CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[I25.15491] 1e Halfjaarnota 2025

Commissie Algemeen Bestuur 8 oktober 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Zienswijzen Halfjaarnota VRR 2025 incl. 3e begrotingswijziging 2025 en 1e begrotingswijziging 202623.074 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Daarnaast worden gemeentelijke taken, zodat er een betere scenario’s uitgewerkt in het kader van de regionale samenwerking en coördinatie is, structurele capaciteit voor een robuustere meer hybride organisatievorm bevolkingszorgtaken. Er is een uitgebreid opleidingstraject uitgerold. Daarnaast is er een staat, er een sterkere kolom bevolkingszorg is en een duidelijkere positie en proces concept regionaal beleidsplan communicatie crisiscommunicatie is. opgesteld en een hand-out communicatiemiddelen voor gemeenten.

1.4.9

Programma Versterken weerbaarheid van de samenleving

Algemeen

Er is de afgelopen jaren steeds meer aandacht voor maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht bij crises en rampen. Militaire en hybride dreigingen, uitval van vitale processen en de effecten van klimaatverandering onderstrepen de urgentie hiervan. Onder een weerbare samenleving verstaan we een maatschappij waarin overheid, publieke en private partners, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen en inwoners zoveel mogelijk voorbereid zijn op maatschappelijke ontwrichting en het vermogen hebben deze te weerstaan, op te vangen en ervan te herstellen. Op dit thema lopen zowel landelijk als regionaal al veel initiatieven, maar de samenhang kan hierin beter. Dit vraagt om een goede rolverdeling tussen gemeenten, veiligheidsregio’s en het Rijk en een brede weerbaarheidsaanpak gericht op verschillende typen dreigingen. Met dit programma beoogt de VRR om haar netwerkpartners en inwoners beter voor te bereiden en uit te rusten om bedreigingen het hoofd te bieden en snel te kunnen herstellen na een calamiteit of crisis. Onderdelen van het programma zijn bijvoorbeeld: - Een uitwerking van de rolverdeling en verantwoordelijkheden van netwerkpartners - Resilience-pilots op wijkniveau in enkele gemeenten - Minimaal twee VRR-locaties inrichten als steunpunt/toevluchtsoord - Overige initiatieven ter stimulering van een weerbare samenleving.

Halfjaarnota 2025

27

Wat willen we bereiken? Invulling geven aan de gezamenlijke opgave van gemeenten, de veiligheidsregio en netwerkpartners tot het versterken van de weerbaarheid van de samenleving Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025

Opstellen en uitvoering geven aan het programmaplan in lijn met de bestuurlijke opdracht van het Veiligheidsberaad en de Landelijke Agenda Crisisbeheersing. Er zal gestart worden met "resilience-pilots” op wijkniveau en het inrichten van minimaal twee VRR locaties als steunpunt/toevluchts­ Oord. Daarnaast zullen overige initiatieventer stimulering van een weerbare samenleving worden uitgewerkt.

Het programmaplan Weerbaarheid wordt in samenwerking met de Veiligheidsregio ZuidHolland Zuid opgesteld. De kick-off zal in september plaatsvinden. Het eerste coördinerend noodsteunpunt wordt in september geopend. Ook wordt er gewerkt aan een bedrijfscontinuïteitsplan voor de interne weerbaarheid. Daarnaast wordt samen met partners in de vorm van een planningsstaf voorbereid op een acute situatie.

Wat mag het programma Risico- en Crisisbeheersing en GHOR kosten? Hieronder vindt u de totale kosten voor het programma Risico- en Crisisbeheersing en GHOR. Een uitgebreide toelichting vindt u in hoofdstuk 3. Risico- en crisisbeheersing ( x š 1.000)

Realisatie tot en met 30-6

2e BW 2025

Wijzigingen

3e BW 2025

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

Totaal lasten

7.567

16.241

-585

15.656

14.589

1.725

16.314

Totaal baten

8.558

18.421

244

18.665

16.853

-1.345

15.509

991

2.180

829

3.009

2.265

-3.070

-805

Saldo van de baten en lasten

Halfjaarnota 2025

28

2 Paragrafen 2.1 Bedrijfsvoering Onder invloed van ontwikkelingen in de samenleving zoals de klimaatverandering, de energietransitie en de onrust in de wereld, veranderen de risico’s in onze regio’s. Dit kan leiden tot (on)gekende crises die geen rekening houden met onze regiogrenzen. Veiligheidsregio’s hebben elkaar dus nodig om zich voor te bereiden op deze veranderingen. Naast de veranderende risico’s in onze omgeving zijn er ook zorgen over de continuïteit van onze organisatie, zoals door krapte op de arbeidsmarkt. Aanleiding genoeg om de samenwerking met Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid te verstevigen. De samenwerking zal zich vooral richten op de onderwerpen weerbaarheid, Artificiële Intelligentie, Piketorganisaties, HRM-processen, opleiden brandweerpersoneel en inkoop. Op de gebieden van inkoop en HRM lopen ook landelijk samenwerkingstrajecten. Denk hierbij aan gezamenlijk inkopen en het beleid rondom PTSS. 2.1.1. Wendbare organisatie

Om de doelen uit het beleidsplan de komende jaren te behalen, zal op het gebied van bedrijfsvoering voor een goede ondersteuning gezorgd moeten worden. De wendbaarheid die we van de organisatie vragen, heeft zijn weerslag op het type personeel dat hiervoor nodig is. De vraagstukken op het gebied van o.a. piket, vakbekwaamheid, het Veiligheid Informatie Knooppunt , het aantrekken van medewerkers voor de Brandweer en van verpleegkundigen voor de Ambulancezorg vragen om een meer strategische personeelsplanning. Het personeel dat de VRR hiervoor nodig heeft, is deskundig, benaderbaar, verbindend en onderscheidend. Continue deskundigheidsbevordering moedigt medewerkers hierbij aan om hun prestatie continu aan te passen en te verbeteren. Daarnaast is het belangrijk om als organisatie midden in de maatschappij te staan. De regio Rotterdam-Rijnmond kenmerkt zich door een hoge diversiteit aan culturen, kennis en ervaringen, maar ook zienswijzen. Deze diversiteit willen wij als VRR omarmen, omdat deze verschillen juist bijdragen aan de kwaliteit van onze dienstverlening. Om de wendbare organisatie te bereiken, wordt ingezet op de volgende drie pijlers: 1. 2. 3.

Aantrekkelijk en goed werkgeverschap Leren en ontwikkelen Diversiteit

Wat willen we bereiken? (Wendbare organisatie) De VRR is een wendbare organisatie: zij kan gemakkelijk schakelen tussen het dagelijks werk en de vraagstukken van de toekomst. De VRR geeft talent de ruimte en stimuleert ontwikkeling in een steeds veranderende omgeving. Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

De VRR profileren als een zichtbare, herkenbare, aantrekkelijke en inclusieve werkgever op de externe arbeidsmarkt.

Halfjaarnota 2025

Wat hebben wij al bereikt in 2025 In het eerste half jaar heeft de focus gelegen op het nog gerichter inzetten van sociale media. In 2024 is het werkgeversmerk opgesteld. In de tweede helft van 2025 wordt onderzocht hoe er effectieve product-markt combinaties kunnen worden gemaakt. Daarnaast wordt er een koppeling gezocht met landelijke initiatieven.

29

Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Wat hebben wij al bereikt in 2025 In de eerste helft van 2025 zijn verdere stappen gezet in het stimuleren van de ontwikkeling van de medewerkers. Het leiderschapsprogramma is dusdanig ontwikkeld dat het organisatie overstijgend en cultuurdragend leiderschap stimuleert. Hiermee is een stevige basis gelegd voor de continue ontwikkeling van onze leiding­ gevenden en in het verlengde hiervan de vitaliteit en duurzame inzetbaarheid van alle medewerkers.

Aanmoedigen van medewerkers om zich blijvend te ontwikkelen door aandacht voor opleiden, werkplekleren, vitaliteit en duurzame inzetbaarheid.

Ook Door010 wordt ingezet om te zorgen voor een duurzamere inzetbaarheid en persoonlijke ontwikkeling van medewerkers. Bij de nieuwe aanbesteding voor arbodienstverlening zijn eisen gesteld die aansluiten bij de huidige aanpak rondom verzuim. Vanuit het beleidsplan PTSS/mentale overbelasting zijn de Mental Check Up gesprekken volledig ingevoerd. Daarnaast zijn in de eerste helft van 2025 de vruchten geplukt van de jarenlange voorlopersrol op het gebied van PTSS door middel van het akkoord op de landelijke PTSS regeling.

Diversiteit en inclusie krijgen consequent Aandacht voor diversiteit en inclusie binnen de aandacht. Dit gebeurt op meerdere vlakken en is vooral zichtbaar bij recruitment en het organisatie leiderschapsprogramma.

Halfjaarnota 2025

30

Vitaliteit:

Toelichting

In het eerste halfjaar is een proces ingericht waardoor een betere analyse en versnelde begeleiding van dreigend langdurig ziekteverzuim mogelijk wordt. Dit zal in het komende halfjaar verfijnd worden. Vanaf 2026 kan gerapporteerd worden op de voortgang en effecten. Dit zorgt voor een verbeterde mogelijkheid om te kunnen sturen ten aanzien van het ziekteverzuim. Agressiemeldingen

Aantal meldingen 1 e halfjaar Aantal melding van agressiviteit tegen medewekers Waarvan bij de ambulancedienst Waarvan bij de brandweer

2021

2022

2023

2024

2025

30

37

32

45

43

25 5

35 2

32 0

44 1

38 5

Ten opzichte van 2024 is er niet langer een duidelijke stijging te zien. De incidenten bestaan vooral uit een combinatie van fysiek en verbaal geweld. Wat opvalt bij de incidenten is, dat er dit jaar meerdere keren sprake is geweest van bijt-incidenten, waarbij patiënten onder invloed van alcohol en drugs ambulancemedewerkers hebben gebeten. Deze incidenten hebben grote impact op de medewerkers gelet op gezondheidsrisico’s door besmettingen, zoals hepatitis, HIV etc. De betreffende medewerkers hebben dan ook bloedonderzoek laten doen en medicijnen gekregen om infectierisico’s te beteugelen. Het lijkt erop, dat de locaties waar agressie en geweld plaats aan het verschuiven is. De verhouding tussen thuissituatie en buitenshuis is gewijzigd. Er wordt onderzocht waar dit door veroorzaakt wordt. Gekeken wordt of er een toename is van het aantal dak- en thuislozen en/of een toename van personen die “onbegrepen gedrag” vertonen.

Halfjaarnota 2025

31

2.1.2. Doorontwikkeling informatievoorziening en informatiebeveiliging

Om de crisis van de toekomst te kunnen beheersen is beschikbaarheid van de juiste informatie cruciaal. Goede informatievoorziening zorgt ervoor dat de medewerkers van de VRR hun werk effectiever en veiliger kunnen doen. De VRR beschikt op dit moment deels over de benodigde technische voorzieningen om haar hulpverleners van informatie te kunnen voorzien. De manier waarop dit nu is ingericht, is echter nog te weinig professioneel om hierop te kunnen vertrouwen. De huidige voorzieningen zijn heel kwetsbaar terwijl de hulpverleners op straat afhankelijk zijn van deze voorzieningen om effectief en veilig hun werk te kunnen doen. Hiernaast is er ook een grote informatiebehoefte bij bestuurders, burgers en de pers. Zowel real-time tijdens een incident of crisis om de juiste besluiten te kunnen nemen, als na afloop om verantwoording af te leggen. Informatieanalyse is hard nodig om de incidenten van de toekomst het hoofd te kunnen bieden. Om in deze behoeftes te voorzien, gaan wij stappen zetten in de informatie-huishouding van de VRR. Er zal in de komende jaren geïnvesteerd worden in zowel ICT-ers, functioneel beheerders en professionele technische voorzieningen. Daarnaast gaan wij goede informatiebeveiliging realiseren.

Wat willen we bereiken? (Doorontwikkeling informatievoorziening en informatiebeveiliging) De VRR voorziet haar medewerkers van de juiste informatie en tools om hun werk effectief en veilig te kunnen doen en zorgt voor adequate informatiebeveiliging. Wat gaan we hiervoor doen in 2025? ICT ondersteuning 24/7 beschikbaar onder meer door een SOC (alarmering op mogelijke dreigingen, zodat je je beveiliging kan verhogen) en een CERT (een crisisteam in geval van een cybercrisis) paraat te hebben. Uitvoering geven aan de visie op operationele informatievoorziening.

Halfjaarnota 2025

Wat hebben wij al bereikt in 2025 Het CERT is gereed en werkend. Er is een SOC paraat gedurende kantoortijden. Voor een 24/7 beschikbaar hebben van een SOC gaan wij aansluiten bij het landelijke initiatief. Met name vanuit landelijke initiatieven zoals KCR2 , IGV en het VIK krijgt de visie steeds meer vorm. De visie en de invulling daarvan wordt zoveel als mogelijk door de VRR gevolgd.

32

2.1.3. Duurzaamheid

Zowel nationaal als internationaal zijn afspraken gemaakt op het gebied van duurzaamheid. Ook de VRR heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. Dit blijkt onder andere uit het de ondertekening van het manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen. Deze ondertekening houdt in dat de VRR naast de inkoopsprijs ook nadrukkelijk ook heeft voor de effecten van inkoop op de omgeving (klimaat, milieu, grondstoffen) en sociale aspecten. De VRR-brede duurzaamheidsambitie is om een klimaat neutrale en circulaire organisatie te zijn in 2040. De komende jaren werkt de VRR aan drie aandachtspunten, te weten mens, klimaatbewust en circulair. Met deze aandachtspunten wil de VRR duurzaamheid onderdeel maken van ons DNA en het handelen van de VRR.

Wat willen we bereiken? (Duurzaamheid) De VRR wil dat in 2027 duurzaamheid onderdeel is van ons DNA en ons handelen en in 2040 wil de VRR een inclusieve, circulair en klimaat neutrale organisatie zijn. Wat gaan we hiervoor doen in 2025?

Inbedden van "duurzaamheidsdenken" in de organisatie en uitvoering geven aan ons programma

Halfjaarnota 2025

Wat hebben wij al bereikt in 2025 De implementatie van de laadpalen is in volle gang. De helft van de 52 laadpalen is inmiddels geplaatst. Daarnaast zijn op dit moment 16 dieselvoertuigen vervangen door elektrische voertuigen. Om die duurzaamheidstransitie te versnellen zijn er op basis van wetenschappelijk onderzoek 44 interventies vastgesteld. Uit een eerste meting blijkt dat het voor bijna 200Zo van de respondenten steeds duidelijker wordt, hoe zij vanuit hun functie bij kunnen dragen aan de verduurzaming.

33

2.2

Openbaarheidsparagraaf

De Wet open overheid (Woo) zal de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervangen. Het doel van de Woo is een meer transparante en actief openbaar makende overheid. Veel meer dan de Wob verplicht de Woo tot het actief, uit eigen beweging, openbaar maken van documenten. Daarnaast is er de verplichting tot het op orde brengen van de informatiehuishouding van het bestuursorgaan Wat willen we bereiken? (Openbaarheidsparagraaf í WOO) Voldoen aan de Woo Wat gaan we hiervoor doen in 2025? Implementeren plan informatiehuishouding (e­ mail, tekstberichten, informatiebeheer en archivering op orde brengen)

Woo-verzoeken Aantal ontvangen woo-verzoeken Aantal openbaar gemaakte documenten Aantal ontvangen zienswijze verzoeken Aantal geen bezwaar openbaar making n.a.v. zienwijze verzoeken

Wat hebben wij al bereikt in 2025 In de afgelopen periode is voornamelijk ingezet op de implementatie van het classificeren van data. Dit is één van de zaken die in het kader van BIO dienen te gebeuren en bijdragen aan deugdelijk informatiebeheer.

t/m juni 2023 1

t/m juni 2024 t/m juni 2025 3 3

6

5

9

6

5

4*

* In 5 gevallen waren er nog persoonsgegevens te zien in de documenten. Die zijn voor openbaarmaking alsnog weggelakt.

Halfjaarnota 2025

34

2.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicomanagement Het doel van risicomanagement is structureel bij te dragen aan het in control zijn van de VRR. De doelstellingen en de kaders van risicomanagement zijn beschreven in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement (vastgesteld door AB 11 december 2024). In de Auditcommissie is afgesproken om de risicoanalyse daar waar mogelijk op te splitsen naar de 3 grootste stakeholders van de organisatie. De stakeholders zijn op basis van de financiering van de veiligheidsregio bepaald en dat zijn de gemeenten, zorgverzekeraars en het Rijk (bij specifieke uitkeringen). Per stakeholder wordt dan de benodigde weerstandscapaciteit bepaald op basis van de risico’s die kunnen optreden. Door deze af te zetten tegen de beschikbare weerstandscapaciteit per stakeholder kan de weerstandsratio per stakeholder worden bepaald. Het scheiden van de risico's is niet altijd mogelijk. In het geval dat splitsen niet mogelijk is zijn de risico's opgenomen bij de stakeholder gemeente. 2.3.1 Benodigde weerstandscapaciteit per stakeholder

De benodigde weerstandscapaciteit is gebaseerd op de risico’s die kunnen optreden in de periode 2025 tot en met 2029. Deze risico’s zijn opgenomen in onderstaande tabel. Risico s = structureel i = incidenteel Risico's stakeholder gemeenten

Duurzame piketorganisatie Vakbekwaamheid Claims van onverzekerbare risico's Personele capaciteit brandweer Bouwsteen verplichtend karakter Niet of beperkt verzekerbare schade Fiscale risico's Ontwikkeling GHOR Aanwijzing aanbieder vitale processen

1 s s s s s s s s s

Totaal Risico's stakeholder gemeenten

Raming

Raming

Raming

Raming

Raming

2025

2026

2027

2028

2029

-

-

-

-

115 511 PM

PM 532 467 100 750

PM

PM 532 3.400 467 100 750

PM

PM 532 3.400 467 100 750

PM

PM 532 3.400 467 100 750

PM

532 3.400 467 100 750 PM

2.474

5.249

5.249

5.249

5.249

233 100

400 233 100

400 233 100

400 233 100

400 233 100

333

733

733

733

733

50

50 140

50 140

50 140

50 140

Risico's Stakeholder Zorgverzekeraar

Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Niet of beperkt verzekerbare schade Fiscale risico's

s s s

Totaal Risico's stakeholder zorgverzekeraar Risico's Stakeholder Rijk

Fiscale risico's Alarmering bevolking Totaal Risico's stakeholder Rijk Totaalbedrag bruto risico's (bedrag x C1.000)

s s

u

50

190

190

190

190

2.857

6.172

6.172

6.172

6.172

Deze totaalbedragen betreffen de bruto-risico’s van dat jaar. Dat wil zeggen dat dit de verwachte kosten zijn als de risico’s zich voordoen zonder dat daar een vergoeding tegenover staat.

Halfjaarnota 2025

35

Er is een aantal risico’s waarvan wordt verwacht dat hier tegenover een financiële compensatie vanuit het Rijk zal staan. Het gaat om de risico’s: -

Bouwsteen verplichtend karakter Alarmering bevolking Ontwikkeling GHOR Niet of beperkt verzekerbare schade

Deze risico’s zijn onderdeel van de risico’s van de stakeholder gemeenten. Als deze verwachte compensatie van het totaalbedrag aan risico’s wordt afgetrokken resteert het nettobedrag aan risico’s: Totaal Risico's

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

1.237 -608

5.249 -4.483

5.249 -4.483

5.249 -4.483

5.249 -4.483

629

765

765

765

765

167 -117

733 -167

733 -167

733 -167

733 -167

T otaalbedrag risico's stakeholder gemeenten (bedrag x C1.000) T otaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x C1.000) Totaal netto- risico's stakeholder gemeenten (bedrag x 61.000)

Totaalbedrag risico's stakeholder zorgverzekeraar (bedrag x C1.000) Totaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x 61.000) (bedrag x 61.000) T otaalbedrag risico's stakeholder Rijk (bedrag x C1.000) T otaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x C1.000) Totaal netto-risico's stakeholder Rijk (bedrag x 61.000) Totaal netto- risico's (bedrag x 61.000)

50

567

567

567

567

25 -

190 -140

190 -140

190 -140

190 -140

25 704

50 1.382

50 1.382

50 1.382

50 1.382

De verschillende risico’s zijn hieronder kort omschreven. Duurzame piketorganisatie en vakbekwaamheid Met het aannemen van de Ontwikkelagenda is besloten om te investeren in de piketorganisatie en vakbekwaamheid. De investeringen in het kader van de Ontwikkelagenda zijn in 2023 gestart. Het resterende risico is nu bepaald op basis van het oorspronkelijke bedrag van de risico’s minus de beschikbare gelden vanaf 2024. Vrijwaring van gemeenten voor aansprakelijkheid van niet verzekerbare risico’s Op advies van de Bestuurlijke Auditcommissie (2018) is dit risico als PM-post opgenomen in de risicoinventarisatie. Bij dit risico gaat het om juridische gevolgrisico’s zoals claims. Personele capaciteit brandweervrijwilligers De personele capaciteit van de brandweervrijwilligers staat onder druk. Zeker in kleinere dorpskernen is het lastig om de paraatheid 24 uur per dag, 7 dagen in de week te garanderen. Om het probleem van de capaciteit op de kazernes op te lossen zal mogelijk extra beroepspersoneel ingezet moeten worden. Het inzetten van een beroeps in dagdienst op een kazerne kost ongeveer C 100k per jaar. Vooralsnog is de inschatting dat dit wellicht nodig is op 5 kazernes. De kosten om dit risico op te heffen komen daarmee uit op C500k op jaarbasis. Voor 2025 is dit bedrag gehalveerd, in de 1e helft van dit jaar heeft het risico zich niet voorgedaan.

Halfjaarnota 2025

36

Bouwsteen verplichtend karakter (voorheen Deeltijdregeling brandweervrijwilligers) De positie van de brandweervrijwilligers op grond van de deeltijdrichtlijn is op grond van Europese regelgeving juridisch niet meer houdbaar. Om hiervoor een oplossing te vinden is landelijk onderzocht hoe brandweervrijwilligers te onderscheiden zijn van de beroepskrachten. Hieruit is een denkrichting ontstaan die bestaat uit 4 met elkaar samenhangende bouwstenen waarvan de eerste “Verplichtend karakter” is. Dit betekent o.a. dat een vrijwilliger te allen tijde werkt op basis van vrijwilligheid en niet kan worden verplicht om taken uit te voeren of aanwezig te zijn op een bepaald moment. Verder zijn vormen van kazernering en consignatie van vrijwilligers niet meer aan de orde. Het veiligheidsberaad heeft voor deze eerste bouwsteen een implementatieplan opgesteld dat eind 2022 is gepresenteerd. Landelijk is in kaart gebracht wat de consequenties hiervan zijn waarbij het uitgangspunt is om vanuit een landelijke aanpak te komen tot een vergoeding vanuit het Rijk voor deze consequenties. De meerkosten worden op landelijk niveau ingeschat op C 31.000K. per jaar, en voor de VRR komt het uit op een bedrag van C 3.000K. In het implementatieplan is opgenomen dat de nieuwe werkwijze wordt ingevoerd als er dekking komt voor de extra kosten vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Als het niet lukt om een vergoeding te krijgen vanuit het Rijk loopt de VRR het risico om de financiële consequenties zelf te moeten betalen. Het is niet de verwachting dat het in 2024 en 2025 nog ingevoerd gaat worden en daarmee is het risico voor die jaren op 0 gezet. Niet of beperkt verzekerbare schade De VRR krijgt steeds meer te maken met extreme premiestijging van verzekeringen. Daarnaast bestaat de kans dat een aantal risico’s niet meer verzekerbaar blijven. Deze ontwikkeling geldt voor alle veiligheidsregio’s. In 2021 heeft het veiligheidsberaad het principebesluit genomen tot oprichting van de stichting expertisebureau risicobeheer en verzekeringen veiligheidsregio’s. Eind 2021 heeft het algemeen bestuur besloten tot deelname aan deze stichting. Deze stichting adviseert de veiligheidsregio’s op het thema risicobeheer in relatie tot ongevallen en schade. De stichting Waarborgfonds is bedoeld voor niet-verzekerbare risico’s in relatie tot personele verzekeringen waaraan alle veiligheidsregio’s een financiële bijdrage zullen leveren. De financiële bijdrage aan de stichting en het waarborgfonds komt dan in de plaats van de verzekeringspremie. Met ingang van 2024 is de stichting Waarborgfonds in werking en heeft een ongevallenverzekering afgesloten voor alle veiligheidsregio’s. Daarmee is het risico van niet-verzekerbare letselschade bij ongevallen gedekt.

Het risico van onverzekerbare schades aan voertuigen blijft nog wel bestaan. De afgelopen jaren is gemiddeld C 500K. per jaar aan schade geweest aan voertuigen. De huidige verzekeraar heeft het contract voor de voertuigenverzekering opgezegd en er wordt gezocht naar een nieuwe verzekeraar. Vanwege deze situatie is het risico verhoogd met C 200K. omdat de verwachting is dat een nieuwe verzekeraar meer eigen risico bij de veiligheidsregio in rekening zal brengen. Fiscale risico’s Er is regelmatig overleg met de rijksbelastingdienst over diverse fiscale onderwerpen. Voorbeelden hiervan zijn de toepassing van de BTW voor verschillende wettelijke en niet-wettelijke activiteiten en de vennootschapsbelasting. De VRR beschikt niet over fiscaal specialisten om de juiste toepassing van de regelgeving te waarborgen. Landelijk wordt gekeken of deze functie in gezamenlijkheid met alle regio’s kan worden geleverd. De VRR huurt hier nu expertise voor in of vraagt collegiaal advies bij andere veiligheidsregio’s. Toch kunnen er verschillen van inzicht blijven bestaan waarin beroep en bezwaarprocedures van toepassing zijn. De uitkomst van dergelijke trajecten zijn ongewis. Daarnaast vinden er regelmatig controles plaats. Zo hebben we de afgelopen jaren controle gehad op de loonheffing en b.v. het gebruik van dienstvoertuigen. Hier zijn naheffingen uit voortgekomen.

Ondanks afspraken en goede controles is dit niet altijd te voorkomen. Halfjaarnota 2025

37

Alarmering bevolking Het waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS) in Nederland is een netwerk van ongeveer 3.800 sirenes die draadloos en onafhankelijk van elkaar aangezet kunnen worden vanuit de meldkamer. Het wordt gebruikt om te waarschuwen voor (dreigend) gevaar, met name als er gevaarlijke stoffen in de lucht aanwezig (kunnen) zijn. Plannen om het WAS op te heffen en te vervangen door NL-Alert, calamiteitenzenders en sociale media zijn meermaals uitgesteld maar het ministerie van J en V heeft dit jaar aangegeven het WAS per 2025 uit te faseren. Inmiddels heeft de 2e kamer ingestemd met een motie tot behoud van het WAS. Voor de regio Rotterdam-Rijnmond en met name het effectgebied van het havenindustrieel complex heeft het systeem tot heden een duidelijke toegevoegde waarde gehad als het gaat om bijvoorbeeld het waarschuwen bij het vrijkomen van gevaarlijke stoffen. In de kamerbrief geeft de minister aan dat voor hoog risicolocaties er lokaal maatwerk kan worden geleverd. Het is niet duidelijk hoe dit bekostigd gaat worden. Een extra risico dat naar voren is gekomen, betreft het feit dat de huidige leverancier van WAS-palen de productie heeft stopgezet. Dit betekent dat gemeenten geen nieuwe WAS-palen meer kunnen plaatsen. Het risico bij instandhouding van het WAS op risicolocaties is dat de kosten door de VRR zelf gedragen zullen moeten worden.

Gezien het grote aantal locaties in de regio wordt het risico voor de VRR ingeschat op C 140k per jaar vanaf 2025. Dit is gebaseerd op een onderzoek van het WODC (Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum) van het najaar 2021. Ontwikkeling GHOR Op basis van onderzoek is vastgesteld, dat de GHOR voor uitdagingen staat die niet binnen de huidige formatie kunnen worden opgevangen. Uitdagingen die van belang zijn om het openbaar bestuur goed in positie te kunnen brengen en houden in geval van een crisis. Deze uitdagingen zijn ontstaan door een veranderend landschap van wet- en regelgeving en verantwoordelijkheden binnen het veiligheidsdomein en binnen het gezondheidszorgdomein. Er zal versterkt ingezet worden op het thema zorgcontinuïteit en op het ontwikkelen van zorgrisicoprofielen. Daarnaast heeft de Covid-crisis aangetoond, dat het in het belang is van het openbaar bestuur om goed zicht te hebben op de effecten van ernstige verstoringen in de continuïteit van de zorgketen. Dit moet bestendigd worden in de reguliere organisatie van de GHOR. Op dit moment vindt een nadere uitwerking hiervoor plaats. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat extra financiële lasten die hiermee gepaard gaan, gedekt zullen worden door het Rijk. Op basis van een verwachte uitbreiding van formatie wordt dit risico nu ingeschat op C 750K. per jaar.

Voor 2025 is het risico verlaagd omdat er in de eerste maanden geen extra kosten zijn geweest. Naar verwachting zal in het 3e kwartaal ene besluit worden genomen over de positionering van de GHOR. Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Jaarlijks wordt onderhandeld met zorgverzekeraars over het budget inzake spreiding en beschikbaarheid van de ambulancezorg. Het risico bestaat dat de VRR de gemaakte budgetafspraken met de zorgverzekeraars over het te leveren aantal diensten niet kan nakomen, bijvoorbeeld door schaarste aan personeel. Het leveren van minder diensten kan leiden tot een lager budget. In 2022 en 2023 heeft dit risico zich voorgedaan. Voor 2025 is afgesproken met de zorgverzekeraars dat het budget gebaseerd wordt op het aantal uitgevoerde ritten in plaats van op het aantal uit te voeren diensten. Hierdoor is het risico voor 2025 nihil. Dit is verwerkt in de 3e begrotingswijziging.

Halfjaarnota 2025

38

Aanwijzing aanbieder vitale processen Door het Ministerie van Justitie en Veiligheid zijn de processen Inzet Brandweer, Crisiscoördinatie en besluitvorming en Communicatie- en informatievoorziening hulpdiensten en crisispartners aangewezen als onderdeel van de vitale infrastructuur. Naar verwachting zal met deze aanwijzing de externe druk en het toezicht op deze activiteiten verder toenemen. Zo zullen vanuit het ministerie vitaliteitsbeoordelingen en weerbaarheidsanalyses plaatsvinden, zal de effectiviteit worden getoetst en zal waar nodig worden bijgestuurd. Omdat de implicaties van de aanwijzing aanbieder vitale processen nog niet helemaal helder zijn, hebben we deze opgenomen in de risicoparagraaf met een p.m. waardering. Zodra de vitaliteitsbeoordeling binnen is kunnen we de consequenties specifiek maken. 2.3.2 Ontwikkeling weerstandsvermogen per stakeholder

De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve die onderdeel is van het Eigen vermogen. Deze is gesplitst in een deel dat is gefinancierd door de zorgverzekeraars en een deel dat is gefinancierd door de gemeenten. Er is op het moment geen deel van het Eigen vermogen dat is gefinancierd door het Rijk. De ratio weerstandsvermogen (Weerstandsratio) is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (gekwantificeerde risico’s). Het weerstandsvermogen geeft de financiële robuustheid aan van de begroting, de jaarrekening en de financiële positie. beschikbare weerstandscapaciteit Weerstandsratio = benodigde weerstandscapaciteit Zoals al in de vorige paragraaf is aangegeven wordt de weerstandsratio bepaald per stakeholder. Dat zijn nu de gemeenten, de zorgverzekeraars en het Rijk. Omdat geen deel van het eigen vermogen door het Rijk gefinancierd wordt is hier geen separate weerstandsratio voor te bepalen. Op basis van de verwachte ontwikkeling van het resultaat de komende jaren (zie hoofdstuk 3) en de inschatting van de netto-risico’s (zie 2.3.1) ontwikkelt de weerstandsratio als volgt:

Halfjaarnota 2025

39

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

Raming 2029

Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)

4.297 704

4.791 1.382

4.791 1.382

4.791 1.382

4.791 1.382

Weerstandsratio netto-risico's

6,1

3,5

3,5

3,5

3,5

Benodigd, bruto-risico's (x C 1.000)

1.429

6.172

6.172

6.172

6.172

Weerstandsratio bruto risico's

3,0

0,8

0,8

0,8

0,8

Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)

1.543 629

1.543 765

1.543 765

1.543 765

1.543 765

Weerstandsratio netto-risico's

2,5

2,0

2,0

2,0

2,0

Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)

2.754 50

3.248 567

3.248 567

3.248 567

3.248 567

Weerstandsratio netto-risico's

55,1

5,7

5,7

5,7

5,7

Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)

-

-

-

-

-

Weerstandsratio netto-risico's Norm = 0,8

-

-

-

-

-

0,8

0,8

0,8

0,8

0,8

Weerstandsratio

Totaal VRR

Stakeholder Gemeente

Stakeholder zorgverzekeraar

Stakeholder Rijk

Halfjaarnota 2025

25

50

50

50

50

40

De VRR hanteert voor een gezond weerstandsvermogen een ratio tussen de 0,5 en 0,8 waarbij voor de benodigde weerstandscapaciteit wordt uitgegaan van de netto-risico’s. Door de daling van de netto risico’s in de loop van de jaren komt de ratio voor de netto-risico’s ruim boven deze norm uit. Voor de bruto-risico’s ligt de ratio binnen de bandbreedte van 0,5-0,8. Voor de stakeholder zorgverzekeraar is de weerstandsratio ruim boven de norm. Omdat er voor de stakeholder Rijk geen vermogen beschikbaar is, is er geen ruimte om het risico op te vangen

2.3.3 Kengetallen en beleidsindicatoren Financiële kengetallen Kengetallen

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Halfjaarnota 2025

3e BW 2025 1e BW 2026 Plan 2027

16,77 16,77 19,17

-1,47

23,77 23,77 16,07 -1,37

27,67 27,67 14,97 0,07

Plan 2028

Plan 2029

27,27 27,27 14,37 0,07

23,87 23,87 14,87 0,07,

41

Door negatieve resultaten en hogere onttrekkingen aan bestemmingsreserves daalt de solvabiliteitsratio na 2025. Door het incidentele karakter van deze onttrekkingen daalt ook de structurele exploitatieruimte Beleidsindicatoren |

3e BW 2025

Beleidsindicatoren taakveld Bestuur í Ondersteuning

Totaal

per inwoner

Apparaatkosten

C

Externe Inhuur

C 10.003.567

-

Overhead

C 32.992.000

-

Re Ie id ^indicatoren taakveld taakveld Re^tuur Bestuui ã w BeleidsiMdicaiwi

2.530.446

1e BW 2026 b/o van Totaal

1,85

C

2.581.055

6,0y0

C

5.773.959

-

3,3y0

14,807o

C

35.345.000

-

15,107o

Formatie 2024

Formatie

2.272

Bezetting

2.295

1,68

Halfjaarnota 2025

Totaal Fte

1,89

Formatie 2025

Fte per 1.000 inw. 1,67

Ondersteuning

1 per inwoner 1 “/o van Totaal

Totaal

2.299

Fte per 1.000 inw. 1,68

2.351

1,71

Totaal Fte

42

2.4 Ontwikkeling van de Financiering Voor de uitvoering van de begroting is het essentieel dat de veiligheidsregio beschikt over voldoende financiële middelen. Naast de inkomsten kunnen hiervoor extra middelen worden aangetrokken conform de uitgangspunten en richtlijnen uit het treasurystatuut. Financiering is uitsluitend toegestaan ten behoeve van de publieke taak en wordt zoveel mogelijk beperkt en afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning. In het volgende overzicht zijn de bestaande leningen gespecificeerd en is tevens een prognose opgenomen van de financiering voor de komende jaren. De VRR verwacht in de komende jaren deze middelen aan te moeten trekken ter financiering van de investeringen. Omschrijving Binnenlandse banken 1 - BNG 2 - BNG 3 - BNG 4 - BNG 5 - BNG 6 - BNG 7 - BNG (2014) 8 - BNG (2015) 9 - BNG (2016) 10 - BNG (2017) 12 - BNG (2020) 13 - BNG (2020) 15 - NWB (2019) 16 - NWB (2021) 17 - Financial Lease RABO 18 - Financial Lease ABN 16 - BNG (2022) Prognose nieuwe lening 2024 Prognose nieuwe lening 2025 Prognose nieuwe lening 2026 Prognose nieuwe lening 2027 Prognose nieuwe lening 2028 Prognose nieuwe lening 2029 Prognose nieuwe lening 2030 Totaal (*C 1000)

hoofdsom

1.450 2.340 1.589 2.305 10.000 10.000 7.500 7.500 10.000 5.000 5.000 7.200 8.000 5.000 906 4.130

Rente Saldo 31-12­ Saldo 31-12­ Saldo 31-12­ Saldo 31-12­ Saldo 31-12­ Saldo 31-12­ 2024 2025 2026 2027 2028 2029 "/o 5,890 3,620 5,400 3,720 2,900 2,930 1,390 1,410 1,195 0,195 0,315 0,585 0,080 0,230 -

10.000 0,755 5.000 5.000 10.000 r 5.000 F 5.000 F 5.000 F 5.000

338 655 715 1.268 2.667 3.333 3.000 3.500 2.250 3.000 3.000 6.048 5.333 3.500 43 1.828

290 562 675 1.210 2.000 2.667 2.500 3.000 1.250 2.500 2.500 5.760 4.800 3.000 0 1.338

242 468 636 1.153 1.333 2.000 2.000 2.500 250 2.000 2.000 5.472 4.267 2.500

8.000 48.479

7.000 41.051

6.000

784

10.000 43.604

193 374 596 1.095 667 1.333 1.500 2.000 1.500 1.500 5.184 3.733 2.000 390

145 281 556 1.037 0 667 1.000 1.500 1.000 1.000 4.896 3.200 1.500 -

97 187 516 980 -0 500 1.000 500 500 4.608 2.667 1.000 -

-

-

5.000 9.000 5.000 41.066

4.000 8.000 4.500 5.000 38.282

3.000 7.000 4.000 4.500 5.000 36.055

Rentegevoeligheid Alle bestaande leningen hebben een vaste rente tot het einde van de looptijd. Voor de periode 2026­ 2029 wordt rekening gehouden met 4,507o rente voor de nieuw af te sluiten leningen. Over het saldo liquide middelen wordt rente ontvangen. In de eerste 2 kwartalen in 2025 is C 419K. aan rente ontvangen. Voor 2025 wordt nu ingeschat dat de renteontvangsten zullen uitkomen op totaal C 600K. De verwachting voor de totale rentelasten en -baten voor 2025 en 2026 is als volgt: Kredietfaciliteiten Bedragen *š1000

2025

2026

Rentelasten Rentebaten

-534 600

-661 400

Rente saldo

66

-261

De VRR heeft geen kredietlimiet op haar rekening-courant. Halfjaarnota 2025

43

Ontwikkelingen schatkistpapier Decentrale overheden zoals de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond mogen hun overtollige geldmiddelen niet bij banken aanhouden. In plaats daarvan moeten deze middelen ondergebracht worden bij de schatkist van het ministerie van Financiën. Dit houdt in dat overtollige gelden alleen op een rekening-courant of via deposito’s bij de schatkist gestald mogen worden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden. Renterisico op korte schuld: de kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Financiering Decentrale Overheden een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. De kasgeldlimiet stelt derhalve dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentrale overheid niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is dus een voorgeschreven sturings- en verantwoordingsinstrument ter beperking van het renterisico op de korte schuld. Als grondslag van de wettelijk toegestane omvang van de kasgeldlimiet wordt de omvang van de jaarbegroting voor het hele verslagjaar aangehouden. Voor de gemeenschappelijke regelingen bedraagt het percentage voor de berekening van de kasgeldlimiet voor het jaar 2025 en verder 8,207o. Kasgeldlimiet 2025-2029

2025

2026

2027

2028

2029

Grondslag: Lasten Begroting in procenten van de grondslag

227.629 8,2y0

230.744 8,2y0

232.970 8,2y0

233.181 8,2y0

233.181 8,2y0

Toegestane netto vlottende schuld :

-18.666

-18.921

-19.104

-19.121

-19.121

20.838 20.838

8.611

564

309

1.816

Saldo netto vlottende middelen (a+b)

8.611

564

309

1.816

Ruimte

39.504

27.532

19.668

19.430

20.937 ^

(bedragen x ē 1.000)

Toetsing : Omvang vlottende schuld (a.) Af: Vlottende vorderingen (b.)

Renterisico op langlopende schuld: de renterisiconorm De VRR loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet Financiering decentrale overheden de renterisiconorm geformuleerd. De renterisiconorm bepaalt dat het bedrag van de langlopende schuld dat binnen een gegeven jaar verplicht moet worden afgelost of waarvan de rente moet worden herzien, maximaal 2007o van het begrotingstotaal mag bedragen. Het doel van deze norm is dat de lange leningenportefeuille zodanig over de jaren verdeeld is dat het renterisico dat voortkomt bij herfinanciering en renteherzieningen gelijkmatig over de jaren wordt gespreid.

Halfjaarnota 2025

44

Renterisiconorm 2025-2029 (bedragen x ē 1.000)

2025

2026

2027

2028

2029

Netto renteherziening op vaste schuld (o/g./.u/g) Aflossingen

7.394

7.448

7.538

7.784

7.227

Renterisico

7.394

7.448

7.538

7.784

7.227

Lasten begroting Percentage cf. regeling

227.629 20Zo

230.744 20Zo

232.970 200Zo

233.181 20Z

233.181 20Z

Renterisiconorm

45.526

46.149

46.594

46.636

46.636

Renterisiconorm Renterisico

45.526 -7.394

46.149 -7.448

46.594 -7.538

46.636 -7.784

46.636 -7.227

Ruimte onder renterisiconorm:

38.132

38.701

39.056

38.852

39.409 ,

Halfjaarnota 2025

45

3 Financiën 3.1 Financiële ontwikkelingen Op basis van de realisatie en de ontwikkelingen van de laatste maanden en de prognose 2025 is een 3e begrotingswijziging 2025 en een 1e begrotingswijziging 2026 opgesteld. Hierin zijn alle financiële wijzigingen verwerkt die bij het opstellen van de 2e begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 nog niet bekend waren of onvoldoende konden worden ingeschat. In de 3e begrotingswijziging 2025 wordt uitgegaan van een positief resultaat van C 4,9 mio. positief. Dit is 2,3 miljoen meer dan verwacht. Voor het programma Ambulancezorg wordt in 2025 een positief resultaat van C 500K. verwacht. Dit bedrag wordt toegevoegd aan de algemene reserve ten gunste van het programma Ambulancezorg. Voor de overige programma’s verwachten wij dat het resultaat uitkomt op C 4,4 mio. Dit is een verbetering van het resultaat met C 1,8 mio. Voor de 1e begrotingswijziging 2026 wordt voor het programma Ambulancezorg een nihil resultaat verwacht. Voor de overige programma’s wordt een negatief resultaat van C 1,3 mio. verwacht, Dit verschil wordt veroorzaakt door de 100Zo korting op de BDuR. Op hoofdlijnen worden de mutaties in het resultaat over 2025 veroorzaakt door de volgende factoren: Brede doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR): In juni heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid aangegeven dat deze uitkering voor 2025 wordt geïndexeerd met C 685K.

In de 2e begrotingswijziging is vooruitlopend op de definitieve indexatie al rekening gehouden met C 460K. In de 3e begrotingswijziging is de resterende 225K. verwerkt. Cao-onderhandelingen 2025: De Cao Veiligheidsregio’s loopt tot 1 augustus 2025. In de begroting van 2025 is rekening gehouden met een loonstijging van 607o per augustus. Op basis van de inzetbrieven van zowel werkgever als bonden lijkt de 607o voor 2025 te hoog. De loonstijging is teruggebracht naar 407o wat incidenteel een positief resultaat geeft. Personele inzet: Vanwege de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt lukt het binnen enkele onderdelen van de organisatie niet om alle functies te vervullen. Dit wordt deels opgevangen door inzet van tijdelijk personeel. Desondanks wordt verwacht dat de kosten voor personele inzet in 2025 lager zullen uitvallen dan in de 2e begrotingswijziging 2025 is opgenomen. Kapitaallasten - afschrijvingen: Door de verschuiving van investeringen nemen de afschrijvingslasten in 2025 per saldo af met C 534K. Rente: Door het uitstel van een aantal investeringen zijn er voor 2025 voldoende liquide middelen beschikbaar. Hierdoor hoeft er geen nieuwe financiering te worden aangetrokken, terwijl daar in de 2e begrotingswijziging 2025 nog wel rekening mee was gehouden. Dit leidt tot een verlaging van de rentelasten met C 38K. Daarnaast wordt over de liquide middelen rente ontvangen.

In de 2e begrotingswijziging is rekening gehouden met een renteopbrengst van C 400K. Nu wordt een renteopbrengst van C 600K. ingeschat.

Halfjaarnota 2025

46

Ambulancedienst: De overleggen met de zorgverzekeraars over het definitieve budget voor de ambulancezorg op basis van de "Wet marktordening Gezondheidszorg" zijn afgerond. Naar verwachting worden de gemaakte afspraken binnenkort ondertekend. In deze rapportage is rekening gehouden met de uitkomsten van deze afspraken voor 2025. Een belangrijk onderdeel van de afspraken is, dat het beschikbaarheidsbudget voor ambulancezorg in 2025 wordt gebaseerd op de werkelijke kosten. Dit betekent dat er in 2025 geen verrekening plaatsvindt op basis van het aantal diensten. Op basis hiervan wordt een positief resultaat voor de ambulancedienst verwacht van C 500K. Van dit bedrag zal C 33K. worden onttrokken aan de bestemmingsreserve voor de pilot met de elektrische ambulance die in 2024 van start is gegaan. Voor het budget in 2026 moeten de onderhandelingen met de zorgverzekeraars nog beginnen. In afwachting van de uitkomsten hiervan is in de opbrengsten al rekening gehouden met de verwachte loonstijging. PTSS: De minister van Justitie en Veiligheid heeft de afgelopen jaren sterk aangedrongen op een uniforme PTSS-aanpak voor alle veiligheidsregio’s ten aanzien van PTSS. Op 4 juli 2025 hebben werkgevers en vakbonden een akkoord bereikt over de invoering van de ‘Regeling erkenning en aanspraken PTSS als beroepsziekte’.

Een mijlpaal in de strijd voor een betere en gelijke behandeling van PTSS in alle veiligheidsregio’s. De regeling geldt voor medewerkers en vrijwilligers waarvoor de CAR(-UWO) Veiligheidsregio’s van toepassing is. In het kader van de landelijke regeling kan de VRR aansprakelijk worden gesteld voor kosten zoals gederfde inkomsten, medische uitgaven en andere gerelateerde schade. Bovendien bevat de regeling een uniform aanvraag- en beoordelingsproces. Hiermee zorgen de veiligheidsregio’s voor een gelijke en zorgvuldige aanpak als medewerkers PTSS krijgen. Deze regeling kent een terugwerkende kracht clausule tot vijf jaar. Om toekomstige financiële verplichtingen op te vangen is een bestemmingsreserve gevormd. De hoogte van deze reserve is afgeleid van ervaringscijfers bij de Politie. Er is een dotatie van C 1.500K. opgenomen. Vanaf 2026 zal jaarlijks een bedrag van C 150K. worden onttrokken. Voor de implementatie van de uniforme aanpak wordt, voor het administratieve proces, naar verwachting geld beschikbaar gesteld vanuit het Rijk.

Halfjaarnota 2025

47

3.2 Overzicht van baten en lasten per programma 2025-2029 Programma's ( x C 1.000) Ambulancezorg

2e BW 2025 72.174

-250

3e BW 2025 71.924

Begroting 2026 72.273

Wijzigingen

Wijzigingen

1e BW 2026

2.201

74.474

2027 74.275

2028 74.275

2029 74.275

Brandweerzorg

103.769

-2.502

101.267

107.677

443

108.120

107.822

107.793

107.849

Risico- en Crisisbeheersing

16.241

-585

15.656

14.589

950

15.539

14.581

14.600

14.529

120

120

-

120

120

120

120

32.992

35.345

-

35.345

35.340

35.322

35.297

Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie

120 34.754

-1.762

572

-38

534

741

-100

641

831

1.071

1.111

227.629

-5.137

222.494

230.744

3.494

234.238

232.970

233.181

233.181

Ambulancezorg

78.250

310

78.560

78.250

2.191

80.440

80.440

80.440

80.440

Brandweerzorg

132.189

17

132.206

135.231

-311

134.920

135.132

135.343

135.343

Risico- en Crisisbeheersing

18.421

244

18.665

16.853

-1.345

15.509

16.793

16.793

16.793

120

120

-

120

120

120

120

Totaal lasten

Weerbaarheid

120

Overhead

82

9

91

85

-

85

85

85

85

Financieringsfunctie

400

200

600

400

-

400

400

400

400

229.462

780

230.242

230.940

535

231.474

232.970

233.181

233.181

1.833

5.916

7.748

196

-2.960

-2.764

-

-

-

Ambulancezorg

-

-

-

-

-

Brandweerzorg

1.138 -

1.730

2.868

30

Risico- en Crisisbeheersing

575

575

1.163 -

930 -

647 -

631 -

Toevoeging bestemmingsreserves

30

1.163

930 -

647 -

631 -

501 -

928 -

Totaal baten Resultaat voor bestemming

1.133 -

1.138

2.305

3.443

1.133

Ambulancezorg

99

-66

33

199

Brandweerzorg

1.315

-756 -575

559 -

739

575

Onttrekking bestemmingsreserves

1.990

-1.398

592

938

Resultaat na bestemming

2.685

2.213

4.897

0

-

2.213

0

-1.346

Risico- en Crisisbeheersing

Nacalculatie gemeentelijke bijdrage Resultaat na nacalculatie

Halfjaarnota 2025

2.685

4.897

-

199

493

1.232

1.150

1.150

995 -

1.643

2.581

995

501

928

-1.346

-1.346

66

-146 -

296 -

66

-146

296

-1.346

48

3.3 Verschillenanalyse per programma Verschillenanalyse 2025

De verschillen in 2025 zijn per programma als volgt: Programma's ( x C 1.000)

2e BW 2025

Wijzigingen

3e BW 2025

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie

72.174 103.769 16.241 120 34.754 572

-250 -2.502 -585 -1.762 -38

71.924 101.267 15.656 120 32.992 534

Totaal lasten

227.629

-5.137

222.494

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie

78.250 132.189 18.421 120 82 400

310 17 244 9 200

78.560 132.206 18.665 120 91 600

Totaal baten

229.462

780

230.242

Resultaat voor bestemming

1.833

5.916

7.748

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing

1.138

1.730 575

2.868 575

Toevoeging bestemmingsreserve

1.138

2.305

3.443

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing

99 1.315 575

-66 -756 -575

33 559 -

Onttrekking bestemmingsreserve

1.990

-1.398

592

Resultaat na bestemming

2.685

2.213

4.897

De verschillen worden per programma toegelicht:

Halfjaarnota 2025

49

Ambulancezorg

Totaal Overzicht Ambulancezorg 2025 Ambulancezorg ( x C 1.000)

Realisatie tot en met 30-6

2e BW 2025

Wijzigingen

3e BW 2025

Totaal lasten Totaal baten

32.185 37.365

72.174 78.250

-250 310

71.924 78.560

Saldo van de baten en lasten

5.180

6.076

560

6.636

Verschillen Ambulancezorg 2025 Ambulancezorg

Wijzigingen 2025

Incidenteel

Structureel

Hogere personeelslasten Huisvesting Middelen Lagere voorziening dub deb Kapitaalslasten

441 100 -259 -242 -290

441 100 -259 -242

Totaal wijzigingen op de lasten

-250

40

PLB en UWV Afspraken zorgverzekeraars

140 170

140 170

Totaal wijzigingen op de baten

310

310

-

Saldo verschillen

560

270

290

-290 -290

Toelichting 2025: -

Personeelslasten zijn iets hoger dan begroot. Huisvestingskosten vallen iets hoger uit door duurdere onderhoudslasten. Materiële lasten zijn lager dan verwacht door met name lagere brandstofkosten en ICT uitgaven. De voorziening dubieuze debiteuren is verlaagd. Baten uit UWV uitkeringen en uit uren van het Persoonlijk Levensfase Budget (PLB) zijn hoger dan in de vorige begrotingswijziging was opgenomen Baten van de zorgverzekeraars

Halfjaarnota 2025

50

Brandweerzorg

Totaal overzicht Brandweerzorg 2025 Brandweerzorg ( x C 1.000)

Realisatie tot en met 30-6

2e BW 2025

3e BW 2025

Wijzigingen

Totaal lasten Totaal baten

47.773 66.386

103.769 132.189

-2.502 17

101.267 132.206

Saldo van de baten en lasten

18.613

28.420

2.519

30.939

Wijzigingen 2025

Incidenteel

Structureel

Verschillen Brandweerzorg 2025 Brandweerzorg

Lagere personeelslasten Vacatureruimte Minder inzet Strandwacht Hoek van Holland CAO Onbenutte kosten reserve Meldkamer Rijvaardigheidstrainingen Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten

-634 -77 -500 -211 -553 -527

-634 -77 -500 -211 -553 -527

-2.502

-1.475

Minder inzet Strandwacht Hoek van Holland Overige inkomsten

-77 94

-77 94

Totaal wijzigingen op de baten

17

17

2.519

1.492

Saldo verschillen

-1.027

1.027

Toelichting 2025: -

-

-

Personeelslasten zijn lager door het later invullen van vacatures. Voor de plustaak Strandwacht Hoek van Holland wordt minder inhuur van strandwachten verwacht, dit betekent zowel lagere lasten voor deze plustaak als lagere baten. Op basis van de lopende onderhandeling voor de cao Veiligheidsregio’s is het percentage voor de loonstijging per 1 augustus naar beneden bijgesteld van 60Zo naar 407o. In het kader van de overgang naar de Landelijke Meldkamerorganisatie is een terugkeerregeling afgesproken waarvoor een reserve is gevormd. Deze regeling loopt tot eind van 2025. Tot vandaag zijn er geen verzoeken tot terugkeer ingediend. De verwachting is dan ook dat deze reserve komen te vervallen. Op dit moment is het lastig aan instructeurs te komen. Hierdoor zijn er keuzes gemaakt. Dit betekent, dat er geen extra trainingen gegeven worden ten aanzien van het vakbekwaam blijven op rijvaardigheid. Door het doorschuiven van investeringen naar 2026 komen de kapitaalslasten lager uit dan oorspronkelijk begroot. De overige inkomsten zijn hoger met name door ontvangen UWV uitkeringen.

Halfjaarnota 2025

51

Risico- en Crisisbeheersing

Totaal overzicht Risico en Crisisbeheersing 2025 Risico- en crisisbeheersing ( x C 1.000)

Realisatie tot en met 30-6

Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

2e BW 2025

3e BW 2025

Wijzigingen

7.567 8.558

16.241 18.421

-585 244

15.656 18.665

991

2.180

829

3.009

Verschillen Risico- en Crisisbeheersing 2025

Risico- en crisisbeheersing

Wijzigingen 2025

Incidenteel

Structureel

Nog niet ingezette gelden versterking CB CAO Personeel derden Kapitaalslasten

-575 -65 147 -92

-575

Totaal wijzigingen op de lasten

-585

-428

Indexbijstelling Brede Doeluitkering

244

Totaal wijzigingen op de baten

244

-

244

Saldo verschillen

829

428

401

-65 147 -92 -157

244

Toelichting 2025: -

De eind 2024 gereserveerde gelden voor de versterking van crisisbeheersing zullen in 2025 nog niet worden aangewend. Deze zijn doorgeschoven naar 2026. Evenals bij het programma Brandweer is de loonstijging bijgesteld van 60Zo naar 407o op basis van de lopende cao onderhandelingen. Door meer inhuur op specifieke kennis, zijn de lasten Personeel Derden iets hoger geprognosticeerd. . Door het doorschuiven van investeringen naar 2026 vallen de kapitaallasten lager uit. In juni is de definitieve toekenning van de BDuR-gelden ontvangen. De indexering van de BDuR blijkt hoger dan was aangenomen in de begroting.

Halfjaarnota 2025

52

-

Overhead

Totaal overzicht Overhead 2025

Overhead ( x C 1.000)

2e BW 2025

Wijzigingen

3e BW 2025

Totaal lasten Totaal baten

34.754 82

-1.762 9

32.992 91

Saldo van de baten en lasten

-34.672

1.771

-32.901

Verschillen Overhead 2025 Overhead

Vertraging ICT projecten CAO Personele lasten Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten

Wijzigingen 2025

Incidenteel

-600 -235 -895 -32

-600

-1.762

-1.495

Overige inkomsten

9

Totaal wijzigingen op de baten

9

Saldo verschillen

1.771

Structureel

-235 -895 -32 -267

9 -

9

1.495

276

Toelichting 2025: -

Door het later invullen van vacatures is er sprake van een uitstel van verschillende ICT-projecten. Op basis van de lopende onderhandeling voor de cao Veiligheidsregio’s is het percentage voor de loonstijging per 1 augustus naar beneden bijgesteld van 60Zo naar 407o. Personeelslasten zijn lager door het later invullen van vacatures

Halfjaarnota 2025

53

Verschillenanalyse 2026

De verschillen in 2026 zijn per programma als volgt:

Programma's ( x C 1.000)

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie

72.273 107.677 14.589 120 35.345 741

2.201 443 950 -100

74.474 108.120 15.539 120 35.345 641

Totaal lasten

230.744

3.494

234.238

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie

78.250 135.231 16.853 120 85 400

2.191 -311 -1.345 -

80.440 134.920 15.509 120 85 400

Totaal baten

230.940

535

231.474

Resultaat voor bestemming

196

-2.960

-2.764

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing

1.133

30

1.163 -

Toevoeging bestemmingsreserves

1.133

30

1.163

Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing

199 739

493 1.150

199 1.232 1.150

Onttrekking bestemmingsreserves

938

1.643

2.581

0

-1.346

-1.346

0

-1.346

-1.346

Resultaat na bestemming

Nacalculatie gemeentelijke bijdrage Resultaat na nacalculatie

-

De verschillen worden per programma toegelicht:

Halfjaarnota 2025

54

Ambulancezorg 2026

Totaal Overzicht Ambulancezorg begrotingswijziging 2026 Ambulancezorg ( x C 1.000)

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

Totaal lasten Totaal baten

72.273 78.250

2.201 2.191

74.474 80.440

Saldo van de baten en lasten

5.977

-10

5.966

Incidenteel

Structureel

Verschillen Ambulancezorg begrotingswijziging 2026 Ambulancezorg

Personeel: Inrekening CAO verhoging 2026 Kapitaalslasten

Wijzigingen begroting 2026

2.211 -10

-

2.211 -10

Totaal wijzigingen op de lasten

2.201

-

2.201

Afspraken zorgverzekeraars

2.191

-

2.191

Totaal wijzigingen op de baten

2.191

-

2.191

-10

-

-10

Saldo verschillen

Toelichting begrotingswijziging 2026 -

-

De personeelslasten voor 2026 worden hoger ingeschat mede op basis van de verwachte caoverhoging zoals die voortkomt uit de lopende cao-onderhandelingen. Hier tegenover staan hogere inkomsten vanuit de zorgverzekeraars. De lagere kapitaalslasten van 2025 werken ook door naar de begroting 2026.

Halfjaarnota 2025

55

Brandweerzorg 2026

Totaal overzicht Brandweerzorg begrotingswijziging 2026 Brandweerzorg ( x C 1.000)

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

Totaal lasten Totaal baten

107.677 135.231

443 -311

108.120 134.920

Saldo van de baten en lasten

27.555

-754

26.800

Incidenteel

Structureel

150 -142 435

-142 435

150

Totaal wijzigingen op de lasten

443

293

150

Inkomsten overheid (incl BDuR)

-311

-

-311

Totaal wijzigingen op de baten

-311

-

-311

Saldo verschillen

-754

-293

-461

Verschillen Brandweerzorg begrotingswijziging 2026 Brandweerzorg

Verwachte extra kosten PTSS Afname tweede loopbaan Reservering bedrijfskleding

Wijzigingen 2026

Toelichting Begrotingswijziging 2026 -

Kosten voor PTSS vanuit de reserve. Op dit moment zien we minder aanmelding voor het 2e loopbaantraject, De kosten hiervoor zijn daarom bijgesteld. De reserve bedrijfskleding is door capaciteitsgebrek doorgezet vanuit 2025 naar 2026 De inkomsten van de BDuR zijn naar beneden bijgesteld in verband met de 1007o bezuiniging.

Halfjaarnota 2025

56

Risico- en Crisisbeheersing 2026

Totaal overzicht Risico en Crisisbeheersing begrotingswijziging 2026 Risico- en crisisbeheersing ( x C 1.000)

Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten

Begroting 2026

Wijzigingen

1e BW 2026

14.589 16.853

950 -1.345

15.539 15.509

2.265

-2.295

-30

Incidenteel

Structureel

Verschillen Risico- en Crisisbeheersing begrotingswijziging 2026 Risico- en crisisbeheersing

Wijzigingen 2026

Huisvesting: BDuR weerbaarheid Middelen: BDuR weerbaarheid

350 600

350 600

-

Totaal wijzigingen op de lasten

950

950

-

Inkomsten overheid (incl BDuR)

-1.345

-

-1.345

Totaal wijzigingen op de baten

-1.345

-

-1.345

Saldo verschillen

-2.295

-950

-1.345

Toelichting Begrotingswijziging 2026 -

Huisvesting en middelen zijn hoger door de vorming van enkele noodsteunpunten hiervoor zijn in 2025 specifieke gelden toegekend waarvoor in 2025 een reserve is gevormd. De inkomsten van de BDuR zijn naar beneden bijgesteld in verband met de 1007o bezuiniging.

Halfjaarnota 2025

57

Overzicht van baten en lasten - structureel en incidenteel

De incidentele lasten en baten in 2025 en 2026 betreffen de kosten voor opvang ontheemden Oekraïners. Er zijn geen structurele mutaties in de bestemmingsreserves. Incidentele baten en lasten (incl. mutaties bestemmingsreserves)

3e BW 2025

ro9ramma

T0tale lasten begr0ting

Lasten t.b.v. opvang ontheemden Oekraine R&C

1e BW 2026

2027

2028

2029

222.494

234.238

232.970

233.181

233.181

2.504

Totaal incidentele lasten T0taal Structurele lasten

2.504 219.990

501 501 233.737

232.970

233.181

233.181

Totale baten begroting

230.242

231.474

232.970

233.181

233.181

2.504

501

Baten t.b.v. opvang ontheemden Oekraine R&C Totaal Incidentele baten

2.504

501

-

-

-

Totaal structurele baten Resultaat (* C 1.000,-)

227.738 7.748

230.973 -2.764

232.970 0

233.181 0

233.181 0

Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve

3.443 592

1.163 2.581

930 995

647 501

631 928

Begrotingssaldo na bestemming

4.897

-1.346

66

-146

296

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)

2.851

-1.417

-66

146

-296

Structureel saldo (* C 1000)

7.748

-2.764

0

0

0

In 2026 ontstaat er een structureel tekort. Dit komt vooral doordat in 2026 er op de BDuR wordt gekort. Daarnaast zien we een lagere toevoeging aan de reserve . In 2027 gaan we uit van een hogere bijdrage uit de BDuR en laat de VRR weer een saldo zien dat structureel in evenwicht is.

3.5 Overzicht van baten en lasten - taakvelden Taakvelden 3e begrotingswijziging 2025 0.1 Bestuur

0.4 Overhead

0.5 Treasury

3e Begrotingswijziging 2025

Ambulancezorg

152

Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing

285 79

Weerbaarheid Overhead Lasten

0.10 Mutaties Reserves

32.866

18

32.866

3.443

71 422

33 559

Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid

106

Halfjaarnota 2025

2.1 Verkeer en vervoer

7.1 Volks­ gezondheid

8.3 Wonen en bouwen

98.449 9.836

1.329

1.490 3.316

2.504

120 126 1261|

534

Saldo van baten en lasten (* C 1.000,-)

1.2 Openbare orde en veiligheid

71.924 2.868 575

Ambulancezorg Brandweerzorg

Overhead Baten

0.11 1.1 Resultaat van Crisis­ de rekening beheersing en van baten en brandweer lasten

-

91 91

1 600

5921|

108.405

2.504

1.329

71.924

4.806

78.560 132.206

-

16.161 120

2.504

148.487

2.504

78.560

-

4.897

58

Taakvelden 1e begrotingswijziging 2026: 0.1 Bestuur

0.4 Overhead

0.5 Treasury

1e Begrotingswijziging 2026

Ambulancezorg

168

Brandweerzorg

376

Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid

72

Overhead Lasten

35.217 35.217 H

0.11 1.1 Resultaat van Crisis­ de rekening beheersing en van baten en brandweer lasten

7.1 Volks­ gezondheid

8.3 Wonen en bouwen

501

501

1.163İ^^^^^H

117.020

199 1.232

134.920

Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid

66

1.150

400

2.581

Saldo van baten en lasten (* C 1.000,-)

1.355

11.655 120

71 263

85 85

2.1 Verkeer en vervoer

105.245

Ambulancezorg Brandweerzorg

-

1.2 Openbare orde en veiligheid

74.474 1.163

25 641

Overhead Baten

128 128

0.10 Mutaties Reserves

1.519 3.383

1.355

74.474

4.902

80.440

-

15.008 120

501

150.048

501

-

80.440

-

-1.346

3.6 Ontwikkeling van het Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de Algemene reserve en de Bestemmingsreserves en kan voor de komende jaren als volgt worden weergegeven: Eigen vermogen

Realisatie

3e BW

Dotatie

Onttrekking

1e BW

Plan

Plan

Plan

2024

2025

2026

2026

2026

2027

2028

2029

Algemene reserve gefinancierd zorgverzekeraars

1.768

2.754

Algemene reserve VRR

1.182

1.543

Totaal Algemene reserve

2.950

4.297

494

494

-

3.248

3.248

3.248

1.543

1.543

1.543

3.248 1.543

4.791

4.791

4.791

4.791

Nog te bestemmen resultaat ARR

986

494

-494

-

-

-

-

Nog te bestemmen resultaat VRR

361

4.404

-1.346

3.058

3.124

2.978

3.274 3.274

Nog te bestemmen resultaat

1.347

4.898

-1.840

3.058

3.124

2.978

Bestemmingsreserves

7.448

10.299

1.163

-2.430

8.881

8.660

8.726

8.430

Totaal per ultimo jaar (* C 1.000,-)

11.745

19.494

1.657

-4.270

16.730

16.575

16.495

16.494

Het nog te bestemmen resultaat 2024 (C 1.347k) van de VRR is toegevoegd aan de Algemene reserve. Het eigen vermogen neemt in 2025 toe, door zowel het verwachte positieve resultaat bij de VRR en de ARR als door een stijging van het saldo van de bestemmingsreserves (zie toelichting verderop). Het positieve resultaat van het programma Ambulancezorg wordt toegevoegd aan de algemene reserve gefinancierd door zorgverzekeraars. In dit overzicht is ervan uit gegaan dat de per saldo positieve resultaten die ontstaan vanaf 2025 bij de veiligheidsregio niet worden toegevoegd aan de reserve van de organisatie. Hierover zal door het Algemeen Bestuur nog besloten worden.

Halfjaarnota 2025

59

Het verloop van de bestemmingsreserves kan als volgt worden gespecificeerd: Bestemmingsreserves

2024

2e Loopbaanbeleid

2025

2026

2027

2028

2029

3.423

3.497

3.365

3.178

3.110

3.090

Groot onderhoud gebouwen Eenmalige bijdrage uitw.kader i.v.m. transitie naar 1

744 212

1.352

1.669

1.780

2.090

2.449

-

-

-

-

-

Spoorincidentbestrijding CBRN-steunpuntregio Rotterdam-Rijnmond

375 213

221 169

79 110

-

-

-

Bedrijfskleding

435

435

Innovatie vervoer

397

364

166

-

-

-

FLO

51

1.074

1.611

2.142

2.451

2.476

1.990

BDUR Crisisbeheersing

575

800

PTSS BDUR Weerbaarheid

-

1.500 350

1.350 -

1.200 -

1.050 -

900 -

Totaal per ultimo jaar

7.448

10.299

8.881

8.660

8.726

8.430

Het 2e loopbaanbeleid bij de brandweer is bedoeld om medewerkers in fysiek en mentaal belastende functies na maximaal twintig dienstjaren te begeleiden naar een andere functie. Hiervoor is een reserve ingesteld. Omdat minder medewerkers gebruik maken van deze regeling zal de reserve voor het 2e loopbaanbeleid vanaf 2026 afnemen. De reserve voor FLO laat de eerste jaren nog een stijgende lijn zien, maar zal naar verwachting vanaf 2029 gaan dalen, doordat meerdere medewerkers gelijktijdig gebruik zullen maken van deze regeling. Ten opzichte van de 2e begrotingswijziging 2025 zijn er de volgende wijzigingen in de dotaties en onttrekkingen aan de bestemmingsreserves: Verschil mutaties bestemmingsreserves (bedragen in C x 1.000) 2e Loopbaanbeleid

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=fa189fc9-d976-48e6-accc-b3ddd6fc4537