CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[I25.04087] Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 112 december 2024

Commissie Ruimte 24 juni 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststellen visie Lies Frankenweg 112.010 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Waardering

Een archeologische vindplaats zoals deze behoort gewaardeerd te worden op basis van bijlage IV van de KNA. Het resultaat van deze waardering toont Tabel 3. Waarden Beleving

Fysieke Kwaliteit

Inhoudelijke Kwaliteit

Criteria

Scores

Schoonheid

Laag

1

Herinneringswaarde

Gemiddeld

2

Gaafheid

Gemiddeld tot hoog

2

Conservering

Hoog

Niet te bepalen

Zeldzaamheid

Gemiddeld

2

Informatiewaarde

Gemiddeld

Niet te bepalen

Ensemblewaarde

Hoog

3

Representativiteit

Hoog

3

Tabel 3: Waarderingstabel (bijlage IV, KNA 4.1).

Wat betreft de beleving heeft de vindplaats een schoonheidswaarde, omdat de enigszins verhoogde standplaats bovenop een natuurlijke verhoging nog enigszins zichtbaar is in het landschap. De herinneringswaarde is gemiddeld, omdat de middenmolen tot in het begin van de 20e eeuw een kenmerk is geweest van het landschap alvorens deze rond 1928 werd gesloopt. Deze molen is afgebeeld in verscheidende, verschillende historische documenten. Aangezien op deze twee criteria van de belevingswaarde wordt gescoord, is al sprake van een behoudenswaardige vindplaats. Niettemin worden ook de overige waarden beschouwd. De fysieke kwaliteit van de archeologische grondsporen (Gaafheid) is gemiddeld. Opgaand muurwerk van de beschoeiing van de voor- en achterloop is aanwezig, zoals waarschijnlijk ook restanten van de fundering van de molenstomp bewaard zullen zijn gebleven. Het nog resterend muurwerk van de beschoeiing is goed bewaard gebleven en is bijna niet verweerd. Het gewelf van de overkluizing is echter gesloopt waardoor de gaafheid niet hoog maar gemiddeld is. Het criterium conservering refereert aan de staat van de aanwezige archeologische vondsten. In ons in omvang bescheiden onderzoek zijn geen potscherven, fragmenten metaal, stukken bot e.d. gevonden. Daarvan kan derhalve de waarde ook niet worden bepaald.

Het booronderzoek in 2023 heeft aangetoond dat de vulling van de boezem als een archeologisch spoor goed bewaard is.30 De inhoudelijke kwaliteit van de vindplaats is gemiddeld tot hoog. Alhoewel dit type molen alom bekend is in Nederland en zeker in de Archeoregio, is dit één van de locaties in de gemeente Lansingerland waar het inzichtelijk is dat hier een poldermolen heeft gestaan die het mogelijk heeft gemaakt in de 18e en 19e eeuw om hier te wonen en werken. De ensemblewaarde is hoog. Dat geldt zowel zeer lokaal, aangezien de molenaarswoning ook nog in enige vorm aanwezig is, als microregionaal omdat de molen onderdeel heeft

30 Weerheijm et al. 2023, 23-25.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

23

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

uitgemaakt van een systeem met meerdere molens waarmee de Noord-, Zuid- en Westpolder zijn droog gemaald. De molens met de daarbij horende platforms, watergangen, en sloten waren kenmerkende landschapselementen. De informatiewaarde is niet te bepalen, omdat daarvoor het onderzoek te beperkt in omvang is en is opgezet als niet-destructief omdat het streven is deze vindplaats in situ te behouden. Tot slot is er nog de waarde ‘Representativiteit’. De poldermolens zijn kenmerkend voor Holland, zij zijn een van de kenmerkende symbolen van de Hollandse identiteit; het land terugveroveren op het water, het mogelijk maken van droogmalen, ontginnen, wonen en werken. Poldermolens zijn gelukkig nog bekend als bebouwde monumenten, maar als archeologisch monument zo goed als niet. Terwijl windmolens en hun standplaatsen zeer kenmerkende locaties waren in het polderlandschap. Alhoewel de vindplaats al behoudenswaardig is op het aspect van de belevingswaarde, wordt deze waardering tevens onderbouwd door de score van verschillende criteria van zowel de fysieke als ook de inhoudelijke kwaliteit. 5.3

Archeologisch monumentenzorg-advies

Op basis van de uitkomsten van het Inventariserend Veldonderzoek door middel van proefsleuven concludeert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie, voor het plangebied Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, dat een behoudenswaardige vindplaats aanwezig is. De vindplaats betreft de standplaats van de middenmolen met inbegrip van verlicht opgehoogd molenplatform dat vooral diende als (onder)doorgang voor de boezem (watergang) waardoor dankzij de molen het water uit de polder werd gemaald. De vindplaats behelst de omtrek van de molenstomp, de overkluisde boezem, een licht opgehoogd standplaats voor die molenstomp vanwege de benodigde grondegalisatie als gevolg van die overkluizing, en de vulling van de boezem. Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie adviseert deze vindplaats in situ te behouden en niet alleen de feitelijke molenstomp. Op kaart 6 is de omtrek van de vindplaats met een bufferzone van 1,5 m weergegeven. Wanneer wordt besloten deze vindplaats in situ te behouden adviseert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie tevens dat de vindplaats weergegeven wordt in het omgevingsplan en op de gemeentelijke archeologische beleidskaart. Het is ook te overwegen na te gaan hoe schadelijk de boombegroeiing ter plaatse van de vindplaats is.

Bovendien is vanuit het perspectief van behoud in situ het voorstelbaar om deze behoudenswaardige archeologische vindplaats zichtbaar en beleefbaar te maken door alle begroeiing te verwijderen; de wind moest natuurlijk vrij spel hebben om de wieken aan te blazen zodat de molen het water kon wegmalen. Het is aan het bevoegd gezag, in deze de gemeente Lansingerland, of dit advies omtrent behoudenswaardigheid van de vindplaats, de begrenzing van de vindplaats en de realisatie van behoud in situ op de korte en meer langere termijn wordt overgenomen. De gemeente heeft het recht haar eigen afwegingen te maken over de omgang met deze vindplaats in het kader van de gemeentelijke archeologische monumentenzorg. Ook nadat het archeologisch onderzoeksproces is afgerond, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische toevalsvondst wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Lansingerland en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

24

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

6 6.1

Formele beantwoording onderzoeksvragen Bodemopbouw en genese

1. Hoe is de bodemopbouw lithologisch, lithogenetisch, en stratigrafisch? In de top van de bodemopbouw ligt de huidige bouwvoor, daaronder een 20e-eeuwse antropogene ophogingslaag die samenhangt met de sloop van de molen, enkele dunne ophogingslagen die deel uitmaken van de het bouwrijp maken van de locatie om de molen te kunnen bouwen bovenop de overkluisde boezem waardoor het polderwater werd weggemaald door de molen, bovenop de vermoedelijke oude bouwvoor. De moderne ophogingslaag is vermoedelijk ontstaan na de sloop van de molen, omdat in de laag puinconcentraties en stukken plastic zaten. Het egalisatielagen voor het bouwrijp maken bestaan afwisselend uit grijsbruine, donkergrijsbruine en licht witgrijze ophogingslagen van sterk siltige klei. Sporadisch is in de lagen baksteengruis en zandbrokken waargenomen. In werkputten 1 en 2 zijn alleen de huidige bouwvoor en de moderne 20e-eeuwse ophogingslaag waargenomen. 2.

Is sprake van een intact bodemprofiel? Waar wel Z niet en indien niet wat is daarvoor de verklaring (aard, diepte, oorzaak van de verstoring)? In het onderzoeksgebied is grotendeels sprake van een redelijk intact bodemprofiel inclusief, alhoewel de bovenkant van de opgebracht grondlagen ter plaatse van de voormalige molen in werkput 3 zijn vergraven en vermengd met de laag met slooppuin. In werkput 4 zijn nutsvoorzieningen aangetroffen, die de bodemopbouw hebben verstoord. 3.

Is de bodemkundige situatie overeenkomstig de verwachting op basis van het vooronderzoek? Waar wel/niet en indien niet wat is daarvoor de verklaring? De bodemkundige situatie is niet overeenkomstig met de verwachting op basis van het vooronderzoek. In het gehele onderzoeksgebied zijn enkel een bouwvoor en antropogene ophogingslagen waargenomen. Het vooronderzoek heeft zich voornamelijk gericht op de omgeving waar natuurlijke afzettingen zijn waargenomen. 4.

Is een (of meer) vegetatiehorizont(en) aanwezig? Zo ja, wat is er te zeggen over een datering, eventuele fasering, sporen van prehistorische bodembewerking en wanneer de bodem is ontstaan? In het onderzoeksgebied is vermoedelijk de 18e-eeuwse bouwvoor bewaard onder de egalisatielagen die zijn opgebracht om de locatie bouwrijp te maken voor het optrekken van de molen. 5.

Hoe zijn de eventueel aangetroffen stratigrafisch gescheiden bodemlagen te duiden? Gaat het hier om ophogings- of bewoningslagen, of is er anderszins sprake van het voorkomen van archeologische cultuurlagen, sporen en/of vondsten? Zie het antwoord op onderzoeksvraag 1.

6. Wat is de diepte, dikte en datering van de deze lagen? De bouwvoor ligt aan het maaiveld, is circa 20 cm dik en dateert in de huidige tijd. De 20e-eeuwse ophogingslaag is circa 30 cm dik en de bovenzijde ligt tussen 4,30 en 4,76 m -NAP. De onderste ophogingslagen van het molenplatform dateren in de 18e eeuw, zijn samen ongeveer 30 cm dik en de bovenzijde ligt tussen 4,70 en 4,90 m -NAP. De bovenkant van de 18e-eeuwse bodem ligt op 4,90 m -NAP en daalt af in noordelijke richting. 7.

Welke post-depositionele processen hebben plaatsgevonden? In hoeverre is sprake van erosie en aantasting of verstoring van archeologische resten door dit soort processen? De moderne ophogingslaag is vermoedelijk opgeworpen na de sloop van de molen rond 1928. In de laag zaten puinconcentraties en stukken plastic.

VESTIGIA Archeologie Sí Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

25

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

6.2

Sporen, structuren en vondsten

8. Wat is de aard, datering en spreiding van de aangetroffen sporen en uit welke perioden dateren ze? In totaal zijn drie sporen aangetroffen in de vorm van muurwerk. De sporen behoren op basis van de overeenkomende kenmerken tot dezelfde structuur. De structuur betreft de overkluizing van de voor- en achterwaterloop, of boezem, uit de 18e eeuw waarboven de middenmolen was opgebouwd. De overkluizing bestaat uit twee parallel liggende muren met aan de oostzijde vleugelwanden die een v-vormige uitlaat vormen. In de meest westelijke werkput is enkel de noordelijke wand van de overkluizing waargenomen. 9. Hoe gaaf zijn de sporen bewaard? De fysieke kwaliteit van de archeologische grondsporen is gemiddeld. Opgaand muurwerk van de beschoeiing van de voor- en achterwaterloop is aanwezig, zoals waarschijnlijk ook restanten van de molenfundering en de opvulling van de boezem bewaard zullen zijn gebleven. Het nog resterend muurwerk van de beschoeiing is goed bewaard gebleven en is bijna niet verweerd. De top van de overkluizing is echter (deels?) verwijderd waardoor de gaafheid niet hoog maar gemiddeld is. 10. Zijn sporen van de in- en effluentsloten aanwezig? De bakstenen beschoeiing, onderdeel van de overkluizing, van de voor- en achterwaterloop is aanwezig. 11.

Zijn de funderingsresten van de molen aanwezig in de ondergrond? De funderingsresten van de molen zijn niet aangetroffen omdat de proefsleuven niet over de gehele lente tot in het midden van het molenplatform konden worden gegraven door bomen, kabels en asbest. 12. Wat is de omtrek en exacte locatie van de molenstomp? Met behulp van de ingemeten muurresten van de beschoeiing en overkluizing van de boezem is het mogelijk om de omvang van molenlocatie plus de overkluisde boezem te bepalen. Voor de veiligheid is een bufferafstand van 1,5 m in de omtrek van de vindplaats opgenomen zoals die is afgebeeld om Kaart 6 AMZadvieskaart. Dit is globaal een oppervlak van maximaal 23 x 13 m. 13. Wat is de aard, datering en samenstelling van de archeologische vondsten? Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn geen vondsten gedaan. 14. Hoe is de conservering van de verschillende archeologische materiaalcategorieën inclusief de paleoecologische resten? Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn geen vondsten gedaan of monsters genomen. 15. Welke vindplaatsen kunnen aan de hand van de sporen en vondstmateriaal worden onderscheiden en wat is hiervan de omvang? Aan de hand van de sporen kan bepaald worden dat in het onderzoeksgebied een molenplatform is gelegen met resten van de overkluizing van de voor- en achterwaterloop, de waterloop zelf en vermoedelijk de fundering van de molen. 16.

Wat is de waardering van de vindplaats(en) conform bijlage IV van de KNA? De vindplaats is behoudenswaardig. Op zowel belevingswaarde, fysieke kwaliteit als ook de inhoudelijke kwaliteit scoort de vindplaats gemiddeld tot hoog. 17. Indien geen archeologische resten worden aangetroffen, wat is hiervoor de verklaring? Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn archeologische sporen aangetroffen van het molenplatform, de inen effluentsloot (watergang), en de overkluizing daarvan, maar geen funderingsresten van de molen zelf. De proefsleuven konden namelijk niet tot in het midden van het molenplatform worden uitgegraven, waardoor hun aan- of afwezigheid niet is vastgesteld.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

26

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

18. Wat is de omvang en aard van eventuele verstoringen? De verstoring bestaat slechts uit enkele nutsvoorzieningen in werkput 4 die samen circa 0,80 m2 hebben verstoord. 6.3

Archeologische Monumentenzorg (AMZ)

19. Moet de in het vooronderzoek geformuleerde archeologische verwachting voor het plangebied worden bijgesteld? De in het vooronderzoek geformuleerde archeologische verwachting hoeft voor het plangebied niet te worden bijgesteld.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

27

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Literatuur en digitale bronnen

Literatuur Beek, M. Z J. van Campen Z M. Kooiman, 2012: Nota Cultuurhistorie Plus. Gemeente Lansingerland. Berendsen, H.J.A., 1997: Landschappelijk Nederland, Assen. Koot, C.W. Z M. Reneerkens, 2005: Een prospectief veldonderzoek in het hoofdstructuur-element LOLL5 op de vinexlocatie "Westpolder/Bolwerk" te Berkel, Amersfoort (Vestigia-rapport V232). Kruidhof, C.N., 2003: Plangebied Berkel en Rodenrijs, Een inventariserend archeologisch onderzoek, Rotterdam (BOOR-rapporten 138). Loopik, J. Z J. Huizer, 2011: Lansingerland proefsleuvenonderzoek, Amersfoort (ADC-rapport 2597).

Westpolder/Bolwerk

Een

IVO-verkennend

Louwe, E. Z K. Klerks Z K. Hebinck Z R.M. van Heeringen, 2009: Industrieweg 119 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland Een Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van boringen, Amersfoort (Vestigia-rapport V558). Oude Rengerink, J.A.M., 1996: Randstadrailverbinding Zoetermeer-Rotterdam (ZoRo); Archeologisch onderzoek in het kader van de M.ER, Amsterdam (RAAP-rapport 158). Peters, F.C.J., 2000: Vinex-locatie ‘Noordrand Uľ, Berkel en Rodenrijs; Een aanvullende archeologische inventarisatie, Rotterdam (BOOR-rapporten 52). Someren, S. van, 2024: Plangebied Lies Frankenweg 1, Berkel en Rodenrijs, Lansingerland; Programma van Eisen ten behoeve van Inventariserend Veldonderzoek door middel van proefsleuven (IVO-P), Amersfoort (Vestigia-rapport V2595). Verschoor, C. Z M. Diepeveen-Jansen Z K. Klerks, 2007: Industrieweg 113119 Berkel en Rodenrijs Een Inventariserend Veldonderzoek door middel van boringen en een veldverkenning, Amersfoort (Vestigiarapport V427). Visscher, H.C.J., 1990: Oude Leede; Een archeologische kartering en inventarisatie (RAAP-rapport 36A). Vos, P. Z S. de Vries, 2013: 2e generatie palaeogeografische kaarten van Nederland (versie 2.0), Utrecht. Weerheijm, W.J. Z H.J. Pierik, 2012: Woningbouwlocatie Westpolder Z Bolwerk deelplan 7 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland.

Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen, Amersfoort (Vestigia-rapport V980). Weerheijm, W.J. Z E.R.J.G. Picard Z F.P.J. van Puijenbroek, 2020: Archeologisch vooronderzoek in het kader van nieuwbouwlocatíes Westpolder Z Bolwerk deelplan 4-West, deelplan 6 ü Rand Bolwerk te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland; Ruimtelijk advies op basis van bureauonderzoek, Amersfoort (Vestigiarapport V1980). Weerheijm, W.J. Z F.P.J. van Puijenbroek, 2020: Archeologisch vooronderzoek in het kader van nieuwbouwlocatíes Westpolder Z Bolwerk deelplan 4-West, deelplan 6 ü Rand Bolwerkte Berkel en

VESTIGIA Archeologie ü Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

28

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Rodenrijs, gemeente Lansingerland; Ruimtelijk advies op basis van een Inventariserend Veldonderzoek door middel van boringen (İVO-O), Amersfoort (Vestigia-rapport V2042). Weerheijm, W.J. Z A. van den Hazelkamp Z F.P.J. van Puijenbroek, 2023: Archeologisch en cultuurhistorisch vooronderzoek Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland; Ruimtelijk advies op basis van bureau- en veldonderzoek, Amersfoort (Vestigia-rapport V2436).

Digitale bronnen Archeologisch Informatiesysteem (Archis): http://archis2.archis.nl/archisii/html/index.html Archief Hoogheemraadschap van Delfland: https://www.hhdelfland.nl/ Beeldbank defensie: https://nimh-beeldbank.defensie.nl/. Bodemloket: https://www.bodemloket.nl/ Bodem-/ondergrondgegeven: www.dinoloket.nl Centraal College van Deskundigen, 2018: Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1, Gouda. Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME): http://www.ikme.nl/ Molengegevens: https://allemolens.nl S https://www.molendatabase.org/molendb.php?step=details&tbnummer=01162 Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer: www.sikb.nl Verstoringsbronnenkaart: https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/bronnen-enkaarten/overzicht/verstoringsbronnenkaart

Afbeeldingen, tabellen, kaarten en bijlagen

Lijst afbeeldingen Afbeelding 1: Noordwestelijk lengteprofiel in werkput 3...............................................................................17 Afbeelding 2: S1001 in werkput 1..................................................................................................................... 19 Afbeelding 3: S5001 in werkput 5..................................................................................................................... 19 Afbeelding 4: S4001 in werkput 4....................................................................................................................20 Afbeelding 5: Foto van de middenmolen in de Westpolder met overkluisde voorwaterloop. Datering onbekend. Bron: allemolens.nl........................................................................................................................ 20 Afbeelding 6: Schilderij met de titel: 1689 “Middelste” molen, in Westpolder in polder Berkel, 1990. Voor de molen is de overkluisde voorwaterloop afgebeeld. Bron: Archief Hoogheemraadschap van Delfland. .. 21 Afbeelding 7: Historische foto van molen de Valk bovenop de overkluiste voor- en achterwaterloop gemaakt van bakstenen................................................................................................................................................... 22

Lijst tabellen Tabel 1: De in Archis geregistreerde onderzoeken binnen een straal van 300 meter rondom het plangebied. Bron: RCEMrchis3............................................................................................................................................ 10 Tabel 2: Overzicht uitgegeven nummers per type......................................................................................... 17 Tabel 3: Waarderingstabel (bijlage IV, KNA 4.1)............................................................................................. 23

VESTIGIA Archeologie Sí Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

29

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Lijst bijlagen Bijlage 1: Noordwestelijk lengteprofiel in werkput 3 Bijlage 2: Geologische en Archeologische periode

Lijst kaarten Kaart 1: Ligging plangebied Kaart 2: Alleputtenkaart Kaart 3: Allesporenkaart Kaart 4: Allesporenkaart ten opzichte van de kadastrale minuut 1811-1832 Kaart 5: Hoogteligging van de molenstomp op kadastrale minuut 1811-1832 Kaart 6: AMZ-advieskaart

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2649, definitief, versie 2.0, d.d. 12 december 2024

30

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Kaart 1: Ligging plangebied KAART 1 - LIGGING PLANGEBIED LEGENDA

Ľ3 Plangebied Bebouwing ■I Water Overige topografie

V23-5353: BO IVO Lies Frankenweg 1 Berkel en Rodenrijs Rapport: Datum:

April 2023

Bron:

ToplONL, CC-BY Kadaster jan. 2019

Tekenaar: Schaal:

IGIA

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

31

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Kaart 2: Alleputtenkaart ALLeputtenkaart LEGENDA

J Plangrens 1 Water 1 Gebouwen I

I Overig J Werkputten

WP3

WP2

WP1 WPS WP4

Augustus 2024 ToplONL. CC-BY Kadaster 2Ū24

MvdL

90870

90885

90900

90915

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

32

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Kaart 3: Allesporenkaart

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

33

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Kaart 4: Allesporenkaart ten opzichte van de kadastrale minuut 1811-1832 Allesporenkaart op Kadastrale Minuut 1811-1832 LEGENDA

444675

444690

I I

I Plangrens I Werkputten

I I Muur r' j AMZ-advies, in situ te behouden

Datum:

Augustus 2024

Bron:

ToplONL, CC-BY Kadaster 2024 Kadastrale Minuut 1811-1832

Tekenaar:

MvdL

IGIA

S

ultuurbistorie

0

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

2,5

5m

34

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

444720

Kaart 5: Hoogtemetingen van en rondom molenlocatie geplot op kadastrale minuut 1811-1832

LEGENDA

I

I Plangrens Hoogte maaiveld t.o.v. NAP

444675

444690

444705

+

Datum:

december 2024

Bron:

ToplONL, CC-BY Kadaster 2024 Kadastrale Minuut 1811-1832

444660

Tekenaar:

MvdL I TvS

IGIA

S

•dluurbislorie

0

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

10

20 m

35

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Kaart 6: AMZ-advieskaart

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

36

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Bijlage 1: Noordwestelijk lengteprofiel in werkput 3

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

37

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

Bijlage 2: Geologische en Archeologische perioden

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

38

V23-5597Archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lies Frankenweg 1 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

This text was set using the following freely available font software: Allerta

Copyright (c) 2010, Matt Mclnerney (http://pixelspread.com), with Reserved Font Name Allerta.

Inconsolatajdz

Copyright (c) 2006, Raph Levien (http://www.levien.com), with Reserved Font Name ‘Clnconsolatax Copyright (c) 2009, David Zhou (http://blog.nodnod.net/) with Reserved Font Name -dnconsolatajdzX

MolengO-Vestigia

Copyright (c) 2007, Denis Moyogo Jacquerye, with Reserved Font Name ^olengox Copyright (c) 2011, Vestigia BV Archeologie St Cultuurhistorie (www.vestigia.nl), with Reserved Font Name ^olengO-VestigiaX available atwww.vestigia.nl/fonts.

This Font Software is licensed under the SIL Open Font License, Version 1.1. The license is available with a FAQ at: http://scripts.sil.org/OFL

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2562, definitief versie 2.0, d.d. 12 december 2024

39

Vestigia BV Archeologie ů Cultuurhistorie Spoorstraat 5 3811 MN Amersfoort Nederland Telefoon

033 277 92 00

E-mail

info@vestigia.nl

Website

www.vestigia.nl

K.v.K. Gooi- en Eemland 32078894

Erf goed ingenieurs “Engineering the past, creating the future

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=7b235014-69f1-4b23-926e-608e5306208e