Transcript Gemeenteraad 29.05.2024
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE LAREN d.d. 29 mei 2024
1.
Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Goedenavond, het is acht uur. Dag, mijnheer Vos. Welkom bij de vergadering van de gemeenteraad van Laren. Willen de leden van de raad gaan zitten? Ook de heer Spaan. De heer Vos. Welkom aan de leden van het college. Welkom aan alle inwoners op de publieke tribune. Wat fijn dat u er bent. Dat vinden we altijd fijn als er veel mensen in de zaal aanwezig zijn en natuurlijk ook welkom aan iedereen die thuis meeluistert. Wij hebben berichten van verhindering ontvangen van mevrouw Niekus van de VVD-fractie. Verder is iedereen aanwezig. Ik wil u graag mededelen dat onze zeer gewaardeerde oud-collega Wim Van der Zwaan vanmorgen is thuisgekomen vanuit de revalidatie en hij heeft namens ons een mooie bos bloemen gekregen. Op tafel treft u een boekje dat heet: omgaan met agressie. Ik zie dat u het allemaal heeft, maar dat het niet bij mij ligt. Dus het is even de vraag om wiens agressie het gaat, maar als het allemaal goed gaat vanavond, dan … Goed. Kijk, ik heb hem nu ook. We hebben verschillende amendementen en moties ontvangen. Ik heb een amendement ontvangen, dat is een letterlijke wijziging van een besluit op agendapunt 14, aanvraag omgevingsvergunning padel SV Laren en het amendement is afkomstig van de fractie van Groen Laren.
Wij hebben een amendement ontvangen op agendapunt 16, namelijk de zienswijze op het beleidsplan van het Goois Natuurreservaat, het amendement is afkomstig van de fracties van Larens Behoud en D66. En we hebben een amendement ontvangen op het voorstel Wensen en Opvattingen op de 80 procent versie van de MRA-agenda voor de periode 2015 en 2028 van Groen Laren. Dan hebben we nog een motie, een motie is een oproep aan het college, vreemd aan de orde ontvangen. Dat wil dus zeggen dat hij geen betrekking heeft op een agendapunt. En dat gaat over Jeugdzorg en die is afkomstig van de fracties van Groen Laren, Liberaal Laren en het CDA. Kan iedereen instemmen met de agenda? Mijnheer Grunwald. De heer Grunwald: Ja, dank u wel voorzitter. Ik wil graag bij punt 12 overheveling budgetten 2023 nog kort een opmerking maken. Verder stemmen we wel in met dat stuk als hamerstuk. Dus er hoeft geen discussie te volgen. De voorzitter: Oké. Zullen we hem dan vasthouden als hamerstuk en dat u gewoon een stemverklaring geeft? De heer Grunwald: Ja. De voorzitter: Ja. Kan iedereen daarmee leven? Dat is het geval. Ik zie verder niemand naar adem happen. Nee, mooi. Dan stellen we de agenda zo vast.
2.
Spreekrecht voor inwoners over niet-geagendeerde onderwerpen De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 2 en dat is spreekrecht over niet-geagendeerde onderwerpen. En wij hebben voor vanavond twee insprekers. Dat zijn mevrouw Kok en mevrouw Van den Brink. U weet dat u vijf minuten tijd heeft om uw inbreng te geven en dat daarna alle fracties in de gelegen worden gesteld om één vraag te stellen. En ik wilde graag mevrouw Kok over de implementatie van de woonvisie vragen om plaats te nemen achter de microfoon. En o kijk, hij doet het. Top. Mevrouw Kok: Ik had al instructie gekregen.
De voorzitter: Heel goed. Nou, dank aan wethouder Rood dat hij dat goed heeft gedaan. Mevrouw Kok, aan u is het woord. Ga uw gang. Mevrouw Kok: Ja, dank u wel. Mijn naam Tjitske Kok, inwoner van Laren … De voorzitter: U moet iets duidelijker in de microfoon spreken, want dan bent u ook thuis goed hoorbaar. Top. Mevrouw Kok: We gaan opnieuw. Mijn naam is Tjitske Kok, inwoner van Laren. En ik heb eigenlijk twee vragen aan jullie. Maar daarvoor ga ik eerst een context schetsen en het gaat dus niet inhoudelijk over de context, dat is puur ter illustratie. Wat is het geval? Wij hebben een vooroverleg aangevraagd om een woonvlak aan te vragen. Het gaat om het perceel van mijn moeder. Dat is een vrij groot perceel, er zijn twee kadastrale nummers op. Het ene nummer is het hoofdgebouw, daar woont mijn moeder, en op het andere nummer is een bijgebouw, oftewel een schuur, wat voormalig is gebruikt door het hoveniersbedrijf, maar nu een loze opslag is. Daar is een bestemming wonen op en ons idee was om daar een woonvlak op aan te vragen uiteindelijk dat ik een hypotheek kan aanvragen en daar een apart woonhuis van kan maken. We hebben dit verzoek begeleid met een planologisch rapport, met een tekening van een architect om te laten zien dat je, het is nogal een vrij grote schuur, beeldbepalend aan de rand van het dorp, dat je de schuur intact kan laten.
Dus eigenlijk kun je met de kubieke meters en de vierkante meters die er zijn heel eenvoudig een woonhuis creëren. We lezen in de woonvisie dat er zeker zeshonderd woningen eigenlijk nodig zijn in Laren. Dus dit is een heel mooi voorbeeld hoe dat eenvoudig geschetst kan worden. Het leek ons dus een goed idee, want Laren heeft zeshonderd woningen nodig. Nou, mijn leeftijd komt demografisch het minst voor in de gemeente. Ik kan mantelzorg geven aan mijn moeder, ik laat een appartement achter wat valt onder de middellage klasse, dus prima voor starters. En bovendien wordt een oorspronkelijke bewoner behouden. Mijn band met Laren gaat verder terug dan een paar eeuwen. En dat zeg ik vooral omdat ik vind dat in de laatste jaren, tientallen jaren, je toch ziet dat het dorp ernstig verandert qua karakter. Het dorpse karakter, de bekende gezichten en ook familieleden trekken weg. We voelden ons ondersteund door het coalitieakkoord van 2022 tot 2026. Dan zie je op pagina zeventien, achttien staan dat er actief gekeken moet worden naar nieuwbouwlocaties, dat transformeren van kantoren en bedrijfspanden ten bate van het verhogen van het aantal woningen en dat splitsen van kavels tot de mogelijkheden behoort. We voelden ons ook nog gesteund door de Woonvisie Blaricum Laren tot 2027.
In paraaf 3.2 staat dat er creatief moet worden omgegaan met ruimte en ook het splitsen van kavels tot de mogelijkheden behoort. Dus het lijkt erop dat de gemeente actief wil meedenken met bijzondere woonverzoeken. Ik heb twee keer eerder een brief ingediend, de derde keer … daar heb ik geen reactie op gehad. De derde keer is er een vooroverleg aangevraagd om dus een woonkavel te kunnen creëren. Daar kreeg ik een afwijzing van de ambtenaar, want dan zou de parkeerdruk en de verkeersdruk toenemen en dat zou een precedentwerking scheppen. Nou, verkeersdruk begrijp ik niet, want ik woon al in Laren. Ik ga toch niet vaker heen en weer rijden. Parkeerdruk. Ja, ik ga nu van een openbare straat naar particulier terrein, dus dat valt ook wel mee. En de precedentwerking. Ja, volgens mij is juist precedentwerking nodig. Dit zijn juist de oplossingen waar volgens mij de gemeente ook op zit te wachten. Er is ook voor meerdere woningen, maar in ieder geval in het Larens Journaal een oproep gedaan aan burgers om mee te denken. Ik begreep het niet, dus ik heb een gesprek met de wethouder aangevraagd. We hebben een prettig gesprek gehad en na een uur concludeerden we dat ik de woonvisie niet verkeerd heb geïnterpreteerd, maar dat mijn verzoek per definitie wordt afgewezen omdat het niet getoetst kan worden, omdat er geen beleidscriteria zijn.
En er werd wel gezegd: ja, kom maar over een paar maanden terug, maar ik verwacht niet dat er dan een ambtenaar is die tijd heeft gehad om de beleidscriteria op te stellen. En ik kreeg ook nog het advies mee om te lobbyen bij de coalitiepartijen in de hoop dat daar dan misschien wel iets mee zou gaan gebeuren. Dat is de context en mijn vraag aan u is: ik ben zelf medisch specialist. Als ik iemand in mijn
spreekkamer heb die zegt: ik wil graag behandeld worden en ik zeg dan: kom maar over een paar maanden terug, misschien dat ik dan een protocol heb. Ja, dan hoop ik dat u mij gewoon een slechte arts vindt. Maar wat is het verschil met de gemeente? Dus mijn vraag aan u is: is dit nu een correcte manier om om te gaan met een reëel verzoek van een inwoner om eigenlijk te zeggen: ja, ik kan er niets mee, want er zijn geen beleidscriteria. De tweede vraag die ik aan u heb: ja, er wordt heel veel tijd, geld, energie gestoken om verkiezingen te houden en te komen van een visie tot een coalitieakkoord en uiteindelijk tot een beleid, maar het beleid kan niet uitgevoerd worden omdat er geen beleidscriteria zijn, zo is het mij verteld. We zijn inmiddels in 2024. De helft van de coalitietijd zit erop. Dus mijn verzoek is: geef deze wethouder alle middelen die het mogelijk maakt om beleidscriteria voor dit punt op te stellen. Dank voor uw aandacht. De voorzitter: Dank. Overigens buitengewoon helder en strak geformuleerd betoog. Mijn vraag aan u is: heeft u het ook op papier staan? Want dan kunnen wij ook morgen nog in het presidium even kijken hoe we er ook goed formeel op gaan reageren, want u heeft nogal wat vragen gesteld. Mevrouw Kok: Ik heb wel een doktershandschrift, dus ik denk dat ik het beter even kan mailen naar de griffie. De voorzitter: Heel goed.
Ik kijk even naar de leden van de raad, verschillende fracties, voor een vraag of misschien een korte reactie, want er is ook een vraag gesteld. Ik kijk even rond. Ik zie in ieder geval de heer Vos. Ga uw gang. De heer Vos: Ik moet hem even aanzetten. Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Dank u wel voor uw inbreng en ik denk dat u een heel belangrijk punt aansnijdt, want we hebben een probleem en we hebben volgens mij dingen die ons probleem in de weg staan. En ik denk dat u heel terecht aangeeft dat er eens gekeken moet worden naar beleid en het staande beleid om te verbieden dat kavels opgesplitst moeten worden. Ja, misschien moeten we maar stoppen met heilige huisjes, om het zo te zeggen. Dus ik ben heel blij dat u de koe de bel aanbindt. Is dat niet zo de uitdrukking, mijnheer de voorzitter? Ik was wel een beetje verbaasd over de reactie die u gekregen had waarom uw verzoek niet in behandeling genomen werd en dat had te maken met vervoer heb ik begrepen en dat er geen beleid was. Heb ik dat goed begrepen? Mevrouw Kok: Nou, de initiële afwijzing van de ambtenaar was vanwege parkeer- en verkeersdrukte en precedentwerking en vanuit het gesprek met de wethouder bleek dat er geen beleidscriteria zijn waaraan mijn vraag getoetst kan worden. Dus mijn vraag kan niet in overweging genomen worden, zo interpreteer ik dat dan. De heer Vos: Nou, dat gaan we waarschijnlijk toch wel doen.
Dank u wel voor uw antwoord. De voorzitter: De heer Westendorp. De heer Westendorp: Ja, dank u wel voorzitter. Dank u wel voor uw verhaal. Heel helder inderdaad. Ik krijg niet van alle artsen altijd een heel helder verhaal, dus ik ben hier heel blij mee. Nee, ik denk dat dit … Kijk, het onderwerp bouwen is sowieso heel erg lastig in Laren. We hebben erg weinig ruimte, we hebben enorme uitdaging. Er is een woonvisie. Er is ook een coalitievisie. Dus die visie is er wel degelijk en die visie heeft ook te maken met criteria. Dus ik zou eigenlijk wel wat beter willen begrijpen hoe dat dan precies zit, wat zijn nu de obstakels om hier niet serieuzer naar te kijken en waarom dit niet in behandeling kan worden genomen? Dus ik denk dat het voor ons als raad, juist omdat er zo weinig ruimte is en er zo weinig gelegenheden zijn, dit wellicht een mooi moment is om er eens wat dieper in te kijken. Dus ik ga het presidium voorstellen om het te agenderen voor de volgende commissievergadering.
De voorzitter: De heer Loeff. De heer Loeff: Ja, dank u voorzitter. Ook bij ons een helder verhaal. We gaan het inderdaad bespreken. Ik weet dat in de woonvisie er heel veel ambities zijn om te realiseren. Ik geloof dat er 26 punten zijn die moeten worden uitgezocht en waar beleid op moet worden gemaakt of criteria voor moeten worden ontwikkeld. Dus wij hadden ook bij de vaststelling al: het is heel ambitieus wat daar allemaal staat. Kan ook niet in één keer. Dat is ook wel een beetje inherent aan de zorg, waar ook niet alles in één keer wordt opgelost. Dus als we die analogie maken, klopt dat. Maar goed dat u hier zit en we gaan inderdaad kijken hoe we dit in een beleid kunnen vatten waarbij we in ieder geval criteria krijgen op een snelle manier. Want dat is echt iets wat denk ik heel hard nodig is. De voorzitter: Oké, dank. Mevrouw Van Dorst nog. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Ik viel even over twee woorden. Dat splitsen van kavels. U zegt in eerste instantie: er zijn twee kavels met twee woonbestemmingen en toch heeft u het erover dat er niet gesplitst moet worden. Zou u dat, weet u daar een antwoord op? Dank u wel. De voorzitter: Als u heel even wacht, dan doen we eerst even alle vragen. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Of doet hij het niet? Ja. Dank u wel voor uw heldere inbreng, maar dat is al meer gezegd. Ik heb eigenlijk twee vragen.
Want u zegt: ik laat een betaalbare woning achter of iets in die geest. Het woord betaalbaar gebruikte u niet. Maar is dat een huur of een koop is mijn vraag? En de tweede vraag die ik heb is: u heeft het over een forse schuur of een grote schuur. Is het dan de bedoeling dat daar één appartement of één woning in komt of zouden daar meer appartementen of woningen in kunnen komen? Dat is eigenlijk in de beleving, want dat miste ik in uw verhaal. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Kok. Mevrouw Kok: Ja, wat ik heb begrepen is dat het wordt één perceel genoemd, ook al heeft het twee kadastrale nummers en moet het alsnog gesplitst worden. Maar ik laat me graag corrigeren, want dit is niet mijn expertise. Maar dat zou de achtergrond zijn. Het waren vroeger twee aparte percelen. En ik laat een koopwoning achter. Sorry en de tweede … O, of er meerdere woningen gerealiseerd zouden kunnen worden? Ja alles is bespreekbaar, maar dan moet er eerst een woonvlak op komen, heb ik begrepen. En die vraag kan niet in overweging worden genomen. De voorzitter: Dank. Ik stel twee dingen voor. U bepleit hier een persoonlijke situatie, wat eigenlijk ook een algemeen geval is. Ik stel voor dat we het morgen in het presidium het in twee punten inbrengen, namelijk dat wij als college nog een keer nagaan of wij wel correct op uw verzoek hebben gereageerd en als dat niet het geval is, alsnog doen.
En dan in het algemeen de situatie die u schetst agenderen voor de commissievergadering, ook in het licht van de woonvisie en onze woonopgave omgaan met het splitsen van kavels. Maar u krijgt sowieso een reactie op uw verhaal. Bedankt voor uw inbreng vanavond. Dank u wel. Dan wil ik graag mevrouw Van den Brink naar voren vragen. Dat is niet mevrouw Van den Brink, dat is de heer Van den Brink, zelfs een hele gewaardeerde mijnheer Van den Brink. En niet alleen een zeer gewaardeerde inwoner, maar ook één van de grote krachten achter de Sol, de Broederschap en allerlei maatschappelijke initiatieven. Ook een betrokken ondernemer. Mijnheer Van den Brink, ga uw gang.
De heer Van den Brink: Dank u wel. Inderdaad, ik heb meerdere petten op. De eerste pet die ik vandaag niet op heb, dat is dat ik belanghebbend ben omdat ik op de hoek van de Zevenenderdrift Vredelaan woon. Dus ik ben wel direct betrokken bij overlast van een eventuele padelbaan, maar daarvoor zit ik niet hier. Er is een grote groep mensen die zich daarmee bezighoudt en ik onderschrijf hun belangen ook. Maar goed, daarvoor zit ik niet hier. Waar ik wel voor zit is voor het behoud van de Larense Eng. De Stichting Oude Landbouwgewassen doet al meer dan dertig jaar proberen Eng-restanten in stand te houden en daar waar ze verwaarloosd zijn weer in de historische toestand terug te brengen. Dat lukt ons heel aardig. Daar wordt heel veel energie en tijd aan besteed en ja, die Larense Eng is natuurlijk met zijn 28 hectare totale oppervlakte een heel bijzonder stukje Laren, waar twee instanties het beheer uitvoeren. Eén is de maatschap Bon, die daar dus nog echt een professioneel agrarisch bedrijf voert op eigen grond en gedeeltelijk op grond van het Goois Natuurreservaat. De andere partij, dat is de Stichting Oude Landbouwgewassen en die doet het beheer ook gedeeltelijk voor het Goois Natuurreservaat en voor een groot aantal private personen.
U kunt voorstellen dat de doelstellingen die wij proberen na te komen, dat die heel kostbaar zijn, allemaal kleine stukjes grond die moeilijk bewerkbaar zijn. We hebben zelf geen apparatuur, dus voor iedere handeling moet er uit Eemnes of uit een andere plaats een tractor van 130 PK komen die, nou ja, dan toch de stukjes bewerkt. En op dit moment is de recreatiedruk, de druk op die Enggronden is extreem hoog. We merken het aan het vernielen van de bordjes bij de akkers. We merken het aan het wat ze bij het Goois Natuurreservaat noemen de recreatieschade in het gewas. Daar kun je van alles bij verzinnen. Maar we merken het ook aan de enorme traffic die er door die Eng is ook. Maar aan de andere kant waarderen wij ook de voetbalclub SV Laren. Ik kan me niet, ik ben eigenlijk altijd mijn hele leven woonachtig geweest in Laren en ik ken de Eng niet anders als dat er gevoetbald werd. En zo is het en zo moet het ook blijven. De vroegere LVV is gaan fuseren omdat er nog een voetbalclub was in Laren. En het was eigenlijk alleen maar logisch om van twee voetbalclubs één te maken en eigenlijk zou je dat misschien met padel, maar dat is even een tussenzin, zou je dat met padel ook kunnen bedenken, dat dat ook niet op twee locaties in dezelfde plaats hoeft. Maar goed, de overlast die wij gaan verwachten … Nee, ik ga even verder met sportiviteit.
Wij accepteren uiteraard de sportieve activiteiten. We accepteren ook als omwonenden en ook als akkerbouwers de kermiswagens die er staan. Het tennissen wat er gedaan wordt. Het touwtjetrek wat er iedere donderdagavond onder het uiten van wel heel vreemde kreten gedaan wordt. Hoort er allemaal bij. Volleybaltoernooi moet ook. Stemmen doen we er ook. We doen er van alles in dat gebouw en dat moet ook zo, dat hoort bij Laren en dat is de plek daarvoor en dat moet ook zo blijven. Maar we moeten wel oppassen dat het evenwicht tussen natuurbehoud, ecologie en de waarde van het wonen rondom de Eng en ook in Laren, dat dat in evenwicht blijft. En als we nu er nog een partij bijhalen die heel veel overlast gaat bezorgen, daar is cijfermatig materiaal voor, maar dat ga ik u niet inleveren, dat doen anderen. Wij zijn bang dat door de komst van padel, dat het evenwicht … De voorzitter: Wacht even. Mijnheer Vos? Dank u. Gaat u verder. De heer Van den Brink: Dat het evenwicht tussen natuur, ook de landschappelijke waarde en alle andere waardevolle dingen en dat uiteindelijk straks de sportvereniging, dat die de dupe ervan zal zijn dat er een soort, nou ja laten we maar zeggen oproer komt vanuit de omgeving van … waar de voetbalclub, waar het uiteindelijk allemaal om begonnen is, straks de dupe zal zijn. De voorzitter: Helder, dank. De heer Van den Brink: Dank u wel. De voorzitter: Dank.
Ik kijk even naar de … Als u even blijft zitten, want er is nog een gelegenheid om vragen aan u te stellen. Ik kijk even rond. Ik begin bij de heer Loeff.
De heer Loeff: Ja, dank u voorzitter. Dank u, mijnheer Van den Brink, voor uw opmerkingen. Nou ja, we gaan straks spreken over het beleidsplan van het Goois Natuurreservaat, dus de zorgen over recreatiedruk staat daar ook in en ik denk dat we dat kunnen onderschrijven als een grote zorg. U koppelt dat aan padel en u zegt dan: oproer. Dat laatste begrijp ik niet helemaal. Dus misschien kunt u dat verduidelijken? Want er zijn heel veel besluiten die moeten worden genomen, ook rond padel straks. Maar als u nu zegt: oproer in de buurt, dan ben ik wel benieuwd waar u precies op doelt. De heer Van den Brink: Nou, waarschijnlijk is het woord reuring wat beter op zijn plaats. Er zijn een zestigtal mensen die nu al getekend hebben zonder dat er eigenlijk veel actie ondernomen is en die groep, die is wel van plan … De voorzitter: Iets dichter in de microfoon. De heer Van den Brink: Die groep is wel van plan om tenminste een bezwaarschrift in te dienen. En er worden vergelijkingen gemaakt met het verleden. Bijvoorbeeld het padvindersgebouw, wat vijf of zeven jaar tegengehouden is, met ongelooflijk veel kosten van de overheid, maar ook van omwonenden die het ervoor over hadden blijkbaar. Nou, dat soort situaties, daar ben ik bang voor dat we dat gaan creëren en ja, dan denk ik dat SV Laren en Laren zelf en de omwonenden allemaal de verliezer zullen zijn en daar wil ik voor waarschuwen.
De voorzitter: De heer Grunwald. En we potten even alle vragen op. Ja, de heer Grunwald. De heer Grunwald: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb even een informatieve vraag. Wie hebben de Engen, waarover u het hebt, in eigendom? De voorzitter: Als u heel even wacht, dan kunt u ze allemaal in één keer beantwoorden. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja. Korte vraag, mijnheer Van den Brink. Recreatief gezien doe ik dat in de vroege ochtend of de late avond met de hond een rondje wandelen. U maakte zich al druk inderdaad over het landschap en natuur en ecologie. En in dit verband wilde ik eigenlijk ook nog even vragen of u in dat verband van we zitten hier nu toch in de gemeenteraad, er onlangs ‘…’ een heel hoog hekwerk is geplaatst bij een particulier om paarden tegen te houden en ik vroeg me eigenlijk af of dat ook iets is waar jullie van zeggen, vanuit jullie SOL, want ik neem aan dat u met de pet van de SOL hier spreekt, in relatie tot dat landschapsbehoud, of u daar ook nog verwachtingen heeft dat dat erger, zeg maar min… Dat is dan naast de druk van de padel die u vermoedt, ook dat soort activiteiten de Eng aantasten of is dat niet wat u denkt? De heer Van den Brink: Ik ga daarop antwoorden als nog meer vragen zijn? De voorzitter: Ja, de heer Westendorp. Dat geeft u allemaal wat bedenktijd. De heer Westendorp, ga uw gang. De heer Westendorp: Dank u wel, voorzitter.
Dank u wel voor uw betoog, mijnheer Van den Brink. Ja, wij zijn ook en wij allen hier denk ik in deze zaal, zijn voor natuur en voor een leefbare samenleving enzovoort. We moeten belangen afwegen. Wat in mij opkomt als ik naar uw verhaal luister is dat als de Eng onder druk staat door stikstof met een paar snelwegen eromheen, met enorm veel andere activiteiten daaromheen. Wat is dan de rol van de padelbaan ten opzichte van de Rijksweg die eromheen ligt? Dat is mij niet helemaal duidelijk, dus
ik vind dat een hele lastige in uw argumentatie. Heeft u daar ook naar gekeken, heeft u ook in een groter contrast gekeken van waar die Eng negatief door wordt beïnvloed en wat de A1 en de A27 voor rol spelen? De voorzitter: Ja. En dan nog mevrouw Van Dorst. Ik schrijf keurig mee hoor. Mevrouw Van Dorst, ga uw gang. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Ik heb u aangehoord en ik vind het een heel duidelijk verhaal. En wij delen natuurlijk zorgen over de Laarder Eng, waar we zelf ook aan wonen. Wij hadden alleen begrepen, wij hebben ook het Goois Natuurreservaat gevraagd of er inderdaad een probleem zou zijn als daar padelbanen zouden komen. Van hen hadden wij begrepen dat er geen risico is van de aantasting van de aanwezige natuur en maatschappelijke waarde op de Laarder Eng. Is u dat bekend? Dat wilde ik vragen. De heer Van den Brink: Dat is mij bekend inderdaad. De voorzitter: Mijnheer Van den Brink, ga uw gang. De heer Van den Brink: Wat betreft CO2. We moeten natuurlijk niet dingen met elkaar vergelijken die niet helemaal bij elkaar horen. Wat stikstof betreft hebben wij een heel duidelijk beleid en dat duidelijk beleid is eigenlijk voortgekomen uit de verplichting van de overheid om alle Enggronden in de winter begroeid te laten. Dus wij noemen dat dan een vanggewas.
Dus je hebt om CO2 te verminderen de verplichting om gedurende de hele winter vanggewas te zaaien. Dus daar wordt wel degelijk rekening mee gehouden. Bovendien hebben we natuurlijk de verplichting dat we een mestboekhouding voeren. Er was een vraag over het eigenaarschap van de gronden in de Eng. Een kwart van de gronden in de Eng is eigendom van het Goois Natuurreservaat, een kwart is eigendom van de maatschap Bon en de andere helft is verdeeld over, even uit mijn hoofd, een zevental andere eigenaren, waarvan ik zelf vijf percelen in eigendom heb met een totale oppervlakte van 14.000 meter. En die heb ik in het hele grijze verleden voor een redelijke prijs kunnen kopen, omdat ik toen al bang was dat de Eng, die mij zo dierbaar is, dat die verloren zou gaan aan dingen die ik niet wilde. Wat de hoogte van de hekken betreft, ik denk dat … ik ken de gemeentewet niet uit mijn hoofd, maar ik weet dat er voorschriften zijn ten aanzien van het verstoren van de visuele waarde van het landschap, maar ook in diezelfde wetgeving staat ook de hoogte van de afrastering die je mag doen. Bovendien zijn wij steeds ook bezig met ecologische verbindingszones. Nou, de hekken die geplaatst zijn voor paarden, maar ook waarschijnlijk voor een stukje veiligheid, die zijn zelfs door een muis niet meer te penetreren. Dat is gewoon helemaal dicht.
Dus wat vroeger ook wel hadden, uitwisseling van konijnen, van kleine zoogdieren, een enkele keer zelfs een ree. Of ieder jaar zag ik wel een paar keer een ree. Dat is nu allemaal niet meer mogelijk door die hoge hekken en ik hoop dat ook voor overheidswegen, dat daar wat regulerend in op kan gaan, in gehandeld kan worden. De voorzitter: Helder. Dank u wel. De heer Van den Brink: Was ik een vraag vergeten? De voorzitter: Nee hoor, het is helemaal goed gegaan. O ja, vraag van mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Het was inderdaad bevestigend beantwoord, maar wat is uw reactie daarop? Dat vind ik inderdaad … Als het mag, voorzitter. De voorzitter: Dat het GNR geen overlast ziet voor de natuur door de aanwezigheid van padelactiviteiten.
De heer Van den Brink: Ik heb twee mensen … We zijn natuurlijk, we hebben veel contacten met GNR. Ik heb het niet op rentmeesterniveau besproken ook, met Carla nog, met de nieuwe directeur-rentmeester. Maar ik weet van twee mensen uit het tweede echelon bij GNR, dat die het waanzinnig vinden dat daar een positieve reactie uitgegaan is van hun stichting ten aanzien van de overlast die zij ook verwachten van de padelbanen. Nou, dat is mijn antwoord hierop. De voorzitter: Dank u wel. Dank, mijnheer Van den Brink. Mijnheer Vos. De heer Vos: Naar aanleiding van de inbreng van de heer Van den Brink. Wat gaan we ermee doen? De voorzitter: U neemt er kennis van. Er wordt ook vanavond over gesproken. En indien u dat wenst, kunt u het ook nog meenemen in het presidium. Maar u heeft vooral nu kennisgenomen van zijn betoog en neemt dat mee in uw overwegingen. De heer Vos: Nee, precies. Maar ik denk dat het belangrijk is dat mijnheer Van den Brink zijn hartenkreet heeft mogen laten horen. De voorzitter: Ik denk dat die luid en duidelijk is overgekomen. De heer Vos: Ja, dat denk ik ook.
Zouden we dat morgen in het presidium vervolg kunnen geven en kijken hoe we daar vorm aan kunnen geven en misschien dat mijnheer Van den Brink ons kort kan aangeven in een kort mailtje wat hij als belangrijkste punten vindt wat wij als raad en als gemeente daarmee zouden kunnen doen? De voorzitter: Ik kijk even naar de griffier of het betoog van de heer Van den Brink ons ter kennis is gesteld. Mevrouw Kroon-Stam: Dat is een vaste afspraak die gemaakt is, de spreekreacties mee te nemen naar het presidium. De heer Vos: Dus dat ligt er al, begrijp ik. De voorzitter: De heer Van den Brink krijgt sowieso een reactie op zijn betoog. De voorzitter: Ik kijk nog even naar de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Even aan u, voorzitter, een vraag. De inbreng van de heer Van den Brink, die heeft betrekking op het onderwerp. Nou, daar kan niet ingesproken worden. Ik wil graag in ieder geval zijn inbreng daar straks wel in meenemen. Maar de tweede vraag is: u bent net met de heer Vos aan het spreken over morgen in het presidium, maar vanavond staat er iets op de agenda waarbij de inbreng van de heer Van den Brink, even hard gezegd, verder geen invloed meer heeft. Toch? Wat we er morgen over gaan vinden. De voorzitter: Ja. Maar u weet allemaal hoe het gaat. U heeft goed kunnen luisteren naar de heer Van den Brink. Zijn betoog is tot u gekomen vanavond.
Dat kunt u in uw overwegingen meenemen. Er staan vanavond ook agendapunten op geagendeerd. Wat de heer Van den Brink sowieso krijgt is nog een keurige schriftelijke reactie namens u, als dank op zijn betoog en het minste wat we kunnen doen voor zo’n inspreker is ook procedureel aangeven hoe het agendapunt verder behandeld gaat worden. Mijnheer Spaan nog een punt van orde? De heer Spaan: Ik had hetzelfde, ja. Het staat in de agenda.
De voorzitter: Nou, dat is duidelijk. Dan ga ik gewoon door. Dank u. 3.
Mededelingen De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 3, dat zijn de mededelingen. En mevrouw Van Dorst wil een korte mededeling doen over een terugblik op de bijeenkomst van de provincie Noord-Holland over een ruimtelijk voorstel. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik wilde inderdaad even melden: op 14 mei was er een uitnodiging van de provincie in Amsterdam bij het MRA-gebouw en daar was ik de enige. En ik vind het altijd jammer dat dat zo is, want het was een belangrijk onderwerp. Zij zijn bezig met een voorstel naar de Omgevingsvisie 2050, opgedragen vanuit Den Haag, en dat heet: Op weg naar een ruimtelijk voorstel. Daarin geven ze aan wat de knelpunten zijn voor ons in Noord-Holland. Dat is ook al besproken met de bestuurders, het college, de … hoe heet het? De Statenleden, de waterschappen krijgen dat nu op hun bureau. En eigenlijk is de vraag aan de gemeenteraden, dus waar wij ook bij horen: wat vinden wij nu echt belangrijk, waar wij ons op zouden moeten richten? Bijvoorbeeld wat één van de belangrijkste dingen is wat de provincie NoordHolland in onze omgeving meegeeft: waterhuishouding, verzilting, verdroging, vernatting en geen ruimte om te bergen is één van de belangrijkste dingen wat wij in de toekomst als knelpunt kunnen ervaren bij al onze plannen.
Toch dingen om over na te denken en ook weer mee te geven aan de provincie waar wij onze aandacht aan willen schenken. Esther Rommel, dat is onze gedeputeerde, die hamerde daar echt op: jullie moeten keuzes maken. Aanwezig was ook Imre De Roo, zij is regiomanager voor de Gooi en Vechtstreek. Ik kende haar niet, maar het was wel een heel prettig gesprek en zij gaf eigenlijk ook aan dat ze best wel een keer bij ons langs wil komen en dat leek me een hele goede, dat wilde ik eigenlijk morgen naar het presidium meenemen, dat zij ook eens een keer uitlegt waar die knelpunten zitten en wat wij als raad daarop kunnen inbrengen. Dat wilde ik eigenlijk even meegeven om toch even over na te denken allemaal. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank, mevrouw Van Dorst. Wat goed dat u ons daar vertegenwoordigd hebt. En ik denk dat het zeker goed is als wij ook als raad vanuit de regio kennisnemen van de vorderingen op deze procedure. Dank u wel.
4.
Vragenhalfuur De voorzitter: Dan kom ik bij het vragenhalfuur en wij hebben vragen ontvangen van de fractie van Groen Laren, daarvoor geef ik het woord aan de heer Grunwald, met betrekking tot de hofwoningen de Biezemtuin. mijnheer Grunwald. De heer Grunwald: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, het verhaal is duidelijk. Dus we hebben een tijdje geleden de ligweide verkocht aan een projectontwikkelaar, die daar plannen voor ontwikkeld heeft om daar hofjeswoningen en wat villa’s neer te zetten. Nou, we hebben daar destijds wat voorwaarden aan verbonden. Die kunt u lezen in de toelichting van de vragen in die zin. En gezien het feit dat de bouw onlangs gestart is achten wij de tijd toch gekomen om even te informeren wat met die afspraken gebeurd is. Dan gaat het over dat er dus afspraken gemaakt zijn om mensen die een sociale huurwoning bij G&O achterlaten voorrang te geven, mensen die woonachtig zijn in Laren voorrang te geven en pas dan de woningen aan de rest van Nederland te gunnen. Die afspraken zijn natuurlijk niet voor niets gemaakt, dus is het goed om even na te vragen wat ervan geworden is. Dus bij deze. Is het zaak dat ik de vragen nog eens oplees of?
De voorzitter: Ik denk als de wethouder ze betrekt in zijn reactie dat dat niet nodig is. Ik kijk even naar de wethouder? Dat kan hij doen hè? De heer Rood: Dat kan ik doen. Ik moet even de beantwoording zoeken. Die had ik keurig klaargezet, maar ik weet niet wat er precies mee gebeurd is. Ik zoek hem even en dan … De voorzitter: Oké, als u zoekt, dan vraag ik toch de heer Grunwald om de vragen even voor te lezen. Dan bent u ook … De heer Grunwald. De heer Grunwald: Ja, dank u wel. Allereerst … De voorzitter: U moet iets duidelijker in de microfoon ook, lekker naar u toetrekken, dan bent u thuis goed verstaanbaar. Ja, heel goed. De heer Grunwald: Ik zou hem bijna opeten. Goed. Vraag één: aan hoeveel kandidaten is een woning gegund die een sociale huurwoning in de gemeente Laren van woningbouwvereniging G en Omstreken achterlaten? Vraag twee: als er geen woningen aan deze categorie gegund zijn, wat is de reden hiervoor? Vraag drie: hoeveel van de resterende woningen zijn gegund aan kandidaten die in Laren woonachtig zijn en ook daadwerkelijk in Laren ingeschreven staan? Dus niet louter in Laren geboren zijn of vroeger in Laren gewoond hebben.
Als er geen woningen aan deze categorie gegund zijn, wat is de reden hiervoor? Hoeveel van de resterende woningen zijn gegund aan de rest van Nederland? Hoe luidt het antispeculatiebeding dat aan de kopers is opgelegd? Gaan alle verkochte woningen door de kopers zelf bewoond worden? En vraag acht is dan: is er naar aanleiding van de aangenomen motie van de fracties Groen Laren, CDA, Liberaal Laren en fractie Democratisch Laren inzake woningbouwontwikkeling Ligweide van 24 april ‘24 reeds een overleg gevoerd met de projectontwikkelaar en zo ja, wat zijn de uitkomsten hiervan? Zo nee, wanneer denkt de wethouder dit gesprek te voeren? En dan gaat het hierbij om de vraag of de projectontwikkelaar geneigd is om in plaats van twee twee-onder-één-kappers ook meerdere kleinere woningen te realiseren. Dank u wel. De voorzitter: Helder. Mijnheer Rood. De heer Rood: Ja, dank u wel, ook aan de heer Grunwald voor de bedenktijd om de antwoorden te vinden. Ten eerste de eerste vraag. De ontwikkelaar stelt eigenlijk zelf criteria vast op basis waarvan hij gunt en de gemeente mag hier geen eisen aan verbinden. Ik meld het nog maar even voor de volledigheid. We kunnen natuurlijk wel een voorkeur uitspreken en daar kan de ontwikkelaar dan wel of geen rekening mee houden. Dat is hoe het wettelijk in elkaar zit. Dan de vraag naar de getallen.
Er zijn geen woningen gegund aan mensen die een sociale huurwoning achterlaten. En er hebben zich wel huurders daarvoor ingeschreven, dat is het antwoord op de tweede vraag, maar die zijn vanwege financiële redenen afgevallen. Dus dat kon niet worden gehonoreerd. De vraag: waar komen ze dan vandaan? Zeven woningen zijn verkocht aan mensen die nu in Laren wonen, twee zijn er verkocht aan mensen die in Laren hebben gewoond en één woning is verkocht aan een kandidaat die in de regio werkzaam is, maar niet in Laren woont. En daarmee heb ik eigenlijk ook meteen vraag vier beantwoord, want dat is dan niet van toepassing en vraag vijf in feite ook, want dat is dus die ene woning uit de rest van Nederland. Dan de vraag van het antispeculatiebeding. Ik neem aan dat u mij vergeeft dat ik niet vier lemma's voorlees met teksten uit het antispeculatiebeding, maar het komt erop neer dat er een antispeculatiebeding op de woningen zit in de koopcontracten, dat dat tien jaar duurt, waarbij de eerste vijf jaar een vergoeding wordt betaald bij vervreemding, dus bij verkoop, van het volle pond en in de jaren daarna neemt dat met stappen af totdat die termijn van tien jaar vol is. Die stappen zijn 10 procent en dit is in mijn woorden het hele juridische beding. Vraag zeven. Ja, er geldt contractueel ook een eigenbewoningsplicht. Dus
ze kunnen niet verhuurd worden of wat dan ook, met enige uitzonderingen natuurlijk in de familiekring en de gebruikelijke uitzonderingen. Dan uw laatste vraag: is er intussen gesproken met de ontwikkelaar over een alternatief? Het antwoord daarop is ja, heb ik eigenlijk ook in de commissie vorige keer aangegeven. Maar heel kort gezegd: hij acht de haalbaarheid van het realiseren van meer hofwoningen op het huidige perceel kansloos. Hij zei: als ik het bos in mag, dan wil ik er nog zeker over nadenken. Maar ik neem aan dat daar grote bezwaren aan kleven hier in de raad en ook denk ik wel in het hele dorp. Dus hij zegt: dat kan niet en dat heeft te maken met ook de parkeernormen die je dan moet gaan halen voor meer woningen. De voorzitter: Dank, mijnheer Rood, overigens voor de zeer zorgvuldige voorbereiding op de beantwoording van deze uitgebreide vragenset en ook de slotreactie. Mijnheer Grunwald, leidt dit nog tot een vervolgvraag of zijn uw vragen naar behoeve beantwoord? De heer Grunwald: Nou, ik heb verder geen vervolgvragen. Dat er geen kopers zijn die een sociale huurwoning achterlaten, dat lag nogal voor de hand gezien de koopsommen van 4,5 of 5 ton. Dus daar ben ik ook niet zo verrast door. Ik ben wel blij te horen dat het merendeel van de woningen dus terechtgekomen is bij mensen die in Laren wonen of daar een duidelijk belang bij hebben.
Dat vind ik een goed resultaat in die zin en nou ja, de rest, dat komt dan later wel weer. Dank u wel voor de beantwoording. De voorzitter: Negen van de tien woningen gaat naar een inwoner van Laren toch, of een voormalig inwoner? Ja. Helder, dank. 5.
Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Dan doe ik alsof ik helemaal geen fout heb gemaakt en zeg ik dat we toe zijn aan de mededelingen van het college, want die was ik vergeten. En combineren we die meteen met de mededelingen vanuit de Gemeenschappelijke Regelingen, dan maken we even een sprintje. De heer Van Midden. De heer Van Midden: Ja dank u wel, mijnheer de voorzitter. Een hele korte mededeling. Tot mijn grote vreugde kan ik u mededelen dat eind van middag de jaarrekening 2023 naar de raad is gestuurd en hij staat inmiddels al in IBabs heb ik gezien, met dank aan alle betrokkenen die zich maximaal ingespannen hebben om op tijd te leveren en het proces te volgen zoals we dat ooit afgesproken hebben. Inmiddels is de Kadernota 2025 ook klaar en naar u toegestuurd, dus we zijn eigenlijk ruim op tijd om het in het audit committee van 11 juni, even zo uit mijn hoofd, te kunnen bespreken. De voorzitter: Dank. De heer Rood. De heer Rood: Ja, een hele korte mededeling van persoonlijke aard, maar toch wel belangrijk. Want deze raad heeft natuurlijk ontheffing aan mij verleend dat ik wel wethouder ben in Laren, maar er niet woon. Maar ik heb intussen overeenstemming bereikt over de huur van een appartementje hier in Laren. Dus dat hoeft niet nog een keer volgend jaar. De voorzitter: Onze wethouder van buiten is wethouder van binnen.
Heel goed. Ik kijk nog naar de heer De Groot. Nee? Nee oké, dat is helder dan. Zijn er nog mededelingen vanuit de Gemeenschappelijke Regelingen? Ik kijk nog eventjes. Nee, dat is niet het geval.
6.
Vaststelling besluitenlijst openbare raadsvergadering d.d. 24 april 2024 De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 6 en dat is het vaststellen van de besluitenlijst van de raadsvergadering van 24 april jongstleden. Kan ik die vaststellen? De heer Loeff. De heer Loeff: Ja voorzitter, niet zozeer naar aanleiding van de besluitenlijst, want daar is natuurlijk niets in opgenomen, wel naar aanleiding van het transcript. Het wordt een beetje een herhaalvraag, want daar vroeg ik de vorige keer naar de voor voetgangers zeer gevaarlijke situatie op de Naarderstraat door de geplaatste hekken door de familie Van Wees. De wethouder heeft gezegd in het transcript, die heb ik er wel even bij gepakt, dat is geagendeerd dat hij volgende week, en dat was in april, daar een antwoord op hoopte te hebben. Inmiddels duurt de onveilige situatie voort, met alle bezoekers die bij Singer heen en weer lopen, over bankjes struikelen, langs allerlei hekken moeten lopen, over het fietspad, terwijl daar auto's rijden en fatbikes. Dus de vraag is: wanneer wordt dit opgelost? De voorzitter: Ja mijnheer Loeff, maar eigenlijk had u dit niet moeten zetten bij dit agendapunt. Dat had u bij het vragenhalfuur moeten doen. Daar is eigenlijk het transcript en het verslag niet de aanleiding toe. Maar ik kijk toch even met een schuin oog naar het college of de heer Van Midden hier een reactie op kan geven.
De heer Van Midden: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik begrijp de frustratie van de heer Loeff. Dat is ook mijn frustratie. Ik heb de vorige keer gezegd dat de wethouder persoonlijk op bezoek gaat bij de familie Van Wees. Dat gaat hij ook doen, alleen de familie is niet eerder dan voor 19 juni beschikbaar, omdat ze in het buitenland vertoeven. De voorzitter: Dat is de reactie op uw vraag. Daar moet u het even mee doen. Korte reactie van mijnheer Loeff. De heer Loeff: Nou ja, ik ben hier echt sprakeloos van. Dit is voor inwoners en voor mensen die hier lopen echt een levensgevaarlijke situatie, veroorzaakt door het plaatsen van hekken. We kunnen daar allerlei andere redenen achter verzinnen waarom dit ontstaan is, maar ik vind het eigenlijk niet kunnen dat pas na 19 juni hier verder over gesproken wordt. Dus ja, ik wil hem eigenlijk gewoon standaard als vraag bij elke raad maar op de agenda zetten. Want wat doen we hieraan? De voorzitter: Ja. Dat gaan we niet doen. Dit moet gewoon zo snel mogelijk worden opgelost en de urgentie is de heer Van Midden meer dan duidelijk. Er zijn wel twee partijen voor nodig, maar dat is duidelijk geformuleerd. Mijnheer Van den Berg, eigenlijk is dat niet nu het agendapunt. We doen dit naar aanleiding van het transcript. Als u echt een hele andere vervolgvraag heeft, sta ik hem nu even toe. De heer Van den Berg: Nou, meer de vraag aan u.
Want u vat het nu samen dat er twee partijen zijn. De voorzitter: Ja. De heer Van den Berg: Daar vat ik uit op: dat is en de gemeente met een belang en de particulier die erlangs loopt, maar ook de familie Van Wees is wel degelijk natuurlijk belanghebbende en heeft ook redenen erop te voeren. Bedoelt u dat met twee partijen? De voorzitter: Zeker. Oké, dank u. Dan stel ik hierbij de besluitenlijst vast.
7.
Vaststellen lijst ingekomen stukken De voorzitter: En kom ik bij het vaststellen van de lijst van ingekomen stukken. Ik kijk even rond. Kunnen we die vaststellen? De heer Westendorp. De heer Westendorp: Ja, een korte mededeling naar aanleiding van de raadsinformatiebrief met betrekking tot de pilot venstertijden zwaar vrachtverkeer. Ook al aangekondigd in de commissie, maar dat wil ik toch even herhalen. Want we zijn door de indieners van de motie, die zijn absoluut niet tevreden met de beantwoording. Er zitten ook een aantal hiaten in het onderzoek, in de quickscan die is uitgevoerd. Dus wij gaan het presidium vragen om dit agendapunt weer voor de commissie op de agenda te zetten en dan moeten we echt even met zijn allen aan de slag. De voorzitter: Helder. De beantwoording van vragen wordt geagendeerd voor het presidium van morgen en kom dan terug misschien, wie weet, op de commissievergadering, mijnheer Westendorp. Kan ik de lijst van ingekomen stukken daarmee vaststellen? Dat is het geval.
8.
Water- en rioolprogramma 2024-2028 De voorzitter: Dan kom ik bij een hele lijst hamerstukken en ter geruststelling voor de mensen op de tribune en die thuis meeluisteren: daar is uitgebreid over gesproken in de commissie. Daar is besloten dat het hamerstukken worden. En dan maken we ook behoorlijk tempo op deze agenda. Ik kom bij het water- en rioolprogramma voor 2024-2028. Wenst iemand daarover stemming? Dat is niet het geval. Dan is het hierbij vastgesteld.
9.
Conceptbegroting 2025 en conceptjaarstukken 2023 Werkvoorzieningsschap Tomingroep De voorzitter: Dan kom ik bij de conceptbegroting en de jaarstukken van de Tomingroep. Wenst iemand daarover stemming? Dat is niet het geval. Dan zijn ze vastgesteld.
10. Wijziging Gemeenschappelijke Regeling (GR) Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV) De voorzitter: Dan kom ik bij de wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling voor de Omgevingsdienst van Flevoland en de Gooi en Vechtstreek. Wenst iemand daarover stemming? Dat is niet het geval. Zij zijn vastgesteld. 11. Zienswijze jaarstukken 2023, programmabegroting 2025 en meerjarenbegroting 2026-2028 Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek De voorzitter: De zienswijze op de jaarstukken, de programmabegroting, de meerjarenbegroting voor 20262028 van de Veiligheidsregio. Volgens mij wenst niemand daarover stemming. Die zijn vastgesteld. 12. Overheveling budgetten 2023 naar 2024 gemeente Laren De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 12. De overheveling van budgetten van het oude jaar 2023 naar 2024. Dat is een hamerstuk gebleven, maar de heer Grunwald wil daar een stemverklaring voor afgeven. Mijnheer Grunwald.
De heer Grunwald: Ja, dank u wel voorzitter. De overheveling van de budgetten ‘23 naar ‘24 behelst heel grote bedragen voor wat betreft duurzaamheid, die door de overheid toegekend zijn. En ja, het is prima als het een hamerstuk is, maar ik ga er toch van uit dat de wethouder alles in het werk stelt om dit jaar de budgetten beschikbaar te stellen en de raad over de activiteiten in deze zo spoedig mogelijk te informeren. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Helder. Daar nemen we kennis van. Wenst iemand nog stemming? Dat is niet het geval. Dan zijn ze hierbij vastgesteld. 13. Zienswijzeprocedure Ontwerpbegroting OFGV 2025 De voorzitter: En dan kom ik bij de zienswijzeprocedure op de Ontwerpbegroting op de Omgevingsdienst. Wenst iemand daar nog stemming over? En dat is niet het geval. Dan zijn ze hierbij vastgesteld. 14. Aanvraag omgevingsvergunning padel SV Laren De voorzitter: En kom ik bij de bespreekstukken en dan is het eerste punt de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor padel bij SV Laren. Welke fracties wensen daarover het woord te voeren? Wilt u dat duidelijk kenbaar maken? Ja, dat zijn alle fracties, met uitzondering van Democratisch Laren. Ik begin bij de fractie van het CDA. U was het eerste. De heer Van den Berg: Nou, ik deed het nog bescheiden. Dank u wel, voorzitter. Ja.
Wat ik allereerst jammer vind als CDA-fractie is dat wij dit stuk, nadat het eerder een keer in een commissie is besproken, nu er vanuit het presidium besloten is het in één keer door te schuiven naar deze raadsvergadering. Dat is in meerderheid besloten, dus daar moet je je dan bij neerleggen, maar dat maakt dus dat dan een inwoner een creatieve manier moet vinden om bij de vragenronde toch nog input te geven. Het is niet anders, maar ik wil dat wel opgemerkt hebben hier, dat ik dat eigenlijk een kwalijke zaak vind. Want als je in jezelf gelooft, hadden we dit ook nog wel een keer via de commissie kunnen doen. Dat brengt namelijk ook mij tot een aantal vragen die misschien wellicht wat inhoudelijk overkomen en dat heeft eigenlijk als volgt, de eerste vraag die pas ik aan, dat is de vraag die eigenlijk de heer Van den Brink stelde. Kijk, wij hebben als CDA in de eerste commissievergadering daarover gevraagd wat het GNR ervan vindt. En inderdaad is dat in een drieregelig gesprek aangegeven dat ambtelijk met het GNR is over gesproken en er geen probleem was. En u heeft de heer Van den Brink aangekondigd als een zeer respectvol mens in deze gemeenschap, met allerlei mooie kwalificaties eraan.
Dus als de heer Van den Brink zegt dat hij van twee medewerkers heeft begrepen dat zij het ook een waanzinnig idee vinden, hecht ik daar grote waarde aan, politiek gezien, en neem ik dat ook over. Dus voor mij is dat al als eerste punt dat de mededelingen die gedaan zijn kennelijk door het GNR er nu afgezwakt hier neerliggen, voor ons als CDA-fractie tot een groot vraagteken leiden. Dat is één. Een tweetal tot drietal andere vragen is: SV Laren … Overigens, SV Laren prima. Leuk dat we een voetbalclub hebben, tennisclub. Daar gaat het allemaal niet om, maar het gaat wel om het gevolg. SV Laren vraagt, als ik het goed heb, de omgevingsvergunning aan. De stukken die erachter zitten, daar wordt een aantal keren naar Padelclub Laren B.V. verwezen. Nou, volgens mij kan dat gewoon op zich juridisch, dat iemand anders iets aanvraagt voor de ander. Maar vraag één die ik nu wel heb, en die mis ik in alle stukken die hier nu ter tafel liggen, is: wie is nu de aanvrager en wie is de uitvoerder? Hoe gaan ze dit financieren of hoe gaat dit gedaan worden? Want we hebben nog een sportvereniging in Laren. Die heeft een subsidie aangevraagd voor de padelbanen. Dus de eerste vraag die daar komt is … of de tweede vraag, maar van dit onderdeel: hoe gaat SV Laren dit financieren en wat zijn de gevolgen en de consequenties daarvan? De tweede vraag die daar aansluitend op is.
Volgens mij heeft SV Laren een erfpachtcontract met de gemeente. Hoe gaat het contact met Padelbanenclub Laren
B.V. vorm krijgen? En de derde vraag is of er, en ik gooi hem er maar meteen in: hoe is de risicoafdekking als de Padelclub Laren B.V. onverhoopt het niet redt of failliet gaat, danwel de aandelen verkoopt. Waar staan wij dan als gemeente? Waar staat SV Laren als vereniging dan? Nou, met deze vragen wil ik eigenlijk de eerste aftrap doen, voorzitter. De voorzitter: Dank, mijnheer Van den Berg. Het woord is aan de fractie van Groen Laren. Wie gaat het woord voeren? De heer Vos. De heer Vos: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, u geeft mij waarschijnlijk ook het woord omdat wij een amendement hebben ingediend met betrekking tot het voorstel zoals het er nu ligt. Ik ben het met de heer Van den Berg eens dat het beter was geweest om dit in de commissie te bespreken, maar kennelijk is dat … nou goed, is niet gebeurd en gedane zaken nemen geen keer. Maar wel eventjes terugkomen op ons voorstel, op ons amendement op dit voorstel. Bij eerste bespreking, ook bij tweede bespreking, is er gesproken over de mogelijke consequenties die er zouden zijn als die padelbaan gerealiseerd wordt en door wie dat gefinancierd wordt en wie het risico loopt, dat is eigenlijk een beetje secundair. Ik begrijp de problemen die mijnheer Van den Berg erkent, maar volgens mij gaat het daar niet om. Volgens mij gaat het hier om het afgeven van een vergunning of een verklaring van geen bezwaar als ik het netjes zeg.
En als je zo'n verklaring af wilt geven, dan moet je dat toetsen. Dat moet je toetsen aan de criteria die je zelf als gemeente hebt opgelegd. En die toetsingscriteria, die zijn tamelijk helder en die zijn ook waarschijnlijk gewoon vast te stellen op basis van onderzoeken en op basis van meningen. En dan kun je natuurlijk eindeloos gaan lopen steggelen of die data en die dergelijke zaken ook allemaal waar zijn. Dat heb ik in de commissie een papieren werkelijkheid genoemd. Maar je hebt het er wel mee te doen, want je moet toch op een gegeven moment een knoop kunnen doorhakken. En als je zegt: ja maar, ja maar, ja maar het onderzoek deugt niet, het onderzoek deugt wel. Ja, dat kun je allemaal zeggen, maar dat is een welles-nietes. Dat noemen wij thuis een discussie op apenniveau. En op een gegeven moment moet je daar dus van afzien en hebben wij te maken met een aanvraag, we hebben te maken met toetsingscriteria en naar mijn inschatting, naar onze inschatting klopt dat en is er feitelijk ook geen argument om te zeggen: die vergunning mag er niet komen. Want het klopt en ik denk dat ieder weldenkend mens, die ziet welke criteria liggen er en waar is aan voldaan. Dat klopt. Nu is dat natuurlijk een papieren verhaal en vandaar dat wij een amendement hebben ingediend.
Kijk, over die modellen kun je steggelen en ik weet al mensen die hier aan tafel gaan roepen dat het allemaal niet klopt, maar dat weet je niet zeker of dingen kloppen. Je weet pas zeker of dingen kloppen als je ze gaat meten. Dit zijn rekenmodellen, net hetzelfde als bij Schiphol. Dat schijnt geen lawaai te maken. Nou, dan moet je maar eens in Badhoevedorp vragen hoe dat zit. Daar hebben ze daar een hele andere mening over. En daar hebben ze allemaal modellen en daar doen wij het ook mee. En ons voorstel is heel simpel: kijk het even aan en ga eens meten: kloppen die modellen nu? En als dat nu inderdaad zo'n groot bezwaar oplevert, als dat inderdaad allerlei dingen oplevert die niet in dat model zijn meegenomen, dan kom je op een ander verhaal. Dan is er kennelijk iets aan de hand met die vergunningsaanvraag en met de manier waarop die is toegestaan en dan heb je een heel ander verhaal. Dus ons voorstel is eigenlijk heel simpel: ga akkoord. Laat ze aan de gang gaan. Haal er niet allemaal argumenten bij die misschien helemaal niet zo relevant zijn als het gaat om die vergunningsaanvraag. En ga kijken na een jaar en ik denk dat onze wethouder meer dan in staat is om daar iets heel verstandigs mee te gaan doen, met die metingen, en ga kijken of het klopt. En daar wilde ik het bij laten in eerste instantie, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dank.
En mijnheer Vos, mogen we ervan uitgaan dat het amendement hierbij is ingediend? De heer Vos: Nou, daar mag u wel degelijk vanuit gaan. Ja, wel degelijk.
De voorzitter: Helemaal goed. Heel goed. Mijnheer Loeff. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. Ja, onze fractie heeft na de commissievergadering contact gehad met mensen die bezwaar hebben gemaakt op voorhand tegen de komst van padelbanen, maar ook contact gehad met de mensen die graag padel zouden willen realiseren op het terrein van SV Laren. Het is een moeilijk probleem, het is een dilemma en daarvoor zitten we hier en we zitten hier ook om een knoop door te hakken en om te zeggen: wel of niet. Dat is nu eenmaal het lot van raadslid zijn en wij zijn geen deskundigen, dus wij moeten ons inderdaad baseren op rapporten en op allerlei overwegingen en allerlei zaken die ons worden aangeleverd. En met name als je kijkt naar padel is dat een hele ingewikkelde discussie, die verband houdt met regels, met richtlijnen, met wensen, ook nog met gevoelens en met allerlei zaken die daaromheen liggen. En dat maakt het ook voor ons heel erg lastig om daar als fractie een standpunt op in te nemen. Wat we hebben geconstateerd, is dat er eigenlijk aan ons een paar dingen worden gevraagd in het besluit en misschien kan de wethouder daar nog iets over zeggen. Want de bestemming van het terrein is sport. En u vraagt ons specifiek in te stemmen met de realisatie van vijf padelbanen.
En de eerste vraag eigenlijk aan de wethouder is: dit verandert niet, volgens mij, de bestemming sport die in het Omgevingsplan staat, maar betekent dat nu dat door dit besluit er dan een opmerking wordt geplaatst in het Omgevingsplan dat het voor deze specifieke locatie specifiek padelbanen betreft of blijft de bestemming gewoon algemeen sport? Want ik vraag me eigenlijk af of wij dit besluit voor die vijf padelbanen echt moeten nemen, omdat wij in principe alleen maar gaan over punt twee, een ontwerpverklaring van geen bedenkingen afgeven voor de aanvraag van de omgevingsvergunning. En dat is eigenlijk volgens mij het enige waar wij als raad over gaan, namelijk de bouwhoogte van de glaswanden of de wanden die om het gebiedje heen komen. En als wij vinden dat dat op bedenkingen stuit, die hoogte, die iets mogelijk maakt, namelijk een sport die geluid veroorzaakt, het is een soort getrapte afgeleide beslissing, dan is dit eigenlijk de vraag aan de wethouder: stel, en dat is de tweede vraag, stel dat wij bedenkingen zouden hebben tegen de hoogte, laten we daar maar mee beginnen. Misschien eerst tegen padel, maar uiteindelijk tegen de hoogte die die padel mogelijk maakt, de infrastructuur.
Stel dat wij daar bedenkingen tegen hebben, wat gaat er dan gebeuren? Kunt u de vergunning dan weigeren of moeten we hem toch verlenen? Want ik ben wel benieuwd wat dan de stappen zijn als de aanvraag toch wordt ingediend bij uw college. Nou, die twee vragen zijn eigenlijk de vragen die ik in de eerste termijn nog beantwoord zou willen hebben. En wat betreft het amendement kan ik in ieder geval zeggen dat onze fractie blij was met wat de heer Vos hier heeft voorgesteld. Geluid is volgens mij het hoofdaspect waar het over gaat, terwijl ik ook wel geluiden hoor over verkeersbeweging. Maar ja, dat is inherent aan sportactiviteiten en je ziet dat dat gedurende de week op bepaalde pieken gebeurt. Maar dat geluid, ja blij met wat de heer Vos indient, een amendement. Dus dat is in ieder geval een sympathiek voorstel. Maar de eerste vraag dus aan de wethouder wat betreft deze twee punten. De voorzitter: Dank, mijnheer Loeff. De heer Westendorp. De heer Westendorp: Dank u wel, voorzitter. Nou, we hebben dit onderwerp uitgebreid besproken. Ook de VVD heeft uitgebreid overleg gehad met alle verschillende belanghebbenden.
Er zijn altijd nog wel wat open eindjes wellicht, zoals dat nu bovenkomt, maar als we kijken naar de casus en inderdaad ook alle criteria die verbonden zijn aan het aanleggen van deze infrastructuur en deze sport, zien wij ook geen belemmering om voor het raadsvoorstel te gaan stemmen, hoe het er ook uit gaat zien. Maar in principe zijn wij dus als fractie voor het raadsvoorstel. Daarbij is natuurlijk logisch dat wij het vertrouwen hebben in het bestuur dat er wordt gehandhaafd. Dat is gewoon belangrijk, want als er regels worden overtreden en er wordt gehandhaafd en dat wordt gesignaleerd, moeten we maatregelen nemen. Maar wij willen absoluut het amendement van Groen Laren ook ondersteunen om extra aan te geven dat wij het van groot belang achten dat dit goed in de gaten
wordt gehouden na alle discussie die we hebben gevoerd en iedereen gehoord hebbende. Maar de VVD gaat instemmen met het raadsvoorstel en ook het amendement. De voorzitter: Dank, mijnheer Westendorp. Mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook wij zitten behoorlijk met padel in onze maag en we vinden het ook eigenlijk erg jammer dat in het vorige presidium niet duidelijk was dat er allerlei andere onderzoeken onder lagen, want anders hadden we het gewoon eerst in de commissie kunnen bespreken en dan was het niet zo rauw op ons dak komen vallen. Wij hebben de onderzoeksrapporten goed bestudeerd, ook andere rapporten van andere gemeenten daartegen gelegd en andere organisaties. En er wordt hier gezegd dat qua geluidsniveau, dat eigenlijk alles in orde is met de theoretische modellen, maar een theoretisch model is zo waardevol qua welke variabele je erin stopt. Er wordt hier bijvoorbeeld uitgegaan van een bronhoogte van 1.20 meter, terwijl er over het algemeen gespeeld wordt met 1.50 meter en soms met 2 meter en dan kom je uit bij veel hogere decibellen. Er is ook geen, het scherm dat gebruikt wordt, de wanden, die zijn ook niet dusdanig dat je daarmee geluid reflecteert naar binnen. Dus het gaat er allemaal overheen. En als ik kijk naar het maximale geluidsniveau hier, daar staat in de avond 54.
Dat is dan de pieken, maar wettelijk is de grenswaarde 's avonds 45. Dus die uitkomst klopt ook in de eerste instantie niet. En ik heb ook even gekeken naar andere gemeenten die … Het is jammer dat wij als Laren geen beleid hebben op padelbanen, want zeker al eigenlijk met de eerste keer op de Eemnesserweg zou dat wel handig zijn geweest als we dat hadden gehad. Er zijn gemeenten die dat wel hebben en die doen eigenlijk voordat er een padelbaan ergens wordt aangelegd een nulmeting en dat zou hier zijn een nulmeting bij gewoon eigenlijk met in gebruik van de tennisbaan. Bijvoorbeeld de gemeente Nieuwegein, die zegt: het is niet uit te leggen dat omwonenden meer geluidsoverlast moeten ervaren dan bij de nulsituatie en er zullen dermate maatregelen getroffen moeten worden om dat te voorkomen. En dat zie ik hier helemaal niet, ook niet na de vorige keer dat wij erover gesproken hebben, over de geluidsoverlast. Vanwege de Omgevingswet dient de initiatiefnemer met de omwonenden te overleggen. En er zijn ook gemeenten die zeggen: ja, wij gaan er niet aan beginnen als de omwonenden het er niet mee eens zijn, want dat is ook iets dat in de Omgevingswet eigenlijk besloten is. Wij begrijpen dat SV Laren en het clubhuis dit heel graag willen en natuurlijk de exploitant, maar wij zien in feite te veel onmogelijkheden. Ik zal het ook even over het amendement nog hebben.