CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

20210922 R&I transcript

Commissie Ruimte en Infrastructuur 12 oktober 2021, gemeente larenBij agendapunt: Vaststelling lijst adviezen en conclusies vergadering commissie R&I d.d. 22 september 202133.300 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

niet zoveel voor. Ik zal dat in ieder geval ook in die zin nog verduidelijken, mocht dat nodig zijn. Kwaliteit waarnaar gevraagd is, daar heb ik al het een en ander van gezegd. Ik vind dat het echt op een hoogkwalitatief niveau zou moeten worden uitgewerkt en dat dient de gemeente in de vergunningsaanvraag, maar ook in de commissie Ruimtelijke Kwaliteit buitengewoon op toe te zien. Het CDA zegt: zijn er onvoldoende gesprekken? Ja, daar kan je verschillend over denken. Er wordt gezegd: wie is er uitgenodigd? Nou, we hebben de leden van de klankbordgroep uitgenodigd in de veronderstelling dat – en dat is ook uiteindelijk gebeurd, dat ook zij, want er zijn een aantal mensen uit de Dammaat zelf in die klankbordgroep – dat duidelijk zou worden gemaakt, maar we hebben dat niet inderdaad op persoon gedaan, maar via de klankbordgroep geprobeerd dat te doen. Liberaal Laren, ik ben ingegaan de volgorde. Ik vind het een volgorde die heel ordentelijk is, die ook goed verdedigbaar is, die zo dadelijk aan de orde komt als we het dadelijk over de Harmen Vosweg hebben, hebben we precies hetzelfde gedaan en de raad kan daar bij mijn weten ook prima mee leven, dus ik zie niet goed in waarom dat een verkeerde volgorde zou zijn.

Als er verschillende cijfers over oppervlakten en dat soort zaken in de stukken staan, dan zal ik in ieder geval moeten we daar nog eens even naar kijken en waar nodig moet dat natuurlijk uiteraard, als dat fout opgemerkt staat, moet dat verbeterd worden. En ja, mevrouw Timmerman zegt: kloppen die vierkante meters wel, of die kubieke meters wel? Ja, die kloppen, ga daar maar van uit. Als het niet zo is, dan hoor ik graag hoe ze denkt waarom het dan niet zou kloppen. Dan de opmerking van mijnheer Vos. Ja, u zegt iets over angsten en zorgen bij de omwonenden. Ik begrijp dat, ik begrijp ook heel goed dat die er zijn. Tegelijkertijd weet ik, op elk moment dat je wilt gaan bouwen in een dorp zijn er altijd angsten en zorgen bij omwonenden. Dat heb ik nog nooit anders meegemaakt, vind ik ook volkomen normaal. Tegelijkertijd, ja, ik heb wel eens meer in deze zaal ook gezegd: er komt zo dadelijk waarschijnlijk een minister van Wonen, nou, als die moet proberen één miljoen woningen te bouwen in het tempo waarin op dit moment in de verschillende raden en gemeenten dit tempo wordt bepaald, dan wens ik hem veel plezier en genoegen, maar dan zal het niet zo makkelijk zijn om die miljoen huizen te bouwen. Dus in die zin, ja, zijn het processen die vragen om zorgvuldigheid.

Het vraagt ook om, we zijn er ook een proces wat niet zo over één nacht ijs is gegaan, we zijn er inmiddels al een jaar of zes mee bezig. Die verkaveling door de raad. Ja, linksaf of rechtsaf, zoals mijnheer Vos dat zegt, die verkaveling is niet zonder meer … Vind ik wel een belangrijk besluit geweest wat de raad heeft genomen, al was het maar dat de raad heeft besloten om de Rabobank af te breken en nieuwe plannen te maken die in die verkaveling tot uitdrukking komen en die vervolgens worden ingevuld door het voor u liggende plan. Ik heb het samen met mevrouw Timmerman ben ik waarschijnlijk, heb ik het ook gelezen uiteraard, ook datzelfde telefoonboek van Manhattan heb ik gelezen. Nou, voor zover ik het kan beoordelen is het een zeer uitgebreid stuk, heel uitgebreid, met heel veel onderzoek, je tot een zorgvuldig besluit kunt komen als je dat wilt. En historiserend, herschrijven van de geschiedenis, ja, we vinden, dat hebben we bij Golden River ook gedaan, dat het geen kwaad kan om ook een historiserend element toe te voegen aan de ontwerpen. Dat is ook in dit geval gebeurd en ik vind ook in het beeldkwaliteitsplan dat het heel goed en volgens mij heel … Ik was daar erg enthousiast over, maar ik geloof een aantal van u indertijd ook. En ja, de plint, een sociale schaamlap. Ja, dat zijn woorden die mijnheer Vos gebruikt, het zijn niet mijn woorden.

Laat ik zeggen, de raad heeft ook in de nota die we hebben gemaakt op verzoek van de raad duidelijk gemaakt dat ze daar een levendige plint wenste en we proberen daar gevolg aan te geven. Dat is niet een sociale schaamlap, dat is goed luisteren naar de raad, mijnheer Vos. D66, begrijp ik, is in grote lijnen akkoord, vindt in ieder geval de volgorde der dingen geloof ik goed en nu verder naar realisatie. Nou, wat mij betreft kan dat spoedig, als we nog een keer naar de raad terugkomen. En twaalf tot achttien appartementen, ja, dat heeft op zichzelf geen betekenis voor de kubieke meters of de hoogte. Het is een kwestie van, het geeft een gelegenheid aan de ontwikkelaar om te komen met een uitgewerkt plan, waardoor die op dit moment nog niet heel strikt wordt vastgelegd op het aantal appartementen. Dat vind ik op zichzelf een zeer verdedigbaar standpunt. Waar hij uiteindelijk in het uiteindelijke plan denk ik dat hij daar ietsje preciezer in moet zijn en op het moment dat hij vergunningen gaat aanvragen zal hij heel precies moeten Pagina 31 van 48

worden. Dus in eerste instantie een lang antwoord, maar mijn antwoord op de eerste ronde insprekers en de eerste reactie van de commissieleden. En misschien heeft mevrouw Loman ook nog een aantal opmerkingen te maken. De voorzitter: In ieder geval de wethouder, dank u wel. Mevrouw Loman, heeft u nog notities gemaakt waarvan u technisch iets wil zeggen? Aan u het woord. Mevrouw Loman: Een paar kleine aanvullingen op wat wethouder Stam aangeeft. In de bouwregels artikel 8 is het aangegeven twaalf tot achttien wooneenheden. Is ook aangegeven dat het gezamenlijke bruto inhoudsmaat van al die gebouwen niet meer mag zijn dan 13.500 kuub. De huidige parkeergarage blijft behouden, dus dat is dan ook de peilhoogte van het gebouw waarvan wij straks de goothoogte en de nokhoogte gaan meten. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Loman. Dan hebben wij deze eerste ronde … Het heeft genoeg tijd gekost, maar dit is ook een belangrijk onderwerp. Dan hebben wij heel formeel de vraag of er een tweede ronde moet komen en ik ga gewoon het rondje af kijken. Welke partijen willen graag een tweede ronde? Ja, de insprekers, doen we die nu eerst nog weer? Ja, oké, excuses. Nou, dat is dan de voorzitter zijn schuld. Ik ga nog eerst even naar de voorzitters, althans, degenen die hier live aanwezig zijn, om in twee minuten nog even hun bevindingen met ons te delen. Mijnheer Oomkens.

In de eerste ronde zal u gemerkt hebben dat ik wat extra gesluimerd heb met de tijd, maar ik wil wel proberen dat u ongeveer met twee minuten wel eindigt, ja? De heer Oomkens: Ik doe mijn best. Wat mij opvalt vanavond is dat hier nogal wat mensen zitten die zeggen: nee, wij kennen het, maar die niet de moeite hebben genomen om zelf even ter plaatse te komen kijken. Dat valt heel erg op. Dan hadden ze namelijk kunnen zien dat datgene wat er nu wordt voorgesteld een enorm contrast is met datgene wat eromheen staat. Er staan kleine huisjes. Kleine huisjes, rieten kapjes. Eén verdieping en een kap, voormalige arbeidershuizen – huisjes, piepklein. En wat er nu komt te staan zijn echt flatgebouwen. Als je echt de moeite neemt om even te kijken, of even het parkeerterrein van de Rabo op te lopen, simpelweg Dammaat-Nieuwlarenweg. Er wordt steeds gesproken over de bewoners van de Dammaat. Nou, ik woon aan de Nieuwlarenweg en mijn buren aan de Nieuwlarenweg hebben straks hetzelfde probleem als dit onzalige plan zo doorgaat. Dus het is niet alleen de Dammaat, maar ook de Nieuwlarenweg. En de eigenaar van het gebouw aan de Stationsweg, die zich overigens niet zo erg heeft laten horen tot nu toe, die is ook bepaald niet blij. Dus het gaat om meer dan alleen dat. Verder hoor ik net mevrouw Loman zeggen dat het peil wordt gemeten vanaf de parkeergarage.

Hebben we het dan over de vloer van de parkeergarage, de onderkant van het dak van de parkeergarage, of de bovenkant van het dak van de parkeergarage? Dat is een enorm verschil. Verder, peil is normaal gesproken de bovenkant van de kruin van de weg. Dus als het iets anders wordt, graag exact. Ten aanzien van de hoeveelheid vierkante meters of kubieke meters die er gebouwd gaat worden, op dit moment lijkt het zo dat men afgaat op de blauwe ogen – ik heb het niet gecontroleerd – van de architect. Mensen, vraag even een meetrapport conform NEN 2580. NEN, N-E-N 2580. Dat is formeel, helder, duidelijk, onomstotelijk, dan weet precies iedereen over hoeveel vierkante meters het gaat. De voorzitter: Mijnheer Oomkens. De heer Oomkens: En tot slot, één opmerking. We zijn hier heel lang mee bezig en u voelt af en toe mijn irritatie. Ik steek die ook niet onder stoelen of banken en ik ben gewend om degene die verantwoordelijk is daarvoor aan te spreken. Als dat in dit geval mijnheer Stam is, ja, dan is het mijnheer Stam, ik kan het ook niet helpen. Tot slot het allerlaatste. Wij zijn met de omwonenden, mensen van de Dammaat, de Nieuwlarenweg Pagina 32 van 48

en de Stationsweg, in overleg om ons te verenigen – in wat voor vorm weet ik nog niet, vereniging, stichting, wij laten ons daarover adviseren. Het is me vanavond ook weer eens duidelijk geworden dat een gang naar de afdeling rechtspraak van de Raad van State heel goed bekend is in de gemeente Laren, dus u kunt zich er misschien op voorbereiden. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Oomkens, dank u wel voor uw tweede minuut. De heer Lagerweij. De heer Lagerweij: Ik wil heel kort zijn. Ik heb twee punten gemaakt, mijn voorstel was om nog een keer toch met de omwonenden in contact te treden, nog een keer uit te spreken hoe en wat. Er zijn heel veel onduidelijkheden vanuit ons, ik denk ook in het plan wat er nu ligt zijn inderdaad heel veel vragen, over afmetingen precies, dat soort dingen. Laten we daar nou een dialoog over gaan voeren, dan kunnen we dat beter vooraf doen, dan dat we dat straks boos met elkaar gaan doen. Dat is één. Dan toch nog even over de klankbordgroep, want ik vind dat er wordt heel veel gezegd: dat is allemaal heel transparant en we hebben een goede route gevolgd. Dat vind ik op zich ook, het enige wat ik wel vind is dat ik – maar dat kan niemand bevestigen, want we zouden daar niet inhoudelijk over praten – constant heb aangegeven: ik vind die paviljoens achter mijn huis niet oké en waarschijnlijk vinden de anderen dat ook niet.

Nu wordt het een beetje gedaan: de klankbordgroep zegt dat dit oké is. Alleen, ja, ik vind het nog steeds niet oké, maar dat mag duidelijk zijn. Dat wou ik nog even toevoegen. De voorzitter: Mijnheer Lagerweij, dank u wel. Mevrouw Koet-van Woudenberg. Mevrouw Koet-van Woudenberg: Ik heb één opmerking en dat is dat ik me niet kan vinden in de opmerking van mijnheer Stam dat de familie aan de Dammaat, of de Dammaters bij elkaar, op zich gehoord zijn. Wij zijn naar diverse bijeenkomsten geweest waar informatie gegeven werd, maar dat is wat anders dan dat wij als aanwonenden persoonlijk betrokken zijn geweest bij het een en het ander. Verder zou ik eigenlijk graag willen, wat we net besproken hebben, dat het toch voor ons ook weer heel erg belangrijk is, de vragen die ik net stelde: wat is nou de exacte afmeting vanuit de erfafscheiding? Want ik denk dat dat een belangrijk punt is. Zo ook dat we, hoe kan je eigenlijk je besluitvorming plaats laten vinden als dat soort gegevens er niet zijn, en waar kan je dan eigenlijk mee akkoord gaan? Want ik denk dat het wel wat uitmaakt of het gebouw zes meter, twaalf meter, of twee meter uit de erfafscheiding komt, en dan zeker gezien de hoogte waar jullie over praten. Nou, ik denk dat dat wel een enorm groot verschil maakt.

En dat als het punt ongeveer hetzelfde blijft, of misschien maar twee meter opschiet, dan kan je ten opzichte van de verandering in de hoogte zou dat bijna niet realiseerbaar kunnen zijn. Nou, dat is het eigenlijk. Verder heb ik op dit moment geen vragen. De voorzitter: Dank u wel voor uw twee … Binnen de twee minuten. Dan ga ik het rondje vervolgen en dan ga ik in de logica probeer ik door te gaan en dan kom ik bij de heer Loeff van Larens Behoud uit om in de tweede ronde met elkaar in gesprek te gaan. Dit is de ronde dat u elkaar mag interrumperen, maar dan wel even via de voorzitter en niet door elkaar heen gaan roepen. Mijnheer Loeff. De heer Loeff: Dank u, voorzitter. Ik wil het eigenlijk heel kort houden, want we hebben nog een paar andere zaken op de agenda staan. Ik dank de heer Oomkens voor zijn vraag over de kuubs en het NEN-rapport. Ik wilde die vraag graag overnemen, want ik zou het wel fijn vinden als wij dat rapport erbij krijgen, zodat wij een juist oordeel kunnen vormen over bestaande inhoud versus nieuwe inhoud en dat lijkt me een hele objectieve, de NEN-norm is de meest objectieve meetmethode die er is, dus dat zou wel prettig zijn. Daar wil ik het eigenlijk in deze instantie bij laten. We hebben de ronde denk ik goed gehoord met elkaar in de eerste instantie en anders wordt het een herhaling van zetten voor een deel, denk ik. Dank u wel.

Pagina 33 van 48

De voorzitter: U ook. Mijnheer Van Hest, CDA. De heer Van Hest: Ik blijf het moeilijk vinden. Ik denk nog steeds dat ik proef bij de omwonenden dat zij een gevoel hebben over niet weten wat. Dat is het gemis wat er speelt op dit moment. En misschien liggen ze wel dichter bij elkaar, ik weet het niet, daar komen we niet uit. Ik kan u daarbij niet helpen, maar ik denk dat het aan het college is om daar toch te zorgen wat meer duidelijkheid in het overleg te krijgen. De voorzitter: De heer Van Hest, CDA, dank u wel. Mevrouw Timmerman, Liberaal Laren, tweede ronde. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook bij ons, niet alleen bij de omwonenden, maar ook bij ons en ik heb het al eerder gezegd over het ontbreken van het stedenbouwkundig rapport waar al die vragen beantwoord zouden moeten zijn en dat zouden de kaders moeten zijn die de raad meegeeft om een conceptbestemmingsplan te maken. Dan wil ik toch mijnheer Stam nog even corrigeren. Op de Harmen Vosweg is dat wel gebeurd en die gaan we straks beantwoorden, daar is een stap tussen gedaan. Dan over het peil, daar is net al het een en ander over gezegd. Maar als ik nou het conceptbestemmingsplan bekijk en ik zie wat men onder peil verstaat – even kijken, hoor – voor een gebouw waarvan de hoofdtoegang grenst aan de weg, de hoogte van de kruin van de weg. Dat is wat anders dan de hoogte van de parkeergarage.

Bovendien, ik heb ook de watertoets bekeken en daar staat: “Geadviseerd wordt om toekomstige bouwpeilen twintig centimeter hoger te leggen dan de naastgelegen wegpeil.” Dus zou er dan nog een keertje twintig centimeter bij komen? Ik kan er geen chocola meer van maken, maar er worden ook geen antwoorden gegeven. De bebouwing is natuurlijk veel te hoog. Als ik ga kijken naar waar de personen van de Dammaat naar kijken, dan is dat – en ik heb het nu hier wel paraat – een maximumgoothoogte van vier. Die zie je in die tuin niet. En een maximum bouwhoogte van tien, dat is een schuin, heel erg hellend dak zonder ramen of wat dan ook. Straks wordt het een goothoogte van zevenenhalf, dus je komt daar heel ver bovenuit, en een nok van dertien, met ramen en dakkapellen die je tuin in kijken. Nou, ik geef het je te doen. Daar word je niet vrolijk van en als het dan onduidelijk is, als er dan gezegd wordt, ins Blaue hinein: ja, maar het komt veel verder weg. Dan heb ik daar nog niets van gezien en ik krijg ook geen antwoorden en de omwonenden ook niet. Even kijken, wat had ik nog meer? Peil, criterium, … De voorzitter: Het komt nog een keer terug in de commissie/raad, hè? Mevrouw Timmerman-Hamers: Ja, hij … Sorry? De voorzitter: Pardon? Nee, ik maak … Mevrouw Timmerman-Hamers: Nee, hij komt niet in de raad. Nee, nee, nee.

Ja, en dan nog even over die klankbordgroep, want dat staat er ook zo mooi in: de klankbordgroep is akkoord. Ik hoorde net de wethouder ook weer zeggen: een grote meerderheid van de klankbordgroep wilde dit uitwerken. Nou, als dan vier van de zeven eigenlijk het huidige gebouw wilden laten staan en tegen sloop zijn, dan kan ik dit op geen enkele manier rijmen. En als wij … Onze mening en gevoelens is dat er zoveel zaken ontbreken. Bovendien, waarom zouden we het gebouw niet gewoon kunnen laten staan? Dan is iedereen tevreden. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Timmerman, dank u wel. Dan komen we uit bij de heer Faas, tweede ronde. De heer Faas: Voorzitter, dank u wel. Een korte vraag die ik in eerste termijn vergeten ben te stellen. Het meest rechtse gebouw heeft een bestemming centrum en dat is gedaan om die levendige plint – u had daar een iets andere beschrijving van, sociale … Nou ja, maar in ieder geval die levendige plint mogelijk te maken. Ik Pagina 34 van 48

wilde even weten wat dat nou precies inhoudt. Bestemming centrum, dan mag daar misschien daghoreca in, misschien wel kleine bedrijvigheid, misschien wel een werkplaats of een atelier voor kunstenaars. Mijn vraag is: kan de ontwikkelaar nu met deze bestemming centrum alle kanten op en kan hij dat invullen zoals het hem uitkomt, of heeft de gemeente c.q. de raad daar nog iets over te zeggen wat daar uiteindelijk in komt? De voorzitter: U heeft een interruptie, mijnheer Faas. U heeft een interruptie van collega Timmerman. Interruptie op de heer Faas, hè? Mevrouw Timmerman-Hamers: Ja, ik wilde eigenlijk even toevoegen hieraan, even interrumperen. Er mag van alles in de plint en het mag zelfs met een bevoegdheid van het college weer wonen worden. Dat is bij mij even blijven liggen, maar ik had daar ook inderdaad wel een punt van willen maken. De voorzitter: Dat is een interruptie op de heer Faas. De heer Faas, u was nog in de afronding van uw vragen aan de wethouder. De heer Faas: Nou ja, dank aan collega Timmermans, want per saldo heb ik al antwoord gekregen van haar. De voorzitter: Nou, ze is nog geen wethouder, maar … De heer Faas: Ja, dank u wel. De voorzitter: Heer Faas, dan gaan we over naar de heer Vos, Groen Laren. De heer Vos: Toch een paar dingetjes naar aanleiding van de eerste ronde waar we het over gehad hebben. De wethouder noemt de bouwnota.

Ja, volgens mij staan er een paar dingen in de bouwnota waar we volgens mij hier in het voorliggende plan niet zo heel veel van terugvinden, onder andere volgens mij sociale woningbouw en volgens mij zien we daar niet zo heel veel van terug. In plaats daarvan – en dan kan ik gelijk wel eventjes een bruggetje maken naar mijn buurman mijnheer Faas – in de plint komt een hotelfoyer zonder hotel, heb ik begrepen. Want dat is leuk en dat is levendig en dat komt in plaats van de sociale woningbouw, heb ik begrepen. Dat schijnt leuk te zijn. Historiserend bouwen, werd gezegd, dat is mooi. Nou, ik ben heel benieuwd. We krijgen de Golden River, er gaat historiserend gebouwd worden. Het heeft de zegen van Larens Behoud, heb ik begrepen, dus dat moet mooi worden. Dat zal waarschijnlijk dan ook gebeuren bij deze panden, bij deze paviljoens, die toch – en dat ben ik fundamenteel oneens met de wethouder – een paviljoen is toch wezenlijk iets anders dan wat volgens mij gebouwd gaat worden. Dat waren mijn laatste opmerkingen, ik wilde het graag kort houden op uw verzoek, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Ik weet niet of ik dat gezegd had, maar dank u wel. Dan gaan we naar de heer Grunwald van D66 voor de tweede ronde. De heer Grunwald: Dank u wel, voorzitter.

Zoals eerder al aangehaald, vind ik dat het realiseren van nieuwbouw op die plek een proces is en nou ja, we zijn nu een eind op weg in dit proces, dus de contouren worden zichtbaar. Maar in mijn optiek is het allemaal nog niet af en wat we nu eigenlijk nodig hebben is eigenlijk, laten we nou maar eens even, de insprekers gehoord hebbende en deze commissievergadering gehoord hebbende, kijken wat daar nog voor vragen liggen en het college oproepen en de projectontwikkelaar om daar zoveel mogelijk aan tegemoet te komen, zodat we met dat project verder kunnen. Dat wil niet zeggen dat we niet ook, als het allemaal helemaal niet deugt, ook niet nog eens nee zouden kunnen roepen. Dat kan natuurlijk altijd, maar ik denk dat we wel op de ingeslagen weg gewoon voort moeten gaan in die zin, want Pagina 35 van 48

anders komen we er gewoon niet en blijft het ook hangen. Dat voel ik in deze vergadering ook, dat enerzijds geroepen wordt: het zou daar eigenlijk helemaal niet moeten komen. Maar anderzijds wordt erop ingehaakt wat er dan aan verbeterd zou moeten worden. Ja, dat geeft een heel diffuus beeld, dat geeft ook een heel diffuus beeld naar buiten toe, naar toehoorders toe. Ik denk dat we dus een besluit genomen hebben om dit plan verder uit te werken en zoals gezegd moeten we dus nu gewoon naar de volgende stap toe. We hebben wat opmerkingen gehad van links en rechts en van omwonenden, laten we daar serieus mee aan de slag gegaan om te kijken wat daaraan is en dat uitwerken tot zoveel mogelijk tevredenheid van eenieder. Dan kom je er uiteindelijk en dan hebben we denk ik ook wat in Laren neergezet. Als we dat niet doen, ja, dan is Laren ook Laren niet meer in de toekomst naar mijn mening, want dan hebben we stilstand en stilstand is gewoon achteruitgang uiteindelijk. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, heer Grunwald van D66. Ik heb niemand meer gehoord die nog gezegd heeft: er zijn vragen niet beantwoord. We hebben er ook uitgebreid bij stilgestaan. Ik maakte zojuist een opmerking dat het nog een keer terugkomt in Laren. Dit is het ontwerpbestemmingsplan en het beeldkwaliteitsplan.

Er is vanavond nog heel veel niet geantwoord en dergelijke, maar toen reageerde mevrouw Loman en ik kijk even of de wethouder – maar ik zie de microfoon naar mevrouw Loman gaan. Mevrouw Loman, kunt u kort en puntig aangeven naar aanleiding van wat hier vanavond is gebeurd, wat de verdere formele processtappen zijn ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan en het beeldkwaliteitsplan? Dan kan de wethouder misschien mooi afsluiten met wat hij nog doet met alles wat hier vanavond is opgemerkt en niet is beantwoord. Mevrouw Loman, de procedure, wat gaan we nog doen? Mevrouw Loman: De procedure is dat we het ter inzage leggen – ik denk dat er nog een microfoon aan staat, ja, kijk, nu gaat het beter – voor gedurende zes weken, het ontwerpbestemmingsplan. Eenieder kan daar een zienswijze op indienen. We gaan echt inhoudelijk goed kijken wat de argumenten zijn en ja, hoe we wellicht de argumenten, de zienswijzen tegemoet kunnen komen, dan wel kunnen weerleggen omdat we zeggen: nou, de afstandsmaten is dat, zonlicht is beperkt, dat soort zaken. Dus we gaan echt inhoudelijk in op elke zienswijze die is ingediend en dan komen we terug naar de gemeenteraad voor het mogelijk vaststellen van het bestemmingsplan. Dat is de procedure. Ik heb ook nog wat ten aanzien van het bestemmingsplan zelf en van de vragen die in de tweede ronde gesteld zijn. Ik weet niet of ik die nu mag beantwoorden.

De voorzitter: Jazeker, ja. Mevrouw Loman: Oké. Ja, er is wat verschil over de bouwhoogte en de peilhoogte. Er ligt een bestaande parkeergarage, dat is zeg maar de peilhoogte zoals het gebouw straks de hoogte gaat worden. Maar voor de hoogte meten van de goot en de nokhoogte hanteren wij inderdaad, zoals mevrouw Timmermans ook aangeeft, de peilhoogte zoals die beschreven staat in 1.45. Dus het kan zo zijn dat de peilhoogte bouwkundig anders wordt gezien dan de peilhoogte ten aanzien van het bestemmingsplan. Dan zei mijnheer Oomkens: hanteer de NEN-norm, de NEN 2580, een hele bekende norm die gebruikt wordt om de inhoud te bepalen als je inderdaad een bouwvergunning aanvraagt. In een bestemmingsplan is het een andere berekening, want daar wordt gezegd: tussen de onderzijde van de beganegrondvloer, de buitenzijde van de gevels en de buitenzijde van daken en dakkapellen. Dus dat is een hele andere inhoudsberekening dan de NEN 2580. Dus als we die gaan opvragen heeft het weinig nut, want we zeggen eigenlijk in het bestemmingsplan nu: de bestaande inhoud zoals die er ligt van de Rabobank, die mag niet meer zijn en dat moet ook bij een omgevingsvergunning straks aangetoond worden. Dan de afstanden. Er wordt wat gezegd: wat zijn nou de afstanden? Er zit een verbeelding bij.

De verbeelding is op schaal uit te printen, schaal 1 op 1000, en dan met een meetlat op te meten wat de afstanden zijn. Zo is de afstand van bijvoorbeeld Dammaat 1 een afstand van Pagina 36 van 48

12.50 meter en de afstand van Dammaat 7 is 9 meter. Dus dat zijn afstanden die gewoon te zien zijn in de stukken die nu bij de behandeling zit. Heb ik dan alles gezegd, of …? Ik denk het wel. Volgens mij heb ik dan alles gezegd. De voorzitter: Er wordt even goed nagedacht of alles is gezegd. Mevrouw Loman? Wethouder, misschien kunt u dan meteen mijn laatste vragen nog meenemen, als voorzitter, met de afronding. Mevrouw Loman heeft zojuist duidelijk aangegeven, de procedure is: het ontwerpbestemmingsplan wordt ter inzage gelegd. Nou goed, wanneer dat gaat gebeuren, als u ermee klaar bent. Maar er zijn vanavond hier nog wat vragen gesteld, onder andere over een NEN-rapport, maar ook nog wel over wat mijnheer Grunwald zei. Hoe gaat u met de opmerkingen en alles wat hier is gezegd maar niet verder beantwoord is – bijvoorbeeld ook nog: in welke zin gaan we met de collega’s – hoe gaat dat in de komende weken, komende maanden doen? Of zien wij pas het terug ooit op een raadsagenda dat u zegt: we hebben het ontwerpbestemmingsplan en de raad mag hier voor of tegen stemmen? Graag nog even dat meenemen in uw antwoord hoe u nu verdergaat de komende maand.

De heer Stam: Nou ja, ik hoop natuurlijk dat dadelijk de raad in unanimiteit met het plan het eens kan worden, maar tegelijkertijd, wat wij nu doen is, we hebben goed geluisterd en zullen dat ook zeker nog eens even goed naar luisteren en nalezen en dat ambtelijk bespreken. Waar nodig zullen we de plannen daarop aanpassen. Ik hoor heel duidelijk, zowel van de insprekers als van de commissie: laten we nog eens even goed aandacht schenken – mevrouw Loman gaat daar ook al op in – op maatvoering, maak dat zo duidelijk mogelijk in ieder geval. Ik heb ook van mijnheer Lagerweij, daar wil ik nog eens even met de ontwikkelaar over praten om eens te kijken of we nog eens één keer met de bewoners kunnen praten over: wat zijn nou de precieze consequenties van het een en ander? Zonder dat we nou gelijk het hele plan ondersteboven hoeven te halen, maar dat we nog eens een keer dat gesprek aangaan over: wat is er nou precies, wat zijn die afstanden, wat gebeurt er met die zon? Om dat nog eens misschien in een open discussie met elkaar te delen, dat wil ik nog een keer bespreken. Dan, voor het overige denk ik dat wij goed … Ik kan niet anders zeggen dan dat we goed geluisterd hebben naar datgene wat u vanavond aan meningen en gevoelens heeft laten horen.

Als het goed is ziet u dat terug in het uiteindelijke plan wat we uiteindelijk weer aan commissie en raad gaan voorleggen en dan ligt ook tegen die tijd een nota van zienswijzen, waarbij de inwoners de gelegenheid hebben gehad, omwonenden in brede zin van het woord de gelegenheid hebben gehad om hun zienswijzen te uiten. Dat zullen we waar mogelijk opnieuw aanpassen in het bestemmingsplan, of met argumenten niet volgen. Maar goed, ik begrijp van mijnheer Oomkens dat hij zich prepareert op een gang naar de Raad van State en daar zien we altijd met vreugde naar uit natuurlijk. Goed, dat is denk ik de procesgang die mij voor ogen staat en ik hoop dat we dan in, laten we zeggen december, januari naar de raad kunnen komen met een voorstel om – zoals mijnheer Grunwald dat zegt – tot realisatie te kunnen overgaan een keer. De voorzitter: En dat doet u met de vriendelijke groeten van de Klepperman van Elleven die voor de Rabobank staat. De heer Stam: Dat is een heel interessant punt wat u nou noemt. Ik heb aangegeven van het begin af aan dat die Klepperman van Elf, natuurlijk een buitengewoon prachtig beeld, voor Laren behouden moet blijven. Of het op die plek weer terug moet komen weet ik niet.

Ik zou graag de raad willen uitnodigen, maar misschien komt er wel een klankbordgroep Het beeld Klepperman van Elf, waarbij we samen nog eens kunnen kijken: op welke manier kunnen we dat beeld nou de eer bewijzen die het verdient? En misschien tussen de bomen op de Brink lijkt mij persoonlijk prachtige plek, maar ik denk dat het goed is dat we met elkaar daar eens een keer met een klein groepje uit de raad nog eens een keer van gedachten wisselen waar die het beste zou kunnen staan. Pagina 37 van 48

De voorzitter: Wethouder, dank u wel voor deze luchtige laatste opmerking. Vooral ook naar de insprekers, u heeft uw ronde vanavond meegemaakt, er is duidelijk uitgelegd hoe de procedure verdergaat. Daarmee is dit onderwerp voor nu afgehandeld. Het is nog niet helemaal afgehandeld, er gaat nog een boel door en ik wens u allemaal succes bij uw eigen afwegingen en wij gaan gauw door naar de volgende onderwerpen die op de raadsagenda staan. Dank u wel voor uw aanwezigheid en wel thuis. 7.

Raadsvoorstellen 7.1 Vaststelling bestemmingsplan Harmen Vosweg en BKP De voorzitter: Dat maakt dat we dan meteen doorstomen naar nog twee raadsvoorstellen. Het heeft allemaal wat lang geduurd, maar aan de andere kant is het ook soms goed om elkaar gewoon toch te luisteren, want sommige dingen komen één keer langs. Maar nu komen we bij het raadsvoorstel waarbij mevrouw Loman weer van tafel gaat en de heer Lugard aantreedt. Dat gaat over de ‘Vaststelling bestemmingsplan Harmen Vosweg en beeldkwaliteitsplan’. Ik hoop dat de heer Lugard onderweg is. Hij is in aantocht. Al pratende, dadelijk staan daar drie punten op de agenda, u heeft ze allemaal kunnen lezen. Daar komt gelukkig mijnheer Lugard weer binnen. Dit zijn voorstellen, ook voor de mensen die thuis zitten, waarbij wij als commissie, nadat we dat besproken hebben, gaan aangeven of ze doorgeleid worden naar de raad en dan kan er in de raad over gesproken worden en een politiek besluit genomen worden. Mijnheer Lugard, heb ik u net voldoende tijd gegeven om aan tafel te schuiven. Wethouder, mijnheer Stam, u heeft een drukke avond. Wilt u iets vooraf hier nog over opmerken? De heer Stam: Ik kan me altijd buitengewoon verheugen, zoals u weet, op dit soort avonden, dus dat doe ik vanavond weer. Ik zeg ook altijd, ik heb de wethouder met de grootste fanclub wat dat betreft.

Alhoewel niet iedereen het altijd met me eens is, begrijp ik. Harmen Vosweg, om daar nog even kort op in te gaan, dat is ook een proces geweest waarbij we met begonnen in de bouwnota stond iets van, als ik me goed herinner, twaalf woningen. Het liefst wil het college daar twaalf sociale woningen bouwen. Van het begin af aan is daar wel verzet geweest. Althans, eerst gevraagd om een discussie, dialoog. Dat is ook gebeurd, er is een grote groep onder leiding van Harmke Willemsen gevormd, waarbij we een aantal jaren met elkaar over in gesprek zijn geweest en dat heeft uiteindelijk geleid – moet ik zeggen, ik vond dat een productief proces – wat uiteindelijk heeft geleid tot een oplossing waarbij we het eens zijn geworden over acht huurwoningen. Wat minder dan we gehoopt hadden, maar aan de andere kant, een aantal wat in ieder geval door de buurt aanzienlijk en met behoorlijk veel enthousiasme uiteindelijk is onthaald en waarbij het belangrijk is om ook te zeggen dat wij de uitgangspunten die de groep hanteerde, namelijk het behoud van het agrarische karakter, het groene karakter van het gebied, hebben proberen te bewaren, ook het voetbalveldje wat daar ligt en het geitenweitje te proberen te bewaren.

En zoals u weet hebben we bij de verkoop van een stukje grond wat gemeentegrond was aan de ontwikkelaar van de Golden River ook een aanzienlijk deel van dat geld vrijgemaakt en ook in overleg met de raad bestemd om mogelijk te maken dat we dat gebied daar ook een extra kwalitatieve impuls konden geven. Dus als je ziet dat we daar toch gemeenschapsgeld van een kleine twee ton zeg maar in stoppen om het kwalitatief in orde te maken, dan hebben we in ieder geval wat dat betreft ons uiterste best gedaan. Dus ik ben erg blij met het plan, het is ook een plan wat een aantal keren al door de raad is geweest en waar we nu, om met mijnheer Grunwald te spreken, het moment van realisatie beginnen te naderen. De voorzitter: Dank u wel voor deze toelichting. Dan gaan we de eerste ronde maken. We hebben geen insprekers op dit onderwerp en dan kom ik uit bij het CDA, de heer Van Hest. Hoe gaat u de wethouder meegeven om dit bestemmingsplan vast te gaan stellen?

Pagina 38 van 48

De heer Van Hest: Ik zal eerlijk zijn, dat weet ik niet, dat laat ik aan de voorzitter van deze commissie. De voorzitter: Een hele sympathieke. Ik zie de wethouder … Excuses. Dat is een hele sympathieke opmerking, dank voor deze inbreng, mijnheer Van Hest. We gaan door naar mevrouw Timmerman van Liberaal Laren in deze eerste ronde bij dit onderwerp. Mevrouw Timmerman-Hamers: Er liggen bij mij nog een paar vragen. Als ik het huidige plan zie, of de huidige bestemming, en ik zie het nieuwe plan, dan zie ik heel veel verstening. De bebouwing is dan iets groter, maar er ligt nogal veel verstening omheen aan bestemmingweg. Mijn vraag is eigenlijk: hoeveel vierkante meter meer verharding komt daar? Want dat heb ik nergens kunnen vinden. Tweede vraag is: er was 120 reserve voor de volkshuisvesting, ter beschikking te stellen voor de inrichting van het openbaar gebied en de opbrengsten van de grondverkoop. Ik weet niet of ik het goed verstaan heb net dat dat bij elkaar een kleine twee ton is, of is het twee ton plus 120? Nou, dat hoor ik dan zo wel. Dat zou inderdaad ter beschikking gesteld worden voor de inrichting van het openbaar gebied. Er staat ergens in de stukken dat het hek daarvan betaald wordt, maar dat de omwonenden de stallen van het geitenweitje daarvan moeten betalen.

Is dat nog steeds zo, of is het afdoende voor beide eigenlijk? Even kijken, hoor, wat had ik nog meer? Ja, er staat in de planregels op pagina 177 dat er een bed-and-breakfastmogelijkheid is. Daar heb ik toch wel een beetje moeite mee. Daar worden geen … Je kunt 25 procent van de bebouwing, drie slaapkamers, zes personen voor bedand-breakfast realiseren en aangezien het in de grote steden steeds verder wordt afgeknepen deze mogelijkheid vanwege de ongelooflijke overlast, gaat het steeds eigenlijk meer naar de dorpen toe. Dus ik denk niet dat het de bedoeling kan zijn van sociale woningen, dus ik zou dat maar mooi schrappen. Dan op de verbeelding, het dierenverblijf en dat sportveldje dat er is, dat is allemaal groen, daar staat ook geen afrastering eigenlijk bij van waar het ene begint en waar het andere ophoudt. Ik heb daar al eerder om gevraagd of dat er niet een bestemming gegeven kan worden: speelweide, bestemming groen. En dan speelweide waar er speelweide staat, want dat staat vaak op die manier in de bestemmingsregels, en daar waar een dierenweitje mag zijn, dierenweitje. Want nu is eigenlijk alleen maar de stal benoemd en voor de rest is het groen en daar kan van alles en nog wat gebeuren. Als we dit mooi en leuk en landschappelijk willen houden zoals nu, dan denk ik dat dat op een goede manier vastgelegd moet worden.

Even kijken, had ik nog een paar dingen? O ja, de heggetjes. Ook daar heb ik al eerder een opmerking over gemaakt, die zouden vijftig centimeter hoog mogen worden in het traject en groen. Nu staat er in de bestemmingsplanregels toch één meter en dat kan gewone schutting worden, en achter de voorgevel rooilijn twee meter. Dus dat is in tegenspraak van wat de welstand geadviseerd heeft, maar ook wat er in het beeldkwaliteitsplan staat. Nou, daar wil ik het even bij laten, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Timmerman. Dan ga ik naar de heer Faas van de VVD. Mevrouw Timmerman-Hamers: O, ik had er nog één. De voorzitter: Er komt nog wel een tweede ronde dan. Mevrouw Timmerman-Hamers: Ja, dat komt zo. De voorzitter: Mijnheer Faas. De heer Faas: Dankjewel, voorzitter. Ik heb net bij de behandeling van de Rabobank gezegd dat het bij majeure bouwwerken erg lastig is om het iedereen naar de zin te maken. Nou, dat is bij de Rabobank zeker het geval, daar zijn we het wel over eens. Bij de Harmen Vosweg heb ik de indruk dat dat wel behoorlijk gelukt is. Het is Pagina 39 van 48

een hartstikke mooi plan, de wethouder zegt dat hij er blij mee is en dat zijn wij eigenlijk ook. Dus wat ons betreft doorgeleiden naar de raad en ja, eigenlijk een hamerstuk. We hebben daar verder geen vragen over, we zijn daar heel blij mee. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Faas. Fijn, dank u wel alvast voor de voorzet. Heer Vos van Groen Laren. De heer Vos: Dank u wel, voorzitter. Helemaal geen hamerstuk, mijnheer Faas, dit moet toch gevierd worden? Wat is dit nou? Daar gaan we helemaal niet zo snel overheen. Acht woningen, dat is toch niet … De heer Faas: Hamerstuk met champagne. De heer Vos: O, dat klinkt ineens al heel anders, mijnheer Faas. De voorzitter: Mijnheer Vos, mag ik u vragen wel door te gaan, want anders dan wordt het thuis wel een opgave. De heer Vos: Ja, maar soms moet je toch eventjes corrigerend optreden, voorzitter, dat bent u toch met me eens. De laatste keer hadden we volgens mij een hele discussie of het blauwe dakpannen of rode dakpannen moesten zijn of zo. Ik zou zeggen groene dakpannen. Maar het is een hartstikke leuk plan geworden, het ziet er best heel mooi uit. Ik denk dat in die zin goed geluisterd is naar de vorige keer de opmerkingen die er gemaakt zijn. En ja, ik zou zeggen: tijd om heel snel die eerste spade in de grond te zetten, want dit ziet er mooi uit. En dan feesten.

De voorzitter: U kan het thuis niet zien, maar de heer Vos heeft zijn mouwen opgestroopt omdat hij korte mouwen aan heeft, dus die wil voor daadkracht gaan. Mijnheer Grunwald, D66, voor deze eerste ronde met betrekking tot het bestemmingsplan Harmen Vosweg. De heer Grunwald: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn ook heel blij met deze plannen, wat ons betreft kan dat door naar de raad en zoals gezegd gerealiseerd worden. We hebben nog wel één vraag, ook naar aanleiding van de heggen inderdaad. Wat zijn dan nou de eisen voor die daaraan gesteld worden, en hoe wordt dat uiteindelijk ook gehandhaafd? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, heer Grunwald. Dan komen we last but not least uit bij de heer Loeff, neem ik aan, van Larens Behoud. De heer Loeff: Ja, dank u, voorzitter. Ja, het is al breed rondgezegd, complimenten voor het bestemmingsplan. Daar zit inderdaad alles keurig in, het lijkt ons een prachtig plan wat wordt uitgevoerd. We nemen graag de vraag over de heggetjes over, het lijkt me inderdaad essentieel. Ik heb nog één ander ding uit het bestemmingsplan zelf met een vraag en dat is eigenlijk een advies naar aanleiding van het hele onderzoek. Ik lees dat eigenlijk altijd dat je denkt: o ja, zoogdieren, vleermuizen, mussen, fantastisch verhaal, ik vond het eigenlijk heel interessant hoe dat precies in elkaar zit.

Maar daar werd een aanbeveling gedaan uiteindelijk, als ik het goed herinner, over de houtwal en dat er een soort beheerplannetje voor gemaakt moest worden. Dat zit natuurlijk niet in het bestemmingsplan, maar we hebben een hele lange discussie gehad over: het grenst aan een natuurwaardevol gebied en gaat er niks gebeuren met die houtwal? Nee, die blijft prachtig intact. Maar eigenlijk zegt dat rapportje: doe er ook iets aan. Dus ik zou het heel leuk vinden als – met de buurt, want we hebben een heel goed participatieproces doorlopen – er gewoon een initiatiefje komt vanuit het college om te zeggen: nou kijk, dit is het advies van dat rapportje, we gaan investeren, maar hoe gaan we met elkaar Pagina 40 van 48

zorgen dat die houtwal, of die … misschien met het IVN erbij ofzo, hoeft allemaal niet veel te kosten, maar gewoon soort initiatiefje. Volgens mij moet … Ik zie Bart Vos helemaal lachen. U vindt dat volgens mij leuk, mijnheer Vos, hè? Om dat met elkaar te doen en op te zetten, dat zou mooi zijn. En verder akkoord en door naar de raad. De voorzitter: Helder. Nou, mijnheer de wethouder, duidelijke vragen, volgens mij, van iedereen, dus als we die kort en bondig kunnen beantwoorden. De heer Stam: Ja, ik kan … Laat ik eens achteraan beginnen. Ik wil met alle plezier natuurlijk, met het plezier wat ik er toch al mee heb met dit plan, om eens te kijken of we met die houtwal inderdaad met de buurt iets kunnen doen aan een behoorlijk beheersplan. Lijkt me een interessante suggestie, dus dat zal ik zeker meenemen. Als Antoinette er is, dan zult u dat zeker terugkomen op de lijst toezeggingen. Dan het punt van de heggen, door sommigen al eerder genoemd. Ja, dat is een zaak, als ik het goed zie … Tenminste, Roël, mijnheer Lugard zal daar iets van zeggen, denk ik.

Maar daar is over gesproken natuurlijk met … Kijk, het is natuurlijk een ontwikkeling van Gooi en Om, die bouwt daar acht huizen, die zet daar … Daar is nog niet over gepraat, maar daar moet natuurlijk, wij zullen in overleg met de afdeling volkshuisvesting ook criteria bedenken welke mensen erin komen met welke voorrang, dat is ook een interessant punt overigens. Maar in die privaatrechtelijke overeenkomsten met die huurders zal een afspraak moeten komen over de manier waarop er met die heggen wordt omgegaan. Dus ik denk niet dat wij dat kunnen regelen in het bestemmingsplan, maar ik zal erop toezien dat in de huurovereenkomsten daar wel duidelijke afspraken over zullen worden gemaakt. GroenLinks … Of, Groen Laren zeg ik, en VVD verder geen vragen. Ik vind het altijd fijn om te horen dat er ook mensen blij zijn met plannen. Dat kom je zelden tegen in de afgelopen zevenenhalf jaar, moet ik eerlijk zeggen en daar doe je toch zo je best voor. De vragen van Liberaal Laren, de heggetjes, daar heb ik al iets van gezegd. Het groen, kijk, mijn bezwaar tegen het opnemen van een benaming als geitenweitje, voetbalveldje, in plaats van groen is eigenlijk dat je daarmee het helemaal vastzet in een hele specifieke betekenis.

Wij zijn het volledig eens met die bewoners dat het een voetbalveldje moet zijn en een geitenweitje, maar als mevrouw ‘…’ morgen om wat voor reden dan ook zegt: nou, het is mooi geweest met die geitjes, ik stop ermee. En er is niemand anders, dan zul je er toch wat anders mee moeten doen. Dus ik ben eerder voor een algemene, generieke benaming groen, waarbij wij een hele goede understanding hebben met de buurt wat dat moet worden. Ik zie ook geen enkele reden dat dat verandert, want ik hoef maar een partij stenen neer te zetten op het voetbalveldje of ik heb al een aantal bewoners aan de lijn die zeggen: wat gebeurt hier allemaal, want er zou toch gevoetbald worden? Dus ik zou daar zelf geen voorstander van zijn. Wat betreft het dierenverblijf en het hek, ik dacht, ik heb het net genoemd, ik dacht dat we zo tegen de … We hebben een redelijke regeling getroffen met Gooi en Om voor het verkopen van de grond en we hebben er zelf nog het nodige bij gedaan – ik dacht bij elkaar een ton of twee, maar ik zal anders bij de behandeling van de raad nog even dat precieze getal opsnorren. Ik heb wel tegen de buurt gezegd: kijk, ik vind het niet erg dat wij als gemeente ons best doen om bijvoorbeeld het hek aan te leggen. Daar was ik best toe bereid, maar ik vind ook dat de buurt een inspanning moet leveren om bijvoorbeeld een fundraising te doen op het schuurtje.

Dus het is allemaal makkelijk om te roepen: dat moet de gemeente maar betalen. Maar ik vind wel dat het zou van goede wil getuigen als de buurt zou zeggen: wij met zijn – weet ik het – veertigen zorgen dat dat schuurtje wordt gebouwd en we zullen ook voor het onderhoud zorgen. Dat vind ik een vorm van coöptatie of coöperatie waar ik van hou en dat past ook in de beste Larense traditie. Als er nog steeds bed-and-breakfast in het plan staat, zou ik bereid zijn om dat te schrappen. Dus ik denk dat we dat alsnog moeten doen, want dat lijkt natuurlijk inderdaad een beetje een merkwaardige zaak dat we bed-and-breakfast in sociale woningen – ik vind al dat we genoeg hebben overigens, maar om dat nou op de Harmen Vosweg te doen lijkt me een beetje overdreven. En ik zal nog even kijken, uw vraag: hoeveel meer verstening komt er? Die kan ik niet één, twee, Pagina 41 van 48

drie hier beantwoorden, ik neem niet aan dat Roël dat ook kan. Dat is even de antwoorden, maar misschien heb jij nog iets opgemerkt wat ik niet heb beantwoord. De voorzitter: Dan moet u wel even het geluid, mijnheer Lugard, anders kunnen we u niet horen. De heer Lugard: Sorry. De voorzitter: Nee, nee, geen sorry. De heer Lugard: Ik zou alleen zeggen dat we over de hoeveelheid verharding een reactie geven, want nu weten we het niet exact. En de regels over bed-and-breakfast, dat zijn standaardregels die we automatisch meenemen, maar ik kan mij voorstellen dat voor deze woning dat niet nodig is. De voorzitter: Dank u wel voor die toelichting. Nou hadden we één ronde en toen zei mevrouw Timmerman nog de vinger omhoog. Ja, heel formeel is dat dan de tweede ronde, maar kunt u het kort en bondig bij één vraag houden? Mevrouw Timmerman-Hamers: Het is maar één vraag. In eerste instantie gingen we uit van woningen met één laag en een kap. Die zijn hoger geworden en naar zeggen is dat omdat er een – die zijn hoger geworden en nog zo – omdat er een warmtepomp op zolder moet kunnen staan. Tenminste, dat heb ik van de buurt gehoord, die hebben daarnaar gevraagd. Ik vond dat eigenlijk heel raar, want een warmtepomp zet je beneden neer en die maakt ook heel veel herrie. De voorzitter: Duidelijke vraag, dank u wel. Deze laatste vraag nog.

O, excuses, het is de tweede ronde, dus ik zie het dan maar als een interruptie van de heer Loeff. De heer Loeff: Nou ja, interruptie, ik had nog één vraag. Want ik was blij met de toezegging van de wethouder over de bed-and-breakfast, maar dan denk ik, we hebben het ook al bij de Ligweide gehad, de hoogte van de heggen. Dat zal ook standaard zijn, dat heeft het bureau ook gewoon staan, 2 meter en 1.80 meter. Dus ik vraag of de wethouder ook de toezegging kan doen om de hoogte van de heggetjes aan te passen. Dat is een hele makkelijke, dan staat het gewoon in het bestemmingsplan en dan kan het verder door de bewoners met de woningbouw ook nog geregeld worden en dan klopt het gewoon. Het lijkt me een vrij simpele wijziging. De voorzitter: Voor de goede orde, dit was geen interruptie op mevrouw Timmerman. Er zijn in de tweede ronde nog twee vragen gesteld, één door mevrouw Timmerman en één door de heer Loeff van Larens Behoud en de wethouder/de heer Lugard gaan daar nu op antwoorden. De heer Lugard: Over de heggen. In het beeldkwaliteitsplan kan dat een wens zijn van de ontwikkelaar, of in dit geval de woningbouwvereniging. Maar de gemeente kan dat niet als harde eis stellen, omdat het te maken heeft met levende wezens. Dus heggen zijn planten, dus dat mag je niet in een bestemmingsplanhoogte vastleggen. Alleen bij schuttingen mag je dat doen. De voorzitter: Dat is een antwoord.

De heer Stam: Ja, maar ik geef al aan dat, ik bedoel, ik ga er ook van uit dat het niet makkelijk of niet te regelen valt in het bestemmingsplan. Ik geef aan dat ik – dat is al een keer besproken – dat we met Gooi en Om erop zullen aandringen dat ze in de huurovereenkomsten daar duidelijke afspraken over zullen worden

Pagina 42 van 48

gemaakt en dat dat ook moet worden gehandhaafd. Dat lijkt mij op zichzelf een hele correcte manier en dan heb je het ook dichtgezet. Het punt van mevrouw Timmerman was ook weer … De voorzitter: Er kwam inderdaad nog een vinger omhoog van mevrouw Timmerman. Mevrouw Timmerman-Hamers: Ja, die hoogtes, die hele hoge kap voor de warmtepomp. De heer Stam: Ja, een collega van mijnheer Lugard heeft mij daar ook op aangesproken, mevrouw Willemsen heeft daarnaar gevraagd. Het is nooit anders geweest dan dat wij uit zijn gegaan van acht meter. Dat hebben we haar ook nog eens uitgelegd. Het enige wat ik mevrouw Willemsen heb beloofd, dat is voortaan niet de Harmen Vosweg, maar Harmke Vosweg willen we het voortaan noemen en dan heb ik dat probleem ook weer opgelost. De voorzitter: Nou, het begint nu wel wat jolig te worden, maar volgens mij zie ik glimmende gezichten hier om de tafel heen. Hebben we het genoegzaam met elkaar besproken, dit raadsvoorstel en dan is het nog even rond, snel peilen of het een hamerstuk of een bespreekstuk wordt. Waarbij opgemerkt dat als er in de gemeenteraad iemand vindt dat het besproken moet worden, het altijd besproken kan worden. Maar wat is het algemene gevoelen, is het hameren met de opmerking daarbij dat de wethouder nog volgende week een aantal vragen specifiek zal beantwoorden? Waarschijnlijk zien we dat zien we dat deze week.

Dan zie ik de heer Vos zijn vinger omhoogsteken, die wil vast en zeker het bespreken. Ja, nou ja, dat gaat u volgende week ook aangeven, dus ik kan ook niet zeggen dat het een hamerstuk of een bespreekstuk is, want we zullen volgende week de heer Vos nog horen. Maar we willen de wethouder en de heer Lugard hartelijk danken voor de behandeling. 7.2 Samenwerkingsafspraken MRA De voorzitter: Dan gaan we nu door naar punt 7.2 en dat is ‘Samenwerkingsafspraak MRA’. Nu zit de hele avond al de heer Calis, wethouder, te wachten en aan te horen hoe zijn dorpsgenoten en raadsleden tekeergaan met elkaar. Het geval wil dat wij inmiddels om tien over elf leven, maar dat is niet anders en er heeft zich een inspreker aangemeld en dat is de heer Bogaers. Nu ga ik er wel bij zeggen, mijnheer Bogaers, dat ik nu strikt de vijf minuten aanhoud. Kijk, straks zat er nog wat emotie en inhoud bij, maar nu vraag ik u echt om aan vijf minuten te houden. Dan gaan wij een ronde maken en dan gaan wij kijken hoe we eruit komen. De heer Bogaers. De heer Bogaers: Dank u wel. Even over de MRA, ik zag het gespreksonderwerp op de agenda en ik dacht: goh, toeval bestaat niet. Vrijdag jongstleden, 17 september, was ik in Den Haag op een congres van de Vereniging van Bouwrecht-Advocaten en wie deed daar het woord? Daar deed het woord professor N.S.J.

Koeman, oudstaatsraad, inmiddels schrijver in 1972 van een promotieonderzoek naar een tussenbestuurslaag, denk even aan gewesten. Hij maakte van zijn hart geen moordkuil, hij keek terug op zijn lange carrière als staatsraad en hij zei: in deze tijd komen we wel tot de ontdekking dat we – en dat zei hij letterlijk, bijna letterlijk – behoorlijk gouvernementeel zijn opgetreden als rechters. Hij noemde een aantal voorbeelden van beslissingen die nogal in het voordeel van het bestuur zijn geweest en die hij nu betreurt, maar hij zei: een bedreiging van de democratie, dat zijn de gemeenschappelijke regelingen, daar zit helemaal geen democratie meer in. Hij gaf het voorbeeld van een Nijmeegse gemeenschappelijke regeling waarbij iemand zich liet ontvallen, iemand die daar dus aan meedeed namens de gemeenteraad: ja, ik kon er niet tegenop, want de burgemeester van Nijmegen was zo sterk dat ik maar niks gezegd heb. Nu gaan we terug naar de MRA. De MRA is misschien geen gemeenschappelijke regeling, maar meer een platform waarop gemeenteraadsleden met elkaar kunnen Pagina 43 van 48

spreken en overleggen. Als ik kijk naar dat stuk van de MRA, dan wordt daar benadrukt dat zij geen positie innemen of overnemen van de gemeenteraden of van B en W’s, het zou dan een echt overlegontmoetingsplatform zijn. Maar ik heb daar grote twijfels over, want het kan zich zomaar ontwikkelen tot een informele bestuurslaag. Dan kijk ik naar alles wat erover gezegd is, namelijk: er moet van elke gemeenteraad nu één vertegenwoordiger aanwezig zijn. Er wordt sterk oppositie gevoerd vanuit Hilversum tegen het idee dat per gemeenteraad er twee raadsleden moesten deelnemen aan het MRA. Dat vond Hilversum te veel, als ik het goed gelezen heb, het mag er maar één zijn. Die twee, dat zou dan bestaan uit een gemeenteraadslid van de coalitie en een gemeenteraadslid van de oppositie. Ik zou u willen vragen: heb aandacht voor het democratische karakter, dat het dus niet als een soort ondemocratische bestuurslaag gaat functioneren. Ik zou willen pleiten voor twee raadsleden per gemeenteraad, namelijk één van de coalitie en één van de oppositie. Die houden elkaar behoorlijk wakker en die kunnen de gemeenteraden niet vals voorlichten, integendeel. Het evenwicht ontstaat dan dat de gemeenteraad goed wordt voorgelicht over wat daar gebeurt. Er is als het ware een Cerberus nodig – u weet wel, dat is de monsterhond met drie koppen uit de klassieke wereld, die bleek altijd wakker.

Nou, je hebt minstens twee raadsleden nodig denk ik per gemeente om de zaken in evenwicht te houden en te zorgen dat de democratie niet wordt aangetast door een informele derde bestuurslaag. Dank u wel. De voorzitter: Heer Bogaers, dank u wel. Is er iemand van de collega’s aan tafel die een vraag wil stellen? Ik zie de hand omhooggaan van de heer … De heer …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: O, oké. Dan heb ik … Nee, ik mag ook geen vraag stellen. De heer Vos van Groen Laren heeft een vraag aan de heer Bogaers. De heer Vos: Ja, dat klopt. U heeft het over de gemeente Hilversum en volgens mij is de raad van Hilversum aanzienlijk groter dan de raad van Laren. Hoe ziet u dat voor zich dat wij dan dat ook gaan doen, met twee mensen? Dat lijkt mij een lastige. De heer Bogaers: Dan heeft u het verkeerd begrepen. De gemeente Hilversum, als ik het goed gelezen heb, wil per gemeente één raadslid daaraan laten deelnemen en niet twee, zoals een andere gemeente had voorgesteld. Ik zeg juist: zorg ervoor dat je die democratie bewaakt, dat het geen informele zoveelste bestuurslaag wordt die de democratie van de plaatselijke overheden aantast. Zorg ervoor dat er eentje van de oppositie en één van de coalitie aanwezig is, die kunnen dan ook met elkaar overleggen en die houden elkaar leuk in balans.

Waardoor er meer kans is dat de democratie wordt gehandhaafd en beschermd dan wanneer je er maar één persoon naartoe stuurt. De voorzitter: Dank u wel voor deze toelichting, mijnheer Vos. Wij gaan naar de wethouder, want die heb ik eigenlijk verzuimd net te vragen of hij vooraf een toelichting wilde geven. Maar ik zie zijn handen omhooggaan dat hij mij dat niet kwalijk neemt. Het woord is aan wethouder Calis. De heer Calis: Het punt heeft natuurlijk een flink aantal bijlagen. De voorzitter: Centraal houden nog. De heer Calis: Waar het mij eigenlijk om gaat is, we hebben in deze raad natuurlijk uitgebreid gediscussieerd over de MRA, daar zijn ook de punten die mijnheer Bogaers nu naar voren brengt al aan de orde gekomen. Die Pagina 44 van 48

punten hebben we in ingebracht in de regio, want in de regio hebben we gezegd: we gaan hier een regionale zienswijze formeren op de transitievoorstellen van de MRA. Eigenlijk zou ik u willen wijzen op het een na laatste document. Ik vind het altijd vervelend, want in al die documenten heten ze allemaal hetzelfde, maar dit is de memo van de regio Gooi en Vechtstreek. Om mijnheer Bogaers zijn zorgen even weg te nemen, hoop ik, citeer ik daar een stukje uit: “De MRA is geen gemeenschappelijke regeling, geen entiteit met rechtspersoon en bankrekening, eigen personeel en uitvoeringscapaciteit. De MRA beschikt over relatief beperkte budgetten vanuit de bijdrage van de deelnemers. In deze informele samenwerking is het wel belangrijk dat afspraken over de samenwerking transparant zijn en dat duidelijk wordt vastgelegd hoe afspraken worden gemaakt, hoe de agenda van de MRA tot stand komt en hoe hierover gerapporteerd wordt.” De MRA zal geen enkele bevoegdheid naar zich toe kunnen trekken, de bevoegdheid blijft autonoom bij de gemeenteraden en de andere entiteiten zoals de provincies. Het gaat erom dat de MRA een platform maakt waarin je zinvol met elkaar kan overleggen voor zaken die de regio betreffen en bijvoorbeeld ook op het niveau van het Rijk kan lobbyen voor steun aan de regio, zoals de woningbouwimpuls.

Om even in te gaan op dat punt van mijnheer Bogaers voor de democratische legitimiteit, dat is nog een openstaand punt. Er is gesignaleerd in de zienswijze dat er is een voorstel om één raadslid per gemeenteraad af te vaardigen. Er is ook een voorstel om dat twee te doen, één van de oppositie en één van de coalitie. Het is mijn bescheiden mening dat als ik kijk naar de gemeenteraadsleden dat, wie wij daarvoor ook kiezen of wie zich daarvoor aanmeldt, uitstekend objectief het standpunt van Laren naar voren kan brengen, zonder in coalitie of oppositie verzeild te raken, omdat het toch om punten gaan die de regio aangaan. Maar dat is een punt dat nog openstaat, waar de MRA nog op terug moet komen, want tegenover dat democratische voordeel staat natuurlijk wel dat het een heel erg grote groep wordt en dat zijn vijfendertig deelnemers, dus dat worden dan zeventig man. En ik kijk in de commissie rond en ik zie dat met acht man het al een hele heisa is om tot één uitspraak te komen, laat staan met zeventig. Dus dat is een praktische overweging waarvan ik denk, maar dat is ook aan … Dus het staat in dit voorstel nog open: het wordt geconstateerd dat er overwegingen zijn, maar er is nog geen beslissing op genomen.

Als we daar behoefte hebben om hier zeer sterk op terug te komen voor de een of de ander, dan nodig ik de commissie en de raad graag uit om dat kenbaar te maken en dan zal ik dat met verve verdedigen. De voorzitter: Verwacht u dan dat dat in een motie of een amendement moet, mijnheer Calis? De heer Calis: Ja, dat kan in een motie, wat ook is als een vraag. De voorzitter: Ja, oké. U heeft een heldere toelichting. Ik kijk naar de collega’s hier aan tafel en dan beginnen wij … Ja, ik zie de heer De Bondt de hand opsteken, maar in het rondje wat ik gemaakt heb kom ik dan eigenlijk nu uit bij Jacqueline Timmerman van Liberaal Laren om te beginnen. Maar het woord gaat naar Diederik Sakkers, Liberaal Laren, eerste ronde. En u kan ook meteen meenemen over wat de heer Bogaers heeft ingebracht, mijnheer Sakkers. De heer Sakkers: Hartelijk dank, voorzitter. Dat zal ik ook zeker doen. Het is zo dat Laren in deze positie een klein dorp is en ik denk veel te verliezen heeft in een samenwerking waarin je wordt ondergesneeuwd. Gezien het voorstel dat er ligt kunnen we wel constateren dat er goed procedure is gevolgd en dit voorstel wat ons betreft naar de raad kan.

Maar in de raad zullen wij wel degelijk betogen dat wij een heroverweging van dit voorstel door alle raadsleden toch nog eens een keer gedaan moet worden, dat we eens goed moeten kijken waar wij staan, waarom we zo nodig aan zouden moeten sluiten bij Amsterdam, waarom we nooit naar een samenwerking meer met Utrecht hebben gekeken op dezelfde manier. Dat zijn allerlei vragen die we nog steeds hebben en waar wij hier voor zitten is om het bestuur van Laren en het bestuur voor de inwoners van Laren zo goed mogelijk te laten zijn. Als je ziet welke ontwikkelingen er op ons afkomen – de woningdruk, de Pagina 45 van 48

recreatiedruk, om alles hier mooi en groen en leefbaar te houden – vinden we een MRA een dusdanig grote stap dat een herbezinning toch nog zeker op zijn plaats is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, heer Sakkers. Dan kom ik uit bij de VVD, maar dan ga ik, naar ik heb begrepen, naar de heer De Bondt. De heer De Bondt: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik kan me al heel goed vinden in de beantwoording van de niet door mij gestelde vragen door de heer Calis, maar in reactie op de heer Bogaers: we hebben hier inderdaad in deze raad uitgebreid daarover gesproken. Eigenlijk was de conclusie van de raad: wij dragen geen bevoegdheden over en wij zullen geen bakken geld beschikbaar stellen voor de MRA. Dat is in de zienswijze ook keurig verwoord en daar kan ik me dus heel goed in vinden. Ik heb wel een opmerking over dat ik begrepen heb dat zowel in Blaricum als in Gooise Meren een amendement of een motie is ingediend, omdat men zich zorgen maakte over niet de 36 fte’s die beschikbaar gesteld – of 32 – voor de MRA, maar vooral voor de medewerkers van gemeenten die gedetacheerd worden voor bepaalde projecten bij de MRA. Ik moet u zeggen dat ik me daar geen zorgen over maak. Ik vind het heel logisch dat als er projecten zijn die specifiek betrekking hebben op een gemeente, dat de gemeente speciaal voor zulke projecten ook gekwalificeerde mensen ter beschikking stelt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10656296/1