CConstaterende datLeeuwarden
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-08-07 Onderzoeksrapport Schuldenproblematiek onder jongeren - Floris Huisman

Informatieve bijeenkomst - raadzaal 17 mei 2023, gemeente LeeuwardenBij agendapunt: Presentatie onderzoek Jongeren in schulden door student Floris Huisman9.967 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Een onderzoek naar schuldenproblematiek onder jongeren en hoe dit te verminderen

Schuldenpro blematiek onder jongeren Wat kan er gedaan worden om schuldenproblematiek onder jongeren in Leeuwarden te verminderen? Floris Huisman

Managementsamenvatting Dit onderzoek richt zich op schuldenproblematiek onder jongeren. Dit is een probleem dat in de afgelopen jaren flink gestegen is. Tussen 2015 en 2019 steeg het aantal jongeren met geregistreerde schulden met 70%. In het onderzoek worden probleemfactoren vastgesteld, het bestaand beleid geanalyseerd en zijn er nieuwe methodes ontwikkeld en voorgelegd aan jongeren zelf. De belangrijkste gevonden risicofactoren zijn: financiële opvoeding, verandering van levensfase, telefoonschulden en abonnementen, achteraf betaalmethodes, incassokosten en een klein vermogen. Daarnaast is het bestaand beleid in de gemeente geanalyseerd. Opvallend daaraan is dat er vooral gewerkt wordt met stichtingen en andere instanties, niet veel vanuit de gemeente zelf. Veel wordt gericht op mensen met grote schulden, zoals de schuldhulpverlening. Sociale wijkteams en vergelijkbare instanties richten zich meer op mensen met kleine schulden. Eén instantie richt zich specifiek op jongeren: het Jongeren Perspectief Fonds. Deze richt zich op jongeren met grote schulden. Er is dus een gebrek aan ondersteuning gericht op jongeren met kleine schulden. Ook wordt er weinig gedaan aan preventiebeleid en het klaarmaken van jongeren voor de kosten van het volwassen leven. Om daarop in te springen zijn vier methodes ontwikkeld.

Deze zijn tot stand gekomen in een interview met gemeenteraadslid Carlijn Niesink en door het proberen op te vullen van de eerder genoemde gaten in het bestaande beleid. Drie van de vier methodes zijn voorgelegd aan twee groepen jongeren, waarbij de feedback van deze jongeren is toegepast op de plannen, zodat de kans groter is dat het daadwerkelijk aansluit op de doelgroep. De vier methoden zijn: - voorlichting kosten volwassen leven: hierin zullen jongeren op vervolgstudies een voorlichting krijgen over de kosten van op jezelf gaan wonen, specifiek gericht op de stad Leeuwarden. De in focusgroepen gesproken jongeren gaven stuk voor stuk aan dat zij niet op de hoogte waren van de kosten van op jezelf wonen, op het moment dat zij daadwerkelijk uit huis gingen wonen; - Vanuit de gemeente hulp bij betaalafspraken maken: het doel hierbij is het speelveld tussen schuldeiser en schuldenaar gelijk te trekken, door een grotere speler zoals de gemeente in te zetten bij het maken van betaalafspraken. Zo worden jongeren minder snel geïntimideerd door de grotere incassobureaus, wat nu nog vaak wel het geval is. Belangrijk hierbij is dat er geen voorwaarden aan de voorkant zijn, bijvoorbeeld van een minimale schuld.

De gemeente neemt de schulden niet over, zij helpen alleen met het maken van duurzame betaalafspraken; - financiering vanuit gemeente voor eerste levensbehoeften: jongeren hebben vaak weinig tot geen vermogen. Dit kan erin resulteren dat wanneer er grote uitgaven gedaan moeten worden, bijvoorbeeld door een kapotte wasmachine of koelkast, er schulden ontstaan. Om dit te voorkomen, kan voor dit soort eerste levensbehoeften financiering vanuit de gemeente gevraagd worden. de gemeente schiet dan het product voor en zorgt voor een duurzame afbetaling daarvan. Om misbruik te voorkomen, wordt de rekening betaald door de gemeente en wordt er geen geld op de rekening van de jongere gestort. op deze manier worden jongeren niet “gestraft” voor het gebrek aan vermogen; 1

- budgetcoach vanuit de gemeente: wanneer jongeren in een veranderende levensfase belanden, moet er een signaal binnenkomen bij de gemeente. Daaropvolgend moet contact gezocht worden met de betreffende jongere, waarbij er aangegeven wordt dat deze situatie schulden kan veroorzaken. Daarbij wordt een volledig vrijwillige budgetcoach aangeboden. Jongeren kunnen hier gebruik van maken om hun financiën op orde te krijgen. Op die manier kan er voorkomen worden dat er schulden ontstaan.

2

Inhoud Managementsamenvatting ..................................................................................................................... 1 Inleiding ................................................................................................................................................... 6 1. Probleemstelling, doelstelling, vraagstelling ....................................................................................... 7 2. Onderzoeksmethoden ......................................................................................................................... 8 3. Theoretisch kader ................................................................................................................................ 9 Inleiding ............................................................................................................................................... 9 3.1 Schuldenproblematiek ................................................................................................................ 10 3.2 Typen schulden............................................................................................................................ 10 3.3 Fasen schulden ............................................................................................................................

10 3.4 Risicoprofielen ............................................................................................................................. 11 3.4.1 Ouders .................................................................................................................................. 11 3.4.2 Vermogen ............................................................................................................................. 11 3.4.3 Verdachte van misdrijf ......................................................................................................... 12 3.4.4 Flinke afname inkomen ........................................................................................................ 12 3.5 Studieschuld ................................................................................................................................ 12 3.6 Aanpak schulden ......................................................................................................................... 13 3.6.1 Sociale incasso ...................................................................................................................... 13 3.6.2 Geldplan bijna 18..................................................................................................................

13 3.6.3 Vroegsignalering ................................................................................................................... 13 4. Onderzoeksinstrumenten .................................................................................................................. 15 Desk research .................................................................................................................................... 15 Interview............................................................................................................................................ 15 Focusgroepen .................................................................................................................................... 15 5. Deelvraag 1: wat zijn de oorzaken van schuldenproblematiek onder jongeren? ............................. 16 Inleiding ............................................................................................................................................. 16 5.1 Financiële opvoeding en verandering van levensfase................................................................. 16 5.2 Registratie telefoonschulden ......................................................................................................

16 5.3 Achteraf betaalmethodes ............................................................................................................ 16 5.4 Incassokosten .............................................................................................................................. 17 5.5 Klein vermogen en afname in inkomen ...................................................................................... 18 Conclusie ........................................................................................................................................... 18 6. Deelvraag 2: Wat doet de gemeente Leeuwarden om schuldenproblematiek onder jongeren tegen te gaan? ................................................................................................................................................. 20 Inleiding ............................................................................................................................................. 20 6.1 Sociale wijkteams Amaryllis ........................................................................................................ 20 3

6.1.1 Schuldhulpmaatje ................................................................................................................. 20 6.1.2 De kracht van het oplossen .................................................................................................. 20 6.1.3 Thuisadministratie Humanitas ............................................................................................. 20 6.1.4 Betaalde instanties ............................................................................................................... 20 6.2 Schuldhulpverlening gemeente ................................................................................................... 20 6.2.2 Saneringskrediet ................................................................................................................... 21 6.2.3 Schuldbemiddeling ............................................................................................................... 21 6.2.4 Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP). ............................................................ 21 6.2.5 Jongeren Perspectief Fonds ..................................................................................................... 21 6.3 Koppeling probleemfactoren en schuldhulpmethoden ..............................................................

22 Conclusie ........................................................................................................................................... 22 7. Deelvraag 3: wat vinden jongeren goede methodes om schuldenproblematiek aan te pakken?.... 23 7.1 Interview Carlijn Niesink .............................................................................................................. 23 7.2 Totstandkoming van de plannen ................................................................................................. 23 7.3 Voorlichting kosten volwassen leven .......................................................................................... 23 Beoordeling jongeren .................................................................................................................... 24 7.4 Vanuit de gemeente hulp bij betaalafspraken maken ................................................................ 24 Beoordeling jongeren .................................................................................................................... 25 7.5 Financiering vanuit de gemeente voor eerste levensbehoeften ................................................ 25 Beoordeling jongeren ....................................................................................................................

25 7.6 Budgetcoach vanuit de gemeente............................................................................................... 26 Beoordeling jongeren .................................................................................................................... 26 Conclusie ........................................................................................................................................... 26 8. Conclusies .......................................................................................................................................... 28 Inleiding ............................................................................................................................................. 28 8.1 Oorzaken problematiek ............................................................................................................... 28 8.2 gemeentelijk beleid ..................................................................................................................... 28 8.3 Methodes gericht op jongeren .................................................................................................... 28 8.4 Wat kan er gedaan worden om schuldenproblematiek onder jongeren in Leeuwarden te verminderen? ....................................................................................................................................

28 9. Discussie ............................................................................................................................................ 30 9.1 De statistieken ............................................................................................................................. 30 9.2 Gemeentelijk beleid .................................................................................................................... 30 9.3 Incassokosten en achteraf betalen ............................................................................................. 30 9.4 De budgetcoach........................................................................................................................... 30 10. Aanbevelingen ................................................................................................................................ 31 4

Inleiding ............................................................................................................................................. 31 10.1 Het op de agenda plaatsen van schulden en jongeren ............................................................. 31 10.2 Vervolgonderzoek inrichten voorlichting .................................................................................. 31 10.3 Schuldhulpverlening gemeente Leeuwarden ............................................................................ 31 10.4 Misdragingen incassobureaus ................................................................................................... 31 10.5 Kredietverstrekking Gemeente Leeuwarden ............................................................................ 31 10.6 Onderzoek gericht op achteraf betaalmethoden...................................................................... 32 10.7 Samenwerking gemeente Leeuwarden en Claim your Future vervolgonderzoeken ................ 32 Begrippenlijst......................................................................................................................................... 33 Bibliografie ................................................................................................ Error! Bookmark not defined.

Bijlagen ...................................................................................................... Error! Bookmark not defined. Bijlage A: Gesprekken met jongeren over methodes schuldenaanpak Error! Bookmark not defined. Bijlage B: transcript interview Carlijn Niesink ....................................... Error! Bookmark not defined.

5

Inleiding In dit onderzoek wordt gekeken naar de situatie omtrent schuldenproblematiek onder jongeren. Schulden bestaan al duizenden jaren, dus is daarmee niet per se een nieuw onderwerp. Iets hoeft alleen niet nieuw te zijn om relevant te zijn. Er wordt nog altijd veel geschreven over en onderzoek gedaan naar dit onderwerp. Onderzoeksplatform Investico heeft een dossier met daarin zo’n twintig artikelen over misstanden en problemen in de schuldenindustrie (investico, 2019). Ook zijn er meerdere documentaires gemaakt over hoe het leven in de schulden is en wat voor invloed het heeft op mensen. Inmiddels is het in Nederland dusdanig slecht gesteld met de “onderkant van de samenleving” dat er zelfs een minister voor armoedebeleid is aangesteld om dit hardnekkige probleem in onze samenleving stevig aan te pakken. Dit gaat natuurlijk over meer dan alleen schulden, maar schulden en armoede gaan hand in hand. Dit geeft aan dat de urgentie van dit onderwerp ook groter wordt binnen politiek Nederland. Door de toenemende schuldenproblematiek onder jongeren (BKR, 2019) is het dan ook echt tijd voor actie. De jeugd heeft de toekomst, wordt vaak gezegd. Nu is het zaak om te voorkomen dat dat een toekomst is die gevuld is met schulden.

Door te kijken naar wat er nu gebeurt, waar de problemen vandaan komen en hoe zowel beleidsmakers als jongeren zelf denken hoe dit verbeterd kan worden, wordt in dit onderzoek een plan voorbereid om de problemen te verminderen.

6

1. Probleemstelling, doelstelling, vraagstelling Inleiding In dit hoofdstuk zal omschreven worden wat het probleem is waar dit onderzoek zich op richt, wat het uiteindelijke doel is van dit onderzoek en welke vragen beantwoord moeten worden om tot de juiste conclusies te kunnen komen. Tevens komen hier de hoofd- en deelvragen aan de orde. Hoofd- en deelvragen De hoofdvraag die beantwoord wordt in dit onderzoek luidt: - Wat kan er gedaan worden om schuldenproblematiek onder jongeren in Leeuwarden te verminderen? Om deze vraag te beantwoorden, zijn eerst een aantal deelvragen beantwoord worden. De volgende deelvragen zijn geformuleerd: - Hoe ziet de schuldenproblematiek onder jongeren eruit? Hoeveel jongeren hebben schulden, waar zitten deze schulden, hoe hoog zijn ze en hoe ontstaan deze? - Wat is het beleid van de gemeente Leeuwarden om schuldenproblematiek onder jongeren tegen te gaan? Hier is gekeken naar wat voor beleid de gemeente Leeuwarden op dit moment al heeft op dit gebied. - Wat denken jongeren nodig te hebben inzake schuldenproblematiek? Er zijn plannen gemaakt die aansluiten op de eerder gevonden probleemfactoren. Deze plannen zijn voorgelegd aan jongeren en de feedback van hen is verwerkt, zodat de plannen goed aansluiten op de leefwereld en voorkeuren van jongeren zelf.

7

2. Onderzoeksmethoden In dit hoofdstuk wordt uiteengezet welke onderzoeksmethode gebruikt wordt voor het beantwoorden van alle deelvragen. Deelvraag 1: Hoe ziet schuldenproblematiek onder jongeren eruit? Hier is gebruik gemaakt van desk research. Toegankelijke statistieken en andere bronnen die informatie hierover verschaffen worden geraadpleegd. - Deelvraag 2: Wat is het beleid van de gemeente Leeuwarden om schuldenproblematiek onder jongeren tegen te gaan? Hierin is gekeken naar wat de gemeente aanbiedt met betrekking tot deze problematiek door middel van desk research. - Deelvraag 3: Wat denken jongeren nodig te hebben inzake schuldenproblematiek? Hierin zal gesproken worden met jongeren binnen de gemeente Leeuwarden over hoe zij kijken naar schuldenproblematiek en wat er nodig zou zijn om jongeren te ondersteunen hierin. Hiervoor zal gebruik gemaakt worden van de inspiratiesessies die georganiseerd worden door Claim your Future. Op deze manier wordt voorkomen dat er over jongeren gesproken wordt, maar niet met jongeren.

8

3. Theoretisch kader Inleiding In dit hoofdstuk wordt alle opgedane kennis met betrekking tot dit onderwerp gedocumenteerd. Er zal een bredere theoretische achtergrond gegeven worden, waarin ook gekeken wordt naar schuldenproblematiek in het algemeen in ons land. Dit is om het onderzoek wat uitgevoerd is in de juiste context te plaatsen. Het onderzoek zal gaan over schuldenproblematiek onder jongeren in Leeuwarden. Volgens de BKR Schuldenmonitor is het aantal jongeren onder de 24 jaar met schulden tussen 2014 en 2018 bijna verdubbeld. In totaal gaat het om 32.000 jongeren in 2019 (BKR, 2019). Dat terwijl het totaal aantal schuldenaren afgenomen is (CBS, 2019). Jongeren hebben vaak een kleinere financiële buffer, omdat ze nog niet de tijd hebben gehad deze op te bouwen. Wanneer ze dan een tegenvaller hebben op dit gebied, zoals het verliezen van een baan, hebben ze geen buffer om op terug te vallen, terwijl de huur en andere vaste lasten niet veranderen. Daarbij komt ook nog dat jongeren vaker dan andere groepen een flexibele baan hebben, bijvoorbeeld met een nul-uren contract. Daardoor is de situatie van jongeren nog instabieler (BKR, 2019). Daar komt nog bij dat jongeren minder ervaring hebben met het dragen van financiële verantwoordelijkheid. Pas vanaf hun achttiende zijn jongeren zelf verantwoordelijk over hun financiële keuzes.

Daarvoor zijn er opties om kinderen te leren omgaan met geld, bijvoorbeeld door kleed- en/of zakgeld te geven. Echter is dat nog altijd anders dan wanneer een jongere de huur, energierekening, collegegeld, zorgverzekering en boodschappen allemaal zelf moet betalen. Het leven wordt steeds duurder. De inflatiecijfers schieten door het dak en mensen maken zich steeds meer zorgen of ze de energierekening nog wel kunnen betalen. Volgens het cbs haalden we in oktober 2022 een inflatie van 14,3% ten opzichten van een jaar ervoor, 0,2% minder dan de maand ervoor (CBS, Inflatie, 2022). Deze situatie kan ervoor zorgen dat mensen nu in een fase gaan komen van beginnende schulden. Volgens onderzoek van het Nederlands JeugdInstituut gaf een derde van de jongeren aan hun inkomsten te zien dalen als gevolg van de coronacrisis (JeugdInstituut, 2020). Daarbij gaf het Nibud ook aan een stijging in het aantal jongeren met schulden te verwachten. De grote taboe die er nog altijd heerst op schulden en de hulpverlening daarbij, is een grote sta-in-de-weg voor het oplossen van deze problemen. Mensen melden zich met een steeds hogere schuld pas bij schuldhulpverlening. Claim your Future is een organisatie die zich bezighoudt met het in hun kracht zetten van jongeren en hun positie in de maatschappij verbeteren.

Schulden hebben vrijwel altijd een negatieve invloed op het denkvermogen van mensen en kan zelfs een daling in IQ van 13 punten veroorzaken. Ook is het een grote stressveroorzaker (BKR, 2019). Dit is daardoor een belemmering voor jongeren om hun maximale potentie te bereiken. Schulden nemen een deel van het brein in beslag, wat ook besteed kan worden aan andere zaken. 9

3.1 Schuldenproblematiek Schuldenproblematiek is iets van alle tijden. Zo zijn uit het oude Mesopotamië tabletten gevonden met daarop in spijkerschrift nauwkeurig bijgehouden schulden. De afgelopen jaren is de het aantal mensen in Nederland met geregistreerde schuldenproblematiek ongeveer gelijk gebleven. Onder jongeren is het echter gestegen, en flink ook. In de periode van 2014-2019 is schuldenproblematiek onder jongeren bijna verdubbeld, zoals eerder al geschreven (BKR, 2019).

3.2 Typen schulden Schulden kunnen worden gecategoriseerd in vier groepen: 1. overlevingsschulden: dit zijn schulden die vooral voorkomen bij mensen met minimuminkomens. Het komt voort uit vaste lasten die dusdanig hoog zijn dat de inkomsten niet voldoende zijn om rond te komen. 2. Overbestedingsschulden: hierbij kan het inkomen wel toereikend zijn, maar is het uitgavenpatroon alsnog te hoog. 3. Compensatieschulden: hierbij wordt geld uitgeven gebruikt als een soort coping mechanism, een manier om met problemen om te kunnen gaan. Dit gaat vaak gepaard met psychische problemen. Drugs- en gokverslavingen zijn hier een voorbeeld van. Mensen die al kampen met schuldenproblematiek kunnen ook de neiging hebben om ondoordachte aankopen te doen op het moment dat er wel geld binnenkomt, wat dus ook weer compensatieschulden kan veroorzaken. 4. Aanpassingsschulden: aanpassingsschulden zijn schulden waarbij de levenssituatie verandert, wat resulteert in een verandering in inkomen of uitgaven. Dit komt bijvoorbeeld voor bij een scheiding of door het verliezen van een baan. Ook voor jongeren is dit een veelvoorkomend probleem. Jongeren zitten vaker aan tijdelijke en/of nul-uren contracten dan ouderen. (schuldhulpverlening, 2010) Deze verschillende typen schulden zijn gebruikt om de probleemfactoren van deelvraag 1 te categoriseren.

3.3 Fasen schulden In het onderzoek worden drie verschillende fasen van schulden onderscheiden. Preventief In de preventieve fase is er nog geen sprake van schulden. Hierin is er nog geen sprake van schulden en gaat het om het voorkomen van schulden. Beginnende schulden

Hierin is er sprake van enkele betalingsachterstanden, nog geen grote schulden. De stap van beginnende naar grotere schulden kan erg klein zijn. Zeker bij het hebben van verschillende schuldeisers, omdat deze allemaal apart een incassobureau in kunnen schakelen, wat ervoor kan zorgen dat de schuld meerdere malen over de kop gaat. Grote schulden Hierin zit de groep met hoge problematische schulden. Deze groep wordt niet meegenomen in het onderzoek, aangezien hier al veel schade aangericht is en het doel van het onderzoek 10

zich meer richt op de preventieve fase en de beginnende schulden, om zo te voorkomen dat jongeren in de grote schulden terechtkomen. Focus van dit onderzoek De schuldenfase waar dit onderzoek zich voornamelijk op richt is die van beginnende schulden en de preventie van schulden. Deze keuze is gemaakt omdat dit de fase is waar op dit moment voor de student de meeste relevantie zit. Dit omdat jongeren niet erg vaak grote schulden hebben, deze schulden zitten relatief vaak in de groep van 25 tot 65 jaar (CBS, Schuldenproblematiek in beeld, 2019). Wel is er, zoals eerder gemeld, een grote toename van schulden onder jongeren. Met de stijgende prijzen van onder andere de woningen en energie, ligt een versnelling van dit proces alleen maar meer op de loer. De oplossingen die aan het eind voorgelegd worden, worden dan ook gericht op de eerste twee fasen van schulden. 3.4 Risicoprofielen Schulden komen voor in alle lagen van de samenleving. Dat neemt niet weg dat er bepaalde profielen gemaakt kunnen worden van mensen die meer kans of dreiging hebben om in de schulden te belanden. Het CBS heeft hierin zeven profielen geschetst van mensen met een verhoogd risico op instroom in de problematische schulden. In de figuur zijn de profielen getoond en op basis waarvan deze ontstaan zijn. De risicofactoren worden hier verder uitgewerkt in hoeverre die relevant zijn voor dit onderzoek.

De factoren waar vooral op gefocust wordt, zijn de factoren die onder jongeren het meest voorkomen. 3.4.1 Ouders Aangezien jongeren vaak (nog) geen gezin hebben, worden de risicofactoren waarbij het over kinderen gaat buiten beschouwing gelaten. De gemiddelde leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind krijgen is ruim 30 jaar, dus deze groep is minder relevant voor het onderzoek (NJI, 2023). 3.4.2 Vermogen Het hebben van een klein vermogen is ook een risicofactor voor het sneller in schulden belanden. Jongeren hebben over het algemeen weinig spaargeld, wat het risico op schulden 11

groter maakt. Een kapotte wasmachine of koelkast kan al snel problemen veroorzaken (Rabobank, 2018). 3.4.3 Verdachte van misdrijf Hoewel dit ook onder jongeren voorkomt en ook daar een probleem veroorzaakt, wordt deze variabele verder niet specifiek meer meegenomen in het onderzoek. Dit om het onderzoek behapbaar en valide te houden. 3.4.4 Flinke afname inkomen Jongeren zijn oververtegenwoordigd in de banen met een minimuminkomen. Ruim 17% van de jongeren tussen 20 en 25 jaar heeft een baan met het wettelijk laagst toegestane salaris, significant meer dan in andere leeftijdsgroepen (CBS, 2022). Daarnaast werken zij regelmatiger onder flexibele contracten, wat minder stabiliteit geeft in inkomen. In 2017 werkten 68% van de werkende jongeren met een flexibel arbeidscontract.

3.5 Studieschuld Veel jongeren hebben een studieschuld. Volgens het CBS hadden in begin 2022 1,6 miljoen mensen een studieschuld. Onder jongeren tussen de 20 en 25 jaar oud was de gemiddelde studieschuld 13.200 euro. Echter is zes op de tien nog student, en bouwt dus nog schulden op. Tussen de 25 en 30 jaar is de gemiddelde studieschuld het hoogst, namelijk 20.300 euro. Binnen deze groep is de grote meerderheid dan ook afgestudeerd en gestart met het aflossen van de schuld. De totale schulden zijn de afgelopen jaren ook drastisch gestegen. Sinds de invoering van het leenstelsel in 2015 is de totale studieschuld meer dan verdubbeld. Op het eerste oog lijken de studieschulden hun max wel (bijna) bereikt, aangezien de totale studieschuld in 2022 ongeveer gelijk is gebleven ten opzichte van 2021. Toch zijn er ongeveer 15.000 personen met een studieschuld hoger dan 50.000 euro bijgekomen. (CBS, Studieschuld blijft toenemen, 2022). In het studiejaar 2023-2024 is het kabinet voornemens de basisbeurs weer in te voeren. Het doel hierbij is om te voorkomen dat studieschulden nog hoger oplopen. Daarnaast wil het kabinet hiermee zorgen dat de geldzorgen onder jongeren afnemen. De studenten die ten tijde van het leenstelsel hebben gestudeerd krijgen mogelijk een compensatie. Wanneer iemand vier jaar onder het leenstelsel heeft gestudeerd, zal daar een compensatie tegenover staan van €1436.

De nieuwe basisbeurs zal €110,30 bedragen voor thuiswonende en €274,90 voor uitwonende studenten (ministerie van algemene zaken, 2023). De €1436 gezien over vier jaar studeren zou een bedrag zijn van nog geen 30 euro per maand, zo’n tien procent van wat een uitwonende student vanaf studiejaar 2023-2024 zal ontvangen. De studieschuld wordt verder in dit onderzoek niet meegenomen als factor, aangezien het hier over een langlopende schuld gaat, zoals een hypotheek. Deze worden niet 12

meegenomen in het onderzoek. Wel schetst het de veranderende situatie waar jongeren zich in bevinden.

3.6 Aanpak schulden In 2018 is het actieplan brede schuldenaanpak geïntroduceerd. Hierin heeft het kabinet een aantal maatregelen getroffen om schuldenproblematiek aan te pakken. Hierin ligt een groot deel van de uitvoerende taak bij de gemeenten, maar ook wordt er samengewerkt met partijen als Burea KredietRegistratie (BKR) en het Centraal Justitieel IncassoBureau (CJIB). In totaal zijn er zo’n veertig maatregelen die getroffen worden door de overheid om schuldenproblematiek in te perken. Een aantal hiervan zullen hieronder genoemd worden. (Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 2022) 3.6.1 Sociale incasso Eén van de plannen die hierin genoemd wordt, is het bevorderen van sociale incasso. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het makkelijker maken van betalingsregelingen bij verkeersboetes. Dit lijkt een stap te zijn die hoognodig was, want de overheid staat niet bekend als een “prettige” schuldeiser. De overheid is namelijk de grootste schuldeiser van ons land, maar heeft daarnaast dus een slechte reputatie opgebouwd. De overheid vraagt namelijk vaak meer incassokosten dan voor een incassobureau toegestaan is en is hard in het innen van deze bedragen (Frederik, 2017).

Het succes van dit beleid lijkt tot nog toe tegen te vallen: volgens de Rekenkamer schiet de overheid juist nog altijd tekort, specifiek in het beschikbaar maken van speciale betalingsregelingen en het rekening houden met het bestaansminimum. (De Volkskrant, 2023) 3.6.2 Geldplan bijna 18 Ook is er beleid specifiek gericht op jongeren. Er is een ‘online tool’ ontwikkelt, waarin specifiek voor jongeren informatie geboden wordt over financiële zelfstandigheid. Wanneer iemand 18 wordt, zijn er een aantal zaken die geregeld moeten worden. Deze website zet op deze zaken op een rij, die vervolgens afgevinkt kunnen worden. Heb je alle zaken afgevinkt? Dan kan je nog meer informatie krijgen over allerlei onderwerpen die van pas kunnen komen, zoals het afsluiten van abonnementen, studeren, verhuizen et cetera. Ook staan er bij deze informatie linkjes naar andere websites en hulpmiddelen. Onder het kopje abonnementen staat een tip. Je kan op een link klikken om een stappenplan in te zien die kan helpen je administratie overzichtelijker te maken. Echter komt bij het klikken op de link groot in beeld te staan: Helaas, pagina niet gevonden (404) (Nibud, 2023). De link is dus op het moment van schrijven niet te gebruiken voor jongeren. 3.6.3 Vroegsignalering Een inmiddels veel toegepaste strategie in de aanpak van schuldenproblematiek is vroegsignalering.

Het doel hierbij is om niet af te wachten tot een schuldenaar zelf bij de overheid komt voor hulp, maar dat de overheid vroegtijdig wordt ingeseind dat er betaalachterstanden zijn. Het gaat hierbij om schulden bij voornamelijk vaste lasten partners, zoals een verhuurder, de energiemaatschappij en de zorgverzekeraar. Zodra een 13

inwoner te maken krijgt met een betaalachterstand bij één van deze organisaties, wordt deze gemeld bij de gemeente. Deze speelt dit vervolgens door naar het wijkteam, wat contact zoekt met de schuldenaar, om deze hulp aan te bieden. Jongeren komen ook vaak veel later pas in beeld bij gemeenten, waardoor zij later hulp krijgen. Dit komt doordat jongeren vaak nog niet op zichzelf wonen (NOS, 2022).

14

4. Onderzoeksinstrumenten Om de informatie zo volledig mogelijk te verzamelen en te verwerken, worden er een aantal verschillende onderzoeksinstrumenten toegepast. Hieronder zullen deze uiteengezet worden.

Desk research Een groot deel van de benodigde informatie bestaat uit cijfers en rapporten. Dit is doorgenomen, om zo de data te vertalen naar informatie. Het gaat hierbij om informatie over schuldenproblematiek in het algemeen en specifiek onder jongeren, maar ook om bijvoorbeeld beleidsstukken.

Interview Er heeft een interview plaatsgevonden met Carlijn Niesink. Zij is politiek betrokkene, als gemeenteraadslid van ChristenUnie Leeuwarden. Zelf heeft zij ook schulden gehad, wat helpt met het in kaart brengen van hoe schuldenverloop gaat.

Focusgroepen Als laatste is er gebruik gemaakt focusgroepen. Claim your Future organiseert elke twee weken inspiratiesessies. In deze sessies worden jongeren uitgedaagd om over onderwerpen na te denken waar zij zich druk over maken. Hierin is ook ingegaan worden op schuldenproblematiek. In deze focusgroepen zijn de gemaakte plannen, die ontstaan zijn naar aanleiding van het interview en de informatie uit de eerste twee deelvragen, voorgelegd aan jongeren. De feedback die de jongeren daarop hebben gegeven, is verwerkt in de plannen. De groepen jongeren bestonden uit mbo, hbo en wo- geschoolde jongeren.

15

5. Deelvraag 1: wat zijn de oorzaken van schuldenproblematiek onder jongeren? Inleiding In dit hoofdstuk wordt de huidige situatie wat betreft schuldenproblematiek onder jongeren onder de loep genomen. Er is een stuk gewijd aan de cijfers met betrekking tot de schulden. Zoals eerder al omschreven zijn de schulden onder jongeren de afgelopen jaren stevig toegenomen. Wat hiervan de oorzaken zijn, wordt in dit hoofdstuk omschreven.

5.1 Financiële opvoeding en verandering van levensfase Veel jongeren krijgen problemen door een tekort aan financiële opvoeding. Niet altijd zijn ze voorbereid op zelfstandig financiën op orde krijgen. Jongeren waarvan de ouders in de schulden zitten, hebben een verhoogde kans om zelf ook schulden te ontwikkelen (CBS, Schuldenproblematiek in beeld, 2019). Dit heeft te maken met dat deze jongeren van huis uit weinig meekrijgen over hoe ze financiën op orde moeten houden, maar ook een vorm van ”normalisering” van schulden is daarbij een oorzaak. Ook jongeren die juist in een omgeving opgroeien waar geld nooit een probleem is, komen in dit soort situaties. Juist doordat ze de waarde van geld niet meegekregen hebben; geld was er immers altijd, dus daar hoef je je niet druk over te maken. Van de gesproken jongeren, gaf geen van hen aan op de hoogte te zijn van de kosten van op jezelf gaan wonen op het moment dat zij deze levensfase intraden 1.

5.2 Registratie telefoonschulden Tussen 2017 en 2018 is de grootste toename van schulden onder jongeren. In die periode zijn er 90.000 schuldenaren onder jongeren bij gekomen. Een groot deel daarvan is te wijten aan telefoonkredieten. Deze werden vanaf dit jaar meegenomen als geregistreerde schulden, wanneer het krediet meer dan 250 euro bedroeg. Er wordt aangenomen dat een groot deel van deze 90.000 jongeren een schuld heeft door telefoonkredieten (BKR, 2019).

5.3 Achteraf betaalmethodes De laatste jaren zijn er steeds meer mogelijkheden gekomen om achteraf te betalen. Bedrijven als Klarna en Riverty komen bij steeds meer winkels erbij als betaaloptie. Klarna heeft maandelijks anderhalf miljoen actieve Nederlandse gebruikers (Vrenegoor, 2022). Bijna tien procent van alle online aankopen wordt afgerekend door het gebruik van achteraf betaalmethodes (NOS, 2022). Meerdere deskundigen hebben al uitgesproken dat deze ontwikkeling hen zorgen baart, omdat dit vooral jongeren in de problemen kan brengen. Jongeren hebben namelijk vaak geen of een kleine buffer om financiële problemen op te vangen (BKR, 2019). Als bij jongeren de wasmachine stukgaat, hebben zij soms niet het spaargeld om dit soort aankopen meteen te doen. Voor deze situaties zijn bedrijven als Klarna en Riverty mooie uitkomsten. De benodigde aankoop kan meteen gedaan worden, zonder dat deze meteen 1

Gesprekken met jongeren over oplossingen voor schuldenproblematiek, bijlage A

16

afbetaald hoeft te worden. In de situatie van een wasmachine kan dat dus erg handig zijn, een wasmachine is immers iets wat echt nodig is. Het risico zit hem echter meer in het doen van aankopen die minder nodig zijn en waar iemand de financiële middelen niet voor heeft. Door het via een achteraf betaalmethode te bestellen, valt de pijnprikkel van de aankoop weg. Hierdoor wordt de aankoop niet automatisch geassocieerd met een betaling. Daarnaast is er ook wat opvallends aan de kant van de achteraf betaalbedrijven. Voor deze bedrijven levert het veel geld op wanneer de gebruiker zijn factuur te laat betaalt. Twintig procent van de klanten van deze bedrijven betaalt zijn factuur dusdanig laat dat er extra kosten bijkomen. Gemiddeld gaat dit om een bedrag van €15 per keer. Deze bedragen lopen bij elkaar zo hoog op, dat het twintig tot wel veertig procent is van de omzet van deze bedrijven (NOS, 2022). Dat betekent dus dat deze bedrijven er groot voordeel bij hebben als hun klanten de facturen te laat betalen. Dat staat immers gelijk aan een verhoogde omzet en winst. Klarna zelf geeft aan dat het niet mogelijk zou zijn voor gebruikers om producten te bestellen via hun platform die gebruikers niet zouden kunnen betalen. Dit wordt gedaan door het uitvoeren van een “risicocheck”, waarin wordt gekeken of de consument de aankoop kan betalen (Klarna, 2019).

Hoe goed dit functioneert, kan men zich afvragen. Twintig procent van de klanten heeft dus te maken met verhoogde kosten door het te laat betalen van een factuur, dus er lijkt wel degelijk veel risico te zijn onder de klanten van Klarna. Ook in gesprek met gemeenteraadslid Carlijn Niesink kwam dit onderwerp veelvuldig ter sprake. De vrijheid om op veel verschillende plekken een achterafbetaalmethode toe te passen, is een gevaarlijke. De verschillende bedrijven weten namelijk niet van elkaar wanneer een consument een schuld bij ze heeft. Als een jongere een achterstallige rekening heeft bij Bol.com, Coolblue en Wehkamp, kan deze jongere alsnog een achterafbetaling doen bij Zalando, zolang daar maar geen schuld is 2.

5.4 Incassokosten Op dit moment worden er gigantische kosten gemaakt voor het innen van problematische schulden. Jaarlijks wordt volgens onderzoek van de Argumentenfabriek gepoogd 3 miljard aan problematische schulden te innen. De jaarlijkse kosten voor het innen van deze kosten zijn een veelvoud daarvan: 17 miljard. Deze kosten bestaan uit uitvoeringskosten, maar ook bijstandskosten en het verlies van productiviteit en een verhoging in het ziekteverzuim. Daarnaast kunnen de incassokosten die verhaald worden op de schuldenaar ook stevig uitvallen. Bij schulden kleiner dan 2500 euro komt er gemiddeld 151 procent aan kosten bovenop het oorspronkelijke bedrag. Dat wil zeggen: heeft iemand een schuld van 1000 euro, zal hij in totaal 2510 euro moeten voldoen. Deze verhogingen in kosten geven een flinke extra druk op de schuldenaar. Bij grotere schulden is dit percentage een stuk lager; bij schulden boven de 10.000 euro is dit 8% (WODC, 2012). Regelmatig vragen incassobureaus meer kosten dan wettelijk toegestaan, waardoor er extra “geplukt” wordt van de toch al relatief kale kippen die zich in de schuldenproblematiek 2

Interview met Carlijn Niesink, bijlage B

17

bevinden. In 2017 kwam uit onderzoek naar voren dat incassobureau BSR voor ten minste 300.000 euro aan onterechte kosten in rekening bracht bij schuldenaren. Dat ging om bedragen tussen de tien en vijfhonderd euro per keer. De kosten werden gevraagd voor onder andere beslagleggingen (NOS, 2017). Maar daarin staat het malafide incassobureau niet alleen. Uit onderzoek blijkt dat in een kwart van de verstekzaken, incassozaken waarbij de schuldenaar niet komt opdagen, onterechte kosten naar voren kwamen (Frederiks, 2017). Dit is dus enkel bij de verstekzaken. Autoriteit Consument en Markt (ACM) onderzocht incassobrieven. Bij hun steekproef van vierhonderd incassobrieven bleek in 20% van de gevallen hogere kosten in rekening gebracht dan wettelijk toegestaan is (ACM, 2015). Dit is lastig voor schuldenaren om te ontdekken, omdat zij niet altijd op de hoogte zijn van wat wel en niet mag. Zeker wanneer er sprake is van meerdere schuldeisers, is het vaak lastig om op de hoogte te blijven van of de incassobureaus zich wel aan wet- en regelgeving houden. Meer dan de helft van de consumenten is niet of nauwelijks op de hoogte van wat incassobureaus wel en niet mogen doen (ACM, 2015).

5.5 Klein vermogen en afname in inkomen In het theoretisch kader worden een aantal risicofactoren omschreven. Deze risicofactoren omschrijven de invloed die een bepaalde factor heeft op de kans dat een persoon in de schulden belandt. Een aantal factoren daarvan zijn minder vaak van toepassing op jongeren, maar er zijn twee die een sterke invloed hebben. De eerste daarvan is het hebben van een kleiner vermogen. Zoals in het theoretisch kader omschreven, hebben jongeren vaak weinig spaargeld. Dit zorgt ervoor dat wanneer een grotere, onverwachte rekening komt, de kans groter is dat jongeren deze niet kunnen betalen. Daardoor is het risico om in de schulden te komen groter. Daarnaast werken jongeren dus vaker op basis van flexibele contracten. De afgelopen jaren is dat dus nog meer toegenomen, waardoor de financiële situatie van jongeren nog minder stabiel is geworden. Daardoor ligt een snelle afname in inkomen op de loer. Een flexibel contract is namelijk makkelijker te onderbreken vanuit de werkgever dan een contract met een vast aantal uren en voor onbepaalde tijd. Ook dit is van invloed op de schuldensituatie van jongeren.

Conclusie Schulden onder jongeren zijn drastisch toegenomen de afgelopen jaren. De belangrijkste gevonden probleemfactoren daarvoor zijn de volgende: financiële opvoeding, verandering van levensfase, telefoonschulden en abonnementen, achteraf betaalmethodes, incassokosten en een klein vermogen. Om de oorzaken overzichtelijker te maken, worden deze hieronder kort weergegeven in een tabel. Hierbij wordt ook bijgeschreven onder welk type schulden ze vallen, zoals vastgesteld in het theoretisch kader.

18

Probleemfactor Financiele opvoeding

Verandering levensfase Telefoonschulden en abonnementen Achteraf betaalmethodes

Incassokosten

Klein vermogen

Type schuld Overbestedingsschulden aanpassingsschulden eventueel compensatieschulden Aanpassingsschulden Overbestedingsschulden compensatieschulden Overbestedingsschulden compensatieschulden Eventueel overlevingsschulden Eventueel aanpassingsschulden Overbestedingsschulden overlevingsschulden aanpassingsschulden Overlevingsschulden aanpassingsschulden

19

6. Deelvraag 2: Wat doet de gemeente Leeuwarden om schuldenproblematiek onder jongeren tegen te gaan? Inleiding De gemeente Leeuwarden heeft al een aantal ondersteuningsmaatregelen voor mensen die in de schulden zitten. Hieronder worden deze maatregelen uiteengezet en toegelicht. Hierin wordt onderscheid gemaakt in twee groepen: beleid rechtstreeks vanuit de gemeente georganiseerd en initiatieven binnen de gemeentegrenzen die eventueel gesteund worden door de gemeente.

6.1 Sociale wijkteams Amaryllis Amaryllis heeft in totaal tien wijkteams waar mensen bij aan kunnen kloppen voor financiële ondersteuning. Zij werken daarin nauw samen met een aantal organisaties en wijzen burgers vaak door naar één van de organisaties die hieronder genoemd worden. 6.1.1 Schuldhulpmaatje Schuldhulpmaatje is een landelijke organisatie die zich richt op vroegsignalering. In Leeuwarden wordt het werk van Schuldhulpmaatje uitgevoerd door stichting “Verstandig Met Inkomen”, wel onder de werknaam Schuldhulpmaatje. Het belangrijkste wat zij doen is mensen ondersteuning bieden in begeleiding. Zij nemen geen schulden en/of verantwoordelijkheden over. Zij doen dit ook vanuit een Christelijk standpunt, “uit liefde voor God en de medemens”. (schuldhulpmaatjeleeuwarden, 2016) 6.1.2 De kracht van het oplossen De kracht van het oplossen is onderdeel van de sociale wijkteams in Leeuwarden. Zij helpen in het overzichtelijk maken van financiën, maar ook in het aanvragen van subsidies en toeslagen. Ook helpen ze in het budgetteren en het openen en ordenen van post (de kracht van het oplossen, 2022). 6.1.3 Thuisadministratie Humanitas Humanitas is een landelijke organisatie met een afdeling die mensen helpt met het op orde brengen van de administratie.

Ze bieden ondersteuning in het vertalen van ingewikkelde informatie en brengen, net als eerder genoemde organisaties, overzicht in de chaos die financiën kunnen zijn. Dit doen zij door middel van spreekuren, of door hulp bij administratie bij mensen thuis. Humanitas werkt ook nauw samen met Amaryllis. (Humanitas, 2023) 6.1.4 Betaalde instanties Ook zijn er een aantal instanties die met een winstoogstmerk ondersteuning bieden aan inwoners, voornamelijk zelfstandigen en bedrijven. Aan deelname hierbij zitten ook kosten verbonden. Deze worden dan ook buiten beschouwing gelaten, aangezien deze instanties zich niet richten op de doelgroep van dit onderzoek.

6.2 Schuldhulpverlening gemeente Hierboven zijn verschillende organisaties die particuliere burgers van gemeente Leeuwarden (en vaak ook daarbuiten) ondersteunen in hun financiële situatie. Vanaf hier gaat het over 20

de schuldhulpverlening waar de gemeente voor verantwoordelijk is. In de gemeente Leeuwarden doet stichting Kredietbank Nederland de schuldhulpverlening. Deze heeft vier verschillende trajecten: 6.2.1 Het Minnelijke Traject Bij een minnelijk (=inschikkelijk/ bereidwillig) traject probeert de gemeente uw schulden te regelen. De gemeente kan hiervoor ook een schuldhulpverlener inschakelen. Een minnelijk traject betekent dat de schuldeisers vrijwillig meewerken aan een schuldregeling. Als de schuldeisers niet mee willen werken kan er een beroep worden gedaan op het wettelijk traject. 6.2.2 Saneringskrediet Een saneringskrediet is een manier om de schulden te regelen. In Leeuwarden regelt de Kredietbank Nederland de schuldsanering voor de gemeente. De bank berekent hoeveel er per maand kan worden afgelost en doet dan een betalingsvoorstel aan de schuldeisers. Bij een akkoord met de schuldeisers betaalt de bank de overeengekomen bedragen aan de schuldeisers en krijgt de klant een saneringskrediet. Dan is de klant in een keer af van de schuldeisers. Dit saneringskrediet is gebaseerd op een terugbetaling in drie jaar. Na drie jaar is de klant schuldenvrij. 6.2.3 Schuldbemiddeling Bij schuldbemiddeling verstrekt de Kredietbank Nederland geen lening maar bemiddelt zij tussen de klant en de schuldeisers.

Er wordt berekend hoeveel de klant per maand af kan lossen en doet vervolgens een aflossingsvoorstel aan de schuldeisers. Als die allemaal akkoord zijn dan zorgt de bank voor de aflossing van de schulden. 6.2.4 Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP). Dit is een wet die een extra mogelijkheid biedt op een schuldenvrije toekomst. Als blijkt dat andere trajecten niet gelukt zijn, is de WSNP de laatste mogelijkheid. In sommige gevallen willen de schuldeisers niet akkoord gaan met een gedeeltelijke aflossing van de schuld. In dat geval kan de WSNP gebruikt worden om de schuldeiser, via de rechter, te dwingen akkoord te gaan. Bij een beroep op de WSNP wordt er ook een WSNP-bewindvoerder benoemd. Deze brengt verslag uit aan de rechtbank.

6.2.5 Jongeren Perspectief Fonds Het Jongeren Perspectief Fonds is een methode waarbij jongeren een lange termijn ondersteuning krijgen, twee jaar lang worden jongeren ondersteund. Er wordt daarbij gewerkt naar een toekomstdoel, bijvoorbeeld een diploma of een baan. Bij dit traject worden de schulden van de jongeren kwijtgescholden. Het fonds stelt vier voorwaarden: - Deelnemers zijn tussen de 18 en 27 jaar; - deelnemers zijn woonachtig in de gemeente Leeuwarden; - deelnemers denken hun schulden niet af te kunnen lossen binnen drie jaar; - deelnemers kunnen en willen aan hun toekomst werken. ( Gemeente Leeuwarden, 2023) De methode is erg effectief gebleken; 95 procent van de jongeren heeft na afronding van het traject geen nieuwe BKR-geregistreerde schulden opgebouwd (Purpose, 2021). 21

6.3 Koppeling probleemfactoren en schuldhulpmethoden In hoofdstuk 5 zijn een aantal probleemfactoren vastgesteld. Hieronder volgt een schema, waarin de schuldhulpmethoden beschreven in het eerdere deel van hoofdstuk zes, gekoppeld worden aan welk van de probleemfactoren onder jongeren de methode aanpakt. Ook de schuldenfase waar de methode zich op richt wordt aangegeven.

schuldhulpmethode Schuldhulpmaatje De kracht van het oplossen Thuisadministratie Humanitas

Het minnelijke traject saneringskrediet schuldbemiddeling Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen Jongeren Perspectief Fonds

Schuldenfase Beginnende schulden Beginnende schulden, grote schulden Preventief, Beginnende schulden Grote schulden Grote schulden Grote schulden Grote schulden

probleemfactor Financiële opvoeding Incassokosten, financiële opvoeding, achteraf betalen Financiële opvoeding, abonnementen en telefoonschulden Niet specifiek Niet specifiek Niet specifiek Niet specifiek

Grote schulden

Niet specifiek

Conclusie Binnen de gemeente Leeuwarden zijn er veel ondersteunende organisaties. Zoveel dat dit voor inwoners overweldigend kan zijn en dat mensen niet weten waar ze terecht moeten. Deze organisaties zijn stichtingen en al krijgen ze soms (financiële) ondersteuning vanuit de gemeente, de gemeente biedt alleen de schuldhulpverlening van de Kredietbank aan. Deze richten zich vooral op mensen met grotere schulden en ook niet op een specifieke oorzaak, waardoor mensen al onnodig hoge schulden hebben bij het starten van een traject. Eén van de trajecten is specifiek gericht op jongeren: het Jongeren Perspectief Fonds. opvallend is dat er weinig aandacht is voor echte preventie; de methodes die aangeven zich te richten op preventie, hebben vooral invloed op de kleine schulden, bijvoorbeeld de sociale wijkteams die gebruik maken van vroegsignalering. Meerdere methodes richten zich op de probleemfactor financiële opvoeding, maar deze komen pas aan bod op het moment dat de jongeren schulden beginnen op te bouwen, of deze al sterk aanwezig zijn. Er is dus wel veel beleid op schuldenproblematiek, maar weinig hiervan is gericht op jongeren. De methode die wel specifiek hierop gericht is, is gericht op jongeren met grote schulden. Er mist dus beleid gericht op jongeren in de preventiefase en de fase van beginnende schulden. 22

7. Deelvraag 3: wat vinden jongeren goede methodes om schuldenproblematiek aan te pakken? Inleiding In dit hoofdstuk worden twee onderdelen besproken. Er zijn vier methodes ontwikkeld om schuldenproblematiek onder jongeren in de gemeente Leeuwarden te verminderen. Eén hiervan is volledig gericht op preventie. De andere drie zijn vooral gericht op het voorkomen van grotere schulden. In dit hoofdstuk worden de vier methodes toegelicht. Daarnaast zijn drie van de methodes voorgelegd aan een groep jongeren. Hun beoordeling en feedback op de plannen zijn ook toegevoegd aan dit hoofdstuk. Eerder in dit onderzoek zijn een aantal oorzaken omschreven van schuldenproblematiek onder jongeren. Ook is er gekeken naar uitgevoerd beleid en deels het succes hiervan. De plannen zijn bedacht als aanvulling op het bestaande beleid, vooral om specifiek het groeiende probleem onder jongeren aan te pakken.

7.1 Interview Carlijn Niesink Voor dit onderzoek is gesproken met gemeenteraadslid Carlijn Niesink. Zij heeft zelf eerder in de schuldsanering gezeten en maakt zich nu hard voor dit thema. Met haar zijn ook de volgende plannen besproken, deels voortkomend uit haar ervaringen, in samenwerking met de opgedane kennis in het onderzoek. Met Carlijn Niesink is ook buiten het interview gesproken. Vandaar dat beide personen elkaar al kennen en er al voorkennis is over de tussentijdse resultaten van het onderzoek en de weg die ingestoken wordt. Het transcript is te vinden in bijlage b.

7.2 Totstandkoming van de plannen Aan het eind van deelvraag 1 is er een tabel gemaakt met daarin de probleemfactoren rondom schuldenproblematiek onder jongeren. Ook de verschillende categorieën aan schulden worden hierin benoemd. In deelvraag 2 is gekeken naar het beleid vanuit de gemeente Leeuwarden op dit onderwerp. De meeste plannen zijn ontstaan vanuit het gesprek met Carlijn Niesink, met daarop gedane aanpassingen vanuit de eerdere bevindingen uit dit onderzoek. De focus hierin lag om de gaten op te vullen die nog lagen in de aanpak. Ook zijn de plannen aangepast naar aanleiding van de feedback van de gesproken jongeren. De probleemfactoren die door het plan worden aangepakt, worden kort opgesomd aan het eind van ieder plan.

7.3 Voorlichting kosten volwassen leven Steeds meer jongeren komen in de schulden. Een aantal oorzaken die daarbij genoemd worden zijn financiële onwetendheid en een gebrek aan financiële opvoeding. Veel jongeren weten simpelweg niet van de kosten van verhuizen, op jezelf gaan wonen en de kosten van het dagelijks leven wanneer zij zelf verantwoordelijk zijn. In het theoretisch kader werd al geschreven over het geldplan bijna 18, waarin een overzicht gegeven wordt van een aantal zaken die geregeld moeten worden wanneer jongeren volgens de wet volwassen worden. De informatie hierin is echter zeer basaal en er worden geen bedragen genoemd van wat de 23

kosten daadwerkelijk zijn. ook verschilt dit zeer per stad, de vierkante meterprijs van een kamer in Amsterdam is gemiddeld anderhalf keer zo hoog als die in Leeuwarden (LSVB, 2018). Daarom is een voorlichting gericht op Leeuwarden iets wat uitkomst kan bieden. Het idee hierbij is dat op vervolgstudies inzicht gegeven wordt in de kosten van op jezelf wonen. Wat kost een huis, een (zorg)verzekering, boodschappen en alles wat erbij komt kijken om zelf je rekeningen te kunnen betalen. Deze cursus wordt gegeven door relatief jonge mensen, zodat ze dichtbij de jongeren staan. Op deze manier kunnen jongeren beter voorbereid op zichzelf gaan wonen. Ook zou het handig zijn hier een aantal tools mee te geven om makkelijker inzicht te geven in financiën en de eigen boekhouding bijhouden.

Beoordeling jongeren Dit idee is voorgelegd aan twee kleine groepen jongeren. De jongeren vonden dit idee erg goed en belangrijk. Ook gaven ze aan dat dit iets is wat echt mist in het huidige onderwijs. Het idee om dit in een cursus te verwerken, specifiek gegeven op een vervolgstudie valt ook erg goed. De bereikbaarheid van de informatie is daarmee een stuk beter dan wanneer het enkel op een website staat, waar iemand zelf naar op zoek zou moeten gaan. Hiermee wordt de informatie als het ware in de schoot geworpen, waardoor er een grotere en bredere groep bereikt kan worden. Oorzaak De oorzaken die worden aangepakt in dit plan zijn: - financiële opvoeding, verandering levensfase, studieschuld, telefoonschulden en abonnementen. Fase De schuldenfase waar dit plan zich op richt is de preventieve fase.

7.4 Vanuit de gemeente hulp bij betaalafspraken maken Wanneer mensen enkele schuldeisers hebben en deze rekeningen niet kunnen betalen, betalen ze deze rekening niet, waardoor deze alleen maar hoger wordt. Een andere optie is om een betalingsregeling te treffen met de schuldeiser. Niet iedere schuldeiser staat hier echter voor open en sommigen zijn vrij agressief in hun communicatie, waardoor jongeren uit een soort angst de rekening maar betalen, ook wanneer dat eigenlijk niet kan. En anders kan het snel gebeuren dat al die betalingsregelingen bij elkaar opgeteld eigenlijk teveel zijn, waardoor andere rekeningen weer niet betaald kunnen worden. Hierdoor ontstaan vaak weer schulden bij andere bedrijven of de overheid en die worden dan weer duurder als ze niet betaald kunnen worden. Zo kan iemand volledig in de schulden rollen. Om dit te voorkomen zou er een optie moeten zijn vanuit de gemeente om tussen de schuldenaar en de schuldeiser in te gaan staan. De gemeente spreekt met de schuldenaar een bedrag af wat diegene daadwerkelijk maandelijks kan missen. Vervolgens zorgt de gemeente dat dit bedrag verdeeld wordt over de schuldeisers. Zo wordt het speelveld tussen schuldenaar en eiser gelijker getrokken. Het plan lijkt erg op de plannen voor een minnelijk schuldtraject, alleen zitten daar weer veel voorwaarden aan de voorkant. Deze zullen moeten weggenomen worden.

Wel moeten er kaders worden gesteld aan de “binnenkant”. Hierin gaat het erom dat de gemaakte 24

afspraken nagekomen worden en er geen nieuwe schulden gemaakt kunnen worden. Ook moet er een hoger bedrag overblijven voor de schuldenaar, om zo te voorkomen dat deze in een sociaal isolement belanden. Specifiek voor jongeren is dit een gevaar, omdat het voor hen de fase is waarin de sociale contacten als basis gelegd worden en een fundament vormen voor de rest van hun leven. Beoordeling jongeren Dit plan scoorde het beste bij de gesproken jongeren. Het grootste risico wat hierbij benoemd werd, is dat het bereiken van deze doelgroep lastig kan zijn. Daarom is het doel ook om de groep zo vroeg mogelijk te bereiken, voordat ze in een sociaal isolement belanden en bijvoorbeeld de post niet meer openen. De gemeente wordt ook niet door iedereen gezien als een veilige instantie en veel mensen zien de gemeente sneller als een boeman dan een hulp biedende instantie. Maar de jongeren gaven ook aan dat het belangrijk is dat de overheid zelf ook in een eerder stadium ondersteuning biedt, en niet de eerste fase volledig overlaat aan stichtingen en andere hulpinstanties. Daarom zou dit plan goed naast de bestaande hulpinstanties kunnen blijven bestaan. Oorzaak De oorzaken die worden aangepakt in dit plan zijn: Telefoonschulden en abonnementen, achteraf betalen, incassokosten. Fase De schuldenfase waar dit plan zich op richt is de fase van beginnende schulden.

7.5 Financiering vanuit de gemeente voor eerste levensbehoeften Jongeren hebben vaak een kleine financiële buffer. Hierdoor kunnen onverwachte rekeningen een groot probleem veroorzaken. Wanneer bijvoorbeeld de wasmachine of de koelkast stukgaat, moet deze vervangen worden. Daardoor komt het voor dat daardoor andere rekeningen niet betaald kunnen worden (Bijvoorbeeld huur of zorg). Dit veroorzaakt weer andere schulden. Een andere optie is dat ze het betalen met een achterafbetaalmethode. Hier zitten vaak extra kosten aan, waardoor het rondkomen weer moeilijker wordt (gemaakt). Het idee hierin zou dan zijn dat er bij de gemeente geld geleend kan worden om in dit soort eerste levensbehoeften te voorzien, zodat jongeren geen “boete op armoede” krijgen. Hierbij worden duidelijke afspraken gemaakt over de hoogte van de financiering en de betalingstermijn, zodat de vaste lasten niet in het geding komen. Deze schulden worden wel geregistreerd wanneer er niet aan de betalingsverplichting bij de gemeente wordt voldaan, zodat er geen misbruik van gemaakt kan worden. Hierbij gaat het erom dat jongeren een rekening kunnen laten betalen door de gemeente en deze aan de gemeente afbetalen. De gemeente stort geen geld op de rekening van jongeren, maar betaalt de rekening rechtstreeks. Hierdoor wordt het risico op misbruik geminimaliseerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leeuwarden&id=db5fb666-0264-402f-b59d-3151689469b7