Transcript raadsvergadering 29 maart 2023
Tekst van het document
geluidsbelasting in totaal juist verder oplopen. Dat heeft natuurlijk gevolgen voor de gezondheid en het welzijn van de bewoners, ook met name van het Gooi en in het bijzonder van Laren. Nou ja, de gezondheid en welzijn bedreigende en belastende ontwikkelingen die kunnen eigenlijk alleen maar voorkomen worden door minder en schoner vliegverkeer in zijn totaliteit. Dus het heeft eigenlijk heel weinig zin om die vliegroutes te verplaatsen, te splitsen, en dit soort dingen als tegen die achtergrond het vliegverkeer alleen maar toeneemt. Dus een zinloze operatie. Dus wij denken dat de inzet van een petitie een juiste is. Dat moet eigenlijk voorkomen worden, maar niet op een manier waarbij we dan zeggen: not in our backyard, hè. Van vlieg maar ergens anders of iets dergelijks. Nee, het zou dus eigenlijk veel meer in de richting moeten gaan: wij stellen een standpunt dat het nu nodig is om het vliegverkeer … Of in ieder geval stappen te ondernemen om vliegverkeer vanaf nu in de toekomst te verminderen, zodat we dus gewoon juist minder omgevingshinder hebben. Nou, we vragen daarom aan het college eigenlijk zijn afkeuring uit te spreken over de voorgenomen plannen bij de ontwikkeling van de vierde aanvliegroute. En bij de betrokken partijen ook duidelijk kenbaar te maken.
En verder te onderzoeken langs welke weg de ontwikkeling van de vierde aanvliegroute gestopt kan worden en zich hiervoor in te zetten. Want uiteindelijk is het zo, als we niet ervoor gaan om het vliegverkeer te verminderen is het ook niet zinvol om die aanvliegroute hier te stoppen, want dan gaat het elders gewoon verder door. De zogenaamde not in my backyard versie. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank, de heer Grunwald. Doen we in één klap ook een toelichting op de motie van D66. Mevrouw Fontaine. Mevrouw Fontaine: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik heb de nodig aanvullende informatie. In eerste instantie stond in de krant, stonden berichten dat met een vierde aanvliegroute dat de vluchten dan verdeeld zouden worden over vier aanvliegroutes. Nou, daar hebben wij zo onze twijfels over. Het kabinet wil Schiphol vanaf eind dit jaar laten krimpen naar 440 duizend start- en landingsbewegingen. En die krimp is onder invloed van Europese regelgeving gestegen naar 460 duizend. In de Volkskrant van 16 december 2022 staat een verklaring van minister Harbers dat de krimp van Schiphol tijdelijk is, en dat vanaf 2027 ongelimiteerd vliegen mogelijk moet zijn met schone vliegtuigen. Dat klinkt heel leuk, schone vliegtuigen, maar ik moet eerst nog zien dat ze er überhaupt zijn en dat de airlines bereid zijn om hun vloot te vervangen allemaal door schone vliegtuigen.
Ik heb daar best wel mijn twijfels over heel eerlijk gezegd. Daarnaast heeft er 21 maart een kort geding gediend. Aangespannen door de airlines versus de Nederlandse staat, om de krimp van Schiphol tegen te houden. En op 5 april is daarover een gerechtelijke uitspraak. Dus dat houden we in de gaten. Als ik kijk naar de geluidsbelastingkaarten van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, en ik trek zo'n cirkel vanaf de Kaagbaan naar het Gooi, dan zullen wij daar best wel last van kunnen gaan krijgen op geluidsniveau van die vluchten. Op dit moment hebben we hoogvliegers zal ik maar zeggen, en als die vierde baan komt dan krijgen we laagvliegers en opvliegers. Ja, zo noem ik ze maar. Ja toch. Nou, daar zitten we op onze leeftijd ook niet meer zo op te wachten denk ik. Dus waakzaamheid is geboden. En ons voorstel zou zijn eigenlijk dat … Hoe hebben we het ook alweer opgeschreven? Dat de gemeentes … Dat het college gaat samenwerken met de andere gemeentes waar nu al de vierde aanvliegroute op de politieke agenda staat en dat we dat gezamenlijk heel goed in de gaten gaan houden wat hier aan de hand is, en wat er gaat gebeuren. En dan liefst ook inderdaad, ben het helemaal met Groen Laren eens, dat wij hier liever niet een vierde aanvliegroute hebben. Dat is eigenlijk de verklaring die ik er op dit moment voor wou geven. De voorzitter: Dank, mevrouw Fontaine.
U en de heer Grunwald zijn redelijk uitputtend geweest, ook in de argumenten en wat u vraagt aan de raad. Om te voorkomen dat iedereen elkaar gaat herhalen kijk ik toch nog even naar de andere fracties of zij het woord wensen te voeren, voordat ik het college het woord geef om te reageren. Mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Ja, ik wilde eigenlijk een vraag stellen. En dat is naar aanleiding van de laatste spreekster. Bent u zich ervan bewust dat deze baan, hè, die aanvliegroute, al als vertrekroute gebruikt wordt sinds dat Soesterberg gesloten is?
De voorzitter: Mevrouw Fontaine. Mevrouw Fontaine: Nee, daar ben ik me niet van bewust. Mevrouw Timmerman-Hamers: Al een paar jaar. Het is wel stil geweest tijdens corona, dat viel wel op ja. De voorzitter: Oké, we nemen er even kennis van ook als aanvullende informatie. Is dit voldoende, voordat ik de wethouder het woord geef? Ja. Dank mevrouw Timmerman. Wethouder Westerkamp. De heer Westerkamp: Voorzitter. Vooropgesteld zijn we blij met de aandacht die de raad vraagt voor dit onderwerp. Het is een heel belangrijk thema en wij delen ook die zorg van raadsfracties over de ontwikkelingen die gaande zijn. We zullen daar zeker de komende tijd wat vaker aandacht voor gaan vragen, omdat deze ontwikkeling nu gaat spelen. Wellicht als inleiding is het goed om te delen: er vindt regelmatig overleg plaats tussen de gemeenten in de omgeving van Schiphol en de provincie over het beleid. De deelnemers liggen daarvan binnen een specifieke geluidscontour, de 48-Lden-grens. Laren ligt daar niet binnen, Gooise Meren ligt daar wel binnen. Dus op dit moment is de wethouder van Gooise Meren aangesloten en tot nu toe houdt hij ons andere regiogemeentes goed op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen. Ook in de regio Gooi en Vecht doet hij dat. Op dit moment speelt de herindeling van het luchtruim, zoals u ook al had aangegeven.
En nou, doel daarvan, dat heeft u al denk ik allebei in uw inleiding gegeven dus dat hoef ik niet te herhalen, waarom dat is. En daarom willen ze dus een extra aanvliegroute die over de provincies Gelderland en Utrecht en ook deels over het Gooi zou kunnen gaan lopen. Want dat is nog niet zeker. Mogelijk neemt daardoor de overlast toe, maar er is nog heel veel onduidelijkheid over de precieze uitwerking. Het Rijk heeft nu een voorkeursbeslissing genomen. Nu volgt pas de ontwerp- en realisatiefase. En daarin zal meer duidelijkheid moeten komen over de voorstellen van de effecten. Binnen onze eigen organisatie als Laren maar ook hier binnen de BEL hebben we niet echt de expertise en ook niet de lobbykracht om daar op goeie wijze invloed uit te oefenen. Daarom zoeken wij ook al aansluiting bij andere gemeentes en dat doen we vooral binnen Gooi en Vechtstreek. Nou dat hebben we al via de wethouder van Gooise Meren hebben we daar in ieder geval de ingang binnen het beraad wat er al is over het beleid. Maar we vinden het wel belangrijk om eerst een compleet beeld te hebben voordat we daar stellige uitspraken over doen, maar wel tijdig onze inbreng daarin kunnen leveren. Nou, dan ga ik eerst even de vragen beantwoorden van de VVD en dan kom ik op de moties uit.
De eerste vraag was: heeft het college kennisgenomen van het artikel zoals gepubliceerd in Gooi- en Eemlander van 3 maart jongstleden over de vierde aanvliegroute naar Schiphol? Nou, u begrijpt al, het antwoord is ja. Heeft het college inzicht waar de vierde aanvliegroute wordt gepland en indien ja, waar is deze route exact gepland, op welke hoogte? Dat heb ik al in de inleiding gezegd: dat is nog niet exact bekend, dat komt pas in ontwerpfase aan bod. De vragen drie en vier, kan het college aangeven wat de huidige aantal vliegbeweging van vertrekkende en landende vliegtuigen boven Laren is, en heeft het college inzicht in de verwachte toename van het aantal vliegbewegingen boven Laren als gevolg van deze nieuwe vierde aanvliegroute, en kan het college concreet aangeven wat de verwachte aantallen zijn? Nee. Die informatie hebben niet direct beschikbaar. En we gaan er ook vanuit dat het Rijk de veranderingen in beeld brengt als onderdeel van de ontwerpfase. De vijfde vraag was: is bekend wat de milieueffecten, zoals geluidshinder, als gevolg van deze nieuwe aanvliegroutes zijn? Nou, daar is ook het antwoord nee. Deze worden door het Rijk in beeld gebracht. Daarna is nog een participatietraject voorzien op projectniveau en bestaat ook de mogelijkheden om waar zich negatieve effecten voordoen mitigerende maatregelen te nemen. Sorry, dat is niet mijn taalgebruik.
Ik heb hem niet opgeschreven. Mijn excuus, ik zie dat nu pas. Wat zeg ik, beheersmaatregelen. Dank je wel collega. Hoe kan dat concreet uit gaan pakken? Dat is nog niet bekend. En de zesde vraag was: kan het college aangeven met welke andere overheden, zoals provincie, de gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek het college overleg gaat voeren over de mogelijke effect van de vierde aanvliegroute? Ja, we beginnen eerst hier in Gooi en Vechtstreek. Daar zullen we het op de agenda laten zetten om gezamenlijk op te trekken om de effecten voor onze regio in beeld te krijgen en gezamenlijk de juiste lobbymomenten en kanalen te benutten. Dan de motie van D66. Nou, u heeft net al aangegeven wat u
vraagt aan ons. Uw motie in feite in lijn met wat wij als college ook graag zouden willen doen, met wellicht een beperkt voorbehoud dat vooral aan het Rijk is om de dialoog met de inwoners en belanghebbenden te starten. Wij zijn daar als gemeente namelijk ook belanghebbenden, die in dat participatietraject meedoen. Maar we zullen wel zorgen dat onze inwoners ook goed geïnformeerd worden. Dus ja, het is aan u om de motie definitief in te dienen, maar in feite wat u vraagt gaan wij eigenlijk al doen. Dan wat betreft Groen Laren. Het antwoord, nou, wij ontraden die, dat snapt u, op dit moment deze motie af. Omdat u al direct een aantal conclusies trekt die wij nog niet echt hard cijfermatig kunnen onderbouwen. Dat vinden we op dit moment wat voorbarig. Zoals ze het voorstellen is het de wijziging van het luchtruim heeft juist als doel om de leefomgeving en het klimaat te verbeteren. Geluidsoverlast en uitstoot terug te dringen. Ja, dat ben ik met u eens, dat weten wij ook niet zeker. Daarvoor komt die ontwerp- en realisatiefase, waarin dat juist duidelijk naar voren moet komen. Want in principe, als die effecten die ze voorstaan ook werkelijk zijn, dan staan we daar natuurlijk in feite achter want dat betekent voor iedereen een verbetering van de leefomgeving. Maar goed, net als u weten wij dat ook nog niet zeker.
Wij staan voor het belang van onze inwoners en zullen ons zeker verzetten als er nadelige effecten zijn, nadrukkelijk in onze gemeente als die daar terechtkomen. En daarom is het belangrijk om aan tafel te zitten en met elkaar de effecten goed in beeld te laten brengen en als regio goed op te trekken. Wij realiseren ons dat met de beantwoording, en de beantwoording van de vragen en de moties niet alle zorgen voor de samenleving zijn weggenomen. Want wij hebben ook nog zorgen. Maar we hebben ook nog veel vragen en die zal het Rijk echt moeten beantwoorden. Dit proces gaat ook de nodige tijd duren. En ik zeg u graag toe dat wij als college de raad naar de komende maanden en jaren goed zullen blijven informeren, zowel over de inhoud als de wijze met de buurgemeentes optrekken om ons belang onder de aandacht te brengen. Voorzitter. Tot zover de beantwoording en de reactie op de moties vanuit het college. De voorzitter: Dank u mijnheer Westerkamp. Even voor de scherpte, want er liggen twee moties. Overigens, de vragen zijn volgens voldoende beantwoord, toch? Ja. Ik zie twee fractieleden knikken, maar de vragensteller vragend naar mij kijken. De heer Grunwald: Ik luister gewoon geboeid naar u. De voorzitter: Heel fijn. Volgens mij zijn de vragen goed beantwoord.
Maar even de scherpte ten aanzien van de motie, want ik hoor de wethouder zeggen: nou, de motie van D66, eigenlijk handelen we al conform. Daarmee hoor ik eigenlijk: die hebben we overgenomen want we doen dat al. Staat de fractie D66 nog steeds vrij om in stemming te brengen, maar eigenlijk handelt het college al zodanig. En dan kijk ik even naar de motie van Groen Laren daar, en ik hou even nu oogcontact met de wethouder, begrijp ik het goed dat die daarover zegt: wij snappen de motie heel goed en het kan best zijn dat we in de toekomst onze afkeuring kenbaar willen maken, maar we zitten eigenlijk nog echt in een onderzoeksfase om scherp te krijgen of wij hier schade aan ondervinden, en we treden daar ook collectief in op dus geef ons nog even de ruimte om te onderzoeken. En het kan best zijn dat we inderdaad op een gegeven moment hierover … Ik wou een mooie andere beeldspraak gebruiken. Maar ik doe maar gewoon. We gaan onze afkeuring laten blijken, maar zover is het nog niet. Dat begrijp ik dus. De heer Westerkamp: Ja. Dat klopt, dus wij ontraden hem, maar hou hem wel in uw achterzak. Dat zeker. Maar op dit moment is hij denk ik te vroeg nog. De voorzitter: Oké. Kijk ik even weer naar de indieners van de moties. De heer Grunwald. De heer Grunwald: Dank u wel, voorzitter.
Het doet me deugd dat het college al goed op weg is in deze kwestie, maar ik vind het toch belangrijk dat we een statement maken in die zin. Want je kunt natuurlijk nu al zien welke kant dat opgaat, waar we dus niet op willen is eindeloos gepraat en uiteindelijk toch opgezadeld met een vierde aanvliegroute. Dan kan je maar beter bij begin al duidelijk maken: we volgen het allemaal
nauwgezet en als het erop neerkomt, dat echt serieus nagedacht wordt over zo'n vierde aanvliegroute over het Gooi, dan vindt u ons op uw weg. Dus ja, ik stem het toch op het standpunt dat het nodig is om nu al een statement te maken. Dus ik zou die motie graag in stemming willen brengen. De voorzitter: Helder. De heer Loeff. De heer Loeff: Voorzitter, ik wilde eigenlijk niet zozeer iets zeggen inhoudelijk over deze zaak, want wij hebben de vragen van de VVD gelezen en wij als fractie konden ons vinden in de vragen en we kunnen ons zeker vinden in de beantwoording van het college. Waarvoor dank. Ik ben eigenlijk heel erg verbaasd over de indiening van de twee moties, want ook de andere fracties kunnen zien dat de VVD vragen heeft ingediend. Die worden keurig beantwoord. En vervolgens worden er toch twee moties ingebracht. Dat lijkt een beetje een cursus ver plassen. Vervolgens komt daar weer een duidelijk antwoord op. En dan is het: we willen een statement maken. Dan denk ik: daar hebt u een website voor, daar kunt u prima op neerzetten wat u vindt. Uiteindelijk zijn we het denk ik allemaal met elkaar eens dat we minder overlast willen en dat willen voorkomen.
Ik ben een beetje verbaasd over deze politieke move om toch iets in stemming te brengen waar wij in ieder geval als fractie tegen gaan stemmen, omdat wij zeer dankbaar zijn voor de vragen van de VVD en de antwoorden van de wethouder. Dat even als statement van onze kant. Dank. De voorzitter: Dank. Mevrouw Fontaine. Ho, ho, wacht even mevrouw Fontaine. Want de heer Vos. Ik wilde de fractie nog de ruimte geven. Maar u heeft een interruptie op de heer Loeff. Dat mag. De heer Vos: Daar had ik al mijn vinger voor opgestoken, voorzitter, dank u wel. Ja ik vind het een beetje een flauwe opmerking van de fractievoorzitter van Larens Behoud. Als u kijkt naar de momenten waarop de vragen zijn ingediend en moties, dan moeten we even kijken naar de data en waren wij al begin vorige week met deze motie gekomen. Dus ik vind het een beetje flauw om ons weg te zetten als een motie voor de bühne, integendeel. En overigens, als dat zo zou zijn, als het al een motie voor de bühne zou zijn, dan zou ik zeggen, mijnheer Loeff, dan moet u natuurlijk van harte meestemmen. Want als het voor de bühne is dan maakt het niet zoveel uit, dan kunt u net zoveel doorvliegen als dat u wilt. En ik denk dat het heel goed is als u dat in uw achterhoofd houdt. Niet voor de bühne. De voorzitter: Helder, hij is helder. Mevrouw Fontaine. Excuus, mevrouw Fontaine, het is mijn fout als voorzitter. Gaat uw gang.
Mevrouw Fontaine: Dat geeft niet. Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Nou, ik wil nog even duidelijk maken dat de motie die we hebben ingediend vrijwel tegelijkertijd is ingediend met de vragen van de VVD. En ja, dat zulke dingen gebeuren nou eenmaal. En daar zit geen enkele opzet bij. En ik wil het college complimenteren met het feit dat onze motie gewoon al wordt uitgevoerd eigenlijk, of is uitgevoerd. En wat ons betreft hoeft die dus ook niet in stemming gebracht te worden. Want het is al zo. De voorzitter: Elk raadslid in deze raad mag zijn eigen vorm vinden hoe die uiting mag geven aan zijn zorgen en zijn mening. Dat vooropstaande. Dat heeft ook de heer Loeff gedaan. Ik kijk nog even naar de andere fracties of die willen regeren. De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Ja, dank u wel voorzitter. Dank aan het college voor de beantwoording van onze vragen. En de woorden van de heer Loeff zijn mij uit het hart gegrepen wat betreft de bühnemotie om het zo te zeggen. Want ja, wat is dan op dit moment daar de zeggingskracht van? Dus wij zullen die motie ook niet steunen omdat je ook veel te ver gaat voor dit moment. En wij eerst nadere informatie afwachten en met name geïnteresseerd zijn in hoe onze bewoners erbij betrokken zullen worden. Als het tegen die tijd zover is. Dank u wel.
De voorzitter: Helder. Nou, wij hebben een afspraak met elkaar gemaakt dat één lid per fractie het woord zou voeren over … En of iets wel of niet voor de bühne is, dat hoort bij deze discussie. Dat moet u met zijn allen aankunnen. Dus is of het woord aan de heer Grunwald of aan de heer Vos, en dan is het ook gewoon klaar. Wie gaat het woord voeren? Ik denk mijnheer Grunwald. Gaat uw gang. De heer Grunwald: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou ja, ik ben eigenlijk wel wat teleurgesteld over de reacties van de verschillende partijen. Want het is eigenlijk wel merkwaardig dat men het nu eigenlijk op de lange baan, dus niet op de Kaagbaan, maar op de lange baan schuift, om daar hun standpunt over in te nemen. Want we weten toch nu al eigenlijk precies waar dat naartoe gaat. En waarom zou je dan nu als raad niet een standpunt innemen, een standpunt waarin aangegeven wordt waar de grens ligt nu al? Want als je dat niet doet, dan stel je je toch enigszins flexibel op. En de vraag is dan natuurlijk, ook in het vervolg in de discussie hieromtrent die zeker nog een vervolg zal hebben: waar houdt die flexibiliteit dan op en kom je dan niet uiteindelijk toch ergens uit waar je niet wil zijn? Namelijk dat je toch inderdaad een vierde aanvliegroute boven je hoofd hebt? Dat wil dus niemand.
Dus is het wel heel verstandig om met onze motie mee te stemmen zodat we dus inderdaad een statement maken naar de ontwikkelaars van deze gedachte. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Helder. Ik zou het ook altijd heel verstandig vinden om met mijn motie mee te stemmen. Daar heeft u gelijk in. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Eigenlijk was ik niet van zins om hier verder nog iets over te zeggen, maar nu er toch nog weer aangedrongen wordt op deze motie, volgens mij heeft de wethouder duidelijk gezegd waar het college heen wil. En op het moment dat wij deze motie van Groen Laren zouden aannemen dan denk ik dat wij onze wethouders met de handen gebonden op pad sturen en eigenlijk onszelf buitenspel zetten. Want dan hoef je ook niet meer met ons te gaan praten, als je toch niet flexibel wil zijn en mee wil denken. Dus met dat gezegd hebbende gaan wij in ieder geval niet met de motie mee. De voorzitter: Volgens mij zijn we zover en kunnen we overgaan tot stemming. Wetende dat de vragen van de VVD naar genoegen zijn beantwoord door het college, dat de fractie van D66 heeft gezegd: als het college handelt conform onze motie, brengen wij die niet meer stemming. Blijft overeind de motie van Groen Laren. Willen de fracties die de motie steunen dat kenbaar maken? Dat is de fractie van Groen Laren.
Willen de fracties die tegen de motie zijn dit kenbaar maken? Dat zijn de fracties van Larens Behoud, D66, het CDA, de VVD en Liberaal Laren. En daarmee is de motie verworpen. Dan kom ik bij … Eens even kijken. Kom ik bij de moties over buslijn 109. En op mijn lijstje staat eerst de motie van Groen Laren inzake buslijn 109, en dan de motie van het CDA inzake buslijn 109. En geef ik eerst het woord aan de fractie van Groen Laren. Dat is de heer Vos. Mag puntig, hè, nog? Jazeker De heer Vos: Dank u wel, voorzitter. Nou, puntig. Ja, er zijn wel een paar punten die je naar aanleiding van onze motie kunt constateren. Allereerst, laat ik even vertellen dat het initiatief en ook de platte tekst aangeleverd is door onze collega uit Eemnes. We hebben een gezamenlijke motie ingediend, zowel in de gemeenteraad van Eemnes als hier aan tafel. En dat is niet zonder reden, want de inwoners van beide gemeenten zijn hier zeer bij gebaat naar ons inzien. En nog sterker, ik denk, en dat is ook de reden geweest dat helaas deze motie in Eemnes niet is aangenomen, omdat de Larense inwoners hier zelfs meer profijt van zouden gaan hebben dan de Eemnesser inwoners. Of dat zo is, kan ik moeilijk beoordelen, maar aan de Eemnesser-tafel is besloten dat dat zo is. En ja, omdat nou tot visionairs te benoemen, dat weet ik niet. Er zitten natuurlijk wel wat andere voetangels en klemmen.
Moest puntiger hè? De HOV zit eraan te komen. En verderop in de agenda komt hij ook ter sprake. En of die HOV nou komt of niet komt, dat zal invloed hebben op de frequentie en het handhaven van lijn 109. Want daar hebben we het natuurlijk met name over. En gelukkig dat de heer Van Midden ook al aangaf dat met name het gedeelte van Laren wat wij dan maar de Ericabuurt noemen in de volksmond, zich toch ook wel een beetje buitengesloten voelt. En dat is natuurlijk
ook zo. Want met het veranderen van de buslijnen is een heel groot deel van het dorp als het gaat om openbaar vervoer volstrekt afgesloten. En dat is niet goed. Dat is echt gewoon niet goed. Want er wonen daar veel mensen die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer of op een andere manier vervoerd moeten gaan worden, maar niet zelf beschikken over vervoermiddelen. Nou, dat is nu nog steeds zo naar Tergooi, die urgentie gaat verdwijnen, dat is zonder meer het geval. Wat je daar verder ook van vindt. Maar natuurlijk wel de verbinding met de andere lijnen, en ook niet onbelangrijk, de verbinding met Eemnes zelf voor onze Larense ingezetenen. Want het BEL-kantoor ligt hier in dit dorp. Stad moet ik zeggen, stad. Ik zeg het verkeerd, mijnheer Loeff. En ook de LIDL is hier gevestigd. Nou, en ook onze Larense inwoners spoeden zich naar de koopjes. En als je aangewezen bent op openbaar vervoer valt het nog niet mee. Komt nog een derde urgentiepunt bij. Dat werd ook al aangeduid door het college. Dat we toch een beetje zitten met de verbinding naar het Singer. Het dorp staat propvol met auto's en er zijn wel allerlei parkeerplannen en verkeersplannen aangekondigd, maar voorlopig kun je daar nog niet in parkeren. Dat gaat überhaupt moeilijk in papier. En er is toch wel een beetje een probleem aan het optreden. Als er zoveel mensen blijven komen en het dorp verstopt raakt.
Dus ik denk dat het voorstel wat we gedaan hebben een aantal manieren heel erg raakt aan acute problemen die er op het ogenblik zijn. En dan bedoel ik dus met name de verbinding voor de mensen in het dorp, en met name ook een pendelbus die ongetwijfeld ook na het al of niet aansluiten van de HOV zal kunnen blijven bestaan. En gelukkig hebben we een prachtig vehikel opgetuigd een aantal jaren geleden, het regionale vervoer. En mogelijkerwijs zou die daar iets in kunnen betekenen. Het moet puntiger. Wij vragen ook daarom niet zoveel meer als alleen maar: zou het niet eens verstandig zijn om, en ik kijk naar de heer Westerkamp, om eens hier concreet naar te gaan kijken hoe we dit op poten zouden kunnen gaan zetten? Want volgens mij past het heel prima in het plan wat u heeft met betrekking tot Singer. Daar wou ik het even bij laten, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: En concreet vraagt u het college om samen met de gemeente Eemnes een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren naar de exploitatie van de buslijn, zoals beschreven. De heer Vos: Dat heeft u heel goed samengevat, dank u wel. De voorzitter: Oké. De fractievoorzitter van het CDA, de heer Van den Berg. Over hetzelfde onderwerp. Gaat uw gang. De heer Van den Berg: Twee vragen aan de fractie van Groen Laren. Misschien nog wel één kleine opmerking erbij. Klinkt wel een beetje zurig.
Maar of nou mensen uit Laren wel of niet boodschappen gaan doen in Eemnes en bij welke winkel en of dat koopjes zijn of niet, dat vind ik een beetje zurig. Maar goed, dat terzijde, is een opmerking. Ik heb eigenlijk misschien wel één belangrijke vraag. En dat is nu de mededeling dat de motie niet aangenomen is in Eemnes. Hoeveel kans is er dan dat er überhaupt met de gemeente Eemnes met het college hierover gesproken gaat worden? De voorzitter: Ik denk dat dat een vraag is voor het college, maar gebruikt u meteen de tijd eventjes … Want ik denk niet dat de heer Vos daar een antwoord op heeft. Maar gebruikt u de tijd even om uw eigen motie toe te lichten. De heer Van den Berg: Oké, dank u wel. De motie van Groen Laren, die begint al ergens op voor te sorteren en wij willen graag nog even terug naar het begin, dat die buslijn 109 er niet meer is. En dat doen we samen met de fracties van het CDA in Eemnes en de fractie van het CDA in Blaricum. En ook wel een beetje, we hebben hier onlangs als gemeenteraad gesproken met de jongerenraad en daar is deze buslijn ook langsgekomen. En dus het gaat niet alleen om ouderen, maar ook om jongeren.
Maar ook hebben we vanavond gehoord van wethouder Van Midden dat in de buurt van de Erfgooiersbuurt en de omgeving Weversweg in die vergeten wijk, wat we ons trouwens heel erg mogen aantrekken, deze buslijn best belangrijk is of heel erg belangrijk is zelfs. En daar dan nog bij opgeteld dat we toevallig net onlangs provinciale verkiezingen hebben gehad en
onze minister-president er zelfs over heeft gesproken dat wij de uithoeken van het land, het platteland, de minder dichtbevolkte gebieden, goed ontsloten en bereikbaar moeten houden. Dan zou je denken als je midden in het land woont dat dat allemaal hier pais en vree is. Maar ook hier is het postkantoor weg en hebben we dus een buslijn niet meer, waardoor Eemnes gewoon eigenlijk niet goed meer bereikbaar is en omgedraaid ook. Dus vanuit die actuele zaken hebben wij gezegd: gaan we toch deze motie indienen. En nog eens extra benadrukken omdat we ook net verkiezingen hebben gehad, en ook mogelijkerwijs de VVD met BBB, GroenLinks en de PvdA al best wel goeie gesprekken gehad hebben in Noord-Holland. Ik weet niet hoe het precies in Utrecht is, die nieuwe coalitievorming, daar ook nog eens even vanuit onze twee, drie kleine gemeentes benadrukken dat wij er zijn en dat ze even aan ons moeten denken. Dus dat is eigenlijk de motie, voorzitter, zoals ik hem eigenlijk wil toelichten zonder hem verder inhoudelijk nog een keer voor te lezen en in stemming zou willen brengen. De voorzitter: Oké, maar dan herhaal ik toch nog even het verzoek vanuit uw motie. Namelijk bij de provincie Noord-Holland en de provincie Utrecht erop aan te dringen om de halfuurdienst van lijn 109 zo spoedig mogelijk te hervatten tot de ingebruikname van de HOV-halte Eemnes.
En onze zorgen en bezwaren over te brengen aan gedeputeerde staten, Provinciale Staten van de provincies Noord-Holland en Utrecht, en aan de informateurs van de beide provincies. Ik kijk nog even naar andere fracties of zij nog vragen of opmerkingen over de moties hebben. Mevrouw Fontaine. Mevrouw Fontaine: Mijnheer de voorzitter, ik zie in de motie van CDA het terug naar de halfuurdienst tot de ingebruikname van de HOV-halte Eemnes. Eigenlijk zou ik de twee moties het liefst in elkaar willen schuiven. Dat die halfuurdienst weer opgezet wordt van bus 109 totdat de pendelbus er is. En dan zit je denk ik helemaal goed. Want met alleen de 109 tot ingebruikname van de HOV-halte Eemnes, dan ben je er nog niet. Want hoe moeten mensen … Dan nog steeds is het maar één keer per uur. Stel dat dat de enige bus blijft, die maar één keer per uur naar die HOV-halte Eemnes gaat. De voorzitter: Kijk eerst nog even naar andere fracties of die vragen of opmerkingen hebben. Nee, dat is niet het geval. Dan kijk ik nog even naar de heer Van den Berg voor een reactie en dan gaan we naar het college. De heer Van den Berg: Terechte vraag van mevrouw Fontaine van D66. Ja, het zit hem in tweeën, iets samenvoegen, dan weet je niet of dat uiteindelijk het allerbeste is. Er zit enerzijds achter om het tot aan het moment van de HOV te doen, dat het dan een alleszins acceptabele motie is om aan te nemen.
En tegelijkertijd weten wij nog helemaal niet of die pendelbus er ooit gaat komen en is het meer de gedachte van CDA met deze motie dat als die buslijn er zo meteen weer rijdt, we onszelf wat tijd geven en ook vooral het college, en de provinciale partijen, om eigenlijk die buslijn vervolgens natuurlijk weer structureel te houden. Maar soms moet je niet het eindpunt in één keer willen benaderen, maar gewoon via een tussenhalte. En dat is dan deze bushalte totdat de HOV er is. Maar wel met de gedachte, die ben ik wel met u eens, maar niet om nu de pendelbus erin mee te nemen. Want dat is een hele andere discussie. De voorzitter: Oké. De heer Vos. De heer Vos: Ik wilde toch nog even reageren op uw opmerking, mevrouw Fontaine. De motie van CDA en onze motie liggen natuurlijk ernstig in elkaars verlengde. En eigenlijk het moment dat er wat gaat gebeuren met die HOV krijgen we een nieuwe situatie. En hoe die zal zijn, ja, dat zal wel niet veel beter worden hier voor Laren. Maar er zitten wel twee essentiële verschillen in. Ten eerste, in het verzoek van CDA doen wij een beroep op de provincie en dat zijn allemaal hele aardige vriendelijke BBB mensen en GroenLinks. Mensen, allerlei leuke mensen, maar wat die gaan zeggen dat valt natuurlijk heel moeilijk te voorspellen. En de kans dat ze gewoon zeggen: nou, we hebben het pas aanbesteed. We gaan lekker verder zoals het was.
Die kans is natuurlijk niet denkbeeldig. En hebben we eigenlijk keurig netjes ons best gedaan en ons met de hoed in de hand ons gevoegd. En jammer maar helaas. En dan kun je nog steeds niet reizen. En ondertussen hebben we
natuurlijk wel een acuut probleem dat we zeggen: we willen toch mobiel zijn richting Singer, we willen ook mobiel zijn richting Eemnes. Want de heer Van den Berg noemde zelf ook het postkantoor. Postpakketjes moet je al tegenwoordig in Eemnes afbrengen. Dus in die zin zijn die twee moties wel verschillend. Ze zijn wel complementair, maar ze zijn moeilijk aan elkaar te koppelen denk ik. De voorzitter: Ik lees het zo: als de provincie het niet doet, moeten we het zelf doen. Als beide moties worden aangenomen. Mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Wij steunen de motie van het CDA van harte. Goed openbaar vervoer in het dorp is wat ons betreft heel erg belangrijk. En wat het CDA eigenlijk doet met zijn motie is de provincie houden aan hun eigen afspraken die ze met de gemeente hebben gemaakt. En die worden nu eigenlijk onderuitgehaald, omdat de HOV allemaal langer duurt sluit dat niet op elkaar aan. Dus daar zijn wij volledig mee eens. En hoe het daarna moet gaan als de HOV gaat rijden, ja, dan zal er ook iets behoorlijks moeten komen. Maar of dat er nu direct een duur haalbaarheidsonderzoek moet komen of dat er een bus kan rijden met ook nog een route erin, dat gaat ons te ver op dit moment. De voorzitter: Dank. De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Dank u wel, voorzitter. Wat betreft de motie van CDA. Ja, vind ik sympathiek.
Het is altijd wel even de motie waar die oproept op iets waar je zelf niet direct invloed op hebt. Zoals mijnheer Van den Berg bij de allereerste motie die hij indiende in deze eerste raadsperiode nog wel zal herinneren. Vind ik hem wel lastig. Maar het is aan de andere kant ook wel het moment. Want de coalities moeten nog gesmeed worden, dus in die zin kies ik ervoor om deze motie namens het VVD zeg ik dan maar, wel te steunen. Omdat dit het goeie moment is om hem in te dienen. Al is natuurlijk de reden niet zo fraai, en zouden wij natuurlijk allemaal willen dat het openbaar vervoer gewoon wordt verbeterd in plaats van verder wordt afgebroken. Met de motie van Groen Laren twijfel ik. Laat ik maar zo zeggen. Maar dan wil ik ook graag even weten wat de consequenties hiervan zijn van het college. Omdat een haalbaarheidsonderzoek uitvoeren, wat mevrouw Timmerman ook volgens mij al zegt, een hoop geld kan kosten. En voor hoe lang dan? En dan vraag ik me af of de kosten en de baten wel in evenwicht zullen zijn. En dan vraag ik me af of er niet andere tijdelijke oplossingen zijn te bedenken, maar dat hoor ik dan graag van het college, die misschien net zo goed een oplossing kunnen bieden totdat het moment daar is dat die HOV opengaat. Dank u. De voorzitter: Nou, heldere oproepen, heldere vragen aan het college. Mijnheer Van den Berg, zegt u: nou, we wachten even de wethouder af.
Of is er toch iets waar u nog mee wilt verrijken? De heer Van den Berg: Ik denk het wel, voorzitter. Ik moest natuurlijk nog even checken hoe het in Eemnes was afgelopen, maar daar is die raadsbreed aangenomen deze motie. De voorzitter: Ah kijk. En dan de heer Loeff nog. Gaat uw gang. De heer Loeff: Ja. Dank voorzitter. We doen kennelijk eerst een rondje standpunten en dan het college. Ik ben benieuwd naar het college en hoe zij aankijken tegen deze problematiek. Want dat hij daar is, is overduidelijk. Landelijk zien we het, de buslijnen die overal worden opgeheven, maar ook gewoon in het dorp merken we het. Dus we horen het aan alle kanten. Zelf ook een HOV- gebruiker en je ziet inderdaad dat je, als je niet op de fiets bent, daar lastig komt. Dus in die zin lijkt het heel logisch dat we de motie van het CDA steunen. De vraag is alleen: hoe zit het nou precies in die concessie? Want mevrouw Timmerman heeft volgens mij gelijk als ze zegt: het is de afspraak dat hij gehandhaafd moet worden. Tegelijkertijd schijnen er zo weinig reizigers te zijn dat de provincie hem toch opheft. Dus ik zou graag van het college horen wat daar nu de situatie is. Tegelijkertijd biedt het nu een kans om nogmaals aan te dringen op een beter busvervoer door het dorp. Daarnaast is de motie van Groen Laren heel erg interessant omdat daar volgens mij ook heel veel andere
vormen van organisatie van het vervoer, openbaar vervoer, inspreken. En dat spreekt ons heel erg aan, want we horen ook regelmatig: wat doen al die lege stinkende bussen hier in het dorp die nog niet allemaal geëlektrificeerd zijn? Dus in die zin ook sympathie voor de motie van Groen Laren. Maar zeer benieuwd hoe het college deze moties interpreteert en zal behandelen. De voorzitter: Helder. Dank. Er ligt geen voorstel voor, maar wel twee moties. Dus ik vraag de wethouder de vraag te beantwoorden maar ook even helder een advies over de moties te geven. De heer Westerkamp. De heer Westerkamp: Graag voorzitter, dank. Allereerst even richting de heer Loeff wat betreft de stinkende bussen. Er schijnt een achterstand te zijn in levering van de elektrische bussen. Dat is de reden. Ik ben wel heel blij, zijn wij als college, met deze twee moties. Vooral ook omdat we 9 maart, ik moest hem wel digitaal volgen, maar dat deden we trouwens met zijn allen, provinciaal verkeervervoersberaad hebben gehad met gedeputeerde Jeroen Olthof. Ja, en ik ben blij eigenlijk toch hoor ik … Ik wist nog niet dat het zo ver was, dat de Partij van de Arbeid op dit moment ook in gesprekken meedoet. De heer Koldenhof: Voorzitter, mag ik een puntje van beleefdheid en orde … Of de wethouder gewoon naar de raad wil spreken en niet naar één iemand die een vraag stelt.
De heer Westerkamp: Ja, maar dan antwoord ik en voor rest kijk ik altijd naar de hele raad. Maar als iemand specifiek iets zegt, dan vind ik het altijd wel attent om even naar zo iemand te doen. Maar goed, daar verschillen wij kennelijk van mening in. Dan hebben wij provinciaal verkeersvervoersberaad gehad. Waarin wij onder andere opnieuw de 109 ter sprake hebben gebracht. Want zoals u weet hebben we in december vorig jaar heeft Bart Heller, wethouder van Hilversum, namens de hele regio bij de provincie aan de bel getrokken om conform, wat ook mevrouw Timmermans zegt, van: wacht even, we hadden toch in de concessie afgesproken dat de 109 pas zou worden teruggedrongen op het moment dat de HOV-bushalte in Eemnes klaar was naar een halve uurdienst, en het is nu al zo. Nou, daarop heeft de provincie, u heeft ook het antwoord gezien, dat is ook naar u allen toegegaan, gezegd: ja, dat klopt. Maar net wat de heer Loeff al zegt, te weinig personeel, een behoorlijke afname van het aantal passagiers na de coronatijd, die zelfs onder de helft van het minimumnorm lagen. Dat gaan wij niet doen. Nou, dat vonden we een beetje kort door de bocht. Dus 9 maart hebben we het opnieuw ter sprake gebracht in het PVVB en heb ik ook gezegd: luister eens, aan de ene kant wilt u graag dat wij iedereen OV, andere vormen van mobiliteit doen. Maar zoveel mogelijk uit de auto.
En vervolgens gaat uw lijnen terughalen. Dat wordt wel heel lastig. Nou, dat gaf de gedeputeerden ook wel aan. Maar als we de 109 willen terugbrengen naar weer een halfuurdienst kost dat 825 duizend euro per jaar. Zelfs wij als wethouders verkeer en vervoer vinden dat wel een heel hoog bedrag. Daar kun je volgens mij heel veel andere dingen voor doen, veel meer maatwerk. Vervolgens gaf de provincie ook nog aan dat ze hebben gekeken of ze lijn 5 konden doortrekken. Dat kost drie ton extra. Nou, dan wel iets minder. Maar wat veel interessanter was, was het programma Publieke Mobiliteit die we ook op dat PVVB een toelichting kregen. Want ook de provincie ziet dat het OV, het echte openbaar vervoer, qua bussen onder druk staat. Niet alleen door personeelstekort, maar ook door minder aantal mensen. Maar zien ook dat je daarmee ondanks dat je misschien een HOV- buslijn hebt, je toch op plekken niet komt waar wel degelijk behoefte is aan een vorm van vervoer voor mensen om van A naar B te kunnen komen. Zij hebben natuurlijk al een tijdje de buurtbus subsidieregeling in het leven geroepen, alleen daar zit het nadeel aan dat je een vaste dienstregeling moet hebben. Dat je met vrijwilligers werkt, vaste dienstregeling. Ik kwam met het voorbeeld van onze Brinkbus, die op zich voldoet aan een vraag, maar die geen vaste dienstregeling heeft.
Daarop heeft een gedeputeerde gezegd: in die nieuwe Publieke Mobiliteitsprogramma gaan we juist kijken naar allerlei andere vormen van openbaar vervoer. Dus we gaan niet meer openbaar vervoer doen, maar we gaan een betere kwaliteit doen en een beter netwerk waarbij je dus ook kijkt naar niet alleen maar buslijnen, maar waar je dus kunt kijken naar pendelbussen, naar bussenmobiliteit à la de Brinkbus, dus door vrijwilligers gerund, maar niet op basis van een vaste dienstregeling. Nou, daar valt ook deelfietsen et cetera, alles valt daaronder. Dat je op één punt een fiets pakt en je kunt op een ander punt weer in een stalling zetten. Dat willen ze breed aanpakken. Ze gaan in
Noord-Holland noord dat enorm uitrollen. Maar wat veel interessanter is, wat hij ook vertelde, maar wat wij dus ook in de stukken mee hadden gekregen vanuit onze eigen regio Gooi en Vechtstreek, die zijn op dit programma met de provincie in gesprek voor ons eigen vervoer Gooi en Vechtstreek. Want nou, dat heeft u al eerder te horen gekregen, u weet van het tekort. Maar dat zij ook zien dat bij hen het aantal vervoersbewegingen terugloopt, althans het aantal passagiers. Van het doelgroepenvervoer. En zij toch naar andere vormen kijken: hoe houden we nou onze vloot in leven, maar hoe kunnen we toch een bijdrage leveren aan ons mobiliteitsvervoer in onze regio. Zij zijn nadrukkelijk met de provincie op dit moment in gesprek om te kijken of zij wat kunnen betekenen in dus of pendelvervoer of specifieke buslijnen. Nou ja, de Singer-Express, u weet dat geld zit nog in de concessie. Maar ook door de corona is dat er nog niet uitgehaald. Maar ze zijn nu heel nadrukkelijk kijken, het voorstel is op dit moment vanuit de regio, om met de regio, provincie en Transdev te verkennen hoe doelgroepenvervoer en het ov meer geïntegreerd kunnen worden, zodat ook in de stille uren waar het reisaanbod beperkt is voor een ov-verbinding het doelgroepenvervoer kan worden opengesteld voor iedereen. En ook eventueel andere vormen van inzet zouden kunnen aanbieden.
Dus in feite wat Groen Laren vraagt in haar motie, daar gaan we nu ook nadrukkelijk kijken ook met dat Publieke Mobiliteitsprogramma. We hebben daar ook contacten over gelegd met de desbetreffende ambtenaar in de beide provincie die ook toen bij het provinciaal verkeersvervoerberaad aanwezig was. Ik heb ook het verhaal van Singer naar voren gebracht. Dat dat, nou ja, nu dan een tentoonstelling is met enorme grote bezoekersaantallen. Maar dat het wel degelijk een uitdaging is. Waarop de heer Olthof ook heeft gezegd, de gedeputeerde: dat is ook echt maatwerk, daar moeten we ook in dit programma veel meer naar gaan kijken. Dus wij gaan nu in gesprek, we zijn dat met de afdeling ook aan het voorbereiden. Dus in dat opzicht past dat in die lijn dat we gaan kijken: hoe kunnen we ander vervoer doen? En zeker met ook de opmerking van mijn collega Van Midden uit het buurtbezoek bij de Weversbuurt en de Erfgooiersbuurt om te kijken: kun je dan, als je op een gegeven moment pendelbussen of een andere vorm van vervoeren, kun je die dan ook door je dorp zo laten rijden dat je toch alle plekken ieder geval kunt bedienen? Dus dat wat betreft de motie van Groen Laren, waar we eigenlijk in feite al mee bezig zijn, om naar iets anders te kijken. Wat de motie betreft van het CDA. Ja, punt één. Ten eerste de provincie Utrecht gaat niet over de 109.
Dat is echt de zaak van de provincie Noord-Holland. Maar dat die dus een halfuurdienst wordt, kunt u echt vergeten. Zelfs wij als wethouders vinden 825 duizend euro wel een heel hoog bedrag voor zo'n laag aantal reizigers op dit moment. Dus we zijn echt ook aan het kijken: hoe kunnen we het dan anders doen? Want dat hebben we wel bij de provincie neergelegd. Dan moeten we wel met de andere vormen komen. En op zich, uw onderdeel twee, om onze zorgen en bezwaren over brengen. De gedeputeerde weet dat, hij zit kennelijk aan de onderhandelingstafel. Maar we hebben er denk ik geen bezwaar tegen om nogmaals onze zorgen, en ik zou dat dan vanuit de regio willen doen. Nou, toevallig hebben we morgen het bestuurlijk overleg hier van Gooi en Vechtstreek mobiliteit, wil ik dat graag inbrengen. Of wellicht onze collega Bart Heller weer namens de regio bij de informateurs in Noord-Holland. In ieder geval wil aangeven, onze zorgen en met name ook het programma Publieke Mobiliteit vooral te gaan ondersteunen. Denk tot zover, voorzitter, dat ik de beantwoording kan afronden. De voorzitter: Dank, wethouder. Toch nog even scherp uw advies ten aanzien van beide moties. De heer Westerkamp: Met beide moties kunnen we leven. Maar eigenlijk, de motie van Groen Laren zijn we al aan het uitvoeren, daar gaan we echt mee aan de gang.
En wat betreft de motie van het CDA, het eerste punt, dat wijzen we af. Omdat we weten dat dat echt niet kan gebeuren. Dat heb ik net uitgelegd. Punt twee vinden we prima om over te nemen, en ik zal dat dan morgen ook binnen de regio neerleggen. Of we dat niet als een gezamenlijke oproep kunnen doen vanuit de regio. De voorzitter: Helder. Dan ga ik terug naar de raad. En dan ga ik als eerste het woord geven … Dat mag. Mijnheer Vos.
De heer Vos: Ik wou graag vragen aan de wethouder, u had het zojuist over de motie van het CDA. U noemde twee punten. Het eerste punt, zegt u, dat is onhaalbare. De tweede is waarschijnlijk wel haalbaar. Of dat wilt u in meegaan, hoor ik u zeggen. Mijn vraag is dan eigenlijk: adviseert u dan om deze motie anders te geformuleerd, met andere woorden de eerste eruit knippen, waardoor die alsnog in stemming gebracht kan worden? Of heb ik dat verkeerd begrepen? De heer Westerkamp: Ik denk dat als een goed verstaander mijn woorden begrijpt, en dat weet ik zeker dat de heer Van den Berg dat is, dan is het aan hem om te beslissen wat hij met zijn motie gaat doen. De voorzitter: Helder. De heer Vos als eerste over de motie die hij dus namens zijn fractie heeft ingediend. De heer Vos: Dank u wel voorzitter. Ja. Eigenlijk ben ik heel erg blij met het hele uitgebreide antwoord van de wethouder met betrekking tot de beide moties. En daarmee laat hij ook heel duidelijk zien dat het een hot item is op het ogenblik en vanuit meerdere gezichtspunten. En dat ook waarvoor … Het is niet sexy, maar wel heel belangrijk, en dat staat buiten kijf. En het feit dat u zegt: we zijn er al naar aan het kijken, we zijn er al mee bezig. Dat sterkt ons in het idee dat we dus een voorstel hebben gedaan … Neem me niet kwalijk. Wat goed zal vallen.
En toch willen wij graag de motie handhaven, en wil ook graag steun van raadsleden. Zodat duidelijk is dat wij als gemeente dat serieus nemen en willen dat daar nagedacht wordt over goede bereikbaarheid en ook toekomstbestendig een besluit te nemen, en gaan kijken: wat is er allemaal mogelijk? De voorzitter: Helder. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Dank u wel, voorzitter. Vergelijkbare woorden als de heer Vos uitspreekt richting de wethouder. Dank voor de uitgebreide beantwoording. Een paar nog observaties. 9 maart was wel voor die wereldberoemde 15 maart. We weten natuurlijk niet waar het heen gaat, dus in die zin zie ik deze motie ook als een … En dan kom ik zo meteen nog op het bedrag. Als nog eens een keer een extra aanscherping. Door hem toch in stand te laten, maar vooral ook opnieuw naar de nieuwe wereld kijken. En inderdaad, zegt de wethouder terecht, we zien dat de gemeente Eemnes niet over Noord-Holland gaat, maar wij leven in Nederland. En dit is nou precies volgens mij waar de burgers op 15 maart zich over hebben uitgesproken. We gaan niet over grensjes praten. En als je net aan de verkeerde kant van de grens woont dat dan je boerderij niet geblust wordt als je in de fik vliegt. Dus we laten hem in stand. Maar ook nog wel met de opmerking: 825 duizend euro, dat klinkt heel veel.
Maar als wij allemaal in de auto stappen of mensen die gewoon niet meer uit sommige wijken goed weg kunnen komen, dan denk ik dat het aardig is om juist allebei de moties gewoon onverkort aan te nemen omdat het heel scherp neerzet waar wij staan als een kleine gemeente midden in ons land. De voorzitter: Andere fracties nog. De heer Loeff. De heer Loeff: Ja, voorzitter. Ik had eigenlijk één vraag aan de wethouder over inderdaad die 850 duizend euro. Volgens mij is er een concessie, en die concessie betekent dat de provincie een bijdrage geeft aan het openbaar vervoer. En op basis van een totaalpakket iets aanbesteedt aan een bedrijf dat dat uitvoert. Een dienstregeling. En volgens mij is die dienstregeling gewoon vastgesteld. U doet dat voor die aantal ritten, op die lijnen, voor dat aantal uren, en dat kost dat. Ik ben een beetje verbaasd als u zegt: dat kost 850 duizend euro. Ja, ik vind dat ook heel veel geld. Ik heb geen idee wat een HOV kost, of een trein, of nou, noem maar op. Maar dat is dan toch iets wat eigenlijk voor rekening komt van de provincie. Het is toch niet zo … Ja, het zou een beetje een raar spelletje zijn als de gedeputeerde tegen u zegt: dat kost u, gemeente Laren, dan 850 duizend euro als u een halfuurdienst wil.
Nee, in de concessie staat dat er 850 duizend euro gereserveerd is voor die lijn en of die dan niet vol is en niet kan rijden is een ander verhaal. Dus ik vraag me even af: kunt u dat verduidelijken, hoe dat dan zit? En is dat dan een leuke bezuiniging op rekening van de provincie, en kan dat
geldt dan misschien toch op één of andere manier naar het alternatieve vervoer gaan? Wat de heer Vos ook terecht voorstelt. Want dan hebben we voor een kleiner bedrag meteen een mooie startsubsidie. De voorzitter: De heer Westerkamp kan zo duidelijkheid geven. Ik kijk eerst nog even naar andere fracties. Mevrouw Timmerman, mijnheer Kolderhof. Mevrouw Timmerman-Hamers: Ik wil alleen het betoog van mijnheer Loeff onderschrijven en ondersteunen. Want er zijn inderdaad concessies gedaan, er zijn afspraken gemaakt. En daar moet men zich gewoon aan houden. Punt. De voorzitter: Mijnheer Koldenhof. De heer Koldenhof: Dank u, voorzitter. Zoals ik al zei: ik twijfelde. En de twijfel is nog niet echt weggenomen. Anders dan in ieder geval wel dat de wethouder naar mijn idee duidelijk antwoord heeft gegeven waar hij allemaal al mee bezig is. En nou, dat sterkt mij in ieder geval in een overtuiging dat er al heel veel zorg is voor dit probleem. En dan vind ik het lastig omdat beide moties een negatief punt hebben. Namelijk of heel veel kosten die je op je bord krijgt. Maar misschien dat daar nog een uitspraak van komt van de wethouder, namelijk van 850 duizend euro ten aanzien van die motie van CDA. En ik interpreteer de motie van Groen Laren op een eigen manier, dan dat een haalbaarheidsonderzoek eigenlijk niks anders is dan wat de wethouder nu al doet.
De voorzitter: Alle standpunten en meningen zijn zo'n beetje wel gewisseld, dus we moeten wel tot een oordeel kunnen komen. Het is nog even aan de heer Westerkamp om een vraag te beantwoorden, of vragen te beantwoorden. En dan gaan we stemmen. De heer Westerkamp. De heer Westerkamp: Dank. De heer Koldenhof, dat klopt. Dat laatste, daar zijn we mee bezig, dus dat klopt. Even richting wat betreft concessie. Wat daar ook bij hoort, is het aantal reizigers wat moet deelnemen. En dat blijft ver achter. Nou, dan kun je het niet Transdev aanrekenen dat ze niet haar doelen haalt. Want als het reizigersaanbod zo sterk afneemt en ook niet terugkomt na de coronatijd op die aantallen als het daarvoor was, dan is ook door provincie gebonden dat zij niet hun kan houden aan dat. En het is niet 825 duizend euro wat het ons kost, het kost de provincie 825 duizend euro. En wij, als wethouders van de regio, zien liever dat geld naar bijvoorbeeld het programma Publieke Mobiliteit gaan als extra impuls, zodat we juist dat maatwerk kunnen leveren in onze dorpen wat we eigenlijk heel graag willen met zijn allen, dan dat we dat gaan steken in een lijn die eigenlijk veel te weinig reizigers heeft. Waar we natuurlijk het liefst … Want dat hebben we natuurlijk ook in de eerste brief al gesteld, en dan ben ik het helemaal eens met mevrouw Timmerman. Provincie heeft dat toen toegezegd.
Maar goed, toen dat is toegezegd waren er nog geen omstandigheden van corona en waren er nog ook geen omstandigheden van personeelstekort en achterblijvende reizigers. Nou, daar moet je ook oog voor hebben denk ik. Je moet het wel in een brede context zien. Dus wij hebben liever een inzet op dat programma Publieke Mobiliteit, omdat wij daar kansen zien voor onze regio en zeker voor onze gemeente. Dan dat we blijven vasthouden aan de 109 terug te brengen naar een halfuurdienst. Dat is de mening van het college en wat we eigenlijk ook wel in de regio hebben ervaren. De voorzitter: Jongens, we hebben nu echt twee termijnen over deze motie. Alles is gewisseld hè, we moeten nu echt wel tot een … De heer …: Maar er ontbreekt wel iets. Het is niet voor altijd hè. Dit ging tot het moment dat de HOV er is. En wat ik wel jammer vind, is dat in de beantwoording van de wethouder nog in de tweede termijn net. Wij hebben Provinciale Statenverkiezingen gehad. De provincie gaat er inderdaad over. En als wij nu nog … Dit is wel het moment om zwaar in te schieten. En een motie geeft ook onderhandelingsruimte.
De voorzitter: We gaan stemmen. Overigens, voor het verslag. De fractievoorzitter van Liberaal Laren heet Timmerman en niet Timmermans. We gaan stemmen over de fractie … Over de fractie. Ik ben helemaal abuis. We gaan stemmen over de motie van de fractie van Groen Laren. Die het college oproept om samen met Eemnes en haalbaarheidsonderzoek uit te voeren naar de exploitatie van de buslijn zoals beschreven. Kunnen de fracties die de motie steunen dit kenbaar maken? Dat is de fractie van … Er wordt nagedacht tijdens het stemmen. Dat is in ieder geval de fractie van Larens Behoud, fractie van D66, fractie van CDA en de fractie van Groen Laren. En wat doet de VVD? Ja, nee, motie van Groen Laren. De fractie van de VVD … Oké. Willen de fracties die tegenstemmen dit kenbaar maken? Dat zijn de fracties van de VVD en fractie van Liberaal Laren. Daarmee is de motie aangenomen. Dan kom ik bij de motie van het CDA, die het college verzoekt bij de provincie Noord-Holland en de provincie Utrecht erop aan te dringen om de halfuurdienst van lijn 109 zo spoedig mogelijk te hervatten, tot de ingebruikname van de HOV-halte Eemnes. En onze zorgen en bezwaren over te brengen aan gedeputeerde staten en Provinciale Staten van de provincies Noord-Holland en Utrecht, en aan de informateurs van de beide provincies.
Willen de fracties die de motie steunen dit kenbaar maken? Dan zijn de fracties van Larens Behoud, D66, het CDA, Groen Laren, de VVD en Liberaal Laren. En daarmee is de motie unaniem aangenomen. Dan kom ik bij twee moties inzake de aanpassing van de erfpachtakte over Schapendrift 66. Ik heb ook nog een … Die staat eerst, daar heeft u gelijk in. Ik word gecorrigeerd. Eerst gaan wij het hebben over de leegstandsverordening. En het is al tien uur, en uw fractie heeft veel moties ingediend. Dus als we deze met een goed tempo kunnen behandelen, kunnen we het snel over de erfpachtverordening hebben. Sorry, erfpachtakte. Het woord is aan de indiener van deze motie. Dat is de heer Grunwald namens Groen Laren staat hier. De heer Grunwald: Ja dank u wel voorzitter. Nederland kampt al langere tijd met een tekort aan betaalbare woningen. In de volksmond wordt gesproken over woningnood. Dit is ook in de gemeente Laren zichtbaar. Veel woningen en winkels staan leeg inmiddels, in een enkel bijzonder geval al tientallen jaren zoals we in de krant hebben kunnen vernemen. Soms lijkt het zelfs voor eigenaren fiscaal aantrekkelijker te zijn om woningen en winkels leeg te laten staan in plaats van deze voor sociaal acceptabele prijzen te verhuren. Soms heeft dit verpaupering tot gevolg. Dat zijn onwenselijke situaties.
Om onnodige en onredelijke leegstand van woningen en winkels tegen te gaan kiezen steeds meer Nederlandse gemeenten, waaronder bijvoorbeeld gemeente Haarlem, voor het vaststellen van een leegstandsverordening. De Vereniging Nederlandse Gemeenten heeft ten behoeve van haar leden hiervoor een voorbeeld-leegstandsverordening beschikbaar. Laren zelf heeft nog geen leegstandsverordening vastgesteld. Het is dus wel een aanrader, omdat we ook in het verleden herhaaldelijk over leegstandskwesties gesproken hebben. Wij als Groen Laren denken dat alle Nederlanders recht hebben op betaalbare huisvesting. En dus niet alleen het recht, maar dat moet ook geëffectueerd worden. Veel Nederlanders en Laarders hebben behoefte aan betaalbare zelfstandige woonruimte, maar het is een moeilijke woningmarkt, misschien nog net te vinden, vaak ook niet. En dan komt de kwestie: is het ook te betalen? En dat is ook vaak niet het geval. En dan is het dus echt extra zuur als er dus betaalbare woningen leegstaan. Al geruime tijd maar ook niet in de eerstkomende tien jaar, zal de Nederlandse woningmarkt in de behoefte aan voldoende betaalbare woonruimte kunnen voorzien. Dat is wel echt een heel langjarig traject. De gemeente Laren kan wel door het vaststellen van een leegstandsverordening een belangrijke bijdrage leveren aan het tegengaan van onnodige en onredelijke leegstand van woningen en winkels.
En de gemeente Laren kan zodoende ook proactief invulling geven aan het door haar voorgestane sociale woningbeleid. Dus vragen wij aan het college om op zo kort mogelijke termijn, maar toch bij voorkeur binnen 2023, een leegstandsverordening voor Laren op te stellen en deze door de raad te laten vaststellen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank, mijnheer Grunwald. Zijn er andere fracties die het woord nog wensen te voeren, of zullen we in één keer het college het woord geven? Ja, oké. Oh nee. De heer Van den Berg.
De heer Van den Berg: Ja, een vraag aan de indiener van de motie. We hebben het al gehad over leegstaande winkels of misschien wel leegstaande kantoren in Laren. Kunt u nog eens misschien verduidelijken waarom u die ook niet nu meteen meeneemt, dat we een algeheel plan maken dat niemand vastgoed leeg laat staan? De voorzitter: De heer Grunwald. De heer Grunwald: Ja. Het is … Leegstand geeft natuurlijk wel gelegenheid om andere dingen daarin te ontwikkelen. Dus dat kan je op twee manieren doen. Dus woningen zijn woningen natuurlijk, maar winkels zouden woningen kunnen worden of je kunt winkels op een andere manier vullen door het voor bepaalde ondernemersgroepen, die bijvoorbeeld duurzaam ondernemen, makkelijker te maken om daar hun omplooi te vinden uiteindelijk. Maar voorop staat natuurlijk wel de zorg om de woningnood. En mogelijkerwijs zijn sommige leegstaande winkels heel goed geschikt om daar woningen van te maken. Dus vandaar. De voorzitter: De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ik doel eigenlijk ook, wat we volgens mij ook gehoord hebben in de jongerenraad of ik heb het ergens anders op straat gehoord. In het kader van de Oekraïne en de vluchtelingen konden we heel snel de Raadbank geschikt maken om heel veel mensen op te vangen. Tachtig als ik het goed heb, burgemeester.
En dat brengt mij op het idee, en de vraag, wat nou als zoiets nog eens een keer leegstaat? Dat je ook voor tachtig jongeren of anderen die alleen wonen dit soort dingen kan bedenken. Dat was eigenlijk meer de vraag. Niet zozeer naar winkelpanden, maar ook naar kantoorpanden. Vandaar dat ik even mij afvroeg of daar misschien een verbreding in denkbaar is. Om echt iets aan de woningnood te doen. De voorzitter: Een hele creatieve en zinnige observatie, mijnheer Van den Berg. Ik kijk naar het college. Mijnheer Westerkamp. De heer Westerkamp: Voorzitter. We delen met de fractie van Groen Laren dat leegstand een serieus probleem is, zowel waar het woningen betreft als winkels. En voor beide is een leegstandsverordening een mogelijk instrument, maar op dit moment heeft dat instrument niet onze eerste voorkeur. Waar het winkelpanden betreft, heeft de raad op 21 december een motie aan aangenomen van Larens Behoud om de verschillende instrumenten rond leegstand te onderzoeken. Wethouder De Groot heeft onlangs overleg gehad met de vastgoedeigenaar en Bijzonder Laren, en we zullen u daar binnenkort schriftelijk over informeren en daarmee ook uitleggen wat we gaan doen. Voor woningen wordt in een heel beperkt aantal gemeentes nu met een leegstandsverordening gewerkt. Het is één instrument naast andere mogelijkheden. Zoals u weet, zijn we bezig met het opstellen van een nieuwe Woonvisie.
Die komt binnenkort naar u toe. Bij het opstellen van de Woonvisie zijn allerlei instrumenten besproken met betrokkenen, belanghebbenden, en uit die gesprekken kwam dit niet als één van de meest voor de hand liggende instrumenten naar voren. Dat komt met name omdat het hoge uitvoeringskosten met zich meebrengt voor een relatief beperkt resultaat. Zo’n verordening vraagt immers veel registratie, toezicht en handhaving. Daarbij komt dat het college voornemens is een forensenbelasting in te voeren die dezelfde woningen betreft, door daar een financiële heffing op te leggen. Dat instrument heeft hetzelfde doel en hopelijk hetzelfde resultaat, maar we verwachten met veel minder administratieve lasten. En ook over dit onderwerp wordt u binnenkort geïnformeerd. Kortom, wij stellen aan u voor om de motie nu niet in te dienen. Laten we bij de Woonvisie met elkaar spreken over onze opgaves en het instrumentarium wat daarbij past ook om leegstand tegen te gaan. En als we dan met elkaar tot de conclusie komen dat het nog onvoldoende is, dan is ook het college bereid om met u na te denken of we alsnog een leegstandsverordening moeten gaan inzetten. Tot zover onze beantwoording, voorzitter. De voorzitter: Dank, wethouder Westerkamp. Ik kijk naar de indieners van de motie.