Transript extra openbare raadsvergadering 3 juni 2026
Tekst van het document
En die doorstroming op een andere manier willen we ook bevorderen door te kijken naar type woningen. Door niet weer nieuwe villa’s mogelijk te maken, maar door te kijken naar betaalbare woningen en betaalbare appartementen. En daar hebben we hele interessante gesprekken over gehad, ook met de koepel van de makelaars. Niet een makelaar zijn eigen belang laten vertellen, maar puur gekeken naar wat voor prijsklasse is realiseerbaar binnen de enorme grondprijzen die hier zijn? En resulteert dat dan ook echt in doorstroming? Het voorbeeld van de Biezem met de woningen die daar zijn gerealiseerd, waarbij de eerste koop werd voorbehouden aan inwoners die een ander huis nalieten. Daar zaten mensen die een sociale huurwoning achterlieten en gingen naar een goedkope koopwoning. Dat is een voorbeeld waar we eigenlijk naar streven om dat de komende periode ook op andere plekken te realiseren. U had het over weerbaarheid prio een. Helemaal mee eens. Daarom kunnen we als Larens Behoud ons zeer aansluiten bij wat de VVD in zijn programma had gezet en wat onze burgemeester ook in zijn gesprek met ons zeer nadrukkelijk naar voren heeft gebracht. Ik hoorde ook van een van de andere inbrengers, u was het volgens mij mijnheer Lobregt, dat u zei maar de gemeente moet dat ook op orde hebben. Dat is precies wat we nastreven.
Het rijk, de gemeente en de burger moeten daarin samenwerken om op een adequate manier te weten wat ze moeten doen. En dat is ook nieuw in dit akkoord. Vroeger dachten we bij weerbaarheid dat is misschien klimaatbestendigheid. Toen hebben we het nog over Laren Regenklaar gehad als vorm van weerbaarheid. Maar we zitten nu op zaken als drinkwatervoorziening, stroomuitval. Wat doe je op het moment dat communicatie uitvalt? Of als de regering zegt dat de sirenes toch niet doorgaan, gaan we dan Larense sirenes introduceren? Dat zijn allemaal van die dingen. Als je geen mobiele telefoon hebt, moet je toch iets. En daar willen we echt voor zorgen dat het college daar stappen in gaat zetten. En de portefeuille van onze burgemeester is daar uitermate op toegerust als we dat zo zien. Als laatste de afsluiting van de Nieuweweg. U had het over mijnheer Wortel. Ook ik 14
ken hem nog. Niet uit deze periode in de raad, maar ik wil toch graag memoreren dat we eigenlijk allemaal ontzettend blij zijn bij de uitverkoopzondag en zaterdag, waarbij het hele centrum zo ongeveer is afgesloten en iedereen op de Nieuweweg goedkoop de uitverkoopschoenen nog wil kopen. Dat is eigenlijk het beeld waarvan we denken daarmee kun je de Nieuweweg nieuw leven inblazen. En wat we nu zien is dat de Nieuweweg op zaterdag ook een doorstroomlocatie is, om zo maar te zeggen, voor grote SUV’s die even snel nog bij het Kruidvat een potje shampoo moeten halen. We willen eigenlijk zorgen dat het in het weekend, net als op die uitverkoopzondag, een bruisend evenement kan zijn. Dat kan met kunst zijn, dat kan op een andere manier. En daar is Bijzonder Laren ook echt een partner in. Misschien daar nog iets over zeggen. We hebben goed met Bijzonder Laren gesproken. Begrijpen ook uit de pers en de reactie in de Gooi- en Eemlander dat er wrijvingen zijn over de financiën, over de rolverdeling. In de hele bespreking hebben we gekeken naar wat doet Bijzonder Laren nu? De subsidierelatie kan misschien wethouder Van Midden nog even toelichten wat daar het idee van is. Maar in principe is dat bij gelijkblijvend budget eigenlijk een technische wijziging, om het zo maar te zeggen.
En er zal opnieuw met Bijzonder Laren gesproken worden om te kijken op welke manieren we met elkaar het centrum, het dorp, de ondernemers, maar ook kunst en cultuur en, wat ze zelf aangaven, het ontbreken van sport in het hele pakket van Bijzonder Laren, hoe ze dat erbij kunnen trekken. Ik denk dat ik dan mijn deel van de verschillende onderwerpen gehad heb. Financiën blijft over voor wethouder Van Midden. Lijkt me het handigste. We hebben daar uiteraard met elkaar over gesproken, maar de kennis en ervaring van mijn collega is daarbij denk ik heel handig om u nog even mee te geven. De voorzitter: Gaat uw gang hoor. De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Wat financiën betreft, Liberaal Laren geeft aan wat financiën betreft niet praten maar doen. Dat gaan we zeker doen. Liberaal Laren vraagt ook een financiële vertaling van alle plannen. Dat gaan we ook zeker doen. En die financiële vertaling zult u uiteindelijk voor de eerste keer terugzien in de begroting voor 2027 en verder, die wij zullen presenteren in november. In die zin komen komt u aan uw trekken. Zowel u als Groen Laren, de heer Vos maakte wat opmerkingen over de reserves die niet zomaar leeg getrokken kunnen worden. Dat klopt inderdaad. Wat we nu gedaan hebben, is dat we onze verordening voor de reserves en voorzieningen geactualiseerd hebben.
Die hebben we aangepast aan de meest recente regelgeving op dat gebied. Wat onder andere betekent dat je reserves niet tot in oneindigheid kan aanhouden als ze op een gegeven moment hun bestemming verloren hebben. Dan moet je ze uiteindelijk gewoon laten vrijvallen in je resultaat en overbrengen naar je algemene reserve. Die reserves die wij nu gedefinieerd hebben … De voorzitter: Bij interruptie de heer Vos. De heer Vos: Wethouder, ik begrijp wat u zegt. Maar op termijn zouden reserves inderdaad vrijvallen, stoommachines en dergelijke, daar hoef je geen reserves meer voor aan te houden. Maar als ik lees dat de reserve voor het plan voor de Brink vrij zou komen te vallen, dat kan ik niet rijmen aan de plannen om het dorp opnieuw te gaan vitaliseren en praatplaten te gaan bespreken. Mijn hersenhelften botsen nu eventjes. Misschien kunt u dat dan even specificeren hoe dat dan zit met die vrijval. De voorzitter: Wethouder Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik laat de hersenhelften van de heer Vos nog even lekker botsen, want uiteindelijk zullen we dat inhoudelijk bespreken bij de vaststelling van de jaarrekening. Want dat is uiteindelijk het moment dat we komen met voorstellen over het vrij laten vallen van reserves. Dan kunt u 15
uiteindelijk beoordelen, ook als raad, of het opportuun is om de reserve die de heer Vos noemt vrij te laten vallen en besluiten of deze vervolgens ondergebracht kan worden in een reserve voor de implementatie van het coalitieakkoord. Want terecht, zoals u stelt, en mevrouw Timmerman ook stelt, uiteindelijk gaat de raad over het vrijvallen en het bestemmen van de reserves. In die zin zullen we elkaar ook nader spreken. Wat de subsidie betreft voor Bijzonder Laren, dat heeft een tweeledige achtergrond. Een hebben wij te horen gekregen dat dergelijke betalingen aan Bijzonder Laren niet rechtstreeks in relatie gebracht mogen worden met de OZB heffingen. Maar dat zullen we nader toetsen omdat we zien dat andere gemeenten dat wel doen en het eigenlijk een soort common practice is om het zo te doen. Ten tweede willen we daar een subsidierelatie van maken, althans onderzoeken, omdat we hiermee de raad in stelling willen brengen om uiteindelijk ook iets van de subsidie te vinden en daar ook eventuele voorwaarden aan te verbinden. Dat hebben we inmiddels gedaan met het Brinkhuis. Wat mij betreft werkt dat uitstekend. Waarbij we zien dat ook het Brinkhuis jaarlijks rekening en verantwoording aflegt over wat ze allemaal gedaan en besteed hebben en de raad daar uiteindelijk iets van kan vinden en ook iets kan meegeven voor het subsidie verstrekken van het jaar daarna.
Voor het zwembad gaan we exact hetzelfde doen. Dat gaan we ook kantelen. Dat wordt ook een subsidierelatie. Dan kan ook de raad daar wat van vinden. En de intentie is om het voor Bijzonder Laren ook op deze manier te gaan doen. Maar nogmaals, dit is een plan zoals nu in het coalitieakkoord staat. We gaan dat verder … De voorzitter: Mevrouw Timmerman bij interruptie. Mevrouw Timmerman-Hamers: Ik wilde alleen even zeggen, ik ga er niet te diep op in, maar dat u nu echt appels met peren aan het vergelijken bent. De heer Jansen: Mag ik daar nog iets aan toevoegen? De voorzitter: De heer Jansen bij interruptie. De heer Jansen: Ik heb ook nauw contact met de voorzitter van Bijzonder Laren en het vertrouwen is behoorlijk weg in de relatie met het college. En dat heeft vooral ook te maken met het feit dat ze niet of veel te laat worden meegenomen in plannen en nu in een coalitieakkoord allerlei beleidsvoornemens moeten lezen. Terwijl de contracthouder, namelijk de stichting, die heeft een prestatieovereenkomst met de gemeente, officieel nog niet op de hoogte is gesteld, vertelde hij mij. Misschien klopt dat niet, maar dat is wat ik te horen heb gekregen. Het gaat ook met name om de communicatie. Communicatie was ook het grote struikelblok bij het verhogen van de OZB niet-woningen. De voorzitter: De heer Jansen, interruptie is altijd kort. De heer Jansen: Prima.
Het gaat met name ook om de relatie en de communicatie met Bijzonder Laren en nog niet zozeer over de invulling of de nieuwe plannen. De voorzitter: Wethouder Van Midden. De heer Van Midden: Ik wil hier verder niet inhoudelijk op ingaan, maar ik zou zeggen waarvan akte. Natuurlijk zullen wij nadrukkelijk aandacht besteden aan de communicatie en de tijdige betrokkenheid van Bijzonder Laren in alle plannen die wij gaan doen. En dat hebben we ook afgesproken met de voorzitter van Bijzonder Laren toen wij
16
hem vroegtijdig informeerden over de inhoud van het coalitieakkoord en de gevolgen die dat voor Bijzonder Laren zou kunnen hebben. De voorzitter: Goed, dank. Wilt u verder nog … De beantwoording is rond … De heer Van Midden: Het enige wat nog buiten schot is gebleven zijn de schriftelijke vragen die D66 gesteld heeft. Ik weet niet of D66 nog prijs stelt op deze uitgebreide beantwoording, om deze specifieke vragen ook nog verder te laten beantwoorden, dat hoor ik graag. De voorzitter: We gaan een tweede termijn in, dan gaan we dat gewoon even vragen aan D66. Mevrouw Beishuizen, heeft u nog resterende vragen, dan wel vragen in de tweede termijn? Gaat uw gang. Mevrouw Beishuizen: Dank u, mijnheer Van Midden, dat u deze vraag stelt. Want inderdaad, dat zouden wij heel erg op prijs stellen als u daar ook antwoord op geeft. Want wij hebben recht willen doen aan al jullie werk voor het coalitieakkoord. Natuurlijk willen we u ook graag scherp houden en kritisch zijn, maar de reden dat wij dit soort voorbereidingen doen, is ook omdat wij dit belangrijk vinden en juist ook willen helpen om het nog een slagje beter te maken en daar zorgvuldig mee om te gaan. Wij zouden heel graag antwoord op onze vragen krijgen. De voorzitter: Dan ga ik even kijken naar de onderhandelaars of u deze vragen nu kunnen beantwoorden.
En ik denk dat het wel netjes is om dat nu te doen, want als er dan nog resterende vragen zijn dan heeft D66 gewoon een transparante tweede termijn. Dan geef ik u het woord, mijnheer Van Midden als eerste. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, de formateur kan het best ingaan op de eerste vraag als het gaat om samenwerking en draagvlak. De voorzitter: Dan gaan we naar de formateur voor de procesvraag die is gesteld door D66. De heer Van Waveren. De heer Van Waveren: Ik heb met vier fracties gesproken, daarna met achttien partijen. Een aantal hebben we al genoemd. Ik vind het ook … Van mij hoeven we ze niet allemaal met naam en toenaam te noemen, omdat we dat ook niet van tevoren hebben gezegd. Niet omdat dat per se geheim is. Maar u kunt zich ook goed voorstellen dat dat mensen van de grote instellingen zijn geweest, van Singer, van het Brinkhuis, van de woningbouwcorporatie. De voorzitter van Bijzonder Laren. Eigenlijk op al die domeinen, met veel aandacht voor wonen in het bijzonder en voor economie, denk ik dat dat twee blokken zijn geweest die veel aandacht hebben gehad. Als ik daarmee mag volstaan. En ik vind het ook fair naar de mensen die we gesproken hebben om die niet allemaal met naam en toenaam op te lepelen. Een aantal heeft u ook kunnen begrepen. Ik denk dat u dan een eind richting de achttien komt met wat al gedeeld is.
De voorzitter: Dat is het procesantwoord dan. Dan verder de inhoudelijke beantwoording. De heer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. De heer Loeff en ik zullen om en om nu de verdere vragen beantwoorden in een mooi ritme. Allereerst wil ik opmerken richting mevrouw Beishuizen van D66 dat wij het zeer waarderen dat deze vragen gesteld worden. Het getuigt van een zeer grondige bestudering van het coalitieakkoord en dat stellen we alleen maar op prijs. In die zin heel goed dat u dat zo gedaan heeft. Als het gaat om toezicht en handhaving. Wij geven aan in het coalitieakkoord dat we in de volle breedte van toezicht en handhaving een wat meer planmatige aanpak willen hebben. Handhaving is heel erg breed in zijn soort, om het zo
17
maar even te zeggen. Dat gaat van handhaving op bouwen en wonen, bouw- en woningtoezicht, kapbeleid, tot en met precario, spulletjes op straat zetten, parkeren en hondenpoep aan toe. Wat wij uiteindelijk gaan doen, is op alle verschillende onderwerpen kijken van hoe kijken we daartegenaan, waar liggen onze prioriteiten, hoe gaan we dat aanpakken? En om alvast een doorkijk te geven, op sommige dingen zijn we al bezig. Bijvoorbeeld als het gaat om bouwen en wonen. Daar hebben we ook in gesprekken met de marktpartij te horen gekregen dat we daar nog een inhaalslag te maken hebben, om het even zo te noemen. In de VTH-strategie en het uitvoeringsplan, zoals die in de komende commissie deze maand besproken zal worden, geven we duidelijk aan wat we willen gaan doen, wat de prioriteiten zijn en ook welke budgetten daarbij vereist zijn. Dat is een heel concrete die we op dit moment al aan het uitvoeren zijn. Maar uiteindelijk zullen we in het coalitieprogramma de andere dingen verder oppakken. De heer Loeff: Dan zal ik naar de volgende vraag gaan. Het kwam toevallig uit dat ze heel mooi om en om te beantwoorden zijn. Ik wil alleen een opmerking maken, ook van mijn kant waardering voor de vragen. Maar het is niet zo dat het college die beantwoordt, want het college zit er nog niet.
U stelt de vragen aan de onderhandelaars en wij zijn de lijsttrekkers van de partijen die met de verschillende mensen het coalitieakkoord gesmeed hebben. Als onderhandelaars kunnen we daar iets van zeggen. En het college kunt u verder bevragen op de details. Want ik merk dat in uw vragen heel veel detailvragen zitten en die komen uiteindelijk ook in collegevoorstellen op tafel in de raad. Ik denk dat een aantal van uw vragen die u nu heel specifiek stelt, dan bij de verschillende onderwerpen als die worden uitgewerkt ook echt aan bod kunnen komen. Maar om het onderwerp leegstandsverordening, waar u vragen over stelt, te beantwoorden. Welke kansen en risico's ziet u bij een leegstandsverordening? Dat is iets wat nog niet specifiek is uitgewerkt. Het opnemen van onderzoek naar het bestrijden van leegstand zit er met name in. Mevrouw Timmerman gaf al een voorbeeld aan, echt langdurige winkels die voor een hele lange tijd niet verhuurd worden. Daar kunnen allerlei oorzaken aan ten grondslag liggen. We hebben in de afgelopen coalitieperiode de Smederij gezien, waar wethouder De Groot intensief mee bezig is geweest. Uiteindelijk zal de leegstandsverordening, u vraagt naar alternatieve instrumenten, een van de opties kunnen zijn om leegstand nadrukkelijk aan te pakken.
Maar wat de strategie zal worden van het nieuwe college, als het aan ons ligt, is om voornamelijk vanuit de portefeuille economie en vanuit de wethouder economie in gesprek te gaan met de verschillende eigenaren van panden die heel lang leeg staan en waar ook echt nadrukkelijk iets moet gebeuren. Dat is ook iets wat uit de thematafel economie kwam, waar dat ook is besproken. En die thematafels, dat staat ook in het akkoord, die worden voortgezet. Voordat er echt een leegstandsverordening bij de raad op tafel ligt, wordt er eerst gekeken naar de goede overleggen om te komen tot een daadwerkelijke invulling. Dat is altijd het doel. We gaan niet meteen, althans dat is niet de bedoeling, met een leegstandsverordening komen en voor politieagent gaan spelen. Eerst moet het gesprek op gang worden gebracht. Portefeuillehouder BEL-organisatie. De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. De portefeuille BEL-organisatie. Een hele terechte vraag die D66 hier stelt, wat uiteindelijk de meerwaarde is. Die meerwaarde is als volgt. Ik merk trouwens dat ik de antwoorden geef in mijn kwaliteit als collegelid en wethouder en lijsttrekker. Maar onder het motto: schizofreen is nooit alleen, moet dat aardig lukken, denk ik. De meerwaarde zit in het feit … Ik heb de laatste twee jaar financiën gedaan van de BEL-organisatie.
En wat je ziet, is dat financiën als onderwerp eigenlijk te smal is, omdat financiën, de financiële consequenties, pas aan het eind van een beslissingstraject zijn. Ik heb eigenlijk gezegd, als je kijkt naar de grote bovenliggende vraagstukken, zijn het allemaal vraagstukken die eigenlijk gaan over de bedrijfsvoering van de BEL, die gewoon nog niet goed belicht zijn. Bestuurlijk ook binnen de BEL. We hebben uiteindelijk in het management een apart hoofd bedrijfsvoering. Maar binnen het bestuur zelf hebben we daar te weinig aandacht voor en is eigenlijk de financiële verantwoordelijkheid te smal. Daarbij zien wij ook dat in het vooroverleg dat de wethouders financiën met elkaar hebben als voorbereiding voor het BEL-bestuur, uiteindelijk 18
ook die smalle scope van financiën te klein is om uiteindelijk BEL-breed goed te kunnen kijken van hoe ziet nu die bedrijfsvoering eruit en hoe vertaalt zich dat uiteindelijk in alle aspecten, waaronder de financiële? Vandaar dat gezegd is we zouden eigenlijk die stap moeten maken naar de bedrijfsvoering in de breedte. Om daar met de portefeuillehouders van de verschillende gemeenten, de wethouders, want we hebben de intentie om binnen de colleges een wethouder ook specifiek verantwoordelijk te laten zijn voor de bedrijfsvoering van de BEL, om die als een soort commissie dat te laten voorbereiden voor het BEL-bestuur, waar dan de verdere besluitvorming plaats kan vinden. In termen van governance verandert er helemaal niets. Het management blijft natuurlijk verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering van de BEL. Het BEL-bestuur is verantwoordelijk voor het toezicht en de besluitvorming over die bedrijfsvoering. En de wethouders die zich bezighouden met de bedrijfsmatige kant kunnen daar uiteindelijk vanuit een soort commissie adviseren en voorstellen voorbereiden voor het BEL-bestuur. Dat is de diepere gedachte daarachter. De heer Lobregt: Mijnheer de voorzitter, mag ik daar een vraag over stellen? De voorzitter: Mijnheer Lobregt, bij interruptie.
De heer Lobregt: Maar mijnheer Van Midden, verandert er dan echt iets ten opzichte van de huidige situatie? En kan dat dan misschien in een notitie ingebracht worden of een raadsinformatiebrief, zodat we daar allemaal duidelijk kennis van kunnen nemen wat er dan precies verandert en wat de voordelen van die verandering zijn? De voorzitter: Mijnheer Van Midden. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, we gaan het uiteindelijk verder uitwerken, want we hebben het in het laatste BEL-bestuur geopperd om het op die manier te doen. En hebben wij ons voornemen aangekondigd. We zullen het uitwerken en dan zullen we uiteindelijk ook u informeren wat het concreet aan verandering betekent. Ik hoop dat ik hiermee voldoende de wens en de vraag van de heer Lobregt beantwoord. Dan gaan we naar de proef van de Nieuweweg. De heer Loeff: Proef Nieuweweg. U hebt een viertal vragen gesteld over de proef Nieuweweg en de afsluiting. U zegt in uw inleiding: met als doel de straat verder te ontwikkelen als evenementen- en activiteitenstraat. Dat is niet het doel, dat is eigenlijk het middel. Het middel om door middel van activiteiten en afsluiting de Nieuweweg weer tot de straat te maken waar ook het winkelaanbod weer op peil is. We hebben geconstateerd dat de Naarderstraat eigenlijk heel goed functioneert als winkelstraat.
Dat dat wordt doorgezet richting het Zevenend, dat daar allemaal diverse ondernemingen zitten waar ook de loop goed in zit. Maar dat de Nieuweweg eigenlijk door het verdwijnen van een aantal winkels, waaronder een slager en een schoenenwinkel, inmiddels toch een beetje aan het doodbloeden is. En dat is lastig. Hoe zouden we dat kunnen doen? Het middel is evenementen en een substantiële afsluiting. Hoe willen we dat doen? Door middel van in eerste instantie naar overleg te gaan met Bijzonder Laren van hoe zouden we dit kunnen realiseren en wat zijn daarbij de opties? En ik ga u gewoon een heel persoonlijk dingetje meegeven. Want ik was een tijd geleden in Klagenfurt in Oostenrijk en daar hadden ze gewoon ook de borden neergezet die niet werden weggehaald door de plaatselijke Ernst Wortel. Daar waren bankjes met prachtige palmen neergezet en daar werd ontmoeting gecreëerd. En dat is eigenlijk precies de vraag die u stelt. Door het neerzetten van hele mooie uitnodigende banken dwars op de weg was de straat een weekend afgesloten, kwamen er straatmuzikanten en werd het een verblijfsgebied. En juist met zo'n proef, met zo'n experiment, om dat ook echt goed te doen, denken we dat uiteindelijk de weg naar autoluw of misschien zelfs autovrij in gang kan worden gezet. Het is de realiteit dat ondernemers vaak zeggen ik moet bereikbaar zijn voor 19
klanten met een auto. Op het moment dat een straat is afgesloten, dan blijkt uiteindelijk dat ondernemers toch zien dat daar ook klandizie blijft en dat het verblijfsgebied ook echt aantrekkelijker is. Het is niet zo dat dit ook een uitgewerkt voorstel is, zoals u zegt. Dit is een gedachte. En die gedachte hebben we vervat in het coalitieakkoord. Dat zal weer verder moeten worden uitgewerkt. Met daarbij de hoop dat door middel van die activiteiten de Nieuweweg weer een aantrekkelijke straat wordt. We hebben daar ook bijgezet het rondje Klaaskampen. Komt een beetje voort uit de discussie die we hadden over de praatplaten, dat de Klaaskampen ter hoogte van de Postkoets nogal versteend is. Als je dat ook zou vergroenen en aantrekkelijker zou maken, dan maak je het rondje vanaf de Brink, Bonte Paard, Nieuweweg ook een logischer rondje om te lopen. Dat is eigenlijk de gedachte achter dit voorstel. De heer Van Midden: Dan ga ik over naar de vraag over groen in het dorp. Waarin D66 haar waardering uitspreekt voor de aandacht die we voor het groen hebben, maar ook vraagt hoe de investeringen zich verhouden tot de bredere visie op biodiversiteit, klimaatadaptatie en bewonersparticipatie. Ik kan daarvoor verwijzen naar het groenbeleidsplan. Daar staat eigenlijk alles in beschreven wat we op dit gebied willen doen.
Daar hebben we ook met de raad besloten om biodiversiteit een van de hoogste prioriteiten te laten zijn. Daar gaan we ook mee aan de slag. Alleen wat we zien in het groenbeleidsplan zoals het nu gedefinieerd is, is dat we de investeringen in biodiversiteit, als het gaat bijvoorbeeld om het groen langs onze wegen, de plantsoenen en dat soort dingen, oppakken op het moment dat we met reconstructies aan de slag gaan. Dat gaan we doen toevallig omdat we de Naarderstraat gaan doen en de Eemnesserweg en ook de Jordaan. Maar daarmee zou het wel heel beperkt zijn. Wat we nu gezegd hebben als toekomstig college is we moeten eigenlijk vooruitlopend op of naast die reconstructies, ook aparte plekken in het dorp gaan oppakken om versneld die stappen naar een meer bio diverse omgeving te zetten. Ook geïnspireerd door de presentatie die de heer Loeff hield tijdens het bespreken van de centrumvisie. Waarbij hij zegt het ziet er allemaal heel eentonig en wat schraal uit in het dorp. Laten we gauw ook meteen het goed oppakken en uiteindelijk ook op bepaalde plekken investeren in een wat levendiger groenbeeld en ook de biodiversiteit inhoud geven. Het mooie is dat we, en dat ziet u ook terug in het coalitieakkoord, dat niet alleen beperken tot het centrum, maar dat we ook zeggen we gaan nadrukkelijk kijken naar de wijken buiten het centrum.
Hoe we daar ook op de lange termijn structureel het groen kunnen aanpakken en het uiteindelijk ook bio divers en klimaat adaptief kunnen maken. Als het gaat om inwonersbetrokkenheid, dat ziet u ook terug in het groenbeleidsplan. Dat is in overleg met diverse stakeholders uitgewerkt. Daar zijn heel veel partijen bij betrokken. Als het gaat om het groenbeleid, ziet u ook in het groenbeleidsplan dat we steeds meer willen investeren in zelfbeheer in onze gemeente. We hebben nu zo'n vijftien tot dertig projecten waarbij bewoners zelf stukken grond in beheer hebben. Dat willen we verder uitbouwen. En u zult ook terugzien in het groenbeleidsplan dat uiteindelijk ook een ambitie is om het groen zoals wij dat in de openbare ruimte hebben, en de filosofie daarachter, ook eigenlijk te laten doorklinken in de particuliere tuinen. Maar dan ligt uiteindelijk het initiatief natuurlijk zelf bij de particulier om daar iets mee te willen. In die zin hebben we dat denk ik goed geborgd. De heer Jansen: Kleine interruptie. De voorzitter: De heer Jansen bij interruptie. De heer Jansen: Mijnheer Van Midden zegt dat we investeren in het groen door zelfbeheer te stimuleren en aan te moedigen.
Maar moet ik daaruit begrijpen dat als burgers groen in eigen beheer willen nemen, dat ze daar ook een financiële vergoeding voor krijgen? Dat kosten gedeclareerd kunnen worden bij de gemeente? Of moeten ze dat uit eigen zak betalen? Want dan is het geen investering van de gemeente maar juist gewoon een kostenbesparing ten koste van de inwoners die het dan zelf … 20
De voorzitter: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Ik zou de heer Jansen willen adviseren ook nadrukkelijk gewoon even alle initiatieven goed te volgen die wij doen op dit gebied. Want dan heeft u ook kunnen constateren dat we in het najaar vorig jaar alle zelfbeheerders een mooie plantenbon gegeven hebben waarmee ze planten kunnen kopen om die uiteindelijk in de plantsoenen te plaatsen in het voorjaar, om ze weer mooi te laten groeien en bloeien. De heer Jansen: En die hoogte van de plantenbonnen … De voorzitter: Sorry, de heer Jansen, nogmaals bij interruptie, denk ik. De heer Jansen: Dank u, voorzitter. Die plantenbonnen, waren die ook voldoende om alle kosten te dekken voor alles wat er uitgezaaid en uitgezet is? Want daar heb ik nergens iets van terug kunnen vinden. De voorzitter: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Uiteindelijk zit het meeste, als je het kosten wil noemen, gewoon in het werk wat de mensen zelf doen. Het snoeien, schoffelen, het verzorgen van de planten. En niet zozeer in de aanschaf van de planten. En ik zie ook trouwens dat mensen het ook niet eens zo onprettig vinden om zelf die investeringen te doen en zelf keuzes te maken in de planten die ze graag willen plaatsen. Ik heb daar tot op dit moment geen problemen mee ervaren. De voorzitter: Gaat u door met het laatste stukje.
De heer Loeff: Zal ik de laatste vragen beantwoorden over woningen voor Laarders. U vraagt kan het college, de onderhandelaars, verduidelijken binnen welke juridische en beleidsmatige kaders het voorrang geven aan Laarders mogelijk wordt geacht? Ik heb hem eigenlijk net al beantwoord. Het gaat op twee manieren. De eerste betreft als er sociale woningen worden opgeleverd door de woningbouwcorporatie of woningbouwcorporaties, dan is de eerste toewijzing altijd iets wat kan gebeuren door de gemeente. Daarbij kunnen Laarders een eigen woning krijgen als zij op een wachtlijst staan. De andere optie is op het moment dat er een plan wordt ontwikkeld, dan is het mogelijk om in afspraak met de ontwikkelaar te zeggen kunt u een bepaalde periode Laarders voorrang geven? Dat is een mogelijkheid die bijvoorbeeld bij het zwembadproject aan de orde is geweest. En daardoor krijg je ook doorstroming binnen de eigen gemeente. U vraagt ook hoe de ambitie wordt afgewogen tegen de regionale samenwerking. We hebben als raad in de vorige periode de regionale huisvestingsovereenkomst ook weer afgesloten. Daarin hebben we met elkaar als raden van de verschillende Gooise gemeenten eerst bediscussieerd of die verordening werkt. We hebben ook gekeken hoe het zit met de wachtlijsten en de doorstroming. Dat gaat echt over de toewijzing van sociale woningen.
En daarin hebben we ook met elkaar ingestemd met de huidige verdeling. Die zal gewoon in stand blijven totdat de Gooise gemeenten met elkaar zeggen we gaan die verordening weer herzien. En dan zitten wij natuurlijk als raad van Laren weer aan het stuur om daar onze eigen inbreng op te leveren. Dat is eigenlijk hoe de regionale samenwerking wordt gekoppeld aan lokale toewijzing. Welk concreet effect verwachten we? Het blijft natuurlijk altijd heel kleinschalig. We zijn niet Weesp met een Bloemendalerpolder en honderden woningen die daar op jaarbasis worden opgeleverd. Ik zei het net al, het gaat over kleine aantallen. Dat betekent ook dat regionale woningzoekenden soms bij ons terechtkomen, maar dat ze soms ook in Eemnes terechtkomen of in Huizen terechtkomen. Ik zat vanmiddag nog in de bus bij iemand die uit
21
Laren komt, in Huizen woont, maar de bus naar Amsterdam neemt. We zitten toch in de regio en dat is toch de realiteit die we moeilijk kunnen veranderen. Dat als toelichting op dit aspect van het coalitieakkoord. De voorzitter: Dank u wel beiden. Dan ga ik nu naar de tweede termijn. En dan begin ik weer even bij D66. Wie van u beiden wil het woord hebben in tweede termijn? De heer Jansen: Mogen we de vragen uitsplitsen? Ik heb een vraag en dat mijn collega de rest doet? De voorzitter: We hebben vragen gesteld nu. Ik denk dat het nu goed is om in de tweede termijn nog een reactie te geven. Dit komt nog een keer terug. Dit is een bespreking van een coalitieakkoord. Ik hoorde de onderhandelaars ook zeggen, en ik geef het toch ook even de raad mee, dit wordt verder uitgewerkt in een collegeprogramma. Dat collegeprogramma op hoofdlijnen wordt weer uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. Dat komt in het najaar hier terug. Dan hebben we ook een begrotingsbehandeling. En u heeft als gemeenteraad de middelen, met budgetrecht en kaderstellende mogelijkheden, om ook richting te geven aan wat u straks van de uitwerking van het programma vindt. En om ook richting te geven aan de komende vier jaar. Ik hoop dat deze woorden en dit proces ook helpen, wat dan het moment is. Want vanavond bespreken we gewoon het coalitieakkoord. Vragen zijn denk ik gesteld.
Misschien nog in de tweede termijn een reactie. Het is ook de bedoeling dat u misschien op elkaar wilt reageren. Dat doen we nog in tweede termijn. En dan stel ik ook wel voor dat we een volgende stap maken deze avond. D66 geef ik het woord. Mevrouw Beishuizen, de heer Jansen, wie van u beiden? De heer Jansen: Een momentje alstublieft. Mevrouw Beishuizen: Enthousiasme of gebrek daaraan kan ons niet verweten worden. Dank voor het uiteindelijk beantwoorden van de meeste van onze vragen, laat ik het zo zeggen. En ik snap dat wij daarin ook enthousiast zijn geweest. Fijn om te horen dat u inderdaad overgaat tot het maken van een uitvoeringsprogramma. En volgens mij heeft de voorzitter mijn vraag daarover beantwoord, wanneer die kan komen. Want dat werd even niet gemeld, maar ik hoorde in het najaar. Dat zouden wij heel fijn vinden om daar gewoon meer zicht op te krijgen en daar het goede gesprek over te voeren. Daarnaast wil ik met name de onderhandelaars, maar dan ook straks het nieuwe college, nog steeds uitnodigen: durf, heb ambitie, ga echt een stap verder en zorg dat dit coalitieakkoord en vooral de plannen daarna echt veel meer glans en inspiratie geven. Met name ook in de visie op het centrum. We gaan het uitwerken, maar toch blijft bij mij het gevoel hangen dat we in het coalitieakkoord het allemaal een beetje afzwakken. We doen een proefje waarvan we eigenlijk ...
En dan moet ik mevrouw Timmerman geheel gelijk geven. Ook wij zien dat niet zitten, want daar zijn slechte ervaringen mee in het verleden. Bij dit soort maatregelen moet je structureel, permanent zo'n gebied veranderen zodat het echt niet voor de auto is. Want volgens mij willen we vooral de mens de ruimte geven in ons mooie Laren. Ga daar alsjeblieft een stap verder in. Wees daar ambitieus in. En wederom herhaal ik ook mijn verzoek, ga niet een parkeergarage alsjeblieft onderzoeken, maar kijk naar andere mobiliteitsoplossingen. En een parkeergarage kan daar een van zijn. Maar we weten allemaal hoe kostbaar dat soort zaken zijn. Er zijn heel veel andere mogelijkheden. Durf daar, zoek de vernieuwing op. Elke dag is er wel een nieuwe oplossing. En hetzelfde wil ik u uitnodigen met, de collega's van Groen Laren haalden dat onder andere ook aan, de inhaalslag voor de sociale woningbouw. We begrijpen aan alle kanten dat we niet een Weesp zijn. Dat is volgens mij ook geheel niet onze ambitie. Maar we mogen daar echt wel een stapje verder doen om zowel de mensen die hier vandaan komen, die hier wonen, maar ook nieuwkomers, denk ook aan statushouders, echt alles op alles te zetten om daar ruimte voor te creëren en dat zij zich vooral welkom voelen hier. En ook daarin: durf en zet alles op alles. Dat is even mijn reactie.
22
De voorzitter: Mevrouw Beishuizen, dank voor ook deze stevige aanmoediging richting de nieuwe coalitiepartijen. Want straks komt het college. De heer Jansen: Voorzitter, mag ik nog een algemene opmerking maken? De voorzitter: Nee, we reageren nu eventjes. Het is misschien goed dat een woordvoerder het gewoon per fractie doet. En we kunnen dit altijd in het presidium nog evalueren of we hier nog beter in kunnen worden met elkaar. Maar laten we het even ordentelijk zo verlopen. Dan ga ik even naar de heer Lobregt, CDA. De heer Lobregt: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik moet zeggen, het is heel gezellig om naast de smoezende fractie van D66 te zitten. Enthousiast smoezend. Ik wil u ook danken, mijnheer de burgemeester, voor de bemoedigende woorden dat het allemaal nog een keer terugkomt, dat het niet hierbij blijft. Dat zou toch zonde zijn? Voor de Nieuweweg, wat misschien aantrekkelijk is, is dat we daar een openbaar toilet plaatsen bij het Kruidvat. Ik denk dat dat heel veel publiek gaat trekken. Ik wil toch nog benadrukken, de BEL-organisatie vergt heel veel aandacht van ons de komende tijd. En we komen niet weg, mijnheer Van Midden, met het evalueren van wat er gebeurd is op de Fazantenhof, met het checken van wat checks and balances. Ik begrijp uw woorden. Ik werk met een accountantsorganisatie. Daar doen we dat ook. Maar er is hier meer aan de hand.
En ik zou het ook zeer op prijs stellen als de nieuwe directeur van de BEL-organisatie, waarvan ik hoop dat hij heel lang bij ons blijft en dat hij heel succesvol gaat zijn, te zijner tijd, als die ingewerkt is en zijn visie heeft gevormd, ook in de raad of in de commissie komt vertellen wat zijn plannen zijn om de BEL-organisatie op orde te brengen. Ik ben blij dat u zegt we gaan ook vanuit de portefeuillehouders meer aandacht besteden aan de BEL-organisatie. Maar ook dat is niet voldoende. We zullen structureel aan de slag moeten met het efficiënter en beter maken. Maar ook, u kunt zeggen het was schertsend, natuurlijk was het schertsend over die samenwerking. Maar bij ons thuis zeggen we in ieder grapje schuilt een kern van waarheid. En hier schuilt een hele grote kern van waarheid, want we moeten veel meer uniform beleid hebben over de gemeentes. En dan zullen we onszelf als gemeente Laren, en ook als gemeente Eemnes en Blaricum, maar vooral ook als gemeente Laren, daarin in acht moeten nemen dat we niet alles zelf kunnen beslissen, maar dat we dat in samenspraak zullen moeten doen met de andere twee gemeentes. Ik ben ook heel benieuwd straks in de uitvoeringsplannen naar de financiële uitwerking. Mevrouw Timmerman zei daar ook al iets over. Er wordt nu al gesproken over temporiseren om toch financieel in het gareel te blijven.
Wij hebben geen enkel inzicht in wat de uitgaven voor de toekomst zijn. Wat gaat de ontwikkeling zijn van onze solvabiliteitspositie. Boekhoudkundig ziet het er allemaal geweldig uit. Maar in de toekomst, wat als er een tegenvaller is, bijvoorbeeld rondom de scholen, bijvoorbeeld rondom een uitvoering? Ook daar wil ik graag aandacht voor. Als laatste dan toch nog even rondom het parkeren en het verkeer. Je moet tegenwoordig in Laren een enorme atleet zijn om je te bewegen over de stoepen. Wat ook weer frappant is, we hebben dan de Sint Janstraat opnieuw ingericht bij de Albert Heijn. En daar, tussen voormalig garage Bouman, moet ik inmiddels zeggen, en de Albert Heijn hebben we parkeerplaatsen gemaakt. En dan moeten de auto's half op de stoep, half op de weg parkeren. Alleen dat doen sommige auto's niet, want die parkeren namelijk helemaal op de stoep. En zelfs ik kom daar niet langs en niet doorheen. Ik loop tegenwoordig dan over die auto's heen. En wat dan heel vervelend is, als er eentje een soft top heeft, dan zak je zo door dat dak heen. Maar je moet echt over die auto's heen lopen daar, om überhaupt die Albert Heijn te kunnen bereiken. Graag ook aandacht voor de kwaliteit van de stoepen, de breedte van de stoepen en de logica van het parkeren, zodat het dorp bereikbaar blijft. Ook voor voetgangers. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, heer Lobregt.
Dan ga ik naar de heer Vos van Groen Laren. Nog behoefte voor een tweede termijn? 23
De heer Vos: Vanzelfsprekend, mijnheer de voorzitter. Daarvoor zijn wij hier op aarde. Ik wil even reageren. Eerst op mijnheer Lobregt, CDA. U kunt morgen natuurlijk volop deelnemen aan de carrousel en dan wordt u helemaal bijgepraat over de BEL-combinatie. Ik hoop dat ze dan morgen uw zorgen allemaal wegnemen en dat u ronduit schaterend weer naar huis fietst. Ik heb toch nog een paar serieuze dingen ook. Ik heb een paar dingen gemist in de beantwoording en ik wilde ook een vraag nog even aanscherpen. Het ging met name ook over het uitvoeringsprogramma. Er werd zojuist gevraagd door D66 wanneer komt dat nu? In het najaar. Nu eindigt het najaar volgens mij ergens in oktober of november. Kan dat niet iets specifieker, is de vraag van mij aan de beide heren. Dan over de sociale woningbouw. Een derde, een derde, een derde. Mijn vraag was, zo komen we nooit aan die benodigde een derde. Kan dat niet eens gewijzigd worden? Kunt u niet eens nadenken over gewoon 50 procent? Ik hoor allemaal smoesjes. Maar wij kunnen niet bouwen in Laren en we willen niet bouwen in Laren en woonden we maar in Eemnes. We wonen niet in Eemnes en we hebben al een aflaatfonds in het leven geroepen. Misschien kan er toch wel wat gaan gebeuren. Dan heb ik een vraag gesteld over de kwaliteit van de participatie. En ik weet niet of daar een reden voor is, maar ik heb daar geen antwoord op gekregen.
Hoe we die participatie voortaan gaan borgen. En mede dat zeg ik in het licht van de Johanneskerk. Dan kan ik niet achterblijven natuurlijk om nog een keertje over die Nieuweweg te beginnen. Mevrouw Timmerman zei ken uw verleden. Dat ken ik. Mijnheer Wortel is overleden in 2017, voor de goede orde. Dat is bijna tien jaar geleden. Om die nog steeds in leven te roepen, ik denk dat met name een aantal mensen van Larens Behoud dat heel fijn vinden. Maar de tijden zijn wel een beetje veranderd volgens mij. We kunnen toch moeilijk meer schermen met de acties van mijnheer Wortel, die toen borden weggehaald heeft? Gewoon actie en niet eerst onderzoekjes. Dan had ik een vraag gesteld met betrekking tot de verkeersvisie. In hoeverre bent u bereid om vast te houden aan die verkeersvisie? Want daar staan best wel zinnige dingen in. Maar als ik u nu hoor praten van maar sommige dingen gaan we niet doen, we gaan de Eemnesserweg lekker hobbelig laten, dan begrijp ik het niet helemaal. Want volgens mij lagen daar hele zinvolle voorstellen en ik hoor u nu twijfelen. Dat vind ik een beetje gek. Dan het onderzoek naar de parkeergarage. Ik kan u een buitengewoon boeiend rapport aanbevelen dat gaat over parkeerbeleid en waarin aangegeven wordt dat parkeren echt een hele dure grap is. En ook een aantal mythes over betaald parkeren worden ontrafeld.
Met andere woorden, ik had de vraag al gesteld, wanneer start het onderzoek? En wanneer mogen wij de rapportage verwachten? Dat waren mijn vragen voor de tweede termijn, mijnheer de voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dan ga ik even naar mevrouw Timmerman van Liberaal Laren. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben in de eerste termijn onze algemene, met de nadruk op algemene, visie gehouden op het coalitieakkoord. Details komen later wat ons betreft, bij de uitvoering of bij het uitvoeringsprogramma. Dit is pas de start eigenlijk van een heel proces. Wij vinden dat vanavond niet de avond is om in zoveel details te treden. Wij houden wel vast aan de doorrekening van de plannen van het coalitieakkoord en daar willen we het graag bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Timmerman. Dan geef ik nog even de onderhandelaars namens de twee partijen het woord, want er zijn twee aanmoedigingen geweest en in ieder geval ook nog enkele vragen die nog beantwoording vragen. De heer Loeff als eerste, gaat uw gang. De heer Loeff: Ik ga in de omgekeerde volgorde. Ik ga beginnen met de vraag van de heer Vos over sociale woningbouw. Waarom zou dit niet gewijzigd kunnen worden naar 50 procent? Daar hebben we het over gehad. Interessante gedachte. We hebben geconstateerd dat als je dat zou doen, er met zekerheid geen spade de grond in zou gaan in het dorp.
Omdat, wat ik al eerder zei, eigenlijk alle grond van eigenaren en projectontwikkelaars is 24
die iets willen realiseren. En op het moment dat je keihard zegt 50 procent sociaal, gaat niemand bouwen. Dan laten ze de grond gewoon renteloos liggen en dan wordt er helemaal niet gerealiseerd. Dus deze verhouding, een derde, een derde, een derde, inclusief het fonds dat we zelf als raad in het leven hebben geroepen, maakt het mogelijk om op bepaalde plekken wel sociale woningbouw te realiseren. En soms is dat meer en soms is dat minder. Dat kan ook bij het project Caliskamp. Minimaal een derde, maar dat zou nog wel eens iets meer kunnen worden. Dat heb ik van de vorige wethouder vernomen. Dat is een beetje afhankelijk van hoe je middelduur en koop inschat. En daarin is echt de meeste kans om die sociale woningbouw te realiseren. Dat laat niet weg dat wij niet tot het gewenste aandeel sociale woningen kunnen komen. Dat is nu eenmaal vanuit zo'n achterstandspositie, zonder grondbezit in eigen bezit van de gemeente, niet te realiseren. Daar moeten we gewoon eerlijk over zijn. Kwaliteit participatie. U doelde op de Johanneskerk. Ik ben het met u eens dat dat een hele merkwaardige situatie was, waarbij we de hele participatie als commissie keurig kregen aangeleverd, waar eigenlijk een soort na participatie ontstond toen het besluit genomen werd door de gemeenteraad en opeens een petitie werd aangeboden. Die is nu aangeboden en in behandeling bij de bezwaarschriftencommissie.
Ook een vorm van participatie, maar wij hebben als raad een participatienota vastgesteld. En in de participatienota staan de spelregels. En als wij met elkaar, ik ga nu even op de stoel van fractievoorzitter zitten, vinden dat die participatie anders moet, dan moeten we als raad met elkaar die participatienota een keer tegen het licht houden. En dan moeten we met elkaar nieuwe spelregels of betere spelregels of andere spelregels vaststellen. Dit is allemaal nieuw in het kader van de Omgevingswet. Ik merk zelf dat in andere gemeenten participatie op allerlei vormen soms heel merkwaardig wordt gevoerd. Soms met de gemeente, soms zonder de gemeente, soms met logo's van de gemeente, waardoor de gemeente weer heel erg schrikt en zegt ik was er niet bij betrokken. Wij moeten zelf als raad daarbij goed kijken of we met deze participatienota uit de voeten kunnen. Dan de verkeersvisie. Houdt u vast aan de verkeersvisie? Jan? De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer Loeff. Ja, mijnheer Vos, wij houden onverkort vast aan de verkeersvisie. Dat was uiteindelijk ook de oorzaak van de procedure met de Eemnesserweg. Uiteindelijk hebben we het verkeersbesluit genomen op basis van de verkeersvisie, om daar een voorrangsweg met 30-kilometerregime van te maken. Daar ontstond het bezwaar tegen.
Dat is uiteindelijk nu niet-ontvankelijk verklaard, dus we kunnen gewoon conform de verkeersvisie aan de slag daar. En dat is uiteindelijk de intentie ook voor alle andere wegen. De voorzitter: Bij interruptie mag u kort reageren, heer Vos. De heer Vos: U gebruikt het woord intentie. Daar zit een zekere mate van vrijblijvendheid in? Of houdt u de rug recht? Want ik heb ook wel eens een intentie, maar het vlees is soms zwak, zal ik maar zeggen. De voorzitter: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, het vlees is soms zwak, maar mijn geest zeker niet gewillig. Dus we houden vast aan de kaders van de verkeersvisie. De voorzitter: De heer Van Midden, dan zijn er nog wat vragen over de financiële doorrekening of wanneer we die kunnen verwachten, heb ik begrepen. De heer Van Midden: Uiteindelijk komt die terug in de begroting. Die zal in oktober klaar zijn. Hetzelfde geldt voor ... Nee, dat is het. Het uitvoeringsprogramma. Dat zal in het najaar, in oktober, vooruitlopend op de begroting klaar moeten zijn. Maar ik denk dat die vrijwel gelijktijdig met de begroting in behandeling komt, is mijn inschatting. En 25
in dat verband vraagt de heer Vos ook wanneer start het onderzoek naar de parkeergarage? Dat zal ook een onderdeel zijn van het uitvoeringsprogramma. Maar ik kan u verzekeren dat wij het de hoogste prioriteit willen geven om te zoeken naar goede oplossingen voor de overmaat aan verkeer in het dorp. De voorzitter: Goed. Dan hebben we de tweede termijn gehad. Dan wil ik tot een afronding van dit agendapunt komen. Het coalitieakkoord voor de komende vier jaar is met elkaar besproken. Nogmaals, ook voor de raad, de publieke tribune en de mensen thuis, dit werken we uit in een collegeprogramma. Er komt een uitvoeringsprogramma. Daar zit ook een begroting bij. Dat zit in een jaarlijkse cyclus, niet alleen dit jaar, dat doen we elk jaar. En dat zijn ook de momenten dat een gemeenteraad sturing kan geven, kaderstellend kan zijn, richting kan geven aan niet alleen de komende vier jaar, maar ook per jaar, hoe dat eruit zou moeten zien. Het komt gelukkig met regelmaat terug in deze gemeenteraad. Dan gaan we dit punt afronden. En ik begreep ook dat we dan nog een bedankmoment hebben voor de formateur, de heer Van Waveren, namens de partijen Larens Behoud en VVD die u hebben aangetrokken. Komt u dan even in het midden staan. Zo mag het ook. De heer Van Midden: Ik wil eigenlijk namens de partij Sander van Waveren heel erg bedanken voor zijn rol als formateur.
Hij gaf zelf al ook aan hoe vereerd hij was dat we hem vroegen, hoe leuk hij dat vond. Eigenlijk lag die eer volledig bij ons, dat Sander uiteindelijk bereid was dit te doen. Het was zowel inhoudelijk als in de persoonlijke sfeer gewoon een ongelooflijk plezierige manier van samenwerken en op een hele eigenlijk efficiënte manier, zoals we gewend zijn van Sander. Maar ik wilde u even een bijzondere kwaliteit meenemen. Die heeft hij vier jaar geleden al laten zien en dit jaar ook weer laten zien. U moet zich voorstellen als wij gaan praten over zo'n coalitieakkoord en vragen input van allerlei partijen, dan krijg je hele bakken aan informatie. Daar blijft Sander redelijk stoïcijns onder. De laatste dinsdag hadden we de laatste gesprekken, dinsdagavond, en hij zegt over twee dagen, die vrijdag, hebben jullie het conceptcoalitieakkoord in de bus, om het zo maar even te zeggen. Ik dacht dat moeten we nog even zien. Ik zag mijn planning al onder druk komen te staan. En wonder boven wonder, in een keer plop, was daar een coalitieakkoord. Het was eigenlijk al bijna volgeschreven. Een tikje naar links, een tikje naar rechts en het was klaar. Ik vind het ongelooflijk knap en ik vind het steeds weer een hele bijzondere kwaliteit die je hebt om dat zo te doen. Daar wil ik je hartelijk voor danken. En we hebben een hele mooie basis, Sander, om verder te gaan. Dank je wel.
De voorzitter: Dan dank ik de VVD, Larens Behoud en de formateur voor de toelichting op het bespreken van het coalitieakkoord. Hartelijk dank. Dan ronden we dit agendapunt af. 4.
Benoeming en beëdiging wethouders
De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt en dat is de benoeming en beëdiging van de wethouders. Ik zal het proces even voor u gaan schetsen en daar zit ergens een schorsing in. En dan kunt u misschien nog gebruik maken van andere voorzieningen waar u misschien op zit te wachten. Maar even geduld nog. De fractie van de VVD heeft twee kandidaten voorgesteld en Larens Behoud een kandidaat. Over de voorgedragen kandidaten gaan wij zo dadelijk schriftelijk en anoniem stemmen. Dat is natuurlijk aan de gemeenteraad voorbehouden. Per kandidaat komt daar ook een stembiljet voor. En ook, ik noem het toch nog even, de heren Van Midden en Koldenhof, die als kandidaat worden voorgesteld, zijn nu lid van de gemeenteraad en mogen in die zin ook deelnemen aan deze stemming. Eerst dient vastgesteld te worden of de kandidaten benoemd kunnen worden. Daarvoor dient de raad een commissie voor geloofsbrieven in te stellen. En het voorstel vanaf deze zijde is om de heren Jansen en Grunwald en mevrouw Timmerman te benoemen. En mijn vraag is kunt u hiermee instemmen? Hartstikke goed. Dan zal ik dat zo even afhameren als een besluit. Dan vraag ik u ook 26
meteen of deze commissie, praktisch halve, ook benoemd kan worden tot het stembureau dat de commissie geloofsbrieven voor de toelating later op de avond van de heer Merckx en de heer Prenger als raadslid tot toetreding van deze gemeenteraad kan zijn. Kunt u daarmee instemmen? Even voor de mensen uitgelegd. We hebben dan een commissie die beide controles zal uitvoeren, maar we zullen dat wel op twee verschillende momenten doen. We gaan eerst de wethouders benoemen en beëdigen en later zullen we voor de vrijgevallen plaatsen in de gemeenteraad de nieuwe raadsleden benoemen en vanavond een beëdigen. Nadat de voorzitter van de commissie geloofsbrieven advies heeft uitgebracht, worden de fractievoorzitters van de VVD en Larens Behoud uitgenodigd om nog de keuze voor hun kandidaat of kandidaten toe te lichten. Er is ook nog de mogelijkheid dat de kandidaat-wethouders hun kandidatuur toelichten, zichzelf nog even voorstellen en fracties in de gemeenteraad hebben nog de gelegenheid om vragen aan de kandidaat-wethouders te stellen. Als deze er zijn natuurlijk. En wat ik u tenslotte wil meegeven, is dat na het bekendmaken van de namen van de kandidaatwethouders in dit proces er ook onderzoek is gedaan, zoals dat hoort, naar mogelijke integriteitsrisico's, andere bezwaren of bijzonderheden, zo die er zijn, voor de benoeming van de voorgestelde kandidaten.
Ik kan u melden dat het onderzoek is afgerond en er geen belemmeringen zijn om tot benoeming en beëdiging van deze kandidaten over te gaan. Dan gaan we nu over tot het schorsen van de vergadering, zodat de commissie de geloofsbrieven van de kandidaat-wethouders kan doornemen. En ik schors voor 15 minuten, maar misschien zijn ze al met 10 minuten terug. Dat geeft u even de gelegenheid om de benen te strekken. Ik schors hiermee de vergadering. De voorzitter: De schorsing is weer ten einde. Ik verzoek u vriendelijk allemaal weer binnen te treden, uw plaats in te nemen en dan gaan wij over naar de voorzitter. De heer Jansen, ik begrijp dat u voorzitter bent van de commissie geloofsbrieven van de kandidaat-wethouders. Ik wil u graag het woord geven voor de bevindingen. Gaat uw gang. De heer Jansen: Dank u, voorzitter. Het is inderdaad de eerste keer. Ik voel me zeer vereerd dat ik ook iets officieels mocht doen. Ik ga dan nu het resultaat voorlezen. De commissie uit de raad van de gemeente Laren, in wier handen werd gesteld de bescheiden ingezonden door J.G. Van Midden, Jan, identificeert zich als man. Evenzo de heer E. Koldenhof, Erik, en S. De Brito Roque, Sander genaamd, rapporteert de raad van de gemeente Laren dat zij de bescheiden heeft onderzocht en in orde bevonden. Gebleken is dat de genoemde personen voldoen aan alle in de Gemeentewet gestelde eisen.
De commissie adviseert daarom de raad te besluiten volgens het raadsvoorstel. Aldus getekend, Laren, 3 juni 2026, namens raadslid de heer J. Jansen, raadslid de heer A. Grunwald en mevrouw J. Timmerman, ook raadslid. De voorzitter: Mag ik u hartelijk danken, alle drie in de commissie, voor dit belangrijke werk dat u zojuist heeft verricht. Dat betekent dat ik naar de volgende stap kan gaan. En dat is het woord te geven aan de fractievoorzitters, zo heb ik begrepen, om een toelichting te geven op de keuze van de kandidaten. Dan begin ik bij de VVD. De heer Westendorp, gaat uw gang. De heer Westendorp: Dank u wel, voorzitter. Gezien het feit dat wij Jan van Midden en Erik Koldenhof de afgelopen vier jaar ook dagelijks hebben meegemaakt, kennen we ze gelukkig al een beetje en zal ik het ook niet te lang houden, ook als we kijken naar de tijd. Laat ik met Jan beginnen. Jan is de afgelopen vier jaar wethouder geweest, maar ik leerde hem al ietsje eerder kennen toen ik zelf hier in Laren betrokken raakte bij de VVD als steunfractielid. En vanaf dag een dat ik in de steunfractie zat, was Jan daarbij. En die gaf elke keer een enorm helder betoog hoe wij de stukken die behandeld zouden worden in een commissie M&F even zouden gaan becommentariëren of ondersteunen. Jan is altijd heel helder in zijn communicatie geweest. Supersterk, 27
specialistisch op financieel gebied. Maar het blijkt ook dat hij een multitasker is, want hij heeft een brede portefeuille de afgelopen vier jaar ondersteund. Laren is er financieel op vooruitgegaan. Wij gaan ervan uit als fractie dat die trend wordt doorgezet. Dat betekent dat het Gallische dorp langer kan blijven bestaan en zelfstandig blijft. Want zonder goede financiën zijn we niet meer zelfstandig. Dat kan heel hard gaan en dat zien we ook bij onze buren. En dan bedoel ik niet Blaricum of Eemnes, maar iets meer naar dat water toe. Dus Jan, voor ons was dat niet eens een discussie. Jan wilde verder. Jan gaat verder. Jan is de beste die we kunnen hebben op die plek. Dan ga ik over naar Erik. Erik leerde ik kennen toen ik ook begon. Eigenlijk ietsje later. Maar Erik is iemand die al veertig jaar politiek actief is. Waarvan ook heel veel jaren als bestuurder. Want als Erik vanavond wethouder gaat worden, is dat niet de eerste keer. Hij is ook in Amsterdam wethouder geweest van stadsdelen. In dat opzicht een bak aan ervaring waar wij met zijn allen ook enorm veel aan gaan hebben. In de breedte wordt het toekomstige college daarmee ontzettend sterk, denk ik. En Erik zal best wel een zware portefeuille krijgen, met veel politiek geladen onderwerpen, zware dossiers.
En ik heb er eigenlijk heel veel vertrouwen in dat wij de komende vier jaar op die dossiers meer vooruitgang gaan boeken dan we de afgelopen jaren hebben gedaan, omdat Erik dat gaat doen. Dus Erik, ook jij heel veel succes. En wij als fractie ondersteunen jou volledig. Maar we blijven kritisch, want we leven in een dualistisch land. De voorzitter: De heer Westendorp, dank u wel. Zit ik even te kijken. Wenst een van de kandidaten nog aanvullingen te geven? Nee. Dan ga ik de raad vragen of er vragen zijn aan de kandidaten. Ik begin even met kandidaat Van Midden. Zijn er vragen die de raad wenst te stellen aan kandidaat-wethouder van de VVD, Jan van Midden? Nee. Goed. Zijn er vragen die de raad wil stellen aan kandidaat-wethouder de heer Erik Koldenhof van de VVD? Goed. Dan ga ik naar de volgende stap. Dan ga ik de fractievoorzitter van Larens Behoud, de heer Karel Loeff, het woord geven voor de toelichting op de kandidaat-wethouder van Larens Behoud. Gaat uw gang. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. Onze kandidaat zit niet aan tafel, althans nog niet. Hij zit keurig in de zaal. En we hebben gekozen voor een nieuwkomer in de Larense politiek, Sander de Brito Roque. Ik heb hem leren kennen, een klein jaartje geleden, vanuit zijn werk als coach. Niet dat hij mij heeft gecoacht, maar hij heeft wel in de coaching ervaring op allerlei fronten.
En dat was meteen een heel interessante en leuke samenwerking waarbij we eigenlijk meteen een klik hadden. Sander is met zijn partner ruim anderhalf jaar geleden in Laren komen wonen. Woont in het hartje van het centrum, maakt alle evenementen mee die ongeveer voor zijn deur zijn en woont naast een VVD coryfee die een aantal jaren geleden is afgezwaaid, maar nu vertegenwoordiger is in het waterschap. Het zit allemaal heel direct. Maar het allerleukste vinden wij vanuit Larens Behoud, wij zijn een partij waar mensen van alles doen binnen allerlei organisaties, dat Sander echt meteen in het dorp bij iedereen bekend was. Of het nu was bij verschillende verenigingen, organisaties of mensen vanuit ondernemingen. Hij was meteen een bekend persoon in het dorp. En dat is denk ik wat we heel belangrijk vinden, dat iemand ook meteen geworteld is in de samenleving. Het kwam ook eerder even naar voren dat mensen iets doen, dat je iets bijdraagt. En zo zijn we eigenlijk verder in gesprek gekomen. Een beetje gevraagd van zou je dit willen doen? Je bent nieuw en het is ook interessant om een stap te zetten. Sander zal straks vertellen wat zijn achtergrond is.
En hij heeft ja gezegd en daar zijn we heel erg blij mee, omdat we denken dat we in dit college met een jong talent echt een interessante wethouder leveren die ook iets kan toevoegen, maar ook iets kan leren, iets kan brengen en iets kan halen. En ik denk dat ons dorp dat ook heel erg nodig heeft. Wij zien heel erg uit naar de samenwerking in het college. En we denken dat we in Sander de Brito Roque voor Larens Behoud een hele goede wethouders kandidaat hebben voorgedragen.
28
De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de kandidaat-wethouder. U zit nog op de tribune. Wenst u een toelichting te geven? Dan is het misschien fijn als u daar plaatsneemt. Weet u al hoe de techniek werkt? Anders moeten we even helpen. Knopje aan de zijkant eerst voor de accu. U krijgt hulp, hartstikke goed. U bent voorgedragen als kandidaat-wethouder namens Larens Behoud en ik begrijp dat u nog een toelichting of een introductie wil geven. Aan u het woord. De heer De Brito Roque: Zeker. Dank, voorzitter dat ik het woord voor het eerst door deze microfoon tot de raad mag voeren. Kandidaat-wethouder. Als u mij twee jaar geleden, toen ik in Laren kwam wonen, gezegd had dat ik hier twee jaar later zo zou zitten, had ik dat wellicht niet direct geloofd. Maar nu we hier zijn, is dat een weloverwogen keuze van zeker mijzelf en, ik neem aan uit de woorden van de heer Loeff, ook van de partij. Toen mij de vraag gesteld werd, heb ik daar uiteraard goed over nagedacht. Het is een verantwoordelijke taak die voor mij ligt en ook voor iedereen die dit uitvoert, uiteraard. Na een aantal goede gesprekken en ook beraad thuis heb ik besloten daar ja op te zeggen, om meerdere redenen. Maar de belangrijkste daarvan is dat ik heel graag met ieder die hier zit wil bijdragen aan de ontwikkeling en de groei van het dorp. Op welke manier dan ook.
En ik zie er zeer naar uit om mij daar de komende vier jaar voor in te zetten. Waar ik ook enorm naar uitzie, is om ieder die hier zit, ik heb sommige mensen al gesproken, verder te leren kennen en op een constructieve wijze met elkaar te kunnen samenwerken. En ik hoop dat mij die kans ook door ieder gegeven wordt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik even naar de raad. Zijn er vragen aan kandidaat-wethouder De Brito Roque? Ik zie de heer Jansen van D66. Gaat uw gang. De heer Jansen: Ik hoor net dat ik achttien vragen mag stellen. Dat is heel fijn. De heer De Brito Roque: Gelukkig is er een voorzitter. De heer Jansen: Ik ben heel benieuwd. De beoogde nieuwe wethouder heeft milieu en duurzaamheid in portefeuille. Ik ben heel erg benieuwd wat voor betekenis duurzaamheid voor hem persoonlijk en ook vakmatig heeft en of hij een beetje kan uitweiden over hoe breed of hoe krap hij dat begrip ziet. De heer De Brito Roque: Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Ik inventariseer nog even of er andere vragen zijn vanuit de raad. Die zijn er niet. Dan geef ik de heer De Brito Roque de gelegenheid om een korte reactie op deze vraag te geven. Gaat uw gang. De heer De Brito Roque: Ik begreep dat ik iets te gretig was. Excuus. Dank u wel. Dank voor de vraag van de heer Jansen.