20210929 transcript raad
Tekst van het document
En de adempauze hoor ik van de zijde van het college, de motie kunnen we handhaven, dan is die formeel in stemming en dan begrijp ik ook uit de woorden van het college dat die in ieder geval zodanig wordt geïnterpreteerd dat er geen onomkeerbare besluiten verder worden genomen. Nou, die nemen wij als raad ook niet want wij gaan niet meteen beslissen of iets een woningbouwlocatie is, als dat al zou kunnen, maar we Pagina 30 van 35
kunnen wel het debat voeren over hoe is dit nu gegaan, en niet aan de hand van een aantal vragen verder nog meer vervolgvragen stellen. En het is heel fijn als dan inderdaad tot dat moment er even pas op de plaats wordt gemaakt zoals de voorzitter ook de commissiebehandeling suggereerde. Dus in die zin begrijp ik niet het mordicus van de heer De Bondt, die ziet het heel letterlijk. Ik interpreteer het college als meegaand met de wens van de meerderheid van de raad, zoals ik het nu zie, en zo wil ik de motie ook inbrengen om tot een goed gesprek te komen en dan te bezien wat er nog kan of wat er niet kan, en nou, misschien moeten we concluderen dat het allemaal zeer ordentelijk is verlopen en dan kunnen we hier ook weer terugkomen met een compliment want ik ben niet de beroerdste om te zeggen als het verkeerd is gegaan, zoals wij het nu veronderstellen, dat het ook goed kan gaan. Dus dat is wat dat betreft zit ik er heel open in, alleen even de adempauze van jongens, even geen onomkeerbare besluiten totdat we de discussie gevoerd hebben. De voorzitter: Dank, de heer Loeff. Dan nog de heer Wegter en dan voor een reactie naar het college. De heer Wegter. De heer Wegter: Ik denk dat de heer Loeff nu een beroep doet op de naïviteit van een aantal leden in deze raad. Als ik deze motie lees, is het meer dan een adempauze. Er wordt impliciet aangegeven dat alles nog open is.
Daar is de kern van de zaak. Er wordt hier zelfs in een overweging gesproken over de mogelijkheid zou je nog kunnen bekijken van sociale woningbouw. Met andere woorden: de trein die loopt zoals de wethouder het aangeeft, en wat de wethouder betreft kan alleen de kleur van de trein nog besproken worden, maar de richting van de trein staat voor de wethouder, voor het college vast. En dat is dus geen sociale woningbouw. Dat is dus datgene wat het college wil. Dat staat er in feite. En wat de motie doet, probeert dat onderuit te halen, althans die mogelijkheid te scheppen om het onderuit te halen. Dus de adempauze is meer dan dat. Het is een politiek signaal wat morgen in de krant komt dat het Larens Behoud eigenlijk grote bezwaren heeft tegen de intenties van het college. Dat is in wezen wat er staat. Het wordt prachtig verpakt door nu te gaan zeggen: o, ‘…’, het zal allemaal meevallen, en straks horen we nog wat en dan kunnen we zelfs een beetje complimenten uitdelen. Maar nogmaals, ik ben redelijk, ik ben een tukker en dus naïef, maar zo naïef ben ik niet. En ik begrijp niet goed dat het college aanleiding geeft om dit soort naïviteitsillusies hier te ondersteunen.
Het college moet nu man en paard noemen, de richting staat vast, we zijn wel bereid om over de kleur van de trein te praten, we zijn niet bereid om terug te komen op besluiten die we al genomen hebben met alle juridische consequenties die eraan vastzitten, en of er nou over een half jaar verkiezingen zijn of niet, wij als college kunnen deze motie niet aanvaarden. Dat is in feite wat ik verwacht. Dank u wel. De voorzitter: Dan nog het woord aan de heer Vos en dan aan de heer Stam. De heer Vos: Ik, ik … Ja, dank u wel voorzitter. Ik ben een beetje perplex om twee dingen, mijnheer Wegter. Ten eerste, ik denk dat hier aan deze tafel weinig naïeve mensen zitten als ik zo om me heen kijken, volgens mij begrijpen die heel goed wat er hier gebeurt. En mijn tweede verbazing, ik begrijp dat u tot de coalitie bent toegetreden want u hebt nogal een behoorlijk pleidooi om de wethouder te steunen hierin, dus ik weet niet zo goed wat u bedoelt hoor, misschien dat ik dan toch misschien een beetje naïef ben. De voorzitter: Wethouder Stam. Meerdere fracties hebben een interpretatie gegeven van de motie, pakt u even, pakt u ook, als u daar rustig voor wilt formuleren mag dat, om een interpretatie te geven. De heer Stam: Ik hoop dat ik altijd rustig formuleer.
Kijk, punt van mijnheer Van den Berg bijvoorbeeld is, en u moet zich toch een aantal dingen realiseren waar ik net een antwoord op heb gegeven. Ik heb gezegd dat de raad vanavond ook op instigatie van de voorzitter heeft gezegd: nou, die vragen zijn beantwoord en het is eigenlijk niet het gremium om nu uitgebreid met elkaar van gedachten te wisselen over alle ins en outs van Pagina 31 van 35
het probleem. In die zin zegt het college: prima, laten we nou geen onvoorziene dingen gaan doen, laten we nou naar de commissie M&F nog eens een keer alle vragen de revue laten passeren en antwoorden geven. Tegelijk zeg ik erbij, en op zichzelf ben ik niet onblij met de reactie van mijnheer Loeff, die zegt: we keuren het nog niet af maar er is ruimte. Kijk, ik zeg er tegelijkertijd bij dat we in mijn opvatting, maar dan spreek ik als wethouder Stam, dat wat mij betreft sprake is, en dat geef ik ook aan in de beantwoording die ik hier net heb gegeven, van een op zichzelf juridisch sluitend verhaal. En dat moet de raad zich ook realiseren, ik heb dat in de beantwoording heel duidelijk gemaakt. De raad geeft het college mandaat, dat heeft de raad niet zomaar gedaan, die heeft mandaat gegeven aan het college. En het college maakt er gebruik van zoals ze dat de afgelopen jaren ook heeft gedaan, en ook dit jaar weer. En dat is misschien wel heel juridisch, en ik zeg toch dat, ik zeg dat nog eens een keer extra erbij, want op zo’n beslissing mag een derde vertrouwen, en je hebt dan te maken met wat in het juridische vakjargon heet het vertrouwensbeginsel. En dan zegt mijnheer Van den Berg: ja, maar dan kunt u toch niet voorstellen dat LLTC naar de rechter gaat.
Nou, ik zou het ook niet hopen, maar het is niet uit te sluiten want stel je voor dat je met elkaar roept van het mag allemaal niet doorgaan, dan zegt mijn juridische gevoel en alle adviseurs die ik erover heb gesproken, dan is ook in de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 is er heel duidelijk sprake van, daar wordt aan drie dingen getoetst: is er een toezegging gedaan, kan die toezegging aan het bevoegd orgaan worden toegerekend, en zijn er andere belangen die zwaarder wegen? Nou, ik ben ervan overtuigd dat er een toezegging is gedaan door het college op basis van het mandaat wat door de raad is gegeven. Ik ben ervan overtuigd dat er een toezegging aan het bevoegd orgaan, in dit geval het college, kan worden toegerekend, en ik ben ervan overtuigd dat hier sprake is van een algemeen belang wat wij volgen. Dus ik zeg er, misschien is het een lange uitleg, maar wat ik erbij zeg is de raad zegt tegen mij: ga nog eens een keer met mij in gesprek in de commissie M&F, ik zeg er tegelijkertijd bij: u moet zich realiseren dat de ruimte die ik heb, die wij hebben, en dat is ook de juridische ruimte, dat die juridische ruimte zo weinig, buitengewoon miniem is en misschien wel niet meer bestaat. Dat moet u zich realiseren, en als het een kwestie is van niet juridisch dan is het een politieke kwestie.
En als u er een politieke kwestie van wil maken dan moet u dat vooral doen maar dan is dat het item. De heer Wegter: Nee moet zeggen tegen de motie, daar gaat het om. Dat is de essentie van de zaak. Er is hier een politieke zaak. De voorzitter: Ho, mijnheer Wegter. Het college heeft gereageerd, er heeft beraadslaging plaatsgevonden. Volgens mij heeft het college gezegd: wij zijn bereid de motie uit te voeren binnen het juridisch haalbare en gaan daarover graag in de commissie in gesprek. Overigens zeg ik dit niet als voorzitter van het college maar gewoon als uw raad omdat de inwoners dat gewoon moeten weten. Volgens mij zijn er handreikingen gedaan en volgens mij zijn er ook beperkingen opgelegd, volgens mij zijn we toe aan besluitvorming over de motie. Wenst een van de fracties nog een schorsing of een aanpassing of kunnen we overgaan tot stemming? De heer De Bondt: Ik wil wel graag nog iets opmerken, voorzitter. De voorzitter: We doen nog één ronde dan van de zijde van de raad, voor één termijn, geen discussie, en dan gaan we over tot stemming. De heer De Bondt. De heer De Bondt: Laat ik beginnen met te zeggen dat ik volstrekt eens ben met de opmerkingen die door de heer Wegter gemaakt zijn. Ik heb al gezegd dat ik de motie in hoge mate betreur en ik vind het eerlijk gezegd ook een aanzet tot onbehoorlijk bestuur.
Als wij het college mandateren en die maken gebruik van die ruimte, en doen dat op een uiterst zorgvuldige manier, dan is het niet aan ons om dan bij motie weer in twijfel te trekken. Zou de motie aangenomen worden, dan betekent dat voor mijn fractie dat wij ons beraden op onze positie, zoals dat heet. Pagina 32 van 35
De heer Loeff: Voorzitter, mag ik ‘…’? De voorzitter: De heer Loeff, de heer Van den Berg, daarna de heer Wegter. De heer Loeff: Per interpellatie, zware woorden van de heer De Bondt, en u doet alsof er niks aan de hand is. De basis van de vragen was dat de wethouder twee jaar niets heeft laten horen over dit initiatief. Dus dat is de reden waarom wij zijn gekomen met een aantal vragen. Dat heeft geleid tot beantwoording, daar zijn nog een aantal vragen over. Het is niets meer of minder dan een korte pauze waarin wij zeggen van kijk nog eens goed, de toezegging van het college geeft dezelfde handreiking, dus ja, ik vind het wel een beetje heel zwaar wat u nu zo brengt. Ik denk dat we daar prima uit kunnen komen. De heer De Bondt: Ja, maar mijnheer Loeff … Ja, mijnheer de voorzitter, de heer Loeff die maakt die opmerking maar hij vergeet dat de voorzitter een voorstel had gedaan om het in het presidium te bespreken en eventueel aan de hand van een notitie in de commissie M&F aan de orde te stellen. Dat was niet genoeg voor u, u moest met een motie komen terwijl u nota bene van tevoren had gezegd dat u niet met een motie zou komen. De voorzitter: Oké, dat is ons niet bekend, de heer Van den Berg en ik denk dat we daarna wel tot stemming moeten overgaan. De heer Van den Berg.
De heer Van den Berg: Ja, de discussie, en daarom dacht ik, u onderbrak de heer Wegter, maar het gaat ook over politiek maar daarom zitten we hier ook. En de sfeer wordt wat harder tussen de beide coalitiefracties. Maar waar het wel om gaat is dat ik deze motie gewoon wel zo uitleg dat er nog van alles kan gebeuren. Want dat alles, maar dat is dus inhoud, gaan we bespreken, maar we moeten wel wat creatief blijven en dat kan dus heel goed zijn dat die padelbanen wel ergens in Laren komen maar niet op deze plek. En de interruptie die ik maak, voorzitter, ik ga hier niet de coalitiepartijen uit elkaar spelen, maar ik vind nogmaals, wij geven hier een signaal mee af van het gevoelen als je in dit college, en dat staat hier ook in deze, het is genoegzaam bekend dat wij vaker zeggen: laten we eens met elkaar nadenken over locaties. En dit is gewoon nu een streep trekken, en hoe hard je dat linksom of rechtsom uit wil leggen, politiek nemen, als wij deze motie aannemen is het aan het college wat ze ermee doen of aan een wethouder maar wij nemen deze motie aan en als de Larens Behoud-fractie hem zou intrekken dien ik hem terstond opnieuw in en ga ik een hoofdelijke stemming aanvragen. De voorzitter: Oké, helder. Volgens mij zijn alle feiten gewisseld.
En ik ga weer even terug naar de feiten en probeer even los te komen van de politieke mening, want wat is er vanavond gebeurd? De fractie van Larens Behoud heeft vragen ingediend ter mondelinge beantwoording. Wethouder Stam heeft de vragen beantwoord. Het was geen agendapunt, er was ook niet voorzien in een debat en dan is het gebruikelijk dat, zoals ik heb voorgesteld, als de raad daartoe aanleiding ziet het geagendeerd wordt voor het presidium die het vervolgens kan agenderen voor de commissie en daarna voor de raad. Vervolgens heeft de fractie van Larens Behoud geschorst en is gekomen met een motie die wij hebben geagendeerd voor het agendapunt moties vreemd aan de orde van de dag. De motie is besproken, er hebben meerdere schorsingen plaatsgevonden en ik kijk even goed naar de wethouder of ik zijn woorden goed interpreteer, maar de wethouder zegt namens het college: als wij opvolging geven aan deze motie, dan betekent het dus dat we die in de commissie M&F met elkaar gaan bespreken, dat we de situatie rondom de banen gaan bespreken, maar u moet wel weten dat het college binnen een mandaat een besluit heeft genomen waar juridische consequenties aan zijn en daar wil ik u wel voor waarschuwen, en daar heeft hij woorden voor gekozen en ik interpreteer het nu op deze wijze, dat moet u wel van tevoren weten.
Ik heb de heer Loeff horen zeggen van nou, het kan best zijn dat we Pagina 33 van 35
allemaal weer eindigen op waar we terecht zijn gekomen. Er zijn een aantal andere wat steviger interpretaties gegeven maar volgens mij liggen zo de feiten en ik kijk nog even naar de heer Stam. Kan ik op deze wijze het advies of de interpretatie van het college over de motie interpreteren? De heer Stam: Ja, u bent een uitstekend verwoorder van meningen natuurlijk. Ik heb daar niet zo gek veel aan toe te voegen behalve datgene wat ik al eerder heb gezegd. De raad moet zich realiseren dat je kunt zeggen, dat heb ik ook van gezegd, dat had misschien beter gekund, maar zowel bij de vorige subsidieverleningen aan de voetbal als aan de, hoe heet het, de Maggy Lekeux en anderen, ook de tennis, is er door het college op basis van een mandaat die wij gekregen hebben van de raad zijn er besluiten genomen. En datzelfde geldt nu voor dit besluit. Ik heb gezegd, dat was beter geweest om het misschien van tevoren nog even met de raad besproken te hebben, heb ik een duidelijke opvatting over laten horen. Tegelijkertijd zeg ik erbij, en ik kan het niet anders zeggen dan dat: juridisch gezien heeft het college een besluit genomen waar we natuurlijk nog een keer uitgebreid over moeten praten, u moet zich realiseren dat je nu langzamerhand in de politieke arena bevindt en niet meer in de juridische arena. En ik ben het dus volstrekt oneens met wat mijnheer Van den Berg daarover zegt.
De voorzitter: Oké. Ik ga nog eventjes de feiten destilleren, doe een handreiking. Misschien kunnen we dan als we … De motie komt in stemming, aangenomen, het is dan aan u om daar consequenties uit te trekken. Wat we kunnen doen is dat we hem agenderen voor de commissie en eveneens de commissie informeren over waar de procedures allemaal staan. Ik probeer er iets van te maken, als u zegt … De heer Stam: Voorzitter, ik vind dat een goed voorstel als u dat op die manier wil doen. De voorzitter: Helder. Die handreiking doen we, die kunnen we morgen bespreken in het presidium. Breng ik nu de motie in stemming en dan is het aan u om daar consequenties uit te trekken. De heer Wegter: Stemverklaring. De voorzitter: De heer Wegter. Dat is dan nu het rondje, voor iedereen die het kwijt is, dat is dan nu het rondje stemverklaringen en dan gaan we stemmen. De heer Wegter. De heer Wegter: Ik interpreteer de laatste opmerking van het college middels de stem van de heer Stam dat het college het oneens is met de strekking van deze motie. Totaal oneens zelfs, en vanuit die optiek heb ik er geen enkel probleem mee om deze motie absoluut af te wijzen. Dank u wel. De voorzitter: Helder. Zijn er andere fracties die nog een stemverklaring willen afgeven, want anders gaan we hem nu in stemming brengen.
Dan de motie vreemd aan de orde van de dag afkomstig van de fractie van Larens Behoud die het college oproept mitsdien nu er door de gemeente nog geen vergunningen zijn verstrekt, waaronder een omgevingsvergunning, de ontwikkelingen omtrent het gebruik van het grasveldje tijdelijk stop te zetten en zo spoedig mogelijk in overleg met de gemeenteraad, en dat wordt dan ook waarschijnlijk de eerstkomende commissievergadering, in overleg te treden omtrent het toekomstig gebruik van dit grasveldje met alle beperkingen die daar vanavond aan zijn meegegeven. Willen de fracties die de motie steunen dit kenbaar maken? Dat zijn de fracties van Groen Laren, Liberaal Laren, het CDA en Larens Behoud. Willen de fracties die tegen de motie stemmen dit kenbaar maken? Dat zijn de fracties van de VVD en van D66, en daarmee is de motie aangenomen.
Pagina 34 van 35
13. Sluiting De voorzitter: En daarbij kom ik tot sluiting van deze raadsvergadering, ware het niet dat wethouder Den Dunnen nog een mededeling wilde doen over het kaartje dat voor u op tafel ligt. De heer Den Dunnen: Heel kort, mijnheer de voorzitter. Het is vanaf morgen de week van de eenzaamheid en daar worden allerlei activiteiten vanuit het Brinkhuis georganiseerd en dit kaartje is daar één van, en misschien kunt u hier in de raad elkaar eens uitnodigen voor een kopje koffie. De voorzitter: Heel goed, en ontfermt u ook over uw medemens en mede-inwoners in de week van de eenzaamheid. Ik wens u wel thuis en sluit de vergadering.
Pagina 35 van 35