CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0019] Verslag Gemeenteraad d.d. 30 januari 2025

Gemeenteraad 20 februari 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling van het verslag van de vorige vergadering17.388 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Mevrouw Gielis: We hebben nog steeds niet gehoord wat het college van dit alles vindt, want we zitten nog in de eerste termijn. Laten we even afwachten hoe het college hierop reageert. En onze insteek is dat we met zijn allen moeten proberen om voor alle partijen zo goed mogelijk tot een oplossing te komen. En wij denken met deze motie dat we daar gewoon een hulpje in kunnen geven. En die uitvoeringstoets waar al veel over gesproken is, die voldoet niet aan de vraag die gesteld was. En deze motie geeft een kader mee aan het college. En daar willen wij heel graag de reactie van het college over afwachten voordat we gaan vooruitlopen op een toekomst die er nog lang niet is. De voorzitter: De heer Afalah. De heer Afalah: Dan ben ik wel heel benieuwd, want dat hoor ik nu al een paar keer. Waar ging de uitvoeringstoets dan wel over als ik vragen mag? Waar ging de uitvoeringstoets over? Waar ging die over, welke projecten? De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Niet dat wat wij gevraagd hebben. Die ging over het totaalplan en wat wij gevraagd hebben gaat alleen maar over de scholen. De voorzitter: We gaan… De heer Azzouzi nog. De heer Azzouzi: Voorzitter, ik wilde benadrukken, want als ik straks een motie of een amendement kom, wat heeft dat dan voor waarde dat die uitvoeringstoets gedaan wordt als wij nu dat niet gaan volgen. De voorzitter: Mevrouw Gielis.

16/28

Mevrouw Gielis: Er wordt van mij een antwoord verwacht dat ik niet kan geven. Laten we gewoon met zijn allen vooruitgaan. We hebben een motie die alleen maar oproept om zo snel mogelijk aan de slag te gaan en te kijken hoe we alles zo goed mogelijk in banen kunnen leiden. En al het andere is doemdenken waar we niet graag aan meedoen. De voorzitter: Dan gaan we naar de heer Ruijtenberg. Maar mevrouw Van Olst was net iets eerder. Mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Dank u. Ik ben het eigenlijk helemaal eens met de kern van de motie, maar ik ben het ook eens met dat wij een uitvoeringstoets willen. Daar hebben wij natuurlijk zelf voor gekozen. En als die uitvoeringstoets zegt dat iets niet kan, dan snap ik dat er een andere uitvoeringstoets is uitgevoerd dan waar het nu over gaat. Ik ben dus heel benieuwd naar de reactie van het college en ik zou daarbij willen oproepen, geef nu aan wat is er wel mogelijk? Wat is er wel mogelijk wat in deze motie staat? En dan komen we misschien wel tot het mooie plan wat mijnheer Lieverse volgens mij voor ogen heeft om dit met een brede raad en college voor elkaar te krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Ruijtenberg, GroenLinks. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, voorzitter. Als laatste van de mede-indieners hoop ik het echt kort te kunnen houden, want alles is eigenlijk al gezegd door de voorgaande mede-indieners.

GroenLinks heeft deze motie mede-ingediend, eigenlijk om twee redenen. Ten eerste de uitvoeringstoets. Die lezen wij als een nee, tenzij. En wij willen graag een partij zijn van ja, mits. Daarbij de tweede reden waarom wij deze motie mede indienen is eigenlijk omdat ik opdracht heb gekregen van mevrouw Gabin om deze mee te tekenen. Zo werkt het soms binnen ons. Dus je luistert soms naar wat er gezegd wordt. En haar overwegingen daarbij waren deze motie zorgt voor meer duidelijkheid en versnelling van projecten waar scholen al lange tijd op wachten. We hebben eerder aangegeven dat afhankelijkheid van schoolbesturen bij investeringen, met name in verduurzaming tot ongelijkheid kan leiden. Door meer regie te nemen en een realistisch tijdpad op te stellen, kunnen we deze projecten sneller en eerlijker realiseren. Waarvan akte. De voorzitter: Tot zover de woordvoerder van mevrouw Gabin. Dank u wel, mijnheer Ruijtenberg. Dan gaan we naar de eerste termijn van het college voor de beantwoording van gestelde vragen. De wethouder Hoek. Beantwoording college De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter. Voor ons ligt een mooi voorstel wat gaat over de maatschappelijke voorzieningen in Wilderszijde en over de tweede actualisatie van ons zo gekoesterde integraal huisvestingsplan. Een voorstel waar het serieus om geld gaat, ruim 25 miljoen.

En ik heb niet eerder in de regio gehoord dat er een gemeente wel eens bereid is geweest om 25 miljoen te investeren in de bouw van scholen. Uw raad heeft dit over voor goede onderwijsvoorzieningen in Lansingerland. De voorzitter: Ik heb gelijk een interruptie van de heer Lieverse. De heer Lieverse: Het is een mooie start, maar het is denk ik voor degenen die niet zo ingewerkt zijn in de materie goed om te weten die 25,5 miljoen is het tekort. Er wordt veel meer geïnvesteerd. De heer Hoek: Waarvan akte. Maar je kan het erbij leggen of je kan het niet doen. En wij hebben in ieder geval de guts gehad om te zeggen wij zorgen voor goede onderwijshuisvesting. En wat dat betreft ben ik trots op deze raad dat we dat gedaan hebben. Klasse. Daarnaast ligt er ook een realistisch en haalbare planning gepresenteerd voor de beschikte projecten. Met een nadruk op realistisch en haalbaar. Met betrekking tot deze planning ligt er nu een motie voor om te versnellen. Laat ik beginnen wat er naast het opstellen van het IHP gerealiseerd is. Realisatie van een nieuw, semipermanent schoolgebouw Cadans

17/28

opent volgende week en ik raad iedereen aan om er eens langs te fietsen, want het is prachtig geworden. Gisteren is in het bestuurlijk overleg witte rook gegeven voor de versnelde start van De Springplank. Een nieuwe toetreder in ons onderwijspalet. De voorzitter: Ik ga even naar de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Mag ik de wethouder verzoeken om zich vooral toe te spitsen op de appreciatie van deze motie en niet een hele lijst op te noemen van allerlei prestaties waar we allemaal heel erg trots op zijn en heel erg blij mee zijn, maar die voor de motie wellicht iets minder relevant zijn. Dus gaarne de appreciatie. De heer Hoek: Mijnheer Ruijtenberg, ik maak toch mijn betoog af, want ik hecht er waarde aan… De voorzitter: Ik ga wel de heer Ruijtenberg bijvallen. Net zoals ik net tegen de heer Afalah zei, het gaat niet over individuele projecten hier. Het gaat over de 2b lijst ten opzichte van het totaal project en de motie. Op hoofdlijnen uitstekend, maar wel snel naar de motie. De heer Hoek: De indruk wordt hier wel eens gewekt dat we het afgelopen jaar alleen maar bezig geweest zijn met de herziening van het IHP, maar tussentijds is er heel veel werk gewoon geklaard. We hebben conceptafspraken gemaakt over de uitvoering met schoolbesturen over groep 2a. Nee, om aan te geven dat er wel degelijk afspraken zijn gemaakt over hoe de planning eruitziet.

Vooruitlopend op het besluit van vanavond zijn we in overleg met de schoolbesturen, let even goed op, in overleg met de schoolbesturen over de vervangende nieuwbouw Wiekslag, uitbreiding Gouden Griffel en Prinses Máxima. Dat gaat gewoon door. We zijn een programma van eisen voor maatschappelijke voorzieningen Wilderszijde aan het maken. Loopt op dit moment niet… De voorzitter: Wethouder, we gaan naar de motie en appreciatie. Dus op hoofdlijnen kunt u zeggen er is heel veel gebeurd, niet per project. Dat is echt niet de bedoeling in de raad. Is dat wat u wilde zeggen, heer Ruijtenberg? Of heeft u een andere interruptie? De heer Ruijtenberg: Nee, in dit geval val ik u bij, mijnheer de burgemeester. De heer Hoek: Goed, dan ga ik terug naar de motie. De voorzitter: We zijn echt, wethouder… U kunt gewoon uitleggen op hoofdlijnen er gebeurt heel veel werk. Volgens mij is er niemand in deze zaal die heeft getwijfeld in zijn bijdrage en even uitleggen wat in de motie de knelpunten zijn. De heer Hoek: Ja. Maar dan loop ik het risico dat ik straks ook niks over de uitvoeringstoets mag zeggen, want die staat niet in de motie. De voorzitter: Ja, zeker wel. Die gaat over de motie. De heer Hoek: Gelukkig. Oké, dan nu terug naar de motie. Ik begrijp de motie helemaal, want wie wil er niet versnellen? Ook dit college wil waar het mogelijk is versnellen.

Maar wanneer we de motie langs de uitvoeringstoets leggen, komen we tot een heel andere conclusie. De conclusie daarin luidt: alles overwegende concluderen we dat het vervroegen van de projecten in groep 2b na 2025 niet haalbaar is voor de organisatie. De nieuwe organisatiestructuur voor het uitvoeren van onderwijshuisvestingsprojecten staat op dit moment reeds onder grote druk door de realisatie van de projecten uit de groepen 1 en 2a. Het vervroegen van de projecten in groep 2b zou de organisatie zwaar belasten en de uitvoering van alle projecten in gevaar brengen. De benodigde bijbehorende organisatiestructuur voor de uitvoering van onderwijshuisvestingsprojecten is nieuw en nog in ontwikkeling en lerende. Het vervroegen van de projecten in groep 2b is van invloed op het volledige

18/28

projectportfolio van de gemeente qua continuïteit, kwaliteit en doorlooptijd. Het vervroegen van de projecten in groep 2b is domein breed van invloed op de ambtelijke capaciteit. De afgelopen jaren zien we dat het gemeente brede Meerjarig Investeringsplan, het MIP, qua planning en uitvoering sterk uit elkaar loopt en we begroten jaarlijks tussen de 35 en 40 miljoen euro aan investeringen die dat jaar worden uitgevoerd. We zien echter dat de daadwerkelijke uitgaven rond de 20 miljoen bedragen. De voorzitter: We gaan even naar de heer Lieverse voor een interruptie. De heer Lieverse: Kan het zijn, voorzitter, dat nu de wethouder een tekst voorleest zonder te reageren op wat ik voorgesteld heb. Namelijk om eruit te kunnen komen op een manier dat er toegezegd wordt dat groen licht gegeven wordt aan de schoolbesturen om te doen waar zij huiswerk in zullen hebben. En dat er een tijdspad vastgesteld wordt, ook voor de 2b projecten, in plaats van voor te gaan lezen wat in de uitvoeringstoets staat. Waarvan we al aangegeven hebben... Ik heb de vraag bijna afgerond, voorzitter, dat we de uitvoeringstoets hebben die antwoorden gaat geven op vragen die niet beoogd zijn en bedoeld zijn in de motie. De voorzitter: Misschien begrijp ik dat u niet zo zit te wachten op de duiding van de uitvoeringstoets, maar uw versnellende vragen die komen zo meteen.

Daarbij is het inhuren van uitvoeringscapaciteit ook niet de oplossing, omdat ook expertise van de rest van de organisatie benodigd is die niet opgeschaald kan worden of anders geprioriteerd kan worden. Zoals vergunningverlening en beheer van openbare ruimte. En ik was nog even in de zin dat we… Dat wil ik toch nog even terughalen… Het realiseren van die projecten die worden voor 40 miljoen staan ze erin en we halen het bij lange na niet. En als we daar nu nog 75 miljoen aan toe gaan voegen. Daar zit de crux en op het moment dat we dat wel zouden gaan doen, dan weet ik zeker dan voeren we zaken niet goed uit. Dat leidt tot frustratie. Je kan beter aan de voordeur heel duidelijk aangeven dit is de planning en we plegen een uiterste inspanning om dat te halen, dan dat je dingen beloofd die je niet waar kan maken. En dit college heeft gemeend geen dingen te beloven die ze niet waar kunnen maken. De voorzitter: De heer Lieverse nogmaals. De heer Lieverse: Dus ik begrijp dat, ze mogen wat u betreft beginnen. Dat vraag ik via de voorzitter. Betekent eigenlijk dat ze kunnen dat beter niet doen. Want straks loopt het wel mis met zo'n aanbesteding bijvoorbeeld. Als ze niet de kans krijgen om het dan ook uit te voeren voor de datum die nodig is. Als een school bijvoorbeeld zegt ik moet voor 1 februari de aanbesteding regelen anders is die verlopen die kans.

Dan is het natuurlijk heel veel werk geweest als ze dat toch zouden gaan doen, terwijl de afstemming met de gemeenteambtenaar niet mogelijk is. Begrijp ik het goed? De voorzitter: De wethouder. De heer Hoek: U geeft zelf het antwoord, want dat betekent dat we dus in het verloop van het traject niet kunnen leveren waar op dat moment de bouwheer om vraagt. Omdat we juist met al die andere trajecten ook bezig zijn. Verder heb ik niet heel veel vragen van de overige fracties gehoord. De voorzitter: Ik heb een interruptie voor u, van mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Voorzitter, dank u wel. Wethouder, de activiteiten die wel al gedaan kunnen worden. U zegt dat kost nu heel veel ambtelijke capaciteit en die hebben we niet. Maar als we het nu niet doen en alles wat al kan gebeuren moet in een later stadium misschien ook weer gebeuren, alles wat… Maar dan heeft u dan die capaciteit wel? De voorzitter: De wethouder.

19/28

De heer Hoek: Als we een planning afspreken, heb ik in de eerste plaats een verantwoordelijkheid aan de zaken die we toezeggen. Die wil ik waar kunnen maken. Ik kan ze niet waarmaken, het college kan ze niet waarmaken op het moment dat dat we met alle projecten tegelijk bezig zijn en we aan het eind van de hele zaak moeten constateren dat het niet vloeiend verlopen is. Ik wil kunnen garanderen dat we op basis van de planning die hier nu ligt, dat we schoolbesturen gerust kunnen stellen dat de planning zoals we die nu gepland hebben, ook daadwerkelijk uitvoerbaar is. Ook naar aanleiding van de uitvoeringstoets. En dat is mijn eerste prioriteit. Ik kan niet toezeggen dat als we ook met de planning in 2b tegelijkertijd beginnen, dat we dat ordentelijk af kunnen handelen. En dan refereer ik weer aan de uitvoeringstoets, die daar wat mij betreft heel erg duidelijk in is. De voorzitter: Mevrouw Gielis nogmaals. Mevrouw Gielis: Dank u, voorzitter. Wat zou u nodig hebben om de motie wel te kunnen uitvoeren? De voorzitter: De wethouder. De heer Hoek: Als u goed geluisterd hebt dan is dat een moeilijke exercitie. Ook al zou het gaan om extra personeel, dan nog wordt het ingewikkeld. En tegelijkertijd zaken uitvoeren, ik wil u toch nog even refereren aan het feit waarom we een tweede herziening hebben gedaan. Dat was met name omdat de planning die u voorstelt in het eerste IHP zat.

En we hadden ook, en ik ook, daar het gevoel bij dat kunnen we uitvoeren. Maar al redelijk snel toen ik wethouder was kwam ik erachter dat datgene wat we in ik meen juni 2022 besloten hadden, dat dat echt te veel op ons bordje was. En naar aanleiding van dat gegeven, te veel op ons bordje, hebben we een reële planning gemaakt. En die reële planning die ligt nu voor. De voorzitter: Dank, wethouder. Dan zijn we aan het einde van de eerste termijn van het college en gaan we naar de tweede termijn van de raad. En als eerste natuurlijk naar de heer Lieverse. Tweede termijn De heer Lieverse: Mag ik een schorsing aanvragen om met de indieners van de motie even bij te praten? De voorzitter: Hoeveel tijd heeft u nodig, mijnheer Lieverse? De heer Lieverse: Tien minuten. De voorzitter: Dan schors ik de vergadering voor tien minuten en dan gaan we om vijf over half weer verder. Schorsing De voorzitter: Als iedereen weer plaats wil nemen, dan kunnen wij verder gaan. Keurig, in tien minuten is dat gebeurd. Dus ik heropen de vergadering en wij gaan alsnog naar de heer Lieverse van de ChristenUnie. De heer Lieverse: Dank u wel, voorzitter. De motie had een duidelijk doel. Dat is door meerdere mensen nog extra toegelicht op grond van vragen die zoal kwamen. De bedoeling was om op een goede manier, op een constructieve manier druk te houden op het proces rond de actualisatie van het IHP.

We hadden daarbij ook gehoopt en eigenlijk ook een beetje op gerekend dat het college dat zou omarmen als een hulp om dat als een opening te zien. Als nu de wethouder die opening alsnog ziet en aangeeft, dan horen we dat heel graag op dit moment. Anders zien we geen andere mogelijkheid dan de motie in te dienen op de manier zoals we dat aangegeven hebben. Wetend dat dat de druk wel op het proces zal houden en dan horen we ook graag in het verloop van het proces, dat is niet vanavond maar in het verloop van het

20/28

proces, wat het college nodig heeft van de raad om inderdaad deze motie op deze manier uit te voeren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, voorzitter. Als mede-indiener heb ik maar één ding te zeggen. Dat is dat ik me aansluit bij de woorden van de vorige spreker. De voorzitter: Dank u wel. De heer Afalah. De heer Afalah: Ik had eigenlijk nog een interruptie, voorzitter. De heer Lieverse, welke druk? En waarom is die druk volgens u nodig om dit uit te kunnen voeren? De voorzitter: Gelukkig mag ik bepalen of het kan en het is moeilijk. Als u de knopjes indrukt, kan ik niet zien of het een interruptie of de volgende is. Dus soms is dat een kwestie van timing en nu in dit geval ga ik dus even terug naar de tijd van de heer Lieverse en de interruptie van de heer Afalah. Want anders zou het vervelend zijn en dan moet ik elke keer, en dat probeer ik natuurlijk te doen, vragen is het nu een interruptie, of? En soms is dat niet heel duidelijk. Ik vraag de heer Lieverse gewoon even te antwoorden op de heer Afalah. De heer Lieverse: Maar omdat de vraag al een paar keer gesteld is ga ik niet origineler zijn dan bij de vorige beantwoording, namelijk dat het de bedoeling is dat de 2b projecten, dat die schoolbesturen de ruimte krijgen om te doen wat zij nodig vinden om te gaan doen.

En niet om dan te horen… Het maakt mij niet uit dat zij al wat gaan doen, maar dat het wel aansluit bij de projecten die ook vanuit de gemeente gecoördineerd worden. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar wie? De heer Afalah. De heer Afalah: Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik de wethouder bedanken voor… Ik vond het een duidelijke, misschien iets te langdradige, maar wel een duidelijke beantwoording. En uitleg over de uitvoeringstoets. Nogmaals, wij hebben gewoon heel veel kritiek, met name op punt een van de motie en in mindere mate op punt drie. Dus als dat nu veranderd is, prima, dan blijven wij wel bij ons standpunt. Dank u wel. De voorzitter: Dan mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. Ook voor wat betreft de VVD sluiten wij ons aan bij de woordvoering van de heer Lieverse in de tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dan de heer Bergwerff. De heer Bergwerff: Voorzitter, ik denk niet dat het heel veel zin heeft om nog heel erg uit te wijden. We zien de wereld toch door een andere bril en daar laat ik het even bij. De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Wij sluiten ons aan bij de woorden van de heer Lieverse en zullen de motie blijven steunen. De voorzitter: De heer Van der Stad. De heer Van der Stad: Dat geldt voor ons ook. We sluiten ons aan bij de woorden van de heer Lieverse.

21/28

De voorzitter: Dan kijk ik nog even of er nog iemand is? Nee. Dan zijn we aan het einde van deze tweede termijn van de raad. En dan komt er nog een schorsingsverzoek van het college. Hoeveel minuten? De heer Hoek: Vijf minuten. De voorzitter: Ik schors weer voor vijf minuten. Schorsing De voorzitter: Is iedereen weer klaar om verder te gaan? Iedereen is zo te zien weer aanwezig. Dan heropen ik de vergadering en gaan wij naar de wethouder Hoek voor de tweede termijn van het college. Beantwoording college De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter. Ik heb het zojuist al even aangegeven. Er is een planning. Wat ik u toezeg is dat u een planning krijgt van de projecten die in 2026 op de rol worden uitgevoerd. En u kunt dan… Of u, in afstemming met schoolbesturen kan er dan gekeken worden waar zij vast mee kunnen beginnen. Maar de uitvoering vindt wel plaats in 2026. Dat is wat ik kan toezeggen. En dan kan er gekeken worden wat ze zelf vast kunnen doen in de tussentijd. De voorzitter: De heer Lieverse. De heer Lieverse: Voor ons is dit een opening, voorzitter. Een opening om er gezamenlijk uit te komen, waar we op hoopten. Een beetje conform zoals de scholen ook proberen met één stem te spreken, zou het heel fijn zijn dat we nu dit aanbod van het college aannemen en daarmee ook de motie niet indienen.

Ook niet in stemming brengen, maar het houden op het aannemen van het grote voorstel wat voorligt. Dank u wel. De voorzitter: Dat is helder. Dank u wel, wethouder. Stemming [BR2400109] Maatschappelijke voorzieningen Wilderszijde en Tweede actualisatie Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs (IHP) En dan zijn wij inderdaad aangekomen bij het stemmen over het raadsvoorstel. En dat voorstel kent een heleboel beslispunten, maar toch mag u gewoon voor of tegen stemmen. Het is met 27 stemmen voor en nul tegen unaniem aangenomen. Daarmee zijn we aan het einde van de verhandeling van agendapunt 8.a

8.b M2025-002 Motie Vreemd Grenzen aan bezuinigingen op brandweerzorg De voorzitter: Dat is helder. Dank u wel, wethouder. En dan zijn wij inderdaad aangekomen bij het stemmen over het voorstel. En dat voorstel kent een heleboel beslispunten, maar toch mag u gewoon voor of tegen stemmen. Het is met 27 stemmen voor en nul tegen unaniem aangenomen. Daarmee zijn we aan het einde van de wandeling van agendapunt 8.a en gaan wij naar agendapunt 8.b, de motie vreemd aangekondigd door de heer Duivesteijn van Leefbaar 3B. Ik geef hem het woord om zijn motie in te dienen en direct zijn eerste inbreng te leveren. De heer Duivesteijn.

22/28

Eerste termijn M2025-002 Motie Vreemd Grenzen aan bezuinigingen op brandweerzorg De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Ik wil een motie vreemd indienen. Mede namens Mark Bik van WIJ Lansingerland, Job Halkes van het CDA Lansingerland en Marko Ruijtenberg van GroenLinks. En de titel is: Grenzen aan bezuinigingen op brandweerzorg. De motie spreekt voor zich. En wat ben ik vandaag blij dat daar geen uitvoeringstoets voor nodig was. Voor degenen die toeluisteren en meekijken naar de webcast, het gaat over de VRR. Dat is de veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en die is verantwoordelijk voor onze veiligheid. En dan gaat het om de brandweer, rampenbestrijding, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening in de regio. De kerntaken op veiligheid. De VRR staat voor een voorgenomen bezuiniging van vijf procent. Die hebben ook de gemeente gevraagd aan de VRR om te bezuinigen. Ook Lansingerland, omdat die bezuinigingen hard nodig zijn in verband met het ravijnjaar. En dat is voor heel veel mensen hier heel bekend, maar voor degenen die toe luisteren, het ravijnjaar zorgt ervoor door een andere systematiek vanuit de rijksoverheid dat wijst straks kampen met een tekort van ongeveer negen miljoen, zo niet oplopend. Bezuinigingen op de VRR zijn wat Leefbaar 3B betreft mogelijk, maar dan wel op overheid en inefficiëntie.

En de op tafel liggende bezuinigingen nu binnen de veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond, ook benoemd door onze burgemeester in de vorige commissie algemeen bestuur, raken specifiek Lansingerland en Voorne aan Zee. En dan hebben we het specifiek over het snel interventie voertuig dat bij de brandweerkazerne bij de Berkelse Poort staat. Dat voertuig zorgt voor korte aanrijdtijden en snelle hulpverlening, omdat het gaat om een voertuig waar slechts twee mensen op hoeven te zitten. En de andere grote voertuigen hebben zes mensen nodig en zo kan het voertuig sneller uitrukken en eerste hulp verlenen. En je kunt discussiëren hier over hoeverre je kunt bezuinigen op veiligheid, maar wat ons betreft niet op de kerntaak van de brandweerzorg. En om die reden dien ik deze motie in om in ieder geval de ondergrens te waarborgen dat wij de brandweerzorg willen behouden zoals die nu is in Lansingerland. En dan ga ik verder ook niet verder uitweiden over deze motie en ben ik benieuwd wie allemaal met mij mee willen gaan. De voorzitter: Dan heb ik denk ik nog een interruptie van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. De heer Duivesteijn zei hij was gelukkig dat er geen uitvoeringstoets was. Ik ga toch een procestoets uitvoeren. Het gaat mij om het principe.

Voor bezuinigingen hebben wij nu een traject en dan gaan we straks ook zitten en een bepalen wat voor gemeente willen we zijn of kunnen zijn. En ik heb behoefte aan een integraal plaatje voordat wij gaan praten over bezuinigingen wel uitvoeren of niet. Dus in die zin dan ben ik principieel tegen deze motie, omdat het eigenlijk voorsorteert op het traject wat wij gaan… Hoe staat Leefbaar tegenover mijn insteek? De voorzitter: De heer Duivesteijn. De heer Duivesteijn: Heel terecht wat de heer Azzouzi zegt. In het proces dat voor ons ligt richting de bezuinigingen die wij met zijn allen hier gaan bespreken, staat op dit moment geen discussie over veiligheid. En wat Leefbaar 3B betreft is in ieder geval het waarborgen van de ondergrens wat we hier doen. We hebben het niet over andere bezuinigingen, want je kan heel veel bezuinigingen bespreken op veiligheid. Maar de basis, de kerntaak van de veiligheidsregio, het idee waarom de veiligheidsregio is opgericht daar bezuinig je niet op, is onze overtuiging. De voorzitter: De heer Markus. Nee, eerst toch de heer Azzouzi, nogmaals. De heer Azzouzi: Is dat het minimum basis of wat wij hebben. Dat konden wij niet aanscherpen tijdens de beeldvorming en nu zie ik dat wij een definitie geven. Bedoelt u dat? De voorzitter: De heer Duivesteijn.

23/28

De heer Duivesteijn: Wat Leefbaar 3B graag wil meegeven aan het college is in ieder geval het standpunt te verdedigen dat de aanrijtijden niet langer moeten worden in Lansingerland. Als grensgemeente zijnde hebben wij een snel interventievoertuig. Juist om de buitenwijken van de veiligheidsregio te kunnen bedienen en de normtijden, de opkomsttijden, te kunnen waarborgen. En daarom hebben wij zo'n voertuig in Lansingerland. En als wij dat gaan wegbezuinigen, want die bezuinigingen liggen voor en die beslissing wordt in de komende algemeen bestuur vergadering van de veiligheidsregio genomen. Of een principe keuze gemaakt. Dan wil ik in ieder geval hier aan de voorkant meegeven dat dat voor ons onacceptabel is. En dan verdere discussie over de veiligheid over wat er dan wel mogelijk bezuinigd moet worden op een later moment te doen. De voorzitter: De heer Markus. De heer Markus: Voorzitter, dank u wel. Je kan er donder op zeggen dat elke gemeente een dergelijke motie gaat indienen. Maar wat blijkt als nu blijkt dat het met die vijf procent bezuinigingen niet lukt wat wij eisen en de VRR komt terug met beste gemeente, dan vragen we toch een hogere bijdrage. Hoe kijkt Leefbaar daartegenaan? De voorzitter: De heer Duivesteijn. De heer Duivesteijn: Dat is heel duidelijk. Dank u wel, voorzitter, voor het woord. Veiligheid de kerntaak kun je niet bezuinigen wat ons betreft.

En elke gemeente, dat zal wel meevallen. Een andere gemeente heeft een SIV staan. En Rotterdam zelf. Alleen die hebben best wel veel kazernes dan. Voorne aan Zee dient ook vandaag eenzelfde motie in van dezelfde strekking, de lokale partij Vrij Voorne dient deze ook in om ook hun SIV aan te stippen. De voorzitter: De heer Bik. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Ook mede-indiener, WIJ Lansingerland, van deze motie kan me volledig aansluiten bij de woorden van de heer Duivesteijn in de eerste aanleg waarom we deze motie hebben opgesteld. Veiligheid is voor ons ook geen discussiepunt. Daarnaast heb ik als raadsrapporteur ook de discussie gevolgd in het vorige AB over de mogelijkheden die ervoor liggen. Of in ieder geval de wensen vanuit de verschillende gemeentes, die variëren van drie tot tien procent. En alles daartussen. Maar niemand wil eigenlijk de rekening betalen. En als er dadelijk bezuinigingen worden doorgevoerd door gemeentes en wij zijn daardoor de dupe. Ik heb in de commissie een woord gebruikt, waardoor ik werd aangesproken door de voorzitter. Dat zal ik dit keer niet gebruiken. En vooral betreft wat de heer Azzouzi zei over het proces. 19 februari is er gewoon een hele cruciale algemeen bestuursvergadering, waarin toch wel een richting wordt gekozen.

En als we niet duidelijk aangeven waar onze grenzen liggen, dan zou het zomaar kunnen dat wij de het kind van de rekening zijn en onze SIV kunnen inleveren. De voorzitter: De heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u wel, voorzitter. Ik had eigenlijk een interruptie op de heer Duivesteijn maar aangezien de heren het samen indienen, kan de heer Bik ongetwijfeld ook de vraag beantwoorden. In de commissie algemeen bestuur hebben we het inderdaad over gesproken waar u aan refereerde en jullie zitten er allebei goed in. Waarvoor hulde en dank. En toch even een verduidelijkingsvraag. De burgemeester gaf toen aan dat er een soort bandbreedte… Of de inzet was die vijf procent, maar hij gaf ook aan wat hij verantwoord vond. En wat zijn inzet daar was. Daar konden wij toen volgens mij allemaal mee instemmen. En begrijp ik eigenlijk goed uit de woordvoering dat er dus tussen dat moment van de commissie en nu wat er op tafel ligt, dat er dus toch iets veranderd is waardoor deze motie nu nodig is? De voorzitter: De heer Bik.

24/28

De heer Bik: Nee. In de basis is er niks veranderd. Alleen in de discussie in het algemeen bestuur is aangegeven dat vanuit het DB wordt aangegeven wij achten drie procent, het scenario van drie procent realistisch, zodat er niet hoeft te worden ingeleverd op de kwaliteit en de uitvoering van de taken. Dan kunnen we gewoon blijven doen wat er nu gebeurt. Alleen je ziet dat de discussie in dat AB gewoon anders gaat en wellicht wat hoger wordt. En dan willen wij alvast aangeven dit is voor ons de echte ondergrens. Hier moet je wat ons betreft niet aankomen. Dus als je naar een hoger percentage gaat dan drie procent, zoek het dan in iets anders dan de SIV. De voorzitter: De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde eigenlijk de discussie over de bezuiniging niet voeren nu vanwege het proces. Maar toch, er ligt een motie hier. Dan moet ik toch die vraag stellen. Als een afweging gemaakt worden tussen veiligheid, dus als de VRR zegt je moet meer bijdragen, hoe kunnen wij dat financieren? Als ik kijk naar de prioriteitenpiramide van Leefbaar, dan zit … veiligheid op 1. En hoe staat het bij WIJ Lansingerland? De voorzitter: De heer Bik. De heer Bik: Wat ons betreft blijft het budget wat we nu betalen aan de VRR het liefst gehandhaafd. Of betalen we zelfs minder. Maar we gaan niet inleveren op de kwaliteit van de bescherming van onze inwoners.

En daar moeten we dan een uitweg voor zien te vinden. En dat staat ook in punt twee en drie van de motie goed verwoord, als ik het zo nog even terugkijk. Dus daar verwijs ik dan ook naar. De voorzitter: De heer Markus. De heer Markus: Even aanhakend op de volgende vorige interruptie. Maar is WIJ Lansingerland dan ook eventueel bereid om meer bij te dragen als er wel getornd gaat worden aan die absolute ondergrens? De voorzitter: De heer Bik. De heer Bik: Dat scenario ligt wat mij betreft nu niet voor. Daar is door het DB van de veiligheidsregio aangegeven we zien nog ruimte tot een besparing tot drie procent, waarbij we de dienstverlening kunnen blijven handhaven. Zolang dat nog op tafel ligt dan is dat volgens mij geen discussie nog. De voorzitter: Wie dan in eigen termijn? De heer Markus. De heer Markus: Voorzitter, wij kunnen er vrij kort over zijn. Ik denk dat het goed is om richting de VRR aan te geven wat in die zin de eisen en de wensen van Lansingerland zijn. Is goed om dat mee te geven ook als steun richting onze burgemeester om daar ook gedekt door de gemeenteraad te vertellen wat wij ervan vinden. Voor ons is het wel bespreekbaar. Die absolute brandweerzorg moet minimaal zo blijven. En als dat betekent dat we als gemeente daarvoor meer moeten bijdragen, dan willen wij daar best daar het gesprek over aangaan.

Maar allereerst zien we deze motie vooral als een steun in de rug van onze burgemeester om wat wij als raad belangrijk vinden te delen in de VRR en vanuit die optiek kunnen wij hem ook steunen. De voorzitter: Mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel. Ik denk druk maar gelijk want wij kunnen ons helemaal aansluiten bij de woorden van de ChristenUnie. Ook wij zien het als een steuntje in de rug voor de voorzitter om hier zo mee aan de slag te gaan. En het is natuurlijk niet… Het is dat we ook als lokale politiek goed in de gaten houden dat er niet te veel wordt gesneden in onze veiligheid. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Santen.

25/28

De heer Van Santen: Dank u wel, voorzitter. Onze inzet is dezelfde die de heer Bik noemt, dus een bezuiniging en toch noodzakelijke voorzieningen in stand houden. Dus als dat hand in hand gaat, dan vindt u de VVD aan uw zijde. Ik zou toch wel graag ook van de portefeuillehouder een toelichting krijgen omdat dit verhaal wat ik nu hoor, dat heb ik niet zo gehoord in de commissie algemeen bestuur. Dus graag uw reflectie daar nog even op. De voorzitter: Mijnheer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Mijn zorg over het proces hebben jullie gehoord. En ik ben wel benieuwd, net als de VVD, naar de mening van de burgemeester over dit dossier. En of dat nu echt een steuntje in de rug is. De voorzitter: De heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, voorzitter. We hebben het al vaker gezegd, als GroenLinks vinden wij veiligheid zeer belangrijk. We vinden de brandweer ook een belangrijke kerntaak hebben in die veiligheid. Dit zou kunnen impliceren dat dit een ongewenste bezuiniging is. En daarom zijn wij ook van harte mede-indiener van deze motie. De voorzitter: De heer Halkes. De heer Halkes: Dank u wel, voorzitter. Als mede-indiener sluit ik me aan bij de vele woorden die al gewisseld zijn door andere mede-indieners en aanvullers. Voor ons is het belangrijk dat goede brandweerzorg is gewoon een basistaak van de overheid en die moet op orde zijn voor onze inwoners.

Beantwoording college De voorzitter: Dank u. En dan is iedereen geweest. Daarom zal ik van hier beantwoorden, ook bij afwezigheid van mijn vaste plaatsvervanger. Maar ik vermoed ook dat wij hier geen discussie over krijgen. Want als de heer Azzouzi mij vraagt is dit steun, dan kan ik daar volmondig ja op antwoorden. Het standpunt dat ik namens u in het AB heb ingebracht is conform met deze drie bullets die hier aangegeven worden. Dat wil niet zeggen dat er geen bezuinigingen mogelijk zijn. Ik heb ook in de commissie proberen uit te leggen, ik heb twee posities. Een is portefeuillehouder. Mijn standpunt als portefeuillehouder in het dagelijks bestuur van de veiligheidsregio is gewoon we hebben twee jaar geleden uitgebreid uitgezocht wat de veiligheidsregio nodig heeft. Daar is door alle raden en alle burgemeesters toen mee ingestemd dat er negenenhalf miljoen bij moest. En dan is nu zeggen doe er maar weer vijf of tien miljoen af, die snap ik niet. En nu zijn er wat mensen weer vertrokken en weer nieuwe bij en plotseling kunnen we het weer overnieuw doen. Dat vind ik als portefeuillehouder en dat vind ik nog steeds. Tegelijkertijd zit die druk van de gemeentefinanciën ook… Is door u ook al genoemd. En dan moet je kijken, nog eens alles tegen het licht houden. En daarvan hebben we geconstateerd, ik, als portefeuillehouder, dat drie procent haalbaar is.

Ik heb voor Lansingerland ook gezegd wij zitten op de nullijn in beginsel. Gewoon we hebben dat budget nodig dat hebben we afgesproken. En we kunnen instemmen met het compromis, want dat zal nodig zijn, van drie procent omdat dat niet ten koste gaat van deze bullets. En ik ben ook heel blij zoals de motie verwoord is. Eigenlijk zegt de motie het gaat niet om dat percentage, het gaat uiteindelijk om de essentiële brandweerzorg die we overeind houden. Dus ik weet ook niet waar we uit gaan komen op het percentage, maar wel dat deze randvoorwaarde die de raad hier stelt, ook mijn randvoorwaarde is. Ik ga even naar de heer Van Santen voor een interruptie. De heer Van Santen: U moet even twee petten op doen, maar u doet het goed. Mijn vraag is heel simpel eigenlijk. Want nu houdt u toch wel weer een beetje hetzelfde verhaal als bij de commissie algemeen bestuur dat ik herken. Als die motie er nu niet zou zijn, zou dat dan uw inbreng en inzet daar anders

26/28

maken? Dus heeft u die motie nu nodig? Zijn we hier nu echt met iets nuttigs bezig, is eigenlijk de vraag, of niet? De voorzitter: Ja, mijn mening bent u wel met iets nuttigs bezig. In een discussie in zo'n AB tussen portefeuillehouders, dat zal voor de wethouders in die zin niet anders zijn, is het fijn als je rug gesteund wordt door een uitspraak van je eigen gemeenteraad. Dat wordt ook meegenomen door anderen. Als die de indruk hebben van hij zegt wat, maar zijn gemeenteraad zit er anders in. En dat heb ik bij collega's ook wel eens. Dan verzwakt dat de positie. Zo simpel is het. Dus u spreekt hier klip-en-klaar uit dit is voor ons een ondergrens. Ik heb u aangegeven dat is voor mij ook de ondergrens. Ik heb overigens op dit moment positieve verwachtingen dat we ook eruit gaan komen binnen deze grenzen. Maar dat moet zich wel bewijzen. Dat hopen we 19 februari op te komen. Dus hij is tijdig, zou ik zeggen, voor de inzet die in het DB 4 of 6 februari en het AB op 19 februari zal worden ingenomen. Dus relevant. Deze punten zijn ook voor mij de inzet en het percentage wat we uit gaan komen wat uiteindelijk de gemeentelijke bijdrage ook voor ons natuurlijk beïnvloed, mag niet ten koste gaan hiervan, maar is in die zin wat minder relevant.

Het zal dus automatisch volgens de portefeuillehouder niet ver van de drie procent af kunnen zitten op basis van mijn eerdere ingenomen stelling. Maar wie weet wie er nog een konijn in de hoge hoed heeft. Maar dat is de inzet en volgens mij daarmee kan ik u deze motie aanbevelen. Maar we zeggen dan oordeel raad. En dat is dan het einde van mijn eerste termijn, eerste termijn van het college. En dan ga ik naar de tweede termijn, naar de heer Duivesteijn. Tweede termijn De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Ik ben blij met zoveel steun van de andere fracties. De vraag die de komende maanden voor ons ligt en die het college ook heeft gesteld in de aanpak is wat voor gemeente willen wij zijn? En als er een ding duidelijk is die denk ik iedereen kan uitspreken, is het in ieder geval een gemeente waar de brandweer op tijd komt als je 112 belt. En dat is de basis waar we het over hebben en wat we dan voor andere discussies nog hebben in het proces, dat parkeren we voor later. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u, voorzitter. Het is een interruptie, want de vraag is niet alleen wat voor gemeente willen we zijn. Ook wat voor gemeente kunnen we zijn? Kunnen wij dat met de financiële middelen die wij hebben? De voorzitter: De heer Duivesteijn. De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter.

We geven in ieder geval een opdracht mee aan het college om een standpunt te verdedigen. En straks komt er een begroting van de VRR naar ons en dan gaan we daar een zienswijze op leveren. En dan maken we die keuze. Dus wat dat betreft denk ik dat dit gewoon een volledig zuiver standpunt is om mee te geven aan de portefeuillehouder. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Nog iemand in het tweede termijn? Dat is niet het geval. Dan sluit ik deze beraadslaging ook direct af en kunnen we overgaan tot de stemming over de… De stemming met de mededeling dat mevrouw Van Olst ons heeft verlaten om privéredenen. Stemming M2025-002 Motie Vreemd Grenzen aan bezuinigingen op brandweerzorg Dus het telt zo direct op voor het verslag tot een stem minder. Ik open de stemming. Gaat uw gang. De motie is met algemene stemmen aangenomen. 9. Hamerstukken

27/28

9.a Algemene Plaatselijke Verordening 2025 9.b Nota verbonden partijen 2025 - 2028 9.c Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) naar aanleiding van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen De voorzitter: Daarmee komen wij bij agendapunt negen, dat zijn de hamerstukken. Iemand nog behoefte aan een stemverklaring? Nee, dat is niet het geval. En dan zijn we aan het eind. Hamer ik de hamerstukken af. 10. Sluiting De voorzitter: En dan zijn wij aan het einde van deze raadsvergadering. Dat is de sluiting, agendapunt tien. Ik sluit de vergadering.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 20 februari 2025.

Griffier

Voorzitter

drs. Eveline Hamelink-van Rens

drs. Pieter van de Stadt

28/28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=65083bc1-9b25-4fe0-a758-83292a7ca54f