CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

T21.04201 Jaarstukken 2020

Commissie Algemeen Bestuur 9 juni 2021, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststellen jaarstukken 202036.726 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Huisvesting

2.099

1.959

2.676

2.448

-228

Automatisering

1.732

2.360

2.113

2.090

-24

684

670

670

594

-76

11.526

10.361

9.917

11.283

1.366

-833

-725

-725

-1.272

-547

15.208

14.625

14.652

15.142

490

Huisvesting

1

-98

0

0

0

Automatisering

0

0

0

0

0

Uitbestede bedrijfsvoering

0

0

0

0

0

Personeel

30

26

26

8

-18

Grondexploitaties (dekking)

0

0

0

0

0

Totaal baten

32

-71

26

8

-18

-15.176

-14.696

-14.625

-15.134

-508

Uitbestede bedrijfsvoering Personeel Grondexploitaties (dekking) Totaal lasten

Gerealiseerd resultaat

Waar zitten de financiële afwijkingen? Lasten (€490.000 nadeel) De huisvestingskosten bestaan uit alle kosten gerelateerd aan het gemeentekantoor. Dit zijn onder andere de kapitaallasten, onderhoudskosten, diverse belastingen en heffingen, gas-, water- en elektriciteitskosten en verzekeringspremies. De lagere kosten worden veroorzaakt door lagere onderhoudskosten (€78.000), lagere abonnementskosten (€72.000), lagere kosten voor onderhoud inventaris (€40.000) en diverse kleine voordelen (€38.000) die we niet toelichten. Personeel €1.366.000 nadeel wordt veroorzaakt doordat de doorbelasting van teammanagers en ander ondersteunend afdelingspersoneel niet begroot was op overhead. conform wet- en regelgeving dient dit echter wel doorbelast te worden aan overhead. Hierdoor is een overschrijding op de lasten ontstaan van €1,2 miljoen nadeel. Dit nadeel komt terug als voordeel in de overige programma's. Grondexploitatie dekking €547.000 voordeel wordt veroorzaakt door het meer kunnen toeschrijven van uren naar de grondexploitatie. Op ieder uur wat aan de grondexploitatie wordt doorgerekend wordt een opslag voor overhead meegenomen. Baten (€18.000 nadeel) De afwijking is kleiner dan €100.000 en daarom niet verder toegelicht.

77

Gemeente Lansingerland

Personeel Onder de post personeel vallen twee kostenposten: medewerkers van ondersteunende afdelingen en medewerkers van uitvoerende afdelingen die conform BBV tot de overhead worden gerekend. Tot de ondersteunende afdelingen behoren bijvoorbeeld de directie, communicatie, facilitaire zaken en financiën. Medewerkers van uitvoerende afdelingen die onder overhead vallen, zijn bijvoorbeeld management, waaronder teammanagers (50%) en het secretariaat. Dit is conform de uitgangspunten van de Berenschot benchmark. De afwijking ten opzicht van de begroting wordt verklaard doordat de doorbelasting van teammanagers niet was begroot. Gezien deze conform wet en regelgeving wel dienen te worden toegerekend aan overhead is de realisatie hier wel op verantwoord. Dit leidt dus tot een overschrijding op overhead en tegelijkertijd tot een voordeel ten opzichte van de begroting bij de overige programma's. Bedragen x €1.000 Realisatie 2019 Lasten

Primitief 2020

11.526

Baten Resultaat

Begroot 2020

10.361

Realisatie 2020

9.917

Afwijking 2020

11.283

1.366

30

26

26

8

-18

-11.496

-10.335

-9.891

-11.274

-1.384

Uitbestede bedrijfsvoering Onder uitbestede bedrijfsvoering vallen werkzaamheden die tot de overhead worden gerekend volgens de BBV, maar die de gemeente Lansingerland heeft uitbesteed aan derden. Het gaat om kosten voor de catering voor zowel het bedrijfsrestaurant alsook voor de catering tijdens commissie- en raadsvergaderingen. Ook behoren de kosten voor het externe archief, schoonmaak, onderhoud van de elektrische fietsen en scooters, onderhoud van de planten in het gemeentekantoor en de beveiliging tot de uitbestede bedrijfsvoering. Bedragen x €1.000 Realisatie 2019

Primitief 2020

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Lasten

684

670

670

594

-76

Resultaat

-684

-670

-670

-594

76

Huisvesting De huisvestingskosten bestaan uit alle kosten gerelateerd aan het gemeentekantoor. Dit zijn onder andere de kapitaallasten, onderhoudskosten, diverse belastingen en heffingen, gas-, water- en elektriciteitskosten en verzekeringspremies. De lagere kosten worden onder andere veroorzaakt door lagere onderhoudskosten (€78.000). De lager onderhoudskosten ontstaan doordat werkzaamheden aan elektrische installaties zijn uitgesteld omdat na controle eerst de noodstroomaggregaat van de serverruimte vervangen moest worden. Daarnaast worden de verschillen veroorzaakt door lagere abonnementskosten (€72.000), lagere kosten voor onderhoud inventaris (€40.000) en diverse kleine voordelen (€38.000) die we niet toelichten. Bedragen x €1.000 Realisatie 2019

Primitief 2020

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Lasten

2.099

1.959

2.676

2.448

-228

Baten

1

-98

0

0

0

-2.098

-2.057

-2.676

-2.448

228

Resultaat

78

Gemeente Lansingerland

Automatisering Tot de automatiseringskosten behoren de kosten voor het algemeen gebruik van hard- en software (bijvoorbeeld Corsa en intranet). De kosten voor hard- en software van ondersteunende afdelingen vallen hier ook onder (bijvoorbeeld Key2Financiën en Pepperflow). In 2019 en 2020 is er stevig ingezet op TOP-werken wat in een stroomversnelling is geraakt door Corona. Omdat het hier investeringen betreft die worden afgerond in 2020 en 2021 zijn de afschrijvingslasten ook pas zichtbaar vanaf 2021. Mede daardoor is de financiële afwijking beperkt en is derhalve niet toegelicht. Bedragen x €1.000 Realisatie 2019

Primitief 2020

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Lasten

1.732

2.360

2.113

2.090

-24

Resultaat

-1.732

-2.360

-2.113

-2.090

24

Grondexploitaties Sinds 2017 vindt de doorberekening van overheadkosten naar grondexploitaties plaats via het overzicht overhead. Deze doorbelasting wordt bepaald op basis van het overheadstarief per uur en het aantal uren op de grondexploitatie. Bedragen x €1.000 Realisatie 2019

Primitief 2020

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Lasten

-833

-725

-725

-1.272

-547

Resultaat

833

725

725

1.272

547

79

Gemeente Lansingerland

Paragrafen Inleiding Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) stelt dat een aantal verplichte paragrafen moet worden opgenomen in de jaarstukken. Zij geven, als een dwarsdoorsnede door de programma’s, inzicht in een aantal bedrijfsvoeringaspecten van de gemeente. De paragrafen zijn:

80

Lokale heffingen

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Onderhoud kapitaalgoederen

Financiering

Bedrijfsvoering

Verbonden partijen

Grondbeleid

Gemeente Lansingerland

Paragraaf Lokale heffingen Inleiding Deze paragraaf geeft inzicht in de belastingen, heffingen en leges die de gemeente Lansingerland heft. De paragraaf toont de tariefontwikkeling, de opbrengsten en de lokale lastendruk. De lokale heffingen zijn een belangrijke bron van inkomsten voor de gemeente. We onderscheiden twee soorten heffingen: heffingen waarvan de besteding gebonden is (zoals de rioolheffing en de afvalstoffenheffing) en de gemeentelijke heffingen die als algemene dekkingsmiddel mogen worden ingezet, waarvan de besteding niet van te voren is bestemd (zoals de onroerende zaakbelasting en de hondenbelasting). De gemeente Lansingerland kent de volgende belastingen en rechten: 1. Onroerende zaakbelasting (OZB); 2. Afvalstoffenheffing; 3. Rioolheffing; 4. Lijkbezorgingsrechten; 5. Leges burgerzaken; 6. Leges bouw; 7. Hondenbelasting; 8. Marktgelden; 9. Precariobelasting.

Overzicht opbrengst lokale heffingen In onderstaand overzicht staan de opbrengsten aan lokale heffingen van de belangrijkste heffingen in zowel 2019 en 2020 en de afwijking in 2020 ten opzichte van de begroting. Bedragen x €1.000 Realisatie 2019

Primitief 2020

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

OZB woningen

8.362

8.472

8.472

8.553

81

OZB niet-woningen

5.917

6.013

6.013

6.322

309

Afvalstoffenheffing

4.164

6.661

6.661

6.569

-92

Rioolheffing

6.318

6.489

6.489

6.557

68

Lijkbezorgingsrechten

244

212

212

265

53

Leges burgerzaken

579

491

450

451

1

2.372

2.600

2.609

2.734

125

Hondenbelasting

295

299

299

292

-8

Marktgelden

64

71

16

15

-1

Precariobelasting, uitstallingen

41

45

45

37

-8

Leges bouw

Precariobelasting, kabels en leidingen Totaal

201

200

200

201

1

28.556

31.553

31.466

31.996

530

COELO 2020 en woonlasten Het COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) publiceert ieder jaar de zogeheten “Atlas van de lokale lasten”. Onderdeel van deze atlas is een tarievenoverzicht. Het overzicht 2020 is hieronder opgenomen, aangevuld met de gegevens van Lansingerland. De onderstaande tabel laat zien dat de door gemeente Lansingerland gehanteerde OZB-tarieven van woningen en niet-woningen in 2020 onder het landelijk gemiddelde zitten. Desondanks zijn de gemiddelde woonlasten in Lansingerland 14% hoger dan het landelijk gemiddelde. Belangrijke oorzaak hiervan is een relatief hoge WOZ-waarde in de gemeente Lansingerland (€349.000) ten opzichte van het landelijk gemiddelde (€270.000).

81

Gemeente Lansingerland

Bedragen x €1,Laagste 2020 Gemiddelde 2020

Hoogste 2020

Lansingerland 2020

afwijking in %

OZB woningen (eigenaar)

0,0356%

0,1102%

0,2529%

0,1003%

-8,98%

OZB niet-woningen (eigenaar)

0,0660%

0,2898%

0,9401%

0,2325%

-19,77%

OZB niet-woningen (gebruiker)

0,0000%

0,2171%

0,5046%

0,1889%

-12,99%

Afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishouden)

36

283

428

290

2,65%

Rioolheffing

78

199

534

249

25,13%

Hondenbelasting (eerste hond)

15

44

130

81

84,09%

Woonlasten

573

777

1.440

889

14,41%

Bron: Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO)

De onderstaande tabel laat de gemeentelijke woonlasten van Lansingerland in 2020 zien, bij een gemiddelde WOZ-waarde van €349.000: Meerpersoonshuishouden met eigen woning en een WOZ-waarde van €349.000 in 2020 Lokale lasten Lansingerland

Aanslag 2019

Bedragen x €1,-

Aanslag 2020 Verschil in € Verschil in %

OZB

347,80

348,94

1,14

0,33%

Afvalstoffenheffing

187,02

290,49

103,47

55,33%

Rioolheffing

245,18

249,35

4,17

1,70%

Aanslag gemeentelijke belastingen (via SVHW)

780,00

888,78

108,78

13,95%

Woonlasten t.o.v. landelijke gemiddelde jaar ervoor

Realisatie 2019 Realisatie 2020

A) OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

347,80

348,94

B) Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

245,18

249,35

C) Afvalstoffenheffing voor een gezin

187,02

290,49

D) Eventuele heffingskorting E) Totale woonlasten gezin bij gemiddelde WOZ-waarde (A+B+C-D) F) Landelijke gemiddelde jaar ervoor Woonlasten t.o.v. landelijke gemiddelde jaar ervoor (E/F) x 100%

0,00

0,00

780,00

888,78

740,00

777,00

105,41%

114,39%

Woonlasten en de tarieven in de regio In de Atlas van de lokale lasten wordt inzicht gegeven in de gemeentelijke woonlasten. Daarbij wordt het gemiddelde bedrag berekend dat een meerpersoonshuishouden op basis van de gemiddelde WOZ waarde van een eigen woning in de betreffende gemeente betaalt aan OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing. In de ons omringende gemeenten hebben de gemiddelde woonlasten voor meerpersoonshuishoudens zich als volgt ontwikkeld. De woonlasten 2020 bedragen landelijk gemiddeld €777. In alle omliggende gemeenten zijn de lokale lasten gestegen ten opzichte van 2019. In Lansingerland is de stijging met 14% het hoogst; in Delft is de stijging met 1% het laagst. De stijging in Lansingerland is veroorzaakt door een toename van het tarief afvalstoffenheffing. In 2019 was het tarief €187, tegenover €290 in 2020; een stijging van €103. Het lage tarief in 2019 was gevolg van het opheffen van de egalisatiereserve afval, waardoor er een eenmalige verlaging van tarief terugvloeide naar onze inwoners. In 2020 is het tarief weer op niveau van kostendekkendheid en net iets boven het landelijk gemiddelde.

82

Gemeente Lansingerland

Bedragen x €1,Gemeenten

2019

2020

Mutatie t.o.v. 2019

Lansingerland

780

889

14,0%

Pijnacker-Nootdorp

860

896

4,2%

Delft

850

861

1,3%

Zuidplas

795

839

5,5%

Zoetermeer

754

766

1,6%

De onderstaande tabel laat de OZB-aanslagen en woonlasten 2020 in de regio zien: OZB-aanslag tov WOZ-waarde

Gemiddelde WOZ-waarde

WOZ-waarde t.o.v. landelijk gemiddelde

OZB-tarief

Gemiddelde OZB aanslag

OZB-aanslag t.o.v. landelijk gemiddelde

Verhouding WOZ-waarde OZB-aanslag

Lansingerland

349.000

129%

0,1003%

348,94

118%

0,92

Delft

240.000

89%

0,1191%

286,88

97%

1,09

Pijnacker-Nootdorp

339.000

126%

0,0932%

315,01

107%

0,85

Zoetermeer

242.000

90%

0,1538%

372,2

126%

1,41

Zuidplas

289.000

107%

0,1074%

317,19

108%

1

Nederland

270.000

100%

0,1102%

295

100%

1

Gemiddelde WOZ-waarde

WOZ-waarde t.o.v. landelijk gemiddelde

Gemiddelde woonlasten MPH

MPH t.o.v. landelijk gemiddelde

Verhouding WOZ-waarde woonlasten

Lansingerland

349.000

129%

888,78

114%

0,89

Delft

240.000

89%

860,52

111%

1,26

Pijnacker-Nootdorp

339.000

126%

895,69

115%

0,93

Zoetermeer

242.000

90%

765,79

99%

1,11

Zuidplas

289.000

107%

838,68

108%

1,02

Nederland

270.000

100%

777,00

100%

1

Woonlasten tov WOZ-waarde

Onroerendezaakbelasting (OZB) Er zijn twee soorten OZB: de eigenarenbelasting en de gebruikersbelasting. Voor woningen bestaat er alleen een eigenarenbelasting. Voor niet-woningen (onder andere bedrijfspanden, maatschappelijke voorzieningen zoals scholen en zwembaden, maar ook bouwgronden) bestaat er zowel een eigenaren- als een gebruikersbelasting. Jaarlijks bepaalt de gemeente de waarde van de onroerende zaak, de zogeheten WOZ-waarde. Lansingerland kent een tariefdifferentiatie voor woningen en niet-woningen. Een dergelijke tariefs-differentiatie tussen woningen en niet-woningen wordt in vrijwel heel het land toegepast. Het OZB-tarief wordt berekend naar een percentage van de WOZ-waarde. Het verloop van de OZB-tarieven over de afgelopen jaren ziet er als volgt uit: Tarieven Onroerende Zaakbelasting

Tarief 2018

Tarief 2019

Tarief 2020

Mutatie t.o.v. 2019

Eigenaar (woning)

0,1319%

0,1095%

0,1003%

-8,4%

Eigenaar (niet-woning)

0,2472%

0,2348%

0,2325%

-1,0%

Gebruiker (niet-woning)

0,1981%

0,1908%

0,1889%

-1,0%

Opbrengsten onroerendezaakbelasting De gerealiseerde OZB-opbrengsten 2020 zijn 5% hoger dan begroot (€390.000). Dit voordeel is het resultaat van een hogere WOZ-waarde dan waar in de begroting 2020 mee is gerekend. Ten tijde van het opstellen van de begroting is voor het bepalen van de WOZ-waarde uitgegaan van peildatum 1 januari 2019, met een gemiddelde WOZ-waarde van €318.000. De daadwerkelijke gemiddelde WOZ-waarde in 2020 was €349.000. 83

Gemeente Lansingerland

Bedragen x €1.000 Opbrengst OZB

Realisatie 2019

Primitief 2020

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Woningen (eigenaren)

8.362

8.472

8.472

8.553

81

Niet-woningen (eigenaren)

3.441

3.540

3.540

3.720

180

Niet-woningen (gebruikers)

2.476

2.472

2.472

2.602

129

Subtotaal niet-woningen

5.917

6.013

6.013

6.322

309

14.279

14.485

14.485

14.875

390

Totaal

Waardering Onroerende zaken (WOZ) Uitvoering SVHW te Klaaswaal voert per 1 januari 2013 de Wet WOZ en de heffing en inning van gemeentelijke belastingen uit voor onze gemeente. Waarderingskamer De Waarderingskamer (WAKA) heeft de uitvoering van de WOZ voor 2020 binnen het voorzieningengebied van SVHW beoordeeld als ‘goed’. Dit algemeen oordeel wordt afgegeven aan een organisatie die WOZ-taxaties van goede kwaliteit levert en daarnaast op alle onderdelen van het WOZ-werkproces voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen. Het SVHW heeft ook voldoende maatregelen getroffen voor adequate aansturing en kwaliteitsbeheersing van de werkzaamheden. Zie hiervoor ook de website van de Waarderingskamer: www.waarderingskamer.nl/nc/alle-beoordelingen/gemeentepagina/lansingerland/. Bezwaarschriften Het aantal ingediende bezwaarschriften is 55% gestegen ten opzichte van 2019. Ook blijft het aantal ingediende bezwaren door no-cure-no-pay (ncnp) bureaus bij woningen stijgen. Dit is in lijn met de landelijke trend waarbij meer bezwaar wordt aangetekend. Uit een onderzoek van december 2020 door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) blijkt dat het aantal bezwaren (landelijk) in de periode 2015-2019 is gestegen van zo’n 160.000 naar 204.000. Het aandeel ncnp-bureaus steeg van 17% naar 43%.

Voor niet-woningen is er een landelijke daling te zien van het totaal aantal bezwaren (van 60.000 in 2015 naar 53.000 in 2018). Echter steeg het aandeel ncnp-bureaus van 20% naar 55%. De SVHW voert actief campagne om het aandeel bezwaarschriften dat via ncnp-bureaus binnenkomt te verkleinen. SVHW heeft hiervoor samen met andere belastingkantoren een werkgroep gevormd om gezamenlijk op te trekken in de richting van de ncnp-bureaus. Daarnaast heeft de SVHW een taskforce opgericht om het aantal WOZ-bezwaren van ncnp-bureaus te verminderen. Communicatie speelt hierbij een belangrijke rol, onder andere door ervoor te zorgen dat bezwaar maken via de website van de SVHW heel eenvoudig is. Ondanks de stijging van het aantal bezwaren zien we dat er procentueel minder bezwaren zijn toegekend in vergelijking met 2018 en 2019. Aantallen bezwaarschriften WOZ

2018

2019

2020

Mutatie t.o.v. 2019

Ingediend

426

547

848

55,0%

Nog in behandeling ( maart 2021)

11

5

13

160,0%

Toegekend

149

224

295

31,7%

Afgewezen en anderszin afgedaan

266

318

540

69,8%

Waarvan afgehandeld:

84

Gemeente Lansingerland

Afvalstoffenheffing De gemeente Lansingerland kent voor de afvalstoffenheffing een tarief voor éénpersoonshuishoudens en een tarief voor meerpersoonshuishoudens. In 2018 besloot de gemeenteraad de egalisatiereserve afval op te heffen. Dit kwam als een eenmalige verlaging van de afvalstoffenheffing 2019 terug naar de inwoners. In 2021 herijken we het afvalbeleidsplan, waarbij opnieuw het tarief en de wijze van inzameling wordt bekeken. Het verloop van de tarieven over de afgelopen jaren (inclusief eenmalige korting in 2019) staat in onderstaande tabel. Bedragen x €1,Tarieven afvalstoffenheffing

Tarief 2018

Tarief 2019

Tarief 2020

Toename t.o.v. 2019

Eenpersoonshuishoudens

189,84

149,59

232,39

55,4%

Meerpersoonshuishoudens

237,24

187,02

290,49

55,3%

Baten en lasten afvalstoffenheffing en dekkingspercentage In 2018 besloot de gemeenteraad de egalisatiereserve afval op te heffen. In 2019 is een eenmalige korting van €1.235.000 toegepast. In 2020 is er €92.000 minder aan baten afvalstoffenheffing gerealiseerd en €123.000 meer aan kosten gemaakt. De kostendekkendheid in 2020 was hierdoor 97%, in plaats van de begrote 100%. In 2020 hebben we ook extra afvalkosten gemaakt in relatie tot corona. Deze kosten hebben we niet onder het afvalstoffentarief gebracht, maar verrekend met de reserve Crisismaatregelen. Elders in dit boekwerk staat een nadere specificatie van de uitnutting van deze reserve. Bedragen x €1.000 Afvalinzameling

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Lasten (toegerekende kosten, inclusief BTW)

6.040

6.661

6.784

123

Korting

1.235

0

0

0

Baten afvalstoffenheffing

4.164

6.661

6.569

-92

Saldo

-641

0

-215

-215

Dekkingspercentage

89%

100%

97%

Rioolheffing Eind 2015 is het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) voor de planperiode 2015-2020 voor Lansingerland vastgesteld. Het uitgangspunt bij de rioolheffing is, op grond van het vastgestelde GRP, dat de kosten voor de rioleringsvoorzieningen voor 100% worden gedekt uit de rioolheffing. Als heffingsgrondslag wordt een vast bedrag per 500 m³ waterverbruik aangehouden, met een maximum van 10.000 m³. In het GRP 2015-2020 is ervan uitgegaan dat: • De rioolheffing per (equivalente) heffingseenheid een vastgestelde 1,7% indexatie; • De rioolheffing maximaal kostendekkend mag zijn: de geraamde opbrengsten (in de beschouwde periode) mogen de geraamde lasten niet overstijgen (Gemeentewet artikel 229b); • Reserveren voor toekomstige vervangingsinvesteringen - door dotaties aan de (spaar)voorziening – is toegestaan; • Reserveren enkel voor uitbreiding van het voorzieningenniveau niet is toegestaan; • De opbrengsten van de rioolheffing niet voor andere doeleinden dan voor het gemeentelijk rioolstelsel (inclusief grond- en hemelwatervoorzieningen) mogen worden aangewend ofwel een relatie hebben met de verbrede watertaken.

85

Gemeente Lansingerland

Het GRP wordt periodiek geëvalueerd om te bewaken dat de kostendekkendheid van de rioolheffing gehandhaafd blijft. In november 2020 is het nieuwe GRP voor de planperiode 2021-2025 door de gemeenteraad vastgesteld. De effecten voor de toekomst worden meegenomen in de begroting vanaf 2021 Bedragen x €1,Tarieven rioolheffing

Tarief 2018

Tarief 2019

Tarief 2020

Mutatie t.o.v. 2019

241,08

245,18

249,35

1,7%

Woningen

Baten en lasten rioolheffing en dekkingspercentage Doordat er meer kosten aan het onderhoud en inspectie zijn geweest, is de dotatie in de voorziening €925.000 lager dan begroot. Hogere lasten zijn het gevolg van onder andere een inhaalslag op onderhoud, reiniging en inspecties van gemalen. Het gerealiseerd saldo van €409.000 is door middel van een storting verrekend met de voorziening riolering. Bedragen x €1.000 Rioolheffing

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Lasten (toegerekende kosten, inclusief BTW)

6.015

5.155

6.161

1.006

Baten (rioolheffing en overige heffingen)

6.385

6.489

6.570

81

Saldo

370

1.334

409

-925

Dekkingspercentage

106%

126%

107%

Lijkbezorgingsrechten De gemeente Lansingerland heeft het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen vastgelegd in een beheerverordening. De vigerende beheerverordening van de gemeente Lansingerland dateert uit 2009. De lijkbezorgingsrechten zijn per 1 januari 2020 niet aangepast. In onderstaande tabel staan de begrote en gerealiseerde bedragen in 2019 en 2020. Bedragen x €1.000 Lijkbezorgingsrechten

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

244

212

265

53

Begraafplaatsrechten

Leges Bouwvergunningen De bouwlegesinkomsten zijn in 2020 licht gestegen ten opzichte van 2019 en tevens hoger dan begroot. Dit komt onder andere doordat er minder aanvragen voor duurzame nieuw- en verbouw zijn gedaan dan begroot. Voor deze zogenaamde groene leges kan 100% korting op de bouwleges worden aangevraagd. Bedragen x €1.000 Bouwleges

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Leges bouw

2.372

2.609

2.734

125

86

Gemeente Lansingerland

Hondenbelasting Voor de hondenbelasting bestaat een tarief voor de eerste hond, een tarief voor de tweede en volgende hond en voor een geregistreerde kennel. Het verloop van de tarieven hondenbelasting over de afgelopen jaren is ongewijzigd en ziet er als volgt uit: Bedragen x €1,Hondenbelasting

Tarief 2018

Tarief 2019

Tarief 2020

Mutatie t.o.v. 2019

Eerste hond

81,48

81,48

81,48

0,0%

Elke volgende hond

114,12

114,12

114,12

0,0%

Geregistreerde kennel

244,68

244,68

244,68

0,0%

Marktgelden en precariobelasting (uitstallingen) De marktrechten zijn per 1 januari 2020 niet aangepast. In onderstaande tabel staan de begrote en gerealiseerde bedragen in 2019 en 2020. Bedragen x €1.000 Markgelden en precariobelasting

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

Marktgelden

64

16

15

-1

Precariobelasting

41

45

37

-8

Precario op kabels en leidingen Sinds 1 juli 2017 is de precariobelasting voor nutsnetwerken afgeschaft. Maar de gemeente Lansingerland kan gebruikmaken van een overgangsregeling, waardoor de gemeente tot en met 2021 precario kan blijven heffen op ondergrondse energieleidingen. Dit levert Lansingerland €200.000 inkomsten per jaar op. Deze belasting heffen wij op Dunea. Bedragen x €1.000 Precario op kabels en leidingen

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afwijking 2020

201

200

201

1

Precario kabels en leidingen

Leges burgerzaken De opbrengsten van de gemeentelijke leges burgerzaken in 2019 en 2020 staan in onderstaand overzicht nader gespecificeerd. De gerealiseerde baten uit de leges burgerzaken zijn in 2020 conform begroting, maar zijn lager dan in 2019. Corona heeft enig negatief effect op de inkomsten uit de leges burgerzaken ten opzichte van vorig jaar. We hebben de begroting 2020 om die reden in de Zomerrapportage naar beneden bijgesteld. Naar nu blijkt een terecht bijstelling. Bedragen x €1.000 leges

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Leges burgerlijke stand

116

86

91

5

Leges basisadministratie persoonsgegevens

28

24

19

-5

Leges reisdocumenten

166

90

104

14

Leges rijbewijzen

233

215

200

-15

Leges naturalisatie (vanaf 2014 inclusief overige leges)

22

35

25

-10

Leges gehandicaptenparkeerkaart

14

0

12

12

579

450

451

1

Totaal

87

Gemeente Lansingerland

Afwijking 2020

Kwijtscheldingen De ontwikkelingen met betrekking tot de aangevraagde kwijtscheldingen geven het volgende beeld: Kwijtschelding gemeentelijke belastingen

2019

2020

Mutatie t.o.v. 2019

Ingediende aanvragen

854

888

4,0%

Nog in behandeling

0

0

0,0%

Toegekend (geheel of gedeeltelijk)

735

729

-0,8%

Afgewezen

119

159

33,6%

Waarvan afgehandeld:

Lasten kwijtscheldingen Het totaal aantal aanvragen tot kwijtschelding is in 2020 bijna gelijk gebleven aan 2019. Het aantal toegekende kwijtscheldingen is wel afgenomen met 4% ten opzichte van voorgaand jaar. De uitgaven aan kwijtscheldingen van de gemeentelijke belastingen en rechten geeft het volgende overzicht: Bedragen x €1.000 Lasten kwijtschelding

Realisatie 2019

Begroot 2020

Realisatie 2020

Afvalstoffenheffing

123

190

181

-9

Rioolheffing

174

189

171

-18

Hondenbelasting

0

0

0

0

Onroerendezaakbelasting

1

0

2

2

298

379

354

-25

Totaal

88

Gemeente Lansingerland

Afwijking 2020

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft aan in hoeverre de gemeente Lansingerland in staat is om haar financiële risico’s op te vangen en welke methode gebruikt wordt voor het bepalen van het risicoprofiel. Daarnaast beschrijft de paragraaf op hoofdlijnen op welke wijze ‘risicobeheersing’ onderdeel is van de bedrijfsvoering van de gemeente. Op basis van het BBV nemen gemeenten een aantal verplichte financiële kengetallen op in de paragraaf weerstandsvermogen van de begroting en het jaarverslag. Dit om de leden van provinciale staten en de gemeenteraad gemakkelijker inzicht te geven in de financiële positie van hun provincie of gemeente.

Risicobeheersing in de gemeente Lansingerland De nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2020-2023 beschrijft op welke wijze Lansingerland haar risico’s beheerst en hier verantwoording over af legt. De nota beschrijft o.a. welke informatie we in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing vanaf de begroting 2021 opnemen. Ten opzichte van de vorige nota risicomanagement (2015-2018) geeft deze paragraaf in de begroting meer inzicht dan voorheen in de risico’s die de gemeente loopt op structurele tegenvallers en wat dat zou betekenen voor de toekomstige begrotingssaldi. In de jaarstukken (een document dat meer terugkijkt) ligt het accent vooral op het weerstandsvermogen en de risico’s op incidentele tegenvallers. Op basis van de huidige inzichten loopt Lansingerland haar grootste incidentele financiële risico’s bij de grondexploitaties. Het risico op de grondexploitaties houdt verband met de hoge boekwaarde van reeds gedane investeringen in grond en de marktomstandigheden. Het risico is dat grond niet, later, of voor een lagere prijs wordt verkocht dan nu voorzien. Om dit risico te ‘beheersen’ moeten we vooral inspelen op de marktontwikkelingen en het onderscheidende vermogen van de gemeente als toekomstige woongemeente of vestigingsplaats voor een bedrijf. Dit is daarom ook een speerpunt van het college.

Om de boekwaarde op de huidige grondexploitaties niet (verder) op te laten lopen is de gemeente terughoudend met het doen van nieuwe uitgaven. Uitgaven doen we pas als deze noodzakelijk zijn om 'inkomsten' te genereren. Waar mogelijk benutten we schaalvoordelen om werkzaamheden te clusteren. In 2020 is de boekwaarde van de meeste projecten verder afgenomen. Dit betekent dat de inkomsten uit grondverkopen hoger zijn geweest dan de uitgaven. Voor een verdere toelichting op de risico’s van de grondexploitaties zie Paragraaf Grondbeleid. De grootste risico’s op structurele tegenvallers zijn er binnen het sociaal domein. In de begroting 2021-2024 zijn deze lasten op basis van de inzichten medio 2020 zo adequaat mogelijk geraamd. Het betreft open-einden regelingen waarbij niet of nauwelijks financiële plafonds zijn in te bouwen. De afgelopen jaren laten zien dat o.a. door besluiten van het Rijk (bijvoorbeeld abonnementstarief Wmo) de lasten in een korte periode zeer snel kunnen groeien en het tempo van de groei ook steeds sneller toeneemt. Voor de Jeugdwet werken we aan een veranderprogramma dat moet leiden tot een afvlakking c.q. stabilisering van de stijging van de lasten (los van de groei van het aantal inwoners). De potentiele opbrengsten/besparingen van dit veranderprogramma zijn in de meerjarenraming verwerkt.

Risico is dat we deze besparingen uiteindelijk niet (kunnen) realiseren en er structurele tegenvallers ontstaan. De eerstvolgende actualisatie van deze risico’s op structurele tegenvallers in het meerjarenbeeld vindt zoals gebruikelijk plaats bij de begroting (2022).

89

Gemeente Lansingerland

Inventarisatie risico’s Op basis van het risicoprofiel van de gemeente Lansingerland kan worden bepaald hoeveel middelen nodig zijn om alle risico’s te kunnen opvangen. Daarbij maken we onderscheid tussen ‘incidentele risico’s’ en het risico op structurele tegenvallers. Incidentele risico’s dienen te worden afgedekt door het beschikbare weerstandsvermogen en voor het opvangen van structurele risico’s zal voldoende ‘flexibiliteit’ in de begroting aanwezig moeten zijn. Dit laatste maken we jaarlijks inzichtelijk door in de paragraaf weerstandsvermogen van de begroting een aantal scenario’s te schetsen die zich voor kunnen doen en daarbij aan te geven wat de financiële impact is op de saldi van de meerjarenbegroting. De benodigde weerstandscapaciteit voor incidentele risico’s wordt berekend op basis van een risicosimulatie. Uitgangspunt hierbij is een statistische benadering die ervan uitgaat dat nooit alle risico’s zich tegelijk én in hun maximale omvang zullen voordoen. Indien dat wel het geval is, zou op basis van de in beeld gebrachte risico’s, hiermee een bedrag gemoeid zijn van €104,3 miljoen (feitelijk het absoluut maximum aan financieel gevolg van de in beeld gebrachte risico’s).

Dit is als volgt te verdelen over de algemene dienst en de grondexploitaties: Algemene dienst €27,4 miljoen Grondexploitaties €76,9 miljoen Top 10 risico’s gemeente Lansingerland De top 10 aan risico’s zijn op basis van hun aandeel in het totaal benodigde weerstandsvermogen: Bedragen x €1.000 Nr.

Risico

Kans

Maximaal bedrag

1

Ontwikkeling Wilderszijde o.b.v. Masterplan

N.v.t.

26.000

2

Fiscale optimalisatie Westpolder wordt niet gerealiseerd.

30%

12.500

3

Niet of later verkopen incourante restkavels Oudeland

30%

6.200

4

Vraag naar bedrijventerrein Oudeland komt onder druk.

30%

3.500

5

Juridisch risico REMU

10%

10.000

6

Opbrengsten kavels Boven Berkel

50%

830

7

Lagere dekking Rijk inkomensdeel BUIG

30%

4.000

8

Juridisch geschil grondexploitatie

30%

1.000

9

Verwachte versnelling eind exploitatie Groenzoom vindt niet plaats

30%

2.000

10

Uitvoerings- en aanbestedingsrisico’s Berkel Centrum

30%

1.860

Toelichting risico's Uit het voorgaande tabel blijkt dat onze grootste risico’s betrekking hebben op de grondexploitaties, waarvan Oudeland en Wilderszijde de grootste invloed hebben. De genoemde bedragen zijn de mogelijke verdere verliezen op de grondexploitaties als de ontwikkelingen niet lopen zoals we nu inschatten op basis van de huidige marktomstandigheden. Naast bovenstaande incidentele effecten zijn er, als het risico zich voordoet, ook structurele effecten omdat schulden niet of minder snel kunnen worden afgelost. Op basis van de huidige rekenrente grondexploitaties van 1,1% betekent elke €10 miljoen verdere verlies name op de grondexploitatie een toename van de structurele rentelast op de begroting van €0,11 miljoen. Ten opzichte van het laatste P&C-document (begroting 2021) zijn een aantal risico’s uit de top 10 gemuteerd. Zo is het risico vervallen dat een perceel op Oudeland niet verworven zou kunnen worden. Dit perceel is inmiddels verworven waardoor de ontwikkeling en de bijbehorende opbrengsten worden gerealiseerd. Hierdoor komen een aantal risico’s die niet eerder in de top 10 stonden de top 10 binnen. Het maximale bedrag van risico 3 inzake Oudeland is naar beneden bijgesteld.

De afgelopen jaren is op Oudeland veel grond verkocht waardoor de nog te verkopen gronden zijn afgenomen en daarmee het bedrag waarover risico wordt gelopen als er vertraging optreedt in de uitgifte van gronden, doordat ook de rente heel laag is, is de impact als de vertraging optreedt ook nog eens veel kleiner.

90

Gemeente Lansingerland

In het eerste kwartaal 2021 werd bekend dat de aanvraag tweede tranche voor Wilderszijde niet is toegekend. Op basis van de businesscase die ten grondslag lag aan de aanvraag (gebaseerd is op het Masterplan) en rekening houdend met huidige voorziening voor het reeds in exploitatie genomen deel van Wilderszijde, past het tekort (waarbij er geen rekening is gehouden met een bijdrage van het Rijk) binnen het reeds opgenomen weerstandsvermogen van €26,0 miljoen. Bij het kans percentage staat ‘n.v.t.’ omdat we voor Wilderszijde aansluiting zoeken bij de meest recente doorrekening van het Masterplan en voor het daaruit blijkende tekort een 100% ‘reservering’ maken in de benodigde weerstandscapaciteit. De voorziening op de lopende grondexploitatie Wilderszijde valt, mede door lagere verwachte verwervingsuitgaven, lager uit. Anderzijds zijn er nog risico’s in relatie tot het nog in exploitatie te brengen gedeelte van Wilderszijde. Naast het berekende tekort op basis van het Masterplan spelen er nog aanvullende risico’s, o.a. t.a.v. de te sluiten overeenkomsten en de nadere planuitwerking. Het vrijgekomen bedrag van de verliesvoorziening van de ‘in exploitatie genomen gronden’ is daarom toegevoegd aan het voor het nog niet in exploitatie genomen deel van Wilderszijde gereserveerde bedrag in het benodigde weerstandsvermogen.

Bij het toekomstig vaststellen van het bestemmingsplan en de hieraan gerelateerde grondexploitatie treffen we t.z.t. een voorziening en actualiseren we de risico’s in de risicoparagraaf en het benodigde weerstandsvermogen. Het risico juridische procedure Remu is nog niet vervallen. Dit risico hangt samen met de verkoop van de aandelen Eneco. Zoals vermeld in het raadsvoorstel over de verkoop van Eneco is door de aandeelhouders Eneco als geheel verkocht, maar is het risico van de juridische procedure Remu bij de voormalige aandeelhouders gebleven. Het aandeel van de gemeente Lansingerland in dit risico is op basis van de huidige inzichten circa €10 miljoen. De kans op toekennen van de claim achten wij, mede door eerdere uitspraken van de Rechtbank en het Gerechtshof Amsterdam in de kwestie, zeer laag. Ten opzichte van de jaarstukken 2019 is het ‘eigen’ risico dat de gemeente loopt op de uitvoering van de Participatie (inkomensdeel) toegenomen. Van het Rijk ontvangt de gemeente hiervoor jaarlijks geld, de zogenoemde BUIG-uitkering. Indien de werkelijke lasten voor de uitkeringen hoger liggen dan geldt eerst een eigen risico, daarboven kan de gemeente een aanvraag indien voor een aanvullende uitkering. Met het oog op de mogelijke economische nasleep van Corona gaan we in de meerjarenraming uit van een stijging van de uitkeringslasten, maar ook een stijging van de BUIG-uitkering.

Mocht deze laatste ontoereikend zijn dan komt een eventueel nadeel tot de drempel voor een aanvullende uitkering ten laste van de gemeente. Het risico baseren we op elk jaar van de meerjarenraming een tekort van €1 miljoen. De kans achten we beperkt omdat we enerzijds zelf deels kunnen sturen op het aantal bijstandsgerechtigden, via re-integratie, en anderzijds het Rijk de BUIG laat meebewegen met de macro-economische situatie. Risico’s verbonden partijen De gemeente Lansingerland neemt deel in diverse gemeenschappelijke regelingen en verbonden partijen. In de paragraaf verbonden partijen van deze begroting is een overzicht hiervan opgenomen en is per partij ook inzicht gegeven in de risico’s bij de verbonden partij. Uit de grondexploitaties en risico inventarisaties die ten grondslag liggen aan de jaarrekeningen 2020 van de gemeenschappelijke regeling Hoefweg en Bleizo blijkt dat de risico’s die deze partijen lopen nog opgevangen kunnen worden binnen de eigen grondexploitaties (de grondexploitatie bevat zelf nog voldoende weerstandscapaciteit). De gemeente zelf hoeft op basis van de huidige inzichten geen weerstandscapaciteit voor Hoefweg en Bleizo aan te houden. Voor Bleizo-Oost, het deel ten oosten van de HSL, is inmiddels het bestemminsplan definitief vastgesteld.

De economische groei en vraag naar logistieke kavels in de Corridor A12 maakt dat er ruimte is voor logistieke bedrijventerreinen. Partijen in de Corridor A12 hebben hierover met elkaar afspraken gemaakt, waardoor het bestemmingsplan voor Bleizo-Oost vastgesteld kon worden. Voor Bleizo-West doen we onderzoek naar een alternatief ontwikkelprogramma. Hiervoor is een eerste stedenbouwkundige verkenning uitgevoerd. De vaststelling van het bestemmingsplan voor Bleizo-West is opgeschort totdat er meer duidelijkheid is over de uitkomsten van het onderzoek.

91

Gemeente Lansingerland

Risico’s als gevolg van Corona Het COVID-19 (Corona) virus heeft direct en indirect invloed op onze financiën. Hoe groot de financiële impact in 2021 en de daarop volgende jaren zijn is nu onmogelijk volledig te bepalen. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Om financieel de risico’s te kunnen opvangen besloot de gemeenteraad in mei 2020 om een bestemmingsreserve van €5 miljoen voor het begrotingsjaar 2020 in te stellen. Deze reserve wenden we aan om de incidentele extra lasten en incidentele gederfde inkomsten te dekken. In de managementsamenvatting van deze jaarstukken is een overzicht opgenomen van de aanwending van deze reserve. Deze aanwending hangt samen met een aantal risico’s die hieronder zijn beschreven en zich in 2020 ook hebben gemanifesteerd. De VNG stelde een aantal handreikingen beschikbaar om de risico’s in beeld te brengen. In zijn algemeenheid geldt dat de risico’s op dit moment wel kwalitatief zijn te duiden, maar nog zeer moeilijk kwantitatief. Deze eerste risico beschouwing is daarom ook vooral kwalitatief van aard en geeft de grootste financiële risico’s weer die het college op dit moment ziet. De lijst is, in willekeurige volgorde, als volgt: • Toename van het aantal bijstandsgerechtigden; als gevolg van Corona krijgt de economie en daarmee de werkgelegenheid forse klappen.

In eerste instantie vallen ‘ontslagen’ medewerkers terug op de WW. Afhankelijk van de duur van de WW valt een deel van deze personen uiteindelijk ook terug op de bijstand. Ons huidige bestand is ongeveer 600 bijstandsgerechtigden. Een stijging van dit aantal is een reëel risico. Daarom hielden we in de begrotingscijfers 2021-2024 rekening met een stijging. Risico is dat zich een nog negatiever scenario zich voordoet en de lasten nog sneller gaan stijgen. Het Rijk compenseert deze lasten (op termijn) mogelijk, maar uitgaande van de huidige systematiek voor financiering zal dat veelal met enige vertraging gaan (voordat de Rijksbijdrage om hoog gaat). De stijging van bijstandsgerechtigden betekent ook dat de ambtelijke organisatie meer inzet zal moeten plegen op participatie en rechtmatigheid en dus (tijdelijk) meer formatie nodig heeft. • Toename van het aantal schuldhulpverleningstrajecten; als gevolg van Corona krijgt de economie en daarmee de werkgelegenheid forse klappen. Ondernemers en (ontslagen) werknemers kunnen in de financiële problemen komen en te maken krijgen met (toenemende) schulden. De gemeente is verantwoordelijk voor de schuldhulpverlening. Dus een toenemend beroep betekent meer werk en meer lasten voor de gemeente. • Effecten op woningmarkt; diverse partijen voorspellen zwaar(der) weer voor de woningmarkt.

Op de korte termijn zijn de effecten nog beperkt, maar niet uit te sluiten valt dat de economische teruggang door sijpelt naar de woningmarkt. Naast economische risico is door Corona ook risico dat productieketens voor grond- en hulpstoffen voor de bouw stil vallen. Risico voor de gemeente is dat projecten vertraging oplopen of stilvallen en inkomsten later of niet binnen komen. Denk hierbij aan inkomsten uit grondverkopen en bouwleges. Op dit moment zijn daar nog geen indicaties van, of goede inschattingen van te maken, maar het college is zich wel bewust van dit risico en we monitoren dit risico nauwlettend. Het college merkt wel op dat de impact van een terugval op de huizenmarkt in financiële zin waarschijnlijk minder impact op Lansingerland zal hebben dan in de vorige crisis. De grondposities van de gemeente zijn fors kleiner, de schuldenlast lager en de rente is ook lager dan destijds. • Effecten op bedrijventerreinen; door de Corona-crisis kunnen investeerders voorzichtiger worden c.q. investeren bedrijven minder. Dit kan gevolgen hebben voor de nog uit te geven bedrijventerreinen (minder opbrengst, latere opbrengst, etc.). • Gemeentefonds; de inkomsten van de gemeente komen voor zo’n 50% uit het gemeentefonds. Het gemeentefonds volgt de ‘trap-op-trap-af’ systematiek. Als het Rijk meer uitgeeft gaat er ook meer naar de gemeenten.

Het Rijk betaalt nu het crisis maatregelen pakket. Hierdoor zal de Staatsschuld oplopen. Het risico c.q. de verwachting is dat dit op termijn Rijksbezuinigingen nodig maakt. Ook gemeenten zullen dan worden geraakt. Met welke omvang is nog onbekend. Het Rijk heeft in de meicirculaire 2020 het accres voor 2020 en 2021 bevroren. Hoe daarna met het gemeentefonds wordt omgegaan is aan een nieuw kabinet. De crisis uit 2009/2010 leerde dat in een nieuw regeerakkoord na een crisis ingrijpende maatregelen kunnen zijn opgenomen.

92

Gemeente Lansingerland

• Toename beroep op voorzieningen WMO en Jeugdwet; de Corona crisis legt op heel veel mensen ook een psychische en fysieke wissel. Met name op ouderen (eenzaamheid) en jongeren (leerlingen/scholieren). Een reëel risico is dat meer mensen uit deze doelgroepen in de problemen gaan komen en er extra hulp of ondersteuning nodig is. De gemeente is, als er geen vangnetten zijn in de eigen omgeving, verantwoordelijk voor deze hulp. Dit betekent een potentiële toename van de lasten in het sociaal domein voor de voorzieningen en ook extra formatie die hier voor nodig is. • Extra kosten a.g.v. maatregelen; de gemeente en verschillende verbonden partijen maken extra kosten a.g.v. Corona. Denk aan Veiligheid/beveiligers, voorlichting, extra kosten VRR, GGD, fysieke maatregelen gemeentehuis, etc. Deze kosten dekken we ten laste van de reserve Corona. • Minder inkomsten gemeente; op diverse onderdelen loopt de gemeente risico op minder inkomsten. Bijvoorbeeld inkomsten uit belastingen (OZB), leges, incidentele verhuur van maatschappelijke gebouwen. Eventuele mindere inkomsten in 2020 en 2021 dekken/dekten we uit de reserve Corona.

Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit betreft de middelen die de gemeente heeft of ter beschikking kan krijgen om de financiële gevolgen van risico’s op te vangen. Het uitgangspunt daarbij is dat structurele risico’s opgevangen moeten worden door structurele ‘weerstandscapaciteit’ en incidentele risico’s opgevangen worden door incidentele ‘weerstandscapaciteit’. Dit onderscheid is ook van belang met het oog op het ‘structureel evenwicht’ in de begroting en de toets van de Provincie hierop. Incidentele weerstandscapaciteit De gemeente Lansingerland rekent alleen de algemene reserve tot de incidentele weerstandscapaciteit. De overige reserves rekenen wij niet tot de beschikbare weerstandscapaciteit. Dit zijn de bestemmingsreserves en de stille reserves. Bestemmingsreserves worden niet meegenomen, omdat hier al een bestemming aan is toegekend. Stille reserves (ontstaan wanneer de boekwaarde van de activa lager is dan de verkoopwaarde) worden niet meegenomen, omdat deze pas geïncasseerd kunnen worden als de activa verkocht wordt. Echter, als er expliciete besluiten worden genomen om stille reserves te gelden te maken, dan worden deze toegevoegd aan de weerstandscapaciteit. Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit betreft de flexibiliteit die er in de begroting is.

Dit betreft de mate waarin lasten verder zijn terug te brengen (door bezuinigingen), inkomsten te verhogen en de inzet van de post onvoorzien. Zodoende bestaat structurele weerstandscapaciteit uit: • Onbenutte belastingcapaciteit; • Post onvoorzien; • Bezuinigingspotentieel lastenniveau tot wettelijke taken. De onbenutte belastingcapaciteit is in theorie niet gemaximeerd. Er zijn geen maximum tarieven voor de OZB. Wel zijn er landelijk afspraken over de maximale jaarlijkse stijging van de OZB (macro-norm) en geldt voor het doen van een aanvraag tot artikel 12 dat de OZB boven de drempelpercentages ligt (gebaseerd op 120% van het landelijk gemiddelde OZB-percentage). De post onvoorzien bedroeg in de begroting 2018-2021 nog structureel €250.000. Op grond van de financiële verordening 2017 bepaalt het college jaarlijks opnieuw de omvang van de post onvoorzien en motiveert de omvang in de begroting. Voor de begroting 2019-2022 zag het college aanleiding de hoogte van de post onvoorzien naar €100.000 bij te stellen. Aangezien de post onvoorzien nauwelijks wordt aangesproken stelde het college voor in de begroting 2021 de post verder te verlagen naar €50.000. Ten behoeve van de kadernota 2015 is het bezuinigingspotentieel in beeld gebracht indien de gemeente alleen de wettelijke taken zou uitvoeren en op taken met een inspanningsverplichting het minimale zou doen.

In dat geval zou de gemeente nog enkele miljoenen kunnen bezuinigen. Dit zou dan wel gepaard gaan met veel maatschappelijke onrust en de bezuinigingen zijn veelal niet direct in het eerstvolgende begrotingsjaar in te voeren. De flexibiliteit op dit punt is beperkt.

93

Gemeente Lansingerland

Risicobuffer in grondexploitaties en projecten In de grondexploitaties en kredieten is meestal ook een post ‘onvoorzien’ opgenomen. Binnen de grondexploitaties en projecten zelf is dus ook enige mate van weerstandscapaciteit aanwezig. Bij het bepalen van het weerstandsvermogen op gemeenteniveau houden we geen rekening met deze posten ‘onvoorzien’.

Benodigde weerstandscapaciteit De grootte van risico’s zijn na identificatie ingeschat middels het benoemen van een kans en een gevolg (kwantificering). Op basis van de ingevoerde risico’s is de risicosimulatie uitgevoerd. Op basis van deze simulatie kan (met een zekerheidspercentage van 90%) gesteld worden dat alle risico’s kunnen worden afgedekt met een bedrag van €47,9 miljoen. De benodigde weerstandscapaciteit is als volgt te verdelen: Algemene dienst €4,3 miljoen Grondexploitaties €43,6 miljoen De Rekenkamer Lansingerland gaat als ‘benchmark’ voor de risico’s op grondexploitaties uit van een benodigde weerstandscapaciteit van 10% van de boekwaarde van de grondexploitaties in exploitatie en 10% van de nog te realiseren opbrengsten. Op basis van de jaarrekening 2020 en de onderliggende grondexploitaties is dan €46,7 miljoen nodig voor de gemeentelijke grondexploitaties (inclusief Wilderszijde niet in exploitatie genomen deel). Voor Hoefweg is dit € 1,9 miljoen en voor Bleizo € 6,1 miljoen. Totaal dus circa € 54,7 miljoen. Deze berekeningswijze van de Rekenkamer is sterk genormeerd en houdt geen rekening met de specifieke omstandigheden. Enige afwijking tussen deze berekening en de eigen berekening is dus logisch. De eigen berekening van circa € 43,6 miljoen is circa € 11,1 miljoen lager dan de € 54,7 miljoen op basis van de methode Rekenkamer.

De afwijking zit voor € 8,0 miljoen in het feit dat op basis van ons eigen risicobeleid we geen weerstandsvermogen hoeven aan te houden voor Hoefweg en Bleizo (de risico’s van Hoefweg en Bleizo zijn nog op te vangen binnen de verwachte positieve resultaten van deze grondexploitaties, als de risico’s optreden wordt het resultaat lager, maar blijven de grondexploitaties wel positief). Voor de gemeentelijke grondexploitaties (inclusief Wilderszijde nog in exploitatie te nemen deel) is op basis van de methode Rekenkamer €46,7 miljoen nodig. In de benodigde weerstandscapaciteit is dit €43,6 miljoen (en dus iets lager dan berekend door de Rekenkamer, maar geen grote afwijking). Op basis hiervan is er geen reden het risicoprofiel van de gemeente bij te stellen voor de bepaling van het weerstandsvermogen.

94

Gemeente Lansingerland

Beoordeling weerstandsvermogen De beschikbare weerstandscapaciteit van Gemeente Lansingerland bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. Bedragen x €1.000 Weerstandsvermogen

Voorstel resultaatbestemming 2020

Reserves onderdeel weerstandsvermogen

Stand algemene reserve per 31 december 2020 voor resultaat 2020

75.844

Weerstandsvermogen voor resultaatbestemming

75.844

Resultaatbestemming 2020: Herstelwerkzaamheden schoolgebouwen

-100

Onderzoek duurzaamheid bestaande schoolgebouwen

-35

Overhevelen ontvangen gelden coronacompensatie Sociaal Domein

-41

Overhevelen ontvangen gelden Veilig thuis Instellen reserve kapitaallasten klapwijkseweg

-117 -1.800

Opstellen economisch beleid

-100

Instellen reserve herstelwerkzaamheden straatwerk

-750

Positief resultaat 2020 Subtotaal

4.472 -2.943

4.472

Totale weerstandscapaciteit ultimo 2020

77.373

Benodigde weerstandscapaciteit

47.900

Ratio weerstandsvermogen

1,6

Het weerstandsvermogen geeft aan of de gemeente in staat is om financiële tegenvallers op te vangen zonder de noodzaak om direct te bezuinigen en/of de lokale lasten te verhogen. Met een ratio weerstandsvermogen van 1,6 (2019: 1,5) is Lansingerland hier ruimschoots toe in staat. De ratio ligt hiermee binnen de bandbreedte van de door de Raad gewenste marge ‘ruim voldoende’ (tussen de 1,4 en 2,0) en beweegt zich richting de doelstelling van 1,7 zoals opgenomen in de nota Reserves en voorzieningen 2020.

Prognose ontwikkeling weerstandsvermogen en (risico) Vennootschapsbelasting In de begroting 2021 is de meest recente prognose van de ontwikkeling van het weerstandsvermogen opgenomen. Het eerstvolgende moment voor actualisatie van de prognose van het weerstandsvermogen is de begroting 2022. Met ingang van 2016 is de gemeente voor haar ondernemersactiviteiten belastingplichtig voor de Vennootschapsbelasting (Vpb). Op basis van een analyse van o.a. PWC gaan we er vooralsnog vanuit dat Lansingerland voor het grondbedrijf (nog) niet door de ondernemingspoort gaat en daardoor geen Vpb hoeft te gaan betalen. Mocht dit wel het geval zijn, dan wordt de jaarlijkse belastinglast geschat op circa €0,5 miljoen per jaar.

95

Gemeente Lansingerland

Financiële kengetallen Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De netto schuldquote (en de quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) is sterk afgenomen t.o.v. de jaarstukken 2019 en de begroting 2020. Dit komt door de verkoop van de aandelen Eneco. De bij de verkoop ontvangen middelen zijn uitgezet bij de Rijks schatkist (onder E. Uitzetting). Daarnaast is de verkoopopbrengst een bate in 2020 waardoor deze incidenteel veel hoger zijn in 2020 dan 2019 (en 2021 en verder). De schuldquote zal naar verwachting in 2021 dus weer iets hoger zijn dan bij de jaarrekening 2020, maar naar verwachting wel onder de 90% en daarmee in de minst risicovolle categorie van de Provincie Zuid-Holland. Bedragen x €1.000 Netto schuldquote

Jaarrekening 2019

Begroting 2020

Jaarrekening 2020

A Vaste schulden (cf. art. 46 BBV)

183.713

156.367

156.368

B Netto vlottende schuld (cf. art. 48 BBV)

20.005

23.544

7.743

C Overlopende passiva (cf. art. 49 BBV)

18.487

17.003

22.723

D Financiële activa (cf. art. 36 lid d, e en f)

376

376

376

E Uitzetting < 1 jaar (cf. art. 39 BBV)

34.495

12.000

138.992

F Liquide middelen (cf. art. 40 BBV)

1.004

0

1.010

G Overlopende activa (cf. art. 49 BBV)

2.366

3.000

6.144

H Totale baten cf. art. 17 lid c BBV)

184.848

149.511

318.093

100%

121%

13%

Netto schuldquote ((A+B+C-D-E-F-G)/H) x 100%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden te berekenen. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dat betekent voor de schuldenlast. Bij beide berekeningen worden bij de financiële activa de verstrekte leningen opgenomen. Bedragen x €1.000 Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

Jaarrekening 2019

Begroting 2020

Jaarrekening 2020

A Vaste schulden (cf. art. 46 BBV)

183.713

156.367

156.368

B Netto vlottende schuld (cf. art. 48 BBV)

20.005

23.544

7.743

C Overlopende passiva (cf. art. 49 BBV)

18.487

17.003

22.723

D Financiële activa (cf. art. 36 lid d, e en f)

3.950

3.778

3.790

E Uitzetting < 1 jaar (cf. art. 39 BBV)

34.495

12.000

138.992

F Liquide middelen (cf. art. 40 BBV)

1.004

0

1.010

G Overlopende activa (cf. art. 49 BBV)

2.366

3.000

6.144

H Totale baten cf. art. 17 lid c BBV)

184.848

149.511

318.093

98%

119%

12%

Netto schuldquote ((A+B+C-D-E-F-G)/H) x 100%

96

Gemeente Lansingerland

Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De solvabiliteit is in 2020 ten opzichte van 2019 en begroting 2020 fors gestegen. Dit komt door de verkoop van de aandelen Eneco. Door de verkoop is een boekwinst van ruim €135 miljoen gerealiseerd die is toegevoegd aan een bestemmingsreserve en daarmee onderdeel van het eigen vermogen. De solvabiliteit valt hiervoor eind 2020 in de minst risicovolle categorie. Door de inzet van reserves neemt het eigen vermogen de komende jaren wel af. Bedragen x €1.000 Solvabiliteit

Jaarrekening 2019

Begroting 2020

Jaarrekening 2020

A Eigen vermogen (cf. art. 42 BBV)

113.763

105.759

256.420

B Balanstotaal

362.686

323.208

469.211

31%

33%

55%

Solvabiliteit (A/B) x 100%

Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft het structurele en reële evenwicht van de begroting weer. Thans wordt er onderscheid gemaakt tussen de structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaren voordoen. Voorbeelden van structurele baten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld de personeelslasten, kapitaallasten en bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De jaarrekening 2020 heeft een overschot, maar dit overschot is voornamelijk incidenteel van aard. Structureel is er sprake van een (klein) tekort. Met name de stijgende lasten voor de WMO leiden er toe dat de structurele lasten toenemen. Bedragen x €1.000 Structurele exploitatieruimte

Jaarrekening 2019

Begroting 2020

Jaarrekening 2020

A Totaal structurele lasten

119.045

123.930

153.846

B Totaal structurele baten

116.668

122.756

152.628

C Totaal structurele toevoegingen aan reserves

2.531

745

733

D Totaal structurele onttrekkingen aan reserves

2.208

2.564

1.934

184.848

149.511

318.093

-1,5%

0%

0%

E Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV) Structurele exploitatieruimte ((B-A)+D-C))/E

Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden De belastingcapaciteit van de gemeente geeft de belastingdruk voor een gezin bij een gemiddelde WOZ-waarde ten opzichte van het landelijk gemiddelde (t-1) weer. Een percentage > 100% geeft weer dat de belastingdruk van de gemeente hoger is dan het landelijk gemiddelde. Bedragen x €1,Woonlasten t.o.v. landelijke gemiddelde jaar ervoor

Jaarrekening 2019 Begroting 2020 Jaarrekening 2020

A OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

317,22

366,00

311,93

B Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

241,08

249,35

249,35

C Afvalstoffenheffing voor een gezin

240,48

290,49

290,49

0,00

0,00

0,00

E Totale woonlasten gezin bij gemiddelde WOZ-waarde (A+B+C-D)

857,06

905,84

851,77

F Woonlasten landelijke gemiddelde voor gezin in t-1

760,00

749,02

760,00

Woonlasten t.o.v. landelijke gemiddelde jaar ervoor (E/F) x 100%

113%

121%

112%

D Eventuele heffingskorting

97

Gemeente Lansingerland

Grondexploitatie Dit kengetal geeft een indicatie van risico's van de boekwaarde van de bouwgronden op de totale baten van de gemeente. De boekwaarde van de bouwgronden moet terugverdiend worden via de totale baten. Het betreft de verhouding tussen de boekwaarde van de bouwgronden en de totale baten. > 100% betekent dat de boekwaarde hoger is dan de totale baten in enig jaar. Dit betekent een verhoogd risico voor de gemeente. Ten opzichte van de jaarstukken 2019 is het geïnvesteerde vermogen in de grondexploitaties verder afgenomen. Het kengetal wordt in 2020 incidenteel positief beïnvloed door de bate uit de verkoop van de aandelen Eneco. Zonder deze incidentele bate zou het kengetal meer in lijn zijn met 2019 en de begroting 2020. En daarmee qua signaalwaarde van de Provincie in de categorie ‘risicovol’. Bedragen x €1.000 Grondexploitatie

Jaarrekening 2019

Begroting 2020

Jaarrekening 2020

A Bouwgronden in exploitatie (cf. art. 38 lid b BBV)

101.796

71.011

92.813

B Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV)

184.848

149.511

318.093

Grondexploitatie ((A+B)/C) x 100%

55%

47%

29%

Beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie Door de Provincie zijn een aantal signaleringswaarden geformuleerd voor de kengetallen. Samengevat ziet het beeld voor Lansingerland er op basis van de begroting 2019 als volgt uit: Categorie A: minst risicovol

Categorie B: neutraal

Categorie C: meest risicovol

a. zonder correctie doorgeleende gelden

< 90%

90-130%

> 130%

b. met correctie doorgeleende gelden

< 90%

90-130%

> 130%

2. Solvabiliteitsratio

> 50%

20-50%

< 20%

3. Grondexploitatie

< 20%

20-35%

> 35%

Begr > 0%

Begr = 0%

Begr < 0%

< 95%

95-105%

> 105%

Jaarrekening 2019

Begroting 2020

Jaarrekening 2020

a. zonder correctie doorgeleende gelden

100%

121%

13%

b. met correctie doorgeleende gelden

98%

119%

12%

2. Solvabiliteitsratio

31%

33%

55%

3. Grondexploitatie

55%

47%

29%

1. Netto schuldquote

4. Structurele exploitatieruimte 5. Belastingcapaciteit Kengetal 1. Netto schuldquote

4. Structurele exploitatieruimte

-15%

0%

0%

5. Belastingcapaciteit

108%

112%

102%

98

Gemeente Lansingerland

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Algemeen Een groot deel van het gemeentelijk vermogen is geïnvesteerd in kapitaalgoederen. Deze kapitaalgoederen zijn van groot belang voor het functioneren van onze gemeente, onder andere op het gebied van leefbaarheid, veiligheid, verkeer, vervoer en recreatie. In onderstaande tabel geven we de kerncijfers weer van de belangrijkste kapitaalgoederen conform het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Bedragen x €1,Kapitaalgoederen

Areaal

m2/st

Vervangingswaarde

Groen - algemeen

3.000.000

m2

22.750.000

23.000

stuks

Wegen

3.300.000

m2

180.000.000

Riolering

557.000

m2

260.000.000

2.219

stuks

125.000.000

63

stuks

150.000.000

Groen - bomen

Civiele kunstwerken Gebouwen Totale vervangingswaarde

737.750.000

Het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen is gebaseerd op door de raad vastgestelde beheerplannen. In de beheerplannen is opgenomen op welke wijze het onderhoud, zowel regulier als periodiek, plaatsvindt. Voor alle beheerplannen geldt dat het vastgestelde onderhoudskwaliteitsniveau minimaal B is. Voor onderdelen onkruidbestrijding, zwerfvuil, vegen en maaien voor de woonkernen op onderhoudsniveau A. Het Integraal Beheerplan (IBP) Openbare ruimte 2017-2024 zorgt ervoor dat we het beheer zo integraal mogelijk aanpakken. Op deze manier zorgen we voor een zo hoog mogelijke kwaliteit en werken we efficiënt. In onderstaande tabel is een overzicht van de beheerplannen opgenomen. Omschrijving Beheerplan

Vastgesteld door de raad

Frequentie Actualisatie

Actualisatie Financiële Achterstallig vertaling in de onderhoud begroting

Reserves en Voorzieningen

Integraal Beheerplan 27 oktober Openbare Ruimte 2016 2017-2024

4 jaar. In 2018 verwerkten we eenmalig eerder genomen besluiten.

2020

Ja

nee

Reserve baggeren

Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025

5 jaar

2020

Ja

Deels, zie toelichting Riolering.

Voorziening Riolering

2019

Ja

Nee

Reserve GO Gemeentelijke gebouwen

26 november 2020

Beheerplan 27 oktober Gebouwen 2017-2024 2016

Groen De vooraf gestelde doelen voor 2020 zijn behaald. We verrichtten jaarlijks terugkerend onderhoud, voerden inspecties uit en vervingen groen waar dat noodzakelijk was. Daarbij hanteerden we een duurzame aanpak. Voorbeelden daarvan zijn de toepassing van social return, het toepassen van klimaatbestendige maatregelen en de verbetering van ecologisch maaibeheer. In 2020 zetten we extra in op klimaatadaptatie, biodiversiteit en participatie. In het door het Rijk vastgestelde Deltaplan Klimaatadaptatie werd gemeenten gevraagd passende maatregelen te nemen. Wij stimuleerden met de publiekscampagne ‘Tuin van de Toekomst’ om versteende ruimte van particulieren te vergroenen. Bij realisatie van nieuw openbaar groen zijn er specifieke keuzes gemaakt en dragen we als gemeente bij aan een hogere biodiversiteit en houden we rekening met klimaatadaptatie. Ons groenbeheer is zo vormgegeven dat het de biodiversiteit ten goede komt. 99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=a92aaa7c-74d9-4b43-bd29-d4f152381405