Transcript commissie M&F 19 maart 2025
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE M&F VAN GEMEENTE LAREN d.d. 19 maart 2025
1.
Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Dames en heren ook, zou u zo vriendelijk willen zijn plaats te nemen op uw plek. Een welkom aan de collegeleden, de gemeentesecretaris, de commissieleden, de griffier, de mensen op de tribune, een aantal ambtenaren die ons vanavond ondersteunen en natuurlijk ook een welkom aan de luisteraars thuis. Welkom bij de commissievergadering M&F van 19 maart 2025. Aanwezig voor Larens Behoud zijn Thijmen Jacobse en Bas Holshuijsen. Voor de VVD Desirée Niekus en Stef Merckx. D66, Ellen van Dorst en Jim Juffermans. Van Liberaal Laren is het Evert de Jong. Groen Laren is Ben Wichers Schreur. Waar zit je? Daar. En voor het CDA Jolanda Graafsma en Jan Huug Lobregt. Vanuit het college zijn de drie wethouders er. De heer De Groot, de heer Van Midden en de heer Rood. En de gemeentesecretaris Petra Zwanikken is ook aanwezig. Afwezig de voorzitter, vandaar dat ik hier zit, Erwin van den Berg. We wensen hem beterschap. En van Democratisch Laren Ronald Spaan en van Groen Laren Andreas Grunwald. Mijn naam is Eric Hurink. En ik mag deze vergadering voorzitten. En ik mag dat, want ik vind het leuk. Graag praten via de voorzitter. Dit is in verband met de luisteraars thuis, dat ze weten wie er aan het woord is. En dan heb ik voor zo meteen ...
2.
Vaststelling van lijst adviezen en conclusies vergadering commissie M&F d.d. 12 februari 2025 De voorzitter: Laten we maar gewoon naar agendapunt 2 gaan, vaststelling van lijst adviezen en conclusies van de vergadering commissie M&F, de datum 12 februari 2025. Heeft iemand op- of aanmerkingen hierop, of vragen? Nee, dan is hij hierbij vastgesteld.
3.
Mededelingen De voorzitter: En nou kom ik bij 3 agendapunten, die vaak door elkaar heen lopen. En dat gaan we vandaag een keer proberen om dat niet te doen. Het vijfde punt is de Gemeenschappelijke Regelingen. En daar gaan we ook de Gemeenschappelijke Regelingen behandelen, zoals bijvoorbeeld de Veiligheidsregio en dergelijke. Want in agendapunt 4 kijken we naar de Regio-zaken. En in agendapunt 3 hebben we het over de mededelingen, aangaande Laren. Laten we het een beetje ruim trekken, de BEL. Heeft iemand vragen of mededelingen? De heer De Groot. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. Een beetje op de snede van deze commissie en de andere commissie. Vorige week zijn we gestart met de eerste thematafel duurzaamheid, we hadden al een thematafel economie, waar een aantal experts uit Laren en Blaricum, we doen het samen met Blaricum, ik ben blij dat de BEL mocht, voorzitter, gezamenlijk kijken naar problemen, zoals die zich voordoen in de transitie en het behalen van de doelen voor 2030 en verder naar 2050. Het was het eerste welkomst ... Een kennismaking. Maar we hebben wel een aantal boeiende dingen besproken, waarvan een er is dat door de problemen met het net het niet vanzelfsprekend is dat als je je eigen duurzaamheid optimaliseert dat je ook meteen iets doet voor het collectief. Dat was altijd natuurlijk wel zo.
Maar nu zien we dat als mensen off the grid gaan, dat ze ook niet meer meebetalen in alle kosten die gemaakt moeten worden in het net. Dat levert allemaal nieuwe puzzelstukjes en dilemma's op. Ik heb daar ook een stukje over in het Larens Journaals gemaakt. En dat betekent ook dat we met zijn allen goed moeten kijken naar hoe we dat gaan oplossen in de toekomst. En blij dat we daar goede expertise aan boord hebben, met de thematafel en met onze eigen ambtenaren, om daar naar oplossingen te zoeken. Dat is één. Tweede punt, als het mag, voorzitter? U heeft allen dit, of krijgt dit Pagina 1 van 19
nog, in de bus gekregen. Dit is de sociale kaart van Blaricum, Eemnes en Laren. En dat is een mooi boekwerk geworden, waarin alle voorzieningen die wij in Laren hebben in het voorveld, zoals dat zo mooi heet, opgesomd zijn en waar je kunt kijken in welke situatie je waar terechtkunt. Ik denk dat dat voor veel mensen een steun in de rug is om actie te ondernemen om de dingen op te pakken die goed voor ze zijn. Dat is mijn tweede mededeling, die gaat over Larense zaken. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ik kijk hier nog even verder. Beide heren niet? Iemand uit de zaal? Nee? Mevrouw Niekus. Mevrouw Niekus: Een vraag nog even stellen aan wethouder ... De voorzitter: Mevrouw Niekus. Mevrouw Niekus: Dank u wel, voorzitter. Aan de heer De Groot. Staan er ook telefoonnummers en dingen bij hoe je welke afdeling kan bereiken, in dat mooie boek? De voorzitter: 14035. De heer De Groot: Voorzitter, die staan er zeker in. Het gaat ook over alle instellingen. En we hebben natuurlijk ook het Leefstijlpunt, waar mensen terechtkunnen in het Brinkhuis of via het web en via andere bronnen. Al deze mogelijkheden zijn voorzien van allerlei informatie hoe je contact kunt leggen. 4.
Terug- en vooruitblik Regio-zaken De voorzitter: Dan komen we bij agendapunt 4, de terug- en vooruitblik van de Regio-zaken. En misschien is het leuk om een volgorde aan te houden. Gezondheid en ondersteuning, jeugd en onderwijs, en werk en participatie. Wethouder De Groot, heeft u mededelingen hierover? De heer De Groot: Het is op zich een interessante agenda, maar wel met een aantal dingen die in ontwikkeling zijn. Een van de dingen die een ontwikkeling is, maar die zeer relevant is, is suïcidepreventie. Dat is echt wel een heel lastig onderwerp. Als je kijkt naar het aantal suïcidegevallen in de Gooi en Vechtstreek, pakweg 17 per jaar. Vind ik erg veel. Dan zijn 60 procent van de gevallen niet in beeld, op welke manier dan ook, bij ons en bij andere instellingen. Dat is zorgelijk. Dat vergt ook inspanning om daaraan te werken. Verder zijn er een aantal dingen die in ontwikkeling zijn, zorgen op gezond gewicht. Obesitas neemt toe. Iets minder in deze regio. Maar op het gebied van gezondheid is er toch nog wel degelijk veel te halen en op het gebied van alcoholgebruik, dat weten we allemaal. Is hier in de regio ook wel het nodige te behalen. Beleid en ontwikkeling daarnaartoe. Maar goed, het moet natuurlijk allemaal naar uitvoering en naar werkende principes gebracht worden. En dat is een weg die nog wel enige stappen te doorlopen heeft.
Dat zijn wat mij betreft belangrijke punten. Een punt, als je daarnaar kijkt, waarvan u denkt, hoe kan dat? In tijden van bezuinigingen komen ze nog met het idee om 3 fte gedurende een jaar in te schakelen. Maar dat gaat om afbouw van maatwerkvoorzieningen. We zien toch dat we vaak nog genoopt zijn als gemeente, om wachtlijsten te voorkomen, om zelf een partij in te schakelen die niet gecontracteerd is door de regio. Dat is duur. Dat betekent ook dat je minder relevant bent voor de contractpartijen. We zijn allemaal bezig om te proberen het aantal contractpartijen terug te laten lopen. Het is nodig om daarop te intensiveren. En dat gaat op de lange termijn ook wel degelijk geld weer opleveren. Het levert geld op. Het levert betere service van je vaste leveranciers. En dat helpt ook beter om uiteindelijk afspraken te maken om die 8 lijsten te voorkomen. Want je kent de mensen, je kunt er beter afspraken mee maken, je kunt er beter controle op hebben en je
Pagina 2 van 19
kunt er beter toezicht op houden. Op alle mogelijke manieren is dit een goede investering, die zowel maatschappelijk als financieel gaat renderen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. En dank u wel, wethouder. Deze vraag had ik inderdaad willen stemmen. En dank u wel voor die informatie over die 3 fte. Ik heb begrepen, het hotel kost 175.000 voor 1 jaar. Dat zal verdeeld worden over onze 5 gemeentes. Is daar een indicatie over wat dat voor Laren zou kosten dit jaar? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder De Groot. De heer De Groot: 5 procent van dat bedrag. Zeg pakweg 9.000 euro. Mevrouw Van Dorst-Brakel: dank u wel. De voorzitter: Dan komen we aan bij agendapunt ... Mevrouw Niekus: Voorzitter, ik had mijn vinger nog even opgestoken. Mag ik nog even, voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Niekus, VVD. Mevrouw Niekus: Even aan de wethouder. Het is misschien wel specialistisch. U had het over de suïcide. Kunt u daar ook iets van zeggen, u zegt, zeventien personen is heel erg veel, over de leeftijdscategorie? Zijn het jongere mensen of oudere mensen, of is dat niet zo goed inzichtelijk op dit moment? De heer De Groot: Dat zijn voornamelijk jongeren, helaas. De voorzitter: Kijk ik nog even voor de zekerheid rond. Niemand? 5.
Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Dan komen we bij agendapunt 5, mededelingen van de portefeuillehouders met betrekking tot de Gemeenschappelijke Regelingen. Daar is hij weer, de heer De Groot. De heer De Groot: Ongelooflijk in hoeveel Gemeenschappelijke Regelingen ik zit trouwens. Wat dat betreft ... HBEL. We hebben, ik meen, twee maanden geleden het Transformatieplan voor de HBEL voor het Sociaal Domein hier op tafel gehad. Daar waren wat opmerkingen van deze commissie over. Die hadden te maken met de lengte, de complexiteit van het stuk, maar ook met de risico's, zowel op het gebied van het project zelf als financieel. Daar wordt op gereageerd, net zo goed dat er gereageerd wordt op andere opmerkingen die van andere gemeenteraden zijn gekomen. Dat betekent dat dat stuk, als het goed is, komende maand op de agenda komt te staan. Als het gaat over twee punten die hier genoemd zijn, is het sleutelwoord, denk ik, zowel voor de projectrisico's als voor de financiële risico's dat veel dingen al ontwikkeld zijn, maar dat ze heringericht moeten worden en hier en daar wat aangevuld worden, maar dat ziet u terug in de stukken. En ik hoop ook dat u dat als zodanig ervaart. En hopen we dat we dan op volle vaart vooruit kunnen gaan in de broodnodige transformatie op het sociale domein. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van Dorst, D66.
Pagina 3 van 19
Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor deze informatie. Ik wilde ook even terugkomen ... We hebben in het presidium gevraagd of wij wat informatie van het nieuwe afdelingshoofd zouden kunnen krijgen in onze commissie. Dat was niet mogelijk. We hebben haar persoonlijk gesproken en hebben inderdaad ook met haar besproken of we wat meer gegevens over Laren zouden kunnen krijgen, wat hier vaker in de commissie is gevraagd. En heb ik ook begrepen dat daar nog op teruggekomen zal worden, een dezer maanden. En zeker wat die transformatie Sociaal Domein betreft, is het heel fijn om daar nog wat meer informatie over te krijgen. Dank u wel, voorzitter. Was echt een heel mooi gesprek wat wij hebben mogen hebben met de ambtenaar. De voorzitter: De heer Holshuijsen van Larens Behoud. De heer Holshuijsen: Dank u, voorzitter. Volgens mij was het best een pittige avond en waren er wel wat meer kritische noten die hier zijn gekraakt dan een paar opmerkingen. We hebben het vorige vergadering van de commissie M&F gehad over het portefeuillehoudersoverleg. Is dat er nu geweest of niet? Dat maak ik niet helemaal uit uw woorden op. En het is me ook niet helemaal duidelijk wat er nu op ons afkomt. Want er wordt gezegd, we hebben het verwerkt en het wordt wat anders ingericht. Maar ik maak me daar best een beetje zorgen om, mijnheer de voorzitter.
Kan de wethouder dat wellicht iets verduidelijken? De voorzitter: De heer De Groot. De heer De Groot: Portefeuillehoudersoverleg is zeker geweest. En dat is ook een van de bronnen waar ik deze informatie vandaan heb. Als we kijken naar het stuk, dat stuk is herschreven en ingekort en verduidelijkt en dat soort dingen. Dat is één ding. Tweede is dat er een soort matrix gemaakt wordt van datgene wat vanuit de verschillende raden gekomen is en wat ermee gedaan is. En ik denk ook dat er een aantal specifieke dingen, die hier benoemd zijn, nog toegevoegd worden. Ik heb mevrouw Blom daar nog wat terugkoppeling op gegeven. En ik neem aan dat dat keurig verwerkt wordt en dat we dat volgende week maandag op tijd naar de griffie kunnen aanleveren, zodat dat mee kan gaan naar de commissievergadering van volgende maand. Dank u wel. De voorzitter: Kijk ik weer even rond. Nee? Dan sluiten we dit ... Jan Huug Lobregt van het CDA. De heer Lobregt: Ik had nog even, via u mijnheer de voorzitter, richting mijnheer Holshuijsen. Ik snap dat u, net als ik, toch daar een beetje wakker van ligt. Alleen ik lig de komende maand toch wakker vol verwachting en excitement van wat er nu gaat komen, want de woorden van de wethouder zijn zeer veelbelovend. Ik verwacht er nu heel veel van. Ik vind het een beetje jammer dat u er toch een beetje angstig wakker van ligt.
Maar ik heb er echt hoge verwachtingen van, als ik het zo hoor. De voorzitter: De heer Holshuijsen. De heer Holshuijsen: Mijnheer Lobregt, het is niet zo dat ik hier vol ... Mijnheer de voorzitter, dat ik hier vol spanning van wakker lig. Maar net als u wacht ik dit in blijde verwachting af, maar wel lijdzaam. Dat is zo. De heer Lobregt: Je hebt wat om naar uit te kijken.
Pagina 4 van 19
6.
Duurzaam onderhoud brandweerkazerne Laren De voorzitter: Gaan we nu naar het volgende agendapunt. Agendapunt 5, duurzaam onderhoud brandweerkazerne. Wethouder Jan van Midden wordt, daar waar nodig, ondersteund door de heer Frank van de Graaf, de vastgoedbeheerder van de BEL Combinatie. Zijn er vragen vanuit de commissie, of opmerkingen? Beginnen we bij het CDA, de heer Lobregt. De heer Lobregt: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik denk, een helder stuk. Is goed dat de brandweerkazerne verduurzaamd wordt. Wat ik niet uit het stuk kon halen, is waar we dan qua verduurzaming precies staan. Zijn we dan klaar voor de komende jaren? Want wat ik begrijp, dat er dingen die nog niet vervangen hoeven te worden, niet vervangen worden. De komende jaren kunnen we daar nog verdere kosten en verduurzaming verwachten? Wat is precies de status dan voor de brandweerkazerne en wat komt er de komende jaren nog op ons af? En wordt dat ook dan gefinancierd uit de vigerende potjes, die hier ook voor worden gebruikt? De voorzitter: Dan zag ik een vinger bij de heer De Jong van Liberaal Laren. De heer De Jong: Wij kunnen akkoord gaan met dit voorstel. De voorzitter: Dan gaat iedereen dat vertellen. De heer Merckx van de VVD. De heer Merckx: Voorzitter, dat gaan wij niet zeggen. Wij gaan iets anders zeggen.
Wij gaan zeggen dat we heel blij zijn dat met name ook er richting de Veiligheidsregio gevraagd is om een bijdrage te leveren. En fantastisch om te zien dat dat inderdaad tot een subsidie heeft geleid. En ik denk dat dat een mooi voorbeeld is, eerlijk gezegd, hoe we vaker op moeten treden als dit soort van investeringen gedaan moet worden. Heel goed te zien daarnaast dat onze brandweer, die wij enorm belangrijk vinden, dat die ook op een duurzame wijze de energie kan verminderen en dat dat heel positief is. Wij zijn voor dit voorstel. Dank je wel. De voorzitter: Ik kijk even verder. Mevrouw Van Dorst? Mijnheer Juffermans? Wie van de twee? De heer Juffermans, D66. De heer Juffermans: Dank u wel, voorzitter. Ik kan me aansluiten bij de woorden van mijn voorganger, want het is zo dat als er een tijdlang toch geen brand is geweest, dan gaan we de brandweer niet opheffen. We moeten gewoon de brandweer duurzaam laten zijn en behouden. En we zijn helemaal akkoord met dit voorstel. De voorzitter: Gaan we door naar de linkerzijde. De heer Jacobse, Larens Behoud. De heer Jacobse: Voorzitter, laten we eerlijk zijn, alles is al gezegd. Maar ik wil daar toch iets aan toevoegen. Op het moment dat het over de brandweer gaat en duurzaamheid valt, dan hecht ik er toch aan om het woord veiligheid daaraan toe te voegen.
Wij kunnen ons natuurlijk überhaupt niet permitteren om ook maar op enige wijze een risico te lopen. Als er voorgesteld wordt om iets te doen, dan moet dat gewoon gebeuren Dat is één. En twee, voor de kijkers thuis zou ik willen vragen of de wethouder het woord DUMAVA zou willen toelichten. Dan weten we allemaal waar het over gaat. Dank u wel. De voorzitter: Kijk ik nog even naar de laatste partij, de heer .... U vindt het prima? De heer Wichers Schreur van Groen Laren. Pagina 5 van 19
De heer Wichers Scheur: Dank u wel, voorzitter, voor het woord. Ik heb hier echt helemaal niets aan toe te voegen. De voorzitter: Dan heb ik twee vragen gehoord, DUMAVA en of het nog meer gaat kosten in de komende jaren? De heer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. De heer Van der Graaf zal de vragen beantwoorden. De heer Van der Graaf: Heel fijn dat ik dat even mag doen. Ik hoorde vanuit het CDA inderdaad de vraag, waar staan we zo meteen qua verduurzaming en komt er dan nog meer aan? Dat is dan niet het geval. Alle installaties die met warmte en koude te maken hebben, die zijn zo meteen gewoon aangepakt. En daarmee zijn we dan gewoon voor de komende, in ieder geval vijftien jaar, klaar. Ik hoop dat dat dan ook het antwoord is op de vraag. En aan de andere kant ... Ik ben eventjes de partij kwijt, excuus. De voorzitter: Larens Behoud. De heer Van de Graaf: Larens Behoud. Daar werd de vraag gesteld, waar staat DUMAVA voor? Excuus, ik denk dat u eerst nog mag reageren? DUMAVA staat voor duurzaam maatschappelijk vastgoed. Zo simpel is het. De voorzitter: Mevrouw Niekus van de VVD. Mevrouw Niekus: Mag dat? Dank u, voorzitter. Even, we hebben een nieuwe Brink. En vroeger kwam er nog weleens water, als er brand was, vanuit de Brink.
Hoe gaat dat nu eigenlijk straks? Waar komt het water vandaan? De brandweer weet dat niet? De voorzitter: Dit heeft niks met het onderwerp te maken, mevrouw Niekus. Mevrouw Niekus: Maar er is brandweer. De brandweer weet dat toch? De voorzitter: Maar dit gaat over duurzaamheid. Dit gaat niet over de brandweer zelf. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, we hebben het over de verduurzaming van de brandweerkazerne zelf. En waar zij het water vandaan halen, dat zit niet in het voorstel, begrijpen we. Mevrouw Niekus: Sorry, wethouder. Sorry. De voorzitter: Ik denk dat dit wel duidelijk is. Dit was het enige agendapunt wat eventueel op de raadsvergadering zou komen te staat, maar dat wordt een hamerstuk, toch? De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, staat u mij toe om toch nog even iets te zeggen? De voorzitter: Ja. De heer Van Midden: Ik wil graag een groot compliment maken aan Frank van de Graaf, naast mij, want het aanvragen van de DUMAVA-subsidie is geen sinecure en dat heeft hij toch heel mooi voor elkaar gekregen. En het terugvragen van een deel van het exploitatievoordeel van de Veiligheidsregio, dat gaat ook niet zonder discussie en is hij uitstekend in geslaagd. En daar wil ik een groot compliment voor maken.
Pagina 6 van 19
De voorzitter: Hierbij. 7.
Bespreking raadsinformatiebrief “eerste evaluatie belastingsamenwerking HBEL” De voorzitter: Dan komen we bij agendapunt 7. En dat is een vraag van de heer Merckx, naar aanleiding van de raadsinformatiebrief eerste evaluatie belastingsamenwerking met de HBEL. Mijnheer Merckx, wilt u hem toelichten? De heer Merckx: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat de vragen an sich helder genoeg zijn. Ik denk dat het heel goed is, wel als een beetje inleiding, dat er een evaluatie wordt gemaakt naar de samenwerking over de belastinginning, de belastingsamenwerking. En ik denk dat het in het algemeen goed is dat na een eerste jaar we dit allemaal tegen het licht houden. En ik denk dat de vragen een beetje richtinggevend zijn om te zorgen dat we niet alleen mooie woorden krijgen, maar wat meer objectieve feiten. En ik denk dat dat ook de gemeente kan helpen om in het overleg met de gemeente Huizen, de uitvoerder, daar verder strak afspraken mee te maken. En ik hoor graag de antwoorden verder. De voorzitter: Kijk ik eerst nog even de rest van de commissieleden langs of die ook nog wat willen zeggen. Begin ik bij de heer De Jong van Liberaal Laren. De heer De Jong: Het is een uitgebreid, mooi stuk.
Maar om echt objectief te meten hoe het gaat, had ik toch ook nog verwacht dat daar aangegeven zou worden over de afgelopen jaren hoeveel bezwaren er door inwoners gemaakt zijn in Laren en hoeveel daarvan verworpen zijn en hoeveel uiteindelijk betaald hebben moeten worden. Want dan kun je toch zien hoe de kwaliteit is en of de inwoners gewoon niet meer bezwaar hoeven te maken. Want dat is de enige meetlat waar je het tegenaan kunt houden om te zien hoe het functioneert. De voorzitter: Mevrouw Van Dorst, D66. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. De evaluatie is inderdaad, net als mijn voorganger, mijnheer de Jong zegt, eenzijdig. Wij hadden ook wat verwacht, omdat er misschien een evaluatie was naar aanleiding van een steekproef van de mensen die betalen, wat men daarvan vindt. Het woord benchmark laat ik dan vallen, misschien ook bij andere gemeentes hoe het daar loopt. Dat was eigenlijk ook mijn vraag. En een tweede vraag, heel anders, dat is, de jaarrekening, komt die op tijd voor onze aanbieding aan de provincie of heeft dat hier niks mee te maken? Die informatie miste ik. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Kijk ik nog even verder. De heer Lobregt van het CDA. De heer Lobregt: Mijnheer de voorzitter, ik was toch enigszins in verwarring. We hebben, kan ik me herinneren, ik denk een jaar geleden, zal het wel zijn geweest, een evaluatie gehad.
Of in ieder geval, toen is hier een mijnheer geweest, die heeft een hele duidelijke presentatie gegeven over de eerste resultaten. En toen waren er aanloopproblemen, noem ik het maar even. Maar im Großen Ganzen was het heel aardig gegaan. We hebben toen ook gezien dat er in Laren, maar ik zeg het nu even uit mijn hoofd, wat meer bezwaren waren dan in Huizen. Maar dat had er ook mee te maken dat de situatie in Laren wat anders is dan in Huizen. Dat hebben we toen uitgebreid besproken. Er zullen denk ik altijd bezwaren zijn. Mijn vrouw maakt standaard altijd bezwaar. Ik zeg altijd tegen haar, doe dat niet. Maar wij hebben een wat afwijkend huis, daar ligt het aan. Wat ik me wel afvroeg, in de hele governance die we eromheen hebben opgezet, dat we toch nog in ieder geval hier in Laren of in de BEL iemand hebben die dat in de gaten houdt. Dat het een extern iemand is Pagina 7 van 19
en dat het daardoor wellicht ook wat kost. Het lijkt me dat uiteindelijk alle cijfers vanuit Huizen gecontroleerd aangeleverd moeten worden. En dat de tijd die we hier dan in de BEL er nog aan besteden echt minimaal zou moeten zijn. Ik zou bijna zeggen, mijnheer Van Midden, u kunt het zelf. Ik heb u heel hoog zitten, dat weet u. Misschien kunt u daar nog wat over zeggen, over hoe dat dan qua governance uiteindelijk eruit moet komen te zien en hoe dat dan geregeld gaat worden. De voorzitter: Geef ik het woord graag aan de penningmeester van Laren, de heer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Inderdaad, zoals mijnheer Lobregt het zei, misschien kan in zijn eentje. Ik zit hier ook zonder ambtelijke ondersteuning. Dat bewijst uiteindelijk dat ik er misschien toch wel een beetje wat over kan vertellen. Ik ga eerst even in op de vragen van de heer Merckx, want die hield het net even wat algemeen, maar hij heeft zijn vragen ook wat gespecificeerd. Althans, dat heb ik naar mij toe gekregen. Ik zal de eerste ook beantwoorden en dan zal ik even op de andere vragen ingaan. De heer Merckx stelt de volgende vraag, de eerste vraag. Het evaluatierapport is opgesteld met een zestal onderdelen, waarbij er geen specifieke objectieve informatie beschikbaar is.
Waardoor de vraag rijst of er in de Gemeenschappelijke Regeling afspraken zijn gemaakt over objectieve doelen, zoals een cijfer voor inwonerstevredenheid, responstijd voor bezwaarschriften, et cetera. Tussen de gemeente Laren en Huizen is een dienstverleningsovereenkomst opgesteld. Dat is een vrij uitgebreid document, 33 pagina's. En daar beschrijven we precies de dienstverlening van Huizen in, de verplichtingen over en weer en daar staan ook de afspraken in over de servicenormen, zoals de bejegening van klachten en ook de bezwaarafhandeling. In de DVO zelf is niet een specifiek cijfer voor de inwonerstevredenheid opgenomen. Overigens is het sowieso lastig om de inwonerstevredenheid op het gebied van belastingen te peilen. Ik heb altijd geleerd dat belastingen vooral een dissatisfier is en niet een satisfier. Je krijgt nooit te horen dat je het goed gedaan hebt van je inwoners. Dan is de tweede vraag, is er een dienstverleningsovereenkomst naast de Gemeenschappelijke Regeling, waarbij er objectieve kwantiteits- en kwaliteitsafspraken zijn vastgelegd? Wat ik al zei, tussen de gemeente Laren en Huizen is de dienstverleningsovereenkomst opgesteld, waarbij onder andere afspraken zijn gemaakt over servicenormen, zoals dienstverlening, bejegening, klachten- en bezwaarafhandeling.
In het DVO, en dat is het kwalitatieve element, zijn daarnaast ook een hele reeks KPI's over de kwaliteit van de gegevens opgenomen. De derde vraag van de heer Merckx is dat in het onderdeel inwonerstevredenheid wordt gesteld dat de kwaliteit voor de belastingplichtigen omhoog is gegaan. En daarnaast wordt gesteld dat er geen signalen zijn dat de inwonerstevredenheid minder is geworden. Op basis van welke cijfers wordt deze conclusie getrokken? Wat ik al zei, is niet op basis van cijfers. En wij weten ook niet in termen van inwonerstevredenheid wat onze inwoners ervan vinden. Wat we wel zien, en dat is eigenlijk de meest objectieve waardering en dat is ook een beantwoording op de vraag die de heer Lobregt stelde, de Waarderingskamer is uiteindelijk degene die de kwaliteit van onze belastingprocessen toetst. En wij begonnen 2 jaar geleden met 2 sterren en we hebben inmiddels 3 sterren. De Waarderingskamer heeft ons voor de kwaliteit van onze processen 3 sterren gegeven. Ik zei trouwens de heer Lobregt, maar volgens mij was het de heer De Jong die daarnaar vroeg. En dat is eigenlijk de enige objectieve maatstaf waar je kijken, is uiteindelijk de kwaliteit van het proces op orde? Als u daar wat meer over wil weten, verwijs ik u naar de site van de Waarderingskamer. Gewoon Waarderingskamer.nl. En daar kunt u alles terugvinden.
En ook de gegevens over Laren en de rapporten die daarover verschenen zijn. Voor wat betreft de inwonerstevredenheid, wat ik al zei, die conclusie hebben we niet getrokken op basis van een cijfer, maar wel op basis van interviews met belastingplichtigen. En vooral de positieve reacties die wij gekregen hebben op het informele bezwaartraject. We zijn gestart met een informeel bezwaartraject, waarbij mensen gewoon konden bellen en bezwaar konden aantekenen. Bij wijze van spreken aan de telefoon vond dan de onderhandeling plaats met Huizen over eventuele aanpassing van de WOZ-waarde. En dat leidde uiteindelijk tot besluitvorming. Daar hebben we hele Pagina 8 van 19
positieve reacties op gekregen. Sterker nog, we kregen op een gegeven moment het probleem dat we zowat slachtoffer van het succes werden, omdat er heel veel informele telefoontjes waren en we ook moeite kregen om het op tijd af te handelen. Dat is voor ons de graadmeter. Dan vraagt de heer Merckx of er een bepaald getal afgesproken is waaraan de service aan de inwoners en de gemeente moet voldoen. In de DVO zijn servicenormen afgesproken. De meeste servicenormen zijn niet specifiek aan een bepaald getal gekoppeld. Die hebben vooral ook een interne werking. Wel bijvoorbeeld is concreet benoemd dat er binnen 3 werkdagen een ontvangstbevestiging wordt gestuurd bij inkomende correspondentie. En als het gaat om bezwaarmakers zijn we uiteindelijk gehouden ook aan de zesweekse termijn, die wettelijk ook is vastgesteld. En dat is ook het antwoord op vraag 4. Dan vraagt de heer Merckx of in de dienstverleningsovereenkomst een afspraak is vastgelegd over de managementrapportage over uitstaande vorderingen, voortgang van de inning, et cetera. Mijnheer Lobregt constateerde terecht ook dat wij vorig jaar, over het jaar 2024, er al een presentatie over hebben gehad vanuit Huizen, die wat mij betreft helder is Voor het gemak verwijs ik ernaar. Maar in zijn algemeenheid zijn in het kader van rechtmatigheid allerlei afspraken gemaakt over de controle en de verantwoording.
Dat is de vraag die gesteld werd. Dit behelst onder andere de tijdige, juiste en volledige rapportages met betrekking tot de controle en de verantwoording van de belastingopbrengsten van de gemeentes Blaricum en Laren. En de controlerapportages worden hierbij ondertekend door de verantwoordelijke proceseigenaren van de gemeente Huizen. En uiteindelijk vindt de accountant er ook iets van, voordat het uiteindelijk naar ons toe komt. En in zijn algemeenheid worden periodiek managementrapportages aangeleverd, met onder andere daarin de belastingcapaciteit, totale WOZbeschikkingen, het aantal formele bezwaren, met daarbij status, afgehandeld, toegekend, gehandhaafd in aantallen per belastingsoort, het aantal informele bezwaren, het aantal betaalde voorschotten door Huizen en Laren en een rapportage over de oninbaarheid en over kwijtscheldingen. Dat is een vrij uitgebreide rapportage. Dan stelt de heer Merckx tot slot de vraag, dat in de informatienota staat dat de uitvoeringskosten hoger zijn dan begroot. Wat is de overschrijding en waardoor is die veroorzaakt? Dat hebben we vorig jaar ook uitgelegd. Het heeft meerdere oorzaken, maar met name vorig jaar lag de oorzaak in de hogere bezwaar- accountants- en proceskosten. Dat was ongeveer 66.000 euro. En dat hebben we in de slotwijziging van 2024 meegenomen in december. En daar bent u ook reeds over geïnformeerd.
De heer Merckx vraagt zich ook af hoe dat komt en wat de verwachting is voor dit begrotingsjaar. Wat ik zeg, de overschrijding van de kosten zijn met name ook de proceskosten en de bezwaarkosten. Voor dit jaar hebben we op dit moment geen reden om te twijfelen of er afwijkingen zijn ten opzichte van de vastgestelde begroting. Dat zijn de vragen van de heer Merckx. Dan ga ik meteen door met de vragen die door de andere commissieleden gesteld zijn. Ik begin even met het CDA. Wat ik al zei, de heer Lobregt verwees naar hoe de presentatie vorig jaar gedaan is. En dat is meteen ook het antwoord op de vraag van Liberaal Laren. Als het gaat om hoeveel bezwaren er gemaakt zijn, het aantal afwijzingen, toewijzingen, verwijs ik naar de presentatie, want daar staat eigenlijk alles in. Wat betreft de governance, de cijfers worden door Huizen aangeleverd en gecontroleerd aangeleverd door de accountant voor onze organisatie. Wat de governance betreft, dat is nog wel aardig en er worden ook wat opmerkingen gemaakt in de evaluatie, wij zijn uiteindelijk bij de overheveling van de belastingen van Laren naar Huizen, zoals ik altijd populair zeg, op kamers gaan wonen. We zijn bij Huizen gewoon in het huis ingetrokken. Daar is ook de DVO op gebaseerd. Inmiddels zien we dat we 2 jaar verder zijn en dat er behoefte bestaat.
En dat is ook duidelijk te lezen in het evaluatierapport dat we toe gaan werken naar een evenwichtige relatie en een gelijkwaardige relatie. We gaan nu nog een keer naar die DVO kijken, die tot nu toe vooral gericht was op de overgang van Laren naar Huizen, waarbij we nu echt gaan kijken hoe we uiteindelijk die DVO zodanig kunnen inrichten dat er een gelijkwaardige relatie tussen Huizen en Laren staat. Waarbij Huizen ook zelfstandig kan aangeven welke verantwoordingsinformatie zij nodig heeft om uiteindelijk ook aan haar verplichtingen te voldoen en u goed te kunnen informeren. Het goede nieuws is ook dat we inmiddels een regisseur in vaste dienst hebben. Dat is de heer Aalt van Lagen. En Pagina 9 van 19
hij zal dan namens Laren ook de contacten met Huizen onderhouden. En dat is een van de belangrijkste dingen die ook in het evaluatierapport opgenomen was. De laatste 2 jaar is dat steeds ad hoc ingevuld met externe krachten. Dat is nu voorbij. Dan ga ik even in op de andere vragen. Liberaal Laren stelt de vraag, hoe wil je objectief meten hoe de kwaliteit gaat? Hoe het gaat? Wat ik al zei, ik verwijs naar de Waarderingskamer, die uiteindelijk ons nu 3 sterren heeft gegeven. Wat uiteindelijk betekent dat onze kwaliteit vooruitgegaan is. Uiteindelijk willen we op het niveau van Huizen gaan komen, dus 4 en zelfs 5 sterren. De voorzitter: De heer De Jong. De heer De Jong: Huizen heeft 5 sterren. De heer Van Midden: Klopt. De heer De Jong: 4 of 5, zei hij, maar het is echt 5. Wanneer zitten wij ook op 5? De heer Van Midden: Dat weet ik niet. Die ambitie is er wel. Kijk, als u gewoon even kijkt naar de uitvoering nu, dan zijn er een paar dingen waar nog aan gewerkt wordt. De kwaliteit van basisinformatie, zien we ook, en dan hebben we het over hele kleine dingetjes, dat bij de overgang toch een aantal dingen nog beter kunnen. Wat we ook zien, is dat de kwaliteit van de WOZ-taxaties ook nog beter kan. En wat ik nu met Huizen heb afgesproken, dat we in een termijn van 3 jaar, in plukken van drie ...
Van per jaar, mensen aanschrijven om uiteindelijk input te krijgen voor de bepaling van de WOZ-waarde en die kwaliteit omhoog te krijgen. Ik denk, als we dat gedaan hebben dat we al een belangrijke stap nemen. Wat Huizen constateerde in 2023, is dat als we kijken naar de bezwaren die gemaakt waren, dat die vooral ingegeven waren door achterstallig onderhoud van de woningen in Laren. Vandaar dat Huizen zegt, laten we ook zelf daar actief in worden. Gewoon de mensen aanschrijven de komende 3 jaar, in plukken. Waarin ze kunnen aangeven wat er uiteindelijk mogelijke achterstand van onderhoud is en uiteindelijk de WOZ-waarde zou kunnen zijn. Ik hoop dat dat uiteindelijk bijdraagt aan die 5 sterren. D66 geeft aan dat het een eenzijdige evaluatie is, naar aanleiding van een steekproef. De enige steekproef die we gedaan hebben, is bij belastingplichtigen als het gaat om de kwaliteit van het informele proces. En de echte objectieve bepaling of beoordeling van de kwaliteit van onze processen is van de Waarderingskamer, zoals ik al aangaf. En of de jaarrekening op tijd is voor de provincie, dat heeft hier eigenlijk niet zoveel mee te maken, maar vooralsnog zitten we on track met de jaarrekening. Ik verwacht dat die in juli ook op tijd zal verschijnen. Volgens mij heb ik daarmee alle vragen beantwoord, mijnheer de voorzitter.
Ik hoor graag of er misschien nog aanvullende vragen zijn of dat ik nog wat dingen vergeten ben. De voorzitter: Ik zie al vingers. De heer Lobregt, CDA. De heer Lobregt: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Even naar aanleiding van. Supertof verhaal, toch? De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, dank u wel. De heer Lobregt: Alleen leidt dat supertoffe verhaal toch ook weer tot een aantal vragen. Want als u me vertelt dat er dan informeel onderhandeld wordt over een WOZ-waarde, dan krijg ik de schrik om mijn hart, omdat ik dan denk, hoe is dat ingeregeld en hoe zorgen we ervoor dat iedereen op een gelijke manier behandeld wordt en hoe leggen we dat vast? Tenminste, ik ga er dan vanuit dat al die gesprekken vastgelegd worden. En wie controleert dat dat dan op een gelijk speelveld gaat? Daar hoor ik dan graag nog een antwoord op. Vervolgens geeft u aan dat er nu, en dat is goed nieuws, een regisseur is die vast in dienst is. Maar ik ga er toch vanuit dat dat niet een fulltime equivalent is en dat die maar een deel van zijn tijd of een Pagina 10 van 19
klein deel van zijn tijd daar dan aan besteed. Want ik hoor ook nog graag dan even hoeveel tijd zo iemand daar dan mee kwijt is. Want als dat een fulltime iemand is die dat doet, dat lijkt me toch behoorlijk veel tijd om Huizen dan in de gaten te houden. De voorzitter: Voordat u antwoord geeft, gaan we eerst even naar de heer Merckx van de VVD. De heer Merckx: Dank u wel, voorzitter. En dank aan de heer Van Midden voor het beantwoorden van deze vragen. Kijk, er is hieruit naar voren gekomen dat de dienstverleningsovereenkomst is een belangrijk document voor de sturing tussen Laren en Huizen en ook voor een van de belangrijkste inkomstenbronnen voor de gemeente. En daarmee is ook het evaluatierapport een belangrijk instrument voor de raad om de controle uit te kunnen oefenen. En nou is het hartstikke mooi dat er in die DVO allerlei KPI's staan, maar in het evaluatierapport staat helemaal niets. Ik zou eigenlijk willen streven naar een uitbreiding van het evaluatierapport. En het verwijzen naar een presentatie die in het verleden ooit gegeven is, is dan een beetje mager, om het zo maar te zeggen. Ik denk, het feit dat het aantal formele bezwaren, de hoeveelheid die is toegewezen, is afgewezen, et cetera, dat is allemaal informatie die u heeft. U krijgt heel veel managementrapportages.
En ik denk dat het voor de raad niet meer dan goed is om daar één keer per jaar, zoals dat hier voor ons ligt, daarin meegenomen te worden door de wethouder. Ik denk dat er even een opzet moet worden gemaakt van alle informatie die beschikbaar is. Het gaat hier over een van onze belangrijkste inkomstenbronnen. En inderdaad, mooier kunnen we het niet maken, makkelijker misschien wel. Ik zou dat maar even mee willen geven aan de wethouder. Dank je wel, voorzitter. De voorzitter: Dan heeft de heer Holshuijsen van Larens Behoud ook nog een aantal vragen. De heer Holshuijsen: Dank u, voorzitter. Ik heb meer een opmerking die aansluit bij de vraag van mijnheer De Jong. Want uiteindelijk vind ik wel dat uit bezwaarschriften kun je natuurlijk hele harde objectieve data halen. Een bezwaar is gegrond of het is niet gegrond. Daar oordeelt een rechter over. En dat zegt iets over de kwaliteit. Want als het merendeel van de bezwaarschriften ongegrond zijn, dan heeft de gemeente haar werk in al die gevallen in elk geval goed gedaan. Ik hecht daar toch wel even aan om dat nog te benadrukken. Dank u, voorzitter. De voorzitter: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Even ingaand op de opmerking van de heer Lobregt.
Wellicht dat ik het wat te populair beschreef hoe het informele proces in elkaar zit, maar het is beslist geen proces van handjeklap waar geheel vrijblijvend een waarde vastgesteld wordt. Uiteindelijk wordt het wel getoetst natuurlijk aan allerlei normen en wordt formeel de WOZ-waarde vastgesteld en ook schriftelijk bevestigd aan de belastingplichtige. Voor wat betreft de tijdsbesteding Van Aalt, ik weet niet precies hoe hij zijn tijd besteedt, maar hij werkt voor drie gemeentes, waarvan er twee in Huizen de belastingdienst hebben uitbesteed en één in Baarn. En ik schat in dat dat toch een redelijk behoorlijk deel van zijn tijd vergt. Wat betreft de vragen van de heer Merckx, die aangeeft dat de belastingrapportage een sturingsinstrument is en daar controle moet uitoefenen. En u wil een uitbreiding van het evaluatierapport. Ik kan er heel kort over zijn, het evaluatierapport is zoals het is. Dat is vooral een kwalitatief evaluatierapport. Als het gaat om de rekening, verantwoording en de rol van de raad erin als het gaat om controlerend orgaan, dan zou ik graag willen verwijzen naar de jaarrekening, want er zit natuurlijk uitgebreid onze inkomensverantwoording, dus ook de belastingopbrengst. De heer Merckx wil ook een opzet maken van alle informatie die beschikbaar is. Ik zal heel eerlijk zeggen, mijnheer de voorzitter, dat ga ik niet doen.
Ik verwijs naar alle informatie die al verstrekt is. En dat is de presentatie, zoals vorig jaar gehouden is. Als wij ook een nieuwe rapportage binnenkrijgen over het Pagina 11 van 19
laatste kwartaal van 2024, want ik weet niet of we die al gezien hebben, dan sturen we die ook door. Ik verwijs ook naar de DVO, die al eerder verstrekt is aan de raad. In die zin is alle informatie beschikbaar. En het lijkt me weinig zinvol om daar nu aparte inspanningen, een aparte set van informatie aan te gaan leveren. De heer Merckx: Voorzitter. De voorzitter: De heer Merckx, gaan we een derde termijn in? Doe nog maar een vraag stellen dan. De heer Merckx: We hebben toch niks te doen. Maar voorzitter, ik ben het hier niet mee eens met de heer Van Midden, want als we een evaluatierapport uitsturen, dan kunnen we net zo goed een klein mailtje sturen, mijne heren, het gaat allemaal goed, dank u wel en tot ziens. Het is of we hebben het ergens over of het is gewoon een berichtje van dank u wel en tot ziens en slaapt u rustig verder. En dat er vorig jaar een presentatie is geweest, wil niet zeggen dat er dit jaar een presentatie is. Dit klopt niet helemaal in mijn opzicht. We moeten een normale, fatsoenlijke objectieve evaluatie hebben over wat er gebeurt met de belastinguitvoering of u stuurt maar gewoon een mailtje, het gaat allemaal goed, slaapt u rustig verder. De voorzitter: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, ik herhaal wat ik net gezegd heb. Ik ga niet aanvullende informatiesets maken.
Bij de vaststelling van de jaarrekening vindt echt de rekeningverantwoording plaats als het gaat om de belastingopbrengsten. Het enige wat ik toe wil zeggen aan de heer Merckx, bij wijze van service, is dat ik hem de DVO toestuur en de presentatie, zoals hij vorig jaar gehouden is door Huizen. En wat ik al zei, op het moment dat ik een nieuwe rapportage, een recente rapportage heb, dan zal die uiteraard ook ter informatie naar de commissie of naar de raad gaan. De voorzitter: Dank u wel. De heer Lobregt: Ik heb nog een korte aanvullende vraag. De voorzitter: Kijk me eens aan. Vooruit. De heer Lobregt: Het is heel kort. Kan die mijnheer van Huizen niet gewoon jaarlijks hier een presentatie komen geven over wat de stand van zaken is, zoals hij dat vorig jaar ook heeft gedaan? De voorzitter: De heer Van Midden. De heer Van Midden: Mijnheer de voorzitter, we merkten het wel. We zitten nu in het eerste kwartaal van 2025. Het lijkt mij misschien wel binnenkort een moment om dat te doen. En daar zal ik willen voorstellen dat misschien ons nieuwe regisseur dat verhaal zal houden vanuit zijn nieuwe rol, op basis van de recente informatie die hij dan heeft. Ik vind het een hele goede suggestie van de heer Lobregt. De voorzitter: Kan ik dat zien als een toezegging? De heer Van Midden: Ja. De voorzitter: Dan is hij hierbij genoteerd.
Pagina 12 van 19
8.
Bespreking raadsinformatiebrief “Bibliotheek Gooi+ Samenwerkingsovereenkomst 2025-2028” De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende punt. En dat is nog een raadsinformatiebrief, die op de agenda is komen te staan. En dat gaat over de Bibliotheek Gooi+ Samenwerkingsovereenkomst 2025-2028. Dat is de portefeuille van de heer Rood. En die wordt ondersteund door Pauline Geskes. En dat is een beleidsmedewerker maatschappelijke ontwikkeling BEL Combinatie. Dit is op de agenda gezet door mevrouw Niekus van de VVD. Als eerste geven we het woord aan mevrouw Niekus. Mevrouw Niekus: Top. Dank u wel, voorzitter. Twee weken geleden hebben we een informatiebijeenkomst gehad van de bibliotheek. En dat was een mooie informatiebijeenkomst. We hebben daar met een aantal mensen vanuit de commissie en raad gezeten. En daar kwamen mij toch wat vragen naar boven. En die vragen stel ik nu in deze commissie. Is het de bedoeling dat ik dat eerste stukje voorlees ook helemaal? Naar aanleiding van de nieuwe samenwerkingsovereenkomst van de Bibliotheek Gooi+ ’25-‘28 heeft de VVD vragen over de verduidelijking van de financiële stromen binnen de regio en in samenwerking met het Brinkhuis. Laren heeft de kleinste bibliotheek, die al eens een landelijke prijs heeft gewonnen. Deze bibliotheek is een dependance van de grote bibliotheek in Huizen.
Na de grote brand van onze eigen bibliotheek is er een constructie opgezet, midden in het dorp, met het cultuurhuis, of nu het Brinkhuis. Een volwaardige bibliotheek was niet meer uit te voeren in dit kleine dorp en is dit nu zo opgezet. Blaricum heeft geen bibliotheek. Inwoners maken gebruik van de bibliotheek in Huizen en in Laren. Even kijken, wat staat daar? In Laren heeft binnen de raad de vraag gespeeld of de bibliotheek voor dit kleine dorp nog wel uit te voeren was. Er was toen sprake van om alleen eventueel een kinderhoek aan te houden. En dat is nu eigenlijk helemaal weer van de kaart. Nu is er een overeenkomst getekend tot 2028, zonder de raad hiervan van tevoren in te lichten. Wij hebben dan ook onze vragen. 1, tijdens de presentatie was de overeenkomst al getekend. In de wandelgangen hoorde ik dat er 1 miljoen bij moet. Mijn vraag is dan, hoe zit dat? Of is dit misschien broodje aap? Vraag 2, Blaricum heeft meegetekend, heeft geen bibliotheek, maar wel 4 scholen die zelf een bibliotheekproject doen. In Laren is dat 1 school. Kosten daarvan zijn 15.000 euro. En daarnaast 7.000 euro per jaar. Dat is vanuit de school zelf. Dat is niet wat de gemeente betaalt, heb ik begrepen.
Kan de wethouder dit toelichten? Indien de gemeente Laren zou besluiten geen bibliotheek meer te kunnen bekostigen, dan staat er nu in de overeenkomst dat er frictiekosten doorberekend moeten worden. Wat zal dat betekenen voor Laren? Gemeenten krijgen in 2026 een zorgplicht voor de toekomstgerichte bibliotheekvoorzieningen. Ze moeten de aanwezigheid van en de toegang tot de bibliotheek wettelijk verankeren. A, wat zijn daarvan de consequenties voor de gemeente Laren en welke rol heeft de gemeente Blaricum, die op dit moment geen bibliotheek heeft? De gemeente Eemnes die onder de BEL gemeenten valt, heeft wel een enorme bibliotheek. Zijn jullie vast allemaal weleens een keer geweest. Is Blaricum dan ook verplicht een bibliotheek te openen met deze wettelijke verplichting? De bibliotheek, de dependance in Laren, krijgt vanuit de gemeente Laren subsidie en is gevestigd in het Brinkhuis, die ook subsidie ontvangt. Hoe lopen deze geldstromen tussen deze subsidiënten? En dan nog de laatste vraag. Als de gemeente Wijdemeren opgaat in de gemeente Hilversum, worden dan de kosten over de gemeenten gedeeld, waardoor de hogere kosten komen bij de gemeenten, en wat dat dan weer voor Laren betekent? Ik wacht uw antwoorden af. Alvast dank, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Niekus.
Kijk ik rond of er iemand anders hier nog vragen over heeft? De heer De Jong beginnen we mee, van Liberaal Laren. De heer De Jong: Zoals ik het nu altijd uit de jaarrekening begrijp, betalen wij onze eigen bibliotheek. En in dit stuk lees ik dat wij een bedrag per inwoner voor de totale bibliotheek van het hele Gooi, exclusief Hilversum, moeten gaan betalen. Mijn vraag is dan, dan krijg je twee stromen door elkaar heen. Is het niet beter, omdat Pagina 13 van 19
alle inwoners in het Gooi gebruikmaken van de bibliotheek, of dat in ieder geval kunnen doen, dat een bedrag per inwoner gaat gelden voor alle inwoners in het Gooi en dat wij niet meer een apart bedrag voor onze eigen bibliotheek betalen. Tegenwoordig zijn er ook heel veel mensen die bestellen boeken via internet en komen helemaal niet in de bibliotheek. En de bibliotheek heeft ook allerlei andere zaken die daar plaatsvinden. Ik denk dat het veel eerlijker is om af te stappen van de huidige systematiek en over te gaan op een bedrag per inwoner of per huishouden, om op die manier alle bibliotheken in het Gooi te bekostigen. Hoe denkt u hierover? De voorzitter: Naast u zit mevrouw Graafsma van het CDA. Die wil ook graag het woord. Mevrouw Graafsma: Dank u wel, voorzitter. Bij het lezen van het stuk was ik een beetje verbaasd, ook over de positieve toon over de financiën voor de aankomende jaren, omdat je eigenlijk alleen maar hoort hoe slecht het wordt met betrekking tot de bibliotheken. En ik was ook heel erg verbaasd over het plan om mensen tot 27 jaar boetevrij te laten lenen. Dan denk ik, waar blijft het stukje opvoeding in verantwoordelijkheidsgevoel, et cetera. Iemand van 18 jaar zou toch al moeten weten en leren dat hij op tijd zijn boeken naar de bibliotheek brengt. Verlengen, et cetera kan tegenwoordig ook al digitaal.
Waarom zou dat nu boetevrij moeten zijn? En ik vind de leeftijd gratis tot 25 jaar ook wel erg lang. Ik denk dat tot 25 jaar, zo tussen de 18 en de 25, de meeste jonge mensen wel iets van bijverdiensten of wat ook kunnen genereren. En helemaal gratis verbaas ik me eigenlijk over. Dat zou misschien een verlaagd tarief kunnen zijn, of iets anders. Zeker omdat je alleen maar hoort dat het financieel allemaal moeilijk is rond te breien met de bibliotheken. Dat waren mijn vragen. De voorzitter: Dan kijk ik naar wethouder Rood. Of ik kijk naar mevrouw Geskes. Naar wie kijk ik? Wethouder Rood. De heer Rood: Dank u, voorzitter. Wij hebben dit uitgebreid voorbereid. Ik denk dat ik prima het woord kan voeren. Mocht ik nog iets laten liggen, dan horen we dat vanzelf. En dan kan Pauline Geskes misschien nog wat toelichten. Maar ik wil beginnen uiteraard bij de inbreng van de VVD. De aanleiding van de vraag is ook dat er een samenwerkingsovereenkomst is getekend, zonder de raad in te lichten. Maar er is niet sprake van iets geheel nieuws, want er was allang een ongeveer gelijkluidende samenwerkingsovereenkomst. Alleen stond daarop, tot en met 2024. En het is natuurlijk wel goed dat we een actueel bijgewerkte samenwerkingsovereenkomst hebben tussen de deelnemende gemeenten, die samen eigenlijk opdrachtgever moeten vormen naar 1 bibliotheekorganisatie.
En verreweg het meeste wat de afspraken met de bibliotheek betreft wordt geregeld in de subsidiebeschikkingen. En daarin heeft elke gemeente echt best wel wat ruimte om zaken wel te doen, niet te doen, het zo in te richten dat het past bij wat men wil. En ook bij de kenmerken die in zo'n gemeente gelden. Laren is 1 gemeente, 1 kern eigenlijk. Maar dat is natuurlijk niet overal zo. Dat kun je allemaal in de subsidiebeschikking regelen. Alleen er zijn ook een aantal dingen waarvan het bij de fusie tussen de bibliotheek Huizen, Laren en de bibliotheek, dat heette toen anders, maar Eemnes, Wijdemeren, Weesp, Hilversum. Nee, zonder Hilversum. Gooise Meren. Die fusie, toen is deze eerste versie eigenlijk van deze samenwerkingsovereenkomst gemaakt. En dit is een update. Er is niet heel veel veranderd. Wel iets over de autonome kosten, want er stond iets over indexatie. En de gemeente Huizen vond daar iets van. Het werd allemaal heel technisch. En toen hebben we gewoon gezegd, als de kosten stijgen door nieuwe cao's en dergelijke, dan moet de bibliotheek toch in staat zijn om dezelfde prestatie te kunnen blijven leveren. En zo is dat nu verwoord. Eigenlijk niet heel spannend. Maar het ging over percentages en het werd een ingewikkelde discussie. Dit is veel praktischer.
En een ander punt waar eigenlijk niet veel in is veranderd, maar waar wel even over werd gediscussieerd, dat betreft die frictiekosten. Ik kom daar bij uw vraag ook nog even op terug. Maar dat was even actueel natuurlijk, omdat Wijdemeren als gemeente binnen afzienbare tijd ophoudt te Pagina 14 van 19
bestaan. En het niet denkbeeldig is dat Hilversum na enige jaren begint te denken, waarom hebben we eigenlijk te maken met 2 bibliotheekorganisaties? Daar is op zich niks tegen. Dat mag. Dat kan. Maar het is ook niet heel handig. Het zou kunnen dat dan de vestigingen in voorheen de gemeente Wijdemeren niet meer een deel zouden uitmaken. En is er met aandacht gekeken naar de frictiebepalingen. Maar die zijn eigenlijk niet heel erg veranderd. Misschien hier en daar een verduidelijking, maar volgens mij niet. Dan zijn er genummerde vragen. En ik zal die nummering aanhouden en u van antwoorden proberen te voorzien. U hoorde in de wandelgangen dat er 1 miljoen bij moet. En hoe zit dit? In de overeenkomst zelf staan natuurlijk geen bedragen. Dat is meer, wat ik al zei, een afspraak tussen gemeenten hoe we omgaan met de bibliotheek. En het meeste wordt geregeld in die subsidiebeschikkingen. Of is dit een broodje aap? Het zou eigenlijk kunnen dat er gesproken is in die wandelgangen, ik heb dat zelf niet gehoord, maar u wel, over extra inkomsten van de gemeenten die van het Rijk komen naar de gemeenten toe om de zorgplicht voor bibliotheken uit te kunnen voeren. Dat is eigenlijk in het voordeel van kleinere gemeenten, want het is een bedrag per inwoner, met een onderkant. En ik heb dat even na zitten rekenen. Je komt voor de gemeenten die nu bij Gooi+ horen exact op een miljoen uit.
We zouden kunnen speculeren dat daar dat over ging. Heeft dat financiële consequenties? Nee, want zowel de inkomsten als de uitgaven nemen eigenlijk dan toe. En er zijn ook meer taken voor de bibliotheek bijgekomen, zoals recent dat wekelijkse spreekuur, waarin inwoners zich kunnen laten helpen met digitaal contact met overheidsinstanties. In elke gemeente moet daar een spreekuur voor zijn. En dat staat gewoon nu in de wet. En dit keer levert het Rijk er eigenlijk keurig geld bij. En dat doen ze weleens niet, maar in dit geval verdienen ze een compliment. Dan de tweede vraag. Blaricum heeft meegetekend. En dat is inderdaad, die hebben geen bibliotheek. Er zijn wel op 4 scholen, stelt u in uw vraag, een bibliotheek op school. De kosten daarvan zijn opstart 15.000. Dat stelt u ook, en dat is terecht. En 7.000 per jaar. En kan ik hierin iets op toelichten? In uw vraag zei u, en dat werd ook op die avond verteld, dat in Laren 1 school daaraan meedoet. Maar volgens ons is er in Laren eigenlijk geen bibliotheekproject op school wat gesteund wordt. Hoe dat in die informatie is geslopen, dat weet ik niet. Maar volgens ons is het in Laren niet aan de hand. Dat is ook eigenlijk vrij logisch, want kinderen op school kunnen vrij gemakkelijk natuurlijk naar de bibliotheek hier in het centrum komen. In Blaricum doen er wel die 4 scholen mee, of 3 staat hier.
En dat kost natuurlijk inderdaad geld, maar ook dat geld komt uit het Rijk. De opstartkosten, de 7.000 per jaar, zijn voor rekening van de scholen. Daar kost het de gemeente eigenlijk geen geld. En dat betekent dat wat Blaricum begroot voor bibliotheekwerk eigenlijk ten goede komt aan Gooi+. En alle bibliotheken helpen om in Laren, maar ook elders, Huizen bijvoorbeeld, Eemnes, goed bibliotheekwerk te kunnen vormgeven. Zij betalen wel mee, hebben geen vestiging. Dan is uw derde vraag, indien de gemeente Laren zou besluiten om geen bibliotheek meer te bekostigen, dan moeten er frictiekosten doorberekend worden. En wat betekent dat voor Laren? Wij zijn eigenlijk verplicht om een bibliotheekvoorziening aan te bieden. En dat zou natuurlijk in theorie ook kunnen met een andere bibliotheekorganisatie of in een andere vorm dan met Gooi+. Dan zouden we die frictiekosten moeten betalen. En dat is geregeld in de overeenkomst. Staat in artikel 12 lid 2 en lid 6. Maar dat stond eigenlijk ook in de vorige al. Daar is niets nieuws aan. En er is eigenlijk geen enkele reden denk ik zo, ik neem eigenlijk aan dat veel raadsleden dat met me eens zijn, om te gaan nadenken over een andere bibliotheekorganisatie dan Gooi+. Dan is de vierde vraag, gemeenten krijgen in 2026 een zorgplicht voor toekomstgerichte bibliotheekvoorzieningen.
Zij moeten de aanwezigheid van en de toegang tot de bibliotheek wettelijk verankeren. Dat klopt. Daar komen ook middelen bij. In feite hebben we die middelen dit jaar al, maar dat heeft u nog niet in de begroting kunnen zien staan. Dat zal een wijziging moeten worden. En wat zijn de consequenties voor Laren? Welke rol heeft de gemeente Blaricum, omdat die geen bibliotheek heeft? Eigenlijk is voor Laren de consequentie dat de bibliotheek die we hebben in deze vorm in stand moeten houden of er iets anders op verzinnen, maar we moeten wel iets doen. Blaricum heeft geen vestiging, maar doordat zij meebetalen en de afstanden naar de omliggende bibliotheken gering zijn, kunnen ze aantonen wel te voldoen. Dat zou echt anders zijn als ze dat geld in hun zak zouden steken wat uit de Rijk komt en niet Pagina 15 van 19
meebetalen aan Gooi+, bijvoorbeeld. Hun onderbouwing is het feit dat ze meebetalen en dat het ook echt dichtbij is. Is Blaricum dan ook verplicht een bibliotheek te openen met deze nieuwe wettelijke verplichting? Nee, eigenlijk is de verwachting dat dat niet hoeft. Uiteraard ga ik daar vanuit Laren niet over, maar Pauline doet wel de ondersteuning voor beide dorpen uiteraard. Dan de vijfde vraag. Hoe lopen de geldstromen tussen de bibliotheek en het Brinkhuis, en dat is interessant, en natuurlijk de gemeente? Brinkhuis ontvangt inderdaad ook subsidie. De bibliotheek ontvangt subsidie van Laren. Dat is ongeveer 2,5 ton per jaar. In 2025 iets gestegen naar 278.000. Maar betaalt huur aan het Brinkhuis. En wij subsidiëren het Brinkhuis dan ook nog. Brinkhuis heeft ook andere inkomsten, zoals deze huurpenningen, zaalverhuur, horeca, et cetera. En de huur die de bibliotheek betaalt, was over ‘24 119.488. Dat is vergeleken met andere dorpen een vrij groot deel. Het is een dure vestiging om daar te zitten. Maar de voordelen zijn dat het er druk is, dat er veel wordt geleend en dat zij op een gemakkelijke manier ook deelname krijgen aan hun activiteiten. Dat is goed nieuws voor de heer ‘Monis’. Dan de zesde vraag.
Als de gemeente Wijdemeren opgaat in de gemeente Hilversum, worden dan de kosten over minder gemeenten verdeeld, waardoor er hogere kosten zouden overblijven per gemeente? Er zijn geen automatismen. Ten eerste is er meer tijd dan het misschien ogenschijnlijk lijkt, want op de fusiedatum van Hilversum en Wijdemeren hoeft er niet meteen direct wat te veranderen. En ze hebben dan allerlei van die ingroeitrajecten te lopen. Dat is een heel gedoe. Maar daar nemen ze wel de tijd voor. En als het moment daar is dat ze met de vestiging in Loosdrecht, en er is er nog 1, eruit willen stappen, dan gaat dat frictiekostenverhaal in werking. Het eerste jaar doen ze mee, betalen ze mee. En het tweede jaar betalen ze 66 procent. Derde jaar 33 procent. In die tijd moet de bibliotheekorganisatie wennen aan de nieuwe omvang en de kosten daarop aanpassen. Het scheelt natuurlijk ook mensen en huur, et cetera. En dat is met Weesp ook precies zo verlopen. En dan hebben ze een kleinere organisatie over. Maar het is natuurlijk ook wel een voor de hand liggende gedachte, maar ik loop daar niet op iets vooruit of zo, dat je zou kunnen kijken, als Hilversum met 2 bibliotheekorganisaties zit, en 1 ervan heet Gooi+, moet daar niet nog een plusje bij? Maar dat moeten we allemaal nog afwachten. Dat was de vraag, zoals ik die voor de vergadering op papier had en ook heb kunnen voorbereiden.
Dan gaan we nu over op het onderdeeltje improviseren. De heer De Jong van Liberaal Laren vroeg, lopen er niet 2 stromen door elkaar heen? Er lopen eigenlijk 2 discussies over elkaar heen. Voor de extra taken die uit de zorgplicht voortkomen, is er een bekostiging per gemeente, die gebaseerd is op een bedrag per inwoner van 2,93, uit mijn hoofd. En dat is nu voor de komende 2 jaar in de circulaire vastgesteld, maar daarna is toegezegd, maar nog niet hard op papier gezet, dat dat structureel wordt. Dan krijgen we in de algemene uitkering geld om die zorgplicht in te kunnen vullen. En dat is een bedrag per inwoner. Maar dat is veel te weinig voor het hele bibliotheekwerk. Wij doen nog veel meer. En wat we daaraan doen en hoeveel geld we daaraan uitgeven, dat is eigenlijk gewoon aan de gemeenteraad, op voorstel natuurlijk meestal van het college, om daar besluitvorming over te hebben. Net zoals we nadenken over, hoeveel subsidiëren we De Biezem, Singer of Brinkhuis, moeten we dat ook doen over, hoeveel subsidiëren we de bibliotheek? En ik denk dat het juist goed is dat gemeenten daar zelf keuzevrijheid in blijven houden. En dat is voor de bibliotheek wat lastiger, want die hadden inderdaad liever uw suggestie, geef ons een vast bedrag per inwoner, dan gaan wij wel dat netjes verdelen over de kernen.
Maar raden zijn meestal toch wel de mening toegedaan dat ze zelf willen bepalen hoe bepaalde geldstromen lopen. En tot nu toe loopt dat nu zoals ik net geschetst heb. Dan had het CDA zich nog verbaasd over de positieve toon. Dat is een toon. Dat is ook niet meer dan dat. Ik ben het met u eens dat dat in een positieve toon gesteld is, laat ik het zo uitdrukken. Die 2 mogelijke inkomsten, die eigenlijk niet gerealiseerd worden, het boetevrij inleveren en tot en met 27 gratis lidmaatschap, dat zijn wel maatregelen die zich in de praktijk goed bewezen hebben en die goed en positief doorwerken op het ledenaantal. Als ik het over die laatste heb en eigenlijk die eerste ook, want er zijn veel ouders die elk dubbeltje om moeten keren die toch denken, maar die kleine van mij brengt dat nooit terug. Dus ik zeg dat maar op. En dat zijn met name ook wel gezinnen waarbinnen we ons toch wel wat zorgen zouden kunnen maken, in niet alle gevallen, over dreigende taal en leesachterstanden, et cetera. Dat is de Pagina 16 van 19