CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0058] Verslag Gemeenteraad d.d. 22 mei 2025

Gemeenteraad 19 juni 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststellen verslagen vorige vergaderingen18.700 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Gaandeweg dit proces hadden wij voor koop, dat in die 50 procent zit van betaalbaar, waren dat huizen van rond de 275. En ik ben in 2024 beland, 2025 beland, en ik zie dus de aanbiedingen van de verkopers. En het betaalbaar is van 275 naar 360.000 euro gestegen. En ik heb dat overzicht even laten maken over verschillende type woningen die daar gebouwd werden. En toen ben ik eigenlijk me kapot geschrokken, ik zeg het maar zoals het is. Toen heb ik gezegd jongens, regelmatig sta ik daar een paal in te heien voor veertig woningen of een appartementencomplex. En dan heet ik altijd de nieuwe inwoners welkom. En met name ook de eigen inwoners die een huis gekocht hebben. En over het algemeen zie ik een groot aantal inwoners vanuit de regio die hier graag willen komen wonen. En dat is ook heel fijn, want daar bouwen we ook voor. We hebben groeiambities, we willen allerlei voorzieningen hebben. En ik ben toch de koppeling gaan leggen tussen het feit hoe zit het nu bij ons in Lansingerland? En daarin is de vraag groot. Zowel bij senioren, want daar hebben we geen doorstroming van mensen die of in sociale woningen wonen of een eigen huis hebben dat echt groot is. Want beide is een doorstroom. Het is niet alleen bij sociaal, zeg ik ook even naar de linkerzijde daar. Het zijn ook de koopwoningen die geen doorstroming kennen.

Maar ik zag ook ouders die zagen op een gegeven moment vijf-, zes-, zeven-, achtentwintig jaar nog thuis, dertig jaar. Ik heb zelf een beetje gehad tot vijfendertig, maar die vond het wel makkelijk. Die heb jij ook natuurlijk. Het is niet allemaal ellende. De voorzitter: Daar is een vraag over van de heer Markus. De heer Fortuyn: Over die vijfendertig jaar? De heer Markus: Heeft u nog een plekje over? Nee, ik... Fantastische analyse. Die heeft u ook in de commissie Ruimte al met ons gedeeld. Zou u gewoon op de motie willen ingaan? Want dat bespaart ons wellicht ook wat tijd. De heer Fortuyn: Ik heb begrepen dat de bitterballen om half tien minder lekker zijn dan om tien uur. Maar even los daarvan, ik vind het wel belangrijk dat we met elkaar wel even het uitgangspunt beetpakken. En dat CDA nu die motie vreemd neerlegt, dat is op uitdagingen die ik zelf gedaan heb in de commissie. Dat hij zei wij moeten versneld die twee keer 500 gaan doen. Ik zeg weet je wat, dan moet je met een motie komen. Want dat betekent het namelijk wel, en dat is de kern van deze

18/32

motie, is dat jullie als raad in algemene zin, wellicht per project, want dat ondersteun ik zeker, ga per project gaan kijken. Dus dat verzoek doe ik wel. Dat je inderdaad bereid bent om je eigen kaders te gaan bijstellen. En het heeft te maken met eventueel je grex. Het heeft te maken met parkeernormen, maar het heeft ook te maken met een laagje erbovenop of anderszins. Dus het is wat dat betreft ongelooflijk belangrijk dat de raad nu gaat bewegen om in het omgevingsbeleid en de woonvisie… De voorzitter: Wethouder, een interruptie van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Wat doet het met de snelheid? Lopen wij dan vertraging als wij nog gaan onderzoeken en gaan kijken... De heer Fortuyn: Nee, ik hoef helemaal geen onderzoek te doen. U ziet het nu bij Wilderszijde. Binnen zes maanden, januari, is het door u gesteund om in Wilderszijde te kijken of het kan. Ik heb u beloofd voor de zomer. Want wat doe je? Wij zijn opdrachtgever. Wij zijn geen ontwikkelaar, we zijn geen bouwer, we zijn helemaal niks. Wij geven aan de voorkant mee hoe de programmering moet zijn. Dus het heeft ook geen capaciteitsprobleem. Het is meer een financieel probleem wellicht. Het is een ruimtelijk probleem. En hoe gaat u daarnaar kijken? Binnen Wilderszijde kan het, want u weet dat het bestemmingsplan 3000 eenheden kan bevatten.

En we blijven binnen die 3000, want als we over die 3000 heengegaan heb ik een bestemmingsplanprobleem. Tegelijkertijd moeten we met elkaar realiseren dat die ruimte, en dat zie ik in deze motie, daarvoor vind ik die motie eigenlijk wel heel fijn, dat in ieder geval de raad gaat bewegen op de kaders. Want dat geeft ons in de projectontwikkeling meer ruimte. En het zou heel erg helpen als we per locatie gaan bekijken. En dan moet je het aantal... Leuk dat je het noemt. Kunnen er ook 800 zijn, 700, zal per project kunnen verschillen. Maar we doen dat. En dan praten we ook… De voorzitter: Nog een interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Maar u zegt eigenlijk met andere woorden wat wij ook aangeven, verander de motie. En maak ervan… Maak gewoon per nieuwbouwlocatie beste college, kom met een notitie hoe we kunnen kijken of we tot meer betaalbare woningen kunnen komen. De heer Fortuyn: Ja, dat klopt wel. Het zou helpen. Dat hier inderdaad vanavond gesproken is, het is niet allemaal concreet, of het is even dit, of het is wat onduidelijk. Wij als college hebben die motie ook als een intentie gezien. Waarin inderdaad de kaders zijn… Want dat is wel belangrijk, dat in de tweede termijn, als het al zover komt, u wat scherper wordt in de kaders. Want dat ben ik ook wel met u eens. Dus het moet wel scherper worden.

Wat bedoelen we daar nu precies mee? Maar de intentie van die motie, die vind ik gewoon hartstikke waardevol. Want daar kunnen we echt veel mee. En of je daar de huidige motie voor indient of een nieuwe maakt of naar de commissie brengt, het maakt het college niet zoveel uit. Maar ik vind de beweging die gemaakt wordt gewoon ongelooflijk belangrijk. De voorzitter: Helder punt. Er zijn twee interrupties, de heer Azzouzi en mevrouw Draak. De heer Azzouzi als eerste. De heer Azzouzi: Waarom heeft u die motie nodig? Want u kunt zelf ook met een bijstelling van de kaders naar de raad komen. De heer Fortuyn: Het helpt wel dat deze motie in ieder geval de discussie aan geslingerd heeft om ieder de gevoelens op te halen met betrekking tot die kaders die we willen verruimen en per

19/32

project willen kijken welke mogelijkheden er liggen om inderdaad die versnelling te maken. Want we praten hier niet over het toevoegen alleen maar van sociale woningen. Het gaat hier over koop, huur. En dat zou dat betekenen in de hoeveelheid, want dan ga je het namelijk opvoeren, in de hoeveelheid… Je hebt een afspraak over de sociale woningen. Maar dan kijk ik ook naar mijn collega. We hebben provinciale afspraken, we hebben een woon-regioafspraken. Dat moet wel in balans gebracht worden. Maar dat kunnen we ook. En het hoeft niet te vertragen. We kunnen dat in goede balans brengen met elkaar. Heb je daar een motie voor nodig? Ja, ik vind het fijn om in ieder geval iets in de rug te hebben om te zeggen dat we met elkaar bereid zijn die kaders te gaan aanpassen. Die vind ik wel belangrijk. Want anders wordt het een jojobeleid. De voorzitter: Vervolginterruptie van mevrouw Draak en daarna de heer Ruijtenberg. Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dank u, voorzitter. Ik dank de wethouder voor het scheppen van orde in de chaos die was ontstaan in dit debat. Want nu begrijp ik even waar het over gaat weer. Maar de raad geeft toch geen kaders mee in een motie? U vraagt de raad om kaders aan te passen. Dan heb je toch geen motie nodig? De voorzitter: Wethouder, deze kort beantwoorden en dan ga ik naar de heer Ruijtenberg. De heer Fortuyn: Ik laat het aan de indieners over. Ja en nee.

Maar ik heb wel de kaders nodig. Ik vind het zo belangrijk dat we echt die stappen gaan zetten, dat ik wel waarde hecht aan dat we wel verder gaan. De voorzitter: De heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u. Had het de wethouder niet handiger geleken misschien als we hier een bespreekpunt van zouden maken in de commissie, dat je het kan hebben over de aantallen, over de programma's. Ook wat ik doe met de woondeal en ook met de regio. In plaats van nu deze motie? De voorzitter: Wethouder. De heer Fortuyn: U kent mij, mijnheer Ruijtenberg, dat die procedures vind ik allemaal best. Maar ik wil morgen gewoon beginnen. Voor de zomer komen we met Wilderszijde. We zijn met andere programma's op dit moment bezig. En het zou wel heel fijn zijn als ik een beetje de ruggensteun krijg om ook met de projectontwikkelaars en ook met de projectleiders waar ik nu mee praat, in ieder geval de ruimte te hebben jongens, neem dit nu mee aan de voorkant. Hoe dat zich verder gaat uitrollen, ik vind het prima, maar daar ben ik niet zo van. Maar dat weet u van mij. Maar als het procedureel die kant… Prima, maar ik ben niet zo ingewikkeld. De voorzitter: De heer Ruijtenberg, vervolg. De heer Ruijtenberg: Ja, maar ik verbaas me een beetje, want u kent ons ook wel een beetje. Daar heeft u helemaal geen motie voor nodig om die ruggensteun te hebben.

Als u naar ons toe komt met een goed verhaal, juist omdat het dan gaat om betaalbaar en bereikbaar wonen, dan denk ik dat 33 mensen hier staan te juichen als u dat doet. De heer Fortuyn: Ik heb het wel anders meegemaakt. Laten we even eerlijk zijn over de Merenweg, Lange Vaart, dat soort dingen is het echt aan de orde geweest. Wilderszijde is nu door de poort, omdat de analyse er lag. Dus ik heb liever comfort dan dat ik ga zitten wachten tot het morgen

20/32

weer anders is. En volgend jaar maart hebben we een andere raad zitten, dan kan het weer anders zijn. Dus ik ben het met u eens, tweede termijn graag wat meer kaders. Heb ik een motie nodig? Ik laat het aan u over. Maar geef mij de ruimte, geef ons de ruimte om te gaan acteren op datgene wat ook deze motie toe oproept en wij hebben gedaan in januari. En dan helpen we onze inwoners. Maak het niet al te ingewikkeld. Ik wil morgen aan de slag, liever dan overmorgen. Dus meteen beginnen. We gaan het niet in procedures en bureaucratie duwen. Geen zin in. De voorzitter: Dat is helder. U hebt afgerond volgens mij, als ik het goed hoor. Daarmee is de beantwoording in eerste termijn gegeven. Er ligt ook nog wel wat vraag richting de indieners enzovoort. Ik zou zeggen schorsen we 10 minuten om te kijken… Niet? Lekker door? Dan loop ik alle sprekers gewoon nog een keer af en dan begin ik bij de heer Van den Beukel. Gaat uw gang. Tweede termijn De heer Van den Beukel: Voorzitter, dank u wel. En er is net veel gezegd. Maar toch is het aantal vragen dat ik heb genoteerd toch wel beperkt. Ik ga wel proberen die vragen die ik heb gehoord wel recht te doen. En als ik er eentje heb gemist, dan hoor ik dat ook weer heel graag. En anders pakken de andere indieners dat denk ik wel op. Blij met de steun van het college, moet ik wel zeggen. Dat is denk ik wel heel belangrijk.

En verder als ik hier toch op reflecteer en ik kijk ook naar de mensen op de publieke tribune, dan denk ik wat is nou belangrijker uiteindelijk? Het politieke spel of de ander betichten van een politiek spel? Of een concreet vraagstuk hier bij de kop pakken en daar samen proberen een oplossing voor te bedenken? Wat mij betreft dat tweede. En ik sluit me aan bij collega Jumelet, die ook tot verre van zich werpt dat hier sprake zou zijn van verkiezingsretoriek. Er is hier sprake van reparatie van kaders die kennelijk uitpakken op een manier die onmenselijk is. Daar gaat het om. Ik wil ook nog zeggen volgens mij moeten we als gemeenteraad niet verleren om af en toe gewoon een visie neer te leggen, een kader te stellen. Dat is misschien spannend, want je weet niet alles. Nee. Dan kun je nog een onderzoek wijden en nog een onderzoek. En nog een bespreking daaraan wijden, een bespreekstuk en een beeldvorming ook nog... De voorzitter: Een interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Het is allemaal prachtig wat u zegt. Maar volgens mij hoor ik de wethouder ook heel duidelijk zeggen beste raad, geef even duidelijk kaders aan, want hiermee kan ik gewoon niet uit de voeten. Want u noemt hier hele andere kaders dan dat ik Leefbaar hoor noemen. En ik hoor mevrouw van Voor Lansingland zeggen het mag ook sociaal extra, huur.

Dat zijn toch compleet verschillende dingen? Ik zou zeggen pas het dictum gewoon aan en dan hebben we volgens mij een prima motie die we met z’n allen kunnen steunen. Kan het college aan de slag. De voorzitter: De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Ik ga de heer Markus volledig bedienen, maar ik maak wel even mijn zin af. En als hij aan het einde van mijn termijn teleurgesteld zou zijn, wat ik niet hoop, dan kom ik er graag op terug. Want ik wilde toch stilstaan bij het punt we moeten niet verleren om af en toe een visie neer te leggen, of een kader. Deze raad is kaderstellend. We hebben daar cursussen over gevolgd. Zo werkt het uiteindelijk. En nogmaals, dat is spannend, en het heeft ook consequenties. En een uitvoeringstoets waarover gesproken wordt, dat kan. Dat is dan een document van twee A4. Daarin staat het onderzoek waar u om vraagt dat kost inspanning. Ja, me dunkt dat het inspanning kost. Nogal wiedes. Als het namelijk geen inspanning zou kosten, dan zou het niks veranderen aan

21/32

de wereld. Alleen de bedoeling is juist dat we wel wat veranderen aan de wereld, dat we namelijk betaalbaardere woningen gaan bouwen. De voorzitter: Interruptie van Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. De heer Van den Beukel heeft gelijk als hij zegt natuurlijk kost dat inspanning. Maar precies daar is die uitvoeringstoets voor. Omdat die inspanning... We hebben geen 40 ambtenaren in reserve staan die dit kunnen doen. En mijnheer Fortuyn zegt dat kost weinig inspanning, maar dat geloof ik gewoon niet. Je wilt toch ook weten wat je dan niet kunt doen? De voorzitter: De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, ik wil niet op de stoel gaan zitten van het college, eerlijk gezegd. En of dit dan 40 uur kost, of 80 uur of 120 uur, dat is niet aan de raad. We zijn hier niet aan het micro managen. En nogmaals, dit gaat ergens ten koste van. Inderdaad, want anders zou er misschien een overleg worden voorbereid, of een regionaal sturingsinstrument, of een convenant over het een of ander. Maar wat telt, is uiteindelijk… Wat telt zijn betaalbare woningen voor onze inwoners. Dus dat is prioriteit. Dat spreekt deze raad uit. Is ongemakkelijk misschien, maar wel wat we graag willen. En wat de meerderheid in deze raad volgens mij graag wil. En dat is heel fijn. De voorzitter: Interruptie van de heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter.

Ik ben toch even nieuwsgierig. U noemt we moeten als raad niet bang zijn om een visie neer te leggen, om kaders mee te geven. 100 procent mee eens. Wij hebben kaders meegegeven op heel veel momenten. We hebben een omgevingsvisie, een woonvisie en dergelijke. Er zijn ook heel veel kaders, ze zijn net door de heer Markus genoemd, ik ga ze niet herhalen, waarin uw partij bepaalde kaders meegaf rond woningbouw. En nu stelt u dus eigenlijk al die kaders die we tot nu toe hebben meegegeven, waar ook onze eigen handtekening onder staat, die voldoen niet meer. Dus laat ik het vragend formuleren, is de heer Van den Beukel het met mij eens dat het zijn eigen kaders zijn die niet voldoen? De voorzitter: De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, als de heer Weerheijm de motie gelezen heeft, dan kan hij dat lezen. Dat is de hele essentie van de motie. De essentie ook van de inbreng in de perspectiefnota. De kaders die we nu hebben gesteld leiden tot een uitkomst die onwenselijk is. Dus we moeten de kaders bijstellen. Dat is inderdaad het eerlijke verhaal. En ook het CDA heeft daaraan meegewerkt. En ook uw fractie. En allemaal. We kunnen hier gaan zitten jij-bakken, maar dat lijkt me niet productief voor onze inwoners. Wat belangrijk is, volgens mij, is dat we constateren we moeten een beter plan maken dat meer resultaat oplevert voor onze inwoners.

En voorzitter, dan de concreetheid die het college vraagt, waar ook de heer Markus op duidt, dat zit ‘m toch gewoon in de kern van de motie? De opzet van deze motie is anders dan in het verleden. Gewoon eventjes heel procedureel, het gaat uiteindelijk om het dictum. Die ene zin in het begin, verzoekt het college. En de rest is ondersteuning, maar je kunt ook zeggen ruis. Wat is de concrete vraag, wat is het concrete kader dat deze motie meegeeft? Los van wat eromheen is gezegd. Een verzoek aan het college om een programma op te stellen. Een programma. Zeg ik ook even naar de wethouder… De voorzitter: Een interruptie van de heer Azzouzi.

22/32

De heer Van den Beukel: Het is makkelijker om een zin af te maken, voorzitter. Maar goed, u bent de baas. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik heb het dictum gelezen en het is nogal vaag. Van de PvdA hebben wij concreet drie kaders meegegeven. Geen aantasting van sociale huurbouw. Wat geeft het CDA door aan het college? De voorzitter: Mijnheer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Het CDA geeft niks door. Deze motie geeft door er moet een programma komen. En dat mag een programma zijn in het kader van de Omgevingswet. Daar is dat een instrument in. Dat is ook een juridisch ding. Maar goed, mag ook een andere vormpje hebben. Uiteindelijk doet dat er niet zo heel veel toe. Een programma dat ervoor zorgt dat er 1000 kleinere, beter betaalbare woningen worden gemaakt. En dat wel in principe binnen dat nieuwbouwprogramma van 11.000 woningen. En daarvoor is het een en ander nodig, namelijk het bijstellen van die kaders. Dat is de vraag. Niet meer en niet minder. Als het college vervolgens zegt we gaan dat uitwerken per gebiedsontwikkeling, tot uw dienst. Dat is een kwestie van het college. De voorzitter: De heer Azzouzi nog een keer en daarna de heer Markus.

De heer Azzouzi: Maar welke kaders moeten bijgesteld worden, om de scherpte? De heer Van den Beukel: Voorzitter, als we nu zouden zeggen dit is geregeld als we de parkeernorm 0,1 auto per woning omlaag stellen, dan hadden we dat wel voorgesteld. Maar zo simpel is het dus niet. En dat hangt ook weer af per van die gebiedsontwikkeling. Als we zouden kunnen zeggen er moet per straat een halve etage bovenop, dat zou 1000 woningen opleveren, dan hadden we dat voorgesteld. Maar zo simpel is het niet. Dat is nou typisch werk voor een uitvoerend orgaan, voor het college met deskundigen. Op die stoel moeten we niet gaan zitten. Wat wij moeten zeggen is wat is een stip aan de horizon, wat is het kader? Dat zijn die 1000 beter betaalbare woningen. De voorzitter: De heer Markus. De heer Markus: Ik wil toch even een tegenvoorstel doen voor het dictum, want volgens mij komen we er op deze manier niet uit. Want u zegt een programma. Leefbaar zegt we willen per locatie beschouwen. Volgens mij het spreekt elkaar allemaal tegen. Waarom roepen we niet gewoon het college op om in lijn met de notitie van Wilderszijde, dat ook voor andere woningbouwlocaties uit te werken en te komen met een voorstel? Dan ben je er toch met elkaar? Hebben we precies met elkaar wat we willen. En of dat dan 1000 woningen zijn of 2000 woningen, dat maakt dan niet zoveel uit.

Dan moet het college gaan optimaliseren om zoveel mogelijk betaalbare woningen te realiseren. De heer Van den Beukel: Voorzitter, de heer Markus vraagt eigenlijk om de motie aan te passen en het woord 1000 eruit te halen. Ja, dat kan ook, maar hebben we niet voor gekozen. Uiteindelijk is het de keuze van de partijen om het op deze manier vorm te geven, om juist concreet te maken. Niet te zeggen maak nog eens een notitie, gaan we er nog eens over praten. Nee, concreet een doel in aantallen woningen. Dan heb je iets om naar toe te werken en dan weet je zeker dat het echt resultaat heeft in de echte wereld. De voorzitter: De heer Ruijtenberg met een interruptie.

23/32

De heer Ruijtenberg: Dank u wel. Waarom maakt u het niet nog concreter? Zegt u dan van die 2250 middeldure huizen die we nu hebben, dat veranderen we in 3250 middeldure huizen. Of die 3100 sociaal veranderen we in 4100 sociaal. Maak het dan nog concreter, want dit blijft vaag. Het is echt uit de lucht gegrepen, want dat hebben ook de vier indieners… Die noemen allemaal andere redenen waarom iets is. De voorzitter: De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Nee, voorzitter. Dit gaat niet over sociaal, dus die wil ik even uit de wereld helpen. Dit gaat over beter betaalbare woningen. Dat staat ook in de argumentatie, dit is niet waar het in eerste instantie om gaat. We sluiten aan bij de argumentatie en de analyse van het college, waarin het juist gaat over dat beter betaalbare segment. Wat ongeveer non-existent is in Lansingerland. Dus nee, dat is niet waar het om gaat. U kunt dat willen, doet u een eigen voorstel, dan gaan we daarnaar kijken, tot uw dienst. Dat is niet de essentie van deze motie. Voorzitter, ik ben aan het einde van mijn tweede termijn. Tenzij er vragen zijn, dank u wel. De voorzitter: Er is nog een vraag van de heer Ruijtenberg, afsluitend dan. De heer Ruijtenberg: De heer Van den Beukel geeft maar een half antwoord. Ik heb namelijk twee dingen genoemd.

Ik heb ook gezegd waarom verandert u die 2250 middeldure woningen dan niet gewoon in 3250, als u het zo concreet wil hebben? En zegt u in plaats van die vrije sector die nu staat op 5650, verlagen we naar 4650. Minder dure woningen, meer betaalbare woningen. Concreter dan dat kan het niet, als u het niet naar sociaal wilt gaan. Wat ik trouwens verbazingwekkend vind, want u roept continu het is voor de eigen inwoners… De voorzitter: Het is geen termijn, mijnheer Ruijtenberg. De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, er zijn veel wegen die naar Rome leiden. De heer Ruijtenberg heeft zijn Casio erbij gepakt en andere getallen erin gestopt en doet een eigen voorstel. Nogmaals, dat mag, prima. Wij bieden die ruimte om binnen die 75 procent van niet-sociale huurwoningen, dat beter te richten op woningen die betaalbaar zijn voor onze eigen inwoners. Dat is de keuze van het CDA en gelukkig ook van andere partijen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik door met de discussie en is mevrouw Draak aan de beurt. Gaat uw gang. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. Ik ben scherp kritisch geweest op deze motie, maar ik wil toch even terug naar het begin van mijn eerste termijn. Ook de VVD wil graag dat er met spoed, zo snel als mogelijk, meer kleine woningen bijgebouwd worden. Wij willen dat het college wendbaar is. Ik zal een Nederlands woord gebruiken.

Dat er creatieve oplossingen, à la hoe we dat in Wilderszijde hebben opgelost, worden gebruikt waar nodig. Wij staan daar allemaal achter als VVD Lansingerland. Alleen ik heb ook gehoord dat kaders eigenlijk niet in deze motie thuishoren en dat dat, naar mijn mening, of per project moet worden beoordeeld door de raad of in de commissie Ruimte opnieuw moet worden besproken. En dan staat er voor mij nog steeds geen reden om de VVD voor deze motie te laten stemmen. Al snap ik dat de intentie absoluut goed bedoeld is, maar volgens mij is dit niet de juiste manier. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Het woord aan de heer Crielaard.

24/32

De heer Crielaard: Dank u wel, voorzitter. Wat ons betreft is de motie eigenlijk een logische vervolgstap na de gespreksnotitie die de heer Fortuyn in januari in de commissie Ruimte heeft geagendeerd. We zien, zoals ik in mijn eerste termijn ook aangaf, de motie als een goede steun in de rug voor het college. En dat meen ik ook terug te horen in de eerste termijn van de heer Fortuyn. En laten we kaders per ontwikkeling goed bekijken. En dan wil ik nog even memoreren dat bij die discussie in januari heeft Leefbaar 3B ook gezegd over die parkeernormen als er dan een goed plan ligt, met een goede OV-verbinding, dan willen we daar best constructief in meedenken. Dus wat dat betreft zien we graag het programma tegemoet waar het college mee gaat komen. De voorzitter: Interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Volgens mij hoor ik de heer Fortuyn zeggen beste raad, kom alsjeblieft met duidelijke kaders, want hier kan ik niet mee uit de voeten. Dat is in ieder geval hoe wij het geïnterpreteerd hebben. Ik ga nog één poging doen voor een dictum, want volgens mij is het zonde als je hier met elkaar niet uitkomt, maar je moet wel met een goed dictum komen. Die 1000 woningen, daar lig ik helemaal niet wakker van. Of het nou 1100 is... Maar het gaat erom dat je het per gebiedslocatie uitwerkt. Dat is volgens mij wat we met elkaar moeten willen. Dat is ook wat u zegt.

Dus waarom pas je het niet gewoon aan, om inderdaad een ambitieus programma op te stellen voor de bouw van 1000 kleine blablabla. En dit per gebiedslocatie uit te werken, conform gespreksnotitie à la Wilderszijde. Ik noem maar even wat. Dan hebben we volgens mij concreet het en dan kan het college daarmee heel concreet aan de slag. De voorzitter: De heer Crielaard, gaat uw gang. De heer Crielaard: Het zal misschien niet een bevredigend antwoord zijn, maar ik kan niet meer zeggen dan hetgeen al eerder door de heer Van den Beukel hierover is gezegd. De voorzitter: Oké, wij vervolgen. De volgende spreker is de heer Jumelet, gaat uw gang. Tweede termijn. De heer Jumelet: Dank u wel, voorzitter. Er is natuurlijk heel veel gezegd en ik ben ook blij dat de wethouder in die zin ook constructief gereageerd heeft op deze motie. Uiteindelijk, en dat herhaal ik toch ook maar weer uit mijn eerste termijn, het gaat WIJ Lansingerland niet om het spel, maar echt om de knikkers. En dat betekent ook wel dat wij uiteindelijk, en dat is ook hier meermaals gezegd, het gaat om inderdaad de realisatie van deze specifieke woningen voor ook de specifieke doelgroepen. En ik herhaal nog maar weer eens, het is geen verkiezingsretoriek, het is gewoon een logische vervolgstap in hetgeen wij al jarenlang hier betogen. De voorzitter: Mijnheer Ruijtenberg.

De heer Ruijtenberg: U zegt namelijk specifiek voor deze doelgroepen. Dus dat zijn specifiek voor 500 starters en specifiek voor 500 senioren. Zo zegt u het. Hoe gaat u dan voorkomen dat anderen ook daar gaan wonen? Ik bedoel, gaat u daar aparte eisen voor stellen? Moet daar een verklaring voor gemaakt worden? Want dan ben ik toch heel benieuwd naar hoe u dat zo specifiek voor deze mensen gaat doen. De voorzitter: Mijnheer Jumelet. De heer Jumelet: Voorzitter, ik word een beetje moe van deze discussie. En ik zal zeggen waarom. Het is natuurlijk continu elkaar de maat nemen op woorden. En uiteindelijk de intentie van dit

25/32

debat zou moeten zijn het realiseren van 1000 kleinere, betaalbare woningen, in lijn met wat we op Wilderszijde ook met elkaar gedaan hebben op voorstel van. En je kan natuurlijk op elk slakje zout leggen en dan wordt het vanzelf wel 00:00 uur en dan zijn de bitterballen aangebrand. Maar ik heb eigenlijk de neiging om dit gewoon te negeren, want uiteindelijk waar het om gaat is hetgeen wat er in de motie staat. Ik heb daar echt geen zin in en ik ga er ook niet op in. De voorzitter: Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ik word ook wel ergens moe van, inderdaad. Van het feit dat u elke keer denkt als het me te lastig wordt, de vraag, dan ga ik er maar niet op in. En dan de nieuwe bestuurscultuur die we dan afgesloten hebben, die gaat blijkbaar nu plotseling het raam uit, want ik wil er geen antwoord op geven. Het zijn uw woorden. U zegt specifiek voor deze mensen. Vervolgens bevraag ik u hoe wilt u dat dan garanderen? Ja, daar ga ik geen antwoord op geven. Dan wordt het lastig blijkbaar. Daar word ik nu moe van. Er wordt een prima handreiking gedaan door de heer Markus. Die motie, ik ben nog niet klaar hoor, die motie zou ik steunen. Waarom accepteert u die hand… Ik ga nu de vraag stellen, waarom accepteert u die handreiking niet en verandert u de motie niet in het dictum van Markus, waar we allemaal volgens mij mee zouden kunnen leven. De voorzitter: Mijnheer Jumelet.

De heer Jumelet: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat ik over mijn eigen woordvoering ga op het moment wanneer ik bepaal zelf wanneer ik wat ga zeggen. En ja, ik vind het allemaal erg zuur. Maar goed. Waar het om gaat is uiteindelijk de inhoud en de strekking van de motie. En voorzitter, uiteindelijk… En dat werd ook gevraagd over de kaders, ik denk dat de grootste winst van deze motie en van vanavond is als we deze motie kunnen aannemen. Is het feit, wat er staat, dat we weloverwogen de kaders moeten aanpassen. En dat betekent dus dat deze raad gaat bewegen. En dat is al eerder gezegd ook vanavond. Dat is denk ik de grootste winst. Dat wij in eerdere debatten heel erg over allerlei normering hebben gesproken, over hoogte, er zijn moties over ingediend. Dat wij met elkaar de bereidheid hebben om te bewegen. Om uiteindelijk ook aan de vraag die er is vanuit de samenleving, om daar op een goede en constructieve manier antwoord op te geven. En uiteindelijk doen we het daarvoor. En wat dat betreft denk ik dat het college creatief genoeg is om uitvoering te geven aan deze motie in de bouwontwikkelingen die voor de deur staan. En ik nodig het college graag uit om op te… De voorzitter: Ik hoor een punt bij u. Toch? De heer Jumelet: Ja, u mag hem zetten, dan zet ik hem ook. Is goed hoor. Dank u wel. De voorzitter: Ik ga naar de heer Markus. De heer Markus: Voorzitter.

Laat ik het maar kort houden. Ik merk geen enkele ruimte bij de partij om het dictum gewoon aan te passen zodat een hele raad het kan steunen. Ik hoor een wethouder zeggen pas ‘m inderdaad op die manier aan, want dan heb ik meer kaders om het aan te pakken. Ik zie ook instemmend geknik. Ik hoop dat de wethouder daar nog even een reactie op geeft. Daar ben ik erg teleurgesteld over. Ik had van deze raad toch meer verwacht. Allemaal grote woorden over visie en we durven allemaal niet. Daar gaat het helemaal niet om. Het gaat erom dat je met elkaar gewoon een duidelijke motie afstemt. En als je met een voorstel komt, dan wordt daar niet op ingegaan. Dat vind ik erg teleurstellend. Maar we gaan even afwachten wat de wethouder zegt. Want ik neem aan dat hij met deze motie niet uit de voeten kan. Dat is wat hij in de eerste termijn aangaf.

26/32

De voorzitter: Dat zal de wethouder zelf wel aangeven, denk ik. Mijnheer Van den Beukel, heeft u een interruptie? Gaat uw gang. De heer Van den Beukel: Voorzitter, de heer Markus suggereert dat zijn steun of niet steunen van deze motie afhangt van de toevoeging van woorden, zoals ik het begrijp, uit te werken per gebiedsontwikkeling. Wat is het principiële grote belang van die paar woorden in het dictum? Ik vind dat moeilijk te volgen. De voorzitter: Mijnheer Markus. De heer Markus: Omdat een programma voor heel Lansingerland niet gaat werken. Ik hoor hier voor me zeggen door Leefbaar 3B wij gaan alle kaders pas aanpassen per gebiedslocatie. Dan komt er zo meteen een algemeen programma met allemaal fantastische ideeën. Dan zegt men ja, maar we willen helemaal niet op de Merenweg zes hoog bouwen, want we willen het bij vier houden. Dan kunnen we weer terug. Wij vonden de route die gekozen is met Wilderszijde een uitstekende route. En ik vind het jammer, wij doen een aanbod. En dat aanbod wordt gewoon een beetje in de lucht weggezet. En daar doen we niks mee. Dus nogmaals, ik hoop dat jullie dat dictum aanpassen. En ik hoor dat ook de wethouder zeggen dat hij op die manier, met die concreetheid, geholpen is. De voorzitter: Mijnheer Van den Beukel.

De heer Van den Beukel: Voorzitter, volgens mij ga ik er nu concreet op in, dus ik weet niet waar mijnheer Markus nog verder op hoopt. Die toevoeging. U zegt, die biedt ruimte voor differentiatie. Ik heb in mijn tweede termijn aangegeven, die ruimte zit er in. Kijken we naar het beoogde effect. Die tekst in de motie. Daarin staat het beoogde effect is dat het onderzoek een uitbreiding is van de huidige aanpak. En dat die onderzoeksresultaten worden gebruikt om in die nieuwbouwprojecten, dus per gebiedsontwikkeling, hun effect te hebben. Dat is gewisseld. De notulen hiervan zijn bekend. Dus de ruimte is er voor het college om dat plan van een differentiatie te voorzien. Dat is echt geen hogere wiskunde. Dus ik vind het een beetje flauw om te doen alsof die drie woordjes echt bepalend zijn. De voorzitter: We gaan zien wat de wethouder in de tweede termijn antwoordt. En eventueel schors ik daarna. U hebt al twee interrupties geplaatst… En dat blijft… Nee, dan ben ik weer bij u terug. We zijn weer samen. Gaat uw gang. De heer Markus: Mijnheer Van den Beukel, nu spreekt u zichzelf een beetje tegen. Net zegt u het gaat alleen om het dictum en al die tekst eromheen is een beetje… De voorzitter: U moet geen tweede termijn doen. De heer Markus: Ja, ik moet reageren op de interruptie. En de rest van de tekst eromheen moet u een beetje zien als fuss. Daar gaat het niet om.

Het gaat ons inderdaad om het dictum. Want met het dictum stuur je het college op pad. Een duidelijk dictum. En wij stellen voor dat het dictum te verduidelijken is met de toevoeging die ik heb gedaan. En dat zit hem dus niet in allerlei fuss zoals u dat… U noemt dat iets anders, die in de rest van de tekst eromheen zit. Ruis was het. Ja, sorry, excuus. De voorzitter: De heer Van den Beukel nog. Laatste keer.

27/32

De heer Van den Beukel: Voorzitter, heeft de heer Markus mij dat niet horen zeggen? Zeg ik even richting de voorzitter dat het niet verboden is om te gaan differentiëren per gebiedsontwikkeling. De essentie van wat wij vragen is het dictum. Dat klopt. Dat is waar we om vragen. Waar het ons om gaat, die extra betaalbare woningen. In de uitwerking ligt er geen verbod. En voor zover die onduidelijkheid er zou zijn bij het college, heb ik die weggenomen. Er ligt geen verbod om te differentiëren qua kaders naar de gebiedsontwikkeling. Ik hoor graag van de wethouder, voorzitter, of dat voor hem behulpzaam is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Marcus. U hebt wel heel veel... De heer Markus: Ik word geïnterrumpeerd, dan mag ik toch een reactie geven op de interruptie? De voorzitter: Ik zei dat uw interrupties klaar waren. U zegt ik wil een tweede termijn. Dan gaat u reageren op mijnheer Van den Beukel… De heer Markus: Nee, maar excuus. Het was mijn termijn en er wordt op mij geïnterrumpeerd. De voorzitter: Als ik het al kwijtraak, dan vraag ik me af wie dit nog volgt. De heer Markus: Ik snap dat u het kwijtraakt, ik raak het ook kwijt. De voorzitter: Ja, maar dan moeten we er toch ook mee ophouden. De heer Markus: Nee, maar ik wil nog één ding zeggen. Als u geen waarde hecht aan die woorden, voeg het dan gewoon toe.

Dan is het toch prima? Ik snap niet waarom daar zo moeilijk over wordt gedaan. De voorzitter: Dan kijken we in de schorsing wel of dat gebeurt, na de beantwoording van de wethouder. Ik ga u het woord geven in de tweede termijn, tenzij u het niet meer wilt. Die hebt u al gehad. Dan ga ik door naar mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Dank u wel, voorzitter. Ik wil wel even gezegd hebben dat ik het heel jammer vind dat deze positieve motie eigenlijk zo wordt afgebrand. Want het gaat juist om de strekking van de motie. En volgens mij is daar niemand tegen. Gelukkig snapt de wethouder het wel en kan hij deze motie goed gebruiken. Per gebiedsontwikkeling kan er dus een andere keuze gemaakt worden, zoals het nu staat opgesteld en zoals de heer Van den Beukel dit heeft uitgelegd. En uiteindelijk gaat het college over de uitvoering. Dus ik denk dat de wethouder hier wel wat mee kan. Ik hoor het graag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kom ik bij de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Deze motie is wat ons betreft overbodig. Dat hoorden wij ook bij de antwoorden van de wethouder. Hij heeft het allemaal als steun in de rug nodig. We zeggen tegen het college kom zelf met een voorstel, want de raad heeft moeite om kaders mee te geven. Vanuit de PvdA, versnellen, ja. Sociaal beschermen. Betaalbaar, ja. En we willen alleen maar politieke wil.

Dan kunnen wij ook door. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Weerheijm.

28/32

De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Ik zei in mijn eerste termijn al dat ik er positief de bespreking inging, maar mijn verbazing werd steeds groter. Ik moet zeggen die is in deze tweede termijn alleen maar verder toegenomen eigenlijk, als ik eerlijk ben. Volgens mij is er door de heer Markus net een heel mooi, concreet voorstel gedaan om het dictum op een manier te formuleren waar iedereen mee kan leven en waar het college mee uit de voeten kan. Volgens mij is in de eerste termijn en in deze tweede termijn helder aangegeven waarom het van belang is om per programma, per gebied te kijken. En niet een soort one size fits all benadering te doen. Maar er is geen enkele ruimte blijkbaar daarvoor bij de indieners. Dat stelt mij oprecht teleur. Het werd net genoemd, negeren is het letterlijke motto bij de indieners. Dat vind ik echt teleurstellend en ook niet in de spirit die we hier als raad volgens mij de afgelopen jaren met elkaar te pakken hebben. Dan werd er gesproken door indieners we moeten niet bang zijn om nieuwe kaders, of een nieuwe visie, neer te leggen. Daar ben ik oprecht blij mee. Dit is een barrière waar een aantal partijen hier in deze raad al jaren tegenaan lopen, dat er niet de politieke wens of wil is om wat creatiever, wat avontuurlijker te zijn in de eisen die we stellen aan onze woningbouw. Er iets meer flexibiliteit in te hebben.

Als dat schip na een aantal jaar nu daadwerkelijk aan het keren is, dan ben ik daar alleen maar blij mee. Voortschrijdend inzicht is nooit weg. Maar, voorzitter, dan moeten de indieners zich daar ook wel aan gaan houden. En ik vind dat gezien hoe we de afgelopen jaren deze discussie hebben gevoerd, en hoe makkelijk er nu overheen gestapt wordt van misschien hadden we het toen niet allemaal helemaal juist. Vind ik dat toch een beetje moeilijk te verkroppen hoe we dat nu opeens in een motie gaan oplossen. En dan ook de 1000 woningen moeten er per se in. Dat is blijkbaar absoluut geen politiek statement. Dat geloof ik allemaal graag. Ik geloof absoluut in de goede bedoelingen van de indieners. Maar ik vind het alleen maar lastig geworden, deze motie. Dank u wel. De voorzitter: Afrondend tweede termijn, de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u. Ik denk dat ik nog maar eens...Het is een beetje herhaling, maar deze motie zwabbert alle kanten op. We hebben ook in de eerste termijn gehoord en ook in de tweede termijn. Twee partijen die geroepen hebben de parkeernormen zijn wat ons betreft heilig. Ze hebben daar een motie over ingediend die is aangenomen. Nu roepen beide partijen als het een goed initiatief is, dan valt over die parkeernormen wel te praten. Vervolgens… De voorzitter: Interruptie van de heer Jumelet. Gaat uw gang.

De heer Jumelet: Voorzitter, ik ken de heer Ruijtenberg altijd als heel kritisch en dat is heel goed. Maar dan moet hij ook wel een beetje bij de waarheid blijven. Als hij geluisterd had in de afgelopen jaren... De wethouder heeft het net non-verbaal bevestigd. U kunt ons niet aanwrijven rondom parkeren dat wij nimmer zouden hebben gezegd de norm is de norm, tenzij. En nu zegt u het is nu op dit moment gaat u opeens zwabberen, et cetera. Nee, dit is een consistente lijn die wij continu hebben gevolgd. Dus in die zin moet u ook bij de waarheid blijven. De voorzitter: U moet kort blijven, mijnheer Jumelet. Reactie van de heer Ruijtenberg? Maar dan moet u het woord vragen. De heer Ruijtenberg: Ik ga over mijn eigen woorden en deze ga ik maar negeren gewoon verder. Ik ga verder dus. Deze motie zwabbert gewoon alle kanten op. De wethouder is er nog gevraagd in zijn tweede termijn concretiseer dit. De heer Markus heeft een prima voorstel gedaan hierover. Dat wordt door meerdere partijen omarmd en daarmee zou u het door u zo gewenste unanieme besluit kunnen hebben. Maar u kiest ervoor om vast te blijven houden aan een motie die leuk klinkt, maar eigenlijk niets biedt.

29/32

De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk naar wethouder Fortuyn voor de beantwoording in tweede termijn. Beantwoording college De heer Fortuyn: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Dank u wel, raadsleden. Boeiende discussie. We bedoelen eigenlijk allemaal hetzelfde en we willen allemaal hetzelfde. Het zou voor het college heel fijn zijn als we raad breed een motie gesteund zouden kunnen krijgen. Laten we daar geen principiële discussie van maken. Dus ik zou graag willen dat er misschien een gelegenheid is dat jullie toch even met elkaar te overleggen. Om te kijken of we eruit komen. Want vind het wel heel fijn als er iets ligt, al was het maar naar de toekomst toe, waarin we eigenlijk raad breed met elkaar kunnen zeggen dit kunnen we ondersteunen. En dat we dat ook volmondig met zijn allen kunnen omarmen. Niet alleen het college, maar jullie ook. Ik heb verder inhoudelijk geen opmerkingen, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Als het college verzoekt om schorsing, dan doen we dat toch even. De heer Fortuyn: Uiteraard. Ik mag niet over de agenda gaan. Oh, wij kunnen als college ook een schorsing… Ik vraag een schorsing aan. Met het verzoek dat jullie gaan overleggen. De voorzitter: U krijgt de wethouder er waarschijnlijk bij cadeau. Maar ik schors voor 10 minuten. Schorsing De voorzitter: Mag ik u verzoeken te gaan zitten.

Er moet nog een kleine link met het scherm gelegd worden, maar dan kunnen we de wijzigingen in de motie waarnemen dadelijk. Dan weten we waar we over stemmen. Neem vooral uw plaatsen in. Is iedereen weer terug? Ik snap dat de pinda’s verrukkelijk zijn, maar toch nog even eerst de vergadering afmaken voordat we daar helemaal op losgaan. Is de griffie zover? Ik zie een geknik van ja. Dus dat zou betekenen dat we de schorsing kunnen opheffen. En alhoewel het college heeft gevraagd om de schorsing, ga ik voor het resultaat daarvan toch even naar de heer Van den Beukel. Gaat uw gang. De heer Van den Beukel: Ik ben benieuwd of het college zich heeft beraden. Omdat we toch tijd hadden, hebben we ook even samen gezeten met een aantal mensen en besloten om de motie een klein beetje bij te stellen. De bijstelling ziet u in geel op het scherm. Daar is een toevoeging gemaakt dat wel duidelijk moet zijn dat die uitwerking mag plaatsvinden, moet plaatsvinden, zal plaatsvinden, per gebiedsontwikkeling. Dat is een korte samenvatting van het debat dat we gevoerd hebben op dat punt. Ook in de argumentatie is iets gewijzigd. Er zijn een paar zinnen weg en er zijn een paar zinnen toegevoegd. Er is een verheldering met name onder punt 1.3, misschien kunt u daarheen scrollen.

Een verheldering onder 1.3 dat dit inderdaad ook een bepaald effect heeft voor bijvoorbeeld een gescheiden ouder, maar ook voor statushouder. En dat dit in lijn ligt met het bestaande beleid. Voor de fijnproever. Die zal goed zien dat er wel een verschil is en dat hiermee dus niet de wereld plotseling is opgelost, als het gaat om statushouders, maar dat het een zeker effect heeft. Dat zijn de wijzigingen. En ik ben dankbaar dat ik nu kan melden dat de motie vreemd is ingediend door de complete raad en alle fracties. De voorzitter: Goed, dan hebben we dat punt in ieder geval bereikt. Dan zouden we aan besluitvorming toe zijn, wat mij betreft. Er kunnen stemverklaringen zijn eventueel. Ik vraag daar niet om. Ik zie alleen mevrouw Draak, dat die het toch wil doen. Gaat uw gang.

30/32

Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. Ik hecht er toch aan toe te lichten dat de VVD mee tekent met deze motie vanwege de aanpassing voor fijnproevers. Namelijk dat het voor de statushouders gewoon volgens de regels van de Woonverordening loopt. En niet dat het wordt gepresenteerd als een oplossing voor alle wereldproblemen. En dat heeft ons over de streep getrokken. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Dan gaan we de stemming inzetten. Stemming Motie Vreemd M2025-006 1.000 kleinere, betaalbare woningen U kunt stemmen voor of tegen de aangepaste motie. Doet uw apparaat het niet de heer Van der Stad? Wilt u dan mondeling verklaren of u voor of tegen de motie bent? Voor? Dan is de motie met algemene stemmen aangenomen. Waarvan akte. Ik constateer bij mezelf dat misschien die regels over wanneer je een motie wel of niet in bespreking neemt, niet helemaal voor niets zijn gesteld. Maar daar hebben we het dan in het presidium nog nader over. Daarmee is punt 8, de bespreekpunten, gepasseerd. 9. Hamerstukken 9.a: [BR2500026] Besluit oprichting stichting HortiScience Innovation Center (HIC) 9.b [BR2500020] Contractenbank en verplichtingenadministratie 9.c [BR2500018] Benoeming lid Commissie Ruimtelijke Kwaliteit 9.d [BR2500015] Vaststellen Verordening Woonruimtebemiddeling Lansingerland 2025 9.e [BR2500032] Rekenkamerrapport 'Meer bereiken.

Onderzoek naar lokale inkomensregelingen' 9.f [BR2500024] Geactualiseerde Erfgoedverordening 2025 De voorzitter: Ik kom bij de hamerstukken. Daar gaat het woord niet meer over gevoerd worden, maar kan wel een stemverklaring zijn. En ik weet in dit geval dat er twee stemverklaringen vanuit de VVD zijn. De eerste betreft het besluit tot het oprichten van HortiScience Innovation Center. Wie van u heeft de stemverklaring? Brengt hem uit? De heer Van Santen. De heer Van Santen: Ja, dat klopt, voorzitter. Zoals aangekondigd in de commissie, een hele korte stemverklaring. Wij zijn bij 9.a, bij de oprichting van de stichting HortiScience, wij zijn tegen de investering van zeven ton door de gemeente. Wij laten dit graag aan de sector zelf over. Zal ik met de volgende verdergaan? De voorzitter: Nee, want dan constateer ik eerst dat dit punt verder wel is aangenomen, maar dat we aantekening maken van uw tegenstem namens de VVD-fractie. Dan het tweede punt is de contractenbank en verplichtingenadministratie. En u hebt wederom het woord. Gaat uw gang. De heer Van Santen: Dank u wel. Ook hier zijn wij tegen de investering, in de contractenbank in dit geval. Omdat we de investering te hoog vinden ten opzichte van wat dat oplevert. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Daar maken we ook aantekening van in het verslag. Overigens is het stuk dan wel aangenomen.

Geen andere opmerkingen meer bij de hamerstukken? Dan zijn die allemaal gepasseerd.

31/32

10. Sluiting De voorzitter: Ik kom bij de sluiting van de vergadering. Ik wens u allemaal wel thuis na deze avond. Dank u wel.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 juni 2025,

Griffier,

voorzitter,

Eveline Hamelink-van Rens

Jules Bijl

32/32

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=dbdbe8de-9354-4480-8579-1f9181d0bec6