[I25.08925] Voorjaarsnota 2025
Tekst van het document
2026
2027
2028
2029
2030
Inkomsten (belastingen en sociale premies)
428,7
453,0
475,6
495,8
515,9
534,9
537,9
Netto-uitgaven binnen het uitgavenkader
425,7
449,8
482,9
497,7
515,9
Overige netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo
33,1
39,9
25,3
25,1
26,3
28,4
Totale netto-uitgaven en correcties voor het EMU-saldo
458,8
489,7
508,2
522,8
542,2
566,3
EMU-saldo centrale overheid
- 30,1
- 36,7
- 32,6
- 27,0
- 26,4
- 31,4
EMU-saldo decentrale overheden
- 0,7
- 0,7
- 0,7
- 0,7
- 0,8
- 0,8
EMU-saldo collectieve sector
- 30,8
- 37,4
- 33,3
- 27,7
- 27,1
- 32,2
EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)
- 2,6/
- 3,0/
- 2,6/
- 2,1/
- 1,9/
- 2,2/
EMU-schuld collectieve sector
540,5
596,0
632,2
664,8
693,5
725,8
EMU-schuld collectieve sector (in procenten bbp)
45,2/
47,8/
48,7/
49,2/
49,5/
50,0/
Bruto binnenlands product (bbp)
1.196
1.247
1.297
1.350
1.400
1.451
Bron: ministerie van Financiën Tabel 17 toont de ontwikkeling van het EMU-saldo ten opzichte van de Miljoenennota 2025. De hogere economische groei leidt door middel van hogere belastinginkomsten tot verbetering van het EMU-saldo van in totaal 0,8X in 2029. Als gevolg van de hogere loon- en prijsontwikkeling (nominale ontwikkeling) uit het CEP stijgen de uitgaven en dit verslechtert het verwachte saldo tussen 0,1X en 0,2X over de begrotingshorizon. De voorjaarsbesluitvorming heeft vanwege de sluitende kaders een beperkt positief effect op het EMU-saldo van 0,1X in 2026, wat deels wordt verklaard door de onderschrijding van het uitgavenkader in het betreffende jaar. Het kabinet heeft daarnaast inspanningen gedaan om de begrotingen in een realistischer kasritme te plaatsen. Dit leidt in 2025 en 2026 tot een verbetering van het EMU-saldo, in latere jaren zullen deze middelen alsnog uitgegeven worden en dan het saldo belasten. In de post overig zijn de uitgaveneffecten buiten het uitgavenkader zichtbaar, zoals de extra middelen voor de steun aan Oekraïne. Tot slot heeft het hogere geraamde bbp een klein positief meerjarig effect op het EMU-saldo van maximaal 0,1X (noemereffect).
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
50
Tabel 17 Verticale toelichting EMU-sa ldo (in X bbp, - is tekort) 2025 EMU-saldo Miljoenennota 2025
2026
2027
2028
2029
2030
- 2,8/ - 3,7/ - 2,4/ - 2,4/ - 2,5/
Belasting- en premieinkomsten
0,3/
0,5/
0,5/
0,6/
0,8/
Kadercorrecties inclusief nominale ontwikkeling - 0,1/ - 0,2/ - 0,2/ - 0,2/ - 0,1/ Voorjaarsbesluitvorming exclusief kasschuiven
0,0/
0,1/
Kasschuiven
0,2/
0,6/ - 0,2/ - 0,1/ - 0,1/
0,0/
0,0/
0,0/
Overig (inclusief noemereffect)
- 0,2/ - 0,2/ - 0,2/ - 0,1/
EMU-saldo Voorjaarsnota 2025
- 2,6/ - 3,0/ - 2,6/ - 2,1/ - 1,90/» - 2,2/
0,0/
Bron: ministerie van Financiën Tabel 18 toont de ontwikkeling van de EMU-schuld ten opzichte van de inschatting in de Miljoenennota 2025. Per saldo valt de schuld meerjarig iets lager uit dan werd geraamd bij Miljoenennota. Het gestegen bbp heeft een verlagend effect op de EMU-schuld: het zogenoemde noemereffect. Daarnaast leidt de vaststelling van de schuld 2024 door het CBS tot een neerwaartse doorwerking op de schuld in latere jaren. Tot slot leidt ook de meerjarige verbetering van het EMU-saldo tot een lagere EMU-schuld. Tabel 18 Verticale toelichting EMU -schuld (i n X bbp, + is hogere schuld) 2025
2026
2027
2028
2029
EMU-schuld Miljoenennota 2025
46,6/
50,1/0
50,7/
51,6/
52,5/
Noemereffect door bbp-ontwikkeling
- 0,8/ - 0,9/c - 0,9/c - 1,1/ - 1,2/
Doorwerking schuld t-1
- 0,6/ - 0,6/c - 1,4/ - 1,1/ - 1,2/
Mutatie EMU-saldo
- 0,1/ - 0,7/c
2030
0,2/ - 0,3/ - 0,5/
Financiële transacties en kastransverschillen
0,1/ - 0,1/c
0,0/
0,1/
Overige mutaties
0,0/
0,0/c
0,0/
0,0/
- 0,1/ 0,0/
EMU-schuld Voorjaarsnota 2025
45,2Zo
47,8/
48,7/
49,2/
49,5/
50,0/
Bron: ministerie van Financiën 5.2 Toelichting saldoraming Financiën Het ministerie van Financiën maakt voor de budgettaire nota's een eigen raming van het EMU-saldo en schuld, die recent regelmatig afweken van de realisatie. In de afgelopen jaren zijn ook de verschillen met de raming van het CPB toegenomen. Deze toelichting is bedoeld om inzicht te geven in de opbouw van de raming van Financiën, zodat afwijkingen ten opzichte van de realisatie beter te begrijpen zijn. De raming bestaat uit drie hoofdcompo nenten: de uitgaven van het Rijk, de inkomsten van het Rijk en het saldo van de decentrale overheden. Voor meer technische informatie, zie ook de bijlagen van het rapport van de Expertgroep realistisch ramen. De uitgavenraming is een optelsom van begrotingstotalen van departe menten. De afgelopen jaren zijn de uitgaven niet alt ijd volledig tot besteding gekomen. Dit leidt tot zogeheten onderuitputting. Om onderuitputting te voorkomen, zetten ministeries gedurende het jaar kasschuiven in. Door uitgaven naar andere jaren te verplaatsen, wordt de begroting realistischer gemaakt. In recente jaren zijn onderuitputting en kasschuiven toegenomen, onder andere door een combinatie van een ambitieuze investeringsagenda en een krappe arbeidsmarkt. Dit zorgt voor verschillen tussen de raming en realisatie.
Ook in deze Voorjaarsnota zijn additionele kasschuiven ingeboekt (zie hoofdstuk 6 - Naar een meer realistische begroting).
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
51
Aan de inkomstenkant maakt het ministerie van Financiën gebruik van een model dat gebaseerd is op realisaties, ramingen en beleidsmaatre gelen. Dit inkomstenmodel wordt jaarlijks toegelicht in de Miljoenennota. Alleen bij duidelijke signalen uit bijvoorbeeld kasrealisaties wordt de raming handmatig bijgestuurd. Belastinginkomsten zijn gevoeliger voor economische schommelingen dan uitgaven, waardoor afwijkingen in de raming vaker voorkomen. De raming van het EMU-saldo decentrale overheden is gebaseerd op het gemiddelde saldo van CBS-realisaties in het verleden. In de afgelopen jaren viel dit saldo vaak mee ten opzichte van de raming, mogelijk door extra middelen via de fondsen en arbeidsmarktkrapte bij de decentrale overheden. In 2024 is er echter voor het eerst sprake van een tegenvaller van het saldo decentrale overheden.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
52
6 NAAR EEN MEER REALISTISCHE BEGROTING 6.1 Expertgroep realistisch ramen Het kabinet neemt de aanbevelingen over van de Expertgroep realistisch ramen om de ramingen verder te verbeteren. Op 14 maart publiceerde de Expertgroep realistisch ramen (hierna: Expertgroep) haar rapport. In het rapport gaat de Expertgroep in op de verschillen tussen de ramingen en de realisaties van het EMU-saldo en worden aanbevelingen gedaan om de trefzekerheid van de ramingen te vergroten. In de kabinetsreactie is aangegeven alle aanbevelingen over te nemen. Hieronder op hoofdlijnen een korte samenvatting. De Expertgroep geeft aan dat de inkomstenraming behoorlijk afweek door uitzonderlijke economische schokken. Hoewel de ramingssystematiek lange tijd leidde tot beperkte afwijkingen tussen raming en realisatie, waren de verschillen in 2021-2023 groot en herhaaldelijk positief. Gemiddeld bedroeg de ramingsafwijking over deze jaren 2,7% bbp. Dit kwam vooral door de coronapandemie en de oorlog in Oekraïne met een hoge i nflatie, waardoor ook het CPB en DNB moeite hadden met voorspellingen. De expertgroep geeft aan dat 60% van de ramingsafwijking wordt verklaard door deze twee op elkaar volgende «perfect storms». In 2024 stabiliseerde de economie en sloot de raming aanzienlijk beter aan bij de realisaties. Wel bljft met name de vennootschapsbelasting (vpb) lastig te ramen.
De Expertgroep doet waardevolle aanbevelingen om de inkomstenramingen te verbeteren. Het kabinet zal de aanbevelingen voor betere voorspellingen in dynamische economische omstandigheden opvolgen. Verder wijst het rapport op het belang van een meer realistische begroting. De afgelopen jaren werden veel geplande uitgaven niet gerealiseerd. Een belangrijk deel van de overige 40% van de ramingsafwijking valt onder deze categorie. Het kabinet heeft daarom maatregelen genomen, zoals kasschuiven, aanvullende onderuitputting en het afschaffen van uitzonde ringen op de eindejaarsmarge. Ook wordt sinds enkele jaren uitgebreider gerapporteerd over begrotingsrealisme en niet-bestede middelen in onder andere de Voorjaarsnota en het Financieel Jaarverslag van het R ijk (FJR). Het kabinet ziet zich aangemoedigd door de Expertgroep om kritisch te bl ijven kijken naar onderuitputting en het belang van een realistische begroting. Zie de volgende paragraaf 6.2 en 6.3 voor een nadere toelichting hierop. 6.2 Kasschuiven en onderuitputting In het notaoverleg over realistisch ramen is de toezegging gedaan om in de Voorjaarsnota uitgebreider in te gaan op de kasschuiven en onder uitputting. De afgelopen jaren zijn de onderuitputting en de kasschuiven toegenomen. In 2024 was de totale onderuitputting 6 miljard euro en is per saldo 11 miljard euro naar latere jaren geschoven (zie figuur 6).
In het Financieel Jaarverslag Rijk wordt een uitgebreidere toelichting hierop gegeven.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
53
Figuur 8 Onderuitputting en kasschuiven 2018-2024 (bedragen in miljarden euro) 10
0
-10
-20
-30 2018
2019
M Kasschuif naar voren
2020
2021
2022
M Kasschuif naar achter
2023
2024
M Onderuitputting
Bron: ministerie van Financiën Verschillende begrotingen zijn in deze Voorjaarsnota realistischer gemaakt door kasschuiven. In totaal is per saldo 2,0 miljard euro aan budget vanuit 2025 en 7,1 miljard euro uit 2026 weggeschoven naar latere jaren. Hiermee zet het kabinet in op het realistischer maken van de Miljoenennota 2026 zodat gedurende het jaar minder hoeft bijgestuurd te worden. Een uitgebreidere toelichting op de verschillende kasschuiven zit in de verticale toelichting (bijlage 2). Tabel 19 Kasschuiven (Bedragen in miljarden euro) Departement
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Klimaat en Groene Groei
- 0,9
- 1,4
1,1
0,2
0,7
- 2,6
Economische Zaken (incl. Nationaal Groeifonds)
- 0,7
- 0,3
0,3
0,5
- 0,4
0,4
Financiën (excl. Nationale Schuld)
- 0,6
- 0,4
0,6
0,4
0,0
0,0
Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- 0,5
0,2
0,1
0,0
0,1
0,1
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
- 0,3
- 0,1
0,4
- 0,1
0,0
0,0
Sociale Zekerheid
- 0,2
- 0,2
0,2
0,1
0,1
0,1
- 0,3
0,1
0,2
0,0
0,1
Zorg
- 0,2
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (incl. BES fonds en Hoge Colleges van Staat)
- 0,1
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
Aanvullende Post
- 0,1
- 0,7
- 0,7
0,1
0,7
0,7
Infrastructuur en Waterstaat (incl. Deltafonds en Mobiliteitsfonds)
- 0,1
- 0,9
- 0,1
- 0,1
- 0,3
- 0,3
Justitie en Veiligheid
- 0,1
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
Defensie (incl. Defensiematerieelbegrotingsfonds)
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
54
Departement Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Buitenlandse Zaken (incl. Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp) Totaal
2025
2026
2027
2028
2029
2030
0,7
- 1,0
0,1
0,1
0,0
0,0
1,1
- 2,3
0,5
0,3
0,2
0,2
- 2,0
- 7,1
2,8
1,7
1,1
- 1,3
Bron: ministerie van Financiën De Miljoenennota 2026 is het eerste moment dat departementen onder uitputting aanleveren en het laatste moment dat de ontwerpbegroting realistischer gemaakt kan worden met kasschuiven. De onderuitputting bij de Miljoenennota is vaak vrij beperkt, maar de kasschuiven kunnen fors zijn omdat op dat moment departementen meer inzicht hebben of de budgetten in de resterende maanden tot besteding gaan komen. De meeste onderuitputting die in het lopende jaar al bekend is, wordt gemeld bij de Najaarsnota. In de Miljoenennota 2026 wordt duideljk wat het totaal aan kasschuiven over 2025 is en kan ook een betere inschatting worden gemaakt van de verwachte onderuitputting. Deze inschatting wordt ook gebaseerd op de realisatiecijfers van departementen. 6.3 Aanvullende onderuitputting Om in te spelen op de stijgende trend aan onderuitputting heeft het kabinet, net als op eerdere momenten, besloten om aanvullende onderuitputting in te boeken in de begroting. Het kabinet maakt de begroting realistischer door kasschuiven. Tegelijkertijd houdt het er rekening mee dat meer middelen in het geplande jaar niet tot besteding zullen komen door aanvullende onder uitputting in te boeken. Het inboeken van aanvullende onderuitputting heeft niet de voorkeur.
Het is beter om budgetten met kasschuiven op de departementale begrotingen in een realistisch bestedingsritme te plaatsen of onderuitputting met concrete maatregelen in de begroting te zetten. De huidige begroting houdt rekening met 3 miljard euro aan aanvullende onderuitputting in 2025 en 3,8 miljard euro in 2026, voor 2027 en 2028 is respectievelijk 1,5 miljard euro en 0,7 miljard euro ingeboekt. Daarnaast is 4,1 miljard euro aan in^ittaakstelling13 in 2025 ingeboekt. In tabel 20 is ditzelfde bedrag verondersteld aan in^ittaakstelling in de latere jaren. Dit betekent dat in de huidige begroting in totaal 7,0 miljard euro in 2025 en 7,9 miljard euro in 2026 aan onderuitputting moet worden gerealiseerd om de aanvullende onderuitputting en in^ittaakstelling geheel in te kunnen vullen. Het deel wat aan het eind van het jaar niet wordt ingevuld, leidt tot saldoverslechtering. Samen met de verwerkte kasschuiven in deze Voorjaarsnota komt het totaal aan verwachte niet bestede middelen in 2025 uit op 9 miljard euro en 15 miljard euro in 2026.
13 De ir^uittaakstelling is de jaarlijkse tegenhanger van de eindejaarsmarge. Om te voorkomen dat het uitgavenplafond wordt overschreden door de jaarlijkse uitkering van de eindejaarsmarge, wordt tegelijkertijd een even grote taakstelling ingeboekt, de zogenoemde in^ittaakstelling. Hierdoor levert het doorschuiven via de eindejaarsmarge dus geen extra middelen op in het jaar waarnaar wordt doorgeschoven. De in^ittaakstelling kent geen concrete invulling, maar moet gaandeweg het jaar ingevuld worden met onderuitputting en generale meevallers.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
55
Tabel 20 Verwachte onderuitputting in miljarden euro, + is saldo belastend
2025
2026
2027
2028
1. In^ittaakstelling*
- 4,1
- 4,1
- 4,1
- 4,1
2. Eerder geboekte aanvullende onderuitputting
- 2,3
- 2,3
3. Aanvullende onderuitputting Voorjaarsnota 2025
- 0,7
- 1,5
- 1,5
- 0,7
Verwachte onderuitputting (1 t/m 3)
- 7,0
- 7,9
- 5,6
- 4,8
4. Kasschuiven Voorjaarsnota 2025
- 2,0
- 7,1
2,8
1,7
Totaal (1 t/m 4)
- 9,0
- 15,0
- 2,8
- 3,1
* Voor 2026, 2027 en 2028 wordt verondersteld dat de in^ittaakstelling even hoog is als in 2025. De exacte hoogte is bekend na de voorjaarsbesluitvorming in het desbetreffende jaar.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
56
7 INFORMATIEVOORZIENING Door de besluitvorming medio april af te ronden en in deze nota ook het meerjarige beeld te tonen, kan het parlement op tijd het gesprek voeren met het kabinet over de ingezette koers. Ook geeft het kabinet hiermee duidelijkheid aan burgers en bedrijven, en sluit het proces aan bij het zogenoemde Europees Semester. De besluitvorming en de doorrekening van het CPB worden verwerkt in het nieuwe Jaarlijkse Voortgangsverslag (Annual Progress Report). Hiermee informeert het kabinet de Europese Commissie over de meest actuele ontwikkelingen in de begroting. Ook uw Kamer ontvangt het APR. Ook zal de Raad van State een advies publiceren bij de Voorjaarsnota op basis van de doorrekening van het CPB. Zo zorgt het kabinet voor een goede informatievoorziening aan alle belanghebbenden. Publicatie van de meerjarige Voorjaarsnota voor 1 mei is één van stappen die het kabinet heeft gezet ter verbetering, modernisering en vereenvou diging van het begrotings- en verantwoordingsproces en de financiële informatievoorziening. De komende jaren wordt daar verder aan gewerkt aan de hand van de agenda toekomstbestendig begroten en verant woorden. De minister van Financiën heeft deze agenda begin oktober 2024 naar beide Kamers verstuurd. Het kabinet verbetert ook de informatievoorziening aan de Kamer.
Meer bijlagen en overzichten in begrotingsstukken zijn niet de oplossing voor het verbeteren van het inzicht. Het voornemen is om alleen bijlagen en overzichten op te nemen waar de Kamer behoefte aan heeft en om informatie niet op verschillende plekken in de nota aan te bieden. Het overzicht van de belangrijkste begrotingsinformatie wordt daarom voortaan alleen maar aangeboden in de verticale toelichting en niet ook nog in de verdiepingsbijlage. Voor nieuwe bijlagen en overzichten wordt een horizon bepaling van vier jaar toegepast. Het overzicht van moties en toezeggingen wordt niet meer opgenomen in de begrotingsstukken, omdat de Kamer dit ook zelf bijhoudt.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
57
BIJLAGE 1 - BUDGETTAIRE KERNGEGEVENS Tabel 21 EMU-saldo (in miljarden euro, min = tekort) 2025
2026
2027
2028
2029
2030
1
Belasting- en premieontvangsten
428,7
453,0
475,6
495,8
515,9
534,9
2
Totale netto-uitgaven
460,0
491,8
517,4
538,6
564,6
589,1
w.v. Niet-relevante rijksuitgaven, wel relevant voor EMU-saldo
23,6
30,6
18,9
18,7
20,2
22,3
3
Niet EMU-saldo relevante uitgaven (exclusief financiering staatsschuld)
10,7
11,4
15,6
22,2
28,5
28,9
4
Kas-transverschillen en overige posten
- 9,5
- 9,3
- 6,4
- 6,4
- 6,1
- 6,1
5
EMU-saldo decentrale overheden
- 0,7
- 0,7
- 0,7
- 0,7
- 0,8
- 0,8
6
EMU-saldo collectieve sector (1-2-3+4+5)
- 30,8
- 37,4
- 33,3
- 27,7
- 27,1
- 32,2
7
EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)
- 2,67o
- 3,07o
- 2,607o
- 2,17
- 1,97
- 2,27
Tabel 22 Niet-relevante rijksuitgaven, wel relevant voor het EMU-saldo (in miljoenen euro, plus = uitgave en saldoverslechterend) 2025
2026
2027
2028
2029
2030
Invoerrechten EU-afdrachten
4.564
4.892
5.086
5.276
5.452
5.621
Rente staatsschuld
7.147
9.129
11.210
12.337
13.800
15.052
Rente schatkistbankieren (excl. sociale fondsen)
973
851
863
859
856
809
- 365
- 397
- 402
- 407
- 407
- 407
Dividend financiële staatsdeelnemingen Overige gevolgen interventies financiële crisis (netto)
- 75
- 56
- 53
- 54
- 53
- 48
Ontvangsten COVA
- 111
- 111
- 111
- 111
- 111
- 111
Ontvangsten ETS
- 850
- 1.150
- 5.050
- 4.100
- 3.400
- 3.000
Opbrengsten CO2-heffing
- 17
- 61
- 139
- 224
0
0
- 1.698
- 1.705
- 1.706
- 1.709
- 1.709
- 1.709
Zorgtoeslag (netto)
7.040
7.415
8.189
8.584
9.000
9.443
Diergezondheidsfonds
- 18
1
0
0
0
0
Oekraïnemiddelen
8.479
6.214
4.259
1.627
140
59
Werkgeversbijdrage kinderopvang
Invaren pensioenen defensie
0
8.150
300
0
0
0
Belasting- en invorderingsrente
- 962
- 929
- 907
- 789
- 799
- 805
Rente-ontvangsten lening TenneT
- 628
- 1.219
- 1.620
- 1.632
- 1.632
- 1.632
92
- 471
- 1.016
- 977
- 972
- 972
23.571
30.552
18.902
18.679
20.165
22.299
Overige saldorelevante uitgaven buiten het kader Totaal
Tabel 23 Niet EMU-saldo relevante uitgaven (inclusief financiering staatsschuld, in miljoenen euro, plus = hogere uitgave) Verstrekking studieleningen Aflossing studieleningen Coronagerelateerde leningen Rijksbijdragen aan de sociale fondsen Rente sociale fondsen Kasbeheer
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2.713
2.481
2.104
1.798
1.660
1.625
- 2.553
- 1.751
- 2.305
- 1.781
- 1.793
- 1.811
- 86
- 220
36
-2
-3
- 275
50.583
58.005
61.502
63.836
68.570
73.607
1.278
1.470
1.919
2.365
2.837
3.241
- 10.419
- 10.563
- 14.098
- 14.140
- 14.427
- 15.635 0
Aan- en verkoop staatsdeelnemingen
3.064
430
277
200
200
Lening TenneT
14.200
17.100
0
0
0
0
Diverse leningen
- 165
- 180
- 166
- 206
- 429
- 158
Exportkredietverzekering
48
48
48
48
48
48
Oekraïne
0
0
- 37
- 39
- 38
- 36
Overig
284
-9
2.092
2.034
- 158
- 189
Totaal
58.948
66.812
51.372
54.113
56.467
60.417
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
58
BIJLAGE 2 - VERTICALE TOELICHTING De verticale toelichting toont voor ieder begrotinghoofdstuk de budgettaire veranderingen die zich hebben voorgedaan sinds de Miljoenennota 2025. De verticale toelichting bestaat per begroting uit twee tabellen: uitgaven en ontvangsten. De bedragen in de tabellen zijn in miljoenen euro. Door afrondingen kan het totaal afwijken van de som der onderdelen. In de ontwerpbegroting wordt een meer gedetailleerde toelichting op de mutaties gegeven.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
59
Algemene Zaken en De Koning De Koning I De Koning: Uitgaven In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
59
59
59
59
59
0
Stand Basisstand Miljoenennota Loonbijstelling
1
1
1
1
1
1
Loonbijstelling
1
1
1
1
1
1
Prijsbijstelling
0
0
0
0
0
0
Prijsbijstelling
0
0
0
0
0
0
Extrapolatie
59
Extrapolatie
59
Technisch
0
0
0
0
0
0
Technisch
0
0
0
0
0
0
Stand Voorjaarsnota
61
61
61
61
61
61
2025
2026
2027
2028
2029
2030
0
0
0
0
0
0
I De Koning: Ontvangsten In miljoenen euro
Stand Basisstand Miljoenennota
Extrapolatie
0
Extrapolatie
0
Stand Voorjaarsnota
0
0
0
0
0
0
Uitgaven
Loonbijstelling De tranche 2025 van de loonbijstelling wordt overgemaakt naar de begroting van de Koning.
Prijsbijstelling Er wordt 50% van de prijsbijstelling tranche 2025 uitgekeerd. Het restant wordt ingezet ter dekking van rijksbrede problematiek. Vanwege afronding staat dit bedrag in de tabel op nul.
Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting van de Koning.
Technisch Deze post bestaat uit diverse loon- en prijsdoorbelastingen met de begroting van AZ. Ontvangsten
Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting van de Koning. Vanwege afronding staat dit bedrag in de tabel op nul.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
60
Algemene Zaken III Algemene Zaken: Uitgaven In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Stand Basisstand Miljoenennota
101
101
99
96
95
0
Meevallers
- 1
- 1
- 1
- 1
- 1
- 1
Meevallers
-
1
-1
-1
-1
-1
-1
Tegenvallers
15
7
7
7
7
7
Tijdelijke huisvesting
10
2
2
2
2
2
ICT en informatiebeveiliging
3
2
1
1
1
1
Apparaat
2
3
4
4
4
4
0
0
0
0
0
Overige tegenvallers
Intensiveringen
0
Intensiveringen
0
Ombuigingen
- 1
- 1
- 1
- 1
- 1
- 1
Dekking amendement t.b.v. OCW-begroting
-1
-1
-1
-1
-1
-1
Overige ombuigingen
0
Overboekingen met andere begrotingen
0
0
0
0
0
0
Overboekingen met andere begrotingen
0
0
0
0
0
0
Loonbijstelling
3
3
3
3
3
3
Loonbijstelling
3
3
3
3
3
3
Prijsbijstelling
1
1
1
1
1
1
Prijsbijstelling
1
1
1
1
1
1
Eindejaarsmarge
-2
Eindejaarsmarge
-2
Extrapolatie
95
Extrapolatie
95
Technisch
0
1
0
0
0
0
Technisch
0
1
0
0
0
0
118
111
108
105
104
104
Stand Voorjaarsnota
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
61
III Algemene Zaken: Ontvangsten In miljoenen euro
Stand Basisstand Miljoenennota
2025
2026
2027
2028
2029
2030
9
9
9
9
9
0
Meevallers
0
0
0
0
1
1
Meevallers
0
0
0
0
1
1
Extrapolatie
9
Extrapolatie
9
Technisch
1
1
0
0
0
0
Technisch
1
1
0
0
0
0
Stand Voorjaarsnota
9
10
9
9
9
9
Uitgaven
Meevallers Er zijn beperkte meevallers ter hoogte van circa 1 miljoen euro op de AZ-begroting die worden ingezet om problematiek te dekken.
Tegenvallers Tijdelijke huisvesting Door meerkosten als gevolg van de tijdel ijke verhuizing van het ministerie van AZ door de renovatie van het Binnenhof zijn tegenvallers ontstaan. Deze bestaan uit eenmalige kosten van 9,7 miljoen euro in 2025 en vanaf 2026 2,2 miljoen euro.
ICT en informatiebeveiliging AZ heeft te maken gekregen met meerdere tegenvallers op ICT en infor matiebeveiliging. Dit betreft in 2025 en 2026 voor een belangrijk deel de ICT-voorzieningen voor de inrichting voor de tijdel ijke huisvesting en het creëren van een tweede datacenter. Structureel betreft het vooral het op niveau houden van de informatiebeveiliging en vervanging van apparatuur en systemen.
Apparaat Door het beleidsarme karakter en de beperkte omvang van de begroting van AZ is het niet mogelijk de tegenvallers op apparaat volledig op de begroting in te passen.
Overige tegenvallers De taakstelling van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) wordt voor 2026 teruggedraaid. Het deel van AZ bedraagt 150 duizend euro. Vanwege afronding staat dit bedrag in de tabel op nul.
Intensiveringen Conform het amendement van de leden Van Nispen en Six Dijkstra is de taakstelling voor de CTIVD teruggedraaid voor 2025. Dit betreft 254 duizend euro. Vanwege afronding staat dit bedrag in de tabel op nul.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
62
Ombuigingen Dekking amendement t.b.v. OCW-begroting Dekking voor amendement Bontenbal c.s. is verspreid over meerdere begrotingen. De begroting van AZ is structureel verlaagd met circa 1 miljoen euro ten behoeve van het terugdraaien of verlagen van verschillende onderwijsbezuinigingen uit het HLA.
Overige ombuigingen Conform het amendement van de leden Van Nispen en Six Dijkstra is de taakstelling voor de CTIVD teruggedraaid voor 2025. Dit betreft 254 duizend euro. Vanwege afronding staat dit bedrag in de tabel op nul.
Overboekingen met andere begrotingen Dit betreft onder andere een overboeking met het ministerie van SZW. Als gevolg van lagere realisaties van de banenafspraak in de sector overheid ontstaat een besparingsverlies op de bijstand. AZ draagt op basis van een verdeelsleutel 176 duizend euro bij aan de dekking van dit besparings verlies. Vanwege afronding staat dit bedrag in de tabel op nul.
Loonbijstelling De tranche 2025 van de loonbijstelling wordt overgemaakt naar de begroting van AZ.
Prijsbijstelling Er wordt 50% van de prijsbijstelling tranche 2025 uitgekeerd. Het restant wordt ingezet ter dekking van rijksbrede problematiek.
Eindejaarsmarge AZ had in 2024 een overschrijding van 1,5 miljoen euro. Dit leidt tot een negatieve eindejaarsmarge die AZ binnen de eigen begroting zal dekken.
Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting van AZ.
Technisch Deze post betreft o.a. technische mutaties voor het doorverdelen van de taakstelling op het apparaat vanuit het hoofdlijnenakkoord en diverse loonen prijsdoorbelastingen, ook met de begroting van de Koning. Ontvangsten
Meevallers Deze post bestaat uit een structurele verhoging van de ontvangsten oplopend naar 0,5 miljoen euro vanaf 2029 op de begroting van AZ van Dienst Publiek en Communicatie.
Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting van AZ.
Technisch Dit betreft technische mutaties voor het doorverdelen van de taakstelling uit het HLA op het apparaat en diverse loon- en prijsdoorbelastingen.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
63
Buitenlandse Zaken (inclusief BHO) Buitenlandse Zaken V Buitenlandse Zaken: Uitgaven In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
12.262
15.676
15.198
16.463
16.944
0
Meevallers
- 10
- 10
- 10
- 10
- 10
- 10
Ramingsbijstelling VN-crisisbeheersingsoperaties
-
10
- 10
- 10
- 10
- 10
- 10
Stand Basisstand Miljoenennota
Tegenvallers
9
8
9
9
9
9
Contributiestijgingen
7
8
9
9
9
9
Overige tegenvallers
1
0
0
0
0
0
Intensiveringen
7
7
37
37
37
37
Naleving sancties
7
7
37
37
37
37
- 20
- 21
- 19
- 19
- 18
- 18
Ombuigingen Bijdrage HGIS t.b.v. Oekraïnesteun
0
Dekking amendement t.b.v. OCW-begroting
-7
-7
-7
-7
-7
-7
Rijksbrede taakstelling prijsbijstelling
- 13
- 13
- 12
- 11
- 11
- 10
Generaal dossier
217
1.123
427
745
764
786
EU-afdrachten
217
1.122
426
744
764
786
1
1
1
0
MH17
Kasschuiven
- 86
80
106
53
48
48
Huisvestingsbudget
- 11
58
53
53
48
48
HGIS-eindejaarsmarge
- 75
22
54
- 20
Overboekingen Aanvullende Post
0
Nabetaling TEM
0
Overboekingen met andere begrotingen
5
- 31
- 17
- 13
- 13
Overige overboekingen met andere begrotingen
36
16
14
18
18
11
Naleving sancties
-6
-6
- 31
- 31
- 31
- 31
Hoog Risico Posten
- 25
Europees Ontwikkelingsfonds
- 42
Kadercorrecties
13
1
-2
3
1
1
Prijsbijstelling non-ODA
13
1
-2
3
1
1
Eindejaarsmarge
122
Middelenafspraak
63
HGIS-eindejaarsmarge
59
Extrapolatie
17.371
Extrapolatie
17.371
Technisch
5
1
1
1
1
1
Overig technisch
5
1
1
1
1
1
Niet-kaderrelevant
548
625
621
665
691
753
Actualisatie invoerrechten
463
590
621
665
691
753
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
64
In miljoenen euro
2025
2026
Militaire steun Oekraïne
75
25
2027
2028
2029
2030
Niet-militaire steun Oekraïne
10
10
0
0
0
0
13.071
17.460
16.351
17.933
18.453
18.956
In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Stand Basisstand Miljoenennota
3.654
2.822
1.233
1.266
1.303
0
- 1.061
1.442
155
166
173
188
116
148
155
166
173
188
- 1.177
1.294
Stand Voorjaarsnota
V Buitenlandse Zaken: Ontvangsten
Generaal dossier Perceptiekostenvergoeding Herstel en Veerkrachtplan
Kasschuiven
- 89
453
0
0
12
1
Huisvestingsbudget
- 89
453
0
0
12
1
Overboekingen Aanvullende Post
0
Nabetaling TEM
0
Extrapolatie
1.330
Extrapolatie
1.330
Technisch
3
0
0
0
0
0
Overig technisch
3
0
0
0
0
0
2.507
4.716
1.388
1.432
1.487
1.518
Stand Voorjaarsnota
Uitgaven
Meevallers Ramingsbijstelling VN-crisisbeheersingsoperaties De raming voor de VN-crisisbeheersingsoperaties wordt neerwaarts bijgesteld met structureel 10 miljoen euro, aangezien dit budget de afgelopen jaren onderuitputting kende.
Tegenvallers Contributiestijgingen De contributies die Nederland betaalt aan onder andere de NAVO, OESO, VN, OVSE en OPCW zijn structureel gestegen. Daarnaast neemt de Nederlandse bijdrage aan de Raad van Europa toe door het wegvallen van de contributie van Rusland.
Overige tegenvallers De bijdrage aan het Center for International Legal Cooperation (CILC) stijgt als gevolg van hogere kosten voor lopende programma's op het gebied van rechtsstaatopbouw en democratie in Moldavië.
Intensiveringen Naleving sancties Er wordt structureel 36,5 miljoen euro vrijgemaakt voor de instandhouding en verdere versterking van de sanctienaleving in Nederland. Deze middelen zijn toegevoegd aan de begroting van BZ, als coördinerend departement. Met deze middelen wordt onder andere een Centraal Meldpunt Sancties
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
65
opgericht, waarbij BZ, Financiën, JenV, lenW en EZ bij zijn betrokken. Van deze middelen wordt structureel 31 miljoen euro overgeboekt naar andere departementen.
Ombuigingen Bijdrage HGIS t.b.v. Oekraïnesteun Uit het HGIS-budget wordt 50 duizend euro beschikbaar gemaakt om een bijdrage te leveren aan de verbetering van de maritieme veiligheid en beveiliging in Oekraïne. Deze middelen komen ter beschikking van het ministerie van IenW.
Dekking amendement t.b.v. OCW-begroting Dekking voor amendement Bontenbal c.s. is verspreid over meerdere begrotingen. De begroting van BZ is structureel verlaagd met 7,4 miljoen euro ten behoeve van het terugdraaien of verlagen van verschillende onderwijsbezuinigingen uit het HLA. Dekking vindt plaats op artikel 7 (apparaat).
Rijksbrede taakstelling prijsbijstelling Er wordt rijksbreed 50% van de prijsbijstelling tranche 2025 uitgekeerd. Het restant wordt ingezet ter dekking van rijksbrede problematiek. Voor HGIS non-ODA betekent dit dat een deel van de reservering voor prijscompen satie op artikel 6 (nog onverdeeld) wordt afgeboekt. Tijdens de Voorjaarsbesluitvorming 2025 is tevens besloten dat een aantal budgettaire afspraken over de HGIS worden herzien: 1. Het non-ODA deel van het HGIS-budget wordt vanaf 2026 niet meer geïndexeerd met prijs bbp. Hiervoor gaat de reguliere Rijksbrede loonen prijsbijstellingssystematiek gelden. 2. De uitzondering op de eindejaarsmarge voor het HGIS-budget komt te vervallen, deze wordt in lijn gebracht met de reguliere eindejaarsmargesystematiek (^ van de begrotingsstand bij ontwerpbegroting). 3. In lijn met de afspraken over de koppeling van de Defensiebegroting aan de NAVO-norm (2% bbp) (zie bijlage 5) zullen in beginsel alle onderdelen van de Defensiebegroting die nu nog onderdeel van de HGIS zijn (zoals het BIV) per 2026 uit de HGIS worden gehaald. Daarnaast ontvangen alle NAVO-toerekenbare uitgaven (niet op de Defensiebegroting, maar wel in de HGIS) voortaan prijsbijstelling uit de Defensiebegroting.
Generaal dossier EU-afdrachten De EU-afdrachten zijn naar boven bijgesteld als gevolg van diverse effecten, waaronder de nacalculatie. Dit jaar valt de nacalculatie samen met de vijfjaarlijkse verificatiecyclus (de bronnenrevisie) van het bruto nationaal inkomen (bni). De nacalculatie leidt tot een incidenteel effect in 2025 van 22 miljoen euro (plastic-afdracht) en 2026 van 674 miljoen euro (bni- en btwafdrachten).14 De nacalculatie is een reguliere herijking van de afdrachten aan de Europese Unie (EU) tussen de lidstaten. Naast het bovengenoemde incidentele effect van de nacalculatie, is er ook een inschatting gemaakt van het structurele effect van de bronnenrevisie op de raming van de Nederlandse afdrachten aan de EU. In deze inschatting is ook de verwachte economische ontwikkeling meegenomen. Als gevolg hiervan stijgen de geraamde Nederlandse afdrachten aan de EU meerjarig. Deze toename is te verklaren door de volgende aspecten:
14 Kamerstuk 21501-03, nr. 190
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
66
1. Als gevolg van de bronnenrevisie 2024 van het CBS is het Nederlandse bni naar boven bijgesteld. Deze bijstelling is relatief groter dan andere lidstaten, waardoor het relatieve bni-aandeel van Nederland in de EU is gestegen. Deze bijstelling werkt door op toekomstige begrotingsjaren. 2. De tweede oorzaak is groei- en prijsontwikkeling. Met name de relatief hoge inflatie in NL - vooral ten opzichte van grotere EU-lidstaten zorgt voor een hoger relatief bni-aandeel voor Nederland. Ook deze ontwikkeling werkt door op toekomstige begrotingsjaren. 3. De relatief grotere stijging vanaf 2028 heeft te maken met de ramingsmethodiek van het volgende Meerjarig Financieel Kader (MFK). De st ijging van het bni-aandeel heeft relatief meer impact vanaf 2028. De hierboven toegelichte meerjarige ontwikkeling betreft een inschatting. De meerjarige doorwerking wordt na de Lenteraming van de Europese Commissie geactualiseerd. Verder zijn de rentestanden in de raming geactualiseerd. De raming van de rentebetalingen aan de EU voor Next Generation EU (NGEU) valt hierdoor in het nieuwe MFK lager uit. Tot slot is in de aanvullende begroting (draft amending budget 1, DAB1 2025) het verschil tussen de inkomsten en uitgaven (het surplus) van 2024 in de Europese begroting van 2025 verwerkt. Dit surplus over het voorgaande begrotingsjaar wordt ieder jaar verrekend met de EU-afdrachten van de lidstaten.
Voor Nederland leidt het surplus tot 85 miljoen euro lagere bni-afdrachten in 2025.
MH17 Voor de voortzetting van bestaande inzet op lopende internationaalrechtelijke MH17-procedures is voor de periode juli 2026 t/m juni 2029 een bedrag van totaal 2,9 miljoen euro beschikbaar gesteld.
Kasschuiven Huisvestingsbudget In 2024 heeft er 62,8 miljoen euro aan onderuitputting plaatsgevonden die door middel van de middelenafspraak in 2025 is toegevoegd aan het huisvestingsbudget. Daarnaast is het uitgavenbudget gestegen vanwege hoger verwachte verkoopopbrengsten. Het totale huisvestingsbudget wordt in een realistisch ritme geplaatst.
HGIS-Eindejaarsmarge Binnen de HGIS kan BZ de eindejaarsmarge (EJM) verdeeld over 3 jaren opvragen. Middels deze kasschuif wordt de HGIS-eindejaarsmarge in de jaren 2026 en 2027 toegevoegd aan de begroting van Buitenlandse Zaken.
Overboekingen Aanvullende Post Nabetaling TEM Er is een Traditionele Eigen Middelen (TEM)-nabetaling van 204 duizend euro in 2025 gedaan aan de Europese Unie. Deze middelen zijn overge heveld vanaf de reservering op de Aanvullende Post naar de BZ-begroting.
Overboekingen met andere begrotingen Overige overboekingen met andere begrotingen Er hebben verschillende overboekingen plaatsgevonden als gevolg van de HGIS-besluitvorming. Vanwege een structurele ramingsbijstelling op het HGIS-budget van JenV vindt er een overboeking plaats van JenV naar BZ
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
67
van 6,3 miljoen euro. Verder is 16 miljoen euro van de onderuitputting op het Budget Internationale Veiligheid in 2024 opnieuw beschikbaar gesteld aan Defensie voor toekomstige inzet in 2025. Daarnaast is 1,5 miljoen euro beschikbaar gesteld aan IenW voor de organisatie van de NAVO-top. Op 24 en 25 juni is Nederland gastland van de NAVO-top. De additionele uitgaven voor de NAVO-top 2025 komen vooralsnog uit op 183,4 miljoen euro. Een deel hiervan (76,8 miljoen euro) komt uit het HGIS-budget. Wegens noodzakelijke veiligheidsmaatregelen is dit hoger dan opgenomen in de Voorjaarsnota 2024, aangezien deze uitgaven toen nog niet konden worden ingeschat. De totale uitgaven worden gedaan vanuit de begrotingen van JenV (81,7 miljoen euro), BZ (53 miljoen euro), Defensie (42,6 miljoen euro) en IenW (6,1 miljoen euro).
Naleving sancties Er wordt structureel 36,5 miljoen euro vrijgemaakt voor de instandhouding en verdere versterking van de sanctienaleving in Nederland. Deze middelen zijn toegevoegd aan de begroting van BZ, als coördinerend departement. Daar wordt 31 miljoen euro overgeboekt naar het ministerie van Financiën, JenV, IenW en EZ.
Hoog Risico Posten De Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten (BSB) - onderdeel van het ministerie van Defensie - verzorgt de beveiliging van personeel van een aantal hoog-risicoposten. Conform afspraken tussen de ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie vindt hiervoor jaarljks een overboeking plaats tussen beide departementen.
Europees Ontwikkelingsfonds In 2026 valt de Nederlandse bijdrage aan het Europese Ontwikkelingsfonds neerwaarts bijgesteld als gevolg van een geactualiseerde raming van de Europese Commissie. Aangezien deze meevaller volledig ODA-budget betreft, wordt deze overgeheveld naar de BHO-begroting.
Kadercorrecties Prijsbijstelling non-ODA Naar aanleiding van de CEP-raming van het Centraal Planbureau wordt het non-ODA-budget bijgesteld op basis van de verwachting van de prijsontwik keling van het bbp.
Eindejaarsmarge Middelenafspraak Conform de huidige middelenafspraak, die in 2025 afloopt, wordt aanvullend op de HGIS-eindejaarsmarge de onderuitputting van 2024 (62,8 miljoen euro) toegevoegd aan 2025. Daarnaast is er een nieuwe middelenafspraak gemaakt. Tot en met 2025 gold een afspraak dat middelen die voortkomen uit verkoop van vastgoed mochten worden ingezet voor investeringen in de vastgoedportefeuille van BZ. In de nieuwe set afspraken is nader gespecificeerd om welk vastgoed het gaat. Daarnaast is afgesproken dat - in lijn met het advies van de 17e Studiegroep Begrotings ruimte - de uitzondering op de eindejaarsmarge voor de middelenafspraak komt te vervallen. De nieuwe set afspraken geldt tot en met 2030.
HGIS-eindejaarsmarge De HGIS-eindejaarsmarge wordt toegevoegd aan de begroting van Buiten landse Zaken in 2025 en conform HGIS-besluitvorming doorverdeeld naar de betreffende departementen.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
68
Extrapolatie Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting van Buitenlandse Zaken.
Technisch Overig technisch In 2025 worden meer paspoortaanvragen van Nederlanders in het buitenland verwacht en daarnaast zijn er ook hogere EU-ontvangsten uit subsidie. Deze ontvangsten worden gedesaldeerd met de uitgaven op artikel 4 (consulaire dienstverlening).
Niet-kaderrelevant Actualisatie invoerrechten Gedurende het jaar treedt een onbedoeld saldo-effect op in de ramingen van de invoerrechten, doordat aan de inkomsten- en uitgavenkant een andere raming wordt gebruikt. Om dit saldo-effect te voorkomen wordt drie keer per jaar een actualisatie verwerkt aan de uitgavenkant van de invoerrechten en de perceptiekostenvergoeding die hieruit volgt. De invoerrechten zijn niet kaderrelevant.
Militaire steun Het kabinet heeft besloten om 100 miljoen euro beschikbaar te stellen aan militaire steun voor Oekraïne via het NAVO Ukraine Comprehensive Assistance Package (UCAP). Deze militaire steun maakt onderdeel uit van het aangekondigde steunpakket van 3,5 miljard euro.
Niet-militaire steun Oekraïne Het kabinet heeft besloten om 20 miljoen euro beschikbaar te stellen voor het versterken van de cyberweerbaarheid van Oekraïne. Deze nietmilitaire steun maakt onderdeel uit van het aangekondigde steunpakket van 3,5 miljard euro. Ontvangsten
Generaal dossier Perceptiekostenvergoeding Nederland ontvangt 25% van de bruto af te dragen nabetalingen aan traditionele eigen middelen (TEM) als perceptiekostenvergoeding. Deze mutatie hangt samen met de actualisatie en nabetaling van de invoer rechten en is relevant voor het uitgavenplafond. Vanwege de hoger dan verwachte invoerrechten, nemen ook de ontvangsten van de perceptieko stenvergoeding toe.
Herstel en Veerkrachtplan Voor het herstel en veerkrachtplan vinden minder ontvangsten in 2025 plaats en meer in 2026. Dit heeft twee oorzaken: 1. Er vindt een technische bijstelling plaats als gevolg van het ophogen van de Nederlandse portefeuille van het Herstel en Veerkrachtplan (HVP) ten behoeve van RePowerEU. In 2024 is het budget met 118 miljoen euro naar beneden bijgesteld. De stand van 2025 wordt met 244 miljoen euro naar boven bijgesteld en de stand voor 2026 wordt met 127 miljoen euro naar beneden bijgesteld. Meerjarig hebben deze technische bijstellingen geen effect op de totale raming van de ontvangsten van het HVP. 2. Daarnaast heeft er een kasschuif plaatsgevonden van 2025 naar 2026. Tot en met 2026 maakt Nederland aanspraak op 5,4 miljard euro uit de Herstel- en Veerkrachtfaciliteit. Het derde betaalverzoek vindt niet zoals eerder gepland in het voorjaar van 2025 plaats, maar wordt in de tweede
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
69
helft van 2025 ingediend. Uitbetaling geschiedt pas na goedkeuring door de Raad van de EU op basis van een beoordeling door de Europese Commissie. Omdat de verwachting is dat Nederland het geld pas begin 2026 ontvangt, worden er circa 1,4 miljard euro aan ontvangsten van 2025 naar 2026 verschoven.
Kasschuiven Huisvestingsbudget Door een verwachte stijging van het verkoopbudget zijn meer ontvangsten geraamd in 2026, daarnaast worden ook in latere jaren meer verkoopop brengsten verwacht. Conform de middelenafspraak worden deze middelen door middel van een kasschuif in een realistisch ritme geplaatst.
Overboekingen Aanvullende Post Nabetalingen TEM Als gevolg van een nabetaling Traditionele Eigen Middelen (TEM) stijgen ook de ontvangsten met 41 duizend euro in 2025, omdat Nederland 25% van de invoerrechten conform de afspraken over perceptiekostenvergoeding mag houden.
Extrapolatie Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting van Buitenlandse Zaken.
Technisch Overig technisch In 2025 worden meer paspoortaanvragen van Nederlanders in het buitenland verwacht en daarnaast zijn er ook hogere EU-ontvangsten uit subsidie. Deze ontvangsten worden gedesaldeerd met de uitgaven op artikel 4 (consulaire dienstverlening). Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp XVII Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp: Uitgaven In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Stand Basisstand Miljoenennota
3.598
3.120
3.124
3.611
3.923
0
535
Intensiveringen
99
517
577
472
535
Dollarkoers
52
33
20
5
2
2
Migratiepartnerschappen
20
35
44
44
44
44
Wederopbouw Gaza
20
Doorverdeling meevaller art. 5.4
10
173
173
Verdragsmiddelen Suriname
8
-1
-1
Mondiale gezondheid en SRGR (herschikkingen)
1
2
2
2
2
2
Humanitaire hulp (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
22
27
34
40
40 95
Migratie (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
53
65
82
95
Veiligheid en rechtsorde (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
41
51
65
75
75
Voedselzekerheid (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
53
65
82
95
95
Water (Kamerbrief Ontwikkelingshulp en herschikkingen)
-2
87
108
137
159
159
Private sector development (Kamerbrief Ontwikkelingshulp en herschikkingen)
- 20
5
5
5
5
5
10
13
17
16
18
18
- 150
- 568
- 616
- 511
- 577
- 577
Overige intensiveringen
Ombuigingen
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
70
In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Multilaterale samenwerking (Kamerbrief Ontwikkelingshulp en herschikkingen)
2
- 30
- 34
- 45
- 53
- 53
Dekking amendement t.b.v. OCW-begroting
0
0
-1
-1
-1
-1
Maatschappelijk middenveld (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
- 34
- 58
- 78
- 94
- 94
Onderwijs (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
- 47
- 50
- 56
- 61
- 61
Overig armoedebeleid (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
-3
-2
-2
-4
-4
Vrouwenrechten (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
0
- 35
- 37
- 42
- 46
- 46
Klimaat (Kamerbrief Ontwikkelingshulp)
-1
- 118
- 143
- 184
- 214
- 214
Amendement UNRWA
-4
-3
-7
- 11
- 13
- 13
Rijksbrede taakstelling prijsbijstelling
- 49
- 50
- 37
- 38
- 40
- 40
Overige ombuigingen
- 98
- 248
- 247
- 54
- 51
- 51
Generaal dossier
- 61
- 19
- 27
-6
1
49
Actualisatie ODA-toerekening EU-afdrachten
- 61
- 61
- 61
- 61
- 61
- 61
42
34
55
62
110
Bijstelling ODA-budget n.a.v. CEP-Raming
Kasschuiven
- 371
- 512
400
203
140
140
Kasschuif asiel
- 371
- 512
400
203
140
140
- 18
- 18
- 113
- 182
- 19
- 19
Overboekingen met andere begrotingen
520
736
ODA-toerekening asiel
571
712
HGIS-besluitvorming
- 52
- 19
IDA22 Overige overboekingen met andere begrotingen
1
42
1
1
- 19
- 17
- 95
- 165
1
1
Kadercorrecties
72
47
59
68
219
Bijstelling ODA-budget n.a.v. CEP-Raming
72
47
59
68
219
Extrapolatie
3.923
Extrapolatie
3.923
Niet-kaderrelevant
17
262
4
2
Ukraine Partnership Facility
17
10
4
2
Niet-militair steunpakket Oekraïne 2026
0
252
0
3.653
3.607
2025
53
Stand Voorjaarsnota
0
0
0
0
0
3.492
3.811
3.977
4.108
2026
2027
2028
2029
2030
48
45
43
42
0
XVII Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp: Ontvangsten In miljoenen euro
Stand Basisstand Miljoenennota
Extrapolatie
42
Extrapolatie
42
Stand Voorjaarsnota
53
48
45
43
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
42
42
71
Uitgaven
Intensiveringen Dollarkoers BHO verwacht een tegenvaller door wisselkoersverschillen op dollarbetalingen. Ter compensatie worden er vanuit artikel 5.4 (het bufferartikel) middelen beschikbaar gesteld op artikel 5.2 (overig armoedebeleid). Aan het eind van het jaar wordt de wisselkoers conform gebruikelijke systematiek afgerekend, dan kan het uiteindelijke bedrag hoger of lager uitvallen.
Migratiepartnerschappen Het kabinet stelt budget beschikbaar op artikel 4.2 voor partnerschappen met migratieherkomst- en doorreislanden.
Wederopbouw Gaza Het kabinet stelt 20 miljoen euro in 2025 beschikbaar voor de wederopbouw van Gaza, zoals ook toegezegd aan de Kamer. De dekking voor dit budget komt uit artikel 1.3.
Doorverdeling meevaller art. 5.4 De meevaller op artikel 5.4 (het bufferartikel) door de lagere asieltoerekening wordt door BHO overgeheveld naar de budgetten op handel en economie (art. 1.3), humanitaire hulp (art. 4.1), migratie (art. 4.2) en veiligheid en stabiliteit (art. 4.3).
Verdragsmiddelen Suriname De Verdragsmiddelen Suriname die in 2024 niet tot besteding zijn gekomen, worden in 2025 opnieuw beschikbaar gesteld conform de uitvoering van het Verdrag. Daarnaast wordt het budget uit 2026 en 2027 naar 2025 geschoven.
Mondiale gezondheid en SRGR (herschikkingen) Per saldo wordt er geïntensiveerd op het budget voor mondiale gezondheid seksuele en reproductieve gezondheid en rechten (SRGR; artikel 3.1). Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp en bijbehorend beleidskader vinden er binnen het bestaande budget herschikkingen plaats. Daarnaast worden er middelen van artikel 2.2 (water) en 5.4 (het bufferartikel) overge heveld naar 3.1, o.a. voor een verhoogde Nederlandse bijdrage aan de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO/PAHO).
Humanitaire hulp (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp wordt er geïntensiveerd op het budget voor humanitaire hulp (artikel 4.1).
Migratie (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp wordt er geïntensiveerd op het budget voor opvang en bescherming in de regio en migratiesamenwerking (artikel 4.2).
Veiligheid en rechtsorde (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp wordt er geïntensiveerd op het budget voor veiligheid en rechtsorde (artikel 4.3).
Voedselzekerheid (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp wordt er geïntensiveerd op het budget voor voedselzekerheid (artikel 2.1).
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
72
Water (Kamerbrief Ontwikkelingshulp en herschikkingen) Per saldo wordt er geïntensiveerd op het budget voor water (artikel 2.2). Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp wordt er extra geld vrijgemaakt voor watermanagement. Verder wordt er vanaf artikel 2.2 structureel 1,9 miljoen euro overgeheveld naar artikel 3.1 voor het programma Global Analysis and Assessment of Sanitation and Drinking Water (GLAAS) van de Wereldgezondheidsorganisatie.
Private sector development (Kamerbrief Ontwikkelingshulp en herschikkingen) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp wordt het budget gericht op handel en economie (artikel 1.3) verhoogd. Ook wordt in 2025 20 miljoen euro overgeheveld naar artikel 4.3 voor middelen t.b.v. wederopbouw in Gaza.
Overige intensiveringen en herschikkingen Er wordt onder andere in de jaren 2025, 2026 en 2027 in totaal 4 miljoen euro bijgedragen aan het Dutch Disaster Risk Reduction & Surge Support (DRSS) vanaf artikel 4.1. Ook vindt er, in diezelfde jaren, een middelenaanvulling plaats van International Fund for Agricultural Development (IFAD) van in cumulatief 7,3 miljoen euro.
Ombuigingen Multilaterale samenwerking (Kamerbrief Ontwikkelingshulp en herschikkingen) Per saldo wordt er omgebogen op de budgetten voor multilaterale samen werking (artikel 5.1), conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp.
Dekking amendement t.b.v. OCW-begroting De dekking voor amendement Bontenbal c.s. is verspreid over meerdere begrotingen. De begroting van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp is structureel verlaagd met 0,9 miljoen euro t.b.v. het terugdraaien of verlagen van verschillende onderwijsbezuinigingen uit het hoofdl ijnenakkoord.
Maatschappelijk middenveld (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp worden de budgetten voor het maatschappelijk middenveld (artikel 3.3) structureel met 94 miljoen euro neerwaarts bijgesteld.
Onderwijs (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp worden de budgetten voor beroeps- en hoger onderwijs (artikel 3.4) volledig afgebouwd.
Overig armoedebeleid (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp worden de budgetten voor overig armoedebeleid (artikel 5.2) structureel met 4 miljoen euro neerwaarts bijgesteld.
Vrouwenrechten (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp worden de budgetten voor vrouwenrechten en gendergelijkheid (artikel 3.2) volledig afgebouwd.
Klimaat (Kamerbrief Ontwikkelingshulp) Conform de Kamerbrief Ontwikkelingshulp worden de budgetten voor klimaat (artikel 2.3) vanaf 2029 structureel met 214 miljoen euro neerwaarts bijgesteld.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
73
Amendement UNRWA Met amendement Stoffer en Eerdmans wordt de bijdrage aan United
Nations Relief and Works Agency for Palestine Refugees in the Near East (UNRWA) voor 2025 en latere jaren verlaagd naar structureel 1 miljoen euro in 2029.
Rijksbrede taakstelling prijsbijstelling Er wordt rijksbreed 50% van de prijsbijstelling tranche 2025 uitgekeerd. Het restant wordt ingezet ter dekking van rijksbrede problematiek. Voor HGIS ODA betekent dit dat een deel van de reservering voor prijscompensatie op bufferartikel 5.4. wordt afgeboekt.
Overige ombuigingen en herschikkingen Vanaf artikel 5.4 (het bufferartikel) worden de middelen ter compensatie van wisselkoersverschillen overgeheveld naar artikel 5.2 (overig armoede beleid). Ook wordt vanaf artikel 5.4 de meevaller door de lagere asieltoerekening overgeheveld naar verschillende artikelen en wordt de intensivering op migratie partnerschappen gedekt. Verder betreft deze post met name een aantal herschikkingen op artikel 4.1 (humanitaire hulp) ter dekking van onder andere de bijdrage aan DRSS van in totaal 4 miljoen euro; van amendement Dobbe, waarmee 5 miljoen euro in 2025 extra wordt bijgedragen aan humanitaire hulp in Soedan; en van amendement van Baarle, waarmee 1 miljoen euro in 2025 vrij wordt gemaakt voor hulp aan de Rohingya.
Generaal dossier Actualisatie ODA-toerekening EU-afdrachten De EU-afdrachten zijn voor een deel ODA-toerekenbaar. Na actualisatie aan de hand van het huidige Nederlandse bni-aandeel zou het ODA-budget stijgen met 61 miljoen euro. Om het ODA-budget en de ODA-prestatie gel ijk te houden, wordt dit in mindering gebracht op artikel 5.4 (het bufferartikel).
Bijstelling ODA-budget n.a.v. CEP-Raming Naar aanleiding van de raming van het CEP van het CPB wordt het ODAbudget bijgesteld op basis van de verwachting van de volumeontwikkeling van het bruto nationaal inkomen (bni).
Overboekingen met andere begrotingen ODA-toerekening asiel Een deel van de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit ontwikkelings landen wordt betaald vanuit het ODA-budget. Er is sprake van lagere bezettingsaantallen. De ODA-middelen die daarom te veel zijn overgeboekt naar de begroting van AenM worden nu teruggeboekt naar de begroting van BHO.
HGIS-besluitvorming Als gevolg van de HGIS-besluitvorming vindt er een aantal overboekingen met andere begrotingen plaats, wat een effect heeft op de BHO-begroting van -52 miljoen euro in 2025. De grootste mutatie voor 2025 is een verrekening van 36 miljoen euro van de BHO- naar de BZ-begroting voor de overschrijding van het ODA-budget in 2024. Ook wordt er vanuit ODA structureel 13 miljoen euro aan loon- en prijsbijstelling overgeboekt aan BZ, ten behoeve van het ODA-deel van de apparaatsuitgaven. Daarnaast wordt er vanaf 2026 met 2,1 miljoen euro jaarlijks bijgedragen aan de Mondiale Gezondheidsstrategie (MGS) van VWS. Het overige deel is een saldo van verschillende kleinere mutaties, waaronder verdere overhevelingen van loon- en prijsbijstelling.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
74
IDA22 Binnen het ODA-budget wordt er additioneel geld beschikbaar gesteld voor de Nederlandse bijdrage aan de 22e middelenaanvulling van de Interna tional Development Association (IDA), dat onderdeel is van de Wereldbank.
Overige overboekingen met andere begrotingen Er vindt een aantal overboekingen plaats tussen de begroting van BHO en de begroting van BZ. Zo komt er in 2026 41,5 miljoen euro aan ODA-budget terug vanuit de begroting van BZ, naar verwachting zal de Nederlandse bijdrage aan het Europese Ontwikkelingsfonds (EOF) met 41,5 miljoen euro lager uitvallen. Daarom vloeien deze middelen terug naar artikel 5.4 (het bufferartikel) op de BHO-begroting. Het overige deel is een saldo van verschillende kleinere mutaties.
Kadercorrecties Bustelling ODA-budget n.a.v. CEP-Raming Naar aanleiding van de raming van het CEP van het CPB wordt het ODAbudget bijgesteld op basis van de verwachting van de prijsontwikkeling van het bruto nationaal inkomen (bni).
Kasschuiven Kasschuif asiel De lagere bezetting in de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit ontwikke lingslanden leidt tot een meevaller binnen het ODA-budget. Deze middelen worden met deze kasschuif in een ander ritme gezet.
Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting voor Buitenlandse Handel en Ontwikke lingshulp.
Niet-kaderrelevant Ukraine Partnership Facility De Ukraine Partnership Facility (UPF) 2 is in 2024 ingericht. Tot en met 30 januari 2025 konden bedrijven een aanvraag indienen. De hiervoor beschikbare middelen stonden in 2024 op de begroting. Bij Slotwet zijn deze afgeboekt en nu worden de middelen weer beschikbaar gesteld in het juiste ritme vanaf 2025.
Niet-militaire steunpakket Oekraïne 2025 Het kabinet stelt 252 miljoen euro in 2026 generaal beschikbaar voor niet-militaire steun aan Oekraïne. Deze middelen worden aan de BHObegroting toegevoegd. Ontvangsten
Extrapolatie Met de extrapolatie wordt de begrotingsstand in het extrapolatiejaar 2030 (t+5) toegevoegd aan de begroting voor Buitenlandse Handel en Ontwikke lingshulp.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
75
Justitie en Veiligheid VI Justitie en Veiligheid: Uitgaven VI Justitie en Veiligheid: Uitgaven In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Stand Basisstand Miljoenennota
18.325
18.353
18.329
18.248
18.251
0
Meevallers
- 238
- 73
- 63
- 58
- 48
- 48
Ramingsbijstellingen n.a.v. onderuitputting
- 78
- 73
- 63
- 58
- 48
- 48
Inzet eindejaarsmarge
- 160
66
127
146
129
105
87
85
86
86
86
- 68
3
41
24
0
48
39
19
19
19
Tegenvallers
221
Arbeidsvoorwaardenmiddelen
95
Beroep eindejaarsmarge (EJM)
49
Ramingsbijstelling Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ)
46
Ramingsbijstelling inburgering Overige tegenvallers
31
Intensiveringen
107
92
217
217
217
217
Middelen Politie en de veiligheidsketen
50
75
100
100
100
100
Garantieregeling forensische zorg
24
Amendement Ellian extra plekken licht beveiligde inrichting
20
Amendement Mutluer c.s. aanpak Stop Femicide
10
Overige amendementen begrotingsbehandeling JenV
3
Middelen sociale advocatuur
30
30
30
30
Weerbaarheid
70
70
70
70
17
17
17
17
17
- 18
- 41
- 41
- 46
- 51
Overige intensiveringen
Ombuigingen
- 47
Verlaging middelen artikel 92 voor amendementen begrotingsbehandeling
-3
Verlaging middelen artikel 92 voor dekking problematiek
-7
- 10
- 34
- 34
- 39
- 43
Dekking amendement t.b.v. OCW-begroting
-8
-8
-8
-8
-8
-8
Verlaging middelen artikel 33 voor amendement Mutluer c.s.
- 10
Verlaging middelen Wetboek van Strafvordering voor amendement Ellian
- 20
Generaal dossier
- 20
- 24
- 25
- 25
- 25
- 25
Reservering boetes en transacties op artikel 92 voor generale beeld
- 20
- 24
- 25
- 25
- 25
- 25
Kasschuiven
- 53
9
27
13
2
1
Kasschuif ondermijning
- 31
28
3
Overige kasschuiven
- 23
9
0
10
2
1
Overboekingen met andere begrotingen
- 50
- 35
- 87
- 119
- 120
- 120
Middelen HLA Nationale veiligheid versterken
-8
- 42
- 103
- 103
- 103
- 103
Overige overboekingen met andere begrotingen
- 41
7
17
- 15
- 17
- 17
Kadercorrecties
0
0
0
0
Kadercorrecties
0
0
0
0
687
686
687
678
Loonbijstelling
680
683
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
76
VI Justitie en Veiligheid: Uitgaven Loonbijstelling
680
683
687
686
687
678
Prijsbijstelling
65
65
64
63
63
62
Prijsbijstelling
65
65
64
63
63
62
Eindejaarsmarge
160
Eindejaarsmarge
160
Extrapolatie
18.027
Extrapolatie
18.027
Technisch
- 48
- 113
- 110
- 101
- 101
- 101
Herverkaveling middelen apparaat van JenV naar AenMbegroting
- 121
- 112
- 104
- 104
- 103
- 103
72
-1
-6
2
3
3
Overig technisch
Niet-kaderrelevant
0
0
0
0
0
Niet-kaderrelevant
0
0
0
0
0
19.102
19.006
19.124
19.028
19.008
18.746
In miljoenen euro
2025
2026
2027
2028
2029
2030
Stand Basisstand Miljoenennota
1.650
1.751
1.781
1.806
1.837
0
Meevallers
54
31
31
31
31
31
Afroming eigen vermogen DJI
23
Ramingsbijstelling Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ)
18
25
25
25
25
25
Afroming eigen vermogen Justis
7
Ontvangsten Dienstencentrum Justitie en Veiligheid
6
6
6
6
6
6
Stand Voorjaarsnota
VI Justitie en Veiligheid: Ontvangsten VI Justitie en Veiligheid: Ontvangsten
Generaal dossier
62
64
66
71
77
113
Ramingsbijstelling boetes en transacties
62
64
66
71
77
113
Extrapolatie
1.837
Extrapolatie
1.837
Technisch
72
- 1
-6
2
3
3
Technisch
72
-1
-6
2
3
3
1.838
1.845
1.873
1.911
1.948
1.984
Stand Voorjaarsnota
Uitgaven
Meevallers Ramingsbijstellingen n.a.v onderuitputting Op basis van een analyse van onderuitputting op de budgetten in voorgaande jaren wordt een structurele ramingsbijstelling van circa 48 miljoen euro op de JenV-begroting verwerkt om problematiek te dekken.
Inzet eindejaarsmarge JenV zet circa 160 miljoen euro aan eindejaarsmarge in om overlopende verplichtingen te dekken.
Tweede Kamer, vergaderjaar 2024-2025, 36 725, nr. 1
77
Tegenvallers Arbeidsvoorwaardenmiddelen In 2024 is incidenteel circa 95 miljoen euro op de jaarlijkse loonontwikkelingsbijstelling voor arbeidsvoorwaardenmiddelen niet tot besteding gekomen. Hiervoor is aanvullende eindejaarsmarge beschikbaar gesteld.
Beroep eindejaarsmarge (EJM) Dit betreft diverse posten waarvoor beroep wordt gedaan op de eindejaars marge. Dit betreft onder andere de kosten voor de cao Rechterlijke Macht (circa 11 miljoen euro). Daarnaast wordt eindejaarsmarge ingezet voor middelen die in 2024 voor het project Justicelink niet tot besteding zijn gekomen (circa 9 miljoen euro) en voor vertraging bij de implementatie van het nieuwe Wetboek van Strafvordering (WvSv) (circa 5,8 miljoen euro).
Ramingsbijstelling Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ) Het Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ) raamt de capaciteitsbehoefte voor de organisaties binnen de justitiële keten. Door onzekerheid in de ramingen is een afslag op de capaciteitsbehoefte genomen, waarbij het beeld op stand 2027 is gestabiliseerd. De grootste tegenvallers doen zich voor binnen de Justitiële Jeugdinrichtingen (JJI's) en bij de klinische plaatsen binnen de forensische zorg. De tariefsverhoging vanuit de Nederlandse Zorg Autoriteit (NZA) ten behoeve van forensische zorg is meerjarig verwerkt. Ook is sprake van aanvullende capaciteitsbehoefte bij de Raad voor de rechtspraak (Rvdr).
Ramingsbijstelling inburgering De ramingsbijstelling inburgering bestaat uit twee wijzigingen. Ten eerste is het inburgeringsbudget bijgesteld op basis van het aantal verwachte inburgeraars. Daarnaast is gekozen om de 10% korting op de SPUK Inburgeringsvoorzieningen voor de jaren 2026 en 2027 niet door te voeren, wat leidt tot een tegenvaller. Mede op basis van evaluatie van de Wet Inburgering 2021 werkt JenV de komende tijd aan wetsaanpassingen om tot een structurele invulling van de korting te komen.
Overige tegenvallers Dit betreft het saldo van diverse tegenvallers. Er is onder andere sprake van een tegenvaller bij Domeinen door een stijging van kosten zoals huisvesting, ICT en voor de vernietiging van inbeslaggenomen vuurwerk (circa 9 miljoen euro).
Intensiveringen Middelen Politie en de Veiligheidsketen Bij de Nota van Wijziging op de JenV-begroting van 14 november 2024 zijn middelen voor de Politie en de veiligheidsketen overgeboekt van de Aanvullende Post naar de JenV-begroting. Hiervan is 42 miljoen euro in 2025 voor de NAVO-top, waarmee het totaal voor JenV voor de NAVO-top op dit moment op 81,7 miljoen euro uitkomt.