[BV26.0008] Verslag CIE AB d.d. 14 jan 2026
Tekst van het document
Daar zijn wij niet voor. Overwegen kan natuurlijk altijd, maar zoals de heer Ruijtenberg zei, ik heb liever dat je het gaat doen. Daar hebben we nou juist de DCMR voor. Daarvoor hebben we die taak belegd. Zij communiceren namens de gemeente, namens het college, actief over die verplichting. Ze adviseren ook over besparingsmogelijkheden. Ze hebben ook die kennis in huis. Ze hebben een speciaal energieteam daarvoor. Als u dat allemaal zelf wilt gaan doen, dan zit je enerzijds van, wat doet dan de DCMR, wat doen wij dan? Maar wij zien er zelf de aanleiding niet voor en ook de mogelijkheid niet om die specialistische kennis in huis te halen en om dit helemaal op te gaan tuigen. We hebben er ook geen middelen voor. In die zin is dat de overweging om dit niet te doen. Dank u wel, voorzitter. Tweede termijn
18/36
De voorzitter: Dank u wel. Dit was de eerste termijn van de kant van het college. Dan gaan wij voor de tweede termijn. Dan stel ik voor dat we even langs de lijn van de eerste termijn lopen. Ik geef Leefbaar 3B … Nee? D66. U had een punt van orde? De heer Machielse: Kan ik interrumperen op een niet gestarte termijn of is dat technisch niet mogelijk? De voorzitter: Dat kan niet. U had een interruptie willen doen op … Nee, kan niet. Helaas. Dan ga ik naar de D66, had u nog behoefte aan de tweede termijn? Mijnheer Jonker? Nee? Dan kijk ik even naar het CDA. Nee? Kom ik bij de Partij van de Arbeid. Mijnheer Xhemaili. De heer Xhemaili: Volgens mij ben ik duidelijk geweest hoe wij als Partij van de Arbeid erin zitten. De amendementen die worden ingediend door VVD en ChristenUnie gaan we uiteraard dan ook niet mee tekenen. Dank u wel. De voorzitter: Dan ga ik naar de VVD. Die gaan waarschijnlijk een poging doen om een interruptie te doen op iets wat niet bestaat. De heer Machielse: U heeft een uitstekend idee, voorzitter. Het schoot ook door mijn hoofd, want in mijn eerste termijn gaf ik een wat andere lijn aan dan de sprekers voor mij. Dat is prima. En de heer Philippens heeft natuurlijk nu alle tijd om mij te laten weten of hij mogelijk bereid is om ook te kijken naar een herformulering van dit raadsvoorstel in plaats van het als hamerstuk vast te stellen.
Ik ben erg benieuwd hoe de heer Philippens daarnaar zou kijken, voorzitter. De voorzitter: Ik weet niet of hij de handschoen opneemt. Hij kan alleen maar interrupties doen met een vraag naar u toe. Maar hij gaat het proberen. De heer Philippens: Ik wil er zeker met u naar kijken inderdaad. De voorzitter: We zullen dit keer niet de vraag … Dan ga ik door naar de ChristenUnie, mijnheer Oostdijk. Ik wijs u wel even op uw spreektijd die nog beperkt is. Gaat uw gang. De heer Oostdijk: Voorzitter, spijtig dat niet alle fracties reageren op ons aangekondigde amendement. Maar dat interpreteer ik als, dat interpreteer ik niet. We blijven even bij onze woordvoering. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Jansen. Gaat uw gang. De heer Jansen: Dank u wel, voorzitter. Amendementen worden altijd op waarde beoordeeld in de vergadering, mijnheer Oostdijk. Wij zien het amendement tegemoetkomen. Wethouder, bedankt voor uw beantwoording. Wat natuurlijk wel zo is, DCMR is een gezamenlijke regeling, die doen dat niet alleen voor Lansingerland, die doen dat voor meer gemeenten. Als wij als Lansingerland als enige gaan vragen om een speciale rapportage, in een iets ander formaat, omdat wij dat prettig vinden, denk ik dat er zeker extra kosten onze kant op gaan komen. Ik heb nog steeds wat terughoudendheid hoe we hiermee omgaan, maar wij gaan dat in de fractie bespreken.
In de raad, er zal een amendement komen, dan gaan we in de raad ons finale oordeel opmaken. De voorzitter: Misschien dat de wethouder nog reageert in tweede termijn op dit punt. Dan ga ik nog naar de heer Ruijtenberg van GroenLinks. Gaat uw gang.
19/36
De heer Ruijtenberg: Ik heb nog wel een vraag daarin, dat gaat over het verdere proces. Want ik heb de wethouder zojuist horen zeggen, punt twee willen we niet doen, want we gaan uiteraard geen brieven sturen die u gaat evalueren verder. Maar dit is een voorstel van het presidium, of de portefeuillehouder. Het college is niet in staat om te amenderen zelf. Dat mag gewoon niet. Dat amendement ligt bij de raad. Welke van de partijen gaat dit nu oppakken? Want ik hoor wel wat andere amendementen die dat doen, wie gaat dat dan verder doen? En geeft het college daar min of meer een soort van halve opdracht aan raadsleden om iets te gaan doen? Want dat lijkt me een uitzonderlijke situatie. Maar ik zie een interruptie komen van de heer Machielse. Misschien heeft hij het verlossende antwoord. De voorzitter: Heel goed. Mijnheer Machielse. De heer Machielse: Ik vroeg mij natuurlijk allereerst af of de heer Ruijtenberg zich ervan bewust is dat dit geen voorstel van de portefeuillehouder is, maar dat onze verordening Rekenkamer gewoon voorschrijft dat wij altijd de aanbevelingen in een concept raadsvoorstel gieten? Ik ga een poging wagen, de vraag is of u zich dat dan nu realiseert, om dat met ChristenUnie op te pakken, aangezien zij ons hebben geattendeerd op deze inhoud, laat ik het zo netjes formuleren.
Ik vind het initiatief aan de ChristenUnie, maar ik ga daar mijn uiterste best voor doen. Ik vraag me af of u daar dan bij deze van op de hoogte bent? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dat is een hele goede vraag van u die u daar stelt. Bedankt voor deze interruptie. Ik ben daar nu van op de hoogte inderdaad en ik begrijp daarbij dat u alle aanbevelingen die de wethouder zojuist heeft benoemd gaat overnemen in die amendementen die u gaat schrijven. De voorzitter: Dan zijn we helemaal rond voor de tweede termijn van de kant van de commissie. Dan gaan wij voor de tweede termijn naar de wethouder. Wethouder Muis, gaat uw gang. Beantwoording college De heer Muis: Dank u wel, voorzitter. U vroeg er zelf, denk ik, al om nog even in te gaan op de opmerking van de heer Jansen over, het is een gemeenschappelijke regeling, hoe zit dat dan? Kan dat alleen voor gemeente Lansingerland? Dat kan, want wij maken afspraken over ons eigen werkplan. Daar hebben we een bepaald budget voor. Als het daar binnen past, kun je daar natuurlijk extra opdrachten geven. We hebben bijvoorbeeld ook onderzoek uit laten voeren naar de bromtoon, zoals u weet. Tegelijkertijd hebben we bespaard. Dan weet u ook waar dat geld naartoe is gegaan.
Je hebt een deel is bedrijfsvoering en je hebt een deel gewoon voor je eigen projecten en je eigen speerpunten, waar je opdracht voor kan geven. Nogmaals, volgens mij, wij overwegen, wat ik net heb gezegd, om dat niet te doen. Volgens mij is dat het antwoord. De voorzitter: Dan concludeer ik dat, er zijn natuurlijk een aantal amendementen aangekondigd, dat dit als bespreekpunt naar de raad gaat. En dat er in afwachting van amendementen, gaan we zien hoe de besluitvorming gaat worden. Als bespreekstuk naar de raad. Dan sluiten wij hierbij dit punt af. 6.b Protocol geheimhouding De voorzitter: Dan gaan wij naar 6.b, protocol geheimhouding. Hier wordt gevraagd het nieuwe protocol geheimhouding vast te stellen dat het oude protocol van 2014 vervangt.
20/36
Wie mag ik als eerste het woord geven? Ik zie dat de heer Van den Beukel zich gemeld heeft. Mijnheer Van den Beukel. Eerste termijn De heer Van den Beukel: Dank, voorzitter. Een mooi en belangrijk onderwerp dat we hier vanavond op de agenda hebben staan, waar we ook als CDA-fractie hier grote waarde aan hechten. We werken hier elke dag in deze raad vanuit een dienstbaar gemeentebestuur. En een dienstbaar bestuur, voorzitter, is natuurlijk ook een transparant bestuur. Dat moge duidelijk zijn. Daarom is openbaarheid, en ook dit onderwerp op de agenda, voor ons heel belangrijk. Eerder hebben we ook de laatste jaren ons ingezet voor een goed register van geheime stukken. Dat is gerealiseerd, daar zijn we blij mee. We hebben ook vaak gesproken over de periodieke herziening van de stukken, dat het belangrijk is om dat geregeld te doen. Dat is niet altijd gelukt. Er zit nu weer een voorstel in om het wat uit te stellen. Daar hebben we nog werk aan de winkel. We hebben ook vaak gesproken hier over het belang van de openbaarmaking van investeringen. Vanavond hebben we het over het beleid. Niet over specifiek één bouwproject, maar even over het beleid. Dat is belangrijk, want vorig jaar hebben we ook een vraag gesteld, en er werd verwezen daar, er komt een nieuw protocol, stelt u hem dan daar. Ik heb zo een vraag die toen aangekondigd werd.
Maar eerst wil ik ingaan op een voorstel, voorzitter. Want het is een vrij overzichtelijk protocol. Het volgt gewoon de wetgeving en het ziet er heel netjes uit. Maar er zit één element in waar we verduidelijking aan willen geven. Tenzij de wethouder nu al die duidelijkheid kan schenken. Het gaat over het volgende. In het voorstel staat, artikel 2, lid 3, ik lees het een klein stukje voor, één zinnetje. Het college, de burgemeester of de commissie legt enkel geheimhouding op over (gedeelten van) stukken, gedeelten van, staat tussen haakjes, waarbij informatie die geheim moet blijven zo heel mogelijk wordt opgenomen in een bijlage. Voorzitter, toen we hierover technische vragen stelden aan het college toen kwam toch wel een verbazingwekkend antwoord. Namelijk, ik citeer, het is technisch en organisatorisch complex om per document te beoordelen of delen van documenten openbaar gemaakt kunnen worden. Dat lijkt strijdig met het artikel in het protocol wat zegt, gedeelten, minimaal geheimhouden. Beantwoording van ontechnische vragen lijkt te zeggen, we gaan uit van documenten die in zijn geheel geheim zijn of niet. Als we ook kijken naar het register, dan zie je integrale documenten. Tenminste, dat is onze indruk. Voorzitter, ofwel dit is een dode letter die op zich prima is, die alleen maar eventjes moet worden geëxpliciteerd om vervolgens te worden nageleefd.
Of dit artikel moet uitgebreid worden. Het voorstel is, van de CDA-fractie, om in ieder geval het doel te realiseren om samen als gemeenteraad dat we ook hier het gebruik oppakken om, waar mogelijk, slechts gedeelten van stukken geheim te verklaren. Overigens, voorzitter, dan zouden we ook in goed gezelschap verkeren. Want ook in de beantwoording van onze vragen staat, het is toch lastig en vraagt capaciteit en dergelijke. Dan vraag je je af, is het dan zo ongebruikelijk en doen alleen hele grote gemeenten dit? We zijn nog geen lid van de M50, voorzitter, maar toch kun je al met een beetje Googelen wat bereiken. De gemeente Nunspeet bijvoorbeeld, toch niet bekend om zijn grootstedelijke problemen, die hanteert de zogenaamde piramide van geheimhouding. Die zeggen letterlijk, begin zo klein mogelijk met een bedrag of woord geheim te verklaren. Verklaar niet gelijk een heel voorstel of een ander document geheim, maar beperk tot het hoognodige. Ook een schitterende gemeente zoals Nijmegen, zal de heer Ruijtenberg waarschijnlijk aanspreken, die heeft een vergelijkbaar beleid. Die noemen het een minimaliseringsbeleid. Voorzitter, we hopen daar ofwel verduidelijking van de wethouder op het artikel of steun van de collega's voor aanpassing daarvan. Voorzitter, dan nog één vraag.
Vorig jaar hebben we … De voorzitter: Ik ga u, voordat u verder gaat, even onderbreken voor een interruptie van de heer Markus.
21/36
De heer Markus: Op zich helder wat u zegt. Maar u zegt, of steun voor de aanpassing ervan. Maar kunt u even die aanpassing nog iets nader duiden? Want misschien heb ik de piramide niet helemaal goed beklommen, maar ik snap hem nog niet helemaal. De voorzitter: Mijnheer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Snap ik. Ik heb het vanavond niet over de piramide van de heer Duivesteijn. Dat is inderdaad een ander onderwerp. Dit is de piramide van geheimhouding. Dat is een hele simpele formulering die zegt, begin zo klein mogelijk. Kijk of je eerst slechts een bedrag kan weglakken, dan een alinea, dan een deel van een document en dan het hele document. Dat is een formulering die in sommige protocollen wordt gehanteerd. Die zou je één op één misschien wel kunnen overnemen. Dat zou dan mijn voorstel zijn. Maar liever heb ik gewoon een duiding bij het huidige voorstel, als dat afdoende zou zijn. Voorzitter, de vraag gaat over projecten. Vorig jaar hebben we gesproken over Casa Cadanza en is uiteindelijk het totale bedrag bekendgemaakt. Maar wel laat. Als we ook hier wat onderzoek naar plegen, dan zie je veel gemeenten, Den Haag bijvoorbeeld, Gouda, Zeist, Utrecht, noem maar op, die toch veel eerder bij projecten al duidelijk maken, dit gaat het kosten. En daar niet ingewikkeld over doen. We zouden daarop terugkomen bij het protocol.
Ik zie hier in het protocol geen verwijzing naar, we maken dingen pas openbaar als ze helemaal afgerond zijn. Dat hele thema komt hierin niet naar voren. Daar graag een verduidelijking van de wethouder, of hij gewoon mogelijkheden ziet om het beleid van andere gemeenten te gaan volgen, om niet pas na afronding van een project een bedrag openbaar te maken. Tot zover, dank u. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. We hebben ook de technische vragen van het CDA met interesse gelezen. Ik denk dat ik voor heel deze raad kan spreken dat we natuurlijk transparantie met elkaar heel belangrijk vinden en dat openheid geven van stukken altijd het belangrijkste is. Zeker als het gaat over belastinggeld. Inwoners verwachten gewoon te kunnen weten, wat doe je nou? Wat kost het? En wat hebben we ermee gedaan? Ik snap daarom ook het streven om te denken van, kunnen we nou niet gewoon soms makkelijk kijken van, wat kan er wel open in plaats van dat we inderdaad hele stukken achter slot en grendel steken. Tegelijkertijd snap ik wel dat het soms een lastige puzzel is om te leggen voor het college. Inderdaad, als je een bijlage hebt waar een heel financieel verhaal in dertien Excel-sheets in zit met allerlei getallen, is het misschien makkelijk om te zeggen, dat gedeelte is geheim, de rest blijft lekker openbaar.
Als het natuurlijk als het ware in de tekst zit verwerkt als het een onderdeel van het lopende verhaal is dat weer een stukje wat lastiger. Je wilt ook niet van die stukken hebben die helemaal vol staan met half zwartgelakte teksten, waardoor uiteindelijk het helemaal niet meer duidelijk is wat er nou precies wordt beweerd. Ik denk dat het dan een pittige opgave en een lastige afweging om dat goed te doen. De opmerking over de M50, die stond zelf al op mijn lijstje om daar even iets slims over te zeggen, maar dat heeft de heer Van den Beukel al gedaan. Ik kan niet zo heel veel slims meer toevoegen, helaas. Dank u wel. De voorzitter: Ik ga naar de heer Jansen. De heer Jansen: Dank u wel, voorzitter. Het is goed dat het protocol bijgewerkt wordt. Het was hoog tijd dat we dat deden. Het is natuurlijk moeilijk om documenten die onder andere protocollen geheim verklaard zijn, om die in gedeelten het geheim eraf te halen. Wat misschien mogelijk is, maar dat vraagt dan een iets andere werkwijze van de organisatie in de toekomst, dat je rekening houdt dat dingen geheim zijn en dat je in je stukken, dat je
22/36
zorgt dat dat in de bijlagen terechtkomt en niet verweven in allerlei paragrafen in het hoofdstuk. Als de organisatie zich daar meer op richt, dan geeft dat automatisch ook een makkelijker opheffen van de geheimhouding of het niet opleggen van de geheimhouding, in onze ogen. Goed dat dit stuk geüpdatet is. Hier kunnen we in ieder geval in de toekomst mee vooruit. Ik denk dat dit een hamerstuk gaat worden. De voorzitter: Ik ga naar de heer Scheringa. Gaat uw gang. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Op zich konden wij in eerste instantie wel instemmen met dit protocol. Openbaarheid is ook key voor onze fractie, mijnheer Weerheijm, wees gerust, net als de rest. Zeker om die bescherming van de belangen van de gemeente, daar had ik wel verduidelijking voor nodig. Dat is wel duidelijk voor onze fractie. Afweging van of en hoe snel dat dan moet, wat de heer van het CDA aangeeft, de heer Van den Beukel, ik zou even een voorstel willen zien. Ik weet niet precies hoe dat dan gevat zou kunnen worden in dat protocol. Op zich, we vinden wel, een protocol moet ook niet te stringent worden, dat je dat helemaal dicht timmert en dat je dan vervolgens vastzit aan een werkwijze die achteraf misschien niet voldoet. Daar zien we graag een voorstel tegemoet. Voorstel om zo min mogelijk geheim te maken via een piramide of andere manieren, dat steunen wij.
Als u dat amendeert, dan willen wij dat zeker wel steunen. Maar dat zien we dan terug. Voor de rest op het bespreekpunt. Punt twee, dat kwam bij ons een beetje gek over. In die zin van, je spreekt een protocol af en vervolgens punt twee voeg je al een uitzondering toe. Dat is wat gek. Voor dit jaar kunnen we de argumenten wel begrijpen, efficiëntie en belangrijke ontwikkelingen. We gaan straks ook bij het volgende agendapunt een lijst behandelen. Om dat dan gelijk nog een keer te doen in dit kwartaal, dat is goed. Maar we zouden dan wel zeggen, als we dan dat in Q3 nu gaan doen, van 2026 voorgesteld worden, dan zou je diezelfde argumenten weer op 2027 kunnen plannen. Dan zeg je, 2027, dat is ook alweer snel op september. En er komen ook uiteindelijk denk ik ook weer belangrijke ontwikkelingen in 2027. We zouden het wel dan echt nu bij deze ene keer willen laten. En ook wel de toezegging willen hebben dat de volgende keer gewoon, zoals het protocol is, gewoon in Q1 dit gaan behandelen. Mocht er in het jaar door belangrijke stukken of ontwikkelingen zijn, artikel vijf biedt ook gewoon ruimte om dat tussendoor vrij te geven. Om het nu eenmalig te doen, 2026 in Q3, geen probleem. Overige jaren gewoon in Q1, zoals nu afgesproken is. De voorstellen van het CDA zien wij graag tegemoet. Dat was mijn termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de ChristenUnie.
De heer Markus: Voorzitter, dank u wel. We hadden het al net even in de beeldvorming over protocollen die afgestoft moeten worden. Dit was een protocol uit 2014. Het is wel goed om ook, dat geldt ook voor dit protocol, we stellen dat weer op en er staat niets in opgenomen wanneer we dit weer eens een keer tegen het licht houden om dat te verbeteren. Dan moet iedereen wakker blijven en het niet ook geheim verklaren, want anders dan ben ik bang dat dit protocol over elf jaar ook weer afgestoft moet gaan worden. Want dit zijn ogenschijnlijk hele saaie protocollen, maar het zijn wel hele belangrijke, omdat we hier wel gewoon met elkaar regelen hoe we met geheimhouding omgaan. En ook hoe we dat met elkaar gaan organiseren. We hebben over die organisatie, volgens mij was in de commissie van juni, best wel kritisch van gedachten gewisseld. Dat we vonden dat dat beter moest, ook binnen de organisatie. Dat we daar kritischer op moesten zijn en dat daar inderdaad een protocol voor afgestoft moest worden. Dat is mooi dat dat gebeurd is. Ik denk inderdaad dat het protocol een stap vooruit is. Het is duidelijk geregeld hoe we dingen nu met elkaar willen doen. De piramide van geheimhouding spreekt me wel aan. Want inderdaad, dat lid, als je dat leest, dat is toch wel vrij interpretabel.
Ik denk dat we dat juist uit een protocol moeten halen, om daar niet de discussie met elkaar over te voeren. Ik ben even benieuwd naar de reactie
23/36
van het college ook daarin. Voorzitter, ik heb een ding, die had ik van tevoren moeten stellen, deze vraag, maar ik, volgens mij hebben we ooit een keer een bespreekpunt gehad waarin we allerlei stukken ophieven die we nog niet opgeheven hadden. Ik zie wel in de slotbepaling staan dat het protocol 2014 vervalt. Maar dat staat weer niet in het beslispunt. Dat zie ik ergens anders dan weer wel terugkomen. Ik vroeg me even af of dat ook als beslispunt teruggevoegd moet worden, om te voorkomen dat we in een commissie, die ik niet mee ga maken, weer tien protocollen hebben die we dan nog op moeten heffen officieel. Dat zou dan een beetje zonde zijn. Die vraag had ik eerder moeten stellen. Excuus daarvoor. Maar soms popt er ergens nog een geheim luikje open na dit protocol die dat weer bekend maakt. Dat even voor de eerste termijn, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de fractie Leefbaar 3B. Gaat uw gang. De heer Philippens: Dank, voorzitter. Wat ons betreft ook een goede update. Net als andere partijen zijn wij ook groot voorstander van een open en transparante overheid. Wel oproep aan het college om actief te sturen op de naleving. We zien het ook bij kanttekening vier dat daar wat moeilijkheden omheen staan. Maar het is de Woo-wetgeving. Als je je daar niet aan houdt, staan er ook stevige boetes tegenover.
Ik denk dat het goed is dat we daar actief op handhaven. Het derde kwartaal opnieuw die lijst met geheime stukken bestuderen, dat is wat ons betreft prima qua efficiëntie. Ik ben wel benieuwd inderdaad naar de beantwoording van de vragen vanuit het CDA. Misschien een stukje technische exercitie. Ik kom vanuit een grotere organisatie, daar hebben we gewoon Woo-juristen die dit op kunnen pakken en ook specifieke stukken weg kunnen lakken. Maar ik weet niet of dat ook binnen ons haalbaar is en welke gevolgen heeft dat voor de capaciteit? Daar ben ik nog wel even benieuwd naar. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik door naar de fractie van de VVD. De heer Van Santen: Dank u wel, voorzitter. Goed dat we dit bespreken. De tweede keer dit jaar, dat is toch ook wel uniek, volgens mij. Zonder dat we daarom gevraagd hebben, dat is mooi. Eens met heel veel woorden die hier zijn gezegd. De oproep van de heer Van den Beukel, die steun ik van harte op beide punten, laten we zoveel mogelijk transparant zijn. Dat betekent als we daar iets meer moeite voor moeten doen in het kader van lakken, dan prima. Wat de heer Jansen zegt van WIJ Lansingerland, je kunt er vanaf nu ook mee rekening houden, dan wordt het misschien ook wat efficiënter. Dat, als college daar niet al te grote bezwaren tegen heeft, dan hoop ik dat een amendement niet nodig is, maar ondersteunen we dat van harte.
Met betrekking tot één zinnetje, misschien dat ik er te veel achter zoek, maar misschien toch wat duiding, daarnaast worden in 2026 belangrijke ontwikkelingen verwacht die de inhoud en status van de geheimhouding kunnen beïnvloeden. Misschien is het een standaard zinnetje, maar ik werd toch wel erg nieuwsgierig hiervan. Misschien dat iemand daar nog wat over kan vertellen. Dank u wel. De voorzitter: Waarschijnlijk doen ze dat om te toetsen of u het allemaal goed leest. Volgens mij hebben we alle … Nee, de heer Ruijtenberg nog. Mijnheer Ruijtenberg, gaat uw gang. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. GroenLinks is, mag bekend zijn in dit huis, een groot voorstander van transparantie. We hebben weinig op met geheimhouding. Vaak hebben wij met VVD al zij aan zijn gestaan voor meer transparantie daarin. In het kader daarvan is het goed dat je inderdaad nog iets tegen het licht houdt. Net als de heer Scheringa van de PvdA zijn we van mening dat je zo transparant mogelijk zou moeten zijn, tenzij het echt de belangen van de gemeente schaadt daarin. We zouden akkoord gaan met dit voorstel. Er is maar één vraag die mij hiermee speelde, dat is gericht
24/36
aan de heer Van den Beukel, waarom ik zo'n bijzondere appreciatie zou hebben voor Nijmegen? Behalve dan dat daar een Kabouterstraat is. Maar we hebben ook een grote waardering voor Roel van Duijn. Of misschien de dertien zetels van GroenLinks/PvdA daar in de raad. Maar ik begrijp de associatie met Nijmegen niet helemaal. Misschien dat hij daar mij duiding op kan geven. De voorzitter: Gezien de sfeer van de avond geef ik hem graag even het woord en wachten we niet tot de tweede termijn. Gaat u even kort. De heer Van den Beukel: Dank, voorzitter. Belangrijke vraag, inderdaad. Het staat volgens mij bekend als één van de meest linkse steden van Nederland. U presenteert zich ook graag als een beetje onze linkse buitenboordmotor. Ik denk, daar heeft u vast vrienden. De voorzitter: Dat is een heldere toevoeging. Daarmee sluiten we de eerste termijn van de commissie af. Dan gaan wij snel naar de eerste termijn van de kant van het college. Mijnheer Muis, gaat uw gang. Beantwoording college De heer Muis: Dank u wel, voorzitter. Het is niet helemaal mijn portefeuille, maar ik ga toch de beantwoording doen en daar waar ik technisch er niet uitkom, vraag ik de voorzitter of ik na mij in ieder geval de collega het woord mag geven, of u het woord wilt geven. Beginnen bij de heer Van den Beukel, die heeft natuurlijk al best wat technische vragen gesteld.
Ik weet niet of iedereen daar kennis van heeft kunnen nemen. Wij volgen natuurlijk sowieso de wetgeving en wij willen het ook allemaal zo transparant mogelijk. Ik moest even het artikel snel erbij zoeken waar de heer Van den Beukel naar verwees. Het gaat inderdaad over die artikel 2 lid 3, geheimhouding op over gedeelten van stukken. Dat gaat over delen van documenten. Dat je zoveel mogelijk wil openbaar maken, het staat hier een beetje andersom, dat je zoveel mogelijk het geheim eruit wilt halen. Maar we willen zoveel mogelijk openbaar maken en dat juist van elkaar scheiden. We hebben ook inderdaad aangegeven in de beantwoording van de technische vragen, we gaan natuurlijk niet per alinea of tabel of paragraaf elke keer nieuwe versies maken en dan weer iets openbaar maken. Dat is ook de reden dat we niet het nog gedetailleerder willen doen. Kom ik ook gelijk even bij de heer Van Santen. Die zei volgens mij, iets meer tijd. Dat is niet iets meer. Dat is echt heel verstrekkend. Ik kan niet zo direct zeggen wat daar de capaciteit voor is, maar dan zou er echt een voorstel uitgewerkt moeten worden, als u dat tot op een ander niveau wilt, dan hoe we het ook nu gewend zijn. Dat is misschien ook handig om aan te geven. We stellen nu geen andere dingen voor. Het is niet dat we het ineens minder transparant maken. Ik snap uw wens om zoveel mogelijk transparant te maken.
Dan kom ik ook bij het volgende punt van de heer Van den Beukel over projecten zoals een Casa Cadanza. Daar zitten we nu middenin. Dat is overigens ook een van de belangrijke ontwikkelingen waar de heer Van Santen naar vroeg voor het komend jaar. Dat wordt natuurlijk opgeleverd. Dan komen daar natuurlijk stukken die voorheen geheim waren, die worden openbaar. De oproep van de heer Van den Beukel is, voorzitter, dat er niet na afloop, maar dat we aan de voorkant, ik denk op zich dat het goed is dat je vooraf duidelijk maakt waarom, dat doen we ook al. U heeft denk ik ook gezien, als u heel snel bent, dat wij gisteren als college twee brieven hebben vastgesteld om nog nader te verduidelijken waarom bepaalde onderwerpen geheim zijn. Ik denk als we dat meer aan de voorkant gaan doen, dat het ook beter voor u is af te wegen en te volgen waarom dat gebeurt. In het verlengde hiervan, daar vroeg de heer Scheringa ook naar, er kan natuurlijk altijd ook tussentijds, kan natuurlijk ook op basis van oplevering van deelprojecten, kunnen zaken openbaar gemaakt worden. Als we dat heel veel gaan doen, dan gaat het natuurlijk niet meer allemaal helemaal synchroon lopen met het verhaal van één keer per jaar gewoon
25/36
ordentelijk het overzicht, waar ook de griffie naar kijkt. Die kijken daar natuurlijk ook onafhankelijk naar van het college. Volgens mij is dat het antwoord, maar voorzitter, ik kijk zo straks nog even naar rechts, misschien nog verdere technische duiding daarop. Dan de heer Scheringa, die vroeg ernaar … De voorzitter: Ik ga u toch even onderbreken, want er is een interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Voorzitter, om het even scherp te krijgen, om het dan maar even die piramide van geheimhouding te blijven noemen. U zegt als college, daar zijn we op zich geen tegenstander van, maar het kost gewoon te veel capaciteit. Begrijp ik u goed dat ik dat zo moet interpreteren, uw antwoord? De voorzitter: Mijnheer Muis. De heer Muis: Inderdaad, het is nu niet de werkwijze. Als u dat anders wilt, dan moeten we inderdaad goed gaan kijken hoeveel capaciteit dat kost. Rechts wordt er ja geknikt, maar wellicht kan daar zo nog even verder op ingegaan worden. Dan was ik bij de heer Scheringa, die had het erover, nu akkoord om het niet in Q1 te doen, maar in het vervolg wel in Q1. Dat kunnen we toezeggen, want dat is ook de bedoeling. Maar wel één keer per jaar. Dan kom ik bij de heer Markus, die had het over, moet er niet een apart beslispunt over het opheffen van het oude protocol? Op zich staat dat in het nieuwe protocol.
Maar ik begrijp dat u natuurlijk ook hecht aan besluitvorming. Aan de andere kant, er zitten misschien meer dingen in die we daarin benoemen, die dan ook in dat voorstel zouden moeten komen. Maar dan kijk ik ook even hier naar rechts. Maar als het voor u heel zwaarwegend is, dan kunnen wij dat niet aanpassen in elk geval. Maar het staat ook in het protocol, dat het oude hiermee opgeheven wordt. De heer Van Santen, daar ben ik al op ingegaan. Over die belangrijke ontwikkelingen, dat stond ook in de beantwoording van de vragen van het CDA. Inderdaad, Casa Cadanza, A16, GR Bleizo, A16, dat had ik zelf ook gezien. Ook overigens dank aan WIJ Lansingerland en aan het CDA voor het stellen van de vragen, want dat biedt ruimte om dat te verduidelijken. A16 dacht ik ook, die is toch geopend, dat kan allemaal openbaar. Maar u heeft kunnen lezen wat daar verder nog achteraan komt en dat er medio dit jaar nog allerlei stukken daarover openbaar gemaakt worden. Dat was even mijn eerste reactie, voorzitter. De voorzitter: Ik begrijp dat mevrouw Jansen even ook iets … Gaat uw gang. Ambtelijke ondersteuning: Dank u wel. Bedankt voor de kritische vragen hierover in ieder geval. Ik sluit me aan bij de beantwoording door de heer Muis. Ik denk dat er misschien een definitie, interpretatieverschil is rondom stukken, zoals dat in het genoemde artikel staat. Ik denk dat dat vooral ziet op dossiers.
Zoals het nu ook wel gebruikelijk is, worden er heel veel geheime informatie al reeds in bijlagen gezet, waardoor ze losgetrokken worden van het hele dossier. Dat wil ik nog aanvullen. Inderdaad, Q3 is echt omdat het in Q4 besloten zou worden. Dat is nu doorgeschoven naar Q1. Om nu weer in Q1 dezelfde exercitie te doen, gaat niet veel extra's opleveren. Wetende dat er nog ontwikkelingen zijn in dit jaar, medio dit jaar, waardoor we voor Q3 hebben gekozen in 2026 en vanaf 2027 gewoon conform protocol in Q1. In het kader van de piramide, om echt op bedragsniveau, alineaniveau te kijken, sluit ik me ook aan bij capaciteitsuitleg. De voorzitter: Helder. Dat was hem? Dank u wel. Dat was dan de eerste termijn van de kant van het college. Dan ga ik terug naar de commissie voor de tweede termijn. Ik kijk even rond of daar … Mijnheer Van den Beukel, gaat uw gang. Ik wijs u wel even op uw tijd.
26/36
De heer Van den Beukel: Dank u wel. Voorzitter, toch nog graag even een helder antwoord van de wethouder op mijn vraag wat nou andere gemeenten in staat stelt om veel eerder bedragen openbaar te maken dan onze gemeente. Ik heb dat nog niet goed terug gehoord. De vraag aan de collega's, wat ons betreft is het echt heel logisch en verstandig om ook alinea's, als het slechts een alinea is, eens een keer weg te lakken in plaats van het hele document. De vraag is alleen, zijn de collega's daartoe bereid of zeggen ze eerder, we willen eerst een onderzoek naar welke capaciteit dat zou vergen? Die tussenstap zouden we kunnen zetten. Lijkt me niet per se nodig. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Even voor de duidelijkheid om het scherp te krijgen. Stel even, die piramide passen we toe. Dat passen we dan toe één keer op het document? Of gaan we dan elke keer tussendoor zeggen, er is weer een stukje, we passen het document aan, en dan ben je dertig keer met datzelfde. Je doet het één keer en helder? Misschien moet u het antwoord nog even echt geven, maar gaan we dat één keer doen of niet? De voorzitter: Ik zie dat de heer Van den Beukel ja knikt, dat scheelt hem weer tijd. Gaat u verder. De heer Van den Beukel: Voorzitter, dank u wel. Inderdaad, voor de mensen met een visuele beperking, één keer en niet meer.
Voorzitter, dat is mijn tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Van Santen. De heer Van Santen: Aanvullend, dat geldt natuurlijk pas voor nieuwe stukken, wat mij betreft. Dan kan de ambtelijke organisatie op dat moment dat gaan toepassen. Als er een amendement komt, dan gaan we dat van harte steunen. De voorzitter: Dank u wel. Voor de termijn, neem ik aan? Mijnheer Markus. De heer Markus: Volgens mij hebben we in dit huis, ik moet zeggen dat wij daar als ChristenUnie verdeeld in zaten, volgens mij een motie over een uitvoeringstoets aangenomen over amendementen en moties die ambtelijke capaciteit kosten. Volgens mij kan het amendement gewoon opgesteld worden en dan vindt daar een uitvoeringstoets op plaats. Daar staat dan een reactie in wat het aan ambtelijke capaciteit kost. Dan kan volgens mij de raad daar prima een afweging in maken. Ik denk dat we dat al in dit huis geregeld hebben. Dat zou wat ons betreft de route zijn. Om dat nou weer te laten uitzoeken en dan vervolgens dat later in te zetten, dat lijkt ons wat onnodig. Dat is wat ons betreft prima en daar laten wij even onze keuze van afhangen, want daar moeten we dan in alle redelijkheid en billijkheid met elkaar over besluiten. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar Leefbaar 3B. Gaat uw gang. De heer Philippens: Dank u, voorzitter.
Wat ik begrijp is dat we met dit voorstel gewoon voldoen aan de wet. Dat we daar gewoon nog een goede slag hebben staan. Tegelijkertijd heb ik ook al het gevoel om dat nog transparanter op alineaniveau uit te voeren. Binnen een wat grotere organisatie waar ik zelf werk, daar doen we dat ook. Maar ik ben wel heel erg benieuwd welke ambtelijke capaciteit dit kost. We zitten natuurlijk ook in een grote bezuinigingsperiode. Ik wacht ook even die uitvoeringstoets af voordat we daar het oordeel over vellen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, mijnheer Scheringa.
27/36
De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Dank de wethouder voor de toezegging om in het vervolg altijd in Q1 te doen. Daar zijn we blij mee. Een andere werkwijze, dat kost meer tijd, dat snappen we. Wij zouden het wel fijn vinden als het protocol een meer openbare werkwijze niet onmogelijk maakt. Ik snap dat daar even een uitvoeringstoets op moet. Maar het kan best zijn dat we dat over drie jaar misschien wel kunnen, als dan de situatie veranderd is. Ik heb ook geen glazen bol. Het zou wel fijn zijn als een protocol daar al niet direct dat onmogelijk maakt naar de toekomst toe. Want uiteindelijk, meer openbaar is altijd beter. Als CDA een voorstel daarin doet, dan zullen wij dat uiteraard bekijken. Waarschijnlijk kunnen wij dat wel steunen. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat veel van de voorgangers hebben een beetje hetzelfde benadrukt. Transparantie is natuurlijk het allerbelangrijkste, maar we moeten ons eigen werk ook niet onmogelijk maken. Ik denk ook dat we, we zijn ook even benieuwd inderdaad, straks als het amendement ligt, wat de duiding daarvan is van het college. Dat we natuurlijk ook ons werk niet onmogelijk en te ingewikkeld moeten maken.
Er zijn misschien ook wat meer creatieve oplossingen soms te bedenken, in plaats van bijvoorbeeld ingewikkeld in een brief een lang stuk allerlei stukken weg te lakken, om bijvoorbeeld na te gaan, kunnen we ook gewoon een soort van publieksversie van een bepaald document schrijven. Waaraan we van de voorkant weten, bepaalde dingen kunnen we niet opnemen in de publieksversie, openbare versie, maar we kunnen wel een soort van globale samenvatting van het stuk geven, waarin we bepaalde gegevens niet opnemen, omdat die geheim zijn. Misschien dat we op die manier dan het leven voor onszelf wat makkelijker maken en voor de ambtelijke organisatie wat makkelijker maken, terwijl we nog steeds duiding kunnen geven van, hier gaat het over en dit is het stuk waar het om gaat. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Een publieksversie, beste collega, is toch gewoon een versie met zwakgelakte dingen erin? Dat kost ook gewoon tijd om die op te stellen. Wat lossen we daar qua capaciteitsvraag mee op? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel.
Het is natuurlijk een verschil tussen, stel je voor, je hebt een lang, groot document met vele bijlagen en dergelijke, om dat helemaal door te werken en van iedere zin te moeten kijken, wat kan er wel en wat kan er niet? Als je van tevoren ongeveer een inschatting kan maken, we kunnen ook in een halve pagina bij wijze van spreken samenvatten waar het stuk over gaat, zonder dat we daar allerlei gegevens voor nodig hebben, dan kan je dat misschien wel overwegen. Ik weet niet of het een oplossing is voor alle soorten stukken, maar laten we vooral kijken naar wat er wel kan. Het kan wel. De voorzitter: Komt toch de ware aard weer boven van D66. Dan gaan we naar de heer Jansen. De heer Jansen: Over wat wel kan … Dank u wel, voorzitter. Over wat wel kan, kan ik ook, dit zou je ook heel goed binnen de M50 kunnen bediscussiëren natuurlijk. Hoe doen anderen dit? Ik had in eerste termijn al gezegd dat het in principe voor ons een hamerstuk was. Ik hoor dat het CDA met een amendement gaat komen. Dat zullen wij op zijn merites beoordelen. Dan zien we de bespreking in de raad tegemoet.
28/36
De voorzitter: Dan zijn wij volgens mij rond voor de tweede termijn van de kant van de commissie. Dan gaan we nog even naar de wethouder voor de tweede termijn. Gaat uw gang, mijnheer Muis. Beantwoording college De heer Muis: Fijn, voorzitter. Dank u wel dat ik er nog even op in mag gaan voordat we verder gaan met dit verhaal. Dan eerst bij de heer Van den Beukel. Die verwijst naar andere gemeenten. Ik neem zonder meer aan dat er gemeenten zijn die het anders doen. Tegelijkertijd moeten ze zich ook aan de wet- en regelgeving houden. Ook in de schriftelijke, of in de technische, vragen hebben we ook aangegeven dat wij er geen specifiek onderzoek naar hebben uitgevoerd wat andere gemeenten op dit terrein doen. Het zal ongetwijfeld anders kunnen. Dan kom ik op het genoemde amendement. Wat er gaat gebeuren is dat we dan een kwart van een verhaal af gaan lakken. Dan maken we dat openbaar. Later dan lakken we nog weer iets minder af, tien procent lakken we af, maken we weer een versie. Uiteindelijk maken we het hele stuk openbaar. Dat hoeft niet, maar dat zou er kunnen gebeuren als je het op deze manier aanpakt. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken. Mijnheer Markus. De heer Markus: Voorzitter, volgens mij heb ik, richting wethouder, niemand in deze commissie horen zeggen, we gaan het één keer lakken, op wat voor plek dan ook, en dan is het klaar.
We gaan niet van hetzelfde document elke keer weer een stuk lak weghalen en dan weer opnieuw publiceren. We doen het één keer. Dat wil ik wel even recht gezet hebben, want dat framed de wethouder nu, denk ik, geheel onterecht, maar dat is niet de bedoeling. Dat wil ik nog even meegeven. De voorzitter: Ik ga terug naar de wethouder. De heer Muis: Voorzitter, het is geenszins de bedoeling om te framen. Het is meer dat als je vaak zaken openbaar wilt maken, dan zou dat zo kunnen. Maar ik begrijp van de heer Markus dat dat absoluut niet hier de uitspraak is en ook niet de wens. Het zou gaan om eenmalig aflakken. Dan gaat het om heel veel documenten waar dat zou moeten gebeuren. Terwijl nu juist nu de werkwijze is en de instructie is om die informatie zoveel mogelijk in een bijlage te zetten. De voorzitter: Ik ga u wederom even onderbreken voor de interruptie van de heer Van Santen. De heer Van Santen: U heeft het over heel veel documenten. Wat doelt u dan op? Want ik kan me voorstellen dat we de huidige set die er nu is, dat we die ongemoeid laten. De voorzitter: Wethouder. De heer Muis: Dat is een vraag, voorzitter, voor een uitvoeringstoets. Dat weet ik ook niet, maar de inschatting is wel, ook hier rechts naast mij, misschien kan de collega zo daar antwoord op geven, dat gaat heel veel extra werk kosten.
Terwijl de werkwijze is juist een andere om te zorgen dat in alle stukken, staat ook in de werkinstructies hier voor de collega's, dat zoveel mogelijk wat geheim is in aparte bijlagen gezet wordt, zodat je niet stukken langs hoeft te lopen en zaken af hoeft te lakken. Juridische zaken, daar komt het langs, die zien daarop toe. Ik zou zeggen, zet daar dan vooral de capaciteit en de energie op, op die check, of dat goed gebeurt. Ga niet een nieuwe werkwijze en een nieuw systeem
29/36
verzinnen bij amendement. Overigens, als u daarmee komt, dan gaan we dat bekijken en met een uitvoeringstoets, dan wordt vanzelf inzichtelijk waar de heer Van Santen naar vraagt, hoeveel tijd en capaciteit dat gaat kosten, of we die hebben en hoe we dat moeten organiseren. Dank u wel. De voorzitter: Ik kijk even naar mevrouw, nee? Dan was dit de tweede termijn van de kant van het college. Ik begrijp dat het CDA wellicht met een amendement gaat komen. Het gaat als bespreekstuk naar de raad en dan gaan we verder zien. Ik werd net even geattendeerd door de griffie dat wij een afspraak hebben om na een uur even drie minuten te pauzeren. Want er is ook wel noodzaak, hoorde ik, wegens toch ook wel menselijke dingen. We gaan even drie minuten schorsen en dan gaan wij over drie minuten weer verder. Schorsing 6.c Opheffen geheimhouding De voorzitter: Wacht, moet ik de bel … We gaan, dames en heren, we gaan weer verder. Ik maak dankbaar gebruik van de bel om u te attenderen op het feit dat wij de vergadering gaan hervatten. Wij gaan verder bij agendapunt 6.c. Dat gaat over het opheffen van de geheimhouding. In juli ‘25 heeft de raad reeds de geheimhouding van een aantal documenten opgeheven. U als raad heeft de behoefte uitgesproken om de lijst dit jaar nogmaals kritisch en inhoudelijk te laten beoordelen.
Het college heeft hierop een toezegging gedaan om de lijst met geheime stukken nogmaals ter besluitvorming aan de raad voor te leggen in Q4 ‘25. Vanwege de volle agenda van deze commissie in december is het voorstel op de agenda van vandaag terechtgekomen. Met de volgende vraag, wie mag ik in eerste termijn van de kant van de commissie het woord geven? Ik zie de heer Jansen. Gaat uw gang. Eerste termijn De heer Jansen: Dank u wel, voorzitter. Dank aan het college, of aan de organisatie, voor het beantwoorden van onze vragen. Blij ook te horen dat de wethouder dezelfde gedachte had als ik rond de A16, die is opengesteld, die is opgeleverd. Voor ons is dit verder een hamerstuk. Maar even toch richting de toekomst, er komt een nieuwe raad in maart. De duur van de geheimhouding in de lijst is soms wat cryptisch omschreven. Die kan met hetzelfde aantal woorden duidelijker omschreven worden, in mijn ogen. In het voorbeeld van A16, als het daar gestaan had, na finale overdracht in overleg met Rijkswaterstaat medio 2026, had ik die vraag niet hoeven te stellen. Als we ook zo naar die lijst kijken van, maak het wat duidelijker, dan besparen we ook de tijd van de organisatie om dit soort technische vragen te beantwoorden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik vervolgens het woord geven? Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter.
Ik was heel blij met de vragen van de heer Jansen. Dat waren goede vragen. Voor de rest is het een hamerstuk voor ons. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Ruijtenberg, heeft u een interruptie of is dit … Bij deze, gaat uw gang. De heer Ruijtenberg: Ik sluit me aan bij de vorige spreker. De voorzitter: Dat moet toch haast een gelukkig huwelijk worden tussen Partij van de Arbeid en GroenLinks. Wie mag ik vervolgens het woord geven? Niemand? Dan kijk ik met een
30/36
schuin oog even naar de wethouder of hij behoefte heeft om te reageren op hetgeen gezegd is. Beantwoording college De heer Muis: De heer Jansen wacht op antwoord. Dank, voorzitter. De termijn duidelijker maken. Het voorbeeld van de A16, is natuurlijk heel lastig aan de voorkant te zeggen wanneer dat openbaar wordt. Want je weet natuurlijk niet wanneer die weg precies klaar is en het allemaal afgewikkeld is. Het is ook niet zo dat je dan tussentijds aan die termijnen kan gaan zitten sleutelen. Dat dacht ik net ook, maar ik heb even rechts naar mijn buurvrouw gekeken, dat is niet de bedoeling om dan elke keer die termijnen jaarlijks aan te gaan passen. Het is toch een inschatting. Dat is het, helaas, het antwoord. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even voor de tweede termijn van de commissie of dit aanleiding geeft. Nee? Dan neem ik aan dat wij dit als hamerstuk in de raad kunnen gaan doen. Ja? Dan bij deze, als hamerstuk gaat hij naar de raadsvergadering. 7. Actualiteiten uit het college De voorzitter: 6.d hebben wij van de agenda gehaald. Dat betekent dat wij aankomen bij de actualiteiten uit het college. Ik kijk even ter linkerzijde, ter rechterzijde. Nee. 8. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Dan gaan we door naar de actualiteiten uit de commissie. Zijn er actualiteiten uit de commissie? Nee. 9.
Verbonden partijen De voorzitter: Dan gaan we naar de verbonden partijen. Daar is het moment waar iedereen op gewacht heeft. De heer Weerheijm over de MRDH. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Het enthousiasme giert ongeveer de raad zo uit voor de onregelmatig terugkerende rubriek het MRDH-journaal. Ik ga dit nog missen de volgende periode. Helaas heeft u natuurlijk de vorige commissie AB tot uw grote verdriet moeten doen met de MRDH-krant in plaats van het MRDH-journaal, omdat ik toen op de stoel van de heer Jumelet zat en geen mondelinge toelichting kon geven. Terwijl dat wel net een leuke was om die toen te bespreken. U heeft hopelijk natuurlijk allemaal met samengeknepen billen het krantenbericht toen gelezen. Maar laten we het even kort houden. Vorige maand, zoals aangegeven, er was toen in november een gesprek over de werkwijze van de adviescommissies. Dat gesprek over de werkwijze, de werkwijze van dat gesprek was nou niet helemaal wat wij in gedachten hadden. Dat was nogal een bijzondere vergadering. Toen zijn we ook even niet zo happy geweest in die adviescommissie en hebben we ons ongenoegen daar ook laten blijken over dat er helemaal toen geen inhoudelijk gesprek werd gevoerd van, waar zijn we nou als MRDH en waar zijn we nou zeker als adviescommissies nou met elkaar mee bezig? Die boodschap is gelukkig wel goed aangekomen.
Voor de laatste adviescommissie van deze raadsperiode, die volgende week gepland staat, gaan we daadwerkelijk nog in de herhaling wel dat gesprek voeren over de werkwijze. Dan is het daadwerkelijk een open gesprek van de adviescommissie zelf om met elkaar dan te kijken, wat hebben we nou de afgelopen vier jaar met elkaar gedaan? Waar zijn we nou tevreden over de manier hoe we gewerkt hebben? En waar zijn we nou misschien wat minder tevreden over? Een ander punt wat, doordat we onze inbreng die we hadden voorbereid voor de vorige vergadering ook wel schriftelijk hadden doorgegeven aan
31/36
de MRDH, is dat er ook daar ambtelijk is gewerkt aan een voorstel om de werkwijze in de volgende raadsperiode van de adviescommissies te verbeteren. Ik ben er wel blij mee dat een aantal van de punten die wij ook als Lansingerland hebben gedeeld in die notitie ook zijn overgenomen. Eén van de belangrijke dingen die in dat voorstel staat is dat vanaf volgend jaar de facto er nog maar één adviescommissie is. Waarom zeg ik de facto? Het staat gewoon in de gemeenschappelijke regeling opgenomen dat er twee adviescommissies zijn. Namelijk een adviescommissie vervoersautoriteit en een adviescommissie economisch vestigingsklimaat. Waar het voorstel gaat zijn om volgend jaar alleen nog maar gezamenlijke vergaderingen van die twee adviescommissies te doen. Dat betekent de facto één adviescommissie. Dat betekent ook dat we vanuit Lansingerland, dat is ook wat makkelijker voor de personele verdeling, dat je met twee leden van de adviescommissie uit de voeten kan. Dat je niet zoals nu, twee voor de ene, twee voor de ander. Dat maakt het voor iedereen iets makkelijker. Ook een aantal andere punten die we hebben aangedragen in onze notities zijn ook overgenomen door de MRDH. We hebben nu bijvoorbeeld ook de gewoonte om nogal heen en weer te reizen tussen allerlei provincie, tussen allerlei verschillende gemeentehuizen. Dat is het doel om dat ook wat te gaan verminderen.
En ook daadwerkelijk de conversaties in de adviescommissie alleen maar te hebben over inhoudelijke zaken en niet daar eindeloze presentaties aan te horen die ook digitaal gedaan kunnen worden. Op het staartje van deze raadsperiode kunnen we hopelijk vanuit de adviescommissie wel even een goed fundament leggen om in de volgende periode de adviescommissie in te richten als een effectiever orgaan die hopelijk ook beter tegemoet kan komen aan de volksvertegenwoordigende rol die het zou moeten spelen als enige democratische orgaan binnen de MRDH. Dat gaan we volgende week nog even doen. Dat zal ik in februari ook weer aan u terugkoppelen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik weet niet of dit aanleiding geeft tot vragen? Nee. Zijn er nog andere terugkoppelingen vanuit de verbonden partijen? Nee. 10. Rondvraag en sluiting De voorzitter: Dan brengt ons dat tot punt 10, de rondvraag. Dat was de heer Duivesteijn die een rondvraag had. Gaat uw gang. De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Zoals aangegeven heb ik vragen over de verstoringen in gemeentelijke voorzieningen en diensten door gladheid en sneeuwval. We hebben totaal vier vragen over afval, gladheidsbestrijding en strooizout. Onze fractie maakt zich zorgen over de klachten van onze inwoners dat in veel wijken het afval sinds de jaarwisseling niet meer is opgehaald.
Op 7 januari berichtte de gemeente dat de afvalinzameling tijdelijk werd gestopt en 8 januari werd deze weer opgestart. Ondertussen was er tot de afgelopen maandag in veel wijken al meerdere weken niks opgehaald. Ook voordat de gemeente al berichtte dat de inzameling gestopt was. Ook is er niet gekozen voor een inhaalslag, wat in andere periodes door Renewi nog wel eens werd gedaan. Daarom de eerste twee vragen. Klopt het dat er sinds oudjaar in sommige of meerdere wijken geen afval meer is opgehaald, anders dan de berichtgeving suggereert? Wat is nu de status van de afvalinzameling en waarom is er niet gekozen voor een inhaalslag om het aangeboden afval alsnog op te halen? Dan de volgende, dan over de gladheidsbestrijding. We begrijpen dat de prioriteit van de gladheidsbestrijding ligt bij de hoofdwegen, maar de entrees van de stations en doorgaande fietspaden waren ook maandag nog spekglad. Daarom de derde vraag. Waarom worden die voet- en fietspaden niet meegenomen in de gladheidsbestrijding? Het gaat hier volgens ons niet om ingangen van kabouterhuisjes, maar om essentiële en veelgebruikte voet- en fietspaden. Dan de laatste vraag. Het uitgedeelde strooizout afgelopen zaterdag was zo succesvol dat alles voortijdig op was. Toch geeft de gemeente op social media aan dat er geen extra zoutmoment meer gaat worden georganiseerd. Daarom
32/36
de vraag, waarom wordt er geen extra zoutuitdeeldag georganiseerd en is het college bereid toch nog een extra dag te organiseren? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar de wethouder. Gaat uw gang. De heer Muis: Dank u wel, voorzitter. Fijn dat de vragen zijn gesteld, want dan kunnen we hier in elk geval met elkaar een aantal zaken verduidelijken. Het is absoluut niet zo dat er meerdere weken geen afval opgehaald zou zijn. En het is ook niet zo dat er geen inhaalslag heeft plaatsgevonden. Maar ik zal het u even in wat meer detail de vragen langslopen. Het zal u niet verbazen dat vanwege het winterse weer de routes voor de huis-aan-huisinzameling niet overal volledig uitgevoerd konden worden. Dit was in elk geval in week 2 het geval. Onder de omstandigheden wordt dan voorrang gegeven aan de inzameling van het restafval. Het GFT, het oud papier en karton en het PMD zijn op een ander moment ingezameld tijdens verschillende inhaaldagen. Daar kom ik zo op terug. Inwoners zijn hier ook over geïnformeerd via gemeentelijke kanalen. De inzameling van het restafval in de ondergrondse containers is volgens planning uitgevoerd met uitzondering van dinsdag 6 en woensdag 7 januari. Locaties waar bewoners melding over gemaakt hebben dat de containers vol waren zijn direct doorgestuurd naar Remondis.
Ook in verband met aanzienlijk aantal bijplaatsingen en dumpingen van bewoners kostte het ledigen van de ondergrondse containers extra tijd en een aantal locaties was vanwege de gladheid niet veilig bereikbaar. Die locaties zijn in week 3 meegenomen in de inzamelroutes. Dan verder over de inhaalslag. Remondis is op vrijdag 2 januari gestart met de afvalinzameling volgens de reguliere routes. Op zaterdag 3 januari heeft er een inhaalslag plaatsgevonden om de gemiste inzameling op nieuwjaarsdag en januari in te halen. Op deze dagen is er restafval, oud papier, PMD ingezameld. Een aantal straten is overgeslagen in verband met slechte of onveilige bereikbaarheid. Adressen waarbij het restafval niet is opgehaald, daar waar op dat moment mogelijk nagereden op vrijdag 9 januari. Het PMD wordt wekelijks ingezameld, is in week 2 ingezameld. Ook weer met uitzondering van die dinsdag en die woensdag. Het PMD dat in week 2 niet is ingezameld is in week 3 volgens de reguliere routes alsnog ingezameld. Dan het GFT. In week 2 is Remondis gestart met de GFT-routes. Adressen waar het niet heeft plaatsgevonden die kunnen hun GFT-container weer aanbieden tijdens de inzamelronde van week 4. Er is voor gekozen om geen inhaalronde in te plannen, omdat naast GFT-inzameling, zoals u weet, er ook nog wat kerstbomen in te zamelen waren.
De kerstbomenactie is uitgevoerd in week 2 en ook de losse kerstbomen moesten van straat ingezameld worden. U weet ook van vorig jaar waren dat er ook nog iets van 1000. Ik vermoed dat het dit jaar nog wel iets meer zullen zijn in verband met het weer. GFT is natuurlijk ook seizoensgebonden. In de winter is het aanbod normaliter erg laag. Even met uitzondering van de kerstbomen. Maar die moeten ook niet in de GFT-container, maar ernaast. Dan is deze week, in week 3, is de inzameling weer volgens de afvalkalender verlopen. Het PMD, oud papier en karton, wordt ook deze week weer ingezameld. Dit even over het afval. Dan over het strooien. Doorgaande wegen en fietspaden zijn aangegeven op de strooikaart. Die worden meegenomen in de strooiroutes. Dat wil niet zeggen dat alle fietspaden gestrooid worden. Ook niet alle fietspaden kunnen gestrooid worden. Dat heeft met het materieel te maken. Maar de doorgaande routes worden wel gestrooid. Er is altijd, als het goed is, en daar ga ik van uit, een alternatief geweest voor die fietspaden die dan niet gestrooid werden. Dan over het strooizout. De entrees bij de stations, daar is heel weinig verkeersbeweging. Dat heeft ook geen zin om daar te strooien, omdat er beweging nodig is om te zorgen dat het effect heeft. Overigens zijn de RET en ProRail verantwoordelijk voor de stations en ook de ingang van de stations.
Er zitten natuurlijk ook overlappen. Dat hebben we natuurlijk ook met provinciale wegen en andere plekken dat de anderen verantwoordelijk zijn voor die stations. Dan over het strooizout van afgelopen zaterdag, was succesvol, dat alles snel op was en een extra uitdeeldag. Ik denk dat het ook goed is om even te benoemen dat iedere inwoner zelf een verantwoordelijkheid heeft om
33/36
zijn straat te strooien. Dat dat niet overal gebeurt, dat heeft u ook kunnen zien. Er zijn ook mensen die dat met de hele buurt gezamenlijk doen. Dat is hartstikke mooi. Maar het is ook aan mensen zelf om dat te doen en ook om zelf daarvoor zout in huis te halen. De zoutuitdeeldag is een extra service van de gemeente. We zijn dat nergens verplicht. Wij doen dat wel 2 keer per jaar. Eind vorig jaar en nu hebben we dat gedaan. Misschien aan het eind van het jaar weer. Daar wordt ook op ingekocht. Vorig jaar hadden we 5 pallets, dit jaar hadden we 14 pallets. Er is ook gecommuniceerd, op is op. Het was allemaal heel snel op. Wat niet wil zeggen dat mensen dat natuurlijk niet zelf kunnen kopen. Maar het is een beetje hetzelfde als met schaatsen. Als er ijs ligt, dan is het lastig om schaatsen te kopen. Het is ook een beetje vooruitdenken. Misschien hebben mensen die eerder een zak hadden gehaald, toen er nog geen vorst was, die hebben misschien die zak gebruikt. Maar het is, nogmaals, niet de verantwoordelijkheid van de gemeente, het is een extra service. Daarmee zaten we ook met de inkoop, want het was ook nog een bezuinigingsknop in uw begroting. Als u dat anders wilt, dan kan dat. Maar het zijn apart, het zijn zakken, dat heeft u ook gezien. Dat is anders dan waar er mee gestrooid wordt. Het moet echt apart worden ingekocht.
Het is niet dat wij die hebben liggen, die moeten echt besteld worden en afgerekend worden. Dan ben ik heel blij ook dat mevrouw Draak samen met de heer Bik hebben geholpen en de medewerkers in het zonnetje hebben gezet, want ik denk dat het ook wel goed is om even nu te benadrukken dat de medewerkers van de buitendienst, die hebben in ploegendiensten een week lang continu gestrooid en geschoven, dag en nacht. Ze hebben 336.551 kilo zout gestrooid. Ongelooflijk dat het zo precies bekend is, maar dat is heel veel. Wij zijn ook uitgerukt voor meldingen voordat die van het weerbureau kwamen. Dat wordt ook bijgehouden door de medewerkers. Die houden zelf heel goed in de gaten, verschillende van u zijn wel eens mee geweest op een strooiwagen, op basis van eigen waarnemingen en de gladheidscoördinatoren is er natuurlijk ook gehandeld. Dan nog, als het 3 keer per dag sneeuwt, dan is het best lastig om dat allemaal schoon te houden. Maar volgens mij is dat een heel groot compliment waard voor de medewerkers van de buitendienst. Dank u wel. De voorzitter: Ik ga eerst even terug naar de heer Duivesteijn en dan geef ik de andere ook even de gelegenheid. Maar eerst de heer Duivesteijn. De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Bedankt, wethouder, voor de duiding. Mooi moment om dat even goed in perspectief te zetten. Onze fractie heeft niets dan lof voor de buitendiensten.
We hebben dat ook gezien. We hebben zelfs vorig jaar als raad geholpen bij het delen van strooizout. Daarom vind ik het juist bijzonder dat de begrotingsknop wordt aangehaald van strooizout. Want die hebben nu een aantal keer teruggedraaid hier als bezuiniging, omdat we dat zo belangrijk vinden als raad. Dat is waarom ook, los van of het een verplichting is of niet, hebben wij juist als raad telkens gezegd dat het belangrijk is dat we dat doen. Daarom ook de vraag, waarom kiezen we dan niet voor een extra dag? Dat we dan verwijzen naar de verantwoordelijkheid van onze inwoners, volgens mij is het duidelijk dat deze raad anders heeft besloten. Dat wilde ik nog even meegeven. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan zie ik de heer Bik. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Ook dank voor de uitleg bij de vragen die door Leefbaar gesteld zijn. Toch nog een vraag over de communicatie dan. Want klaarblijkelijk wordt er wel gecommuniceerd, we komen niet en op een bepaald moment komen we weer wel. Denkt de wethouder dat het dan nodig is om onze inwoners erop te duiden dat ze bijvoorbeeld gewoon een PMD-zak een dag langer in hun schuur of onder hun afdak kunnen laten staan in plaats van dat ze hem aan de paal hangen en daarmee het straatbeeld vervuilen? Zo zijn er nog een aantal andere zaken waarvan ik denk, dat kan prima, denk ik,
34/36
met wat gezond verstand worden opgelost. Laat onverlet dat het natuurlijk gewoon vervelend is dat het vuil niet kan worden opgehaald. Graag nog een reflectie van de wethouder daarop. De voorzitter: Ik ga eerst maar even nog naar de heer Van den Beukel. Gaat uw gang. De heer Van den Beukel: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit me van harte aan bij de complimenten. Mijn vraag gaat ook even door op het onderwerp gladheidsbestrijding. Onze collega Krieger heeft er gisteren ook technische vragen over gesteld. We wachten rustig de beantwoording af, daar gaat het niet om. Maar voor de openbaarheid, waardering ook voor de vragen van collega Duivesteijn, zou het een overweging kunnen zijn om even te kijken naar de strooiroutekaart? We hebben al veel documenten in dit huis. Ik heb weer een nieuw woord geleerd. Want de vraag die ik nu wel even wilde stellen is dat onze indruk was dat de dorpscentra, winkelcentra, niet gestrooid werden, omdat ze ook niet op de kaart staan. In Berkel Centrum hebben mensen onder andere te maken gehad met grote gladheid. Echt in de winkelgebieden. Klopt het dat die niet op de kaart staan? Zijn ze misschien alsnog wel meegenomen, dan buiten ons medeweten? Misschien zou het een idee zijn, aan de collega's, om eens te kijken naar die strooiroutekaart.