CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript openbare raadsvergadering 17 december 2025

Gemeenteraad 28 januari 2026, gemeente larenBij agendapunt: Vaststellen besluitenlijst besloten raadsvergadering 4 december 2025 en besluitenlijsten openbare raadsvergaderingen d.d. 4 en 17 december 202514.204 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN DE GEMEENTE LAREN d.d. 17 december 2025

1.

Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Dames en heren. Heer Spaan. Het is 20.00 uur. Ik open deze laatste raadsvergadering van het jaar. Er zijn geen afmeldingen. Dat betekent dat de raad voor vanavond compleet is. Dat is mooi. Onder de mededelingen van mijn kant zou ik willen vragen of het preventie- en handhavingsplan alcohol en middelen 2026, dat is raadsvoorstel nummer 17, een hamerstuk mag worden. Dan kijk ik even naar mevrouw Niekus. Ja? Kunt u daar allen ook mee instemmen? Dan wordt ook agendapunt 17 een hamerstuk. Er zijn geen vragen voor het vragenhalfuurtje ontvangen. Er zijn wel amendementen en moties ontvangen. En voordat ik daarnaartoe overga, meld ik eerst nog even dat er ook voor het spreekrecht voor inwoners over nietgeagendeerde onderwerpen geen aanmeldingen zijn. Bij agendapunt 20 is een amendement ontvangen. Dat is een agendapunt dat ziet op het instellen van een sociaal vereveningsfonds in Laren. Amendement nummer 1, ingediend door VVD, Larens Behoud en … D66, er staan twee D’s, excuus. Ik raak helemaal van slag, dubbel D. Agendapunt 21, moties vreemd aan de orde van de dag. Motie nummer 1 van het CDA en VVD, die is doorgekomen vanuit de vorige raadsvergadering omdat de stemmen toen staakten. Wordt straks opnieuw in stemming gebracht.

En ziet op onderzoek naar een parkeergarage in Laren, naar aanleiding van het vaststellen van de verkeersvisie in de vorige raad. Motie nummer 2, vreemd aan de orde, is ingediend door VVD, CDA, Groen Laren, Liberaal Laren en D66 en die ziet op de 2e Ruiterweg. Kunnen we de agenda zo vaststellen? Dat is het geval.

2.

Spreekrecht voor inwoners over niet-geagendeerde onderwerpen De voorzitter: Agendapunt 2, dus geen aanmeldingen voor het spreekrecht.

3.

Mededelingen De voorzitter: Agendapunt 3 betreft de mededelingen. Zijn er vanuit de raad mededelingen? Die zijn er niet. Vanuit het college wel. Wethouder De Groot. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. Het gaat over de vraag die mevrouw Niekus gesteld heeft over Winter Village, of het mogelijk is om daar vapen te verbieden. De voorzitter: Kunt u iets dichter bij de microfoon spreken? De heer De Groot: Om vapen te verbieden, of dat mogelijk is. Ik moet tot mijn spijt het antwoord geven dat het terrein van Winter Village een evenemententerrein is en dus “van de organisatie”. Daar kan een gemeente geen rookverbod opleggen. Dat is eigenlijk hetzelfde als het terras bij een horecagelegenheid. De organisatie kan in de huisregels wel voor kiezen verbieden op het terras, maar dat zullen ze niet doen. Misschien dat er in de huisregels wel iets staat over een rookverbod op het ijs. Ik denk dat het wel goed is om daar nog een keer het gesprek over aan te gaan. ‘…’(00:04:02) is natuurlijk wel openbare gemeentegrond. Ook het instellen van een rookverbod daar, zitten nog haken en ogen. Ook dat spijt me zeer. Overigens vallen vapen en roken onder

1

dezelfde noemer. Dus alleen vapen verbieden in openbare ruimtes kan sowieso niet. Dat is mijn antwoord en mijn reactie op de vraag van mevrouw Niekus. De voorzitter: Naar aanleiding ook van de commissie M&F van vorige week. Verder nog mededelingen vanuit het college? Wethouder Van Midden, gaat uw gang. De heer Van Midden: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Even kort een mededeling voor wat betreft de reconstructie van de Naarderstraat. We hebben vorige week en deze week twee inloopavonden gehad voor inwoners. Vorige week voor het deel centrum uit, vanaf Singer ongeveer richting ’t Gooi. En deze week centrum in, het centrumgebied. Beide avonden zijn heel goed bezocht. We hebben ook veel input gekregen van inwoners. Daarnaast hebben we ook een aparte bijeenkomst georganiseerd voor de ondernemers van de Naarderstraat, vooral ook omdat zij al eerder voor wat de inrichting betreft een droombeeld hadden geschetst, wat wij uiteindelijk getoetst hebben nu aan de plannen die wij aan het maken zijn voor de Naarderstraat. En blijkt dat we een groot deel van dat droombeeld ook meenemen. Dus alle avonden zijn eigenlijk succesvol geweest. Wat we nu gaan doen, is alles verwerken tot een voorlopig ontwerp. Daar komen we in het eerste kwartaal mee terug richting inwoners en ondernemers.

Uiteindelijk willen we in het tweede kwartaal een definitief ontwerp hebben voor besluitvorming, ook in commissie en raad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Bij mededelingen stellen we geen vragen, dus laten we het even zo bij de mededelingen. Dat was het voor de mededelingen. 4.

Vragen half uur De voorzitter: Dan agendapunt 4, ook geen vragen ontvangen.

5.

Meldingen portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: We gaan door naar agendapunt 5, meldingen portefeuillehouders met betrekking tot gemeenschappelijke regelingen. Wethouder Van Midden en dan wethouder De Groot. De heer Van Midden: Dank u wel, voorzitter. Ik heb eindelijk een gemeenschappelijke regeling. Onder het motto lang gewacht, stil gezwegen heeft het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Gooiergracht en Vijzelgemaal Eemmeer gisteren besloten deze op te heffen en te liquideren. Dat is iets wat al heel lang in de pen zat, heel veel jaren. Uiteindelijk is nu het besluit gevallen. Dat betekent ook dat het saldo dat nog in de gemeenschappelijke regeling zit, wordt verdeeld tussen de gemeentes. Na de liquidatie is de volgende stap dat het waterschap, AGV, de Gooiergracht zal gaan saneren. Dat moet gebeuren voor 2030, anders wordt de subsidie van 2,5 miljoen niet meer uitgekeerd. In de tussentijd gaan we met de drie gemeentes kijken hoe we dat gebied verder kunnen ontwikkelen. Daar hebben de drie gemeentes eerder al een samenwerkingsovereenkomst voor getekend, om dat gezamenlijk te doen. Dus dat proces kan nu ook langzamerhand in gang worden gezet. De voorzitter: Dank. Mijnheer De Groot. De heer De Groot: Dank u, voorzitter.

In letterlijke zin is de MRA natuurlijk geen gemeenschappelijke regeling, maar ik zou eigenlijk niet weten waar ik dit anders zou moeten onderbrengen. Vandaag was de algemene bestuursvergadering van de MRA. Zeer goed bezocht. De burgemeesters van de grote steden, de commissaris van de Koning, allemaal aanwezig. Er was een zeer interessante presentatie over de concurrentiekracht van de metropoolregio en dat is van belang voor ons allemaal, daar verdienen we ons geld. Er is eigenlijk getoetst of 2

de metropoolregio qua concurrentiekracht ‘…’(00:08:00) Het lijkt erop dat dat wel in orde is. Er zijn natuurlijk altijd dingen die je moet door ontwikkelen, en het laatste wat je moet doen is achteroverleunen. Dat was ook de algemene teneur bij de vergadering. Dus wat dat betreft is er een gezonde ontwikkeling gaande. Weenink schrijft in zijn rapport dat 1,5 procent groei noodzakelijk is voor brede welvaart. Daar zitten we boven, ongeveer 3 procent, dus dat is eigenlijk een prachtige score en dat stelde mij eigenlijk wel gerust. Dus ik vind het wel goed om dat hier naar toe te brengen en ik denk dat de volgende periode ook weer goed is om de MRA hier weer uitvoerig onder de aandacht te brengen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen mededelingen vanuit de gemeenschappelijke regelingen. Dank u wel. 6.

Vaststelling besluitenlijst openbare raadsvergadering d.d. 7 en 26 november 2025 De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 6, het vaststellen van de besluitenlijst van de openbare raadsvergaderingen d.d. 7 en 26 november 2025. Kan ik die conform vaststellen? Dat is het geval, bij dezen.

7.

Vaststelling lijst ingekomen stukken De voorzitter: Agendapunt 7 betreft het vaststellen van de lijst van ingekomen stukken, kan ook conform. Bij dezen vastgesteld.

8.

Vaststellen van het Beleids- en Beheerplan Openbare Verlichting 2026-2030 De voorzitter: Dan gaan we door naar de hamerstukken. Agendapunt 8 betreft vaststellen beleid- en beheerplan openbare verlichting 2026 - 2030, is aangenomen.

9.

Verduurzaming zwembad de Biezem en Klaas Bouthal De voorzitter: Agendapunt 9 betreft de verduurzaming van zwembad de Biezem en de Klaas Bouthal, is conform aangenomen.

10. Beleidsplan Bescherming en Opvang 2026-2033 De voorzitter: Agendapunt 10, beleidsplan bescherming en opvang 2026 - 2033, conform aangenomen. 11. Zienswijze ontwerpbegroting 2027 OFGV De voorzitter: Agendapunt 11, zienswijze ontwerpbegroting 2027 omgevingsdienst Flevoland, Gooi en Vecht, conform. 12. Wijziging gemeenschappelijke regeling BEL Combinatie De voorzitter: Agendapunt 12, wijziging gemeenschappelijke regeling BEL Combinatie, conform.

3

13. Legesverordening 2026 gemeente Laren De voorzitter: Agendapunt 13, de legesverordening 2026 gemeente Laren, conform. 14. Belastingverordeningen 2026 gemeente Laren De voorzitter: Agendapunt 14 betreft de belastingverordeningen 2026 gemeente Laren, conform. 15. Slotwijziging 2025 De voorzitter: Agendapunt 15 betreft de slotwijziging 2025, ook conform. 16. Vaststellen eerste omgevingsplanwijziging voor thematische regels Laren De voorzitter: Agendapunt 16 betreft het vaststellen van de eerste omgevingsplanwijziging voor thematische regels Laren, conform. 17. Preventie- en handhavingsplan Alcohol en Middelen 2026-2029 De voorzitter: Agendapunt 17 is ook een hamerstuk geworden. Preventie- en handhavingsplan alcohol en middelen 2026 - 2029, ook conform besloten. 18. Noord-Zuid scenario De voorzitter: Dan zijn we toegekomen aan de bespreekstukken. Agendapunt 18, het Noord-Zuidscenario. Wie mag ik daarover het woord geven? De heer Loeff, dan mevrouw Van Dorst en dan kom ik naar de overkant. Heer Loeff. De heer Loeff: Voorzitter, het is een ingewikkeld verhaal. Eigenlijk wil ik in deze ronde, nadat er een uitgebreide bespreking is geweest in de commissie, vooral de boodschap meegeven aan het college dat we hopelijk de volgende keer duidelijkere stukken krijgen.

Als we kijken naar de zienswijze, die heel uitgebreid is, het voorstel dat heel ingewikkeld is en de materie die ongetwijfeld ook ingewikkeld is, dan wil ik hier toch de oproep doen om het de volgende keer nog een keer door de molen heen te halen en het makkelijker uit te leggen. Ik denk dat als we dat met elkaar doen, dat dit stuk duidelijker besproken had kunnen worden en dat we dan ook gemakkelijker met elkaar hadden kunnen besluiten over deze zienswijze. Over de inhoud van het stuk willen we eigenlijk nog het volgende zeggen. We vinden eigenlijk als fractie dat het een ongelooflijk langzaam traject is dat wordt voorgesteld. Als we zien wat er gaat gebeuren, dat dat ruim twee jaar in beslag gaat nemen. De onzekerheid over de financiën en hoe die er over twee jaar bij staan als de ene pot met de andere gevuld moet worden, dan is de vraag waar staan we dan en kan het niet sneller? Dat is vooral de vraag en de oproep aan het college vanuit onze fractie, kan het sneller? Is het mogelijk om er haast mee te maken? Omdat we denken dat ook degenen die dit betreft, en die in die situatie zitten bij de Tomingroep, en waar vooral ook onrust kan heersen, dat die snel duidelijkheid moeten hebben. Wat gaat er nu gebeuren met jouw werksituatie, met jouw organisatie en waar ga je naartoe? Die oproep willen we doen aan het college. Daarbij kunnen we ons vinden in de zienswijze.

Waarbij we ook aanmerken … Dat we begrepen hebben dat eigenlijk alle raden met deze zienswijze akkoord zijn. Dan zou het ook heel gek zijn als wij daar tegenin zouden gaan met een andere zienswijze. Maar de oproep tot snelheid, vereenvoudiging en verduidelijking wil ik heel graag mee geven. Dat was de inbreng van onze kant. 4

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat ik met een mooie frase van D66 Blaricum wil beginnen, die zij gisteren uitspraken. Het licht aan het eind van de tunnel bleek een locomotief te zijn, die met rasse schreden op ons afkwam en ons dwong op zeer korte termijn actie te nemen. Zo ongeveer komt het bij ons, de situatie waarin we ons nu bevinden, ook over, de deelnemende gemeentes … Van de deelnemende gemeentes, excuus. Door de grote veranderingen van de nieuwe Participatiewet uit 2015 is duidelijk geworden dat de huidige constructie van Tominschap en BV niet eeuwigdurend kon voortbestaan. De aangetrokken consultant stelde daarop 6 scenario’s voor en de D66-fractie onderschrijft dat het geschetste toekomstscenario 2, mogelijk zelfs 2.c, het meest kansrijk is, maar ook dichtbij onze wensen voor de cliënten staat … De voorzitter: We hadden het er nog over voor de vergadering. Excuus hiervoor, het leidt een eigen leven, dit apparaat. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik pak het gewoon verder, maakt mij niet uit. Ik ben blij dat ik het opgeschreven heb, anders … Maar wij willen wel meegeven dat we ons er bewust van zijn dat de doelgroep, voor ons misschien maar zes of zeven personen, daar wel degelijk onrustig van wordt en er misschien ook wel nadeel van zal ondervinden.

Daarom mag het duidelijk zijn dat door de opzet waarin de gemeente Hilversum de centrumgemeente wordt en Laren zijn diensten inkoopt, de invloed van ons dorp indirect en daardoor minder zal worden. Maar onze fractie is bereid de bijbehorende financiële verplichting in verhouding op ons te nemen, wetende dat ook vanuit Den Haag hieraan een bijdrage zal worden geleverd. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Aan mijn linkerhand nog iemand die het woord wenst te voeren? Dan ga ik naar rechts. De heer De Jong, dan de heer Grunwald. De heer De Jong. De heer De Jong: Vorige keer hebben we in de commissie een zeer uitgebreide discussie hierover gehad. Liberaal Laren zal akkoord gaan met dit stuk. Maar we willen toch nog even een kleine aantekening maken. Ik sluit me ook volledig aan, of wij sluiten ons aan, bij de woorden van de heer Loeff. Dit heeft natuurlijk heel lang geduurd en in de discussie is ons gewoon ook niet duidelijk geworden, de vragen die we gesteld hebben, waarom deze werkwijze gekozen is. Een goede uitleg waarom en waarom niet, wat de andere mogelijkheden zijn en hoe het bestuur erin zit. We gaan daar niet verder op in, maar dat was ons gewoon absoluut niet duidelijk en het is ons nog steeds niet duidelijk wie nu dadelijk de oplossing gaat brengen. Is dat het oude bestuur, is dat een nieuw bestuur? Wie gaat dat doen? Compleet onduidelijk.

Dus waar zeggen we ja tegen? En dan een financiële toelichting. Eigenlijk hadden we verwacht dat er deze week toch nog wel … Je kan toch wel even iets aangeven van wat de consequenties zijn. Je hoeft niet in detail te treden, maar je kan in hoofdlijnen schetsen van zo staat het ervoor. Welk deel is voor het Gooi, welk deel is … Wat speelt er in … Wij kennen hier alleen in het Gooi wat er in Hilversum gebeurt. Wat staat er te gebeuren in Almere? Dat is helemaal compleet onduidelijk. Dus hoe ziet het eruit? En wie gaat op een gegeven moment wat betalen? Is daar in die kosten … Gaat het Gooi meer betalen of gaat Almere meer betalen? Het is nog steeds onduidelijk hoe dit nu in elkaar steekt. Dus een volgende keer graag een veel beter stuk, wat voor iedereen te begrijpen is. Want ik denk dat het eigenlijk voor iedereen hier nog steeds onduidelijk is. De voorzitter: De heer Grunwald. De heer Grunwald en dan kennelijk de heer … De heer Grunwald: Dank u wel, voorzitter. Eerst eens heel erg bedankt voor de heldere raadsinformatiebrief. Dat maakt het dossier een stuk inzichtelijker. Dus de discussie in de commissie had zo niet gehoeven als dat eerder helder uitgelegd was. Maar we hebben nu wel wat meer inzicht. Wellicht wordt omwille van snelheid 5

gekozen voor een hele rechte lijn in het verhaal, dus allerhande opties en mogelijkheden worden eigenlijk niet bekeken, onder het verhaal van die wil niet, die kan niet en dit soort dingen. Dus we zitten eigenlijk op een heel nauw pad eigenlijk, worden we gezet. Met de vraag of we hiermee kunnen instemmen. Er vallen dus een aantal dingen af die wellicht het waard geweest zouden zijn om toch te bekijken, zoals na de Noord-Zuidsplitsing ook op optie 3 eens te bekijken. Dat is dan wel wat duurder, maar heeft dus hele goede resultaten laten zien. En dan kan je dus een beetje vergelijken en dat sluit aan bij mijn betoog over mogelijke inzicht hebben in een benchmark, hoe dingen zich verhouden, wat best practices zijn en dit soort dingen. Dat wordt allemaal niet gedaan. Dus dat wordt eigenlijk wel … Dat vraagt nog wel iets van degenen die hierin moeten toestemmen. Wij zullen dat uiteindelijk wel doen en wat ons betreft hopelijk daarmee ook de snelheid een beetje daarin brengen. En ik hoop, of het is ook een vraag, of de raad dan ook voldoende daarin meegenomen kan worden, in alle beslissingen. We hebben daar nu maar twaalf deelnemers. Of zes, wat was het? Maakt niet uit, maar het zouden er ook makkelijk dubbel zoveel zijn en dan hebben we dus bijvoorbeeld toch wel iets waar we heel goed over moeten nadenken. Zover mijn betoog. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Heer Merckx.

De heer Merckx: Dank u wel, voorzitter. Er is natuurlijk een bepaald risico dat, zoals de heer Loeff zei, dat we de enige zijn die hier met een andere zienswijze komen. Maar daarom zijn we Laren en bekend als een klein Gallisch dorpje af en toe. Voorzitter, we hebben hier te maken met een bijzondere situatie. En die ga ik even schetsen met een metafoor. Het is een werkvoorziening, maar eigenlijk kunnen we nagaan dat het hier over ... De voorzitter: Kunt u de microfoon ook iets dichterbij, dan kunnen we het allemaal mee beleven. De heer Merckx: Natuurlijk, dank u wel. Het gaat hier eigenlijk over, laten we zeggen, papa en mama gaan scheiden want het huishoudgeld is op. We hebben een financiële situatie die niet meer toereikend is, het huishoudgeld is op. En de kinderen gaan we nu verdelen onder de familieleden. En dat lijkt een hele vreemde oplossing te zijn. Wij zullen als VVD meestemmen met dit. Maar de heer Loeff heeft al heel duidelijk aangegeven dat dit eigenlijk een onbegrijpelijk stuk is. En slechts omdat we Laren zijn en als laatste dit moeten goedkeuren, zullen we meegaan. Ik heb echter nog wel twee vragen. Allereerst waarom is het rapport van de Galan Groep niet met ons gedeeld? Dan hadden we wellicht allemaal een veel helderder inzicht gekregen.

En het tweede is, ook in de richting van wat de heer De Jong zei, om niet alleen snel te acteren maar ook voldoende financieel inzicht te gaan geven over hoe dit er nu zo meteen uit gaat zien. Tomingroep heeft blijkbaar financiële tekorten. Staan wij daarvoor aan de lat? Wat is zo meteen de oplossing die we moeten onderschrijven? Het is hartstikke mooi dat er vijf miljoen euro beschikbaar is voor een transitieplan voor de hele regio. Maar wat is zo meteen nodig voor die investering? Daar graag zo snel mogelijk inzicht in verkrijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Heeft iedereen die in eerste instantie het woord had willen voeren, dat ook kunnen doen? Dat is het geval. Dan ga ik over naar wethouder De Groot. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. En ingewikkeld is het, dat ben ik met u eens. Ik heb nooit meegemaakt dat een deel van mijn portefeuille zo ingewikkeld was en zoveel bestuurlijk zou vragen. Niet om medelijden op te wekken, maar het geeft wel aan dat het iets is waar je steeds weer bij de haren wordt bijgesleept en ook steeds weer je volle aandacht vraagt. En de ontwikkelingen gaan aan de ene kant traag en aan de andere kant gaan ze snel. Dat maakt ook de dynamiek ingewikkeld. Ik ben het met de heer Loeff eens. Het kan duidelijker, het moet duidelijker, zeker om de raden mee te nemen.

Want natuurlijk is in de loop van de tijd heel veel informatie al gedeeld en om steeds dingen te repeteren is ook niet alles. Maar ik denk dat zoiets als een regiobijeenkomstenplatform, eigenlijk is het geen regioactiviteit, maar zoiets in die geest, veel beter geweest 6

was om dit soort vragen beter tot hun recht te laten komen. En wellicht is dat ook nog een goed instrument als we wat nadere stappen gaan ondernemen. Dus dat daarover. Sneller wat kan, zeer zeker. Eerlijk gezegd wil ik het zeker snel hebben. Ik wil eerlijk gezegd dat mijn opvolger zo min mogelijk nog belast wordt met dit dossier. Dat gaat niet lukken. Dat zal zeker nog een staart hebben. Maar dat het fundament gelegd is om naar oplossingen toe te gaan die houdbaar zijn. En dat is deze situatie waar we nu in verkeren, niet. Financieel loopt het geld er hard uit, de reserves raken de bodem. Dus met andere woorden, dat was een vraag van mijnheer Merckx geloof ik, als dit zo doorgaat staan we zeker aan de lat om bij te springen. En ook al hebben we maar 1,2 procent, dat doet toch zeer. En eerlijk gezegd kun je beter nu aan de situatie gaan sleutelen, ik ben blij dat u het daar in ieder geval mee eens bent, dan wat anders. Ik loop nog een paar dingen langs. Mevrouw Van Dorst, u komt met een mooie metafoor en dat klopt. Het is overigens zo, zes of zeven mensen uit Laren … Doordat we in de gemeenschappelijke regeling zitten, hebben we eigenlijk ook een verantwoordelijkheid in de BV die groter is dan die mensen. Dus dat maakt het nog extra ingewikkeld. Zo voel ik dat ook. Ik voel me verantwoordelijk voor de hele groep in de hele regio, inclusief Almere.

Dus dat betekent ook dat hier goede en degelijke oplossingen moeten komen. Mijnheer De Jong, het nieuwe bestuur. Wij zijn het bestuur van Tomin, van de gemeenschappelijke regeling en daaronder zit BV en daar zit weer een raad van commissarissen op. En daarnaast is nog het schap, daar zit de traditionele sociale werkplaats in en daar is door de regering gegarandeerd dat zolang daar nog mensen werkzaam zijn, dat daar de voorziening voor moet zijn. Dus dat betekent dat we wat dat betreft er niet snel vanaf zullen zijn, maar wel dat de constellatie waarin we werken veel dynamischer en beter kan worden. Mijnheer Grunwald, aan de ene kant natuurlijk snelheid, aan de andere kant al die dingen uitwerken, dat vergt nogal wat. En optie drie blijft een mogelijkheid. Maar dat vergt bijvoorbeeld dat het regionale werkcentrum opgetuigd is, dat we veel verder zijn in de ontwikkeling van de regionale samenwerking om dit soort grote transities, want dat is het ook, te gaan doen. Daar is de tijd nog niet rijp voor. En eerlijk gezegd zijn de meningen van de verschillende gemeenten daar ook nog niet rijp voor. Dus die optie blijft openstaan. In de toekomst wordt dat wellicht een mogelijkheid. Het heeft het voordeel dat je meer specialisatie kunt hebben. Het heeft het nadeel dat je weer verder van je inwoners komt te staan.

En dat is natuurlijk precies wat we met onze visie, onze HABO-visie, juist wel beogen. Dus om zo te zeggen dat optie drie beter is, dat gaat me te ver. Maar het feit dat het openblijft, moet u wat dat betreft denk ik genoegdoening geven. En geeft u ook genoegdoening dat we wat dat betreft gewoon tempo kunnen maken en gaan zorgen dat er goed voor die mensen gezorgd wordt, want daar gaat het uiteindelijk om. Mijnheer Merckx, u heeft ook een mooie metafoor. Hij klopt niet helemaal, maar ik vind hem wel mooi. Almere en de Gooi en Vechtstreek gaan scheiden omdat we eigenlijk in bedrijf eigenlijk twee bedrijven moeten hebben. De ontwikkelingen daar zijn totaal anders dan … In ieder geval anders dan bij ons. Dat betekent ook dat je binnen het bedrijf verschillende aanpakken moet hebben. En dat gaat wringen. Almere is groot genoeg om nu zelf die activiteiten te doen. Toen zij zich bij ons aansloten, was Almere-Haven nog een dorp waar nog geen 10.000 mensen woonden. Inmiddels weet u hoe groot Almere is en zijn ze groot genoeg om zelf hun boontjes te doppen. En dat maakt het ook overzichtelijker en voor ons wat makkelijker om invloed uit te oefenen op wat daar gebeurt. Dus ik zie het niet zo somber en we gaan de kinderen niet verdelen. We gaan er goed voor zorgen. Dat beloof ik u. Over het rapport van de Galan Groep.

Dat is eigenlijk … Komt erna, maar ik denk dat we dat zo snel mogelijk naar u toe gaan sturen. En ik denk ook dat uw oproep om snel te acteren, die deel ik volledig. En ik ga er vol goede moed en met veel snelheid mee aan de gang. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Tweede instantie. Ik kijk even linksom, rechtsom, geen behoefte meer aan een tweede instantie? Dan ga ik het voorstel in stemming brengen. Zijn daar stemverklaringen bij? Nee? Mag ik de vingers omhoog zien van de leden van de raad die voor dit voorstel stemmen? En dat is raadsbreed. Daarmee is het voorstel aangenomen.

7

19. Vaststellen omgevingsvisie Laren De voorzitter: We gaan door naar agendapunt 19, betreft … Wat een onrust vanavond. Nog heel even en dan is het kerstreces, heren naast mij. U hoort het niet eens. Ik praat de hele tijd door hem heen? Zo kan je het ook bekijken. Ontzettend lastig. Maar als we allemaal nog heel even de aandacht erbij houden, dat is ook makkelijker concentreren, dan kunnen we daarna eindeloos door elkaar heen praten. Agendapunt 19 betreft het vaststellen van de omgevingsvisie Laren. Wie wenst daarover het woord te voeren? Ik ga eerst naar mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Op de commissievergadering hebben we ook al gezegd, het is een visie op … De voorzitter: U moet iets duidelijker spreken, microfoon iets omhoog. Anders gaan we het niet mee krijgen. Mevrouw Timmerman-Hamers: Sorry. Op een hoog abstractieniveau. Ben ik nu beter verstaanbaar? Dank u. Voor de lange termijn. Er zijn veel zienswijzen ingediend door onze inwoners. Daar zijn we heel erg blij mee, met al deze betrokkenheid. En ook de antwoorden van de gemeente, van het college, stemmen ons eigenlijk heel blij. Die hebben de visie behoorlijk verbeterd, die nogal vrij algemeen was. En die hebben eigenlijk de puntjes op de i gezet. Het is een mooie samenwerking tussen de gemeente en de inwoners. We hebben nog wel een aandachtspunt.

En dat is dat na vaststelling deze omgevingsvisie steeds het uitgangspunt en kader voor uitwerking en uitvoering van het gemeentelijk omgevingsbeleid in programma’s en projecten zal zijn, zo staat letterlijk in het voorstel. Dit stuk betreft weinig data, heel veel aannames en demografische gegevens zijn veelal niet onderbouwd en zeker niet goed geïnterpreteerd. Als er een verschuiving is in de demografische gegevens, dan wordt dat niet op een behoorlijke manier onderbouwd waarom. Bijvoorbeeld toen in 20232024 de Oekraïners weggingen, is er geen sprake van krimp. Dan is er gewoon sprake van mensen die in eerste instantie binnenkwamen en weer weggingen. Dat heeft niet alleen met data te maken, maar ook met de interpretatie van data. Net zoals met de azc. Wij hadden in de hoogtijdagen van Crailo, van het azc, hadden wij 11.890 mensen. Daar zaten 1.200 mensen bij van Crailo. Nu hebben we er 11.479. Reken maar uit. Wij zijn gewoon gegroeid. En zo gaat het ook in feite. Er wordt gezegd dat we moeten bouwen, want anders krimpen we, want er zijn te veel ouderen. Maar er is ook een verjonging gaande en wij hebben het idee dat die hele verjonging nog niet genoeg op het netvlies staat van de gemeente. En wij zouden ook graag veel vaker staatjes willen zien van de demografische gegevens van Laren.

Vroeger stonden die gewoon voorin bij de begroting, een pagina met hoeveel personen van zo oud en zo oud enzovoorts. Die ontbreken al een aantal jaren en daardoor is het vrij moeilijk te constateren. Je kunt het nog wel op internet vinden hoor. En dan zie je dat er een vergroening gaande is en dat wij natuurlijk ook heel veel ouderen hebben waarvoor je helemaal niet hoeft te bouwen, want die zitten allemaal in de bejaardenhuizen enzovoort. Ik ga daar niet verder op in. Daar hebben we er heel wat van. Ik ga er niet verder op in, ik heb dat op de commissievergadering eigenlijk ook al gezegd. Wij gaan wel akkoord met deze omgevingsvisie, omdat je toch ergens een basis moet hebben. Maar we willen er wel voor waarschuwen dat er wel heel goed naar de juiste data gekeken moet worden, wil hier beleid uit gehaald worden. Dat is eigenlijk onze waarschuwing. Maar we gaan wel akkoord. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Grunwald had zich volgens mij aangemeld, of de heer Vos? De heer Vos. De heer Vos: Ik ga wat zeggen, als u het goedvindt. De voorzitter: Ik vind het goed. Gaat uw gang.

8

De heer Vos: Fijn. Dank u wel. Sinds 2021 zijn we hiermee aan de slag. Dus dan mag je toch wel wat verwachten, eerlijk gezegd, in vier jaar tijd. Het is een hartstikke mooi en braaf stuk. Daar kan je niet zoveel van vinden. Je kunt er een heleboel van vinden, maar dat hebben we uitgebreid in de commissie besproken. Dat ga ik hier niet herhalen, want daar hebben we wat over gezegd. Natuurlijk is pagina 67 van het document het meest belangrijk. Want wat gaan we nu doen? Er staan allemaal hele mooie letters en hele mooie voornemens. Ik lees heel vaak hele mooie voornemens en hele mooie plannen, maar je wordt altijd beoordeeld op basis van de feiten en op basis van de dingen die je daadwerkelijk gaat doen. En het lijkt mij aan deze tafel dat hier hele fijne aanknopingspunten zitten om een hele mooie en strakke campagne te gaan voeren. Dus ik heb geen vraag aan de wethouder. Alleen wordt vervolgd en wij gaan moedig voorwaarts. De voorzitter: De heer Westendorp. De heer Westendorp: Dank u wel, voorzitter. Toch nog even een kort woord. We hebben inderdaad uitgebreid in de commissie allerlei aspecten besproken. Uiteindelijk ligt er een stuk waar wij denken dat er voldoende aanknopingspunten zijn om op een goede manier verder te besturen, waarbij het van groot belang is dat we de balans houden in het dorp. We hebben weinig ruimte, we willen veel, we worden veel bezocht.

Op alle gebieden in de omgeving zijn er uitdagingen. Dus het is denk ik van groot belang dat zowel nu, als in de toekomst bestuurders een grote verantwoordelijkheid hebben in het behouden van die balans. Een ding. Dus de programma’s die worden ontwikkeld en de projecten die worden ontwikkeld met de omgevingsvisie als basis, daar is voldoende kader voor nu. Dat is goed. Wat wij wel hopen te zien in die programma’s en in die projecten, is dat er met veel meer data wordt gewerkt. Dat er ook wordt gedacht aan smart city oplossingen, die ook in een dorp als Laren een functie kunnen hebben. Dus wij verwachten in de programma’s en in de projecten wel veel meer handvatten. Daar wil ik het bij houden. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar de overkant. De heer Loeff, dan de heer Van den Berg en mevrouw Niekus. De heer Loeff. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. De omgevingsvisie ligt hier aan het einde van het jaar ter besluitvorming en daar zijn we heel blij mee. Dat heeft inderdaad lang geduurd, maar het is een uitgebreid proces geweest. En ik wil de organisatie en het college ook daarvoor bedanken, want er zijn veel informatieavonden geweest. Er is veel gepraat, er is ook veel nagedacht en vooral veel meegedacht over de visie. En vanuit mijn werk zie ik heel veel omgevingsvisies.

Ik moet zeggen, deze is toch wel wat anders dan de doorsnee omgevingsvisies die je bij veel gemeenten aantreft. En ik vind het toch belangrijk om dat hier vanavond te memoreren, omdat je ziet dat heel veel gemeentes omgevingsvisies vaststellen waarbij ze vooral beschrijven wat ze hebben en dan vooral enorme ambities gaan formuleren. En die tweedeling, die kan je bijna bij de helft van de omgevingsvisies die in Nederland zijn vastgesteld door gemeenteraden eigenlijk terugzien. En juist dat eerste deel, dat vaststellen van wat heb je, dat is een ongelooflijk belangrijk onderdeel van zo’n omgevingsvisie. Maar vooral ook de vertaling van wat doe je dan met wat je hebt. En dat behouden en dat zorgen voor wat je hebt, dat is een kerntaak van de gemeente. En heel veel gemeenten slaan dat in hun omgevingsvisie over. Die gaan van de constatering dat ze iets hebben naar en nu gaan we enorm ontwikkelen en veranderen. En ik ben heel blij met de verschillende onderdelen van de omgevingsvisie die echt gaan over het behoud van cultuurhistorie, het dorpse karakter, maar ook in het kader van die nieuwe Omgevingswet gaan over een sterke gemeenschapszin. En het interessante is, in tegenstelling tot vroeger, de Wet ruimtelijke ordening ging het alleen over gebouwen, gebieden, objecten en hoe hoog en hoe groot iets moet zijn.

En hier gaat het ook over functies en gaat het ook over het cement van de samenleving, dat zijn wij als dorpsgemeenschap. En hoe wij dat met elkaar in die ruimtelijke leefomgeving, met een heel lastig woord, mijnheer Vos, daar moeten we echt eens wat aan gaan doen weer, die fysieke leefomgeving klinkt heel lastig. Dat is iets waar we met elkaar in deze omgevingsvisie ook heel duidelijk de nadruk op leggen. Dat het ook gaat over het cement van de samenleving, 9

de mensen die hier zijn, de voorzieningen, de aantrekkelijkheid, de bereikbaarheid. Dat zijn allemaal onderwerpen die niet te vatten zijn in bouwplannen, maar wel in visieplannen en die alles weer te maken hebben met hoe ga je om met die omgeving? En dat behouden, dat doe je door te veranderen. Maar dat veranderen, dat doe je weer met beleid. En naar onze mening staan hier voldoende kapstokken in om dat op een hele zorgvuldige manier te doen. Dus wij ondersteunen deze visie van harte en wij hopen dat hij lang mag meegaan. Maar zoals ook al staat aangegeven, 2040 is een einddatum, dus we verwachten ook wel dat er naar aanleiding van de ontwikkelingen nog eens een keer een wijzigingsvoorstel zal komen op onderdelen. Dat was hem als inbreng, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga even … U komt allemaal aan de beurt. De heer Spaan heeft ook het woord gevraagd. De heer Spaan: Allemaal mooie woorden en ik ben het er helemaal mee eens. Prachtig dorp. Alleen we moeten misschien wel proberen om eigenlijk een hele grote groep inwoners van Laren, die is helemaal niet betrokken echt bij het dorp. En dat wordt meer en meer, lijkt wel. Misschien moeten we daar proberen extra aandacht aan te geven, dat we toch meer betrekken erbij. Want ik spreek echt heel veel mensen die echt niet weten wat we aan het doen zijn en het ze eigenlijk ook niet heel erg interesseert.

En ik denk dat we daar even meer aandacht aan moeten geven. Anders blijft het een te kleine cirkel. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Mijn pleidooi ging er juist over dat ik het zo mooi vind dat er zo’n groot participatieproces van tevoren is geweest. Dat vinden wij namelijk van D66 superbelangrijk. Mijnheer Spaan hoorde ook vroeger bij D66, dus ik moet er eigenlijk wel om lachen. Wij zijn daar trots op, een heel lang participatieproces. Maar heel veel mensen, maar waarschijnlijk toch ook een groep niet, maar heel veel mensen hebben kunnen inspreken en daar zijn we heel blij mee. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Als we toch lollig aan het doen zijn, aansluitend op onze mogelijke toekomstige landelijke coalitiepartner D66. Maar even in alle mooie woorden die al gezegd zijn, schoot mij eigenlijk net nog alleen een zin binnen dat de omgevingsvisie zijn wij, en de omgevingsvisie bent u, en de omgevingsvisie is Laren. En ik denk dat dat aansluit op wat de heer Loeff net heel mooi heeft gezegd. Ik heb alleen nog uit de commissie is er een toezegging van de wethouder gedaan, dat er een bepaald artikel nog over wordt genomen in de definitieve versie. En het leek me wel goed om dat hier nog even te herhalen, dat die toezegging gedaan is.

En ik ga er ook van uit dat die wordt overgenomen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Niekus. Mevrouw Niekus: Dan mag ik sluiten. Er is al heel veel gezegd en ik ben ook trots op het participatieproces, zoals inderdaad D66, VVD en Larens Behoud allemaal gememoreerd hebben. Er zijn 17 zienswijzen ingeleverd, er zijn nog allerlei wijzigingen geweest. En ik wil eigenlijk al die ambtenaren die zich ingezet hebben voor dit stuk heel erg bedanken. En we gaan het zien hoe het zich gaat uitwerken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga over naar het college. Wethouder Rood. De heer Rood: Dank u wel, voorzitter. Ten eerste dank, ook namens de ambtelijke organisatie, voor de positieve noten die zijn ingebracht en de steun voor dit voorstel. Ik ben het eigenlijk met mevrouw 10

Timmerman van Liberaal Laren eens dat het stuk ook echt verbeterd is. Ik vond het concept al niet slecht, anders hadden we dat niet voorgelegd. Maar naar aanleiding van de zienswijzen wordt er dan toch best nog veel gewijzigd en dat is ook de hele bedoeling. En ik onderschrijf eigenlijk alle raadsleden die hebben opgemerkt dat we daar blij mee mogen zijn, dat er voldoende mensen ook de moeite nemen om door zo’n inderdaad hoog over abstract stuk heen te lezen en daar dan wat van te vinden. Die zienswijzen tellen, dan is het meeste van de dialoog al achter de rug. Alle avonden waar mensen kwamen, de online raadpleging, et cetera. Dat is natuurlijk al met al een hele tour geweest en dat lijkt wel eens langzaam te gaan, maar dat komt dan aan het einde van de dag toch wel naar je toe. Dan de data. Dat was ook … Ik ben intussen natuurlijk naadloos bij de fractie van Liberaal Laren beland. Ik ben het met u eens dat de interpretatie en wat zit erachter die cijfers, dat dat altijd belangrijk is om goed naar te kijken. En natuurlijk zijn mensen die in het voormalig azc op Crailo wonen ook gewoon inwoners. En nu in Blaricum hebben ze ook inwoners, dus zo is het wel. Maar het is toch de bedoeling dat dat zo snel mogelijk een stabiele huisvesting wordt en dat geeft wat pieken en dalen. Maar dat geldt eigenlijk ook voor die vergroening die u noemt.

Als u dat daarvan af zou halen … Maar daar zijn geen harde cijfers over hoor. Maar mensen die ten onrechte nog bij hun ouders staan ingeschreven omdat het niet mag in Amsterdam of in Utrecht. Of kinderen die inderdaad ook daadwerkelijk bij hun ouders wonen, maar eigenlijk liever ergens anders zouden wonen, maar die geen plek kunnen vinden tegen aanvaardbare prijzen. Dan vergroenen we misschien toch een stuk minder dan het uit die cijfers blijkt. Dus kortom, we moeten altijd discussiëren over de cijfers om de hele inhoud en informatie daaruit te halen. Maar er is geen dramatisch krimpscenario. Dat heb ik in de commissie ook proberen te nuanceren. Misschien nog goed om even te herhalen. We voegen ook steeds elke keer in een gecontroleerd tempo wat toe. En eigenlijk denk ik dat de balanceer act, waar ook de VVD het over had, juist ons voor de uitdaging stelt om wel wat te doen, niet niks te doen, maar ook niet te veel te doen. De heer Loeff noemde dat ook zo, dat het gaat om die balans en dat ook behoud van wat mooi is nadrukkelijk benoemd is. Wat gaan we doen? Dat is een goede vraag van Groen Laren. Wat we gaan doen is vooral natuurlijk heel veel programma’s vaststellen, heet dat tegenwoordig. Dus wat vroeger visies heette. Deels hebben we die, we zijn aardig bij. We lopen niet schreeuwend achter op van alles en nog wat.

Maar elke vijf jaar of zo is het weer tijd voor een nieuwe visie. En ook deze omgevingsvisie is in de nieuwe systematiek toch een levend document, wat je gewoon af en toe kunt updaten zonder helemaal op vakje een te moeten beginnen. Dus dat ligt voor ons. En de omgevingsplannen die gaan veel gedetailleerder toch aangeven hoe gaan we nu met bepaalde keuzes en dilemma’s om. Want dan hebben we de uitgangspunten hier liggen en dan kunnen we dat er bij pakken. En dan kunt u goed controleren of die omgevingsplannen ook stroken met wat hier aan uitgangspunten is geformuleerd. En het benoemen van die functies, wat Larens Behoud noemde, dat spreekt me ook zeer aan. Dus wat heb je aan gebouwen? Je hebt iets aan wat erin gebeurt. Als er gewoond wordt of gewerkt, dan heb je er wat aan. Dus we moeten het altijd blijven benaderen vanuit de functie en het gebruik. En dat is dynamisch. Dus soms staat er wel wat, maar dan moet je er toch iets anders mee omdat er veranderingen zijn in de wereld om ons heen en in Laren zelf. Democratisch Laren vraagt aandacht voor de inwoners die niet betrokken zijn. En dat hebben we eigenlijk altijd. We hebben nu een participatieplatform ingericht. Dat staat klaar, eigenlijk nog niet zo goed en vaak gebruikt. We hebben vandaag nog weer tegen elkaar gezegd, laten we dat wat actiever gaan inzetten.

En hoe concreter de vraagstelling is, hoe meer respons je vaak krijgt. Als je zegt moeten het blauwe of groene palen worden, dan krijg je veel meer respons dan dat je zegt wat vindt u van de omgevingsvisie? Maar ik vond toch dat de dialoog die we in het dorp gevoerd hebben, ook op straat, in avondjes en digitaal, dat die ons veel inspiratie heeft opgeleverd. En dan zou ik het CDA willen waarschuwen om niet te vroeg te juichen over eventuele coalitiepartners. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Berg wil meteen aan zijn tweede instantie beginnen. De heer Van den Berg: Ik vind het een leuk antwoord, maar ik had nog een vraag om de toezegging die in de commissie is gedaan over de sociale huur te herhalen. 11

De voorzitter: Kunt u daar nog op reageren? De heer Rood: Excuus, dat was een omissie. Ik zag de griffie al ja knikken en dat komt ook bij deze dan van mij. Dat komt naar u toe. Of dat wordt aangepast. Dat komt niet naar u toe, dat wordt gewoon in de versie waarin alles verwerkt is meegenomen. Dank u wel, De voorzitter: Dank u wel. Nog behoefte aan een tweede instantie? Links van mij, rechts van mij, ook geen behoefte aan een tweede instantie. Dan breng ik het voorstel in stemming. Zijn daar nog stemverklaringen bij? Die zijn er niet. Ik ga maar even vragen of er iemand tegen wil stemmen. Dat lijkt me simpeler, dat scheelt wat gymnastiek. Niemand. Het voorstel is aangenomen. 20. Instellen van een sociaal vereveningsfonds Laren De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 20 en dat betreft het instellen van een sociaal vereveningsfonds Laren. Daar is ook een amendement bij ingediend, amendement nummer 1 door VVD, Larens Behoud en D66. Het staat weer dubbel D … D dubbel 6. Wie van de indieners wil als eerste het amendement inleiden? De heer Westendorp van de VVD. Gaat uw gang. De heer Westendorp: Dank u wel, voorzitter. Ik zal de kern van het amendement voordragen, want er zijn een aantal wijzigingen en toevoegingen die wij op de bestaande tekst van het vereveningsfonds hebben.

Het eerste punt wat ik zou willen aanhalen, is het feit dat de kaders van het initiatiefvoorstel kaders voortgang locatieonderzoek woningbouw, wat is vastgesteld door de gemeenteraad op 27 november 2024, dienen te worden meegenomen in alle overwegingen. Dus die kaders die daar gesteld zijn, moeten altijd worden meegenomen. En dat is lang niet altijd het geval, want het wordt ook niet benoemd. Maar dat initiatiefvoorstel is uiteraard niet voor niks geschreven en aangenomen door de raad. In het kort als toelichting. Telkens blijft bij woningbouwvoorstellen van het college het initiatiefvoorstel onvermeld. Bij de uitvoering dienen initiatiefnemers van een woningbouwproject zo compleet mogelijk geïnformeerd te worden over alle besluiten hieromtrent. In dit initiatiefvoorstel is bijvoorbeeld opgenomen, het uitgangspunt blijft daarbij de afspraken uit de woonvisie 2023–2027, dat een derde van de toe te voegen woningen valt onder de sociale woningvoorraad en een derde middelduur in huur of koopprijs zal zijn. Dit betekent dat de verdeling sociaal/middelduur/vrij behelst een derde, een derde, een derde. 33 procent dus. Een tweede element wat wij willen toevoegen aan het vereveningsfonds, aan de tekst, betreft wanneer er eigenlijk sprake is van een project en wanneer moet worden afgedragen aan het fonds door iemand die iets ontwikkelt.

In de tekst stond een zin waarin stond: “de financiële verevening geldt vanaf de bouw van een woning afwijkend van het omgevingsplan.” Deze zin hebben wij verwijderd in het amendement. Wat we hebben toegevoegd is: “dit programma is ook van toepassing op alle nieuwe woningbouwontwikkelingen en transformaties naar woningen in de vrije sector vanaf drie woningen.” Het getal drie komt ergens vandaan. Het doel van de woonvisie, het initiatiefvoorstel en het programma sociaal vereveningsfonds Laren is om bij Projecten, met hoofdletters geschreven, van woningbouw het gewenste percentage sociale huurwoningen en sociale koopwoningen te realiseren. Bij een project met minder dan drie woningen is realisatie van een derde, een derde, een derde verdeling niet mogelijk. Er worden immers nooit of hoogst zelden grondgebonden enkele sociale woningen gerealiseerd op initiatief van de corporatie. Er worden bij twee-onder-een-kap of bij splitsing van een naar twee woningen ook nooit een sociale huurwoning of een andere woning gerealiseerd. Toepassing van het programma is dan disproportioneel en onredelijk, omdat wel afkoop wordt gevraagd op een project waarin uitvoering volgens de woonvisie et cetera eigenlijk niet realistisch is. Dus vandaar drie woningen. Daar wilde ik het voor ons nu bij laten. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de mede-indieners.

Nog behoefte om iets aan te vullen? Nee. Dan ga ik naar de heer Van den Berg.

12

De heer Van den Berg: Ik heb eigenlijk een vraag aan de heer Westendorp. Even als voorbeeld, dat ik hem goed snap of dat ik hem misschien niet goed snap. Stel daar staat ergens een villa in Laren die afgebroken mag worden en iemand bedenkt toch dat daar drie appartementen of drie huizen mogen worden gebouwd. Gaat dan de regeling wel in werking volgens u? De voorzitter: De heer Westendorp? De heer Westendorp: Drie is drie. De heer Van den Berg: Dat begrijp ik. De voorzitter: Verder nog iemand? Mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Dit is, de afgelopen commissievergaderingen, ik denk de derde of vierde keer dat wij … De voorzitter: U moet weer even iets duidelijker in de microfoon spreken. Mevrouw Timmerman-Hamers: Sorry. Het vereveningsfonds besproken hebben. Daar waren wij eigenlijk best content mee. Zeker omdat wij van begin af aan akkoord zijn gegaan met de hele raad dat het vanaf een woning zou gelden. Omdat de bedoeling is dat het potje voor sociale woningbouw, voor als er scheef gebouwd wordt, gevuld zou worden. En gewiekste projectontwikkelaars daar anders altijd onderuit kunnen komen. Dus ik begrijp eigenlijk ook de uitleg niet helemaal. Wij zien dit eigenlijk als een halfslachtig besluit en een uitholling van het vereveningsfonds.

We willen toch allemaal dat dat potje op een gegeven moment zo vol komt dat wij voldoende sociale woningen kunnen bouwen. Stel je voor, een projectontwikkelaar … Er zijn hier heel veel projectontwikkelaars, die lopen in Laren rond en die hebben een huis, een of ander krot, dat ze slopen en dan iets van 3 miljoen neerzetten. Zo groot mogelijk. Ook daarnaast of tegelijkertijd elders in Laren. Die zouden dan op geen enkele manier hoeven af te dragen aan het vereveningsfonds, terwijl iemand die er drie op een rij neerzet wel. Wij vinden dat eigenlijk oneerlijk. Ook als je een huis splitst bijvoorbeeld, dan heb je in een keer twee huizen. Dan kom je onder de drie, dus dan hoef je op geen enkele manier geld af te dragen. Ook als er, waar al lang over gesproken wordt, de mogelijkheid op een gegeven moment bestaat, ook hier in Laren, om percelen te splitsen. Dan heb je andere perceelnummers en dan kun je je gang gaan. Wij hebben dat gezien een aantal jaren geleden met artikel 17, met de breedte en de lengte van percelen waarop bepaalde dingen mochten. Die werden gesplitst, het werden andere perceelnummers en dan kon er in een keer alles, terwijl dat niet de bedoeling van het beleid was. Dus wij zijn eigenlijk een beetje bang dat er projectontwikkelaars, gewiekste projectontwikkelaars … En daar lopen er genoeg van rond.

En dat is hun goed recht om zoveel mogelijk te verdienen, maar wij zijn echt bang dat met die drie in plaats van een er een hele uitholling komt van de bedoeling van het vereveningsfonds. Dat wilde ik hier toch eventjes neerleggen. En dat amendement komt in een keer uit de lucht vallen, anders hadden we daar in de commissie wel verder over gesproken. Wij zijn hier eigenlijk niet zo gelukkig mee, met het amendement en daar gaan we ook niet voor stemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even rechtsom, iemand die nog het woord wenst te voeren? Linksom, iemand die nog het woord wenst te voeren? Wat zegt u? De heer Van den Berg: Of ik nog een vraag aan mevrouw Timmerman mag stellen? De voorzitter: Dat mag. 13

De heer Van den Berg: U wil ons waarschuwen dat dit misschien een perverse prikkel zou kunnen zijn. Ik zit heel even te denken het voorbeeld wat u aanhaalt, ik had net ook een voorbeeld. Maar als het voorbeeld is dat er ergens een woonhuis staat, een villa, die wordt afgebroken en diegene bouwt een nieuwe villa terug. Dan past dat binnen de bestemming et cetera. De vraag die ik had namelijk was, als die ene villabewoner zegt ik wil drie appartementen bouwen in voor mijn part dure sector, prima. Maar dan moet je gaan afdragen. Dan als je dat tegen elkaar afzet … Want ik had wel een beetje dezelfde gedachte als u. Maar beperkt u dan eigenlijk degene die nu gewoon iets terugbouwen niet dan in hun rechten, wat gewoon al in het bestemmingsplan staat? Voor drie woningen op plaats van een moet je naar de gemeenteraad om toestemming te krijgen. Maar in het geval wat u stelt niet, denk ik. Maar misschien zie ik het niet goed. De vraag is aan u. De voorzitter: De vraag is aan u, dus u heeft het woord. Mevrouw Timmerman-Hamers: Mijnheer Van den Berg heeft het over iets terug bouwen. Maar er is op dit moment, en ik zie het om me heen gebeuren, dat er veel projectontwikkelaars rondlopen die overal huizen opkopen en hele grote dingen neerzetten. En dat zouden dan precies degenen zijn die dan nooit iets hoeven af te dragen, terwijl anderen dat wel moeten.

En ik vind dat een ongelijkheid van recht ook. En … U kunt nee schudden, u kunt het er niet mee eens zijn. Maar dit is mijn mening. De voorzitter: De heer Westendorp. De heer Westendorp: Even heel kort reageren, want het is een heel wollig verhaal. Ik hoor van, enzovoort. Laten we gewoon kijken naar de feiten en wat realistisch is en wat proportioneel goed is en wat disproportioneel niet goed is. Ik kan hier niet zoveel mee. En overigens de opmerking dat het in de commissie niet naar voren is gekomen, dat het amendement uit de lucht komt vallen, is ook niet helemaal waar, want ik heb het in de commissie al benoemd. De voorzitter: Mevrouw Timmerman en dan gaan we afronden en dan gaan we richting … Mevrouw Timmerman-Hamers: Ik heb nog steeds niet van u gehoord waarom u van de een bent afgestapt naar drie. Dat zegt me helemaal niets, dat je drie niet kunt delen … Een niet kunt delen door drie. Het gaat niet om de stenen, het gaat om de financiën. De voorzitter: Wilt u nog reageren, mijnheer Westendorp, of niet meer? We gaan niet buiten de microfoons om met elkaar spreken. Het woord is aan wethouder Rood. De heer Rood: Dank u wel, voorzitter. Het gaat eigenlijk, denk ik, niet om onze opvatting. We hebben een in het voorstel gezet. We hebben dat ook eerder als dilemma benoemd.

Dus drie is zeker ook een mogelijkheid die we overwogen hebben en is dus in die zin helemaal niet een raar evenement. Ik sla nog even over dat eerste punt om het initiatiefvoorstel explicieter te benoemen, dat ik dat van harte kan onderschrijven. Dat is geen enkel probleem. Het is natuurlijk wel een financieel instrument, dus alles wat er nog meer in staat over waar wel, waar niet, dat moeten we … Maar dat blijkt ook uit de toelichting, dus dat is helemaal helder. Maar over het aantal kreeg ik nog wel ambtelijk een waarschuwing. We zijn natuurlijk ook in deze coalitieperiode bezig met kavel- en woningsplitsing in beleid te vervatten. Daar wordt intussen aan gewerkt. En als we hier zeggen vanaf drie, dan kunnen we straks eigenlijk niet meer aan partijen vragen die een kavel zouden willen splitsen en die voldoen aan de eisen die we daaraan kunnen verbinden, dat komt dus allemaal nog, zeggen wil je ook een bedrag van de winst die je daarmee gaat maken in het fonds sociale huisvesting stoppen? Want dan wordt het een onverschuldigde betaling en een juridisch getouwtrek waar volgens mij niemand zin in heeft. 14

Terwijl als we nu in dit beleid zeggen vanaf een woning is een afdracht aan de orde, dan kunnen we dat later allemaal nog detailleren als we het over het kavelsplitsingsbeleid hebben. Ik voel er wel voor om dat op dezelfde manier te doen als dit beleid. Eerst dus gewoon een serie voorstellen, dilemma’s en ideeën met de commissie bespreken en daarna op basis van die input een voorstel te maken. Dus die waarschuwing van de ambtelijke staf wil ik wel aan u meegeven. Maar u zou natuurlijk kunnen toevoegen drie, tenzij het om kavelsplitsing gaat. Dan is dat ondervangen. Dus dit is eigenlijk … En verder, dit zijn nu typisch kaders. U bepaalt de spelregels en u bepaalt de grootte van het speelveld. Dus wat ik er verder van vind, doet er dan minder toe. Dank u wel. De voorzitter: Ik kijk weer even naar de heer Westendorp, ook voor een reactie op de suggestie van de wethouder. De heer Westendorp: Het lijkt mij verstandig om, als we het over een project hebben … Een kavelsplitsing, is dat een project? Dat is natuurlijk een discussie op zich. We kunnen beter die drie handhaven en dan kijken als we beleid gaan maken, want er is nog helemaal geen beleid, waar we tegenaan lopen. In plaats van andersom. De voorzitter: Heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Mevrouw Timmerman noemde het woord kavelsplitsing ook en de wethouder ging daar net op in en gaf eigenlijk een welgemeend advies.

Maar ik wilde hem eigenlijk vragen of hij ook zo ver wil gaan, of dat hij er zo in zit of hij het amendement ontraadt. Daarom vroeg ik net ook aan de heer Westendorp hoe dat zat met die drie. Het punt blijft gewoon wel denk ik dat we kunnen allemaal denken dat dit niet gebeurt, maar daar waar geld verdiend wordt, gebeurt het wel. En de woorden van de wethouder die ik net hoor, als ik daar even heel goed naar luister, dan denk ik spannen we misschien wel het paard achter de wagen. We bedoelen allemaal hetzelfde, we willen geen onnodige regels of onnodige lasten. Maar ben ik toch bang dat, nog een beetje voorzichtig gezegd wordt door de wethouder, als we naar drie gaan, lopen we misschien in de volgende raad overal tegenaan en dan kunnen we niet meer terug. Dat begrijp ik, want dan is het leed al geschied. Als partijen tussentijds, dat is misschien een vraag, als partijen tussentijds … Als wij dit nu zo vaststellen met drie woningen en partijen gaan splitsen, om wat voor reden dan ook, dan kunnen wij dat volgens mij niet tegenhouden. Toch? Dat is een vraag. De voorzitter: Vraag aan de wethouder en dat is dan feitelijk een tweede instantie. Dus dan pakken we hem even zo. De heer Spaan. De heer Spaan: Eigenlijk een vraag aan wethouder Rood.

Ik ben helemaal voor het vereveningsfonds, maar wordt dit systeem zoals wij het nu voorstellen al gebruikt op deze manier? Is het al in praktijk, of zijn wij de eerste in Laren die dit zo bedenken? De voorzitter: Nee, we gaan nu niet onderling ... Dit is uw vraag, mijnheer Spaan? U krijgt zo een reactie. Iemand linksom nog in tweede instantie? De heer Loeff. De heer Loeff: Misschien, voorzitter, even een korte schorsing over het voorstel van de wethouder en op welke manier dan dat zinnetje zou kunnen worden toegevoegd. De voorzitter: Lijkt me een goed plan. We schorsen de vergadering. De vergadering is geschorst. De voorzitter: Dames en heren, ik heropen de vergadering en kijk even naar de heer Loeff. Brengt u verslag uit van wat de schorsing heeft opgeleverd? 15

De heer Loeff: Dat doe ik, mevrouw de voorzitter. We hebben even geschorst en uitgebreid en snel gediscussieerd over het doel van het amendement, maar ook het vereveningsfonds en ook in relatie tot kavelsplitsing. Het interessante van dit initiatief is natuurlijk dat het altijd iets is wat in de loop van de tijd zich moet bewijzen, hoe pakt dit uit? De basis is dat we, en zo stond het ook eigenlijk als we terug gaan naar de basis van de voorstellen bij andere gemeenten, dat we dit gewoon moeten gaan doen. Om vervolgens goed te monitoren en te kijken wat dit oplevert. Dat kan voor kleinere projecten negatief uitvallen op het moment dat je zegt vanaf een villa gaan we dit ook invoeren. Het kan ook positief uitvallen. We weten het niet. We hebben met elkaar geconcludeerd dat we bij het plan, als straks het voorstel over kavelsplitsing hier aan tafel komt, dat we dan nog heel goed kijken naar de voorwaarden, hoe een en ander straks in elkaar gaat zitten en hoe dat werkt. En ook hoe je projecten definieert. En we hadden een heel discussietje over wat is nu een project? Wat is ideëel? Wat is commercieel? Dat is heel lastig te vatten in een amendement en een regeling. Daar zien wij risico’s, maar we willen ook niet inwoners blokkeren die vanuit een heel goed uitgangspunt bijvoorbeeld een tweede woning voor ouderen willen realiseren.

Dus in die zin moeten we eigenlijk aan beide kanten kijken wat kan daar en hoe houden we rekening met beide vormen van initiatief. Dus we hebben gezegd als indieners, we laten het op dit moment wat het is. Het amendement is wat het is. En bij het voorstel over kavelsplitsing gaan we nog een keer goed kijken naar de randvoorwaarden rond kavelsplitsing en of daar eventueel iets moet worden aangepast. En het andere is dat op het moment dat we dit vereveningsfonds in gang zetten, we ook regelmatig een update willen en met elkaar gaan kijken, als volgende raad, hoe dit gaat en of dit ook gaat volgens de uitgangspunten zoals we die allemaal in gedachten hebben en of we die goed in woorden hebben gevangen. Dat is wat de uitkomst is van ons beraad. De voorzitter: Dus het amendement blijft ongewijzigd in stand. Pardon, mijnheer Spaan. Hallo … Dat dacht ik, daar leek het ook heel erg op. Ik hoorde het volgens mij ook, maakt niet uit. Tweede instantie waren we mee bezig, dit is waar nog op gereageerd kan worden. Ga ik misschien als het nodig is, nog een keer terug naar het college en dan gaan we het voorstel in stemming brengen. Heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Dank aan de heer Loeff voor de heldere uitleg. En inderdaad, via de voorzitter, om nog even te kijken wat nu de wethouder straks zei, of hij dat nog steeds zegt of dat hij iets anders vindt.

De voorzitter: Verder nog in tweede instantie? Niemand meer? Dan ga ik nog even terug naar het college en dan gaan we het voorstel, zoals ik net al zei, in stemming brengen. Wethouder Rood. De heer Rood: Dank u wel. Drie is een keuze, dus daar kunnen we uiteraard prima mee uit de voeten. Als we straks bij die kavelsplitsing erachter komen dat het toch handig kan zijn om dit programma, dat is eigenlijk een verordening, maar dat moet je tegenwoordig een programma noemen, te wijzigen om voor dat kavelsplitsingsverhaal iets anders op te nemen, dan kunnen we dat gewoon te zijner tijd doen. Als we dat allemaal onthouden, dan heb ik daar helemaal geen moeite mee. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Helder. Ik ga amendement 1 in stemming brengen. Zijn daar stemverklaringen bij? Die zijn er niet. Mag ik de vingers omhoog zien van de leden van uw raad die voor amendement 1 stemmen? Dat zijn 3 leden van de VVD, 4 leden van Larens Behoud, 1 lid van Democratisch Laren, 1 lid van D66, 1 lid van het CDA en 1 lid van De Larense Vrouwenpartij. En daarmee is het

amendement aangenomen. Dan breng ik alsnog het geamendeerde voorstel in stemming. Zijn daar nog stemverklaringen bij? Dat is niet het geval. Mevrouw Timmerman heeft nog een stemverklaring. Mevrouw Timmerman-Hamers: Wij zouden zonder dit amendement zeker voor het vereveningsfonds gestemd hebben. Maar de drie, wetende wat er allemaal op ons af kan komen, geeft zoveel juridische onzekerheid en zoveel rechtsongelijkheid, dat wij hier niet mee akkoord kunnen gaan. Dat is een uitholling van dit systeem. 16

De voorzitter: Heer Vos, stemverklaring. De heer Vos: Ik wil geen stemverklaring … De voorzitter: Wat wil u wel? De heer Vos: Ik heb daarstraks gevraagd waar hebben we het nu over? En ik begrijp nu dat we ineens overgaan tot stemmen over het hoofdvoorstel? En dat komt dus niet ter sprake? De voorzitter: Nee, ik ga u even in de rede vallen. De heer Vos: Graag, maar ik vroeg het u zojuist en toen kreeg ik een heel ander verhaal als dat ik nu ineens hoor. De voorzitter: Het is altijd zo, en dat is al zolang u in de raad zit, dat altijd eerst een amendement in stemming wordt gebracht. Als het amendement is aangenomen, dan is dat het nieuwe voorstel en dat brengen we dan voor de vorm alsnog in stemming. Zo werkt het nu eenmaal volgens uw eigen reglement van orde. De heer Vos: Nee, want dan had ik eerder gebruik willen maken van de mogelijkheid om iets te zeggen over het hoofdvoorstel. En dat vroeg ik zonet heel nadrukkelijk aan u, hebben we het nu over het amendement of over het hoofdvoorstel? Want daar vinden wij wel wat van. Als we gaan praten over komma’s en puntjes, want daar gaat het amendement over, dan gaan we voorbij aan het hoofdvoorstel. Dus ik wil dan wel een stemverklaring afleggen, maar die duurt dan vijf minuten, als u het niet erg vindt. De voorzitter: Nee.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16539920/1