CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV26.0008] Verslag CIE AB d.d. 14 jan 2026

Commissie Algemeen Bestuur 4 februari 2026, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering22.450 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VERSLAG Commissie Algemeen Bestuur

Corsanummer Datum vergadering

: BV26.0008 : 14 januari 2026

Aanwezig in de raadszaal Commissieleden Leefbaar 3B : Terry Duivesteijn, Johan Philippens WIJ Lansingerland : Mark Bik, Ton Jansen CDA : Jan-Willem van den Beukel, Wouter de Ruiter, Job Halkes VVD : Matthijs Machielse, Ed van Santen D66 : Erik Jonker, Brecht Weerheijm CU : Kees-Willem Markus, Bram Oostdijk GroenLinks : Marko Ruijtenberg PvdA : Nanno Scheringa, Sonnie Biharie, Valmir Xhemaili Burgemeester Wethouders

: Rik van der Linden : Michiel Muis

Voorzitter Commissiegriffier

: Jan Jumelet : Lianne van den Houten

Afwezig VOOR Lansingerland : Petrine van Olst GroenLinks : Manon van Splunter VVD : Nathalie van Bakel D66 : Bert Bakker PvdA : Hamid Azzouzi 1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goedenavond, beste mensen. Als iedereen zijn plek in wil nemen. Ik zie weer een aantal nieuwe gezichten ten opzichte van de beeldvorming die we net hadden. Ook welkom. We gaan nu starten met de commissie Algemeen Bestuur. Toch ook een beetje een bijzondere avond, als ik het zo mag zeggen. We hebben in ieder geval een nieuw gezicht in ons midden. Burgemeester, welkom. Nieuw in de commissie Algemeen Bestuur. Het is bijna voor sommigen al een beetje een vertrouwd gezicht. Wat dat betreft is het ook wel weer goed. Maar we gaan ook vanavond afscheid nemen van iemand. De heer Xhemaili, die na vanavond ons gaat verlaten om in Gouda te gaan wonen. Daar komen we aan het einde van de vergadering nog wel even op terug, als u het goed vindt. Mijn vraag is om ook niet eerder weg te gaan, want anders dan hebben we van alles voor niks voorbereid. Dat zou ook jammer zijn. Ik heb in ieder geval een melding van afwezigheid van mevrouw Van Splunter, mevrouw Biharie, mevrouw Van Olst. Dat waren de mededelingen volgens mij. Mevrouw Biharie komt toch, maar die is later. Dan gaan wij naar, de opening van de vergadering en de mededelingen hebben we gehad. 2. Inspreker(s)

1/36

De voorzitter: Insprekers hebben zich niet gemeld vanavond. 3. Vaststelling verslag vorige vergadering De voorzitter: Dan komen wij toe aan agendapunt 3 van de agenda. Dat is vaststelling van het verslag van de vorige vergadering. Daar zijn ook geen opmerkingen binnengekomen bij de griffie. Die stellen wij ongewijzigd vast. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Dan komen wij bij de vaststelling van de agenda en inventarisatie van de rondvragen. Ik zie dat de heer Ruijtenberg, waarschijnlijk rondom de vaststelling van de agenda, iets heeft. Gaat uw gang. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Dat klopt inderdaad. Ik wilde graag iets hebben over de vaststelling van de agenda. Het heeft ons op voorhand al een beetje bevreemd namelijk dat we op één avond zowel een beeldvorming kregen over iets en dat we onmiddellijk ook moeten overgaan naar de oordeelsvorming. Daar zit normaal gesproken meer tijd in. We hebben een goede beeldvorming gehad, maar er zijn toch een aantal vragen uitgekomen waarvan wij denken, daar willen we wel iets nader op ingaan en iets meer over nadenken. Ik noem puntjes zoals aanbesteding, ik noem het feit dat het toch niet besproken is met de adviesraad sociaal domein. Nog wat andere dingen. Daardoor verzoek ik om dit agendapunt door te schuiven naar februari.

Die agenda is niet heel erg vol en daar is wel ruimte bij. Dan voldoen we nog steeds aan de wens van het college om het voor de verkiezingen te behandelen, zodat ze ermee aan de slag kunnen. Er vloeit geen bloed uit en we hebben iets meer tijd om gewogen en gedragen besluiten te nemen, waarvan wij denken dat dat de participatie ten goede komt. De voorzitter: Voordat ik naar de wethouder ga, om eerst even een reflectie op uw vraag te geven, hecht ik er toch aan om, want toen was u nog net niet binnen, volgens mij, bij de beeldvorming. Het is inderdaad een bijzondere omstandigheid dat we vanavond de beeldvorming hebben en de commissievergadering, maar dat heeft alles te maken met het feit dat vorige week de omstandigheden dermate waren dat het onverantwoord was om u te laten reizen naar dit huis. Dat is natuurlijk de uitzonderlijke situatie. Maar te doen gebruikelijk, daar heeft u gelijk in, dat er tijd zat tussen de beeldvorming en de commissie. Ik denk dat wij vorige week als presidium een wijs besluit genomen hebben. Desalniettemin een hele relevante vraag en ik kijk even naar de wethouder of hij als eerste wil reflecteren op het feit of het bezwaarlijk zou zijn om het door te schuiven naar de volgende commissievergadering en ook de raadsvergadering. De heer Muis: Dank, voorzitter.

Het is niet bezwaarlijk om het door te schuiven naar, over een paar weken is dat dan al, want het is al begin februari. Volgens mij is dat niet bezwaarlijk. Tegelijkertijd, die stukken zijn natuurlijk ook eerder gepubliceerd. Het is wat u wilt. Het is niet heel nieuw beleid wat u vaststelt. Het is een juridische verordening waar we een aantal zaken bestendigen. Maar als u daar tijd voor nodig heeft om daar nog eens goed over na te denken, dan is het aan u. De voorzitter: Ik kijk even de commissie rond. Zeggen wij met elkaar … Eerst de vraag stellen voor dat antwoord. De vraag is, gaat u mee met het voorstel van de heer Ruijtenberg om dit agendapunt een maand te verschuiven? Dat is naar de volgende commissie Algemeen Bestuur te verschuiven en ook naar de volgende raad in februari. Ik ga eerst naar de heer Machielse.

2/36

De heer Machielse: Dank u, voorzitter. An sich geen enkel bezwaar tegen het verzoek van de heer Ruijtenberg. Maar ik hecht er dan wel aan dat de heer Ruijtenberg en andere leden die daadwerkelijk nog vragen hebben of zaken verduidelijkt willen hebben, dat dan bij voorkeur even in schriftelijke, technische vragen doen, zodat we dan daadwerkelijk in de voorbereiding van 4 februari ook kunnen lezen wat verduidelijkt is, wat mogelijk nu onduidelijk is, want anders wordt het een nogal ondoorzichtig proces. In ieder geval voor mijn fractie. De voorzitter: Helder. Ik ga naar de heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Zoals de wethouder ook aangeeft, inhoudelijk gezien is er geen man overboord als het wordt uitgesteld. Wat ik me wel afvraag, er werd ook net gesteld tijdens de beeldvorming, dat als er nog een aantal vragen nog onduidelijk waren, dat die misschien zo meteen door de beantwoording van het college tijdens de commissiebehandeling nog beantwoord zouden kunnen worden. Er zitten ook nog twee weken tot de raadsvergadering. Als er dan, zelfs na deze behandeling, nog technische vragen blijven liggen, dan kunnen die altijd ook nog technisch op papier gesteld, op papier beantwoord worden, op tijd. Ik zie persoonlijk niet echt in hoe we volgende maand een andere informatiepositie hebben dan nu.

De voorzitter: Maar zegt u tegen of voor het voorstel van de heer Ruijtenberg? De heer Weerheijm: Tegen het voorstel van de heer Ruijtenberg. De voorzitter: Helder. Dan ga ik naar de heer Bik. De heer Bik: Voor het voorstel. De voorzitter: Helder. Dan ga ik naar de heer Halkes. De heer Halkes: Steun voor het voorstel van de heer Ruijtenberg. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Scheringa. De heer Scheringa: Wij steunen het voorstel. De voorzitter: Dan ga ik naar Leefbaar 3B. Gaat uw gang. De heer Philippens: Geen bezwaar, voorzitter. Voor het voorstel. De voorzitter: Dan mis ik alleen nog de ChristenUnie volgens mij. Mijnheer Oostdijk. De heer Oostdijk: Ik moet eerlijk bekennen dat ik wel wat zit te dubben. Ik heb zelf natuurlijk nogal wat vragen gesteld. Tegelijkertijd zijn die vragen voor mij, heb ik begrepen ook uit het overleg wat net even heeft plaatsgevonden tussendoor, niet dusdanig zwaar dat ze niet voor de raad technisch-juridisch beantwoord zouden kunnen worden. In die zin hoeft het voor mij niet per se doorgeschoven te worden. Maar we gaan er ook niet voor liggen. De voorzitter: Dan constateer ik dat een meerderheid van deze commissie voor het van de agenda halen van nu is en het door te schuiven naar de volgende commissievergadering. Dan wil ik wel inderdaad, wat de heer Machielse meegaf, graag ook wel dat het allemaal wel via de schriftelijke ronde gaat.

Zodat het ook duidelijk is voor iedereen wat nou de vragen en

3/36

antwoorden zijn, zodat we niet over drie weken in dezelfde informatiesituatie zitten. Ik zie de heer Ruitenberg nog eventjes. De heer Ruijtenberg: Ik zou bijna aan u en aan de heer Machielse een toezegging willen doen dat dat voor elkaar gaat komen. Maar dat kan geloof ik niet. De voorzitter: U oefent al op misschien een nieuwe rol in de volgende periode. Dan stel ik vast dat wij de agenda iets aanpassen en dat punt 6.d van de agenda gaat en naar de volgende commissie overgaat in februari. Is daarmee de agenda vastgesteld? Dan kijk ik even rond. Dan heeft de heer Duivesteijn een rondvraag ingediend. Misschien kunt u even kort duiden waar de rondvraag over gaat. De heer Duivesteijn: Dank u, voorzitter. Niet alleen beeldvormingen zijn doorgeschoven, maar ook de afvalinzamelingen in Lansingerland. Het gaat om enkele verstoringen in de gemeentelijke voorzieningen waar wij vragen over hebben. De voorzitter: Helder. 5. Bespreekpunten 5.a Lidmaatschap M50 - ingebracht door WIJ Lansingerland De voorzitter: Dat brengt ons tot agendapunt 5, de bespreekpunten. Er is een bespreekpunt ingebracht door WIJ Lansingerland, de heer Bik, over lidmaatschap van de M50. Ik neem aan dat u dat nu toe zult lichten, zodat iedereen weet wat M50 is. Gaat uw gang. Eerste termijn De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Ik heb natuurlijk het bespreekstuk met de commissie gedeeld.

Ik zal in mijn eigen woorden daar nog een toelichting op geven waarom we het hebben ingediend en waarom wij denken dat het een goed idee is om daar lid van te worden. Allereerst wil ik mijn dank uitspreken aan de griffie, en in het bijzonder Lise van Gennip en Lianne van den Houten, voor de ondersteuning rondom dit bespreekstuk en de voorgaande stappen, waaronder de beeldvorming. Op 19 november hebben we als raad een beeldvormende avond gehad over het samenwerkingsverband M50. Met dank aan wethouder Van Veller van Leidschendam-Voorburg en wethouder Metaal van Winterswijk voor hun inbreng. We kregen toen een helder beeld van wat dit netwerk is en vooral wat het ons als gemeente Lansingerland kan opleveren. M50 is een landelijk netwerk van middelgrote gemeenten tussen de 30.000 en 80.000 inwoners ongeveer. Met inmiddels ruim 75 leden. Die 50, give or take, zullen we maar zeggen. Maar die vertegenwoordigen wel 7 miljoen Nederlanders. De M50 zet zich in om de belangen van middelgrote gemeenten krachtig te laten horen en elkaar te versterken met kennis, contacten en gezamenlijke invloed. Ze hebben een sterke lobby richting de VNG en richting Den Haag. Onder meer door een partnerschap met Platform31, wat een kennispartner is, en Meines Holla. Niet te verwarren met het sprookje. Meines Holla voert lobbygesprekken met Kamerleden en ministeries.

Lansingerland is de afgelopen jaren flink groter geworden en we zijn niet meer alleen het dorp van vroeger. Al proberen we natuurlijk allemaal dat karakter wel te behouden. Maar we zijn ook een groeiende gemeente met vraagstukken die ook passen bij middelgrote steden. Groot genoeg om veel verantwoordelijkheid te dragen, maar klein genoeg om dicht bij onze inwoners te blijven. Juist daarom is het waardevol om aan te haken bij een netwerk dat zegt, Den Haag, betrek ons bij de plannen en kijk niet alleen naar de grote steden. De kracht van de M50 zit niet alleen in de belangenbehartiging, maar ook in de praktische samenwerking. Gemeenten helpen elkaar met kennisdeling, inspiratie en

4/36

contactlijnen. Een mooi concreet voorbeeld daarvan werd genoemd in de beeldvorming, waarbij de gemeente Roermond en de gemeente Leidschendam-Voorburg samen optrekken rondom de verkeersproblematiek bij de outlet in de Roermond en The Mall of the Netherlands in Leidschendam-Voorburg. Dat zijn precies van die contacten waar je als gemeente echt wat aan hebt. Niet telkens het wiel opnieuw hoeven uitvinden, maar leren van anderen die dezelfde dilemma's al hebben gehad. Voorzitter, op basis van deze beeldvorming en de gesprekken die daarna gevoerd zijn lijkt het onze fractie een goed idee dat Lansingerland toetreedt tot dit netwerk. Niet omdat lidmaatschap een doel op zich is, maar omdat het ons helpt om slimmer te werken, sneller kennis op te halen en samen met andere middelgrote gemeenten sterker te staan op dossiers die ons raken. Laten we ook realistisch zijn over de randvoorwaarden. De investering is overzichtelijk. Het vraagt geen grote ambtelijke organisatie of ambtelijke kracht aan onze kant en de jaarlijkse bijdrage is 6.500 euro. Ik heb een aantal vragen aan de commissie gesteld. Ik hoop dat daar dadelijk een antwoord op komt. Mijn oproep aan de commissie is helder, als we vinden dat Lansingerland mee moet praten en mee moet tellen, dan hoort daar ook bij dat we ons aansluiten.

Ik hoop van ganser harte dat we na deze bespreking met elkaar kunnen bepalen dat we in de raad een motie vreemd gaan indienen om dit vorm te geven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga als eerst naar de heer Markus. De heer Markus: Ik had een interruptie, voorzitter. Helder bespreekpunt, maar er zijn namens WIJ Lansingerland ook vragen ooit over gesteld, de M50. Toen heeft het college geantwoord, we hebben geen capaciteit, zowel bestuurlijk als ambtelijk niet, en we zien de voordelen niet. Ik neem aan dat die reactie niet veranderd is, maar toch ligt het bespreekpunt voor met de vragen aan de commissie. Kunt u even de relatie tussen het bespreekpunt en de beantwoording van het college leggen, of weerleggen wellicht? Ik ben wel even benieuwd wat het antwoord is. Dat is, denk ik, ook helder. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Bik. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Als ik kijk, het idee is geboren tijdens de introductie van Jules Bijl in de fractie. Die vroeg, zijn jullie lid van M50? Toen heb ik daarop schriftelijke vragen gesteld. Toen heb ik, denk ik, een antwoord gekregen zoals wij er altijd naar hebben gekeken. Ik denk dat gedurende de beeldvorming en de nieuwe inzichten, of er wat meer verdiepend naar gekeken hebbende, heb ik het idee dat er wel wat meer ruimte is en open wordt gestaan voor een dergelijke constructie. De voorzitter: Dank u wel.

Ik ga naar de heer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel. Ik had ook nog een interruptie op de heer Bik. Ik ben bij de beeldvorming geweest en er werd voornamelijk inzet gevraagd van het college. Zoals u ook weet hebben wij 18 maart verkiezingen en moet het uitgevoerd worden door een nieuw college. Ik snap dan niet goed, wat is dan het argument om dit nu te behandelen en het niet in een nieuwe raad te doen met een nieuw college wat uiteindelijk de actieve participatie mee zou moeten doen met deze commissie? De voorzitter: Ik ga nog een keer terug naar de heer Bik. De heer Bik: Ik ben gekozen tot 18 maart. Ik ben er al meer dan een half jaar mee bezig om dit van de grond te krijgen. Sommige dingen, ook goede dingen, hebben tijd nodig. Het lijkt mij juist een mooi cadeautje voor het nieuwe college dat ze aan een netwerk kunnen deelnemen waar ze wat aan hebben.

5/36

De voorzitter: Helder. Ik ga voor de eerste termijn naar de heer Duivesteijn. Of had u ook nog een interruptie? U gaat voor de eerste termijn. Gaat uw gang. De heer Duivesteijn: Dank u, voorzitter. Ik ga voor de eerste termijn inderdaad. Ik wil graag de fractie van WIJ Lansingerland bedanken voor het organiseren van de beeldvorming en het agenderen van het bespreekstuk. Onze fractie kon er helaas niet bij aanwezig zijn, maar uiteraard heb ik die teruggekeken. Ik vond het goed georganiseerd en ik werd heel enthousiast van die beeldvorming. Zeker van de bestuursleden die daar kwamen, of de wethouders die die club kwamen toelichten. Deelname aan de M50 lijkt ons dan ook een goed idee. Er zitten veel gemeenten in het netwerk waar Lansingerland goed kennis mee kan delen en ophalen. En veel gemeenten in de buurt, zoals Pijnacker-Nootdorp, Waddinxveen, Maassluis, Barendrecht, Zwijndrecht en Vlaardingen, als ik de website moet geloven. Maar ik hoorde ook in de beeldvorming dat de website verouderd was. Dat weet ik niet zeker. Er werden ook goede voorbeelden genoemd van het tegenwicht tegen de G40 voor het verkrijgen van Rijksgelden. Dan is de fractie van Leefbaar 3B altijd enthousiast. Wat ons betreft worden we dan ook lid van die club. De kosten zijn lager, volgens mij is duidelijk ook gesteld, de investering qua tijd is echt wat je er zelf van maakt.

Ik denk dat het inderdaad een mooi cadeautje zou zijn, juist aan het nieuwe college, dat ze gelijk kennis breed kunnen ophalen. Want niet alleen in Lansingerland zijn verkiezingen, maar ook in die andere gemeenten. Ik denk dat dat netwerk zich ook snel gaat roeren. Wel stelt de fractie van Leefbaar 3B voor dat we niet gelijk een voorzitter of bestuurder gaan leveren, want ik hoorde dat er een vacature is voor voorzitter. Laten we dat vooral niet doen. Eerst een tijdje gaan rondkijken. Op alle drie de vragen is ja, prima en ja. Dat was mijn woordvoering. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Markus, ik neem aan voor uw termijn. Ik vraag het maar voor de zekerheid. De heer Markus: Ik hou u nog even scherp, voorzitter, deze laatste vergaderingen. De M50, eerst dacht ik dat het over een boutmaat ging, maar gelukkig bleek het meer te zijn dan dat. We waren inderdaad ook wat sceptisch, want dan heb je binnen de VNG nog een clubje erbij. Maakt dat het er nou allemaal heel veel beter op? In die zin konden wij in eerste instantie de reactie van het college ook wel voorstellen. Maar de presentatie was goed dat die georganiseerd was. In die zin ook een goede beeldvorming, om even scherp te zien wat zo'n club nou voor je kan betekenen. Dat heeft ons beeld doen veranderen. Dat om meerdere redenen. A, de kosten zijn laag. Dat is natuurlijk op zich geen reden om het per definitie te doen.

Maar ze gaven ook aan, als je even wat minder tijd hebt, dan steek je er wat minder energie in. Dan krijg je er misschien ook wat minder uit. Je kan het ook wat fluctueren qua inzet. Daarnaast werden er best wat mooie resultaten ook gedeeld die ze met elkaar vonden. Ik denk dat het ook een goed netwerk is om met gelijkgestemde gemeenten op een mooie manier met elkaar wat af te stemmen. Zie het als een mooie netwerkbijeenkomst. En een netwerkbijeenkomst van vijf, zeshonderd euro per jaar, die vind je niet heel veel in Nederland. Dat is denk ik goed betaalbaar. Wat ons betreft ook prima. Even in reactie op PvdA, is dat niet over je graf heen regeren? Ik word altijd een beetje allergisch daarvan. We zijn gewoon gekozen bestuurders hier. We stoppen niet. De wereld stopt niet. En nu ook niet. We moeten ook gewoon verder met besluiten nemen. Wat ons betreft gaan we hiermee door. Ik zou, dat is dan niet meer voor mij, maar ergens richting het volgende jaar moeten jullie dat maar in een begroting fietsen om dat voor elkaar te krijgen. Maar dat gaat vast goed komen. De voorzitter: Ik zie dat er een interruptie is van de heer Scheringa.

6/36

De heer Scheringa: Dank u wel. Ik zie het uiteraard niet als over uw graf regeren. Ik snap best dat u nou gekozen bent. Ik vraag me af alleen, u geeft dit als cadeautje aan het nieuwe college. Het nieuwe college moet het gaan uitvoeren. Misschien kunt u ook gewoon de keuze van het nieuwe college laten als suggestie geven, dit was een goed punt. Ik snap niet waarom u zegt dat het over uw graf regeren is. Het kan toch gewoon een suggestie zijn? De voorzitter: Ik neem aan dat het nog een vraag was aan de heer Markus. De heer Markus: Of het nou over je graf heen regeren of een cadeautje is, dat weet ik niet. Maar ik vind het gewoon verstandig als we van die club lid worden. Dat is dan mooi dat een volgend college daar vast mee aan de slag kan. Laten we het daar dan maar even op houden. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even verder. Mijnheer Jonker, gaat uw gang. De heer Jonker: Dank u wel, voorzitter. Allereerst denk ik dat het een hele goede beeldvorming was over dit onderwerp. Ik wil ook de heer Bik bedanken voor zijn bijdrage, want bijna alle punten die hij noemde, had ik ook in mijn bijdrage staan. Daar kan ik van harte mee instemmen. Ik kan ook alle vragen ronduit met ja beantwoorden. Om nog even in te gaan op de discussie die werd gevoerd.

Ik denk dat het vooral belangrijk is in tijden van bezuinigingen, die komen er gewoon aan, als wij onder druk komen te staan is het belangrijk dat we een netwerk hebben van gemeenten waar we op zoek kunnen naar mensen die met dezelfde problemen zitten als wij. En waar we verbinding kunnen leggen, onze kennis kunnen uitbreiden. In die zin, het gaat, als het goed is, juist ons veel opleveren in plaats van ons capaciteit kosten. Ik ben niet zo bevreesd voor het capaciteitsbeslag. Ik denk dat het ons meer kan opleveren dan het ons gaat kosten. Daar wil ik het voor nu bij laten. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Halkes van het CDA. De heer Halkes: Dank u wel, voorzitter. We willen de heer Bik van WIJ Lansingerland danken voor het inbrengen van dit bespreekstuk. Voor het CDA Lansingerland is het belangrijk dat wat wij hier doen het beste is voor onze gemeente. De vraag is of een nieuw samenwerkingsverband als de M50 de inwoners van onze gemeente echt gaat helpen. We hebben al de VNG, de MRDH en diverse regionale samenwerkingsverbanden, op het gebied van glastuinbouw bijvoorbeeld. We zien positieve kanten aan het samen optrekken, maar zijn ook kritisch, want dit gaat wel uren en geld kosten. Iets waar het college zelf eerder ook al op wees. Kortom, wij zijn nu wel even benieuwd hoe het college tegen dit lidmaatschap aankijkt en waar zij de voordelen in zien.

Daarna zullen wij onze gedachten op maken. De voorzitter: Mooi, dan ga ik naar de heer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Als eerste, de beeldvorming was zeer plezierig, daar niks aan af te doen. Bedankt voor het organiseren, mijnheer Bik. Wij vinden het op zich prima om hier lid van te worden. Maar wij zeggen, laat dit gewoon aan een nieuw college. Eén van de lessen in de beeldvorming was ook, om er echt wat uit te halen, moet je er ook dingen in stoppen. Dat is gewoon tijd. Ik denk, laat een nieuw college zeggen, college, dit kunt u doen als u dat wilt. Daar moet u wel tijd in stoppen om er echt waarde uit te halen. Als u dat niet denkt dat dat nuttig is, dan doet u dat niet. Laat dat vooral aan het college, denk ik, dat te zijner tijd komt. We weten geen van allen wat dat college, wie dat zal zijn. De investering, die 6.500 euro, daar kunnen we nog wel overheen komen. Het

7/36

lijkt ons op zich prima om dat te doen, maar laat dat gewoon aan het nieuwe college. Als advies misschien, het is goed, maar nieuw college. Die moeten het uiteindelijk gaan uitvoeren, laten we hun ook beslissen, zou ik denken. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Net als de collega's van de PvdA zien we als GroenLinks natuurlijk vele voordelen in het samenwerken. Maar dan moet je ook wel het idee hebben, die samenwerking levert echt ook iets op. Op dit moment zie ik nog niet zozeer, wat levert de M50 ons op, wat het VNG ons niet ook al op kan leveren? Daar heb ik nog een beetje vraagtekens over. De kosten, dat is gewoon klein bier, dat is het geld niet. Daar hoef je het niet voor te laten. Alleen ik vraag me af, wat gaan we doen? Stel nu even, de bevolkingsprognose die zegt dat we ergens tussen 2030 en 2050 meer dan 80.000 inwoners hebben. Gaan we dan weg uit de M50 en worden we dan lid van een andere club? De voorzitter: Ik ga u onderbreken voor een interruptie van de heer Jonker. De heer Jonker: Ik vroeg me af of u bij de beeldvorming was? De heer Philip van Veller had een heel mooie uitleg over wat de toegevoegde waarde was. Namelijk dat je juist thematische groepen had waar je je bij aan kon sluiten, dat je dan vervolgens een verbinding kon leggen met andere gemeenten.

Diezelfde thematische groepen bestaan niet binnen de VNG en zeker niet voor gemeenten van gelijke omvang. Die toegevoegde waarde was voor mij inhoudelijk tamelijk helder. Voor u niet? De voorzitter: Die laatste toevoeging is heel verstandig. Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: U stelt twee vragen daarin voor de plaats van één. De eerste vraag die zal ik beantwoorden. Was u bij de beeldvorming? Nee, ik was niet bij de beeldvorming. Maar de heer Scheringa, die was er wel namens GroenLinks/PvdA. De tweede vraag is, ziet u daar de meerwaarde in? Op dit moment heb ik niet het idee dat wij echt heel veel gemist hebben door niet lid te worden van een club als de M50. Aan de andere kant, misschien heb ik het mis. Net als de heer Halkes wacht ik met grote smart op de beantwoording van het college. Als zij zeggen, dit is echt, je bent gek als je het niet doet, dan gaan we volop mee. De voorzitter: Misschien dat u overtuigd wordt. Dank u wel. Mijnheer Machielse, gaat uw gang. De heer Machielse: Dank u wel, voorzitter. Het is nog helemaal niet zo heel erg lang geleden dat we als VVD aan het pleiten waren voor grenzen aan groeien, om eens te zeggen, 75.000 of zo, dan kunnen we onze inwoners verder groene ruimte geven. Het is prettig dat de WIJ Lansingerland, de heer Bik, nu ook voorstelt, een samenwerking tot 80.000 en daarna zien we wel weer verder.

We vinden elkaar nog wel een keer. Puur inhoudelijk, voorzitter, op die 3 vragen. Ja, we zien zeker toegevoegde waarden van een samenwerkingsorgaan als de M50. Ook het geld lijkt ons niet het probleem. We zijn zeker voorstander van deelnemen aan deze samenwerking. Dan kom je, als je een beetje knopen kan tellen, al gauw tot de conclusie dat dat waarschijnlijk wel zal gaan gebeuren. Wat de VVD betreft ook spoedig, we hoeven niet te wachten. Ik wil de vraag aan het college wat anders formuleren. Wat gaat u dan concreet doen? Want u krijgt van een ambitieuze raad de opdracht om lid te worden van de M50 en u daar actief te gaan opstellen. Hoe gaat u daar invulling aan geven, best college? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij hebben wij alle partijen gehad. Dat betekent dat wij voor de eerste termijn naar het college gaan, naar de burgemeester. Gaat uw gang.

8/36

Beantwoording college De heer Van der Linden: Dank u wel, voorzitter. Is het goed gebruik hier dat bij een eerste woordvoering je niet wordt geïnterrumpeerd? Spijtig. Dank. Dank ook voor de opmerkingen die zijn gemaakt, die ook goed passen bij wat in de beeldvorming kennelijk is besproken. Ik heb daar een deel van gezien. Er zijn een paar concrete vragen gesteld en ook een paar algemene. Ik begin even bij de laatste vraag van de heer Machielse, wat gaat u doen? Een aantal van u zegt, we weten niet zeker wat de toegevoegde waarde is op dit moment. Kunnen we daar wat meer over te weten komen? Dat in combinatie met de vraag, moet je nu lid worden of kan het ook wat later? Ik zou me kunnen voorstellen, want ik neem aan dat een volgende stap is, via een motie vreemd dit besluit nemen. Of in ieder geval de afweging maken. Ik kan me voorstellen dat je zegt, word alvast lid. Want kennis delen is natuurlijk sowieso iets dat gemeenten allemaal doen en altijd beter kunnen doen. In mijn vorige bestuurlijke leven ben ik als portefeuillehouder ook deelnemer geweest van een aantal netwerken waar je ook wel een beetje aan lobbyen deed, maar vooral heel veel kennis uitwisselde waar je ontzettend veel aan had. Dat vereist wel een lidmaatschap, ook al deed je er verder niet zoveel mee. Dat zou hier ook kunnen.

Wat me sowieso logisch lijkt is op het moment dat er een nieuw college is, dat je dan de afweging maakt, welke thema's gaan we de komende maanden, jaren, heel erg op lobbyen of samenwerking zoeken of kennis ontwikkelen die we nu nog niet hebben? Dat zou dan ook kunnen leiden tot een afweging wat je bijvoorbeeld binnen de M50 gaat zoeken. Welke duo's of trio's of groepjes ga je dan naar op zoek? Het is een soort tweestapsmodel, denk ik. Lid worden kan altijd, kennis uitwisselen kan altijd. En goed onderscheiden wat je nodig hebt aan informatie die je zelf niet hebt, maar die je vermoedt bij de andere 70 leden van de M50 te kunnen vinden, dat is een goed idee. Dat zou ik dan, mocht u daartoe besluiten, als tweestapsmodel willen zien. De voorzitter: Ik ga u toch even onderbreken. Ondanks dat het uw maiden speech is, zou ik de heer Ruijtenberg even de gelegenheid willen geven. De heer Ruijtenberg: Sorry, mijn excuses zou ik bijna willen zeggen. Kunt u dan zeggen wat voor informatie u nu denkt te missen? Of kennis die u nu denkt te missen? Want dit is nog niet heel erg concreet. De voorzitter: De burgemeester. De heer Van der Linden: Ik kan nu niet zeggen wat we missen. Ik kan wel refereren aan een andere groep waar we in Dordt bijvoorbeeld lid van waren. Elke gemeente doet aan verkeer en aan parkeren en aan OV.

Maar door heel veel uit te wisselen en ook te ontdekken, wacht eens, wij zitten voor bijvoorbeeld digitalisering parkeerproducten. Dat hadden we in Dordt. Er zijn een aantal gemeenten die hebben daar ervaring mee op gedaan. Dan kun je daar de contacten mee hebben en de kennis over uitwisselen. En ook een paar valkuilen voorkomen die daar gemaakt zijn. Dat geldt voor elk onderwerp. Of het gaat het over bodem, of over woningbouw, of over energievoorziening, netcongestie. Dat zal zeker kunnen helpen. Ik denk wel dat we heel erg goed moeten zoeken in zo'n hele gemêleerde groep als die M50 is. Want ik heb ook even gekeken, ik weet niet zeker of de site helemaal klopt. Maar er zitten gemeenten bij die op basis van omvang vergelijkbaar zijn met Lansingerland, maar misschien een heel andere positie innemen in hun regio. Of helemaal, bijna centrumgemeenten zijn in een heel leeg gebied. Er zijn ook een paar hele kleine gemeenten die in gebieden liggen waar we ook niet zoveel connectie mee hebben, die misschien qua samenstelling weer heel erg lijken op Lansingerland. Je moet wel even heel goed kijken wat logische contacten zijn die je dan gaat opbouwen. Dan ga ik even door naar een andere opmerking, we zijn ook lid van de VNG. VNG is natuurlijk net een iets ander

9/36

soort organisatie. Ook daar heb je natuurlijk allerlei momenten om kennis uit te wisselen, maar het is wel een iets andere organisatie. Die ook voor het lobbywerk richting het Rijk bezig is. Dan kom ik terug op één van de eerste opmerkingen, laten we lid worden van de M50, want anders doet de G40 een extra greep in mogelijke middelen. Ook bij de G40 heb je ooit het debat gehad, we moeten ons wel goed profileren, anders gaat de G4 er altijd met de buit vandoor. Dat is ook reden geweest, denk ik, dat de K80 is opgericht, om meer zichtbaarheid te krijgen voor de echt kleine gemeenten. En ook een reden geweest voor de P10, de hele grote in oppervlak, maar niet centrumachtige plattelandsgemeenten. Je zou alleen op basis daarvan al kunnen zeggen, probeer profiel te pakken juist op zulke soort thema's, in zulke soort groepen, om te zorgen dat je in ieder geval niet de wedstrijd die dan plaatsvindt, als je niet meedoet, win je sowieso niet. Ik denk dat ik stiekem alle vragen beantwoord heb. De voorzitter: Dan gaan wij de tweede termijn van de commissie doen. Wellicht dat er nog iets is blijven liggen, maar dat horen we vanzelf. Mijnheer Bik, gaat uw gang. Tweede termijn De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Ook dank aan alle collega's voor de reacties op het bespreekstuk en ook hun visie en meningen. Ik wilde graag nog een paar dingen toelichten die in de reacties zijn voorbijgekomen.

Als we groter worden, gaan we dan weg uit de M50? De M50 is zo'n warm bad, daar mag je blijven totdat je niet meer wilt. Daarnaast staat er ook een hek om de G40. Daar is wel voor gekozen om daar geen gemeenten meer tot toe te laten. Voor wat betreft de rol van de VNG in vergelijking met de M50, ook de M50 heeft een hele stevige lobby in de VNG. Die hebben er ook voor gezorgd dat de vicevoorzitter van de VNG op dit moment een burgemeester van een middelgrote gemeente is geworden, te weten, Doetinchem, waardoor de invloed van de middelgrote gemeenten ook weer toeneemt in dat gremium. Als dat nog wat mensen over de streep kan trekken, hopelijk. Ik ben voornemens, of onze fractie is voornemens, om een motie vreemd inderdaad in te dienen voor de volgende raadsvergadering. Met wel de boodschap dat we graag willen dat die per direct wordt geëffectueerd. De voorzitter: Voordat u klaar bent, ik heb nog een interruptie van de heer Halkes. De heer Halkes: Ik heb een vraag voor de heer Bik. Zou het mogelijk zijn om in die motie vreemd iets van een evaluatiemoment in te plannen? Dat we zeggen, jaarlijks kijken wat het lidmaatschap ons heeft opgeleverd. De voorzitter: Mijnheer Bik. De heer Bik: Ik denk dat dat een wijze toevoeging is. Ik vraag me dan alleen af wat voor termijn we daaraan moeten verbinden.

Maar een vorm van evaluatie lijkt me zeker een goede aanvulling, of een goed onderdeel, van de motie vreemd. De voorzitter: Ik kijk even de commissie rond. Ik kijk eerst even naar Leefbaar 3B. Mijnheer Duivesteijn. De heer Duivesteijn: Dank, voorzitter. Onze fractie was al enthousiast en is door het toekomstig lid van het college nog enthousiaster geworden om lid te worden. We zien die motie vreemd graag tegemoet. Als u ons daarbij wilt betrekken, dan hoor ik het graag. De voorzitter: Ik kijk even naar de heer Markus.

10/36

De heer Markus: Voorzitter, dank u wel. Heldere beantwoording. Ik denk een mooie toevoeging. We hebben volgens mij heel vaak in deze commissie, en ook in andere commissies, aangegeven, zoek eens hulp bij andere gemeenten hoe die het doen. Als je dan een gremium hebt waar je lid van wordt waar je dat soort vragen kunt stellen, lijkt ons alleen maar goed om te doen. Wat betreft die evaluatie, dat lijkt me heel verstandig. Dat is denk ik ook een goed Calvinistisch iets, dat je af en toe even je lidmaatschappen kritisch tegen het licht houdt of je die nog allemaal gebruikt. De welbekende sportschool zeg maar eventjes. Dat kan hier ook voor gelden. Ik denk dat dat altijd verstandig is om te doen. Welke termijn je eraan moet hangen, daar komen we vast en zeker wel met elkaar uit. Wij zien de motie wel verschijnen. Dank u wel. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Jonker, gaat uw gang. De heer Jonker: Dank u wel, voorzitter. Ik wil ook de portefeuillehouder danken voor de beantwoording van de vragen en de nadere inkleuring die, denk ik, wel behulpzaam was bij het debat. Wij kunnen natuurlijk volmondig instemmen, verwacht ik, met het voorgestelde voorstel. Het evaluatiemoment ondersteunen wij ook van harte, maar ik zou het niet te kort maken. Niet één jaar, maar liefst iets langer. Want je moet wel even de tijd hebben om het werkend te krijgen.

De voorzitter: Dan kijk ik even naar de heer Halkes. Wilt u nog? Gaat uw gang. De heer Halkes: Ik wil de burgemeester danken voor zijn heldere uitleg. En de toezegging van de heer Bik om de evaluatie in de motie te zetten. We zien de motie graag tegemoet. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Scheringa. Sorry, even wachten. U had nog een interruptie, mijnheer Bik? Gaat uw gang. De heer Bik: Ervan uitgaande dat er geen hele tropische teksten in onze motie vreemd komen, mag ik er dan van uitgaan dat als die evaluatie erin komt, dat ook de fractie van CDA Lansingerland voor gaat stemmen? De voorzitter: Dat is even een … Gaat uw gang, mijnheer Halkes. De heer Halkes: Dat is een mooie samenvatting van de woorden die ik zojuist zei, mijnheer Bik. De voorzitter: Dan ga ik alsnog naar de heer Scheringa. De heer Scheringa: Alsnog, dank u wel, nogmaals, mijnheer de voorzitter. Op zich, deelname aan de M50, wij vinden het positief. De beeldvorming was duidelijk. Vanuit Partij van de Arbeid vinden wij het een prima vereniging om lid van te worden. Ik denk alleen, als de motie oproept om het huidige college lid van te maken, leg dat dan als advies neer bij het nieuwe college en laat het nieuwe college besluiten, want die moet het uiteindelijk uitvoeren. Als zij daar om wat voor reden dan ook geen tijd of nut en noodzaak in zien, dan lijkt het me niet nuttig.

Maar voor de rest als advies vind ik het prima. Wij zien de motie wel verschijnen en dan bepalen we hoe wij dat appreciëren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we kijken of de heer Ruijtenberg overtuigd is. Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Niet helemaal volhartig. Aan de andere kant, je kan maar beter lid zijn van een sportschool, want mocht je dan ooit willen gaan, dan heb je hem. Nu ook, ben

11/36

je lid, dan kan je wat. Ik ben nog benieuwder naar wat een tropische tekst is. Maar ik laat me verrassen door de motie. De voorzitter: Omwille van de tijd ga ik nu naar de VVD. Gaat uw gang. De heer Machielse: Ik denk dat ik duidelijk was in de eerste termijn, voorzitter, door ermee. Dank, college, voor de duidelijke reactie. De voorzitter: Dan kijk ik even naar de heer Bik als afronding. U heeft al aangegeven met een motie vreemd te gaan komen. Heeft u nog verder behoefte om afrondend, nee? Het hoeft niet. De heer Bik: De tropische verrassing. Er komt een serieus voorstel. De voorzitter: Omwille van de tijd gaan we dit punt afronden. 6. Stukken ter advisering aan de raad 6.a Onderzoek rekenkamer DoeMee Energiebesparingsplicht De voorzitter: Dat brengt ons naar de bespreekstukken voor de komende raadsvergadering. Dan komen wij bij agendapunt 6.a, onderzoek Rekenkamer met betrekking DoeMee Energiebesparingsplicht. Er wordt gevraagd om de aanbeveling vanuit het Rekenkamerrapport over te nemen. Het raadsvoorstel is opgesteld door de griffie zoals gebruikelijk. Standaard wordt de aanbeveling van de Rekenkamer in het besluit overgenomen. Aan u of u inderdaad daarmee kunt instemmen richting de gemeenteraadsvergadering van eind van deze maand. Wie mag ik als eerste het woord geven in eerste termijn van de commissie? Dan gaan we eerst naar de fractie van Leefbaar 3B. Gaat uw gang.

Eerste termijn De heer Philippens: Dank u wel, voorzitter. Wat ons betreft akkoord met dit voorstel. Ik denk dat wat meer informatie hierop krijgen, en daarmee meer zicht en mogelijk sturing als raad, dat dat goed is. Het DCMR, wat betere inrichting van de administratiesystemen, is denk ik ook hartstikke goed. Met betrekking tot de overweging, laatste punt, laatste voorstel om zelf invulling te gaan geven en toezicht en handhaving, daar zitten wij wat terughoudender op. Laten we dat vooral efficiënt oppakken, bijvoorbeeld door middel van communicatie, maar niet zelf gaan handhaven. Volgens mij gaat het hier om investeringen voor bedrijven die binnen vijf jaar terug te verdienen zijn. Ik ga ervan uit dat een groot deel van de bedrijven dat gewoon vanuit zichzelf zou willen doen, met een return on investment van twintig procent. Laten we goed op die communicatie zitten, maar wat mij betreft niet heel veel zelf capaciteit op in gaan zetten in toezicht en handhaving. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Jonker. De heer Jonker: Dank u wel, voorzitter. De bijdrage van Leefbaar 3B haalde de woorden uit mijn mond. D66 is het eens met het voorstel, maar ook onze enige terughoudendheid is in ten aanzien van punt 4 inderdaad. Dat staat gelukkig ook, te overwegen.

D66 vindt het ook minder aantrekkelijk om nog een keer handhaving naast aanvullend te gaan inrichten. Laten we overwegen dat niet te doen, zouden wij willen voorstellen.

12/36

De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer De Ruiter. De heer De Ruiter: Dank u. Ik zit gelijk even te kijken, de tijd is nog niet gereset. De collega's van WIJ Lansingerland moeten snel praten. Er ligt een mooi rapport, waarvoor dank. Het is goed dat er onderzoek is geweest zijn, want wat er al staat, wat je bespaart, hoef je niet op te wekken. Met betrekking tot de aanbevelingen, de eerste drie, helemaal prima. Ik zou zeggen, overnemen. Het vierde punt, dat gaat over het zelf invulling geven en toezicht en handhaving. Gaat dat ten koste van bestaande capaciteit? En zo ja, welke? Of moeten daar dan extra middelen bij? Dat was het, dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Xhemaili. De heer Xhemaili: Dank u wel, voorzitter. Voor de PvdA staat energiebesparing gelijk aan rechtvaardigheid en verantwoordelijkheid. Als bedrijven wettelijk verplicht zijn om energie te besparen, dan mag van de overheid worden verwacht dat zij daar ook serieus op toezien. Wij steunen de aanbeveling van de Rekenkamer, omdat zij zorgen voor meer transparantie en betere controle. De raad moet kunnen zien wat er gebeurt, niet alleen hoeveel controles er plaatsvinden, maar ook wat ze opleveren. Voor de PvdA is het vooral belangrijk dat de focus verschuift van regels naar resultaat.

Het gaat ons niet om papieren verplichtingen, maar om daadwerkelijke energiebesparingen die bijdragen aan lagere lasten, minder CO2uitstoot en eerlijke verdeling van de inspanningen. Daarnaast zien we een duidelijke rol voor de gemeente zelf. Ondersteunen waar het kan, handhaven waar het moet. Bedrijven helpen om te verduurzamen en tegelijkertijd zorgen dat iedereen zich aan de regels houdt. De PvdA ondersteunt het voorstel en ziet dit als een noodzakelijke stap naar een sociaal, rechtvaardige en effectieve aanpak van energiebesparing. Punt. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Machielse. De heer Machielse: Dank u wel, voorzitter. Het is grappig dat als je woorden hoort van een ander lid, we begonnen net bij de heer Philippens, dat je denkt, ik kan me in zijn woorden heel goed vinden, maar in zijn conclusie helemaal niet. Het is toch grappig hoe je daarnaar luistert. Want wat voor ons ligt is een lokale versie van een heel breed gedaan Rekenkameronderzoek, waarin dan conclusies zijn over dat de handhaving van dit soort milieuwetgeving nogal wat te wensen overlaat. Dan denk ik bij mezelf, wat zouden wij als gemeente en als gemeenteraad daarin moeten willen zoeken? We moeten zo dankbaar zijn voor alle bedrijven, ondernemers die investeren in onze gemeente, die het interessant maken om hier het onderwijs te verbinden, om kansen te bieden voor onze inwoners.

Dan gaan wij straks de milieuboa op ze afsturen en de DCMR aansporen om controles uit te oefenen. En nota bene als klap op de vuurpijl, ieder jaar als raad het voortgangsverslag hier bespreken. Het lijkt me echt totaal niet aan de gemeenteraad om hier in te stappen. Ik zou eigenlijk iets heel anders willen voorstellen aan deze commissie. Is niet een veel beter idee om het college gewoon te zeggen, we nemen dit Rekenkamerrapport voor kennis aan en we gaan met deze aanbevelingen weloverwogen deze keer niets doen. Omdat het niet een taak is, in onze visie, van de gemeente om hier de handhaving en controle op te gaan doen, op deze oorspronkelijk Europese en nu landelijke wetgeving. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voordat u af gaat ronden. De heer Jonker heeft een interruptie. De heer Jonker: Dank u wel, voorzitter. In het kader van het verbinden tussen standpunten van partijen. Dat punt over handhaven, daar zal je bijna iedereen in vinden dat we daar samen op gaan dat we dat niet moeten gaan dubbelen of dat we dat niet ook moeten gaan doen. Tegelijkertijd heb je als raad vanuit je rol moet je ook een bepaalde

13/36

informatiepositie hebben om een beeld te kunnen hebben van wat er gebeurt met betrekking tot energie op je grondgebied c.q. je gemeente. Zelfs al kun je daar niet gelijk acties aan verbinden. Is dat dan niet van belang in dit kader? De voorzitter: Mijnheer Machielse. De heer Machielse: Ik denk dat het antwoord op de vraag van de heer Jonker heel makkelijk is. Ja, natuurlijk is dat van belang. Alleen dan gaat het altijd over woorden. Want ik lees hier in aanbeveling 1 ook, een administratiesysteem. Kan ik op zich nog wel in komen. Maar om vervolgens om controle, hercontrole en opgelegde sancties beter bij te houden, dat zijn woorden die mij als raadslid niet bevallen als we kijken naar onze ondernemers. Want we hebben het hier niet over een lokale regeling of grove overtredingen die onze inwoners raken, maar we hebben het over grote doelen, prima, waar het Rijk vooral een rol heeft. Even in de richting van de heer Jonker, en misschien de hele commissie, met andere bewoording zeg ik helemaal niet dat wij tegen administratiesystemen en informatie zijn. Maar wel wat duidelijker tegen een gemeentelijke rol op sanctioneren op dit moment. En ook tegen een vaste jaarlijkse bespreking van voortgang die ons alleen maar in positie gaat brengen om mogelijk alsnog te willen sanctioneren en dergelijke.

Wat ik principieel niet bij een gemeenteraad vind passen die juist zo vaak bezig is met ondersteunen van onze ondernemers. Dat is denk ik dan ook gelijk het einde van mijn eerste termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Oostdijk van de ChristenUnie. Gaat uw gang. De heer Oostdijk: Dank u wel, voorzitter. Wij zitten een beetje op de lijn van de VVD vanavond. Voorzitter, bij wet- en regelgeving die bedacht wordt, is het van groot belang dat deze ook uitvoerbaar is en dat er daadwerkelijk op gehandhaafd kan worden. Daar zit wat de ChristenUnie betreft bij dit onderwerp de grote bottleneck en ook wel een dilemma. Natuurlijk zijn we voorstander van het besparen van energie en het tegengaan van netcongestie. Maar we denken dat in dit geval blijkt dat de toezicht op deze regelgeving erg lastig is. Dat zal ik nader toelichten. Het hele stuk ademt het onvermogen uit bij de verschillende partijen die hierbij betrokken zijn, om op een goede manier invulling te geven aan toezicht op de verplichting. Ik lees op pagina 5 van 7 van de brief van de Rekenkamer Lansingerland een alinea over de positie van de minister van Klimaat en Groene Groei. Conclusie, de minister heeft onvoldoende grip op de uitvoering van deze gecentraliseerde controletaak.

Bijlage 5, oftewel het eindrapport van de Vereniging van Rekenkamers, daar staat op pagina 56 het een en ander vermeld over de knelpunten in toezicht en handhaving. Namelijk, er is sprake van complexe wet- en regelgeving. Daardoor is het lastig om juiste mensen te vinden bij de omgevingsdiensten en ook gesprekspartners aan de andere kant met kennis van zaken. Er staat ook, het is lastig om veranderingen in gebruik te herleiden tot genomen maatregelen, want energieverbruik wordt beïnvloed door heel veel factoren. Wanneer is het dan gerechtvaardigd om een dwangsom op te leggen? Kortom, voorzitter, dit lijkt op wetgeving met goede bedoelingen, maar in de praktijk volgens ons niet of nauwelijks uitvoerbaar of controleerbaar. Dat brengt ons bij de aanbevelingen van de Rekenkamer. Wij hebben als ChristenUnie grote … De voorzitter: Ik ga weer even onderbreken, want ik heb een interruptie van de heer De Ruiter. De heer De Ruiter: Dank u, voorzitter. Ik sla aan op de woorden van de heer Oostdijk over dat je de kunde als het ware niet in huis hebt als organisatie. Is het niet juist dat die SPUKgelden, of die middelen, ik weet eventjes niet hoe ik ze moet noemen, gezorgd hebben voor het aantrekken van de professionele krachten die nodig waren voor die controles en de

14/36

inhoudelijke kennis? Nu is het wel een probleem omdat die in 2026 als het goed is aflopen, dat je dan een gat krijgt. Maar ik weet niet of dat één op één loopt. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Oostdijk. De heer Oostdijk: Het eerlijke antwoord is dat ik dat niet weet, of de SPUK-gelden hebben gezorgd voor meer mensen. Ik heb het rapport niet elke pagina tot achter de komma gelezen. Het antwoord is dat ik dat niet weet, of die SPUK-gelden voor meer mensen gezorgd hebben. Ik heb wel gelezen dat reacties vanuit de omgevingsdiensten waren dat er gebrek is aan mensen met voldoende kennis en dat dat nog steeds aan de orde is, ook voor de komende jaren. Voorzitter, ik ga verder met mijn betoog. Ik was gebleven bij de aanbevelingen. We hebben als ChristenUnie grote twijfels over de meerwaarde van de aanbevelingen. Onze inschatting is dat deze aanbevelingen de geconstateerde problematiek niet gaan oplossen. En dat veel meer de vraag is of de basis, namelijk de wetgeving zelf, niet aangepast zou moeten worden. Bij de eerste aanbeveling volgen we de reactie van het college. Het college zegt, wij gaan niet over de administratie van de omgevingsdienst. De tweede en derde aanbevelingen zijn wellicht vooral geformuleerd om de informatiepositie van de raad te verbeteren, maar dat neemt volgens ons de geconstateerde problematiek niet weg.

Bij de vierde aanbeveling begrijpen we de reactie van het college dat de beschikbare capaciteit niet overvloedig is. Niettemin zou het extra onder de aandacht brengen van de regelgeving nog wel een nuttige actie kunnen zijn. Dat is door anderen ook gezegd vanavond. En een actie die misschien ook relatief makkelijk te realiseren is. Verder is voor ons de vraag vooral, wat gaat er mis als we doorgaan op dezelfde voet? We denken dat dit voor nu de beste optie is. Er vinden controles plaats, er is elk kwartaal overleg met de omgevingsdienst over het werkplan en er wordt wetgeving verwacht op grond waarvan energiegegevens gevorderd kunnen worden. Dat valt ook te lezen, dat kan de informatiepositie sterk verbeteren. Kortom, voorzitter, de ChristenUnie overweegt om de aanbevelingen niet over te nemen, maar te komen met een amendement, dan sluit ik aan bij de VVD, voor kennisgeving aannemen. Of misschien nog een aanbeveling over het opnieuw onder de aandacht brengen van. Dat moeten we verder uitwerken. Dat zal nog moeten blijken. We horen graag een reactie van de andere fracties op ons standpunt. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Jansen. Gaat uw gang. De heer Jansen: Dank u wel, voorzitter. WIJ heeft altijd gezegd, meten is weten. Dat hebben we in het verleden ook aangedragen.

Deze rapportage van DCMR over de grootgebruikers van gas is natuurlijk maar een gedeelte van de energiegebruikers in Lansingerland. Je wilt het hele plaatje weten en is dit daar een onderdeel van en moet dat ingepakt worden in een grotere rapportage waarin wij weten of wij onze doelstellingen zoals we die hebben gesteld richting een energieneutrale gemeente, of we dat gaan halen. We zitten niet te wachten op deelrapportages die wij dan zelf als gemeenteraad moeten gaan combineren om het hele plaatje te krijgen. Wij willen liever het hele plaatje in één keer op tafel zien. Als dit daar een onderdeel van is, prima. Wat ook niet mag gebeuren, daar heb ik nog niemand over gehoord, je kunt DCMR natuurlijk allerlei extra diensten vragen, geef mij een rapportage zus, geef mij een rapportage zo. Als dat binnen het huidige budget van DCMR past, prima. Dan is daar niks tegen. Op het moment dat DCMR zegt, dat kan, maar dat gaat u zoveel extra kosten, dan hebben we daar toch wel even een extra probleem mee. Dan willen we wel even goed zien wat de impact is op onze financiering richting DCMR. Wij zijn een beetje ambivalent in deze. Er zitten goede punten aan. Wat de VVD en de ChristenUnie zeggen, we nemen het voor kennisgeving aan en we komen met een amendement, moeten we over nadenken.

Wij wachten ook even de reactie van de wethouder af van, wat is nou echt de toegevoegde waarde als we dit hebben? Dank u wel.

15/36

De voorzitter: Ik heb nog een interruptie, denk ik, van de heer Machielse. De heer Machielse: Dank u wel, voorzitter. Helder betoog, mijnheer Jansen. Het college heeft natuurlijk een brief gestuurd met wat ze zelf voorstellen te doen met die vier aanbevelingen. Als u dat dan leest, is dat dan voldoende ook voor u als afdoening hiervan? Want er staat, het is niet aan ons en we laten het aan de DCMR. Als de raad wil bespreken dan gaan we dat natuurlijk voorleggen. Ik lees dat maar even als terughoudendheid op de aanbevelingen. Is dat voldoende voor de heer Jansen? De voorzitter: Ik ga even terug naar de heer Jansen. Gaat uw gang. De heer Jansen: Dank u wel, voorzitter. Op zich lijkt dat voldoende, maar ik hoor dat nog graag even van de wethouder hoe ze dat dan precies zien. Maar voorop moet staan, de informatie is openbaar sowieso. Als een extra rapportage ons extra geld gaat kosten dan zijn wij daar niet voor. Wij zien liever een totaalplaatje van, hoe bereiken wij energieneutraliteit in de toekomst in Lansingerland en hoe acteren wij daarin? Daar is dit een onderdeel van, maar er zijn ook andere onderdelen van en die liggen niet op tafel. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik kan voor heel veel gedeelten kan ik in herhaling vallen wat heel veel van mijn collega's al hebben gezegd.

Het voorstel is wat ons betreft, wat GroenLinks in ieder geval betreft, akkoord op drie punten ervan. Alleen punt vier, daar vinden wij wat anders. Wat wij vinden op punt vier, dat is heel wat anders dan wat de overige fracties, zelfs mijn vrienden aan de rechterzijde nu, vinden. Ik vind namelijk dat je niet moet overwegen, maar wij vinden dat je dat gewoon moet doen. Er is een energiebesparingsplicht, er zijn andere plichten die je aan moet voldoen. Ik vind, juist in deze tijd waarin we weten, we moeten zuinig omgaan met energie om allerlei redenen, en ik zal u daar niet mee vermoeien, dat weet u allemaal. Kijk maar naar buiten, we hebben anderhalve week winter gehad en daarna is het weer klaar. Juist dat soort kleine dingetjes beginnen ook bij energiebesparingsplicht. Wij vinden dat je als gemeente, dat je dan aan de lat moet staan, dat je het niet moet overwegen, maar dat je het moet handhaven. Hoe je het wilt handhaven, daar kun je dan verder over in discussie gaan in een uitwerkingsplan. Maar in ieder geval dat er gehandhaafd moet worden. Daarom … De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor in ieder geval twee interrupties. Ik begin bij de heer Oostdijk. De heer Oostdijk: Voorzitter, dank u wel.

Mijnheer Ruijtenberg, als u het verhaal leest wat nu voor ligt, wat is dan uw mening over hoe het in de praktijk werkt met deze wet? Bij mij kwam ook nog de vraag van, we verplichten bedrijven, vaak werkt verplicht minder goed dan ze verleiden. Hoe ziet u dat? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ook de heer van de ChristenUnie stelt weer twee vragen. Ik weet dat verleiden inderdaad vaak beter helpt dan verplichten. Dat werkt ook in relaties, een verleiding helpt ook beter dan een verplichting daarin. Dat ben ik helemaal met u eens inderdaad. Alleen, soms verplichten we nou eenmaal dingen. En soms moet je om mensen goede… te geven, moet je ze ook daadwerkelijk verplichten tot dingen. Dat dingen in praktijk minder goed werken dan dat je ze beoogd hebt, ook dat ben ik met u eens. Maar

16/36

door nu maar te zeggen, we gaan dingen overwegen. Overwegen is niks. Ik overweeg elke keer om een Staatslot te kopen om miljonair te worden. Maar toch doe ik het nooit, zal ik nooit miljonair worden. Soms moet je dingen gewoon handhaven en verplichtingen stellen. Dat werkt beter op die manier. Dan de tweede interruptie. De voorzitter: Dank u voor uw aanwijzing. Mijnheer Jansen, interruptie. De heer Jansen: Dank u wel, voorzitter. U geeft aan, we moeten handhaven. Maar in mijn ogen, anders moet u mij even corrigeren, is DCMR de handhavende organisatie in deze. Die leggen last onder dwangsom op. Wat gaat de gemeente dan apart handhaven? En gaat dat niet dan tegen elkaar inwerken? Dank u wel. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Volgens mij heb ik zojuist gezegd dat hoe je dat gaat handhaven, wat je exact gaat handhaven, dat kan in een plan van aanpak komen, in een uitwerkingsplan. Maar dat je een vorm van handhaving zal moeten hebben dat staat, voor GroenLinks in ieder geval, als een paal boven water. Want zonder handhaving, zonder die zachte of wat hardere stok misschien soms achter de deur, gebeurt er vrij weinig daarin. Daarin vinden wij dat we dat moeten doen. Aan de andere kant, ik kan ook wel tellen.

Als ik een amendement zou gaan indienen om te overwegen te veranderen naar een handhavingsplicht, dan vermoed ik dat hij het niet zal halen. Ik ga dat ook niet doen verder. Aan de andere kant, een amendement van ChristenUnie en VVD, waarin aangegeven wordt, we nemen dit voor kennisgeving aan, die zullen wij als GroenLinks in ieder geval ook niet gaan steunen. Want we vinden dat je er wel meer handen en voeten aan moet geven dan aan zomaar een kennisgeving hiervan. Dat is net alsof je zegt van, we vinden het ook leuk dat er kabouterhuisjes komen ergens, vinden we ook heel leuk, maar kennisgeving doe je niet. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. Volgens mij hebben we alle fracties gehad en kunnen wij naar de eerste termijn voor het college. Ik denk de heer Muis. Gaat uw gang. Beantwoording college De heer Muis: Dank u wel, voorzitter. Dank voor uw bijdrage en uw reflectie op de gevraagde beslissingen. Op hoofdlijnen volg ik het ook. Het staat nu ook zo geformuleerd bij punt vier, te overwegen. Ik kom er straks even op in. Dan zal ik het ook even overwegen. Dan hoeven we daar niet heel lang verder op te wachten. Ik loop ze wel even langs, ondanks dat u ze misschien niet allemaal, alle punten heeft aangeraakt, maar dan kan ik aangeven wat vanuit het college hoe we er tegenaan kijken.

Met betrekking tot punt één, afspraken te maken met de DCMR over dat administratiesysteem. Dat is in principe geen probleem. De DCMR rapporteert ook ons in een jaarlijkse eindverantwoording al op hoofdlijnen over die energiebesparingsplicht. Wij willen best met de DCMR in gesprek om hierover gedetailleerder te gaan rapporteren. U heeft ook kunnen lezen, daar is ook een aanpassing wellicht nodig van het administratiesysteem. Dan kom ik ook bij de heer Jansen, die ook aangaf, dan wil ik wel weten of dat gaat leiden tot meer kosten. Dan kom je, als dat nodig zou zijn, dan moet het inderdaad passen binnen de gereserveerde middelen in de begroting van de DCMR. Ook goed te weten, dat we natuurlijk al best fors bezuinigd hebben op de DCMR, ook op hun bedrijfsvoering. Het moet wel uit de lengte of uit de breedte dan komen. In principe kunnen we daar over het gesprek aan en mocht dat leiden tot kosten, dan komen we daar bij u terug. Dat zou kunnen. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Machielse.

17/36

De heer Machielse: Dank u wel, voorzitter. Ik vraag me even af van welk college deze wethouder exact onderdeel uitmaakt. Want ik lees hier de collegereactie op punt één, het is niet gebruikelijk dat we in detail sturen op de interne bedrijfsvoeringsprocessen en systemen bij een GR. Uiteraard moet DCMR de output leveren, maar de manier waarop ze dat bereiken is aan hen. Punt. Einde reactie van het college in het rapport. Dan denk ik, mijn college, daar kan ik trots op zijn. Maar ik hoor nu een wethouder die in detail wenst in overleg te gaan met de DCMR over administratietermen. Hoe verhoudt zich dat tot elkaar, wethouder? De voorzitter: Ik ga terug naar de wethouder. De heer Muis: Voorzitter, een terechte vraag. De bestuurlijke reactie is natuurlijk op het rapport. U heeft vervolgens natuurlijk zelf, door de griffie, hier een voorstel voor laten maken. Als u hier allemaal in meegaat, dan geven wij aan, daar kunnen we het gesprek over voeren. Wij zijn er ook niet voor om tot in detail te sturen. Maar als u die behoefte heeft, gaan wij daar dat gesprek over aan. Dan gaan we kijken of dat kan binnen het bestaande systeem en budget. Dat is een beetje de volgorde der dingen. Vandaar dat het anders is dan wat u heeft gelezen in de bestuurlijke reactie, omdat we wel kijken om een beetje tegemoet te komen, als u dat wilt.

Tenzij u een amendement aanneemt om de hele boel alleen ter kennisgeving aan te nemen. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Machielse. De heer Machielse: Heel kort, voorzitter, voor de scherpte. U bent er geen voorstander van, maar als wij er als raad voorstander van zijn, kunt u het prima uitvoeren? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Muis. De heer Muis: Ja, dat klopt. Ik begon ook mijn antwoord met, in principe geen probleem. Dat was een beetje het punt. Voorzitter, dan ga ik verder naar punt twee. Dat gaat ook wel wat ver om periodieke voortgangsverslagen over de energiebesparingsplicht met de raad te bespreken. Ik wil u voorstellen, als u deze punten allemaal op deze manier intact laat, om toe te zeggen dat we u jaarlijks, bijvoorbeeld via een raadsinformatiebrief, informeren daarover. Dan is het natuurlijk aan u zelf als u dat met elkaar wilt gaan bespreken. Dan punt drie. Wat wordt daar gezegd? Inschatting laten maken. DCMR maakt nu al een grove inschatting en er wordt inderdaad gewerkt aan een nieuw inschattingsmodel. Ik weet ook niet, voordat u dat gaat vragen, wanneer dat gereed is. Zodra dat gereed is, dan melden we dat. Maar als dat er is, dan kan het realistischer geraamd worden. En dan neemt de DCMR dat mee in hun jaarlijkse verantwoording. Dat is ook geen probleem. Dan punt vier, te overwegen om hier zelf invulling aan te gaan geven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=3979a47d-bbb8-436f-ae21-8b242180ac90