[BV25.0012] Verslag Commissie AB d.d. 15 jan 2025
Tekst van het document
VERSLAG Commissie Algemeen Bestuur
Corsanummer Datum vergadering
: BV25.0012 : 15 januari 2025
Aanwezig in de raadszaal Commissieleden Leefbaar 3B : Johan Philippens, Terry Duivesteijn WIJ Lansingerland : Jan Jumelet, Mark Bik, Ton Jansen CDA : Jan-Willem van den Beukel, Job Halkes, Wouter de Ruiter VVD : Ed van Santen D66 : Brecht Weerheijm CU : Bram Oostdijk GroenLinks : Manon van Splunter PvdA : Hamid Azzouzi, Nanno Scheringa, Sonnie Biharie VOOR Lansingerland : Petrine van Olst Burgemeester
: Pieter van de Stadt
Voorzitter Commissiegriffier
: Jan Pieter Blonk : Lianne van den Houten
Afwezig VVD D66 CU GroenLinks
: Nathalie van Bakel, Matthijs Machielse : Erik Jonker, Bert Bakker : Kees-Willen Markus, : Marko Ruijtenberg
1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Ik open de vergadering van de commissie Algemeen Bestuur van de gemeente Lansingerland. Het is vandaag 15…Ik begin opnieuw. Ik open de vergadering van de commissie Algemeen Bestuur van de gemeente Lansingerland. Het is vandaag 15 januari 2025. Mede namens de commissiegriffier, welkom kijkers. Nee, die zijn er niet. Welkom leden van de commissie Algemeen Bestuur, welkom ambtenaren op de publiek tribune, welkom de heer Neelis als inspreker dadelijk, welkom burgemeester, naast het college en dat allemaal namens de commissiegriffier, uiteraard jullie ook welkom in deze vergadering. Dus we moeten, de webcast doet het dus niet, maar wel is er, kan er een verslag gemaakt worden, waarvan we hopen dat dat een redelijk te gebruiken verslag is. Terugkijken is dus, kan dus niet van deze vergadering. Helaas, het is niet anders. Maar het probleem lag dus niet hier bij de gemeente, maar bij de Webcast Company. Dan, ik zie dat alle fracties aanwezig zijn. 2. Inspreker(s) De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 2, de inspreker. We hebben vandaag een inspreker, dat is de heer Neelis. Hij komt inspreken over agendapunt 5.b, het camerabeleid. Mijnheer Neelis, u mag gaan plaatsnemen achter het spreekgestoelte daar. En u weet, u heeft de u beschikbare vijf minuten bij lange na niet nodig zag ik aan de tekst die u ingeleverd heeft.
Voor de rest weet u ook hoe het allemaal werkt hier. Maar goed, gaat uw gang. Inspreker: Dus deze avond wordt na een paar jaar slechts een beleidsdeel besproken, camera's in het kader van handhaving openbare orde. Maar de concrete vraag is, waarom staan de ZoRo camera's al uit sinds 11-9-2020? 5000K aan besteed, staan al vier jaar zwart. Door middel van een Woo-procedure heb ik dat in 2003 boven tafel gekregen wat de oorzaak, de reden was. Het is later ook toegezonden aan de raad door middel van een brief van derden en we zijn een jaar verder en nog steeds staan die camera's op zwart. Het kan zonder meer als ik het stuk heb
1/25
gelezen, bijvoorbeeld gerechtvaardigd belang, AVG. Dus het advies is niet alleen studeren en papier produceren, acteren, gewoon een telefoontje naar de directie van de RET en dan zijn we er. Dat is het. De voorzitter: Dank u wel. Blijft u nog even staan. In ieder geval namens de commissie hartelijk dank voor het inspreken. Gaan we eens kijken of er nog commissieleden een verhelderende vraag voor u hebben.. Even kijken, is dat het geval? Ja, mijnheer Van Santen, gaat uw gang. De heer Van Santen: U had het over de oorzaken, weet u wat de oorzaak is? Inspreker: Ja, verschil van mening tussen de functionaris gegevensverwerking van de RET, die vindt dat de gemeente Lansingerland permissie moet geven. En daarin klopt dat wel, want in feite de camera’s staan op het grondgebied, openbaar publieke grondgebied van de gemeente Lansingerland. Alleen hij stelt de eis dat het in het kader van handhaving ook ‘…’ is, dat is niet het geval. Er zijn andere criteria en die andere criteria dat was nog niet bekend bij de gemeente en men heeft al heel, gereageerd, maar het is niet geaccepteerd en niemand heeft meer de boel opgepakt. De voorzitter: Mevrouw Van Splunter. Mevrouw Van Splunter: Aan deze kant, goedendag. Ik heb toen, ik heb de brief er ook even bij gepakt van, wat is het, 25 april 2024.
Daar wordt ook uitgelegd dat partijen om tafel zijn gaan zitten, dat ze eigenlijk wel tot de conclusie waren gekomen allen dat het zinvol zou zijn de camera’s weer te activeren en dat er nog een reactie zou komen. Maar die reactie is nooit gekomen? Inspreker: Ik ben er achteraan gegaan. In die vergadering is verteld, de RET zou het initiatief nemen, zou de Autoriteit Persoonsgegeven benaderen. Ik hoorde niks, paar keer gevraagd en eigenlijk of de RET het wel of niet gedaan heeft, et cetera, et cetera. Maar ik kan u verzekeren, de Autoriteit Persoonsgegevens houdt zich niet bezig met de plaatsing van camera's. Wel met de privacy. Ik heb zelfs een klachtenprocedure met ze opgestart om dit boven tafel krijgen en ze hebben mij uitgelegd, wij houden ons met privacy zaken bezig. Is de vraag hiermee beantwoord? Dus ik heb geen reactie gekregen vanuit de gemeente. De voorzitter: Dank u wel. Verder nog vragen? Dat is niet het geval. Hartelijk dank, mijnheer Neelis. U weet ook dadelijk is het een agendapunt 5.a. Inspreker: ik ga het aanhoren. De voorzitter: U mag blijven zitten. 3. Vaststelling verslag vorige vergadering De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 3, vaststelling verslag vorige vergadering. Dat zijn twee verslagen, van 9 oktober 2024 en 4 december 2024.
Er zijn geen wijzigingsvoorstellen binnengekomen Dat klopt, niets vergeten hier? Dat betekent dat die beide verslagen hiermee zijn vastgesteld 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 4, de vaststelling agenda. Akkoord hiermee? Ja, oké, dan zijn we daarmee akkoord. Rondvragen zijn niet aangemeld. 5. Bespreekpunten 5.a Camerabeleid De voorzitter: Dan gaan we toe naar agendapunt 5, de bespreekpunten. En dat is agendapunt 5.a, het camerabeleid. De inzet van publiek cameratoezicht in het belang van, de inzet van het publiek cameratoezicht in het belang van de handhaving van de openbare orde is een bevoegdheid van de burgemeester. De burgemeester heeft aangegeven het belangrijk te vinden om het opstellen van camerabeleid in samenspraak te doen met college en raad. De commissie wordt nu gevraagd om de burgemeester overwegingen mee te geven over het concept
2/25
camerabeleid. Hierna zal de burgemeester aangeven welke overweging hij wel en niet zal meenemen en op een later tijdstip zal hij het camerabeleid dan definitief vaststellen. Wie mag ik daarover het woord geven? Mijnheer Jumelet van WIJ Lansingerland. Eerste termijn De heer Jumelet: Dank u wel, voorzitter. Dank ook voor de heldere brief ook aan de raad. De fractie van WIJ Lansingerland is erg blij dat de burgemeester, ondanks dat hij zelfstandig de bevoegdheid heeft, de raad betrekt bij de vorming van dit beleid. Dus goed dat hij inderdaad ook een soort eigenlijk de raad consulteert. Want uiteindelijk, daar zijn we het denk ik heel snel met elkaar over eens dat cameratoezicht een grote impact heeft op de samenleving en dan moet je er zorgvuldig mee omgaan. Mijn fractie is dan ook zeer content ook met de lijn die in de brief zit en ook zeker eens met de uitgangspunten zoals flexibiliteit, zorgvuldigheid en transparantie. En met name ook als het gaat bij die zorgvuldigheid worden er ook nog een aantal stappen gemaakt. Ik zit even bij het verkeerde stuk, want ik wilde dat citeren. Maar goed, er zit inderdaad een hele duidelijke afweging om uiteindelijk te komen tot al of niet het tijdelijk voeren van cameratoezicht. Dus in die zin is die zorgvuldigheid toch wel heel erg gewaarborgd, zelfs bovenwettelijk zoals het ook in de brief staat.
Het geeft ook, die drie punten geven ook goed invulling aan de terughoudendheid die onze fractie voorstaat als het gaat om cameratoezicht. En wij kunnen ons ook volledig vinden in de lijn die de burgemeester voorstaat. En wij hebben op dit moment ook geen wezenlijke wijzigingen of wat ook, of aanvullingen op hetgeen voorgesteld wordt in het voorliggende stuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Jumelet. Dan gaan we naar de heer Philippens van Leefbaar 3B. De heer Philippens: Dank, voorzitter. Wat ons betreft ook goed dat de burgemeester de input van de raad ophaalt. In het algemeen kunnen wij ons zeer goed vinden in dit stuk, is conform coalitieakkoord. Het kan op onze steun rekenen. Toch even de drie onderdelen afgaan, hoe wij daarnaar kijken. Flexibel cameratoezicht, volgens mij hartstikke goed. Je moet cameratoezicht inzetten op hotspots during hot times. En met de huidige criminaliteit kan dat snel veranderen. Dus is flexibele inzet denk ik heel erg passend in. Gelukkig hebben we ook geen hotspots die continu hotspots zijn, zoals dat in bijvoorbeeld Rotterdam is. Dan heb je vast minder nodig. Dus daar kunnen we ons goed in vinden. De zorgvuldige afweging, die zien we als verdere professionalisering van het afwegingskader. Dus daar kunnen we ons ook zeer goed in vinden.
Wel twee gebieden, ik denk dat de burgemeester dat ook wel zal doen, maar ik geef het toch even aan, wat ons betreft, dat die wel in balans moeten blijven. Dus de subsidiariteit en de proportionaliteit, dat blijven toch voor ons ook de twee wettelijk belangrijkste afwegingen. Naast de andere afwegingen die we maken. En dat we ook een balans blijven houden op het stukje de zorgvuldigheid en de afweging in het proces, maar ook de snelheid waarop we die camera's in kunnen zetten. Dat het geen bureaucratische molen et cetera wordt en dat de criminaliteit al gepleegd is en daarna komen we met camera's. Dus dat, maar ik kan me voorstellen dat de burgemeester dat ook zo ziet. Transparantie en kenbaarheid. Wat ons betreft, camera's kunnen een veiligheidsgevoel geven, maar die kunnen het ook verzwakken. En ik kan me voorstellen dat bij flexibel cameratoezicht, dat inwoners toch meer het gevoel krijgen, daar gaat iets gebeuren of daar gebeurt wat. Dus ik denk dat het goed is dat we daar transparant over communiceren richting de inwoners. Dus hartstikke goed dat dat meegenomen is. En ook nog een tip op het moment dat we daar het contact met de inwoners hebben, camera's zijn goed, maar gelukkig hebben we nog heel veel welwillende inwoners met ogen en oren die ons ook verdachte omstandigheden kunnen melden. Dus zet dat ook vooral in. Daar wil ik het bij houden, voorzitter. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Philippens. Dan gaan we naar de heer Oostdijk, ChristenUnie. De heer Oostdijk: Voorzitter, dank u wel. De CU waardeert het dat de raad betrokken wordt bij het opstellen van het beleid, net als mijn voorgangers dat al uitgesproken hebben. Dank daarvoor in ieder geval. Wat de CU betreft dient het al dan niet inzetten van cameratoezicht zorgvuldig afgewogen te worden. En dat betekent dat cameratoezicht alleen ingezet kan worden als er een goede afweging is gemaakt tussen de veiligheidsvoordelen en de nadelen op het gebied van privacy en veiligheidsbeleving. En we hebben een voorkeur voor de inzet van mobiele camera's op locaties waar dit tijdelijk nodig is, boven het plaatsen van vaste camera's. Als je dat standpunt legt naast het conceptbeleid wat nu toegestuurd is, dan zal duidelijk zijn dat we ons
3/25
daar goed in kunnen vinden. We zijn voorstander van flexibel cameratoezicht indien een bepaalde situatie hierom vraagt. En vooral als er een zorgvuldige afweging is gemaakt. In de notitie wordt beschreven dat er gewerkt gaat worden met een uitgebreider en meer vastomlijnd afwegingskader. Dat spreekt ons aan. En dat is ook nodig wat ons betreft. Ook van ons uit een vraag over de proportionaliteit en de subsidiariteit. Mijn buurman ter rechterzijde had het daar ook al over. De afweging daarin is in mijn beleving, in bepaalde situaties zou dat best lastig kunnen zijn. En hoe verloopt dan het proces van die afweging? Is dat een gesprek van de burgemeester met lokale driehoek of gaat dat anders? Wellicht kan de burgemeester daar iets meer over zeggen. Verder staat in de notitie nog beschreven hoe de objectieve en subjectieve veiligheid wordt afgewogen, namelijk via een afwegingskwadrant. Als verwacht wordt, een van de situaties is dat als verwacht wordt dat het cameratoezicht beperkt of geen effect heeft op de objectieve veiligheid, maar wel een positief effect op de subjectieve veiligheid, wordt de toezicht in principe niet ingezet. En in de voorbereiding moest ik dat een paar keer lezen en even op kauwen. Ik denk, dat klinkt tegenstrijdig of onlogisch. Maar goed, in de fractie hebben we het besproken en toen werd me uitgelegd hoe het bekeken moet worden.
Toen kon ik me daar iets bij voorstellen. Maar toch breng ik hem hier even in. Kan de burgemeester wellicht situaties beschrijven waarin het op deze manier aan de orde is? En dan nog ten aanzien van de transparantie en kenbaarheid. We steunen de lijn die in het conceptbeleid wordt beschreven. Namelijk dat naast het kenbaarheidsvereiste ook wordt gestreefd naar transparantie in meer bredere vorm. Dus samenvattend, wij kunnen ons goed vinden in dit conceptbeleid met betrekking tot cameratoezicht. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oostdijk. Mijnheer Van Santen, VVD. De heer Van Santen: Dank u wel, voorzitter. De bijdrage die ik ga doen zou mevrouw Van Bakel hebben gedaan, maar die ligt met zware griep op bed. Maar het is wel haar tekst. Dus het is wat langer dan u van mij gewend bent, normaal gesproken. Maar ik ga mijn best doen. De VVD ziet in het conceptbeleidsstuk voor cameratoezicht een waardevolle stap richting meer veiligheid in Lansingerland. Toch zijn er belangrijke kansen die we als gemeente nog beter kunnen benutten. Zo benutten we niet alle juridische en technische mogelijkheden binnen het camerabeleid om openbare orde en veiligheid effectief te waarborgen. We willen dan ook als fractie drie overwegingen meegeven om het beleid verder te versterken. Ten eerste, de ruimere toepassing van wetgeving.
En dan zeg ik maar, vast cameratoezicht strategisch inzetten. Het huidige beleid richt zich expliciet op flexibel cameratoezicht en geeft aan dat de aard van de openbare orde problematiek in Lansingerland geen noodzaak vormt voor vast cameratoezicht. Het beleidsstuk stelt echter dat vast cameratoezicht niet volledig uitgesloten is, mits aanvullend beleid wordt ontwikkeld zodra de noodzaak ontstaat. En de Gemeentewet biedt de ruimte hiervoor, zal ook blijken uit voorbeelden in andere gemeenten. Zoals Rotterdam, hanteert vaste camera's voor periodes van drie jaar met evaluaties en verlenging waar nodig. En de VVD pleit er dan ook voor om proactief gebruik te maken van deze mogelijkheid en vast cameratoezicht strategisch in te zetten. Dus niet te lang daarmee te wachten totdat er allerlei zaken gebeuren. Dan ten tweede, een helder beleid voor bewakingscamera's. Het beleidsstuk behandelt gemeentelijke en private bewakingscamera’s summier en biedt geen concreet kader voor de inzet ervan in het openbaar gebied. En dit leidt tot een risico op precedent waarbij bedrijven en particulieren zonder duidelijke richtlijnen camera's plaatsen op gemeentelijk grondgebied. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Jumelet. De heer Jumelet: Dank u wel, voorzitter.
Ik ga even terug in uw tekst toen u zei van, het preventief cameratoezicht installeren op vaste plekken. U doet dan de vergelijking met Rotterdam. Een eerdere collega van ons die sprak ook even over de vergelijking met Rotterdam dat wij toch wat, ik maak eruit op, toch een wat andere gemeente zijn. Maar waar denkt u dan aan als het daarom gaat? Want u heeft waarschijnlijk wel plekken in uw hoofd, of mevrouw Van Bakel dan waarschijnlijk, waar je die vaste camera opstelling noodzakelijk vindt. De voorzitter: Mijnheer Van Santen. De heer Van Santen: Ja, het gaat hier natuurlijk om een beleidsstuk en daar zouden dan die criteria voor daar gevormd moeten worden. Dat is eigenlijk de overweging die wij meegeven. We willen niet te veel op de stoel van het college gaan zitten daar. Maar bijvoorbeeld waar wij in elk geval aan denken is bijvoorbeeld bij bepaalde OV-plekken waar veel fietsen gestolen worden. Dat is dan bijvoorbeeld een voorbeeld. Bewakingscamera’s, en daar is de oproep om daar toch een helder beleid te maken voor bewakingscamera's, inclusief de samenwerking met bedrijven
4/25
en particulieren, om incidenten te voorkomen en uniforme toepassing te waarborgen. Dus dat is het tweede punt wat wij mee willen geven. Het derde punt is een ambitieuzere en proactieve rol als Lansingerland opnemen. Ik hoorde net de heer Jumelet zeggen, we zijn een andere gemeente dan Rotterdam. Natuurlijk, elke gemeente is uniek op zichzelf. Maar wij zouden toch graag wat meer een proactieve rol willen van de gemeente. Het beleidsstuk spreekt wel over tussentijdse en eindevaluaties. Maar de nadruk ligt dan met name op procesmatige aspecten. En wat wij graag zouden willen is dat er ook indicatoren worden toegevoegd, zoals bijvoorbeeld criminaliteitsdaling of verbeterd veiligheidsgevoel. Dat is meer vanuit de burgers geredeneerd dan vanuit de processen. En dan pas kunnen wij ook als raad beoordelen, is het cameratoezicht nou effectief of niet? Daarnaast blijft de samenwerking met de regionale partners, zoals de VeiligheidsAlliantie Regio Rotterdam, beperkt tot het volgen van bestaande kaders. Wij zouden hier dus een wat actievere rol willen hebben en Lansingerland wat sterker positioneren. Dus, voorzitter, samengevat, vast cameratoezicht, beleid voor bewakingscamera's en een voortrekkersrol nemen. Dat zijn de drie zaken die we willen meegeven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Santen. Mijnheer Halkes, CDA. De heer Halkes: Dank u wel, voorzitter.
Het inzetten van camera's is voor het CDA Lansingerland een belangrijk hulpmiddel in de strijd tegen criminaliteit en overlast. Het voorliggende conceptstuk biedt wat dat betreft goede mogelijkheden, maar net als de VVD zien we ook nog wel wat verbeterpunten. Ten eerste willen wij graag zien dat het vaste cameratoezicht toch een onderdeel blijft van de gereedschapskist van de burgemeester. Criminaliteit verandert snel en wij willen dat de burgemeester indien nodig toch kan kiezen voor een vaste camera als de situatie daarom vraagt. Zoals de VVD al zei is het op basis van de Gemeentewet goed mogelijk om langere tijd ergens een vaste camera neer te zetten. Wij sluiten ons dan ook aan bij de oproep om dit proactief toe te passen. Nu bij voorbaat uitsluiten van een vaste camera met de mogelijkheid deze dan alsnog via aanvullend beleid in te zetten zodra dat noodzakelijk is klinkt ons wat vreemd. Waarom kan die mogelijkheid niet gewoon blijven? De tweede kanttekening die we bij het stuk willen maken is dat het wel erg beperkt wordt tot cameratoezicht in het kader van de openbare orde en veiligheid in het stuk. Alleen op de laatste pagina's wordt er gesproken over andersoortige camera's. De inspreker van vanavond heeft een duidelijke casus naar voren gehaald, namelijk de camera's langs de busbaan.
De recente vermissing van een vrouw in Rotterdam laat zien dat camera's een belangrijke rol kunnen spelen bij de opsporing. Dat deze nu niet aanstaan zou dan ook een gemiste kans zijn. Graag hoor ik van de burgemeester op welke termijn hij verwacht dat die camera's weer in gebruik worden genomen. De oproep van de VVD voor een helder beleid voor bewakingscamera's onderschrijven wij. Voorzitter, tot slot willen wij opmerken dat het stuk erg vanuit de procedure kant is opgesteld. Het verbeteren van de objectieve veiligheid of het veiligheidsgevoel is voor het CDA net zo belangrijk. Camera's kunnen daaraan een belangrijke bijdrage leveren als hulpmiddel, zoals ik al zei. Denk bijvoorbeeld aan de fietsenstallingen bij de metrostations en het tegengaan van overlast bijvoorbeeld langs De Rotte. Niet de procedures, maar de inwoners moeten daarbij centraal staan. Kortom, hoe wordt de mening van de inwoners geborgd in de evaluaties die genoemd worden in het stuk? Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Halkes. Dan gaan we met mevrouw Van Splunter van GroenLinks. Mevrouw Van Splunter: Dank, voorzitter. Ook bedankt aan de burgemeester dat hij dit beleid voorlegt. Het mag duidelijk zijn, GroenLinks is kritisch als het gaat om camerabeleid. Met name ook inderdaad voor het waarborgen van privacy.
Maar daar waar het nodig is, moet het een middel kunnen zijn waartoe de gemeente beroep op kan gaan doen. En met dit flexibele cameratoezichtbeleid staat er wat ons betreft een mooi stuk met een goede afweging waarbij onzes inziens mooie keuzes worden gemaakt, goed wordt gekeken naar de situatie, een mooi proces. Een kleine opmerking is dat als het over de communicatie gaat qua kenbaarheid staat er, een vaste pagina in de krant of sociale media, maar maakt er nou gewoon en van, omdat daar verschillende doelgroepen zitten en je dan iedereen zo breed mogelijk kan bereiken. En omdat het natuurlijk over flexibel cameratoezicht gaat, er zijn wat vragen gesteld, ook over vaste camera's, is de heer Neelis natuurlijk wel blijven zitten, maar vraag ik me af of in het behandelen van dit stuk dan ook daar antwoord op gegeven kan worden. En ik moet wel zeggen dat ik daar wel net als CDA benieuwd naar ben. En op zich is misschien uitwerken van vast camerabeleid wel wenselijk voordat, even op zijn Rotterdams gezegd, de webcam doet het toch niet, de pleuris uitbreekt, vooraf dan daarna, om maar even zo te zeggen. Dus ik vraag me af of daar de overweging wordt gemaakt, omdat we niet te vergelijken zijn met Rotterdam daar nu
5/25
niet voor gekozen wordt. Want dat geeft natuurlijk ook wel weer belasting op ambtenaren die dat beleid moeten gaan uitwerken. Maar misschien is het beter de put te dempen voordat een kalf verdronken is. Maar goed, daar wacht ik even de reactie dan voor af. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Splunter. Gaan we naar de heer Scheringa van de PvdA. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Mijn fractie is op zich wel tevreden over het beleid wat de burgemeester voorstelt. Het is alleen gericht op de openbare orde. Het is doelgericht, dus alleen waar echt nut is en noodzaak voor toezicht daar toe te passen. Dat geeft ook een urgentie die dan nodig is. Wij vinden het erg fijn dat het tijdelijk is en dat er waarborgen in zitten op de evaluatie. En dat het op het moment dat het niet meer nodig is, dat we er ook mee stoppen. Ik had nog wel een vraag over dat afwegingskwadrant. Dat klinkt heel logisch in mijn optiek. Ik zit alleen in het objectief negatief en subjectief positief. Dat dan geen cameratoezicht nodig is, dat lijkt ons logisch. Want eigenlijk heeft het dan geen nut. Ik vroeg me alleen af of het niet handig is om in dat geval, omdat de burgers, inwoners subjectief wel veiligheidswinst ervaren om dan nog aandacht te geven aan de subjectieve veiligheid. Dat in het punt ervoor staat het wel genoemd.
Het lijkt me juist in dit geval ook wel nuttig om daar iets te communiceren van de burgers verwachten blijkbaar, die rekenen daarop, die denken dat het nut heeft en er wordt besloten om het niet te doen. Dus misschien daar toch aandacht voor dan. Ten slotte, een financiële paragraaf zag ik niet direct. Dus misschien ook beleid, maar ik ga ervan uit dat we die camera's dan al hebben, dus niet hoeven te investeren. En ten slotte ook nog iets over die publiekrechtelijke camera's en vaste camera's. Mijn fractie is op zich niet voorstander van vaste camera's in verband met privacy en dat soort dingen. Het viel me alleen op, er is nu geen beleid en er wordt naar de wet gewezen. Mijn vraag is dan, dat is net iets anders nuance dan de voorgangers ook over vaste camera's. Is dit nou voldoende dan de wetgeving op vaste camera's of is het misschien toch handig om daar op termijn ook nog beleid te ontwikkelen? Of beleid te ontwikkelen dat we het niet willen. Dat is dan een politieke keuze. Dat was het, voorzitter, voor mijn eerste termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Scheringa. Dan mevrouw Van Olst van VOOR Lansingerland. Mevrouw Van Olst: Dank u wel, voorzitter. Heel fijn dat we worden geraadpleegd door de burgemeester. Deze nota lijkt mij een verbetering van het huidig beleid. En er lijkt goed te zijn nagedacht over objectieve en subjectieve veiligheidsgevoelens.
De terughoudende opstelling in dit stuk spreekt mij heel erg aan. Ik ben niet zo voor camera's. Ik denk dat hoe het omschreven is, dat het te doen is. In de bijdrage van collega's CDA, VVD, kan ik me niet vinden. Ik wil ook nog wel opmerken dat er een relatie is met andere beleidsterreinen. Dat wordt ook genoemd in het stuk, dat het verschillende terreinen raakt. Maar mijns inziens ontbreekt er nog een relatie, kom ik zo op terug. Als het over privacy gaat, dan kan het juist gaan om de som der delen van verschillende beleidsterreinen waarin de privacy ter discussie staat. En de opmerking die ik hierover wil meegeven is dat ik in de commissie Ruimte van februari, iedereen is natuurlijk welkom, met een bespreekstuk kom over de digitalisering van de buitenruimte. En hierin roep ik op om te bediscussiëren waarom iets nodig is en wat voor impact dit heeft op milieu, gezondheid en veiligheid. Het is dus belangrijk om het camerabeleid wel ook mee te nemen bij het bepalen van andere beleidstreinen, zoals bijvoorbeeld het visietraject digitalisering. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Olst. Gaan we naar de heer Weerheijm, D66. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Ik liep de hele tijd op het knopje te duwen, maar was elke keer net te laat. Tot groot vermaak van mijn collega's van WIJ Lansingerland aan de overkant.
Laat ik beginnen met complimenten te geven voor de kwaliteit van het stuk. Een prettig leesbaar het stuk en volgens mij ook een mooi genuanceerd stuk. Er is ook het een en ander door de verschillende partijen al over gezegd, maar dat wil ik er ook alvast even bij voorbaat bij vermelden. Cameratoezicht, het is best een lastig punt. Zeker ook voor mijn fractie. Aan de ene kant wil je er natuurlijk voor zorgen dat je als gemeente alles doet om de veiligheid van je inwoners te garanderen. En als je iets kan doen om dat te verbeteren, dan verwachten de inwoners dat we dat ook doen. Aan de andere kant wil je natuurlijk ook respectvol omgaan met de privacy van mensen. En daarnaast, het werd een paar aantal keer genoemd, ook de subjectieve veiligheid. Camera's hebben niet alleen een positieve impact op de subjectieve veiligheid. Het kan ook een negatief impact hebben op de subjectieve veiligheid. Dus dat is ook iets wat je moet meenemen. Als opeens je straat vol hangen met camera's, dan is het in ieder geval mijn eerste instinct altijd, er is hier dus iets mis. Er is hier veel criminaliteit. Ik ga meer over mijn schouder kijken. Dat is ook gewoon onderzocht. En dat blijkt ook in veel gevallen
6/25
zo te zijn. Het is dus een lastige afweging. En volgens mij slaagt dit beleid er goed in om dat te vinden. Het beleid gaat verder dan de wet vereist in een aantal gevallen en daar kan ik alleen maar voorstander van zijn. En de keuzes die gemaakt worden zijn ook helder. Wat wel een beetje wringt, maar daar kan het beleid eigenlijk niet zo heel van doen, het beleid focust op één specifieke vorm van cameratoezicht. Maar zoals al door meer partijen is vermeld, er zijn ook heel veel andere camera's. En dat staat ook in de bijlage staan die ook genoemd. Het lijkt ons heel goed om deze eerste stap die we hier doen, heel transparant inzichtelijk te maken van, onder welke voorwaarden zetten we nou deze categorie aan camera's in en waar zijn ze te vinden. Bijvoorbeeld inderdaad via een website waarop je kan zien, daar staat nu zo lang een camera om die en die reden, op die en die grond, dan dat eigenlijk ook proberen op termijn voor al die andere camera's te zien. Dus als je een camera ziet hangen en je denkt van, waar komt deze nou vandaan, dat je in twee clicks op de website kan zien wat de herkomst daarvan is en waarom die daar hangt, van wie die is en waar die de data en dergelijke opslaat.
Gewoon die transparantie nog wat te verbeteren en dat je als inwoner niet het idee hebt van, hoe word ik nou bekeken? Want ja, er bestaat best wel wat onduidelijkheid over welke camera's dan wel en niet mogen. Ik zie een heel enthousiast zwaaiende heer Halkes. De heer Halkes: De voorzitter zat lekker te luisteren volgens mij. Dus als ik het goed begrijp wil de heer Weerheijm, net als de VVD en het CDA, een goede omgeving, een nieuw beleidsstuk ook over de andere soorten camera's? De voorzitter: Mijnheer Weerheijm. De heer Weerheijm: Ik wil vooral, dank u wel, allereerst. Het lijkt me goed om die andere soorten camera’s hier ook inzichtelijk te maken wat daar het beleid omheen is. Daarbij wil ik wel aantekenen dat ik zeker geen beleid wil voor vast cameratoezicht, want ik ben namelijk echt geen voorstander van vast cameratoezicht. Dus volgens mij hebben we daar ook geen beleid voor nodig, omdat we dat gewoon niet gaan doen als het aan mij ligt. Zoals we ook hebben afgesproken in het coalitieakkoord. Dus dat hoeft er van mijn part niet te komen. En ik kan me zo voorstellen dat als echt de nood zo dramatisch aan de man is dat het echt niet anders kan dat de burgemeester dan heus wel terugkomt naar de raad om het daar nog een keer met elkaar over te hebben. Daar kennen we hem lang genoeg voor. Even terug cirkelen, er is best wel wat onduidelijkheid af en toe over camera's.
Wat mag nou wel en wat mag nou niet? Als je door gemiddelde straten dan zie je ook al die deurbouwcamera's tegenwoordig. Het merendeel ervan staat al zo ingesteld dat het eigenlijk niet mag. Het is namelijk eigenlijk niet de bedoeling dat je de openbare weg filmt vanuit je eigen voordeur. Dat is ook zoiets, dat wringt ook wel een beetje, bij mij in ieder geval als ik daar langs loop. Dus we moeten ervoor waken dat we niet in een zoektocht naar meer veiligheid alleen maar elkaar lopen te filmen. Waar we allemaal niet per se vrolijker van worden en ook niet echt heel veel misdrijven mee weten te beperken. Dus laten we ook een beetje kritisch daarop blijven met elkaar. Kortom dus, goed beleid voor deze specifieke camera's. Maar we kunnen denk ik nog wel wat verder ook met de andere camera's van de gemeente om die op net zo'n goede manier ook te waarborgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Weerheijm. Ik denk dat we de volgende keer wat oefenen met de motoriek in relatie met de microfoon. Dan bent u niet meer als laatste. U maakte zich zorgen daarover. Maar ik ga nu naar de beantwoording eerste termijn naar de burgemeester. Beantwoording college De heer Van de Stadt: Dank u, voorzitter.
Ik denk dat het eerst even goed is om in te gaan op de opmerkingen en vragen die gesteld zijn over, zeg maar even, waarom dit deel van het camerabeleid? Want dat is denk ik belangrijk. Dat heeft alles te maken gewoon met simpelweg de bevoegdheid van de burgemeester. Mijn specifieke bevoegdheid gaat over openbare orde camera’s. Dus ik moet een openbare orde grond hebben. Dat wil niet zeggen dat andere camera's niet kunnen, dat is volkomen terecht gezegd, maar dat die bevoegdheid ligt niet bij mij en niet in deze vorm. Dus vandaar dat dit een specifiek stuk is. Ik heb even zelf ook gegoogeld, dat doe ik altijd, hoe doen anderen dat? Bovenaan mijn Google kwam Eindhoven, precies hetzelfde gedaan. Gaan er ook nog iets uitgebreider op in, waarom. Dus dat zou u nog even kunnen lezen, maar dat is even de afweging. Dus heel specifiek hiervoor. Dit is het onderdeel van de burgemeester, artikel 151c Gemeentewet en door u in de APV aan de burgemeester dan doorgeschoven. Dus vandaar. Daarbinnen, tweede vraag die vaak natuurlijk werd gemaakt, waarom alleen flexibel en niet vast? Ook daarvoor is, kijk, ik ben niet erg genegen beleid te maken voor dingen die zich mogelijk in de toekomst voordoen. We zijn hier allemaal, hebben we
7/25
gezegd, een beetje terughoudend met regels. Je moet het ook kunnen bevatten en gebruiken. Een flexibele camera kan ook voor een half jaar. Stel dat er een situatie zich voordoet dat je hem langer nodig hebt, dan hebben we een half jaar bij wijze van spreken om daaraan te werken. Dus waarom zouden we dat doen voor alle eventualiteiten? Er is in Lansingerland in die afgelopen tien jaar geen enkele reden geweest of aanleiding geweest voor echt vast cameratoezicht. We hebben het met vaste camera's, maar tijdelijk half jaar gedaan, natuurlijk in het centrum van Bergschenhoek. En daar ook uit bleek in een half jaar één incident. Dan heb je geen rechtvaardiging, om het maar zachtjes te zeggen. En dat was ook het bezwaar vooraf van de politie. Die zeiden, we hebben maar acht meldingen. En daar kom je ook in die discussie, die u ook aangehaald hebt, tussen subjectief en objectief. Dat is een hele lastige discussie. En u gehoord hebbende ga ik daar ook nog over nadenken. Ik ben ook nog niet helemaal happy daarmee. Omdat als cameratoezicht kan helpen het subjectieve veiligheid van inwoners te vergroten, dan is dat ook van waarde.
Daar staat tegenover dat we dan de discussie over subsidiariteit en proportionaliteit krijgen, is dat proportioneel? Is het proportioneel dat wij camera's hangen, zonder dat daar een objectieve aanleiding toe is, omdat mensen een gevoel hebben? Ja, en dan is, dat staat in dit stuk, mijn gevoel, niet doen. En ik denk, u gehoord hebbende, dat ook de meerderheid van u dat onderschrijft. Daar gaat het dus om. Dus niet dat dat niet van waarde is, maar dat het in die proportionaliteit wel een hele lastige wordt. U heeft gevraagd, ook de heer Oosthoek onder andere, wat is nou die proportionaliteit en subsidiariteit? Het is natuurlijk geen zwart-wit situatie. Je kan niet zeggen, het is proportioneel of het is niet proportioneel. Daar zit natuurlijk een hele glijdende schaal van, wat is er. In algemene zin, op basis van de afgelopen tien jaar, kan ik wel zeggen, er zijn heel weinig situaties waarbij cameratoezicht in Lansingerland echt nodig is, vanuit openbare orde. Oud en nieuw, waar we er uitgebreid gebruik van maken, is nou echt zo'n gelegenheid, ja. Er is echt gedurende al de middag en de avond behoorlijke overlast die buiten de normale openbare orde gaat. Ook vuurwerk, daar moet je onderscheid maken. Vanaf zes uur mag je het afsteken. Dus een rotje om vijf over zes is niet in strijd met de openbare orde en een rotje om vijf voor zes is wel in strijd met de openbare orde.
Want het is niet alleen eventuele criminaliteit, maar het is ook een openbare orde probleem. Dus dat is ongeveer de gelegenheid. Hetzelfde geldt voor Koningsdag. En we hebben cameratoezicht af en toe ingezet op hele specifieke kwesties van veiligheid, gerakende aan de openbare orde. En dan moet u bedenken, mensen staan op straat en bedreigen iemand in een woning. Dat is het voorbeeld van de Wilhelminastraat, een aantal jaren geleden. Dan vindt dus de bedreiging zich ook plaats in de openbare ruimte en leidt daar tot een openbare orde problematiek. En daarmee is de openbare orde het aangrijpen van. Meestal, als we het raakvlak van veiligheid en openbare orde hebben in onze gemeente, hebben we het over drugspanden en de overlast daarvan. Dan is het sluiten van de drugspanden het aangewezen middel. Cameratoezicht heeft dan niks, geen toegevoegde waarde. Dus op dat grensvlak, waar openbare orde en veiligheid, criminaliteit, zeg maar, elkaar raken, is er gewoon echt heel weinig grond in Lansingerland. Dus, proportioneel is cameratoezicht in Lansingerland eigenlijk bijna nooit, met de genoemde uitzonderingen, in mijn ogen. Maar dat kan elk moment veranderen. De voorzitter: Ik heb een interruptie aan de heer Van Santen. De heer Van Santen: Mooie laatste woorden, maar daar wil ik dan, op elk moment veranderen.
Stel nou dat er op een gegeven moment toch een noodzaak is dat er vast cameratoezicht nodig is. Hoe snel zou dat dan geregeld kunnen worden? De voorzitter: De burgemeester. De heer Van de Stadt: Voorzitter, eigenlijk zou ik zeggen bijna, heel snel. Dat gaat ook even in, hoe werkt dat nou, als je in de praktijk, zal ik maar zeggen. Er zit een afwegingskader, maar dat afwegingskader loop je natuurlijk intern heel snel door. Feitelijk wordt iets geconstateerd. Er is een openbare orde problematiek ergens, want daar moet het wel om gaan. Dat is altijd vrij actueel natuurlijk, direct. Cameratoezicht is er dan ook alleen op gericht de openbare ordeverstoring te stoppen. Dat is de taak van de burgemeester. Dus als de openbare orde verstoord wordt door criminaliteit, dus nog steeds op het moment dat de openbare orde niet meer verstoord wordt, is de taak van de burgemeester afgelopen. Al het strafrechtelijke komt daarna, is allemaal aan het OM, heb ik geen bevoegdheden. Dus je moet altijd ook heel snel schakelen. Dus je kadert dat af. We kennen dit kader. We gaan af, we gaan kijken, is proportionaliteit aanwezig? Bij bepaalde ordeverstoring, denk aan oud en nieuw, ja, dan denk ik, die proportionaliteit is goed in orde. We zetten nog steeds, er is een camera in het centrum, wat heel algemeen is. Er zijn niet veel huizen in beeld of iets dergelijks.
Dus je bent al op de openbare ruimte, dat is lichter dan als je in je privéruimte, je voortuin staat bijvoorbeeld. En de
8/25
subsidiariteit wordt dan gewogen. Dat is gewoon simpelweg, is er een lichter middel? En de belangrijke subsidiariteit gaat niet over afwegingen maken, alternatieven. Het gaat over het verplicht inzetten van het lichtste middel waarmee je het probleem kan oplossen. En cameratoezicht is, daar begon de heer Jumelet al mee, echt wel een middel met grote impact. Dus dat is niet snel het lichtste middel. Dus dat pel je af. En dan zit je eigenlijk nog dezelfde dag met een stuk, een advies met de driehoek bijeen. Want dat is de wijze waarop je OM en politie ook raadpleegt. Politie moet de uitvoerende instantie zijn. Dat zegt artikel 151c van de Gemeentewet. Dus politie moet die camera bedienen, zal ik maar even zeggen. OM moet meedoen daaraan. Dus dat is het middel. En dan hangt hij er binnenin. Zou dat, mijnheer Van Santen, in uw vraag dan gaan naar een situatie waarbij dus de openbare orde gedurende langere tijd structureel verstoord wordt, dan zal ik het voorbeeld leuk nemen van de ZoRo busbaan, zeg maar even, waar zou je dan aan kunnen denken? Laten we zeggen een actiegroep tegen het OV, à la Extinction Rebellion of zoiets dergelijks, gaan die de busbaan elke keer bezetten, vernielingen aanrichten, bekladden, doen. En dat gaat maar door. En dan theoretisch zou je kunnen zeggen, dit is zo structureel, buiten proportie, strijd met de openbare orde.
Het is wel echt, tegen die tijd heb je allang dan nieuw beleid. Dat hebben we met elkaar besproken, hebben we nieuw beleid gemaakt. En dan is dat natuurlijk te regelen, want we kunnen dat cameratoezicht al een half jaar inzetten ter voorkoming van. Hebben we situaties, ander actueel, waar ik vooral zeggen, waar denk je dan zelf aan, de Weidebloemtunnel. Typisch zo'n locatie, veel overlast. Is daar cameratoezicht dan het geëigende middel, enzovoort, enzovoort, enzovoort, proportioneel en dergelijke? Het is vooral wel waarschijnlijk weinig effectief. Theoretisch… De voorzitter: Dan ga ik u even onderbreken voor een interruptie van de heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u wel voor het antwoord. Blij dat het dan snel kan, want dat was inderdaad mijn vraag. Maar u vervolgens geeft u wel aan, het is theoretisch en zo, dus u acht het allemaal niet dat het nou heel snel in de praktijk zou gebeuren. Hoe kijkt u dan naar andere gemeenten waar dat wel gebeurt? De voorzitter: De burgemeester. De heer Van de Stadt: Eén van de kenmerken, zal ik maar zeggen, waar vast cameratoezicht is, en dan hebben we ons lokale voorbeeld, daar heb ik meerdere maal ook de diepe nacht doorgebracht als student, de Witte de Witstraat. Dat zijn echt locaties met een structureel openbare orde probleem vanuit uitgaanspubliek bijvoorbeeld.
Dat zou kunnen gebeuren, maar ik denk, voordat wij, laten we zeggen, in het centrum van Berkel een structurele overlast van uitgaanspubliek hebben, dan is er in onze gemeente al een hele hoop veranderd. En dan zijn er heel veel middelen die eerder zijn, en ik vermoed dat ik het café voor die tijd al lang gesloten heb, bij wijze van spreken. Om maar even te zeggen, is het een hele straat, is het niet aanwijsbaar, zijn het zwervende groepen over straat? Ja, dat zie ik bij ons echt niet gebeuren. Dus dat is het grote verschil met gemeenten die dat wel hebben. En dat is dus gewoon een proportionaliteitskwestie. Dus bij de Weidebloemtunnel, dat zou een ding zijn waar ik het zelf zou overwegen, ook iets met de ‘…’. Alleen, het is nauwelijks dan het lichtste middel. Het lichtste middel is eigenlijk gewoon gericht aanpakken. We hebben natuurlijk de jonge groep daaronder. Als het gaat over normale overlastklachten, is het gewoon echt een te zwaar middel. Daar zit die subsidiariteit en die proportionaliteit heel moeilijk. Dus vandaar, voorzitter, is dit beleid hierop gestoeld. Als we kijken naar, wat hebben we nodig, wat is de praktijk in Lansingerland, wat constateren we hier, is dit een voldoende en dus proportioneel instrument om het op deze manier te doen. De voorzitter: Ik heb een interruptie van mevrouw Van Splunter. Mevrouw Van Splunter: Dank, voorzitter.
Ik ben dan ook benieuwd of vanuit het feit dat het om structurele problemen moet gaan, dat ook dan de reden is waarom de camera's van de ZoRo-lijn nog steeds op zwart staan. Of is dat te kort door de bocht? De voorzitter: De burgemeester. De heer Van de Stadt: Nee, dat zou u zeker zo kunnen zeggen. Er zitten in het verhaal van de inspreker eigenlijk twee kanten. Eén is de wens die camera's aan te zetten. En de tweede is de burgemeester vragen, de RET te vragen die camera's aan te zetten. Als de RET die camera's aan wil zetten even uit hun belangen, bescherming eigendommen, zou een reden kunnen zijn. Even
9/25
los van openbare ruimte discussie en dergelijke. Maar stel even dat ze dat zouden willen en kunnen, dan in beginsel is het aan hun om het te doen en aan de voorwaarden daarvan te voldoen. Wordt in het stuk even in bijlage uitgelegd. Dan heb je andere regelgevende toepassing. Dat geldt ook voor ons, er hangen hier camera's achter het gemeentehuis. Dat kunnen we gewoon doen, bescherming eigendommen, dingen. En daarom staan ze ook langs de gevel. Want je moet natuurlijk wel netjes de deur, zal ik maar even zeggen, filmen die je in de gaten wilt houden dat er niet ingebroken wordt, bij wijze van spreken. Dus er is voor mij in ieder geval geen enkele aanleiding uit openbare orde problematiek om de RET te vragen die camera's aan te zetten. Even los van alles wat je er verder van kan vinden. Want dat moet wel de aanleiding zijn. Ik heb geen openbare orde probleem met de ZoRo-busbaan. En het voorbeeld wat genoemd werd door de heer Van Santen over private camera's en de vraag van de heer Jumelet, waar dan, waar denkt u aan? OV, fietsenstallen en dergelijke, is geen openbare orde zaak. En ik heb geen bevoegdheid om camera's te plaatsen voor opsporingsdoelen. Dat is aan het OM. Dus als u die wens heeft, dan moet u dat het OM vragen bij wijze van spreken.
En dat is heel belangrijk, tenzij het gaat, en dat doen we natuurlijk met cameratoezicht, om gewoon toezicht te houden op parkeerplaatsen. Dat kan gewoon, dat kunnen wij gewoon en dat mogen we gewoon. En dat is in principe aan het college, portefeuillehouder fietsenstallingen als hij dat wil. De voorzitter: Ik heb een interruptie van de heer Halkes. De heer Halkes: Toch even nog een vraag aan de burgemeester. Want u zegt, de camera's die er staan langs die ZoRo-busbaan, die zijn niet nodig eigenlijk. Maar ze staan er wel, wel op gemeentegrond. Mensen gaan er wel vanuit dat ze misschien wel draaien of iets. Kunnen andere inwoners dan ook zomaar ergens een camera in onze gemeente neerzetten, zonder dat daar gevolgen voor zijn? De heer Van de Stadt: Nee, voorzitter, kijk, kan ik twee dingen over zeggen. Nee, het werkt niet tot precedentwerking. In het publiekrechtelijke zou dat kunnen, maar je hebt natuurlijk ook de privaatrechtelijke kant. Dat is gewoon onze grond, daar kan er niet zomaar iets neerzetten. Dat geldt voor iedereen, j hebt toestemming van de eigenaar nodig. Ik zeg dan altijd, ik kan voor uw huis een bouwvergunning aanvragen. Dat kan ik. Maar als ik het ga uitvoeren, heb ik een probleem met u. Om het zachtjes te zeggen. In juridische zin dan. Want ik moet de toestemming hebben. Dus nee, dat is niet het geval.
Het feit is, het zijn camera's in beginsel aan de RET, van de RET. Zij zouden een reden kunnen hebben ze aan te zetten. Dat is aan hun binnen wet- en regelgeving aannemelijk te maken. Wij kunnen aanleiding hebben tot het plaatsen van camera’s bij een fietsenstalling. Volstrekt normaal geaccepteerd. En dan kunnen we dat als gemeente gewoon doen. Maar dat heeft niks te maken met die burgemeestersbevoegdheid van dit stuk. Dus dat is echt een andere wens. Als u daar beleid voor wilt hebben, ik zou dat, daar is niks tegen. Even los weer van, maken we weer meer regels. Want kijk, dan moet je ook vrij goed weten, wanneer doe je het wel of niet. En de kaders van dit toezicht, openbare orde, zijn gewoon in de wet vrij helder vastgesteld. In feite mag er alles met camera's en moet u gewoon die afweging maken op basis van even de wet- en regelgeving. Dus zou ik zeggen, op het moment dat u of een wethouder, of wie dan ook vindt, ik constateer veel fietsendiefstallen, we hebben er geld voor over, we willen camera’s plaatsen, doet u dat. Daar heeft u niet zoveel wetgeving voor nodig. Want het gaat toch wel om vrij gespecificeerde gevallen. Ander cameratoezicht, privaat cameratoezicht, ook weer een hele andere zaak.
Ik zou niet willen dat wij, en ik ben het op zich echt wel eens met de wens van de heer Weerheijm, eigenlijk zou je op een grote kaart willen zien waar alle camera's staan, tot en met Ringdeurbellen. Maar daar kunnen we niemand toe verplichten. Het is ook handig voor de politie, want die vragen dat ook. Heeft u een camera die openbare ruimte filmt, laat het ons weten, want dat helpt onze strafrecht. Dat is allemaal aan de politie. Dan halen we wel wat op ons hals, wat we nooit kunnen waarmaken, want niemand hoeft daar aan mee te werken, hoeft dat te melden. Dus het valt gewoon binnen, buiten ons, mijn bevoegdheden. Dus het is niet onlogisch, maar dat geldt ook voor een vermissing. De voorzitter: Ik heb dan de interruptie van mevrouw Van Splunter. Mevrouw Van Splunter: Dank u, voorzitter. Sorry dat ik u onderbreek, want op zich had ik u prima uit willen laten praten daarvan. Mag ik dan concluderen, want dat is volgens mij de conclusie die ik eruit kan trekken. Want ik zit toch een beetje met de camera's van die ZoRobaan. Dat de RET ze in principe aangeschaft heeft, geplaatst heeft. En dan zou je verwachten dat ze dat bewust doen en daar een grondslag voor hebben om dat te doen. En eigenlijk een soort wettelijke grondslag bij de gemeente komen halen, terwijl dat niet aan u is als burgemeester. Omdat het niet met de openbare veiligheid te maken heeft.
10/25
De heer Van de Stadt: Er is terecht gezegd, er is veel overleg geweest over die camera's en er was ook veel onduidelijkheid over van wie zijn ze en wat dan ook. Het lijkt me niet de plaats om daarop in te gaan, dat is een vrij ingewikkelde kwestie. Mijn beginsel hier is gewoon, is het verzoek, burgemeester, vraag aan de RET die camera's aan te zetten, dan zie ik geen titel, om de eenvoudige reden dat het geen openbare orde problematiek is. En dan vind ik dat ik verder ga dan geëigend is. Dat mag hoor, ik mag iedereen wat vragen, maar daar ben ik gewoon terughoudend in. Dan moet de RET een eigenstandige aanleiding hebben op basis van. Dus even ongeacht de juridische kaders van wie die camera's zijn, wat ze precies filmen, dat weet ik ook allemaal niet. Gaat erom, de concrete vraag, gaat de burgemeester nou vragen aan de RET, zet die camera's aan? Nee, dat ga ik niet doen, omdat ik vanuit mijn bevoegdheid geen aanleiding heb. Zelfde geldt voor vermissing, we weten dat camera's handig zijn, ik zeg al, politieonderzoek, opsporing, hartstikke handig. Meld uw camera vooral aan als u die heeft bij. Maar die wettelijke bevoegdheid ligt daar. Ik mag hem niet inzetten op die manier. Dus bij mij komen van, hang de gemeente vol met camera's, wel handig voor het geval dat iemand vermist is.
Is waar, maar echt niet mijn bevoegdheid en gaat over in de proportionaliteit natuurlijk veel te ver. Voorzitter, de financiële kant nog van de heer Scheringa. Nee, we hebben een paar vaste camera's, maar die kunnen we dus niet zozeer flexibel maken. Dus die gebruiken we in beginsel niet meer. Mocht zich ooit nog voordoen voor een vaste, dan zou dat dus wel nog er zijn. Maar we zetten nieuwe camera's in, daar is gewoon budget voor. Dus er verandert niks in het budget, want er verandert in feite niks aan de daadwerkelijke plaatsing ten opzichte van nu. En op de voorbeelden volgens mij, voorzitter, ben ik ingegaan. Mening van inwoners is denk ik de laatste vraag nog van de heer Halkes, bij evaluatie en dergelijke. Op zich, mening van inwoners is altijd belangrijk, maar in dit geval ook niet zo heel relevant. Taak van de burgemeester is een verstoring van de openbare orde te beëindigen. Als wij evenwichtig tot de conclusie zijn gekomen dat het proportioneel en subsidieer is, dan sta ik voor dat beleid. En dan is degene aan wie ik verantwoording afleg bent u. Zo simpel is het en niet anders, zo staat het ook in de wet. En of de inwoners vinden dat het proportioneel was of geëigend of fijn was, dat hangt ook persoonlijk af van, hoe ervaar je de overlast. Heel subjectief. De een zal bij wijze van spreken bij een demonstratie het wel willen en de ander juist niet.
Niet mijn discussie, zal ik maar even zeggen. Mijn afweging, verantwoording aan u, dus bij die evaluatie zou ik hem daar toch op gericht willen hebben. En dan vind ik, het kader is natuurlijk, zoals de heer Halkes en de heer Van Santen zeiden, natuurlijk is dat papier. Maar de praktijk is natuurlijk gewoon afwegingen maken. Wat is de proportionaliteit hier? Wat is de problematiek? Wat is de verhouding? Is er een ander lichter middel mogelijk? Nee, nee, nee, nee. Gesprek met de driehoek, opschrijven, doen, plaatsen, kijken wat het effect is, evalueren. Had dit zin? Dat is eigenlijk het. De voorzitter: Mijnheer Halkes, voor een interruptie. De heer Halkes: Dit is nog even aanvullend, burgemeester. Mijn vraag was ook of we in die die evaluaties, die dan halverwege en naderhand plaatsvinden, zoals in het stuk wordt genoemd, of dan ook de mening van de omwonenden bijvoorbeeld bij wordt betrokken. Of is dat puur een driehoekskwestie, zal ik maar zeggen? De voorzitter: De burgemeester. De heer Van de Stadt: Ja, voorzitter, dat vind ik puur een driehoekskwestie, omdat het niet, daar ligt die bevoegdheid ook bij die burgemeester. Het is een veiligheidskwestie, een veiligheidskwestie is niet van de democratie, zal ik maar zeggen. Daar moet ook ingegrepen worden en verantwoording worden afgelegd. Want dat is wel het democratische orgaan.
U bent degene die het laatste woord erover heeft, maar dan is het wel geschiedt. Ja, dat is per definitie bij burgemeester bevoegdheden het geval en bewust zo gekozen. De voorzitter: Dat was uw beantwoording eerste termijn, burgemeester? Dank u. Dan gaan we naar de tweede termijn van de commissie. Mevrouw Van Splunter heeft zich gemeld. Tweede termijn Mevrouw Van Splunter: Dank, voorzitter. Dank ook aan de burgemeester voor de uitgebreide toelichting. Verder niks terug gehoord over de en of, als het ging over de krant en de sociale media, maar goed, en het wordt ook niet opgenomen, dus ik hoop dat het wel in het verslag meekomt, zodat jullie dat mee willen nemen. En ik had ook nog een vraag over de tijdelijkheid. Want er gaat natuurlijk vooraf bepaald worden van, alle afwegingen worden gedaan en dan
11/25
wordt er tussentijds geëvalueerd met een eindevaluatie. Maar wat is dan tijdelijk? Ik heb ook gelezen dat er nog een technische uitwerking komt. Gaan jullie dan ook bijvoorbeeld met vaste periodes werken, van een tussentijdse evaluatie van de drie maanden? Of is dat ook weer afhankelijk van de situatie? Zitten er aan die tijdelijkheid bepaalde periodes? Want als je het over een heel leven bekijkt, kan ook je leeftijd tussen twintig en veertig een tijdelijke fase zijn, om maar even zo te zeggen. De voorzitter: De burgemeester. De heer Van de Stadt: Voorzitter, op het eerste punt, sociale media versus media, volgens mij is en logisch. Daar zal ik even met een positieve blik, goed naar kijken, even overleggen. Tijdelijkheid, daar hebben we bewust voor gekozen. Ik zei net al, misschien wat indirect antwoord op uw vraag, maar het antwoord op uw vraag is gewoon, het is voor het herstel van de openbare orde, en als de openbare orde hersteld is, moet die weg. Waar gaan we dan vanuit? Een periode van maximaal zes tot negen maanden. Daarbuiten ga je wel. Acht ik dat reëel, dat dat ooit nodig zal zijn? Wilhelminastraat heeft er wel een paar maanden gehangen, dus zo'n situatie kan zich inderdaad voordoen, tot de openbare orde hersteld is. De bedreiging eigenlijk vanaf de straat, en dat ging ook door langs rijden, langs fietsen, langs scooteren, te doen stoppen.
Dat kan wat langer duren, maar dan is drie tot zes maanden is echt wel lang bij ons. Het is verder maatwerk, voorzitter. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Jumelet. De heer Jumelet: Ja, ik was toch net iets sneller, sorry. Ja, maar goed. Als ik de discussie toch een beetje volg, dan blijft mij toch één ding heel erg voor ogen hangen en dat is dat privacy toch wel een enorm groot goed is. En dat we dat in ieder geval niet moeten vergeten. En daarbij, de proportionaliteit is inderdaad niet alleen juridisch, maar ook maatschappelijk, ook in dit verhaal. Dus in die zin ben ik ook blij dat de burgemeester daar zo ook op, ik zou bijna zeggen, op hamert. Want uiteindelijk, op het moment dat je het niet proportioneel zou doen, dan zijn we als samenleving toch voor andere dingen gesteld. En er zijn voorbeelden in deze wereld waaruit blijkt, op het moment dat het niet zo is, dat je als burger toch een beetje overgeleverd zou kunnen zijn. En uiteindelijk, en dat is het laatste wat ik erover wil zeggen is, overschat ook cameratoezicht niet. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Weerheijm. De heer Weerheijm: Ik kan het nog wel. Dank u wel, voorzitter. Allereerst dank aan de burgemeester voor de uitgebreide beantwoording zojuist. Heldere toelichting. Toch jammer dat we dat straks moeten gaan missen vanaf maart. Ik ben er nog niet helemaal aan toe. Ik denk niet dat ik het aan kan.
Nee, allereerst heel erg eens met de lijn dat camera's inzetten omdat het goed voelt dat dat nooit een goede grond kan zijn. Wat mij vooral bijblijft uit de beantwoording van de burgemeester is ook dat er zo weinig inzet tot nu toe nodig is geweest, dat het eigenlijk zo lastig is gezien de kaders die de wet biedt om camera's in te zetten, betekent eigenlijk dat er natuurlijk ook heel veel gewoon goed gaat in onze gemeente. Laten we dat ook voorop stellen. Als we het de hele tijd hebben inderdaad over camera's, dan bekruipt misschien ons soms het gevoel dat het allemaal erg onveilig is in Lansingerland. Maar het feit dat vast cameratoezicht, zoals het nu lijkt, helemaal niet nodig is en dat ook tijdelijke inzet maar zeer zelden noodzakelijk is, zegt gewoon heel veel over hoe goed we het met elkaar doen in deze gemeente. En dat doen we niet alleen als gemeente, maar dat doen we natuurlijk als gemeenschap met elkaar. Fijn. Aan de andere kant, inderdaad, ik ben ook blij dat de burgemeester in principe eens was met mijn opmerking van, het zou fijn zijn als eigenlijk alle camera's transparant in kaart te vinden zijn. Het was ook zeker niet mijn bedoeling om op die kaart inderdaad iedere Ring videodeurbel erbij te plakken, want ik denk dat dat inderdaad totaal onmogelijk is om dat in kaart te brengen.
Maar anderzijds de soort camera’s, we hebben het de hele tijd over de RETcamera's en dergelijke gehad. Inderdaad, het feit dat het niet duidelijk is of ze nou wel of niet aanstaan, het zou fijn zijn als dat soort dingen wel op een kaartje op de website van de gemeente te vinden zijn van, hangt die camera, van wie is die? Oké, hij is van de RET. Hij staat niet aan, want deze en deze redenen. En zo kan je nog wel wat meer camera’s bedenken. De camera's genoemd bijvoorbeeld bij een fietsenstalling of bijvoorbeeld die aan het gemeentehuis, toch een plek waar veel mensen komen die misschien die camera zien hangen en denken van, wat is hiermee? Maar volgens mij, ik zie de voorzitter klaar zitten voor een interruptie, maar ik weet niet of die er is?
12/25
De voorzitter: Nee, er is geen interruptie op u nu. Oh, nu komt… De heer Weerheijm: Ik zag u zo…Ik ben door mijn tijd heen, dat is het inderdaad. De voorzitter: U ben bijna door uw tijd heen. De heer Weerheijm: Dank u wel dan, voorzitter. De voorzitter: Wie? Wie mag nog meer? Mijnheer Halkes, CDA, tweede Termijn. De heer Halkes: Dank u wel, voorzitter. De heer Weerheijm heeft mooie woorden gesproken over zo'n kaart met overzicht. En al eerder gezegd, ook kijken naar die bewakingscamera's hoe we dat goed in beeld kunnen krijgen, om het maar zo te zeggen. Dus ik denk dat het zeker iets is om eens verder over na te denken. Dan nog even over die ZoRo-busbaan. Toch blijft het nog een beetje kauwen. De burgemeester zegt ook, het is een ingewikkelde zaak. Het is een beetje kort om deze commissie daarmee te vervelen, want dan zitten we hier tot vannacht één uur nog, begrijp ik. Maar ik zou even willen vragen aan de burgemeester of hij daar misschien een brief over kan sturen richting ons om daar even wat duidelijkheid over te krijgen. Het kan ook met schriftelijke vragen, maar als de burgemeester bereid is een brief te sturen, dan scheelt het weer een ochtendje tikken. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Halkes. Dan gaan we naar wie? Mijnheer Scheringa. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Het beleid zoals de burgemeester uitlegt, dat kunnen we steunen.
Wij vinden het een goed beleid. De burgemeester heeft ook aangegeven om nog even na te denken over het afwegingskwadrant. Vooral dat laatste kwadrant waarbij sprake is van alleen een subjectief positief gevoel. Om daar toch ook aandacht te geven aan de versterkte aandacht voor de subjectieve veiligheid, zoals het punt ervoor staat, dat lijkt me prima. Dus voor de rest is mijn fractie ook niet voor beleid voor vast cameratoezicht. De burgemeester heeft duidelijk aangegeven dat er ook geen noodzaak voor is in onze gemeente. En voor een brief over de ZoRo-lijn, die hoeven wij persoonlijk, als we hem krijgen, lezen we hem uiteraard, maar de burgemeester mag zijn energie ook in andere dingen steken van ons. De voorzitter: Dank u wel. Wie nog meer in de tweede termijn? Niemand meer? Nee, dan gaan we weer terug naar de burgemeester. Beantwoording college De heer Van de Stadt: Voorzitter, een brief over de ZoRo wil ik graag doen. Het zit erin, want we hebben er uiteraard overleg over gevoerd, teammanager, ook met de MRDH, die daarbij betrokken is. Dus volgens mij kunnen we dat vrij gemakkelijk doen. Het moet wel even met de RET en de MRDH worden afgestemd, dus dat is nooit de snelste lijn. Dus het is niet zozeer werk voor ons, maar we moeten wel even de partners een gezamenlijke brief van maken natuurlijk.
Dus die zal ik aan de heer Halkes toen toekomen, aan de commissie en de raad natuurlijk, uiteraard. De heer Weerheijm, de inzicht in die camera's, op zich ben ik het met u eens. Alleen, ik ben even heel aarzelend wat we ons op de hals halen. Maar ik zou het ook mooi vinden als dat er is. Dus die neem ik gewoon even mee, ambtelijk. En als er aanleiding toe is, stuur ik u even een klein berichtje wat we ermee doen, met uitleg. Dus vooral, waarom wel of waarom niet. Of wat wel en wat niet. En ten slotte, de heer Jumelet, privacy is een groot goed, dat moeten we niet vergeten. Ik zou ook willen zeggen, dat staat ook in de Grondwet. En uiteindelijk nemen we het voorbeeld van de ZoRo-busbaan weer. Het is niet strafbaar om met een ander dan je echtgenoot daar gezellig en intiem te lopen, bijvoorbeeld. Maar je wilt toch mogelijk niet dat een bekende die bij de RET werkt toevallig meekijkt. Dat bedoel ik met, het is echt een groot goed, privacy. Want er zijn een heleboel dingen die je toch liever niet wilt dat mensen zien, die gewoon niet verboden zijn. Voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we aan het eind van dit agendapunt. Het is duidelijk, de burgemeester kan aan de slag met het opstellen van het camerabeleid. U heeft als commissie dingen meegegeven aan de burgemeester en hij gaat daarmee aan de gang. 6.