[BV25.0096] Verslag Commissie Ruimte d.d. 7 okt 2025
Tekst van het document
Zet u snel uw microfoon uit. Mijnheer Hofman, voor een korte vraag.
37/57
De heer Hofman: Als het antwoord ja is, waarom wilt u dan amendement indienen met een maximering van 3.1, als 4.2 met de juiste richtafstand ook mogelijk is volgens u? De voorzitter: Mijnheer Xhemaili. De heer Xhemaili: Om te garanderen dat er geen bedrijven komen die daar niet aan voldoen. Daarom dat amendement. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Xhemaili. U was netjes binnen uw tijd. Oh, u was nog niet klaar? U zet zelf de microfoon uit. Heeft u een hele snelle toevoeging, nog vier seconden die u heeft. Mijnheer Xhemaili, voor nog vier seconden. De heer Xhemaili: Heeft het college nagedacht of eventueel kunnen denken over plaatsen van bedrijvigheid in de randgemeenten? Punt. De voorzitter: Die vraag was helder. Net aan. Dan gaan we door naar de volgende partij. En dat was de heer Hofman, ja, de heer Hofman die het woord had. De heer Hofman heeft ook nog maar heel erg kort de tijd, dus dat wordt een korte bijdrage aan de tweede termijn. Mijnheer Hofman. De heer Hofman: Eigenlijk heb ik in mijn interruptie al voldoende gezegd over wat ik in de tweede termijn naar voren wilde brengen. Juist dat punt van het inwaarts soneren. Dus dat je hogere milieucategorieën zo ver mogelijk weg van de woningbouw doet, dat maakt voor ons dat er genoeg waarborgen zijn voor het niet ruiken, niet horen, niet zien. En maakt wat ons betreft ook het amendement van PvdA/GroenLinks overbodig.
En daar wil ik het bij laten in deze termijn. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hofman. Dan ga ik naar de fractie van het CDA, mijnheer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, dank u wel. Richting Leefbaar nog een paar opmerkingen, want die zijn nog echt in dubio, zeggen ze. Voorzitter, diverse kansen zijn nog niet bekeken. Green 05 is bijvoorbeeld genoemd in een brief door een inzender als een locatie die nog te bekijken zou moeten zijn voor een hoge milieucategorie. Hetzelfde geldt misschien wel voor Weg en Land, waar nu 3.1 op zit en waar je misschien ook wel een deel zou kunnen verhogen. Dus je zou denk ik moeten wensen, voorzitter, zeg ik richting collega's, dat we zorgvuldigheid voorop stellen. De participatie die slecht is gegaan, heeft het college ook toegegeven, dat we daar de ruimte aan geven. En dat we dus niet hals over kop tot de verkeerde beslissingen overgaan. Voorzitter, Oosteindsepad, wil ik even toch de wethouder wat uitdagen, is gewoon nog een locatie voor woningbouw in de Omgevingsvisie 1.0. Dat is niet geamendeerd. Dus in de woonvisie dat er andere locaties prioriteit hebben gekregen, maakt niet dat de raad heeft gezegd, dat willen we niet meer ontwikkelen als locatie. Voorzitter, ook Koppert wil ik nog eventjes aanhalen. Mevrouw Cnossen heeft het over een bedrijf dat we belangrijk vinden.
Voorzitter, heeft het college één keer iets verkeerds gezegd en heeft zich moeten herstellen. Ik zou wel willen voorkomen dat het een tweede keer gebeurt. Dus graag even deze nieuwe argumentatie op schrift ontvangen als raad. Dit ging erg snel en ik wil het ook graag kunnen valideren. Tot slot, voorzitter, die stelling van de wethouder dat ze wacht op initiatieven, dat we gerust de visie kunnen
38/57
vaststellen en vervolgens kunnen wachten op initiatieven, dat is voor mij geen geruststelling. De heer Hofman zei al, als je een visie vaststelt, dan moet je er serieus over zijn als raad. De voorzitter: Mijnheer Van den Beukel, ik moet u helaas toch onderbreken, want u bent door uw tijd heen. Ik was streng bij de insprekers, ik ben ook streng bij de commissie. De heer Van den Beukel: Niet bevorderlijk voor het debat, voorzitter, uw manier van voorzitten op dit punt. Maar goed, ik respecteer het. De voorzitter: Waarvan akte. Dan gaan we door naar de volgende partij. Dat was de fractie van het CDA. Sorry, de fractie van de VVD natuurlijk. De heer, ik ben even de naam van, De Graaf. De heer De Graaf natuurlijk. Excuus. Mijnheer De Graaf. De heer De Graaf: Dank u wel, voorzitter. Het meeste is wel gezegd. Hoe we erin zitten kunt u wellicht uit de interrupties afleiden en uit onze eerste termijn. We snappen de noodzaak om wel een Omgevingsvisie 2.0 vast te stellen in de raad volgende maand. We gaan er wel wat voorwaarden aan verbinden. Dat betekent of die milieucategorieën flink terug geamendeerd moeten worden. Dat we ook weer ruimte willen geven aan de reparatie van het proces en creëren van maatschappelijk draagvlak. Dus tijd kopen.
Ook de relatie met Bleizo willen we toch wat meer zekerheden inbouwen, voordat we dingen gaan compenseren terwijl die andere zaken nog niet 100 procent zeker zijn. Dus er is denk ik best met ons in de aanloop naar de raad zaken te doen om tot een vergelijk te komen. We staan positief tegenover de diverse amendementen. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we door naar de fractie van WIJ Lansingerland, mijnheer Jumelet. De heer Jumelet: Dank u wel, voorzitter. Wat ik al in eerste termijn aangaf, willen wij ons met name ook richten op de feiten en hetgeen wat er ook in de stukken staat. Wat wel bijzonder is, wat de wethouder zegt, we hebben natuurlijk een aantal besluiten in het verleden genomen die leiden tot een aantal dingen in deze omgevingsvisie. Het geeft ons ook vertrouwen. En ik hoop ook dat op het moment dat wij zien dat de omgevingsvisie met de onderliggende wet- en regelgeving toch een aantal dingen kan voorkomen, moeten wij ook met elkaar toch ook wel durven het vertrouwen te hebben dat wij de goede dingen met elkaar doen, ondanks dat daar andere gevoelens wellicht zijn. Maar goed, uiteindelijk… De voorzitter: Ook u bent door uw tijd heen. De heer Jumelet: Ik stop gelijk. De voorzitter: Dank u wel. Dan werd ik net door de griffie geattendeerd dat ik helaas de fractie van D66 net vergeten ben in het lijstje.
Dus alsnog bij deze, met excuses, het woord aan mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel. Hoe we er nu ook in zitten is dat wij de uitleg van de wethouder ook helder vinden. Het is zorgvuldig benaderd. Door alle besluiten die zijn genomen in het verleden, leidt het ook door de omgevingsvisie en de keuzes die nu voorliggen. Alleen je kan je zeggen, het is gewoon niet goed gecommuniceerd. Daar moeten
39/57
we ook van leren. Wij willen ook de beperkte ruimte die we in Lansingerland hebben, moeten we echt optimaal benutten. Daar is dit ook voor bedoeld. Vooralsnog zitten wij ook op de lijn van de categorie 4 vanwege alle ontwikkelmogelijkheden die dat biedt en ook de kansen die het biedt voor circulaire economie. En we hebben er ook wel vertrouwen in, want we blijven als raad gewoon streng aan de knoppen draaien. We gaan ook echt niet zomaar plannen goedkeuren waar de gezondheid van onze inwoners op het spel staat. We hebben gewoon strenge voorwaarden die we kunnen stellen. Dus dat blijft ook nog steeds. We geven het nu niet zomaar uit handen. Dus daar moeten we ook vertrouwen in hebben dat dat goed komt. Het wordt ook pas concreter als er ook echt initiatieven komen en dan kunnen we verder gaan sturen. Dus daar moeten we gewoon ook op vertrouwen. En we zijn ook positief over de toekomst. Over het instellen van bijvoorbeeld een klankbordgroep rondom de ontwikkellocaties, zodat bewoners ook op een goede manier betrokken kunnen worden. En we hopen ook dat dat in de toekomst voor meer begrip kan gaan zorgen. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dan ga ik als laatste fractie, volgens mij, naar de heer Diepeveen van Leefbaar 3B. Mijnheer Diepeveen. De heer Diepeveen: Ik heb drieënhalve minuut. Wij nemen al uw informatie mee. Wij gaan daarover bakkeleien.
Ik heb wel nog één vraag toen straks vergeten. En het werd net ook weer genoemd, over het inwaarts soneren. Want wat één van de insprekers ook al aangaf, als je zelf als gemeente niet het initiatief neemt, dan moet je maar wachten wat voor bedrijven er komen. Gaan we het dan letterlijk zo doen dat als een bedrijf zich daar wil vestigen, dat we dan zeggen, jij moet in het midden gaan zitten. En gaan we dan vervolgens wachten op bedrijven die er omheen gaan zitten die minder overlast veroorzaken? Hoe ziet het college dat voor zich? Dat is eigenlijk mijn enige vraag nog. De voorzitter: Dank u wel. Dat brengt ons aan het einde van de tweede termijn van de commissie. Ik heb nog een paar kleine vragen aan het college gehoord. Dus ik geef in de tweede termijn wethouder Cnossen de mogelijkheid om deze te beantwoorden. Wethouder Cnossen. Beantwoording college Mevrouw Cnossen: Dank u, voorzitter. Het college wil graag reageren op de opmerking van de heer Xhemaili van, kunnen die bedrijven niet naar de randgemeenten. Er zijn eigenlijk twee argumenten die ik u mee wil geven. Overal is er een tekort juist aan dit soort locaties. U bent als partij denk ik ook in voor die circulaire economie. Daar moeten we allemaal mee aan de gang. En daarnaast is ook een heel belangrijk argument dat er heel veel bedrijven zijn die graag in Lansingerland willen blijven omdat hun personeel hier woont.
En dat is ook een belangrijk afwegingskader voor het college. Die lokale bedrijven die een bepaalde betrokkenheid hebben hier in de gemeente, dat je die ook de kans geeft om hier te blijven. Ook als dat een wat hogere milieucategorie vraagt. Dus ik hoop dat u dat mee wilt nemen. U noemde, niet horen, niet ruiken. Het was wel aardig dat de heer Hofman u daar antwoord op gaf. Want dat is juist wat de milieuwetgeving regelt. Als er bij een bedrijf teveel lawaai naar buiten komt, dan zal het bedrijf de deuren dicht moeten doen. Bij wijze van spreken. Maar in elk geval zo moeten zorgen dat de buren, waar ze ook wonen, dat geluid niet horen. En ook dat ruiken, daar heb je ook je regels voor. Even kijken. Het college wil
40/57
richting het CDA zeggen, participatie is slecht gegaan. Ik denk dat ik in mijn eerste termijn duidelijk ben geweest, voorzitter, niet wethouder, dat een deel van de participatie niet goed is geweest, dat we onvoldoende bereik hebben gehad. Maar dat een groot deel van de participatie ook heel goed is gegaan. Zie de zienswijzen. Oosteindsepad staat in 1.0. Dat kunnen we daar laten staan, maar u hebt als raad echt zelf die woonvisie vastgesteld. Daar is de wethouder wonen mee op pad gegaan naar alle overlegorganen. De provincie heeft handtekeningen gezet over de hoeveelheid woningen die we op verschillende locaties gaan bouwen. En dat staat nu bij de provincie op de kaart. Daar hebben we ook als gemeente onze handtekening onder gezet. Misschien wilt u uw vraag over Koppert even schriftelijk stellen, want ik vind dat een, want u wilt het ook graag schriftelijk horen. Dan kunnen wij hem precies beantwoorden, want ik vind hem zo wat lastig. Verder, even kijken of er nog vragen zijn. Van de heer De Graaf over dat tijdwinnen, daar hebben we het voldoende over gehad, denk ik. De heer Diepeveen. Nee, ik zie verder geen vragen. Of er moet nog een interruptie komen. Oh, inwaarts soneren. Ja, ik weet het. En ik overlegde net al even. Wachten op een initiatief. Je zet inderdaad het bedrijf waar hogere milieucategorie is zo ver mogelijk weg van wat dan in de wet heet, gevoelige objecten.
Kunnen scholen zijn, kunnen woningen zijn. Dus zo ver moet dat weg. En dan heb je de rest van het terrein nog over om lagere categorieën of groen of wat dan ook daar neer te zetten. Dat is inwaarts soneren. De voorzitter: Ik zie nog een punt van orde van de heer Jumelet. De punten van orde gaan niet van de spreektijd af. Dus de heer Jumelet met een punt van orde. De heer Jumelet: Voorzitter, we zijn natuurlijk aan het einde gekomen van dit agendapunt en ik wilde toch één punt even aan de orde stellen. Ik ben zelf ook commissievoorzitter, dat u weet en het is hard werken bij dergelijke onderwerpen. En ik vind het eigenlijk heel vervelend de diskwalificatie die net de heer Van den Beukel gaf richting u. En ik geef de heer Van den Beukel in overweging om die woorden terug te nemen, want ik vind het echt heel vervelend als we elkaar op die manier bejegenen. De voorzitter: Ik twijfel een beetje of dit een ordervoorstel is, maar ik zie dat de heer Van den Beukel ook nog een punt van orde heeft. Dus die geef ik graag de mogelijkheid om nog even een punt van orde te maken. Mijnheer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Het punt van orde is dat ik grote waardering heb voor onze voorzitter vandaag en hem dank voor zijn goede debatleiding, zowel richting de insprekers als richting de raadsleden. Dat ik tegelijkertijd in overweging geef om zinnen af te laten maken. Dat is het enige.
Dat was het punt dat ik wilde maken. Maar nogmaals, waardering voor uw inzet en performance. Dank u wel. De voorzitter: Dank u voor uw woorden. Dat brengt ons aan het einde van de beraadslaging over dit onderwerp. Er zijn diverse amendementen, ideeën voor amendementen zijn hier genoemd. Er zijn diverse amendementen, zoals wij horen, in voorbereiding. De raad vergadert hierover op 4 november. Tot die tijd hebben we ook een aantal toezeggingen nog gehoord van het college. Er zijn een aantal vragen die nog beantwoord worden schriftelijk. U heeft ook zelf de mogelijkheid om voor de raadsvergadering uit nog vragen te stellen richting het college. We zullen dit punt verder behandelen als een bespreekstuk bij de raad
41/57
van 4 november. Voordat we verder gaan met agendapunt 6.b, stel ik voor om heel even te schorsen voor een minuutje of vijf. Schorsing 6.b Zienswijze Visie Economisch Vestigingsklimaat en Mobiliteitsvisie MRDH (woordvoerders Economie zijn ook uitgenodigd) De voorzitter: Geachte leden van de commissie, we gaan zo weer verder. De griffie zet even alle spreektijden weer op nul. Daar geven we onze commissiegriffier natuurlijk even de tijd voor die daarvoor nodig is. De schorsing is officieel uit de tekst beneden verdwenen, dus dan gaan we langzaamaan door naar het volgende agendapunt. Dat is agendapunt 6.b, Zienswijze Visie Economisch Vestigingsklimaat en Mobiliteitsvisie MRDH. Wie mag ik daarop het woord geven? Dan zie ik als eerste de heer Meuldijk. Mijnheer Meuldijk, gaat uw gang. Eerste termijn De heer Meuldijk: Dank u, voorzitter. Voor ons ligt een mooie complete zienswijze met gelukkig voldoende aandacht voor de ZoRo-corridor. Ik hoor iedereen Zorro zeggen, maar het is eigenlijk ZoRo. Het is goed om dat nog eens helder te verwoorden, want het moet ook duidelijk zijn, dat staat hier ook duidelijk in, dat Bleizo-West, woningbouwontwikkeling is een cruciaal vereiste om een exploitabele ZoRo-corridor te krijgen.
En ook goed dat we ons realiseren dat die MRDH, die is afhankelijk van het ruimtelijk beleid van 21 gemeenten, aangezien dat bepalend is voor de functie van de mobiliteitssystemen. Dat betekent dat wij zinnige input moeten leveren voor die visie. Er ligt dus al een goede zienswijze met terecht aandacht voor verkeersveiligheid. En ook de opmerking dat dat een kernthema in die visie dient te zijn. En in het verlengde daarvan, voorzitter, mist Leefbaar 3B nog expliciete aandacht voor een transporthub. Die is niet goed benoemd. Juist aan de randen van ons Lansingerland, met in- en uitrit op N- of A-wegen, dient een hub het zware vrachtverkeer op te vangen en te accommoderen. En als je dan overslag hebt naar kleinere elektrische voertuigen, zorg je ervoor dat het aantal grote vrachtwagens in ons Lansingerland minder wordt. Dus minder vervuiling en meer veiligheid voor kwetsbare weggebruikers. Dus voorbeelden in de regio zijn er. We hoeven hier niet het wiel opnieuw uit te vinden. Maar ik zou heel graag zien dat er een concrete aanvulling in de zienswijze wordt opgenomen om zo actief de deur open te gooien voor een dergelijke ontwikkeling binnen Lansingerland. Ander punt, voorzitter, is de publieke mobiliteit. Wordt genoemd en daarbij ook aandacht voor deelmobiliteit.
En we weten allemaal waarschijnlijk dat er geen commerciële aanbieders van deelmobiliteit meer actief zijn in Lansingerland. En Leefbaar 3B wil daar graag extra aandacht voor het feit dat de MRDH, zeer terecht overigens, deelmobiliteit gaat inzetten als onderdeel van hun totale mobiliteitsvisie. Dat hebben we van de week, vorige week was er een beeldvormende avond waarin duidelijk werd dat de MRDH dat wil gaan aanbesteden en dat middels e-bikes wil gaan doen. Voorzitter, daar hebben we dan twee opmerkingen over waarvan ik denk dat die ook in onze zienswijze moeten landen. Want als je alleen kiest voor e-bikes, is dat een dubbele misser. Waarom? Als je effectieve deelmobiliteit in wilt zetten, dan moet je ook e-scooters inzetten. Want we hebben vele gebruikers die wel een fiets hebben, maar die missen juist die scooter voor de grotere afstanden tussen kernen of gemeenten. En velen willen ook dat comfort. Dus belangrijk dat dat ook wordt opgenomen. Dan een pijnpunt over deelmobiliteit, wat we allemaal herkennen. En dat is het rondslingeren van achtergelaten, slecht geparkeerde scooters of fietsen.
42/57
De voorzitter: En over dat pijnpunt heeft misschien de heer Scheringa een interruptie. Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Nee, want dat pijnpunt had de heer Meuldijk nog niet toen ik op het knopje drukte. Waar ik een beetje mee kamp, misschien kan de heer Meuldijk dat voor mij duidelijk maken. Wat de heer Meuldijk nu allemaal noemt, dat zijn wel hele uitvoerende zaken in die zin. En we bespreken hier een visie. Dus ik zit een beetje, wat zit nou in de visie? Moet dit allemaal in de visie? Dit is heel uitvoerend, dit gaat tot 2050, dan moeten we een visie hebben. Zou dat niet in de strategische kaderstelling later kunnen komen? Dat we daar dit soort dingen in kunnen zetten, mijnheer Meuldijk? De voorzitter: Mijnheer Meuldijk. De heer Meuldijk: Dank, voorzitter. We hebben nou eenmaal, onze tool is om zienswijze om iets toe te voegen. En als iets nu niet benoemd is in een visie, dan kun je wel gaan afwachten en hopen dat het in de toekomst komt. Maar het kan ook geen kwaad om dingen expliciet te benoemen. Door het nu te benoemen en op te nemen in de bestaande visie, ben je in elk geval verzekerd en weet je zeker dat er meer aandacht voor is. De voorzitter: Nog een vervolgvraag van de heer Scheringa hierop. De heer Scheringa: Als er in de visie staat dat er deelmobiliteit gestimuleerd wordt, dan is dat toch de visie.
En dan is dat toch daar op visieniveau mee afgedekt en kan dat later in kaders aangepakt worden. De voorzitter: De heer Meuldijk. De heer Meuldijk: Dank u, voorzitter. Kijk, de beeldvormende avond van de week, vorige week, die was nou juist goed om even te bezoeken, om dan eens even te proeven bij de MRDH wat men nou wel en niet wil in die visie en hoe men dat nou bedoelt. En dat vond ik zeer interessant en dat heeft mij gemotiveerd om te zeggen we, dan mis ik nog een aantal expliciete onderdelen. Dan is het goed als wij vanuit onze gemeente dat middels een zienswijze toevoegen aan die visie. Want anders gaat het dadelijk niet efficiënt lopen. Ik ga nog even door, voorzitter, want nog even een cruciaal punt. De voorzitter: De heer Scheringa heeft nogmaals een interruptie. Ik hoop wel dat het een nieuwe vraag is, want volgens mij hebben we deze discussie wel een beetje uitgespeeld zo langzamerhand. Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Ik kan de heer Meuldijk adviseren, je kan de beeldvorming ook terugkijken. Dus dat hebben we sowieso ook gedaan vanuit de fractie. Ik hoor geen antwoord op mijn vraag, maar ik kom er in mijn eigen termijn wel op terug, voorzitter, als u mij toestaat. De voorzitter: U hoort geen antwoord op uw vraag, maar ik hoor ook geen vraag in uw interruptie. Dus laten we daar maar geen gewoonte van maken. Dus ik ga hem even teruggeven aan de heer Meuldijk.
Mijnheer Meuldijk.
43/57
De heer Meuldijk: Dank u, voorzitter. Ik wilde nog even toevoegen dat juist om daar expliciet, want deelmobiliteit wordt ergens zijdelings genoemd, maar het kan geen kwaad om dat wat explicieter neer te zetten. En met name, en daarom vraag ik er aandacht voor, want dat is iets wat we allemaal herkennen, een pijnpunt, laat ik het zo zeggen, want ik ben groot voorstander van die deelmobiliteit, maak er ook zelf gebruik van, alleen een pijnpunt is natuurlijk het rondslingeren van achtergelaten en slecht geparkeerde scooters en fietsen. Dus nu heb je een kans, als je dit in deze visie opneemt, om binnen het hele werkgebied van 21 gemeenten, vanuit de MRDH, met een uniforme werkwijze, met een vergunningstelsel of anderszins, voor de deelmobiliteit te komen. En dat zou mooi zijn als de MRDH dit oppakt, want zij willen het gaan aanbesteden en dan kan het goed helpen als je een stringente regulering van kracht laat zijn. De voorzitter: En daar heeft de heer Ruijtenberg misschien een vraag over. Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Niet zo direct daarover, maar wel een echte vraag gewoon. Als de heer Meuldijk het heeft over deelmobiliteit, maar ik hoor hem alleen maar praten over scooters, fietsen en andere tweewielers.
Maar wil hij dan ook in de visie opnemen dat we meer gaan doen aan de deelmobiliteit met autovervoer, zoals de Green Wheels, My Wheels en andere dingen die je hebt. Moet dat ook expliciet dan in de visie en waarom komt hij daar niet mee? De voorzitter: Mijnheer Meuldijk. De heer Meuldijk: Dank, voorzitter. Prima toevoeging. In de volle breedte is deelmobiliteit heel belangrijk om te benoemen. Waarom ik expliciet even de e-scooters heb genoemd is omdat de MRDH heeft aangegeven voornemens te zijn, dat zit al in de route, om het aan te gaan besteden om e-bikes te gaan benutten in het werkgebied. En dan zou het een gemiste kans zijn als je niet ook e-scooters daaraan toevoegt. Vandaar. De voorzitter: De heer Ruijtenberg nog een keer. De heer Ruijtenberg: Namelijk hierover, zoals de heer Scheringa ook al opmerkte, het is een visie die tot 2050 gaat lopen, dus 25 jaar vooruit. Als we nu gaan praten over gemiste kansen, zou het dan niet een voorstel zijn als u daar op een gegeven moment gaat aangeven van, ik wil ook specifiek dat in de langere toekomst ook die mobiliteit voor autoverkeer erin gaat komen. U blij, want kijk naar de voorsprong. Ik blij, want dat is iets wat we moeten doen om het autoverkeer terug te dingen. Dus wellicht kunnen we daar ergens in vinden. De voorzitter: Mijnheer Meuldijk. De heer Meuldijk: Dank u, voorzitter. Prima suggestie.
Ik bedoel, volgens mij hebben we hetzelfde doel voor ogen. En dat is inderdaad minder auto's in onze straten. En op welke manier dan ook met deelmobiliteit helpt dat te allen tijde en kan dat zelfs effect hebben op langere termijn op de parkeernormen. Waar we nu niet aan tornen, maar in de toekomst over 25 jaar is dat misschien een ander verhaal. Dus prima, daar staan we voor open. En voorzitter, ik hoor dus eerst graag of de commissieleden deze mening delen en dat dit
44/57
opgenomen moet worden. En daarna hoor ik graag van de wethouder of dit in de definitieve versie van onze zienswijze kan worden opgenomen. Dat zou voorkomen dat er geamendeerd moet worden. Dat was het voor nu. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Van Berkel. Is dat een interruptie of een termijn? Een termijn. Mijnheer Van Berkel. De heer Van Berkel: Dank, voorzitter. Namens D66 willen we onze waardering uitspreken voor de gezamenlijke zienswijze die de gemeente Lansingerland heeft opgesteld. Het is goed dat we als raad scherp blijven kijken naar de samenhang tussen mobiliteit, economie en ruimtelijke ontwikkeling. Want juist die integraliteit, dat is ook de kern van ons verkiezingsprogramma, maar ook volgens mij heel collegebreed of raadsbreed gedeeld. We willen allemaal een Lansingerland waar je veilig en betaalbaar kunt wonen. Waar je duurzaam kunt reizen, maar ook waar ondernemers en inwoners samen kunnen bouwen. We zijn blij dat in de zienswijze de ZoRo-corridor, zo zeg ik het goed, nadrukkelijk naar voren schuift. Voor D66 is dit de sleutel voor duurzame bereikbaarheid en economische kracht. Het verbindt de woningbouwlocaties zoals toekomstig Bleizo-West met kennisinstellingen, Greenport, Rotterdamse Haven. En wij pleiten ook al jaren voor de doortrekking en vertramming van de ZoRo-lijn.
We steunen daarom ook de oproep om deze corridor niet als mogelijk, maar als te realiseren HOV te benoemen, conform het MIRT-besluit. Inhoudelijk kunnen we ons heel goed aansluiten bij de zienswijze die het college voorstelt. Maar wat we in het raadsvoorstel heel goed teruglezen, maar eigenlijk niet zo goed in de zienswijze, zijn de zorgen over de financiële haalbaarheid. En eigenlijk die paragraaf die in het raadsvoorstel staat, vinden we echt heel goed. Waarin wordt aangegeven dat in de visie expliciet moet worden aangegeven welke investeringsbehoefte er is, hoe die wordt afgedekt. En we stellen daarom voor om eigenlijk letterlijk de tekst uit het raadsvoorstel in de zienswijze te kopiëren. Want volgens mij stond het daar gewoon prima verwoord. Dan nog even over het voorstel van de Meuldijk. Ik vind het heel positief. Daar staan we helemaal achter. Laten we het opnemen. De voorzitter: Is dat een interruptie of een termijn van de heer Scheringa? Een interruptie van de heer Scheringa, wat een verrassing. Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dat hoeft niet zo verrassend te zijn, voorzitter, maar dank u wel voor het woord. Ik vroeg me wel af, want ik zie ook in de zienswijze dat er meer prioriteit aan auto's gegeven moet worden. Of misschien niet meer, maar dat er vooral niet minder prioriteit aan auto's mag gegeven worden.
Is dat nu de lijn van D66 geworden? Want u stemt hier van harte mee in, begreep ik. Of zie ik het nou verkeerd? De voorzitter: Mijnheer Van Berkel, uw reactie. De heer Van Berkel: Ik vind het een mooi gevonden interruptie of een mooi gezochte vraag. We kunnen elke keer deze discussie, waarvan we al weten hoe de verhoudingen in deze raad liggen, bij elk voorstel waar de auto wordt genoemd, opnieuw gaan bediscussiëren, maar laten we dat nou niet elke keer doen. Dit is gewoon een zienswijze. Dus wat mij betreft, wij stimuleren, maar dat zeggen we volgens mij al heel erg lang, met name heel ander vervoer dan de auto's. Om nou deze discussie nu ook hier weer te voeren met de zienswijze, laten we dat niet doen.
45/57
De voorzitter: Zie ik toch nog een vervolginterruptie van de heer Scheringa. Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Als we dat niet bij deze zienswijze doen, die zeg maar voor vijftig jaar vastgesteld wordt voor de MRDH, waar moeten we het dan doen, mijnheer Van Berkel? De voorzitter: Mijnheer Van Berkel. De heer Van Berkel: Ik steun u van harte. Ik ben het helemaal met u eens. Als we dat willen, van mij mag u hier dat voorstel neerleggen. Ik weet eigenlijk ook al wat de uitkomst dan is van de stemming over dat voorstel. De voorzitter: Is dat ook het einde van uw termijn? Dan kijk ik even rond in de eerste termijn wie nog meer interesse heeft? De heer Jumelet was toch net iets eerder dan de heer Scheringa. De heer Vincent Jumelet moet ik daarbij zeggen. De heer Jumelet: Dank u, voorzitter. Toch wel zonde om te zien dat het spektakel van de avond zo weinig publiek trekt ten opzichte van het voorgaande punt. Maar goed, dat geeft niet. Wat de VVD betreft ligt er in onze ogen een positieve zienswijze voor. We zien goed, het woord zegt het, de naam zegt het al, economisch vestigingsklimaat en mobiliteit. En wat ons betreft komen die vanuit ons perspectief goed terug in de zienswijze. Zo zien we dat drie punten goed terugkomen.
Wat ons betreft is het meer aandacht voor die economische clusters, die wij zeer belangrijk vinden in onze toch wel bouwende op logistiek en op ondernemerschap van onze gemeente. Daarbij de blijvende rol van de auto en de logistiek, er werd al iets over gezegd, maar wat ons betreft is dat een positieve om erin te houden. En hetzelfde geldt voor de verkeersveiligheid, neem die concreet en ambitieus mee. Wat ons betreft ligt er een goede zienswijze en kunnen we daarmee instemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dan, toch echt voor zijn termijn, de heer Scheringa. De heer Scheringa: Zeker, dank u wel. Mijn fractie kan zich ook grotendeels vinden in deze visie. De koppeling van mobiliteit en economisch vestigingsklimaat is een goede zet naar ons idee. De visie is tot 2050 en bevat ambitieuze ideeën gericht op de toekomst. Wat vinden wij van de zienswijze? De zienswijze zet wel enigszins een rem op die ambities, vinden wij. En dat vinden we jammer. Het is ook een beetje wat ik ook bij de heer Meuldijk probeerde aan te geven, wat nu ondenkbaar is met de bril van 2025, dat hoeft in 2050 helemaal niet meer ondenkbaar te zijn, maar normaal. Ik bedoel, ik kan ook niet zo ver in de toekomst kijken. En door nu allemaal eisen te gaan stellen aan visies, dus een visie is volgens mij gewoon een gedeeld beeld waar we heen willen, naar mijn idee.
En daar nu al eisen op te stellen, daar doe je gewoon je eigen visie tekort. Daar ga je nu al op terug kijken. Want kijk bijvoorbeeld 25 jaar geleden, 25 jaar geleden hadden we net de jaar 2000-problemen achter de rug. iPhone, die bestond nog helemaal niet. Als je muziek wou luisteren, dan moest je een cd kopen. Of downloaden, maar dat mag niet. Dus een cd kopen. En dat geeft maar aan, wat kan er in 25 jaar veranderen. Dus de heer Meuldijk wil graag deelmobiliteit, prima. Collega Ruijtenberg stelt ook auto's. Maar misschien zijn er
46/57
over 2050 wel deeldrones, weet jij veel. En dan hebben we die niet in de visie gezet. En dat sluiten we dan direct uit. De voorzitter: Daar heeft de heer Meuldijk nog een vraag over. Mijnheer Meuldijk. De heer Meuldijk: Dank u, voorzitter. U zegt het zelf, die visie is voor de komende 25 jaar. Dus we weten hier allemaal, zoals we hier zitten, dat die tussentijds echt wel een keer aangevuld of bijgesteld gaat worden. Dat weten we allemaal. Maar waarom zou je dan nu iets wat op dit moment speelt er niet in opnemen? Ik zie geen enkele reden om het nu weg te laten en dat je naderhand drones of andere dingen wilt toevoegen, dat kan. Bent u het daar mee eens? De voorzitter: Dank u wel. Ik wil er wel even bij zeggen, mijnheer Meuldijk, dat u al bijna door uw tijd heen bent. Dat had ik bij dit agendapunt niet per se verwacht, maar u heeft nog maar een paar seconden. Maar de heer Scheringa in reactie. De heer Scheringa: Nou weet ik zijn vraag niet meer, maar dat maakt niet uit. Het gaat me meer op de plek waarop. Ga je dat in een visie zetten? Een visie moet denk ik algemeen en een vooruitscheppend beeld worden. Als je dingen wil toevoegen op de uitvoering, zou ik dat in een strategisch kader zetten. En dat is ook eigenlijk mijn vraag aan het college. Want misschien begrijp ik het wel verkeerd.
Of is dat ook de bedoeling, zeg maar, om dat soort eisen en criteria op de uitvoering te zetten en dan daarin mee te nemen. Maar ik lees het nu als op de visie. En dat zou ik toch beperkend vinden naar de visie. Een andere rem is, die wij zien, is oog houden voor de automobiliteit. Ik heb daar al met de heer Van Berkel een korte discussie over gehad. Ik snap dat dat hier in de raad moeilijk ligt. Aan de andere kant denk ik, in de visie wordt automobiliteit niet beperkt. Het staat er gewoon in, het kan nog steeds. Het gaat alleen op maatwerk. Als je dat nu weer vastzet van, we willen toch automobiliteit, zit je straks tot 2050 met automobiliteit, terwijl iedereen ondertussen met die drone gaat. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Krieger. De heer Krieger: Dank u wel, voorzitter. Misschien een beetje kinderachtig, maar dan ga ik de woorden van de heer Scheringa toch een beetje tegen hem gebruiken. Is het niet een beetje te voorbarig om nu al in te zetten op beperken van automobiliteit? Want misschien over 25 jaar hebben we allemaal wel hele schone auto's die door de lucht vliegen. We weten het niet. Dus ik denk niet dat dat het punt is om hier nu heel erg op in te gaan. Maar als de heer Scheringa dat wil, dan sluit ik me aan bij mijn collega van D66, dan moeten we het hier nu misschien heel snel in stemming brengen. Maar daarvan akte.
De voorzitter: Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dat is precies de andere kant op. Dus nee, dat zeg ik helemaal niet. En het staat er ook helemaal niet in, dat automobiliteit verdreven wordt. Wil je het extra doen? Dat is de vraag. Prima. Tot zover. Dat hebben we dan wel behandeld, auto's en dingen. Ik heb, wij missen eigenlijk nog wel zelf twee andere dingen in de visie. Sowieso, cluster digitale technologie en security die wordt genoemd. Dat zijn de belangrijke. Dat vinden wij ook. Maar ik zie dat niet terugkomen bij de keuzes. En dat zou ik daar bij die
47/57
keuzes wel fijn vinden als dat terugkomt. Want juist in deze gevaarlijke tijd, met de hacks en weet ik wat allemaal, is veilige infrastructuur en security voor onze bedrijven gewoon super van belang. Dus het lijkt mij handig dat de MRDH daar ook dat toevoegt. Dus dat wij oproepen om dat toe te voegen. Het is gewoon een cluster. En als laatste, en de heer Meuldijk begon daarover, ik denk dat we het daar ook wel eens zijn, de visie is tot 2050. Maar dat gaat sowieso bijgesteld worden. Ik zie dat alleen nergens terug in een afspraak of zo. Is het misschien handig om dat toe te voegen aan de zienswijze dat wij elke keer als er een strategisch kader wordt toegevoegd, dat we dan ook even de visie herijken. Ik zou graag willen weten wat de andere fracties nog van dat punt vinden. En tot zover mijn termijn, voorzitter. De voorzitter: Dan kijk ik even rond. Mijnheer Hofman. De heer Hofman: Voorzitter, dank u wel. Voor mijn termijn kan ik voor het grootste deel aansluiten bij de heer Van Berkel van D66. Inclusief het interruptiedebatje dat hij had met de heer Scheringa. Ook voor ons is het van belang dat de nadruk in de zienswijze ligt op die ZoRo-vertramming. Dat vinden we een belangrijk punt, dat vinden we goed verwoord. En wat ons betreft kan de zienswijze daarmee uit. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Zantman. De heer Zantman: Dank, voorzitter.
Ook mijn fractie was verheugd over deze zienswijze. In onze optiek worden de belangen van Lansingerland prima behartigd en wij stemmen daar dan volmondig mee in. De voorzitter: Dan zag ik net al de heer Krieger. De heer Krieger: Dank u wel, voorzitter. Ik heb natuurlijk niet voor niets tot het einde gewacht. Ik vond het erg lastig allemaal. Zeker na het betoog van de heer Meuldijk. Nee, even, alle gekheid op een stokje. De voorzitter: Ik ga u toch nu al onderbreken voor een interruptie van de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Of de heer Krieger zich realiseert dat dat tot het einde wachten mislukt is, omdat ik nog naar hem moet. De voorzitter: Mijnheer Krieger. De heer Krieger: Dank u wel, voorzitter. Maar misschien kan ik dat afkopen met een fles wijn en een gevulde koek, mijnheer Ruijtenberg. Maar dat komt goed. Even kijken. Namens het CDA, de zienswijze, prima, biedt goede suggesties en aandachtspunten voor de mobiliteit en verkeersveiligheid. Ik ken de heer Meuldijk al wat langer, maar verdorie mijnheer Meuldijk, er kwam wat zinnigs uit. Ik moet zeggen dat wij als CDA niet heel erg negatief staan tegenover uw voorstel voor iets van een mobiliteitshub aan de rand van de gemeente.
Zeker iets waar we rekening mee moeten houden, ook met oog op de toekomst en dat we het voor de lange termijn vaststellen, is helemaal niet slecht om een mobiliteitshub in te richten dat vervuilende, als die er dan nog zijn, zware vrachtwagens overladen. Verder, voorzitter, dus wij zien uw voorstel daarvoor graag tegemoet. Verder kijk
48/57
ik nog even, er werd iets gezegd over deelmobiliteit. Het zal u niet verbazen, het CDA zet lokaal haar groene lijn voort. Dus deelmobiliteit geen probleem, in welke vorm dan ook. Maar mits groen en elektrisch, uiteraard. Dan mijn collega Scheringa schuin achter mij, ook niet heel erg onlogisch en gek om in zo'n visie op te nemen van, laten we na een aantal jaar eens kijken of die nog voldoet. Dus dat je iets opneemt over tussentijds herijken. Dus daar staan wij ook voor open. Het moet niet in beton gegoten zijn voor altijd. En ik denk dat we het daarbij kunnen laten en dat we het daarmee af kunnen doen. In de eerste termijn zeker, of er een tweede komt moeten we nog maar bezien. De voorzitter: Dank u wel. Absolute cliffhanger. Mijnheer Ruijtenberg, echt als laatste, volgens mij. De heer Ruijtenberg: Aangezien mevrouw Van Olst er niet is, klopt dat inderdaad. Ik heb heel erg getwijfeld over hoe ik hier moet gaan beginnen met dit stuk eigenlijk, om de doodeenvoudige reden dat heel veel dingen die al hier benoemd zijn, daar zijn we het mee eens. We zijn positief over het realisme in het gebied van de mobiliteitsvisie, positief ook over die economische visie. Dat er kritiek op het ontbreken van de clusterstructuur vinden wij hartstikke goed daarin. Die aandacht op de ZoRo-baan is hartstikke goed, is al door meerdere collega's benoemd.
Dus wat zou ik daar in hemelsnaam nog aan moeten toevoegen aan al die goede woorden die daar gezegd zijn. Eén passage die erin staat, die is volgens mij bijna poëtisch en die wil ik zo voorlezen, die vind ik zo mooi. Het belang van bereikbaarheid voor alle doelgroepen weegt voor ons zwaarder dan louter financieeleconomische overwegingen. Een OV-lijn of collectief georganiseerde verbinding mag niet uitsluitend worden beoordeeld op kosteneffectiviteit. Zo mooi, ik ga hem bijna boven mijn bed hangen. Ik had niet verwacht dat dit van dit college nog hierin zou komen, dus daarin houden. Dan een paar aandachtspuntjes toch. Er wordt gesproken over bezien dat de MRDH op samenhang en consistentie van het beleid. Daarmee leg je wat ons betreft denk ik een grote rol bij de MRDH dan waar zij eigenlijk voor is. We zijn als GroenLinks heel kritisch op de MRDH. Ik heb al vaker hier mijn twijfels geuit over de democratische legitimiteit hiervan. Of je niet dingen bij de provincie moeten neerleggen. Om het hier zo expliciet in te benoemen, ik twijfel erover. Een MRDH die gemeenten gaat aanspreken en faciliteren. Ik weet niet of aanspreken iets is wat je echt wil van dit orgaan of dat je moet zeggen van, dat doen we dan bij de provincie. Dus ik twijfel erover. En dan ga je merken dat als je samenwerkt als GroenLinks en PvdA dat je elkaar een beetje gaat beïnvloeden op heel veel dingen.
En zo is in ieder geval de heer Scheringa heel erg beïnvloed door het GroenLinks geluid als het gaat over auto's. Dat is een geluid dat elke GroenLinkser er zo wat kunnen roepen. Aan de andere kant zeg ik, ik ben een beetje beïnvloed door de PvdA. Ook over dat gebied van auto's. Want ik denk namelijk dat auto's wel degelijk, en dan moeten we realistisch zijn, gewoon een onderdeel zijn van de maatschappij. Om nu inderdaad iets wat al bestaat per definitie eruit te halen is mooi, maar niet realistisch. En ik denk dat we wel ons moeten realiseren dat auto's gaan steeds zuiniger worden. Het gaat elektrisch worden. Het gaat minder milieubelastend worden. Maar er zal zeker in die buitengebieden, en ook Lansingerland is wat dat betreft wel enigszins een buitengebied, zolang het OV hier nog slecht is, zal er ruimte zijn voor mobiliteit van auto's. Dus ik denk in tegenstelling tot de heer Scheringa, we zijn het bijna altijd eens, maar nu even niet, dat je dit wel er gewoon in moet laten staan. En laten we dat maar houden op de kruisbestuiving die we hebben van onze beide partijen. Tot slot, deelmobiliteit. Ik heb het al genoemd. Ik wil graag samenwerken met de heer Meuldijk, mocht de wethouder, wat eigenlijk niet kan, want het
49/57
is immers onze visie, maar mocht de wethouder of iemand het niet oppakken om het erin te krijgen. Maar ik stel voor dat men daar, net als Tom Poes, een list gaat verzinnen om het er toch in te doen. En het idee van de hubs waarbij je inderdaad vervuilende of zware mobiliteit buiten de gemeentegrenzen kunt houden, of aan de randen van de gemeentegrenzen, het is interessant en ik denk dat dat ook een plek verdient. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, commissie, voor deze bijdrage in de eerste termijn. Voordat we zo naar het college gaan, is het inderdaad, het werd door de heer Ruijtenberg ook al gezegd, de zienswijze is een stuk van u als raad. Het is uw zienswijze op de visie economisch vestigingsklimaat en de mobiliteitsvisie van de MRDH. Dus het staat u ook vrij om die naar uw inziens aan te passen. Ik heb al best wel een hoop voorstellen gehoord van, of het nou gaat over deelmobiliteit, over financiën, over drones, over hubs en nog allerlei andere woorden. Dus ik zou bij voorbaat alvast willen meegeven, we hebben genoeg tijd tot aan de raad, zoek elkaar op om mooie amendementen te maken en daar brede steun voor te verzamelen. Dat is denk ik de makkelijkste manier om deze zienswijze naar het door u gewenste niveau te tillen. Met die woorden, wethouder Muis.
Beantwoording college De heer Muis: Dank, voorzitter en inderdaad dank voor uw suggestie, advies aan de commissie hoe deze nieuwe wensen en ideeën in de zienswijze te krijgen. Het zijn ook heel verschillende dingen die genoemd zijn. Ik zie ook niet direct of er allemaal meerderheden voor zijn. Dus dat maakt het wel lastig, zeker omdat we ook geen concrete teksten hebben om dat vanuit het college te doen. Dus volg inderdaad zo u wilt het advies van de voorzitter. Ik dacht, het is natuurlijk eigenlijk mijn collega Fortuyn en collega Hoek is ook aanwezig, maar ik zal hier vanavond antwoorden. Ik dacht, er ligt toch wel een hele mooie, zeer uitgebreide zienswijze en u heeft dat ook allemaal gelukkig wel beaamd. U bent volgens mij over het algemeen prima tevreden ermee. Ik hoor, het ziet er goed uit, de ZoRo wordt meerdere malen genoemd, we kunnen ermee instemmen, goede suggesties, et cetera. Dus al die bijdragen, daar ga ik nu verder niet bij stilstaan. Ik zoom even in op de vragen, opmerkingen die zijn gesteld. En dan begin ik toch maar aan de voorkant bij de heer Meuldijk. Die had het over een transporthub. Dat komt natuurlijk wel voor, dat speelt in de regio.
Het is natuurlijk wel lastig om, als u nu ter plekke een soort Lansingerlands voorbeeld wil maken, om dat erin te fietsen, weet ik niet of dit nu het geschikte moment is, als u daar niet met elkaar uitgebreider en langer over heeft gesproken. Op zich zijn natuurlijk ook in omgevingsvisie, hebben we het over laden voor logistiek, om dat te stimuleren. Dus dat is op zich wel een haakje waar u aan kunt denken, als u het heeft over die hubs. Dan de deelmobiliteit, dat wordt natuurlijk wel genoemd. De vraag is wat je daar inderdaad verder in wil in een visie. Wat je daar nou verder mee wil geven, want dat heeft de heer Scheringa natuurlijk ook gezegd, je moet wel duidelijk even de visie onderscheiden van plannen en programma. Dat je niet nu probeert al te veel te regelen, omdat het natuurlijk ook een visie voor de langere termijn is. Dus kijk daar goed naar. Maak het niet te specifiek, denk ik, wil ik u meegeven. Dan de heer Van Berkel. Zorgen over de financiële haalbaarheid. Suggestie om een hele paragraaf uit het raadsvoorstel erin op te nemen. Ik heb er anderen niet over gehoord, dus ik denk dat u dat ook met elkaar moet bespreken, of u dat wil doen. Op zich staat er wel kritisch op die randvoorwaarden en succesfactoren.
Want het is natuurlijk van belang voor ons en voor u, daarom staat het ook zo nadrukkelijk in de zienswijze, geef nou aan, wat is er concreet nodig van welke partij om te zorgen dat
50/57
we hier deze droombeelden en deze ideeën, deze visies, succesvol om gaan zetten in concrete resultaten. Dus het is ook vooral inderdaad voor de volgende fase heel belangrijk, dus na het vaststellen van die definitieve visies, dat we ook, u en wij gezamenlijk, blijven sturen op die concretisering die nodig is voor het programma. De voorzitter: Ik denk dat de heer Van Berkel daar een vraag over heeft. Mijnheer Van Berkel. De heer Van Berkel: Dat heb ik zeker. Dank, voorzitter. Ik wil even checken, u zet het ook niet voor niets in het raadsvoorstel op zo'n manier neer. Helpt het Lansingerland of helpt het u in uw rol om het wel in de zienswijze op te nemen, zo expliciet? De voorzitter: Mijnheer Muis. De heer Muis: Volgens mij kan het geen kwaad als onder de randvoorwaarden en succesfactoren, als u daar ook expliciet aandacht vraagt voor wat er financieel van wie nodig is, dat u daar in een volgende fase, dus zeg maar niet in die visie, maar dat u dat meegeeft, dat dat wel geconcretiseerd moet worden. Volgens mij is dat prima. Even kijken, de heer Jumelet. Die was ook akkoord. De heer Scheringa. Heb ik al iets van herhaald. Even kijken. De heer Scheringa bracht ook nog aan voren cluster digitale veiligheid, security. Daar hebben anderen nog niet de gelegenheid gehad om op te reageren. Misschien nog in de tweede termijn. En anders kunt u kijken of er een meerderheid voor is.
Dan was er een vraag over, even in mijn woorden, wanneer kunnen we hier weer over spreken? Wanneer wordt het herzien? Op zich, de strategische agenda, die wordt om de vier jaar herzien. En tussentijds worden er vast ook updates gegeven. Dat is iets wat u mee kunt geven, als u zegt, wij willen hier om de zoveel tijd een update hebben. Dan kijk ik wel even naar de overkant, ambtelijk. Je kunt het altijd vragen in die zin. Dus zou ik dat even afstemmen als u hier met elkaar iets voor wilt, dat het ook werkbaar is voor de MRDH. Want het is natuurlijk niet alleen Lansingerland, maar ook nog een heleboel andere gemeenten waar ze dat dan moeten doen. Dus denk daar even goed over na, op wat voor manier je dat praktisch mee zou kunnen nemen. Dan, volgens mij de heer Krieger, die sloot gewoon aan bij ook het voorstel van de heer Meuldijk. De voorzitter: Ik ga u heel even onderbreken voor nog een vraag van de heer Scheringa. Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Ik snap dat het ook werkbaar moet zijn. Op zich, als we even gewoon vragen in de zienswijze van of de MRDH hierover na wil denken, dan is het toch voldoende? Dan met het verzoek of zij met een werkbare optie komen. Als we zoiets maken, zou dat dan voldoende zijn, volgens de wethouder? De voorzitter: Wethouder Muis. De heer Muis: Ja, u kunt dat natuurlijk opnemen in uw zienswijze.
Ik zeg alleen, het is misschien fijn om te checken of dat dan ook voor andere gemeenten, en via ambtelijk advies, of dat haalbaar is. Want kijk, wij kunnen het wel willen, maar het is fijn als iedereen dat dan ook wil, want dan gaat het daadwerkelijk gebeuren. U kunt alles in uw zienswijze opnemen. Maar die toets is misschien wel even goed van, wat heeft de meeste
51/57
kans van slagen. Maar ik geef het u mee, u hoeft er niet naar te luisteren. Maar neem het in overweging. Even kijken, volgens mij hebben we zo wel een beetje alles gehad, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Muis. Eerste termijn van het college is daarmee afgerond. Dan kijk ik voor de tweede termijn nog even naar de commissie, wie er behoefte heeft aan een tweede termijn. En daar is de heer Van Berkel al heel snel bij. Mijnheer Van Berkel. De heer Van Berkel: Het is niet een super urgente vraag. Misschien is het meer een punt van orde, dat weet ik eigenlijk niet. Ik hoor toch diverse mensen die een amendement overwegen, maar de eerstvolgende raadsvergadering waarin we kunnen besluiten is 4 november. En ik lees dat de termijn voor indienen van zienswijze 3 november is. Dus hoe gaan we dat doen? Dat is misschien een vraag aan het college, maar misschien ook een vraag aan de voorzitter. De voorzitter: Dat is een goede vraag aan de voorzitter inderdaad. Ik zie dat de heer Hofman ook nog misschien een punt van orde heeft. Dat geeft mij wat bedenktijd. Dus mijnheer Hofman. De heer Hofman: Ik zal hem maar gelijk beantwoorden, want in de beeldvorming is dit langsgekomen en ze zullen wat clement met ons zijn, want wij hebben door de verkiezingen onze raadsvergadering moeten uitstellen. Dat was het.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hofman, voor dit zeer prettige punt van orde. En fijn dat u die beeldvorming ook kon voorzitten. Dus fijn. Dat is weer een geruststelling voor iedereen. Na deze twee punten van orde gaan we toch even door naar de tweede termijn vanuit de commissie. En dan de heer Scheringa in tweede termijn. Tweede termijn De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Mijn partij is niet tegen auto's en het staat er gewoon in. Maar ik heb de discussie gehoord, dus daar laten we het nu even bij. Ik ga wel even met de heer Krieger, denk ik, even overleggen en misschien dat de heer Meuldijk ook mee wil doen om toch iets van een evaluatie erin te zetten. En dan denken we daarna om dat te amenderen. En voor de rest is denk ik het meeste wel gezegd en we hebben contact tot de raadvergadering met de overige fracties. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Scheringa. Ik kijk nog even rond wie er nog meer behoefte heeft aan een tweede termijn. Zie ik niet? Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ik ben de heer Scheringa nog antwoord schuldig op dat idee van een cluster voor de informatiebeveiliging. Dat lijkt me een prima idee. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nog even rond. Ik heb ook geen vragen meer aan het college gehoord. Dan lijkt het mij zinvol om richting de raad 4 november, zoals ik al zei, u heeft tijd, vindt elkaar om mooie amendementen te maken.
Ik zou zeggen, maak een mooi appgroepje met elkaar. En dan kunt u een paar mooie voorstellen formuleren. En dan zien we dat in de raad graag tegemoet. Daarmee komen we aan het einde van agendapunt 6.b.
52/57
6.c Vaststelling Subsidieverordening en - regeling voor het Recreatieschap Rottemeren De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 6.c. Dat is de vaststelling Subsidieverordening en -regeling van het Recreatieschap Rottemeren. Die is in 2023 vastgesteld door de raden van Rotterdam, Zuidplas en Lansingerland. Bij vaststelling is besloten dat de verordening na twee jaar inhoudelijk wordt geëvalueerd. De evaluatie heeft inmiddels plaatsgevonden en op basis daarvan is de voorliggende nieuwe subsidieverordening opgesteld. Het AB heeft op 6 juli jongstleden al ingestemd met deze verordening en vraagt de deelnemende raden de subsidieverordening en -regeling vast te stellen. Wie kan ik hiervoor het woord geven? Mevrouw Boonstra als eerste. Eerste termijn Mevrouw Boonstra: Dank u wel, voorzitter. Wat de subsidieverordening betreft hebben er enkele juridische aanpassingen plaatsgehad en dat is ook eigenlijk de grootste reden waarom de subsidieverordening dus weer voor ligt. En eigenlijk kort en bondig zou ik gewoon zeggen van, we maken hier een hamerstuk van. De voorzitter: Er werd heel snel geklikt, maar de heer Van Berkel was toch net iets sneller dan de heer Hofman. De heer Van Berkel: Dank, voorzitter. En ik weet ook niet wie ik moet bedanken, de wethouder of mevrouw Boonstra voor het initiatief om de juristen er goed naar te laten kijken. Volgens mij een mooie stap gezet.
En toch even heel vervelend, er zit een spelfoutje in de nieuwe verordening. Er staat kalendarjaar in plaats van kalenderjaar. Dus als die wordt vastgesteld misschien wel met een hele kleine correctie. De voorzitter: Ik neem aan dat deze kleine tekstuele correctie wel gemaakt kan worden zonder amendement, want dat lijkt me heel erg zonde van ieder zijn tijd. Mijnheer Hofman. De heer Hofman: Naast mijn lidmaatschap van de ChristenUnie ben ik ook van de Bond tegen de spelfouten. Dus ik kan niet leven met deze verordening op het moment dat deze spelfout erin blijft staan. Dus ik zal tegen de, nee, sorry, hamerstuk wat ons betreft. De voorzitter: Mijnheer Crielaard daarna. De heer Crielaard: Dank u wel, voorzitter. In principe een prima subsidieverordening. En het zal u niet verbazen, voor Leefbaar 3B is dit ook een hamerstuk. Wel één opmerking, ik wil namens mijn fractie van Leefbaar 3B wel benadrukken dat ook kleinschalige educatieve initiatieven, zoals kinderboerderijen en dierenweides, wij gaan ervan uit dat dit ook binnen de subsidiabele activiteiten in het recreatieschap passen. Sluit immers goed aan bij natuureducatie. We horen graag nog wel even van de wethouder of het college dit ook onderschrijft en of dit ook richting dagelijks bestuur wordt uitgedragen. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we naar de heer Ruijtenberg.
53/57
De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Zoals eerder op de avond de PvdA de woordvoering ook namens GroenLinks deed, heb ik nu de eer om namens PvdA ook hun woordvoering te doen. Dat gezegd hebbende, hamerstuk. De voorzitter: De anticipatie was zo hoog. Mevrouw Leijendekker. Mevrouw Leijendekker: Dank u, voorzitter. Wat ons betreft is dit ook een hamerstuk. Positief dat subsidie mogelijk wordt gemaakt voor kleine maatschappelijke initiatieven, stimuleert mensen om projecten in het recreatiegebied op te starten. Er zit nog wel steeds na de evaluatie, hebben we begrepen, een juridisch risico in ten aanzien van de bevoegdhedenverdeling, dat geeft het algemeen bestuur ook aan. Maar ze zeggen dat dat waarschijnlijk niet leidt tot het ongeldig verklaren van de besluiten. Dus dan gaan we daar maar vanuit. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan de heer Toussaint. De heer Toussaint: Dank voor het woord, voorzitter. We hebben als raad natuurlijk een raadsrapporteur aangesteld en die heeft goed onderbouwd een verhaal neergezet waar de VVD zich bij kan aansluiten. Dus wat ons betreft een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben we volgens mij alle partijen in eerste termijn gehad. Dan kijk ik heel even naar het college. Er is één vraag gesteld door de fractie van Leefbaar 3B volgens mij. Dus wethouder Muis.
Beantwoording college De heer Muis: Dank u wel, voorzitter. De spelfout die genoemd is, halen we eruit. Vanuit mijn kant ook dank aan mevrouw Boonstra voor het weer kritisch meelezen. Dan hebben we nog inderdaad de vraag van de heer Crielaard van Leefbaar 3B. Het punt is, het moeten wel nieuwe initiatieven zijn. Dus in die zin kan het wel iets zijn op het gebied van natuur- en milieueducatie, maar het moet ook wel weer iets toevoegen. Dus het zal er een beetje van afhangen. Dus ik kan nu niet zeggen, ik ben ook niet degene die dat nu allemaal zelf beoordeelt. Dus daarvoor hebben we nou juist dit kader. Alleen het moet wel iets nieuws zijn. Ik voel een interruptie aankomen, voorzitter. De voorzitter: U voelde hem correct aankomen. Mijnheer Crielaard. De heer Crielaard: Gewoon even puur, zodat ik hem goed helder heb, maar wat bedoelt de wethouder dan met, het moet iets nieuws zijn? De voorzitter: Wethouder Muis. De heer Muis: Je wilt ook niet dat het volgens mij een structurele subsidierelatie wordt. Het zijn kleine initiatieven, dus het moet dan wel iets nieuws zijn. Dan gaan niet ieder jaar verschillende organisaties met hetzelfde idee komen. Als dat voldoende is, dan laat ik het hierbij.
54/57
De voorzitter: Dat brengt ons aan het einde van de eerste termijn van het college. Ik heb zomaar het gevoel dat er geen behoefte is aan een tweede termijn vanuit de commissie. Zeker nu de spelfouten er uit worden gehaald, wat voor sommige mensen een hele belangrijke zaak is. Dan denk ik ook dat dit stuk als hamerstuk richting de raad kan. Ja, dat merk ik. 7. Actualiteiten uit het college De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 7. Dat zijn de actualiteiten uit het college. Zoals altijd is ook de voortgangsrapportage aangeleverd, zijn hier nog vragen over vanuit de commissie? Mijnheer Van Berkel. De heer Van Berkel: Dank, voorzitter. Even een compliment aan de wethouder over de voortgang van de speelplek Cranberryplantsoen. Ik ben er heel blij mee dat dat overleg met de inwoners heeft geleid tot een aanpassing van het ontwerp. U gaat de bewoners informeren en per november starten de werkzaamheden. Of die zijn dan zelfs afgerond. Zou u ons als raad ook willen informeren? En misschien kunt u aanbieden dat de raad het misschien wel leuk vindt om te komen kijken als het klaar is. Ik vind het toch wel mooi dat we dat zo hebben opgepakt. Ja, ik heb een kind van 9. De voorzitter: Dank u wel. Dank u wel, mijnheer Van Berkel. Die vraagt om een uitnodiging voor de opening. Daar kan de wethouder vast wel een antwoord op geven of dat mogelijk is. De heer Muis: Dank u wel.
Dat is prima hoor, wat de heer Van Berkel vraagt. We zullen u informeren zodra het opgeleverd wordt. Ik denk niet dat het een enorm groot feest gaat worden. Voor de bewoners natuurlijk wel. Maar goed, u krijgt het te horen wanneer het is. De voorzitter: Dan zie ik nog een vraag van de heer Hofman De heer Hofman: Voorzitter, dank u wel. In de update lazen we positieve berichten over het Triangelpark en over de aankoop die daar gedaan is. Een vraag van mij aan de wethouder, lukt het nog om het binnen deze collegeperiode af te ronden? De voorzitter: Wethouder Muis. Dat knopje, ik wen er toch nog niet helemaal aan. Wethouder Muis, nogmaals De heer Muis: Voorzitter, het af te ronden, het Triangelpark, dat wordt niet deze collegeperiode afgerond. We zijn natuurlijk wel in de hele omgeving met allerlei maatregelen bezig. Dus volgens mij krijgt het steeds verder vorm. Maar er zijn echt nog wel wat stappen te zetten om het te maken tot een park. Maar volgens mij zijn we nu goed op stoom. Dus ik hoop ook dat u ook en het nieuwe college, nieuwe raad, ook hier dit blijft doorpakken, want volgens mij hebben we nu echt een mooie, goede start gemaakt. De voorzitter: Dank u, wethouder. Voor de rest nog vragen over het actualiteitenoverzicht? Nog van, als dat zo niet, nog vanuit het college actualiteiten die het vermelden waard zijn? Nee? 8. Actualiteiten uit de commissie
55/57
De voorzitter: Dan gaan we naar de agendapunt 8, actualiteiten uit de commissie. De heer De Graaf heeft daar iets te melden. Mijnheer De Graaf. De heer De Graaf: Dank u wel, voorzitter. Ik dacht dat misschien wethouder Fortuyn deze vanavond zou pakken, maar die is er niet. En ik las het ook niet in het overzicht terug. Maar ik denk toch goed om even te benoemen dat ik samen met een aantal collega's getuige mocht zijn van de bestuurlijke opening van de A16 vorige week. Ik denk in dit huis zeker niet onbenoemd te laten. Dat is de afronding van een intensief mooi traject, waar een mooi resultaat ligt, goed voor de ontsluiting van onze gemeente. Aan de voorkant had ik natuurlijk wat zorgen over het onderliggend wegennet, de proof of the pudding zit nu in de eating, dus we gaan met elkaar meemaken wat daar de impact van gaat zijn. Maar ik denk per saldo mogen we blij en trots zijn met de stap die hier gezet is met deze opening. Het was een mooi feestje. Wethouder Fortuyn heeft daar een zelfde performance gegeven die hij in dit huis ook vaak geeft, dus zijn eigen regels van wat betreft termijnen en dat soort zaken vast te stellen. Maar het was al met al een mooie aangelegenheid. Ik heb daar, ik denk dat ik ook namens de aanwezige collega's spreek, we hebben echt genoten van het moment en de blijdschap met ook wat bestuurlijke en ambtelijke collega's mogen vieren daar.
Dus dat wou ik u niet onthouden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Graaf, voor deze actualiteit. Nog andere actualiteiten vanuit de commissie? Nee. 9. Verbonden partijen De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 9, vanuit de verbonden partijen. Daar nog opmerkingen uit? Nee. 10. Rondvraag en sluiting De voorzitter: Dan heeft de heer, dan ben ik weer de achternaam van de heer van de VVD vergeten. Het is al laat. De heer De Graaf natuurlijk. Ik weet niet wat het is met uw achternaam vanavond. Het is niet persoonlijk. De heer De Graaf heeft net een heel mooi bruggetje gebracht richting de rondvraag, die door de heer Scheringa is ingediend. Dus ik geef het woord graag aan de heer Scheringa voor agendapunt 10. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Ik had een rondvraag ingediend, dus die luidt als volgt. Maandag 6 oktober is het eerste deel van de Rottemerentunnel geopend voor het verkeer. Later deze maand volgt de andere richting en is de Rottemerentunnel volledig in gebruik. In de beeldvorming van 3 juli 2024 staat in de presentatie van Royal Haskoning op sheet 11 als oorzaak van knelpunten in de toekomst, onder andere 4000 extra voertuigbewegingen per etmaal ten gevolge van de A16 op de N209. En tevens gewijzigde routekeuze ten gevolge van de A16 Rotterdam.