onderwijsstad. We zetten in op een leven lang leren, waarbij iedereen de kans heeft zich te ontwikkelen. Naast de stuwende sectoren (hospitality, agrofood en watertechnologie) mikken wij op kansrijke niches binnen onze gemeente. Dit zijn met name: media, ICT & cyber safety en zorginnovatie. We zien veel kansen in het meer integraal benaderen van de sector economie: energietransitie, klimaat, voedselproductie (ook bodem) en leefbaarheid. Wij willen klimaatadaptatie verbinden met recreatie en toerisme en experimenteren met wonen op het water. We willen de specifieke kwaliteiten van het platteland benutten die de economie kunnen versterken en zien

EE

ID i Un

ve

Campussen versterken en verbinden

rsi

ty

Tijdelijke broedplaatsen 19

nog ruimte voor een verdere ontwikkeling van recreatie en toerisme. Daarnaast willen wij perspectief blijven bieden voor de agrarische sector.

Bedrijven van de toekomst Uit oogpunt van duurzaam ruimtegebruik verkennen we de mogelijkheden van vermenging van nu nog primair bedrijventerreinen met kantoor, verblijf, verkoop en horeca (‘blurring’). We blijven daarbij aandacht houden voor de toekomstwaarde en milieuaspecten van de gevestigde bedrijven. We hebben de ambitie om de energietransitie op bedrijventerreinen te versnellen. We willen stevig inzetten op de preventie van afval. Wanneer afval dan toch ontstaat, moeten we er zo slim mogelijk mee omgaan. Door grondstoffen te hergebruiken en slim te plannen ontstaan meer banen. We zien kansen in de overgang naar een circulaire economie: het leidt tot innovatie en werkgelegenheid, maar ook tot een duurzamere leefomgeving en een sterk netwerk.

Verkleuring bedrijventerreinen

20

21

4. KEUZES EN AFWEGINGEN De opgaven waar we voor staan zijn groot en de ambities zijn hoog. Dat betekent dat we keuzen zullen moeten maken: niet alles kan tegelijkertijd, niet alles gaat even goed samen en niet alles kan overal. Om keuzen te kunnen maken hanteren we drie ontwikkelprincipes. In dit hoofdstuk maken we door een gebiedsgerichte uitwerking de toepassing van die principes concreet.

4.1 Samenhang van ambities: de bruidstaart De drie ambities uit het Positioneringsdocument vormen het uitgangspunt voor de visie. Deze ambities hangen met elkaar samen waarbij we ons baseren op de opbouw van de ‘bruidstaart’ in drie verschillende lagen. Dit betekent dat we de Groen-Blauwe Regio als randvoorwaarde zien voor Goed Leven: een niet goed functionerend watersysteem kan bijvoorbeeld leiden tot wateroverlast. Een verrommeld landschap is minder aantrekkelijk voor recreatie. De eerste twee ambities zijn vervolgens randvoorwaardelijk voor een Sterke Economische Positie. Die positie is in onze gemeente sterk verweven met wat het landschap ons te bieden heeft, bijvoorbeeld rond watertechnologie, agrarische bedrijven en recreatie. De samenhang van deze drie lagen werkt overigens niet uitsluitend in één richting van beneden naar boven. Ook andersom is sprake van een sterke samenhang: een Sterke Economische Positie met voldoende werkgelegenheid is bijvoorbeeld belangrijk voor Goed Leven en kan waardevol zijn voor het ontwikkelen van een toekomstbestendige GroenBlauwe Regio. Dit hangt ook weer samen met nieuwe verdienmodellen voor agrarisch ondernemers.

22

“WAT” vraag Drie ambities

4.2 Ontwikkelprincipes: Vergroenen’, ‘Verbinden’ en ‘Verwaarden’

We zetten drie ontwikkelprincipes in om de stap te maken van opgaven naar uitwerking en gebiedsgerichte ontwikkeling. Deze ontwikkelprincipes zijn ‘Vergroenen’, ‘Verbinden’ en ‘Verwaarden’. De ontwikkelprincipes staan voor een actieve houding, een werkwijze, waar we gezamenlijk mee aan de slag gaan. Per gebied en project maken we de afweging aan de hand van deze ontwikkelprincipes. Daarbij hoeven overigens niet in alle situaties alle ontwikkelprincipes een even grote rol te spelen. De opgaven variëren immers ook per plek in onze gemeente. Zo geven de principes richting aan de gemeentelijke inzet in termen van mensen en middelen. Anderzijds vormen ze het inhoudelijk kader voor de afweging van initiatieven van bijvoorbeeld bewoners, bedrijven, medeoverheden en instellingen: in welke mate dragen de initiatieven bij aan de gewenste ontwikkelrichtingen?

“HOE” vraag Drie ontwikkelprincipes

VERBINDEN

VERWAARDEN

VERGROENEN

Sterke economische positie

€

Goed leven in Leeuwarden

Groen blauwe regio

“WAAR” vraag Ruimtelijke vertaling

DE DORPEN

HET BUITENGEBIED

DE STAD

23

Vergroenen: Een volhoudbaar gebruik van de ruimte: emissievrij, circulair, adaptief. Het bodem- en watersysteem zijn daarbij leidend. We benutten ruimtelijke ontwikkelingen om stap voor stap emissievrij en circulair te worden. We passen onze leefomgeving aan, want het klimaat verandert. Het wordt natter, heter en op sommige momenten droger. We gaan uit van de natuur met een hoge waterkwaliteit, schone bodem en schone lucht, pakken bodemdaling aan, verbeteren de biodiversiteit. We maken een vertaling van hoe dat in nieuwe ontwikkelingen vorm kan krijgen: groene en duurzame gebieden en gebouwen, ruimte voor water, bomen en groen in dorpen en wijken. We maken ruimte voor duurzame vormen van energieopwekking, mits ingepast met respect voor het landschap. We werken aan energiebesparing en wekken bij voorkeur zoveel mogelijk duurzame energie op in de gebouwde omgeving nabij de eindgebruiker. In het buitengebied en bij nieuwe bebouwing zijn het bodem- en watersysteem leidend voor de keuzes in het landgebruik: het ruimtegebruik volgt de fysieke structuur van bodem en water en niet andersom. We koesteren het (open) landschap en putten hierbij inspiratie uit de historische ontwikkeling van het gebied. Welke lessen zijn er te trekken uit het verleden en hoe past de vergroening binnen de historische ontwikkeling van het landschap?

24

Verbinden: De Mienskip maakt de ruimte, de ruimte draagt de Mienskip. Fysieke verbindingen helpen mensen -bewoners, bezoekers, ondernemers- om elkaar te ontmoeten en nodigen uit om gezond te bewegen. Infrastructuur draagt de duurzame ontwikkeling van de gemeente. Verbindingen stellen mensen in staat om deel te nemen aan de maatschappij, om samen vorm te geven aan een gezond en betekenisvol leven. Verbindingen zijn er in vele vormen: stad met dorpen en het buitengebied, woningen met de openbare ruimte, wijken met de binnenstad, mensen aan voorzieningen, vraag aan aanbod, voedselproductie met voedselconsumptie, overheid met Mienskip, Leeuwarden met regio en provincie, met Europa, tussen kennisinstellingen, ondernemers, overheid en samenleving. We zetten in op de regionale samenhang tussen landschap, voedsel, water en energie. Deze biedt kansen om op termijn zelfvoorzienend te worden. Bind jonge mensen aan de stad en zorg voor uitnodigende nieuwe woonmilieus. Benut cultuur en sport als sociale bindmiddelen. Werk gezondheidsachterstanden weg. Koppel de voorzieningen aan draagvlak, bied bruisende locaties aan naast plekken om helemaal tot rust te komen. Maak ruimte voor ontmoeting. Zorg voor een goede bereikbaarheid voor iedereen. Gebouwen en buitenruimte dragen bij aan een gezonde leefomgeving. Verbinden gaat ook over verplaatsen, liefst zo duurzaam mogelijk.

We werken daarom ook aan moderne infra voor duurzaam vervoer, maar ook voor de energiedragers van de toekomst en telecommunicatie.

Verwaarden: Waarde toevoegen, niet vanuit groei per se, maar vanuit ‘brede welvaart’. Hier en nu, later en elders. Voorrang voor binnenstedelijke ontwikkeling. Functiemenging waar dat waarde toevoegt, functiescheiding waar dat nodig is. Bij ruimtelijke ontwikkeling richten we ons op het toevoegen van waarde in de zin van ‘brede welvaart’: welzijn boven welvaart, het sociale boven het materiele, mensen boven goederen, kwaliteit boven kwantiteit. Hierbij is kwaliteit een breed begrip. Het gaat om de gebruikswaarde, de belevingswaarde en de toekomstwaarde. Het is een gezamenlijke zoektocht naar de wijze waarop ruimtelijke ontwikkeling per saldo de meeste waarde toevoegt. Nuttig, gedragen en niet ten koste gaand van anderen: hier en nu of elders en later. Verwaarden houdt in dat we prioriteit geven aan herontwikkeling van gebouwen en bestaande bebouwde gebieden boven het ontwikkelen van nieuwe uitbreidingslocaties. Zo voegen we waarde toe aan onbenutte plekken en koesteren we de waarde van het (open) landschap voor nu en voor toekomstige generaties. Welvaart is de afgelopen decennia hand in hand gegaan met het productief maken van de grond, maar deze strategie is eindig. We zullen onze diensten en producten meer ten dienste moeten stellen aan waterkwaliteit, bodemkwaliteit, luchtkwaliteit en terugwinnen van grondstoffen voor een brede welvaart.

Onze ambitie is dat we waarde gaan toevoegen samen met de investeerders, ondernemers, onderwijs- en kennisinstellingen in onze regio. Waarde die we willen inzetten voor leefbaarheid, geluk en een schone en duurzame groen-blauwe delta. We willen onze kennis en

ondernemerschap ten aanzien van waterkwaliteit en bodem verwaarden zodat we meer brede welvaart genereren: hier en nu, later en elders. Onze economie heeft baat bij onze ecologische diensten en maatschappij, maar staat hier tegelijkertijd ook ten dienste van. Er is sprake van wederkerigheid. Groei is daarbij niet langer ons uitgangspunt, maar brede welvaart wel.

1

Verwaarden

3

Verbinden

2

Vergroenen

Per gebied leggen we in dit hoofdstuk accenten in de ontwikkelprincipes (zie voorbeeldschema hierboven). De cijferaanduiding in de pijlen met de ontwikkelprincipes geeft de prioriteitsvolgorde van die principes voor het betreffende gebied aan, met ‘1’ als hoogste prioriteit.

25

4.3 Ruimtelijke vertaling: de stad, de dorpen en het buitengebied De kwaliteit van de fysieke leefomgeving in onze gemeente is hoog. De stad, de dorpen en het buitengebied verschillen onderling sterk, door ligging, ontstaansgeschiedenis, gebruik en ontwikkeling. Ze hebben ook ieder voor zich een sterke eigen identiteit. In deze paragraaf gaan we in op de ruimtelijke vertaling van de opgaven, de ambities en de ontwikkelprincipes ‘Vergroenen’, ‘Verbinden’ en ‘Verwaarden’. Door te benoemen hoe de principes per gebied kunnen worden ingezet, ontstaat een beeld van de ontwikkelrichting. We maken daarbij onderscheid in drie typen gebieden, namelijk: • De stad • De dorpen • Het buitengebied De toepassing van de ontwikkelprincipes is geen kwestie van het simpelweg stellen van voorwaarden. De principes zijn de basis voor een goede weging. Per locatie, gebied, dorp of stadsdeel kan die weging anders zijn. Zo is in een natuurgebied het groen de belangrijkste kwaliteit, dat je wil borgen en versterken. De mogelijkheid om te bewegen (verbinden) en de waarde van de natuur toeristisch inzetten (verwaarden) zijn dan volgende principes en het ‘vergroenen’ is dan het leidende principe. In de ruimtelijke vertaling beschrijven we gebiedsgericht deze afweging en bezien wij of er een leidend principe te benoemen is.

De uitwerking van de ontwikkelprincipes per gebied wordt door middel van kleurgebruik (in tekst en tekening) inzichtelijk. De groene kleur staat voor vergroenen, blauw voor verbinden en de gele kleur staat voor verwaarden.

26

27

1. DE STAD Visies voor de langere termijn zijn veelal gericht op groei, ontwikkeling en uitbreiding. Ook eerdere visies van de gemeente Leeuwarden ‘ontkwamen’ daar niet aan. Met ‘Leeuwarden Open Stad’ uit 1995 werd de sprong over het Van Harinxmakanaal gemaakt. Met de stadsvisies ‘Varen onder eigen vlag’ en ‘Fier verder’ uit respectievelijk 2002 en 2008, is vooral de verdere stedelijke uitbreiding aan de zuidkant van de stad mogelijk gemaakt.

toeristen van elders. We zetten in op een binnenstad die ook internationaal bekend is en bezocht wordt. Op een binnenstad met ruimte voor initiatieven en ondernemerschap. Op een binnenstad met duurzame distributie van goederen die goed bereikbaar is, maar zoveel mogelijk in de volgorde ‘voet, fiets, OV, auto’. En op een binnenstad die steeds meer mogelijkheden biedt voor aantrekkelijke woonvormen en een binnenstad die vergroent.

Deze omgevingsvisie is zeker ook ontwikkelingsgericht, zonder de nadruk op uitbreiding van het stedelijk gebied. Wij zijn van mening dat de toekomstige ruimtevraag voor stedelijk wonen binnen de bestaande stad en binnen de huidige uitbreidingsgebieden past. Voor economische functies is uitleg alleen aan de orde indien sprake is van een nadrukkelijke toevoeging van waarden. Voor deze omgevingsvisie betekent dit dat voor de komende decennia stedelijke ontwikkelingen binnen de Haak passen, dus geen woonfuncties ten zuiden of ten westen van de Haak. En ook niet aan de noordzijde van de stad.

Rode draad binnen de volkshuisvestingsopgave is de ‘ongedeelde stad’. Wij vinden het belangrijk dat Leeuwarden een samenleving is waarin iedereen erbij hoort en iedereen er daadwerkelijk deel van kan uitmaken. Het voorkómen van te grote ruimtelijke verschillen is belangrijk. De ruimtelijke neerslag van het thema ‘ongedeelde stad’ pakken wij op door een programmatische aanpak van stedelijke vernieuwing, transformatiegebieden (zoals Spoordok, Nieuw Oud oost) en de nieuwe wijken (Zuidlanden en Blitsaerd). Het accent van die aanpak ligt vooreerst bij de wijken in Leeuwarden Oost. Daarbij zijn nabijheid en toegankelijkheid van voorzieningen, bereikbaarheid, (openbaar) groen/ recreatiemogelijkheden, functiemenging en aard van de bebouwing belangrijke elementen die de kwaliteit van de woonomgeving bepalen.

Nieuwe binnenstedelijke milieus maken groei mogelijk, maken de stad meer divers en versterken de aantrekkingskracht en de regionale positie. Binnen de bestaande stad betekent dit: nabijheid, interactie, menging en bereikbaarheid per fiets en openbaar vervoer. Functionele verbindingen en ruimtelijke scheiding met het buitengebied bieden het beste van de twee werelden. Met goede stadland verbindingen is het buitengebied respectievelijk de stad altijd dichtbij, niet alleen voor woon-werk verkeer en woon-winkelverkeer, maar ook voor beleving/recreatie. De binnenstad biedt een mix van bijzondere detailhandel, diensten, horeca, leisure, cultuur, cultureel erfgoed, wonen en vermaak. Een aantrekkelijke mix voor de Leeuwarders, maar zeker ook voor alle Friezen en voor het groeiende aantal 28

Wij streven naar een (culturele) evenementenmix die Leeuwarden regionaal, nationaal of internationaal de status verschaft van topevenementenstad in NoordNederland. De levendigheid en economische spin-off zijn van belang, zeker ook voor de uitstraling van stad en regio. Wij zien een nadrukkelijk belang van de verkorting van de reisafstand per spoor naar de Randstad via een Lelylijn. Om de haalbaarheid van aanleg van een nieuwe spoorlijn te vergroten hebben wij eerder aangegeven dat Leeuwarden in beginsel de mogelijkheid heeft

29

om 10.000 extra woningen te bouwen in de komende decennia, aanvullend op 10.000 te bouwen woningen voor de autonome groei. Deze woningbouw levert een bijdrage aan een nationale opgave en biedt bovendien extra draagvlak voor de voorzieningen in en om Leeuwarden. Dit kan binnenstedelijk en binnen de huidige uitbreidingsgebieden plaatsvinden, met het Spoordokgebied als belangrijk onderdeel. Voorwaardelijk is wel dat de infrastructurele plannen binnen het programma Spoorzone gerealiseerd worden. Binnen die Spoorzone krijgt een reeks van nieuwe ontwikkelingen een plek waarbij organische ontwikkeling, programmatische flexibiliteit en ruimtelijke kwaliteit voorwaarden voor succes zijn. Wij zetten in op een duurzame en concurrerende economie, die bijdraagt aan welvaart en welzijn van de inwoners van stad en regio. Een inzet op stuwende sectoren zoals water en agri-food, en inzet op ontwikkelingen die bijdragen aan een stuwende economie. De overgang naar een circulaire economie hoort daar zeker bij. Het stimuleert innovatie, creëert werkgelegenheid en versterkt het netwerk van ondernemers, overheid en onderwijs.

Binnenstad De binnenstad van Leeuwarden is de huiskamer van Friesland. Inwoners en toeristen, jong en oud, iedereen is er welkom. Slenteren, fietsen, varen, winkelen, wonen, ondernemen, ‘terrasje pakken’. Cultuur en cultuurhistorie, levendigheid. Bruisende binnenstad. Ontmoeten en verblijven.

1

Verwaarden

1

Verbinden

1

Vergroenen In de binnenstad staat alles op 1

Van Dilemma’s naar meerwaarde Autoluw én bereikbaar. Woonfunctie én horeca, evenementen en festivals. Vergroenen versus ruimte voor parkeren. Ruimte voor alle functies, maar ook ruimte voor klimaat én energietransitie. Meer 30 km/h.

ONTWIKKELRICHTING • Cultuurhistorie en cultuur vormen een belangrijke drager voor de economische potentie en dus de vitaliteit van onze binnenstad; • Vergroten van de aantrekkingskracht van water. Benutten van de kracht ervan: gebruik en beleving; • Ruimte bieden voor initiatief, verbreden functiemogelijkheden, meer diversiteit en uniciteit van het winkelaanbod met ruimte voor nieuwe concepten; • Versterken van een aangenaam verblijfsklimaat; • Kunst en cultuur, waaronder evenementen en festivals, en overige activiteiten die bijdragen aan een aantrekkelijk verblijfsgebied; • Leefbaarheid impuls wonen in de binnenstad; toevoeging enkele honderden woningen in de komende tien jaar; • Waterroutes van en naar de binnenstad; • Autoluwe binnenstad, direct bereikbaar te voet en per fiets, voldoende ‘voeding’ aan de randen door optimaliseren parkeervoorzieningen; • Duurzame stadslogistiek, versterken van elektrisch vervoer /distributie in de binnenstad; • Meer ruimte voor groen en water.

Stadsbreed: woonwijken Leeuwarden kent een grote verscheidenheid aan woonwijken, van de vooroorlogse eerste stadsuitleg tot de nieuwere woonbuurten in Zuiderburen en De Zuidlanden. Van groene wijken met ruime woningen tot wijken, die een hardnekkige sociaalmaatschappelijke problematiek kennen. En alles daar tussen in. We werken aan een stad met goede voorzieningen in de breedste zin van het woord, van winkels tot parken, van scholen tot medische voorzieningen, van horeca tot sportmogelijkheden. En zoveel mogelijk binnen een kwartier bereikbaar. De focus voor de ontwikkeling van de woonwijken ligt, naast een goede verbinding met de stad in ruimtelijke en functionele zin, ook op verbinding in sociaal-maatschappelijke zin: ontmoeting, sociale contacten, buurthuizen en verenigingsleven. De omgeving is ook gezond en nodigt uit tot bewegen.

3

Verwaarden

1

Verbinden

2

Vergroenen

Van Dilemma’s naar meerwaarde Vergroenen in combinatie met verdichten/ verstedelijking, woningbouw binnen de Haak. Hoogbouw in relatie tot prettig woonklimaat. Hoogstedelijke milieus in relatie tot identiteit Leeuwarden. Een groeiende stad met een groeiend aantal verplaatsingen én duurzame mobiliteit. Verduurzamen van de stad én het behouden en versterken van erfgoedwaarden. Concurrerende ruimteclaims: ruimte voor wonen én ruimte voor innovatie en bedrijvigheid én een stedelijk voorzieningenniveau én openbare ruimte én duurzaamheidsopgave.

ONTWIKKELRICHTING • Optimaal benutten bestaand bebouwd gebied = geen nieuwe woningbouwlocaties buiten Middelsee, Zuidlanden en Blitsaerd Oost. • Wijkgebonden voorzieningen om leefbaarheid te vergroten. • 10.000 woningen realiseren binnen bestaande stedelijk gebied om de autonome groei in de komende decennia op te vangen; • Detailhandel, diensten, horeca en leisure binnen clusters én op bijzondere plekken • Verblijfskwaliteit van de openbare ruimte versterken in Leeuwarden Oost • Stad en buitengebied verbinden. (bijvoorbeeld in nieuwe stadswijken van Middelsee met veel water en groen). Fietspaden, wandelen langs water en groene corridors • Campussen in de stad en daaromheen. Met elkaar verbonden en met de binnenstad. Streven naar een netwerk, bijvoorbeeld door betere OV en fiets-verbindingen. • Bevorderen ruimte voor ontmoeting en sociale contacten. • Zowel bovenwijks als op wijkniveau: vergroenen. Koppeling met herstructurering na-oorlogse woonwijken in m.n. Leeuwarden Oost. • Dooradering met groene en blauwe structuren • Warmtetransitie in de wijken inzetten voor bredere opgave klimaat, sociaal-maatschappelijk, mobiliteit.

Spoorzone Belangrijkste ontwikkelplek voor binnenstedelijke transformatie. Deze zone vormt in zijn huidige vorm een fysieke en sociale scheiding die de stad belemmert in de ontwikkeling naar een gezonde, vitale en ongedeelde stad. Hier willen wij een nieuw type stedelijkheid ontwikkelen die Leeuwarden een andere vorm van wonen, werken en stedelijk leven biedt. Compacter, hoger, dichter, groter en gevarieerder. Voor Leeuwarden en de Leeuwarders is dit nieuw en anders. We willen de stad en haar inwoners nieuwe stedelijkheid laten proeven, een bijzondere dynamiek laten ervaren en samen nieuwe manieren ontwikkelen hoe we om kunnen gaan met vraagstukken zoals duurzaamheid, mobiliteit en openbare ruimte.De Spoorzone is een zone van zuid naar oost, bestaande uit acht deel’gebieden’ die kansen bieden voor een transformatie en daarmee tot het realiseren van een veelzijdig en integraal onderdeel van de stad. Het gaat om een integrale ontwikkeling rond de thema’s mobiliteit en gebiedsontwikkeling. De thema’s zijn economie, wonen, kwaliteit leefomgeving en mobiliteit. De acht gebieden en projecten zijn uiteenlopend van aard, zitten in verschillende ontwikkelfases en kennen allemaal een andere status.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=cf03303a-939e-41fb-a7aa-2f3230fe6b87