CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0102] 2025.10.30 Gemeente Lansingerland Gezamenlijke Commissies Begroting

Commissie Algemeen Bestuur 3 december 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering36.688 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Voorzitter, ook dit jaar heeft Leefbaar 3B weer verantwoordelijkheid genomen en gaan we weer richting een begroting waarin we onze inwoners uiteindelijk nu zoveel mogelijk ontzien. Ik wil afsluiten met een dankwoord. Een dankwoord naar onze wethouder. En dat is naar alle waarschijnlijkheid de laatste begroting van onze wethouder, Simon. In vier jaar tijd als wethouder Financiën heb jij hier de portefeuille Financiën op geheel eigen wijze ingericht en leuk en prettig gemaakt voor de raad. De raad is nu in controle en dat is echt de verdienste van jou, Simon. Daarvoor wil ik jou hartelijk bedanken. De voorzitter: Ik zie dat er nog een interruptie is van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Voorzitter, ik heb een interruptie over het proces van de amendementen. We hebben de traditie hier de afgelopen jaren dat wij twee mandjes maken. Eentje van de coalitie en eentje van raadsbreed. Met de dekking, want die dekking wordt nu gebruikt door de coalitie. Kunnen wij, we hebben de raad nu gehoord, we komen ook tot dezelfde punten bijna. Kunnen wij geen twee mandjes maken en dan worden de amendementen die wij gaan maken ook scherper en beter en dan kan je daartegen zeggen. Anders gaan we dubbelingen doen. De voorzitter: Ik ga naar de heer Duivesteijn eventjes. De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Ik ga natuurlijk niet over het volledige vervolgproces hierin.

Maar wat ik wel kan aangeven is dat de coalitie open staat voor voorstellen. En als wij nog samen kunnen komen om zoveel mogelijk sneller te kunnen borrelen aanstaande donderdag, dan vindt u ons aan onze zijde. Dus ik denk dat ik dat namens de coalitie kan zeggen, maar laat vooral even de andere mensen hierop reflecteren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik neem aan dat de telefoonnummers van een ieder bekend zijn. Dus ga vooral met elkaar bellen, zou ik zeggen, de komende dagen. Ik ga naar de heer Bik. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Laat ik beginnen met een kritische noot en positief afsluiten. We hebben binnen deze raad een proces afgesproken en dit proces heeft ertoe geleid dat we vanuit de raad kaders aan het college hebben meegegeven. Ik val echt in herhaling, maar ik denk toch dat het nog even goed is om dat nog een keer goed te schetsen. Daar zijn alle fracties bij betrokken geweest. We hebben zoals afgesproken een

49/58

begroting gekregen die binnen die kaders is opgesteld. En zoals te doen gebruikelijk is deze conceptbegroting aan de raad aangeboden met de woorden, de begroting is nu van de raad. Alle bezuinigingen die binnen de kaders mogelijk zijn, zijn door het college inzichtelijk en transparant gemaakt. En ik vind het dan ook niet kunnen dat de framing van mogelijk onbehoorlijk bestuur door de fractie van het CDA in dit kader vind ik niet passend. Ik zou de heer Van den Beukel willen uitnodigen, zeker ook gesteund door de reactie vanuit het college, om deze insinuaties terug te nemen. Dat zou echt recht doen aan de werkelijkheid. Onze fractie heeft alle inbrengen goed beluisterd en ik heb veel overeenkomsten gehoord rondom gewenste terug te draaien maatregelen. En vanuit de coalitie ligt er wat mij betreft een mooi pakket aan maatregelen en dekking. Ik zou zeggen, doe lekker mee. Voorzitter, ik ga afronden. Ik wil ook dit jaar onze ambtenaren, de politie, ambulance en brandweer, maar ook de verenigingen, alle vrijwilligers, de kerken en de moskee, bedrijven, alle organisaties en iedereen die bijdraagt aan onze samenleving bedanken. Bedanken voor het mooi, veilig en leefbaar maken en houden van onze prachtige gemeente waar voor iedereen een plek is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bik. Ik ga nu naar het CDA. Mijnheer Van den Beukel, gaat uw gang.

De heer Van den Beukel: Dank u wel, voorzitter. Dank voor alle antwoorden van het college. En dank voor de bevestiging van de heer, wethouder Muis dat de inzet op natuur- en milieueducatie gewoon doorgaat. Intussen hebben we ook begrepen dat de coalitie een tegenbegroting heeft gemaakt. Dus dat is mooi en daar staan volgens mij veel goede dingen in. Dus we gaan elkaar ongetwijfeld de komende dagen daarop vinden. Een vraag nog richting mevrouw Cnossen, die aangeeft dat de bezuiniging op Lansingerland Beweegt wat haar betreft verantwoord is. Ons bereiken veel signalen, zorgen eigenlijk van ouderen, die zeggen, die valpreventie die daar vanuit gebeurde, die dreigt te vervallen. Dat lijkt ons niet zo wijs. Dus graag van haar nog een bevestiging waarom ze denkt dat het wel verantwoord is, of hoe het dan zit. Een beetje vergelijkbaar richting de heer Hoek, voorzitter, die heeft uitgelegd dat de maatregelen waardoor Lansingerland door de ondergrens zou zakken, niet genomen zijn. Maar, voorzitter, we hebben toch vanavond gehoord dat bijvoorbeeld de bezuiniging op kinderen met een beperking die mee mogen sporten, wel heftig is. Ik zou bijna zeggen, misschien wel door de ondergrens. En er zijn andere maatregelen, zoals bij ons staat in de categorie een slankere overheid, die wat ons betreft wel draaglijk zijn.

Dus is hij het dan niet met ons eens dat wat betreft achteraf niet de beste bezuiniging zou zijn? En voorzitter, ik wou nog iets zeggen over de Eneco-reserve. Het klinkt een beetje technisch, maar dat is 90 miljoen die we zouden bestemmen voor hele belangrijke dingen die Lansingerland structureel beter maken. De wethouder van Financiën die hebben we het zicht op dat kader toevertrouwd. Ik heb hem nog niet gehoord over de vraag waarom hij eigenlijk vindt dat alle vastgoedinvesteringen van de gemeente dus daaruit mogen. Dat bevreemd ons echt. Voorzitter, tot slot nog richting collega's die het CDA hebben aangevallen op het hanteren van de term onbehoorlijk bestuur. Ik denk dat het voor een deel een misverstand is. Wat ik noemde zijn de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Dat zijn geen termen die ik bedacht heb, dat zijn termen uit de Algemene wet bestuursrecht. Daarin staat gewoon het motiveringsbeginsel. Een motiveringsbeginsel dat geldt voor alle overheidsbeslissingen. Ook voor voornemens. Het gaat erover dat je naar derden, over wie je een besluit neemt, duidelijk maakt waarom je dat neemt. En dat is een vrij stevig beginsel. Daar is jurisprudentie over. En alleen maar de mededeling, er moet bezuinigd worden, dat is gewoon karig. Dus dat is het punt wat we wilden maken. Daar moet een verhaal bij komen.

Dat geldt voor zaken als valpreventie, dat geldt voor sport, dat geldt voor alles. En de motivatie kan zijn, er moet bezuinigd worden. Dit was de beste bezuiniging en de impact is zus en zus en zo, we denken dat die verantwoord is. Dat kan de motivering zijn. Maar de motivering is wel nodig.

50/58

De voorzitter: Ik ga u onderbreken. Interruptie van de heer Azzouzi. Gaat uw gang. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik snap wel de lijn van het CDA, maar ik snap iets niet. In de tegenbegroting staat een bezuiniging op participatie van 100k. Hoe rijmt u dat dan als wij die communicatie naar de inwoners of naar instanties moeten doen en we moeten toch bezuinigen op participatie? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, ik heb er in mijn eerste termijn denk ik al het een en ander over gezegd, maar misschien is dat nog niet helder overgekomen. Het is de verantwoordelijkheid van een bestuurder natuurlijk om gewoon de samenleving mee te nemen in zijn afwegingen. Alleen, ik zeg het eventjes vanuit het perspectief van inwoners die wij spreken. Die zeggen, we hebben weer een avond met zijn allen geeltjes staan plakken. Aan het eind van de avond hebben we weer een rapportje gekregen. Maar wat er echt mee gebeurt, daar hebben we geen goed gevoel bij. Dat is die inzet op burgerparticipatie waar we kritisch op zijn. De voorzitter: Dan ga ik naar de VVD, mijnheer De Graaf. De heer De Graaf: Dank u wel, voorzitter. Ik wil onder andere beginnen met bijval voor het voorstel van de heer Azzouzi om in de aanloop naar de raad volgende week meerdere mandjes te maken. Tenminste twee mandjes.

In onze eerste termijn hebben we aangegeven dat wij ook graag de bezuiniging op de Maatjes, de buitenruimte en de boa willen terugdraaien. Ik denk dat we heel veel andere partijen daar kunnen vinden. En misschien nogmaals even een korte toelichting naar de coalitie waar nog op gereageerd kan worden vanuit een aantal andere partijen uit de coalitie van mijn voorstel. Het zou wat betreft de VVD wellicht een aardig idee zijn om te kijken, want wij zijn deze avond ingegaan met het idee van, deze maatregelen met een stukje dekking vanuit een kleine verhoogde taakstelling misschien op ambtelijk apparaat, de inzet van de maatregel vanuit de participatie zoals CDA die voorstelt en een klein stukje van de ruimte die ontstaat door circulaire. Daar zouden die maatregelen voor een groot deel volledig gedekt door kunnen worden. Maar er rest nog een stukje ruimte vanuit de circulaire. Wat ons betreft hadden we het het liefst toegevoegd aan de algemene reserve, maar we begrijpen de pijn die de maatschappij in Lansingerland voelt. Dus wat ons betreft ook akkoord om die in te zetten om de ergste pijn te verzachten. Dat kan wat ons betreft nog steeds.

Dus als wij het restant van die 1,2 nog wat miljoen kunnen inzetten om een groot deel van de lijst van 20 maatregelen van de coalitie te verzachten en daarmee een exact sluitende begroting te maken, waarbij de OZB ongemoeid blijft en toch drie kwart van de ambitie van de coalitie kunnen realiseren, lijkt me dat ook wellicht een mooie uitkomst. Misschien dat toch D66 of de ChristenUnie daar nog op kunnen reageren in hun tweede termijn. Nog één vraag volgens mij uit de eerste termijn aan het college, ik denk aan wethouder Hoek, die is nog open blijven staan. Dat is, als we kijken naar de Maatjes en toch het gedeelde beeld dat daar een preventief effect vanuit gaat, zou een dergelijke terugdraai van de bezuiniging op die onderwerpen niet gedekt kunnen worden vanuit de taakstelling op de grotere post jeugdzorg? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar D66, mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel. Zoals het college al aangaf, was het opstellen van de begroting geen gemakkelijke opgave. We zien ook allemaal dat, ik ben ook blij dat we allemaal zijn geschrokken van de kaders die we, niet die kaders die we hebben gesteld,

51/58

maar wel wat er uit is gekomen als begroting. En dat we daar ook allemaal wel denken van, dit is niet de weg die we op moeten gaan. En er zijn gelukkig mogelijkheden om een deel van de bezuinigingen terug te draaien. Dit is wel het proces waar we met elkaar in zijn gegaan. Dat hebben we goed doorlopen, dus het is zo transparant mogelijk. Dus wij zijn ook wel blij met deze gang van zaken. Ook al geeft dat heel veel reuring en opschudding op de publieke tribune en in de maatschappij. Maar we kunnen dat ook weer goed maken. Daarnaast zien wij gewoon natuurlijk een brede meerderheid van coalitie, maar dat wisten we allemaal, ook van de oppositie, om een aantal pijnlijke bezuinigingen terug te draaien. Ik zou zeggen, ons coalitielijstje, zoals we het even zijn genoemd, komt binnenkort ook naar u toe. Omdat we dan de komende dagen met elkaar kunnen gaan uitvinden of we daar met elkaar ook een raadsbreed lijstje van kunnen maken, waar we allemaal onze handtekening onder kunnen gaan zetten. Dat zou een mooi resultaat zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar de heer Hofman voor zijn tweede termijn. Gaat uw gang. De heer Hofman: Voorzitter, dank u wel. Ik heb relatief weinig toe te voegen aan de eerste termijn. We gaan volgens mij met een degelijk en gedragen amendement vanuit de coalitie van deze begroting een goede begroting maken.

Ik wil nog wel even reageren op de VVD. U noemde ook dat we met deze begroting goed hebben gesneden in eigen vlees. Dat heeft ook gezorgd voor lucht uit de begroting. Dat beeld delen we. Dat vinden we goed. Als u naar mij kijkt als coalitiepartij om even te reageren op uw voorstel om verschillende mandjes te maken, ik voorzie dan een ingewikkeld traject. Want ik denk dat we best een goed vergelijk kunnen maken als we zeggen van, deze maatregelen willen we er allemaal uit hebben. Maar ik denk dat het selectief shoppen wordt op het moment dat we het hebben over de dekking. En ik wil de situatie voorkomen waarin we alle maatregelen die raadsbreed gedragen worden dekken vanuit bijvoorbeeld de septembercirculaire en de maatregelen die alleen de coalitie wil, dat we die dekken met de OZB. Ik denk dat dat niet een route is die we heel makkelijk kunnen bewandelen met zijn allen. Dat is even hoe ik erin zit, in reactie op uw voorstel. Maar wellicht vinden we elkaar. Laten we dat buiten de, we hebben nog een week richting de raad. Dus laten we kijken of we elkaar daarin kunnen vinden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hofman. Dan ga ik naar GroenLinks, mevrouw Van Splunter. Gaat uw gang. Mevrouw Van Splunter: Dank, voorzitter. Twee zaken. Dank aan de wethouder voor de toezegging van het opknappen van de regenboogzebra.

Ik ben wel benieuwd met wat voor termijn ik mag verwachten dat er invulling aan wordt gegeven. Bij voorkeur uiterlijk Q1 2026, want ik wil wethouder Fortuyn wel mee zien verven. Maar dat eventjes als vraag. En het is mooi om te horen dat er echt draagvlak is binnen de raad. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken, want ik heb een interruptie van de heer De Graaf. Gaat uw gang. De heer De Graaf: Dank u wel. Is het mevrouw Van Splunter bekend dat de vorige keer bij de aanleg de heer Fortuyn, de wethouder, dit ik meen, binnen een week heeft georganiseerd? De voorzitter: Mevrouw Van Splunter, gaat uw gang. Mevrouw Van Splunter: Dank, voorzitter. Ja. Een week, dat gaat mij iets te snel. Ik wacht gewoon even de reactie van de wethouder af. Maar als het dan toch zo snel is, pak er even drie weken bij. Want ik wil dat wel zien en dan kan ik erbij zijn. Tweede punt is dat ik dus

52/58

blij ben met te horen dat hier echt draagvlak is om een aantal pijnlijke bezuinigingen terug te gaan draaien. Wij wachten gewoon het amendement vanuit de coalitie af en zullen dan beoordelen of met het tientje van Terry wij uit gaan komen of dat we toch met een ingroeimodel voor de OZB tariefverhoging nog komen. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij heb ik in de interactie wel mijn punt gemaakt als het gaat om de amendementen. Er rest nog een vraag die ik heb gesteld. Misschien heb ik hem niet goed geformuleerd, over de pilot in Utrecht. Over het versimpelen van de bijstandsprocedure. Minder papier, kortere doorlooptijd en meer vertrouwen in inwoners. Kan het college dat onderzoeken? En een vergelijkbare pilot in Lansingerland ook doen? Of moet ik daarvoor een motie? Als dat een toezegging kan zijn, dan hoef ik dat niet te doen. Maar kan de wethouder hierover een antwoord geven? De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn wij rond als het gaat om de tweede termijn van de kant van de commissie. Dan gaan wij voor de tweede termijn naar het college. Dan begin ik bij de heer Fortuyn. Of heeft u nog behoefte aan even enige tijd? Dan gaan we eerst naar de heer Fortuyn. Gaat uw gang. Beantwoording college De heer Fortuyn: Dank u wel, mijnheer de voorzitter.

Er werd een suggestie gedaan over het meehelpen schilderen van de regenboogzebra. Ik loop daar uiteraard niet voor weg. Ik denk wel dat het weer er een beetje voor moet zijn. Ik denk de suggestie van de VVD was ook wel een heel aardige. Ik heb net even opgezocht op Google over hoeveel kleuren een regenboog heeft, dat zijn er zeven. Ik nodig de andere partijen uit om ieder een kleur voor zijn rekening te nemen. Het zijn er zeven. Dus ik denk dat we dat als raad, als inclusieve maatschappij, wat ik ook al een paar keer hier gehoord heb en we willen het voor de samenleving doen. Dus ik daag u uit om met mij deze zebra te gaan inkleuren onder begeleiding van de openbare werken die we hebben. We zullen het materiaal verzorgen en ik opteer voor de kleur oranje. Dus er blijven nog zes kleuren over. Mijnheer de voorzitter, dit is een toezegging. De voorzitter: Ik ga door naar de heer Hoek. Had u nog, ja? Mijnheer Hoek. De heer Hoek: Dank u wel. Het CDA kwam met de vraag, vindt u bepaalde bezuinigingen dan niet heftig? Dat was een vraag van u. Ja, vind ik. Heb ik ook uitgelegd in de eerste termijn. Het was een hele zware afweging voor het college ook. Vandaar dat we een aantal zaken op zwart hebben gezet. Wel ingegeven door het feit wat er bij de perspectiefnota, wat daar besproken is, dat hebben we gerespecteerd. En dan vinden wij met u dat dat een ingewikkelde materie is.

Dus ik sluit me volledig bij u aan. Een vraag van de VVD, of we de Maatjesprojecten, tenminste zo interpreteer ik de vraag, of we de Maatjesprojecten niet als een bezuiniging in kunnen gaan zetten op de professionele jeugdhulp. In feite gebeurt dat nu al, want in feite alle hulp die in het vrijwillig kader met deze partners ingezet worden, die hoeven we niet in te zetten in de professionele jeugdhulp. Dus in feite is dit gewoon al een bezuiniging op het hele palet van jeugdzorg. De voorzitter: Dat was hem? Dan ga ik nog naar de- Oh, ik zie nog een interruptie van de heer De Graaf. De heer De Graaf: Dank u wel, voorzitter. Maar in dat geval zou het budget voor de professionele jeugdzorg hoger gebudgetteerd moeten zijn voor volgend jaar op het moment

53/58

dat wij een bezuiniging inboeken voor de Maatjes. Dus ik zoek even of daar ook bij de budgettering met die correlatie rekening is gehouden, maar klinkt als niet. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Hoek. De heer Hoek: Ik kan het niet mooier maken dan het is. Zoals ik het gezegd heb, dat is mijn antwoord, mijnheer De Graaf. De voorzitter: Helder. Ik kijk even naar de heer Muis. Heeft u nog? Mijnheer Muis. De heer Muis: In principe niet, want wethouder Fortuyn heeft er een dubbele toezegging van gemaakt, met twee portefeuillehouders. Dus als mevrouw Van Splunter daarmee akkoord is, dan ga ik het verder niet gecompliceerder maken dan het al is. De voorzitter: Maar u bent nog niet helemaal klaar, want, mijnheer Azzouzi, heeft u nog een interruptie? Mijnheer Azzouzi. De heer Azzouzi: Volgens mij heb ik hem voor wethouder Hoek over de vraag die ik heb gesteld. De voorzitter: Dan ga ik nog heel even, want ik zag nog wat, ik kom zo even bij u terug. Dan ga ik eerst nog even naar mevrouw Van Splunter, want die had een interruptie op de heer Muis. Mevrouw Van Splunter: Mevrouw Van Splunter gaat ermee akkoord, maar dan wel met de vraag, mogen wij de kleur groen? De voorzitter: Ik zie dat de heer Muis nog even wil reageren. De heer Muis: Ik hoor, het staat al genoteerd, dus er zijn meer mensen die zich hiermee bezighouden blijkbaar, dus ik vind het prima.

De voorzitter: Ik kan me voorstellen dat na de vergadering de andere kleuren nog verder verdeeld gaan worden. Maar ik ga even terug naar de heer Azzouzi die een interruptie had op de heer Hoek. Mijnheer Azzouzi, u had nog een interruptie. De heer Azzouzi: Ik had een vraag die nog niet beantwoord wordt. Ik dacht, dat is wethouder Hoek die had dat moeten beantwoorden. De voorzitter: Mevrouw Cnossen gaat daarop in. We gaan gelijk naar mevrouw Cnossen. Mevrouw Cnossen: Dat is een mooi bruggetje voor mij. Ik ga eerst even naar een opmerking, voorzitter, als u het goed vindt, van de heer Van den Beukel van het CDA. Valpreventie vervallen? Nooit. Zolang ik hier zit, never nooit. Staat ook gewoon op zwart. Wat ik u uit heb gelegd, is dat Lansingerland Beweegt een professionele organisatie is, die buurt,cultuur- en sportcoaches in dienst heeft. En dat daar een keus gemaakt is door het college om juist op die professionele organisatie iets te bezuinigen, om niet in de samenleving iets weg te halen waar kleine subsidie op zit. Dus valpreventie, zolang ik hier zit, blijft dat gesubsidieerd. En daarna moet ik er zelf gebruik van maken. Richting de heer Azzouzi, u triggert mij wel. De voorzitter: Voordat u naar de heer Azzouzi gaat, want uw opmerking lokt een interruptie uit bij de heer Van den Beukel, maar hij heeft niet veel tijd, dus houdt het kort.

54/58

De heer Van den Beukel: Het korte verzoek, voorzitter, is dat de wethouder zich verstaat met de heer Vrij van Lansingerland Beweegt, want die vertelt de gemeenteraad in elk geval dat hij zijn valpreventieactiviteiten niet meer kan doorzetten door deze keuze. Dus vandaar mijn vraag. In de e-mail hebben we dat ontvangen met een factsheet. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga toch terug weer even naar mevrouw Cnossen op dit punt. Gaat uw gang. Mevrouw Cnossen: Ik heb het genoteerd, maar ik herken het niet. In de zwarte maatregelen zit valpreventie, met name gericht op ouderen, zit erin. Maar de heer Azzouzi triggerde mij wel. Ik heb dat ook gezien in Utrecht. Ik vind Utrecht altijd heel leuk. Zij proberen gewoon. Want het kan wel. Dat is een D66-kreet. Maar als gemeente moeten wij ook vaker roepen, het kan wel. Dus als er dingen zijn die ons belemmeren, dan moeten we die wegnemen en kijken hoe we dingen kunnen versimpelen. U noemde ook capaciteit. Wij zien ook bijvoorbeeld bij de Wmo bepaalde wachtlijsten. Dan moet je dingen gaan versimpelen en dingen anders doen. Dus ik zie wel voor me, en dat komt later dit jaar nog bij het lokale team, dat we juist dit soort aanpakken echt gaan doen met elkaar. En dat moeten we ook wel durven, want dan zal je niet alle landelijke wettelijke regels blijven volgen.

De voorzitter: Ik zie in ieder geval de collega's van D66 gelijk helemaal glimmen op het moment dat u hun kreet overneemt. Maar ik ga toch even naar de heer Azzouzi nog. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Voor mij is het nog niet concreet. Gaat dat onderzocht worden en de raad daarover geïnformeerd worden? De voorzitter: Ik ga even terug naar mevrouw Cnossen. Gaat uw gang. Mevrouw Cnossen: Op dit moment, mijnheer Azzouzi, wordt het niet onderzocht. Laat ik daar helder in zijn. Maar bij het lokale team zullen we wel op die manier moeten gaan werken. En dat is wat ik u duidelijk probeer te maken. U kunt de brief ook lezen over de aanpak van Wmo-wachttijden. Daar ziet u ook dit soort maatregelen in. Dus ik vind dat het kan. De voorzitter: Ik ga voor de laatste keer naar de heer Azzouzi op dit punt. Gaat uw gang. De heer Azzouzi: Volgens mij is er een soort verwarring ontstaan, want mijn vraag ging over de bijstandsgerechtigde, de bijstand dat wij daar de procedures vereenvoudigen, vandaar dat ik de wethouder Hoek had aan de vraag gesteld. Mijn vraag is of we de pilot van Utrecht kunnen onderzoeken of dat haalbaar voor ons is. Dat bespaart ook geld. Dus volgend jaar als wij gaan bezuinigen, dan hebben wij een bedrag structureel op tafel, als wij dat hebben onderzocht en dat heeft Utrecht gedaan.

Dus mijn vraag komt nog, wordt dat onderzocht of moet ik een motie hiervoor indienen? De voorzitter: Ik ga terug naar mevrouw Cnossen of zegt u, de heer Hoek? Ik ga naar de heer Hoek. Gaat uw gang. De heer Hoek: Volgens mij was mevrouw Cnossen daar duidelijk in om dat mee te nemen en daarmee aan de slag te gaan. Ik snap niet. De voorzitter: Ik ga even de heer Azzouzi helpen. Is dit een toezegging dat u de pilot in Utrecht beschouwt en inderdaad onderzoekt? En daar met de uitkomst terugkomt naar de commissie dan? Of de raad moet ik eigenlijk zeggen.

55/58

De heer Hoek: Absoluut. Als u dat bedoelt, dan wordt het, ja absoluut. De voorzitter: Maar dan is het een toezegging? Die hebben we genoteerd. Nog één keer de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Alleen als er een termijn gegeven wordt, dan is het ook helder voor iedereen. De voorzitter: Kan de heer Hoek nog een termijn noemen? De heer Hoek: Dan moet ik even de hulplijn kijken, in hoeverre dat kan. Het hoort natuurlijk bij de implementatie van een nieuwe Participatiewet in balans. Dus geef ons nou even de tijd in ieder geval om dit op een goede manier te onderzoeken. Sluit ook aan wat mijn collega zei. We zijn bezig met de wijkteams. En laten we dat dan in één keer goed aanvliegen. Dus ik kan nu wel zeggen, voor december doen we dat. Maar dan lieg ik hier. Laten we het in één keer goed doen. Dat is wel mijn advies. De voorzitter: Ik kijk nog even. Nog één keer, mijnheer Azzouzi. De heer Azzouzi: Als wij Q1 ‘26 zeggen, is dat goed? Want ik krijg nu geen deadline. De voorzitter: Laten we zo afspreken dat, want volgens mij is het heel lastig om nu antwoord te geven door het college, dat in de eerstvolgende commissie Samenleving dat de wethouder daar een mededeling over doet, stel ik me zo voor. En er ligt in ieder geval een toezegging naar aanleiding van uw vraag.

Is dat een werkbare afspraak, mijnheer Hoek? De heer Hoek: Ik hoor u zeggen, u komt daar op terug in de commissie Samenleving. Dat is de toezegging. Ik weet nog niet wat het antwoord is, maar ik kom erop terug. De voorzitter: Als u het antwoord al wist, had u het nu kunnen zeggen. Dan wordt het de commissievergadering van november dat u daar een mededeling over doet. Ik zie nog een interruptie van de heer De Graaf. De heer De Graaf: Dank u wel, voorzitter. We hebben toch nog een vraag aan het college. Want er staat de administratie bij te werken met ons financiële geweten. En de vraag volgens mij van het CDA over de Eneco-reserve is denk ik nog niet beantwoord door het college. De voorzitter: Dat was volgens mij geen concrete vraag. Het was een vraag volgens mij aan de collega's in de raad. Nee? Dan stel ik voor dat we eerst even het rondje college afmaken en dat we dan even kijken naar de wethouder Financiën of hij daar nog op kan en wil reageren. Ik ga eerst nog naar de portefeuillehouder, de heer Bijl. Gaat uw gang. De heer Bijl: Dank u wel, voorzitter. Zolang als ik leef is mij altijd de kwaliteit aangewreven dat ik er altijd rustig uitzie. Maar dat helpt kennelijk niet als je iets over de ambitie met de boa’s moet zeggen. Het is over het algemeen behulpzaam in dit vak, maar nu even niet. Er wordt voortdurend gekeken naar het werven van boa’s.

We kijken naar collega's die volledig klaar zijn, bevoegd zijn. We kijken naar jonge instromers om ze op te leiden. Maar het is ook een team in beweging, dus af en toe valt er weer één af en dan maken we weer een stap achteruit. Dus ik kan u echt verzekeren dat we met de werving eigenlijk bijna permanent bezig zijn. Maar dat we niet zullen nalaten om de bezetting te krijgen naar het niveau dat we willen hebben. Dat helpt ons ook in de praktijk. Het loopt ons in de praktijk

56/58

vaak genoeg voor de voeten dat we eigenlijk met iets te weinig mensen zijn. Dus ik hoop dat ik nu wel een heldere uitstraling op dat gebied heb gemaakt. De voorzitter: Ik zie dat het aanleiding is tot een interruptie van de heer Duivesteijn. De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Kunt u dan toezeggen dat zodra u een boa vindt, dat u die 85.000 euro bij ons komt halen? Via de zomerrapportage of een ander voorstel? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Bijl. Gaat uw gang. De heer Bijl: Excuus, voorzitter. Dit is niet de enige die we moeten vinden, die aanvulling. Dus het helpt u nu voorlopig even in de dekking door het niet mee te nemen. Maar de ambitie om wel die complete club in te vullen en die vier waar u over sprak ook hier naar binnen te krijgen, die staat als een huis nog altijd. Maar het is echt in de praktijk razend ingewikkeld om aan boa’s te komen. En ook bij detacheringsbureaus, daar is kaf en er is koren, is het ingewikkeld. We hebben nu twee mensen ingehuurd om het werk ook aan de gang te houden. Maar het is niet eenvoudig, maar de ambitie is er wel degelijk. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga, dit was bijna de tweede termijn van het college, maar ik ga toch nog even terug naar de heer Fortuyn over de Eneco-gelden. Gaat uw gang. De heer Fortuyn: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik heb schijnbaar de vraag in die zin gemist.

Wellicht dat die herhaald kan worden om hem concreet te beantwoorden? Anders krijgen we weer een soortDe voorzitter: Ik zie dat de heer De Graaf zich aanbiedt. De heer De Graaf: Dank u wel. Proberen samen te vatten hier aan deze kant van de tafel. En volgens mij was de vraag aan zowel de raad, maar ook aan de wethouder, hoe u als hoeder van het toetsingskader van de Eneco-reserve uitlegt of kunt verantwoorden dat reguliere investeringen, zoals investeringen in scholen, uit de Eneco-reserve betaald zouden moeten worden. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Fortuyn. Gaat uw gang. De heer Fortuyn: Er zijn twee redenen voor. A, ik zie door de begroting ‘26 heen te kijken, richting ‘29, dat de algemene reserve onvoldoende soelaas biedt om daarin keuzes nog te maken, hetzij in beleid, hetzij eventueel het verzachten van maatregelen of het opvangen van frictiekosten die in de latere jaren gaan komen. Je ziet dus dat je ruimte op je algemene reserve aan het slinken is op een dusdanige wijze dat je geen ruimte meer hebt. Dat is één. Twee, en dan ben je jezelf eigenlijk arm aan het rekenen, naar de maatschappij toe. We hebben vanavond een discussie gehad over allerlei terugdraaien van samenleving en daar zijn we elke keer afhankelijk van meevallers van het Rijk of anderszins. Dus dat is gewoon feitelijk de basis.

Twee is geweest, het investeren in scholen is inderdaad een reguliere taak. Maar u weet ook allemaal dat de vergoeding vanuit het Rijk nog niet de helft van de stichtingskosten dekt. Dat is één. Twee, dus dat betekent een inbreuk op je algemene reserve, waarvan ik net uitgelegd heb dat je die niet hebt. Twee, er wordt een sportcentrum gemaakt met een ontmoetingscentrum in de wijk Bleiswijk. Sorry, de wijk Bleiswijk, in Bleizo. Ik bedoel Wilderszijde, sorry, Wilderszijde. Ik heb een betoog gehouden en dat heeft u gelukkig gewaardeerd, los van het feit hoe het gefinancierd is, uit de algemene reserve of uit de Eneco. We bouwen hiernaast 3.000 wooneenheden. En die 3.000 wooneenheden is gewoon een dorp zo groot als Bleiswijk op dit moment. Dat is gewoon

57/58

9.000 mensen. Als je die niet voldoende voorziet van voorzieningen en je hebt al druk op je bestaande voorzieningen, dan gaat dat op een gegeven moment knellen. Dus u heeft met ons en met u en met de wethouder besloten om daar die investering te doen. Het is een maatschappelijk nut. Het is voor een langer langere periode. Met andere woorden, 50 jaar hopelijk en langer. En dat vind ik in mijn kader van het lezen van de kaders die in de Enecovoorwaarden staan, voldoet die eraan. Het is langdurig, het is een maatschappelijke investering, het is voor de samenleving. En je moet er niet aan denken dat in het dorp, zo direct hiernaast, Wilderszijde dat al die mensen in krapte ergens ook dwars door heel Lansingerland moeten kruisen om aan hun sportbeoefening te kunnen doen of ontmoeting zelfs te hebben. Dus ik pleit ervoor, maak jezelf niet arm en beperk je ook niet in je bewegingsvrijheid, ook naar de komende jaren toe. Neem nu het besluit. Je kan ook het risico nemen om het aan een nieuwe raad over te laten. Maar je kan ook nu een verstandig besluit nemen. Ik pleit ervoor. Ik pleit er al veel langer voor. De provincie, en dat is het derde punt wat ik aangesneden heb, de provincie zegt, doordat wij die kaders bepaald hebben rond die Eneco-gelden, zien zij het als een bestemmingsreserve en zien zij het niet als een algemene reserve.

Dat maakt het wel lastig, want in feite is het gewoon geld wat wij hebben voor de samenleving. En ik vind het wel, je maakt het jezelf, u als raad, ongelooflijk moeilijk. Mijn pleidooi is, haal in ieder geval voor dat deel van die investering, die 25 miljoen, het is een hoop geld, maar creëer voor jezelf en ook voor je opvolgers wat ruimte om Lansingerland op een verantwoorde wijze te besturen. Dank u wel, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dat was een zeer duidelijk en uitgebreid antwoord. Hiermee komen wij aan het einde van deze bespreking. Ik hoef haast niet te vragen of het een hamerstuk wordt of een bespreekstuk. Het wordt een bespreekstuk. Ik denk dat er de komende dagen heel veel telefoontjes gepleegd gaan worden en overleg gaat plaatsvinden op weg naar de gemeenteraad van volgende week donderdag. 5. Sluiting De voorzitter: Ik wil u in ieder geval danken, maar ook complimenteren voor het feit dat wij op een fatsoenlijke tijd klaar zijn met elkaar. Dat betekent dat niet alleen wij, maar ook onze ambtenaren die vanavond ook het werk hebben gedaan, ook op een fatsoenlijke tijd naar huis kunnen. Ik dank u en ik sluit de vergadering.

58/58

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=8ac30662-17f4-4be8-ac57-9c5476eccb35