Transcript Commissie Maatschappij & Financien 20.09.2023
Tekst van het document
Ik vond het redelijk theoretisch allemaal, Wat verandert er waardoor ik beter, dat wij beter als raad in staat zijn om onze kaderstellende en controlerende rol in te vullen? Dus heel concreet: wat kunnen wij concreet doen in vergelijking met nu waardoor we die taak beter kunnen uitvoeren? De voorzitter: Prachtige, heldere vraag mijnheer De Jong. Dankuwel. Dan zijn we bij de fractie van de VVD aangeland. Die kijkt nog wat somber. Heeft geen op- en aanmerkingen met betrekking tot dit stuk. Mevrouw Van Dorst van D66. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ja, dankuwel. Wij hebben denk ik een beetje soortgelijke vraag als de heer De Jong. In artikel vierentwintig van bijdrage drie staat er iets over de adviescommissie. Een adviescommissie kan ingesteld worden en, hoe heet het, de gemeenschappelijke regeling is ervoor om een adviescommissie in te stellen. Wij zijn daar niet zo blij mee of wij denken tenminste dat we daarmee een minder goede mogelijkheid hebben om direct ons democratisch … Sorry hoor, ik ben mijn exacte tekst kwijt. Ik moet het uit mijn hoofd doen. Dat we ons democratische gebruiken kunnen doen. Want dit is een indirecte manier doordat er een adviescommissie tussenin wordt geplaatst. Zien wij dat juist? Dat is onze vraag. De voorzitter: Dankuwel mevrouw Van Dorst. Dan de fractie van Larens Behoud. Die knikt nee. Die zijn geen vragen.
Groen Laren heeft geen vragen en het CDA heeft ook … Mevrouw Graafsma: CDA geen opmerkingen, geen vragen.
De voorzitter: Mooi. Dan lopen we weer iets op de agenda in. Ik denk dat men een hele mooie relevante duidelijke vraag stelde, Liberaal Laren. Aan wie mag ik het woord geven? Aan de heer Flip de Groot, wethouder. De heer De Groot: Ja. De dingen die genoemd zijn: het instellen van de adviescommissie, de actieve informatieplicht die vastgelegd wordt, dat zijn typische voorbeelden waarbij de raad beter in positie wordt gedaan, gesteld. Je ziet ook dat alle stukken gaan ook in twee lezingen. Zie je ook straks bij dat begrotingsvoorstel. Dus eerst wordt een ontwerp voorgelegd, zienswijze ingediend en dan vervolgens komt het definitieve stuk terug met alle zienswijzen van raden waarop een definitief besluit worden genomen. Op alle mogelijke manieren kan, of alle mogelijke manieren, op deze manier is denk ik een hele goeie controle mogelijk op datgene wat daar gebeurt. Als adviescommissie, het is aan u om daarin te gaan. Er is ook bij de MRA is er zoiets. Bij de Gooi en Vechtstreek heb ik ook toch wel eens gehoord als een wens maar het is niet aan mij om u daar in te adviseren. Het is aan u, of u daar gebruik van wil maken of niet. Het is een optie die er is. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Voorzitter. De voorzitter: Dankuwel wethouder. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dankuwel voorzitter. De voorzitter: U heeft iets te kiezen als raadslid.
Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ja, wel … En dat zal je … Die keuze ligt inderdaad bij ons. Wanneer kunnen wij die keuze dan maken? De zienswijze, het college stelt voor om geen zienswijze in te dienen. Onze fractie vraagt zich af of het juist is om toch open te laten? De voorzitter: Het is technisch maar de heer De Groot. Als reactie op mevrouw Van Dorst. De heer De Groot: Volgens mij is dit ook de tweede lezing. In eerste instantie was daar deze opmerking niet over. Maar in ieder geval, het is er nu. Ik zou nooit een optie die er is voor de raadsleden af willen sluiten. De voorzitter: Nee. De heer De Groot: Als, al jaren dat ik zelf raadslid ben geweest. Het is niet mijn taak om dat te adviseren of te ontraden. De voorzitter: Goed. Gaat er nog iemand een verlossend woord bieden? De heer De Jong. De heer De Jong: Begrijp ik nu goed dat wij uitnodiging krijgen om naar Lelystad te komen om daarvoor naar een adviescommissie te gaan? De voorzitter: Dit maakt het niet duidelijker, geloof ik. De heer De Groot: Nee, de optie in de gemeenschappelijke regeling is er om adviescommissie in te stellen vanuit, samengesteld uit leden van de raden en staten. That’s it. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Mag ik, voorzitter?
De voorzitter: Dat is het antwoord. Dan wil mevrouw Van Dorst daar nog weer op reageren. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dat was ook precies wat wij bedachten en ons afvragen, omdat er dus een stap tussen zit en niet een directe informatierichting op neergaat van naar de gemeenschappelijke regeling naar onze raad, maar dat er een adviescommissie tussen zit. Zo hebben wij het begrepen. Wij kunnen het verkeerd begrijpen, maar het antwoord was mij niet helemaal duidelijk. De voorzitter: Maar dat antwoord is nu wel duidelijk, mevrouw Van Dorst? Dan ga ik een beetje kort door de bocht. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Voorzitter, we laten het even open. We kunnen daar op een ander moment op terugkomen. De voorzitter: We hebben het stuk behandeld. Er zijn vragen gesteld, die zijn beantwoord. Misschien niet naar tevredenheid. Ik ga aan u vragen om het stuk door te geleiden naar de raad en dan komt alleen de vraag terug. Dan moet het geen technische commissie meer worden. Dus het moet een politiek verhaal dan worden, of wij dat als een hamerstuk of een bespreekstuk gaan behandelen in de gemeente. Wat het advies is van ons aan de gemeenteraad. De heer Mol: Voorzitter. Als u zo doorgaat met wiebelen, dan valt het wapen van Laren van de voorzitterstafel. De voorzitter: Het is maar goed dat de archivaris weg is. Kleine interruptie van burgemeester. Nogmaals, dit stuk hebben we besproken en behandeld.
D66 heeft een vraag. Die is niet helemaal duidelijk voor hunzelf. De vraag aan de commissie is: is het voldoende besproken en gaan we het doorleiden naar de raad? Dat lijkt me sowieso, maar is het dan een hamerstuk of een bespreekstuk? De heer Koldenhof van de VVD. De heer Koldenhof: Omdat u een of-of vraag moet ik wel iets zeggen. U had ook gewoon kunnen vragen: zullen we het als hamerstuk doen? De voorzitter: Ja. De heer Koldenhof: Dan had iedereen kunnen knikken. De voorzitter: Dankuwel. De heer Koldenhof: Wat mij betreft mag hamerstuk zijn omdat, volgens mij, de beantwoording prima is gedaan. Alleen dat er een adviescommissie is, dat is aan de raad zelf. Het college kan daar geen advies over geven dus volgens mij hoeven daar niet een discussie over te hebben in de volgende raad. De voorzitter: Daarmee is de suggestie dus gedaan om het als … Heer De Jong, Liberaal Laren. De heer De Jong: wij kunnen dus een kiescommissie willen, maar als niet alle gemeenten dat hier in de regio in Flevoland willen, komt er dan een of gaat het niet door? De voorzitter: Ik denk dat de vraag stellen hem beantwoorden is. Dat verandert niks aan het stuk, dus we gaan het gewoon als een hamerstuk inbrengen. Wilt u daar nog een politiek iets van maken met een motie van
amendementen, bent u van harte uitgenodigd. Deze commissie gaat er verder niks aan toevoegen. Er zijn ook verder geen toezeggingen op dit onderwerp gedaan, waarmee ik dit onderwerp als afgehandeld beschouw. 9.
Vaststellen Verordening Auditcommissie gemeente Laren 2023 De voorzitter: Dat was punt acht op de agenda, dan gaan we naar punt negen op de agenda. Dat is de vaststelling van de verordening auditcommissie gemeente Laren 2023. Die verordening die biedt de baas aan de invoering van de auditcommissie. De verordening die gaat onder andere over de spelregels, de samenstelling en de taken die gelden voor de auditcommissie. Daar gaat de wethouder zo meteen, als dat nodig is, nog iets over zeggen. Als het nog extra nodig is, kan zelfs onze griffier nog wat uitleggen die naast mij zit. Vooralsnog wil ik u vragen om het raadsvoorstelbesluit verordening auditcommissie gemeente Laren 2023 vaststellen, in bespreking te geven. Ik begin voor de verandering bij de heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Ik wilde ook net wat zeggen. Dankuwel voorzitter. Ik heb een vraag over de raadsbeslisvoorstel. Laat ik het zo zeggen: het begeleidende stuk, hoe heet dat? Dat we opleggen. De relatie met de BEL-gemeente en BEL-combinatie, daar staat in dat Eemnes het niet heeft vastgesteld. Wat is daarvan nog de consequentie? Doen ze dan niet mee of wel mee? Hoef je het eigenlijk niet vast te stellen? De andere gaat meer over de … Wij stellen natuurlijk eigen raadsleden en commissieleden voor om in deze auditcommissie plaats te nemen. Op zich mooi, prima.
Een accountant die weet altijd nog honderd keer meer dan wij, of deze zes leden die benoemd worden bij elkaar. Dus vroeg mijn fractie zich af of er iets gedaan moet worden, kan worden aan het op vlieghoogte brengen van de leden van de auditcommissie, om ook een volwaardige gesprekspartner te kunnen zijn? Dankuwel. De voorzitter: Dankuwel. Mevrouw Van Dorst, D66. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dankuwel voorzitter. Nee, ik was even stil na de laatste vraag, want daar krijgen we vast een antwoord op. Ik heb het woord voorzitter gelezen en ik heb nog niet gehoord wie de voorzitter is. Wordt dat vanavond besloten of wordt dat onderling besloten? De voorzitter: Dankuwel voor deze vraag. De fractie van Larens Behoud knikt nee. De fractie van Groen Laren met betrekking tot dit onderwerp, zie ik ook de heer Wichers Schreur nee knikken. Kom ik aan de overkant bij mevrouw Graafsma, die heeft vast en zeker een vraag. Mevrouw Graafsma: Ik lees weer voor namens de heer Lobregt. Het voordeel van CDA, het voorstel van CDA is om de commissie te hernoemen in audit- en riskcommissie. De reden is dat de werkzaamheden van de commissie nu al erg gericht zijn op de uitvoering van de externe audit. Graag zouden wij in de commissie ook de interne financiële rapportages, interne controle en beheersing willen bespreken.
Het is denk ik ook, denkt het CDA, ook handig om zeker in het begin tenminste drie keer per jaar of ieder kwartaal samen te komen. In ieder geval voor aanvang van de audit, na afloop van de audit en tussendoor bespreking van de interne financiële- en risicorapportages, interne beheersing en interne controles. Tevens bespreken van de opvolging van de bevindingen van de account. Dat waren dus de adviezen, meegeefdingen namens het CDA. De voorzitter: Dankuwel mevrouw Graafsma. De heer De Jong, die heeft geen op- en aanmerkingen. Kom ik bij wethouder Van Midden van financiën, die helemaal blij nu ons gaat beantwoorden. De heer Van Midden: Dankuwel mijnheer voorzitter. Ik ben inderdaad blij met deze vragen. Eigenlijk is het formeel het initiatief van onze griffier, die uiteindelijk aan mij aangegeven heeft … Je hebt als wethouder
financiën een informeel overleg met alle financiële specialisten waarin allerlei zaken aangaande financiën besproken worden. De griffier had aangegeven: dat is denk ik beter, omdat we hier formaliseren, het eigendom eigenlijk aan de raad te geven. Uiteindelijk is het een instrument van de raad om financiële vraagstukken met elkaar te bespreken. De raad kan daarbij ook zijn eigen deskundigheid inschakelen om uiteindelijk ook een toelichting te krijg … bepaalde onderwerpen. Dus aldus is het voorstel nu ingericht. Misschien kan mevrouw de griffier daar zo direct iets over zeggen. Ik ben er heel blij mee. Ik ben ook heel blij met de vragen die gesteld worden, want die geven inderdaad aan wat het belang is van de commissie, zoals we hem nu willen inrichten. Als ik even inga op vragen die gesteld zijn. De VVD zegt dat: uiteindelijk als kijken naar de relatie met de BEL dat Eemnes niet is vastgesteld. Die … van de commissie consequenties heeft. Ik denk het niet, maar ik weet dat niet zeker. Voor ons in ieder geval niet. Ik denk ook: het voorstel om de account daarbij uit te nodigen om de commissie op vlieghoogte te brengen. Ik denk dat een heel goed idee is. Sterker nog, dat is ook ligt ook bij de commissie om daar initiatief in te nemen.
Wij nodigen gewoon de accountant uit om gewoon eens een avondje winst- en verliesrekening door te lopen, of balansen door te lopen, of wat dan ook als het gaat om jaarrekening, Het is geheel aan u. D66: wie voorzitter wordt, daar ga ik niet over. Ik weet niet dat dat vanavond vastgesteld wordt. Zal mevrouw de griffier wat over zeggen. Het voorstel van het CDA. Eerlijk gezegd, ik zei tegen de burgemeester: als de Lobregt er vanavond had geweest, dan had ik hem geknuffeld. Want ik vind het een meer dan uitstekend voorstel om het de audit- en risk commissie te noemen. Niet alleen te constateren op de externe audit, maar ook met name ook de interne procesbeheersing en risicobeheersing te bespreken. Ook zaken als opvolging van bevindingen van de accountant, maar ook interne risicorapportage. Ik vind het een uitstekend idee en ik zou dat ook graag willen volgen. Maar dat is uiteindelijk aan de eigenaar van de commissie. Wellicht, mijnheer de voorzitter, kan mevrouw de griffier daar ook niet wat over zeggen. De voorzitter: Even afsluitend op wat u heeft gedaan. Dank voor uw mooie inbreng. Heel formeel moeten we dan denk ik een amendement inbrengen volgende week als er echt op de tekst iets wordt gedaan. Mevrouw Graafsma, aan uw collega van het CDA de opdracht dan maar om met de andere raadsleden, voor zover ze dat willen, een amendement voor te bereiden. Ik zeg niks, burgermeester.
Dan zit ik even te kijken. De vragen tot zover zijn denk ik duidelijk en helder beantwoord. Ik zie instemmend geknik. Ik zie nog een vinger omhoog gaan van de wethouder. De heer Van Midden: Ik wil nog even een opmerking maken, mijnheer de voorzitter, ook in relatie tot Eemnes. Ik denk dat als de griffier met Eemnes in gesprek gaat hierover, dat ook de financiële portefeuillehouder daar juichend op de banken gaat staan en ik denk het voorbeeld van Laren heel snel zal volgen. Dankuwel. De voorzitter: Ik zit even te kijken. U mag nog een toevoeging geven maar volgens mij is het allemaal wel duidelijk. Dat weet ik niet. Mevrouw Kroon-Stam: Goedenavond. Ik heb al een paar antwoorden op een paar vragen. Over Eemnes, was een initiatief van de VVD-fractie in die gemeente. Dat was een raadsvoorstel, een initiatief raadsvoorstel, dus niet de gemeente. Het is geen gemeenschappelijke regeling, deze oude commissie. Het is echt gewoon alleen van Laren. Wat de wethouder zegt: wellicht dat de andere twee gemeentes daar ook in mee willen gaan, of zelf een auditcommissie willen instellen. De auditcommissie, de term audit is, zet misschien iedereen op het verkeerde been. Want auditcommissie, eigenlijk, heeft het doel wat breder dan alleen maar een audit.
Die gaat niet een audit uitvoeren alleen, maar die gaat ook p&c-cyclus en alles wat daar met financiën maken heeft, daar kan de auditcommissie zich over buigen. Mijn voorstel is eigenlijk om niet zozeer de titel nog weer te gaan aanpassen. Wellicht een andere manier, een extra zin aan toe te voegen aan de verordening. Zodat je
toch alles compleet hebt. Als je dat wilt. Een voorzitter wordt gekozen in de raadsvergadering. Jullie kiezen zelf natuurlijk. De voorzitter is tevens lid, dus een van de leden wordt dan ook voorzitter. Dit is aan de raad, om te gaan kiezen wie dat zou moeten zijn. Voldoende zo? De voorzitter: Roept twee vragen op. De wethouder zegt politiek enthousiast: pas de naam maar aan. U geeft daar vanuit de technische kant een andere invulling aan. Dat gaan we dan als politiek nog wel even bedenken. Maar de vraag die niet zijn … De raadsvergadering gaat over een voorzitter. Ik heb het stuk nu niet helemaal verder uitgelezen maar: zit er, al zit dat ook ingebakken in de komende raad, dat er een stemming moet gaan plaatsvinden over de leden en de persoon? Mevrouw Kroon-Stam: We hadden het nog niet op iBabs gezet, maar als het goed is staat het er nu wel. Er komt een conceptenbesluit en er zijn al een aantal namen wel ingevuld. Niet van elke fractie hebben we een naam. Er moet nog een fractie een naam hebben. We maken stembriefjes, dus als mensen ineens toch iets anders vinden, iemand anders willen dan kan dat ook. Dan moet inderdaad wel gekozen worden wie dan de voorzitter zou horen te zijn. De voorzitter: De heb ik met uw permissie nog een allerlaatste vraag. Kan u nog heel kort niets zeggen over de techniek van de verantwoordelijkheden.
We hebben een wethouder financiën, we hebben een accountant, dadelijk een auditcommissie. Is het zo dat die auditcommissie met die leden, raadsleden, commissieleden … Waar liggen de scheiding van functies en verantwoordelijkheden als er iets fout gaat? Mevrouw Kroon-Stam: De auditcommissie bestaat uit leden, dat zijn dus raadsleden of commissieleden. Dat zijn jullie in de keus. De wethouder is adviseur, vaste adviseur van de oude commissie, net als de gemeentesecretaris en ambtenaren van financiën. Als er iets fout gaat … Op zich, de auditcommissie beslist niet echt wat. Die legt gewoon af, die geeft adviezen aan de raad om dingen te gaan vinden of te besluiten. De voorzitter: Goed, dankuwel. Hamerstuk of bespreekstuk? Jammer. Excuses. Allemaal mensen fluisteren hamerstuk. Dan gaan we dit stuk als een hamerstuk voordragen voor de gemeenteraad burgermeester. Buiten dat er dan wel gekozen moet worden voor mensen, maar dan moeten we er niet inhoudelijk meer over spreken. 10. Normenkader 2023 De voorzitter: Dat brengt ons bij agendapunt tien. Dat heet het normenkader. In het normenkader, dat stellen wij jaarlijks vast, welke wet- en regelgeving voor de rechtmatigheidscontrole relevant is. Financiële bepalingen hebben. Het is aan het college het normenkader actueel te houden. Nou kijk ik even naar de tribune.
Mevrouw Marsha Alfons, de ondersteunende ambtenaar, is aanwezig om de portefeuillehouder bij te staan. U mag naast de wethouder gaan zitten, burgermeester gaan zitten. Ik moet even kijken naar de agendastukken. We besluiten om het normenkader vast te stellen. Wie van de fracties, en ik de begin bij D66, mag ik beginnen met of u iets te vragen of te vertellen heeft over het normenkader 2023? Mevrouw Van Dorst-Brakel: Wij hebben geen vragen, wij zit het ermee eens. De voorzitter: Dankuwel. De heer van de fractie van Larens Behoud. De heer Van Stempvoort: Zelfde, mee eens.
De voorzitter: Eens. De fractie van Groen Laren. De heer Grunwald: Mee eens. De voorzitter: Ook niet. De fractie van CDA. Mevrouw Graafsma: CDA ook geen vragen. De heer De Jong: Liberaal Laren ook akkoord. De voorzitter: De VVD, de heer Koldenhof steekt zijn had omhoog. Wij luisteren naar u. De heer Koldenhof: Dank u voorzitter. Ik kan eroverheen gelezen hebben, maar wat mijn vraag is, is eigenlijk: wat is verschil met het vorige normenkader? Het verschil met het vorige normenkader. We stellen het elk jaar vast, maar is er een wijziging of niet? Of stellen we elk jaar hetzelfde vast? De voorzitter: Vind ik een mooie vraag. Nou is het zo dat, ik kan even naar de wethouder kijken maar ik kan ook naar de ambtenaar kijken: wie van uw tweeën denkt u dat het beste deze vraag kan beantwoorden? De wethouder wijst naar ambtenaar mevrouw Marsha Alfons. Welkom in dit gezelschap en aan u dan de eer om deze fantastische vraag van de VVD te beantwoorden. Mevrouw Alfons: Ten opzichte van vorig jaar is er niks veranderd. Eind vorig jaar hebben we het helemaal geactualiseerd. Dus het is nog steeds hetzelfde. De voorzitter: Ook waarschijnlijk aan u als opsteller, maar toch: er had maar zo een vraag gesteld kunnen worden dat u zwaar in actie moest komen. De heer Koldenhof: Weet u volgend jaar welke vraag ik ga stellen.
De voorzitter: Nou denkt iedereen thuis: waarom lachen ze straks op de band? Soms moet het ook gewoon vrolijk kunnen zijn. Wij hebben dat normenkader hiermee kort en bondig beantwoord, tenzij u nog daar iets aan toe wil voegen? Mevrouw Alfons: Nee voorzitter, ik heb er niks aan toe te voegen. De voorzitter: Dankuwel mevrouw Alfons. Dan hebben wij punt tien behandeld. Dan komen wij, ik ga snel even verder kijken of u zo meteen nog een keer aan tafel mag komen De heer Koldenhof: Voorzitter, om u te souffleren, want dat doet u bij mij ook altijd zo fijn. De voorzitter: Dankuwel. De heer Koldenhof van de VVD. De heer Koldenhof: Zullen we het hameren? De voorzitter: Hameren. Helemaal goed. Wat scherp. We gaan punt tien als een hamerstuk voordragen, burgermeester.
11. Jaarstukken 2022 en bestemming resultaat 2022 OGFV, 1e en 2e begrotingswijziging en begroting 2024, voorstel 1e en 2e begrotingswijziging 2024 De voorzitter: Dan zijn wij bij punt elf van deze agenda. Dat is een wat langer stuk, maar hopelijk gaan we daar net zo vlot doorheen. Dat zijn de jaarstukken 2022 en bestemming resultaat 2022 van de omgevingsdienst Flevoland, Gooi en Vechtstreek, eerste en tweede begrotingswijziging 2023, begroting 2024, voorstel eerste en tweede begrotingswijziging 2024. Een hele rits artikelen van de gemeenschappelijke regeling. De raad wordt in ieder geval verzocht om voor een oktober 2023 en zienswijze kenbaar te maken. Ten aanzien van de voorgestelde bestemming van het rekeningresultaat 2022 en de voorgestelde eerste en tweede begrotingswijziging 2024 van de omgevingsdienst Flevoland, Gooi en Vechtstreek. Daarvoor zit op de tribune onze ondersteunende ambtenaar, de heer Theo de Haar. Die ga ik ook dadelijk maar verzoeken naar voren te komen en plaats te nemen naast de burgemeester. Want wij gaan als commissie praten over het raadsbesluit althans, het voornemen om de raad te laten besluiten, in te stemmen met de ontwerpwijziging van de gemeenschappelijke regeling omgevingsdienst Flevoland, Gooi en Vechtstreek.
Twee: geen zienswijze in te dienen, en drie: het besluit om geen zienswijze in te dienen kenbaar te maken volgens de bijgaande brief aan de omgevingsdienst. Terwijl de heer De Haar stappen zet om aan tafel te gaan schuiven, ga ik naar de fractie van Larens Behoud die nu aan de beurt is om bij dit punt te beginnen. De heer Van Stempvoort: In de basis mee eens. Dankuwel. … Dank u wel. De voorzitter: De fractie van Larens Behoud is ermee akkoord. De fractie van Groen Laren, de heer Andreas Grunwald. De heer Grunwald: Wij hebben er verder ook geen aan- of opmerkingen over. Ik denk dat het goed is dat is vastgesteld een aantal bedragen te reserveren voor activiteiten van de organisatie, zodat we ook niet in de verlegenheid komen later mensen te moeten ontvangen met aanvullende financiële vragen. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: Dankuwel, de heer Grunwald. Fractie van het CDA? Mevrouw Graafsma: We hebben geen vragen of opmerkingen. De heer De Jong van Liberaal Laren. De heer De Jong: Wij zijn het eens met de jaarstukken en de bestemming van het resultaat. Alleen bij de begroting hebben wij een aanmerking. Het blijkt dat de provincie activiteiten overdraagt aan de OFGV en daar geen geld bij levert en dat wij als gemeenten in de OFGV extra moeten gaan betalen. Dat lijkt me geen verstandige zaak. Het lijkt mij als er activiteiten overgedragen worden, dat ze er ook geld bij leveren.
Dus ik zou willen vragen: zou het college een zienswijze in willen dienen waarbij ze vragen of de provincie geld gaat bijleveren? We kennen dit soort situaties bij GNR, we kennen het bij de Rijksoverheid die het heel sociaal domein naar ons toe schuift. Hier gebeurt dus precies hetzelfde. De voorzitter: Dankuwel voor deze zeer duidelijke, heldere vraag. De fractie van de VVD, de heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Voorzitter. De vraag van de heer De Jong verdient wel de prijs van vanavond, denk ik. Als dat echt zo is, dan ondersteun ik die vraag van harte. Mijn eigen vraag is meer een technische. Het lijkt, als het goed gelezen heb, maar ik hoor graag hoe het echt zit van de wethouder, alsof de provincie Flevoland de leges vaststelt. Dus zijn verschillende leges. Maar lijkt erop alsof wij daar dan zelf niet over gaan. Of ons zelf geen
besluit wordt gevraagd maar dat de provincie dat doet. Dan nog niet eens onze eigen provincie. Hoe zit dat eigenlijk? De voorzitter: Dat is ook een hele mooie vraag, dankuwel. Mevrouw Van Dorst, D66. Mevrouw Van Dorst-Brakel: We hebben geen vragen, dankuwel. De voorzitter: Met de vraag van de avond komen we terug bij de wethouder. Daar wil ik bij opmerken dat dat ook de toon zet, want wethouder: u doet het niet alleen zo meteen met een auditcommissie. De oppositie, coalitie: alles en iedereen hier aan tafel houdt u scherp. Zo hoort het ook. Mag ik u het woord geven om in ieder geval de twee gestelde vragen te beantwoorden? De heer De Groot: Ze gaan ook vrij diep en zijn eigenlijk nauwelijks te koppelen aan de stukken zoals ze voorliggen. De eerste aanleg is hier ook langs geweest en toen waren er geen zienswijzen. Maar ik vind het wel interessante vragen. Als het gaat over die taken: dat is volgens mij een wettelijke regeling. Maar ik zoek het precies uit en geeft precies antwoord. Daar ga ik mijn best doen. Wat betreft de provinciale leges, is ook een zeer technische vraag. Ik zie zelfs mijnheer De Haar kijken van: dat moet ik uitzoeken. Dat heb ik nog zelden meegemaakt. Dus als u het mij vergeeft, dan komen we daar nog op terug richting de raad. De voorzitter: Er zijn twee vragen gesteld die niet alleen een prijs verdienen. Ze zijn ook niet te beantwoorden.
Dus dat is heel fijn. Ik denk dat dat de wethouder hiermee de toezegging heeft gedaan dat hij uiterlijk de dag op en rond de raadsvergadering het antwoord gegeven kan hebben. Dan kijk even naar de heer De Haar of dat ook in zijn programma past. Zal wel moeten. Mooi. Daarmee, dat gezegd hebbende kijk even naar de vragenstellers of zij daarmee kunnen instemmen. Dan geldt eigenlijk hetzelfde als wat we net hebben gedaan. We dragen het voor als een hamerstuk, met dien verstande dat de vragen wel even nog beantwoord zijn. Anders kan natuurlijk het geen hamerstuk zijn. Vindt mijn college de heer Koldenhof het zo goed samengevat? Dan gaan we het voorgeleiden als een hamerstuk 12. Aanvulling jaarrekening De voorzitter: Dan zijn we bij punt twaalf van de agenda en dat is de aanvulling op de jaarrekening. Een serieuze zaak. Het college stelt de raad voor om een tweede erratum op jaarrekening vast te stellen en daarmee wordt het risico toegelicht dat is ontstaan door een recente claim van de uitvoerder van het groenonderhoud in onze gemeente. Daarvoor is opnieuw de heer Theo de Haar aan tafel geschoven naast de wethouder. Waar het om gaat is, dat wij hier enerzijds dit gaan bespreken en anderzijds dit stuk gaan voordragen naar de agenda van de gemeenteraad om te laten besluiten het tweede erratum op de jaarrekening vast te stellen en daarmee heel formeel de jaarrekening te wijzigen.
Ik geef het aan u in bespreking. Ik was net geëindigd bij de fractie van Larens Behoud. We beginnen nu bij de fractie van Groen Laren. Wie mag ik van u het woord geven? De heer Grunwald. De heer Grunwald: Dankuwel voorzitter. In algemene zin is het natuurlijk heel verstandig om een financieel risico wat we lopen, alvast in de begroting af te dekken. Daarvan niet. Alleen ik ben toch wel even benieuwd van: waar gaat dat geschil nou precies over, want dat maak ik uit dit stuk niet op. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: Dankuwel mijnheer Grunwald. Dan kom ik bij de fractie van CDA, met een enkele vraag waarschijnlijk.
Mevrouw Graafsma: Ik ga weer wat voorlezen en ik had persoonlijk ook dezelfde vragen als de heer Grunwald. Waar gaat het precies over? Wat is de onderbouwing van de groenvoorziening om deze claim in te dienen? Dan lees ik weer even voor namens het CDA. We zijn het eens met de aanvulling en dus akkoord. De vraag is wel: waar komt deze verrassing nu ineens vandaan? Waarom was het opnemen van deze claim eerst niet nodig? Waarom nu ineens wel? Wat is de motivatie van de accountant? Zijn wij verrast? Is de accountant van mening veranderd of is er gewoon niet over gecommuniceerd met de accountant? Daar zijn wij nieuwsgierig naar. De voorzitter: Dankuwel. De heer De Jong, Liberaal Laren. De heer De Jong: Voorzitter. Wij zijn het ook eens over de aanvulling in de jaarrekening hiervoor. We willen dat alle risico’s gewoon in de jaarrekening helder en duidelijk meegenomen zijn. Ook onze vraag is: wat staat exact in de claim. Ik wil de vraag heel duidelijk stellen. Wat is exact het bedrag van de claim? De voorzitter: Dankuwel. De fractie van de VVD. Geen behoefte aan inspreken. Mevrouw Van Dorst, D66. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik sluit me volledig aan bij de vorige vraag. Ik wil het nog ietsje breder: wat is de claim inderdaad voor Laren? Wat is de claim van Eemnes? Wat is claim voor Blaricum? Daar schijnt namelijk nog een behoorlijk verschil in te zijn.
Dat vond ik ook wel belangrijk om te horen. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: Dankuwel. Dan de fractie van Larens Behoud, de heer Van Stempvoort. De heer Van Stempvoort: … De voorzitter: Met deze vragen gesteld permitteer ik mij een aanvullende vraag: stel dat wij een audit- en risk commissie hadden gehad, wat had die dan in dit verband voor een rol gespeeld? Dan kijk ik nu naar de wethouder om op de vragen in te gaan. Mocht het zijn dat de wethouder de vraag niet kan beantwoorden en de heer De Haar aan het woord moet komen, dan krijg ik een seintje. De heer Van Midden: Dankuwel mijnheer de voorzitter. Als een audit- en riskcommissie hadden gehad en ik in mijn rol van adviseur had gezeten, dan had ik de commissie geadviseerd dit over te nemen in de jaarrekening. Waar ze hier van de jaarrekening goed te keuren, vast te stellen. Eigenlijk is het een beetje ongelukkige samenloop van omstandigheden, met name in de tijd gezien. Wij waren bezig met het proces van het vaststellen van de jaarrekening, eigenlijk als drie gemeenten. Blaricum en Laren hadden op enig moment de jaarrekening al vastgesteld. Eemnes zat eigenlijk nog in het proces van vaststelling. Bij het vaststellen van de jaarrekening hadden we op dat moment discussie met de uitvoerder Sight over de nota's van 2020 en 2021. Hebben we volgens mij al een keer eerder opmerkingen in gemaakt in financiële stukken.
We hebben daar ook een bedrag bij genoemd. Dat was niet zo groot. Gaande het proces van het vaststellen van een jaarrekening kwam opeens all of a sudden Sight met een claim. Waarvan ik, in ieder geval vanuit mijn positie heb gedacht: wat is dat? Is dat wel een claim? Moet ik dat, zeg maar, op waarde schatten? Op dat moment hadden wij de jaarrekeningen al vastgesteld. Blaricum, maar ook de accountant, die kwam op een gegeven moment, die wist dat de claim gekomen was, en die zegt tegen ons van: jullie hadden dat mee moeten nemen in de jaarrekeningen op moment vaststellen. Anders kan je de jaarrekening niet vaststellen. Dat kon ik niet, want ik wist dat op dat moment niet en we hadden de jaarrekening al vastgesteld. Blaricum zat in hetzelfde schuitje, Eemnes nog niet. Wat is nu gebeurd? Eemnes heeft het eigen proces goed af kunnen maken en die claim meteen al kunnen opnemen in het vaststelling van de jaarrekening, is vastgesteld. Blaricum heeft gezegd: hij was al vastgesteld, maar ik roep de raad terug voor de vakantie om alsnog met dit erratum de jaarrekening
vast te stellen. Wij hebben de provincie gebeld en gezegd van: vind je het erg als je na een juli een vastgestelde jaarrekening krijgt en niet voor een juli? Wat formeel uiteindelijk de verplichting is. De provincie, we hebben uitgelegd ook wat er aan de hand was, zegt: prima, als dit aan de hand is. Hebben we geen enkel probleem mee als die jaarrekening uiteindelijk pas in september pas … Dat is eigenlijk wat er gebeurd is. Hij had gezegd, de accountant zei: als je dit weet moet je bij het vaststellen van jaarrekening hier een opmerking over maken. Dit is de opmerking. Verder kan ik inhoudelijk helemaal niks over zeggen. U heeft als raad een raasinformatiebrief gekregen over de discussie die momenteel plaatsvindt met Sight en ook de vertrouwelijkheid, zeg maar, die daar op dit moment mee gepaard gaat. Dat betekent ook dat ik op dit moment inhoudelijk ook niet over de hoogte van de claim, ook niet over de grond van de claimen dat soort dingen, dat ik daar iets over kan zeggen. Wat ik wel kan zeggen is dat we met elkaar in gesprek zijn om uiteindelijk daar op een goede manier uit te komen. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: Ik denk dat het een hele heldere, duidelijke toelichting is, maar ik kijk nog even naar de vragenstellers. Mag ik van u een reactie op … Mevrouw Graafsma. Mevrouw Graafsma: Ik denk dat het is wat het is. Dat we ons daar hebben bij neer te leggen.
Het is niet anders. Dankuwel. De heer De Jong: Wat is de hoogte van de claim? De voorzitter: Ik denk dat de wethouder net omsluierd heeft verteld dat hij eigenlijk geen mededeling kan doen, omdat dit een rechtszaak is en wij anderzijds een raadsinformatiebrief hebben gekregen. De heer Van Midden: Mijnheer voorzitter, het is nog geen rechtszaak. We zijn met elkaar in discussie en we gaan kijken hoe we tot een goede oplossing kunnen komen. We hebben natuurlijk allerlei instrumenten. We kunnen naar de rechter stappen, we kunnen arbitreren, we kunnen op fatsoenlijke manier op gesprek gaan. Dat zijn we nu aan het verkennen en wat de meest geëigende manier is om tot een goede oplossing te komen. Sight doet het ook van zijn kan. Verwacht daar dat we daar tot een goede oplossing komen. De voorzitter: Mijnheer De Jong, akkoord daarmee? Mijnheer De Jong, Liberaal Laren. De heer De Jong: Daarna had ik ook nog de vraag van: waarom doen we, waarom werken we met Sight? In het verleden werk met de … groep en met onze eigen ambtenaren. Waarom gaan we daar niet gewoon naar terug? Dat liep altijd goed. Waarom blijven, waarom hebben we die Sight überhaupt ingehuurd in het verleden? De voorzitter: Dat zou u, als oud-wethouder, misschien kunnen weten. De heer Van Midden: Meneer de voorzitter, dan kan ik kort zijn. Dat is niet aan de orde met dit onderwerp.
Het gaat om het huidige contract wat we met Sight hebben, dat per 01-01-2024 afloopt. Wat we daarna gaan doen dat is nog voorwerp van discussie en evaluatie. Daar kom ik later we in de raad op terug, maar niet in financiële context maar met name in de openbare ruimte-context. De voorzitter: Ik vind ook dat wij vanavond, als commissie gewoon hier, het zakelijk moeten blijft benaderen zonder vooringenomen punten. Dat is aan het college. Ik hoop mijnheer De Jong dat u met mij kan instemmen dat dit voor nu voldoende beantwoord is. Wij nemen dit als een voorziening op in het erratum. Mevrouw Van Dorst nog een vraag?
Mevrouw Van Dorst-Brakel: Nee, het antwoord was heel duidelijk. Daar kan nou niks over gezegd worden, maar zo gauw er duidelijk is verwacht ik dat het college naar ons toekomt. Dankuwel. De voorzitter: Excuses, ik vergeet nog even naar de heer Van Stempvoort van Larens Belang te kijken. De heer Van Stempvoort: Helemaal mee eens, dank voor het antwoord. Ik ben wel benieuwd of een Eemnes het wel mee kan nemen, maar dat is even technisch. Dan is er waarschijnlijk wel een bedrag ergens genoemd. Of zie ik dat fout? De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter. Eemnes noemt wat de claim betreft, als ik het goed heb, geen bedragen. Eemnes had op het moment dat de accountant kwam met die melding van: die claim moet je meenemen als een opmerking in je jaarrekening op moment dat je hebt vaststelt, Eemnes was nog niet zover dat ze de jaarrekening definitief hadden vastgesteld. Die kon dat erratum nog meenemen. Wij niet en daarom zitten we nu in situatie zoals we nu zitten. De heer Van Stempvoort: Duidelijk. De voorzitter: Goed. De heer Grunwald: Voorzitter. De voorzitter: Sorry, excuses. Mijnheer Grunwald, Groen Laren. De heer Grunwald: Dankuwel voorzitter. In principe is het zo, dat met het vaststellen van dit voorstel geen man overboord is, want het geld is maar gereserveerd en nog niet uitgegeven.
Toch vind ik het procedureel een beetje een merkwaardige gang van zaken dat we dus eigenlijk iets besluiten over iets waar we dus niet optimaal inzicht in hebben. Met het voorstel om daar, zodra er meer over bekend is en daar iets besloten moet worden, daarmee terug komen in de raad kunnen wij dan ook zeker instemmen. Dan verwachten wij dat ook. Het blijft toch een beetje tasten in duister, vind ik, als dat op die manier gaat. Een volgende keer, zo dat nu niet meer mogelijk is, zou ik toch wel … van tevoren willen weten, zodat ik daar ook … over kan vormen. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: De vraag van Groen Laren is denk ik duidelijk. De wethouder zal daar nog op reageren. De heer Van Midden: Mijnheer voorzitter, dankuwel. Ik zou de heer Grunwald even willen verwijzen naar het erratum, want daar staat duidelijk in waarom we niet concreter kunnen zijn dan dat we nu zijn. Meer kan ik er ook niet aan toevoegen. De voorzitter: Ik dacht dat de heer Grunwald ook nog een klein beetje bedoelde hoe het überhaupt heeft kunnen gebeuren. Of vertaal ik uw vraag niet goed, mijnheer Grunwald? De heer Grunwald: De vraag gaat daarheen van: waarom is er niet van meet af aan open kaart over gespeeld van wat er gaande is? … geweest. De voorzitter: Ik denk dat dat is … De wethouder heeft denkt bij het begin gezegd dat hij het ook gewoon niet wist, dat niemand het heeft geweten.
Laten we even duidelijk zijn dat het college en onze ambtelijke ondersteuner de heer De Haar hier niet van wisten. Dat is wat ik gehoord heb in de eerste zinnen van de introductie. Klopt dat voorzitter, wethouder?
De heer Van Midden: Ja, mijnheer de voorzitter. Tot op het moment van het vaststellen van de jaarrekening had ik niet benul dat er een claim van Sight lag. De voorzitter: Dat is denk ik wel het vertrekpunt in denken. Daarom deze technische oplossing. Ik denk dat iedereen het niet leuk vindt, maar het is niet anders. Mag ik dit stuk met een zorgvuldige behandeling doorgeleiden als hamerstuk naar de raadsvergadering? Ik zie instemmend geknik van iedereen. 13. Beheer afkoopsommen GNR vanuit uittredende participanten De voorzitter: Dan zijn wij gekomen bij agendapunt dertien en dan vraag ik of de heer Thijmen Jacobse op de tribune nog … Hij is nog aanwezig. Wat mij betreft komt u hier links van mij zitten voor u want dan kan de heer van Stempvoort gewoon blijven zitten. Dames en heren, het is een noviteit. We hebben altijd twee raadsleden of twee commissieleden aan tafel en dan mag ook nog maar een mag het woord voeren op het onderwerp. We hebben bedacht dat soms, in onze zeer betrokken gemeenschap met raadsleden en commissieleden, er mensen zijn die niet in deze commissie zitten maar wel hele verstandige inbreng hebben, kunnen hebben. D is vanavond, wordt dat door de fractie van Larens Behoud in de persoon van de heer Thijmen Jacobs uitgeprobeerd. Het gaat over agendapunt dertien, beheer afkoopsommen Goois natuurreservaat vanuit de uittredende participanten.
Na het uittreden van de voormalige participanten Amsterdam en de provincie Noord-Holland per één januari 2021 onder betaling van de afkoopsommen door hen, dient besloten te worden over de manier waarop wij deze gelden gaan aanwenden. Liggen er vier, vijf besluiten. Het besluit een is het voorliggende voorstel inzake de verdeling van de afkoopsommen vast te stellen. Twee is in te stemmen met het instellen van een bestemmingsreserve in onze jaarrekening, afkoopsom ten behoeve van de participantbijdrage aan het GNR. Besluit drie is het te ontvangen aandeel van Laren voor de afkoopsommen van minimaal negenhonderdzevenentwintigduizend vierhonderd en elf euro in deze bestemmingsreserve te doteren. Besluit vier is het jaarlijks, het begrote bedrag voor het financieringstekortbijdrage, de participantenbijdrage GNR te verhogen met een ingroeibedrag van vijfduizend euro. Beslispunt vijf is het overige van de jaarlijkse hogere participantenbijdrage, door overname van de bijdrage van de voormalige participanten gemeente Amsterdam en provincie Noord-Holland te bekostigen uit deze bestemmingsreserve, afkoopsom ten behoeve van participanten bijdrage aan GNR, Goois natuurreservaat. Dit is agendapunt dertien. Als ik wel heb, hebben wij net Groen Laren gehad en kom ik bij de fractie van het CDA om als eerste de aftrap op dit onderwerp te geven. Mevrouw Graafsma.
Mevrouw Graafsma: Wij hebben geen opmerkingen, zijn akkoord. De voorzitter: Dankuwel. De heer De Jong, Liberaal Laren. De heer De Jong: Zoals u allen merkt, is er een forse inflatie in Nederland en merkt iedereen dat in zijn portemonnee. Dit bedrag … We zijn het eens met dit voorstel dat dit ook bij de gemeente Laren als een bestemmingsreserve apart gezet wordt, omdat dat de beste oplossing is. Wij vinden dat dat bedrag op rente gezet moet worden. Waardoor het GNR gewoon het bedrag krijgt waar ze recht op hebben. Dat wij niet dat bedrag voor andere dingen, die rente die wij ontvangen … Wij ontvangen nu geen rente omdat we heel veel lenen. Dit vinden we, dat het ook apart gezet moet worden voor GNR, met rente, zodat zij ook geen last hebben of zo min mogelijk last van de inflatie de komende tijd. De voorzitter: Een tel verduidelijken, want het is nu een bestemmingsreserve, maar u bedoelt nog iets anders?
De heer De Jong: Ik bedoel, die bestemmingsreserve is prima, maar daar komt een vast bedrag in te staan. Ik vind dat dat vaste bedrag apart op een renterekening gezet moet worden. Dat die rente ook daar, op de bestemmingreserve, weer bijgeboekt moet worden. Zodat GNR de komende jaren geen last heeft van de inflatie. De voorzitter: Dankuwel voor deze verheldering. De vraag is duidelijk. De fractie van de VVD, de heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Dankuwel voorzitter. Besluit punt een, daar is de VVD in zijn geheel mee eens. Dat wil zeggen dat we weinig andere keuze hebben, volgens mij. Dus wie kan er tegen zijn? Wij hebben wel een vraag met betrekking tot het aanwenden van dit bedrag. Het voorstel is om het bestemmingsreserve te doen en eigenlijk zeg je daarmee: we gaan dat in de komende jaren opeten en daarmee langzaamaan ingroeien met een bedrag dat we uiteindelijk, hoe er ook een keer zullen moeten ophoesten na 10, 15, 20 jaar. Dat snap ik. In de brief, of in de toelichting is ook aangegeven dat er een alternatief is overwogen. Eigenlijk betreuren wij zeer dat dat alternatief niet is doorgezet, namelijk om het bedrag renderend te maken. Niet alleen op rente maar gewoon om er bij wijze van spreken winst op te maken, zodat we eigenlijk van de winst die bijdrage zouden kunnen betalen.
Dat het GNR weer die winst zou kunnen gebruiken, maar dat het geld op zichzelf als geheel zou blijven bestaan. Bedrukt ons zeer dat dat nu niet mogelijk is en vroegen ons af, en wil graag de wethouder daar een mening over laten geven: waarom dat ook niet alleen voor Laren zou kunnen? Ik begrijp dat de gemeenten dat gezamenlijk niet willen, maar zou dat ook niet voor Laren alsnog een mogelijkheid zijn.? Dat ten eerste. Dan kom ik in tweede termijn wel even terug naar, afhankelijk van de beantwoording, wat we eventueel dan nog verder zouden kunnen doen. Waarbij ook nog wel dat kanttekening wil maken, dat het geld is eigendom van de GNR. De gemeenten zijn het onderling niet eens geworden over het instellen van zo’n beleggingspot waaruit je het rendement kunt halen. Het is eigenlijk van GNR, dus: hoezo hebben die gemeenten daar dan een mening over? Om het even nog scherper aan te zetten. Dat is in die zin toch een vraag die ik wil voorleggen. Het andere is: natuurlijk hechten wij grote waarde met zijn allen aan GNR, maar om nu zomaar altijd te concluderen dat zij alles moeten krijgen waar zij naar vragen, om het zo maar te zeggen, die vind ik toch ook wel best ver gaan. Ik denk, dat is meer een mening van mij die misschien bij een volgende begroting of een jaarrapportage maar weer eens moet worden besproken.
Of dit hele bedrag, het ingroeibedrag, met andere woorden, wel elk jaar nodig is. De voorzitter: Met deze scherpe afsluiting van de fractievoorzitter van de VVD komen we bij de fractie van D66. Mevrouw Ellen van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dankuwel voorzitter. Ik, we hebben ook gekeken van: waarom zou dat geld niet kunnen renderen? Wij begrepen dat men er niet uitkomt. Inderdaad, wat collega van Liberaal Laren zegt, lijkt mij een heel mooi voorstel, die wij graag willen ondersteunen. Om inderdaad het bedrag ergens weg te zetten, op rente zetten en dat dit ten, voor het GNR bestemd blijft. We hadden nog een andere vraag. Ooit is opgericht de vrienden van het GNR. Wij waren benieuwd hoe daarmee afgelopen is, hebben we eigenlijk nooit meer wat van gehoord? Daar zijn gelden voor opgehaald. Worden die nog ergens voor gebruikt? Dat zouden wij ook graag een antwoord op willen krijgen. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: Dat is wel een beetje een, dankuwel mevrouw, andere vraag. Maar helder. Ik weet niet of de wethouder daarop kan antwoorden. Dan zijn wij bij de heer Thijmen Jacobse van de fractie van Larens Behoud.
De heer Jacobse: Voorzitter, dankuwel. In de eerste plaats tweemaal dank voor deze unieke wissel die u mogelijk maakt in uw vergadering en ook dank dat ik het woord daarvoor krijg. Gisteravond ben ik samen met de heer Andreas Grunwald op de beleidsplanbespreking van het GNR geweest. Ik ben opnieuw getroffen door de uitmuntende wijze en de diep, grondige manier waarop men daar bezig wil zijn met onze natuur. Dan komt er een leuke: GNR is dus niet een verzameling van gemeenten of initiatieven, GNR zijn we zelf. Wij, allemaal. Daar vinden we wat van, daar moeten we wat mee en daar betalen we voor. Vandaar deze regeling. Ik ben niet blij getroffen door het feit dat de gemeenten niet in staat zijn gebleken om dat spul in een pot te houden en daar iets moois mee te doen. Om even met andere woorden in te stemmen met wat mijn rechtervleugel aangeeft. Ik weet niet of wij dat als Laren zelf moeten doen. Ik heb begrepen dat we dat niet doen of anders doen. Ik ga ervan uit, en dat is een vertrouwenskwestie, dat onze mensen … Ik heb gehoord dat ze daar zeer intensief mee bezig zijn geweest. Ik ga ervanuit dat wat er nu ligt, dat dat een voortreffelijk voorstel is. Dus dat kan niet heel erg veel schelen. Een bestemmingsreserve blijft een bestemmingsreserve. Het gaat over heel veel geld. Er zit wel een klein narigheidje onder.
Dat beluisterde ik ook wel bij de heer Grunwald, of bij de collega van CDA. 2028 meen ik, 2038 komen we met elkaar verzeild. Niemand weet wat de route daarheen is, niemand weet wat de inflatie doet, niemand weet wat we met de rente doen daar. Met respect voor wat de collega's met vakkennis daarvoor zeggen. Daar kan ik niks van vinden. Alleen je moet wel ergens wat beslissen en er moet iets met dat geld gebeuren. Ik stel er vertrouwen in dat we dat goed doen. Ik heb een andere opmerking en dat is een vraag. We hebben nu het vertrek van Amsterdam vast mogen stellen en dat heeft een hoop geld opgeleverd. Natuurlijk weer niet genoeg, zoals we met elkaar ook al eerder vonden. Mijn fractie is van mening, dat het nu al afgelopen is met het uittreden van gemeenten en zo. Dat kunnen we ons niet permitteren. Wij vinden … Ik hoor verhalen in de regio dat er gemeenten zijn die dat toch nog weer naar boven halen. Mijn fractie en ik hoop onze raad zijn sterk van mening dat we niet bij vertrek gaan uitkopen, dat we geen afscheid meer kunnen nemen van andere gemeenten. Anders gaan al onze mooie verhalen en rekensommetjes naar de knoppen. Dat was het ongeveer. Dank u vriendelijk. De voorzitter: De fractie van Larens Behoud, bij monde van de heer Jacobse. Dankuwel. Dan zijn we bij de fractie van Groen Laren, de heer Grunwald. De heer Grunwald: Dankuwel voorzitter.
Ik ben de laatste in het rijtje, dus er zijn al veel dingen gezegd. Daar wil ik niet meer uitgebreid op ingaan, maar die ik toch alweer nog even weer de revue wil laten passeren want daar staan wij ook wel achter. Alleen wil ik zeggen: dat onderwerp speelt al een hele tijd, die uittredingsgelden van Amsterdam en de provincie Noord-Holland. In het verleden zijn we daarom naar wethouder … hebben we daar ook over gesproken en was dus intentie altijd om er inderdaad een potje van te maken wat enig rendement zou opbrengen en daaruit een aantal noden voor het GNR te ledigen. We zijn dus ook bijzonder teleurgesteld dat het niet gelukt is om het eens te worden over het onderwerp en men de toevlucht genomen heeft tot het verdelen van het potje. Met de geschetste zoals: verlies aan waarde door inflatie en verlies aan volume door het niet te beleggen. Nou is dat een voorstel in een vergevorderd stadium dus je kunt er alweer bijna geen nee tegen zeggen, maar dat wil ik dus eigenlijk … toch wel doen. We zijn het er niet mee eens. Ik zou eigenlijk wel willen voorstellen dat, indien het nu zo is dat betrokken partijen het nu nog niet eens zijn, dat er toch even gekeken wordt op welke manier men toch eens met gaan zou kunnen worden, door bijvoorbeeld iemand erbij te betrekken die de meningen tot elkaar kan brengen. Dit is gewoon zoals het nu geregeld is, potverteren.
Er staat nog in het stuk ook nog dat, in een oprichtingsakte staat tot ten eeuwigen dage, of zoiets, daarmee voor het GNR gezorgd wordt. Maar dat is dus niet zo, want de pot is gewoon op een gegeven moment op. Dan moet het dus toch wel weer uit de gemeentefinanciën komen. Wat ook zo is, is van: wat we nu uit die pot kunnen financiere, dat rekenen we ons aan de andere kant weer rijk in onze eigen begroting. En dan is het cirkeltje rond, dus dat schiet niet echt op. Wij zijn toch, willen toch even vragen of er mogelijkheden
zijn om te bezien of partijen niet alsnog tot elkaar kunnen komen om dit potje, wat dus niet gering is, winstgevend te beleggen? Zodat daaruit het bestaan van het hetgeen opgeserveerd kan worden. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: Dankuwel. Aansluitend nog, er zijn een heleboel vragen gesteld dus daar gaat de wethouder zo meteen … Nog een aanvullende vraag, want de heer Koldenhof van de VVD vroeg net een variant op een variant. Althans, een variant moet ik zeggen. Mag ik daar nog aan toevoegen of er ook nog over gewogen is of niet over gesproken is of wel, om het bedrag niet gewoon, alle bedragen gewoon bij het GNR in een aparte pot te laten en de verantwoordelijkheid daarmee ook gewoon bij het GNR te laten? Ik weet niet die of die variant bij de VVD erin zat, maar dat is een aanvullende vraag van vanuit de voorzitter. Ik kijk even rond. Wethouder, u heeft alles kunnen noteren? Mag ik u het woord geven? De heer, wethouder van Midden. De heer Van Midden: Dankuwel mijnheer voorzitter. Laat ik allereerst beginnen met de oplossing. Waarom we uiteindelijk voor deze oplossing gekozen hebben en niet tot, zeg maar, gekomen zijn tot alternatieven. Want de heer Koldenhof zegt is terecht: uiteindelijk constateren we dat het geld eigendom is van het GNR. Dat betekent dat uiteindelijk de gelden, de participantenbijdrage, die komen het GNR toe. Dat is bedoeld eigenschap.
Uiteindelijk is de enige rechthebbende het GNR. Zo wordt het ook geregeld in de participantenovereenkomst. We hebben alle opties, hebben we doorlopen. De optie van de pot bij GNR neerzetten. Dan krijg de GNR tweeëntwintig miljoen uiteindelijk in kas. Dat heeft, kan allerlei fiscale consequenties hebben voor GNR zelf. Dat kan zelfs het gevaar op zich, in zich hebben dat ze uiteindelijk de ANBI-status verliest, omdat ze eigenlijk gewoon heel veel vermogen hebben. Het is natuurlijk ook gek als je als GNR sponsors probeert te werven terwijl je zelf gewoon heel veel geld in kas hebt. Dat is sowieso al raar. Daar hebben we heel veel fiscale deskundigen ook naar laten het kijken, en die hebben gezegd van: dat raden wij gewoon af. De andere optie was inderdaad het onderbrengen in een stichting. Dus gewoon in een pot geld en dan beleggen. Uiteindelijk hebben we daar ook niet voor gekozen. Daar zijn verschillende redenen voor. Op het moment dat je een stichting onderbrengt en gezamenlijk die gelden wil beleggen, dan moet je het in ieder geval met zijn vijven eens worden over het feit dat je wil gaan beleggen. Dat is de eerste stap. Dat je uiteindelijk risico wil lopen over die gelden. De tweede stap is dat je het ook eens moet worden over het beleggingsbeleid. Als we gaan we beleggen waar gaan we dan in beleggen.
Wat is onze beleggingsstrategie? Ik kan er van alles over zeggen, maar daar werden we het gewoon niet over eens en dan houdt het ergens op. Daarnaast speelt ook nog een rol, de Fido, de Wet financiering decentrale overheden, die uiteindelijk gemeenten verbiedt geld te beleggen. Dat is naar aanleiding van Icesave geweest en dat hele debacle dat daar plaats gevonden heeft. Op moment dat je als gemeente het onderbrengt in de stichting en daarmee gaat beleggen, kan het uiteindelijk wel eens rieken naar het omzeilen van de wet Fido om uiteindelijk toch rendementen te maken. Dat moeten wij ook niet willen, volgens mij. Een argument wat ook speelde en met name een paar gemeentes zeggen: ja, maar het is uiteindelijk geld van gemeente, waar de gemeente over wil beschikken vanuit zijn eigen een begroting. Daar heeft de Raad zeggenschap over. Door die gelden op afstand te zetten in stichting verliezen we eigenlijk de democratische zeggenschap over die gelden. Dan staan ze te ver weg. Dus een stichting die beslist op basis van stichtingsregelementen, investeringsreglementen en uiteindelijk hebben wij daar niet zoveel meer over te zeggen behalve dat we achteraf een jaarlijkse rapportage zouden krijgen. Dat zijn, zeg maar, allemaal … Daarnaast is het ook een duur uitvoeringskanaal, dus dat zijn allemaal formele, meer formele, informele redenen geweest om dit niet te doen.
Bovendien: stel je niet al veel voor van beleggingsbeleid en beleggingsopbrengsten. Zeker wanneer je niet risicovol wil beleggen. Ik weet niet of u een beetje bekend bent in de beleggingsmarkt, maar een staatsobligatie toen jaar doet op dit moment tegen de 3 procent. Dus als wij bijvoorbeeld als Laren zouden beleggen onze miljoen, betekent dat je op de periode van veertien jaar zeg maar gemiddeld gezien zo'n vijf ton belegt. Een procent meer of minder
rendement is vijfduizend euro op jaarbasis. Dat dan niet een bedrag waar je uiteindelijk dit soort discussies en risico’s over wil lopen. Uiteindelijk rendementstechnisch levert het je niet zoveel op. Als je hogere rendementen wil hebben, heb je automatisch natuurlijk veel hoger risico en dat betekent dat ook dat je het risico loopt dat je over … helemaal niks ter beschikking hebt. Al die afwegingen bij elkaar, dan is het beste om naar de gemeentes terug te geven. Dan kan de gemeente zelf bepalen wat ze met de gelden gaan doen. Het goede nieuws is dat wij zeggen van: wij stoppen het in het bestemmingsreserve. Dat betekent dat die gelden ten alle tijden ter beschikking zijn voor GNR. Overigens moeten wij ook altijd betalen aan het GNR, want dat hebben we geregeld in de participantenovereenkomst. Waarin staat dat gemeenten die aangesloten zijn bij het GNR het, zeg maar, instaan voor het exploitatietekort, zoals dat mooi geformuleerd is, van GNR. Dat betekent dat wij elk jaar gewoon aan de lat staan op basis van inwonersaantal, om uiteindelijk gewoon de exploitatie van GNR te financieren. Nu hebben we een pot van tweeëntwintig miljoen gekregen, wat we in eerste instantie van onze verplichting af kunnen halen.
Dat doen we dan gedoseerd over veertien jaar, waardoor je uiteindelijk zo langzamerhand toegroeit naar het bedrag wat je gaat betalen zonder de bijdrage van Amsterdam en Noord-Holland. Dus dat is het construct. Liberaal Laren zegt van: eens het voorstel apart zetten, zet het op rente. Als we het apart zetten, krijgen we er al rente over. Je ziet ook bijvoorbeeld, het heeft een tijdje gestand gezeten bij Huizen en je ziet dat Huizen daar ook een rendement op heeft verhaald. Niet heel erg veel, maar het is wel rente. Ik weet niet of wij in staat zijn en het mogen om meer rendement te halen dan we dat nu hebben gehaald. Volgens mij is het gewoon rendement van schatkistbankieren wat we krijgen en niet meer. Dat zegt dan weer de Fido … om extra rendement te maken. De heer De Jong van Liberaal Laren geeft ook aan: je moet uiteindelijk rekening houden met inflatie ook, als het gaat om het vaststellen van die bijdrage. Dat doen we ook, dat zie je terugkomen in het schema. We laten de bijdrage oplopen met zes procent. Dus elk jaar stijgt onze bijdrage zes procent. Zit inflatie in, zit een CAO-stijging in. Als we een beetje ervaringscijfers hebben van gemiddelde stijging van de bijdrage over de jaren. Je ziet dat we, op basis daarvan, uiteindelijk de extractie uit het potje bepalen. Uitgaande van een jaarlijkse dotatie van vijfduizend euro.
Waarom is het vijfduizend euro? Eigenlijk heel simpel: dat is gewoon een lekker bedrag en dat maakt dat het een lekker ritme is. Dan kan je over veertien jaar, zit je op dat gat van die zeventigduizend euro en inslagen dan heb je eigenlijk het potje opgesoupeerd. Wellicht heb je wat rendement gehaald in die tussentijd, waardoor je iets meer … Dan krijg je een soort slotuitkering, waarbij je uiteindelijk een bijdrage ontvangt. Dat is hem dan. Even kijken. Volgens mij heb ik alle vragen behandeld. Groen Laren merkt op, de heer Grunwald, dat het onderwerp al een hele tijd speelt. Dat klopt. Dat vind ik ook een probleem, eerlijk gezegd. Dat is het enige wat de bestuurders misschien wel kan verwijten. Dat de discussie veel te lang geduurd heeft. We zijn er gewoon ruim twee jaar al mee bezig en uiteindelijk kom je tot een besluit wat je misschien meteen al had kunnen nemen, als je kijkt naar alle discussies die we gehad hebben. Dat is het enige wat ik me een beetje aantrek. We hadden zeker een jaar eerder dit besluit al kunnen nemen. Of de situatie anders had geweest, dat weet ik ook niet. Of we dan meer of minder geld hadden gehad, weet ik ook niet. Dat is het enige waarvan ik zeg van: dat hadden we gewoon sneller kunnen doen. Voor de rest, als we kijken naar het voorstel zoals het nu ligt, is het prima. Ik zie ook dat verschillende gemeenten daar verschillend op reageren.
Ik heb gezien dat in Huizen een lokale partij zegt: we gaan het uitdelen aan de inwoners. Nou, prima. Uiteindelijk betalen diezelfde inwoners weer die de bijdrage aan het GNR, dus in die zin is dat lood om oud ijzer. Hilversum heeft eigenlijk dezelfde oplossing, alleen die heeft een hoger bedrag. Die heeft het op een langere periode uitgesmeerd zag ik, tot in 2040. U ziet dat we uiteindelijk dezelfde oplossing kiezen. Wat mij betreft, wat ons betreft gewoon de beste oplossing, die we gegeven de omstandigheden dus ook kunnen bieden. Dat was een beetje mijn reactie, de heer de voorzitter. De voorzitter: Wethouder, dankuwel.
De heer Van Midden: Ik heb vraag van mevrouw Van Dorst, als het gaat om de gelden van de vrienden van: dat is heel iets anders. Dat is gewoon een heel apart potje. Ik zou ik graag willen verwijzen naar het jaarverslag van GNR, zoals dat gepresenteerd is een paar maanden geleden. Dan zie je precies in de staat van baten en lasten de verdeling in de verschillende inkomsten. Dit is gewoon een aparte inkomstenstroom die gewoon direct in de exploitatie van GNR toekomt en niks te maken heeft met de participantenbijdrage. De voorzitter: Helder antwoord. Toen u zo net enige mea culpa deed van, het heeft lang geduurd, dacht ik wel van: er zit nog wel gemeenteraadsverkiezingen tussen. Dus dat mag u daar wel bij optellen. De heer Van Midden: Ja. De voorzitter: Het klinkt in uw ogen misschien lang, maar aan de andere kant dacht ik van: … De heer Van Midden: Ik werd er ongeduldig van, van de discussies. De voorzitter: Dat siert u. Dan ga ik kijken of ik met uw ongeduldigheid, die u heel geduldig heeft uitgelegd, de vragen van de commissie afdoende zijn beantwoord. Dan moet ik even kijken. We zijn, ik zie wat vingers en handen omhoog gaan. Met uw instemming kijk even rond. Waar begon ik net? Maakt ook allemaal niet zo veel uit. Mijnheer Grunwald, Groen Laren. U steekt nog even uw hand omhoog. De heer Grunwald: Dankuwel voorzitter. Hoe het zo kwam dat, heeft de wethouder uitvoerig uitgelegd.
Toch is mij niet duidelijk of dit nou de beste oplossing is, als je zegt van: we konden het gewoon niet met elkaar eens worden. Dus mijn vraag zou zijn: wat is dan in uw ogen, los van de onenigheid tussen de participanten, van wat is dan eigenlijk de beste oplossing, technisch gesproken? Ten tweede vraag ik me ook af: naast de leden van de gemeente, zitten er natuurlijk ook leden van het GNR. Wat was hun standpunt eigenlijk in deze? Wat de beste oplossing zou zijn. Dankuwel voorzitter. De voorzitter: Een verduidelijkende vraag. Dan de heer De Jong van Liberaal Laren. De heer De Jong: Wethouder, heb ik het goed begrepen dat gemeente Laren nu gewoon ook de rente die ze gaat krijgen ook echt ook op die wettelijke reserve gaat toevoegen de komende jaren? Prima. De voorzitter: De vraag wordt gesteld en dan wordt zo meteen nog een keer netjes beantwoord, want knikken zien we niet in de geluidsband. De heer Van Midden: Ik kan er meteen op antwoorden, want u ziet ook dat in de berekeningen van het potje zoals ik van Huizen over krijg, zie je dat ook die rente in het potje terechtgekomen is en niet ergens anders. Dat gaan wij ook doen. De voorzitter: Mooi, dankuwel. De vraag van de heer De Jong van Liberaal Laren is in ieder geval beantwoord. De heer Koldenhof steekt zijn vinger omhoog, VVD. De heer Koldenhof: Dankuwel voorzitter.