Transcript 31 mei 2023 Gemeente Laren Gemeenteraad
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE LAREN d.d. 31 mei 2023
1.
Opening en vaststelling agenda De voorzitter: Dames en heren, het is woensdag 31 mei, de vergadering van de gemeenteraad van Laren is geopend. Wij hebben, het is de een na laatste of de twee na laatste raad van dit jaar hè? Ja, we hebben eind juni nog een vergadering en in juli maar het is wel de eerste vergadering van de zomer mogen we dan wel vinden met elkaar. En we hebben een mooie overzichtelijke agenda en gaan vandaag ook voor het eerst werken met een vragenhalfuur als experiment, wat door u mogelijk is gemaakt en gelukkig zijn er ook mooie sets vragen ingediend. Wij hebben een viertal vragen ontvangen van Groen Laren, van D66 en van Larens Behoud. Voorts hebben wij nog een amendement ontvangen van D66 bij agendapunt 17, de zienswijze op de voortgangsnota van de Metropoolregio Amsterdam. En met deze toevoegingen kunt u zich dan vinden in de agenda? Is dat het geval? Ik kijk rond, dat is het geval.
2.
Mededelingen De voorzitter: Dan kom ik bij agendapunt 2, de mededelingen. Ik kijk eerst naar de zijde van de gemeenteraad. Zijn er mededelingen vanuit de gemeenteraad? Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik wilde meedelen dat de raadtafel maandag weer bijeenkomt, de raadtafel MRA. Maar het leuk is dat ze nu in het Brinkhuis komen om elf uur en ook door Leon Schouten een rondleiding krijgen in het Brinkhuis en ik hun kan laten zien waar het college straks plaatsvindt. Dat wilde ik even meedelen. De voorzitter: Dan hebben zij een primeur want dat hebben we zelf nog niet eens gezien. Nou, toch ook weer mooi hoe wij de Metropoolregio zo'n transparant inzicht geven in ons dorp. Andere mededelingen nog? Nee? Ik kijk nog even naar het college. Nee, ook niet het geval. Frits. O, sorry, Frits, wethouder Westerkamp. De heer Westerkamp: Ja, een hele korte mededeling. Morgenochtend zullen wij als de gemeente Laren, Gooise Meren, Hilversum de koopovereenkomst ondertekenen met BPD voor wat betreft ontwikkeling van het Kazernekwartier van Crailo. De voorzitter: Hartstikke goed. Dank voor deze mededeling.
3.
Vragenhalfuurtje De voorzitter: Dan komen we bij het vragenhalfuur. Wij hebben met elkaar afgesproken dat we een agendapunt toevoegen waarin breed met elkaar vragen besproken kunnen worden. Terwijl alle soorten vragen die gisteren zijn ingediend zodat het college zich kan voorbereiden. Maar we moeten dit natuurlijk wel goed met elkaar doen dus zoals we met elkaar in het presidium hebben afgesproken, de fractie die de vraag heeft gesteld kan de vraag hier ook nogmaals stellen zodat wij er ook met zijn allen kennis van kunnen nemen. Het college kan antwoorden. U kunt nog een vervolgvraag stellen mocht het antwoord van het college niet duidelijk zijn, dan kan het college nog een keer reageren. En als u dan toch niet tevreden bent met het antwoord kunt u morgen via het presidium het thema agenderen voor de eerstvolgende commissievergadering zodat u er met elkaar over in discussie kan. Het is dus niet de bedoeling dat er nu een
discussie over plaatsvindt. Dan geef ik voor de eerste vragen het woord aan de fractie van Larens Behoud met als onderwerp de teruggave van de ingezetenenbelasting aan mensen die Oekraïners hebben opgevangen. Aan wie kan ik het woord geven? Dat is de heer Loeff, gaat uw gang. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. Nou, even oefenen met een nieuw vragenrondje. We hadden wat lange vragen gesteld maar ik ga het proberen in gewone mensentaal te zeggen. Ons is ter ore gekomen dat mensen die in Laren Oekraïners hebben opgevangen persoonlijk in hun eigen woning of daarnaast, een belastingaanslag kregen voor ingezetenenbelasting die vermeerderd was met de Oekraïners, inclusief de belastingen voor afvalstoffenheffing et cetera. Nou, dat was natuurlijk even schrikken want dat was niet aangekondigd. Vervolgens is daarover gebeld en is via de BEL-combinatie gezegd, ja, u kunt dat terugkrijgen maar dan moet u de procedure bezwaar beroep et cetera doorlopen. En wij vinden dat eigenlijk heel vreemd omdat aan de andere kant er via grote bedrijven allerlei sluizen opengaan waarbij grote bedragen zou worden uitgekeerd. En hier mensen, burgers, inwoners van Laren die iets goeds doen op een hele lastige manier moeten proberen om het geld wat zij hebben betaald weer terug te krijgen.
Dus eigenlijk is de vraag aan het college, kunt u er zelf, liefst persoonlijk voor zorgen dat deze mensen, zonder dat ze daar moeite voor moeten doen, deze gelden terugkrijgen? Met een briefje van, sorry dat wij het u zo moeilijk hebben gemaakt. Dat is eigenlijk kort gezegd de vraag die ik wat formeler heb opgeschreven. De voorzitter: Keurig, mijnheer Loeff. Het woord is aan wethouder Westerkamp. De heer Westerkamp: Ja, voorzitter, dank u wel. Dank u wel, mijnheer Loeff, voor de vragen. Het is ook goed dat die worden gesteld. Het klopt dat er zeg maar extra gevallen belastingaanslagen zijn opgelegd. Maar wat betreft de gemeentelijke belastingen hebben wij van tevoren dat kunnen tackelen binnen het apparaat en voor met name de mensen waarvan we weten dat die vluchtelingen in huis hebben genomen. Die hebben we ook zoveel mogelijk proberen te informeren erover van, u krijgt daar geen verhoging voor. Want het is normaal als je meer mensen in huis hebt dat je belasting omhooggaat, afvalstoffenheffing, et cetera. Wat we niet in de hand hebben is het waterschap. Maar we hebben wel contact gehad met het waterschap maar het waterschap vindt het toch wel heel erg moeilijk. Dus is er eigenlijk met die mensen afgesproken, op het moment dat u van het waterschap een hogere aanslag krijgt, meldt u dat ons dan, dan zorgen wij dat u dat gewoon teruggestort krijgt.
Dus in de meeste gevallen moet het goed gelopen zijn. Want we wilden juist niet dat die mensen allerlei ingewikkelde procedures van teruggave moesten doen. Daar waar het kennelijk dus niet goed is gelukt, want u is signalen bereikt. Wilt u zo vriendelijk zijn om die namen van die mensen aan mij, in ieder geval aan mij door te geven zodat ik het met de ambtenaar kan opnemen zodat wij met die mensen contact kunnen opnemen zodat dat in ieder geval wordt geregeld. Maar voor de meeste mensen is het als het goed is voor wat betreft gemeentelijke belastingen hebben ze daar geen verhoging voor gehad en wat betreft waterschap krijgen ze teruggave van de gemeente zonder ingewikkelde procedures. De voorzitter: De heer Loeff. De heer Loeff: Ja, dank voor de beantwoording. We zullen het betreffende geval wat wij kennen in ieder geval aan u doorgeven. Goed te horen dat het in andere gevallen goed schijnt te zijn verlopen. De voorzitter: Dank, mijnheer Loeff. Dan is het … Kijk ik naar de fractie van D66 voor de vraag over de raadsinformatiebrieven. Wie kan ik het woord geven? Mevrouw Van Dorst-Brakel: Mij graag.
De voorzitter: Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik neem de eerste vraag graag voor mijn rekening als dat goed is en mijn collega de tweede vraag. De voorzitter: Gaat uw gang, mevrouw Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Mag dat? De voorzitter: Ja hoor. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Heel fijn. Ik zal nog even herhalen. Wij vinden het een slechte zaak dat bij de raadsinformatiebrieven vaak gemeld staat dat onderdelen te moeilijk zouden zijn voor inwoners en daarom niet in de raadsinformatiebrief worden meegenomen. Een voorbeeldje van is agendapunt 14 inzake de Veiligheidsregio, ik quoteer, er zal vanuit de gemeente Laren niet gecommuniceerd worden over deze financiële aangelegenheid omdat deze te specialistisch is voor inwoners. Wat vindt het college hiervan? Is onze vraag. Er zijn meerdere van dit soort regels in de agendapunten die we deze maand kregen maar deze hebben we er even uitgepakt, gepikt. En ik, wij waren benieuwd naar de reactie, voorzitter. De voorzitter: Ik kijk naar het college. Wethouder Westerkamp gaat uw vraag beantwoorden. Wethouder Westerkamp. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ja, mevrouw Van Dorst, dank u wel voor de vraag. Nou, toen ik het las had ik hetzelfde als uw fractie. Dat ik ook dacht van, hm, dit is geen gelukkige bewoording. Dat is niet echt ongelukkig of het is gewoon niet gelukkig gekozen om te zeggen, het is te specialistisch.
Daar wordt niet mee bedoeld, het is te moeilijk om voor inwoners om te begrijpen maar wat daarmee eigenlijk wordt bedoeld is dat het geen aanleiding geeft voor een brede publiekscommunicatie. Uiteraard zijn die stukken natuurlijk gewoon openbaar en als mensen vragen hebben kunnen ze die stellen en zullen we die natuurlijk ook gewoon beantwoorden. Maar het zijn niet stukken waar we dus zeg maar een hele publiekscampagne op zetten zoals we dat vaker doen. Maar de term specialistisch is ook niet gelukkig gekozen in dit geval. Dus we zullen daar aandacht aan besteden binnen communicatie. In ieder geval bedankt dat u ons daarop heeft geattendeerd en toen ik het zag had ik hetzelfde gevoel als u. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel. Voorzitter, het gaat er inderdaad om dat het vaak zo, ja, we hebben al zo'n groot probleem voor politiek en de inwoners dat we elkaar begrijpen. En als dit soort termen gebruikt worden, dan zouden die verkeerd begrepen worden en dat zou jammer zijn. Dus dank u wel met het antwoord namens ons. De voorzitter: Ja. Volgens mij het opgelost? Ja. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Opgelost bij deze. De voorzitter: De vragen over de Hilversumseweg. Mevrouw Fontaine. Mevrouw Fontaine: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ja, de vragen over de Hilversumseweg, dat zijn er eigenlijk twee, vraag 1a en 1b dus misschien één gedeelde vraag.
1b, dat gaat over dat wij ons afvroegen hoe het verkeer omgeleid gaat worden. Maar dat heeft zichzelf opgelost want ik ben vanmorgen ook eens op de fiets rond gaan fietsen en het staat allemaal heel duidelijk aangegeven. Je moet het alleen wel lezen als
weggebruiker, dat is het enige wat je moet doen. Dus daar verder geen opmerkingen over. Dan ten opzichte met betrekking tot de Hilversumseweg, dat is een voorrangsweg, hij gaat opnieuw bestraat worden. Er staan op dit moment echter geen voorrangsborden langs de weg en er staan ook geen haaientanden, die zijn niet aangebracht bij de zijstraten die op de Hilversumseweg uitkomen. En dat geeft nogal eens wat verwarring bij mensen die vanuit die zijstraten komen. Ook omdat het feit dat doordat de fietspaden er lopen dat het niet helemaal helder is dat het zoals je dat noemt een ongelijkwaardige kruising is vanwege het niveauverschil. Dus eigenlijk zou ik, zouden wij willen vragen of het mogelijk is om duidelijker te maken dat het om een voorrangsweg gaat? Liefst haaientanden en voorrangsborden graag, net zoals op de Eemnesserweg ook staan. Dank u wel. De voorzitter: De wethouder haaientanden. De heer Van Midden: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ja, ik ben overal van zo langzamerhand, bomen, haaientanden, noem het maar op. Ik zal toch allebei de vragen beantwoorden. Ik zal eerst even beginnen met de haaientanden en de voorrangsborden en daarna wil ik toch even, heb ik in ieder geval ook zelf de behoefte om in te gaan op de afsluiting van de Hilversumseweg, als u mij dat wil permitteren. De voorzitter: Puntig.
De heer Van Midden: Als het gaat om de haaientanden en de voorrangsborden, dat is een vrij technisch verhaal. De Hilversumseweg is bij de aansluiting met de zijstraat, dus met de Sint Janstraat, Van Wulfenlaan is het voorzien van zogenaamde inritconstructies. Dat zijn formele algemeen gebruikelijk toegepaste poortconstructies tussen 50 en 30 kilometer per uur wegen. Een inritconstructie heeft formeel twee inrichtingscriteria waaraan deze dient te voldoen. Het toepassen van inritblokken, je gaat omhoog als je de weg afgaat, en fietspad en voetpad langs de doorgaande weg lopen door. Nou, de aansluitingen zoals ze nu er liggen zijn volgens de formele wettelijke richtlijnen vormgegeven. Nou, wat betekent nou dat voor de voorrangssituatie? Een inritconstructie voorrang is gebaseerd op formele verkeersregels zoals in de wet het Reglement verkeersregels en verkeerstekens worden beschreven. Hier is opgenomen dat het verkeer dat uit een uitrit komt valt onder het uitvoeren van een bijzondere manoeuvre waarbij ze alle verkeer voor moet laten gaan. En onder alle verkeer is dan te verstaan fietsers langs de voorrangsweg, voetgangers op het voetpad, auto's op de hoofdrijbaan. Dat is dezelfde regel die geldt als je vanuit je woning via de inrit de weg oprijdt. Daar kan je ook niet stellen dat je van rechts komt, dan moet je ook iedereen voor laten gaan.
Nou, indien er haaientanden of borden, verleen voorrang aan bestuurders van de kruisende weg worden geplaatst, heft dit de functie van de inritconstructie. Verkeerstekens gaan namelijk boven verkeersregels en schakelen deze uit. Een van de gevolgen van het plaatsen van borden bijvoorbeeld is dat voetgangers dan niet langer voorgaan die langs de doorgaande weg lopen. En gezien de inrichting met de inritconstructie verwachten deze wel voor te gaan. Verkeerstekens gelden namelijk alleen maar voor bestuurders onderling en een voetganger is geen bestuurder. Dus uw voorstel om haaientanden en voorrangsborden te plaatsen bevordert de veiligheid van met name kwetsbare weggebruikers dus niet en is derhalve ook niet aan te bevelen. De voorzitter: Mevrouw Fontaine. Mevrouw Fontaine: Dank u wel voor deze uitleg. Ja, is het … Ja, ik vind het zelf eigenlijk wel erg onduidelijk. Is er misschien iets, kunnen we een stukje in het Larens Journaal schrijven om dit uit te leggen? Is dat een idee? Of want het is voor de weggebruiker uiteindelijk ‘…’. De heer Van Midden: Nou ja, ik moet heel eerlijk zeggen, kijk, als ze …
De voorzitter: Wacht even, ho, ho, ho, ho. Ik hoor nou ook weer allemaal geroezemoes aan de raadstafel. We luisteren even naar de vraagsteller en de wethouder wacht even tot die het woord krijgt. Mevrouw Fontaine, dit was uw vraag over het Larens Journaal hè? Helder, dank. De wethouder, de heer Van Midden. De heer Van Midden: Ik wil het met alle liefde opnemen in het Larens Journaal alleen er is op dit moment mij in ieder geval niet bekend dat er een grote behoefte is aan haaientanden in de omgeving van de Hilversumseweg en voorrangsborden. Maar voor de volledigheid wil ik daar wel aandacht aan besteden, dat is een kleine moeite om dat uit te leggen. De voorzitter: Nou, mevrouw Fontaine, volgens mij een goed antwoord op uw vraag. Mevrouw Fontaine: Dank u wel. Dank u wel, mijnheer Van Midden. De voorzitter: Super. De heer Van Midden: En dan de omleiding van de Hilversumseweg en ik heb toch behoefte om daar toch even op in te gaan. Ik ben blij dat u zelf constateert dat de omleiding helder is. Ik wil niet zeggen dat het hele dorp vol met A’tjes en B’tjes staat maar vrijwel het hele dorp in de omgeving van de Hilversumseweg staat vol met de omleidingsborden en de afzettingen. Die zijn duidelijk. Die worden ook niet vrijblijvend neergezet, die voldoen ook aan alle eisen die er gesteld zijn.
En die worden uitgewerkt en geplaatst door een gespecialiseerd landelijk erkend bedrijf, Traffic Service Nederland. Alleen wat we zien nu, en ik ben zelf de laatste twee dagen drie keer ter plekke geweest, is dat de automobilisten de omleidingen negeren en zich vastrijden op de Hilversumseweg bij het viaduct. En dan moeten ze alsnog omkeren en de borden volgen. Nou, de meeste automobilisten doen dit ook en die proberen alsnog via de Rijksweg Oost/West zeg maar slim af te zijn maar daar komen ze ook niet veel verder. Er zijn zelfs automobilisten die zich behoorlijk misdragen. Er is bijvoorbeeld al één tegen de richting ingereden en een ander is over het fietspad langs het werkvak onder het viaduct doorgereden. Dat was de reden om na de eerste dag verkeersregelaars in te zetten. Nou, dat heeft goed gewerkt. Alleen het is jammer dat de verkeersregelaar met regelmaat uitgescholden wordt en dat is eigenlijk ongehoord. In zijn algemeenheid is het zo, zeggen de professionals, dat met een dergelijke afzetting en omleiding vaak de eerste één, twee dagen de mensen eraan moeten wennen en ze daarna er zodanig aan gewend zijn dat zelfs de verkeersregelaar niet meer nodig is. Maar we zullen dit scherp in de gaten houden. De voorzitter: Ja.
De heer Van Midden: Ik heb die toch bij dit onderwerp, mijnheer de voorzitter, als u mij toestaat … De voorzitter: Nee, ja, voorzitter, wethouder, dit is een vragenhalfuurtje voor de raad en dit was eigenlijk een mededeling wat u nu doet, want ik vraag de raad om het kort te houden, dan moet het college dat ook doen. Maakt u het even af want het is heel goed dat u het doet. Maar even voor de volgende keer, dit is niet de bedoeling van het vragenhalfuur. Gaat uw gang. De heer Van Midden: Nou, ik wil toch even één ding zeggen hier want ik vind het heel belangrijk. Kijk, uiteindelijk zie ik bij, ik heb nu als wethouder in één jaar verschillende wegafzettingen meegemaakt en als wethouder word ik steeds door de kat of door de hond gebeten. Als het wegdek niet goed is komt er allerlei commentaar, als het afgezet wordt om het te herstellen, ook veel commentaar. Nou, daar kan ik op zich tegen, dan had ik ook geen wethouder moeten worden. Maar wat ik zie is dat op Facebook allerlei mensen zich uiten over de wegafzettingen en onze ambtenaren diskwalificeren. Ik zie zelfs dat er ook raadsleden zijn
die zich in die discussie voeren. En ik vind dat ronduit schandalig en dit moet ook afgelopen zijn. En als er mensen zijn, ook raadsleden zijn die moeite hebben met bepaalde dingen, dan ben ik volgens mij vrij laagdrempelig en goed bereikbaar. En over het algemeen heb ik ook de reputatie dat ik heel snel actie onderneem. Maar ik wil dat dit echt stopt. Dat was even wat ik er nog aan toe wilde voegen, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Heldere oproep. Ik ga naar de volgende set van vragen. De wethouder van, of de wethouder, de fractievoorzitter van Groen Laren, ook over verkeer. De heer Vos: Ik heb ambities, mijnheer de voorzitter, maar ik zou onze wethouder niet in de wielen willen rijden. Ik heb een drietal vragen. En de eerste die heeft betrekking op het zogenaamde verkeersplan. In januari, 25 januari om precies te zijn, is er een amendement aangenomen met betrekking tot bestuursopdracht verkeersvisie. En toen is er gevraagd aan de verantwoordelijk wethouder om de onderzoeksopdracht goed en ondubbelzinnig te formuleren en ons ook te delen met de criteria op basis waarvan er een onderzoeksbureau gekozen zou worden. Nou, het is inmiddels mei, morgen is het 1 juni heb ik begrepen. En ja, het verkeer gaat ondertussen vrolijk door, het is nog steeds een drukte van belang, met name in het weekend. Ik heb begrepen dat er geen mens kan parkeren in de buurt van het Singer.
Het is nog steeds onveilig. Als de A1 en de A27 vaststaan dan is het een en al sluipverkeer in het dorp en dat is gewoon niet oké wat er gebeurt. Er moet gewoon op korte termijn wat gaan gebeuren. En niet de mededeling, ja, we gaan een plan ontwikkelen, et cetera. Er moet volgens mij, laaghangend fruit is volgens mij genoemd door mijn confrère van VVD, daar moet dus een beetje actie in de taxi. En ik heb een aantal vragen, als u mij even gunt, voorzitter, het zijn er vijf. De voorzitter: Ja, dit is, mensen, mijnheer Vos, volgens mij heeft u ook contact gehad met de griffie, ik heb hier één set vragen over het verkeersplan. Kijk, vijf vragen, dat kunnen we niet doen in een vragenhalfuur. De heer Vos: Ik heb vraag 1. De voorzitter: Dan houdt het initiatief weer zo snel mogelijk op. De heer Vos: 1a tot en met e. De voorzitter: Doe het … Wilt u het puntig doen? De heer Vos: Ja, ik wil het wel puntig doen maar vergunt u mij dan, voorzitter, om te zeggen dat de instructie met betrekking tot dit nieuwe punt eigenlijk heel erg beknopt is geweest. Wat is nou de bedoeling? Voorheen was het de idee, als je vragen hebt, schriftelijke vragen, dan dien je die minimaal 48 uur van tevoren in en die kunnen dan gedeeld worden. En nu krijg ik alleen een mededeling, er is een vragenhalfuurtje, zonder verder enige toelichting.
Dus ik wil daar verder niet lullig over doen, dat doet u namelijk wel, dat ik keurig netjes die vragen van tevoren gedeeld heb. En ik nu dus gedwongen wordt om heel snel rats, rats, rats erdoorheen te gaan. Dus u kunt mij opdragen om snel te zijn, dat ga ik niet doen. Want ik heb maar heel beknopte informatie gekregen, een beknopte instructie. En ik hecht er dus aan om mijn vragen goed en zorgvuldig te kunnen stellen. De voorzitter: Oké, nou, de werkwijze van het vragenhalfuur is besproken in het presidium met een uitgebreide instructie.
De heer Vos: Dat is niet gedeeld in de raad, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Daar was u zelf bij, daar heeft u zelf mee ingestemd dus u weet precies hoe dit werkt. De heer Vos: Ik weet precies hoe het werkt maar u heeft dit niet gedeeld op geen enkele manier in IBabs is er aangegeven wat de bedoeling is. En ik heb dit ruim van tevoren mijn vragen ingediend. Ook de vraag gesteld, wat is de bedoeling, hoe moet ik het aanleveren en mag ik ook andere vragen stellen? En ik heb daar eigenlijk maar een heel beknopt antwoord op gekregen. Dus als u mij verwijt dat ik daar niet correct in ben, dan kaats ik de bal onmiddellijk terug. En dan denk ik dat het goed is dat we hier afspraken over maken en dat iedereen weet, hoe gaan we dit doen? De voorzitter: Dit vragenhalfuur is er vooral voor bedoeld om u erin te voorzien dat als u een actuele vraag heeft op een actueel onderwerp dat binnen een half uur met elkaar besproken kan worden. En als we er dan niet uitkomen, dat we het dan agenderen voor de commissie. En nu kunnen we met elkaar een heel gesprek hebben over de vorm. Probeert u nou een scherpe actuele vraag te stellen aan het college, dan kunnen ze reageren. Als u niet tevreden bent kunnen we het morgen agenderen via het presidium voor de commissie. De heer Vos: Nou, misschien is het handig als u dat nog een keertje aangeeft in IBabs zodat we weten waar we aan toe zijn.
Want als de leerling het niet begrepen heeft dan heeft de leraar het niet goed uitgelegd. De voorzitter: De griffier bevestigt mij zojuist dat het in iBabs staat, mijnheer Vos. Gaat uw gang. The floor is aan u. De heer Vos: Daar komt die dan, mijnheer de voorzitter. Ik heb een aantal vragen aan de wethouder, en hij zit tegenover mij. Mijn vragen zijn als volgt. Is er inmiddels een onderzoeksbureau aangezocht en zijn de werkzaamheden al gestart? En welk onderzoeksbureau is aangezocht? En op basis van welke eigenschappen, criteria is die gekozen? Dan naar aanleiding van de vragen en het amendement dat we opgesteld hebben. Met welke onderzoeksvraag is het onderzoeksbureau aan de gang gegaan? Is er al een inzicht gegeven in de onderzoeksopzet? En de belangrijkste, wanneer kan de raad de resultaten tegemoetzien? De voorzitter: Ik kijk naar het college en als er een wethouder is die hier beknopt op kan reageren, dan doen we dat. En anders gaan we morgen via het presidium dit agenderen voor de commissie. Eerst even de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Een kleine interruptie naar aanleiding van de discussie van net. Eigenlijk is dit wel een mooi voorbeeld van waar het vragenuurtje niet voor bedoeld was, halfuurtje. Dus ik denk inderdaad dat wij, los van de beantwoording die u zo gaat geven, dit morgen even goed en helder nog met elkaar vast moeten stellen.
Want zo is het eigenlijk een aanfluiting ook voor de mensen die op de tribune zitten en de mensen die thuis naar ons luisteren. De voorzitter: Ja, daar heeft u gelijk, mijnheer Van den Berg. Laten we het voor vandaag nog even beschouwen als een experiment want we doen het hier voor het eerst. En laten we ook blij zijn met mensen die vragen ingediend hebben. Als het college beknopt kan reageren, dan graag, en anders agenderen we het voor de commissie. De heer Westerkamp. De heer Westerkamp: Voorzitter. Ja, ik had als enige vraag doorgekregen, hoe is de stand van zaken? Dus daar zal ik ook op antwoorden. Ja, er is inmiddels een onderzoeksbureau geselecteerd. Het is trouwens zeer recent
met andere gemeenten samen. Dat is geworden Mobycon samen met LOS Stadomland als, nou ja, noem het maar onderaannemer. Deze beide bureaus was gevraagd om een bieding uit te brengen en deze beide bureaus hebben gemeend samen hun krachten te bundelen omdat ze denken dat ze elkaar versterken. Dat blijkt ook want met name op het gebied van zeg maar inwoners te betrekken, ondernemers, iedereen te betrekken bij het opstellen van de verkeersvisie. Daar is LOS Stadomland zeer sterk in en heeft ook een hele out of the box denkwijze maar dat geldt ook voor Mobycon die dat doet, dus het out of the box denken. Dus wij zijn, nou, we waren eigenlijk heel tevreden. We hadden twee aanbieders die een presentatie hielden. De punten waar u om vraagt, de criteria, et cetera, dat heb ik u toentertijd toegezegd zodra het is afgerond, om dat naar u toe te komen. Dat gaat u ook deze week of volgende week, ik zie het even aan de gemeentesecretaris, volgende week doen toekomen. Waarin staat de onderzoeksvraag, op welke basis van welke criteria, et cetera. Zoals ook beloofd om u daarover te informeren. De voorzitter: Nou, volgens mij is dat een hele beknopte reactie die veel helderheid geeft. En mocht de heer Vos nog vervolgvragen hebben, kan dat nu. En anders moet u ze even schriftelijk stellen, dan gaat de wethouder daar snel op reageren. Gaat uw gang.
De heer Vos: De vragen heb ik al schriftelijk ingediend, mijnheer de voorzitter. Daar blijft in ieder geval nog één vraag onbeantwoord. Nou, eigenlijk twee maar goed, ik zal niet moeilijk zijn. Wanneer kunnen wij de eerste resultaten en de onderzoeksopzet tegemoetzien, mijnheer de wethouder? De voorzitter: De heer Westerkamp. De heer Westerkamp: De onderzoeksopzet, de wijze waarop ze het gaan doen, dat gaan we de komende weken uitwerken. Ze gaan nu aan de gang. Het is denk ik anderhalve week terug hebben we het bureau geselecteerd. Ze gaan nu een plan van aanpak maken en dan hopen we na de zomer in ieder geval te starten omdat we namelijk met name ook iedereen willen betrekken erbij. En als je dat in de zomer doet dan zullen denk ik heel veel mensen gaan benoemen dat zij niet zijn betrokken bij het opstellen. Dus dat zal, maar zodra de planning helemaal duidelijk is zullen we dat u informeren door middel van een raadsinformatiebrief of eventueel in de commissie daarop terugkomen. De voorzitter: Helder, dank. Dan hoorde ik u nog zeggen dat u twee andere sets van vragen hebt maar ik ken die vragen niet. Ik kijk even naar de griffier. Ik begreep van de griffier dat die inderdaad ook niet geagendeerd zijn voor vandaag en zal nog contact met u zoeken. De heer Vos: Nee, zeker wel. Als u iBabs eventjes raadpleegt dan ziet u dat er drie vragen zijn ingediend door onze fractie.
Drie onderwerpen, ja. O. Ja, na de instructie … De voorzitter: Nou, voor vandaag, we gaan het proberen. Ik zie wel al gezucht in de raad, zo gaat dit initiatief natuurlijk wel een beetje natuurlijk niet goed. Maar evenementenbeleid, stelt u de vraag, we gaan kijken hoever we komen. Ik weet niet wat de vraag is dus ik ga proberen een antwoord te formuleren. De heer Vos: Nee, ja, nee, dat begrijp ik. Ik zal hem proberen helder te krijgen, mijnheer de voorzitter. Er zijn twee vragen die ik nog heb met betrekking tot woningbouw en met betrekking tot het evenementenbeleid. Die stonden allebei in IBabs wel genoemd maar alleen als trefwoord. En ik werd niet gevraagd om daar een toelichting op te geven dus dat heb ik ook niet gedaan. Als eerst even kijken over de woningbouw. Tot mijn grote verbazing heeft onze competente minister van woningbouw, mijnheer De Jong, aangegeven dat die heel veel woningen in voorraad heeft en ze aan de straatstenen niet kwijt kan. Dat verbaast mij op zijn minst. En
volgens mij hebben wij nog een stukje grond staan waar de snode plannen waren om daar te gaan padellen op de korte termijn of lange termijn. Nou, het zal in ieder geval wel de hele lange termijn zijn. En als die er nou voorlopig niet komen, dan zou dat volgens mij een perfect moment zijn om dat stukje land, waar nu een beetje hardgelopen wordt door de hockeyers, om dat maar te gaan gebruiken om daar voorlopig wat woningen neer te zetten. En of dat nou tiny houses zijn of de woningen die mijnheer De Jong aan de straatstenen niet kwijt kan, dat kan me niet zoveel schelen. Maar ik vind het eigenlijk wel een beetje zonde want er zijn geloof ik 80.000 mensen per jaar die we moeten onderbrengen. Het zou fijn zijn als we dat soort stukjes grond zouden kunnen gebruiken. Dus mijn vraag aan de wethouder is, heeft hij ook diezelfde brainwave gehad of diezelfde vraag gehad en wat zouden we ermee kunnen doen? De voorzitter: Wethouder Westerkamp. De heer Westerkamp: Ja, mijnheer De Vos, die heb ik gehad. Want ik heb binnenkort een gesprek met de stichting hockey en tennis die erfpacht heeft op die grond om eens te gaan praten. En daar ga ik verder geen invulling aan geven want ik ga niet vooruitlopen op een gesprek die ik ga voeren. Maar ik zal u verder daar nog wat tegemoetkomen.
Wij hebben de laatste tijd heb ik in ieder geval ook met mijn vele fietstochten door dit dorp en af en toe logerend bij raadsleden dat ik dan wat rondloopt door het dorp, plekken gezien waarvan sommigen echt PPL of ‘…’ op ligt dus dat is dan wel heel lastig. Maar ook een aantal plekken waar ik denk van, nou, wellicht liggen daar mogelijkheden. Ik hoop in dat opzicht ook, en dat heeft u ook wel gezien voor degenen die al de Woonvisie hebben bestudeerd, de uitvoeringsprogramma’s ook van Laren, zodra u die heeft goedgekeurd gaan wij met gezwinde spoed proberen alle locaties hier in dorp in beeld te brengen waar mogelijk woningbouw zou kunnen plaatsvinden of waar we ieder geval de woningen waar minister De Jonge mee leurt tijdelijk kwijt zouden kunnen. Want als je tijdelijk woningen neerzet dan heb je gelukkig wat vrijstelling van bepaalde regels. Maar daar zijn we serieus nu aan het kijken omdat ik daar ook zelf heel veel behoefte aan heb om daar wat in te kunnen doen. Maar voor wat betreft specifiek de grond daarbij de Eemnesserweg, ja, daar gaan wij binnenkort over praten. De voorzitter: Helder. Duidelijk antwoord van de zijde van het college. Het evenementenbeleid. De heer Vos: Mag ik eerst de wethouder bedanken voor zijn antwoord en daar ben ik heel blij mee. De voorzitter: Dat is gelukt.
De heer Vos: En volgens mij zijn een heleboel mensen heel blij mee als u daarmee aan de gang wil. Dus, ja, nou, oké, dan het derde punt. Het is bijna half negen dus ik moet snel praten heb ik begrepen. Op de lijst ingekomen stukken staat een verhaal met betrekking tot evenementenbeleid en met name Winter Village. En in een vorige raadsperiode is de onzalige gedachte geweest om die mensen vijf jaar een vergunning te geven en daar zaten we dus mooi vijf jaar aan vast aan stampende dieselgeneratoren en ellende. En pas over enkele maanden gaan we het over het evenementenbeleid hebben en dan kunnen we het daar nog eens weer de degens over kruisen. Maar het is toch op zijn minst een evenement en een aantal elementen daarvan waar je je bedenkingen over kunt hebben en waar je volgens mij als raad over na moet denken. Dus ik zou het heel erg vinden want dat is namelijk de vorige keer gebeurd, dat er een vergunning afgegeven was voor vijf jaar voordat we er erg in hadden. De voorzitter: Allemaal rustig blijven. De heer Vos: Ho, nee, nee ik ga eerst mijn vraag afmaken.
De voorzitter: Jongens, even … De heer Vos: Dan mag u interrumperen. De voorzitter: Wat is er aan … Wacht even. Mijnheer Vos, wacht even. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Bij interruptie. Ik snap, ik was in de verwachting dat er een vraag kwam maar ik hoor een betoog. De heer …: Dit is een pleidooi. De voorzitter: Mensen. De heer Vos: Nee, is helemaal geen pleidooi, is gewoon inleiding. De voorzitter: Volgens mij weten we na vandaag precies wat we willen met dit vragenhalfuur. Gaan jullie het er morgen in het presidium over hebben. En hebben we een orde die we nog tot in de eeuwigheid zo gaan handhaven. De heer Vos: Nou, dat is … De voorzitter: Mijnheer Vos, maakt u dan nu even uw vraag af? De heer Vos: We wilden levendigheid, mijnheer de voorzitter, dus … De voorzitter: Precies. De heer Vos: … ik doe mijn best. Mijn vraag aan de wethouder is heel simpel, voordat daar weer een vergunning afgegeven wordt en voordat het evenementenbeleid op tafel ligt, kunnen wij daarin geraadpleegd worden voordat we weer aan een aantal jaren vastzitten aan een evenement waar we het misschien nog eventjes over moeten hebben? Dat was mijn laatste vraag, mijnheer voorzitter. Het is half negen. De voorzitter: Een kort antwoord van de heer De Groot, geen vervolgvragen. De heer De Groot.
De heer De Groot: Vooruitlopend op het evenementenbeleid hebben wij besloten om geen evenementen een vergunning te verlenen langer dan vijf jaar, dus eenjarige vergunningen. De voorzitter: Nou, dat is een puntige reactie. En namens de heer Vos zeg ik alvast, bedankt. De heer Vos: Nee, dat is geen antwoord, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Volgens mij heeft u een antwoord op de vraag en ik sluit nu het vragenhalfuur. De heer Vos: Dan gaan we het er morgen maar over hebben in het presidium. De voorzitter: We gaan door met de volgende onderwerpen. Nou, volgens mij zit die er goed in.
4.
Meldingen Portefeuillehouders m.b.t. Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter: Ik kom bij agendapunt 4. Meldingen van portefeuillehouders met betrekking tot Gemeenschappelijke Regelingen. De portefeuillehouders. Heel goed, is allemaal ook in de commissie Boven Lokale Samenwerking besproken. Ik kijk nog eventjes naar de zijde van de raad of er nog mededelingen zijn vanuit Gemeenschappelijke Regelingen? Dat is niet het geval.
5.
Vaststellen besluitenlijst openbare raadsvergadering d.d. 26 april 2023 De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de besluitenlijst van de openbare raadsvergadering van 26 april. De besluitenlijst is iets aangepast. De tweede zin bij agendapunt 11 klopte niet, deze is vervangen zodat het wel klopt. Schrijft de griffier op mijn briefje. Kunt u hiermee instemmen? Dat is het geval. Wenst iemand nog stemming? Dan is hierbij de besluitenlijst vastgesteld.
6.
Vaststellen lijst ingekomen stukken De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de lijst van ingekomen stukken. Is iedereen akkoord met de afhandeling van deze lijst? Die dit keer nogal erg lang is. Voor de raad van juni zal dat aanzienlijk korter zijn en de maanden daarna ook. Ik kijk naar de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ja, ik weet niet, mevrouw Van Dorst stak volgens mij net iets eerder de vinger op maar … De voorzitter: Nou, dat is heel galant van u. Mevrouw Van Dorst, u krijgt als eerste het woord. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel. Wij hadden inderdaad naar aanleiding van, en dat is dat recentelijk toegezegd is dat de raad kopieën krijgt van de antwoorden van het college op vragen van inwoners. Nou, ik, daarom was ik heel verrast om de delegatie in de tribune te zien. Want een van de dingen die wij hadden willen vragen dat is inderdaad wat het antwoord is van het college op vraag c.05 en c.06 aan de bewoners van het Erfgooierskwartier zeg maar. En ook hebben we nog geen antwoord gezien wat er aan de tennisverenigingen is geschreven inzake Sprokkelenburg. Dat waren even specifiek mijn vragen. Dank u wel. De voorzitter: Ja, maar mevrouw Van Dorst, u weet ook dat als u een brief van op de ingekomen lijst wil bespreken, dat u dat even aan de griffier moet laten weten want wij hebben dat antwoord nu gewoon niet paraat.
Mevrouw Van Dorst-Brakel: Nee, dat klopt. Het gaat mij ook niet over de inhoud, het gaat me over de toezegging dat wij de kopieën krijgen van de antwoorden van het college. En dat is toevallig omdat de delegatie daar zit dus ik was even in verwarring. Maar daar gaat het alleen om, of we daar kopieën van kunnen krijgen? Die hebben we nog niet gehad. De voorzitter: Ja, volgens mij hebben we inderdaad met elkaar de afspraak gemaakt dat als er een brief aan de raad, als inwoners van Laren een brief aan de gemeenteraad sturen, dat het college die beantwoordt en dat de gemeenteraad daar een afschrift van krijgt. En mocht dat niet zijn opgevolgd of dat er voorbeelden zijn van brieven, nou, daar heb ik nog geen reactie op gehad, laat het even via de griffier weten, dan lossen we dat op. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dat is heel fijn. Ik had gedacht om het hier te moeten stellen maar dat stel ik graag op een ander moment.
De voorzitter: Nee, maar het is goed dat u het hier even aan de orde stelt, dan gaan we dat, dan gaan we er opvolging aan geven. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ik had al zo’n vermoeden dat ongeveer mijn vraag over hetzelfde onderdeel zou gaan. Wij hebben, maar hij is iets anders ingestoken, inderdaad zit er een rijke afvaardiging uit die buurt op de tribune. Ik zie het alleen niet alleen maar als een … Ik heb het overigens over de brieven c.05 buurtcomité Erfgooiers, brief Erfgooiers woningen en brief c.06, buurtcomité Erfgooiers woningen reactie op de brief MooiSticht herbouw Erfgooiersdwarsstraat. Nou weten we allemaal dat wij nog niet zo lang geleden in deze gemeenteraad een aantal jaren geleden besloten hebben dat we mee zouden werken aan de overdracht van die woningen aan het bezit van de volgende woningcorporatie. En nou is de wereld helemaal in ontwikkeling. Maar ik wilde eigenlijk vragen aan u, voorzitter, of wij deze brieven, los van de beantwoording die misschien al in voorbereiding is, in het presidium kunnen langs laten komen om misschien maar eens in de commissie met elkaar te bespreken? Niet zozeer om alleen maar de mensen op de tribune het naar de zin te maken maar eigenlijk van wat wij toen hebben afgesproken en wat er nu eigenlijk gebeurt. En ik vind dat we daar als gemeenteraad eigenlijk nog wel een verantwoordelijkheid in hebben.
Dus ik zou willen vragen nu, is dit de manier om het in het presidium alsnog dan met de collega's in het presidium te kijken of we het op een agenda van een commissie kunnen krijgen? Maar ja, is de vraag helder? De voorzitter: Hij is zo ontzettend helder dat zelfs na de komma begreep ik het nog steeds. Maar mijnheer Van den Berg, ik begrijp dat wij via het presidium ervoor gaan zorgen dat deze brieven geagendeerd wordt. En ik zag al knikkende signalen vanuit het college dus volgens mij gaan we zeer goed opvolging geven aan uw vraag. Ik zag de griffier ook driftig meeschrijven dus dit gaat opgelost worden. Ja, kunnen we daarmee de lijst van ingekomen stukken vaststellen? Dat is het geval. 7.
Ontheffing ingezetenschap Wethouder Westerkamp De voorzitter: Dan hebben wij een heleboel hamerstukken en dat komt omdat wij in de drie commissies eigenlijk heel veel onderwerpen zeer goed inhoudelijk hebben besproken. En dat is toch ook wel echt een compliment aan de commissies zelf en ook aan de voorzitters van de commissies. Zelfs de commissie BLS heeft behoorlijk wat punten besproken. Is eigenlijk een waardering van die commissie, die moeten we toch maar vasthouden. Mevrouw …: Voorzitter, daar ben ik het helemaal mee eens. Dat mag hè? De voorzitter: Maar eerst krijgen we een hamerstuk, de ontheffing van het ingezetenschap van de heer Westerkamp. Kan iedereen daarmee instemmen? Dat is het geval. Dan is die hiermee akkoord bevonden. Gefeliciteerd aan de heer Westerkamp.
8.
Privacybeleid gemeente Laren De voorzitter: Dan privacybeleid van de gemeente Laren. Wenst iemand daarover stemming? Nee, dat is niet het geval. Dan is het hierbij vastgesteld.
9.
Overheveling budgetten 2022 naar 2023 De voorzitter: De overheveling van de budgetten van 2022 naar 2023. Een aantal vragen over gesteld in de commissie. Die kunnen we als zodanig vaststellen. Dat is het geval.
10. Integraal veiligheidsplan Laren 2023-2026 De voorzitter: Dan kom ik bij het integraal veiligheidsplan. Kon naast een uitgebreide bespreking ook rekenen op veel complimenten vanuit de commissie aan de opsteller van het stuk. Dan stel ik die dan hierbij vast. 11. Startnotitie actualisering gemeenschappelijke regeling Regio Gooi en Vechtstreek De voorzitter: Dan kom ik bij de startnotitie actualisering van de gemeenschappelijke regeling Gooi en Vechtstreek. Er ligt nog een toezegging van mijn kant aan de heer Koldenhof voor een verklaring waarom die pas in werking treedt op 1 mei 2024. Dat komt omdat tot en met eind maart nog voorzien is in besluitvorming, de definitieve besluitvorming in een aantal gemeenteraden in de Gooi en Vechtstreek. Dus wij hebben echt tot de eerste drie maanden van 2024 nog nodig om een aantal gemeenteraden te doorlopen met de wijziging, ook die van onszelf. Kan ik met dit antwoord het … Ja, dat is goed. Dan kan ik … De heer … Mevrouw Van Dorst, toch nog een vraag? Mevrouw Van Dorst-Brakel: Nee hoor, niet een vraag. Mag ik daar een opmerking over maken? De voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik heb begrepen dat de adviescommissie alleen door Laren en Blaricum nog worden tegengehouden en daar zijn wij het helemaal mee eens.
En dat ook Hilversum in juni dit onderwerp bespreekt en waarschijnlijk ook niet in mee zal gaan om een adviescommissie op dit moment al in het leven te roepen. En ik wilde alleen maar even aangeven dat wij daar heel blij mee zijn. Mag dat? Bij deze. De voorzitter: Heel goed. En dan even een correctie, volgens mij houdt niemand een adviescommissie tegen. Volgens mij heeft de gemeenteraad van Huizen een amendement ingediend om versneld een adviescommissie in te voeren. En volgens mij is het zo dat niemand tegen een adviescommissie is, alleen niet nu maar laten we eerst even experimenteren met alles wat we nu invoeren. Ja. Helder. De heer Vos nog een stemverklaring? De heer Vos: Nou, nee maar mag ik daar een mededeling over doen, over dit agendapunt? De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Vos: Wij zijn benaderd door met name de gemeente Huizen om een amendement in te dienen met betrekking tot dit agendapunt. En dat hebben wij ontvangen. Daar hebben wij over gesproken. En in het kader van ons idee dat toch minimaal ieder stuk wat hier ter tafel komt te begrijpen moet zijn door iemand die gewoon geletterd is op een bepaald niveau te begrijpen moet zijn. En het amendement wat daar lag is misschien wat inhoud betreft mogelijk heel zinvol maar wij zijn niet in staat geweest om dat te vertalen anders had die hier op tafel gelegen. Waarvan akte. De voorzitter: Dank, mijnheer Vos.
U heeft die reactie ook doen toekomen aan de gemeenteraad van Huizen? De heer Vos: Dat hebben wij ook aan en die hadden daar begrip voor. De voorzitter: Helder, dank. De heer Koldenhof dan nog. De heer Koldenhof: Ja, voorzitter, bij interruptie, dat nodigt bijna uit om als we willen dat Groen Laren niet meestemt, ingewikkelde stukken in te dienen.
De voorzitter: Waarvan akte. En kunnen we daarmee instemmen met de startnotitie? Dat is het geval. Dan is die hierbij vastgesteld. 12. Instellen Rekenkamer voor de BEL gemeenten De voorzitter: Dan kom ik bij het instellen van de Rekenkamer voor de BEL gemeenten. Wenst iemand daarover stemming? Dat is niet het geval. Dan is die hierbij vastgesteld. 13. Conceptbegroting 2024 en conceptjaarstukken 2022 Werkvoorzieningsschap Tomingroep. De voorzitter: Kom ik bij de conceptbegroting en de conceptjaarstukken voor het Werkvoorzieningsschap van de Tomingroep. Uitstekende ambtelijke toelichting, ook in de commissie, waarvoor dank aan de portefeuillehouder. Kunnen we die dan vaststellen? De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ik heb alleen een mededeling maar ik dacht dat u hem misschien als portefeuillehouder zou meenemen. In de commissie hebben wij nadrukkelijk uitgesproken dat de mensen die voor de Tomingroep werken of gaan werken, dat die zeer gewaardeerd moeten worden. En ook vooral heeft de hele commissie dat gezegd, ook beloond moeten worden naar werken in deze huidige krappe arbeidsmarkt. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ja. De voorzitter: Ja. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik wou alleen nog toevoegen dat er ook een compliment waard is aan de ambtenaren van de HBEL. Want ik heb ook begrepen van Tomin dat het contact vooral met HBEL heel goed loopt.
Dat ze vanuit de consulenten daar echt de goede mensen kregen. En dat vond ik echt heel bijzonder om te horen. De voorzitter: Ik stel voor dat de heer De Groot, de portefeuillehouder, mogelijk via een schriftelijke reactie naar de directeur van de Tomingroep kan voorzien in een opvolging van de heer Van den Berg. Want ik zie hem ook instemmend knikken. Maar de heer De Groot … De heer Merckx: Voorzitter? De voorzitter: … kan hier zelf ook nog op reageren. Mijnheer Merck. De heer Merckx: Ja, excuses, maar we steken hier de loftrompet af over de Tomingroep maar er zijn wel een heel aantal risico's. En ik denk dat, we hebben een meeting gehad met de directeur van de Tomingroep waaruit duidelijk naar voren kwam dat er een aantal zaken niet kloppen. Dus om daar hier complimenten en brieven, et cetera, uit te gaan sturen, dat vind ik een beetje vreemd. De heer Van den Berg: Bij interruptie. De voorzitter: De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Nee, ik denk dat de heer Merckx op de inhoud misschien ten aanzien van de Tomingroep gelijk heeft. Maar wat er in de commissie nadrukkelijk aan de orde kwam was de mensen die daar werken en die daar moeten werken of in ieder geval te werk gesteld worden, dat daar het compliment vooral
naar uit moet gaan dat die zeer waardevol werk doen waar we in deze maatschappij veel aan hebben. Daar ent het zich op, niet zozeer op de organisatie maar op de mensen die er werken. De voorzitter: Kan mijnheer De Groot nog iets het mooi afhechten, dan kunnen we door. De heer De Groot: Nou, nee, dank voor de opmerkingen en ja, we geven ze graag door. De voorzitter: Oké. Dan stel ik hierbij overigens, de heer Merckx heeft natuurlijk een waardevolle opmerking gemaakt. De conceptbegroting en de conceptjaarstukken 2022, kunnen we die vaststellen? Dat is het geval. 14. Zienswijze ontwerp-jaarstukken 2022 van Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek De voorzitter: Dan kom ik bij de zienswijze op de ontwerp-jaarstukken van de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek voor het jaar 2022. Kunnen we die als zodanig vaststellen? Dat is het geval. 15. Zienswijze op Ontwerp-programmabegroting 2024 en meerjarenbegroting 2025-2027 Veiligheidsregio G&V De voorzitter: Dan kom ik op de zienswijze op de Ontwerp-programmabegroting van 2024 en de meerjarenbegroting 2025 en 2027 van de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek. Hebben we ook uitgebreid behandeld in de commissie. Kunnen we die als zodanig vaststellen? Dat is het geval. De heer Van den Berg: Vergeet u niet het waarborgfonds, voorzitter? De voorzitter: Waarborgfonds is een bespreekstuk, mijnheer Van den Berg. 16.
Oprichting stichting waarborgfonds veiligheidsregio's De voorzitter: En daar kom ik nu. En dan kom ik als eerste bij de oprichting van de stichting voor een Waarborgfonds voor de veiligheidsregio's. Welke van de fracties wensen hierover het woord te voeren? Even, dat is allereerst de heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Ja, dank u wel, voorzitter. We hebben in de commissie uitgebreid stilgestaan of liever vanuit de VVD geprobeerd om een aantal vragen te stellen ten aanzien van dit voornemen. En daarop hebben we denk ik ook wel duidelijk gekregen dat u nog niet in staat was om alle antwoorden te geven. En ja, die vragen vinden we toch wel dermate fundamenteel dat ik eigenlijk had overwogen om het stuk überhaupt voor te stellen om niet te behandelen vandaag. Toch heb ik via ambtelijke weg begrepen dat er wel mogelijkheden zijn voor de burgemeester om vanavond te antwoorden op een aantal belangrijke vragen. Dus ik wil even vragen aan de voorzitter, zijnde ook degene die misschien het antwoord gaat geven, of het gewenst is dat ik alle vragen herhaal? Of dat u eerst zelf de gelegenheid neemt om een aantal antwoorden te geven op de vragen die ik al heb gesteld? De voorzitter: Ja, mijnheer Koldenhof, volgens mij heb ik heel veel vragen beantwoord in de commissie en zijn we aan een hele specifieke vraag gewoon niet toegekomen omdat ik daarvoor de begeleiding niet had op dat moment.
Dus stelt u gewoon de vraag … De heer Koldenhof: Dan neem ik gelegenheid … De voorzitter: We gaan zien hoever we komen.
De heer Koldenhof: Oké. Ja, goed, dan … De voorzitter: En als u er heel ongelukkig van wordt dan laat u daarvan uw stemming afhangen. De heer Koldenhof: Dan neem ik nogmaals … De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Koldenhof: Dan neem ik alsnog de gelegenheid om die vragen te stellen. Een aantal hoofdvragen die ik heb gesteld betreffen allereerst, voor wie geldt dit nu eigenlijk? Het staat niet duidelijk in de stukken welke op welke medewerkers het waarborgfonds al dan niet van toepassing zou zijn. Het tweede is dat eigenlijk ook niet duidelijk is wat de consequenties zijn van het instellen van een waarborgfonds ten opzichte van een verzekering als het gaat om de kosten en met name ook de risico's die daarmee gepaard zijn of gaan voor de gemeentelijke begroting. En ook denk ik dat het goed is om een zienswijze in te dienen die wat dieper ook vraagt naar vergelijkend onderzoek tussen, ja, wat zijn nu de voordelen van het een ten opzichte van het andere? Er wordt wel aangegeven wat het zo lastig maakt misschien bij een verzekeringspremie of een verzekering afsluiten voor deze situatie. Maar ja, dat kan zijn maar dat is nog niet daarmee gegarandeerd dat het dan beter is om een waarborgfonds in te stellen. Dus het zijn wat algemene vragen waarvan ik u vorige week heb gevraagd om daar wat diepgaander antwoord op te geven.
En ik zou namelijk op basis van het antwoord u willen vragen om de zienswijze aan te passen. Dat kan ik namelijk nu niet, bijvoorbeeld met behulp van een amendement, omdat ik geen antwoord heb gekregen. Dank u wel. De voorzitter: Dank, mijnheer Koldenhof. De heer De Jong. De heer De Jong: Ja. Wij staan volledig achter dit waarborgfonds. Er is in de commissievergadering duidelijk gemaakt dat het om een landelijke regeling gaat. En dat men anders bij verschillende verzekeraars terechtkomt en dat die heel specifiek naar gevallen gaan kijken terwijl deze mensen toch merendeels heel gevaarlijk werk doen. En wij vinden dit een heel goed vangnet en daarmee worden de belangen van die betrokkenen beter geregeld dan dat ze wat ons betreft nu zijn. De voorzitter: Dank, mijnheer De Jong. De heer Grunwald. De heer Grunwald: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij sluiten ons aan bij de vragen die de VVD hierover gesteld heeft en ook wel enigszins bij hetgeen wat Liberaal Laren naar voren gebracht heeft. Ware het niet dat wij dus toch een financiële onderbouwing erg missen. Laten we zeggen van, in de stukken wordt op geen enkele manier duidelijk gemaakt wat dat dan allemaal kost en welke financiële risico's daarmee gelopen worden. Er wordt slechts aangehaald, ja, dat er verzekeringspenningen dus in het waarborgfonds gestort kunnen worden en dat daarmee het geregeld is.
Maar dat leidt er niet toe dat ik me een beeld kan vormen in hoeverre dus inderdaad het waarborgfonds, zover dat dan inhoudelijk beter is voor de werknemers, dat dat ook financieel een haalbare kaart is. Dank u wel, voorzitter. De heer Mol: Dank, mijnheer Grunwald. Volgens mij zijn dit overzichtelijke vragen en moeten we er, gaat het ons lukken om eruit te komen. Omdat het risico wat u ziet, dat snappen wij ook gewoon heel erg goed. Volgens mij hebben we in de commissie met elkaar gesproken over het feit dat dit waarborgfonds risicogevallen voor de veiligheidsregio's betrekking heeft op mensen, brandweerlieden, ambulancepersoneel die gedurende de actieve dienst een hoog risico lopen op ongevallen en die daarvoor ook fatsoenlijk gedekt moeten zijn. En een groot aantal veiligheidsregio's loopt er steeds vaker tegenaan dat zij in conflict raken met
de verzekeraar die steeds vaker zoeken naar wat meer verschraling van het verzekering voorzieningenniveau. En vervolgens in conflict raken dat niet alle bij het ongeval opgelopen letsel of schade fatsoenlijk vergoed wordt. En blijkbaar is dit zo hoog opgelopen dat men in het veiligheidsberaad de verschillende veiligheidsregio’s de kop hebben bij elkaar gestoken en hebben gezegd, moeten we niet een fatsoenlijke waarborging met elkaar creëren waardoor we ook een zekere verzekering hebben richting deze mensen dat die ongevallenverzekering gewoon goed geborgd is. En volgens mij heb ik mijn best gedaan om aan u toe te lichten om welke medewerkers het gaat maar u heeft er nog specifiek naar gevraagd. Dus ik ga nu even zorgvuldig toelichten om wie het gaat. Gaat het alleen om risico's van hoogrisicofuncties? Het gaat zowel om beroepspersoneel als vrijwilligers van veiligheidsregio's die onder de werking van het waarborgfonds vallen. Ook personen die bij grote incidenten op het gebied van bevolkingszorg worden ingezet kunnen in uitzonderlijke gevallen risico’s lopen. Ook deze personen vallen onder de werking van het waarborgfonds. Medewerkers die ingezet worden voor speciale functies zoals hoogteredding of duiken, vallen ook onder de werking van de nieuwe ongevallenverzekering en het waarborgfonds.
Dit antwoord is nu ook aangevuld voor wat betreft bevolkingszorg maar wij kunnen in de zienswijze nog eens een keer aandacht vragen voor de reikwijdte namelijk, wilt u nog eens heel specifiek toelichten om wie het allemaal gaat. Maar volgens mij hebben we allemaal best een beeld over wie dat gaat. En het gaat er inderdaad om dat men verzekerd is voor ongevallen tijdens de actieve dienst of als je onderweg daarnaartoe bent. Dus niet als je als brandweerman je enkel verzwikt bij de voetbal bijvoorbeeld. Inderdaad gaat het alleen om risico’s tijdens de uitvoer van de functie. Gedekt zijn ongevallen van personeel, beroeps en vrijwilligers, voortvloeiend uit taakwerkzaamheden die zij voor de veiligheidsregio verrichten. Wat betekent dit dan, even kijken, wat betekent dit dan voor de kosten? Nou, volgens mij zegt het stuk dat we ervan uitgaan dat het kostenneutraal kan maar dat weten we natuurlijk niet zeker. Want volgens mij zegt het stuk ook, we gaan er nu een haalbaarheid naar doen want wij hebben nu een risico afgedekt via een verzekering die een zekere verschraling beoogt en wij willen dit met elkaar natuurlijk fatsoenlijk geregeld hebben. Dus of dit uiteindelijk nog tot een kostenstijging gaat leiden, dat weten we niet, we verwachten dat het kostenneutraal is.
Maar misschien is het een heel goed idee om in de zienswijze op te nemen dat wij geïnformeerd worden zodra deze verkenning gaat leiden tot een kostenverhoging voor de deelnemers. Mijn persoonlijke verwachting is echter dat het risico dat Laren al loopt, of wij zijn hier namelijk al collectief voor verzekerd. En dat is niet een spectaculaire hoge kostenpost, is onze verwachting. Dus ik verwacht ook dat het risico voortvloeit aan het aangaan van deze deelnemen aan het waarborgfonds ook niet heel erg hoog is. Dus ik denk niet dat we hem apart moeten gaan afdekken als risico in de begroting maar laten we dan wel in de zienswijze opnemen, alertheid op de eventuele kostenverhoging van deze voorziening voor de deelnemers en dat we erover geïnformeerd willen worden. Dan heeft u eigenlijk een derde vraag gesteld, kunnen we daar ook iets over opnemen in de zienswijze, over de consequenties wat betreft de kosten? En volgens mij heb ik erin voorzien om dat te doen. En zou ik eigenlijk, als alle fracties het daarmee eens zijn, als zodanig een zienswijze willen opstellen die betrekking heeft op de alertheid op de kosten en de informatieplicht vanuit het veiligheidsberaad. En ik kijk even rond. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Een aanvullende vraag op uw voorstel. Daaruit maken we niet op dat wij pers se, als het hoger uitvalt, daarmee al de discussie gevoerd hebben.
Het is puur dan kennisnemen van het onderzoek wat plaatsvindt. Want maar niet dat we nu indirect ook meteen al zeggen, als het duurder wordt, dan haken we af. De heer Mol: Dat heeft u mij inderdaad niet horen zeggen maar ik denk dat dat heel ingewikkeld gaat worden. De heer Van den Berg: Ja, ‘…’ bedoeling. Ik zou namelijk eigenlijk zonder amendement of zonder vragen dit bij hamerstuk willen afwikkelen maar het is goed dat er andere vragen gesteld worden.
De voorzitter: Ja. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik had een andere vraag. Er is een stukje eigen risico, dat wordt hier helemaal niet in opgenomen. Is dat van belang, wordt dat meegenomen, is dat ter sprake? Dat was mijn eigen vraag nog. De heer Mol: Mevrouw Van Dorst, zo diep zit ik niet in de ongevallenverzekering voor deze beroepsgroep. Maar volgens mij is het, volgens mij voorziet het stuk in beantwoording van best wel veel vragen die er zijn. De heer Loeff. De heer Loeff: Ja, dank u, voorzitter. Naar aanleiding van uw beantwoording ben ik eigenlijk wel benieuwd wat dan het bedrag is dat Laren kwijt is aan de bijdrage in de verzekering? Dan weten we ook over welke orde van grootte we spreken en wat dan een eventueel risico is voor stijging als dat waarborgfonds toch nader gevuld moet worden. Want ja, gaat dat over 10.000 euro, gaat dat over 100.000 euro, gaat dat over … We hebben eigenlijk geen idee. Dus het zou fijn zijn als we daar in ieder geval inzicht in hebben. De heer Mol: Ja. Daar heb ik zojuist een antwoord op gekregen. Dat is wat wij nu kwijt zijn aan kosten is 2.500 euro per jaar. Aan deze voorziening, verzekeringsvoorziening. De heer Vos. De heer Vos: Ja, dank u wel, voorzitter. Mijn buurman heeft al een vraag gesteld maar naar aanleiding van uw betoog had ik toch nog een vervolgvraag.
De voorzitter: Er is één spreker per fractie, dat hebben we altijd gehanteerd. De heer Vos: Ja, dat weet ik. Ja, dat weet ik, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dus het woord is aan de heer Grunwald. De heer Vos: Maar ik had een vraag naar aanleiding van uw opmerkingen. De voorzitter: Ja. De heer Vos: Als ik het goed begrepen heb, maar misschien kunt u ... De voorzitter: Nee, mijnheer, echt, ik moet nu echt de orde handhaven. De heer Vos: Ja, maar … De voorzitter: U doet echt uw stinkende best om mij dit steeds te doen maar het woord is echt aan de heer Grunwald. Dat hebben we met elkaar zo in de orde afgesproken. De heer Vos: Ja. De voorzitter: De heer Grunwald. De heer Grunwald: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou weet ik niet wat mijn fractiegenoot wilde vragen dus dat kan ik ook niet doen. Maar goed, nu dat ik toch het woord heb vind ik toch wel, wil ik toch even reageren. Ik hoor hier 2.500 euro per maand verzekeringspenningen. En dan heb ik meteen zoiets, maar daarmee vul je toch geen waarborgfonds? Of per jaar zelfs.
De heer Mol: De vraag is gesteld wat de kosten zijn die wij hier kwijt aan zijn. De heer Grunwald: Nou, ik wil eigenlijk toch u eraan houden in de zienswijze op te nemen dat er een deugdelijke financiële omschrijving komt van wat er allemaal gebeurt. Inderdaad, dat risico willen we even lopen. En dat dat dus uiteindelijk als dat niet naar de wens van deze raad is, dat we dat ook kunnen afwijzen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Helder. Beste mensen, ik heb niemand gehoord ter steun van een aanvulling van de zienswijze. Maar het moet wel gedragen namens de raad gebeuren hè? De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ontstaat enige lichte ergernis maar wij doen een technische behandeling in de commissie. Nou, terecht heeft de VVD zeg maar nog een aanvullende vraag gesteld. Zelfs gesteld dat als die vraag beantwoord was, dat ze met een amendement hadden willen komen wat nu niet kan. Ik zou het kort samen willen vatten, gaan we schorsen zodat er een amendement komt of gaan we gewoon dit afhameren en dat u doorkomt en dat we met de toezegging die u gedaan heeft dat het terugkomt het onderzoek en dat we dan dat nog eens gaan bekijken. En wat ik uit de lucht wil halen is dat het niet zozeer over sec de premie gaat die wij betalen maar over de mensen die voor ons aan het werk zijn en dan tijdens dat werk een ongeluk krijgen en niet in een verzekeringskwestie moeten raken.
Daar ging volgens mij in de kwintessens het verhaal over. Dat zou ik u willen meegeven als voorzitter, hopelijk dat u dat met onze raad tot afstemming kan krijgen. De voorzitter: Volgens mij kan niemand daartegen zijn. De heer … Ja, nu loopt alles, nu loopt de soep echt door de yoghurt. Volgens mij heeft iedereen duidelijke standpunten over het stuk kunnen innemen. Mijnheer Koldenhof, u heeft een vraag gesteld, ik heb ze beantwoord. Ik heb een suggestie gedaan en heb het ook nog gevraagd aan de andere fracties. Mijnheer Koldenhof, wat is uw standpunt? De heer Koldenhof: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wilde inderdaad mijn reactie geven op uw antwoord. En daarmee kunnen we volgens mij ook naar een einde van wat mij betreft en in ieder geval wat de VVD betreft moet ik dan zeggen, naar een einde van deze behandeling. Nu ik de kosten hoor denk ik, ja, waar gaat het over? Waarom had u dit niet gewoon in een brief kunnen zetten, dan hadden wij deze discussie eigenlijk helemaal niet hoeven hebben. En dan denk ik wel van, ja, die informatie die was toch niet zo moeilijk op te lepelen. Nou, maar in ieder geval, dan ben ik blij niettemin met uw toezeggingen om deze op te nemen in de zienswijze.