20230412 R&I Transript
Tekst van het document
En wat is het effect van de grondwaterstand op het moment dat de natuurlijke vijver dieper wordt aangebracht? Is er een effect? Verwacht u dat? Of zegt u, dit is wat het is en daar is niet echt een effect te verwachten? De voorzitter: Was al duidelijk, namelijk wat is het effect? De heer Baggerman: De bestaande bak die kunnen we nu, dat is de samenloop van omstandigheden, maar is toevallig nu goed te zien, die varieert met een diepte van 1 meter tot 1,50 meter, 1,60 ongeveer. Die is dicht aan de onderzijde van het beton met folie, is destijds zo aangelegd. Dus de is zowel van boven als van onder waterdicht, dus die heeft absoluut geen invloed op de grondwaterstand ter plaatse. Dus de grondwaterstand fluctueert tussen de twee en de tweeënhalve meter onder het gras, onder het maaiveld zoals wij dat noemen. Dus daar is geen communicatie tussen de bestaande betonnen vijver en grondwaterstand. In feite is dat straks wel, is er wel een soort interactie tussen die twee want als het waterpeil in de vijver gewoon zoals die normaal is, dan vindt er geen infiltratie plaats in de bodem, dus dan blijft die vijver gewoon vol met water. Stijgt het water door regenval, dan infiltreert dat in de bodem, dus dat komt weer ten goede aan de omgeving en de bomen die rondom de vijver staan. De voorzitter: Duidelijk, ja, dank u wel.
We gaan naar een tweede ronde of, alleen als u een technische vraag over dit specifieke onderwerp hebt. Alleen dan wil ik hem toestaan, want anders gaan we gewoon naar een tweede termijn. ‘…’ (buiten microfoon) Pagina 29 van 40
De voorzitter: Dan bewaart u hem voor de tweede termijn. Maar echt over dit punt van dat grondwater en die vijver. Niet of wel, mevrouw Timmerman? Het mag ook gewoon zo in tweede termijn, maar dan maken we dit eerst even af. Mevrouw Timmerman-Hamers: Ik doe het wel in de tweede termijn. De voorzitter: Ja, dan doen we dat liever. Dan is er, mijnheer Westendorp. De heer Westendorp: Ik had nog twee, dat waren toch wel een beetje vragen over de experts. Oké, dan is het goed. De experts en de kinderen. De heer …: Talud. De heer Baggerman: De experts, vanuit ons team zijn er vier mensen betrokken geweest bij een dagdeel, hebben we uitgetrokken voor de beoordeling van alle alternatieven. Dus naast ons vieren is er een deelname geweest van een landschapsarchitect, is ook de mevrouw die u op een van de avonden heeft ontmoet waarschijnlijk, een extern ingenieursbureau, New Way, die ook betrokken is bij andere plannen van Laren Regenklaar, Hoefakker en de collega's vanuit riolering van de gemeente en de collega's van groenvoorziening vanuit de gemeente. Dus totaal waren er tien of twaalf mensen die daaraan meegedaan hebben. De heer Westerkamp: Nog een laatste opmerking, die vraag ben ik vergeten mijnheer Westendorp.
Ja, ik zag dat ook, want ik liep vanavond naar ‘t Bonte Paard om daar even wat eten te nuttigen en toen dacht ik ook, oh nou snap ik waarom mijn hond, ja ik weet dat die niet los mocht lopen maar het was even in een onbewaakt ogenblik, de vijver inging en toen gelijk kopje-onder ging toen hij een meter uit de kant was. Toen dacht ik, oh wat ben ik blij dat die natuurlijke vijver een talud heeft wat voldoet aan de normen van kindvriendelijk, dus heel langzaam aflopend is. U heeft gezien in het ontwerp, en hoe dat precies is, dat zien we straks in de uitwerking. Maar er komen natuurlijk ook planten nog onderaan, dus een kind zal veel minder makkelijk in het water vallen denk ik dan nu. Dus daar wordt rekening mee gehouden, maar mij viel hetzelfde op wat u is opgevallen. Dus dat is het enige. De voorzitter: Goed, dank u wel. Dan behoefte aan een tweede termijn, volgens mij wel. Mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel. Nog even over de spiegeling van het water. Vandaag hebben we inderdaad de vijver die werd schoongemaakt en dan kun je zien hoe diep anderhalve meter is en daar komt het water dus pas te liggen. En dan komt dat talud wel zo, maar als je verder weg staat dan zie je dus helemaal geen water meer, niets. Zeker niet als er ook nog plantjes komen. Dus dat is één.
En dan nog even over de motie, want er werd de letterlijke tekst aangehaald, maar wij hadden de afspraak dat er de komende vijf á tien jaar niets zou gebeuren, Handen af van de Brink en een vijfjarenplan. Ik heb het al vaker aangekaart voor revitalisatie van de brinkbodem, zodat die ook voor wateropname zou kunnen zorgen. Dat is één jaar gebeurd, 2021 zou dat starten, en daarna hebben we er nooit meer iets van gezien of gehoord. Dus dat moet echt aangepakt worden. Dat waren de afspraken in de motie. En ik krijg vanavond zo'n beetje het idee dat er de afspraken die je met de raad maakt, als er dan weer een volgend college komt gewoon niets waard zijn. Want er wordt wel gezegd, ja is een motie van een vorig college dan eigenlijk dat je die als raad hebt vastgesteld nog wel wat waard? Ik vind dat eigenlijk niet kunnen. En ik heb nog een vraag aan de wethouder, waarom dit plan dat al zo lang loopt, pas gisteren in de welstand is gebracht. En dan moeten ze heel snel beslissen. Ik vind dat een gemiste kans. En nog even over die 19 ideeën, en dat is eigenlijk toch het cruciale punt, dit plan, wat een enorme aantasting op de Brink kan zijn is, gekozen vanwege de 2.600 kuub opvang en dat wordt nu 1.700. Dus dan had er ook iets gekozen kunnen worden buiten de Brink. En daar heb ik nog geen antwoord op gekregen.
Waarom niet? Want die bomen die lopen geen gevaar, staat hier met het oog op de puntentelling. Dan wil ik Pagina 30 van 40
eigenlijk iedereen aanraden om het rapport van Hoefakker erbij te nemen. Pagina 13 tot en met 15, daar staat van alles waardoor de bomen gevaar kunnen nemen en pagina 8, de invloed van de werkzaamheden op de toekomstverwachting van de bomen, zowel schade bovengronds als schade ondergronds, ook te lezen. En dan krijg je een heel ander beeld. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Timmerman. Andere nog. Mijnheer Vos? U steekt uw vinger niet op. U kijkt mij alleen veelbetekenend aan. De heer Vos: Ja, met name over het historische, historiserende gedeelte heb ik eigenlijk niet een duidelijk antwoord gekregen. Want nu wordt de betonnen bak als het ijkpunt genoemd, zo zou de Brink moeten zijn, dat is cultuurhistorisch bepaald en het jaartal werd zelfs genoemd. Maar ik zou toch graag nog horen van het projectteam hoe past het dan in de historie en hoe verantwoord mogen we dan zijn. Of moeten we inderdaad beton zien als een prehistorisch ijkpunt waar we ons naar dienen te gedragen? De voorzitter: Oké. Daar komt vast nog wel een antwoord op. Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Allereerst dank u voor de beantwoording van de drie vragen. En dan kom ik eigenlijk op een aanvullende vraag die kwam door de aanvullende vraag van de heer Loeff, en dat ging inderdaad even over de grondwaterstand.
En aanvullend had ik eigenlijk een vraag, hij wordt benaderd vanuit, als het waterpeil van de nieuwe Coeswaerde stijgt, dan loopt hij over als het ware. En ik dacht eigenlijk andersom, stel dat de grondwaterstand overal een beetje stijgt, maar niet door regenval, want oppervlaktewater is wat anders als grondwater. Is er ook nog een kans dat het grondwater boven de spiegel komt? En dan verwijs ik even naar het tweede stuk wat wij hebben gekregen en dan zit daar een A- en een B-variant in, met en zonder pad, op bladzijde 4. En daar gaat het ook over hoogteverschillen en toen dacht ik, kan dat gebeuren? Als de grondwaterstand 2 meter is en ik lees dat hier zo, dan denk ik, ja dan komt de grondwaterstand nooit hoger als het peil van, behalve bij regenval. Maar kunt u daar nog iets over zeggen? Dus of die omgekeerde werking ook zo zou zijn? En dan heb ik nog een nog een vraag, een technische vraag, dat gaat over diezelfde twee schemaatjes, A en B op bladzijde 4. Als ik het goed zeg, ik denk dat het 4 is. Maar in ieder geval, er zijn twee dwarsprofielen, met een zonder pad. Daar wil ik even van afblijven, maar mevrouw Timmerman had het daarstraks over het wateroppervlak, zien wij iets of wat zien wij niet.
Even gewoon puur om te proberen de verbeelding te krijgen, want ik ging straks niet helemaal voor niks staan, dat was ook een beetje om het idee te krijgen van waar loop je tegenaan of waar loop je niet tegenaan. Als er gewoon een waterpeil is, gewoon binnen die contouren van de kleibodem, is dan het verschil van het waterpeil ten opzichte zoals het er nu ligt, is dat, want het huidige peil loopt volgens mij ook een beetje af. Er zit wel iets van een helling in. Kunt u nog, het is een detail, maar goed iedere 50 centimeter is een detail, kunt u nog iets zeggen over dat, zoals het er nu ligt met het huidige waterpeil, of dan inderdaad dat waterpeil wel anderhalve meter omlaag gaat in de normale nieuwe situatie? Dat is een vraag. Ik vraag mij daar namelijk af. Als ik dat zo zie lijkt me dat niet, maar het is geen strikvraag, maar het is eigenlijk meer een verduidelijkende vraag. De voorzitter: Volgens mij is de vraag duidelijk. De heer Van den Berg: Ja. En dan heb ik een derde en die zie ik gelukkig hier wel staan, maar dat is misschien voor de beeldvorming, er wordt, en ik denk dat daar een ander deel van het dorp blij en gelukkig van wordt, soms wel heel vaak over vijver en park gepraat. Het is natuurlijk geen park, het is een Brink en een Brink heeft wel degelijk een eigen uitstraling.
Dus ik zou in ieder geval aan alle kanten een pleidooi willen houden, met name ook voor onze wethouder, maar eigenlijk voor het hele college, dat we structureel gewoon het gewoon over de Brink hebben en over de Coeswaerde hebben en niet over parken en vijvers. Want het heeft ook te maken dat we denk ik daarmee beter kunnen duiden dat, en dan kom ik op het historisch perspectief, niet alles hoef allemaal hetzelfde te blijven. Want de modderpoel die het waarschijnlijk in 1850 was, die willen we ook niet. Dus ik wil nog graag daar een appel op doen, dat we gewoon het over de Brink hebben en niet over Pagina 31 van 40
een park en dat we het over een Coeswaerde hebben en niet over vijver. Ik denk dat daarmee voor de beeldvorming ook al een heleboel goed gaat komen. Voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Toch heel toepasselijk dat u nog een appèl doet vanuit het Christen-Democratisch Appèl. De heer Van den Berg: Als een van de laatsten dus, en hier de laatste. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Fontaine, D66. Mevrouw Fontaine: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik heb een beetje huiswerk gedaan met betrekking tot de vragen van de zichtbaarheid van het water in de Coeswaerde en ik heb op basis van de tekeningen die op de website stonden, heb ik zichtlijnen getekend op welke afstand van de Coeswaerde je het water gaat zien. En een persoon van 1,75 meter lang, die kan op 15 meter afstand van de waterlijn, kijkt hij tot ongeveer halverwege de vijver. Als dit stukje talud ietsjes wordt afgezwakt, dan ziet hij vrijwel de hele vijver, dan ziet hij 1 meter niet. Dus het valt denk ik allemaal wel mee. Dit is Getal en ruimte, hoofdstuk 1, VWO zichtlijnen. De voorzitter: U moet eigenlijk daar bij de ambtenaren gaan zitten, als ik het zo hoor. Goed, anderen nog behoefte aan vragen? Niet het geval, dan gaan we naar de wethouder voor beantwoording. En waarschijnlijk ook nog wel even naar een paar ambtenaren om hem daarbij te ondersteunen. De heer Westerkamp: Dank u, voorzitter.
Zeker gaan we daarnaartoe, want er zijn een paar echt technische vragen gesteld, zeker mijnheer Van den Berg, dus die komen daarom. Ja mevrouw Timmerman, ik denk dat ik het net heel duidelijk heb uitgelegd waarom het nu bij de welstand ligt, omdat wij nu een preadvies hebben gevraagd. Normaal vraag je, ga je naar de welstand op het moment dat je een bouwplan, echt een bouwvergunning aanvraagt, dat je ook een plan indient. En dit is zoals het voorstel zegt, een waterberging op de Brink in de vorm van een natuurlijke vijver. Dat ligt nu voor, het definitieve ontwerp is het nog niet, maar wij meenden juist vanwege kennelijk het gebruik, commotie op social media, et cetera, waar ook dorpsgezichten naar voren kwamen, om alvast een preadvies te doen. En ik ben, tenminste wat ik van mijnheer Van Laarhoven, de secretaris van de commissie Ruimte en Kwaliteit heb gehoord, ben ik heel blij dat we dat hebben gedaan. Want daardoor heeft hij ons heel gericht ook wat huiswerk kunnen geven zodat wij kunnen zorgen dat, als u positief besluit de zesentwintigste en we de werkelijke uitwerking gaan doen en de vergunning gaan aanvragen voor aanleg, we ook een goed onderbouwd rapport hebben, zodat ook de welstandscommissie een echt goede overweging kan nemen wat betreft het cultuurhistorisch perspectief. Dus ik denk dat ik dat heb uitgelegd.
Het is een preadvies, je hoeft het niet te doen, wij vonden het wel juist belangrijk om te doen. Wat betreft uw opmerkingen over de Brink, wat betreft die vijf jaar renovatie, heeft u volkomen gelijk in, want volgens mij heeft ook vorige maand in de commissie de heer Van Midden bij de behandeling van het groenplan daar ook een opmerking over gemaakt, dat het achterloopt en dat het opknappen van de brinkbodem ook inderdaad de afspraak is en dat hij er nu achteraan gaat. Dat heeft hij al toegezegd. Dus ik denk dat u naar de bekende weg heeft gevraagd. Voorzitter, ik denk dat nu het tijd is om richting het team te gaan voor de laatste technische vragen. De voorzitter: Ja. De heer Baggerman: Ja, er zijn maar twee rondes, dus de laatste kans dan blijkbaar. Even voor de beeldvorming is het eigenlijk best wel mooi dat de vijver nu droog staat vandaag. De huidige vijver, de randen van de vijver, als je die oppervlakte meet is 800 vierkante meter, even afgerond. De nieuwe wateroppervlak van de natuurlijke vijver als die aangelegd gaat worden is 880 vierkante meter, dus dat is 10 procent groter wateroppervlak. Dus de oppervlak water wordt groter, alleen die komt een meter dieper te liggen als nu de houten rand die om deze vijver heen zit. Dus een meter dieper zakt het water straks.
Dus niet de volledige diepte zoals nu de betonnen bak is, want die is wel plaatselijk van 1,50 meter, 1,60 meter. Dus een meter diep Pagina 32 van 40
onder de houten rand wordt de nieuwe waterpeil. Dan vraagt u, mijnheer Van den Berg volgens mij, is het theoretisch mogelijk dat de grondwaterstand hoger komt als het peil van de vijver. Wat wij hebben kunnen nagaan van afgelopen tien jaar de grondwaterstandmetingen, de hoogste grondwaterstand is iets van 1,50 meter, 1,40 meter onder het maaiveld. Dus dat is, wat wij hebben kunnen nagaan, nog niet voorgekomen. Misschien nog één reactie op mevrouw Timmerman over het bomenrapport. Het bomenrapport heeft u inderdaad daar en daar staan een aantal kritische opmerkingen. Dat was ook een van de redenen dat we nu meer afstand houden vanaf de bomen. Maar dat bomenrapport was gebaseerd op de vijver van 2.600 kuub. En er komt nog een aanvulling en die zullen we ook publiceren en die komt bij ons ook op de website. Dan nog de historische waarde van de vijver, wel of niet. De uitspraak van de commissie was, maak een keus tussen de spiegelvijver, daar noemen ze hem meer de vijver zoals we hem nu kennen, maar die kan op een andere manier teruggebracht worden, maar dan veel meer gecultiveerd en niet zo biodivers en met allerlei natuurlijke oevers. Of kies voor de drinkvijver, Coeswaerde is koevijver heb ik me laten vertellen. Als je dat terugbrengt naar het oud-Hollands. Dus kies voor die drinkmogelijkheid vanuit tot 1930, of maak een onderbouwing voor een spiegelvijver.
Maar dat zijn niet de plaatjes die jullie nu gekregen hebben. Dat was het volgens mij in tweede termijn. De voorzitter: En de wethouder wil u nog graag eventjes aanvullen. De heer Westerkamp: Laatste richting mijnheer Van den Berg. Ja, ik zal Brink en Coeswaerde gaan gebruiken, met name, ik vind ook dat de Brink geen park is. Ik bedoel, u weet ik kom uit Alkmaar en ik woon naast een prachtig park, maar de Brink is zeker geen park. Maar in alle eerlijkheid zeg ik een beetje als buitenstaander, de Brink mag best wel wat meer beleving hebben, want het is een prachtig gebied wat denk ik veel te weinig nog wordt benut door Lareners, zeker met mooi weer. Dus ik hoop dat dat, dat straks de Coeswaerde in wellicht zijn nieuwe vorm daar zeker aan kan bijdragen. De voorzitter: Alleen bij interruptie, want we zijn eigenlijk klaar. De heer Van den Berg: Het is een mooie interruptie want de laatste woorden van de wethouder, daar wil ik ook niks aan af doen, dat we niet mogen genieten van de Brink. Dat brengt mij nog op een aanvullende vraag, en of die die technisch is, of. Het beheer en onderhoud als we, want als die vijver, die waterbak, die nieuwe Coeswaerde nu gaat doen waar hij voor bedoeld is. Dat is heel veel water erin opvangen wat dan langzaam in de grond wegsijpelt.
Is er dan een beeld van hoe lang dat gaat duren en welke investeringen dat vraagt om het beheer en onderhoud te doen om vervolgens de mooie rietzones et cetera te onderhouden et cetera? Is daar nog, zeg maar de fraaiheid, want … De voorzitter: Uw vraag is duidelijk, mijnheer Van den Berg. De heer Baggerman: De aanleg nemen we mee in het plan uiteraard, dat zit in de in de aanlegkosten, dus de aanplant en eventueel andere voorzieningen rondom de vijver. Beheer en onderhoud zijn. ‘…’ (Buiten microfoon) De heer Baggerman: Coeswaerde. Het tweede punt is beheer en onderhoud, daar laten we de collega's natuurlijk uiteraard voor mee kijken en we hebben inmiddels, ik zal niet overdrijven, ongeveer vijftig inwoners die willen participeren in het onderhoud. Alleen daar moeten we natuurlijk wel goede afspraken over maken, dat we inderdaad het kwaliteitsniveau op peil houden volgens de gemeentelijke normen. De voorzitter: Nee, ik vind dat het, u kunt volgens mij in de raad nog prima vragen stellen aan de wethouder. ‘…’ (Buiten microfoon)
Pagina 33 van 40
De voorzitter: Ja, maar dat had u al drie keer kunnen stellen. ‘…’ (Buiten microfoon) De voorzitter: Dat is geen technische vraag, een fraaiheid, is geen technische vraag. Dat is een mening. De heer Van den Berg: Nee, er werd net, het gaat nu even over het onderhoud en ik heb het niet over dat we papiertjes aan het opruimen zijn. Als die echt heeft gefunctioneerd en er ligt dus veel rommel en drek, is dat dan, is daar een voorziening in te maken? Hoe wordt daar tegenaan gekeken? Dat die ook nadat regenval is geweest gewoon weer er fraai uitziet. Neem een rivier die overstroomt, dan weten we … De voorzitter: Nee, mijnheer Van den Berg. Dat gaat allemaal veel te ver, lang duren. Uw vraag is duidelijk. Laatste vraag ook tegelijkertijd. U mag nog één antwoord geven en dan sluit ik de beraadslaging. De heer Baggerman: Het idee is technisch om de opvang voordat het water in de Coeswaerde terechtkomt, om dat via kolken of via houten, de zandafvang en bladafvang te hebben en dat het schone water de Coeswaerde inloopt. De voorzitter: Mooi antwoord. Een groot deel van u heeft aangegeven best wel positief tegenover het plan te staan, een deel ook niet. Maar als ik het zo inschat, dan mag ik aannemen dat u dit wel wil doorgeleiden naar de raad van eind van deze maand. Er komt nog wat informatie vanuit het college, onder andere ook over de welstand, het preadvies dat u heeft gevraagd.
Dat is denk ik even de belangrijkste die nog komt en dat wachten we af en dat zullen we zo snel mogen zien. En dan gaan we dit stuk doorgeleiden naar 26 april. Ja, daarmee sluit ik de beraadslaging. ‘…’ (Buiten microfoon) De voorzitter: Wat zeg je? ‘…’ (Buiten microfoon) De voorzitter: Dat wordt ongetwijfeld een bespreking, ik denk niet eens dat ik dat hoef te vragen. ‘…’ (Buiten microfoon) De voorzitter: Wat zeg je? ‘…’ (Buiten microfoon) De voorzitter: Ja, u heeft gelijk. Maar ik neem aan dat men, is er nog behoefte, want we zijn inderdaad nog bijna, ja ik moet even wennen aan dat er dan nog op het laatste moment nog iets gezegd mag worden, als het nodig is, als er behoefte is door mijnheer Ten Kroode. Heeft u daar behoefte aan? Dat dacht ik wel. U heeft dan ook nog twee minuten, en ik ga u daar ook aan houden. De heer Ten Kroode: Ja, ik heb wat dingen gehoord in dit verhaal waar ik toch even wat op wil zeggen. De heer Vos had het over de tabel, dat het allemaal netjes gescoord was. Ik zou één score uit die hele tabel willen pakken, en dat is bij de bomen, bij de 2.600 kubieke meter-variant, daar krijgen de bomen een score van nul. Dat betekent een neutraal effect, het is niet goed voor de bomen, het is niet slecht voor de bomen. Ik pak deze ene eruit. En dat was wel opeens reden om het geheel een stuk kleiner te maken. Dan klopt die score niet.
Die score moet negatief zijn geweest, want anders heb je geen reden om het kleiner te maken. Die ene wil ik er even uitpakken. Ik heb heel kritisch naar de tabel gekeken en er is wel van alles aan te merken. Dit is Pagina 34 van 40
wel heel pregnant. Omdat de bomen worden aangevoerd om kleiner te maken, maar had een score van nul. Dan ga ik even naar D66, die betwijfelde of er sprake is van een civieltechnisch werk. Je graaft immers een kuil en er komt geen beton aan te pas. Ik heb gisteren even gezocht bij Bachelor of Science-opleiding bij de Technische Universiteit Delft, was dat meen ik. En daar staat wat je in die opleiding leert als voorbeeld de zandmotor. De zandmotor is bij Kijkduin, meen ik, een enorm schiereiland van zand en dat moet langzaam afspoelen langs de kust en daarvoor zandsuppletie vormen, aan de ene kant een kuil … De voorzitter: U heeft nog een halve minuut. De heer Ten Kroode: aan de ander kant een berg zand, er hoeft niet altijd beton bij aan te komen. De participatie, dat ik als enige inspreker, heeft ook een beetje te maken met de toegankelijkheid van de informatie. De scoretabel is wat ondoorzichtig, er is geen systematiek bekend over hoe die tot stand is gekomen en dat maakt het wat ontoegankelijk. Bijvoorbeeld, wat betekent het beschermd dorpsgezicht nu? Moet je zelf maar uitvogelen, maar daar staat heel precies in beschreven waar de vijver eigenlijk aan moet doen. In welke fase wij het hebben. De voorzitter: Mijnheer Ten Kroode, u bent al over uw laatste spreektijd heen. Dus ik verzoek u nog twee zinnen te doen om het af te ronden.
En u kunt natuurlijk altijd nog na afloop met de raadsleden in gesprek om ze misschien nog te overtuigen van wat u graag wil. De heer Ten Kroode: Ik gebruik daar deze tijd daar ook voor. Nee, ik denk dat ik de belangrijkste punten wel even genoemd heb op dit moment. De voorzitter: Fijn, hartstikke fijn. U ben goed in afronden trouwens, complimenten. Dank u wel. ‘…’ (Buiten microfoon) De voorzitter: Is dit echt het laatste woord over dit onderwerp. Wordt dus ter bespreking doorgeleid naar de raad van 26 april. 8.2 Huisvestingsverordening 2019 verlengen tot 1 januari 2024 De voorzitter: Dan gaan wij naar de laatste agendapunten. Het is inmiddels tien over halfelf. Dan gaan we naar agendapunt 8.2, dat betreft de huisvestingsverordening 2019 met het voorstel van college om deze nog te verlengen tot 1 januari 2024. De overwegingen daarvan heeft u kunnen lezen, maar met name vallen die samen met de Woonvisie en alles wat daarmee, of al het beleid maar in ieder geval. Ja goed, mijnheer ‘…’ geeft u het dan nog maar even aan, wethouder Westerkamp. De heer Westerkamp: Nee, dat heeft puur te maken met dat de andere gemeentes niet tijdig hun bespreking hebben kunnen doen, waardoor we dat niet voor de zomer hebben kunnen afronden. Vandaar dat we het nu moeten verlengen. Dat is de enige reden. We hebben als Laren op tijd onze zienswijze ingediend.
Het zij zo, ik ben er niet blij mee, maar ... De voorzitter: Behoefte aan beraadslaging? Nee, niet. Kan het ons hamerpunt dan door naar de raad? Ja, dan gaan we dat doen. 8.3 Opheffing GR GVE De voorzitter: En dan gaan we naar agendapunt 8.3, dat betreft de opheffing van de Gemeenschappelijke Regeling Gooiergracht en Vijzelgemaal Eemmeer, om deze op te heffen per 31 december 2023. Behoefte aan? Ja, dan moet ik heel even, mijnheer Oomkens, van Liberaal Laren. Pagina 35 van 40
De heer Oomkens: Nog steeds. Dank voorzitter. Ja, op zich lijkt mij het hele verhaal helder en duidelijk, maar tot mijn grote vreugde kwam ik tot de conclusie dat er een positief saldo is. Dat spreekt me altijd bijzonder aan. Als ik het goed heb is dat ongeveer 120.000 euro en dat gaat verdeeld worden tussen de gemeente Blaricum en Laren. Wat is de verdeelsleutel? De voorzitter: Duidelijke vraag, dank u wel. Waar kunnen we op rekenen? Ja, prima. Andere vragen nog? Mijnheer Van den Berg. De heer Van den Berg: Ik hoop dat het als een technische vraag wordt gezien. We krijgen voorgelegd om de Gemeenschappelijke Regeling op te heffen, maar voor zover ik weet was er ook altijd nog sprake van een stichting en is er in de grijze oudheid bij de raadsleden die, en nieuwgekozen raadsleden werden dan afgevaardigd in allerlei gremia, waaronder, naar ik begrepen heb, in die stichting die hierover gaat. En dat is eigenlijk mijn vraag. Is er nog iemand hier aan tafel die ook nog in die stichting zit? Ik heb weleens begrepen dat de heer Vos daarin zit. En eigenlijk zou ik die dan willen vragen of hij als stichtingsbestuur het hier ook mee eens is.
En of hij, en dat is meer een vraag aan het college, zoals het hier nu staat, die regeling snap ik allemaal wel dat we die op gaan heffen, maar of we nog vanuit die stichting die we liquideren nog rare dingen kunnen voortkomen die nu niet genoemd zijn. En rare dingen bedoel ik eigenlijk financiële consequenties, verantwoordelijkheden, aansprakelijkheden. De voorzitter: Ja, dank u wel. Wethouder Van Midden. De heer Van Midden: Ja dank u wel, voorzitter. Als dat de enige twee vragen zijn. Overigens is misschien even aardig even toch ter introductie, terwijl eigenlijk de stukken ook voor zichzelf spreken, maar wat we nu aan doen zijn is eigenlijk de uitvoering geven aan de intentieverklaring zoals die 26 januari vorig jaar getekend is tussen de twee gemeentes en het waterschap, als het gaat om de integrale aanpak van de Gooiergracht in die gemeenten en het waterschap als het gaat om de integrale aanpak van de Gooiergracht. Daar staan ook de stappen in beschreven die uiteindelijk genomen moeten worden. De heer Kales, in de zaal aanwezig, had de eer namens Laren dit te mogen tekenen. En wat we nu aan het doen zijn is eigenlijk, ruim een jaar later, is invulling geven aan al die stappen. Dus in die zin doen wij wat we in die intentieverklaring vastgelegd hebben.
Ik zal even de vraag van het CDA beantwoorden en naast mij is aangeschoven Ronald Van Buuren, die heeft het ambtelijk-technisch, ik mag wel zeggen voortreffelijk, begeleid. Want het was toch wel, als je kijkt ook naar document een vrij Intensief traject met heel veel documenten, echt techniek erachter. En dat is op een geweldige manier begeleid. Dat is in ieder geval namens mij en het college dankt daarvoor. Even de vraag van het CDA over de stichting. Er is mij niet bekend dat er een stichting bestaat, we hebben een Gemeenschappelijke Regeling, die bestaat uit een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur. In het algemeen bestuur zijn naast het dagelijks bestuur twee raadsleden vertegenwoordigd, één van Laren, dat is de heer Bart Vos, en één vanuit Blaricum, en dat is mevrouw Boersen-de Jong. Tot het dagelijks bestuur behoren Frans Cornelis uit Blaricum en mijzelf, met als secretaris Peter van Dijk uit Blaricum. Wij hebben ter voorbereiding van dit besluit een algemene vergadering gehad waarin we het besproken hebben met de vertegenwoordigers van de raden en uiteindelijk op basis ook van de stukken en de voorstellen die er lagen het besluit genomen hebben om het uiteindelijk ook aan u raad voor te gaan leggen om de opheffing van de Gemeenschappelijke Regeling daadwerkelijk te gaan effectueren.
Dus mij niks bekend van een stichting of zo die in dat verband ook geliquideerd ‘…’, het gaat om de Gemeenschappelijke Regeling. De voorzitter: U heeft het antwoord gegeven. Dan de vraag van mijnheer Oomkens. De heer Van Midden: Dan de verdeelsleutel, en die zal Ronald beantwoorden. De heer Van Buuren: Ik pak gewoon even deze microfoon, goedenavond. De verdeelsleutel, ja dit is gelijk aan de verdeelsleutel zoals dit tussen gemeente Laren en Blaricum is afgesproken aan de bijdragen die de beide Pagina 36 van 40
gemeenten leveren aan de Gemeenschappelijke Regeling. Het precieze cijfer, wat de precieze verdeelsleutel daarin is, die heb ik nu nog niet paraat maar die kan ik nog wel zorgen dat die nog bij u komt, want die moet ik bij mijn financieel collega even goed bevragen, wat dat percentage precies is. Het zit niet ver, het is niet fiftyfifty, maar het zit wel ergens daar in de buurt. Maar wat het precies is, kan ik nog niet zeggen. De voorzitter: Duidelijk, dank u wel voor het antwoord. Eigenlijk beschouwen we dit dan maar even als een toezegging van de wethouder, dat hij nog even met het antwoord komt wat de exacte verdeling is. En dan ook met zowel in een percentage als in euro's. De heer Van Midden: Heel goed, mijnheer de voorzitter. Dat zullen we doen. De voorzitter: Dank. Dat is daarmee tegelijkertijd ook een afronding van dit agendapunt vermoed ik. Anderen geen behoefte meer. Kunnen we dit onderwerp dan ook doorgeleiden naar de raad als hamerpunt? Vermoed ik, ja, dan doen we dat. Dat is mooi. Daarmee hebben we agendapunt 8.3 afgehandeld. 9.
Rondvraag De voorzitter: En dan gaan we door naar het laatste agendapunt, dat is de rondvraag. Ja, mijnheer Jansen had zich al gemeld dat hij een rondvraagpunt heeft. De heer Jansen: Mijnheer de voorzitter ik zou eigenlijk willen vragen of u mijnheer Westerkamp ter vergadering wil roepen, want ik heb een vraag aan hem en ik zie hem niet zitten. De voorzitter: Ik zie opeen dat hij weg is. Waar is mijnheer Westerkamp eigenlijk gebleven? Oké, dan gaan we eerst even naar een andere, dan komen we zo meteen bij u terug. Wie nog meer heeft een? Ja, dan hebben we een vraag van mevrouw Van Oort. Mevrouw Van Oort: Dank u wel voorzitter. Ik heb een vraag aan de wethouder over de status nu van het PostNL-punt. We hadden voorgesteld om het eventueel bij het zwembad te laten uitvoeren. En of dat eventueel al is onderzocht en hoe dat ervoor staat. De voorzitter: Ja, ik meen dat deze al is beantwoord, maar dat dat misschien niet tot een bevredigende oplossing leidt. Maar ja, een antwoord is een antwoord. Mijnheer Van Midden. De heer Van Midden: Ja mijnheer de voorzitter, dank u wel. Dat is eigenlijk een vraag die behandeld zou moeten worden door mijn collega Flip de Groot, die is er druk mee bezig geweest. En bij mijn weten heeft hij daar uitvoerig op geantwoord.
De voorzitter: Hij heeft dat al gedaan … De heer Van Midden: Volgens mij heeft hij ook een mailbericht over gestuurd, als ik het goed heb. De voorzitter: Het antwoord is al eens gegeven. De voorzitter: Mijnheer Westerkamp is uit geproest, hoop ik ook. Er is u net, de heer Jansen van Groen Laren wilde u een vraag stellen. Dus dan gaan we even terug naar mijnheer Jansen. De heer Jansen: Daar ben ik weer. Dank u, mijnheer de voorzitter. Mijnheer Westerkamp, of mijnheer de voorzitter, ik heb een vraag aan de heer Westerkamp. Het betreft uiteraard de tennishal. Het is mij ter ore gekomen dat de heer Van Latum, de huidige eigenaar, geheel in de overtuiging leeft dat de deal alsnog kan doorgaan met door hem beoogde kopers. De reden daarvoor is dat hij nu van mening is dat wanneer er twee Pagina 37 van 40
tennisbanen behouden blijven de wethouder genegen is om de erfpachtovereenkomst alsnog te wijzigen. Dus dat de tennissport vervangen wordt door racketsport en dat daar dus op vier banen padel gemaakt kan gaan worden. Ik vraag me af of deze interpretatie juist is, of dat er nu sprake is van de huidige erfpachtovereenkomst die ongewijzigd blijft omdat de motie in principe als niet uitvoerbaar werd geacht en daarmee ook de besprekingen zijn afgebroken en mogelijk gemaakte afspraken zijn geannuleerd. Dus graag wou ik daar antwoord op. De voorzitter: Dank u wel. Kan mijnheer Westerkamp daar direct antwoord op geven? De heer Westerkamp: Jazeker. Ja, dan moet u toch bij de heer Van Latum wezen, wat betreft zijn interpretatie. Ik constateer alleen dat in de raadsvergadering er moties aangenomen zijn die een viertal punten bevatten, waarvan we op punt 2 onverkort, om zonder voorwaardes twee tennisbalbanen behouden. Wij hebben gezegd, die is voor ons niet uitvoerbaar gezien de onderhandelingen die er zijn. Dat kwam voor ons in ieder geval tot de conclusie dat wij op dit moment niet de overeenkomst konden tekenen die er lag. Dus in dat opzicht moesten we op dat, zeker op dat stuk, de motie naast ons neerleggen. En ja, het is nu aan de heer Van Latum hoe hij nu verder wil. Wij zitten even in de wachtstand.
Als er partijen komen die willen voldoen aan die motie, dan zullen wij wel richting u kant komen, of iets anders. Maar op dit moment zijn wij afwachtend tot er duidelijkheid wordt geschapen. De voorzitter: Goed. Dan nog een aanvullende vraag, begrijp ik. De heer Jansen: ‘…’ (Storing microfoon) De heer Jansen: … hoe is de status van de motie? Is die nu wel, wordt nu wel uitgevoerd of wordt hij niet uitgevoerd? Want ik heb begrepen dat u de motie niet kon uitvoeren en dan denk ik met mijn simpele verstand, dan is die motie dus niet uitgevoerd en heeft hij verder ook geen doorwerking op dit moment en blijft gewoon de oude erfpachtovereenkomst onverkort van kracht. Klopt dat? De heer Westerkamp: Volgens mij hebben we vanavond al meerdere discussies gehad over moties die in het verleden zijn aangenomen. U heeft een motie aangenomen als raad. En die motie is aangenomen en die ligt nu als een duidelijk kader eigenlijk, moet ik stellen, en alle partijen weten welk kader er nu ligt. En wij wachten dat af, mijnheer Jansen De voorzitter: Goed, dan is dat duidelijk. Mijnheer Vos die zat al te vragen om nog een vraag te mogen stellen. Dat kan bij deze. Dan kom ik bij mevrouw Timmerman begreep ik, en ik zag hier nog … De heer Vos: Ja, ik had een vragende blik.
Het is al een keertje eerder ter sprake gekomen, maar ik werd daar opnieuw aangesproken een aantal malen, met betrekking tot de panden die gebouwd zijn op de hoek van de Caliskamp en de Melkweg. De auto's schijnen een dusdanig formaat te hebben dat ze de parkeergarage niet in kunnen. En als ze er wel min of meer schadevrij ingekomen zijn, te groot zijn voor de aangelegde parkeerplaats. Ja ik heb het van horen zeggen, mijnheer Westerkamp, dus het zal ongetwijfeld waar zijn. Dus dat heeft nogal wat voeten in de aarde, want de mensen zijn zuinig op hun automobielen en nu staat die hele straat vol met mensen die een dure parkeerplaats hebben laten bouwen en mensen die gewoon een eenvoudig automobiel hebben, die nu een auto niet kwijt kunnen. Ik heb toen gevraagd of u daar eens naar wilde kijken. De bermen zijn inmiddels nu allemaal tot zwart zand teruggebracht, dus daar kun je net zoveel beton op storten en auto’s op zetten, dus dat is heel treurig. Maar misschien is het toch handig om een keertje met die mensen te kijken wat er aan de hand is, en vooral als er nog eens een ander parkeergarage gemaakt wordt, dat mensen dan gewoon een modaal autootje kopen. Dat is misschien, maar dat is misschien bij La Gare al te laat. Maar misschien zou u er aandacht aan kunnen besteden.
Pagina 38 van 40
De voorzitter: Goed, mijnheer Westerkamp. De heer Westerkamp: Voorzitter. Ja, mijnheer Vos, ik zou er wel aandacht aan willen besteden als ik er wat mee kon. Maar ik kan niet mensen dwingen om een kleinere auto te kopen of een auto wel of niet te doen. Dus ja, ik snap de onvrede, ik snap het frustratiegevoel van mensen, maar ik kan mensen niet dwingen om hun auto, ik kan niet daar een boa gaan neerzetten die mensen, ja u moet uw auto in die parkeergarage zetten, of u moet nu maar een kleinere auto kopen. Eerlijk gezegd, ik zou niet weten wat ik daarmee zou moeten doen, want die parkeergarage ligt er en die mensen hebben auto's gekocht. De heer Vos: Dat begrijp ik. Maar mijn vraag was simpel, die bermen worden nu allemaal kapotgereden en die straat staat helemaal bomvol met auto's. Misschien een paar eenvoudige paaltjes zal al een heel stuk schelen. En mijnheer Van Midden is bezig met bermenbeleid, vooruitlopend op het bermenbeleid lijkt mij dat, hij schudt … Nee, want ik begrijp ook dat u mensen niet kunt verplichten. Maar het is wel een aandachtspunt als dat mocht gebeuren bij andere gevallen. De voorzitter: Mijnheer Vos, het is duidelijk. Want het is een rondvraagpunt. Het is niet een hele discussie. Dus u heeft uw suggestie meegegeven, prima. Mevrouw Timmerman had ik aangegeven dat zij … Mevrouw Timmerman-Hamers: Mijn vraag gaat ook over tennishal Sprokkelenburg.
We hebben onlangs een brief gekregen, is alweer een paar weken geleden, van iemand uit Blaricum die daar een hal heeft die speciaal op racketsport gebaseerd is. En die heeft aangegeven, die brief is ook naar het college gestuurd, dat hij Sprokkelenburg graag zou willen kopen. Bent u misschien benaderd hierdoor? Omdat u ook via die brief bent benaderd. Is daar alles iets over bekend? Zijn er, ik ben heel benieuwd hoe dat verder gaat. Want deze mijnheer wil gewoon zes tennisbanen daar hebben. De voorzitter: Goed. Is mijnheer Westerkamp iets bekend over een brief en wat daarmee … De heer Westerkamp: Ja, die brief is ook bij het college binnengekomen en we hebben de mijnheer geantwoord dat hij niet bij ons moet zijn maar bij de heer Van Latum van Sprokkelenburg. De voorzitter: Duidelijk antwoord. Mijnheer Van den Berg had nog een vraag, begreep ik. De heer Van den Berg: Begint laat op de avond. Ik had een vraag. Mijn eigen vraag die gaat over, is gericht aan de heer Van Midden, naar aanleiding van zijn mededeling aan het begin van de avond dat hij nog weer drie wijkbezoeken gaat brengen. Of hij ons nog even kan meenemen in dat wijkbezoek aan de Vredelaan waar wat onrust was ontstaan over kapvergunningen en adressen van een ander adres gebruikt. Of hij daar nog iets kort van kan zeggen, of de onrust daar, die daar is ontstaan al aan het wegebben is? Of hoe hij daarmee omgaat.
Dat is vraag één. Dan nog even de vraag aan mijnheer Vos eigenlijk, maar u zag mij niet, de interruptie geven. Als daar mensen wonen met een te grote auto, ik ken de buurt, volgens mij zijn daar ook best buurtbewoners misschien met een iets kleinere auto, dat die dan de gelegenheid krijgen om in de parkeergarages te mogen staan. Dat zou zomaar een hele mooie participatieve oplossing zijn. En nog even aan mijn andere collega, het is net al gezegd, de erfpachtovereenkomst daar is niks over veranderd, dus die is er gewoon. Maar dat is hem dan ook. Hij is er gewoon, de oude. Maar dat, ik beluister de vragen van de wethouder, de gemeente is gewoon nu klaar. Wij doen niks en de eigenaar heeft een erfpachtovereenkomst. En dat is het. De voorzitter: Goed. Nee, we gaan nu geen discussie voeren hier, daar is het niet voor bedoeld. Mijnheer Van den Berg heeft gewoon een reactie gegeven. En ik ga eerst even terug naar het antwoord van de eerste vraag die gesteld is aan mijnheer Westerkamp.
Pagina 39 van 40
De heer Westerkamp: Ja, het valt een beetje tussen ons, maar goed, daarvoor doen we het ook wel samen. Ja, we weten van de onrust en we zijn even aan het kijken hoe we in ieder geval… Kijk, in principe is er natuurlijk een partij, bewoners die daar wat willen ontwikkelen, die daar een informatieavond over hebben gehouden. En dat heb ik heb ik achteraf ook wel begrepen, ook van een van de initiatiefnemers is wat ongelukkig gepresenteerd. Wij spelen daar ook nog helemaal geen rol. Er is ook nog niet echt een aanvraag ingediend. Die kap staat daar ook verder los van op dit moment, dat is gewoon aangevraagd. Volgens mij heb ik dat in de raadsvergadering ook al geantwoord, want die vraag is toen ook al gesteld. Maar wij zijn even aan het kijken hoe we met die mensen even in contact kunnen treden om te kijken van hoe kunnen we dat stukje onrust wellicht wegnemen. De voorzitter: Mijnheer Westendorp. De heer Westendorp: Ja, dank u wel voorzitter. Ook even terug naar het begin van de vergadering, een korte mededeling over een uitspraak van de Raad van State inzake de Rabobank. Ook voor de nieuwe commissie en raadsleden zou u een klein beetje context kunnen geven, wat is dan wat we nu kunnen verwachten? Of misschien iemand anders in deze zaal. De voorzitter: De heer Westerkamp. De heer Westerkamp: Heb je even? Nee, wij noemen dit nog een zacht plan.
Het idee is dat daar vijftien appartementen worden ontwikkeld, of tussen de twaalf en de achttien was het geloof ik. In ieder geval in onze plan staat die als vijftien. Ja, nu de Raad van State het onherroepelijk heeft verklaard en de Oekraïners zo direct in april, of eind deze maand gaan verhuizen naar Woensberg en de Barbeelstraat, kan de ontwikkelaar nu doorgaan. Want het bestemmingsplan is onherroepelijk. Dus ik heb in, ik bedoel dat dossier is nog niet echt op mijn bordje gekomen dan dat ik alleen weet dat het is, want ik heb ook verder met hem nog nooit contact gehad. Dus ik weet ook nog niet wat voor plan hij gaat indienen, maar dat moet natuurlijk voldoen aan het bestemmingsplan. Maar de zet is nu natuurlijk bij hem, gaat hij slopen of gaat hij, nou whatever gaat hij doen daar. De voorzitter: Ja, dat is dan nog niet duidelijk. Dat zijn de rondvragen als ik het goed begrijp. Sluiting De voorzitter: Dan komen we het eind van de vergadering. En wat is het? Welgeteld precies 23 uur. En dan sluit ik hierbij de vergadering. Dank u allen.
Pagina 40 van 40