CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0010] Verslag van de commissie Samenleving op 16 januari 2025

Gemeenteraad 17 juli 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Voorfinanciering IKC-meters semipermanente onderwijshuisvesting Wilderszijde35.172 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

De heer Erwich: Ik had een vraag aan de wethouder, want ik heb schriftelijke vragen gesteld, daar zou hij op terugkomen, over de bouw van De Wiekslag, dat wordt helemaal niet genoemd, en ik had gevraagd, welk kwartaal gaan we beginnen? En dan vind ik 2025 als antwoord vind ik geen kwartaal. Daar zou hij vanavond iets over zeggen. Dus we horen dat graag, want het is heel onduidelijk. De voorzitter: Is dat zo, wethouder, dat u daar iets over kan zeggen? De heer Hoek: Ik weet niet of dit een interruptie is of een tweede termijn. De voorzitter: Dit is nog een interruptie, dus ik ga u dan even nog het woord geven. Dan hebben we dit antwoord nog. De heer Hoek: De Wiekslag dat is duidelijk, die is er niet meer. Dat is nu braakliggend terrein. Er zijn al gesprekken geweest met De Wiekslag en de bedoeling is om daar in ieder geval zo snel mogelijk mee te beginnen Dus in feite zijn we er al mee begonnen middels de gesprekken die gevoerd worden. De voorzitter: Mijnheer Erwich, of via de microfoon, of…Nee, want wat u wilde zeggen is geen interruptie. Dat was dan weer mijn tweede opmerking. Mijnheer Lieverse. De heer Lieverse: Is wat de wethouder vertelde over tijdsplanning en dergelijke ook de beantwoording op mijn vraag over de tijdsplanning voor de groep 3? Is dat al hierin meegenomen? Of u daar nog iets specifieks over zeggen? Ik heb om een toezegging gevraagd voor de zomer.

Als dat niet kan, dan ga ik daarop reageren in mijn tweede termijn.

14/46

De voorzitter: Het lijkt me inderdaad handig dat we dat antwoord dan nog voor u hebben. Heeft u dat paraat, wethouder? De heer Hoek: Dat is een terechte vraag, sorry. Ik ben hem wellicht vergeten. Die tijdsplanning komt in het volgende IHP aan de orde. De voorzitter: En concreet, daarmee bedoelt u dus niet voor de zomer, want dat was de concrete vraag van de heer Lieverse. De wethouder. De heer Hoek: Nee, dat is niet voor de zomer. Dat klopt. De voorzitter: Daarmee is in ieder geval die vraag dan ook feitelijk beantwoord. Helder. Dan zijn we nu echt aan het einde gekomen van de eerste termijn, dank commissie en wethouder. Dan gaan we over naar de tweede termijn. Er is veel besproken en ik wil vooral eigenlijk van u weten, bent u voornemens om al dan niet te amenderen? En kunt u instemmen met het voorstel, al dan niet met het amendement wat u wilt aankondigen? Want uiteindelijk moeten we die beslissing vanavond wel met elkaar nemen, hoe dit stuk verder kan naar de raadsvergadering later deze maand. We gaan dat in dezelfde volgorde doen. Dan gaan we bij u beginnen, mijnheer Lieverse. Tweede termijn De heer Lieverse: De ChristenUnie is ontevreden over wat de afgelopen 2,5 jaar gedaan is om de bouw van onderwijscapaciteit te verbeteren en te versnellen. Ontevreden. Wij zijn tevreden over het voorstel zoals het nu ligt.

Ook wat betreft de discussie, de open eindjes die er zijn rond BENG en ENG. We snappen wat erover gezegd is, ook op grond van de inspreking en de manier waarop er over een business case gesproken kan worden. Wij zijn ook tevreden over het aspect van starten met kinderopvang in de semipermanente huisvesting en te gaan kijken hoe dat dan verder ook financieel vorm te geven. Maar op één punt zijn we zeer ontevreden en daarover zullen we met een motie gaan komen in de raadsvergadering en dat betreft het gaan uitstellen van de groep 2b projecten. Want dat gaan uitstellen tot na de verkiezingen, tot een nieuw college, dat vinden wij een te onzekere stap voor de betreffende scholen. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mijnheer Lieverse. Dat is een antwoord waar ik mee kan werken. Een goed voorbeeld voor de andere commissieleden. Inhoud bepaalt u natuurlijk zelf. Mijnheer Afalah. De heer Afalah: Dank u, voorzitter. Als ik dit zo allemaal volg, wat we tot nu toe hebben besproken en hoe deze avond ook loopt. Het is heel lastig, maar uiteindelijk moeten we er wel vertrouwen in hebben. En als ik zie hoe hard er gewerkt is, ook de afgelopen tijd, om met elkaar dit voor elkaar te krijgen. Voor mij blijft het een beetje, voor ons als fractie, onbevredigend dat er best wel wat open eindjes zijn. En met name met, hoe gaan we om, met ENG bouwen.

En samen met schoolbesturen hoe we dat gaan doen met financiering. En ook met de IKChuisvesting. Want ik heb hier heel enthousiast, hebben we hierover gesproken een jaar of twee geleden toen het allemaal begon. En we hebben wat dingen meegemaakt over juridische dingen die gebeurd zijn, waardoor er vertraging is gekomen. En nu wil ik heel graag meegeven, alstublieft, praat met elkaar en kom er gewoon uit. De voorzitter: Mijnheer Afalah, wat betekent dat voor het voorliggend raadsstuk, voor het raadsvoorstel? De heer Afalah: Wat ik wil aangeven is dat ik op een of andere manier, ik moet dat vertrouwen hebben, want ik kan niet, ik weet niet wat de capaciteit, wat dan ook is. Wij kunnen daar…Dus ik heb er gewoon vertrouwen in dat ze eruit gaan komen, ondanks dat we nu geen garanties kunnen krijgen. Dus uiteindelijk, ik ben ook benieuwd naar de motie van ChristenUnie. Want nogmaals, ik ben daar ook gewoon niet scherp in geweest, misschien als partij ook vorige keer niet, over dat het zo lang zou kunnen duren. Want ik schrik daar ook van, dat het ook in 2026 niet gebeurt. De voorzitter: We gaan wel afronden nu, mijnheer Afalah.

15/46

De heer Afalah: Dus uiteindelijk, wij zullen dit steunen. En als er een motie komt, dan kijken we hoe we daarmee om moeten gaan. Maar bovenal willen wij absoluut geen vertraging, omdat het gaat om de toekomst van onze kinderen. En daar wil ik het bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mijnheer Afalah. Mijnheer Bergwerff, CDA. De heer Bergwerff: Ik moet het kort houden. Een motie of amendement van de ChristenUnie zien we graag tegemoet. We vragen ons wel af hoe zij dat gaan onderbouwen. Willen ze dan groep 2b ruilen voor 2a? Of inhuur ambtelijke capaciteit toevoegen, dat toch alles eerder gerealiseerd kan worden? Dus ik ben daar heel nieuwsgierig naar. Dank u. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mijnheer Bergwerff. Dan mijnheer Scheringa, PvdA. De heer Scheringa: Dank u wel, voorzitter. Mijn fractie gaat het ook steunen. Wij stellen wel dat nieuwbouw altijd ENG moet zijn. Gewoon op het moment dat je gaat bouwen een andere mogelijkheid zien we gewoon als kapitaalvernietiging. Dus dat gaat niet gebeuren, naar ons idee. De motie van de ChristenUnie, die zien we ook tegemoet. We vragen ons wel af hoe dat uitvoering moet krijgen als het college aangeeft dat er geen capaciteit is en dan dingen toch te gaan versnellen. Maar wellicht komt daar een oplossing voor vanuit de ChristenUnie. Dus dat zullen we zien en dat zullen we dan beoordelen. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Scheringa. Mevrouw Gielis, Leefbaar 3B. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Natuurlijk is het even slikken als je bijna 26 miljoen moet uitgeven. Maar als we dat nu niet doen, dan gaat het nog meer kosten en meer ellende opleveren. En wij willen absoluut geen vertragingen meer. En die woorden zijn, denk ik, vanavond al genoeg gezegd. Lessons learned. Dit moet wel anders in de toekomst, wethouder. Wij vinden het fijn als de wethouder kan toezeggen dat hij ons op regelmatige basis over dit dossier wil bijpraten, al dan niet in de commissie. Schriftelijk ook prima, maakt mij niet uit. Wij zijn zeker geneigd om de aangekondigde motie van de ChristenUnie te steunen. En wij willen ook nog graag even benadrukken dat dat we de reacties van de schoolbesturen op de tweede actualisatie in die tabel, die reactietabel, dat die zeer serieus genomen moet worden. En dat alles gezegd hebbende, denken wij dat we akkoord kunnen gaan met het voorstel. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mevrouw Gielis. Dan mevrouw Gabin, GroenLinks. Mevrouw Gabin: Wellicht was het plan in beginsel iets te ambitieus, maar het college heeft de nodige inspanning geleverd om het haalbaar te maken. Dus GroenLinks kan instemmen en we staan open voor eventuele amendementen of moties. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mevrouw Gabin.

Mijnheer Wezenberg, van de VVD. De heer Wezenberg: Voor ons geldt ook hetzelfde, wij wachten de motie ook af. Wat ik wel mee wil geven nog net, een zin waarbij gezegd wordt, 2027 is ook na 2025, vind ik niet getuigen van heel concreet dingen benoemen. Dus ik zou zeker in de motie of amendement wel iets willen meenemen met concretere data waar we naartoe kunnen werken. Je kan beter een datum kiezen of stellen en dan rapporteren dat je het niet gaat halen, dan het vaag houden. Dank u wel. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mijnheer Wezenberg En het is natuurlijk helemaal aan u om dat met de heer Lieverse te regelen, als initiatievennemer van de motie. Dan tot slot mijnheer Van der Stad, D66. De heer Van der Stad: We hebben interesse voor de motie van de ChristenUnie, gezien de noodzaak die ook wij benoemd hebben. En de rest hadden we al aangegeven, akkoord. De voorzitter: Helder, dank u wel. Ik heb ook geen vragen meer gehoord aan de wethouder eigenlijk. Wethouder, hebben we iets gemist? Ik denk het niet. Ja, toch nog wel. Beantwoording college

16/46

De heer Hoek: Ik heb een vraag gehoord van Leefbaar of we regelmatig geïnformeerd kunnen worden. Dat hebben we altijd gedaan middels de raadsinformatiebrieven en dat zullen we zeker ook blijven doen. Met betrekking tot de ChristenUnie, die met een motie komen, dat is prima. Maar ik ga wel zeggen, dan moet er mogelijk geld bij. En dan moeten we als het gaat om de portfolio-lijst ook kijken wat er dan naar achteren moet geschoven. Dat is eigenlijk iets wat we onszelf hebben opgelegd en daar moeten we ons aan houden. En voor de rest heb ik inderdaad, of we lering trekken uit het verleden. Ja, dat doen we zeker. Daar is nu al een werkgroep mee bezig. En het is zelfs zo dat wanneer we het hebben over Bleizo-West, hebben we daar ook al wat over gesproken om de scholen gewoon op een goede manier in de hele exploitatie ook mee te nemen en niet meer voor de verrassingen komen te staan die wellicht nu op ons bordje zijn gekomen. En ik wil toch nog benadrukken dat het plan dat hier nu ligt, is absoluut realistisch en uitvoerbaar. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de bespreking van agendapunt 6.a en zal op de raadsvergadering later in januari deze tweede actualisatie van het IHP geagendeerd staan, onder voorbehoud natuurlijk van de motie van de heer Lieverse. Dank allen.

Ik stel voor de vergadering heel kort te schorsen, zodat een aantal aanwezigen die dat zou willen de zaal rustig kan verlaten en ondertussen we hier achter de banken ook wat stoelendans gaan doen. Dus blijft u vooral zitten, commissieleden. En dan gaan we met een minuutje verder. Dank. Sluit dit agendapunt. 5. Bespreekpunten 5.a Criteria locaties nieuwkomers (bespreking raadsbrief) De voorzitter: Dames en heren, wij gaan verder met de commissie Samenleving. Wij gaan verder met agendapunt 5.a, de criteria locaties nieuwkomers. Dat is een bespreking van een raadsbrief op initiatief van het college. Dat heeft er alles mee te maken dat de gemeente de wettelijke taak heeft om statushouders en asielzoekers op te vangen, maar het dan wel prettig is dat we een beetje houvast hebben om locaties te bepalen. En dat is waar we het vanavond over gaan hebben, de criteria voor de locaties van nieuwkomers. Daarbij vraag ik u wie deze bespreking wil openen? Dat is mevrouw Draak van de VVD. Eerste termijn Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. Het is eigenlijk heel goed dat het college dit proces zo duidelijk en stapsgewijs benadert. Voor de reactie van de VVD op de voorgestelde uitgangspunten wil ik eerst in het algemeen iets zeggen.

De VVD is er net als het college voorstander van dat we als gemeente solidair zijn met mensen die huisvesting nodig hebben en ook om ons in te spannen om onze wettelijke taken zo goed mogelijk in te vullen. De VVD blijft echter tegenstander van een permanent AZC binnen onze gemeentegrenzen. Er is te veel schaarste aan ruimte en ambtelijke capaciteit om voor alle doelgroepen onze doelstellingen te kunnen halen. Wij willen er daarom voor pleiten dat Lansingerland zich gaat focussen op Oekraïners en op statushouders en voor deze doelgroepen te werken aan echt goede oplossingen. Voor Oekraïners en plaatselijke spoedzoekers hebben we al LOO 1 en 2. En op de huisvesting van statushouders loopt Lansingerland enorm achter, net als de meeste gemeenten overigens. Het gevolg daarvan is dat AZC's nu voor ongeveer een derde en volgend jaar naar verwachting zelfs voor 50 procent worden bemenst door statushouders. De VVD pleit ervoor dat de inspanningen die Lansingerland pleegt gericht worden op deze statushouders. Laten we alsjeblieft met elkaar kijken naar compacte maar praktische woningen permanent, in de vorm van prefab woningen of semipermanent in de vorm van flexwoningen. Laten we met een open blik kijken naar kleine beschikbare stukjes grond in of nabij woonwijken, zodat statushouders snel en goed kunnen integreren. Meer inspanning op deze doelgroep geeft ook meer lucht in AZC's.

Eigenlijk zouden alle gemeenten dit moeten doen, want daarmee neemt de vraag naar AZC plekken uiteindelijk af. Dit gezegd hebbende wil ik even reageren op de uitgangspunten. Grootschalige of kleinschalige asielopvang? De VVD heeft altijd gepleit voor kleinschalige opvang, maar na het bezoek aan het asielzoekerscentrum Tobias moeten wij toch concluderen dat enige omvang voor deze doelgroep het beste is, omdat je dan betere voorzieningen hebt en betere ondersteuning van het COA. Dat gaat dus om minimaal 150 mensen. Maar dan met de toevoeging dat er wat de VVD betreft geen permanent AZC in Lansingerland komt. Samenwerking met buurgemeenten vinden wij altijd goed. Maar ik denk wel dat het goed is dat we realistisch blijven. Voor statushouders is een locatie aan de rand van onze gemeente per definitie ongeschikt. Deze mensen zijn Lansingerlanders. Die blijven permanent bij ons wonen en zij hebben een locatie

17/46

nodig in of dichtbij kernen, vanwege integratie, vanwege participatie en ook vanwege het gevoel welkom te zijn. Een volwaardige eigen plek met het liefst een eigen voordeur is voor statushouders belangrijk. Voor andere doelgroepen, asielzoekers, kunnen we de COA-norm hanteren. En Oekraïners hebben vaak werk en eigen vervoer en daar hebben we nu ook geen nieuwe plannen voor. Ik wil graag gezegd hebben dat geen enkel mens in the middle of nowhere gehuisvest wil worden. Dat is in het kader van veiligheid ook geen goed idee. Dan, punt 3, een nieuwe asielopvang aansluitend op de Tobias. Het is duidelijk, de VVD ondersteunt dit niet. Wij hebben voor asiel, de doelgroep asiel al een inspanning geleverd. Ook al is die tijdelijk van aard. Wij denken dat we beter het verloop van de Spreidingswet in Den Haag kunnen afwachten en eventueel later, als dat wettelijk een taak blijft, ons te richten op asielzoekers. Hetzelfde geldt dus voor steun voor semipermanente opvang. Wij zijn geen voorstander van permanente opvang. Met uitzondering van kleinschalige huisvestingsprojecten voor statushouders en voor Lansingerlandse spoedzoekers. Voor Oekraïners en asielzoekers wisselt de huisvestingsbehoefte per tijdsperiode en daarom is het verstandig om voor die doelgroepen juist op flexibele vormen te richten. Dan, beoordelingscriteria van de locaties. Daar zijn we het mee eens.

Maar, ik wil er wel bij zeggen, laten we ons gezond verstand gebruiken. Want het opofferen van een klein stukje groen als dat twintig woonplekken oplevert, is misschien best een optie, maar aan verkeersveiligheid wil je natuurlijk niet toornen. Dan, afstand tot voorzieningen. Ik moet persoonlijk zeggen dat ik dat een vrij heftige richtlijn vind. Want als een mens een half uur naar een supermarkt moet lopen en weer terug, een uur lopen voor je boodschappen, ik vind dat, als je het zo hardop zegt, eigenlijk geen acceptabele norm. Ook al gezien het feit dat in Lansingerland het OV niet al te best is in grote delen. Maar goed, het betreft hier een norm van het COA zelf. Dus voor de doelgroep asielzoekers kunnen we de norm van het COA overnemen. Voor statushouders, dat heb ik net ook al toegelicht, lijkt het me beter dat die gewoon dichtbij de kernen worden gehuisvest. Dan, ten slotte, de andere punten 7, 8 en 9 ga ik niet inhoudelijk op in. Daar staan wij achter qua normen. Dus dan denk ik, voorzitter, dat ik namens de VVD alle punten heb benoemd. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Draak. Is dat een interruptie, mijnheer Lieverse? Ja, gaat uw gang. De heer Lieverse: Ja, ik zou graag inhoudelijk reageren, maar dat doe ik in mijn eigen termijn natuurlijk, voorzitter.

Wat ik wel zou willen vragen, misschien heeft mevrouw Draak ook de locatie Tobias 2 bezocht en misschien is het een hulp om iets te zeggen van wat de observaties daar zo al waren. Of dat een onderbouwing is of juist niet van de gedachte dat dit maar tijdelijk moest zijn. Want we hebben onze deel wel gedaan zo'n beetje in de problemen van de samenleving. De voorzitter: Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Gezien het restant aan spreektijd wat ik nog heb, wil ik hier nu eigenlijk niet verder op ingaan. Ik denk dat de strekking van mijn verhaal duidelijk genoeg was. Dank u wel. De voorzitter: Dat mag. Dank u wel. Mijnheer Alsemgeest, dat is een termijn, denk ik? Of niet? Ja, oké. Gaat uw gang, WIJ Lansingerland. De heer Alsemgeest: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, laat ik eerst maar even beginnen met te benoemen wat we al weten. En dat is dat in onze gemeente een locatie die aan de beoordelingscriteria voldoet, niet voorhanden is. We moeten dus op zoek gaan naar second best. En omdat we met elkaar een zo breed mogelijk gedragen second best locatie willen, ligt hier vanavond dit door het college aangedragen bespreekpunt voor. Middels een negental vragen vraagt het college aan de raad om mee te denken om later dit jaar met een voorstel te komen.

Bij de eerste vraag dient zich natuurlijk meteen de vraag aan hoe we aankijken naar de afwegingen tussen de grootschalige en de kleinschalige opvang. Als we dan naar het schema kijken wat erbij staat, zien we meteen dat bij een grootschalige opvang meer direct door het COA geregeld wordt en we dus als gemeente minder verantwoordelijkheden hebben. Het COA regelt de beveiliging, de zorg, de taallessen en de recreatie. Dan is een grootschalige opvang mogelijk de beste keus. Leggen we dit echter naast vraag 7 en 8, de druk op de maatschappelijke voorzieningen en de spreiding over de kernen, moeten we toch weer even een stap achteruit zetten en de zaak opnieuw bekijken. De fractie van WIJ Lansingerland is een voorstander van een goede verdeling over de kernen, waarbij we zoveel mogelijk, zoveel als mogelijk worden ontzorgd door het COA. Maar als er geen andere mogelijkheid is, kunnen wij ons ook vinden in een grotere opvang en ik denk dat mevrouw Draak daar zojuist al over gesproken

18/46

heeft, dat ons dat positief opgevallen is bij ons bezoek. Vraag 2 is eenvoudiger, maar dan hebben we toch wel even een vraag aan de wethouder. Eerst staat er dat we aan de randen van onze gemeente iets gaan ondernemen, we contact gaan zoeken met de buurgemeenten. In de vraagstelling vraagt u ons hoe wij denken over samenwerking met de buurgemeenten. Samenwerking met de buurgemeenten lijkt mij iets anders dan contact zoeken. Dus ik hoor graag van de wethouder wat het moet zijn. Vraag 3 lijkt ons eigenlijk niet meer dan normaal. We nemen aan dat als we zorgen dat als de bewoners van Tobias 2 moeten verlaten, om ruimte te maken voor de verdere ontwikkeling van Wilderszijde, de nieuwe locatie er staat om ze daar weer van onderdak te voorzien. Zoals we ook bij de realisatie van Tobias 2 hebben gesteld, zullen we ook stellen dat de bewoners van de Tobias 2 bij voorkeur te zijner tijd, zullen verhuizen naar de nieuwe locatie. De reden is dat ze al zodanig geïntegreerd en verbonden zijn met onze gemeente, dat huisvesten elders, buiten Lansingerland, niet de voorkeur heeft. Bij vraag 4 vraagt de fractie van WIJ Lansingerland zich af wat we bedoelen met semipermanent. Want na enige uitleg, en we hebben het vanavond al een paar keer gehoord, blijkt semipermanent te staan voor een afschrijvingstermijn van 25 jaar.

Als we hier bedoelen dat wij de komende 25 jaar een AZC binnen onze gemeente hebben, dan hebben wij, denk ik, een hele andere discussie. Als hiermee echter bedoeld wordt dat als de asielbehoefte afneemt, we de behuizing kunnen verplaatsen en hergebruiken voor andere doelgroepen, kunnen we ons daar prima in vinden. We horen graag van de wethouder wat het college bedoelt met semipermanent. Vraag 5, bij deze vraag hebben we wel een aandachtpunt. Het lijkt ons als fractie belangrijk dat we eerst op zoek gaan naar een locatie, of meerdere locaties, en pas daarna de beoordelingscriteria er naast leggen. Want als we beginnen met de beoordelingscriteria, en met die beoordelingscriteria in de achterzak op zoek gaan naar een locatie, zijn we ons inziens op zoek naar het schaap met de vijf poten, en dat zullen we niet vinden. Vraag 6 is voor onze fractie eigenlijk geen issue. Ik heb het dan even niet over de loopafstand, maar de loop- of fietsafstand waar wij hierover praten, hebben grote delen van onze bestaande inwoners ook. We nemen aan dat we de locatie niet ergens achter in de polder gaan situeren. Vraag 7 en 8 hebben wij bij vraag 1 al beantwoord. En vraag 9 kunnen we positief beantwoorden. Ja, wij vinden het belangrijk dat de veiligheid met betrekking tot deze locaties meegenomen wordt in de criteria.

En op dit punt wil het college meegeven dat veiligheid wat ons betreft breed gezien moet worden. Een gevoel van veiligheid heeft niet alleen te maken met een beveiliger in de buurt, of een hek, of opgelegde regels. Veiligheid heeft ook te maken met een gevoel van behagelijkheid. Goede verlichting op de locatie, groene aankleding, een mooie uitstraling van de bebouwing en vul zelf maar aan. Met andere woorden, zowel de gasten, als de bestaande inwoners die bij de locatie in de buurt wonen, moeten zich behaaglijk voelen. En dit moet volgens ons gaan lukken als we er iets moois van maken. Tot zover. De voorzitter: Helder, dank u wel. Dan gaan wij naar de heer Smolders, D66. De heer Smolders: Dank u wel, voorzitter en dank voor de commissieleden aanwezig op de tribune. D66 vindt dat we de afgelopen jaren te vaak over locaties moeten praten en zijn daarom ook eigenlijk voor een semipermanente oplossing. Niet in de zin van 25 jaar, want we zitten dan toch echt wel te denken aan 10 tot 15 jaar max. Maar om elk jaar weer op nieuwe locaties nieuwe criteria te zoeken, denk ik dat we toch beter kunnen gaan voor een wat langdurige oplossing in een semipermanente vorm. Dat gezegd hebben, denk ik dat voor de Oekraïners... De voorzitter: Mijnheer Smolders, zou u de microfoon iets beter naar u toe willen trekken? Of wat harder praten, dat kan natuurlijk ook.

De heer Smolders: Of wat harder praten. Niet alles te herhalen wat al gezegd is. Wij vinden wel dat ook voor de asielzoekers een oplossing moet komen, want die instroom verwachten we niet van dat dat snel zal afnemen. En dan zal ik even kort op de vragen beantwoorden. Groot of kleinschalig. Ik denk als we met grootschalig de gemeente kunnen ontlasten qua zorg en voorzieningen doordat de COA veel overneemt, dan zijn wij voor grootschalig. Aan de andere kant kun je ook nagaan of je dat met statushouders ook moet doen, zoals mevrouw Draak dat aangaf. Samenwerking met de buurgemeenten is altijd gewenst. Lijkt me logisch. Maar waarom zouden we dan asielzoekers de keuzevrijheid ontnemen om alleen de voorzieningen in onze gemeente te doen als ze bijvoorbeeld dichterbij Zoetermeer zitten. Termijn waarop locaties beschikbaar zijn hebben we al gehad, dacht ik. Duur van de beschikbaarheid van een locatie. Oh nee, wacht, wat de D66-fractie betreft dienen we te voorzien in onze opdracht. We leveren nog onvoldoende aansluiting is niet noodzakelijk als we eerder oplossingen kunnen bieden voor onze opgave. Wel zou het fijn zijn dat de mensen die hier al geworteld zijn, dat is eigenlijk ook wat

19/46

volgens mij WIJ heeft aangegeven, woonachtig zijn geweest op Tobias in Lansingerland kunnen blijven wonen. Semipermanent hebben we het al over gehad. Beoordelingscriteria van de locaties, daar zijn we wel mee eens. Maar wat de D66-fractie ook betreft om te kijken naar leegstand binnen bijvoorbeeld het glastuingebied. Gesteld wordt dat de leegstand toeneemt in het kassengebied. Dat kunnen we misschien transformeren. Ik ben benieuwd of de wethouder daar op zou kunnen reageren of dat een mogelijkheid is. We zijn akkoord met de afstand tot de voorzieningen. De druk op maatschappelijke voorzieningen moet niet evenredig groot worden. De schaalvergroting kan daarbij helpen. De spreiding over de kernen zijn we niet geheel oneens met het voorstel. Maar stel nou dat er twee locaties geschikt zijn in één kern en daardoor een locatie geen kans krijgt om daar te komen door over drie kernen te willen spreiden dan willen we dat eigenlijk niet als uitsluitingsvoorstel hanteren. Criteria dus. Sociale veiligheid lijkt mij logisch, zijn we akkoord. Dat was hem. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Smolders. Helder. Dan gaan wij naar het CDA, mijnheer Bergwerff. De heer Bergwerff: Voorzitter, dank u wel en dank aan het college dat wij nu even de ruimte krijgen als commissie om die uitgangspunten te behandelen en daar onze visie op te geven. Dat is fijn.

Een aantal vragen zijn redelijk vanzelfsprekend, wat het antwoord erop gaat zijn, maar ook een aantal niet. Dus dat is goed dat die ook gesteld worden. We beginnen even met groot- of kleinschalige opvang. Dat hangt echt af van de locatie. Wij hebben eerder wel gezegd van, we hebben een lichte voorkeur voor kleinschalig, maar we zien inderdaad dat Tobias hier naast het gemeentehuis ook heel goed verloopt. Dat hangt echt af van de locatie wat onze voorkeur heeft. Wel even een kanttekening, als er gekozen wordt voor kleinschalige opvang, dan moet dit wel echt nabij een AZC, dus dat is bijvoorbeeld een Zoetermeer of Rijswijk. En dat moet dan 45 minuten maximaal reizen zijn vanaf het openbaar vervoer, omdat men daar dus die begeleiding, taallessen en recreatie genieten. En wat weer spreekt voor grootschalig is dat het efficiënter is, dat werd al genoemd. Het is wenselijk om inderdaad overleg te hebben met buurgemeenten, vanzelfsprekend zeker als er een locatie gekozen wordt dicht bij de gemeentegrens. Dat lijkt ons evident. En als het mogelijk is, zijn wij er ook voorstander van dat de nieuwe locatie open kan zijn voordat Tobias 2 sluit. Ik benadruk, dit moet wel kunnen. We spreken hier over een grote opgave waar alle mogelijkheden wat ons betreft gewoon nog op tafel moeten liggen.

Maar onze voorkeur is dat Tobias 2, als die sluit, dat we dan al die nieuwe locatie open kunnen hebben. Dit brengt mij wel meteen op een vraag aan de wethouder, in hoeverre is het nou op dit moment definitief uitgesloten dat Tobias 2 niet te verlengen is? Het is een beetje een redelijk ontkennende zin, maar met andere woorden, is Tobias 2 wellicht die locatie nog te verlengen of niet? Dat vraag ik ook door de verhalen van uitgestelde bouwplannen en zo. De voorzitter: Helder. Een interruptie voor u van de heer Diepeveen. De heer Diepeveen-Van de Merwe: Ik hoorde net, u wil dat de nieuwe locatie opengaat voordat Tobias 2 dichtgaat. Zitten daar dan ook nieuwe andere mensen in? En wat wilt u dan met de mensen van Tobias 2? De voorzitter: Mijnheer Bergwerff. De heer Bergwerff: Dat zouden dan natuurlijk gewoon dezelfde mensen kunnen zijn. We hebben een opgave en daar willen we aan voldoen. Dus ja, dat zou kunnen. Zeker. Absoluut. De voorzitter: Mijnheer Lieverse. De heer Lieverse: Of zou de heer Bergwerff ook kunnen bedoelen dat het namelijk bedoeld is om nieuwkomers in ruime zin, ofwel niet alleen asielzoekers, maar ook ontheemde Oekraïners en statushouders? Had hij dat ook kunnen beantwoorden misschien op de vraag van zojuist? De voorzitter: Mijnheer Bergwerff. De heer Bergwerff: Absoluut. Nee, zeker. Ik bedoel, we richten ons niet alleen in dit geval op asielzoekers.

Inderdaad, statushouders, ontheemden, die horen daar absoluut bij. Helemaal juist. Wij hebben in beginsel geen bezwaar tegen semipermanente huisvesting. Maar inderdaad, de interpretatie, dat merkte ik in de fractie ook, kan je ruim nemen van, wat betekent dat nou? Het is heel goed wat WIJ Lansingerland net vroeg aan het college, daar zijn we eigenlijk ook wel heel nieuwsgierig naar. Wat wordt er nou precies mee bedoeld? En als er inderdaad gesproken

20/46

wordt over 25 jaar, betekent dat dan bijvoorbeeld 25 jaar een opvanglocatie voor asielzoekers? Dat vond ik een hele scherpe en wij zijn heel nieuwsgierig naar dat antwoord. Zoveel als mogelijk de ruimtelijke ordening aanhouden. En het is niet ondenkbaar dat de stap van semipermanente huisvesting ooit permanent wordt als we praten over statushouders. Want niets is zo permanent als semipermanent, werd er al eerder gezegd en dat past hier ook weer bij. Fijn dat er expliciet genoemd wordt dat de motie inwerkingtreding Spreidingswet meegenomen is in dit gebeuren. Ik heb het eigenlijk al gezegd, de ruimtelijke ordening en dan ook omgevingsvisie laten wij als CDA sterk meewegen bij het afwegen van een voorkeurslocatie. Dus dat heeft voor ons echt prioriteit. En omgevingsvisie is natuurlijk ook breder dan alleen de genoemde glastuinbouw en bedrijvigheid. Dus wij pakken dat echt breed mee bij onze afweging. En wij delen de voorkeur om de opvanglocatie tot beperkte afstand te laten zijn van voorzieningen. Eigenlijk à la wat de VVD al aangaf. Dertig minuten is eigenlijk al echt het maximale. Bij voorkeur is het echt minder, wat betreft die opvang en huisvesting statushouders. En er moet vanzelfsprekend voorkomen worden dat er niet een te grote druk komt op maatschappelijke voorzieningen. Dat heeft voor ons echt een prioriteit. Misschien wel nummer één.

Dat onze inwoners daar geen last door ondervinden, de druk op de maatschappelijke voorzieningen. En wij hebben een voorkeur om de opvanglocatie zoveel als mogelijk te spreiden over de drie dorpskernen. Is het zo dat om wat voor onderbouwing, wat voor reden dan ook, er voorkeur heeft om alles in één dorpskern te vestigen, staan we daar ook voor open. Dat willen we ook allemaal niet afbaken. Maar een voorkeur is wel verspreid over de dorpskernen. En communicatie met omwonenden, veiligheid en dat soort zaken, dat onderschrijven we allemaal vanuit het stuk wat voor ligt. Dat is allemaal belangrijk. Draagvlak bij omwonenden weegt voor ons ook zwaar. Op 19 maart, geloof ik, spreken we over de locatieopties en wij zijn heel nieuwsgierig wat wij te zien gaan krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mijnheer Bergwerff. Mevrouw Gabin. Mevrouw Gabin: Maandag hebben wij deelgenomen aan de start van het participatietraject rondom de opvang van nieuwkomers. Wat mij in het bijzonder opviel was de uitstekende organisatie van de gemeente. Het gesprek voelde open, uitnodigend en constructief aan. Het was hartverwarmend om te zien hoe breed gedragen de steun is vanuit onze gemeenschap voor de opvang van asielzoekers, statushouders en ook Oekraïense ontheemden. Dit zegt veel over het sterke sociale draagvlak en ook de solidariteit in onze samenleving.

De kritische geluiden waren minimaal en dit biedt denk ik ook belangrijke kansen. Laten we deze positieve energie vasthouden en samenwerken aan oplossingen. Ik beging bij vraag 1, GroenLinks pleit voor kleinschalige opvang, omdat dit menswaardigheid, privacy en integratie bevordert. Kleinschaligheid versterkt het draagvlak in de gemeenschap en voorkomt overbelasting van buurten en kernen. Essentieel is dat locaties nabij basisvoorzieningen liggen, zoals scholen en zorg, om isolement te voorkomen. Tegelijkertijd blijft privacy en ruimte vooral voor grote gezinnen een belangrijke eis voor ons. Als een afweging nodig is, kiezen wij altijd voor een waardige opvang met voldoende ruimte en persoonlijke aandacht. Vraag 2, ja, samenwerking met buurgemeenten is gewoon belangrijk. Door gezamenlijk verantwoordelijkheid te dragen, zorgen we voor een eerlijke verdeling van de opvang. Vraag 3, ja, wij staan achter een tijdige en soepele overgang van opvangvoorzieningen. Dit voorkomt dat mensen tussen wal en schip raken en creëert ook stabiliteit voor zowel de nieuwkomers als de gemeente. De vraag over semipermanente huisvesting en opvang. Wij zijn daarvoor, voor permanente huisvesting, dat is gewoon efficiënter en duurzamer dan tijdelijke oplossingen. Het biedt kansen voor de integratie en het biedt ook kansen voor structurele samenwerking met maatschappelijke organisaties.

Daarbij willen wij benadrukken dat vluchten van alle tijden zijn. Dus ook na 25 jaar zullen we te maken hebben met mensen die vluchten en asiel vragen. Vraag 5, ondersteunt de raad de bovenstaande beoordelingscriteria aan de hand waarvan we de locaties waarderen en welke overwegingen wil je de raad hiervoor nog meegeven? GroenLinks ondersteunt de beoordelingscriteria, maar wil graag een extra aspect toevoegen dat essentieel is voor de menswaardige opvang, namelijk voldoende ruimte met aparte kamers binnen de opvanglocatie. De samenstelling van een gezin kan divers zijn wat specifieke uitdagingen met zich mee kan brengen. Denk aan een tiener die huiswerk moet maken terwijl een baby in dezelfde ruimte huilt of speelt. Het gebrek aan aparte ruimtes kan dus leiden tot spanningen en kan een normale dagelijkse ritme verstoren van een gezin. Dus dat willen wij meegeven, dat opvanglocaties voorzien zijn van voldoende kamers en ruimte om zo privacy te creëren. Vraag 6, afstand tot voorzieningen moet realistisch en haalbaar zijn wat ons betreft. We pleiten voor locaties die voldoen aan de richtlijnen van het COA. Een supermarkt of een basisschool op loopafstand is gewoon heel erg belangrijk. Dertig minuten loopafstand vinden wij gewoon niet acceptabel. Een kind in de winter op een loopafstand van dertig minuten van een basisschool vinden wij gewoon

21/46

niet wenselijk. Dus wij willen liever dat de richtlijn in ieder geval aangehouden wordt en dat daar extra aandacht op wordt gevestigd. Vraag 7, het verspreiden van opvanglocaties en het versterken van maatschappelijke voorzieningen in betrokken wijken is belangrijk. Dit voorkomt dus ook overbelasting en bevordert positieve draagvlak. Op vraag 8 kunnen wij ook bevestigend beantwoorden. Wij steunen een eerlijke verspreiding over de kernen. Vraag 9, ja, sociale veiligheid moet altijd gewaarborgd zijn. Dus dit vraagt om een goede begeleiding, heldere afspraken en samenwerking met buurtgenoten. Veiligheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente, COA en de gemeenschap. Dus daar kunnen wij ook bevestigend op antwoorden. Tot zover. De voorzitter: Helder, dank u wel. Is dat nog een interruptie, mijnheer Diepeveen? Nee? Dan mag u wel uw termijn doen. De heer Diepeveen-Van de Merwe: Dank je. Leefbaar 3B is, zonder dat het een verrassing voor jullie is, natuurlijk tegen grootschalige opvang. Ondanks dat ook wij onder de indruk waren van de Tobias hiernaast, vinden wij sociale inmenging toch veel belangrijker voor mensen hun inburgering dan dat het het COA makkelijker maakt in een grotere locatie, want dat is wat er in principe verteld werd. Dus kleinschalig. Buurgemeenten, als je elkaar nodig hebt, heb je elkaar nodig.

We moeten echter wel ervoor waken dat wij niet ondergesneeuwd worden als gemeente, omdat we onevenredig grote druk krijgen of wat dan ook. Aansluiting op de planning van Tobias 2. Ja, wij wilden eigenlijk sowieso niet meer dan 100 asielzoekers per locatie. Het zijn er 300 geworden uiteindelijk. Als het daar niet boven komt, mag het van ons best wel aansluiten. Maar wat ik dan bedoel te zeggen is dat we niet al nieuwe mensen in de nieuwe locatie doen. En waar moeten dan de oude mensen heen? Dus wel met doormenging. De voorzitter: Interruptie van de heer Lieverse. De heer Lieverse: Wat vindt Leefbaar van het voordeel om de zorg uit te kunnen besteden aan het COA als het gaat om grootschalige locaties? De voorzitter: Mijnheer Diepeveen. De heer Diepeveen-Van de Merwe: Je kan ook aan ambulante mensen denken. Het hoeft niet allemaal op locatie. Ja, dan kan nog steeds het COA het doen, toch? De voorzitter: Mijnheer Diepeveen, dit was een reactie op een interruptie. De heer Diepeveen-Van de Merwe: Oh sorry, excuses. Dan kan het COA het nog steeds doen. De voorzitter: Maar u kunt ook gewoon verder gaan met uw termijn als dat uw antwoord was. De heer Diepeveen-Van de Merwe: Semipermanente huisvesting kan. Echter vinden wij het belangrijk dat mocht het dan leeg komen te staan, dat ook onze eigen inwoners daar wat aan hebben. Want ook die zijn al heel lang aan het wachten.

Voorzieningen, laten we dat gewoon gelijk trekken met wat de andere Lansingerlanders hebben. De ene is in vijf minuten naar de supermarkt gefietst en de andere is een kwartier aan het fietsen. Ja, het is wat het is. Wat hebben we nog meer? Als we ze spreiden over de kernen, dan is het makkelijker integreren en de maatschappelijke druk wordt ook meer verspreid. Het zorgt voor meer draagvlak, betere integratie en een evenwichtige opgave. En het helpt ook met de sociale veiligheid waar ook naar gevraagd werd. Participatie, blijf in gesprek met de inwoners, dan krijg je ook minder het not in my backyard effect van de inwoners. Dus als we ergens een locatie hebben aangewezen of willen gaan aanwijzen, betrek de inwoners in een vroeg stadium daarbij die er omheen wonen. En dan hebben ze ook het gevoel dat ze mee mogen praten. Het enige wat wij wel nog even willen benadrukken, en dat is denk ik niet eens voor hier, voorzitter, maar wij willen wel in de toekomst dezelfde urgentie zien voor onze eigen jongeren, onze eigen ouderen en onze eigen inwoners die ook al jaren kampen met een woningtekort. Daar wil ik graag mee afsluiten. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mijnheer Diepeveen. Dan gaan we naar de heer Xhemaili, PvdA. De heer Xhemaili: Dank u wel, voorzitter. Laat ik allereerst beginnen met dat wij leven in een mooie, barmhartige gemeente.

Dat bleek ook uit de beeldvorming die we recent hebben gehad over nieuwkomers. Mevrouw Gabin refereerde daar al aan. Veel draagvlak vanuit het

22/46

maatschappelijk middenveld, kerken en de moskee. Dus dat is heel fijn dat wij als Lansingerlanders daar heel erg welwillend zijn om mensen op te vangen. Ongeacht of ze vluchteling zijn, statushouder, arbeidsmigrant of iemand die vanuit andere gemeenten hier komt wonen, een huis koopt of een huurhuis zoekt. Dus iedereen is welkom. Als we kijken naar de vragen, hoe kijkt de raad naar de afweging tussen grootschalige en kleinschalige asielopvang? Als PvdA hebben wij eerder aangegeven dat wij niet per se tegen grootschalig zijn. Dat heeft mijn collega de heer Azzouzi ook meegegeven in de raadsvergadering toentertijd. Toen zijn we uitgekomen op 300 asielzoekers in een opvanglocatie. Dat is dus om het even voor ons. Maar ik kan wel begrijpen, als het kleinschaliger is, dat de integratie wat meer wordt bevorderd in de interactie. Even Kijken. Vraagt 2, ondersteunt de raad dat wij voor locatie aan de randen van de gemeente onze gemeente samenwerking zoeken met randgemeenten? Ja, uiteraard. De samenwerking bevordert altijd een betere besluitvorming. Al moet ik wel eerlijk bekennen, het liefst als we voor de kleinschalige opties gaan, bedenk dan een locatie wat dichter bij de kernen zit. Ongeacht welke kern het is. Want dat is dan ook beter voor de integratie van de nieuwkomers.

Vraag 3, ondersteunt de raad het streven om opvang aan te sluiten bij Tobias 2? Ja, als het naadloos aansluit, waarom niet? Het is wel zo, ik weet niet wie het is van de collega’s benoemde, maar we moeten wel voorkomen dat de statushouders of de asielzoekers die hier al redens zijn gehuisvest niet binnen nu en dan drie, vier jaar moeten verhuizen. Ik ben zelf vijf keer verhuisd in Nederland en als kind werkt dat niet mee in de ontwikkeling en de…Sorry? Hechting, ja dat woord, hechting met de gemeente, het land en de integratie. Dus het liefst als iemand hier komt wonen, hou hem ook hier. Of hem. En de kinderen ook. Vraag 4, ondersteunt de raad het streven om te komen tot semipermanente huisvesting? Ja, dat sluit eigenlijk een beetje aan op mijn vorige opmerking. Ja, permanent kan. En asielopvang en asielstromen gaan met de tijd mee. Soms heb je een piek, soms heb je een dal. En stel we hebben een dal, dan kunnen we de permanente woningen ook gebruiken voor ons eigen jongeren of urgentiezoekers. Dus dat is prima anders in te delen als het nodig is en kan. Vraag 5, ondersteunt de raad de bovenstaande beoordelingscriteria aan de hand van de locaties waarderen? Ja, an sich wel. Vraag 6, hoe kijkt de raad tegen genoemde criteria met betrekking tot afstand tot voorzieningen? Dat vind ik wel een lastige. Vijftien minuten lopen is op zich niet ver.

En volgens mij zei de heer Diepeveen het ook, andere bewoners die al reeds hier wonen, geboren en getogen zijn die lopen ook soms vijftien minuten of moeten een half uurtje fietsen. En ik heb zelf een uur naar Zoetermeer gefietst voor mijn middelbare school. Dus dat is allemaal acceptabel. Vraag 7, ondersteunt de raad het voorkomen van onevenredige druk op de maatschappelijke voorzieningen, zoals het wordt? Ja, dat ondersteunen wij. Maar we moeten wel ervoor waken dat wij, stel we krijgen een influx van extra statushouders, asielzoekers of nieuw ontheemden, dat we wel voldoende maatschappelijke voorzieningen creëren. Even kijken. Vraag 8, ondersteunt de raad het streven naar de spreiding over de kernen? Ja, zoals ik al eerder aangaf, dat helpt bij de integratie van de nieuwkomers, ongeacht wat hun reden hiervoor is. En dat helpt ook het binden van de nieuwe inwoners. Vraag 9, ondersteunt de raad de uitgangspunten met betrekking tot sociale veiligheid? Ja, maar volgens mij hebben wij hier qua veiligheid geen probleem de afgelopen jaren gehad. Dus ik zie het probleem niet van de onveiligheid die hier heerst. Of überhaupt zal heersen. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Xhemaili. Dan tot slot de heer Lieverse in deze eerste termijn. De heer Lieverse: Dank u, voorzitter.

Het opvangen van nieuwkomers is een onderwerp dat raakt aan onze gemeenschap, onze voorzieningen en onze kernwaarden. Een complexe uitdaging en daarom ook een diversiteit aan criteria. Kleinschalige opvang biedt menselijkheid en bevordert integratie en sociale cohesie in de buurt. Maar aan de andere kant, grootschalige opvang is kort en efficiënter en sluit beter aan bij de samenwerking met het COA. Bijvoorbeeld voor het overnemen van de zorg. Daarom stel ik voor om te kijken naar een hybride model. Een mix van één of twee kleinschalige locaties en één strategisch geplaatste grootschalige opvang van bijvoorbeeld 200 plaatsen. De fysieke kant van de opvang is slechts een deel van het verhaal. Voorzieningen zoals zorg en onderwijs spelen een cruciale rol. Als het COA zorgtaken van ze overneemt, betekent het al een verlichting op dat gebied. Samenwerken met buurgemeenten is essentieel. Voordeel is daaraan, bestuurlijke afstemming en het delen van expertise. Een belangrijk aandachtspunt is de sluiting van Tobias 2 in ’26. Overigens een locatie die prima draait, geen overlast heeft opgeleverd en allerlei inwoners als vrijwilliger ontvangt. Die sluiting kan onzekerheid veroorzaken bij bewoners en bij betrokken instanties. Daarom roepen we op tot een strakke regie en nauwe samenwerking met projectontwikkelaars om continuïteit te waarborgen.

Daarnaast pleiten we voor semipermanente opvanglocaties. Dit biedt stabiliteit voor nieuwkomers en gemeenschappen en is kostenefficiënt. Laten we trouwens ook leren van

23/46

geslaagde voorbeelden, zoals het grote aanmeldcentrum bij Gilze en niet alleen kijken naar problematische, zoals in Ter Apel. Bij het kiezen van locaties, denk dan ook aan verkeersveiligheid, sociale cohesie en de impact op bestaande bouwplannen. Locaties dichtbij voorzieningen zijn belangrijk, vooral voor kwetsbare groepen. Waar nodig kunnen bus routes aangepast worden. Een ander punt, nabij bedrijven is geen risico, maar deze kunnen juist profiteren van nabijheid voor arbeidsintegratie. Overbelasting van zorg en onderwijs is wel een risico dat we moeten voorkomen. Daarom pleiten wij voor een impactanalyse en mogelijk ook een uitbreidingsplan van die voorzieningen. Zodat alle inwoners, nieuwkomers en gevestigden toegang houden tot goede zorg en onderwijs. Eerlijke spreiding over de kernen voorkomt onevenredige belasting van specifieke wijken en vergroot het draagvlak. Sociale veiligheid is daarbij een basisvoorwaarde. Door proactieve en transparante communicatie met de inwoners, zoals die avond van afgelopen maandag daar een rol in speelden over plannen, risico's en voordelen, kunnen we de vooroordelen verminderen en de gemeenschap vroegtijdig betrekken. Tot slot, voorzitter, vragen we om in het vervolg ook te komen met financiële ramingen, concrete scenario's en voorbeelden van geslaagde projecten en de analyse van … in Gilze.

Deze kunnen ons houvast bieden bij het nemen van juiste beslissingen. Tot zover, dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Lieverse. Helder. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de eerste termijn van de commissie en gaan we voor een reactie naar het college. Dat zal wethouder Cnossen zijn. En waar nodig vandaag bijgestaan door Sander Schaap, onze opgavemanager nieuwkomers. Wethouder, u heeft het woord. Beantwoording college Mevrouw Cnossen: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, commissie, voor uw inbreng. Waar zal ik eens beginnen? Ik vond de woordvoering van mevrouw Draak raakte ook wel eigenlijk de kern dat de statushouders voor een heel groot deel de AZC's bevolken. Dus als wij inderdaad daar een goede bijdrage aan kunnen leveren, en dat hoort ook in dit plan, het is niet alleen de locatie voor een AZC, maar dit is voor alle nieuwkomers waar we locaties over de hele gemeente op een rijtje aan het zetten zijn. Dus daar zit eigenlijk wel de grootste kans voor mensen om eindelijk hun leven te kunnen beginnen. En dat voelt voor het college ook eigenlijk als een hele belangrijke verantwoordelijkheid. De statushouders die al aan de gemeente zijn toegewezen, die nog op de boot zitten in Rotterdam of waar dan ook, dat voelt echt als tekortkomen. Zo ziet het college het. Dus dat punt wat mevrouw Draak maakt is heel terecht.

En wie weet, als alle gemeenten zo kijken, dat we over een paar jaar veel minder ruimte in AZC's nodig hebben. Maar voorlopig ligt wel de opgave, de opdracht vanuit het Rijk er, vanuit die Spreidingswet die nog steeds geldig is, om nu ook te kijken naar mogelijkheden voor het AZC waar we mee begonnen zijn hier naast bij Tobias. De voorzitter: Voordat u daar nog in meer detail gaat treden, mijnheer Alsemgeest. De heer Alsemgeest: Voorzitter, ik heb mij in mijn spreektekst vooral gericht op het verplaatsen van het AZC straks na 2026. Volgens mij, en dat wil ik graag van de wethouder weten, voor een spoedzoeker of voor een statushouder of voor een Oekraïner hebben wij heel andere woonruimte nodig dan mensen die in een AZC zitten en wachten op iets. Hoe ziet zij dit? Want volgens mij hebben we daar hele andere criteria voor nodig en hele andere plekken. De voorzitter: De wethouder. U mag hem aan laten staan. Mevrouw Cnossen: Ja, ik laat hem voortaan aan staan. Ja, dat is waar, mijnheer Alsemgeest. Maar toch hebben we gemeend de opgave, daarom noemen we het ook opgave nieuwkomers. Want Oekraïners zijn nieuwkomers, statushouders zijn nieuwkomers, maar ook de asielzoekers in een AZC zijn nieuwkomers. Op die manier hebben we dit als gemeente zijn we dit gaan aanvliegen.

Om gewoon heel simpel de kaart van de gemeente erbij te pakken en alle mogelijkheden te bekijken, ook voor andere doelgroepen. En wie weet dat we als bijvangst ook wel voor onze eigen woningzoekenden daar wat in vinden. Maar ik kom daar later op terug, voorzitter. Dus wat hier gevraagd wordt, u ziet ook de intro van de brief over omvang en reikwijdte opgave nieuwkomers. Deze locatie zullen we dus gebruiken voor al die doelgroepen. Dus niet alleen voor een AZC. De voorzitter: Mijnheer Alsemgeest.

24/46

De heer Alsemgeest: Voorzitter, dan zitten we toch denk ik niet helemaal op dezelfde golflengte. Want ik ben het geheel met mevrouw Draak eens als we praten over woonruimte voor statushouders. En als we daar meer ruimte voor vrijmaken dan hebben we het AZC eigenlijk niet meer nodig, want dat zit nu vol met statushouders. Waarom halen we alles over één kam? En niet over verschillende criteria? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Cnossen: Het college heeft geprobeerd dat in deze brief aan u uit te leggen, dat we nu één keer een groot locatieonderzoek doen en dat aan u voor gaan leggen. Dus straks krijgt u verschillende types locaties om als gemeenteraad over te beslissen. Want het woord semipermanent is al een paar keer gevallen. Mogelijk dat dat ook een oplossing kan zijn op plekken waar je nog niet permanent kunt bouwen voor een aantal statushouders om die definitief in onze gemeente te huisvesten. En dat is echt de opdracht hier. En u weet dat ook de tweede LOO 2, wat was het ook alweer, de Langdurige Opvang Oekraïners, dat is ook nog niet helemaal zeker. Dus wij moeten wel eigenlijk alle kaarten op tafel houden om niet straks vast te lopen. Dus waar we nu bij u alles over ophalen, gaat over alle nieuwkomers. Laat dat helder zijn. Maar uiteraard neemt het college mee wat u mee heeft gegeven over de AZC's.

Maar bij andere woordvoeringen haalde ik toch ook wel op wat u over statushouders met name benoemde, wat belangrijk is bij kernen, sociale bij voorzieningen. Dus ik denk dat we er wel mee uit de voeten kunnen, mijnheer Alsemgeest. De voorzitter: Tot slot, mijnheer Alsemgeest, laatste keer. De heer Alsemgeest: Tot slot wil ik dan toch even duidelijk horen van de wethouder, komt ze straks met meerdere locaties voor meerdere doelgroepen? Mevrouw Cnossen: Ja. De voorzitter: Helder. Dan stel ik voor dat we verder gaan met de beantwoording, wethouder. Mevrouw Cnossen: Ik wilde nog even terug naar vlak voor de kerstvakantie. Toen was deze brief al aan u in de brievenbus gestopt, maar toen kwam het Rijk weer met wat andere cijfers voor de permanente AZC-locatie. Permanent, voor wat het waard is. U weet dat we boven de 400 zaten. Ik dacht iets van 440. De opdracht aan Lansingerland is nu het plaatsen van 330 reguliere asielzoekers. En de opdracht voor de AMV’ers, de minderjarige asielzoekers, is groter geworden, 61. Dat vraagt ook weer een ander type locatie. Vandaar dat ik toch maar even benadruk dat we met verschillende types locaties zullen komen. De een is mogelijk geschikt juist voor die AMV’ers, anderen voor dat AZC, grootschalig, kleinschalig. En we zullen ook locaties zoeken om echt onze taak voor de statushouders veel sneller op te gaan pakken.

Want dat gaf ik net al aan, dat gaat ook heel veel verlichting geven in het AZC. Dus vandaar dat ik van mevrouw Draak dat ook heel mooi vond om dat op die manier te benoemen. Ik loop zoveel mogelijk de vragen langs, voorzitter. Want ik hoef niet alles bij te houden wat wel en niet, of waar gewoon akkoord op was. De afstand tot voorzieningen, daar heb ik verschillende van u ook over gehoord. En wij hebben in deze brief aangegeven wat het COA voor criteria geeft. Dus bij een AZC zouden we dat kunnen hanteren. Maar ik ben het met u eens, het is fijn als mensen, zoals hier bij de Tobias, toch wat makkelijker naar Bergschenhoek lopen dan dat je 30 minuten moet lopen. Maar zeker voor statushouders, dat hebben wij in onze voorbereidingsgroep ook gezegd, zijn dat niet de criteria. Want die wil je gewoon veel dichter bij je voorzieningen hebben. Bij winkels en eventueel de huisarts waar ze naartoe moeten. Dus die afstandscriteria zijn voor u als indicatie, dit doet het AZC. Maar we hebben de boodschap van u heel goed gehoord dat voor de mensen die hier permanent komen wonen, onze statushouders, deze afstandsvoorzieningen wel erg rigide zijn. Maar we zijn het er ook mee eens dat meer mensen natuurlijk wat verder van een supermarkt wonen dan de ander. Dus daarin gaan we kijken hoe dat het beste uitpakt.

En het werd door, de heer Alsemgeest was dat, al benoemd, voorzitter, een locatie die aan alles voldoet is er niet. Maar het is wel fijn, want iemand zei ook van, waarom zet je die criteria niet later bij de locaties die je zoekt. Nee, we willen juist aan de voorkant dat gesprek over, wat is nou belangrijk in de ogen van u als raad voor die statushouder, voor dat AZC, als criteria voor een locatie? En bij AZC werd ook door iemand genoemd, werkgelegenheid. We willen heel graag dat zoveel mogelijk mensen daar aan het werk kunnen. Zou dat ook zo'n criteria kunnen zijn? Dus vandaar dat we hiermee beginnen. En ook waar mevrouw Gabin aan refereerde, het gesprek maandag met onze inwoners, wat is voor u belangrijk? Wat voor Lansingerland zijn we? Wie willen we ontvangen? Hoe gastvrij zijn we? En dat halen we eigenlijk ook op bij u met deze criteria in verschillende woordvoeringen. Dus dat is het idee om nu hiermee te beginnen. En ja,

25/46

het college komt bij de volgende sessie, en u ziet dat ook in dat mooie pijltjestaatje, zal ik maar zeggen, met inderdaad de concrete locaties. En dan hebben we weer een heel ander gesprek. De heer Alsemgeest vroeg zich ook af hoe dat nou zat met die buurgemeenten. Stel het fictieve voorbeeld dat er op Bleizo, waar eerder sprake van was, dat daar een grootschalige locatie komt. Dan is het in het ogen van het college vreemd om dat in Lansingerland maar een beetje te gaan beslissen zonder overleg met Zoetermeer, waar toch heel veel mensen naartoe zullen gaan. En is het dan samenwerking? Dat kan samenwerking worden. Want stel dat je daartoe besluit, dan zullen bewoners, kinderen misschien in Zoetermeer naar het onderwijs gaan, boodschappen gaan doen. Dus ik denk dat het een vorm van samenwerking is. Maar het begint natuurlijk met contact leggen met elkaar, vertellen wat je van plan bent. Want ja, dat iemand het in de krant moet lezen, dat vindt niemand fijn. Dus dat is de bedoeling achter deze opmerking. Dan waren er ook wel wat vragen over dat semipermanent. Waarom schrijven we dat nou zo op? Of we nou een AZC semipermanent neerzetten of inderdaad woningen voor statushouders, omdat dat sneller zou gaan. Overigens kanttekening, 3B-Wonen is van mening dat je gewoon permanente woningen neer moet zetten. Laat dat helder zijn.

Maar mogelijk dat je toch, omdat je zegt, we moeten echt het komend jaar meters gaan maken, mensen gaan huisvesten, dan beslis je tot semipermanent. Dat kan een hele poos mee, 25, 30 jaar. En dat vroeg de heer Alsemgeest ook, wat doe je er dan mee als na 5 jaar misschien deze doelgroep daar niet meer in woont? Dat hoorde ik eigenlijk ook anderen al zeggen, dan zijn er vast andere woningzoekenden die daar gebruik van kunnen maken. Semipermanent zou ook verplaatsbaar kunnen zijn, dus ik denk, ik zie een van onze commissieleden al een beetje zijn hoofd schudden van, dat gaat niet gebeuren. Meestal is de plek gewoon dan het belangrijkste. Maar het idee is achter semipermanent dat je het ook gewoon weer kan inzetten voor andere mensen die ook een huis zoeken. Want dat is tenslotte het doel van deze hele exercitie, dat we mensen aan woonruimte helpen. Het schaap met de vijf poten werd nog even genoemd door de heer Alsemgeest. Even kijken naar de heer Smulders van D66. U vroeg of bij de beoordelingscriteria ook leegstand bij de glastuinbouw meegenomen zou worden. Mijnheer Smulders, daar raakt u inderdaad een punt waar we ook zelf wel wat discussie over hebben van, moet je nou als gemeente naar plekken, naar locaties zoeken die in ons eigendom zijn of waarvan we weten dat daar gebouwd kan worden.

Of kunnen we ook inderdaad nog oproepen aan particulieren doen, want wie weet hebben wij iets niet in beeld wat iemand heel graag aan wil bieden. De voorzitter: Wethouder, u heeft een kleine interruptie over zichzelf afgeroepen. De heer Smolders: Dat is een klein puntje van orde. Het is niet Smulders, maar Smolders. Mevrouw Cnossen: Oh, het spijt me. Ik heb wel Smolders opgeschreven. Ja, excuus. De voorzitter: We gaan verder, dank u wel. Mevrouw Cnossen: Het staat er goed. Mijnheer Smolders, in reactie op uw opmerking, het college wil inderdaad ook laten weten dat we geïnteresseerd zijn in locaties van particulieren of andere partijen als ze die aanbieden. Maar die gaan we dan wel naast de criteria leggen die we vanavond met elkaar bespreken en waar het college een klap op gaat geven. Dus stel dat iemand met een leegstaand glastuinbouwbedrijf zit waarvan hij denkt, daar kan op korte termijn iets anders, dan zien we dat graag tegemoet. Mijnheer Bergwerff, dank ook voor uw woordvoering. Nieuwe locatie openen voordat Tobias sluit. Iemand anders zei ook, het moet naadloos aansluiten. Dus dat vind ik eigenlijk de meest spannende wel voor de nieuwe locatie voor het AZC. Of dat er nou één, twee of drie zijn, dat maakt niet zoveel uit. Want op een gegeven moment zijn we contractueel wel verplicht om de Tobias 2 hier weg te halen.

En daar is nu een tijdsplanning voor, medio ‘26, ook zo'n mooi woord, medio. Maar wie weet dat er iets wat langzamer gaat of op een andere plek. Maar daar richten we wel alles op, want ik denk dat we het met elkaar eens zijn dat we de woningbouw in Wilderszijde niet willen vertragen. Zeker ook met het gesprek wat we dinsdag met elkaar gevoerd hebben, dat we daar juist ook een impuls willen hebben voor andere woningzoekenden. Dus het college voelt dit echt wel als een hele spannende opdracht. Want dat gaat natuurlijk heel erg snel, dat medio 26. En voordat je iets hebt gebouwd met de nodige infra, dat duurt wel even. De voorzitter: Mijnheer Bergwerff. De heer Bergwerff: Dank u, voorzitter. Ik wil eigenlijk meteen de wethouder even enigszins geruststellen. Wij begrijpen dat het een hele spannende opdracht is. Ik heb ook gezegd, dat is

26/46

heeft onze voorkeur. Onze voorkeur wordt gevraagd. En wij begrijpen het ook absoluut als dat niet lukt. Dus het is geen opdracht, zo zien we dat niet. Het heeft onze voorkeur. De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Cnossen: Voorzitter, dank voor deze aanvulling, want we zullen dat uiteraard samen met het hele project Wilderszijde in de gaten houden, want is het drie maanden langer dat het daar kan blijven staan, is dat alleen maar winst. Want het staat er inderdaad goed, werd door heel veel van u gezegd, de Tobias 2 functioneert en dat gaat goed. Ik zag dat er binnenkort zelfs een groot feest werd georganiseerd op 1 februari, dus wat dat betreft is het al aardig geïntegreerd in onze samenleving. Even kijken, volgende vraag, druk maatschappelijke voorzieningen. Richting mevrouw Gabin, mevrouw Gabin vroeg aandacht, naast een aantal andere punten, dank dat u er ook maandag bij was bij de participatiebijeenkomst en uw verhaal ook deed, de privacy van de mensen die in het AZC wonen. We hebben natuurlijk allemaal op televisie die beelden gezien van de hele gezinnen in kamers. Dus dat onderschrijven we. Maar ik zeg ook eerlijk, het COA gaat natuurlijk over de precieze invulling daarvan. Maar zoals dit nu hiernaast is ingericht, zijn het wel echt aparte kamers met de muur tot het plafond. Dus beter dan in andere locaties.

Maar dit is een aandachtspunt en dat zullen we zeker met het COA ook bespreken dat vanuit onze raad dit als belangrijk punt wordt ervaren. Dank u wel. De heer Diepeveen, even kijken. Grootschalig, kleinschalig, dat is allemaal helder. Semipermanent hebben we het voldoende over gehad. Betrek inwoners bij locatie. Ja, dat wordt natuurlijk denk ik wel de komende half jaar de grote opgave. We hebben onze eerste participatiebijeenkomst maandag gehad. Het was meer in gesprek gaan met. Maar op het moment van locaties wordt het toch anders. En dan hoop ik ook dat u als raad daar ook uw belangstelling voor heeft. En u gaf aan dezelfde urgentie voor eigen woningzoekenden. Uiteraard, mijnheer Diepeveen. En ik denk dat dinsdag daar ook een heel mooi gesprek over is gevoerd in de commissie Ruimte wat je op korte termijn kan doen. De voorzitter: Mijnheer Erwich. De heer Erwich: Ik had eigenlijk even een vraag aan de wethouder, want ze vraagt over belangstelling en natuurlijk zijn er een paar van ons geweest. Maar als u het op maandagavond organiseert, dan weet u dat de meesten een fractievergadering hebben. Dus dan kunnen we er gewoon niet bij aanwezig zijn. En misschien kunt u daar in het vervolg rekening mee houden, met zo'n avond. De voorzitter: Helder, mijnheer Erwich. Mevrouw Cnossen: Uw oproep is helder, maar weet dat een avond zoeken ook niet makkelijk is. Juist.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=a348eb2e-b28b-4d60-bc19-ae85e4a05afd