CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0094] Verslag Gemeenteraad van 25 september 2025

Gemeenteraad 4 november 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling van de verslagen van de vorige vergadering(en)26.532 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De voorzitter: Dank u wel. Met een knipoog naar uw inbreng zou ik zeggen, je bent 67 en je koopt een sportauto. Dan moet je toch ook wel aandacht hebben. Maar ik ga naar de heer Bergwerff. De heer Bergwerff: Voorzitter, mijn collega Oosterlaan heeft in de commissievergadering al heel goed uiteengezet wat wij vinden van het beleidsplan. En zijn woorden waren zeer lovend. Ik ga die analyse van hem dan ook niet overdoen, al is het alleen maar omdat ik het niet zo mooi en concreet kan doen als hij dat deed. Eerst even het amendement van GroenLinks, over het armoedebeleid. Wat mij opviel in wat GroenLinks aangeeft, is dat armoede niet direct wordt benoemd, of in ieder geval zijdelings. Wel indirect overigens, want er wordt veel gesproken over de kwetsbare inwoners. Dan wordt er ook een definitie gegeven, dat kan ook een inwoner zijn met schuldproblematiek, inkomensverlies en op die manier in de armoede terechtkomen. Maar omdat dit document een kapstok is voor de verdere uitvoeringsplannen, delen wij met GroenLinks dat armoede eigenlijk veel concreter toegevoegd moet worden in dit stuk. En wij zullen dat amendement dan ook steunen van GroenLinks. Dan gelijk even de motie van GroenLinks, de nulmeting.

Het is net al heel goed uiteengezet waar dat over gaat, het net ophalen eigenlijk, wat kunnen we nu meten in onze gemeente? Er zijn gewoon veel mensen in armoede die we nog niet herkennen als gemeente, zeker ook de werkenden. En door structureel inzicht te krijgen in het beleid rondom armoede, kun je ook beter meten of we de goede dingen doen en zien we een daling of juist een stijging? Dus doen we dus niet de goede dingen. Maar we kunnen ons ook voorstellen dat zo’n nulmeting heel ingewikkeld is en ook veel geld kost. In zo’n situatie zou het ook nog eens kunnen dat zo’n nulmeting niet representatief is. Dus mijn vraag aan het college is, hoe kijken zij daarnaar? Want dat is volgens mij in deze heel belangrijk. Dan als laatste de motie van Leefbaar 3B, de specifieke vraag om aandacht voor de leeftijdsgroep 55 tot 65 jaar. Wij beamen dat deze doelgroep heel belangrijk is, vaak mantelzorg verleent, relatief vaak op maatschappelijk vlak inspanning levert, vrijwilligerswerk doet. Een hele belangrijke groep. Maar om deze groep nu expliciet te noemen, vinden we een brug te ver, want andere specifieke leeftijdscategorieën worden ook niet benoemd. En het beleidsplan gaat wel over die onderwerpen die juist deze groep aangaat, preventie, mantelzorg, vrijwilligerswerk, vitaliteit, dat wordt allemaal genoemd. Dus daar kunnen we deze groep gewoon bij aan toevoegen.

Dus dat gebeurt eigenlijk al. Dus die zullen wij niet steunen. Dat waren ze alweer. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Draak.

34/43

Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. In de commissie heb ik gezegd dat de VVD dit plan een prima plan vindt en dat het wat ons betreft ook als hamerstuk naar de raad had gemogen. Maar het amendement van GroenLinks, het is misschien een beetje technisch om ertussen te voegen, maar het was gewoon heel scherp van mevrouw Gabin. Er was toegezegd dat armoede zou worden opgenomen in dit beleidsplan en de VVD steunt dat dat met deze wijziging ook gebeurt. Als ik dan naar de moties kijk, ik twijfel heel erg aan de motie Armoede in beeld. Er staat wel iets in wat de VVD heel erg aanspreekt. In de Commissie Samenleving roep ik regelmatig: maar wat nu van al die werkenden met lage inkomens, die zich misschien ontzettend schamen om te laten merken aan de gemeente dat ze in armoede leven? Dat is een lastig in zicht te krijgen groep. Maar of die nulmeting dat nu voor elkaar gaat krijgen? Ik zou liever hebben dat we de kosten die zo’n meting met zich meebrengt, stoppen in de uitvoering van armoedebeleid en daar gewoon nieuwe dingen aan toevoegen, zodat je echt wat doet in plaats van alleen onderzoekt. Dus tenzij de wethouder mij overtuigt van het tegendeel, gaan wij deze motie niet steunen. En voor wat betreft vitaliteit en betrokkenheid van inwoners van 55 tot 65 jaar, ik wil niet in herhaling vallen, maar er zijn zoveel doelgroepen in leeftijden die eigen behoeftes hebben.

En ik ben er veel meer voorstander van, zoals eigenlijk de heer Bergwerff van het CDA ook zei, dat we onze inwoners ondersteunen op de problemen die zij ondervinden in het leven. Bijvoorbeeld mantelzorg, daar wordt heel veel aan gedaan, en zo zijn er veel meer voorbeelden. Laten we alle leeftijdsgroepen helpen en niet te veel verschillende doelgroepen gaan definiëren. Dat maakt het alleen maar lastig in de uitvoering. Dus tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw inbreng. Dan ben ik bij de heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Ik zal eerst even de motie en het amendement van GroenLinks behandelen, die we ook beide hebben mee ingediend. Waarom hebben we dat gedaan? Eigenlijk hebben we de afgelopen tijd als fractie best wel veel indringende gesprekken gevoerd rond het thema armoede. En ook in de tijd hiervoor met veel van onze maatschappelijke partners. En daar is toch een van de dingen die daarbij het meest naar voren komen, is Lansingerland is een rijke gemeente. Maar we hebben ook, denken wij, slecht zicht op de meest arme groepen in Lansingerland. Er is veel verborgen armoede. Mevrouw Draak gaf het ook al aan, mensen die misschien wel een huis hebben, maar een laag inkomen. Die echt moeite hebben om het einde van de maand rond te komen. Ook onderdelen zoals schaamte, waardoor ook geen gebruik wordt gemaakt van voorzieningen die er zijn.

Daarom is het juist voor Lansingerland, juist in een rijke gemeente, zo belangrijk om ook die meest kwetsbare groep expliciet aandacht te geven en in kaart te brengen hoe groot die groep nu eigenlijk is. Vandaar dat wij beide, motie en amendement, mede hebben ingediend. Over de motie van Leefbaar 3B kan ik kort zijn, alle voorgaande sprekers hebben daar goede punten over aangebracht waarom het niet zo handig is om weer binnen de doelgroep volwassenen een aparte doelgroep uit te lichten. Dus daar gaan wij ook niet voorstemmen. Dank. De voorzitter: Dan is de heer Azzouzi de volgende spreker. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. We beginnen met het amendement van GroenLinks, waarvan wij mede-indiener zijn. Met dit amendement willen we armoede en bestaanszekerheid expliciet opnemen in het beleidsplan Grip op het leven. Armoede belemmert inwoners om mee te doen. Zonder bestaanszekerheid is alle andere ondersteuning dweilen met de kraan open. Belangrijk is dat de wethouder bij het beleidsplan Jeugd heeft toegezegd dat armoede bij het beleidsplan Volwassenen opgenomen wordt. Dat zien wij ook nauwelijks terugkomen in het stuk. Daarmee verliest de raad haar kader stellende rol en schuift het naar een uitvoeringsplan van het college. Investeren in armoedebestrijding is bovendien financieel verstandig, elke euro voorkomt hogere kosten in zorg en ondersteuning.

Ook de Adviesraad Sociaal Domein vindt dat armoede nu te weinig plek heeft gekregen. Voorzitter,

35/43

bestaanszekerheid is de basis voor grip op het leven. Daarom vragen wij steun voor dit amendement. Dan ga ik nu naar de motie. Met deze motie vragen wij om een nulmeting. Waarom is dat nodig? Armoede is nu onvoldoende zichtbaar. De huidige cijfers gaan over bijstand en schuldhulpverlening, maar we weten dat armoede, dat hebben andere fracties ook benoemd, dat ook werkende inwoners met een laag inkomen daar last van hebben. En zonder een meetwaar, geen sturing. Dat heb ik ook gezegd. Als je dingen niet hebt gemeten, kun je er ook niet op sturen en weet je niet waar je staat. Vroegtijdig inzicht voorkomt ook kosten. En transparantie naar de inwoners. Structureel inzicht laat zien dat we verantwoordelijkheid nemen en versterkt het vertrouwen dat ons beleid inwoners ook daadwerkelijk bereikt. Armoede hangt direct samen met gezondheid, participatie en jeugdzorg. Door armoede meetbaar te maken, krijgen we een integraal beeld en kunnen we beter op elkaar afstemmen. De vraag “als wij de cijfers niet krijgen, dan doen we dat niet,” is lastig. Lastig… De voorzitter: Een interruptie van de heer Lieverse, gaat uw gang. De heer Lieverse: Het lastige van een interruptie, voorzitter, op dit betoog is dat door elkaar heen lopen aan te geven hoe belangrijk het is om dit nijpende en schrijnende probleem van armoede aan te pakken, wat wij delen, en daarnaast het punt om het meetbaar te krijgen.

Misschien herinnert u zich hoeveel moeite we hebben gedaan toen rond de energiearmoede om in beeld te brengen wie daarvoor in aanmerking kwamen. Mensen melden zich niet zomaar. Dat kost ontzettend veel inspanning. De wethouder heeft toen elke vergadering mondeling toegelicht hoe daaraan gewerkt werd. Ik vind het niet heel spijtig om capaciteit te gaan stoppen in dit soort metingen, in plaats van de deur open te zetten en de juiste hulp te geven aan wie het nodig heeft en daarnaar op zoek te gaan. De voorzitter: De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Het feit dat het lastig is om te meten, betekent niet dat wij dat niet moeten doen. Ik zou zeggen begin met wat kan, kijk naar wat mogelijk is, maak het inzichtelijk en stuur daarop. Dat is geen argument om het niet te doen omdat het lastig is. Lastige problemen behoeven lastige oplossingen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is de heer Alsemgeest de volgende spreker in de eerste termijn. De heer Alsemgeest: Voorzitter, dank u wel. We hebben in de commissie al veel gesproken over dit beleidsplan en dat gaan we hier natuurlijk niet nog een keertje overdoen. Ik wil dan ook alleen ingaan op het amendement en de moties die zijn ingediend. Eerst maar het amendement, dat is opgesteld door GroenLinks, mede mogelijk gemaakt door mevrouw Biharie van de PvdA en waarvan wij mede-indiener zijn.

De heer Ruijtenberg heeft het allemaal al uiteengezet en onze fractie kan zich vinden in zijn woorden. Het is niet eenvoudig om te weten te komen hoeveel armoede er is binnen onze gemeentelijke samenleving. We mogen nu eenmaal niet bij iedereen achter de voordeur kijken. Juist daarom moeten we iedere mogelijkheid inzetten bij het ondersteunen van minder mondige inwoners en inwoners die om een financiële reden soms niet mee kunnen doen. Zoals in het amendement geschreven staat: armoede mag geen belemmering zijn om mee te doen in de samenleving. De wethouder had een toezegging gedaan om dat in het beleidsplan op te nemen en dat is naar ons idee niet of niet voldoende gebeurd. Ook de ASD had in haar advies aangegeven dat het armoedebeleid onvoldoende is meegenomen in het beleidsplan. Meerdere redenen dus om mede-indiener te zijn van dit amendement. Wat betreft de motie, ingediend door Leefbaar 3B, kan ik kort zijn. Het is zeker belangrijk om oog te hebben voor alle vrijwilligers, mantelzorgers en noem maar op. Maar het is naar de mening van onze fractie niet goed om daar weer een aparte groep uit op te halen. In iedere leeftijdsgroep zijn onze inwoners op allerlei manieren bezig zich in te zetten voor anderen en we kunnen die niet allemaal apart gaan benoemen. De motie van GroenLinks,

36/43

Armoede in beeld, is wat onze fractie betreft wel een goede motie, maar het blijft voor ons nog wel even de vraag hoe we dit in beeld gaan krijgen. Zoals ik al eerder zei, we mogen en kunnen niet zomaar bij iedereen achter de voordeur kijken. We horen dan ook graag van de wethouder hoe hij hierover denkt en hoe hij denkt deze motie te gaan uitvoeren. Tot zover de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel. Dan is mevrouw Van Olst de laatste spreker in de rij. Gaat uw gang. Mevrouw Van Olst: Dank u wel. Ik kan kort zijn. De motie over de nulmeting wil ik niet steunen. Dat is het slechte nieuws, want ik kan me eigenlijk helemaal aansluiten bij de woorden van de heer Lieverse. Hij heeft dat heel goed omschreven. We willen armoede bestrijden en niet meten. Het is ook heel lastig om te meten. Het amendement dat is gemaakt door mevrouw Gabin, weet ik toevallig, dat kan ik zeker steunen. Dat is echt een goede toevoeging en was ook al toegezegd, dus prima. En de motie van Leefbaar vind ik ook echt een hele sympathieke motie. Alleen ik vind iedereen belangrijk, dus die ga ik niet steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank voor uw inbreng. Dan kijk ik naar wethouder Hoek, voor de reactie van het college in eerste termijn. Gaat uw gang. Beantwoording College De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter. Bedankt ook voor alle inspanningen. Grip op het leven.

Ik zal de amendementen successievelijk aflopen. Ik heb niet heel veel vragen gehoord, dus wat dat betreft zal ik duiding geven bij de amendementen. Het amendement Armoede opnemen in beleidsplan Grip op het leven, de heer Bergwerff heeft er al aan gerefereerd. Ja, het staat wel in de beleidsnotitie, maar het is duidelijk dat de partijen hier in dit huis, en dat zijn er meerdere, heel duidelijk hebben aangegeven om dit thema meer prominent te benoemen. En dat zullen we dus ook overnemen. We leggen het fundament vast in het beleidsplan en de vorm en inhoud volgen in het uitvoeringsplan. Dus wat dat betreft komen we tegemoet en omarmen we dit amendement. Dan de motie Armoede meetbaar maken. Daar liggen de meningen wat meer uit elkaar. In ieder geval willen wij wel een inspanning plegen om een nulmeting te organiseren, omdat het waardevolle informatie kan opleveren. Hoe we dat doen, ik kreeg vanmiddag om twaalf uur de motie binnen, dus we hebben daar nog niet een uitvoerige aanvliegroute voor bedacht. En de heer Lieverse refereerde daar al aan, met de energiearmoede hebben we ook een inspanning gepleegd. 120 procent van het bestaansminimum. Die aantallen zijn redelijk duidelijk geworden op een gegeven moment. En wat bleek, de aanvragen die binnenkwamen liepen redelijk synchroon.

Dus het is wel mogelijk, alleen of dat met betrekking tot dit onderwerp ook een-op-een makkelijk uit te voeren is, dat moeten we nog even ervaren. Er zitten wel een aantal kanttekeningen bij, en ik heb daarnet al een paar genoemd, maar het is toch redelijk complex om dit inzichtelijk te maken. De voorzitter: U krijgt een interruptie van mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. Ik was misschien iets te snel, ik dacht dat de heer Hoek dit punt ging afsluiten. Maar wat ik heel graag zou willen weten, is wat die nulmeting dan toevoegt volgens de wethouder. De heer Hoek: Daar kom ik zo op. De cijfers die gebruikt worden, dat is ook best ingewikkeld. Als je nu kijkt op de site Waar staat jouw gemeente? Dan zijn dat gedateerde cijfers. Dus het is ook nog een redelijke inspanning om echt actuele cijfers te presenteren. En ook de cijfers van het CBS lopen vaak achter. Tot slot blijft het altijd heel erg moeilijk om die verborgen armoede in beeld te brengen. Maar is dat nu niet de inspanning waard? Ja, dat vind ik wel. Dus we moeten echt kijken hoe we dat gaan doen. En dan kom ik op de vraag van mevrouw Draak, wat levert het nu op? Het is altijd prettig… En monitoring hebben we ook afgesproken in de hele Samenlevingsvisie. En een nulmeting kan daarbij helpen om inzichtelijk te krijgen waar staan we nu en op welke onderdelen

37/43

moeten we dan verbeteren om die mogelijke cijfers te verbeteren? Je moet ergens beginnen. En dat dat niet altijd een-op-een uitkomt, maar je moet wel ergens beginnen. Dus het helpt ons om te kijken waar we nu staan en dat kan ons helpen met de vraag waar willen we naartoe? De voorzitter: Mevrouw Draak wil daar nog een extra vraag over stellen. Gaat uw gang. Mevrouw Draak: Dank u, voorzitter. Maar wethouder, als u zegt dit is een enorm goed begin en daar hebben we echt wat aan, waarom is dat dan niet gewoon onderdeel van ons armoedebeleid? Ik begrijp gewoon niet goed waarom dat dan via deze motie een verschil maakt. De voorzitter: Wethouder. De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter. Nee, hij zit natuurlijk in de plannen. We gaan alle plannen monitoren. En als je daar denkt een nulmeting voor nodig te hebben omdat dat beter inzicht verschaft, dan is dat een middel om te monitoren. Dat snap ik wel. En in de hele Samenlevingsvisie, dat weet u ook, vindt er monitoring plaats zo rond de jaarrekening en krijgt u daar ook de resultaten van. Dus het is een middel om op een juiste manier te monitoren. Dan kom ik bij de motie Vitaliteit en betrokkenheid… De voorzitter: De heer Lieverse nog een keer op dit punt.

De heer Lieverse: Omdat de wethouder aangeeft dat het misschien zinvol zou kunnen zijn en misschien een hulp zou kunnen zijn bij de uitvoeringsplannen die gaan volgen, is het niet een idee dat voordat we deze motie omarmen en u met werk opzadelen, dat u eerst uit gaat zoeken of het uitvoerbaar is? Of we überhaupt wel een idee hebben wat we precies bedoelen met nulmeting en wat we verstaan onder het woord nulmeting van armoede? De heer Hoek: Dat is niet de strekking van de motie die voorligt en daar praten we hier over. Dus wat dat betreft, en ik heb u net al gezegd, met betrekking tot de energietoeslagen hebben we daar ook een redelijke inspanning toe gepleegd die aan het eind van de streep ook goed uitkwam. En ik heb ook al gezegd, ik heb nog geen vastomlijnde aanvliegroute, maar we gaan wel nadenken hoe we dat op een goede manier vorm en inhoud kunnen geven. De voorzitter: Uw reactie lijkt me duidelijk. De heer Hoek: Dan de motie Vitaliteit en betrokkenheid van inwoners tussen de 55 en 65 jaar. Wij vinden natuurlijk, net als de heer Erwich, deze doelgroep belangrijk voor de maatschappij. En het siert de heer Erwich toch ook weer dat hij voor de vrijwilligers en de mantelzorgers opkomt. Laat dat ook duidelijk zijn. Alle initiatieven en trajecten die u noemt onder het kopje beoogd effect zijn voor de hele doelgroep.

Dus de complete doelgroep kunnen we hiermee bedienen, dus zeker ook de 55- tot 65-jarigen. Er zijn onder ouderen ook andere doelgroepen, dat hebben we net al gehoord. De heer Lieverse gaf een prima opsomming van de uitdagingen die iedere doelgroep wel kent. En we hebben toch gemeend om niet iedere doelgroep specifiek te benoemen, maar juist een goed plan te hebben voor al onze ouderen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan kom ik toe aan de tweede termijn en ik loop u allemaal nog even bij langs. Mijnheer Ruijtenberg, gaat uw gang. Tweede termijn De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ten eerste wil ik de wethouder bedanken voor zijn gloedvolle, positieve appreciatie van zowel het amendement als de motie. Ik hoop dat bij die partijen die twijfelen over de motie, deze woorden van de wethouder hen toch over de streep hebben getrokken. Een goed Nederlands spreekwoord, en we hebben het vandaag al over gedichten en spreuken gehad, is meten is weten. Als je iets wilt bestrijden, en ik voel dat wij, alle partijen,

38/43

alle negen zoals we hier zitten, armoede willen bestrijden. Dan moet je, als je iets wilt bestrijden, weten hoeveel er is en wat er is. Daarom is deze nulmeting zo belangrijk. En dat het inderdaad moeilijk is, omdat mensen uit schaamte zich niet zullen melden, omdat mensen er bang voor zijn, omdat het lastig is, dat klopt inderdaad. Maar we weten ook dat er heel veel werkenden zijn met lage inkomens in armoede, maar ook dat er mensen met hogere inkomens in armoede zijn. Ook die moeten we proberen te bereiken. Dat dat moeilijk is, dat klopt. Dat ben ik volledig eens met alle mensen die daarover twijfelen. Maar het feit dat iets moeilijk is, zoals John F. Kennedy ooit zei: “We streven ernaar om naar de maan te gaan, niet omdat het makkelijk is, maar omdat het moeilijk is.” Ook hierbij moeten we ernaar streven om het te doen, niet omdat het makkelijk is, maar juist omdat het moeilijk is. Omdat we dan weten wat we daadwerkelijk moeten doen. We hebben expliciet in de motie geen harde deadline aangegeven van het moet nu. We hebben ook niet aangegeven het moet op die manier gebeuren. We begrijpen dat dat lastig is, dus we willen juist het college de ruimte geven om hier zelf een modus in te gaan vinden om daarmee het goede gesprek te voeren voor ons armoedebeleid. Omdat we dat allemaal belangrijk vinden.

Ik wil dan ook nog even vragen aan de fracties die na mij zijn, dat zijn jullie allemaal, om nog even goed na te denken over wat ik zojuist gezegd heb en aan te geven of ze de motie wel of niet willen steunen. Want wij vinden het armoedebeleid ontzettend belangrijk daarin. Dan, omdat ik in de eerste termijn mijn indiening van de motie en amendementen aan elkaar koppelde, heb ik nog geen kans gehad om te reageren op de motie van Leefbaar 3B. Deze motie zullen wij steunen. En niet alleen omdat ik over drie maanden zelf 55-plus ben, maar ook omdat dit vaak een groep is die soms vergeten wordt. We hebben heel veel, ook in dit huis, gesprekken over jongeren. We hebben heel veel gesprekken over ouderen. Maar deze groep van mensen die, zoals de heer Erwich aangeeft, juist zo vitaal is voor de samenleving als mantelzorger, vrijwilliger. Vaak een groep waarvan gedacht wordt jullie weten het allemaal, jullie zijn oud en wijs genoeg om het zelf te kunnen. Om ook die mensen nog even een hart onder de riem te steken en extra aandacht voor te geven, dat waarderen wij zeer in deze motie. We hebben hem niet mee ingediend, maar we zullen wel voorstemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dank voor uw inbreng. Dan is het woord in tweede termijn aan de heer Erwich. De heer Erwich: Dank u wel, voorzitter. U begrijpt, ik ben helemaal verbaasd over de reacties.

Ik vind het wel fijn dat de partijen zich op een goede manier hebben uitgesproken en fijn dat niet iedereen er een grap van maakt van die groep. Ik heb het gevoel dat niet alle partijen dan ook begrijpen wat hiermee bedoeld wordt. Want eigenlijk is deze groep vanaf de 23ste tot de 67ste met hetzelfde beleid bezig. Vandaar dat ik zei jongens, dit is een aparte groep. Denk erover na. Dat is gebeurd, dus ik hoop dat de overige fracties zich nog bezinnen en die stap durven te zetten om mee te gaan. Wat het armoedebeleid betreft, daar zijn wij hartstikke voor. We zijn blij met mijnheer Ruijtenberg zijn motie en zijn amendementen, die we dan ook graag steunen. En na het horen van de wethouder dat die zich daarin kan vinden, geven we die allebei onze steun. Dank u wel. De voorzitter: Dank u voor uw inbreng. Dan kom ik bij de heer Lieverse. De heer Lieverse: Ik sluit me even aan op het woord grap. Ik hoop niet, voorzitter, dat gedacht wordt dat ik laatdunkend denk over de groep 55- tot 65-jarigen. Integendeel, ik ben namelijk heel blij dat heel veel inspanningen gebeuren in onze gemeente. Zo is bijvoorbeeld komende weken een bijeenkomst ‘Praat vandaag over morgen’ in de Leeuwerik in Bleiswijk. Daar worden mensen geholpen die bijna oud zijn om na te denken over hun toekomst en ook over de aspecten die daarmee samenhangen, zoals vrijwilligerswerk enzovoorts.

Vanmorgen was er een bijeenkomst van Samen aan Zet, wat gaat over eenzaamheidsbestrijding. Dat gaat heel vaak juist ook over deze doelgroep, enzovoorts. Ofwel, er zijn genoeg activiteiten en daar mogen we ook blij mee zijn. Die moeten we blijven koesteren. Maar het was mijn intentie om aan te geven dat het voor andere

39/43

leeftijdsgroepen net zo geldt. Dan over het punt van meten. Helaas, daarom noem ik het vertroebelen van de discussie over armoede. Want armoedebestrijding, dat willen wij als ChristenUnie heel graag ondersteunen op allerlei manieren. En daarom zien we ook uit naar de uitvoeringsplannen die gaan komen. Het punt meten is weten is een hele goedkope frase. Ik heb helaas door mijn medische ervaring heel vaak gezien dat de grootste blunders gemaakt werden door af te gaan op metingen die een hard cijfer waren, maar logen over de werkelijke conditie van de patiënt. Uiteindelijk moet je ook durven toegeven dat meten van sommige zaken niet goed kan, dat je ook op andere manieren de deur open moet zetten. Dat heeft ook te maken met wijs beleid. De voorzitter: De heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u wel. Ik heb een kleine vraag aan de heer Lieverse. Ik ben nu al sinds 2014 actief hier in de lokale politiek. Dat is nu elf jaar inmiddels. In die elf jaar is het ons nog nooit gelukt om naar voren te krijgen hoeveel mensen er nu in armoede zijn. Hoeveel gezinnen, hoeveel kinderen, hoeveel andere mensen. En we streven niet dat we nu ineens de heilige graal hebben gevonden en dat we precies tot achter de komma weten hoeveel mensen het zijn.

Maar is de heer Lieverse het niet met me eens dat… En het is geen holle frase, het is gewoon dat je nu in ieder geval een poging moet doen en daar het college ook alle ruimte geven die pogingen te doen, om daadwerkelijk ook echt te weten waar praten we nu over? Gaat het over honderd, gaat het over duizend, gaat het over meer mensen? Je zult niet iedereen bereiken, maar je zult wel een ultieme poging moeten doen om in ieder geval dat inzicht te krijgen. Kan de heer Lieverse dat in ieder geval met me eens zijn? De voorzitter: De heer Lieverse. De heer Lieverse: Maar weet u, het is niet een kwestie van een nulmeting dan doen. Dat is veel ingewikkelder. Wanneer is een kind in een armoedesituatie? Dat is een hele andere analyse dan mensen die werken en die ook met problemen te maken hebben door verkeerde keuzes, terwijl ze een groot huis hebben en misschien een inkomen dat geweldig is, maar toch met armoede te maken hebben. Die complexiteit vind je niet met een nulmeting. Weet u, u bent vanaf 2014 in deze raad, ik vanaf 2018. We hebben vaker over dit onderwerp gesproken in onze commissie. Petra Verhoef was een van degenen die het regelmatig naar voren heeft gebracht. Maar altijd wisten we als commissie dat in zoverre te parkeren van dit gaat heel veel energie kosten en te weinig opleveren en daarom ten koste van onze capaciteit.

De voorzitter: Goed, u hebt een methodische discussie beëindigd, denk ik. En standpunten, dat is ook duidelijk. Was u afgerond, mijnheer Lieverse? Ja? Heer Bergwerff. De heer Bergwerff: Zoals ik in de eerste termijn aangaf, hadden wij alleen twijfels bij die motie van GroenLinks over meten. En wij interpreteren de woorden van de wethouder dusdanig dat we dat zullen steunen. Wij denken dat, zeker als het college ook dat vertrouwen heeft dat het iets teweegbrengt en ten goede komt aan dit plan, dan zullen wij dat ondersteunen. En wij hebben ergens het vermoeden dat het in het uitvoeringsplan wellicht toch al gedaan zou worden. Dus het lijkt me niet onlogisch. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. In tegenstelling tot de heer Bergwerff heeft de toelichting van de wethouder ons niet overtuigd voor wat betreft de motie over de nulmeting. Er wordt gemonitord. Dat kan je volgens mij niet doen zonder nulmeting, want anders monitor je maar wat raak. Dus ik zie er gewoon echt nog steeds de toegevoegde waarde niet van. Dus wij gaan dit niet steunen. Dank u wel.

40/43

De voorzitter: Dank u wel. De heer Azzouzi, een interruptie, maar we gaan elkaar niet overtuigen, dat is wat ik hoor. Maar gaat uw gang. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik wil alleen dat mevrouw Draak mij kan overtuigen. Waarom heeft zij meer informatie dan het college? Het college zegt het kan. De voorzitter: Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dat het kan, wil niet zeggen dat de VVD het gevoel heeft dat het ook echt wat toevoegt ten opzichte van wat er nu al gedaan wordt. Dus wat de burgemeester al zei, u gaat ons niet overtuigen hiervan. De voorzitter: Uw inbreng was daarmee afgerond, denk ik. Dan ga ik door naar de heer Weerheijm. Als hij behoefte heeft. Die heeft hij niet. De heer Azzouzi, u nog behoefte? Ja, dan moet u wel het woord vragen. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik moest even het scherm ook aanzetten. De moties en amendementen waren duidelijk. Ik ben nog een antwoord schuldig aan Leefbaar, voor de motie over vitaliteit en betrokkenheid van inwoners tussen 55 en 65. Wij steunen deze motie van Leefbaar. Inwoners tussen 55 en 65 zijn vaak de stille kracht van onze samenleving. Ze combineren werk, mantelzorg, vrijwilligerswerk. Juist omdat hun inzet zo groot is, is er ook het risico op overbelasting. Extra aandacht voor preventie en vitaliteit helpt hen gezond en actief te houden.

En laat het duidelijk zijn, het feit dat wij aandacht geven aan deze groep betekent niet dat de andere groepen minder gewaardeerd zijn. Het gaat erom dat we hier kwetsbaarheid zien en die vroegtijdig willen adresseren. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Alsemgeest... De heer Alsemgeest: Voorzitter, dank u wel. Even kijken naar het amendement. Dat gaan wij zeker steunen. Wij zijn mede-indiener. De motie van Leefbaar 3B steunen wij niet, want wij zijn van mening dat we niet nog meer groepen moeten aanmaken binnen dat beleidsplan. Ik had wel een vraag aan de wethouder en daar heb ik niet helemaal antwoord op gekregen. Tenminste, niet direct. Het was ook een beetje een technische vraag, hoe dacht hij die motie Armoede te gaan meten en dergelijke? Maar hij gaf wel aan dat, kijkend naar de energiecrisis die we gehad hebben, toen ook dingen zijn bekeken van wie daar wel en die daar geen recht op hebben. De voorzitter: De heer Erwich wil nog even terug naar het vorige punt, denk ik. Gaat uw gang. De heer Erwich: Ja, want ik vroeg me af of het bij de heer Alsemgeest ook duidelijk is dat we helemaal niet vragen om een speciale groepering. We vragen gewoon om aandacht voor die leeftijd. En die leeftijd hoef je niet per se een groep van te maken, maar je kan wel aandacht... Is u dat bekend? De voorzitter: Mijnheer Alsemgeest.

De heer Alsemgeest: Ja, dat is mij bekend. Want ik denk dat elke groep aandacht behoort te krijgen die vrijwilligerswerk doet. En dat is niet 55-plus tot 65-plus dat die extra aandacht moet krijgen. Ik denk ieder doet zijn best en daar ga ik gewoon van uit. Maar ook wij zullen, net als de wethouder, de motie van GroenLinks omarmen. De voorzitter: Dan heeft de heer Lieverse nog de behoefte? Of een interruptie. De heer Lieverse: Ja, dat zegt u net snel. Maar ik had daar graag dit over willen vragen. U verwijst namelijk naar het antwoord van de wethouder over de energiearmoede. Maar vindt u dat het trekken van de grens bij een bepaalde maat van 100 of 120 procent van het inkomensminimum, dat

41/43

dat een meting is voor armoede? Want als de wethouder dat bedoelde, maar ik vermoed van niet, dan was het heel simpel geweest. De voorzitter: Mijnheer Alsemgeest. De heer Alsemgeest: Daar heeft de heer Lieverse natuurlijk wel een punt, maar ik denk dat we daar met elkaar naar moeten zoeken hoe we dat punt gaan vinden waar dan wel die armoede ligt. Want armoede heeft niet altijd alleen maar te maken met financiën. Er kan ook andere soorten armoede zijn die daar duidelijk hun weg vinden. Dat moeten we gaan bekijken en daar moeten we de wethouder dan ook de gelegenheid toe geven om daar een meting voor te doen. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee uw inbreng afgerond. Mevrouw Van Olst, had u nog behoefte? Mevrouw Van Olst: Ja. De heer Ruijtenberg vroeg om een expliciet antwoord, dus dat wil ik hem graag geven. Mijn mening blijft hetzelfde over de motie, eigenlijk omdat u zelf het antwoord geeft op de vraag. Want in veertien jaar tijd komen ze niet met het antwoord. Dat is eigenlijk de vraag kun je niet beantwoorden omdat het zo divers is. En ik zou het zonde vinden als we daar heel veel energie en capaciteit aan gaan besteden. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Ter afronding is nog een vraag open voor de wethouder, over hoe ga je nu meten. Daar heeft u al iets over gezegd in de eerste termijn, volgens mij, maar gaat uw gang.

Beantwoording College De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter. Daar heb ik al iets over gezegd in de eerste termijn, dat we de aanvliegroute nog moeten bepalen. En we kunnen ook kijken naar hoe andere gemeentes dat hebben gedaan. Vanmiddag hebben we al even rond de tafel gezeten om te kijken zijn er mogelijkheden? Bij andere gemeentes navragen? En op het moment dat we echt vastlopen en zeggen luister, hier lopen we tegenaan en het wordt heel erg ingewikkeld, dan komen we vanzelf bij u terug. Maar we gaan in ieder geval een serieuze inspanning ondernemen om een nulmeting, een goede nulmeting, te presenteren. En mochten we nu tegen zaken aanlopen die de heer Lieverse schetst, dat het toch wel heel erg moeilijk wordt, dan komen we bij u terug en kunnen we altijd nog kijken wat we verder nog kunnen ondernemen. De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben we de beraadslaging afgerond en komen we toe aan de besluitvorming. Stemming A2025-023 Armoede opnemen in het beleidsplan Grip op het Leven 2025-2028 Dat begint met een amendement, ingediend door de fractie van GroenLinks en sommige anderen hebben zich daar ook bij aangesloten. U bent voor of tegen het Armoede opnemen amendement. Ik mis nog een stem. Alle stemmen ondersteunen dit amendement, dus met algemene stemmen aangenomen. [BR2500049] Beleidsplan volwassenen 'Grip op het leven' Dan moeten we ons bepalen tot het hoofdstuk.

Dat is het beleidsplan zelf. Ondersteunt de raad het beleidsplan? U bent voor of tegen. Het geamendeerde plan is aangenomen met algemene stemmen. M2025-011 Armoede in beeld Dan ga ik u laten stemmen over de moties. De eerste is Armoede in beeld van de heer Ruijtenberg, GroenLinks. U bent voor of tegen deze motie. Die is aangenomen met 19 stemmen voor en 8

42/43

stemmen tegen. M2025-012 Vitaliteit en betrokkenheid van inwoners tussen 55 en 65 jaar Dan hebben we nog een motie van de heer Erwich, Leefbaar 3B, over de vitaliteit en betrokkenheid van de groep tussen de 55 en 65. Daar ligt het andersom, 19 stemmen tegen en 8 stemmen voor. Dus die motie is verworpen. Daarmee hebben we de behandeling van punt 10.c afgerond. 11. Hamerstukken De voorzitter: Kom ik aan de hamerstukken, waar we bij 11.b aan het begin van de vergadering een uitzondering voor gemaakt hebben door dat door te schuiven. Neem ik dan aan dat er overigens daar geen vragen meer over zijn. Dan hamer ik agendapunt 11a af. 12. Sluiting De voorzitter: Dan sluit ik het openbare gedeelte van de vergadering. Maar voordat u vertrekt heeft de griffier aan mij gevraagd, als de uitzending is gestopt, nog iets te kunnen en mogen zeggen. En waarom zouden we dat niet toestaan?

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 4 november 2025

Griffier

Voorzitter

Eveline Hamelink-van Rens

Jules Bijl

43/43

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=279e4d9b-f01f-40bd-a49a-5975ef2054c3