CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

Mulieronderzoek 2021 - Vraag-aanbodanalyse naar binnen- en buitensportaccommodaties en overdekt zwemwater (2019-2035)

Informatieve bijeenkomst - raadzaal 29 januari 2025, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Toekomst gemeentelijk zwembadwater32.222 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Ruimte voor sport in Leeuwarden Vraag-aanbodanalyse naar binnen- en buitensportaccommodaties en overdekt zwemwater (2019-2035)

Karin Wezenberg-Hoenderkamp Daniëlle Ruikes Corry Floor

Ruimte voor sport in Leeuwarden Vraag-aanbodanalyse naar binnen- en buitensportaccommodaties en overdekt zwemwater (2019-2035)

In opdracht van gemeente Leeuwarden

Karin Wezenberg-Hoenderkamp Daniëlle Ruikes Corry Floor

© Mulier Instituut Utrecht, mei 2020

Mulier Instituut sportonderzoek voor beleid en samenleving Postbus 85445 | 3508 AK Utrecht Herculesplein 269 | 3584 AA Utrecht T +31 (0)30 721 02 20 | I www.mulierinstituut.nl E info@mulierinstituut.nl | T @mulierinstituut

2

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Inhoudsopgave 1. 1.1 1.2 1.3

Inleiding Doelstelling en onderzoeksvragen Methoden Leeswijzer

4 4 5 6

2. 2.1 2.2 2.3 2.4

Context Bevolkingsopbouw en -ontwikkeling Onderwijs Ontwikkeling sportbonden en sportdeelname Sportaccommodatiegebruik

7 7 10 11 14

3. 3.1 3.2 3.3 3.4

Binnensport Aanbod Ruimtelijke spreiding Behoefte Gebruik

15 15 17 20 24

4. 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7

Buitensport Hockey Korfbal Voetbal Atletiek Honk- en softbal Kaatsen Rugby

31 34 38 40 52 53 54 55

5. 5.1 5.2 5.3

Zwemwaterbehoefte Aanbod aan zwemwater Verzorgingsgebieden Behoefte aan zwemwater

56 56 68 72

6. 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

Conclusies en aanbevelingen Context Binnensportruimte Buitensportruimte Zwemwater Aanbevelingen

81 81 81 82 84 85

Bijlagen Bijlage 1 Bevolkingscijfers Bijlage 2 Binnensportcijfers Bijlage 3 Buitensportcijfers Bijlage 4 Planningsinstrument zwembaden Bijlage 5 Basisprogrammering zwembaden Bijlage 6 Reisafstanden naar dichtstbijzijnde zwembad

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

86 86 87 94 96 97 100

3

1.

Inleiding De gemeente Leeuwarden stelt in 2020 een nieuw sportvoorzieningenplan op. Eén van de redenen hiervoor is de gemeentelijke herindeling in 2018. Door deze herindeling is het grondgebied van de gemeente Leeuwarderadeel en een deel van het grondgebied van de gemeente Littenseradeel tot de gemeente Leeuwarden gaan behoren. De gemeente heeft voor het opstellen van dit voorzieningenplan inzicht nodig in zowel de huidige als toekomstige behoefte aan binnen- en buitensportaccommodaties en overdekt zwemwater. Veranderingen in de bevolkingsomvang- en samenstelling, veranderingen in sportvoorkeuren en sportdeelname en ontwikkelingen bij verenigingen zijn enkele aspecten die van invloed zijn op deze capaciteitsbehoefte.

1.1

Doelstelling en onderzoeksvragen De doelstelling van dit onderzoek is het in kaart brengen van de huidige en toekomstige behoefte aan binnen- en buitensportruimte en overdekt zwemwater in de gemeente Leeuwarden. Dit onderzoek maakt inzichtelijk wat de huidige en toekomstige vraag is naar binnensportruimte (sporthallen, sportzalen en gymzalen), buitensportvoorzieningen (atletiek, hockey, honk- en softbal, kaatsen, korfbal, rugby en voetbal) en (openbaar) overdekt zwemwater. Diverse planningsnormen en –richtlijnen, bevolkings- en leerlingenprognoses en kennis van lokale en landelijke ontwikkelingen in de sport en het bewegingsonderwijs zijn gebruikt om de (toekomstige) behoefte te bepalen. De vergelijking tussen vraag en aanbod maakt duidelijk in welke mate in de gemeente Leeuwarden tekorten dan wel overschotten (gaan) bestaan bij een of meer typen voorzieningen. Voor het capaciteitsonderzoek naar zwemwater is de huidige en toekomstige behoefte aan openbaar overdekt zwemwater in kaart gebracht en afgezet tegen het aanbod aan zwemwater. Ter beantwoording van de kennisbehoefte van de gemeente Leeuwarden zijn de volgende onderzoeksvragen opgesteld. 1. Wat is de huidige (2019) en toekomstige (2025 en 2035) behoefte aan binnensportruimte in de gemeente Leeuwarden en hoe verhoudt dit zich tot het huidige aanbod? a.

Wat is het huidige aanbod aan binnensportruimte en hoe is de spreiding van het aanbod over de gemeente? b. Wat is de huidige (2019) en toekomstige (2025 en 2035) normatieve behoefte aan binnensportruimte voor de (georganiseerde) binnensport? c. Wat is de huidige (2019) en toekomstige (2025 en 2035) normatieve behoefte aan binnensportruimte voor het bewegingsonderwijs? d. Wat is de huidige bezetting van de gemeentelijke binnensportruimtes, en hoe verhoudt deze zich tot andere gemeenten? 2. Wat is de huidige (2019) en toekomstige (2025 en 2035) behoefte aan buitensportaccommodaties in de gemeente Leeuwarden en hoe verhoudt dit zich tot het huidige aanbod? a. Wat is het huidige aanbod aan buitensportaccommodaties voor het beoefenen van atletiek, hockey, honk- en softbal, kaatsen, korfbal, rugby en voetbal in de gemeente Leeuwarden? b. Wat is de huidige (2019) en toekomstige (2025 en 2035) ruimtebehoefte (banen/velden) van de bestaande atletiek-, hockey-, honk- en softbal, kaats, korfbal, rugby en voetbalverenigingen, en hoe verhoudt dit zich tot het huidige aanbod?

4

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

c. Waar zijn, per hockey- en voetbalvereniging, de leden woonachtig, en hoe ver reizen zij gemiddeld naar hun vereniging? 3. Wat is de huidige (2019) en toekomstige (2025 en 2035) vraag naar overdekt zwemwater en hoe verhoudt dit zich tot het huidige aanbod? a. Wat is het huidige aanbod van overdekte openbare zwembaden in de gemeente Leeuwarden? b. Wat is het verzorgingsgebied van de openbare overdekte zwembaden in de gemeente Leeuwarden? c. Wat zijn de ervaringen van betrokkenen ten aanzien van het huidige aanbod van zwemwater in de gemeente Leeuwarden? d. Wat is de huidige (2019) en toekomstige (2025 en 2035) vraag naar overdekt zwemwater in de gemeente Leeuwarden en hoe verhoudt dit zich tot het huidige aanbod?

1.2

Methoden Op basis van door de gemeente en bv SPORT aangeleverde gegevens is het aanbod aan binnen- en buitensportaccommodaties en zwembaden binnen de gemeente in kaart gebracht. De Database SportAanbod (DSA)1 is benut om te bezien in hoeverre het aanbod van binnen- en buitensportaccommodaties afwijkt van landelijke cijfers, cijfers uit de regio en vergelijkbare gemeenten. De normatieve behoefte aan binnensportruimte is berekend aan de hand van draagvlakcijfers uit de Planologische Kengetallen en door de benchmark met de DSA. Voor het inzichtelijk maken van de toekomstige behoefte aan binnensportruimte is rekening gehouden met de verwachte bevolkingsontwikkeling. Het huidige gebruik is in beeld gebracht door het analyseren van de gebruikersoverzichten van de gemeentelijke binnensportruimtes. De behoefte aan binnensportruimte vanuit het onderwijs is bepaald aan de hand van de taakstelling die de gemeente Leeuwarden heeft vanuit de eigen gemeentelijke verordening 2. De verwachte ontwikkeling van de ruimtebehoefte en de benodigde spreiding hiervan is inzichtelijk gemaakt aan de hand van leerlingenprognoses en (lokale) ontwikkelingen op het gebied van bewegingsonderwijs. De normatieve behoefte aan buitensportruime is bepaald door het toepassen van de planningsnormen en richtlijnen uit het Handboek Sportaccommodaties of hoe ze door de desbetreffende sportbonden worden gehanteerd.

De toekomstige ruimtebehoefte is gebaseerd op bevolkingsprognoses en lokale (of landelijke) ledenontwikkeling. De behoefte aan overdekt zwemwater is bepaald door inzet van het planningsinstrument zwembaden3. Dit planningsinstrument maakt onderscheid in vijf activiteiten voor zwemmen (leszwemmen, banenzwemmen, doelgroepenzwemmen, zwemsport en pretzwemmen).

1

De DSA is de database waarin alle sportaccommodaties van Nederland zijn opgenomen. Het Mulier Instituut onderhoudt de DSA in opdracht van het ministerie van VWS om het landelijk sportaanbod in Nederland te kunnen monitoren.

2

Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Leeuwarden 2018

3

Het Mulier Instituut heeft dit instrument ontwikkeld in samenwerking met de KNZB, Vereniging Sport en Gemeenten (VSG) en Werkgevers in Zwembaden en Zwemscholen (WiZZ).

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

5

1.3

Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden een aantal ontwikkelingen en trends die voor de behoefte aan sportaccommodaties van belang zijn beschreven. In hoofdstuk 3 wordt het aanbod, de (normatieve) behoefte en het gebruik van binnensportaccommodaties behandeld. In hoofdstuk 4 komt de behoefteberaming voor buitensport aan bod. Hoofstuk 5 geeft de capaciteitsraming voor overdekt zwemwater weer. Tot slot worden in hoofdstuk 6 de resultaten uit voorgaande hoofdstukken in relatie met elkaar gebracht en worden de onderzoekvragen beantwoord.

6

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

2.

Context In dit hoofdstuk worden de ontwikkelingen en trends beschreven die relevant zijn bij het bepalen van de toekomstige behoefte aan binnen- en buitensportruimte en overdekt zwemwater in de gemeente Leeuwarden. De bevolkingsopbouw en-ontwikkeling, de leerlingenprognoses van de scholen in de gemeente en de landelijke en lokale ontwikkelingen in sportdeelname en sportaccommodatiegebruik worden achtereenvolgens behandeld.

2.1

Bevolkingsopbouw en -ontwikkeling De gemeente Leeuwarden telt ruim 123.000 inwoners in 2019, waarvan circa 18 procent jonger is dan 20 jaar. Door de gemeentelijke herindeling van 2018, waarbij het grondgebied van de gemeente is uitgebreid, is het inwoneraantal sterk gegroeid ten opzichte van eerdere jaren (in 2017 had de gemeente 108.667 inwoners, CBS, 2019). De verwachting is dat de totale bevolking van de gemeente tot ruim 127.000 in 2035 zal toenemen (+3%). Het aantal inwoners jonger dan 20 en het aantal inwoners van 65 jaar en ouder zal toenemen, terwijl het aantal inwoners van 20 tot 65 jaar zal afnemen (figuur 2.1). Figuur 2.1 Bevolkingssamenstelling naar leeftijdscategorie, gemeente Leeuwarden in 2019, 2025 en 2035 (in aantallen en procenten) 140.000 120.000

21%

22%

22%

60%

58%

55%

18%

20%

23%

2019

2025

2035

100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0

Jonger dan 20 jaar

20 - 65 jaar

65 jaar en ouder

Bron: Gemeente Leeuwarden, 2019. Bewerking: Mulier Instituut.

Leeuwarden bestaat sinds 2018 uit 22 wijken (kaart 2.1). De wijk Oud-Oost is in 2019 met ruim 12.000 inwoners de wijk met de meeste inwoners. De wijken zijn in te delen in acht gebieden (tabel 2.1 en kaart 2.2).

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

7

Kaart 2.1 Wijken gemeente Leeuwarden in 2019

1) Binnenstad 2) Potmargezone 3) Oud-Oost 4) Sonnenborgh e.o. 5) Westeinde e.o. 6) Vossepark & Helicon 7) Huizum-West 8) Nijlân & De Zwette 9) Heechterp & Schieringen 10) Cammingaburen e.o. 11) Bilgaard & Havankpark e.o. 12) Vrijheidswijk 13) Dokkumer Ie e.o. 14) Stiens e.o. 15) Aldlân & De Hemrik 16) Goutum 17) Hempens/Teerns & Zuiderburen 18) De Zuidlanden 19) Middelsee 20) Dorpen Zuid-Oost 21) Dorpen Zuid-West 22) Grou e.o. Kaartvervaardiging: Mulier Instituut.

Tabel 2.1 Gebieden en wijken gemeente Leeuwarden in 2019 Gebied

Wijken

1 Centrum Oost

Binnenstad, Pomargezone

2 Oud Oost

Oud-Oost

3 West

Sonnenborgh e.o., Westeinde e.o., Vossepark & Helicon

4 Zuidwest

Huizum-West, Nijlân & de Zwette

5 Noordoost

Heechterp & Schieringen, Cammingaburen e.o.

6 Noord

Bilgaard & Havankpark e.o., Vrijheidswijk, Dokkummer Ie e.o., Stiens e.o. Aldlân & de Hemrik, Goutum, Hempens/Teerns & Zuiderburen, De

7 Zuidoost

Zuidlanden, Middelsee

8 Dorpen

Dorpen Zuid-Oost, Dorpen Zuid-West, Grou e.o.

8

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Kaart 2.2 Deelgebieden gemeente Leeuwarden in 2019

De nummering komt overeen met de nummers van de gebieden in tabel 2.1. Kaartvervaardiging: Mulier Instituut.

De groei van de gemeente vindt grotendeels plaats in de wijken Middelsee en De Zuidlanden. In deze wijken vindt de komende jaren woningbouw plaats, waardoor het aantal inwoners in deze wijken flink zal groeien. De wijken Dokkumer Ie e.o., Vossepark & Helicon en Binnenstad zullen licht groeien; de overige wijken krijgen met een afname van het aantal inwoners te maken. Figuur 2.2 laat de bevolkingsontwikkeling per gebied zien. Gebied 7, waar de wijken Middelsee en De Zuidlanden in liggen, krijgt te maken met een flinke groei van het aantal inwoners tot 2035. De overige gebieden krijgen met een kleine afname van het aantal inwoners te maken. In bijlage 1 is de bevolkingsontwikkeling per wijk opgenomen.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

9

Figuur 2.2 Inwoneraantal per gebied gemeente Leeuwarden in 2019, 2025 en 2035 (in aantallen) Centrum Oost Oud Oost West Zuidwest Noordoost Noord Zuidoost Dorpen 0

5.000

10.000 2019

15.000 2025

20.000

25.000

30.000

2035

Bron: Gemeente Leeuwarden, 2019. Bewerking: Mulier Instituut.

2.2

Onderwijs Gemeenten hebben een wettelijke taakstelling in het voorzien van sportruimtes ten behoeve van het bewegingsonderwijs. Het is afhankelijk van het aantal en type scholen en het aantal leerlingen waaraan bewegingsonderwijs gegeven wordt hoeveel ruimte voor bewegingsonderwijs nodig is. In Leeuwarden wordt op 80 schoollocaties onderwijs verzorgd. Leeuwarden heeft 56 locaties voor primair onderwijs (PO), 2 locaties voor speciaal basisonderwijs (SBO), 4 locaties voor speciaal onderwijs (SO) en 18 locaties voor voortgezet onderwijs (VO). In totaal staan bij deze scholen 18.350 leerlingen ingeschreven in het schooljaar 2018/’19. De verwachting is dat dit totaal gaat toenemen tot 18.860 in 2039 (tabel 2.2)4. In 2039 zullen naar verwachting 9.596 leerlingen (-0,4%) primair onderwijs in de gemeente Leeuwarden volgen. Wegens de geplande woningbouw in de wijk Middelsee worden in deze wijk twee nieuwe scholen voor primair onderwijs gebouwd. Ook het aantal leerlingen op de locaties voor het speciaal onderwijs zal licht afnemen. Het aantal leerlingen op de locaties voor het voortgezet onderwijs zal naar verwachting tot 2039 tot 8.298 leerlingen (+7,6%) toenemen.

4

10

De leerlingenprognoses van schooljaar 2024/’25 en 2034/’35 zijn niet bekend. Daarom wordt gebruik gemaakt van de leerlingenprognoses van schooljaar 2028/’29 en 2038/’2039.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Tabel 2.2 Huidige en verwachte leerlingaantallen gemeente Leeuwarden in het schooljaar 2018/’19, 2028/’29 en 2038/’39, per onderwijstype Aantal leerlingen

Aantal scholen

2018/'19

9.639

56

2028/'29

9.203

58

2038/'39

9.596

58

2018/'19

1.001

6

2028/'29

961

6

2038/'39

966

6

2018/'19

7.710

5

2028/'29

8.224

5

2038/'39

8.298

5

Primair onderwijs

Speciaal onderwijs

Voortgezet onderwijs

Bron: Gemeente Leeuwarden, 2019. Bewerking: Mulier Instituut.

2.3

Ontwikkeling sportbonden en sportdeelname Nederland Meer dan de helft van de Nederlanders (4 jaar en ouder) sport minimaal één keer per week (53%). Het wekelijkse sportdeelnamecijfer in Nederland is relatief stabiel over de tijd (figuur 2.3). Nederlandse jongeren (12 tot en met 17 jaar) sporten het meest (75%), gevolgd door kinderen (4 tot en met 11 jaar; 60%), volwassenen (18 tot en met 64 jaar; 55%) en ouderen (65 jaar en ouder, 37%). De afgelopen twee decennia is het percentage wekelijkse sporters onder ouderen gestegen van 25 procent naar 37 procent. Daarentegen is het percentage wekelijkse sporters onder jongeren juist gedaald van 81 procent naar 75 procent. Volwassenen laten een licht stijgende trend zien. Figuur 2.3 Aantal Nederlanders dat één keer per week of vaker aan sport doet in de periode 2005-2018 (in procenten) 100

75

50

25

0 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 12 jaar en ouder

4 jaar en ouder

Bron: CBS-Gezondheidsenquête (2001-2013), Gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor CBS i.s.m het RIVM (2014-2018) en Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2016 GGD'en, CBS en RIVM.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

11

Het aandeel inwoners van Nederland dat lid is van een sportbond is eveneens al jarenlang stabiel (circa 26%). De ledenaantallen van de diverse sportbonden in Nederland zijn dat niet. De algemene trend bij binnensportbonden is dat de ledenaantallen teruglopen (figuur 2.4). Bij de buitensportbonden is een tweedeling te maken tussen sportbonden die een flinke groei in het aantal leden hebben gemaakt en sportbonden die relatief veel leden zijn verloren (figuur 2.5). Figuur 2.4 Ledenontwikkeling diverse binnensportbonden t.o.v. Nederlandse bevolking tussen 2010 en 2018 (in procenten; met 2000 als uitgangsjaar) 20% 10% 0% -10% -20% -30% -40% -50% Badminton

Basketbal

Gymnastiek 2010

Handbal 2014

Korfbal

Tafeltennis

Volleybal

2018

Bron: Ledentalrapportages NOC*NSF, 2000-2018. Bewerking: Mulier Instituut.

Figuur 2.5 Ledenontwikkeling diverse buitensportbonden t.o.v. Nederlandse bevolking in Nederland tussen 2010 en 2018 (in procenten; met 2000 als uitgangsjaar) 140%

120% 100% 80% 60% 40% 20% 0% -20% -40%

Atletiek

Honk- en softbal

Handbal

Hockey 2010

2014

Kaatsen

Korfbal

2018

Bron: Ledentalrapportages NOC*NSF, 2000-2018. Bewerking: Mulier Instituut.

12

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Rugby

Voetbal

Leeuwarden Het aandeel inwoners van de gemeente Leeuwarden dat lid is van een sportbond is één procentpunt lager dan het landelijke cijfer (24%; figuur 2.6). Kijken we naar de verschillende leeftijdsgroepen, dan zien we dat vooral in de leeftijdsgroep van 10 tot 25 jaar het aantal lidmaatschappen achterblijft. Figuur 2.6 Aandeel lidmaatschappen sportbonden, Nederland en gemeente Leeuwarden in 2018, per leeftijdscategorie (in procenten) 50 40 30 20 10 0 Totaal

0 tot 10 jaar

10 tot 25 jaar

Nederland

25 tot 45 jaar

45 tot 65 jaar

65 jaar en ouder

Leeuwarden

Bron: Ledentalrapportages NOC*NSF, 2018. Bewerking: Mulier Instituut.

Van de tien sportbonden met landelijk de meeste leden5 valt op dat de deelname in de gemeente Leeuwarden lager (o.a. hockey, golf, tennis) of gelijk aan het landelijke aandeel ligt (figuur 2.7). Alleen sportvissen is in de gemeente een veel populairdere sport dan landelijk gezien. Figuur 2.7 Aandeel lidmaatschappen per sportbond, Nederland en gemeente Leeuwarden in 2018 (in procenten) 8 7 6 5 4 3 2 1 0

Nederland

Leeuwarden

Bron: NOC*NSF, 2018 ( via www.sportopdekaart.nl). Bewerking: Mulier Instituut.

5

Alleen van deze sportbonden is het deelnamecijfer ook landelijk op gemeenteniveau bekend.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

13

2.4

Sportaccommodatiegebruik Als het om sportbeoefening gaat wordt vaak aan sportaccommodaties gedacht, maar de volwassenen Nederlander maakt bij sporten vooral gebruik van de openbare ruimte (figuur 2.8). Een derde van de Nederlandse kinderen geeft aan ook te sporten in de openbare ruimte (figuur 2.9). De openbare ruimte wordt veelal gebruikt voor hardlopen, wandelen en wielrennen. Met name bij volwassenen is in vergelijking met 2014 het gebruik van de openbare ruimte toegenomen. Sporthallen worden ten opzichte van de openbare ruimte beduidend minder gebruikt als sportaccommodatie door volwassenen Nederlanders. Daarentegen sport een kwart van de Nederlandse kinderen in een sporthal. Het gebruik van sporthallen is ten opzichte van 2014 zowel bij volwassenen als bij kinderen toegenomen (figuur 2.8; figuur 2.9). De sportvelden worden, evenals de sporthallen, met name gebruikt door kinderen en niet zozeer door volwassenen. Het gebruik van sportvelden door kinderen is ten opzichte van 2014 toegenomen (figuur 2.9). Het gebruik van sportvelden door volwassenen is stabiel gebleven (figuur 2.8). Figuur 2.8. Gebruik van typen accommodaties voor sportbeoefening door volwassenen in Nederland in 2014 en 2018 (in procenten) 100 80 60 40 20 0

2014

2018

Bron: Nationaal Sportonderzoek 2014 en 2018 (Mulier Instituut).

Figuur 2.9 Gebruik van typen accommodaties voor sportbeoefening door kinderen in Nederland in 2014 en 2018 (in procenten) 100 80 60 40 20 0

2014

2018

Bron: Nationaal Sportonderzoek 2014 en 2018 (Mulier Instituut).

14

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

3.

Binnensport In dit hoofdstuk is het huidige aanbod en de (normatieve) behoefte aan binnensportaccommodaties in Leeuwarden uiteengezet. Binnensportruimte wordt gezien als de overdekte sportruimte die wordt benut voor de beoefening van meerdere zaalsporten en het geven van bewegingsonderwijs. De accommodaties zijn bijzonder door enerzijds het gebruik voor zowel sport en bewegingsonderwijs en anderzijds dat meerdere sporten gebruik kunnen maken van dezelfde sportvloer door middel van verschillende belijningen. Dat onderscheidt deze binnensportaccommodaties van andere overdekte sportaccommodaties, zoals danszalen, dojo’s en turnhallen. Deze overdekte sportaccommodaties kunnen alleen voor één tak van sport gebruikt worden. Kijkend naar multifunctionele overdekte sportaccommodaties kan een onderscheid gemaakt worden tussen drie typen. Deze indeling is gebaseerd op de oppervlakte van de sportvloer. Van groot naar klein wordt onderscheid gemaakt in sporthallen, sportzalen en gymzalen. In de gemeente Leeuwarden bevinden zich tien sporthallen en 39 gymzalen. In de gemeente zijn geen sportzalen. Hiernaast wordt, sinds november 2018, in het winterseizoen een blaashal geplaatst, met ruimte voor twee zaalhockeyvelden en een ruime oefenstrook. Omdat deze blaashal alleen voor hockey beschikbaar is, wordt deze niet als ‘sporthal’ in de analyse meegenomen.

Wel wordt deze blaashal in de context meegenomen, omdat deze in een deel van behoefte aan sportruimte voorziet.

3.1

Aanbod Sporthallen De standaard afmeting van een sportvloer in een sporthal is 44 bij 24 meter. Sporthallen bieden ruimte om zowel trainings- als competitievormen af te werken voor onder andere badminton, basketbal, volleybal, zaalhandbal, zaalhockey, zaalkorfbal, zaalvoetbal en sporten zonder belijning (bijvoorbeeld diverse vecht- en verdedigingsporten, gymnastiek, tafeltennis en turnen). In Leeuwarden staan tien sporthallen, waarvan zeven in eigendom van de gemeente. Vier sporthallen beschikken over twee scheidingswanden. Door de aanwezigheid van twee scheidingswanden kunnen de sporthallen opgedeeld worden in drie zaaldelen. Dit biedt de mogelijkheid om meerdere groepen bewegingsonderwijs te geven of meerdere sporten tegelijk in de hal te beoefenen. De andere sporthallen beschikken allemaal over één scheidingswand, waardoor de sporthallen opgedeeld kunnen worden in een derde deel en twee derde deel (tabel 3.1). Tabel 3.1 Sporthallen in gemeente Leeuwarden in 2019 (afmetingen in meters) Gebied

Accommodatie

West

Rengershal

48

26

7

2

Zuidwest

Julianalaan

48

26,5

7

2

Nijlân Noordoost Noord

44

22

7

2

48,5

26

7

2

Kalverdijkje - Schieringen

48,5

26

8

1

48

28

7

1

42

28

7

1

48,5

26

7

1

?

?

7

?

44

30

7

1

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

15

It Gryn - Bordinehal Wiarda Aldlân

Dorpen

Hoogte Aantal scheidingswanden

Kalverdijkje - Egelantier

It Gryn - Iehal Zuidoost

Lengte Breedte

De Twine

Gymzalen In Leeuwarden staan 39 gymzalen, waarvan 30 in eigendom van de gemeente (kaart 3.1). De gymzalen hebben een afmeting van 21 bij 11 meter. In bijlage 2 zijn de gymzalen in Leeuwarden per gebied weergeven. Kaart 3.1 Binnensportaccommodaties in gemeente Leeuwarden in 2019

Sporthallen 1) De Twine 2) Kalverdijkje - Egelantier 3) It Gryn – Bordinehal 4) It Gryn – Iehal 5) Julianalaan 6) Nijlân 7) Rengershal 8) Kalverdijkje - Schieringen 9) Wiarda 10) Aldlân Gymzalen 11) Brandemeer 12) Correllistraat 13) De Princenhof 14) De Wester 15) Dr. Algraschool 16) Drachtsterweg 17) Glinswei 18) Grou 19) Floris Versterstraat 20) Jirnsum 21) Johan de Walestraat 22) Larixstraat 23) Lekkum 24) Mantgum 25) Menno van Coehoorn 26) MFC Mozaik 27) Obs de Weide 28) Reduzum 29) Rengers I 30) Rengers II 31) Techum 32) Vossenburcht 33) Warten 34) Wergea 35) Wielen I 36) Wielen II 37) Willem Alexanderschool 38) Wollegaastdam 39) Zuiderburen 40) Cornelis Trooststraat 41) Buurthuis Cornjum 42) Dorpshuis de Kampioen - Hijum 43) Piter Jelles 1 44) Piter Jelles 2 45) Prins Mauritsschool 46) Haydnstraat, It Twaluk 47) Dorpshuis Ien en Mien 48) Dorpshuis de Gôlle 49) Dorpshuis de Twirre. Kaartvervaardiging: Mulier Instituut.

Vergelijking DSA De Database Sportaanbod (DSA) omvat alle geregistreerde sportaccommodaties in Nederland (ruim 22.000). Nederland telt volgens de DSA 4.484 gymzalen, 691 sportzalen en 1.547 sporthallen in 2019. Dit komt neer op een gemiddelde van 15,2 zaalsporteenheden per 25.000 inwoners. Hierbij is

16

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

een gymzaal één zaalsporteenheid, een sportzaal telt voor twee zaalsporteenheden en een sporthal telt voor drie zaalsporteenheden. De sporthallen en gymzalen in Leeuwarden zijn samen goed voor 69 zaalsporteenheden 6. Het totale aanbod aan binnensportruimte in Leeuwarden is daarmee iets lager dan het Nederlands gemiddelde (tabel 3.2). Het aanbod in Leeuwarden is in vergelijking tot vergelijkbare gemeenten 7 in totaal iets minder ruim. Dit verschil wordt veroorzaakt door het aantal sportzalen en gymzalen. Het aantal sporthallen is per 25.000 inwoners iets meer dan in vergelijkbare gemeenten. De gemeente Leeuwarden kenmerkt zich door een grote stedelijke kern (Leeuwarden) en een groot buitengebied met verspreide dorpen. De vergelijking met andere grote gemeenten (die soms overwegend stedelijk gebied hebben) moet in dit licht worden bezien. Tabel 3.2 Benchmark aanbod binnensportruimte gemeente Leeuwarden in 2019 Sporthallen

Sportzalen

Gymzalen

Zaalsporteenheden

Absoluut

Per 25.000 inwoners

Absoluut

Per 25.000 inwoners

Absoluut

Per 25.000 inwoners

Absoluut

Per 25.000 inwoners

Gemeente Leeuwarden

10

2,0

0

0,0

39 7,9

69

14,0

VSG-regio Fryslân

79

3,1

38

1,5

209 8,1

522

20,2

Vergelijkbare gemeenten

46

1,7

23

0,8

247 9,0

431

15,7

1.547

2,2

691

1,0

4.484 6,5

10.507

15,2

Nederland

Bron: Databestand Sportaanbod (DSA), 2019. Bewerking: Mulier Instituut.

3.2

Ruimtelijke spreiding Inwoners De inwoners van Leeuwarden moeten gemiddeld 1,8 kilometer afleggen naar de dichtstbijzijnde sporthal. Dit ligt iets hoger dan het landelijke gemiddelde van 1,6 kilometer. In Nederlandse gemeenten van 85.000 – 200.000 inwoners hoeven inwoners gemiddeld 400 meter minder ver te reizen naar de dichtstbijzijnde sporthal dan in Leeuwarden. Voor inwoners uit de wijken Dorpen Zuid-Oost en Dorpen Zuid-West is de gemiddelde reisafstand naar een sporthal in Leeuwarden fors groter (gebied Dorpen). Zoals kaart 3.1 laat zien, liggen in (de buurt van) deze wijken geen sporthallen. In gemeenten omliggend aan deze wijken liggen wel sporthallen. Dit zou kunnen betekenen dat de reisafstand naar een sporthal in een omliggende gemeente korter is dan naar een sporthal binnen de gemeente Leeuwarden.

6

Tien sporthallen (30 zaaldelen) en 39 gymzalen (39 zaaldelen).

7

Vergelijkbare gemeenten qua aantal inwoners en stedelijkheid: Alkmaar, Alphen aan den Rijn, Ede, Maastricht, Venlo, Zwolle.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

17

Als er gekeken wordt naar zowel sporthallen als gymzalen dan neemt de gemiddelde reisafstand met één kilometer af. Vooral voor de inwoners in Dorpen Zuid-Oost en Dorpen Zuid-West neemt de gemiddelde afstand fors af. Dit komt doordat zich in deze wijken geen sporthallen bevinden, maar wel gymzalen. Tabel 3.3. laat de gemiddelde reisafstand van inwoners naar binnensportaccommodaties in Leeuwarden zien. Tabel 3.3 Gemiddelde reisafstand inwoners-binnensportaccommodatie in 2019, per gebied (in kilometers, gemeten over de weg) Gebied

Sporthal

Sporthal- of gymzaal

Centrum Oost

1,3

0,8

Oud Oost

1,4

0,8

West

1,5

0,6

Zuidwest

0,6

0,5

Noordoost

1,3

0,5

Noord

1,4

0,7

Zuidoost

1,8

0,7

Dorpen

4,6

1,2

Leeuwarden totaal

1,8

0,7

*Gemeenten met 85.000 - 200.000 inwoners

1,4

n.b.

*Nederland

1,6

n.b.

* Bron: Poel, H. van der, Wezenberg-Hoenderkamp, K. & Hoekman, R. (red) (2016). Sportaccommodaties in Nederland: Kaarten en kengetallen. Utrecht/Nieuwegein: Mulier Instituut/Arko Sports Media.

Ruim negentig procent van de inwoners van de gemeente Leeuwarden woont binnen drie kilometer8 van een sporthal in de gemeente. Sporthallen en gymzalen liggen voor 99 procent van de inwoners van de gemeente Leeuwarden binnen drie kilometer van hun woning (tabel 3.4). Meer dan driekwart van de inwoners woont binnen één kilometer van een sporthal of gymzaal in de gemeente. Tabel 3.4 Inwoners Leeuwarden binnen 1, 2 en 3 kilometer van een sporthal of gymzaal in de gemeente in 2019 (in procenten) Sporthal

Sporthal- of gymzaal

Percentage inwoners binnen 1 kilometer

28

79

Percentage inwoners binnen 2 kilometer

80

98

Percentage inwoners binnen 3 kilometer

91

99

Onderwijs Van de 56 bassischolen in Leeuwarden hebben 47 scholen binnen één kilometer van de school een binnensportaccommodatie liggen. Van twee basisscholen ligt de dichtstbijzijnde binnensportaccommodatie verder dan 3,5 kilometer (bijlage 2). Volgens de verordening van de gemeente heeft een school voor (speciaal) basisonderwijs die tenminste 20 klokuren

8

18

Drie kilometer wordt als de afstand beschouwd die men bereid is af te leggen voor sportbeoefening (Poel, H. van der, Wezenberg-Hoenderkamp, K. & Hoekman, R. (red) (2016). Sportaccommodaties in Nederland: Kaarten en kengetallen. Utrecht/Nieuwegein: Mulier Instituut/Arko Sports Media).

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

bewegingsonderwijs geeft, recht op een binnensportaccommodatie binnen één kilometer. Voor 15 klokuren geldt een afstand van 3,5 kilometer en voor 5 klokuren een afstand van 7,5 kilometer9. Als we kijken naar de afstand tot binnensportaccommodaties en het aantal klokuren bewegingsonderwijs gegeven door de school, voldoen alle scholen in theorie aan de verordening van de gemeente10. Vooral een aantal scholen in de wijken Dorpen Zuid-Oost en Dorpen Zuid-West hebben een grotere afstand tot binnensportaccommodaties dan scholen in andere wijken. Zoals kaart 3.1 liet zien zijn in deze wijken ook relatief weinig binnensportaccommodaties te vinden. Alle locaties voor voortgezet onderwijs in Leeuwarden hebben een binnensportaccommodatie binnen één kilometer liggen. Daarmee wordt voor alle scholen voldaan aan de verordening, waarin staat dat een school voor voortgezet onderwijs binnen 3 kilometer een binnensportaccommodatie moet hebben (tabel 3.5). Alle scholen voor speciaal (basis) onderwijs hebben een binnensportaccommodatie binnen één kilometer liggen. Dit betekent dat al deze scholen voldoen aan de verordening (tabel 3.6). Tabel 3.5 Afstanden van VO-locaties Leeuwarden tot dichtstbijzijnde binnensportaccommodatie in 2019 (in kilometers) Wijk

School

Locatie

Afstand

Aldlân & De Hemrik

Piter Jelles

Aldlân

0,0

Piter Jelles

ISK Hempenserweg

0,3

Binnenstad

Piter Jelles

Noorderweg

0,7

Camminghaburen e.o.

Piter Jelles

ISK Melkemastate

0,6

Grou e.o.

Sevenwolden

OSG Sevenwolden Grou

0,2

Heechterp & Schieringen

Comenius

Esdoornstraat

0,4

Comenius

Klein Marienburg

0,3

Piter Jelles

De Brêge

0,2

Piter Jelles

De Dyk

0,2

Huizum-West

Beyers Naude

Beyers Naude

0,7

Nijlân & De Zwette

Gomarus College

Gomarus College

0,2

Piter Jelles

Ynsicht

0,0

Oud-Oost

Comenius

Zamenhofpark

0,1

Potmargezone

Comenius

Forum

0,2

Comenius

Marienburg

0,9

Comenius

Marienburg Accademie

0,9

Piter Jelles

Impulse

0,3

Piter Jelles

Montessori

0,3

Westeinde e.o.

9

Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Leeuwarden 2018.

10

Er is niet gekeken of er door scholen daadwerkelijk in de dichtstbijzijnde binnensportaccommodatie bewegingsonderwijs wordt gegeven.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

19

Tabel 3.6 Afstanden van S(B)O-locaties Leeuwarden tot dichtstbijzijnde binnensportaccommodatie in 2019 (in kilometers)

3.3

Wijk

School

Bilgaard & Havankpark e.o.

Aquamarijn(v/h it Twaspan SBO)

Afstand 0,2

Heechterp & Schieringen

Caleidoscoop LZ

0,9

Huizum-West

Monoliet

0,0

Sonnenborgh e.o.

De Trilker SBO

0,0

it Twaluk SO ZMLK

0,0

it Twaluk VSO ZMLK

0,0

Behoefte (Georganiseerde) binnensport De normatieve behoefte aan sporthallen voor de georganiseerde binnensport wordt aan de hand van draagvlakcijfers uit de Planologische Kengetallen11 berekend. De draagvlakcijfers houden rekening met de omvang van de bevolking om het aantal benodigde sporthallen te bepalen. De normatieve behoefte wordt weergegeven in een bandbreedte, met een minimale en maximale behoefte. Welke behoefte van toepassing is, is afhankelijk van (onder andere) de lokale sportdeelname en het aanbod aan overige (overdekte) sportaccommodaties. Leeuwarden In de gemeente Leeuwarden bestaat in 2019 voor de (georganiseerde) binnensport een behoefte aan tussen de zes en acht sporthallen en tussen de tien en dertien sportzalen. Het aantal sporthallen in de gemeente is daarmee hoger dan de normatieve behoefte. Het aantal sporthallen is echter niet voldoende om het tekort aan sportzalen te compenseren. De totale behoefte ligt namelijk tussen de 38 en 49 zaaldelen, terwijl in de gemeente 30 zaaldelen beschikbaar zijn uitgaande van de sporthallen. Dit betekent dat in de huidige situatie een normatief tekort is aan zaaldelen voor de (georganiseerde) binnensport (tabel 3.7). Door de verwachte lichte groei van de bevolking in Leeuwarden tot 2035 neemt het normatieve tekort aan binnensportaccommodaties voor de (georganiseerde) binnensport in deze periode met twee zaaldelen toe.

In het aanbod is hierbij uitgegaan van de huidige situatie, omdat er geen vastgestelde plannen zijn voor het realiseren van nieuwe sporthallen of -zalen.

11

20

De Planologische Kengetallen (2002) betreft een bundel van vier delen met kengetallen die betrekking hebben op de planologie die is uitgegeven door Kluwer.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Tabel 3.7 Vraag-aanbodanalyse sporthallen en sportzalen gemeente Leeuwarden in 2019, 2025 en 2035 (o.b.v. Planologische Kengetallen) Behoefte Type

Overschot (+)/tekort (-)

Aanbod

Min.

Max.

Min.

Max.

2019

10

6 (6,2)

8 (8,2)

4

2

2025

10

7 (6,3)

9 (8,4)

3

1

2035

10

7 (6,4)

9 (8,5)

3

1

2019

0

10 (9,8)

13 (12,3)

-10

-13

2025

0

10 (10,1)

13 (12,6)

-10

-13

2035

0

10 (10,2)

13 (12,8)

-10

-13

2019

30

38 (38,2)

49 (49,2)

-8

-19

2025

30

39 (39,0)

51 (50,3)

-9

-21

2035

30

40 (39,6)

51 (51,0)

-10

-21

Sporthallen (3 zaaldelen)*

Sportzalen (2 zaaldelen)

Zaaldelen

* Doordat niet alle sporthallen in Leeuwarden beschikken over twee scheidingswanden kunnen niet alle sporthallen in de praktijk opgedeeld worden in drie zaaldelen. In deze tabel wordt het uitgangspunt genomen dat o.b.v. de grootte van de sporthallen het in theorie mogelijk is om drie zaaldelen te creëren.

Gebieden Inwoners die in een bepaalde wijk wonen, maken niet per definitie gebruik van een sportaccommodatie die zich in dezelfde wijk (of gemeente) bevindt. Sporthallen hebben een verzorgingsgebied dat groter is dan de wijk of gemeente waarin ze staan. Om toch inzicht te geven in waar in de gemeente Leeuwarden behoefte aan binnensportaccommodaties bestaat en in de toekomst gaat bestaan, is de behoefte aan sporthallen en –zalen uitgesplitst naar gebied (tabel 3.8). De grootste tekorten doen zich in de huidige situatie voor in de gebieden Centrum Oost en Oud Oost, doordat hier geen sporthallen en -zalen zijn. Deze tekorten zullen tot 2035 blijven bestaan uitgaande van het huidige aanbod. Gebied Zuidoost (wijken Aldlân & de Hemrik, Goutum, Hempens/Teerns & Zuiderburen, De Zuidlanden en Middelsee) krijgt in de periode tot 2035 te maken met extra behoefte aan binnensportruimte, waardoor hier een tekort aan zaaldelen gaat ontstaan. Voor de overige gebieden veranderen de huidige tekorten of overschotten aan zaaldelen tot 2035 nauwelijks.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

21

Tabel 3.8 Vraag aanbod-analyse sporthallen en sportzalen gebieden gemeente Leeuwarden in 2019 en 2035 (o.b.v. Planologische Kengetallen) Sporthallen

Sportzalen

Behoefte

2019 2035

West

Zuidwest

Noordoost

Noord

Zuidoost

Dorpen

Max.

-

1 (0,7)

1 (0,9)

-

1 (0,7)

1 (0,9)

2019

-

1 (0,6)

2035

-

2019 2035

Behoefte

Min.

Max.

-

1 (1,1)

2 (1,4)

-

1 (1,1)

2 (1,4)

1 (0,8)

-

1 (1,0)

1 (0,6)

1 (0,8)

-

1

1 (0,8)

1 (1,1)

1

1 (0,8)

1 (1,0)

2019

2

1 (0,5)

2035

2

2019 2035

Aanbod

Centrum Oost

Oud Oost

Min.

Aanbod

Jaar

Aanbod

Gebied

Zaaldelen

Behoefte

Min.

Max.

-

5 (4,3)

6 (5,5)

-

4 (4,2)

6 (5,5)

1 (1,2)

-

4 (3,8)

5 (4,9)

1 (1,0)

1 (1,2)

-

4 (3,7)

5 (4,8)

-

2 (1,3)

2 (1,6)

3

5 (5,0)

7 (6,5)

-

2 (1,3)

2 (1,6)

3

5 (4,9)

7 (6,3)

1 (0,7)

-

1 (0,8)

1 (1,0)

6

3 (3,2)

4 (4,1)

1 (0,5)

1 (0,7)

-

1 (0,8)

1 (1,0)

6

3 (3,0)

4 (3,9)

2

1 (0,7)

1 (1,0)

-

1 (1,1)

2 (1,4)

6

5 (4,4)

6 (5,7)

2

1 (0,7)

1 (0,9)

-

1 (1,1)

2 (1,4)

6

4 (4,2)

6 (5,5)

2019

2

1 (1,1)

2 (1,5)

-

2 (1,7)

2 (2,2)

6

7 (6,8)

9 (8,7)

2035

2

1 (1,0)

2 (1,4)

-

2 (1,7)

2 (2,1)

6

7 (6,5)

9 (8,4)

2019

2

1 (0,9)

1 (1,2)

-

2 (1,5)

2 (1,8)

6

6 (5,7)

8 (7,3)

2035

2

2 (1,3)

2 (1,8)

-

2 (2,1)

3 (2,7)

6

9 (8,3) 11 (10,7)

2019

1

1 (0,8)

1 (1,1)

-

2 (1,3)

2 (1,6)

3

5 (5,0)

7 (6,5)

2035

1

1 (0,8)

1 (1,0)

-

1 (1,2)

2 (1,5)

3

5 (4,7)

6 (6,0)

Onderwijs De behoefte aan gymzalen komt voort uit de verordening voorzieningen huisvesting onderwijs van de gemeente. Het bewegingsonderwijs is een verplicht vak in het (speciaal) basisonderwijs en (speciaal) voortgezet onderwijs. Bij het huidige gebrek aan landelijke wettelijke normen, zijn scholen echter vrij om meer of minder bewegingsonderwijs te geven dan waar zij volgens de gemeentelijke verordening aanspraak op kunnen maken. In februari 2020 is het amendement aangenomen om in de wet een urennorm voor twee uur bewegingsonderwijs in het basisonderwijs vast te leggen vanaf schooljaar 2023/’24. De uitwerking van dit amendement is nog onzeker, maar de Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) gaat er van uit dat de scholen verplicht worden om minimaal twee lesuren (2 x 45 minuten) bewegingsonderwijs voor de groepen drie tot en met acht in het reguliere basisonderwijs te verzorgen 12. Landelijk gaf 23 procent van de basisscholen in 2016-2017 per week één lesuur bewegingsonderwijs aan de groepen drie tot en met

12

22

https://www.kvlo.nl/nieuws/berichten/toelichting-amendement-heeremavan-nispenop-het-aantal-e298urene299-bewegingsonderwijs2c-accommodaties-en-groepen-inhet-po.html.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

acht13. Er is niet bekend hoeveel lesuren de scholen in Leeuwarden in de huidige situatie bewegingsonderwijs verzorgen. Het is echter aannemelijk dat ook in Leeuwarden scholen meer bewegingsonderwijs zullen moeten gaan verzorgen. De scholen voor het primair onderwijs in Leeuwarden hebben in totaal 544 klokuren bij de gemeente aangevraagd om wekelijks tijdens het schooljaar 2018/’19 bewegingsonderwijs in een (gemeentelijke) binnensportruimte te laten plaatsvinden (tabel 3.9). Uitgaande van een capaciteit van 26 klokuren per zaaldeel14, zijn voor het basisonderwijs in 2019 minimaal 23 zaaldelen nodig. Voor het speciaal basisonderwijs is de behoefte aan zaaldelen voor bewegingsonderwijs drie zaaldelen in 2019. De norm voor het bewegingsonderwijs is in het voortgezet onderwijs ruimer dan in de andere typen onderwijs (34 klokuren per zaaldeel). In 2019 hebben de VO-scholen bij elkaar behoefte aan achttien zaaldelen. In totaal hebben de scholen (excl. (V)SO) in de gemeente Leeuwarden in 2019 behoefte aan 44 zaaldelen voor bewegingsonderwijs. Met een aanbod van 69 zaaldelen wordt daar in theorie aan voldaan. Hierbij wordt geen rekening gehouden met de spreiding van het aanbod (paragraaf 3.2). De binnensportaccommodaties worden naast de scholen voor primair en voortgezet onderwijs ook gebruikt voor onderwijsdoeleinden voor enkele instellingen voor HBO, MBO en ROC.

Het aandeel van dit gebruik in het totale onderwijsgebruik is gering (ca 5% voor de gemeentelijke accommodaties). Tabel 3.9 Benodigd aantal zaaldelen t.b.v. bewegingsonderwijs gemeente Leeuwarden in 2019 Type

Klokuren

Benodigde zaaldelen

Basisonderwijs

544

23

Speciaal basisonderwijs

56

3

(V)SO

n.b.

n.b.

*296 (x2)

18

1.192

44

Voortgezet onderwijs Totaal (exclusief (V)SO)

Aanbod

69

* Dit (296 uur) zijn alleen de klokuren die door de gemeente worden gefaciliteerd. Het betreft 50 procent van de leerlingen. De overige 50 procent van de leerlingen krijgt binnenschools bewegingsonderwijs. We nemen aan dat de overige leerlingen evenveel klokuren nodig hebben.

De komende jaren zal het aantal leerlingen in het (speciaal) basisonderwijs nagenoeg gelijk blijven, maar het aantal leerlingen in het voortgezet toenemen (+7,6%). De twee lesuren bewegingsonderwijs die voor het primair onderwijs verplicht worden, zullen zorgen voor een extra behoefte aan binnensportruimte. Ter indicatie, wanneer nu een kwart van de leerlingen één lesuur bewegingsonderwijs krijgt, betekent dit een behoefte aan drie extra zaaldelen wanneer het aantal lesuren naar twee wordt verhoogd. De toename van het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs zal, bij een gelijkblijvend aantal klokuren bewegingsonderwijs, gemeentebreed leiden tot

13

Slot-Heijs, J.J. & Lucassen, J.M.H. (2019). Bewegingsonderwijs in primair onderwijs 2017. Utrecht: Mulier Instituut.

14

De capaciteit van een lokaal bewegingsonderwijs bedraagt 26 klokuren voor het basisonderwijs en 34 klokuren voor het (speciaal) voortgezet onderwijs

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

23

een extra ruimtebehoefte van één zaaldeel. Gezien het aantal zaaldelen in de gemeente, is er ook in de toekomst theoretisch voldoende ruimte voor bewegingsonderwijs binnen de gemeente.

3.4

Gebruik Naast de behoefte op basis van de kengetallen uit de vorige paragraaf is ook het daadwerkelijke gebruik van de accommodaties geanalyseerd. Van tien sporthallen, 33 gymzalen, en één hockeyhal zijn hiervoor de verhuuroverzichten over het jaar 2018 door de gemeente aangeleverd. In deze paragraaf wordt gekeken naar het gebruik van deze binnensportaccommodaties. Jaargebruik De behoefte aan binnensportruimte verschilt doorgaans per dag en per tijdsblok. Tussen 08:00 uur en 16:00 uur vindt doordeweeks het meeste bewegingsonderwijs plaats. Na 16:00 zijn de ruimtes tot 23:00 uur veelal beschikbaar voor de (georganiseerde) binnensport, waarbij de uren tussen 19:00 uur en 21:00 uur het meest gewild zijn bij de verenigingen. In het weekend vinden tussen 09:00 uur en 21:00 uur de zaalcompetities of andere activiteiten plaats. In tabel 3.10. en tabel 3.11. staat het totale jaargebruik in gewogen uren 15 van de sporthallen en gymzalen naar doeleinde in 2018. Het werken met gewogen uren betekent dat wanneer dertig uur een derde van een sporthal wordt verhuurd (door het gebruik van een scheidingswand), deze voor tien uur in de tabel meetelt. De sporthallen Julianalaan, Rengers en Bordinehal hebben relatief een groot aandeel uren dat de sporthal niet in zijn geheel wordt verhuurd. De sporthallen zijn gemiddeld 35 procent16 van de tijd in gebruik (o.b.v.

365 dagen per jaar, 15 uur per dag). De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en NOC*NSF hebben een richtlijn voor de bouw en exploitatie van sporthallen op basis van het jaargebruik in uren. De VNG adviseert dat voor de bouw en exploitatie van een sporthal een totale minimale behoefte van 1.600 uur per jaar moet bestaan. NOC*NSF adviseert een minimale behoefte van 1.400 uur per jaar voor sportgebruik. In Leeuwarden voldoen zes sporthallen aan de VNG-richtlijn. Eén sporthal voldoet ook aan de NOC*NSF richtlijn.

24

15

Het gewogen aantal bezette uren is het aantal bezette uren gecorrigeerd met een deelfactor. Dit betekent dat als de helft van een sporthal bezet is deze uren voor de helft meegenomen worden in het totaal aantal bezette uren.

16

De jaarbezetting van sporthal Aldlân is buiten beschouwing gelaten, omdat de gebruiksuren bewegingsonderwijs niet bekend zijn.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Tabel 3.10 Jaargebruik sporthallen Leeuwarden in 2018 (in gewogen uren en procenten) VNG-richtlijn Accommodatie

Sport en overig Onderwijs Totaal Jaarbezetting

NOC*NSF

(≥ 1.600 uur

(≥ 1.400

totaal)

uur sport)

-

-

Sporthallen Aldlân*

271

n.b.

Bordinehal

1.299

212

1.511

28%

Voldoet niet Voldoet niet

De Twine

1.174

160

1.334

24%

Voldoet niet Voldoet niet

Iehal

1.243

428

1.671

31%

Voldoet Voldoet niet

610

1.129

1.739

32%

Voldoet Voldoet niet

KD 1 Schieringen

1.799

1.034

2.834

52%

Voldoet

KD 2 Egelantier

1.227

1.240

2.467

45%

Voldoet Voldoet niet

Julianalaan

Voldoet

Nijlân

776

579

1.355

25%

Voldoet niet Voldoet niet

Rengers

1.136

1.556

2.692

49%

Voldoet Voldoet niet

Wiarda

1.197

443

1.640

30%

Voldoet Voldoet niet

* Gebruiksuren bewegingsonderwijs zijn niet bekend. De jaarbezetting kan hierdoor niet worden berekend.

De gymzalen zijn 24 procent17 van de tijd in gebruik, waarbij een groot verschil tussen de gymzalen te zien is. De jaarbezetting varieert tussen de tien en veertig procent, waarbij het verenigingsgebruik in sommige gymzalen minimaal is.

17

De jaarbezetting van Piter Jelles Aldlân 1, Piter Jelles Aldlân 2 en Wollegaastdam zijn buiten beschouwing gelaten, omdat de gebruiksuren bewegingsonderwijs niet (allemaal) bekend zijn.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

25

Tabel 3.11 Jaargebruik gymzalen en hockeyhal Leeuwarden in 2018 (in uren en procenten) Accommodatie

Sport en overig

Onderwijs

Totaal

Jaarbezetting

Gymzalen Brandemeer

384

534

918

17%

C. Trooststraat

29

1.506

1.535

28%

Coornhertstraat

708

883

1.590

29%

Correllistraat

512

1.100

1.612

29%

Drachtsterweg

602

495

1.098

20%

Droppingstraat

217

778

995

18%

Floris Versterstraat

151

1.150

1.301

24%

Galemastins

964

443

1.408

26%

Glinswei

-

808

808

15%

1.122

995

2.117

39%

Idzerdastins

451

896

1.348

25%

Jirnsum

415

527

942

17%

Johan de Walestraat

41

992

1.033

19%

Keizerskroon

457

760

1.217

22%

Kingmastate

1.158

950

2.108

38%

Larixstraat

436

1.049

1.485

27%

Lekkum

71

974

1.045

19%

Mantgum

350

212

562

10%

Menno V Coehoorn

232

946

1.178

22%

Molkenkelder

310

1.070

1.380

25%

Pikemar

918

845

1.763

32%

Piter Jelles Aldlân 1*

26

n.b.

Grou

Piter Jelles Aldlân 2*

39

n.b.

Prinsessenweg

273

1.035

1.308

24%

Raaigras

947

414

1.361

25%

Reduzum

286

499

785

14%

Rengers 1

1.143

814

1.957

36%

Rengers 2

1.201

982

2.183

40%

Telemannstraat

199

971

1.170

21%

Vivaldistraat

18

1.392

1.410

26%

Warten

213

400

613

11%

Wergea

1.049

276

1.325

24%

382

28

42

-

Wollegaastdam* Hockeyhal Hockeyhal MHCL 1**

* Gebruiksuren bewegingsonderwijs zijn niet (geheel) bekend. De jaarbezetting kan hierdoor niet

worden berekend. ** De hockeyhal is pas op 8 december 2018 in gebruik genomen.

26

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Bezetting Sportverenigingen en scholen maken niet het hele jaar gebruik van de binnensportaccommodaties. In dit deel wordt naar de bezetting gekeken waarbij de reguliere vakanties (voorjaars-, mei-, zomer-, herfst-, kerstvakantie) en feestdagen buiten beschouwing worden gelaten. In de resterende 40 weken vinden de (meeste) activiteiten van de sportverenigingen en het bewegingsonderwijs voor scholen plaats. Deze 40 weken zijn opgedeeld in het reguliere seizoen, dat plaatsvindt van maart tot en met oktober, en het winterseizoen, dat plaatsvindt van november tot en met februari. In figuur 3.1 is de gemiddelde doordeweekse bezetting van de sporthallen in Leeuwarden weergegeven voor verschillende tijdsblokken, zowel in het reguliere als het winterseizoen. De sporthallen in Leeuwarden zijn doordeweeks overdag (08:00-16:00) tijdens het reguliere seizoen gemiddeld voor 37 procent van de tijd in gebruik. In het winterseizoen zijn de sporthallen drukker bezet dan in het reguliere seizoen. De doordeweekse bezetting overdag is in het winterseizoen 48 procent18. In de namiddag en avond (16:00-23:00) is de bezetting van de sporthallen zowel in het reguliere seizoen (39%) als in het winterseizoen (67%) hoger dan overdag. Tussen 19:00-21:00 is de gemiddelde bezetting van de sporthallen het hoogst.

Tijdens het reguliere seizoen zijn de sporthallen dan gemiddeld voor 59 procent bezet en in het winterseizoen voor 95 procent.

18

Bij de gemiddelde bezetting van sporthallen overdag is sporthal Aldlân niet in meegenomen.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

27

19:00-21:00

16:00-23:00

08:00-16:00

Figuur 3.1 Gemiddelde doordeweekse bezetting sporthallen Leeuwarden naar tijdsblok en seizoen in 201819,20 (in procenten) Aldlân Bordinehal De Twine Iehal Julianalaan KD 1 Schieringen KD 2 Egelantier Nijlân Rengers Wiarda Gemiddelde Leeuwarden* Vergelijkbare gemeenten Aldlân Bordinehal De Twine Iehal Julianalaan KD 1 Schieringen KD 2 Egelantier Nijlân Rengers Wiarda Gemiddelde Leeuwarden** Vergelijkbare gemeenten Aldlân Bordinehal De Twine Iehal Julianalaan KD 1 Schieringen KD 2 Egelantier Nijlân Rengers Wiarda Gemiddelde Leeuwarden** Vergelijkbare gemeenten 0%

20%

40%

Reguliere seizoen

60%

80%

100%

120%

Winterseizoen

* Gemiddelde exclusief sporthal Aldlân, omdat onderwijsgebruik (overdag) niet bekend is. ** Gemiddelde inclusief sporthal Aldlân. Noot: vergelijkbare gemeenten zijn Apeldoorn, Nijmegen, Zoetermeer en Zwolle.

28

19

In de verhuuroverzichten is soms sprake van een ‘dubbele boeking’, waar bij vereniging bijvoorbeeld van 13:00-14:15 huurt en van 14:00 – 15:00. Dit heeft tot gevolg dat percentages tot (iets) boven de honderd procent kunnen uitkomen.

20

Voor sporthal Aldlân zijn de gebruiksuren bewegingsonderwijs niet bekend, wat voornamelijk tussen 08:00-16:00 uur plaatsvindt. Daarom is de bezetting van deze sporthal tussen 08:00-16:00 uur niet meegenomen in het gemiddelde van de gemeente Leeuwarden.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

Op zaterdagen (9:00-18:00) zijn de sporthallen in het reguliere seizoen gemiddeld voor 20 procent van de tijd in gebruik (figuur 3.2). In het winterseizoen zijn de sporthallen gemiddeld voor 52 procent van de tijd bezet. Op zondagen (9:00-18:00) is de gemiddelde bezettingsgraad een stuk lager dan op zaterdag met in het reguliere seizoen 7 procent en in het winterseizoen 25 procent. Sporthal Aldlân wordt in het weekend niet gebruikt uitgaande van de verhuuroverzichten.

Zondag

Zaterdag

Figuur 3.2 Gemiddelde bezetting op weekenddagen tussen 9:00 en 18:00 sporthallen Leeuwarden naar seizoen in 2018 (in procenten) Aldlân Bordinehal De Twine Iehal Julianalaan KD 1 Schieringen KD 2 Egelantier Nijlân Rengers Wiarda Gemiddelde Leeuwarden* Vergelijkbare gemeenten Aldlân Bordinehal De Twine Iehal Julianalaan KD 1 Schieringen KD 2 Egelantier Nijlân Rengers Wiarda Gemiddelde Leeuwarden* Vergelijkbare gemeenten 0%

20%

Reguliere seizoen

40%

60%

80%

100%

Winterseizoen

* Gemiddelde inclusief sporthal Aldlân.

In tabel 3.12 is de gemiddelde bezetting van de gymzalen in Leeuwarden weergegeven 21. De meeste gymzalen worden voornamelijk gebruikt voor bewegingsonderwijs. De bezettingsgraad ligt doordeweeks een stuk hoger dan in het weekend. De hoogste gemiddelde bezetting van de gymzalen is overdag tussen 08:00-16:00. In het reguliere seizoen zijn de gymzalen tussen deze tijden voor 48 procent bezet en in het winterseizoen voor 50 procent. In de namiddag en avonduren ligt de bezettingsgraad lager. De gymzalen worden dan in het reguliere seizoen voor 21 procent van de tijd bezet en in het winterseizoen voor 25 procent van de tijd. In het weekend staan veel van de gymzalen leeg. In het reguliere seizoen worden op weekenddagen in totaal zeventien van de 33 gymzalen gebruikt. Dit zorgt voor een gemiddelde bezetting van 3 procent (reguliere seizoen) en 6 procent (winterseizoen) op de zaterdagen en minder dan een half procent (reguliere seizoen) en 1 procent (winterseizoen) op de zondagen.

21

In bijlage 2 zijn tabellen opgenomen met de bezetting per gymzaal en per tijdvak.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

29

Tabel 3.12 Gemiddelde bezetting gymzalen Leeuwarden naar tijdsblok, weekdeel en seizoen in 2018 (in procenten) Gemeente Leeuwarden*

Vergelijkbare gemeenten

Reguliere seizoen

Winterseizoen

Reguliere seizoen Winterseizoen

08:00-16:00

44

47

60

62

16:00-23:00

21

25

37

42

19:00-21:00

33

40

58

66

Zaterdag (09:00-18:00)

3

6

20

23

Zondag (09:00-18:00)

0

1

5

7

Doordeweeks

Weekenddagen

*Gemiddelde exclusief Pitter Jelles Aldlân 1, Piter Jelles Aldlân 2 en Wollegaastdam.

30

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

4.

Buitensport In dit hoofdstuk beschrijven we het huidige aanbod en de huidige en toekomstige behoefte aan sportaccommodaties voor de buitensport. Aan de hand van algemeen geaccepteerde richtlijnen of planningsnormen wordt de behoefte vanuit de georganiseerde buitensport bepaald. De volgende uitgangspunten zijn gebruikt bij de in dit hoofdstuk gepresenteerde ruimtebehoefte van de sportverenigingen: ▪ De veldbehoefte van de hockeyverenigingen is bepaald door het toepassen van de richtlijn van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond (KNHB), zoals deze op februari 2020 op de website van de KNHB staat vermeld. Deze richtlijn sluit beter aan bij de werkelijke veldbehoefte van hockeyverenigingen, waar de richtlijn in het Handboek Sportaccommodaties verouderd is. ▪ De ruimtebehoefte van de korfbal- en honk- en softbalverenigingen is bepaald door het toepassen van de richtlijnen die zijn vastgesteld door de VNG, de desbetreffende sportbond en NOC*NSF. Deze richtlijnen zijn te raadplegen in het Handboek Sportaccommodaties. ▪ De veldbehoefte van de voetbalverenigingen is bepaald door het toepassen van de richtlijn van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB), zoals deze op 1 februari 2020 op de website van de KNVB staat vermeld.

Deze richtlijn sluit aan bij de met ingang van het seizoen 2017/’18 nieuwe competitievormen, waar de richtlijn in het Handboek Sportaccommodaties verouderd is. ▪ Voor de overige buitensporten zijn verwachte ontwikkelingen beschreven aan de hand van recente ontwikkelingen bij de betreffende sportbonden. ▪ De gepresenteerde ruimtebehoefte van de verenigingen betreft de behoefte van de leden/teams ingeschreven bij de desbetreffende sportbond. In de ruimtebehoefte wordt geen rekening gehouden met het eventuele nevengebruik van de banen en velden door de verenigingen zelf (zoals trainingsteams of interne competities) of door externen (zoals onderwijsgebruik). ▪ Het aantal teams of leden van de hockey- en voetbalverenigingen zijn aangeleverd door de KNHB en de KNVB. De gegevens van de overige verenigingen zijn van de websites van de betreffende verenigingen afkomstig. ▪ Uit de gepresenteerde ruimtebehoefte kan geconcludeerd worden of het aantal velden van een vereniging conform de huidige behoefte is. Verenigingen kunnen een ledenstop of wachtlijst hanteren, omdat het aantal banen of velden geen extra leden of teams toelaat. ▪ De verwachte ruimtebehoefte in 2025 en 2035 is geraamd door het toepassen van de bevolkingsprognoses van de gemeente Leeuwarden en door trendextrapolatie van de ledenontwikkeling van de sportbonden of de verenigingen (voor hockey en voetbal).

De bevolkingsprognose van de gemeente Leeuwarden en de ledenontwikkelingen van de sportbonden zijn in hoofdstuk 2 besproken. De ontwikkelingen bij de hockey- en voetbalverenigingen zijn bij de betreffende paragrafen opgenomen. Sportparken in de gemeente Leeuwarden In de gemeente Leeuwarden liggen 24 sportparken waar één of meerdere sportverenigingen actief zijn (tabel 4.1). Ondanks dat de sportparken goed verspreid over de gemeente liggen, bevinden zich in elf wijken geen sportpark (kaart 4.1). Kijkend op gebiedsniveau betekent dit dat alleen Oud Oost

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

31

niet over een sportpark beschikt22. Hiernaast beschikt de gemeente Leeuwarden over sportveld Hempens en sportveld Warten. Sportveld Hempens wordt door korfbalvereniging Wêz Warber/Fluch uit Goutum gebruikt in geval van grote drukte. Sportveld Warten werd voorheen door KV Sparta (opgegaan in korfbalvereniging K.V. Mid Fryslân) gebruikt. Het veld wordt nu voor dorps- en algemene sportactiviteiten gebruikt. Tabel 4.1 Buitensportparken in de gemeente Leeuwarden in 2019 Gebied Sportpark Centrum Oost 1 Aldlân

Sport Rugby

Vereniging Greate Pier

West

2 Magere Weide

Voetbal

LAC Frisia 1883

Zuidwest

3 Nijlân

Atletiek Kaatsen Korfbal Voetbal

Lionitas Onderling Genoegen Pallas '08 C.S.V. de Leeuwarder Zwaluwen L.V.V. Friesland R.K.V.V. M.K.V. '29

Noordoost

4 Kalverdijkje Zuid

Hockey Voetbal

5 Kalverdijkje Noord

Noord

Zuidoost

Dorpen

6 It Gryn/Stiens 7 DTD/Koarnjum 8 Lekkum 9 De Boer 10 Britsum 11 Hijum

MHCL v.v. Nicator Lions '66 Honk- en softbal Northern Stars Korfbal K.V. Leeuwarden Voetbal sc Leovardia

12 Alde Leie 13 Kaatsveld Britsum

Voetbal Voetbal Kaatsen Kaatsen Korfbal Kaatsen Korfbal Kaatsen Kaatsen

S.C. Stiens V.V. D.T.D. Reitsje Him K.C. De Boer K.V. CSL In Nij Begjin K.V. Mid Fryslân Het Centrum It Partoer

14 Wiarda

Voetbal

15 Goutum

Kaatsen Korfbal

FVC Blauw Wit '34 Kaatsclub Goutum Wêz Warber/Wêz Fluch

16 Wergea

Kaatsen Voetbal 17 De Bining/Jirnsum Kaatsen Voetbal 18 Meinga Kaatsen Korfbal Voetbal 19 't Loo/Wirdum Voetbal 20 Tred Iene/Easterlittens Voetbal 21 Wytgaard Kaatsen 22 Reduzum Kaatsen Korfbal 23 Hilaard Kaatsen 24 Mantgum Kaatsen

KV 't Oosten v.v. Warga KV Jirnsum vv Irnsum Wetterlân K.V. Mid Fryslân GAVC V.V. WWS VV Oosterlittens Mei Elkoar Nij Libben Jan Reitsma K.V. Mid Fryslân Mei In Oar Ien K.V. Jacob Klaver

Kaart 4.1 Buitensportparken in de gemeente Leeuwarden in 2019

22

32

In Oud-Oost ligt wel het sportpark waar voorheen voetbalvereniging V.V. Leeuwarden actief was. Het sportpark is nu door BVO Cambuur Leeuwarden in gebruik.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

1) Aldlân 2) Magere Weide 3) Nijlân 4) Kalverdijkje Zuid 5) Kalverdijkje Noord 6) It Gryn/Stiens 7) DTD/Koarnjum 8) Lekkum 9) De Boer 10) Britsum 11) Hijum 12) Alde Leie 13) Kaatsveld Britsum 14) Wiarda 15) Goutum 16) Wergea 17) De Bining/Jirnsum 18) Meinga 19) ’t Loo/Wirdum 20) Tred Iene/Easterlittens 21) Wytgaard 22) Reduzum 23) Hilaard 24) Mantgum Kaartvervaardiging: Mulier Instituut.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

33

4.1

Hockey Hockey wordt zowel binnen als buiten beoefend. In de winterstop, december tot en met februari, wordt in plaats van veldhockey zaalhockey gespeeld. Het zaalhockey wordt de laatste jaren populairder, maar veldhockey wordt nog steeds het meest beoefend in Nederland. Sinds eind 2018 is in de gemeente Leeuwarden voor het zaalhockey een blaashal gerealiseerd. Aanbod In Nederland liggen 901 volwaardige buitenhockeyvelden. Dit komt neer op 1,3 veld per 25.000 inwoners. In Leeuwarden liggen drie buitenhockeyvelden, waarmee het aanbod relatief laag is in vergelijking tot het Nederlandse gemiddelde. Ook in vergelijking met het gemiddelde van de VSGregio Fryslân en vergelijkbare gemeenten is het aanbod in de gemeente Leeuwarden relatief laag. De KNHB telt in 2019 circa 250.000 leden. Dit betekent dat de hockeyvelden in Nederland gemiddeld door 278 leden worden bespeeld (velddruk). De Mixed Hockey Club Leeuwarden (MHCL) heeft circa 680 leden. Dit betekent een gemiddelde velddruk van 228 hockeyers per veld. Dit is relatief laag ten opzichte van het landelijke gemiddelde (tabel 4.2). Tabel 4.2 Aantal hockeyvelden, ledenpercentage KNHB en gemiddeld aantal leden per hockeyveld in 2019 Aantal velden

Ledenpercentage

Gemiddeld aantal

Totaal

Per 25.000 inwoners

KNHB

leden per veld

Gemeente Leeuwarden

3

0,6

0,5%

228

VSG-regio Fryslân

20

0,8

Vergelijkbare gemeenten23

30

1,1

Nederland

901

1,3

1,4%

278

Bron: Database SportAanbod (DSA), 2019; KNHB via NOC*NSF, 2018. Bewerking: Mulier Instituut.

Behoefte In de gemeente Leeuwarden is één hockeyvereniging actief, Mixed Hockey Club Leeuwarden (MHCL), spelend op sportpark Kalverdijkje Zuid. Deze vereniging beschikt over één zandkunstgrasveld en twee semi-watervelden. In totaal zijn in het seizoen 2019/’20 41 teams bij een zaterdag- of zondagcompetitie van de KNHB ingeschreven. De seniorenteams spelen allemaal op zondag en alle jeugdteams spelen op zaterdag (tabel 4.3). Tabel 4.3 Aantal velden en teams MHCL in Leeuwarden in het seizoen 2019/’20 Aantal velden Gebied

Sportpark

Noordoost

Kalverdijkje Zuid

Aantal teams

Zandkunstgras Semi-water 1

2

Vereniging MHCL

Zaterdag

Zondag

34

7

In tabel 4.4 is de huidige veldbehoefte van MHCL afgezet tegen het aanbod. De behoefte is berekend aan de hand van de richtlijn van de KNHB, zoals deze op 1 februari 2020 op de site van de KNHB staat vermeld. De uitgangspunten van deze planningsrichtlijn zijn gebaseerd op een

23

34

Vergelijkbare gemeenten qua aantal inwoners en stedelijkheid: Alkmaar, Alphen aan den Rijn, Ede, Maastricht, Venlo, Zwolle.

Ruimte voor sport in Leeuwarden | Mulier Instituut

bespelingsnorm per leeftijdscategorie, op het aantal ronden dat op een zandkunstgrasveld (7) en op een (semi-)waterveld (6) gespeeld kunnen worden en op de richtlijn dat 60 procent van de teams thuis speelt. De veldoverschotten en –tekorten zijn weergegeven in watervelden. Watervelden hebben een lagere capaciteit ten opzichte van zandkunstgrasvelden. Tabel 4.4 Vraag-aanbodanalyse velden MHCL in Leeuwarden in het seizoen 2019/’20 (in aantallen) Overschot (+) / tekort (-) (in watervelden) Vereniging MHCL

Aanbod

Zaterdag

Zondag

3,0

-1 (-0,1)

2 (2,5)

MHCL heeft voor het huidige aantal teams nagenoeg voldoende velden om te voorzien in de huidige behoefte. Op zaterdag heeft de vereniging een klein tekort aan de drie velden die er nu liggen. Op zondag heeft de vereniging ruim voldoende velden tot haar beschikking voor het huidige aantal teams en wordt een overschot van twee velden geconstateerd. Herkomst In het seizoen 2019/’20 had MHCL in totaal 683 actieve leden. 70 procent van deze leden behoort tot de categorie junioren en 30 procent tot de categorie senioren. Meer dan 90 procent van het aantal leden kwam in dit seizoen uit de gemeente Leeuwarden. Het percentage leden van buiten de gemeente ligt iets hoger bij de senioren dan bij de junioren (tabel 4.5). Tabel 4.5 Herkomst leden MHCL in Leeuwarden in het seizoen 2019/’20 naar leeftijdscategorie (in procenten) Gebied

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=e2ada6d1-fe8e-4bc7-978a-d8e188b398ec