[I25.15491] 1e Halfjaarnota 2025
Tekst van het document
Daarnaast worden gemeentelijke taken, zodat er een betere scenario’s uitgewerkt in het kader van de regionale samenwerking en coördinatie is, structurele capaciteit voor een robuustere meer hybride organisatievorm bevolkingszorgtaken. Er is een uitgebreid opleidingstraject uitgerold. Daarnaast is er een staat, er een sterkere kolom bevolkingszorg is en een duidelijkere positie en proces concept regionaal beleidsplan communicatie crisiscommunicatie is. opgesteld en een hand-out communicatiemiddelen voor gemeenten.
1.4.9
Programma Versterken weerbaarheid van de samenleving
Algemeen
Er is de afgelopen jaren steeds meer aandacht voor maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht bij crises en rampen. Militaire en hybride dreigingen, uitval van vitale processen en de effecten van klimaatverandering onderstrepen de urgentie hiervan. Onder een weerbare samenleving verstaan we een maatschappij waarin overheid, publieke en private partners, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen en inwoners zoveel mogelijk voorbereid zijn op maatschappelijke ontwrichting en het vermogen hebben deze te weerstaan, op te vangen en ervan te herstellen. Op dit thema lopen zowel landelijk als regionaal al veel initiatieven, maar de samenhang kan hierin beter. Dit vraagt om een goede rolverdeling tussen gemeenten, veiligheidsregio’s en het Rijk en een brede weerbaarheidsaanpak gericht op verschillende typen dreigingen. Met dit programma beoogt de VRR om haar netwerkpartners en inwoners beter voor te bereiden en uit te rusten om bedreigingen het hoofd te bieden en snel te kunnen herstellen na een calamiteit of crisis. Onderdelen van het programma zijn bijvoorbeeld: - Een uitwerking van de rolverdeling en verantwoordelijkheden van netwerkpartners - Resilience-pilots op wijkniveau in enkele gemeenten - Minimaal twee VRR-locaties inrichten als steunpunt/toevluchtsoord - Overige initiatieven ter stimulering van een weerbare samenleving.
Halfjaarnota 2025
27
Wat willen we bereiken? Invulling geven aan de gezamenlijke opgave van gemeenten, de veiligheidsregio en netwerkpartners tot het versterken van de weerbaarheid van de samenleving Wat gaan we hiervoor doen in 2025?
Wat hebben wij al bereikt in 2025
Opstellen en uitvoering geven aan het programmaplan in lijn met de bestuurlijke opdracht van het Veiligheidsberaad en de Landelijke Agenda Crisisbeheersing. Er zal gestart worden met "resilience-pilots” op wijkniveau en het inrichten van minimaal twee VRR locaties als steunpunt/toevluchts Oord. Daarnaast zullen overige initiatieventer stimulering van een weerbare samenleving worden uitgewerkt.
Het programmaplan Weerbaarheid wordt in samenwerking met de Veiligheidsregio ZuidHolland Zuid opgesteld. De kick-off zal in september plaatsvinden. Het eerste coördinerend noodsteunpunt wordt in september geopend. Ook wordt er gewerkt aan een bedrijfscontinuïteitsplan voor de interne weerbaarheid. Daarnaast wordt samen met partners in de vorm van een planningsstaf voorbereid op een acute situatie.
Wat mag het programma Risico- en Crisisbeheersing en GHOR kosten? Hieronder vindt u de totale kosten voor het programma Risico- en Crisisbeheersing en GHOR. Een uitgebreide toelichting vindt u in hoofdstuk 3. Risico- en crisisbeheersing ( x š 1.000)
Realisatie tot en met 30-6
2e BW 2025
Wijzigingen
3e BW 2025
Begroting 2026
Wijzigingen
1e BW 2026
Totaal lasten
7.567
16.241
-585
15.656
14.589
1.725
16.314
Totaal baten
8.558
18.421
244
18.665
16.853
-1.345
15.509
991
2.180
829
3.009
2.265
-3.070
-805
Saldo van de baten en lasten
Halfjaarnota 2025
28
2 Paragrafen 2.1 Bedrijfsvoering Onder invloed van ontwikkelingen in de samenleving zoals de klimaatverandering, de energietransitie en de onrust in de wereld, veranderen de risico’s in onze regio’s. Dit kan leiden tot (on)gekende crises die geen rekening houden met onze regiogrenzen. Veiligheidsregio’s hebben elkaar dus nodig om zich voor te bereiden op deze veranderingen. Naast de veranderende risico’s in onze omgeving zijn er ook zorgen over de continuïteit van onze organisatie, zoals door krapte op de arbeidsmarkt. Aanleiding genoeg om de samenwerking met Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid te verstevigen. De samenwerking zal zich vooral richten op de onderwerpen weerbaarheid, Artificiële Intelligentie, Piketorganisaties, HRM-processen, opleiden brandweerpersoneel en inkoop. Op de gebieden van inkoop en HRM lopen ook landelijk samenwerkingstrajecten. Denk hierbij aan gezamenlijk inkopen en het beleid rondom PTSS. 2.1.1. Wendbare organisatie
Om de doelen uit het beleidsplan de komende jaren te behalen, zal op het gebied van bedrijfsvoering voor een goede ondersteuning gezorgd moeten worden. De wendbaarheid die we van de organisatie vragen, heeft zijn weerslag op het type personeel dat hiervoor nodig is. De vraagstukken op het gebied van o.a. piket, vakbekwaamheid, het Veiligheid Informatie Knooppunt , het aantrekken van medewerkers voor de Brandweer en van verpleegkundigen voor de Ambulancezorg vragen om een meer strategische personeelsplanning. Het personeel dat de VRR hiervoor nodig heeft, is deskundig, benaderbaar, verbindend en onderscheidend. Continue deskundigheidsbevordering moedigt medewerkers hierbij aan om hun prestatie continu aan te passen en te verbeteren. Daarnaast is het belangrijk om als organisatie midden in de maatschappij te staan. De regio Rotterdam-Rijnmond kenmerkt zich door een hoge diversiteit aan culturen, kennis en ervaringen, maar ook zienswijzen. Deze diversiteit willen wij als VRR omarmen, omdat deze verschillen juist bijdragen aan de kwaliteit van onze dienstverlening. Om de wendbare organisatie te bereiken, wordt ingezet op de volgende drie pijlers: 1. 2. 3.
Aantrekkelijk en goed werkgeverschap Leren en ontwikkelen Diversiteit
Wat willen we bereiken? (Wendbare organisatie) De VRR is een wendbare organisatie: zij kan gemakkelijk schakelen tussen het dagelijks werk en de vraagstukken van de toekomst. De VRR geeft talent de ruimte en stimuleert ontwikkeling in een steeds veranderende omgeving. Wat gaan we hiervoor doen in 2025?
De VRR profileren als een zichtbare, herkenbare, aantrekkelijke en inclusieve werkgever op de externe arbeidsmarkt.
Halfjaarnota 2025
Wat hebben wij al bereikt in 2025 In het eerste half jaar heeft de focus gelegen op het nog gerichter inzetten van sociale media. In 2024 is het werkgeversmerk opgesteld. In de tweede helft van 2025 wordt onderzocht hoe er effectieve product-markt combinaties kunnen worden gemaakt. Daarnaast wordt er een koppeling gezocht met landelijke initiatieven.
29
Wat gaan we hiervoor doen in 2025?
Wat hebben wij al bereikt in 2025 In de eerste helft van 2025 zijn verdere stappen gezet in het stimuleren van de ontwikkeling van de medewerkers. Het leiderschapsprogramma is dusdanig ontwikkeld dat het organisatie overstijgend en cultuurdragend leiderschap stimuleert. Hiermee is een stevige basis gelegd voor de continue ontwikkeling van onze leiding gevenden en in het verlengde hiervan de vitaliteit en duurzame inzetbaarheid van alle medewerkers.
Aanmoedigen van medewerkers om zich blijvend te ontwikkelen door aandacht voor opleiden, werkplekleren, vitaliteit en duurzame inzetbaarheid.
Ook Door010 wordt ingezet om te zorgen voor een duurzamere inzetbaarheid en persoonlijke ontwikkeling van medewerkers. Bij de nieuwe aanbesteding voor arbodienstverlening zijn eisen gesteld die aansluiten bij de huidige aanpak rondom verzuim. Vanuit het beleidsplan PTSS/mentale overbelasting zijn de Mental Check Up gesprekken volledig ingevoerd. Daarnaast zijn in de eerste helft van 2025 de vruchten geplukt van de jarenlange voorlopersrol op het gebied van PTSS door middel van het akkoord op de landelijke PTSS regeling.
Diversiteit en inclusie krijgen consequent Aandacht voor diversiteit en inclusie binnen de aandacht. Dit gebeurt op meerdere vlakken en is vooral zichtbaar bij recruitment en het organisatie leiderschapsprogramma.
Halfjaarnota 2025
30
Vitaliteit:
Toelichting
In het eerste halfjaar is een proces ingericht waardoor een betere analyse en versnelde begeleiding van dreigend langdurig ziekteverzuim mogelijk wordt. Dit zal in het komende halfjaar verfijnd worden. Vanaf 2026 kan gerapporteerd worden op de voortgang en effecten. Dit zorgt voor een verbeterde mogelijkheid om te kunnen sturen ten aanzien van het ziekteverzuim. Agressiemeldingen
Aantal meldingen 1 e halfjaar Aantal melding van agressiviteit tegen medewekers Waarvan bij de ambulancedienst Waarvan bij de brandweer
2021
2022
2023
2024
2025
30
37
32
45
43
25 5
35 2
32 0
44 1
38 5
Ten opzichte van 2024 is er niet langer een duidelijke stijging te zien. De incidenten bestaan vooral uit een combinatie van fysiek en verbaal geweld. Wat opvalt bij de incidenten is, dat er dit jaar meerdere keren sprake is geweest van bijt-incidenten, waarbij patiënten onder invloed van alcohol en drugs ambulancemedewerkers hebben gebeten. Deze incidenten hebben grote impact op de medewerkers gelet op gezondheidsrisico’s door besmettingen, zoals hepatitis, HIV etc. De betreffende medewerkers hebben dan ook bloedonderzoek laten doen en medicijnen gekregen om infectierisico’s te beteugelen. Het lijkt erop, dat de locaties waar agressie en geweld plaats aan het verschuiven is. De verhouding tussen thuissituatie en buitenshuis is gewijzigd. Er wordt onderzocht waar dit door veroorzaakt wordt. Gekeken wordt of er een toename is van het aantal dak- en thuislozen en/of een toename van personen die “onbegrepen gedrag” vertonen.
Halfjaarnota 2025
31
2.1.2. Doorontwikkeling informatievoorziening en informatiebeveiliging
Om de crisis van de toekomst te kunnen beheersen is beschikbaarheid van de juiste informatie cruciaal. Goede informatievoorziening zorgt ervoor dat de medewerkers van de VRR hun werk effectiever en veiliger kunnen doen. De VRR beschikt op dit moment deels over de benodigde technische voorzieningen om haar hulpverleners van informatie te kunnen voorzien. De manier waarop dit nu is ingericht, is echter nog te weinig professioneel om hierop te kunnen vertrouwen. De huidige voorzieningen zijn heel kwetsbaar terwijl de hulpverleners op straat afhankelijk zijn van deze voorzieningen om effectief en veilig hun werk te kunnen doen. Hiernaast is er ook een grote informatiebehoefte bij bestuurders, burgers en de pers. Zowel real-time tijdens een incident of crisis om de juiste besluiten te kunnen nemen, als na afloop om verantwoording af te leggen. Informatieanalyse is hard nodig om de incidenten van de toekomst het hoofd te kunnen bieden. Om in deze behoeftes te voorzien, gaan wij stappen zetten in de informatie-huishouding van de VRR. Er zal in de komende jaren geïnvesteerd worden in zowel ICT-ers, functioneel beheerders en professionele technische voorzieningen. Daarnaast gaan wij goede informatiebeveiliging realiseren.
Wat willen we bereiken? (Doorontwikkeling informatievoorziening en informatiebeveiliging) De VRR voorziet haar medewerkers van de juiste informatie en tools om hun werk effectief en veilig te kunnen doen en zorgt voor adequate informatiebeveiliging. Wat gaan we hiervoor doen in 2025? ICT ondersteuning 24/7 beschikbaar onder meer door een SOC (alarmering op mogelijke dreigingen, zodat je je beveiliging kan verhogen) en een CERT (een crisisteam in geval van een cybercrisis) paraat te hebben. Uitvoering geven aan de visie op operationele informatievoorziening.
Halfjaarnota 2025
Wat hebben wij al bereikt in 2025 Het CERT is gereed en werkend. Er is een SOC paraat gedurende kantoortijden. Voor een 24/7 beschikbaar hebben van een SOC gaan wij aansluiten bij het landelijke initiatief. Met name vanuit landelijke initiatieven zoals KCR2 , IGV en het VIK krijgt de visie steeds meer vorm. De visie en de invulling daarvan wordt zoveel als mogelijk door de VRR gevolgd.
32
2.1.3. Duurzaamheid
Zowel nationaal als internationaal zijn afspraken gemaakt op het gebied van duurzaamheid. Ook de VRR heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. Dit blijkt onder andere uit het de ondertekening van het manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen. Deze ondertekening houdt in dat de VRR naast de inkoopsprijs ook nadrukkelijk ook heeft voor de effecten van inkoop op de omgeving (klimaat, milieu, grondstoffen) en sociale aspecten. De VRR-brede duurzaamheidsambitie is om een klimaat neutrale en circulaire organisatie te zijn in 2040. De komende jaren werkt de VRR aan drie aandachtspunten, te weten mens, klimaatbewust en circulair. Met deze aandachtspunten wil de VRR duurzaamheid onderdeel maken van ons DNA en het handelen van de VRR.
Wat willen we bereiken? (Duurzaamheid) De VRR wil dat in 2027 duurzaamheid onderdeel is van ons DNA en ons handelen en in 2040 wil de VRR een inclusieve, circulair en klimaat neutrale organisatie zijn. Wat gaan we hiervoor doen in 2025?
Inbedden van "duurzaamheidsdenken" in de organisatie en uitvoering geven aan ons programma
Halfjaarnota 2025
Wat hebben wij al bereikt in 2025 De implementatie van de laadpalen is in volle gang. De helft van de 52 laadpalen is inmiddels geplaatst. Daarnaast zijn op dit moment 16 dieselvoertuigen vervangen door elektrische voertuigen. Om die duurzaamheidstransitie te versnellen zijn er op basis van wetenschappelijk onderzoek 44 interventies vastgesteld. Uit een eerste meting blijkt dat het voor bijna 200Zo van de respondenten steeds duidelijker wordt, hoe zij vanuit hun functie bij kunnen dragen aan de verduurzaming.
33
2.2
Openbaarheidsparagraaf
De Wet open overheid (Woo) zal de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervangen. Het doel van de Woo is een meer transparante en actief openbaar makende overheid. Veel meer dan de Wob verplicht de Woo tot het actief, uit eigen beweging, openbaar maken van documenten. Daarnaast is er de verplichting tot het op orde brengen van de informatiehuishouding van het bestuursorgaan Wat willen we bereiken? (Openbaarheidsparagraaf í WOO) Voldoen aan de Woo Wat gaan we hiervoor doen in 2025? Implementeren plan informatiehuishouding (e mail, tekstberichten, informatiebeheer en archivering op orde brengen)
Woo-verzoeken Aantal ontvangen woo-verzoeken Aantal openbaar gemaakte documenten Aantal ontvangen zienswijze verzoeken Aantal geen bezwaar openbaar making n.a.v. zienwijze verzoeken
Wat hebben wij al bereikt in 2025 In de afgelopen periode is voornamelijk ingezet op de implementatie van het classificeren van data. Dit is één van de zaken die in het kader van BIO dienen te gebeuren en bijdragen aan deugdelijk informatiebeheer.
t/m juni 2023 1
t/m juni 2024 t/m juni 2025 3 3
6
5
9
6
5
4*
* In 5 gevallen waren er nog persoonsgegevens te zien in de documenten. Die zijn voor openbaarmaking alsnog weggelakt.
Halfjaarnota 2025
34
2.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicomanagement Het doel van risicomanagement is structureel bij te dragen aan het in control zijn van de VRR. De doelstellingen en de kaders van risicomanagement zijn beschreven in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement (vastgesteld door AB 11 december 2024). In de Auditcommissie is afgesproken om de risicoanalyse daar waar mogelijk op te splitsen naar de 3 grootste stakeholders van de organisatie. De stakeholders zijn op basis van de financiering van de veiligheidsregio bepaald en dat zijn de gemeenten, zorgverzekeraars en het Rijk (bij specifieke uitkeringen). Per stakeholder wordt dan de benodigde weerstandscapaciteit bepaald op basis van de risico’s die kunnen optreden. Door deze af te zetten tegen de beschikbare weerstandscapaciteit per stakeholder kan de weerstandsratio per stakeholder worden bepaald. Het scheiden van de risico's is niet altijd mogelijk. In het geval dat splitsen niet mogelijk is zijn de risico's opgenomen bij de stakeholder gemeente. 2.3.1 Benodigde weerstandscapaciteit per stakeholder
De benodigde weerstandscapaciteit is gebaseerd op de risico’s die kunnen optreden in de periode 2025 tot en met 2029. Deze risico’s zijn opgenomen in onderstaande tabel. Risico s = structureel i = incidenteel Risico's stakeholder gemeenten
Duurzame piketorganisatie Vakbekwaamheid Claims van onverzekerbare risico's Personele capaciteit brandweer Bouwsteen verplichtend karakter Niet of beperkt verzekerbare schade Fiscale risico's Ontwikkeling GHOR Aanwijzing aanbieder vitale processen
1 s s s s s s s s s
Totaal Risico's stakeholder gemeenten
Raming
Raming
Raming
Raming
Raming
2025
2026
2027
2028
2029
-
-
-
-
115 511 PM
PM 532 467 100 750
PM
PM 532 3.400 467 100 750
PM
PM 532 3.400 467 100 750
PM
PM 532 3.400 467 100 750
PM
532 3.400 467 100 750 PM
2.474
5.249
5.249
5.249
5.249
233 100
400 233 100
400 233 100
400 233 100
400 233 100
333
733
733
733
733
50
50 140
50 140
50 140
50 140
Risico's Stakeholder Zorgverzekeraar
Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Niet of beperkt verzekerbare schade Fiscale risico's
s s s
Totaal Risico's stakeholder zorgverzekeraar Risico's Stakeholder Rijk
Fiscale risico's Alarmering bevolking Totaal Risico's stakeholder Rijk Totaalbedrag bruto risico's (bedrag x C1.000)
s s
u
50
190
190
190
190
2.857
6.172
6.172
6.172
6.172
Deze totaalbedragen betreffen de bruto-risico’s van dat jaar. Dat wil zeggen dat dit de verwachte kosten zijn als de risico’s zich voordoen zonder dat daar een vergoeding tegenover staat.
Halfjaarnota 2025
35
Er is een aantal risico’s waarvan wordt verwacht dat hier tegenover een financiële compensatie vanuit het Rijk zal staan. Het gaat om de risico’s: -
Bouwsteen verplichtend karakter Alarmering bevolking Ontwikkeling GHOR Niet of beperkt verzekerbare schade
Deze risico’s zijn onderdeel van de risico’s van de stakeholder gemeenten. Als deze verwachte compensatie van het totaalbedrag aan risico’s wordt afgetrokken resteert het nettobedrag aan risico’s: Totaal Risico's
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
1.237 -608
5.249 -4.483
5.249 -4.483
5.249 -4.483
5.249 -4.483
629
765
765
765
765
167 -117
733 -167
733 -167
733 -167
733 -167
T otaalbedrag risico's stakeholder gemeenten (bedrag x C1.000) T otaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x C1.000) Totaal netto- risico's stakeholder gemeenten (bedrag x 61.000)
Totaalbedrag risico's stakeholder zorgverzekeraar (bedrag x C1.000) Totaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x 61.000) (bedrag x 61.000) T otaalbedrag risico's stakeholder Rijk (bedrag x C1.000) T otaalbedrag verwachte compensatie (bedrag x C1.000) Totaal netto-risico's stakeholder Rijk (bedrag x 61.000) Totaal netto- risico's (bedrag x 61.000)
50
567
567
567
567
25 -
190 -140
190 -140
190 -140
190 -140
25 704
50 1.382
50 1.382
50 1.382
50 1.382
De verschillende risico’s zijn hieronder kort omschreven. Duurzame piketorganisatie en vakbekwaamheid Met het aannemen van de Ontwikkelagenda is besloten om te investeren in de piketorganisatie en vakbekwaamheid. De investeringen in het kader van de Ontwikkelagenda zijn in 2023 gestart. Het resterende risico is nu bepaald op basis van het oorspronkelijke bedrag van de risico’s minus de beschikbare gelden vanaf 2024. Vrijwaring van gemeenten voor aansprakelijkheid van niet verzekerbare risico’s Op advies van de Bestuurlijke Auditcommissie (2018) is dit risico als PM-post opgenomen in de risicoinventarisatie. Bij dit risico gaat het om juridische gevolgrisico’s zoals claims. Personele capaciteit brandweervrijwilligers De personele capaciteit van de brandweervrijwilligers staat onder druk. Zeker in kleinere dorpskernen is het lastig om de paraatheid 24 uur per dag, 7 dagen in de week te garanderen. Om het probleem van de capaciteit op de kazernes op te lossen zal mogelijk extra beroepspersoneel ingezet moeten worden. Het inzetten van een beroeps in dagdienst op een kazerne kost ongeveer C 100k per jaar. Vooralsnog is de inschatting dat dit wellicht nodig is op 5 kazernes. De kosten om dit risico op te heffen komen daarmee uit op C500k op jaarbasis. Voor 2025 is dit bedrag gehalveerd, in de 1e helft van dit jaar heeft het risico zich niet voorgedaan.
Halfjaarnota 2025
36
Bouwsteen verplichtend karakter (voorheen Deeltijdregeling brandweervrijwilligers) De positie van de brandweervrijwilligers op grond van de deeltijdrichtlijn is op grond van Europese regelgeving juridisch niet meer houdbaar. Om hiervoor een oplossing te vinden is landelijk onderzocht hoe brandweervrijwilligers te onderscheiden zijn van de beroepskrachten. Hieruit is een denkrichting ontstaan die bestaat uit 4 met elkaar samenhangende bouwstenen waarvan de eerste “Verplichtend karakter” is. Dit betekent o.a. dat een vrijwilliger te allen tijde werkt op basis van vrijwilligheid en niet kan worden verplicht om taken uit te voeren of aanwezig te zijn op een bepaald moment. Verder zijn vormen van kazernering en consignatie van vrijwilligers niet meer aan de orde. Het veiligheidsberaad heeft voor deze eerste bouwsteen een implementatieplan opgesteld dat eind 2022 is gepresenteerd. Landelijk is in kaart gebracht wat de consequenties hiervan zijn waarbij het uitgangspunt is om vanuit een landelijke aanpak te komen tot een vergoeding vanuit het Rijk voor deze consequenties. De meerkosten worden op landelijk niveau ingeschat op C 31.000K. per jaar, en voor de VRR komt het uit op een bedrag van C 3.000K. In het implementatieplan is opgenomen dat de nieuwe werkwijze wordt ingevoerd als er dekking komt voor de extra kosten vanuit het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Als het niet lukt om een vergoeding te krijgen vanuit het Rijk loopt de VRR het risico om de financiële consequenties zelf te moeten betalen. Het is niet de verwachting dat het in 2024 en 2025 nog ingevoerd gaat worden en daarmee is het risico voor die jaren op 0 gezet. Niet of beperkt verzekerbare schade De VRR krijgt steeds meer te maken met extreme premiestijging van verzekeringen. Daarnaast bestaat de kans dat een aantal risico’s niet meer verzekerbaar blijven. Deze ontwikkeling geldt voor alle veiligheidsregio’s. In 2021 heeft het veiligheidsberaad het principebesluit genomen tot oprichting van de stichting expertisebureau risicobeheer en verzekeringen veiligheidsregio’s. Eind 2021 heeft het algemeen bestuur besloten tot deelname aan deze stichting. Deze stichting adviseert de veiligheidsregio’s op het thema risicobeheer in relatie tot ongevallen en schade. De stichting Waarborgfonds is bedoeld voor niet-verzekerbare risico’s in relatie tot personele verzekeringen waaraan alle veiligheidsregio’s een financiële bijdrage zullen leveren. De financiële bijdrage aan de stichting en het waarborgfonds komt dan in de plaats van de verzekeringspremie. Met ingang van 2024 is de stichting Waarborgfonds in werking en heeft een ongevallenverzekering afgesloten voor alle veiligheidsregio’s. Daarmee is het risico van niet-verzekerbare letselschade bij ongevallen gedekt.
Het risico van onverzekerbare schades aan voertuigen blijft nog wel bestaan. De afgelopen jaren is gemiddeld C 500K. per jaar aan schade geweest aan voertuigen. De huidige verzekeraar heeft het contract voor de voertuigenverzekering opgezegd en er wordt gezocht naar een nieuwe verzekeraar. Vanwege deze situatie is het risico verhoogd met C 200K. omdat de verwachting is dat een nieuwe verzekeraar meer eigen risico bij de veiligheidsregio in rekening zal brengen. Fiscale risico’s Er is regelmatig overleg met de rijksbelastingdienst over diverse fiscale onderwerpen. Voorbeelden hiervan zijn de toepassing van de BTW voor verschillende wettelijke en niet-wettelijke activiteiten en de vennootschapsbelasting. De VRR beschikt niet over fiscaal specialisten om de juiste toepassing van de regelgeving te waarborgen. Landelijk wordt gekeken of deze functie in gezamenlijkheid met alle regio’s kan worden geleverd. De VRR huurt hier nu expertise voor in of vraagt collegiaal advies bij andere veiligheidsregio’s. Toch kunnen er verschillen van inzicht blijven bestaan waarin beroep en bezwaarprocedures van toepassing zijn. De uitkomst van dergelijke trajecten zijn ongewis. Daarnaast vinden er regelmatig controles plaats. Zo hebben we de afgelopen jaren controle gehad op de loonheffing en b.v. het gebruik van dienstvoertuigen. Hier zijn naheffingen uit voortgekomen.
Ondanks afspraken en goede controles is dit niet altijd te voorkomen. Halfjaarnota 2025
37
Alarmering bevolking Het waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS) in Nederland is een netwerk van ongeveer 3.800 sirenes die draadloos en onafhankelijk van elkaar aangezet kunnen worden vanuit de meldkamer. Het wordt gebruikt om te waarschuwen voor (dreigend) gevaar, met name als er gevaarlijke stoffen in de lucht aanwezig (kunnen) zijn. Plannen om het WAS op te heffen en te vervangen door NL-Alert, calamiteitenzenders en sociale media zijn meermaals uitgesteld maar het ministerie van J en V heeft dit jaar aangegeven het WAS per 2025 uit te faseren. Inmiddels heeft de 2e kamer ingestemd met een motie tot behoud van het WAS. Voor de regio Rotterdam-Rijnmond en met name het effectgebied van het havenindustrieel complex heeft het systeem tot heden een duidelijke toegevoegde waarde gehad als het gaat om bijvoorbeeld het waarschuwen bij het vrijkomen van gevaarlijke stoffen. In de kamerbrief geeft de minister aan dat voor hoog risicolocaties er lokaal maatwerk kan worden geleverd. Het is niet duidelijk hoe dit bekostigd gaat worden. Een extra risico dat naar voren is gekomen, betreft het feit dat de huidige leverancier van WAS-palen de productie heeft stopgezet. Dit betekent dat gemeenten geen nieuwe WAS-palen meer kunnen plaatsen. Het risico bij instandhouding van het WAS op risicolocaties is dat de kosten door de VRR zelf gedragen zullen moeten worden.
Gezien het grote aantal locaties in de regio wordt het risico voor de VRR ingeschat op C 140k per jaar vanaf 2025. Dit is gebaseerd op een onderzoek van het WODC (Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum) van het najaar 2021. Ontwikkeling GHOR Op basis van onderzoek is vastgesteld, dat de GHOR voor uitdagingen staat die niet binnen de huidige formatie kunnen worden opgevangen. Uitdagingen die van belang zijn om het openbaar bestuur goed in positie te kunnen brengen en houden in geval van een crisis. Deze uitdagingen zijn ontstaan door een veranderend landschap van wet- en regelgeving en verantwoordelijkheden binnen het veiligheidsdomein en binnen het gezondheidszorgdomein. Er zal versterkt ingezet worden op het thema zorgcontinuïteit en op het ontwikkelen van zorgrisicoprofielen. Daarnaast heeft de Covid-crisis aangetoond, dat het in het belang is van het openbaar bestuur om goed zicht te hebben op de effecten van ernstige verstoringen in de continuïteit van de zorgketen. Dit moet bestendigd worden in de reguliere organisatie van de GHOR. Op dit moment vindt een nadere uitwerking hiervoor plaats. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat extra financiële lasten die hiermee gepaard gaan, gedekt zullen worden door het Rijk. Op basis van een verwachte uitbreiding van formatie wordt dit risico nu ingeschat op C 750K. per jaar.
Voor 2025 is het risico verlaagd omdat er in de eerste maanden geen extra kosten zijn geweest. Naar verwachting zal in het 3e kwartaal ene besluit worden genomen over de positionering van de GHOR. Niet leveren van afgesproken diensten ambulancezorg Jaarlijks wordt onderhandeld met zorgverzekeraars over het budget inzake spreiding en beschikbaarheid van de ambulancezorg. Het risico bestaat dat de VRR de gemaakte budgetafspraken met de zorgverzekeraars over het te leveren aantal diensten niet kan nakomen, bijvoorbeeld door schaarste aan personeel. Het leveren van minder diensten kan leiden tot een lager budget. In 2022 en 2023 heeft dit risico zich voorgedaan. Voor 2025 is afgesproken met de zorgverzekeraars dat het budget gebaseerd wordt op het aantal uitgevoerde ritten in plaats van op het aantal uit te voeren diensten. Hierdoor is het risico voor 2025 nihil. Dit is verwerkt in de 3e begrotingswijziging.
Halfjaarnota 2025
38
Aanwijzing aanbieder vitale processen Door het Ministerie van Justitie en Veiligheid zijn de processen Inzet Brandweer, Crisiscoördinatie en besluitvorming en Communicatie- en informatievoorziening hulpdiensten en crisispartners aangewezen als onderdeel van de vitale infrastructuur. Naar verwachting zal met deze aanwijzing de externe druk en het toezicht op deze activiteiten verder toenemen. Zo zullen vanuit het ministerie vitaliteitsbeoordelingen en weerbaarheidsanalyses plaatsvinden, zal de effectiviteit worden getoetst en zal waar nodig worden bijgestuurd. Omdat de implicaties van de aanwijzing aanbieder vitale processen nog niet helemaal helder zijn, hebben we deze opgenomen in de risicoparagraaf met een p.m. waardering. Zodra de vitaliteitsbeoordeling binnen is kunnen we de consequenties specifiek maken. 2.3.2 Ontwikkeling weerstandsvermogen per stakeholder
De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve die onderdeel is van het Eigen vermogen. Deze is gesplitst in een deel dat is gefinancierd door de zorgverzekeraars en een deel dat is gefinancierd door de gemeenten. Er is op het moment geen deel van het Eigen vermogen dat is gefinancierd door het Rijk. De ratio weerstandsvermogen (Weerstandsratio) is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (gekwantificeerde risico’s). Het weerstandsvermogen geeft de financiële robuustheid aan van de begroting, de jaarrekening en de financiële positie. beschikbare weerstandscapaciteit Weerstandsratio = benodigde weerstandscapaciteit Zoals al in de vorige paragraaf is aangegeven wordt de weerstandsratio bepaald per stakeholder. Dat zijn nu de gemeenten, de zorgverzekeraars en het Rijk. Omdat geen deel van het eigen vermogen door het Rijk gefinancierd wordt is hier geen separate weerstandsratio voor te bepalen. Op basis van de verwachte ontwikkeling van het resultaat de komende jaren (zie hoofdstuk 3) en de inschatting van de netto-risico’s (zie 2.3.1) ontwikkelt de weerstandsratio als volgt:
Halfjaarnota 2025
39
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)
4.297 704
4.791 1.382
4.791 1.382
4.791 1.382
4.791 1.382
Weerstandsratio netto-risico's
6,1
3,5
3,5
3,5
3,5
Benodigd, bruto-risico's (x C 1.000)
1.429
6.172
6.172
6.172
6.172
Weerstandsratio bruto risico's
3,0
0,8
0,8
0,8
0,8
Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)
1.543 629
1.543 765
1.543 765
1.543 765
1.543 765
Weerstandsratio netto-risico's
2,5
2,0
2,0
2,0
2,0
Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)
2.754 50
3.248 567
3.248 567
3.248 567
3.248 567
Weerstandsratio netto-risico's
55,1
5,7
5,7
5,7
5,7
Beschikbaar (x C 1.000) Benodigd, netto-risico's (x C 1.000)
-
-
-
-
-
Weerstandsratio netto-risico's Norm = 0,8
-
-
-
-
-
0,8
0,8
0,8
0,8
0,8
Weerstandsratio
Totaal VRR
Stakeholder Gemeente
Stakeholder zorgverzekeraar
Stakeholder Rijk
Halfjaarnota 2025
25
50
50
50
50
40
De VRR hanteert voor een gezond weerstandsvermogen een ratio tussen de 0,5 en 0,8 waarbij voor de benodigde weerstandscapaciteit wordt uitgegaan van de netto-risico’s. Door de daling van de netto risico’s in de loop van de jaren komt de ratio voor de netto-risico’s ruim boven deze norm uit. Voor de bruto-risico’s ligt de ratio binnen de bandbreedte van 0,5-0,8. Voor de stakeholder zorgverzekeraar is de weerstandsratio ruim boven de norm. Omdat er voor de stakeholder Rijk geen vermogen beschikbaar is, is er geen ruimte om het risico op te vangen
2.3.3 Kengetallen en beleidsindicatoren Financiële kengetallen Kengetallen
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
Halfjaarnota 2025
3e BW 2025 1e BW 2026 Plan 2027
16,77 16,77 19,17
-1,47
23,77 23,77 16,07 -1,37
27,67 27,67 14,97 0,07
Plan 2028
Plan 2029
27,27 27,27 14,37 0,07
23,87 23,87 14,87 0,07,
41
Door negatieve resultaten en hogere onttrekkingen aan bestemmingsreserves daalt de solvabiliteitsratio na 2025. Door het incidentele karakter van deze onttrekkingen daalt ook de structurele exploitatieruimte Beleidsindicatoren |
3e BW 2025
Beleidsindicatoren taakveld Bestuur í Ondersteuning
Totaal
per inwoner
Apparaatkosten
C
Externe Inhuur
C 10.003.567
-
Overhead
C 32.992.000
-
Re Ie id ^indicatoren taakveld taakveld Re^tuur Bestuui ã w BeleidsiMdicaiwi
2.530.446
1e BW 2026 b/o van Totaal
1,85
C
2.581.055
6,0y0
C
5.773.959
-
3,3y0
14,807o
C
35.345.000
-
15,107o
Formatie 2024
Formatie
2.272
Bezetting
2.295
1,68
Halfjaarnota 2025
Totaal Fte
1,89
Formatie 2025
Fte per 1.000 inw. 1,67
Ondersteuning
1 per inwoner 1 “/o van Totaal
Totaal
2.299
Fte per 1.000 inw. 1,68
2.351
1,71
Totaal Fte
42
2.4 Ontwikkeling van de Financiering Voor de uitvoering van de begroting is het essentieel dat de veiligheidsregio beschikt over voldoende financiële middelen. Naast de inkomsten kunnen hiervoor extra middelen worden aangetrokken conform de uitgangspunten en richtlijnen uit het treasurystatuut. Financiering is uitsluitend toegestaan ten behoeve van de publieke taak en wordt zoveel mogelijk beperkt en afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning. In het volgende overzicht zijn de bestaande leningen gespecificeerd en is tevens een prognose opgenomen van de financiering voor de komende jaren. De VRR verwacht in de komende jaren deze middelen aan te moeten trekken ter financiering van de investeringen. Omschrijving Binnenlandse banken 1 - BNG 2 - BNG 3 - BNG 4 - BNG 5 - BNG 6 - BNG 7 - BNG (2014) 8 - BNG (2015) 9 - BNG (2016) 10 - BNG (2017) 12 - BNG (2020) 13 - BNG (2020) 15 - NWB (2019) 16 - NWB (2021) 17 - Financial Lease RABO 18 - Financial Lease ABN 16 - BNG (2022) Prognose nieuwe lening 2024 Prognose nieuwe lening 2025 Prognose nieuwe lening 2026 Prognose nieuwe lening 2027 Prognose nieuwe lening 2028 Prognose nieuwe lening 2029 Prognose nieuwe lening 2030 Totaal (*C 1000)
hoofdsom
1.450 2.340 1.589 2.305 10.000 10.000 7.500 7.500 10.000 5.000 5.000 7.200 8.000 5.000 906 4.130
Rente Saldo 31-12 Saldo 31-12 Saldo 31-12 Saldo 31-12 Saldo 31-12 Saldo 31-12 2024 2025 2026 2027 2028 2029 "/o 5,890 3,620 5,400 3,720 2,900 2,930 1,390 1,410 1,195 0,195 0,315 0,585 0,080 0,230 -
10.000 0,755 5.000 5.000 10.000 r 5.000 F 5.000 F 5.000 F 5.000
338 655 715 1.268 2.667 3.333 3.000 3.500 2.250 3.000 3.000 6.048 5.333 3.500 43 1.828
290 562 675 1.210 2.000 2.667 2.500 3.000 1.250 2.500 2.500 5.760 4.800 3.000 0 1.338
242 468 636 1.153 1.333 2.000 2.000 2.500 250 2.000 2.000 5.472 4.267 2.500
8.000 48.479
7.000 41.051
6.000
784
10.000 43.604
193 374 596 1.095 667 1.333 1.500 2.000 1.500 1.500 5.184 3.733 2.000 390
145 281 556 1.037 0 667 1.000 1.500 1.000 1.000 4.896 3.200 1.500 -
97 187 516 980 -0 500 1.000 500 500 4.608 2.667 1.000 -
-
-
5.000 9.000 5.000 41.066
4.000 8.000 4.500 5.000 38.282
3.000 7.000 4.000 4.500 5.000 36.055
Rentegevoeligheid Alle bestaande leningen hebben een vaste rente tot het einde van de looptijd. Voor de periode 2026 2029 wordt rekening gehouden met 4,507o rente voor de nieuw af te sluiten leningen. Over het saldo liquide middelen wordt rente ontvangen. In de eerste 2 kwartalen in 2025 is C 419K. aan rente ontvangen. Voor 2025 wordt nu ingeschat dat de renteontvangsten zullen uitkomen op totaal C 600K. De verwachting voor de totale rentelasten en -baten voor 2025 en 2026 is als volgt: Kredietfaciliteiten Bedragen *š1000
2025
2026
Rentelasten Rentebaten
-534 600
-661 400
Rente saldo
66
-261
De VRR heeft geen kredietlimiet op haar rekening-courant. Halfjaarnota 2025
43
Ontwikkelingen schatkistpapier Decentrale overheden zoals de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond mogen hun overtollige geldmiddelen niet bij banken aanhouden. In plaats daarvan moeten deze middelen ondergebracht worden bij de schatkist van het ministerie van Financiën. Dit houdt in dat overtollige gelden alleen op een rekening-courant of via deposito’s bij de schatkist gestald mogen worden of onderling worden uitgeleend aan andere decentrale overheden. Renterisico op korte schuld: de kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Financiering Decentrale Overheden een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. De kasgeldlimiet stelt derhalve dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentrale overheid niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is dus een voorgeschreven sturings- en verantwoordingsinstrument ter beperking van het renterisico op de korte schuld. Als grondslag van de wettelijk toegestane omvang van de kasgeldlimiet wordt de omvang van de jaarbegroting voor het hele verslagjaar aangehouden. Voor de gemeenschappelijke regelingen bedraagt het percentage voor de berekening van de kasgeldlimiet voor het jaar 2025 en verder 8,207o. Kasgeldlimiet 2025-2029
2025
2026
2027
2028
2029
Grondslag: Lasten Begroting in procenten van de grondslag
227.629 8,2y0
230.744 8,2y0
232.970 8,2y0
233.181 8,2y0
233.181 8,2y0
Toegestane netto vlottende schuld :
-18.666
-18.921
-19.104
-19.121
-19.121
20.838 20.838
8.611
564
309
1.816
Saldo netto vlottende middelen (a+b)
8.611
564
309
1.816
Ruimte
39.504
27.532
19.668
19.430
20.937 ^
(bedragen x ē 1.000)
Toetsing : Omvang vlottende schuld (a.) Af: Vlottende vorderingen (b.)
Renterisico op langlopende schuld: de renterisiconorm De VRR loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet Financiering decentrale overheden de renterisiconorm geformuleerd. De renterisiconorm bepaalt dat het bedrag van de langlopende schuld dat binnen een gegeven jaar verplicht moet worden afgelost of waarvan de rente moet worden herzien, maximaal 2007o van het begrotingstotaal mag bedragen. Het doel van deze norm is dat de lange leningenportefeuille zodanig over de jaren verdeeld is dat het renterisico dat voortkomt bij herfinanciering en renteherzieningen gelijkmatig over de jaren wordt gespreid.
Halfjaarnota 2025
44
Renterisiconorm 2025-2029 (bedragen x ē 1.000)
2025
2026
2027
2028
2029
Netto renteherziening op vaste schuld (o/g./.u/g) Aflossingen
7.394
7.448
7.538
7.784
7.227
Renterisico
7.394
7.448
7.538
7.784
7.227
Lasten begroting Percentage cf. regeling
227.629 20Zo
230.744 20Zo
232.970 200Zo
233.181 20Z
233.181 20Z
Renterisiconorm
45.526
46.149
46.594
46.636
46.636
Renterisiconorm Renterisico
45.526 -7.394
46.149 -7.448
46.594 -7.538
46.636 -7.784
46.636 -7.227
Ruimte onder renterisiconorm:
38.132
38.701
39.056
38.852
39.409 ,
Halfjaarnota 2025
45
3 Financiën 3.1 Financiële ontwikkelingen Op basis van de realisatie en de ontwikkelingen van de laatste maanden en de prognose 2025 is een 3e begrotingswijziging 2025 en een 1e begrotingswijziging 2026 opgesteld. Hierin zijn alle financiële wijzigingen verwerkt die bij het opstellen van de 2e begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 nog niet bekend waren of onvoldoende konden worden ingeschat. In de 3e begrotingswijziging 2025 wordt uitgegaan van een positief resultaat van C 4,9 mio. positief. Dit is 2,3 miljoen meer dan verwacht. Voor het programma Ambulancezorg wordt in 2025 een positief resultaat van C 500K. verwacht. Dit bedrag wordt toegevoegd aan de algemene reserve ten gunste van het programma Ambulancezorg. Voor de overige programma’s verwachten wij dat het resultaat uitkomt op C 4,4 mio. Dit is een verbetering van het resultaat met C 1,8 mio. Voor de 1e begrotingswijziging 2026 wordt voor het programma Ambulancezorg een nihil resultaat verwacht. Voor de overige programma’s wordt een negatief resultaat van C 1,3 mio. verwacht, Dit verschil wordt veroorzaakt door de 100Zo korting op de BDuR. Op hoofdlijnen worden de mutaties in het resultaat over 2025 veroorzaakt door de volgende factoren: Brede doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR): In juni heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid aangegeven dat deze uitkering voor 2025 wordt geïndexeerd met C 685K.
In de 2e begrotingswijziging is vooruitlopend op de definitieve indexatie al rekening gehouden met C 460K. In de 3e begrotingswijziging is de resterende 225K. verwerkt. Cao-onderhandelingen 2025: De Cao Veiligheidsregio’s loopt tot 1 augustus 2025. In de begroting van 2025 is rekening gehouden met een loonstijging van 607o per augustus. Op basis van de inzetbrieven van zowel werkgever als bonden lijkt de 607o voor 2025 te hoog. De loonstijging is teruggebracht naar 407o wat incidenteel een positief resultaat geeft. Personele inzet: Vanwege de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt lukt het binnen enkele onderdelen van de organisatie niet om alle functies te vervullen. Dit wordt deels opgevangen door inzet van tijdelijk personeel. Desondanks wordt verwacht dat de kosten voor personele inzet in 2025 lager zullen uitvallen dan in de 2e begrotingswijziging 2025 is opgenomen. Kapitaallasten - afschrijvingen: Door de verschuiving van investeringen nemen de afschrijvingslasten in 2025 per saldo af met C 534K. Rente: Door het uitstel van een aantal investeringen zijn er voor 2025 voldoende liquide middelen beschikbaar. Hierdoor hoeft er geen nieuwe financiering te worden aangetrokken, terwijl daar in de 2e begrotingswijziging 2025 nog wel rekening mee was gehouden. Dit leidt tot een verlaging van de rentelasten met C 38K. Daarnaast wordt over de liquide middelen rente ontvangen.
In de 2e begrotingswijziging is rekening gehouden met een renteopbrengst van C 400K. Nu wordt een renteopbrengst van C 600K. ingeschat.
Halfjaarnota 2025
46
Ambulancedienst: De overleggen met de zorgverzekeraars over het definitieve budget voor de ambulancezorg op basis van de "Wet marktordening Gezondheidszorg" zijn afgerond. Naar verwachting worden de gemaakte afspraken binnenkort ondertekend. In deze rapportage is rekening gehouden met de uitkomsten van deze afspraken voor 2025. Een belangrijk onderdeel van de afspraken is, dat het beschikbaarheidsbudget voor ambulancezorg in 2025 wordt gebaseerd op de werkelijke kosten. Dit betekent dat er in 2025 geen verrekening plaatsvindt op basis van het aantal diensten. Op basis hiervan wordt een positief resultaat voor de ambulancedienst verwacht van C 500K. Van dit bedrag zal C 33K. worden onttrokken aan de bestemmingsreserve voor de pilot met de elektrische ambulance die in 2024 van start is gegaan. Voor het budget in 2026 moeten de onderhandelingen met de zorgverzekeraars nog beginnen. In afwachting van de uitkomsten hiervan is in de opbrengsten al rekening gehouden met de verwachte loonstijging. PTSS: De minister van Justitie en Veiligheid heeft de afgelopen jaren sterk aangedrongen op een uniforme PTSS-aanpak voor alle veiligheidsregio’s ten aanzien van PTSS. Op 4 juli 2025 hebben werkgevers en vakbonden een akkoord bereikt over de invoering van de ‘Regeling erkenning en aanspraken PTSS als beroepsziekte’.
Een mijlpaal in de strijd voor een betere en gelijke behandeling van PTSS in alle veiligheidsregio’s. De regeling geldt voor medewerkers en vrijwilligers waarvoor de CAR(-UWO) Veiligheidsregio’s van toepassing is. In het kader van de landelijke regeling kan de VRR aansprakelijk worden gesteld voor kosten zoals gederfde inkomsten, medische uitgaven en andere gerelateerde schade. Bovendien bevat de regeling een uniform aanvraag- en beoordelingsproces. Hiermee zorgen de veiligheidsregio’s voor een gelijke en zorgvuldige aanpak als medewerkers PTSS krijgen. Deze regeling kent een terugwerkende kracht clausule tot vijf jaar. Om toekomstige financiële verplichtingen op te vangen is een bestemmingsreserve gevormd. De hoogte van deze reserve is afgeleid van ervaringscijfers bij de Politie. Er is een dotatie van C 1.500K. opgenomen. Vanaf 2026 zal jaarlijks een bedrag van C 150K. worden onttrokken. Voor de implementatie van de uniforme aanpak wordt, voor het administratieve proces, naar verwachting geld beschikbaar gesteld vanuit het Rijk.
Halfjaarnota 2025
47
3.2 Overzicht van baten en lasten per programma 2025-2029 Programma's ( x C 1.000) Ambulancezorg
2e BW 2025 72.174
-250
3e BW 2025 71.924
Begroting 2026 72.273
Wijzigingen
Wijzigingen
1e BW 2026
2.201
74.474
2027 74.275
2028 74.275
2029 74.275
Brandweerzorg
103.769
-2.502
101.267
107.677
443
108.120
107.822
107.793
107.849
Risico- en Crisisbeheersing
16.241
-585
15.656
14.589
950
15.539
14.581
14.600
14.529
120
120
-
120
120
120
120
32.992
35.345
-
35.345
35.340
35.322
35.297
Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie
120 34.754
-1.762
572
-38
534
741
-100
641
831
1.071
1.111
227.629
-5.137
222.494
230.744
3.494
234.238
232.970
233.181
233.181
Ambulancezorg
78.250
310
78.560
78.250
2.191
80.440
80.440
80.440
80.440
Brandweerzorg
132.189
17
132.206
135.231
-311
134.920
135.132
135.343
135.343
Risico- en Crisisbeheersing
18.421
244
18.665
16.853
-1.345
15.509
16.793
16.793
16.793
120
120
-
120
120
120
120
Totaal lasten
Weerbaarheid
120
Overhead
82
9
91
85
-
85
85
85
85
Financieringsfunctie
400
200
600
400
-
400
400
400
400
229.462
780
230.242
230.940
535
231.474
232.970
233.181
233.181
1.833
5.916
7.748
196
-2.960
-2.764
-
-
-
Ambulancezorg
-
-
-
-
-
Brandweerzorg
1.138 -
1.730
2.868
30
Risico- en Crisisbeheersing
575
575
1.163 -
930 -
647 -
631 -
Toevoeging bestemmingsreserves
30
1.163
930 -
647 -
631 -
501 -
928 -
Totaal baten Resultaat voor bestemming
1.133 -
1.138
2.305
3.443
1.133
Ambulancezorg
99
-66
33
199
Brandweerzorg
1.315
-756 -575
559 -
739
575
Onttrekking bestemmingsreserves
1.990
-1.398
592
938
Resultaat na bestemming
2.685
2.213
4.897
0
-
2.213
0
-1.346
Risico- en Crisisbeheersing
Nacalculatie gemeentelijke bijdrage Resultaat na nacalculatie
Halfjaarnota 2025
2.685
4.897
-
199
493
1.232
1.150
1.150
995 -
1.643
2.581
995
501
928
-1.346
-1.346
66
-146 -
296 -
66
-146
296
-1.346
48
3.3 Verschillenanalyse per programma Verschillenanalyse 2025
De verschillen in 2025 zijn per programma als volgt: Programma's ( x C 1.000)
2e BW 2025
Wijzigingen
3e BW 2025
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie
72.174 103.769 16.241 120 34.754 572
-250 -2.502 -585 -1.762 -38
71.924 101.267 15.656 120 32.992 534
Totaal lasten
227.629
-5.137
222.494
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie
78.250 132.189 18.421 120 82 400
310 17 244 9 200
78.560 132.206 18.665 120 91 600
Totaal baten
229.462
780
230.242
Resultaat voor bestemming
1.833
5.916
7.748
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing
1.138
1.730 575
2.868 575
Toevoeging bestemmingsreserve
1.138
2.305
3.443
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing
99 1.315 575
-66 -756 -575
33 559 -
Onttrekking bestemmingsreserve
1.990
-1.398
592
Resultaat na bestemming
2.685
2.213
4.897
De verschillen worden per programma toegelicht:
Halfjaarnota 2025
49
Ambulancezorg
Totaal Overzicht Ambulancezorg 2025 Ambulancezorg ( x C 1.000)
Realisatie tot en met 30-6
2e BW 2025
Wijzigingen
3e BW 2025
Totaal lasten Totaal baten
32.185 37.365
72.174 78.250
-250 310
71.924 78.560
Saldo van de baten en lasten
5.180
6.076
560
6.636
Verschillen Ambulancezorg 2025 Ambulancezorg
Wijzigingen 2025
Incidenteel
Structureel
Hogere personeelslasten Huisvesting Middelen Lagere voorziening dub deb Kapitaalslasten
441 100 -259 -242 -290
441 100 -259 -242
Totaal wijzigingen op de lasten
-250
40
PLB en UWV Afspraken zorgverzekeraars
140 170
140 170
Totaal wijzigingen op de baten
310
310
-
Saldo verschillen
560
270
290
-290 -290
Toelichting 2025: -
Personeelslasten zijn iets hoger dan begroot. Huisvestingskosten vallen iets hoger uit door duurdere onderhoudslasten. Materiële lasten zijn lager dan verwacht door met name lagere brandstofkosten en ICT uitgaven. De voorziening dubieuze debiteuren is verlaagd. Baten uit UWV uitkeringen en uit uren van het Persoonlijk Levensfase Budget (PLB) zijn hoger dan in de vorige begrotingswijziging was opgenomen Baten van de zorgverzekeraars
Halfjaarnota 2025
50
Brandweerzorg
Totaal overzicht Brandweerzorg 2025 Brandweerzorg ( x C 1.000)
Realisatie tot en met 30-6
2e BW 2025
3e BW 2025
Wijzigingen
Totaal lasten Totaal baten
47.773 66.386
103.769 132.189
-2.502 17
101.267 132.206
Saldo van de baten en lasten
18.613
28.420
2.519
30.939
Wijzigingen 2025
Incidenteel
Structureel
Verschillen Brandweerzorg 2025 Brandweerzorg
Lagere personeelslasten Vacatureruimte Minder inzet Strandwacht Hoek van Holland CAO Onbenutte kosten reserve Meldkamer Rijvaardigheidstrainingen Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten
-634 -77 -500 -211 -553 -527
-634 -77 -500 -211 -553 -527
-2.502
-1.475
Minder inzet Strandwacht Hoek van Holland Overige inkomsten
-77 94
-77 94
Totaal wijzigingen op de baten
17
17
2.519
1.492
Saldo verschillen
-1.027
1.027
Toelichting 2025: -
-
-
Personeelslasten zijn lager door het later invullen van vacatures. Voor de plustaak Strandwacht Hoek van Holland wordt minder inhuur van strandwachten verwacht, dit betekent zowel lagere lasten voor deze plustaak als lagere baten. Op basis van de lopende onderhandeling voor de cao Veiligheidsregio’s is het percentage voor de loonstijging per 1 augustus naar beneden bijgesteld van 60Zo naar 407o. In het kader van de overgang naar de Landelijke Meldkamerorganisatie is een terugkeerregeling afgesproken waarvoor een reserve is gevormd. Deze regeling loopt tot eind van 2025. Tot vandaag zijn er geen verzoeken tot terugkeer ingediend. De verwachting is dan ook dat deze reserve komen te vervallen. Op dit moment is het lastig aan instructeurs te komen. Hierdoor zijn er keuzes gemaakt. Dit betekent, dat er geen extra trainingen gegeven worden ten aanzien van het vakbekwaam blijven op rijvaardigheid. Door het doorschuiven van investeringen naar 2026 komen de kapitaalslasten lager uit dan oorspronkelijk begroot. De overige inkomsten zijn hoger met name door ontvangen UWV uitkeringen.
Halfjaarnota 2025
51
Risico- en Crisisbeheersing
Totaal overzicht Risico en Crisisbeheersing 2025 Risico- en crisisbeheersing ( x C 1.000)
Realisatie tot en met 30-6
Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten
2e BW 2025
3e BW 2025
Wijzigingen
7.567 8.558
16.241 18.421
-585 244
15.656 18.665
991
2.180
829
3.009
Verschillen Risico- en Crisisbeheersing 2025
Risico- en crisisbeheersing
Wijzigingen 2025
Incidenteel
Structureel
Nog niet ingezette gelden versterking CB CAO Personeel derden Kapitaalslasten
-575 -65 147 -92
-575
Totaal wijzigingen op de lasten
-585
-428
Indexbijstelling Brede Doeluitkering
244
Totaal wijzigingen op de baten
244
-
244
Saldo verschillen
829
428
401
-65 147 -92 -157
244
Toelichting 2025: -
De eind 2024 gereserveerde gelden voor de versterking van crisisbeheersing zullen in 2025 nog niet worden aangewend. Deze zijn doorgeschoven naar 2026. Evenals bij het programma Brandweer is de loonstijging bijgesteld van 60Zo naar 407o op basis van de lopende cao onderhandelingen. Door meer inhuur op specifieke kennis, zijn de lasten Personeel Derden iets hoger geprognosticeerd. . Door het doorschuiven van investeringen naar 2026 vallen de kapitaallasten lager uit. In juni is de definitieve toekenning van de BDuR-gelden ontvangen. De indexering van de BDuR blijkt hoger dan was aangenomen in de begroting.
Halfjaarnota 2025
52
-
Overhead
Totaal overzicht Overhead 2025
Overhead ( x C 1.000)
2e BW 2025
Wijzigingen
3e BW 2025
Totaal lasten Totaal baten
34.754 82
-1.762 9
32.992 91
Saldo van de baten en lasten
-34.672
1.771
-32.901
Verschillen Overhead 2025 Overhead
Vertraging ICT projecten CAO Personele lasten Kapitaalslasten Totaal wijzigingen op de lasten
Wijzigingen 2025
Incidenteel
-600 -235 -895 -32
-600
-1.762
-1.495
Overige inkomsten
9
Totaal wijzigingen op de baten
9
Saldo verschillen
1.771
Structureel
-235 -895 -32 -267
9 -
9
1.495
276
Toelichting 2025: -
Door het later invullen van vacatures is er sprake van een uitstel van verschillende ICT-projecten. Op basis van de lopende onderhandeling voor de cao Veiligheidsregio’s is het percentage voor de loonstijging per 1 augustus naar beneden bijgesteld van 60Zo naar 407o. Personeelslasten zijn lager door het later invullen van vacatures
Halfjaarnota 2025
53
Verschillenanalyse 2026
De verschillen in 2026 zijn per programma als volgt:
Programma's ( x C 1.000)
Begroting 2026
Wijzigingen
1e BW 2026
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie
72.273 107.677 14.589 120 35.345 741
2.201 443 950 -100
74.474 108.120 15.539 120 35.345 641
Totaal lasten
230.744
3.494
234.238
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid Overhead Financieringsfunctie
78.250 135.231 16.853 120 85 400
2.191 -311 -1.345 -
80.440 134.920 15.509 120 85 400
Totaal baten
230.940
535
231.474
Resultaat voor bestemming
196
-2.960
-2.764
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing
1.133
30
1.163 -
Toevoeging bestemmingsreserves
1.133
30
1.163
Ambulancezorg Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing
199 739
493 1.150
199 1.232 1.150
Onttrekking bestemmingsreserves
938
1.643
2.581
0
-1.346
-1.346
0
-1.346
-1.346
Resultaat na bestemming
Nacalculatie gemeentelijke bijdrage Resultaat na nacalculatie
-
De verschillen worden per programma toegelicht:
Halfjaarnota 2025
54
Ambulancezorg 2026
Totaal Overzicht Ambulancezorg begrotingswijziging 2026 Ambulancezorg ( x C 1.000)
Begroting 2026
Wijzigingen
1e BW 2026
Totaal lasten Totaal baten
72.273 78.250
2.201 2.191
74.474 80.440
Saldo van de baten en lasten
5.977
-10
5.966
Incidenteel
Structureel
Verschillen Ambulancezorg begrotingswijziging 2026 Ambulancezorg
Personeel: Inrekening CAO verhoging 2026 Kapitaalslasten
Wijzigingen begroting 2026
2.211 -10
-
2.211 -10
Totaal wijzigingen op de lasten
2.201
-
2.201
Afspraken zorgverzekeraars
2.191
-
2.191
Totaal wijzigingen op de baten
2.191
-
2.191
-10
-
-10
Saldo verschillen
Toelichting begrotingswijziging 2026 -
-
De personeelslasten voor 2026 worden hoger ingeschat mede op basis van de verwachte caoverhoging zoals die voortkomt uit de lopende cao-onderhandelingen. Hier tegenover staan hogere inkomsten vanuit de zorgverzekeraars. De lagere kapitaalslasten van 2025 werken ook door naar de begroting 2026.
Halfjaarnota 2025
55
Brandweerzorg 2026
Totaal overzicht Brandweerzorg begrotingswijziging 2026 Brandweerzorg ( x C 1.000)
Begroting 2026
Wijzigingen
1e BW 2026
Totaal lasten Totaal baten
107.677 135.231
443 -311
108.120 134.920
Saldo van de baten en lasten
27.555
-754
26.800
Incidenteel
Structureel
150 -142 435
-142 435
150
Totaal wijzigingen op de lasten
443
293
150
Inkomsten overheid (incl BDuR)
-311
-
-311
Totaal wijzigingen op de baten
-311
-
-311
Saldo verschillen
-754
-293
-461
Verschillen Brandweerzorg begrotingswijziging 2026 Brandweerzorg
Verwachte extra kosten PTSS Afname tweede loopbaan Reservering bedrijfskleding
Wijzigingen 2026
Toelichting Begrotingswijziging 2026 -
Kosten voor PTSS vanuit de reserve. Op dit moment zien we minder aanmelding voor het 2e loopbaantraject, De kosten hiervoor zijn daarom bijgesteld. De reserve bedrijfskleding is door capaciteitsgebrek doorgezet vanuit 2025 naar 2026 De inkomsten van de BDuR zijn naar beneden bijgesteld in verband met de 1007o bezuiniging.
Halfjaarnota 2025
56
Risico- en Crisisbeheersing 2026
Totaal overzicht Risico en Crisisbeheersing begrotingswijziging 2026 Risico- en crisisbeheersing ( x C 1.000)
Totaal lasten Totaal baten Saldo van de baten en lasten
Begroting 2026
Wijzigingen
1e BW 2026
14.589 16.853
950 -1.345
15.539 15.509
2.265
-2.295
-30
Incidenteel
Structureel
Verschillen Risico- en Crisisbeheersing begrotingswijziging 2026 Risico- en crisisbeheersing
Wijzigingen 2026
Huisvesting: BDuR weerbaarheid Middelen: BDuR weerbaarheid
350 600
350 600
-
Totaal wijzigingen op de lasten
950
950
-
Inkomsten overheid (incl BDuR)
-1.345
-
-1.345
Totaal wijzigingen op de baten
-1.345
-
-1.345
Saldo verschillen
-2.295
-950
-1.345
Toelichting Begrotingswijziging 2026 -
Huisvesting en middelen zijn hoger door de vorming van enkele noodsteunpunten hiervoor zijn in 2025 specifieke gelden toegekend waarvoor in 2025 een reserve is gevormd. De inkomsten van de BDuR zijn naar beneden bijgesteld in verband met de 1007o bezuiniging.
Halfjaarnota 2025
57
Overzicht van baten en lasten - structureel en incidenteel
De incidentele lasten en baten in 2025 en 2026 betreffen de kosten voor opvang ontheemden Oekraïners. Er zijn geen structurele mutaties in de bestemmingsreserves. Incidentele baten en lasten (incl. mutaties bestemmingsreserves)
3e BW 2025
ro9ramma
T0tale lasten begr0ting
Lasten t.b.v. opvang ontheemden Oekraine R&C
1e BW 2026
2027
2028
2029
222.494
234.238
232.970
233.181
233.181
2.504
Totaal incidentele lasten T0taal Structurele lasten
2.504 219.990
501 501 233.737
232.970
233.181
233.181
Totale baten begroting
230.242
231.474
232.970
233.181
233.181
2.504
501
Baten t.b.v. opvang ontheemden Oekraine R&C Totaal Incidentele baten
2.504
501
-
-
-
Totaal structurele baten Resultaat (* C 1.000,-)
227.738 7.748
230.973 -2.764
232.970 0
233.181 0
233.181 0
Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve
3.443 592
1.163 2.581
930 995
647 501
631 928
Begrotingssaldo na bestemming
4.897
-1.346
66
-146
296
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)
2.851
-1.417
-66
146
-296
Structureel saldo (* C 1000)
7.748
-2.764
0
0
0
In 2026 ontstaat er een structureel tekort. Dit komt vooral doordat in 2026 er op de BDuR wordt gekort. Daarnaast zien we een lagere toevoeging aan de reserve . In 2027 gaan we uit van een hogere bijdrage uit de BDuR en laat de VRR weer een saldo zien dat structureel in evenwicht is.
3.5 Overzicht van baten en lasten - taakvelden Taakvelden 3e begrotingswijziging 2025 0.1 Bestuur
0.4 Overhead
0.5 Treasury
3e Begrotingswijziging 2025
Ambulancezorg
152
Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing
285 79
Weerbaarheid Overhead Lasten
0.10 Mutaties Reserves
32.866
18
32.866
3.443
71 422
33 559
Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid
106
Halfjaarnota 2025
2.1 Verkeer en vervoer
7.1 Volks gezondheid
8.3 Wonen en bouwen
98.449 9.836
1.329
1.490 3.316
2.504
120 126 1261|
534
Saldo van baten en lasten (* C 1.000,-)
1.2 Openbare orde en veiligheid
71.924 2.868 575
Ambulancezorg Brandweerzorg
Overhead Baten
0.11 1.1 Resultaat van Crisis de rekening beheersing en van baten en brandweer lasten
-
91 91
1 600
5921|
108.405
2.504
1.329
71.924
4.806
78.560 132.206
-
16.161 120
2.504
148.487
2.504
78.560
-
4.897
58
Taakvelden 1e begrotingswijziging 2026: 0.1 Bestuur
0.4 Overhead
0.5 Treasury
1e Begrotingswijziging 2026
Ambulancezorg
168
Brandweerzorg
376
Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid
72
Overhead Lasten
35.217 35.217 H
0.11 1.1 Resultaat van Crisis de rekening beheersing en van baten en brandweer lasten
7.1 Volks gezondheid
8.3 Wonen en bouwen
501
501
1.163İ^^^^^H
117.020
199 1.232
134.920
Risico- en Crisisbeheersing Weerbaarheid
66
1.150
400
2.581
Saldo van baten en lasten (* C 1.000,-)
1.355
11.655 120
71 263
85 85
2.1 Verkeer en vervoer
105.245
Ambulancezorg Brandweerzorg
-
1.2 Openbare orde en veiligheid
74.474 1.163
25 641
Overhead Baten
128 128
0.10 Mutaties Reserves
1.519 3.383
1.355
74.474
4.902
80.440
-
15.008 120
501
150.048
501
-
80.440
-
-1.346
3.6 Ontwikkeling van het Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de Algemene reserve en de Bestemmingsreserves en kan voor de komende jaren als volgt worden weergegeven: Eigen vermogen
Realisatie
3e BW
Dotatie
Onttrekking
1e BW
Plan
Plan
Plan
2024
2025
2026
2026
2026
2027
2028
2029
Algemene reserve gefinancierd zorgverzekeraars
1.768
2.754
Algemene reserve VRR
1.182
1.543
Totaal Algemene reserve
2.950
4.297
494
494
-
3.248
3.248
3.248
1.543
1.543
1.543
3.248 1.543
4.791
4.791
4.791
4.791
Nog te bestemmen resultaat ARR
986
494
-494
-
-
-
-
Nog te bestemmen resultaat VRR
361
4.404
-1.346
3.058
3.124
2.978
3.274 3.274
Nog te bestemmen resultaat
1.347
4.898
-1.840
3.058
3.124
2.978
Bestemmingsreserves
7.448
10.299
1.163
-2.430
8.881
8.660
8.726
8.430
Totaal per ultimo jaar (* C 1.000,-)
11.745
19.494
1.657
-4.270
16.730
16.575
16.495
16.494
Het nog te bestemmen resultaat 2024 (C 1.347k) van de VRR is toegevoegd aan de Algemene reserve. Het eigen vermogen neemt in 2025 toe, door zowel het verwachte positieve resultaat bij de VRR en de ARR als door een stijging van het saldo van de bestemmingsreserves (zie toelichting verderop). Het positieve resultaat van het programma Ambulancezorg wordt toegevoegd aan de algemene reserve gefinancierd door zorgverzekeraars. In dit overzicht is ervan uit gegaan dat de per saldo positieve resultaten die ontstaan vanaf 2025 bij de veiligheidsregio niet worden toegevoegd aan de reserve van de organisatie. Hierover zal door het Algemeen Bestuur nog besloten worden.
Halfjaarnota 2025
59
Het verloop van de bestemmingsreserves kan als volgt worden gespecificeerd: Bestemmingsreserves
2024
2e Loopbaanbeleid
2025
2026
2027
2028
2029
3.423
3.497
3.365
3.178
3.110
3.090
Groot onderhoud gebouwen Eenmalige bijdrage uitw.kader i.v.m. transitie naar 1
744 212
1.352
1.669
1.780
2.090
2.449
-
-
-
-
-
Spoorincidentbestrijding CBRN-steunpuntregio Rotterdam-Rijnmond
375 213
221 169
79 110
-
-
-
Bedrijfskleding
435
435
Innovatie vervoer
397
364
166
-
-
-
FLO
51
1.074
1.611
2.142
2.451
2.476
1.990
BDUR Crisisbeheersing
575
800
PTSS BDUR Weerbaarheid
-
1.500 350
1.350 -
1.200 -
1.050 -
900 -
Totaal per ultimo jaar
7.448
10.299
8.881
8.660
8.726
8.430
Het 2e loopbaanbeleid bij de brandweer is bedoeld om medewerkers in fysiek en mentaal belastende functies na maximaal twintig dienstjaren te begeleiden naar een andere functie. Hiervoor is een reserve ingesteld. Omdat minder medewerkers gebruik maken van deze regeling zal de reserve voor het 2e loopbaanbeleid vanaf 2026 afnemen. De reserve voor FLO laat de eerste jaren nog een stijgende lijn zien, maar zal naar verwachting vanaf 2029 gaan dalen, doordat meerdere medewerkers gelijktijdig gebruik zullen maken van deze regeling. Ten opzichte van de 2e begrotingswijziging 2025 zijn er de volgende wijzigingen in de dotaties en onttrekkingen aan de bestemmingsreserves: Verschil mutaties bestemmingsreserves (bedragen in C x 1.000) 2e Loopbaanbeleid