CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV26.0058] Verslag CIE AB d.d. 20 mei 2026

Commissie Algemeen Bestuur 24 juni 2026, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering14.945 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG Commissie Algemeen Bestuur

Datum vergadering

: 20 mei 2026

Aanwezig in de raadszaal Commissieleden Leefbaar 3B : Terry Duivesteijn, Marjolein Gielis, Johan Philippens CDA : Jan-Willem van den Beukel, Ed van der Knaap, Alexander Kuipers, Terence Buitendijk VVD : Bart van Wanroij, Sue van de Giessen, Yash Anroedh WIJ Lansingerland : Mark Bik, Leon Hoek, Masja Kemper D66 : Brecht Weerheijm, Erik Jonker, Berry Kriesels, Bert Bakker GroenLinks/PvdA : Nanno Scheringa CU : Bram Oostdijk Burgemeester Wethouders

: Rik van der Linden : Michiel Muis

Voorzitter Commissiegriffier

: Bert Deitmers : Lianne van den Houten

Afwezig Leefbaar 3B CU D66 GroenLinks/PvdA CDA

: Bart van Hal : Arjen Hofman : Berry Kriesels : Manon van Splunter, Sonnie Biharie : Alexander Kuipers

1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Ik zie dat het 20.00 uur is. Namens ook de commissiegriffier, welkom commissieleden, leden van het college, ambtenaren en belangstellenden op de tribune en de mensen thuis. Mijn naam is Bert Deitmers. Ik ben vorige maand benoemd als voorzitter van deze commissie. Het is vandaag een bijzondere vergadering. Het is de eerste vergadering na de gemeenteraadsverkiezingen. Met name wil ik de nieuwe commissieleden welkom heten, bijzonder welkom heten. Vooraf hebben we aan dit overleg een aantal informele contacten gehad, informeel even kennis gemaakt. Ik mag zeggen dat ik het een eer vind om in de volgende jaren uw voorzitter te mogen zijn. Wat doen we in deze commissie? In deze commissie vindt de oordeelsvorming plaats. Hiervoor hebben we debat met elkaar, proberen elkaar te overtuigen, maar vooral ook luisteren naar elkaar. We hebben spreektijden, interrupties en we hopen dat we daarmee de besluitvorming in feite faciliteren. Van mijn kant en namens de griffie wens ik u een open en constructief debat toe. Ik constateer dat een aantal mensen zich afgemeld hebben. Tegelijkertijd constateer ik ook dat alle fracties aanwezig zijn. We kunnen van start. Dat betekent dat alle fracties vertegenwoordigd zijn. 2. Inspreker(s) De voorzitter: We hebben vandaag geen insprekers.

Maar voor de nieuwe commissieleden leg ik even graag uit hoe het werkt. Insprekers kunnen zich voor 12.00 uur aanmelden bij de griffie. Dat betekent dat het onderwerpen kan betreffen die de commissie betreffen. Dat

1/24

betekent ook dat er onderwerpen aangedragen kunnen worden die niet op de agenda staan. Na de inspraak kunt u verhelderde vragen stellen. De wethouders en de burgemeester hebben daar geen rol in. Het betekent dat op dat moment er geen debat kan plaatsvinden. Het is op dat moment het verhaal en vragen, zodat het verhaal in ieder geval toegelicht kan worden. Dat is heel kort wat de rol van de insprekers is. 3. Vaststelling verslag vorige vergadering De voorzitter: Dan gaan we naar het agendapunt, vaststelling verslag vorige vergadering. Het voorgaande verslag dateert van 4 februari. Er zijn bij de griffie verder geen opmerkingen binnengekomen. Ik kijk even rond. Klopt dat ook in uw perceptie? Zo ja, dan kunnen we het verslag hierbij ongewijzigd vaststellen. Dank u wel. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Dan gaan we door naar de vaststelling van de agenda en de inventarisatie van de rondvragen. Er zijn in ieder geval geen rondvragen aangemeld. Ook hier graag even een korte toelichting. U kunt rondvragen indienen bij de griffie. Volgens het reglement moet het over actuele en dringende onderwerpen gaan. Uiteindelijk beslis ik of die onderwerpen op de agenda komen. Die vragen moeten voor 10.00 uur vandaag, op de dag van de zitting in feite, ingeleverd worden. Het mag ook vroeger uiteraard.

Laten we het vooral niet te spannend maken en zorgen dat uiteindelijk ook de griffie haar werk goed kan doen. Als het eerder kan, graag zelfs. Wat belangrijk is ook, is het vaststellen van de agenda. De vraag is of de agenda ook zo vastgesteld kan worden? Zo ja, dan is bij deze de agenda vastgesteld. 5. Bespreekpunten 5.a Algemene beleidsregels Evenementen aanpassing op onderdeel ‘levende dieren’: Verzoek ruimte voor volgen landelijk wetgeving (door Sue van de Giessen, VVD) De voorzitter: Dan gaan we naar de bespreekpunten. Het is zo dat bij dit agendapunt onderwerpen aan de orde komen die bedoeld zijn om een oordeel met elkaar te vormen. Die kunnen door het college, maar ook u als raad aangekondigd worden. Het is zo dat als u een bespreekpunt wilt agenderen, dan ook weer opnieuw contact opnemen met de commissiegriffier. Vandaag hebben we twee bespreekpunten op de agenda staan, twee eigen producties van de raad. Elke indiener van een bespreekpunt krijgt twee minuten extra om het agendapunt in te leiden. Dan ga ik nu over naar het agendapunt, het bespreekpunt nummer 5.a. En het gaat over de algemene beleidsregels Evenementen aanpassing op onderdeel levende dieren: Verzoek ruimte voor volgen landelijke wetgeving. Die valt onder portefeuille van de burgemeester. Dit bespreekpunt is geagendeerd door Sue van de Giessen van de VVD.

In september ‘25 zijn beleidsregels voor evenementen door het college vastgesteld. In dit beleid staat de regel dat de gemeente ervoor kiest om geen evenementen met levende dieren toe te staan. De VVD heeft hier vragen over aan de fracties. En mochten er door andere fracties ook vragen aan het college gesteld worden, dan kunnen zij, het college, dat antwoorden. Als dat niet het geval is, dan is het in feite alleen het debat tussen de fracties onderling. We doen het in twee termijnen. En nu geef ik eerst het woord aan mevrouw Van de Giessen van de VVD. Eerste termijn Mevrouw Van de Giessen: Dank u wel, voorzitter. En ook dank aan de andere partijen voor het meedenken over dit onderwerp. Volgens mij zijn we het over één ding allemaal eens, dieren moeten goed behandeld worden. Daar gaat deze discussie dan ook niet over.

2/24

Nederland heeft strenge landelijke regels voor dierenwelzijn. In de Wet dieren staan duidelijke eisen over verzorging, veiligheid, gezondheid en toezicht. Nederland loopt daarop binnen Europa juist voorop. Daarom vraagt de VVD zich af waarom wij in Lansingerland daar lokaal nog extra regels bovenop moeten zetten. Wij vinden dat we moeten kunnen vertrouwen op de landelijke wetgeving die er al is. Natuurlijk moet er gehandhaafd worden als mensen zich niet aan die regels houden. Maar het is wat ons betreft niet nodig om lokaal nog strengere verboden en extra beperkingen toe te voegen. Dat voelt al snel betuttelend richting verenigingen, vrijwilligers en organisatoren die dit vaak al jarenlang netjes en verantwoord organiseren. Niet omdat het moet, maar omdat ze dit ook gewoon willen. In veel andere gemeenten wordt gewoon gewerkt vanuit de landelijke regels. Dat lijkt ons een veel betere balans dan een algemeen lokaal verbod zonder ruimte voor maatwerk. De VVD wil daarom terug naar vertrouwen in de landelijke regels die er al zijn, zonder extra lokale regels. Daarmee beschermen we onze dieren, maar houden we ook ruimte voor tradities, verenigingen en activiteiten die onze dorpen juist leuk en levendig maken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kan me voorstellen dat er aanleiding is om bij de andere fracties daar vragen over te stellen.

Daar wil ik graag nu opening voor geven. De fracties. Eerste termijn. Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Met dank aan mevrouw Van de Giessen voor het agenderen van dit onderwerp. Want die beleidsregels die in november zijn, 2025, vrij recent zijn vastgesteld door het college, dat is kennelijk iedereen hier ontgaan. En dat is ons gewoon niet opgevallen. U komt vers binnen en hup, het onderwerp staat op de agenda. Fantastisch. Leefbaar 3B vindt dit betutteling, net als u, maar betutteling van de bovenste plank. Hiermee worden erg mooie tradities de nek omgedraaid. En dat begrijpen we niet. We begrijpen niet waarom we niet op zijn minst het landelijk beleid kunnen volgen. Mevrouw Van de Giessen, Sinterklaas zal niet meer op Amerigo naar Nederland komen. Nee, naar Lansingerland komen, want hij is vervangen door Ozo Snel. En Ozo Snel is Ozo Snel, maar wij willen niet dat Sinterklaas op de brommer moet komen. Dat vinden we niet leuk. In de beleidsregels wordt gesteld dat we vooral uit moeten gaan van de kennis en kunde van onze inwoners en van de organisatoren. Wij gaan ervan uit dat de door u genoemde voorbeelden van evenementen met dieren gewoon moeten kunnen. Sterker nog, de meeste van deze evenementen zijn erg educatief. Lammetjes knuffelen, koeien over de neus aaien en zien dat de melk niet meer uit de fabriek komt, dat zijn echt educatieve dingen.

Het spreekt voor zich, we hebben hier niet over hanengevechten of over beren in een kooi. We hebben het over vijf evenementen per jaar die allemaal vrij educatief zijn. En uiteraard moeten dierenwelzijn en de veiligheid van de inwoners voorop staan. Maar wij vinden dit inderdaad te ver gaan, zoals u dat heeft uitgelegd. U heeft ons twee vragen gesteld. De eerste, hoe staan wij tegenover de ingevoerde beleidsregels? Dat hebben we al gezegd, Leefbaar 3B vindt deze regels veel te strak. Wij denken dat daar waar nodig maatwerk veel beter zou passen. Zeker bij de ambities die wij hebben met onze inwoners en de organisatoren van zulke belangrijke dingen. Maatwerk zeg ik, omdat het gaat om vijf evenementen of zo per jaar. Als je dan toch zo'n stapel formulieren moet invullen om je evenement aan te vragen, zet er dan een kopje bij, zijn er dieren bij betrokken en zo ja, op welke manier? En dan uiteraard het antwoord op vraag twee, wij zijn een voorstander van het hanteren van de landelijke Wet dieren als basis voor het evenementenbeleid. Maar zoals gezegd, daar waar nodig, vinden wij maatwerk nog beter. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Bakker. De heer Bakker: Dank u wel, voorzitter. Ook D66 staat hier uiteraard welwillend tegenover, waarbij we ons dan wel nog even afvragen, een vraag richting het college, hoe is dit,

3/24

waarom is dit op deze manier zo ontstaan? Wellicht zijn er bepaalde redenen die we nu niet weten, die zou ik dan graag vernemen. En misschien zit dat ook in de hoek, maar ik ga niet te veel speculeren, van dat je dan meer toezicht moet houden of dat er meer werk is voor de gemeente, maar dan kunnen wij die afweging hier maken. De voorzitter: Wilt u er nog op reageren? Dan geef ik het woord aan de heer Van der Knaap van het CDA. De heer Van der Knaap: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Van de Giessen, dank voor de duidelijke vraag. Ik probeer op alle twee de vragen direct een antwoord te geven, bij deze. Voor het CDA Lansingerland is Koningsdag meer dan een feestdag. Het is een dag waarop families, buren, verenigingen en vrijwilligers samen het dorp kleur geven. Juist die tradities en die verbondenheid zijn belangrijk voor onze samenleving en verdienen ruimte. Tegelijk vinden wij als CDA dat we zorgvuldig moeten omgaan met dieren. Dierenwelzijn is voor ons geen bijzaak, maar een verantwoordelijkheid. Dat betekent, heldere regels, goed toezicht en vertrouwen in verenigingen en organisatoren die er serieus en verantwoord mee omgaan. In september 2025 heeft het college de beleidsregels evenementen Lansingerland opnieuw vastgesteld. Daarin staat nu dat evenementen met levende dieren niet meer zijn toegestaan. Dat zorgt voor vragen, zoals u terecht naar voren brengt.

Het voorbeeld dat mevrouw Van de Giessen namens de VVD noemt, laat zien dat deze nieuwe regels niet helpen. Door deze regels is het moeilijker om Koningsdag goed en volledig te organiseren. Wij vinden het jammer dat de jaarlijkse traditie met pony’s hierdoor niet door kan gaan. De Oranjevereniging Bergschenhoek krijgt zo minder ruimte om dit onderdeel te organiseren. Op de dag van het evenement kan het publiek de activiteiten met de dieren gewoon mee zien. Men kan meekijken, het is transparant, lijkt mij. Daarom vinden wij dat verenigingen de ruimte moeten krijgen om dit soort activiteiten te organiseren. De landelijke Wet dieren geeft daarvoor al duidelijke regels aan. Extra beleidsregels van de gemeente vinden wij daarom niet nodig. Dat geeft trouwens ook ruimte aan andere evenementen, zoals genoemd, in de casussen waarbij tradities onderdeel zijn. Voor het CDA gaat het om vertrouwen in onze verenigingen en ruimte voor tradities die onze dorpen verbindt. Dit is in een notendop ook het antwoord op beide vragen. Mevrouw Kemper: Dank u wel, voorzitter. WIJ Lansingerland vindt het belangrijk dat verenigingen, organisatoren en inwoners evenementen kunnen blijven organiseren zonder onnodige extra regels. Daarnaast is het waardevol dat kinderen en jongeren tijdens evenementen op een laagdrempelige manier in contact kunnen komen met dieren.

Het ontmoeten van dieren draagt bij aan educatie, ontspanning en het ontwikkelen van respect en verantwoordelijkheid voor natuur en dierenwelzijn. Daarbij hoort ook dat we als gemeente niet strenger moeten zijn dan wat landelijk al is vastgelegd. Op landelijk niveau bestaan er al duidelijke kaders rondom dierenwelzijn. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de Dierenbescherming en de landelijke Wet dieren geven aan dat het gebruik van dieren bij evenementen niet per definitie verboden hoeft te worden. Wel wordt geadviseerd om zorgvuldig om te gaan met dierenwelzijn. Bijvoorbeeld door ontmoedigingsbeleid toe te passen of voorwaarden op te nemen voor de goede verzorging van dieren tijdens evenementen. WIJ Lansingerland ziet daarom geen noodzaak om als gemeente een algeheel verbod op dieren bij evenementen in te voeren. Wel vinden wij het belangrijk dat dieren op een verantwoorde manier worden behandeld en dat organisatoren weten aan welke voorwaarden zij moeten voldoen. De NVWA beschikt al over landelijke richtlijnen en aandachtspunten voor evenementen waarbij dieren aanwezig zijn. Denk hierbij aan eisen rondom huisvesting, rust, vervoer, veiligheid, verzorging en het voorkomen van stress of mishandeling. In plaats van extra lokale verboden op te leggen, kan de gemeente deze bestaande landelijke richtlijnen meenemen in het vergunningstraject.

WIJ Lansingerland stelt daarom voor om bij het aanvragen voor evenementvergunningen waarbij

4/24

dieren worden ingezet, de relevante richtlijnen van de NVWA als toetsingskader of bijlagen toe te voegen. Daarmee sluiten we aan bij bestaand landelijk beleid, zorgen we voor duidelijkheid richting organisatoren en waarborgen we het welzijn van dieren zonder onnodige bureaucratie of extra lokale regelgeving. Zo houden we evenementen mogelijk, ondersteunen we verenigingen en nemen we tegelijkertijd onze verantwoordelijkheid voor dierenwelzijn serieus. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Bedankt, mevrouw Van de Giessen, voor het bespreekpunt. Ik vind het een mooi bespreekpunt. Sorry, mijnheer Bik. Vooral dat het over beleid gaat en dat we niet blijven hangen of we wel of niet dingen mogen, dat is prima. Als eerste, het is 2026, dat weet iedereen. Tegenwoordig kijken we naar dierenwelzijn anders dan veertig jaar geleden. Iets dat al veertig jaar gebeurt, is gebeurd, op een bepaalde manier is het voor ons geen argument om dat te blijven doen. Je moet gewoon met de huidige tijd kijken van, hoe gaat het en wat vinden we er nu van? Wij kijken er uit het heden naar wat we hiervan vinden. De vragen, ik doe ze even samen, omdat vraag twee is de nuance van vraag één. Dan kan ik ze in één keer samenpakken. Op zich, het uitgangspunt om levende dieren niet meer toe te staan bij evenementen, dat uitgangspunt, dat steunen wij in principe.

Het principe van evenementen met levende dieren vinden we niet meer van deze tijd. Moet er maatwerk mogelijk zijn, dat is dan de nuance, dat vinden wij wel. Maar uiteraard op basis van de kaders. En de kaders, daar gaan wij als raad over, die kunnen we nu geven. Daar zijn we blij mee. Ons eerste kader is dierenwelzijn, staat altijd op nummer één. Punt, geen discussie over mogelijk. Dat heb ik van meer fracties gehoord, daar vinden we elkaar wel in. Een ander kader wat wij willen stellen is, een evenement met dieren, zou voor ons een educatief kader moeten hebben, waar geen redelijk ander alternatief voor te bedenken is. En dieren gebruiken in een evenement puur voor amusement, dat zullen wij, wat ons betreft, hoeft dat niet meer toegestaan te worden. Dan de casuïstiek die u noemt, daar zit ik toch wel even op te kauwen dan, want ten eerste pony rijden. Ik denk persoonlijk niet dat als het pony rijden niet doorgaat, dat heel Oranjedag of Koningsdag verpest is voor iedereen. Maar misschien kunt u mij bijpraten daarover. Levende kerststal, ook hier, ik zie hier geen dierenwelzijn in een levende kerststal. Volgens mij gaat het om het kerstverhaal en de geboorte van Christus. Dat kan volgens mij ook met een nepkoe, daar hoeft op zich geen levende koe in te staan.

Een ander voorbeeld, om positief te zijn, wat wel vergunbaar zou zijn, bijvoorbeeld een roofvogelshow, dat zouden we op zich nog wel toe kunnen staan, zeker als daar een educatief element in zit, van, hoe leven die beesten, wat doen ze, en waar zijn de gevaren voor de vogels, en wat kunnen wij eraan doen om daar iets aan te doen? Ten slotte, hebben we nog wel wat vragen over de uitvoering. De heer Bakker van D66 begon daar ook over. De voorzitter: Er is volgens mij een interruptie. Gaat uw gang. Mevrouw Van de Giessen: Dank u wel, mijnheer Scheringa. Dank u wel, voorzitter, sorry. Beiden. Klopt, de voorbeelden die u geeft, dat is één punt. Maar bijvoorbeeld ook een ambachtsmarkt met een schapenherder die met zijn hond laat zien hoe zijn werk in elkaar zit, ook dat soort evenementen vallen onder dit onderdeel. Het gaat een stuk breder dan alleen amusement. En ik denk dat dierenwelzijn, zoals u al beschrijft, dat wordt uiteraard getoetst. Dat is ook de verantwoordelijkheid van de ambtenaar. Volgens mij zijn we allemaal hierover eens dat we zeker moeten zijn dat dierenwelzijn geborgd blijft. Op welke manier dan ook. De heer Scheringa: Dank u wel. Een schapenherder die laat zien hoe hij dat doet op oude ambacht, ik zie daar nog wel een educatief element in. Dat zou wat mij betreft nog wel kunnen. Maar dat is uiteindelijk de beoordeling door de ambtenaar en het college.

Ik ga even verder over de uitvoering, waar de heer Bakker ook al wat over zei. De regel die nu is,

5/24

is heel eenvoudig. Dieren mag niet. Punt. Klaar. Dat is ook heel eenvoudig te handhaven en vergunnen. Als we daar nu uitzonderingen op gaan maken, waar wij op zich niet tegen zijn, dat maakt die vergunningen en het handhaven wel complexer. Nou gaf mevrouw Gielis aan dat het misschien een kolom erbij is en een vinkje zetten. Dat zou ik nog graag van het college willen horen, hoe complex dat is. Dat sluit ook aan bij de vraag van de heer Bakker. De voorzitter: Nieuwe interruptie, mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Dat van die vergunningen met papierwerk hadden we al gezegd. Maar het controleren, voor ieder evenement gaan de boa’s of de controleurs gaan kijken, tijdens het evenement wordt er gecontroleerd. Daar verandert helemaal niets aan. De heer Scheringa: Als dat zo is, dan hoor ik dat ook graag van het college. Het lijkt me juist, als er wel dieren zijn, dat een boa dat extra moet controleren. Want als je weet dat er geen dieren zijn, kan je ook zeggen, minder controleren. Maar dat mag het college uitleggen, misschien, dat horen we straks. Ik weet het ook niet, dat hoor ik graag dan. Ten slotte, wat daar wel mee samenhangt, maar dat is even afhankelijk van de reactie van het college, ik zou wel op zich willen horen wat de kosten zijn. Want gaat dit dan betekenen dat de leges duurder zullen worden? Want die moeten kostendekkend opgelegd worden.

Gaat de handhaving, moet er extra handhaving komen? Wie gaat dat betalen? Ik zou ook wel de andere fracties misschien daar nog op reflecteren. Maar dat zullen we even graag horen wat het college, of er überhaupt sprake van is. Als er geen sprake van is, dan kunnen we dat laten. Dit was mijn eerste termijn zover, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Oostdijk, van de ChristenUnie. De heer Oostdijk: Voorzitter, dank u wel. Even aanhakend bij wat mevrouw Gielis zei, hebben we dit helemaal gemist? Ik heb even terug zitten zoeken. We hebben ergens vorig jaar, dacht ik, de APV vastgesteld. Ik denk, heb ik dat dan inderdaad helemaal gemist? Maar volgens mij is het feit dat het een beleidsregel collegebevoegdheid, volgens mij. Dat was volgens mij de uitleg, dat we dat gemist hadden. Als dat niet zo is, dan hoor ik het graag. Maar dat even vooraf. Voorzitter, in algemene zin is onze fractie uiteraard voorstander van het waarborgen van dierenwelzijn. In aansluiting op de heer Scheringa, we zien de publieke opinie hierover de laatste tijd echt wel iets meer kantelen. Steeds vaker klinken er geluiden dat evenementen met levende dieren niet in het belang van het dier zijn. Zo was onlangs in de nieuws dat demonstranten sluiting van het Dolfinarium eisten.

En in een artikel in het Nederlands Dagblad van gisteren valt te lezen dat de dierenbescherming zich afvraagt wat de meerwaarde is van vogels in hokjes. Ook wordt daar in dat artikel aandacht gevraagd voor de overbelasting van duiven door duivenmelkers. Wist ik ook niet. Maar dan lees je even de andere kant van het verhaal. Maar hoe verhoudt zich dit nu tot de evenementen in onze eigen gemeente met levende dieren? Voorzitter, wat onze fractie betreft zijn de drie voorbeelden die in de notitie van de VVD zijn genoemd, het ponyrijden, de intocht van de Sint op een paard, de kerststal met levende dieren, in principe voorbeelden van evenementen waarbij we ervan uitgaan dat het welzijn van de dieren op een goede manier is geborgd. In aansluiting bij de vraag van D66, wat heeft er dan voor gezorgd dat het college kennelijk aanleiding zag om de beleidsregels aan te scherpen? Waarom is er gekozen voor het verbieden van evenementen met levende dieren? Daar hoor ik graag ook een reactie op van het college. Verder, tot slot, nog een opmerking in algemene zin met betrekking tot evenementen. Het is ook al eerder gezegd, wat we horen de laatste tijd is dat het steeds moeilijker wordt om vrijwilligers te vinden voor de organisatie ervan. En niet zelden is de reden hiervoor de bureaucratie die tegenwoordig aan de orde is bij het organiseren van een evenement.

Het zou mooi zijn om daar een balans te zoeken. Enerzijds

6/24

uiteraard het borgen van de veiligheid en het welzijn. Anderzijds ook weer niet overreguleren en doorslaan in de papierwinkel. Voorzitter, tot zover onze inbreng in de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij hebben we nu alle fracties gehad in de eerste termijn. Dan geef ik het woord aan de heer Van der Linden om de vragen die in de verschillende fractiebetogen zijn genoemd te beantwoorden. Beantwoording college De heer Van der Linden: Dank u wel, voorzitter. Er is een duidelijke lijn in het gesprek te ontdekken, maar ook een paar vragen zijn gesteld. Ik begin even met de laatste, de vraag van de ChristenUnie over, of begon, Leefbaar 3B met, we hebben iets gemist. Maar dat is niet zo, want de vraag kan ik beantwoorden. 15 juli vorig jaar, toen was ik jarig. Correlatie is geen causatie, maar het is wel zo. Toen heeft het college deze beleidstegels vastgesteld en die zijn daarna naar u toegestuurd met een raadsinformatiebrief. Want beleidsregels zijn een collegebevoegdheid. Daar heeft u kennelijk kennis van genomen, maar niet al te expliciet. En het is ook maar één regel, één zin die in de tekst staat. Dat is nu wel ons beleid. En natuurlijk, als je beleid vaststelt, ook al is het uitwerking van ander beleid, dan voer je dat uit en dan handhaaf je daar ook op.

Dan is vervolgens de vraag, waarom is hiervoor gekozen? Ik heb niet helemaal de aanleiding kunnen terugvinden al in deze korte periode, van hoe is dit zo ontstaan. Dit beleid is wel periodiek herziening van beleid dat in 2011 voor het laatst was vastgesteld. Dan is het niet gek dat je ook even goed gaat kijken, wat voor eisen, randvoorwaarden en omstandigheden moeten we meenemen bij het vaststellen van nieuwe beleidsregels rond evenementen? Dat kan gaan om vrijwilligers, het kan gaan om alle andere omstandigheden die er inmiddels zijn gewijzigd. Natuurlijk, als je dan nadenkt over, hoe gaan we om met dieren, kijk je nu wellicht anders dan zestien jaar geleden. Daar gaf u zelf ook al een aantal voorbeelden van. We kijken nu anders naar dierenwelzijn en ook naar dierenleed. En ook naar de verhouding tussen mens en dier dan twee, drie generaties geleden. Dat zal denk ik ook over een aantal jaren weer zo kunnen wijzigen. Dat heeft geleid tot het voorstel, of tot de suggestie, om één zin op te nemen, geen levende dieren bij evenementen. Dat heeft naast een inhoudelijke overweging ook een hele duidelijke overweging bij de handhaving. Want het is een heel binair ding. Geen levende dieren, dat maakt het heel makkelijk om te handhaven. Geen levende dieren. Ik heb in de aanloop naar Koningsdag natuurlijk gemerkt dat dit op een paar plekken vragen opleverde.

Kennelijk is dat vorig jaar bij Sinterklaas niet gebeurd. Ik heb daar althans geen kennis van genomen. En nu zitten we hier met dit gesprek aan de hand van twee vragen. De hoofdlijn die ik er wel uit kan afleiden, als ik zo de woordvoering hoor, is dat er overwegend wel behoefte is om hier toch een vorm van ruimte aan te bieden. In ieder geval vijf van de zeven fracties hebben dat wel zo geformuleerd. Hoe je dat dan doet is vervolgens vers twee. De suggestie om je te beperken tot landelijke wetgeving is denk ik net iets te makkelijk. Want je moet als je evenementen doet toch altijd even goed kijken wat je lokaal nodig hebt om wetgeving te kunnen borgen. Of je het maatwerk moet noemen of dat je nadere regels moet vaststellen, kan ik nog even niet plussen en minnen. Mijn suggestie zou zijn, horend wat u hier zegt, tenzij ik in tweede termijn hele andere dingen hoor, is mijn indruk dat u behoefte heeft om aan de hand van de twee vragen die zijn gesteld, om hier wel iets meer mee te doen dan helemaal niks. De suggestie die ik kan aanbieden is dat we gaan uitzoeken op wat voor manier het dan het makkelijkst of het best zou kunnen. Je kan beleidsregels voorzien van nadere regels. En nadere regels specificeren nog even iets beter wat je wel en wat je niet mag doen en onder welke voorwaarden. Je zou ook een formulering kunnen opnemen dat er altijd maatwerk mogelijk is.

Maar als je maatwerk mogelijk maakt, dan moet je ook weer uitkijken voor precedentwerking en ook goed opletten dat je gelijke gevallen ook weer gelijk behandelt. Wat is dan een roofvogelshow in

7/24

relatie tot een kleine huisdierenshow, of noem maar op? Daar moeten we even goed over nadenken. Lange zin. Hier zet ik een punt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat de heer Scheringa in ieder geval wil reageren. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Ik had gevraagd, u zei ook, de regel is makkelijk te handhaven. Als we dit gaan wijzigen met maatwerk mogelijk maken of naar de landelijke regels, wat heeft dat voor gevolgen qua kosten, leges en handhaving? Heeft u daar een beeld van? De heer Van der Linden: Nee. Ik kan me allemaal voorbeelden in mijn hoofd halen die heel makkelijk of juist ingewikkelder zijn te handhaven. Het paard van Sinterklaas, dat is één paard met een verkleedde heer erop die dan door een dorp wordt getrokken. Dat is iets anders dan een evenement waarbij misschien een paar honderd bezoekers langskomen bij een paar opstellingen waar dieren zijn. Daar kan ik nu niks van zeggen. Alleen in het verleden hebben we wel kennelijk evenementen toegestaan waarbij dieren aanwezig waren. Toen is er ook gehandhaafd. Ik denk dat kostenbesparing niet het dragende thema is geweest voor deze beleidswijziging. Maar daar kunnen we ook nog even naar kijken. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik de tweede termijn openen voor verschillende fracties. Wie wil daar het voortouw nemen? Mevrouw Van de Giessen.

Tweede termijn Mevrouw Van de Giessen: Voorzitter, dank u wel. Dank voor de discussie ook in de eerste termijn. Volgens mij horen we inderdaad van veel partijen dat ook zij het dierenwelzijn belangrijk vinden, maar dat we ook moeten oppassen dat we lokaal niet doorschieten met extra regels. Belangrijk voor de heer Scheringa is denk ik ook om mee te nemen dat we mogen verwachten dat de Nederlandse wetgeving, de Wet dieren, ook up-to-date blijft in 2026 en in de toekomst. Als we daarvan uitgaan als basis, dan blijft het ook dynamisch en voldoen aan dierenwelzijn. Daarom wil ik inderdaad het college vragen of het bereid is om dit onderdeel van het evenementenbeleid opnieuw te bekijken, dat gaf de burgemeester net al aan, maar ook om het verbod op evenementen met levende dieren te laten vervallen, zodat we uitgaan van de landelijke regels. Daarnaast willen we vragen of het college bereid is om een hardheidsclausule of mogelijkheid voor maatwerk voor totale evenementenbeleid op te nemen. Zodat er als er regels in de praktijk onbedoeld te streng uitpakken, er ruimte blijft om naar de situatie en de context te kijken. Volgens ons krijg je zo regels die duidelijk zijn, maar ook redelijk blijven in de praktijk. Kan het college aangeven of het bereid is deze punten over te nemen? Dat hoorde ik net al van de burgemeester.

Maar ook op welke termijn de raad hierover geïnformeerd kan worden en op welke manier deze terugkoppeling naar de raad plaatsvindt? Omdat vorige keer de raadsbrief iets is onder gesneeuwd. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik, volgende fractie? Mijnheer Van der Knaap. De heer Van der Knaap: Voorzitter, dank u wel. Alle argumenten horende, blijft CDA toch bij het standpunt om de extra regel te schrappen en dat ook aan de coalitie te vragen. Ik zou me kunnen voorstellen om, we hebben bijna alle, alle partijen hebben ook in hun verkiezingsprogramma kinderboerderij naar voren geschoven. En binnen Bleiswijk hebben we het over het Ezelsbruggetje. Een beetje sceptisch misschien, maar ik weet niet welke discussie we daarover gaan krijgen als we dat realiseren. Bij deze nog steeds achter de argumenten. Dank u wel.

8/24

Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. In navolging op hetgeen mevrouw Van de Giessen heeft gezegd over de regels, daar kunnen we ons ook helemaal in vinden. Het Ezelsbruggetje, kinderboerderij of een Dolfinarium of een postduivenvereniging zijn geen evenementen, dat zijn andere discussies. We hebben het hier over het evenementenbeleid. En in mijn beleving, maar daar kan wellicht het college zo meteen antwoord op geven, is het evenementenbeleid onderdeel van de APV. En de APV, daar gaat de raad wel over. En wat ik zei, het is iedereen ontgaan. Ik bedoelde dat ene zinnetje in dat hele dikke pak papier, wij accepteren die, dat ene kleine zinnetje heeft toen geen vragen opgeroepen en nu wel. Dat is wat ik daarmee bedoelde. En omdat die vragen nu oppoppen, is het nu wel reden tot discussie. Dan wil ik nog het laatste zeggen, het gaat over de kosten en de extra inzet van ambtelijke organisatie. Als je toch een aanvraag beoordeelt, en ieder evenement wordt gewoon door een ambtenaar beoordeeld, dan zijn dat geen extra kosten om een heel klein stukje daarover na te denken. Want of je het nou hebt over drie podia of twee podia of vijftien brandweermannen of twee brandweermannen, iedere aanvraag is uniek. En iedere aanvraag moet op zijn merites beoordeeld worden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Bakker. De heer Bakker: Dank u wel, voorzitter.

Ik wilde graag een beetje randvoorwaarden erbij naar voren brengen. In de zin dat ik zeg, dierenwelzijn gaat voor ons wel voor evenementen. Dat moet voor blijven staan. Als we gaan kiezen om te zeggen, het wordt op een of andere manier wel toegestaan. Er wordt gezegd, dat is niet zo moeilijk en dan kunnen we een vinkje zetten en toezicht houden. Maar ik wil toch wijzen op dat er behoorlijk strenge regels vanuit de NVWA zijn. Die worden ook al genoemd als zijnde strenge regels. Maar dat heeft ook nogal wat impact voor organisaties. En wat ik daar over wil zeggen is dat ik wel dan zou willen dat we daar absoluut niet aan voorbij gaan. Het moet niet zijn, meer vrijheid creëren. Dat kan wettelijk ook helemaal niet. Die regels moeten wel gevolgd worden. Dat is bijvoorbeeld bij organisatie met schapen, aanmelden, dertig dagen van tevoren, dierenarts. Dat is echt best wel een uitgebreid pakket. Mevrouw Van de Giessen: Dank u wel voor de aanvulling. En zoals u al aangeeft, het is landelijke wetgeving. Zoals ik in mijn eerste termijn ook aangaf, landelijke wetgeving moet gevolgd worden.

Bent u het met mij eens dat landelijke wetgeving, zoals onder andere bijvoorbeeld ook de NVWA, streng is en dat die zeker goed nageleefd moet worden? De heer Bakker: Ja, volgens mij ben ik dat aan het betogen, want ik wilde juist benadrukken dat dan als we ergens een openheid creëren, dat dat niet vergemakkelijkt moet worden, maar dat wel die regels er goed in gebouwd moeten zijn. Maar dat kan ook betekenen dat het wel degelijk meer werk wordt voor de gemeente, omdat daar toezicht op gehouden moet worden. Mevrouw Van de Giessen: Ik wil even nog de vraag stellen, het is al standaard Nederlands beleid. Ik ga ervan uit, maar dat is misschien de vraag aan het college dan, dat zij de Nederlandse wetgeving volgen, ook op Wet dieren en NVWA. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde ook graag reageren op het extra toezicht. Als er een evenement wordt gehouden waar bijvoorbeeld de brandweer een demonstratie houdt, moet er misschien ook wel extra toezicht komen. Ieder evenement heeft zijn eigen toezicht nodig. En daar zijn standaardregels voor. Die zijn wel heel uitgebreid omschreven in het evenementenbeleid. Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Kemper: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. WIJ Lansingerland blijft ervoor staan dat wij vinden dat levende dieren bij evenementen gewoon zouden moeten kunnen. Alleen

9/24

dan wel met enige richtlijnen of een factsheet of een toelichting of iets dergelijks voor organisatoren van evenementen. Dat zouden wij wel graag willen zien als bijlage of zoiets. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik het woord geven? Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Wij blijven op ons standpunt blijven dat levende dieren bij een evenement niet het uitgangspunt moet zijn. Het is meer op het moment dat er een educatief karakter is en dan binnen de grenzen van de wet. En de wet die wordt, uiteraard zal de wethouder de wet ook volgen, want hij is wethouder. En de wet wordt geëvalueerd en het komt allemaal goed. Heb vertrouwen in de wet, mevrouw Van de Giessen. Wij vinden het heel belangrijk dat het mogelijk is met een educatief karakter, want dat geeft kinderen en ook volwassenen gewoon extra uitdagingen en leren ze dingen. Dat melk uit de koe komt en niet uit de supermarkt, wat mevrouw Gielis zei, dat is heel prima. Alleen ik denk wel dat het standpunt moet blijven, geen levende dieren, tenzij. In plaats van, levende dieren of dit maar. Ons antwoord, dat is duidelijk verwoord, denk ik. Ik zie de wijziging wel tegemoetkomen in de APV. Wat ik begreep van de burgemeester, zal ik nog even terugkomen over de kosten. Ik begrijp dat er niet extra kosten aan aanpassingen van de regels zijn. Als dat wel zo is, dan zouden we dat graag horen.

En wat dat te betekenen heeft dan voor de verenigingen en dergelijke. Dank u wel. De voorzitter: Wie kan ik vervolgens ... De heer Oostdijk: Voorzitter, dank u wel. Korte reactie nog. Blij met wat ik dan maar even als toezegging heb geïnterpreteerd, maar dat is aan u, voorzitter, om dat denk ik te kwalificeren, van de burgemeester, om uit te zoeken op welke manier dit in de beleidsregels aangevuld kan worden of anderszins. Dank u wel. De voorzitter: Hebben we alle fracties nu gehad? Ik kijk even rond. Ik denk het wel. Ik denk dat nu het moment is dat de burgemeester nog de aanvullende vragen wil beantwoorden. Beantwoording college De heer Van der Linden: Kort. In feite, de herbevestiging van overwegend de opvatting dat in ieder geval een totaalverbod op het inzetten of aanwezig zijn van levende dieren bij evenementen overwegend niet de voorkeur heeft, dat is duidelijk. Ik merkte wel op, deze beleidsregels zijn nog geen jaar oud en het is een beetje gek om dan al dingen te wijzigen. Maar u heeft ook aangegeven waarom dat nodig is of in ieder geval wenselijk is.

En die wijziging hoeft ook niet zo heel groot te zijn, want het is niet zo dat we dan de deur openzetten voor alles, maar dat we, en dat is dan de toezegging, ik ga u een RIB toezeggen, want de toezegging is het beste middel, denk ik, om aan te geven op welke manier we het wel mogelijk kunnen maken, zonder dat we daarmee ofwel de handhavingscapaciteit, ofwel de regels enorm gaan, de regeldruk gaan vergroten. Dan wijzigen we de beleidsregels daarna, want ik kan me voorstellen dat gezien er wel wat toonverschil zit in uw woordvoeringen, ik denk dat het goed zou zijn als u die RIB zelf wel agendeert om te bespreken, en dan hebben we genoeg input om te zeggen, dan gaan we hem zo aanvullen of wijzigen. Dank u wel. Er werd gevraagd om twee maanden, dan is het ongeveer reces. Ik stel mij erop in dat we meteen na het reces een RIB bij uw raad hebben liggen om te kunnen bespreken. Waarbij het dan misschien verstandig is om alvast de afspraak te maken dat die sowieso geagendeerd gaat worden. Dan geef ik denk ik iedereen de tijd om RIB’s te maken en daar kennis van te nemen.

10/24

De heer Scheringa: Dank u wel. Misschien kunt u mij even uitleggen wat een RIB is, want dat ken ik niet. De heer Van der Linden: Ik weet hoe gevoelig dit scherm is. Het heeft niks met dierenwelzijn te maken. Een RIB is een raadsinformatiebrief. Ofwel u krijgt een voorstel, maar dit is een collegebevoegdheid, u krijgt geen voorstel. U krijgt een raadsinformatiebrief. In dit geval voorzien van informatie over hoe kunnen we het regelen zonder het onmogelijk te maken. En aan de hand van de bespreking, die best kort kan zijn misschien, passen wij dan vervolgens de beleidsregel aan of vullen we hem aan met nadere regels. De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij hebben we nu twee rondes, twee termijnen gehad met een duidelijke toezegging op dat moment. We wachten dat gewoon in de tijd af. Hartelijk dank hiervoor. Ik stel voor dat we nu de procedure verder op dit punt, dit onderwerp, afronden en overgaan tot het tweede onderwerp. 5.b Verlengde Private Aansluiting (VPA) - laden elektrische auto's vanaf eigen terrein in Lansingerland (door Mark Bik, WIJ Lansingerland) De voorzitter: Dat betreft de Verlengde Private Aansluiting – laden elektrische auto's vanaf het eigen terrein in Lansingerland. Door de heer Bik van WIJ Lansingerland. En dit valt onder portefeuille van de heer Muis. Dit agendapunt is geagendeerd door Mark Bik van WIJ Lansingeland.

De Verlengde Private Aansluiting, de VPA, is ook wel het opladen van elektrische auto's vanaf het eigen terrein. Naar eindelijk van adviesrapport, een inspreker en een recente ontwikkeling bij andere gemeenten, heeft WIJ Lansingerland vragen aan de commissie Algemeen Bestuur. Verder is het onderwerp ook eind 2023 door de commissie besproken. We doen het ook opnieuw weer in twee termijnen. Ik geef nu het woord aan de heer Bik van WIJ Lansingerland. Nu doe ik het zelf. Excuses. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor het inleiden van het bespreekstuk. Dat scheelt mij in ieder geval een paar zinnen. Inderdaad, we hebben hier al eerder in de commissie over gesproken. In 2023, 13 september wel te verstaan. Ik heb het nog even teruggekeken vandaag. Het was een vrij vurig debat, mag ik wel zeggen. Uiteindelijk de conclusie dat we nog steeds geen regelgeving daaromtrent hebben. En ik dacht, kijkende naar alle andere gemeenten in Nederland, er zijn er inmiddels meer dan honderd die dit inmiddels wel gewoon goed geregeld hebben. Misschien poging twee om te kijken hoe we dit voor elkaar kunnen krijgen binnen Lansingerland. En daarom ook de vragen die hieronder gesteld zijn, of in het bespreekstuk. Ik zal zo dadelijk mijn betoog beginnen en proberen in het betoog ook de antwoorden op de vragen te geven.

Maar aan het eind zal ik daar nog even expliciet per vraag antwoord op geven. De voorzitter: Dank u wel. Dan open ik de eerste termijn. Eerste termijn De heer Bik: Sorry, voorzitter, ik dacht dat ik de eerste termijn ook meteen kon starten. Of is dat niet gebruikelijk? Ja, mag dat? Dank u wel. Voorzitter, fijn dat we dit onderwerp opnieuw kunnen bespreken. WIJ Lansingerland is een partij die duurzaamheid erg belangrijk vindt. Dat is mede de reden dat we dit onderwerp in het coalitieakkoord, Samen verantwoord verder, hebben laten opnemen onder het kopje, rijden op zonne-energie. Daarin staat letterlijk, we onderzoeken op welke wijze we het mogelijk kunnen maken voor de inwoners die op de openbare weg parkeren om de elektrische auto te koppelen aan hun woning voor het opladen en mogelijk terugleveren van stroom en gaan met de uitkomsten

11/24

aan de slag. Op 30 augustus is er een beeldvormende avond geweest. Daar zijn conclusies van het energiebureau gedeeld. Op 13 september een bespreking in de commissie. En uiteindelijk is er 1 november een brief vanuit het college gekomen waarin werd aangegeven, laten we hier nu niet aan beginnen. Dat zijn mijn eigen woorden. Maar even de korte samenvatting van dat traject destijds. We zijn inmiddels meer dan 2,5 jaar verder en de wereld is veranderd. Naast het feit dat fossiele brandstoffen nog duurder zijn geworden zien we ook een toename van het aantal elektrische auto's. Die eigenaren willen uiteraard tegen zo laag mogelijke kosten hun voertuig kunnen laden. Hoe mooi zou het zijn om dat met eigen energie vanaf zonnepanelen bijvoorbeeld te doen? WIJ Lansingerland wil bewerkstelligen dat daar waar mogelijk laden vanaf je eigen laadpunt dat dat mogelijk gemaakt wordt. En we willen dat simpel en pragmatisch houden. De afgelopen jaren zijn een flink aantal gemeenten ons al voor gegaan. Wel met een aantal randvoorwaarden, zoals ook wordt gehanteerd in bijvoorbeeld Zoetermeer. En deze randvoorwaarden zijn als link in het bespreekstuk ook toegevoegd. Denk dan bijvoorbeeld aan, er is geen vergunningplicht in ieder geval. Dat is natuurlijk geen randvoorwaarde, maar dat is in ieder geval een uitgangspunt. Oplaadpunt bevindt zich op eigen terrein. Kabelmatten daar waar noodzakelijk.

En bijvoorbeeld tussen 9 en 10, 9.00 uur ‘s ochtends en 22.00 uur ‘s avonds moeten de kabels zo snel mogelijk worden weggehaald als de auto opgeladen is. En nog een aantal andere zaken, maar die kunt u zelf ook lezen op de site. Mijn fractie is benieuwd hoe het college nu aankijkt tegen het opstellen van regelgeving om laden met een kabelmat mogelijk te maken. Want dat heeft onze duidelijke voorkeur. Met duidelijke voorwaarden en gebaseerd op ervaringen van de vele gemeenten die ons voorgingen. Bijvoorbeeld Zoetermeer of gemeenten uit de M50, zoals Maassluis. WIJ Lansingerland wil geen langdurige pilot, geen nieuw onderzoek, gewoon nu regelen. Wij nemen graag het voortouw om het huidige of toekomstige college te steunen samen met eventuele supporters. De voorzitter: Philippens. De heer Philippens: Dank u, voorzitter. Er zijn meerdere voorzitters die daar al over gestruikeld zijn, inderdaad, Philippens. Ik heb een vraag voor de heer Bik. U gaf al aan, in 2023 was het al een discussiepunt. Volgens mij toentertijd een belangrijk punt voor WIJ Lansingerland. Toen hebben we niet doorgepakt. En u gaf aan, dat kwam door het college, dat dat ontraadde. Maar uw partij zat toen ook in het college. En nu doet u best wel stoer, we moeten nu direct, et cetera. Maar waarom heeft u toen niet doorgepakt? En waarom doet u nu een bespreekstuk indienen? Ik ben even benieuwd hoe u dat duidt.

Dank u wel. De heer Bik: Dank voor de scherpe vraag vanuit de heer Philippens. Destijds is er heel duidelijk ook aangegeven dat er eerst focus werd gelegd op het realiseren van het laadpalenbeleid. We hebben ook dat niet in de weg willen staan, omdat er op dat moment ook gewoon heel specifiek op vraagbasis palen werden geplaatst daar waar ze aangevraagd werden. Binnen, geloof ik, twee- of driehonderd meter moest er minimaal een laadpaal staan. Dat is een van de redenen. Er was destijds ook wel wat angst over aansprakelijkheid en dergelijke. En dat is nu ook mijn punt, er zijn nu een aantal gemeenten die klaarblijkelijk wel het lef hebben om hiermee aan de slag te gaan. Ik vraag me af, wat belet ons nu dan als gemeente Lansingerland om het niet te doen? Niet per se om stoer te doen, maar we willen het wel graag snel geregeld hebben. En ik probeer dat ook zo efficiënt mogelijk te doen. De voorzitter: Mijnheer Jonker. De heer Jonker: Dank u, voorzitter. Nog een verduidelijkende vraag, ook om de discussie wat scherper te maken. Komt uw verzoek nou voort uit het feit dat u zegt dat we een onvoldoende dekkend netwerk hebben van laadpalen? Of wilt u dat onze inwoners gewoon

12/24

goedkoper kunnen laden? Want stel dat je zegt dat je toewerkt naar een dekkend laadpalen netwerk, dan heb je die aansluiting helemaal niet nodig. Dan is het enige argument, wat overigens een valide argument is, daar gaat het niet over, maar dat het goedkoper is. De voorzitter: Mijnheer Bik. De heer Bik: Dank u wel. Volgens mij moeten we voor onze inwoners het maximaal haalbare op dat vlak altijd realiseren. Het een sluit het ander niet uit. Het dient ook meerdere doelen. De ingeving is geweest enerzijds omdat weer een aantal mensen daarover of een brief hebben gestuurd of hebben ingesproken. Twee, er zijn best wel wat, gisteren heeft er nog een artikel in het AD gestaan over het aantal gemeenten waar wel of geen laadbeleid is met VPA's. Daarnaast is er ook nog een, laatst op Radio 1 nog een heel item aan gewijd, waardoor ik er weer door getriggerd werd. Ik denk, laten we nou gewoon de schouders eronder zetten en kijken of we het kunnen regelen. Dat is de reden waarom ik het nu op de agenda heb gezet. De voorzitter: Mijnheer Scheringa, interruptie. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Ik vind op zich een goed verhaal van u, mijnheer Bik. Ik kan wel meegaan. Maar ik vraag me af, want het is alleen een beetje een navelstaren, heb ik het idee, omdat we alleen nu naar de VPA kijken. Want uiteindelijk is het probleem denk ik groter.

Het probleem is gewoon dat mensen zonnepanelen hebben en dat gewoon niet kunnen gebruiken. Als je een elektrische auto hebt, is het natuurlijk makkelijk om daarin te stoppen. Dan helpt een VPA. Maar als je nou geen elektrische auto hebt, dan kan je het niet doen. Zou het niet handig zijn, of wat denkt u ervan, om dit breder te trekken en te kijken naar mogelijkheden, andere mogelijkheden binnen dit kader, hoe we zonnecellen kunnen gebruiken. De heer Bik: Dat is een ander bespreekpunt. Het gaat over het gebruik van je eigen zonneenergie. Dit gaat puur over het opladen van je auto als je zelf geen eigen parkeerplaats hebt waar je dat kan doen. Ik wil graag verder gaan, voorzitter, want ik ben nog erg schaars in de tijd. Geen pilot, geen nieuw onderzoek, gewoon regelen. Wij nemen ook als partij graag het voortouw om het huidige of toekomstige college te steunen en graag ook tezamen met medestanders om bijvoorbeeld met een initiatiefvoorstel deze aanpassing van beleid mogelijk te maken. Dank u wel, voorzitter. De heer Philippens: Dank, voorzitter. Vanuit Leefbaar vinden wij dat huiseigenaren hun auto met eigen stroom op moeten kunnen laden bij hun huis. En Lansingerland vinden we dat, in vergelijking met een aantal andere gemeenten, daar op achterloopt. In die zin volg ik voor een heel groot deel de lijn van de heer Bik. Als Leefbaar willen we dat gaan veranderen.

Daarom is dit ook een van de onderwerpen van gesprek in de coalitieonderhandeling en met onze potentiële coalitiepartner. Ik ga ervan uit dat we daar goede afspraken op kunnen maken en dat het college dan ook kan uitvoeren. De voorzitter: Mijnheer Bik. De heer Bik: U zet zelf de deur op een kier. Ik ben wel benieuwd wat u dan besproken heeft op dit onderwerp. De heer Philippens: Daar kan ik natuurlijk nog niet in detail op ingaan, maar dat er wel, volgens mij kunt u in beide verkiezingsprogramma's lezen dat beide partijen hier actie op willen zetten. Dan kunt u verwachten dat die actie ook komt. Wij kijken het vanuit twee kanten, bekijken we het. De VPA, we willen dat pragmatisch in gaan zetten. Rekening

13/24

houdend ook met de nadelen wat de VPA met zich meebrengt. Wij zien een soort van twee sporen, dat laagdrempelig snel gestart kan worden, denk ik ook wat de fractie van WIJ Lansingerland voorstelt. Met laagdrempelige oplossingen, mits die geen overlast of gevaarlijke situaties creëren voor omwonenden. Dan denken wij bijvoorbeeld aan rolstoelproof kabelmatten of flatpower kabels. Dat kun je al relatief snel invoeren. En daarnaast zijn ons, dat is dan de tweede lijn wat ons betreft, zijn die kabelgoten voor ons nog steeds ook een goede mogelijkheid. Maar voordat wij hierop inzetten, willen we wel eerst die juridische consequenties en die lasten die we als gemeente daarop hebben, willen we boven tafel hebben. Want uit dat onderzoek uit 2023 blijkt dat dat juridisch complex is, maar ook heel duur zou kunnen zijn en een onrealistisch hoog beslag legt op onze gemeentelijke capaciteit. De voorzitter: Interruptie van de heer Bik. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Vraag aan de heer Philippens. Is er ook contact geweest met de beoogde coalitiepartijen met bijvoorbeeld de gemeente Zoetermeer en met name de wethouder daar? De voorzitter: Mijnheer Philippens. De heer Philippens: Vanuit de coalitie onderhandelingen hebben wij geen contacten met wethouders uit andere gemeenten. Dat komt nog. Dat zou nog kunnen komen.

Maar ik denk dat hier belangrijk is, een van de elementen, want die kabelgoten, dat kan redelijk duur zijn en juridisch complex. Dat moeten we goed aan de voorkant uitzoeken. Ik snap uw snelheid, maar om problematiek later te voorkomen, moet je dat nu uitzoeken. En u weet ook de financiële status van onze gemeente, dat we het daar niet breed in hebben. Dat moeten we wat ons betreft aan de voorkant scherp krijgen. En ook willen we scherp krijgen welke gevolgen dat heeft met publieke laadinfrastructuur. Dat gaf u net al aan, dat u daarom toentertijd niet, een van de redenen waarom niet door te pakken. Ook nu nog zou dat een potentiële concurrentiepositie kunnen hebben voor die publieke infrastructuur. Ook die willen we dan voor hebben liggen. Wat ons betreft kan daar een nieuw college met een voorstel op komen en dan kunnen we vanaf daar onze beslissing nemen. Daar wil ik het bij laten, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Ik heb in de voorbereiding ook de commissie van september 2023 teruggekeken. Het was inderdaad tumultueus met de grootste beloftes, de benzineprijs van twintig euro. Het is toch bijzonder om het toen meegemaakt te hebben. Als eerste, we zitten hier natuurlijk voor onze inwoners. En onze inwoners willen graag zelf kunnen beschikken over hun duurzame energie door bijvoorbeeld de auto te laden.

Insteek van mijn fractie is om als commissie toch te kijken hoe we dit mogelijk kunnen maken. Wat dat betreft kunnen we best meedoen. Maar daar komt natuurlijk wel bij, mijnheer Bik vindt dat dan niet de moeite waard, want het gaat alleen over de auto's, om toch breder te kijken dan alleen de auto. Want uiteindelijk zijn er ook mensen die geen auto hebben en die hier ook willen van kunnen profiteren op een of andere manier. Ook kijken van, zijn er andere manieren om duurzame energie te gebruiken? Naar mijn idee kan dat best een aanvulling zijn op dit bespreekpunt. De voorzitter: Interruptie van de heer Bik. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Dan had ik de heer Scheringa daar graag voor de commissievergadering over gehoord. Want het onderwerp is nou eenmaal de VPA en niet

14/24

duurzaamheid. Kunt u daar een reflectie op geven waarom u dan niet vooraf daar ook input op heeft geleverd? De voorzitter: Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: We gaan het nu bespreken en ik kan nog zeggen dat ik denk dat het groter moet. Dat doet volgens mij niks aan het bespreekpunt af. Ik wil wel uw vragen beantwoorden die u gesteld heeft. Ontwikkelingen de afgelopen twee jaar, er is het een en ander wel bijgekomen sinds 2023. Netcongestie, oorlog Oekraïne, oorlog Iran. De benzineprijzen die gelukkig geen twintig euro zijn, maar wel een stuk duurder geworden zijn. Salderingsregeling die compleet verdwijnt, terugleverkosten, energieprijzen worden duurder. Ik denk wel dat het een en ander gebeurd is. Het onderzoek uit 2023 lijkt ons ondertussen in die omstandigheden ook wel enigszins achterhaald. VPA en de gemeente, mensen willen hun eigen energie gebruiken. Dat is ook voor ons belangrijk vanwege de energietransitie. Plus het geeft gelijke mogelijkheden voor inwoners met en zonder oprit. Een VPA zou best een oplossing kunnen zijn. Het kan met een VPA, maar er zijn ook wellicht, daar kom ik weer, andere mogelijkheden.

Bijvoorbeeld een energiehub, mijnheer, niet alleen mijnheer, of commissie, laat ik het zo zeggen, een energiehub waar mensen energie van hun zonnepanelen gezamenlijk in een batterij kunnen stoppen en daar een mooie laadpaal hebben waar ze hun auto kunnen laden zonder dat ze een VPA nodig hebben met een parkeerplaats voor hun deur. Regels Zoetermeer, ik vind de regels een beetje een lastige vraag, want de gemeenteraad gaat over de kaders. Maar u noemde, en op kaders kan ik wel het een en ander zeggen, palen op eigen grond. Dat noemde de heer Bik ook van WIJ, dat vinden wij prima. Ook om geen verantwoordelijkheid van de gemeente te krijgen voor palen die op stoepen geplaatst zijn. Kabels over de grond, niet zweven door de lucht, dat zijn een beetje de kaders en voor de rest zien we graag wat wenselijk is. Is het Zoetermeer model wenselijk? Lijkt me op zich prima. Maar het is ook niet het enige model. Gelukkig zijn er in de M20 ook andere gemeenten, laten we vooral daarvan profiteren. Vervolgstappen, dat onderzoek zouden we kunnen actualiseren, maar dat is voor ons niet echt nodig op dit moment. Wij voelen toch voor meer een nieuw onderzoek, onder andere naar VPA. Maar ook kijken waar andere mogelijkheden zijn om eventueel te laden zonder VPA, maar wel je eigen energie. En ook andere manieren om energie bij te dragen. Dat was het in mijn termijn, voorzitter.

De voorzitter: Wie kan ik het woord geven? Mijnheer Oostdijk. De heer Oostdijk: Voorzitter, dank u wel. In september 2023, het is al gezegd, is het onderwerp en het rapport eerder besproken in deze commissie. En de conclusie was toen dat de nadelen groter waren dan de voordelen. Onze eerste vraag is, wat heeft het college sindsdien met dit onderwerp gedaan? Onze indruk is dat het aantal openbare laadpalen is toegenomen. Maar op het gebied van de VPA's is het volgens ons stil gebleven. Met als gevolg dat het in principe niet is toegestaan op dit moment, volgens mij, vraagteken. En dan kijk ik in mijn straat en dan ligt er af en toe een matje waarvan ik dacht, dat kan gewoon. Maar officieel is het denk ik verboden, vraagteken. Voorzitter, in de notitie van de heer Bik is een link toegevoegd naar de website van de gemeente Zoetermeer. Het blijkt dat daar sinds 1 januari van dit jaar VPA's zijn toegestaan zonder vergunning. Op zich spreekt ons dat wel aan. Tegelijkertijd kan de keerzijde hiervan zijn dat het een rommeltje kan worden in het straatbeeld. We zitten er denk ik niet op te wachten dat je straten krijgt met om de paar meter een kabelmat over de stoep. We zijn wel benieuwd hoe in Zoetermeer de afweging is gemaakt, want ook daar zullen de voor- en nadelen ongetwijfeld onderzocht en afgewogen zijn.

Verder speelt de vraag over de aansprakelijkheid bij valpartijen over de matten. Als ik het goed heb gelezen, wordt de gemeente door natrekking eigenaar van de kabelmat en kan ze aansprakelijk worden gesteld voor letsel als gevolg van valpartijen, als

15/24

je niks verder regelt. Tegelijkertijd kun je je ook wel afvragen hoe groot de kans is op een valpartij als de mat laag is en goed zichtbaar. Ik denk dat dat risico wel te overzien is. Maar toch. In hoeverre speelt de netcongestie hierin ook nog een rol? Kan een VPA helpen om de druk op het net te verminderen? Ik ben geen expert, maar misschien kan de wethouder daar ook nog iets over zeggen. Tot zover onze termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik het woord geven? Mijnheer Jonker. De heer Jonker: Dank u wel, voorzitter. Na de bijdrage van PRO voel ik me bijna geprikkeld om een lange verhandeling te gaan houden hoe D66 aankijkt tegen de energietransitie en welke middelen we daar allemaal bij willen inzetten. Maar dat ga ik vandaag niet doen. Ik zal me beperken tot beantwoorden van de vragen. Eén, hoe kijkt u naar de ontwikkeling van de afgelopen twee jaar met betrekking tot laden met een VPA? Wij als D66 zien ook dat er meer experimenten zijn in andere gemeenten. En valt het ook ons op dat, in ieder geval mij persoonlijk, als ik de hond uitlaat, dat ik meer illegale VPA's in het straatbeeld zie verschijnen. Dat komt natuurlijk door de toename in EV's en de hogere energieprijzen. Tegelijkertijd zien wij ook dat we in Lansingerland een best wel goed dekkend netwerk van publieke laadpalen lijken te hebben.

In ieder geval in heel veel wijken die in de behoefte kunnen voorzien. Twee, hoe staat u tegenover het laden met een VPA binnen de gemeente Lansingerland? Wij als D66 snappen die aantrekkingskracht heel goed van een VPA. Tegelijkertijd maken we wel ons zorgen over aspecten die ook al genoemd zijn door andere fracties rondom beheer, claimen van beheerplekken, het uitbreiden van de groei van de publieke laadinfrastructuur, want de business case van de laadpalen verslechtert wellicht door de VPA's, en andere aspecten. De derde vraag, wat vindt u van de regels die de gemeente Zoetermeer hanteert rondom het laden met een VPA? Daar kunnen we kort over zijn, dat lijken goede en heldere regels. De vierde vraag is, zou het Zoetermeerse model wenselijk zijn of heeft u andere suggesties? Belangrijk voor ons is dat er zicht is op het …. Als alle particulieren ineens massaal EV's gaan gebruiken en iedereen massaal matten gaat neerleggen, dan krijg je ook een grotere mate van overlast. En ook de vraag moeten we met elkaar kunnen beantwoorden, hoe exploitabel blijft dan die publieke laadinfrastructuur van laadpalen, waarin geïnvesteerd is, als er allerlei VPA's bij komen? Daar moeten we wel een beeld bij hebben om goed de afweging met elkaar te kunnen maken.

Welke vervolgstappen ziet u? Ik was wel blij met de bijdrage ook van Leefbaar, want ik denk dat dat ook wel een beetje het idee daarover van D66 goed samenvat. Wij zijn zeker niet voor een nieuw onderzoek uitgebreid en dergelijke, maar wel voor een goede besluitvormings- of discussienotitie. We moeten even kijken welke vorm dat is. Waar die pro's en contra's goed zijn samengevat en ook gekwantificeerd zijn, zodat we met elkaar kunnen afwegen hoe we dit tegen elkaar moeten afwegen. Bijvoorbeeld, wat voor effect heeft het op de business case voor de laadpalen? Hoe zit het met de handhaving eventueel als we dingen moeten doen? Hoe zit het met die aansprakelijkheid? Daar moeten we toch iets meer informatie over hebben, denk ik, om echt een goed besluit te kunnen nemen en ook die afweging te kunnen maken. Daar wil ik het voor nu bij laten. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Buitendijk, CDA. De heer Buitendijk: Dank u wel, voorzitter. Het CDA staat positief tegenover het mogelijk maken van laden vanaf eigen terrein. In de vorige periode is hier ook al uitgebreid over gesproken, maar we zien dat de ontwikkelingen sindsdien verder zijn gegaan. Met name de situatie in Zoetermeer laat zien dat het in de praktijk wel mogelijk is om dit via duidelijke regels goed te organiseren. Wat ons betreft is het eerdere rapport daarmee deels ingehaald door de actualiteit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=90bdd095-fbca-4cd3-b583-24bc30de8f15