CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[T25.06692] Omgevingsplanwijziging Lange Vaart

Gemeenteraad 27 november 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststellen omgevingsplanwijziging "Lange Vaart" Bleiswijk ( motie L3B en amendement CDA)34.895 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Gemeente Lansingerland

Omgevingsplanwijziging "Lange Vaart"

KUIPER COMPAGNONS

PROJECTGEGEVENS gemeente lansingerland

OMGEVINGSPLAN LANGE VAART Werknummer

624.112.50

Opdrachtgever Contactpersoon

Gemeente Lansingerland anoniem

Datum

27 november 2025

Procedureoverzicht Fase Concept Concept-ontwerp Ontwerp Vaststelling

Datum 6 december 2024 19 maart 2025 15 april 2025 27 november 2025

Projectverantwoordelijke: Telefoonnummer:

anoniem anoniem

KUIPER

COMPAGNONS

MOTIVERING

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding............................................................................................................................... 5 Paragraaf 1.1 Inleiding en aanleiding.................................................................................................. 5 Paragraaf 1.2 Ligging en begrenzing.................................................................................................... 5 Paragraaf 1.3 Leeswijzer....................................................................................................................... 6 Hoofdstuk 2 Planbeschrijving...................................................................................................................8 Paragraaf 2.1 Bestaande situatie......................................................................................................... 8 Paragraaf 2.2 Toekomstige situatie................................................................................................... 10 Hoofdstuk 3 Toetsing aan omgevingsplan............................................................................................

15 Paragraaf 3.1 Huidige regeling omgevingsplan.................................................................................15 Paragraaf 3.2 Strijdigheid activiteit(en) en voorgenomen wijziging in relatie tot het omgevingsplan ..............................................................................................................................................................17 Hoofdstuk 4 Beleidskaders..................................................................................................................... 18 Paragraaf 4.1 Rijksbeleid.................................................................................................................... 18 Paragraaf 4.2 Provinciaal beleid.........................................................................................................19 Paragraaf 4.3 Gemeentelijk beleid.................................................................................................... 22 Paragraaf 4.4 Conclusie...................................................................................................................... 26 Hoofdstuk 5 Juridische kaders................................................................................................................27 Paragraaf 5.1 Juridische kaders Rijk..................................................................................................

27 Paragraaf 5.2 Juridische kaders provincie.........................................................................................31 Paragraaf 5.3 Juridische kaders gemeente........................................................................................33 Paragraaf 5.4 Conclusie...................................................................................................................... 33 Hoofdstuk 6 Omgevingsaspecten.......................................................................................................... 34 Paragraaf 6.1 M.e.r.-beoordeling...................................................................................................... 34 Paragraaf 6.2 Bodem.......................................................................................................................... 37 Paragraaf 6.3 Cultuurhistorie en archeologie.................................................................................. 41 Paragraaf 6.4 Duurzaamheid..............................................................................................................46 Paragraaf 6.5 Externe veiligheid........................................................................................................ 48 Paragraaf 6.6 Geluid door activiteiten..............................................................................................

52 Paragraaf 6.7 Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen..........................................55 Paragraaf 6.8 Geur.............................................................................................................................. 60 Paragraaf 6.9 Gezondheid..................................................................................................................61 Paragraaf 6.10 Kabels en leidingen................................................................................................... 62 Paragraaf 6.11 Klimaatadaptatie....................................................................................................... 63 Paragraaf 6.12 Ladder voor duurzame verstedelijking.................................................................... 65 2

Paragraaf 6.13 Licht..............

67

Paragraaf 6.14 Luchtkwaliteit.......................................................................................................68 Paragraaf 6.15 Mobiliteit..............................................................................................................70 Paragraaf 6.16 Natuur en ecologie...............................................................................................73 Paragraaf 6.17 Omgevingsveiligheid............................................................................................ 76 Paragraaf 6.18 Stedenbouw, landschap en ruimtelijke kwaliteit................................................. 77 Paragraaf 6.19 Trillingen..............................................................................................................79 Paragraaf 6.20 Water...................................................................................................................80 Paragraaf 6.21 Aanwijzing woningbouwcategorieën................................................................... 88 Paragraaf 6.22 Toegankelijkheid van de openbare buitenruimte.................................................89 Hoofdstuk 7 Systematiek omgevingsplan Z planbeschrijving...........................................................

90 Paragraaf 7.1 Inleiding..................................................................................................................90 Paragraaf 7.2 Wijziging van het omgevingsplan........................................................................... 90 Paragraaf 7.3 Omgevingsplan gemeente Lansingerland.............................................................. 90 Hoofdstuk 8 Haalbaarheid................................................................................................................92 Paragraaf 8.1 Financieel economische uitvoerbaarheid.............................................................. 92 Paragraaf 8.2 Kostenverhaal........................................................................................................92 Paragraaf 8.3 Nadeelcompensatie...............................................................................................92 Hoofdstuk 9 Maatschappelijke belangenafweging.......................................................................... 93 Paragraaf 9.1 Participatie.............................................................................................................94 Paragraaf 9.2 Belangen andere bestuurslagen en ketenpartners.................................................94 Paragraaf 9.3 Zienswijzen en vaststellingsprocedure..................................................................

94 Hoofdstuk 10 Evenwichtige toedeling van functies aan locaties.................................................... 96 Bijlagen bij de motivering Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8

Stedenbouwkundig plan, Wissing, 22 juli 2025 Nota van Uitgangspunten Lange Vaart en Merenweg, Gemeente Lansingerland, 17 december 2020 Masterplan woningbouwlocaties Lange Vaart en Merenweg - Dorps wonen in Bleiswijk, Gemeente Lansingerland, 24 februari 2022 Startnotitie voor de omgevingsplannen Lange Vaart en Merenweg, gemeente Lansingerland, 28 september 2023 Beeldkwaliteitsplan, Wissing, 16 juli 2025 Verkennend en nader (water)bodem- en verhardingsonderzoek Korenmolenweg te Bleiswijk, BK Ingenieurs, 16 september 2020 Rapportages verkennende bodemonderzoeken, ABO Milieuconsult, 13 maart 2024 Briefrapportages nader onderzoek koper en asbest Lange Vaart te Bleiswijk, ABO Milieuconsult, 23 oktober 2024 3

Bijlage 9 Bijlage 10 Bijlage 11 Bijlage 12 Bijlage 13 Bijlage 14 Bijlage 15 Bijlage 16 Bijlage 17 Bijlage 18 Bijlage 19 Bijlage 20 Bijlage 21 Bijlage 22 Bijlage 23 Bijlage 24

Archeologisch bureauonderzoek Lange Vaart te Bleiswijk, Gemeente Lansingerland, Vestigia, 20 juli 2020 Archeologisch inventariserend veldonderzoek plangebied Lange Vaart te Bleiswijk, Gemeente Lansingerland Vestigia, 17 juni 2021 Notitie Externe Veiligheid Lange Vaart, KuiperCompagnons, 11 maart 2025 Akoestisch onderzoek omgevingsplan Lange Vaart, KuiperCompagnons, 26 september 2025 Verkeersonderzoek Merenweg en Lange Vaart, Goudappel, december 2021 Flora en Faunaonderzoek Lange Vaart te Bleiswijk, ABO Milieuconsult, 29 februari 2024 Stikstofdepositie-onderzoek omgevingsplan Lange Vaart, KuiperCompagnons, 8 oktober 2025 Participatieplan woningbouwlocaties Lange Vaart en Merenweg, Gemeente Lansingerland, Bleiswijk, 20 oktober 2022 Verantwoordingsdocument participatieproces woningbouwlocaties Lange Vaart en Merenweg in Bleiswijk, Gemeente Lansingerland, juli 2023 vooroverlegreacties ketenpartners en staat van wijzigingen Nota omgevingsplanwijziging "Lange Vaart", Gemeente Lansingerland, april 2025 Aanwijzing GM 76.00 Korenmolenweg tuindersschoorsteen, Gemeente Lansingerland, 27 maart 2013 Multimodaal mobiliteitsonderzoek N209 Lansingerland, RHDHV, 28 mei 2024 Passende parkeernorm sociale woningen Lansingerland, Goudappel, 18 september 2023 Aanmeldnotitie m.e.r., 31 maart 2025 Actualisatie verkeersonderzoek woningbouwontwikkeling Lange Vaart, Antea Group, 31 juli 2025 Nota

zienswijzen en staat van wijzigingen wijziging omgevingsplan TAMomgevingsplan "Lange Vaart"

4

Hoofdstuk 1 Inleiding Paragraaf 1.1 Inleiding en aanleiding De gemeente Lansingerland werkt hard aan de realisatie van toekomstbestendige woongebieden. Bleiswijk heeft een sterke maatschappelijke en sociale structuur, is zelfvoorzienend en heeft een prettige groene woonomgeving. De bestaande woongebieden kenmerken zich door een groene en ruime opzet. Dit draagt bij aan het dorpse karakter en uitstraling van Bleiswijk. De demografische veranderingen in organische groei aansluitend op de woningbehoefte vragen om uitbreiding van het woningaanbod. Het aantal ouderen in Bleiswijk neemt toe en er is steeds meer vraag naar betaalbare woningen voor starters. Omdat inwoners van Bleiswijk een sterke verhuisrelatie met hun eigen kern hebben, is het van belang om de omvang en samenstelling van het woningbouwprogramma voor een belangrijk deel af te stemmen op de vraag van haar inwoners. Op 23 april 2020 heeft de gemeenteraad besloten om woningbouw in Bleiswijk mogelijk te maken die is afgestemd op de specifieke behoeften van haar inwoners en een instroom van jonge gezinnen uit de regio. De hiervoor aangewezen locaties zijn Lange Vaart en Merenweg.

Voor deze locaties is op 17 december 2020 door de gemeenteraad de Nota van Uitgangspunten 'woningbouwontwikkeling Lange Vaart en Merenweg in Bleiswijk' (hierna: Nota van Uitgangspunten (NvU)) vastgesteld met kwalitatieve ambities en doelstellingen voor de ontwikkeling van zowel de locatie Lange Vaart als Merenweg. In navolging op deze uitgangspunten is op 24 februari 2022 het masterplan 'Woningbouwlocaties Lange Vaart en Merenweg, dorps wonen in Bleiswijk' (hierna: 'masterplan') vastgesteld. Het masterplan legt de ruimtelijke hoofdstructuur en de globale randvoorwaarden voor de ontwikkeling van beide locaties vast. In het masterplan wordt uitgegaan van het ontwikkelen van 200 woningen aan de Lange Vaart en 700 aan de Merenweg. In september 2023 is met de 'Startnotitie voor de omgevingsplannen Lange Vaart en Merenweg' (hierna: 'startnotitie') een volgende stap gezet richting de juridisch-planologische uitwerking van de locaties. De startnotitie bevat concrete randvoorwaarden voor de ontwikkeling van de woongebieden, met een juiste balans tussen bebouwing, ruimte, groen en water. Besloten is om de ontwikkeling van de Lange Vaart gefaseerd uit te voeren vanwege nog aanwezige bedrijvigheid en te starten met 2/3 van de locatie, namelijk het deel ten oosten van de aanwezige monumentale schoorsteen.

Op basis van deze uitgangspunten is gewerkt aan de stedenbouwkundige uitwerking van het gebied. Het stedenbouwkundig plan gaat uit van maximaal 125 woningen in een groene en waterrijke omgeving. De ontwikkeling hiervan past niet binnen het omgevingsplan van de gemeente Lansingerland. Met deze wijziging van het omgevingsplan wordt de ontwikkeling in juridischplanologische zin mogelijk gemaakt.

Paragraaf 1.2 Ligging en begrenzing Het projectgebied is gelegen ten noorden van Bleiswijk in de gemeente Lansingerland. Specifiek ligt de ontwikkellocatie tussen de Lange Vaart en de Korenmolenweg in Bleiswijk. De locatie van het project is (globaal) afgebeeld op afbeeldingen 1.1 en 1.2.

5

Afbeelding 1.1: Locatie van het project: de locatie is wit omkaderd.

Afbeelding 1.2: Globale ligging van het projectgebied in de bredere omgeving. Het projectgebied is globaal wit omkaderd.

Paragraaf 1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de bestaande situatie en de beoogde situatie in het plangebied uiteengezet. Hoofdstuk 3 gaat in op de toetsing van het omgevingsplan en de strijdigheden die er bestaan. De beleidskaders van het Rijk, de provincie en de gemeente worden vervolgens in hoofdstuk 4 uitgewerkt. Daarbij wordt inzichtelijk gemaakt op welke manier de voorgenomen wijziging aansluit bij de geformuleerde beleidsdoelstellingen en ambities. De juridische kaders vanuit het Rijk, de provincie en de gemeente worden in hoofdstuk 5 verder beschreven en beantwoord. Voor de specifieke 6

omgevingsaspecten wordt dit gedaan in hoofdstuk 6. In dit hoofdstuk worden voor de verschillende omgevingsaspecten de beleidskaders en juridische kaders samengevat, wordt hieraan getoetst en wordt beschreven of, en onder welke eventuele voorwaarden, sprake is van een 'evenwichtige toedeling van functies aan locaties'. In hoofdstuk 7 wordt de opbouw van de wijziging van het omgevingsplan uiteengezet en worden de opgelegde regels en werkingsgebieden verklaard. De economische haalbaarheid wordt besproken in hoofdstuk 8, evenals op welke wijze de door de gemeente te maken kosten worden verhaald. In hoofdstuk 9 wordt vervolgens ingegaan op de maatschappelijke belangenafweging waarbij ingegaan wordt op de uitgevoerde participatie en de belangen van de overige bestuurslagen en ketenpartners. Daarnaast wordt in dit hoofdstuk nog ingegaan op de procedure en zienswijzen. Tot slot wordt in hoofdstuk 10 samengevat waarom er bij deze wijziging van het omgevingsplan sprake is van een 'evenwichtige toedeling van functies aan locaties'.

7

Hoofdstuk 2 Planbeschrijving Paragraaf 2.1 Bestaande situatie De locatie Lange Vaart bestaat uit een langgerekte strook agrarische gronden. Er zijn nog enkele bedrijven, kassen en bestaande woningen aanwezig. Een deel hiervan wordt gesloopt ten behoeve van de planontwikkeling. De bestaande woningen worden ingepast. De locatie ontleent haar identiteit en bijzondere ruimtelijke kwaliteit aan de continuïteit en het profiel van de Lange Vaart. Het dijkprofiel is op dit stuk van de vaart goed zichtbaar en ervaarbaar. Ten zuiden van het projectgebied ligt de Korenmolenweg met aan één zijde woningen, voornamelijk vrijstaande villa's en twee-onder-één-kapwoningen. De bebouwing aan de Korenmolenweg stamt uit de jaren '60 en vormt nu de rand van het dorp. Vanwege het bedrijventerrein De Hoefslag, dat ten zuiden van de Korenmolenweg ligt, vormen de woningen aan de Korenmolenweg nu een geïsoleerd bebouwingslint. Ten noorden van het projectgebied zijn ook agrarische gronden aanwezig. Deze worden gescheiden van het projectgebied door de Heulslootweg. Langs deze weg staat een bomenrij.

Afbeelding 2.1: Luchtfoto projectgebied Lange Vaart gezien vanaf de N209.

Vanwege het open landschap aan de noordzijde is de locatie vanaf een afstand goed zichtbaar vanaf de N209. Het dijkprofiel van de Lange Vaart is als rand met bomen vormgegeven, waardoor het contrast met het open landschap wordt versterkt.

8

Afbeelding 2.2: Het projectgebied gezien vanaf het oosten van de Korenmolen weg.

Afbeelding 2.3: Het projectgebied gezien vanaf het westen van de Korenmolen weg.

Afbeelding 2.4: Het projectgebied gezien vanaf de Lange Vaart (het noorden).

9

Paragraaf 2.2 Toekomstige situatie De kaders voor de ontwikkeling van de Lange Vaart volgen uit de Nota van Uitgangspunten, het masterplan en de startnotitie. In deze paragraaf worden deze kaders toegelicht. Programma Het voorgenomen woningbouwprogramma bestaat uit de realisatie van maximaal 125 woningen in het projectgebied Lange Vaart in Bleiswijk. Er komt een gedifferentieerd woningaanbod met een mix van woningtypen: 25% sociaal, 25% bereikbaar en 50% hoog segment. Daarnaast dient ca. 40% van de woningen gelijkvloers te zijn. De gemiddelde woningdichtheid is 25-30 woningen per hectare. Groenblauw raamwerk In het plan wordt uitwerking gegeven aan kansen rondom duurzaamheid, klimaatadaptatie, een recreatief netwerk en interactieve openbare ruimte. In het projectgebied wordt minimaal 20% groen en minimaal 10% water gerealiseerd. In noord-zuid richting komen een aantal grote open groene ruimtes (afbeelding 2.5). Deze ruimtes vormen samen met de watergangen het groenblauwe raamwerk van de Lange Vaart. De groene ruimtes hebben zowel een sociale functie als ontmoetingsplek als een klimaatadaptieve functie. Het kenmerkende dijkprofiel van de Lange Vaart, met het hoogteverschil en de dubbele bomenrij, blijft behouden. De Lange Vaart blijft primair een langzaamverkeersverbinding richting de Rottemeren.

De Lange Vaart zal alleen voor enkele woningen die aan de dijk staan een ontsluitende functie krijgen. De strook grond tussen de dijk en de woningen wordt zoveel mogelijk ingevuld met openbaar groen en een wandelroute. Hiermee worden de belevingswaarde en kwaliteit van de overgang naar het landschap versterkt. De watergang langs de Korenmolenweg wordt verbreed om te voldoen aan de vereiste watercompensatie. Aangezien er woningen met zowel de voorkant als de achterkant aan het water mogelijk zijn, kunnen hier verschillende woonmilieus ontstaan. Wijkontsluiting De woonwijk krijgt één centrale weg (erftoegangsweg, 30 km/uur). Het autoverkeer gaat de wijk in en uit via Edisonlaan/Korenmolenweg. Ter hoogte van de schoorsteen komt een calamiteitenontsluiting via de Korenmolenweg. De Korenmolenweg blijft behouden in de huidige vorm en zal ter ontsluiting blijven dienen van de bestaande woningen. Het masterplan gaat ook uit van een aansluiting voor autoverkeer op de Hoefweg. In deze wijziging van het omgevingsplan wordt dit niet meegenomen, omdat het deel ten westen van de monumentale schoorsteen nog niet wordt ontwikkeld voor woningbouw. De exacte ligging van de ontsluitingsweg wordt in het omgevingsplan niet vastgelegd. De afbeelding uit het masterplan (afbeelding 2.5) en het stedenbouwkundig plan (afbeelding 2.6) geven de beoogde ligging weer.

De optie uit het masterplan om de weg in het midden van het centrale bouwveld aan te leggen blijft een mogelijkheid.

10

Afbeelding 2.5: Ruimtelijke hoofdstructuur Lange Vaart uit het Masterplan, met in rood de ligging van het projectgebied.

Ruimtelijke hoofdstructuur De hoofdopzet van de gebiedsontwikkeling volgt de onderliggende polderstructuur. De groene ruimtes zorgen voor doorzichten vanaf de Korenmolenweg richting de dijk. Deze liggen deels langs de randen en deels centraal in het gebied. Om zoveel mogelijk openheid in het gebied te krijgen in de noord-zuid richting is de verkavelingsstructuur hierop gebaseerd. Op deze manier ontstaan er drie bouwvelden: een westelijk, een centraal en een oostelijk bouwveld. Het westelijk deel valt buiten de scope van deze omgevingsplanwijziging. Gezien de ligging van de locatie tussen de dijk en het water worden er in hoofdzaak twee verschillende woonmilieus onderscheiden: Wonen aan de dijk en Wonen tegenover de Korenmolenweg. Een uitgebreide toelichting op de diverse woonmilieus en bijbehorende beeldkwaliteit is opgenomen in het Masterplan, bijlage 3. Stedenbouwkundig plan Voor de ontwikkeling van de Lange Vaart is een concept-stedenbouwkundig plan opgesteld (zie afbeelding 2.6). Dit stedenbouwkundig plan is als onderlegger gebruikt voor deze wijziging van het omgevingsplan. Een grotere weergave van het stedenbouwkundig plan is opgenomen als bijlage 1.

Afbeelding 2.6: Uitsnede stedenbouwkundig plan Lange Vaart.

11

Beeldkwaliteitsplan Lange Vaart Bleiswijk Het beeldkwaliteitsplan Lange Vaart Bleiswijk (bijlage 5) geeft de uitgangspunten voor het architectonisch ontwerp van het plangebied. Hierin worden de elementen beschreven die essentieel zijn voor de samenhang en worden de doelen helder omschreven met de daarbij behorende suggesties en passende middelen. Daartoe bevat het beeldkwaliteitsplan intenties, aanbevelingen en richtlijnen, om een samenhang tussen architectuur en de openbare ruimte te creëren. Het eigen karakter van Bleiswijk is hierbij een belangrijk vertrekpunt. De beeldkwaliteit is onderverdeeld in een aantal onderdelen waarvoor criteria zijn opgesteld: ^

Volume en architectuur;

^

Materiaal;

•

Erfafscheidingen;

•

Duurzaamheid.

Een deel van deze punten is verwerkt in het stedenbouwkundig plan. Een ander deel wordt verwerkt in de criteria en waar nodig voorzien van nadere uitleg. Het doel van de criteria is voldoende toetsbaar zijn en tegelijkertijd de ontwerper en initiatiefnemer ontwerpvrijheid geven en ruimte bieden om in de spelen op de vragen uit de markt. De volgende vijf onderwerpen voor de bebouwing staan centraal: 1. Heldere hoofdvorm: de woningen hebben een helder en eenduidig hoofdvolume; 2. Combinaties van plat en schuin: de appartementen hebben maximaal drie bouwlagen met plat volume dat ook in andere woningtypen terugkomt zodat er verwantschap ontstaat; 3. Horizontaal: horizontaliteit komt tot uiting in daklijnen, balkons, luifels en veranda's; 4. Diversiteit; er is verwantschap in hoofdvolumes maar diversiteit in uitstraling en kleurstelling; 5. Metselwerk als basis: het uitgangspunt is metselwerk als gevelmateriaal dat aangevuld mag worden met materialen zoals hout en glas. De Lange Vaart is opgedeeld in een aantal deelgebieden, te benoemen met hun eigen kenmerken: zone Korenmolenweg (K1 en K2) en zone Lange Vaart (LV1 en LV2) zoals weergegeven op afbeelding 2.7.

Afbeelding 2.7: Deelgebieden beeldkwaliteitsplan Lange Vaart.

12

In de zone Korenmolenweg komen alleen vrijstaande en twee-onder-een-kapwoningen met aan de westzijde mogelijk 1 of 2 korte rijtjes van maximaal 4 woningen. Dit sluit aan op de bestaande bebouwing aan de Korenmolenweg en in het verlengde daarvan de Windmolen en het Molenhof. Bij zone K2 zijn die met hun voorgevel naar het water geplaatst en bij zone K1 met de achtertuinen. Langs de Lange Vaart zijn de woningen zo geplaatst dat er tussendoor telkens zichtlijnen op de dijk van de Lange Vaart mogelijk zijn. Er zijn op een aantal plaatsen brede doorzichten vanaf de Korenmolenweg tot aan de Lange Vaart. In zone LV2 komen, naast de twee bestaande woningen, 3 bouwkavels (particuliere ontwikkeling), bereikbaar vanaf de Lange Vaart. De bouwmogelijkheden van deze kavels zijn gerelateerd aan de omvang van de kavels. Zone LV 1 wordt ingevuld met rijwoningen (waaronder eventueel beneden-bovenwoningen) en 1 of 2 appartementengebouwen. De rijwoningen zijn haaks op de dijk geplaatst met prominente koppen naar zowel de Lange Vaart als de nieuwe hoofdroute die door het plangebied heen loopt. In het beeldkwaliteitsplan zijn per woningtype de eisen voor de karakteristiek, positie en oriëntatie, volume, detaillering, materiaal en kleurgebruik en de kavels beschreven. Per woningtype zijn hier ook referentiebeelden aan toegevoegd.

Het uiteindelijke bouwplan wordt getoetst aan het beeldkwaliteitsplan door de Commissie ruimte en kwaliteit van de gemeente Lansingerland. Fasering In het masterplan (februari 2022) is de ambitie geformuleerd om de gehele locatie Lange Vaart, vanaf de Hoefweg tot aan de Edisonlaan, te ontwikkelen naar woningbouw. Het is echter gebleken dat herontwikkeling van de percelen waarop nog bedrijvigheid wordt uitgeoefend, aan de westzijde van het gebied, op korte termijn niet realistisch is. Dit betreft het gedeelte wat in afbeelding 2.8 is aangeduid als 'toekomstige ontwikkeling'. Bij het vaststellen van de startnotitie (september 2023) is daarom besloten dat de ontwikkeling gefaseerd plaatsvindt. Op korte termijn wordt gestart met een ontwikkeling van 2/3 van het projectgebied, grotendeels in het oosten van het gebied, waarop maximaal 125 woningen worden gerealiseerd. De mogelijke toekomstige ontwikkeling in het westen van het gebied biedt naar verwachting (uitgaande van de kaders van het vastgestelde masterplan) ruimte om nog circa 50 woningen te bouwen.

Afbeelding 2.8: Fasering Lange Vaart uit het masterplan.

13

Plangrens De omgevingsplanwijziging ziet in hoofdzaak toe op fase 1 van de Lange Vaart. De plangrens wijkt echter op twee onderdelen af van de begrenzing die is gehanteerd in het masterplan (afbeelding 2.8): - Doordat de bedrijfsbestemming in het westen van het gebied vooralsnog behouden blijft, is woningbouw op de smalle groene strook aan de zuidwestzijde vanwege de geldende milieuhindercirkels niet uitvoerbaar. Dit perceel blijft buiten de plangrens van deze omgevingsplanwijziging. Wanneer de hinder van omliggende bedrijvigheid zodanig afneemt dat nieuwe woningbouw vanuit milieukundig oogpunt aanvaardbaar is, kan woningbouw op deze percelen in een later stadium met een separate planologische procedure mogelijk worden gemaakt. - Centraal in het plangebied liggen enkele te handhaven percelen. Deze percelen hebben momenteel een agrarische glastuinbouwbestemming met twee bedrijfswoningen. In de nieuwe situatie krijgen deze percelen een woonfunctie, overeenkomstig de aangrenzende woonpercelen en het feitelijk gebruik.

14

Hoofdstuk 3 Toetsing aan het omgevingsplan Paragraaf 3.1 Huidige regeling omgevingsplan Wijzigingen aan het omgevingsplan tijdens de overgangsfase Op 1 januari 2024 is de overgangsfase voor het omgevingsplan gestart. Vanaf die datum - de inwerkingtreding van de Omgevingswet - beschikt iedere gemeente van rechtswege over een omgevingsplan. Dit betreft het tijdelijke omgevingsplan, bestaande uit de verzameling bestemmingsplannen en andere ruimtelijke plannen enerzijds en de 'bruidsschat' (voormalige rijksregels) anderzijds. Tijdens de overgangsfase werkt de gemeente toe naar het omgevingsplan 'nieuwe stijl': een omgevingsplan met een nieuwe structuur voor het gehele gemeentelijk grondgebied dat volledig voldoet aan de eisen van de Omgevingswet. Dit is een complexe opgave waarvoor naar meerdere wijzigingen van het omgevingsplan nodig zijn. Gemeenten krijgen hiervoor de tijd tot 2032. Bij het omzetten van de regels naar het nieuwe deel van het omgevingsplan moet elke gemeente voldoen aan de Omgevingswet en de bijbehorende AMvB's. Voorliggende wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Lansingerland is bedoeld om de woningbouwontwikkeling aan de Lange Vaart in Bleiswijk mogelijk te maken. Deze woningbouwontwikkeling wordt 'Lange Vaart' genoemd. Deze wijziging van het omgevingsplan is voorbereid en zal worden vastgesteld middels de TAM-IMRO systematiek.

De Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM) biedt de mogelijkheid om via de bestaande IMRO-standaard (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de bestaande voorziening Ruimtelijke Plannen het omgevingsplan te wijzigen voor urgente gebiedsontwikkelingen, zolang dit nog niet mogelijk is via de STOP-TPOD-methode. De Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM) biedt de mogelijkheid om via de IMRO-standaard (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de bestaande voorziening Ruimtelijke Plannen het omgevingsplan te wijzigen voor urgente gebiedsontwikkelingen. Huidige inhoud omgevingsplan Lansingerland De volgende bestemmingsplannen en andere ruimtelijke plannen ter plaatse van de locatie Lange Vaart zijn vanaf 1 januari 2024 automatisch onderdeel van het tijdelijk deel van het omgevingsplan van de gemeente Lansingerland. Bestemmingsplan "De Hoefslag 2012" Ter plaatse van het projectgebied is op 31 januari 2012 het bestemmingsplan "De Hoefslag 2012" vastgesteld. Op grond van het bestemmingsplan kent het projectgebied grotendeels de enkelbestemming 'Agrarisch - glastuinbouw' met dubbelbestemming 'Waarde - archeologie 3' en de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering'.

15

Afbeelding 3.1: Uitsnede "De Hoefslag 2012" (bron: Omgevingsloket - Regels op de kaart - omgevingsdocumenten) (het projectgebied is rood omkaderd).

Agrarisch - glastuinbouw De voor 'Agrarisch - glastuinbouw' aangewezen gronden zijn bestemd voor de uitoefening van glastuinbouwbedrijven met de bijbehorende agrarische bedrijfsgebouwen, kassen, andere bouwwerken, open terreinen en watergangen, met de daarbij behorende bouwwerken, ontsluitingswegen, parkeer- en groenvoorzieningen. Ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning' zijn de gronden tevens bestemd voor één bedrijfswoning. Waarde - Archeologie 3 De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 3' zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van in potentie aanwezige archeologische waarden. Op deze gronden is uitsluitend bebouwing toegestaan voor zover geen werkzaamheden dienen te worden verricht die dieper reiken dan 0,50 m beneden het maaiveld en die een oppervlakte bestrijken die groter is dan 100 m2 en tevens wordt voldaan aan de onderliggende bestemming(en). Waterstaat - Waterkering De voor 'Waterstaat - Waterkering' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een waterkering en de waterhuishouding. Op deze bedoelde gronden mogen uitsluitend andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd met een maximale hoogte van 1 m.

Paraplupherziening parkeernormering Lansingerland Op 30 maart 2017 heeft de gemeenteraad van Lansingerland het bestemmingsplan "Parapluherziening parkeernormering Lansingerland" vastgesteld. Ter plaatse van het projectgebied geldt het volgende: a. Een omgevingsvergunning bij het bouwen, uitbreiden of wijzigen van functies zoals toegestaan op het onderliggende ruimtelijk plan, hier wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de 'Nota Parkeren Lansingerland' en de 'Nota Parkeernormen gemeente Lansingerland', of de rechtsopvolger(s) daarvan, tenzij de aard en omvang van de omgevingsvergunning voor het bouwwerk en/of de uitbreiding en/of de wijziging van het gebruik van bouwwerken en/of gronden niet leidt tot extra parkeerbehoefte; b. Het bepaalde onder a is niet van toepassing indien op basis van het advies van verkeerskundige blijkt dat er op andere wijze is/wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid, of het 16

voldoen aan het geldende gemeentelijke parkeerbeleid door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit. Paraplubestemmingsplan "Biomassa" Ter plaatse van het projectgebied geldt het Paraplubestemmingsplan "Biomassa" dat op 23 februari 2023 door de gemeenteraad van Lansingerland is vastgesteld. Dit plan houdt in dat voor de aangewezen gronden bepalingen over biomassa-installaties zijn opgenomen vanwege de onwenselijkheid van de bouw van nieuwe houtige biomassacentrales. Dit bestemmingsplan heeft verder geen betrekking op het realiseren van de voorgenomen woningbouwontwikkeling aan de Lange Vaart. Bij de voorliggende omgevingsplanwijziging van de gemeente Lansingerland voor het project Lange Vaart is ervoor gekozen om de regels in hoofdstuk 22 van het omgevingsplan (bruidsschat) intact te laten. Voor de milieubelastende activiteiten blijven de betreffende regels in hoofdstuk 22 dus van toepassing.

Paragraaf 3.2 Strijdigheid activiteit(en) en voorgenomen wijziging in relatie tot het omgevingsplan Voorliggende wijziging van het omgevingsplan past niet binnen het geldende omgevingsplan (bestemmingsplan(nen)) van de gemeente Lansingerland. Bouw- en aanlegactiviteiten Op de huidige agrarische gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming 'agrarisch' worden gebouwd. Dit omvat kassen, bedrijfsbebouwing, bedrijfswoningen en andere bouwwerken. Het bouwen van woningen met bijbehorende bouwhoogtes en bouwgrenzen en het aanleggen van het aansluitend openbaar gebied past niet binnen de regels die in het bestemmingsplan 'De Hoefslag 2012' onder de bestemming 'agrarisch' zijn toegestaan. De wijziging van het omgevingsplan is nodig om dit mogelijk te maken. Gebruiksactiviteiten Ook is het op de huidige gronden niet toegestaan activiteiten te verrichten anders dan activiteiten ten behoeve van de voorgenoemde bestemming. Dit betekent dat de activiteit wonen en het daaraan gekoppelde gebruik strijdig is met het geldende bestemmingsplan. De wijziging van het omgevingsplan is nodig om dit mogelijk te maken.

Milieubelastende activiteiten Hoofdstuk 22 van het omgevingsplan (Bruidsschat) Bij de voorliggende omgevingsplanwijziging van de gemeente Lansingerland voor het project Lange Vaart is ervoor gekozen om de regels in hoofdstuk 22 van het omgevingsplan (bruidsschat) intact te laten. Voor de milieubelastende activiteiten blijven de betreffende regels in hoofdstuk 22 dus van toepassing.

17

Hoofdstuk 4 Beleidskaders In dit hoofdstuk vindt u een beknopte beschrijving van de kaders uit het algemene Rijks-, provinciaal en gemeentebeleid en hoe de ontwikkeling zich verhoudt tot het omschreven beleid. In hoofdstuk 6 zijn de relevante beleidskaders per omgevingsaspect opgenomen.

Paragraaf 4.1 Rijksbeleid Subparagraaf 4.1.1 Nationale omgevingsvisie (NOVI) De NOVI bevat de hoofdzaken van het rijksbeleid voor de fysieke leefomgeving. Als integraal strategisch beleidsdocument bepaalt de NOVI de langetermijnvisie van het Rijk op de fysieke leefomgeving van Nederland. Uit de Omgevingswet (Ow) volgt dat al het strategische beleid uit de bestaande beleidsdocumenten, met en zonder wettelijke grondslag, én het nieuwe strategische beleid op het beleidsterrein van de fysieke leefomgeving worden opgenomen in de NOVI. De NOVI is in de plaats gekomen van de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR; behalve paragraaf 4.9, betreffende het Caribisch Nederland). Ook zijn de relevante strategische delen van het Nationaal Milieubeleidsplan (NMP4, 2001) en de Rijksnatuurvisie 2014 opgenomen (samen met het Nationaal Milieubeleidskader), en geldt de NOVI als wijziging van onderdelen van het Nationaal Waterplan 2016-2021 (NWP). In aanloop naar de inwerkingtreding van de Ow heeft de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op 11 september 2020 de eerste Nationale Omgevingsvisie - NOVI - vastgesteld, als één Rijksvisie op de fysieke leefomgeving van Nederland. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang.

De NOVI schetst een duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving in Nederland in 2050. Dit toekomstperspectief voor Nederland bestaat uit: - Een klimaatbestendige delta; - Duurzaam, concurrerend en circulair; - Kwaliteit van leven in stad en dorp; - Nabijheid en betrouwbare verbindingen; - Veilig en gezond, herkenbaar en natuurlijk. Het realiseren van een fysieke leefomgeving die dit toekomstperspectief mogelijk maakt, is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle overheden. In de NOVI benoemt het Rijk 21 nationale belangen voor het omgevingsbeleid, inclusief de opgaven en de rol van het Rijk in het realiseren van deze opgaven. Deze opgaven komen samen in vier prioriteiten. Deze prioriteiten vormen complexe, omvangrijke en dringende opgaven die voortkomen uit of samenhangen met grote transities. Deze prioriteiten zijn: 1. Naar een duurzame en concurrerende economie; 2. Naar een klimaatbestendige en klimaatneutrale samenleving; 3. Naar een toekomstbestendige en bereikbare woon- en werkomgeving; 4. Naar een waardevolle leefomgeving. Deze vier opgaven kunnen alleen in samenhang verder worden gebracht wanneer aandacht is voor thema's die hier dwars doorheen lopen, zoals omgevingskwaliteit, gezondheid, cultuurhistorie, klimaatadaptatie, water, bodem, (nationale) veiligheid en milieukwaliteit.

18

Hierbij worden drie inrichtingsprincipes gehanteerd die helpen om in een specifieke casus of gebied bij botsende belangen een zorgvuldige weging tussen nationale belangen te maken. Die inrichtingsprincipes zijn: 1. Combineren boven enkelvoudig; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen voorkomen. De NOVI is zelfbindend voor het Rijk. De rijksoverheid zet er wel op in dat provincies en gemeenten bij het vaststellen van hun eigen omgevingsvisies rekening houden met wat er in de NOVI staat.

Relatie tot de omgevingsplanwijziging Het realiseren van de voorgenomen woningbouwontwikkeling heeft op nationaal niveau vanwege de aard en omvang van het project minimaal invloed op de nationale belangen. Wel sluiten woningbouwprojecten aan op de prioriteit voor sterke en gezonde regio's aangezien het bijdraagt aan de beschikbaarheid van woningen en dus de landelijke woningbouwopgave. Paragraaf 4.2 Provinciaal beleid De Herziening 2024 van het Omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland is op 11 december 2024 vastgesteld en op 18 februari 2025 in werking getreden. Het omgevingsbeleid omvat al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving in Zuid-Holland. Het bestaat uit drie hoofdinstrumenten: de omgevingsvisie, het omgevingsprogramma en de omgevingsverordening. De omgevingsvisie schetst de beleidskaders; de strategische ambities, beleidsdoelen en -keuzes voor de toekomst van de fysieke leefomgeving van Zuid-Holland. In het omgevingsprogramma zijn deze nader uitgewerkt in maatregelen die de provincie treft. De omgevingsverordening stelt de juridische kaders; instructieregels voor andere overheden en direct werkende regels voor burgers en bedrijven. De provincie wijzigt de verschillende onderdelen wanneer daartoe aanleiding is.

Subparagraaf 4.2.1 Omgevingsvisie Zuid-Holland (POVI) De omgevingsvisie van Zuid-Holland biedt een strategische blik op de lange(re) termijn en bevat de hoofdzaken van het te voeren integrale beleid voor de gehele fysieke leefomgeving van de provincie Zuid-Holland. Ambities, beleidsdoelen en beleidskeuzes Naast de algemene sturingsfilosofie en een analyse van de huidige situatie van Zuid-Holland, schetst de provincie in de omgevingsvisie haar toekomstgerichte beleid in zeven provinciale vernieuwingsambities: 1. Samenwerken aan Zuid-Holland: inspelen op ontwikkelingen in de samenleving ten dienste van bestaand of nieuw beleid. 2. Bereikbaar Zuid-Holland: veilig, efficiënt en duurzaam vervoer en infrastructuur. 3. Schone energie voor iedereen: een duurzaam energiesysteem en minder druk op het stroomnet. 4. Een welvarend Zuid-Holland: innovatieve en dynamische en toekomstbestendige economie met ruimte voor ondernemen. 5. Naar vitale balans water, natuur en landbouw: beschermen en ontwikkelingen van (gezonde) natuur en soorten zorgen voor afname van stikstof. 6. Sterke steden en dorpen in Zuid-Holland: versneld en voldoende bouwen, toekomstbestendig en betaalbaar. 19

7.

Gezond en veilig Zuid-Holland: benutten, beschermen en beheren van een gezonde, veilige leefomgeving.

Deze ambities zijn geconcretiseerd in beleidsdoelen en -keuzes, die omschrijven aan welke maatschappelijke opgaven de provincie werkt. De beleidsdoelen zijn vervolgens uitgewerkt in beleidskeuzes. Ruimtelijke hoofdstructuur De ruimtelijke hoofdstructuur toont de essentie en de samenhang van verschillende ruimtelijke beleidskeuzes dat is opgebouwd uit verschillende kaartbeelden.

Afbeelding 4.1: Ruimtelijke hoofdstructuur Zuid-Holland.

Ruimtelijke kwaliteit De provincie staat voor een groot aantal opgaven, zoals het vergroten van de veerkracht van watersystemen, de realisatie van het Natuurnetwerk Nederland, de aanpassingen in de landbouw, de opgaven voor wonen en werken, de ontwikkeling van duurzame energienetwerken en de verbetering van het wegen-, openbaar vervoer- en fietsnetwerk. Deze opgaven kunnen gezien worden als bedreiging van de ruimtelijke kwaliteit. De ambitie is om een kwaliteitsontwikkeling in gang te zetten, waarbij elk project bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving. Het ruimtelijk kwaliteitsbeleid van de provincie bestaat uit drie met elkaar samenhangende onderdelen: de Kwaliteitskaart, de typering van ruimtelijke ontwikkelingen (passendheid) en de

20

beschermingscategorieën. Deze vormen een hulpmiddel om te komen tot plannen met ruimtelijke kwaliteit. De Kwaliteitskaart geeft een beschrijving van de gebiedskenmerken en kwaliteiten van Zuid-Holland. Bij elk gebiedskenmerk zijn richtpunten geformuleerd, waar rekening mee moet worden gehouden. De Kwaliteitskaart met de bijbehorende richtpunten zijn een middel om vroeg in het planvormingsproces een integrale afweging te maken die de ruimtelijke kwaliteit ten goede komt. De kaart is opgebouwd uit vier lagen: de laag van de ondergrond, laag van de cultuur- en natuurlandschappen, laag van de stedelijke occupatie en laag van de beleving. In dit kader maakt de provincie onderscheid in drie typen ontwikkeling: inpassen, aanpassen en transformeren. Daarbij spelen de schaalniveaus van de kavel, de structuur en de gebiedsidentiteit een rol. Wanneer een plan aansluit bij de gebiedsidentiteit en zich voegt in de bestaande structuur, is sprake van inpassing. Een ontwikkeling die aansluit bij de gebiedsidentiteit maar op structuurniveau wijzigingen voorziet, betekent een aanpassing. Bij transformatie zorgen de aard en omvang van een ontwikkeling voor een verandering van de gebiedsidentiteit. Deze indeling van ontwikkelingen is ook doorvertaald in de instructieregels met betrekking tot ruimtelijke kwaliteit in de omgevingsverordening.

Beschermingscategorieën De provincie kent een aantal kwetsbare gebieden en gebieden met een uitzonderlijke kwaliteit. Deze gebieden worden in zekere mate beschermd. Het gaat om de gebieden met een landelijk karakter (Buitengebied), gebieden met een recreatieve functie (Recreatiegebied), gebieden die fungeren als groene ruimte tussen steden (Groene buffer) en gebieden met natuurwaarden en/of cultuurhistorische waarden. De bescherming betekent niet dat er geen ontwikkelingen mogelijk zijn. Welk type ontwikkeling mogelijk is, hangt samen met de betreffende beschermingscategorie.

Relatie tot de omgevingsplanwijziging Voorliggend projectgebied is niet gelegen binnen een beschermingscategorie. Het gebied is wel gelegen op twee van de vier kwaliteitskaarten van de provincie Zuid-Holland. Laag van de ondergrond Voorliggend projectgebied is gelegen in de laag van de ondergrond 'Bijzonder reliëf en aardkundige waarden'. Ondanks dat Zuid-Holland relatief plat is, is nog een aantal bijzondere natuurlijke hoogteverschillen te vinden. Dit betreft kreken, geulafzettingen, rivierduinen met donken en oude bovenlanden met restveen. Vanwege de hogere ligging waren deze plekken aantrekkelijk voor (pre)historische bewoning. Richtpunten voor dit gebied zijn dat ontwikkelingen de onregelmatige patronen en het reliëf in het landschap herkenbaar in stand houden en waar mogelijk de archeologische waarden van deze structuren meer herkenbaar gemaakt worden bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Laag van stedelijke occupatie Voorliggend projectgebied is gelegen in de laag 'stads- en dorpsranden' en is feitelijk aan te merken als dorpsrand van Bleiswijk. Kenmerken van deze gebieden zijn dat ze een zone vormen tussen het bebouwd gebied en het landschap. Deze gebieden hebben een hoogwaardig en geliefd woonmilieu. De nabijheid van voorzieningen worden gecombineerd met het vrije zicht en het directe contact met het buitengebied.

Hierbij worden drie typen overgangskwaliteiten van elkaar gescheiden: de kwaliteit

21

van het front, contactkwaliteit en de kwaliteit in de overlap. Richtpunt is dat ontwikkelingen aan de stads- en dorpsrand bijdragen aan het realiseren van een rand met een passende overgangskwaliteit. Voorgenomen ontwikkeling is gelegen aan de rand ten noorden van het dorp Bleiswijk in de gemeente Lansingerland. Het ontwikkelgebied Lange Vaart grenst aan een open landschap. De bebouwing langs deze dorpsrand bestaat voornamelijk uit vrijstaande huizen en twee-onder-een-kapwoningen, met grote tuinen en georiënteerd op het open landschap. De nieuwbouwwoningen aan de Lange Vaart sluiten aan op de bestaande woningtypen en het karakter van de dorpsrand en het landschap en zorgen voor doorzichten naar de dijk, waardoor er een goede overgang naar het landschap ontstaat. De huidige agrarische gronden worden beter benut door woningbouw toe te voegen, waardoor het aansluit op de woonomgeving. De openbare ruimte wordt klimaatadaptief en groen ingericht en wordt verbonden met het open landschap. Hierdoor levert de ontwikkeling een bijdrage aan het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. Toetsing aan omgevingsverordening Het projectgebied de Lange Vaart is gelegen in een gebied dat in de TAM-omgevingsverordening Wijziging Zuid-Hollandse Omgevingsverordening module Ruimte en Wonen is aangewezen als 'grote buitenstedelijke bouwlocatie' (Artikel 7.47).

Hier zijn stedelijke ontwikkelingen groter dan drie hectare toegestaan. Voorgenomen ontwikkeling is hiermee in lijn met de provinciale omgevingsverordening.

Paragraaf 4.3 Gemeentelijk beleid Subparagraaf 4.3.1 Omgevingsvisie Lansingerland 2.0 De gemeente Lansingerland heeft op 4 november 2025 de Omgevingsvisie 2.0 vastgesteld. De omgevingsvisie beschrijft wat voor gemeente Lansingerland in de toekomst wil zijn. De omgevingsvisie schetst de gewenste ontwikkelingen voor thema's als wonen, werken, recreëren, natuur, duurzaamheid, mobiliteit, cultuurhistorie, ruimtelijke kwaliteit en gezondheid. In 2040 is Lansingerland, nog meer dan nu, verbonden, vindingrijk en gezond. Om dat voor elkaar te krijgen moeten strategische keuzes gemaakt worden en het beleid voor de fysieke leefomgeving worden bepaald. Dit is, samen met de opbrengst uit een uitvoerig participatietraject waarin inwoners, ondernemers en partners hebben meegedacht, vertaald in de omgevingsvisie 2.0. In de omgevingsvisie van Lansingerland staan de volgende ambities centraal: ^ Gezond samen leven o Vitale samenleving: met focus op bestaanszekerheid, gezondheid en kansengelijkheid van onze inwoners. o Ontwikkelen met karakter: ontwikkelen van voldoende duurzame woningen die passen bij de woningbehoeften.

o Gezonde levensstijl in een passende omgeving: stimuleren van sociale en maatschappelijke veiligheid, positieve gezondheid en het beperken van gezondheidsrisico's • Verbonden in de metropool o Goed bereikbaar en moderne mobiliteitsvormen: inzetten op moderne, duurzame en schone vervoersmogelijkheden. o Toekomstbestendige omgeving: voorzieningen op loop- en fietsafstand.

22

Sterke ruimtelijke structuren en ruime groengebieden: beschermen van groengebieden, water en historische en landschappelijke structuren. ^ Vindingrijk en ondernemend o Brede welvaart: een sterk lokaal en regionaal vestigings- en ondernemersklimaat o Home of Horti Science: (kennis)ontwikkeling, innovatie, modernisering en verduurzaming van de glastuinbouwsector. o Slimme verduurzaming: aanjagen van de energietransitie en circulaire economie via elektriciteitsopwekking, duurzame warmte en nieuwe materiaalstromen. o

In de Omgevingsvisie 2.0 is voor elke kern in de gemeente een globale beschrijving van het gebied en beknopte toelichting op de bovenstaande 3 ambities beschreven. Voor de kern Bleiswijk is ten aanzien van woningbouw aangegeven dat de vraag naar woningen met name kwalitatief van aard is. Er is behoefte aan woningen voor senioren en starters in de vorm van appartementen, gelijkvloerse woningen en betaalbare woningen. Naast het tegemoetkomen aan de behoefte van de eigen (oudere) inwoners, is er behoefte aan 'jonge' aanwas om het krachtige verenigingsleven en de sterke sociale structuur in stand te houden. Aan de Merenweg en Lange Vaart wordt ingezet op woongebieden met een passende mix (starters en toekomstbestendig) en een koppeling met relevante voorzieningen. In de Omgevingsvisie 2.0 zijn de ambities per thema uitgewerkt. Vervolgens worden deze ambities geconcretiseerd in de gebiedsgerichte uitwerking van de visie. De gebiedsgerichte uitwerking beschrijft de volgende deelgebieden: ^ Woonkernen ^ Linten (inclusief buurtschap Kruisweg) ^ Glastuinbouw • Bedrijventerreinen ^ Groene flanken (inclusief buurtschap Rotte) Oeeigeaieden Bleiswijk

Bedrijventerreinen

Koers Lokaal v'owzieniPfleni.eritrum

o o

Kwaliteitsmpuls entrees N209 Ringvaart achtbaar en verbonden

o

verduurziming energie en process

o

Circulair

torp- en ipgioverzorgende bednjvigie:d Jedi tjviglietd

verstcrkei langzaamvcrkeerverbindngcn Versterker groenblauw? verweving Vėrsterkei groenblauw? netwerk iedereen tan bewegen

woningbcjwlocati Afbeelding 4.2: Koers deelgebied Bleiswijk (figuur 8 uit Omgevingsvisie Lansingerland 2.0).

Relatie tot de omgevingsplanwijziging Het projectgebied Lange Vaart is gelegen in het deelgebied Woonkernen en behoort tot deelgebied Bleiswijk. In de gebiedsgerichte uitwerking voor Bleiswijk is Lange Vaart opgenomen als woningbouwlocatie. De demografische veranderingen van Bleiswijk vragen om een uitbreiding van het woningaanbod. De woningbouwontwikkeling Lange Vaart biedt kansen om in te spelen op de 23

toekomstige woonwensen van de bestaande inwoners van het dorp en nieuwe doelgroepen aan te trekken voor het behouden en versterken van het voorzieningenniveau. Het gebied ten noorden van Lange Vaart blijft open. Verbonden in de metropool Voorgenomen woningbouwontwikkeling voorziet in de realisatie van maximaal 125 woningen die goed bereikbaar zijn voor (langzaam) verkeer. Op de Heulslootweg en de Edisonlaan bevinden zich bushaltes. Deze bus rijdt tussen Zoetermeer en Berkel Westpolder en is daarmee verbonden met het metronetwerk (E-lijn) van Rotterdam en Den Haag. De openbare ruimte wordt groen ingericht door middel van groene zones van hoge kwaliteit met doorzicht richting het open landschap om het open karakter van het gebied te behouden. Hierdoor het blijft aangesloten op de bestaande landschappelijke structuren. Deze groene zones kunnen een bijdrage leveren aan de waterberging en de biodiversiteit. Vindingrijk en ondernemend Voor de Lange Vaart geldt energieneutraliteit op gebouwniveau of een GPR-score (instrument voor de duurzaamheid van een gebouw) van minimaal 8,0. De woningen krijgen een koelbehoefte en worden indien mogelijk aangesloten op een energiesysteem dat zowel (collectieve) warmte als koude kan leveren. De voorgenomen woningbouwontwikkeling draagt zodoende bij aan het aanjagen van de energietransitie.

Gezond samen leven In Lansingerland staat gezond samen leven centraal. Dit houdt in dat de gemeente haar inwoners wil laten wonen, werken en ontspannen in een duurzame, gezonde en fraaie omgeving. De woningbouwontwikkeling Lange Vaart draagt hier aan bij door voldoende ontmoetingsplekken te creëren waar mensen kunnen verblijven, ontmoeten en kinderen kunnen spelen. Dit zorgt voor een sociale samenhang binnen het woongebied. Daarnaast wordt er bijgedragen aan het ontwikkelen van woningen naar de behoefte van de inwoners, zoals (gelijkvloerse) starters- en seniorenwoningen. Deze woningen worden duurzaam gebouwd en sluiten daarmee aan op de ambitie uit de omgevingsvisie. Subparagraaf 4.3.2 Programma's Gemeenten kunnen strategisch beleid uit de Omgevingsvisie verder uitwerken of operationaliseren via programma's. Programma's kunnen gebiedsgericht en thematisch ingezet worden en gericht zijn op verschillende schaalniveaus. Binnen de Omgevingswet zijn er vier verschillende soort programma's, elk met eigen kenmerken. Het is goed om zo vroeg mogelijk te bedenken welke programma's logisch zijn. Bijvoorbeeld programma's die passend bij de pijlers of deelgebieden in de Omgevingsvisie. De gemeente start met het werken met opgavegerichte programma's. Daarbij wordt gedacht aan de volgende programma's: 1. Wonen; 2. Kwaliteit van de Leefomgeving; 3. Mobiliteit; 4. Economie; 5.

Horti Science; 6. Energietransitie. Het opstellen van deze programma's is nog in ontwikkeling. Op dit moment bestaan er daarom nog geen programma's. 24

Relatie tot de omgevingsplanwijziging Op dit moment zijn er nog geen programma's vastgesteld door het college die een doorwerking hebben in het omgevingsplan. Subparagraaf 4.3.3 Overig gemeentelijk beleid Woonvisie 2021-2025: een plek voor iedereen In juli 2021 heeft de gemeente Lansingerland haar woonvisie vastgesteld. De gemeente wil voor iedere inwoner een plek creëren, maar ziet dat het huidige woningaanbod niet aansluit op de veranderingen die in de gemeente spelen. Er is grote behoefte aan betaalbare woningen voor lage- en middeninkomens en de vraag naar eengezinswoningen is erg hoog. Hierom heeft de gemeente voor de woonvisie drie pijlers opgesteld: Een plek voor iedereen Dit houdt in dat 50% van de nieuwbouw in de gemeente betaalbaar is. De nieuwbouw focust zich op een betaalbaar en gevarieerd woningaanbod bestaande uit sociale huur en betaalbare koopwoningen. Tot aan 2040 worden er 12.000 woningen gebouwd op grote en kleine ontwikkellocaties. Bleiswijk is een van de kleinschalige ontwikkellocaties vanwege het authentieke dorpse karakter. Fijn en toekomstig wonen Het is van belang dat Lansingerland sterke woonmilieus behoud en ontwikkelt waarbij aandacht is voor de groenblauwe omgeving en ruimte om in een veilige en gezonde omgeving te ontmoeten en bewegen.

Bij nieuwe ontwikkelingen is er aandacht voor de aanwezigheid van water, groen en openbare ruimte in de wijk, aangepast op de bestaande kwaliteiten en kenmerken van het gebied. Wonen in verbondenheid De gemeente Lansingerland werkt in nauwe verbondenheid samen met diverse belanghebbenden om te zorgen dat het in Lansingerland fijn en bereikbaar wonen in een krachtige samenleving is, zowel nu als in de toekomst. Dit doet de gemeente samen met haar inwoners en stakeholders zoals de woningcorporaties, huurdersvereniging, buurgemeenten, regio, provincie, Rijk, zorgpartijen en ontwikkelaars en ondernemers en bouwers. Samen werken aan de woonopgave in samenhang met andere thema's zoals economie, mobiliteit en de sociale- en fysieke leefomgeving.

Relatie tot de omgevingsplanwijziging Op de projectlocatie Lange Vaart vindt geen grootschalige woningbouw plaats. De woningbouw zal voor 50% uit betaalbare woningen bestaan, waarvan 25% sociale huur. Er worden op de projectlocatie groene zones ingepast waar mensen kunnen ontmoeten, verblijven en spelen, met zicht op het open landschap. Hiermee sluit de ontwikkeling aan op de ambities uit de Woonvisie 2021-2025. Uitvoeringsagenda Woonvisie 2021-2025 De uitvoeringsagenda (24 februari 2022) is onderdeel van de Woonvisie 2021-2025 en brengt op een overzichtelijke manier de diverse uitvoeringsmaatregelen uit de woonvisie bij elkaar. De hoofdzaak in deze agenda is starten met het realiseren van circa 12.000 woningen in Lansingerland met als doel het creëren van een toekomstbestendige gemeente, waar plek is voor iedereen.

25

In de uitvoeringsagenda staan voor de drie pijlers, zoals eerder genoemd in woonvisie maatregelen in overzichtelijke schema's opgesteld t.a.v. de woningbouwontwikkelingen, doorstroming, betaalbaarheid, kwalitatieve woonmilieus en wonen in verbondenheid. Hieraan is thematisch het beleid, activiteit of project, het tijdspad van de uitvoering en de prioritering verbonden.

Relatie tot omgevingsplanwijziging De ontwikkeling Lange Vaart draagt bij aan de uitvoeringsagenda door de woningvoorraad te vergroten. Welstandsnota 2012 Het welstandsbeleid dat in de welstandsnota (vastgesteld d.d. 26 april 2012) uiteen wordt gezet, is bedoeld om de ruimtelijke kwaliteit van de gemeente Lansingerland te behouden en te stimuleren. Elk bouwplan moet, zowel op zichzelf als in relatie tot zijn omgeving, voldoen aan de redelijke eisen van welstand, volgens criteria die zijn vastgesteld in de gemeentelijke welstandsnota. Bovendien mogen bestaande bouwwerken niet in ernstige mate in strijd zijn met redelijke eisen van welstand, ook weer volgens de criteria in de welstandsnota. Alleen als de gemeenteraad een gebied of een object als 'welstandsvrij' aanwijst, vervalt de preventieve welstandsbepaling. In Lansingerland wil de gemeente echter bij een deel van de vrije gebieden een vangnet behouden in de vorm van een paar summiere criteria om excessen te voorkomen. Gesproken wordt daarom van 'vrij met excessenregeling'.

Relatie tot de omgevingsplanwijziging Om de ruimtelijke kwaliteit van de woningbouwontwikkeling Lange Vaart te waarborgen, is een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Dit beeldkwaliteitsplan wordt als toetsingskader voor de welstand vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin worden de ruimtelijke kwaliteiten en de ambities voor de beeldkwaliteit vastgelegd. Dit beeldkwaliteitsplan is in paragraaf 2.2 behandeld. Paragraaf 4.4 Conclusie De voorgenomen wijziging van het omgevingsplan is in lijn met het voorgenoemde beleid van het Rijk, de provincie en de gemeente Lansingerland. De woningbouwontwikkeling draagt bij aan het vergroten van de woningbouwvoorraad en voldoet aan de kwalitatieve ambities.

26

Hoofdstuk 5 Juridische kaders In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de juridische kaders die een rol spelen bij het omgevingsplan. Op grond van de Ow (artikel 1.2), hebben de regels die in het omgevingsplan worden opgenomen betrekking op: ^ de fysieke leefomgeving (dit omvat in ieder geval: bouwwerken, infrastructuur, water en watersystemen, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel en werelderfgoed); • activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving (dit omvat in ieder geval: het wijzigen van onderdelen van de fysieke leefomgeving of het gebruik daarvan, het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, activiteiten waardoor emissies, hinder of risico's worden veroorzaakt en het nalaten van activiteiten; als gevolgen voor de fysieke leefomgeving worden ook aangemerkt gevolgen voor de mens, voor zover deze worden of kunnen worden beïnvloed door of via onderdelen van de fysieke leefomgeving). De regels in het omgevingsplan hebben hiermee een brede reikwijdte, maar deze reikwijdte is dus beperkt tot de fysieke leefomgeving (en activiteiten met gevolgen voor de fysieke leefomgeving). De ruimte die de gemeente heeft om in het omgevingsplan regels te stellen, wordt daarnaast beperkt door kaders die door andere bestuursorganen zijn gegeven.

Paragraaf 5.1 Juridische kaders Rijk Subparagraaf 5.1.1 Omgevingswet De Omgevingswet is de grondslag voor het opstellen van het omgevingsplan. De wet bundelt en moderniseert de wetten voor de leefomgeving. Hierbij gaat het onder andere om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. De Ow werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur: ^ Besluit activiteiten leefomgeving (Bal); ^ Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl); ^ Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl); ^ Omgevingsbesluit (Ob). De Ow bepaalt (artikel 2.28 e.v.) dat het Rijk instructieregels stelt over hoe bepaalde onderwerpen in een omgevingsplan moeten worden geregeld. De instructieregels van het Rijk zijn opgenomen in het Bkl. Hoe dit in zijn werk gaat wordt in het vervolg van deze paragraaf beschreven. Naast de instructieregels gelden op rijksniveau ook algemene regels voor de fysieke leefomgeving, die worden hierna ook kort besproken. In de navolgende paragrafen wordt ingegaan op de inhoud van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Nagegaan wordt welke omgevingswaarden, instructie- en beoordelingsregels relevant zijn voor de ontwikkeling Lange Vaart en welke daarvan een doorvertaling verdienen in de planregels.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=e52e4f2c-6030-4864-bd17-ae4b8fb7155e