B 4 (1)
Tekst van het document
Nul op de meter Een nul-op-demetergebouw is een gebouw dat over het hele jaar gezien net zoveel energie verbruikt als er lokaal op een duurzame manier wordt opgewekt. Zowel door het realiseren van een lager verbruik middels isolatie en elektrische verwarming, als door het opwekken van stroom met bijv. zonnepanelen. Een nulop-de-metergebouw is energieneutraal en zorgt dus voor minder CO2-uitstoot. Bijkomend voordeel is dat de energiekosten hierdoor ook afnemen.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
31
3.1.7 Verplichtend karakter Als gevolg van Europese wet- en regelgeving is de huidige organisatievorm, van verplichte consignatie en kazernering niet meer mogelijk. Dit noodzaakt tot wijziging van de organisatievorm. Landelijk is hiervoor een implementatieplan opgesteld dat nog geen voortgang kent. Het Veiligheidsberaad heeft middels een brief aan de minister aangedrongen op voortgang op het dossier verplichtend karakter. Door het ministerie is dit jaar onderzocht of er mogelijkheden zijn om onder de huidige wetgeving rondom arbeidstijden, de huidige constructie van vrijwilligheid om te zetten naar een part-time aanstelling of contract. Deze onderzoeken lijken kansrijk. Een toezegging op tegemoetkoming in de kosten is er echter nog niet. De voorzitter van het veiligheidsberaad dringt voortdurend aan op duidelijkheid.
3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen Naast de beleidsvoornemens die hierboven zijn geschetst, zijn in de programmabegroting per programma speerpunten gedefinieerd. Het gaat daarbij veelal om reguliere taken die extra aandacht vragen binnen de organisatie. In onderstaande paragrafen lichten we de relevante ontwikkelingen toe.
3.2.1 Brandweer
Hoofdstuk 4
De brandweer vormt de grootste kolom van de veiligheidsregio en is de professionele partner in het voorkomen en bestrijden van brand, ongevallen en crises. De brandweer draagt zo bij aan een veilige leefomgeving. De brandweer heeft haar werkzaamheden georganiseerd in vijf taakvelden, te weten: risicobeheersing, incidentbestrijding, vakbekwaamheid, operationele voorbereiding (inclusief koppeling met de meldkamer brandweer) en techniek en logistiek.
Hoofdstuk 5
De speerpunten in 2024: wat hebben we gedaan?
Bijlagen
De brandweer richt zich op het verder toekomstbestendig maken van de repressieve organisatie. Speerpunt hierbij is het vitaal houden van de posten, zodat de repressieve dekking kan worden gegarandeerd. Aandacht is er ook voor de mentale fitheid van het repressieve personeel en de doorontwikkeling van de operationele leiding. De brandweer speelt daarbij steeds beter in op maatschappelijke ontwikkelingen door gebruik te maken van data en informatie en het toepassen van nieuwe technologie. De repressieve samenwerking met buurregio’s en ketenpartners wordt steeds verder geïntensiveerd vanuit een interregionale en een integrale benadering van veiligheids- en hulpverleningsvraagstukken.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
32 Het jaar 2024 heeftvoor een groot deel in het teken gestaan van de implementatie van nieuw materieel en materiaal. Zo zijn er nieuwe redvoertuigen aangekocht en uitgeleverd. Deze nieuwe voertuigen kennen nieuwe technieken en mogelijkheden waarop alle repressieve medewerkers, beroeps en vrijwillig, worden bijgeschoold en ingewerkt. Toekomstbestendige repressie Met de vaststelling van het dekkingsplan in december 2023 heeft brandweer Gooi en Vechtstreek in 2024 de volgende stap gezet in het toekomstbestendig maken van de repressieve organisatie en wordt de operationele uitwerking hiervan in het uitvoeringsplan vastgelegd. Hierbij is oog voor nieuwe technologische ontwikkelingen. Zo wordt samen met de veiligheidsregio’s Flevoland en Utrecht onderzocht welke toegevoegde waarde de inzet van onderwatertechniek en robotica kan hebben bij de brandweertaken. Vakbekwaam en vitaal personeel De beschikbaarheid van voldoende vakbekwame medewerkers heeft continu onze aandacht. Zowel op het gebied van het werven van nieuwe brandweermedewerkers als op het vakbekwaam houden van de medewerkers in een veranderende samenleving.
Hoofdstuk 4
Zo hebben er met de komst van de specialistische natuurbrandbestrijdingsvoertuigen de nodige trainingen plaatsgevonden en zijn deze voertuigen in de zomer in gebruik genomen. Gezien het belang van het specialisme hebben er in samenwerking met het Gooisch Natuurreservaat in het najaar nog een aantal oefendagen plaatsgevonden.
Hoofdstuk 5
Vernieuwde inzichten hebben geleid tot het verbreden en verdiepen van de competenties van de operationeel leidinggevenden, zodat deze beter zijn voorbereid op de toekomst. De pilot bevelvoerder is inmiddels afgerond. In deze pilot is samen met bevelvoerders ontdekt hoe nieuwe inzichten en competenties beter aangeleerd kunnen worden. De pilot is geslaagd en het evaluatieverslag inclusief voorstel voor een vervolg is opgesteld.
Bijlagen
Bewustwordingstrainingen worden georganiseerd om brandweermedewerkers handvatten te bieden om met stressvolle situaties om te gaan. Daarmee wordt hun mentale veerkracht vergroot. Ook wordt aandacht besteed aan de signaalfunctie die partners hierbij hebben.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
33 Lokale brandweer Tot slot is 2024 ook een bijzonder jaar, met twee jubilerende kazernes. Kazerne Bussum vierde haar 125-jarige brandweerjubileum en het 50-jarig bestaan van de jeugdbrandweer. Huizen vierde haar 100-jarige brandweerjubileum. In beide gemeenten is dit gevierd met een open dag.
Wat heeft het gekost? Lasten en Baten Programma
Realisatie 2023
Begroting 2024
Wijziging 2024
Realisatie 2024
Afwijking 2024
Brandweer incl meldkamer lasten
19.248
21.387
20.246
21.184
-938
Brandweer incl meldkamer baten
-107
-1.267
-861
-1.899
1.038
Overhead
5.684
5.764
5.398
5.144
254
Resultaat voor bestemming
24.825
25.885
24.784
24.431
354
Bedrag voor heffing voor de VPB
0
0
0
0
0
Storting in de reserves
0
0
0
0
0
Onttrekking van de reserves
0
0
0
0
0
24.825
25.885
24.784
24.431
354
Totaal resultaat na bestemming
Hoofdstuk 4
Een toelichting van het verschil 2024 is opgenomen in paragraaf 5.5.
3.3.2 Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR)
Hoofdstuk 5
Het doel van de GHOR is om onder leiding van het openbaar bestuur de gezondheidszorg efficiënt op te schalen bij grootschalige rampen en crises. Hierbij functioneren betrokken zorgorganisaties als een geïntegreerde keten. Dit garandeert dat slachtoffers van rampen en crises de best mogelijke zorg ontvangen. Als onderdeel van de samenwerkingsovereenkomst van de twee veiligheidsregio’s werken de GHOR-regio’s als één team samen.
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
34
De speerpunten in 2024: wat hebben we gedaan? Adviseren van overheden en andere betrokkenen De adviserende rol van de GHOR komt onder andere tot uiting bij de advisering over evenementen, waarbij adviezen worden gegeven over de zorg op evenementen, hygiënemaatregelen en preventieve maatregelen. Het uiteindelijke doel is om adequate eerste hulp en medische zorg te leveren, de druk op de reguliere zorg te ontlasten en bezoekers een zo veilig en gezond mogelijk festival te laten beleven. Omdat het aantal evenementen toeneemt en de evenementen complexer worden zijn de GHOR-crisisfunctionarissen dit jaar bijgeschoold over de risico’s en de verschillende verantwoordelijkheden op een evenement. Voorbereiden op mogelijke rampen en crises Bij rampen en crises wordt zorg verleend door een keten van zorgorganisaties. De GHOR heeft samenwerkingsafspraken met die zorgorganisaties om ervoor te zorgen dat er efficiënt kan worden opgeschaald naar grootschalige hulpverlening bij rampen en crises. Gezamenlijk oefenen geeft inzicht of de planvorming van de verschillende partijen goed op elkaar is afgestemd. De GHOR heeft in 2024 daarom meegedraaid bij crisisoefeningen van de verschillende zorgorganisaties in onze regio. In de tweede helft van 2024 is gestart met het ontwikkelen van een zorgrisicoprofiel voor onze beide regio’s.
Hiermee krijgen we inzicht in de risico’s en uitdagingen die de zorgcontinuïteit kunnen bedreigen. Daardoor kunnen we een nog sterkere en weerbaardere zorgketen realiseren. Dit sluit aan bij het landelijke thema ‘weerbare samenleving’.
Hoofdstuk 4
Inzetten bij GRIP-incidenten In 2024 is de GHOR acht keer ingezet bij GRIP-1-incidenten in Gooi en Vechtstreek en Flevoland en één keer bij een GRIP-2. De Officier van Dienst Gezondheidszorg (OvD-G) is in totaal meer dan 240 keer ingezet. Daarnaast is een dashboard ontwikkeld om de inzet van GHOR-crisisfunctionarissen te analyseren. De gegevens dienen om inzetcriteria, onderliggende planvorming en het scholen van crisisfunctionarissen te verbeteren.
Hoofdstuk 5 Bijlagen
Samen werken aan zorgcoördinatie Met de komst van het Integraal Zorgakkoord (IZA) is aan zorgpartijen de opdracht gegeven om met elkaar te werken aan een toekomstbestendige (acute) zorgketen. De GHOR is betrokken bij de regionale pilots met betrekking tot zorgcoördinatie. In VRF en VRGV draait een project waarbij een zorgcoördinatievoorziening wordt ontwikkeld. De GHOR helpt bij het opzetten van een oefenreeks om de nieuwe werkwijze in de samenwerking tussen de Meldkamer Midden-Nederland en deze ZVC te testen, te verfijnen en vast te stellen.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
35
Wat heeft het gekost? Realisatie 2023
Begroting 2024
Wijziging 2024
Realisatie 2024
GHOR lasten
978
978
978
978
0
GHOR baten
0
0
0
0
0
Overhead
289
264
334
238
96
1.267
1.242
1.312
1.216
96
Bedrag voor heffing voor de VPB
0
0
0
0
0
Storting in de reserves
0
0
0
0
0
Onttrekking van de reserves
0
0
0
0
0
1.267
1.242
1.312
1.216
96
Lasten en Baten Programma
Resultaat voor bestemming
Totaal resultaat na bestemming
Afwijking 2024
Hoewel het programma bestuurlijk onder de veiligheidsregio valt, is de uitvoering in handen van de Regio Gooi en Vechtstreek. De financiële verantwoording van de GHOR-taken wordt om die reden in de jaarrekening van de Regio Gooi en Vechtstreek opgenomen. Een toelichting van het verschil 2024 is opgenomen in paragraaf 5.5.
Hoofdstuk 4
3.2.3 Bevolkingszorg
Hoofdstuk 5
Bevolkingszorg, soms ook wel aangeduid als de oranje kolom, vormt bij grote ongelukken, rampen en crises de verbindende schakel tussen de hulpverleningsketens en de gemeentelijke diensten. Zo zorgt Bevolkingszorg voor de crisiscommunicatie, de opvang voor getroffenen en de omgevingszorg waaronder het milieu en de infrastructuur. De organisatie bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeenten uit het gehele verzorgingsgebied en één coördinerend kernteam Bevolkingszorg voor de beide veiligheidsregio’s. Vanuit die gezamenlijkheid worden alle voorbereidende taken geregeld en worden functionarissen ingeschakeld tijdens een ramp of crisis.
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
36
De speerpunten in 2024: wat hebben we gedaan? De formatie van het kernteam bevolkingszorg is in de eerste helft van 2024 uitgebreid met twee medewerkers. Deze extra capaciteit is nodig voor de borging van de basisprocessen, de implementatie van het uniform kwaliteitskader bevolkingszorg (UKB) en de versterkingsmaatregelen crisisbeheersing. De kosten worden daarom gedekt vanuit de extra rijksbijdrage voor versterking crisisbeheersing. Met prioriteit worden achterstanden in de operationele planvorming en de borging, toetsing en vastlegging van vakbekwaamheid opgepakt. Deze zijn mede ontstaan door de noodzakelijke inzet op de COVID-19- en vluchtelingencrises. Voor het functioneren van bevolkingszorg hebben de volgende onderwerpen aandacht gekregen: • De bezetting van alle piketfuncties: Dit is een blijvend zorgenpunt, waarover regelmatig overleg plaatsvindt met gemeenten. Er zijn veel wisselingen onder crisisfunctionarissen. De continuïteit, vakbekwaamheid, bereikbaarheid en betrokkenheid zijn daardoor soms lastig te waarborgen. Dat geldt voor regionale en zeker ook voor gemeentelijke piketfuncties. • De inzet van partnerorganisaties: Nadat in 2023 het convenant met de rampenzender NH Nieuws voor Gooi en Vechtstreek is geactualiseerd, is in 2024 het convenant met Omroep Flevoland geactualiseerd.
Met het Rode Kruis zijn afspraken gemaakt over een pilot voor de leiding en coördinatie op opvanglocaties bij een calamiteit in Almere en Hilversum.
Wat heeft het gekost?
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Bijlagen
Realisatie 2023
Begroting 2024
Wijziging 2024
Realisatie 2024
Afwijking 2024
Bevolkingszorg lasten
431
638
623
587
36
Bevolkingszorg baten
0
-115
0
0
0
Overhead
127
172
164
143
22
Resultaat voor bestemming
559
694
787
729
58
Bedrag voor heffing voor de VPB
0
0
0
0
0
Storting in de reserves
0
0
0
0
0
Onttrekking van de reserves
0
0
0
0
0
559
694
787
729
58
Lasten en Baten Programma
Totaal resultaat na bestemming
De kosten binnen het gezamenlijke programma Bevolkingszorg Flevoland/Gooi en Vechtreek worden op basis van 56% kosten Flevoland en 44% kosten Gooi en Vechtstreek verantwoord. Een toelichting van het verschil 2024 is opgenomen in paragraaf 5.5.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
37
3.2.4 Veiligheidsbureau FGV Veiligheidsbureau Flevoland & Gooi en Vechtstreek (Veiligheidsbureau FGV) is gericht op het voorkomen, beperken en bestrijden van (de effecten van) crises en het bevorderen van de fysieke veiligheid in beide regio’s. Binnen Veiligheidsbureau FGV werken de kolommen - Crisisbeheersing, GHOR en Bevolkingszorg - gezamenlijk met crisispartners zoals politie, Defensie, Rijkswaterstaat, waterschappen en bedrijven in de vitale infrastructuur (zoals drinkwater-, gas- en elektraleveranciers) aan de veiligheid.
De speerpunten in 2024: wat hebben we gedaan? Versterking organisatiekracht crisisbeheersing Dit speerpunt heeft een sterke relatie met het programma Versterking Crisisbeheersing. De eerste maatregelen ter versterking van de organisatiekracht van crisisbeheersing zijn geïmplementeerd en er zijn stappen gezet om de capaciteit en inrichting beter aan te laten sluiten bij de versterkingsopgaven. Inmiddels is versterkt op advies, ondersteuning en informatievoorziening. Sinds begin 2024 zijn de medewerkers die werken voor een van de kernpartners van de veiligheidsregio’s in Flevoland en Gooi en Vechtstreek (crisisbeheersing, Bevolkingszorg en GHOR) gehuisvest op één centraal gelegen locatie in Almere. Deze gezamenlijke huisvesting bevordert het samen versterken van de crisisbeheersing.
Hoofdstuk 4
Daarnaast zijn in 2024 stappen gezet om de benodigde capaciteit en de bezetting van Veiligheidsbureau FGV op orde te krijgen en te laten aansluiten bij de opgaven die volgen uit de (landelijke) versterkingsdoelstellingen.
Hoofdstuk 5 Bijlagen
Voorkomen, risicogerichtheid en redzaamheid De afgelopen periode is het regionaal risicoprofiel van beide veiligheidsregio’s geactualiseerd. Dit is een belangrijke stap om duidelijk te hebben op welke (prioritaire) risico’s onze crisisbeheersing ingericht moet zijn. De gemeenten en andere stakeholders zijn over deze actualisatie geconsulteerd waarna de besturen van beide veiligheidsregio’s de regionale risicoprofielen hebben vastgesteld. Het risicoprofiel is als uitgangspunt betrokken bij het opstellen van het Regionaal Beleidsplan 2025-2028 en is tevens de leidraad voor de invulling van onze risicobeheersing, planvorming en vakbekwaamheid. Nu het risicoprofiel er ligt, is de vervolgstap om verdere invulling te geven aan meer risicogericht werken, ook in samenhang met het toekomstige Veiligheidsinformatiecentrum Midden-Nederland (VIC). In het risicogericht werken volgen we de landelijke lijnen. De uitrol vindt plaats in gezamenlijkheid met onze stakeholders.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
38 Een actueel landelijk thema is de weerbare en veerkrachtige samenleving. Diverse organisaties -waaronder defensie, NCTV en Ministerie van Justitie en Veiligheid- roepen overheden, organisaties en burgers op om zich beter voor te bereiden op diverse dreigingen. Denk aan langdurige stroomuitval door een cyberaanval of een militaire dreiging. Het is belangrijk dat we de maatschappelijke weerbaarheid verhogen en ons meer bewust zijn van wat we als inwoners en organisaties zelf kunnen doen. Naast de nationale overheid en gemeenten hebben ook veiligheidsregio’s een rol in het versterken van deze weerbaarheid. Ook na 2024 zal hier zowel landelijk als in onze regio’s verder op worden ingezet. Informatie, advies en netwerkmanagement Samen met Veiligheidsregio Utrecht is in 2024 gewerkt aan het bouwen van het Veiligheidsinformatiecentrum (VIC). Het VIC is een digitale en fysieke omgeving voor crisisbeheersing. In deze omgeving worden risico’s en dreigingen gemonitord en omgezet in informatie en advies aan bijvoorbeeld gemeenten en crisisfunctionarissen. Hierbij wordt nauw samengewerkt met het Knooppunt Coördinatie Regio’s-Rijk (KCR2) en onze crisispartners. Het VIC is operationeel en zal de komende periode verder worden gevuld met informatie. Hiermee wordt het veiligheidsbeeld dat het VIC laat zien steeds breder en nauwkeuriger.
Ook wordt gewerkt aan de bemensing van het VIC, bijvoorbeeld door de calamiteitencoördinatoren. Daarnaast is gestart met de versterking van planvorming. Hierbij wordt onder meer gekeken hoe de planvorming (verder) kan worden gedigitaliseerd en toegankelijk kan worden gemaakt voor bijvoorbeeld het VIC.
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5
Vakbekwaam blijven Het Veiligheidsbureau organiseert beleidsteamoefeningen voor de gemeenten in onze veiligheidsregio’s, waarin het gemeentelijk beleidsteam (GBT) samen met adviseurs van het Openbaar Ministerie en hulpverleningsdiensten een scenario naar keuze oefent. Bestuurlijke dilemmatrainingen zijn een vorm van bijscholing voor het GBT. Hierbij wordt eerst de theorie behandeld. Daarna wordt aan de hand van een casus het ‘voorwaarts denken’ besproken. In 2024 zijn er conform de multidisciplinaire oefenkalender zes GBT-oefeningen, zes dilemmatrainingen en twee burgemeestersbijeenkomsten georganiseerd.
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
3.1 Beleidsthema’s 2024 3.2 Reguliere werkzaamheden van de kolommen 3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
5. Jaarrekening
Wat heeft het gekost? Realisatie 2023
Begroting 2024
Wijziging 2024
Realisatie 2024
Afwijking 2024
Veiligheidsbureau (crisisbeheersing) lasten
478
620
769
781
-12
Veiligheidsbureau (crisisbeheersing) baten
0
-97
0
0
0
Overhead
141
167
109
190
-81
Resultaat voor bestemming
619
691
878
971
-93
Bedrag voor heffing voor de VPB
0
0
0
0
0
Storting in de reserves
0
0
0
0
0
Onttrekking van de reserves
0
0
0
0
0
619
691
878
971
-93
Realisatie 2023
Begroting 2024
Wijziging 2024
Realisatie 2024
Afwijking 2024
Algemene dekkingsmiddelen lasten
110
110
107
103
39
Algemene dekkingsmiddelen baten
-26.552
-28.220
-28.886
-29.026
329
32
30
52
25
21
-26.410
-28.080
-28.727
-28.897
389
0
5
0
2
3
Storting in de reserves
424
10
492
631
-398
Onttrekking van de reserves
433
443
387
527
-140
-26.419
-28.513
-28.622
-28.791
131
Lasten en Baten Programma
Totaal resultaat na bestemming
Hoofdstuk 3
4. Paragrafen
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
39
Een toelichting van het verschil 2024 is opgenomen in paragraaf 5.5.
3.3 Programma Algemene Dekkingsmiddelen
Hoofdstuk 4
Lasten en Baten Programma
Overhead
Hoofdstuk 5
Resultaat voor bestemming Bedrag voor heffing voor de VPB
Totaal resultaat na bestemming
Bijlagen
Een toelichting van het verschil 2024 is opgenomen in paragraaf 5.5.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) vindt u in hoofdstuk 4 de verantwoording van de paragrafen weerstandsvermogen en risicobeheersing, onderhoud kapitaalgoederen, financiering, bedrijfsvoering en verbonden partijen. De paragrafen vormen een dwarsdoorsnede van de begroting en geven een verdieping op een aantal cruciale onderwerpen.
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
4. Paragrafen
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
40
5. Jaarrekening
4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding In deze paragraaf wordt ingegaan op het beleid aangaande het weerstandsvermogen, de weerstandscapaciteit, de risico’s en beheersmaatregelen van VRGV.
Algemeen Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) schrijft voor dat gemeenten en gemeenschappelijke regelingen jaarlijks de weerstandscapaciteit en de risico’s inventariseren en hierover beleid formuleren.
Hoofdstuk 4
Gewenste weerstandscapaciteit
Hoofdstuk 5
Op grond van artikel 11 BBV wordt een uitspraak over het weerstandsvermogen onderbouwd door een vergelijking van de resterende (in casu niet-gedekte) risico’s met de beschikbare weerstandscapaciteit. Deze uitspraak wordt uitgedrukt in termen van gewenste weerstandscapaciteit, gelet op de aard en omvang van de resterende risico’s. De gewenste weerstandscapaciteit is het bedrag waarover de organisatie zou moeten beschikken op grond van de resterende risico’s (risicoprofiel). Voor de financiële positie van de organisatie is het van belang in hoeverre daadwerkelijk weerstandscapaciteit beschikbaar is om het gewenste weerstandsvermogen te vormen.
Beleid weerstandsvermogen Het beleid van VRGV ten aanzien van het weerstandsvermogen is dat de niet-gedekte risico’s (met inachtneming van de beheersmaatregelen en de reeds opgenomen voorzieningen) worden gedekt door de algemene reserve.
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
41
Beschikbare weerstandscapaciteit 2024 Hierboven is aangegeven wat onder weerstandscapaciteit wordt verstaan. Onderdeel van die capaciteit vormen de vrij aanwendbare reserves, die een bufferfunctie hebben voor onvoorziene risico’s. Voor de bepaling van de weerstandscapaciteit wordt verwezen naar bijlage 3. Hierin is de stand van de vrij aanwendbare reserves per 31-122024 aangegeven, conform Kadernota 2025.
Risicoprofiel Een risico wordt gedefinieerd als ‘de kans op het optreden van een gebeurtenis met een negatief financieel gevolg voor de veiligheidsregio’. In de kolom ‘kans’ is geschat hoe groot de kans is dat de omschreven gebeurtenis zich zal voordoen. Het risicoprofiel komt uit op € 1.492.500 (benodigd in 2024-2025). Het risicoprofiel is ten opzichte van de Jaarrekening 2023 niet bijgesteld. Een herziening staat gepland voor het begrotingsjaar 2025, wanneer er hopelijk meer duidelijk gaat worden over diverse rijksregelingen waar we wel of geen recht op zullen hebben.
Ratio weerstandsvermogen
Hoofdstuk 4
De totale meerjarige weerstandscapaciteit is ruim voldoende om de ratio van 1,0 te realiseren. Het ratio weerstandsvermogen 2024-2025 is 2,22. Deze score valt buiten de categorie 1,0 tot 1,4 en scoort daarmee “ruim voldoende” volgens onze spelregels over risicomanagement. Voor het inhoudelijke overzicht van het risicoprofiel verwijzen wij u naar bijlage 3.
Conclusie
Hoofdstuk 5
Over de jaren 2024-2025 is de weerstandsratio 2,22. Hiermee voldoen we aan onze eigen ‘spelregels’. Het algemeen bestuur zal hierover een apart besluit nemen.
Financiële kengetallen
Bijlagen
Om inzicht in de financiële positie te verschaffen, nemen we een aantal relevante kengetallen op. Deze kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en bieden inzicht bij de beoordeling van de (ontwikkeling van de) financiële positie.
2,22
1,0 tot 1,4
Beschikbare weerstandscapaciteit
Benodigde weerstandscapaciteit
Ratio weerstandsvermogen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
42
Financiele kengetallen
JR2023
PGB2024
JR2024
1A. Netto schuldquote
47,53%
84,15%
61,90%
1B. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
47,53%
84,15%
61,90%
2. De solvabiliteitsratio
13,31%
14,89%
16,23%
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. Ook wordt in beeld gebracht in hoeverre er sprake is van verstrekte leningen. Dit is relevant omdat er bij verstrekte leningen een risico bestaat dat deze niet worden terugbetaald. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Aangezien het percentage van 61,90% onder de 100% zit kan het percentage als “goed” worden aangemerkt.
Solvabiliteitsratio Dit geeft inzicht in de mate waarin VRGV in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid. De solvabiliteitsratio is het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Deze is ten opzichte van 2023 toegenomen.
Structurele exploitatieruimte, Grondexploitatie, Belastingcapaciteit
Hoofdstuk 4
Dit zijn voorgeschreven kengetallen vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). VRGV heeft deze kengetallen niet opgenomen, omdat deze niet van toepassing zijn voor een gemeenschappelijke regeling. In de jaarrekening kan het voorkomen dat er door incidentele baten en lasten exploitatieruimte ontstaat.
Hoofdstuk 5
De veiligheidsregio heeft de volgende kapitaalgoederen: gebouwen en materiaal/materieel. Kapitaalgoederen hebben een aanzienlijk effect op de begroting en het gewenste onderhoudsniveau moet beleidsmatig vastgesteld worden. In overeenstemming met artikel 12 BBV geven we een toelichting op onze kapitaalgoederen.
4.2 Onderhoud kapitaalgoederen
Groot onderhoud gebouwen
Bijlagen
In 2023 is het eigendom van de kazerne Muiden overgedragen aan VRGV. Dit is de vijfde kazerne die in eigendom is overgedragen door de gemeenten. Het betreft de kazernes van de gemeenten Hilversum, Gooise Meren (Muiden) en Wijdemeren (’s-Graveland, Nederhorst den Berg en Loosdrecht).
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
43 In 2022 (in 2018 voor Loosdrecht) heeft een zogenaamde 0-meting plaatsgevonden, inclusief duurzaamheid voor het groot onderhoud. Hiermee beschikt VRGV over actuele onderhoudsplannen. We zijn in gesprek met de gemeenten over duurzaamheid, inclusief geactualiseerde onderhoudsplannen van de gebouwen. Op dit moment zijn er meer dan voldoende middelen in kas om dit onderhoud volgens redelijke peil uit te voeren. In 2025 volgt de volgende update van de onderhoudsplannen en het vervolg op de toekomstige ontwikkelingen rondom kazernes. Daarom blijven de middelen tot die tijd achter bij de VR. Volgens de MJOB is een dotatie geraamd van € 356.029, zodat het kwaliteitsniveau ‘redelijke conditie’ in meerjarig perspectief is gewaarborgd. Op 31 december 2024 is een bedrag beschikbaar in de voorziening van € 1.664.955.
Materieel brandweerzorg In 2021 is het Meerjaren Investerings Plan (MIP) geactualiseerd, in samenwerking met VRF. In het MIP wordt gekeken naar de compleetheid, de technische staat van de huidige voertuigen, de reële vervangingstermijnen en vervangingsbedragen in relatie tot de visie, de technische staat en de samenwerking met VRF. In 2024 heeft er een update plaatsgevonden van het MIP, zodat de actuele vervangingswaardes (als gevolg van prijsstijgingen) in beeld zijn. Hieronder is de voortgang van de bestedingen van de gevoteerde kredieten gepresenteerd:
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5
Krediet t/m 2023
Reeds gerealiseerd t/m 2023
Resterend krediet 2023
Gerealiseerd 2024
Resterend krediet 2024
Afwijking
0
4.066
0
-4.066
-4.066
0
115.000
115.000
0
0
0
0
Gebouwen
2.493.209
2.462.170
31.039
0
31.039
31.039
Voertuigen
15.258.777
2.771.250
12.487.527
10.129.222
2.358.305
2.358.305
Machines, apparaten en installaties (incl. PBM)
3.416.126
570.024
2.846.102
2.842.295
3.807
3.807
Overige MVA (incl. ICT en inventaris)
1.597.517
868.088
729.429
265.160
464.269
464.269
22.880.629
6.786.532
16.094.097
13.232.611
2.857.420
2.857.420
Categorie Activa in bezit van derden Grond
Totaal
Bijlagen
Er kan geconcludeerd worden dat binnen het beschikbaar gestelde krediet is geïnvesteerd in de toekomst van de veiligheidsregio. Ten opzichte van het overzicht in de bestuursrapportage zijn sommige posten samengevoegd, zodat er aansluiting is bij de jaarstukken 2024. De samengevoegde posten zijn benoemd achter de economische categorie.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
44
4.3 Financiering Wettelijk kader De uitvoering van de financieringsfunctie dient plaats te vinden binnen de wettelijke kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido), In die wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De transparantie komt tot uitdrukking in een verplicht treasurystatuut en een financieringsparagraaf in de begroting en jaarrekening. Het treasurystatuut van VRGV is in 2022 vastgesteld.
Ontwikkeling liquiditeitspositie VRGV heeft twee vaste geldleningen afgesloten ter financiering van de overname van kazernes en de financiering van haar investeringsbehoefte in materieel en materiaal. De eerste lening ad € 25 miljoen (rente 0,4%) en een tweede lening van ad € 1.4 miljoen (rente 1,55%). Het uitgangspunt is om eventuele financieringstekorten, zover het binnen de kasgeldlimiet blijft, zoveel mogelijk te financieren met kort geld (lagere rente of zelfs geen rente). Mochten we hierdoor langdurig boven de toegestane kaslimiet opereren, dan wordt het bestuur geïnformeerd over de vervolgstappen, zoals wellicht het afsluiten van nog een vaste geldlening.
Kasgeldlimiet Voor 2024 is het begrotingstotaal (jaarrekening) bijna € 30.2 miljoen, dus is de toegestane kasgeldlimiet € 2.4 miljoen.
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Bijlagen
Berekening kasgeldlimiet in mln.
1e kw
2e kw
3e kw
4e kw
1. Toegestane kasgeldlimiet
30.284
30.284
30.284
30.284
In procenten van de grondslag
8,20%
8,20%
8,20%
8,20%
In bedrag
2.483
2.483
2.483
2.483
646
93
-8
-1.071
1.031
2.395
-2.682
-1.945
4. Totaal netto vlottende schuld (2-3)
-385
-2.302
2.674
874
Toegestaan kasgeldlimiet
2.483
2.483
2.483
2.483
Ruimte (+) c.q overschrijding (-)
2.098
181
5.157
3.358
2. Omvang vlottende schuld 3. Vlottende middelen Toets kasgeldlimiet
Conclusie: Er is in 2024 voldaan aan de kasgeldlimiet.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
45
Renterisiconorm en renterisico’s vaste schuld Voor het beheersen van de renterisico’s op lange termijn dient VRGV de renterisico’s van de vaste schuld in beeld te brengen in relatie tot de renterisiconorm. Het renterisico op de vaste schuld wordt berekend door te bepalen welk deel van de portefeuille aan vaste schuld in enig jaar geherfinancierd moet worden door het aangaan van nieuwe leningen behorend tot de vaste schuld (herfinanciering), en voor welk deel van de vaste schuld de geldnemer een wijziging van de rente op basis van de leningsvoorwaarden niet kan beïnvloeden (renteherziening). De renterisiconorm kan worden berekend door een, bij ministeriële regeling, vastgesteld percentage (20%) te vermenigvuldigen met de totale vaste schuld, waarbij een drempelbedrag van € 2.5 miljoen geldt. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm niet overschrijden.
Hoofdstuk 4
Berekening renterisiconorm (x € 1.000)
2023
2024
Begrotingstotaal
27.945
30.284
Renterisiconorm
20%
20%
Toets renterisiconorm
5.589
6.057
0
0
Betaalde aflossingen
1.713
1.713
Renterisico
1.713
1.713
Ruimte renterisiconorm
3.876
4.344
Renteherziening op leningen o/g
Conclusie: Er is in 2024 voldaan aan de renterisiconorm.
Rentetoerekening
Hoofdstuk 5
Bij de vernieuwing van het BBV is het advies opgenomen om de rentekosten op één post in de begroting op te nemen. Om ervoor te zorgen dat in de begroting en verantwoording de totale rentelasten en de daaraan gekoppelde financieringsbehoefte inzichtelijk zijn, wordt in artikel 13 voorgeschreven dat de paragraaf financiering voortaan ook in ieder geval inzicht geeft in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend.
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
46
Renteschema a. Externe rentelasten over de korte en lange financiering
PGB 2024
JR 2024
108
101
0
505
108
404
c1. Rente over eigen vermogen (toevoegd aan exploitatie)
0
0
c2. Rente over voorzieningen
0
0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
0
0
d. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
282
316
e. Renteresultaat op het taakveld Treasury
-174
88
b. Externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten
Rentekosten VRGV heeft in 2024 de rentekosten ad € 100.600 inzake de leningen verantwoord in het overzicht van baten en lasten 2024. Daarnaast is er over 2024 een baat ontstaan van € 505.042 over de uitgezette middelen bij het Rijk via schatkistbankieren. Deze was lager dan voorzien bij de Bestuursrapportage 2024.
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Algemene gegevens: Overheidslaag:
Gemeenschappelijke Regeling
Berichtgevernaam
Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek
Berichtgevernummer:
xxxx
Jaar:
2024
Omschrijving
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Vragenlijst Berekening EMU-saldo Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Veiligheidsregio Flevoland
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Emu-saldo
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
47
PGB2024
JR2024
x € 1000,-
x € 1000,-
Volgens realisatie tot en met sept. 2024, aangevuld met raming resterende periode
Volgens begroting 2024
1.
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
-433
-814
2.
Mutatie (im)materiële vaste activa
2.495
11.508
3.
Mutatie voorzieningen
77
-267
4.
Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
0
0
5.
Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa
0
0
-2.851
-12.589
5. Jaarrekening
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5
Berekend EMU-saldo
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
48
4.4 Bedrijfsvoering In hoofdstuk 3 zijn de belangrijkste ontwikkelingen wat betreft bedrijfsvoering beschreven, namelijk: de implementatie informatiebeveiligingsbeleid (BIO), het opstellen van een nieuw Beleidsplan 2025-2028 en de actualisering en harmonisering van de gemeenschappelijke regeling.
Toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording Voor de rechtmatigheidsverantwoording zie paragraaf 5.7 en 5.8 (bijstelling verantwoording 2023). In de paragraaf bedrijfsvoering wordt, conform het BBV, toelichting gegeven op mogelijk geconstateerde afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording.
Constatering rechtmatigheid Bij de controles uitgevoerd in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording zijn twee onvolkomenheden geconstateerd, namelijk: Ten aanzien van Europees aanbesteden en begrotingsrechtmatigheid zijn er rechtmatigheidsfouten geconstateerd die afzonderlijk van elkaar hoger zijn dan de 1%-norm.
Beheersmaatregelen
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5
Begrotingsrechtmatigheid: De wet schrijft voor dat elke overschrijding van lasten of onderschrijding van baten direct onrechtmatig is, ongeacht de verklaring. Dit geldt zelfs wanneer hogere lasten gepaard gaan met hogere inkomsten. Deze regelgeving is met name toegespitst op gemeenten en provincies, die door een begrotingswijziging in december vaak een nauwkeurigere eindbegroting hebben en zo minder afwijkingen kennen. Voor gemeenschappelijke regelingen, zoals de veiligheidsregio, is een begrotingswijziging complexer. Gemeenteraden hebben wettelijk 12 weken om een zienswijze te geven, waardoor de conceptwijziging uiterlijk begin september moet worden ingediend om in december vastgesteld te worden. Dit maakt de laatste begroting minder accuraat. Daarnaast hanteert de veiligheidsregio een realistische begrotingsaanpak, in plaats van een conservatieve inschatting met ruime marges. Hierdoor leiden financiële tegenvallers sneller tot onrechtmatigheden, terwijl een ruimere begroting meer flexibiliteit zou bieden. Dit vergroot het risico op een negatief rechtmatigheidsoordeel bij overschrijdingen op programmaniveau.
Bijlagen
Europese aanbestedingen: Om beter te voldoen aan de geldende wet- en regelgeving op het gebied van begrotingsrechtmatigheid en inkoopbeleid, werkt de veiligheidsregio met een crediteurenanalyse. Deze werkwijze stelt de organisatie in staat om afwijkingen tijdig te signaleren. Desondanks zijn er onrechtmatigheden geconstateerd. Daarom wordt deze analyse in 2025 verder versterkt door deze beter te integreren in de (ICT-)systemen van
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
49 de veiligheidsregio. Dit verhoogt de mate van automatisering en vermindert de kans op fouten. Het doel is om onrechtmatigheden, zoals die nu zijn geconstateerd, in de toekomst zoveel als mogelijk te voorkomen.
Beleidsindicatoren (BBV) Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft een aantal verplichte beleidsindicatoren voor. Het betreft onderstaande set voor een gemeenschappelijke regeling als de onze. Resultaat JR2023
PGB2024
Resultaat JR2024
Fte per 1.000 inwoners (beroeps)
0,72
0,70
0,70
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners (beroeps)
0,69
0,70
0,75
0. Bestuur en ondersteuning
Apparaatskosten
Kosten per inwoner*
€ 26,14
€ 26,65
€ 22,75
0. Bestuur en ondersteuning
Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
16,88%
7,39%
9,04%
0. Bestuur en ondersteuning
Overhead
% van de totale lasten
22,45%
21,09%
18,04%
Taakveld
Indicator
Eenheid
0. Bestuur en ondersteuning
Formatie
0. Bestuur en ondersteuning
Hoofdstuk 4
*O.b.v. inwonersaantal
4.5 Verbonden partijen
Hoofdstuk 5
Een verbonden partij is een privaatrechtelijke- of publiekrechtelijke organisatie waarin VRGV een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Er is sprake van een bestuurlijk belang in het geval van zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging, hetzij uit hoofde van stemrecht. Van een financieel belang is sprake als aan een verbonden partij een bedrag ter beschikking is gesteld dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat. In 2024 had VRGV één verbonden partij, te weten het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid.
Bijlagen
Naam: Nederlands Instituut voor Publieke Veiligheid (NIPV) te Arnhem. Financieel: De financiële bijdrage van VRGV aan het NIPV over het jaar 2024 was € 274.433. Invloed: de voorzitter van de veiligheidsregio is 1 van de 25 leden van het algemeen bestuur van het NIPV en heeft daarmee stemrecht in het algemeen bestuur.
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2 Onderhoud kapitaalgoederen 4.4 Bedrijfsvoering 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
Hoofdstuk 3
4.3 Financiering
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
5. Jaarrekening
50
4.6 Openbaarheid De Wet open overheid (Woo) heeft als doel overheden en semi-overheden transparanter te maken. In deze paragraaf lichten we toe welke stappen in 2024 zijn ondernomen in het kader van transparantie en informatiedeling. Passieve openbaarmaking Onder leiding van de in 2023 aangestelde Woo-coördinator, zijn de interne processen omtrent informatieverzoeken (passieve openbaarmaking) verder geoptimaliseerd en geharmoniseerd binnen de samenwerkende Veiligheidsregio’s Flevoland en Gooi en Vechtstreek. De processen zijn gericht op een efficiënte, centrale en eenduidige behandeling van de ontvangen informatieverzoeken. Toenemende ervaring met de processen, alsook nationale collegiale kennisdeling, hebben gezorgd voor een verdere professionalisering van de organisatie inzake de Woo. Actieve openbaarmaking De veiligheidsregio houdt een proactieve houding aan wat betreft de actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. De ontwikkeling van de eerdere vorm van het Platform Open Overheidsinformatie (PLOOI) is begin 2023 landelijk stopgezet. In plaats daarvan is er gewerkt aan een eenvoudiger platform: de Woo-index. De veiligheidsregio heeft zich reeds aangesloten bij dit platform. Onze openbare informatie kan via dit platform en via onze eigen website worden gevonden en geraadpleegd.
Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5
Verbetering van de informatiehuishouding Er zijn grote stappen gezet in de informatiehuishouding van de veiligheidsregio. Nieuwe systemen en processen zorgen intern voor meer overzicht, meer gebruiksgemak en een verlaging van de werklast. Dit zorgt extern voor onze inwoners voor een snellere en betere behandeling van vragen en informatieverzoeken. Er is tevens onderzoek gedaan naar de mate waarin onze veiligheidsregio voldoet aan de huidige en toekomstige Archiefwet. De stappen die naar aanleiding van dit onderzoek zijn genomen, zorgen voor een geactualiseerd archiefsysteem en voor een vollediger geheel van interne beleidsregels op het gebied van archivering. De veiligheidsregio blijft werken aan een sterk en overzichtelijk archief, en daarmee aan een betere naleving van de Archiefwet.
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 5. Jaarrekening 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 5.3 Toelichting balans 5.4 Overzicht baten en lasten 5.5 Toelichting Overzicht baten en lasten
5.7 Rechtmatigheids verantwoording 5.8 Bijstelling rechtmatigheidsverantwoording 2023
5.10 Gebeurtenissen na balansdatum 5.11 Vaststelling en resultaatbestemming
Hoofdstuk 5
5.9 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Hoofdstuk 4
5.6 Overzicht incidentele baten en lasten 2024
Hoofdstuk 3
5.2 Balans
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
51
5. Jaarrekening In dit hoofdstuk presenteren wij de jaarrekening die bestaat uit onder andere de balans met een toelichting, een overzicht van baten en lasten met toelichting en een bijlage met verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen. 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen als deze voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De jaarrekening is opgesteld vanuit de continuïteitsveronderstelling. De afschrijvingstabel is van toepassing op investeringen na 1 januari 2024. Algemeen
Termijn
Activa met een verkrijgingsprijs > 20.000euro
niet
Gebouwen Nieuwbouw (incl activa van derden)
40 jaar
Semi permanente nieuwbouw
10-15 jaar
Renovatie
cfrm restant gebruiksduur
Componenten van gebouw (bijv. zonwering)
ten laste van voorziening
Inventaris gebouw (oa meubilair)
8-15 jaar
I&A
Bijlagen
Netwerkbekabeling
10 jaar
Hardware (printers/laptops/netwerkapp etc)
3 jaar
Software (geen cloudoplossing)
3 jaar
Telefonie (mobiel / vast/ telefooncentrale)
3 jaar
Overige ICT middelen
3-5 jaar De tabel loopt door op de volgende pagina
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 5. Jaarrekening 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 5.3 Toelichting balans 5.4 Overzicht baten en lasten 5.5 Toelichting Overzicht baten en lasten
5.7 Rechtmatigheids verantwoording 5.8 Bijstelling rechtmatigheidsverantwoording 2023
5.10 Gebeurtenissen na balansdatum 5.11 Vaststelling en resultaatbestemming
Hoofdstuk 5
5.9 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Hoofdstuk 4
5.6 Overzicht incidentele baten en lasten 2024
Hoofdstuk 3
5.2 Balans
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
52
Algemeen
Termijn
Voertuigen Tankautospuit / CFRM
10 -15 jaar
Personenauto (piket/dienstvoertuig)
5-10 jaar
Bestelauto's (manschappen, siv en overge)
5-10 jaar
Autoladder
10-15 jaar
Hulpverleningsvoertuig
15-20 jaar
Tankwagen
15-20 jaar
Haakarmvoertuig
15-20 jaar
Boot
15-20 jaar
Containers
15-20 jaar
Bepakking voertuigen
7-15 jaar
Midlife update voertuigen > 3,500kg
10-12 jaar
Overige voertuigen
5-15 jaar
Persoonlijke beschermingsmiddelen Uitrukkleding
4-7 jaar
Helm
4-10 jaar
Verbindingsmiddelen
5-10 jaar
Uniformen (alleen grote vervangingsinvestering)
1-5 jaar
Ademlucht cilinders en randapparatuur
8-10 jaar
Valbeveiliging incl TGB
5-10 jaar
Duikmiddelen (uitrustig en randapparatuur)
5-10 jaar
Overige PBM
5-10 jaar
Overige activa machines, apparatuur en inrichting
Bijlagen
Verlichtingsvoorzieningen
5-10 jaar
AED's
5-10 jaar
Hef, klim/hijs en oefenmiddelen
5-10 jaar
Brandputten (grootschalige investeringen)
40-50 jaar
Pompen
15-17 jaar
Werkplaatsinrichting
5-15 jaar
Overige MAI investeringen
5-15 jaar
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 5. Jaarrekening 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 5.3 Toelichting balans 5.4 Overzicht baten en lasten 5.5 Toelichting Overzicht baten en lasten
5.7 Rechtmatigheids verantwoording 5.8 Bijstelling rechtmatigheidsverantwoording 2023
5.10 Gebeurtenissen na balansdatum 5.11 Vaststelling en resultaatbestemming
Hoofdstuk 5
5.9 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Hoofdstuk 4
5.6 Overzicht incidentele baten en lasten 2024
Hoofdstuk 3
5.2 Balans
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
53
Vaste activa
Materiële vaste activa De VRGV beschikt uitsluitend over materiële vaste activa met een economisch nut. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf het jaar van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, als deze naar verwachting duurzaam is. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken. De gehanteerde afschrijvingstermijnen worden conform de financiële verordening in de begroting bepaald en zijn in lijn met wat in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar wordt beschouwd, aldus besloten in het algemeen bestuur van 6 december 2024.
Vlottende activa
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Uitzettingen vallen onder de vlottende activa als de rentevaste periode, het interval gedurende de looptijd van de geldlening waarin op basis van de leningsvoorwaarden van de geldlening sprake is van een door de verstrekker van de geldlening niet beïnvloedbare constante geldvergoeding, korter dan één jaar is. De uitzettingen worden op grond van artikel 39 BBV onderverdeeld in: • Vorderingen op openbare lichamen • Verstrekte kasgeldleningen • Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen • Overige vorderingen en • Overige uitzettingen De vorderingen op openbare lichamen worden gecorrigeerd voor de van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, die dienen ter dekking van lasten van de volgende jaren. Deze worden opgenomen onder de overlopende activa.
Liquide middelen De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Bijlagen
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 5. Jaarrekening 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 5.3 Toelichting balans 5.4 Overzicht baten en lasten 5.5 Toelichting Overzicht baten en lasten
5.7 Rechtmatigheids verantwoording 5.8 Bijstelling rechtmatigheidsverantwoording 2023
5.10 Gebeurtenissen na balansdatum 5.11 Vaststelling en resultaatbestemming
Hoofdstuk 5
5.9 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Hoofdstuk 4
5.6 Overzicht incidentele baten en lasten 2024
Hoofdstuk 3
5.2 Balans
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
54
Vaste passiva
Eigen vermogen Het eigen vermogen betreft het saldo van de bezittingen en schulden. Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het resultaat voor bestemming, volgend uit het overzicht van baten en lasten. De reserves zijn op grond van artikel 43 van het BBV te onderscheiden naar: • Algemene reserve • Bestemmingsreserves Een algemene reserve is een reserve zonder bepaalde bestemming en dient als buffer voor het opvangen van financiële tegenvallers of andere, niet te kwantificeren, risico’s. Een bestemmingsreserve is een reserve waaraan het bestuur een bepaalde (te wijzigen) bestemming heeft gegeven. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Voorzieningen worden op grond van artikel 44 BBV gevormd voor: a. Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs te schatten. b. Bestaande risico’s op balansdatum ter zake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is. c. Kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar de oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie. d. Van derden verkregen middelen (niet zijnde EU, Rijk, Provincie, gemeenschappelijke regelingen) die specifiek besteed moeten worden.
Vlottende passiva
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Schulden vallen onder de vlottende passiva als de rentevaste periode, het interval gedurende de looptijd van de geldlening waarin op basis van de leningsvoorwaarden van de geldlening sprake is van een door de verstrekker van de geldlening niet beïnvloedbare constante geldvergoeding, korter dan één jaar is.
Bijlagen
De netto-vlottende schulden worden op grond van artikel 48 BBV gesplitst in: • Kasgeldleningen • Bank- en girosaldi • Overige schulden
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
4. Paragrafen 5. Jaarrekening 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 5.3 Toelichting balans 5.4 Overzicht baten en lasten 5.5 Toelichting Overzicht baten en lasten
5.7 Rechtmatigheids verantwoording 5.8 Bijstelling rechtmatigheidsverantwoording 2023
5.10 Gebeurtenissen na balansdatum 5.11 Vaststelling en resultaatbestemming
Hoofdstuk 5
5.9 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Hoofdstuk 4
5.6 Overzicht incidentele baten en lasten 2024
Hoofdstuk 3
5.2 Balans
Hoofdstuk 2
3. Verantwoording van de werkzaamheden
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
55 De overige schulden hebben voornamelijk betrekking op schulden aan leveranciers voor de levering van goederen en diensten. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer De waardering van vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer geschiedt tegen nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. Overlopende passiva De overlopende passiva zijn op grond van artikel 49 BBV te onderscheiden naar: • Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn aangegaan en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen. • De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. • Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen.
Schattingen Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat over verschillende zaken een oordeel wordt gevormd en dat schattingen worden gemaakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten.
Begrotingscijfers programmabegroting De begrotingscijfers van 2024 in het overzicht van baten en lasten zijn gebaseerd op het totaal van de programma’s uit de vastgestelde begroting(swijziging) 2024. Afwijkingen boven de € 100.000 worden altijd toegelicht, volgens de financiële verordening.
Bijlagen
3. Verantwoording van de werkzaamheden 4. Paragrafen 5. Jaarrekening 5.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 5.3 Toelichting balans 5.4 Overzicht baten en lasten 5.5 Toelichting Overzicht baten en lasten
5.7 Rechtmatigheids verantwoording 5.8 Bijstelling rechtmatigheidsverantwoording 2023
5.10 Gebeurtenissen na balansdatum 5.11 Vaststelling en resultaatbestemming
Hoofdstuk 5
5.9 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Hoofdstuk 4
5.6 Overzicht incidentele baten en lasten 2024
Correctie eindbalans 2023
Stand per 31 december 2024
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
a. Investeringen met een economisch nut
€
18.377.017
€-
€29.888.356
b. Investeringen in activa van derden
€4.066
€-
€-
c. Investeringen in de openbare ruimte c. (maatschappelijk nut)
€-
-
€-
€18.381.083
€-
€29.888.356
€18.381.083
€-
€29.888.356
a. Vorderingen op openbare lichamen
€2.104.746
€-
€2.100.920
b. Overige vorderingen
€353.740
€-
€284.558
c. Schatkistbankieren
€12.368.246
€-
€3.254.624
€14.826.732
€-
€5.640.102
€252.266
€-
€259.657
€252.266
€-
€259.657
Totaal vlottende activa
€15.078.999
€-
€5.899.760
Vooruit betaalde kosten
€460.903
€ -
€252.944
Nog te ontvangen bedragen
€151.374
€ -
€112.614
Totaal overlopende activa
€612.277
€ -
€365.558
Totaal activa
€34.072.359
€-
€36.153.674
Materiële vaste activa
Hoofdstuk 3
5.2 Balans
Stand per 31 december 2023
ACTIVA
Hoofdstuk 2
2. Beleidsplan en uitvoerings programma als basis
5.2 Balans
Hoofdstuk 1
1. Verantwoording van prestaties in cijfers
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
56
Vaste activa Immateriële vaste activa Sub-totaal
Sub-totaal Totaal vaste activa Uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar
Sub-totaal Liquide middelen Sub-totaal
Bijlagen
De tabel loopt door op de volgende pagina
Bestuurlijke samenvatting
Jaarstukken 2024
57
Stand per 31 december 2023
Correctie balans 2023
Stand per 31 december 2024
a. Algemene reserve
€1.492.500
€376.548
€1.869.048
c. Overige bestemmingsreserves
€3.264.590
€629.000
€3.997.693
d. Resultaat na bestemming
€852.505
€-
€1.445.983
€3.904.585
€1.005.548
€7.312.724
€3.579.220
€376.548
€2.935.601
€3.579.220
€376.548
€2.935.601
€22.833.333
€-
€21.120.000
€22.833.333
€-
€21.120.000
€30.317.138
€629.000
€31.368.325
a. Kasgeldleningen
€-
€-
€-
b. Bank- en girosaldi
€-
€-
€-
c. Overige schulden
€2.431.580
€629.000-
€4.034.923
€2.431.580
€629.000-
€4.034.923