CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

B23 00828 BIJLAGE 2 - ontwerpbegroting 2024

Gemeenteraad 28 juni 2023, gemeente larenBij agendapunt: Zienswijze begroting 2024 en resultaatbestemming 2022 van de Regio Gooi en Vechtstreek41.838 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Deze instrumenten zijn: het aanhouden van middelen in rekening courant en het aanhouden van middelen in deposito’s;  Uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning. f. Relatiebeheer Doelstelling van het relatiebeheer is het zorgdragen van een permanente beschikbaarheid van bancaire en financiële diensten tegen vooraf overeengekomen kwaliteit en prijs. Relatiebeheer omvat het onderhouden van relaties met financiële instellingen en het Agentschap. De treasuryfunctie van de Regio beoogt het realiseren van gunstige c.q. marktconforme condities voor af te nemen financiële diensten. De publieke rechtsvorm van de Regio maakt het aangaan van andere relaties dan met de Bank Nederlandse Gemeenten niet vanzelfsprekend. De keuzevrijheid is daardoor in de praktijk niet aanwezig.

Leningverstrekking en garantieverlening De wet Fido geeft aan dat geldleningen slechts mogen worden verstrekt of garant mag worden gestaan, als aantoonbaar is dat dit past in de uitoefening van de publieke taak. Deze wet schrijft voor zo weinig mogelijk risico's te nemen met onder meer leningen en garanties. Tot 2020 gaf de financiële verordening van de Regio geen mogelijkheid tot het verstrekken van leningen aan derden. Voortkomend uit de inbesteding van het doelgroepenvervoer bij Vervoer Gooi en Vechtstreek, ontstond het verzoek om het verstrekken van leningen mogelijk te maken. De financiële verordening is hierop aangepast, waarbij in artikel 15 lid 1 sub b is opgenomen dat een uitzondering gemaakt kan worden wanneer de Regio een lening wil verstrekken aan verzelfstandigde uitvoerende eenheden waarin de Regio Gooi en Vechtstreek met 80% of meer zeggenschap vertegenwoordigt.

Wettelijke normen De Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) geeft de wettelijke kaders voor de treasuryfunctie van decentrale overheden. Een belangrijk uitgangspunt van de wet is dat er voorzichtig moet worden omgegaan met publieke middelen. Dit uit zich onder andere in de beheersing van renterisico’s. Hierbij gelden als wettelijke normen de kasgeldlimiet en de renterisiconorm, welke in het treasurystatuut zijn opgenomen. Daarnaast moeten tijdelijk overtollige middelen boven een vastgestelde drempel worden aangehouden in ‘s Rijks schatkist. Kasgeldlimiet De Regio mag haar activiteiten niet onbeperkt met kort geld financieren. In de Wet fido is hiervoor de kasgeldlimiet opgenomen, waarmee een maximum wordt gesteld aan de netto kortlopende schuld. De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen is gelijk aan 8,2% van het begrotingstotaal van de oorspronkelijke begroting. Doelstelling is dat de gemiddelde netto kortlopende schuld van een openbaar lichaam de kasgeldlimiet niet overschrijdt. In de volgende tabel is een vergelijking opgenomen tussen de kasgeldlimiet en de netto kortlopende schuld. 69

Nr. Omschrijving BEREKENING KASGELDLIMIET 1 Begrotingstotaal aan lasten 2 Wettelijk percentage 3 Kasgeldlimiet (1 x 2)

2024

2025

2026

2027

97.927 8,2% 8.030

95.067 8,2% 7.795

94.384 8,2% 7.740

94.485 8,2% 7.748

BEREKENING NETTO KORTLOPENDE SCHULD 4 Kortlopende schuld 5 Kortlopende middelen 6 Netto kortlopende schuld (4 – 5)

5.658 4.240 -1.418

5.658 4.240 -1.418

5.658 4.240 -1.418

5.658 4.240 -1.418

TOETS AAN KASGELDLIMIET 3 Kasgeldlimiet (in bedrag) 6 Netto kortlopende schuld 7 Ruimte (+) / overschrijding (-)

8.030 -1.418 9.448

7.795 -1.418 9.213

7.740 -1.418 9.158

7.748 -1.418 9.166

De kasgeldlimiet wordt bij de Regio niet overschreden. In percentage ten opzichte van de begroting heeft de Regio nog 9,6% ruimte binnen de kasgeldlimiet (7/1 * 100%). Renterisiconorm Met het betreden van de kapitaalmarkt dient ook rekening te worden gehouden met de renterisiconorm zoals de Wet Fido die stelt. Deze norm heeft als doel het toekomstig renterisico te beperken door de aflossingen en renteherzieningen te spreiden. Voorkomen moet worden dat er in enig jaar een te grote concentratie plaatsvindt van aflossingen en renteherzieningen op lopende leningen. Het renterisicobedrag wordt volgens de Wet Fido berekend als de som van de renteherzieningen en de aflossingen. De vraag is welk deel van de portefeuille aan vaste schuld in enig jaar geherfinancierd moet worden uit het aangaan van nieuwe leningen behorend tot de vaste schuld, en voor welk deel van de vaste schuld de geldnemer een wijziging van de rente niet kan beïnvloeden. Het totale renterisicobedrag mag niet groter zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Het minimum bedrag voor de ruimte binnen renterisiconorm is € 2.500.000. In de volgende tabel is een en ander voor de jaren 2024 tot en met 2027 in kaart gebracht. Bedragen x €1.000

Nr. 1 2 3

Omschrijving Begrotingstotaal Wettelijk percentage Renterisiconorm (1 x 2)

2024 97.927 20% 19.585

2025 95.067 20% 19.13

2026 94.384 20% 18.877

2027 94.485 20% 18.897

4 5 6 7

Renteherzieningen Nieuwe aangetrokken vaste schuld Aflossingen nieuw aangetrokken schuld Aflossingen op vaste opgenomen schuld Bedrag waarover renterisico gelopen wordt (4+6+7) Ruimte onder renterisiconorm (3 - 8)

0 7.100 0 3.110

0 5.520 0 3.820

0 4.388 0 4.372

0 2.133 0 4.811

3.110

3.820

4.372

4.811

16.475

15.193

14.505

14.086

8 9

De bedragen aan langlopende leningen waar de Regio de komende jaren een renterisico over loopt, blijven ruimschoots binnen de wettelijke norm (wet Fido), zoals uit de tabel blijkt. Schatkistbankieren Op 10 december 2013 heeft de Eerste Kamer met de Wet Houdbare Overheidsfinanciën (wet HOF) en de wijziging van de Wet financiering decentrale overheden vastgesteld. Door de Wet vast te stellen zijn alle decentrale overheden verplicht om met ingang van 1 januari 2014 alle overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist bij het Rijk, om zo de staatsschuld te beperken. Gemeenschappelijke Regelingen zoals de Regio Gooi en Vechtstreek vallen ook onder de Wet financiering decentrale overheden. Het woord overtollig verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet direct nodig hebben voor de uitoefening van hun publieke taak. De bij de schatkist gestalde middelen zijn rentedragend. 70

Het ministerie van Financiën opent bij de schatkist een rekening voor de Regio, bestemd voor het schatkistbeleggen. Hierop vinden alle transacties tussen de Regio en het ministerie plaats. Mutaties tussen de schatkist moeten plaatsvinden met een speciaal hiervoor te openen rekening bij de huisbankier van de Regio. Onze huisbankier, de BNG, heeft voor de Regio een schatkistbeleggingsrekening geopend. Door de centrale overheid is er wel een drempel ingebouwd. De hoogte van deze drempel is afhankelijk van de financiële omvang. In de beleidsdoorlichting schatkistbankieren van juli 2019 is onder meer geconstateerd dat decentrale overheden kampen met administratieve lasten bij schatkistbankieren. Het kabinet heeft in de beleidsdoorlichting het probleem erkend dat met name decentrale overheden die structureel rood staan en slechts incidenteel overtollige middelen hebben met hogere administratieve lasten te maken hebben dan gewenst is. Met een eventuele verhoging dan wel een andere berekening van het drempelbedrag wilde het kabinet aan deze bezwaren tegemoet komen. Het drempelbedrag dat is vastgelegd in artikel 7 lid 2 van de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden is aangepast op onderstaande punten:  een verhoging van de ondergrens van € 250.000 naar € 1 miljoen euro;  een verhoging van het percentage begrotingstotaal t/m € 500 miljoen euro van 0,75% naar 2%.

Gelet op de begrotingsomvang van onze organisatie van € 97,8 miljoen gaat het om een bedrag van ongeveer € 1.950.000, dat buiten de schatkist gehouden mag worden.

Rente ontwikkelingen De Europese Centrale Bank (ECB) voert het monetaire beleid uit voor het Euro gebied. De belangrijkste taak is het in de hand houden van de Europese inflatie. Hiervoor heeft de Europese Centrale Bank verschillende instrumenten tot zijn beschikking. Een belangrijk instrument is het rente-instrument. De rentevorming op de geldmarkt in de eurozone wordt als het ware ‘bepaald’ door de Europese Centrale Bank (ECB), in tegenstelling tot de rente op de kapitaalmarkt, die niet direct gestuurd wordt door het monetaire beleid van de ECB. Indirect heeft de ECB wel invloed op de kapitaalmarktrente, omdat de kapitaalmarktrente wordt beïnvloed door de geldmarktrente. De rente op de geldmarkt is in het algemeen lager dan de rente op de kapitaalmarkt. Op de kapitaalmarkt wordt het geld voor een langere tijd vastgelegd en daarom is de rente vaak hoger. De dalende trend van de afgelopen 30 jaar is in 2022 abrupt beëindigd. In de strijd tegen de inflatie heeft de ECB gedurende 2022 de rente meerdere keren verhoogd. Daar waar op 1 januari de rente nog 0,0% was, eindigde 2022 met een rentestand van 2,5%. Inmiddels heeft nog een renteaanpassing plaatsgevonden op 2 februari 2023, waarmee zij op 3,0% is gekomen.

Wijzigingsdatum Rente 02-02-2023 3,00% 15-12-2022 2,50% 27-10-2022 2,00% 08-09-2022 1,25% 21-07-2022 0,50%

71

Historische renteontwikkeling De renteaanpassingen van de ECB hebben directe gevolgen voor de kapitaalmarkt. Onderstaande grafiek geeft een beeld van de historische kapitaalmarktrente en de renteontwikkeling in de afgelopen tien jaar.

De prijs die op de kapitaalmarkt tot stand komt door vraag en aanbod is de kapitaalmarktrente. Daarbij geldt: bij een lage inflatie is men eerder bereid geld uit te lenen. Hierdoor stijgt het aanbod op de kapitaalmarkt, wat de rente doet dalen. Jarenlang was de inflatie in Nederland heel laag, maar dat is sinds eind 2021 anders. De inflatie is niet eerder zo hoog geweest. In onderstaande grafiek zijn de ontwikkelingen in 2022 van de inflatie, de euribor (3-maands)rente en de rente op de kapitaalmarkt opgenomen.

72

Uit bovenstaande grafiek blijkt dat zowel de lange rente als de korte rente vanaf begin 2022 sterk zijn opgelopen. In die periode liep de 10-jaars rente op van circa 0,0% naar circa 2,8%. De 3-maands rente is in diezelfde periode opgelopen van circa -0,6% naar 2,1%. Prijzen van consumentengoederen- en diensten waren in 2022 gemiddeld 10,0% hoger dan in 2021. In 2021 was de inflatie 2,7%. De inflatie van 2022 is de hoogste na 1975. In dat jaar waren consumentenproducten gemiddeld 10,2% duurder dan een jaar eerder. De hoge inflatie wordt voor belangrijke mate veroorzaakt door de energiecrisis en een aantal andere economische ontwikkelingen. De energiecrisis De inflatie is in 2022 uitgekomen op een ongekend hoog niveau van 10,0%. De totale inflatie wordt voor een groot gedeelte gedreven door de energiecomponent, omdat energie een groot deel van de kosten voor mensen en bedrijven uitmaakt. Prijzen van gas en elektriciteit stegen al fors in de tweede helft van 2021, maar toen in februari 2022 ook nog de oorlog in Oekraïne uitbrak (en Rusland de gas-kraan dichtdraaide), gingen energieprijzen nog veel verder omhoog. De energieprijzen voor consumenten zijn in 2022 met ruim 110% gestegen ten opzichte van 2021 en dragen ongeveer 4,6%-punt bij aan de totale inflatie.

In het najaar van 2022 kondigde het kabinet twee maatregelen aan om de energiekosten van huishoudens te verlagen: de tijdelijke maatregel voor tegemoetkoming in de energieprijzen en het prijsplafond op energie. De tegemoetkoming, die in november en december 2022 is uitgekeerd, wordt gezien als een inkomenssteun en heeft daarom geen invloed op de CPI. Het prijsplafond per januari 2023 heeft wel een directe invloed op de prijs van geleverde elektriciteit of gas en wordt daarom vanaf januari wel meegenomen in de CPI. Energie is een belangrijke kostenpost in de meeste productieprocessen, waardoor hoge energieprijzen doorsijpelen naar de prijzen van andere consumptiegoederen; voeding is nu een van de overgebleven stuwers van inflatie. Voedingsmiddelen zijn gestaag in prijs door blijven stijgen. Het risico is aanwezig dat dit proces zich in toenemende mate voortzet op de middellange termijn. De economische ontwikkelingen In 2022 heeft de Nederlandse economie twee gezichten gehad. Na het positieve effect van de heropening uit de laatste coronamaatregelen, kregen de aanhoudende onzekerheid en de sterk gestegen energieprijzen in de loop van het jaar duidelijk de overhand. Terwijl de economie in het eerste halfjaar van 2022 nog volop draaide, is de werkloosheid sinds de zomer langzaam opgelopen en is de economische groei in de tweede helft van het jaar omgeslagen naar een krimp.

Over 2022 gemiddeld is de groei van het bruto binnenlands product (bbp) alsnog op 4,2% uitgekomen, vooral door het sterke herstel eind 2021 en door de groei in de eerste twee kwartalen. Met uitzondering van 2021 (4,9%) is dit het hoogste groeicijfer sinds 2000. Naar verwachting is de inzinking in de tweede helft van 2022 van korte duur. In de loop van 2023 kan de economie weer langzaam op gang komen, ondersteund door het overheidsbeleid om de gevolgen van de energieprijsstijging op te vangen. Over heel 2023 wordt op dit moment een stabilisatie verwacht, met een bbp-groei van 0,8%. Naar verwachting groeit het bbp in 2024 weer met het trendmatige tempo. Dit betekent dat de spanningen tussen vraag en aanbod in de economie de komende jaren nauwelijks afnemen, wat tot uitdrukking komt in een aanhoudend krappe arbeidsmarkt en een inflatie die slechts langzaam afneemt. Door deze krapte in combinatie met de hoge inflatie nemen de loonstijgingen toe. Rekenrente Vanaf 2017 is de bepaling van de rekenrente gewijzigd op grond van de nieuwe BBV-regels. De rekenrente wordt bepaald aan de hand van het feitelijke rentepercentage van aangegane leningen. Op basis van de gegevens van de ECB en de BNG heeft de Regio er voor gekozen om 1,30% voor de rekenrente aan te houden.

Het bij de begroting gecalculeerde omslagrentepercentage is binnen een marge van 0,5% afgerond, deze was 1,27% en is berekend door de werkelijke toe te rekenen rente (in Euro's) te delen door de boekwaarde van de vaste activa per 1 januari 2023 (€ 34.409.866) die integraal zijn gefinancierd. In de volgende tabel is uitgewerkt hoe de berekening van het renteresultaat tot stand is gekomen.

73

Renteschema a. b.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten

c1. c2.

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (projectfinanciering) die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

c3.

437.514 437.514 -

437.514

d1. d2.

Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

437.514

e.

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-437.514

f.

Renteresultaat op het taakveld Treasury

€ 0

De verwachting is dat het omslagrentepercentage de komende jaren gaat stijgen. Dit wordt veroorzaakt door het feit dat de toekomstig af te sluiten leningen tegen een hoger rentetarief afgesloten worden dan de huidige omslagrente, rekening houdend met de huidige marktrente van 3,3%. De omslagrente stijgt van 1,27% in 2024 naar 2,28% in 2027. Mocht de marktrente nog verder stijgen heeft dit direct een effect op de omslagrente.

Prognose financieringsbehoefte Het uitgangspunt is dat financiering met vreemd vermogen zoveel mogelijk wordt beperkt door primair het beschikbare eigen vermogen te gebruiken teneinde het renteresultaat te optimaliseren en het renterisico te beperken. De komende jaren verwachten wij een financieringsbehoefte die wordt veroorzaakt door de doorlopende investeringen, het meerjarig investeringsprogramma en het inzetten van reserves en voorzieningen. De aanname bij de prognose van deze financieringsbehoefte is dat investeringen worden gerealiseerd. Aangezien het eigen vermogen van de Regio beperkt is, moet rekening gehouden worden met het aantrekken van een lening. Het is van belang inzicht te hebben in de planning en de voortgang van de lopende en voorgenomen investeringen om te kunnen anticiperen op de financieringsbehoefte. Wij trachten voortdurend in de rentesfeer te optimaliseren. De rente is inmiddels in een jaar tijd aanzienlijk gestegen; uit navraag blijkt dat de BNG op dit moment lange termijnleningen aanbiedt voor 3,3%, maar ook rentetarieven voor korte termijnleningen liggen in deze lijn. Hierdoor wordt het steeds belangrijker om afwijkingen in planning en uitvoering van de voorgenomen investeringen te voorkomen, omdat dit mogelijk een financieringsrisico met zich meebrengt.

Voor 2024 verwachten we een nieuwe lening aan te gaan voor een bedrag van € 7.100.000 tegen 3,3% rente. Deze zal worden ingezet ten gunste van de geplande investeringen zoals opgenomen in de bijlage ‘Investeringsoverzicht’.

74

Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering

Algemene ontwikkelingen Bedrijfsvoering betreft alle faciliterende activiteiten die de organisatie in staat stelt langdurig te presteren en maatschappelijke waarde te creëren. Denk hierbij aan personeelsbeleid, huisvesting, financiën, ICT, inkoop, kwaliteit en control. Een goede bedrijfsvoering is een voorwaarde voor het uitoefenen van en het ‘in control’ zijn over onze primaire taken en bedrijfsprocessen. Steeds meer is bedrijfsvoering gericht op servicegericht werken, flexibiliteit, eigenaarschap en maatwerk. Vakinhoudelijk verschuift de aandacht steeds meer naar het in control zijn, informatiegestuurd werken, strategisch personeelsbeleid, impactgericht denken en werken, duurzaamheid en digitalisering. En dat alles tegen zo laag mogelijke kosten en met een zo hoog mogelijke kwaliteit. Doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid zijn de daarbij behorende begrippen waar publieke organisaties zoals de Regio aan gehouden zijn. Bedrijfsvoering zal het handelen volgens deze principes in de gehele organisatie moeten blijven stimuleren.

Bij de Regio wordt hier continu aan gewerkt langs een vijftal thema’s: 14  De advisering vanuit Bedrijfsvoering op SCOPAFIJTH disciplines is adequaat en ondersteunend van aard  De informatievoorziening is op orde, veilig en speelt in op vragen en ontwikkelingen  Onze financiële bedrijfsvoering is toekomstbestendig, actueel en accuraat  De (interne) dienstverlening is servicegericht, efficiënt en duurzaam  De HR-instrumenten dragen bij aan een professionele eigentijdse werkomgeving

Binnen het veld van de bedrijfsvoering gaat een aantal zaken permanent door. Van administratieve processen tot meer strategische vraagstukken. In navolging van 2023 ligt ook in 2024 het accent op de digitale transformatie en de uitwerking van de strategische huisvestingsvraagstukken. Het is noodzakelijk dat de draagkracht van de organisatie goed in evenwicht is met de opgaven die wij voor inwoners en gemeenten uitvoeren en dat de dienstverlening te allen tijde op een acceptabel niveau blijft. Ook speelt mee dat de (kwaliteits-)eisen vanuit het Rijk op een aantal terreinen steeds verder worden uitgebreid. Naast extra druk op de primaire operatie ontstaat hierbij ook extra werkdruk op de ondersteunende eenheden binnen Bedrijfsvoering. Zowel de uitvoerende als de ondersteunende eenheden zijn kwetsbaar. Hierbij speelt ook de huidige arbeidsmarkt een belangrijke rol. Ook binnen Bedrijfsvoering is veel specialistische kennis nodig, om ondersteuning te kunnen leveren aan de uitvoerende eenheden. Tegelijkertijd vraagt de extra werkdruk op de ondersteunende eenheden om uitbreiding zodat continuïteit gegarandeerd blijft. Met de huidige krappe arbeidsmarkt is het invullen van deze functies een uitdaging gebleken. Om de stafeenheid Bedrijfsvoering te versterken brengt dit een structurele investering in onze organisatie met zich mee.

ICT en Informatievoorziening Op basis van diverse externe en interne ontwikkelingen heeft de Regio tijdens het eerste kwartaal 2023 haar Informatiebeleid 2023-2026 vastgesteld. In dit beleid heeft de Regio uitgesproken toe te willen naar een informatievoorziening die: a) betrouwbaar is; b) wendbaar is; en c) inwoner gedreven is. Een betrouwbare informatiehuishouding (a) garandeert dat de continuïteit van de bedrijfsprocessen van de Regio 24/7 geborgd is, dat de informatiehuishouding aantoonbaar veilig is en daarmee voldoet aan normen op bijvoorbeeld AVG-, BIO-, ISO- en NEN-gebied. Een wendbare informatiehuishouding (b) is noodzakelijk in een continu veranderende samenleving waarop de Regio op een moderne, schaalbare en flexibele wijze dient in te spelen. Dit geldt zowel voor

14

SCOPAFIJTH staat voor de verschillende disciplines op het gebied van Security, Communicatie, Organisatie, Personeel, Administratieve organisatie en control, Financien, Informatie, Juridisch, Technologie en Huisvesting 75

de dienstverlening aan inwoners en gemeenten, maar ook voor de behoefte om medewerkers overal, altijd en veilig te kunnen laten werken. Inwoners moeten kunnen rekenen op een dienstverlening die persoonlijk, toegankelijk en transparant is (c). Hierop dient de informatiehuishouding van de Regio gericht te zijn, waarbij datagedreven zijn het middel is, niet het doel. Voor de begrotingsperiode 2024-2027 betekent dit dat de Regio de in 2023 ingezette stappen op het gebied van Cloud-migratie en het moderniseren van diverse applicaties voortzet. Op de agenda staan onder meer: het doorontwikkelen van de Cloud-infrastructuur; het inbedden van Cloud-, informatie- en technische architectuur; het investeren in informatiebeveiliging (beleid, bemensing, NEN, etc.); ICT beleidsontwikkeling; het doorontwikkelen van Business Intelligence; het doorgroeien naar een I&A regie-organisatie; het introduceren van portfolio management inzake projecten. Financiën De basis van een goede financiële bedrijfsvoering begint bij een betrouwbare financiële administratie, doelmatige processen en proactief advies. De organisatie moet kunnen vertrouwen op een financiële administratie die foutloos is en die overzichtelijke informatie levert. In 2023 is de Regio gestart met een nieuw financieel pakket, Civitas, vanuit de wens om procesverbeteringen door te voeren en processen steeds meer te digitaliseren.

In 2024 blijft de doelstelling steeds meer te laten verlopen via een verplichtingenadministratie, die snelheid en efficiëntie in de financiële afhandeling van inkooporders en contracten met zich meebrengt. Met het nieuwe financiële systeem is tegelijkertijd een stap gezet op gebied van het verbeteren van de managementinformatie. Met behulp van Microsoft Power BI wordt het mogelijk om onder andere dashboards en rapportages te maken die de organisatie kan voorzien van stuurinformatie, de Regio dagelijks inzicht geeft in de cijfers met betrekking tot budgetruimte, debiteurenstanden etc. 2024 staat in het teken van het verder ontwikkelen van Civitas, met het oog op enerzijds het vergemakkelijken van de rechtmatigheidscontroles en anderzijds het verbreden van de managementinformatie. Inkoop en aanbesteding Op de juiste wijze inkopen en aanbesteden is voor ons als overheidsorgaan van groot belang. Op basis van een concernbrede inkoopagenda wordt integraal afgewogen welke contracten aflopen en op welke wijze de inkoop wordt vormgegeven. Het draagt bij aan mogelijke besparingen, geeft een zichtbare verbetering van kwaliteit van opdrachten en/of innovatie. Het rechtmatig zijn van de uitgaven blijft hierbij altijd uitgangspunt, aandachtspunt en prioriteit. We houden ons aan wet- en regelgeving en gaan zo doelmatig en bewust mogelijk om met gemeenschapsgeld.

In 2023 is de Regio gestart met werken in een nieuw document management systeem (DMS). Bij de ontwikkeling van dit DMS is extra aandacht besteed aan de vastlegging van 15 inkooptrajecten. Tezamen met het registreren van de CPV-code op orderniveau in het nieuwe financiële pakket Civitas, zet de Regio stappen op het verder professionaliseren van het rechtmatig inkopen en aanbesteden binnen het met gemeenten ontwikkelde inkoopbeleid. Ook in 2024 ligt de focus op rechtmatig inkopen en aanbesteden. Dienstverlening en huisvesting In 2023 zijn grote stappen gemaakt met het inrichten van het digitaal gebouwendossier. Voor het Regiokantoor en de GAD-locaties zijn alle benodigde tekeningen, onderhoudsrapportages en vereiste wettelijke keuringsrapporten centraal ondergebracht. Met een dashboard en signaleringen wordt bijtijds aangekondigd welke acties dienen te worden uitgevoerd om daarmee te voldoen aan wet- en regelgeving en daarmee de veiligheid van medewerkers en bezoekers te waarborgen. In 2024 wordt vervolg gegeven aan het verder inrichten van het digitaal gebouwendossier, waarbij de locaties van Jeugd & Gezin in het dossier worden ondergebracht.

15

De Common Procurement Vocabulary (CPV) is een gemeenschappelijke woordenlijst van de EU, waarmee codes worden toegekend aan alle mogelijke soorten overheidsopdrachten voor diensten, leveringen en werken. Aanbestedende diensten moeten bij Europese aanbestedingen dit classificatiesysteem toepassen. 76

Er zijn stappen gemaakt in de ontwikkeling van de herhuisvesting van de consultatiebureaus in Huizen met de (ver)bouw van wijkcentrum Bovenmaat-West en de ontwikkeling van het voormalig buurtcentrum De Lelie en de Paulusschool in Hilversum. Verwacht wordt dat de locaties medio 2024 operationeel zijn. Ook in Loosdrecht is de ontwikkeling van een Integraal Kind Centrum (IKC) weer opgepakt. Het realiseren van een buurtcentrum in Kortenhoef is vooralsnog gepauzeerd. Met de komst van Versa Welzijn in 2023 zijn de beschikbare vierkante meters in het Regiokantoor verhuurd. Inmiddels zijn de aanpassingen in de ontvangstruimte afgerond, waardoor een meer klantvriendelijke uitstraling tot stand is gekomen die ook de veiligheid van de baliebezetting beter beschermt. In de ruimtes achter de balie zijn werkplekken beschikbaar gekomen voor medewerkers, of voor een Regiobreed servicecentrum. HR en organisatie-ontwikkelagenda Strategisch Personeelsbeleid De Regio wil een toekomstbestendige organisatie zijn, met gedreven, professionele en vitale medewerkers die hun vak verstaan. De Regio kent verschillende resultaatverantwoordelijke eenheden (RVE’s) en daarbinnen een grote verscheidenheid aan vakgebieden. Het personeelsbestand van de Regio is om die reden erg divers. Het is daarom zaak om met een strategisch personeelsbeleid hierop in te spelen en waar nodig te kunnen specificeren per RVE.

Begin 2023 is gestart met het vormgeven van dit strategisch personeelsbeleid samen met de OR met een looptijd van twee jaar (2023-2024). Dit strategisch Personeelsbeleid heeft de vorm van een kapstok. Het geeft richting en brengt samenhang in de ontwikkeling en actualisatie van ons HR-beleid en -instrumenten. Het biedt geen definitief antwoord op alle vragen; onze regio en onze organisatie verandert continu en er zullen jaarlijks nieuwe behoeften ontstaan. Wel wordt getracht een antwoord te bieden op de personele vraagstukken die nu per RVE spelen. Denk hierbij aan een hoog verzuimpercentage, moeilijk vervulbare vacatures, vergrijzing, werk en privé balans etc. Er is daarom in eerste instantie gekozen voor een periode van twee jaar waar we aan de slag gaan met een aantal hoofddoelen, waar het HR-beleid en HR-instrumenten over worden verdeeld. In 2024 zal er vooral ingezet worden op de in-, door- en uitstroom van medewerkers. We hebben te maken met een zeer krappe arbeidsmarkt en daar moet de Regio op acteren. Denk hierbij aan: arbeidsmarktcommunicatie, introductiebeleid, mobiliteit en het creëren van stages, werkervaringsplaatsen en traineeships. Organisatie Ontwikkel Agenda 2022-2025 De Regio werkt voor de gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek.

Zij verwachten van de Regio een goede en betrouwbare dienstverlening, maar ook dat door de Regio actief ingespeeld kan worden op alle ontwikkelingen die op hen afkomen. De Regio heeft met de indeling in resultaatverantwoordelijke eenheden (RVE) een flexibele organisatievorm, die vrij eenvoudig kan worden aangepast aan bijvoorbeeld een wijziging van taken of behoefte aan een verbeterde efficiency. Daarnaast is eind 2021 door het dagelijks bestuur de organisatieontwikkelagenda (OOA) 2022-2025 vastgesteld. Dit document geeft op hoofdlijnen richting aan verdere ontwikkeling en professionalisering van de Regio als samenwerkingsorganisatie en zet in op verbetering van de bedrijfsvoering van de Regio. Naast het voldoen aan nieuwe wet- en regelgeving gaat het om flexibiliteit, het helder toedelen van verantwoordelijkheden, versteviging van de resultaatgerichtheid en een rechtmatige en doelmatige inzet van de publieke middelen. Zaken die vanuit de organisatie-ontwikkelagenda gestart zijn in 2022 en (voor een deel) doorlopen in 2024 zijn: 1. De implementatie van de nieuwe ondersteunende, werkplek onafhankelijk te gebruiken bedrijfsinformatiesystemen MS 365, Decos Join en Lumen Civitas. Deze systemen vervangen verouderde software. Gelijktijdig wordt de beveiliging van de data verbeterd en worden werkprocedures aangescherpt en verbeterd. 2.

Per 1 januari 2024 zijn de RVE’s GGD en Jeugd & Gezin samengevoegd. 3. In 2023 is een onderzoek gestart tot het vormen van een RVE Werk en Onderwijs, waar de teams RBL en WSP ondergebracht zijn. 4. Onderzoek naar accommodatievraagstukken, met als doel een positieve uitwerking op de vaste (huisvesting)lasten en beheerskosten. Vanuit de concernstaf Bedrijfsvoering wordt op deze ontwikkelingen ‘SCOPAFIJTH-ondersteuning’ geleverd. 77

Kwaliteit en Control In 2022 is de Regio gestart met het ISO-certificeringstraject, wat heeft geleid tot een ISO9001:2015 certificering voor de GGD, de GAD, Veilig Thuis en Jeugd en Gezin. 2023 staat enerzijds in het teken van handhaving van het huidige certificaat en anderzijds in het teken van het uitbreiden van de scope met het RBL en het urgentiebureau. Voor 2024 ligt de focus vooral op de interne bedrijfsvoering. Volgend op het ISO-certificeringstraject is in 2023 gestart met een team Kwaliteit en Control. Binnen dit team is ook een interne auditfunctie toegevoegd die toeziet op de naleving van de ISO-norm gestelde eisen, maar ook rondom Wpg, DPIA’s en andere audits heeft deze een controlerende rol. De Regio is namelijk onder de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Wet politiegegevens (Wpg) verplicht een data protection impact assessment (DPIA) uit te voeren. Dat is een instrument om vooraf de privacyrisico’s van een gegevensverwerking in kaart te brengen en om daarna maatregelen te kunnen nemen om de risico’s te verkleinen. Naast de controlerende rol heeft dit team de opdracht om de interne bedrijfsprocessen efficiënter en effectiever in te richten en daar waar nodig te verbeteren. In de toekomst zullen er meer controlerende taken belegd worden binnen de verantwoordelijkheden van dit team.

Eveneens is de rechtmatigheidscontrole onderdeel van de werkzaamheden van dit team. Rechtmatigheid Op 27 september 2022 heeft de Eerste Kamer de Wet versterking Decentrale Rekenkamers aangenomen. Voor gemeenten en eveneens voor de Regio betekent dit dat in 2024 voor het eerst een rechtmatigheidsverantwoording wordt afgeven door het dagelijks bestuur over het verslagjaar 2023. In 2023 zet de Regio de basis neer voor de rechtmatigheidsverantwoording. Voor dit eerste jaar kiezen we voor een verantwoording, gericht op financiële rechtmatigheid en hantering van wettelijke normen. Deze wordt opgesteld door het dagelijks bestuur, en zegt alleen iets over het naleven van wet- en regelgeving, die betrekking heeft op financiële beheershandelingen. Dit is gelijk aan de reikwijdte in de huidige situatie, waar thans de accountant een oordeel over geeft. Dit past bij de toekomstige wettelijke norm. Doelstelling is op termijn om te komen tot een In Control Statement. Met een In Control Statement verklaart het bestuur dat de bedrijfsvoering op alle niveaus dusdanig op orde is dat met redelijke mate van zekerheid kan worden gesteld dat de doelstellingen (strategisch, operationeel, rapportage, compliance) worden gerealiseerd. Er is sprake van Goed Bestuur. Frictiekosten Weesp Bij uittreding van de gemeente Weesp is een schadevergoeding ad € 4.128.201,46 van de gemeente Amsterdam ontvangen.

De gemeenten hebben in het traject aangegeven dat zij geen kostenverhogende effecten willen zien op hun gemeentelijke begroting. Het bedrag voorziet enerzijds in het opvangen van de weggevallen bijdrage van de gemeente Weesp. Daarnaast worden de middelen ook ingezet ter dekking van veranderingskosten, waaronder worden verstaan organisatorische aanpassingen, efficiencymaatregelen (door middel van bijvoorbeeld informatisering & automatisering), mobiliteit van personeel, concentratie van huisvesting en overige maatregelen. Om de aanpak en inzet van deze middelen gestructureerd in te zetten is een eerste inschatting gemaakt van de bestemming met een verdeling van het budget over de verschillende veranderopgaven en de hoogte van de frictiekosten per jaar. In onderstaande tabel is de te volgen aanpak schematisch weergegeven. Het streven is om na 2025 de effecten van de uittreding van Weesp te hebben opgevangen. De groene kolom geeft de investeringen in efficiency en organisatorische maatregelen weer waarmee de (frictie)kosten naar beneden worden gebracht. Bij deze aanpak snijdt het mes aan twee kanten: de frictiekosten Weesp worden gemitigeerd en de kwaliteit en de efficiency van de organisatie wordt structureel op een hoger plan gebracht. 2022 Overblijvende frictiekosten

2023 Efficiencymaatregelen kantoorautomatisering Overblijvende frictiekosten

Inzet bestemmingsreserve op structurele maatregelen

2024 Organisatorische – en personele maatregelen Overblijvende frictiekosten

2025 Organisatorische –en huisvestingsmaatregelen

Overblijvende frictiekosten multiplier effect 78

Binnen de systematiek is in het schema in het groen aangegeven dat de Regio Gooi en Vechtstreek een aantal instrumenten inzet om tot de gewenste kostenvermindering en ombuigingen in de kostenstructuur te komen. Het budget aan frictiekosten levert op lange termijn het meeste effect door investeringen in het volgende pakket aan maatregelen: 1. Digitale transformatie (I&A) 2. Bedrijfsvoering maatregelen (per RVE in te zetten incidenteel budget) 3. Mobiliteit binnen het strategisch personeelsbeleid (HRM) 4. Huisvesting /concentratie functies/organisatorisch (Concern) Deze maatregelen lopen in de praktijk op onderdelen samen en beïnvloeden elkaar. Over de inzet van de vier maatregelen al of niet in combinatie en volgtijdelijkheid wordt bewust nagedacht en gestuurd. Inzake deze maatregelen is een inschatting gemaakt ten aanzien van de te begroten onttrekkingen aan de reserve. In onderstaande tabel is deze weergegeven. Onderdeel Regio GAD Digitale transformatie Bedrijfsvoering Mobiliteit Concern TOTAAL

2022 375

2023 215

2024 100

400 150 100

200 250 100 50 815

100 150 100 375 825

1.025

2025 50 430 100 100 368 1.048

2026

2027

215

100

50

50

265

150

Voor 2024 staat een onttrekking geraamd ter hoogte van € 825.000.

Bedrijfsvoering, Staf, Interne inkoop en Regio lasten Prognose realisatie 2022

Begroting 2023

Begroting 2023 na wijziging

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Lasten Personele lasten Kapitaallasten Materiële lasten Overhead primair proces Overhead Regio Dotatie voorziening Totaal lasten

5.089 809 1.611 0 -5.714 270 2.065

4.660 1.008 924 0 -6.237 270 624

4.660 1.008 924 0 -6.237 270 624

5.828 529 1.670 0 -6.873 270 1.424

5.680 490 1.657 0 -6.853 270 1.243

5.249 472 1.430 0 -6.745 270 675

5.249 489 1.412 0 -6.745 270 675

Baten Gemeentelijke bijdrage Centrumgemeentebijdrage Rijksbijdrage Bijdragen derden Overige baten Totaal baten

-63 0 -168 -4.833 0 -5.064

-88 0 0 -536 0 -624

-88 0 0 -536 0 -624

-89 0 0 -536 0 -625

-89 0 0 -536 0 -625

-89 0 0 -536 0 -625

-89 0 0 -536 0 -625

Lasten Baten Lasten minus baten

2.065 -5.064 -2.999

624 -624 0

624 -624 0

1.424 -625 799

1.243 -625 618

675 -625 50

675 -625 50

Reserves Dotaties Onttrekkingen

4.258 -931

0 0

0 0

0 -799

0 -618

0 -50

0 -50

328

0

0

0

0

0

0

Saldo

79

Toelichting Zoals ook aangegeven in de Bestuursrapportage 2022, sluit de begroting niet meer aan bij de informatiserings - en automatiseringsarchitectuur. Daar waar voorheen in de begroting rekening werd gehouden met kapitaallasten voortkomend uit investeringen, is in de realiteit sprake van hogere materiële lasten vanuit lease/huur constructies onder invloed van de ontwikkelingen op de IT markt in het kader van de transitie van “on -premise” naar “in the cloud”. Dit resulteert in een verschuiving van kapitaallasten naar materiele lasten ter hoogte van € 480.000. Zoals aangekondigd in de Kaderbrief 2024 is het noodzakelijk dat de draagkracht van de organisatie goed in evenwicht is met de opgaven die wij voor inwoners en gemeenten uitvoeren en dat de dienstverlening te allen tijde op een acceptabel niveau blijft. De (kwaliteits-)eisen vanuit het Rijk worden op een aantal terreinen steeds verder uitgebreid. Hierbij ontstaat niet alleen extra druk op de primaire operatie, maar ook extra werkdruk op de ondersteunende eenheden; van facilitaire zaken, ICT tot financiën. Dit vraagt om een structurele investering in het beheer onze organisatie. De kosten ter hoogte van € 400.000 worden middels de Regio overhead op andere programma’s in de begroting tot uiting gebracht. Verder is er een stijging van de lasten meegenomen in 2024, welke voortkomt uit de indexaties van lonen en prijzen.

Overhead Bij de Regio onderscheiden we een aantal soorten overhead. 1. Overhead primair proces: dit zijn de kosten van de leidinggevenden, het management en de secretariaten voor het primaire proces. Conform BBV presenteren wij de overhead primair proces overhead onder de programma’s en bij de bijbehorende taakvelden. Voor 2024 komt het totaal aan Overhead primair proces op € 6.086.868 Dit bedrag ligt hoger dan in 2023, omdat de overheadfuncties bij de Regio opnieuw onder de loep zijn genomen. 2. Overhead Regio: dit zijn de algemene kosten van de Regio, de kosten van de staf, het facilitair bedrijf en de centrale inkoop voor de organisatie en worden toegerekend aan de programma’s op basis van aantallen fte’s per RVE. Voor de begroting 2022 is deze verdeelsleutel bijgesteld, waardoor de toerekening van de overhead aan de programma’s ten opzichte van voorgaande jaren is gewijzigd. Voor 2024 komt het totaal aan Overhead Regio op € 6.872.865. De stijging ten opzichte van 2023 komt enerzijds voort vanuit de prijs- en loonindexatie. Daarnaast wordt € 400.000 geïnvesteerd in de reguliere beheersorganisatie van de Regio GV om daarmee de draagkracht van de organisatie in evenwicht te brengen met de opgaven die de Regio voor inwoners en gemeenten uitvoert, waarmee de dienstverlening te allen tijde op een acceptabel niveau blijft. 3.

De overhead binnen het programma Beleid en Bestuur worden conform het BBV toegerekend aan het taakveld overhead. Voor de Regio zijn dit echter primaire taken, welke niet worden niet toegerekend aan de overige programma’s. Overhead 1) Overhead primair proces 2) Overhead Regio 3) Beleid en Bestuur Totaal

6.086.868 6.872.865 0 12.959.733

80

Verbonden partijen Verbo nden partijen

Verbonden partijen zijn samenwerkingspartners van de Regio waarin zij een bestuurlijk en een financieel belang heeft en waarin zij daardoor medeverantwoordelijkheid draagt (‘medeeigenaarschap’). Van een financieel belang is sprake indien de Regio risico loopt met de aan deze partij beschikbaar gestelde middelen of als de Regio aangesproken kan worden als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Van bestuurlijk belang is sprake als de Regio zeggenschap heeft, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur, hetzij uit hoofde van stemrecht. Conform het BBV is in de paragraaf de visie op verbonden partijen opgenomen in relatie tot de realisatie van de doelstellingen die zijn opgenomen in de begroting, als ook het gerealiseerde beleid omtrent verbonden partijen. De programmabegroting 2021-2024 bevatte echter nog geen paragraaf Verbonden Partijen, omdat er ten tijde van het opstellen van de begroting nog geen sprake was van aan de Regio verbonden partijen. In deze paragraaf wordt per verbonden partij weergegeven welk bestuurlijk en financieel belang de Regio in een verbonden partij heeft, de "eigenaarsrol".

Per verbonden partij wordt ten minste de volgende informatie opgenomen:  de wijze waarop de Regio een belang heeft in de verbonden partij en het openbaar belang dat ermee gediend wordt;  het belang dat de Regio in de verbonden partij heeft aan het begin en de omvang aan het einde van het begrotingsjaar;  de omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar;  de omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar;  de eventuele risico’s, als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van de verbonden partij voor de financiële positie van de provincie onderscheidenlijk gemeente.

Coöperatieve Vereniging ondersteuning Ambulancevervoer Gooi en Vechtstreek en Flevoland U.A. Algemene informatie

Programma Beleidsdoelen Rechtsvorm Eigenaarsrol Opdrachtgeversrol Bestuurlijk belang Aandelenbelang Financieel belang Financiële gegevens

Vanaf 1 januari 2021 hebben de moederorganisaties Regio Gooi en Vechtstreek en de GGD Flevoland de samenwerking tussen hun RAV’s Gooi en Vechtstreek en Flevoland geborgd door deze in een coöperatie onder te brengen. Middels de Coöperatieve Vereniging ondersteuning Ambulancevervoer Gooi en Vechtstreek en Flevoland U.A. delen zij één directeur en hebben zij één gezamenlijk stafbureau. Hiermee is ook de governance aangepast op de samenwerking. De RAV’s Gooi en Vechtstreek en Flevoland leveren ambulancezorg volgens de hoogste professionele standaard. Ambulancezorg start bij de meldkamer, krijgt een vervolg wanneer het ambulanceteam zorg verleent en eindigt na de overdracht van de patiënt in het ziekenhuis of aan de huisarts. Voortdurend wordt gewerkt aan verbetering van onze zorg; steeds meer in samenwerking met huisartsen, ziekenhuizen, thuiszorg en organisaties voor geestelijke gezondheidszorg. De patiënt staat hierbij altijd centraal. RAV 1. Spreiding en beschikbaarheid van ambulancezorg 2.

Voldoen aan de landelijke kwaliteitseisen voor ambulancezorg Coöperatie met uitgesloten aansprakelijkheid Gemeenschappelijke regeling GGD Flevoland Gemeenschappelijke regeling Regio Gooi en Vechtstreek Ledenraad Regio Gooi en Vechtstreek / GGD Flevoland Er is sprake is van een directeur bestuurder en er zijn per lid twee vertegenwoordigers vanuit het bestuur / de organisatie Geen Waarborgen van het salaris van de directeur bestuurder Beginbalans 01-01-2023 Eigen vermogen €0 Vreemd vermogen €0 Solvabiliteit 0% Begroot resultaat 2023 €0 81

Eventuele risico’s

De leden van de coöperatie staan garant voor het salaris van de directeur bestuurder met de verhouding 60% GGD Flevoland en 40% Regio Gooi en Vechtstreek. In principe staan hier inkomsten tegenover, welke worden ontvangen vanuit de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).

Vervoer Gooi en Vechtstreek Algemene informatie

Programma Beleidsdoelen

Rechtsvorm Eigenaarsrol Opdrachtgeversrol Bestuurlijk belang

Aandelenbelang Financieel belang

Financiële gegevens

Eventuele risico’s

16

Vervoer Gooi en Vechtstreek BV is een organisatie van circa 180 mensen, waarbij iedereen (van chauffeurs tot en met de medewerkers van de klantenservice en de administratie) zich inzet om te zorgen voor persoonlijk en betrouwbaar Wmo vervoer, leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer. De duurzaamheid staat hierbij hoog in het vaandel. Het wagenpark bestaat voor 80% uit elektrische auto’s. Vervoer Gooi en Vechtstreek 1. Het bieden van vervoersvoorzieningen, waaronder hoofdzakelijk: a. de uitvoering van het Wet maatschappelijke ondersteuning-vervoer als bedoeld in artikel 1.2.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; b. de uitvoering van het leerlingenvervoer als bedoeld in de artikelen 4 van de Wet op het primair onderwijs, Wet op de expertisecentra en Wet op het voortgezet onderwijs; c. de uitvoering van het jeugdhulpvervoer als bedoeld in artikel 2.3 lid 2 van de Jeugdwet; d. de uitvoering van vervoer van en naar dagbesteding zoals bedoeld in artikel 2.1.2 lid 4 sub f van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; e. de uitvoering van soortgelijk doelgroepenvervoer op basis van een wettelijke regeling. Besloten Vennootschap Gemeenschappelijke regeling Regio Gooi en Vechtstreek Regio Gooi en Vechtstreek Gemeenschappelijke regeling Regio Gooi en Vechtstreek vormt het bestuur.

In de praktijk is het algemeen bestuur van de Regio ook het bestuur van de BV Vervoer Aandeelhouder gemeenschappelijke regeling Regio Gooi en Vechtstreek bezit 100 aandelen en is enig aandeelhouder Regio Gooi en Vechtstreek waarborgt de betaling alle geleverde vervoersvoorzieningen en is als enig aandeelhouder risicodrager van gerealiseerde verliezen en winsten van Vervoer Gooi en Vechtstreek BV Beginbalans 01-01-2023 Eigen vermogen € 100 16 Vreemd vermogen € 6.258.226 Solvabiliteit 0,002% Begroot resultaat 2023 €0 Verwachting is dat de coronacrisis in 2024 geen gevolgen meer heeft op de dienstverlening. Mocht de dienstverlening nog niet op het niveau van voor de crisis zijn, zal er een beroep worden gedaan op de Regio en daaropvolgend op de gemeenten om bij te dragen aan het opvangen van de gevolgen. Voor het leerlingenvervoer ligt er een risico wat voortkomt vanuit de sterke groei in leerlingaantallen, die zich ook in 2022 heeft laten zien. De verwachting is dat de stijging zich uiteindelijk zal stabiliseren.

Dit betreft onder andere een lening van Vervoer BV bij de Regio Gooi en Vechtstreek

82

Openbaarheid Openbaar heid

Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. De Wet open overheid (hierna: Woo) vervangt de Wet openbaarheid van bestuur. De Woo is een belangrijke stap naar het transparanter maken van het handelen van de overheid. In de wet is als beginsel opgenomen dat iedereen recht heeft op toegang tot publieke informatie. Daarbij is het uitgangspunt dat overheidsinformatie openbaar is, tenzij een uitzonderingsgrond aan openbaarmaking in de weg staat. Met een transparantere overheid wordt beoogd het functioneren van de democratie te verbeteren, zijn er meer mogelijkheden om het handelen van de overheid inzichtelijk te maken en te controleren, en wordt de verantwoordingsfunctie en het beter functioneren van de overheid bevorderd. In deze jaarstukken wordt verantwoording afgelegd over de uitvoering van de beleidsvoornemens inzake de wet open overheid. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in initiatieven die worden genomen op het gebied van:  Passieve openbaarmaking  Actieve openbaarmaking  Verbetering van de informatiehuishouding Passieve openbaarmaking Ook onder de Woo kan eenieder, net zoals onder de Wob, een verzoek om informatie indienen bij de Regio. Een verzoek moet ook elektronisch kunnen worden ingediend. Deze informatieverzoeken waren al ingeregeld in het kader van de Wob.

Actieve openbaarmaking De Woo legt aan bestuursorganen de algemene inspanningsverplichting op om zoveel mogelijk informatie - voor zover dit zonder onevenredige inspanning of kosten redelijkerwijs mogelijk is - actief voor iedereen openbaar te maken. In de wet wordt daarnaast een aantal informatiecategorieën gespecificeerd die in ieder geval actief openbaar gemaakt moeten worden. Diverse documenten die hieronder vallen worden nu ook al openbaar gemaakt, zoals bestuursstukken die openbaar zijn op de website. In de wet is voorzien dat de actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën gefaseerd verplicht wordt gesteld. De precieze fasering van de verplichting is nog niet vastgesteld. De VNG heeft hiertoe in 2022 wel een meerjarenplan opgesteld in samenspraak met het Rijk. Het meerjarenplan van de VNG heeft tot doel meer grip te krijgen op de informatievoorziening en stimuleert bestuursorganen om de Wet open overheid te implementeren. Verbetering van de informatiehuishouding Een digitale informatiehuishouding die op orde is, is een voorwaarde voor een open en transparante overheid. De Woo verplicht bestuursorganen om maatregelen te treffen om hun digitale documenten duurzaam toegankelijk te maken en te houden, de bepaling uit de Archiefwet dat overheden documenten in een goede, geordende en toegankelijke staat moeten bewaren, is daarbij zeer relevant.

Het op orde brengen van de informatiehuishouding vergt ingrijpende veranderingen. Omdat in vrijwel alle processen data/documenten ontstaan is een Regiobrede aanpak nodig. De informatiehuishouding op orde brengen begint in het primaire proces waar medewerkers informatieobjecten creëren of ontvangen. Daar moet eenduidig opslaan en metadateren plaatsvinden. De mate waarin dat al gebeurt, bijvoorbeeld in een zaaksysteem of een DMS, verschilt per bestuursorgaan, maar vrijwel overal komt het ongecontroleerd opslaan door medewerkers op bijvoorbeeld een netwerkschijf nog voor. Beleid en een aanpak dat gericht is op de verbetering van de informatiehuishouding is noodzakelijker dan ooit. De hoeveelheid informatie in het digitale tijdperk is onvergelijkbaar veel groter dan in de tijd van papieren informatie. Dit leidt ertoe dat het niet meer mogelijk is alle informatie handmatig achteraf te ordenen. De diversiteit in soorten informatieobjecten (zoals teksten, geo-informatie, 3D-bestanden, appberichten) brengt nieuwe opgaven met zich mee. Hoe deze informatie-objecten conform alle geldende eisen duurzaam toegankelijk gemaakt en gehouden kunnen worden is nog niet volledig duidelijk. Anders gezegd: er is een transformatieproces gaande dat alles te maken heeft met de digitalisering.

Oude werkwijzen, zoals het overlaten van archivering aan DIV-medewerkers voldoen niet meer en nieuwe zijn nog niet volledig uitgekristalliseerd. Er ontstaan nieuwe functies, bestaande processen moeten worden aangepast en het gedrag van mensen (medewerkers in de primaire en ondersteunende processen, managers, bestuurders) moet veranderen. Verder weten we uit ervaring dat een transitie-proces jaren tijd vergt. Het voorgaande maakt duidelijk dat het op orde brengen van de informatiehuishouding een grote operatie is die veel inspanning gaat vergen. De resultaten moeten merkbaar worden in de vorm van een efficiëntere bedrijfsvoering, een stevige basis voor het afleggen 83

van verantwoording, verregaande openbaarheid en transparantie en een betere bescherming van het cultureel erfgoed. Om de informatiehuishouding op orde te krijgen, zijn onderstaande eisen van belang om minimaal aan 17 te gaan voldoen :

Iedere gemeente heeft de beschikking over of is aangesloten op een e-depotvoorziening Binnen iedere applicatie is de selectielijst geïmplementeerd Iedere gemeente heeft beheer georganiseerd op emailarchivering Iedere gemeente heeft beheer georganiseerd op tekstberichten Iedere gemeente heeft een informatiebeheerplan (minimaal: inzicht in werkprocessen, proceseigenaar, in welke applicaties welke data/documenten staat, hoe het beheer is geregeld) % Iedere gemeente hanteert een kwaliteitssysteem voor het informatiebeheer, zoals vastgelegd in artikel 16 van de Archiefregeling Iedere gemeente heeft een metagegevensschema vastgelegd en aan elk blijvend te bewaren informatieobject metagegevens gekoppeld

½ jaar na inwerkingtreding Woo

1 jaar na inwerkingtreding Woo

2 jaar na inwerkingtreding Woo

5 jaar na inwerkingtreding Woo

5%

10%

30%

100%

10%

20%

50%

75%

5%

10%

30%

100%

5%

10%

30%

100%

10%

25%

50%

80%

10%

50%

75%

90%

30%

40%

75%

90%

De Regio is in 2022 in navolging van de aanbesteding gestart met de implementatie van een nieuw documentmanagementsysteem (DMS), Decos Join. De verwachting is dat dit systeem medio 2023 in gebruik wordt genomen. Daarnaast zijn, zoals aangegeven in de paragraaf Bedrijfsvoering, voorbereidende werkzaamheden verricht om te komen tot nieuw strategisch informatiebeleid en strategisch informatiebeveiligingsbeleid. In 2023 is dit afgerond en ligt dit beleid gedocumenteerd voor de jaren 2023-2026. De uitwerking naar het operationele en tactische beleid staat op de rol voor 2023.

17

Opgenomen in het VNG Meerjarenplan (https://vng.nl/sites/default/files/2022-04/VNG-Woo-Meerjarenplan.pdf) 84

BIJLAGEN

85

Kerngegevens Kerngegev ens

Aantal inwoners Regiogemeenten De gemeentelijke bijdrage 2024 is gebaseerd op de inwoneraantallen per 1-1-2022 zoals deze staan geregistreerd bij het CBS. Inwoners Blaricum Gooise Meren Hilversum Huizen Laren Wijdemeren Totaal

Inwoners Weesp Eemnes

2017 10.201 56.935 88.888 41.382 11.088 23.447

2018 10.795 57.337 89.521 41.369 11.146 23.659

2019 11.202 57.715 90.238 41.273 11.195 24.013

2020 11.540 58.055 90.831 41.273 11.280 24.358

2021 11.954 58.524 91.235 41.090 11.398 24.463

2022 12.359 58.846 91.733 40.938 11.528 24.494

231.941

233.827

235.636

237.337

238.664

239.898

2017 18.751 8.999

2018 19.147 9.112

2019 19.334 9.113

2020 19.738 9.247

2021 20.445 9.362

2022 20.766 9.450

86

Taakvelden Taakv elden

RVE Taakveld Toelichting

Begroting 2024 Lasten Baten Saldo

2025 2026 2027 Saldo Saldo Saldo

VOOR INWONERS GAD 7.3 Afval - GAD Grondstoffen & afvalstoffendienst GGD 1.1 Crisisbeheersing en brandweer – GGD GHOR GGD 6.1 Samenkracht / burgerparticipatie – Toezicht kinderopvang GGD 7.1 Volksgezondheid – GGD Gemeentelijke gezondheidsdienst RET 6.2 Wijkteams – Regionaal Expert Team JG 7.1 Volksgezondheid – Jeugdgezondheidszorg en Centrum Jeugd en Gezin RAV 7.1 Volksgezondheid – Regionale Ambulance Voorziening Regionale ambulancevoorziening RBL 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken Regionaal Bureau Leerlingzaken RUB 8.3 Wonen en bouwen – Regionaal Urgentie Bureau Regionaal urgentiebureau ZVH 1.2 Openbare orde en veiligheid – Zorg- en Veiligheidshuis Zorg- en Veiligheidshuis WSP 6.5 Arbeidsparticipatie – Werkgeversservicepunt Werkgeversservicepunt VGV 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken – Leerlingenvervoer VGV 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ – Wmo vervoer Vervoer Gooi en Vechtstreek Visit 5.5 Cultureel erfgoed – Visit Gooi en Vecht Visit Gooi en Vecht

34.069 -34.069 34.069 -34.069 1.012 -1.012 401 -401 2.769 -2.769 4.182 -4.182 473 -473 8.274 -8.248 8.747 -8.722 9.891 -9.890 9.891 -9.890 2.057 -2.005 2.057 -2.005 303 -303 303 -303 485 -485 485 -485 1.249 -1.249 1.249 -1.249 3.595 -3.595 4.954 -4.954 8.549 -8.549 343 -343 343 -343

MET GEMEENTEN B&B 3.1 Economische ontwikkeling - Economie en Innovatie B&B 5.5 Cultureel erfgoed – Regioconservator B&B 6.5 Arbeidsparticipatie - Werkgelegenheid B&B 6.7 Maatwerkdienstverlening 18- en 18+ - Gezondheid en zorg B&B 6.7 Maatwerkdienstverlening 18- en 18+ - Jeugd en Onderwijs B&B 7.4 Milieubeheer - Milieu en duurzaamheid B&B 8.1 Ruimtelijke ordening - Ruimte en mobiliteit B&B 8.3 Wonen en bouwen - Wonen Beleid en Bestuur IC 6.71D Maatwerkdienstverlening 18+ - Inkoop en Contractbeheer IC 6.72A Maatwerkdienstverlening 18- - Inkoop en Contractbeheer IC 6.72B Maatwerkdienstverlening 18- - Taakgerichte financiering IC 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken - Inkoop contractbeheer IC 6.71D Geëscaleerde zorg 18+ - Innen Eigen bijdrage IC 6.81B Geëscaleerde zorg 18+ - Inkoop en Contractbeheer IC 6.82A Geëscaleerde zorg 18- - Inkoop en Contractbeheer Inkoop & Contractbeheer CG 6.8 Geëscaleerde zorg 18+ en 18- - Inkoop en Contractbeheer CG 6.2 Preventie & vroegsignalisering CG 6.82 Geëscaleerde zorg 18- – Veilig Thuis Centrumgemeentetaken BV 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ - Toezichthouder Wmo Bedrijfsvoering alle 0.4 Overhead Totaal overhead

491 -491 50 -50 316 -225 375 -375 375 -375 588 -588 800 -800 387 -387 3.381 -3.290 729 -729 711 -711 700 -700 705 -705 20 -20 178 -178 163 -163 3.205 -3.205 15.928 -15.928 48 -48 4.065 -4.065 20.041 -20.041 89 -89 89 -89 1.335 -536 1.335 -536

Saldo van baten en lasten Toevoegen en onttrekkingen aan de reserves

97.927 -96.957 -970

-970 1.140 -266 -151 -1.140 -266 -151

Resultaat

97.927 -97.927

0

0

-430 -215 -100 -430 -215 -100

0

0

0

0 -1 -1

0 -1 -1

0 -1 -1

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 -0 -0

0

0

0

0

0

0

-91

-91

-91

-91

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 -799 -799

0 -618 -618

0 -50 -50

0 -50 -50

-26 -26 -1 -1 -52 -52

0

0

0

0

87

Gemeentelijke bijdragen Gem eentelijk e bijdragen

Taak Omschrijving veld

Eenheid

Aantal

Tarief per eenheid

2023 incl. wijzigingen

2024

2025

2026

2027

7.3 GAD

inwoner

12.359

112,75

1.337.794

1.393.471

1.416.989

1.439.496

1.451.593

6.1 GGD - Toezicht kinderopvang

inspecties

nvt

nvt

14.981

15.585

15.601

15.577

15.584

7.1 GGD- AGZ en GBO

inwoner

12.359

6,51

75.312

80.409

80.241

80.166

80.186

7.1 Jeugd en Gezin - CJG

inwoner

12.359

3,62

42.025

44.699

44.699

44.699

44.699

7.1 Jeugd en Gezin - Gezondheidszorg

inwoner 0-18

3.029

128,01

282.217

387.728

388.605

387.351

387.422

6.2 Jeugd en Gezin - RET

inwoner

12.359

1,97

14.657

24.377

23.823

23.783

23.783

7.1 Jeugd en Gezin - Rijksvaccinatie

inwoner 0-18

3.029

10,35

28.730

31.347

31.347

31.347

31.347

2.075

20,61

36.315

42.762

42.695

42.482

42.504

7

973,13

6.464

6.812

6.817

6.793

6.795

12.359

0,97

10.825

12.031

12.027

11.965

11.965

4.3 Regionaal Bureau Leerlingzaken

leerplichtige

8.3 Regionaal Urgentiebureau

verklaring

1.2 Zorg- en Veiligheidshuis

inwoner

6.5 Werkgeversservicepunt

bijstandsuitkering

110

232,48

24.240

25.573

25.412

25.347

25.347

4.3 BV Vervoer - Leerlingvervoer

leerlingaantal 2019

-

-

85.334

99.328

99.328

99.328

99.328

6.6 BV Vervoer - WMO Vervoer

gebruikers 2018

5.5 Visit Gooi en Vecht

inwoner

7.4 Energieopwek en besparing

aantal grote daken

3.1 Beleid en Bestuur - MRA

inwoner

-

-

110.080

128.562

128.562

128.562

128.562

12.359

1,21

10.678

14.956

14.962

14.923

14.925

-

-

-267

-267

-

-

-

12.359

0,41

4.572

5.005

5.005

5.005

5.005 10.011

8.1 Beleid en Bestuur - MRA

inwoner

12.359

0,81

9.145

10.011

10.011

10.011

8.3 Beleid en Bestuur - MRA

inwoner

12.359

0,41

4.572

5.005

5.005

5.005

5.005

0.4 Beleid en Bestuur - MRA

inwoner

12.359

0,63

-

7.728

7.728

7.728

7.728 2.378

5.5 Beleid en Bestuur - Regioconservator

inwoner

12.359

0,19

2.312

2.378

2.378

2.378

6.7 Beleid en Bestuur - Regionaal leerhuis

inwoner

12.359

0,11

1.301

1.338

1.338

1.338

1.338

3.1 Beleid en Bestuur - RSA

inwoner

12.359

0,59

7.092

7.314

7.314

7.314

7.314

6.5 Beleid en Bestuur - RSA

inwoner

12.359

0,13

1.563

1.622

1.622

1.622

1.622

6.7 Beleid en Bestuur - RSA

inwoner

12.359

0,13

1.563

1.622

1.622

1.622

1.622

6.7 Beleid en Bestuur - RSA

inwoner

12.359

0,26

3.125

3.243

3.243

3.243

3.243

7.4 Beleid en Bestuur - RSA

inwoner

12.359

0,85

10.218

10.557

10.557

10.557

10.557

8.1 Beleid en Bestuur - RSA

inwoner

12.359

0,85

10.218

10.557

10.557

10.557

10.557

8.3 Beleid en Bestuur - RSA

inwoner

12.359

0,17

2.084

2.162

2.162

2.162

2.162

3.1 Beleid en Bestuur - Economie en Innovatie

inwoner

12.359

0,77

8.428

9.560

9.320

9.270

9.272

6.7 Beleid en Bestuur - Gezondheid en zorg

inwoner

12.359

0,93

10.137

11.497

11.210

11.150

11.153

6.7 Beleid en Bestuur - Jeugd en Onderwijs

inwoner

12.359

1,55

16.856

19.120

18.639

18.540

18.545

7.4 Beleid en Bestuur - Milieu en duurzaamheid

inwoner

12.359

1,55

16.856

19.120

18.639

18.540

18.545

8.1 Beleid en Bestuur - Ruimte en mobiliteit

inwoner

12.359

1,35

14.749

16.730

16.310

16.222

16.227

6.5 Beleid en Bestuur - Werk en inkomen

inwoner

12.359

0,74

8.110

9.198

8.968

8.920

8.922

8.3 Beleid en Bestuur - Wonen

inwoner

12.359

0,77

8.428

9.560

9.320

9.270

9.272

6.71D Inkoop en Contractbeheer - Innen eigen bijdrage

tarief

-

-

2.000

2.000

2.000

2.000

2.000

6.82A Inkoop en Contractbeheer - Geëscaleerde zorg 18-

inwoner

12.359

0,57

6.394

7.039

7.046

7.022

7.024

6.81B Inkoop en Contractbeheer - Geëscaleerde zorg 18+

inwoner

12.359

0,60

6.720

7.397

7.404

7.379

7.382

6.72A Inkoop en Contractbeheer - Maatwerkdienstverlening 18-

inwoner

12.359

2,48

27.869

30.679

30.709

30.604

30.616

6.71D Inkoop en Contractbeheer - Maatwerkdienstverlening 18+

inwoner

12.359

2,45

27.514

30.283

30.313

30.209

30.221

6.72B Inkoop en Contractbeheer - Taakgerichte financiering

inwoner

12.359

2,84

35.061

35.061

35.061

35.061

35.061

6.81 GGD - B&O Preventie & vroegsignalisering

inwoner

12.359

0,20

2.413

2.482

2.482

2.482

2.482

6.82 Veilig Thuis

inwoner

12.359

8,60

93.752

106.245

106.342

105.889

105.929

inwoner

12.359

0,36

6.71 Bedrijfsvoering -Toezichthouder WMO TOTAAL BIJDRAGE

4.263

4.427

4.427

4.427

4.427

€ 2.426.702

€ 2.696.313

€ 2.717.841

€ 2.737.344

€ 2.749.661

88

Taak Omschrijving veld

Eenheid

Aantal Tarief per 2023 incl. eenheid wijzigingen

2024

2025

2026

2027

29.251

4.3 Regionaal Bureau Leerlingzaken

leerplichtige

1.428

20,61

27.118

29.429

29.382

29.236

6.5 Werkgeversservicepunt

bijstandsuitkering

90

232,48

19.833

20.923

20.791

20.738

20.738

4.3 BV Vervoer - Leerlingvervoer

leerlingaantal 2019

-

-

221.451

257.766

257.766

257.766

257.766

6.6 BV Vervoer - WMO Vervoer

gebruikers 2018

-

-

119.005

138.986

138.986

138.986

138.986

6.7 Beleid en Bestuur - Regionaal leerhuis

inwoner

9.450

0,11

1.019

1.023

1.023

1.023

1.023

6.7 Beleid en Bestuur - Gezondheid en zorg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12932705/1