[BV24.0105] Verslag Gemeenteraad d.d. 28 november 2024
Tekst van het document
15/26
dus dat projectontwikkelaars en ook bouwbedrijven juist dit convenant zien als een aansporing. Want als we uniformeren, kan het goedkoper zijn. Dat betekent dus niet duurder. Is de heer Jumelet het met mij eens inderdaad dat dat erin staat en dat het convenant dus helemaal niet leidt tot duurdere woningen? De heer Jumelet: Ik heb dat gelezen inderdaad en ik heb ook op de site gekeken van deze club. En als ik zie het aantal gemeentes wat getekend heeft is dat 10, 15 procent van het aantal gemeentes dat wij hebben in Nederland. Dus in die zin is de vraag of die schaal leidt qua opdrachtgeverschap richting de markt of dat leidt tot lagere prijzen. Maar op dit moment schatten wij zo in, en dat was ook in de beeldvorming wel heel erg diffuus, vanuit de twee marktpartijen die daar ook een verhaal hielden. Waarbij de ene partij zegt, en dat was nog een lokale partij ook, die zegt op dit moment is dat toch wel kostenverhogend. Een andere partij zegt wat ons betreft kan het ook kostenverlagend zijn. Dus die onduidelijkheid is voor ons ook wel aanleiding om te zeggen van waartoe gaan wij ons laten verleiden? Gezien de grote bouwopgave die we hebben en met name ook voor degenen voor wie wij gaan bouwen in deze gemeente, waar namelijk zo enorm veel behoefte aan is. De voorzitter: Nog een keer de heer Ruijtenberg.
De heer Ruijtenberg: Er zijn in Nederland, ik zeg het uit mijn hoofd hoor, ik heb het niet opgezocht, 348 gemeentes. Als binnen een periode van zes weken ongeveer 10 tot 15 procent van die gemeentes dat allemaal ondertekend hebben. Dat betekent dus even grofweg zo'n 50 gemeenten, dat het een ontzettend enorm succes is. Dus dat er eigenlijk allemaal gemeenten zijn die zeggen we moeten dit doen, we moeten dit gaan doen. Maar stel nu even dat binnen zes weken de helft van alle gemeenten getekend zou hebben. Zou dat voor WIJ Lansingerland dan een aansporing zijn van die gemeentes doen het heel goed, laten wij ons daarbij aansluiten? De voorzitter: De heer Jumelet. De heer Jumelet: Maar het kan ook zo zijn dat we nu de top hebben gehad en dat het nu stilvalt. Maar dat terzijde. Maar het gaat er even om, wat de heer Hofman ook zei, wij hebben het inhoudelijk met elkaar nog niet echt gehad over dit convenant. Dus mocht het nou zo zijn dat wij op een later moment hier nog een keer op terugkomen met elkaar en dan blijkt wellicht dat er meer gemeentes zijn, dan liggen de kaarten misschien inderdaad anders. Maar dan hebben we ook eerst het inhoudelijke gesprek gehad over het convenant zelf en kunnen we ook zien wat de ontwikkelingen zijn rondom dit onderwerp.
Daarbij komt voorzitter, en dat is ook wel een beetje onze vraag, en dat is ook een vraag die wij zouden hebben als wij het inhoudelijk met elkaar zouden bespreken in de commissie. Wat betekent dit nou ook voor onze organisatie? Want onze ambtelijke organisatie wordt ook wel gevraagd een aantal dingen te gaan doen in het proces rondom evaluatie, rondom leertrajecten. Wellicht ook op weg naar zilver en goud. Dus wij hebben ook wel zoiets, en dat refereer ik toch ook even aan de motie die ik eerder heb ingediend hier, die ook door deze raad is aangenomen, wat is het effect nu feitelijk op onze capaciteit? Want we weten dat heel veel plannen blijven liggen op de plank omdat we geen ambtelijke capaciteit hebben. En juist dit kan weer leiden, zo’n convenant, tot extra druk op onze ambtelijke organisatie. Dus wij willen wel aan de voorkant… Als ik mijn zin af mag maken, voorzitter. Wij willen ook graag, en dat is het gesprek wat je moet hebben. Ook in het kader wat de heer Hofman zegt, met elkaar goh wat betekent dat nu eigenlijk? En kunnen we dat wel dragen op het moment dat je hier je aan verbindt? De voorzitter: De heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ik zit nog even te kauwen hoe ik dit als een interruptie ga doen, maar eigenlijk is het heel simpel een antwoord op de vraag die niet aan mij gesteld is door de heer Jumelet, maar die ik wel ga beantwoorden.
Hier is in de voorbereiding uitgebreid met de ambtenaren over gesproken. Daar hebben we heel veel gesprekken mee gehad, samen met de griffie. En de ambtenaren die omarmen dit en die zouden dit graag juist zien en zien het helemaal niet belemmerend. Dus het is voor hun ook echt een handvat om uit te werken in omgevingsvisie 2.0. Dus die ambtenaren die vindt u aan onze zijde.
16/26
De voorzitter: Ambtenaren worden door de wethouder vertegenwoordigd. Dat gaan we zo direct horen. De heer Jumelet. De heer Jumelet: Ik heb diep respect voor ambtenaren, maar uiteindelijk vind ik het oordeel van het college belangrijker in deze omdat die uiteindelijk ook politiek verantwoordelijk zijn. Uiteindelijk ook rondom de capaciteitsinzet van ambtenaren. Maar ook wel de afweging, en dan ga ik toch nog een keer herhalen wat ik net zei, wij hebben ook van een wethouder gehoord dat er door de capaciteitsproblemen binnen dit ambtelijk apparaat een aantal bouwplannen gewoon blijven liggen. En dat hoor graag van het college op moment dat dit convenant aan de orde zou zijn, wat dat voor effect zou kunnen hebben? En natuurlijk ik kan me voorstellen dat ambtenaren zeggen ja, vanuit de enorme drive voor mijn werk vind ik het ontzettend goed dat dit gebeurt. Maar uiteindelijk is het college verantwoordelijk voor wat er gebeurt. En daarom ben ik ook erg benieuwd hoe het college het inschat als het gaat om de werkbelasting. Ten slotte voorzitter, en dan hou ik er even over op want ik heb wel heel veel zendtijd, is er ook inhoudelijk zijn er ook nog wel dingen op te merken. Over bijvoorbeeld de automobiliteit die hierin staat.
Wij hebben als raad in meerderheid op automobiliteit bijvoorbeeld rondom een woonwijk een bepaald besluit genomen, wat wellicht door deze of genen in de raad niet geapprecieerd wordt. Maar dat staat haaks zou je haast kunnen zeggen op onderdelen die juist in het convenant zijn opgenomen. Dus ook inhoudelijk moet je het met elkaar toch eens over hebben van kan je nu de beleidsuitgangspunt of de beleidsdoelen die hierin zitten, kunnen wij die als raad ook dragen? Gezien de besluiten die wij hier in dit huis genomen hebben. Wij wachten ook graag het oordeel van het college af, voorzitter, maar u zult begrijpen dat wij… We hebben zin in het leven, maar in dit geval zijn we toch wel terughoudend. De voorzitter: Dank wel, mijnheer Jumelet. We gaan naar mijnheer Azzouzi, Partij van de Arbeid. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ook ondanks de voorbereiding op de samenwerking hebben wij deze motie niet ondertekend. Omdat wij twijfels hadden over… We zitten midden in de woningnood, we hadden twijfels over de betaalbaarheid van woningen en of dat ook een gevolg kan hebben en vertragingen op de bouw. Vandaar dat wij niet hebben ondertekend. Maar de heer Ruitenberg, die heeft ons wel overtuigd dat dat niet het geval is. Ik wil wel de reactie van het college afwachten voordat wij ons standpunt innemen. De voorzitter: Een interruptie van de heer Jumelet.
De heer Jumelet: Ik ben toch wel een beetje benieuwd. Mijnheer Azzouzi ken ik toch altijd als een redelijke pitbull als het gaat om die betaalbaarheid, maar ik ben toch wel benieuwd hoe hij dan aankijkt tegen het uitgangspunt dat wij een aantal bovenwettelijke dingen gaan vragen van de markt, van de bouwers, in relatie tot de betaalbaarheid. Want uiteindelijk die rekening die zal ergens betaald moeten gaan worden. De voorzitter: De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u, voorzitter. Het staat wel duidelijk in het convenant dat dat op termijn ook betaalbaar zal zijn. En daar zijn we ervan overtuigd dat we toekomstbestendig gaan bouwen, dat wij op termijn goedkoper gaan worden. Vandaar dat wij eigenlijk los van het convenant, toekomstbestendig bouwen vinden wij een goed idee om dat te gaan doen. En daarmee ook duurzaamheid te kunnen bereiken, maar ook betaalbaarheid te kunnen borgen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Azzouzi. De heer Blonk, Leefbaar 3B. De heer Blonk: Dank u wel, voorzitter. Laat ik helder zijn, wij zijn tegen deze motie. En waarom? Niet omdat we niet duurzaam, niet toekomstbestendig willen bouwen. Daar gaat het niet om. Maar er ligt een
17/26
convenant voor en daar zitten een aantal dingen in die zeker besproken moeten worden in commissieverband. En om daar twee van te noemen bijvoorbeeld in het kopje 2.2 afspraken bij het vierde plusje daar staat, en ik citeer daar even: “bij al lopende projecten wordt aansluiting gezocht waar dat redelijkerwijs mogelijk is.” Dat redelijkerwijs dat geeft al aan je kan daarmee de ene kant heen en de andere kant heen. Wat de een redelijk vindt, vindt de ander onredelijk. Dus dat leidt al tot moeite, dus daar moet meer duiding op komen. En het tweede punt is dat we nu als we hier zeggen we gaan ermee mee, dat we een ambitieniveau uitspreken, terwijl we daar in commissieverband nog niet over gesproken hebben. En ten derde is het zo, wil je vooruitlopen op de omgevingsvisie waar dit in feite een onderdeel is. Wat we in het volgend jaar gaan bespreken, eerste helft van het volgend jaar. Dan kan je hier jezelf weer voor de voeten gaan lopen als je dit convenant gaat omarmen. Dus voorzitter, ik denk dat ik duidelijk ben geweest. Maar ik ben toch ook nog wel benieuwd hoe het college hiernaar kijkt. De voorzitter: Dank u, heer Blonk. Dan gaan we naar mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk is alles al gezegd. De voors en tegens moeten eigenlijk wat uitgebreider besproken worden. De procedure moet gevolgd worden.
En qua inhoud, dan heb ik ook wel wat vragen over bijvoorbeeld de publiek-private samenwerking, waar het hier ook over gaat. Met wie hebben we dan te maken en willen we daar zaken mee doen? En over de inhoud van het convenant zelf, wat eigenlijk dus meer een soort manifest is denk ik. Dat je bijvoorbeeld gezonde leefomgeving, ik zie helemaal niets in het plan staan over straling. En ik heb daar natuurlijk al een aantal keer aandacht voor gevraagd. Ik hoor mijnheer Weerheijm ook zeggen de elektrische grid. En dan denk ik laten we daar dan ook naar kijken, dat we op dat vlak ook toekomstbestendig zijn. Dus ik ga daar graag over met u in gesprek tijdens de commissie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan tenslotte de heer De Graaf, VVD. De heer De Graaf: Dank u wel. Wat mijn buurvrouw zei zojuist, alles is zo'n beetje gezegd. Nou, volgens mij nog niet want ik ga misschien nog wat dingen toevoegen aan deze discussie. Nee wij, ik zal u niet langer spanning houden, wij gaan tegen deze motie stemmen. Echter, zin in de toekomst hebben wij ook van de VVD. En niet alleen wij, maar ook onze kinderen en onze kleinkinderen gunnen we dat. Dus wij staan wel heel sympathiek tegenover deze motie zoals dat netjes heet. Ook de publiek-private samenwerking is iets waar wij als VVD altijd positief tegenover staan. Dat omarmen wij.
Dus in die zin ligt er best een mooie basis voor een vervolg. Maar dat vervolg is volgens mij niet dat wij hier vanavond instemmen met deze motie en het college verzoeken om het convenant te tekenen. Zoals een aantal andere sprekers al aangaven, ik denk dat dat goed is omdat met elkaar te bespreken in de commissie, om daar meer duiding aan te geven. En het wordt wel verleidelijk gemaakt door op te merken dat het convenant niet bindend is. Maar als wij het college verzoeken om het convenant op te nemen, niet alleen in de omgevingsvisie, maar ook in de programma's. Volgens mij is het dan toch minder vrijblijvend dan wij aanvankelijk hier aannemen in dit huis, dus ik denk dat het goed is om daar met elkaar eens goed op door te praten in de commissie en ik denk dat de burgemeester mij nu gaat onderbreken voor een interruptie van de heer Ruitenberg. De voorzitter: Mijnheer De Graaf, u kunt heel goed voorspellen. De heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ja, mijnheer De Graaf wel. Even een vraag inderdaad, ja. Stel nu even dat ik zou hierna een schorsing aanvragen en stel, dan moet ik even met mijnheer Weerheijm en mijnheer Van Harn overleggen, maar het eerste beslispunt schrappen we helemaal. Dus we gaan niets ondertekenen. We gaan niets omarmen, we zeggen gewoon het college neemt het convenant als basis voor het omgevingsvisie.
Zou u dan meer genegen zijn om mee te stemmen? En dat stel ik eigenlijk ook aan andere partijen die vraag, die niet meer op kunnen reageren. De voorzitter: Dat gaan we niet meer doen in deze termijn, maar er is nog een tweede termijn. Dus dan kunnen ze daarop reageren. De heer De Graaf.
18/26
De heer De Graaf: Dank u wel. Het wordt ietsje verleidelijker, maar ik denk niet dat u ons daarmee over de streep trekt. Ik noemde al eventjes ook dat tweede punt, staat uit mijn hoofd niet alleen omgevingsvisie maar ook omgevingsprogramma’s meen ik. Die hebben natuurlijk al wat meer concreetheid en zijn wat minder vrijblijvend straks in de uitwerking. Dus alles wat we daarin opschrijven, heeft ook een bepaalde mate bindende werking volgens mij. Moeten we even goed over nadenken hoe we dat straks opschrijven. En daarnaast sowieso hebben wij wat moeite met het proces. En vervolgens denk ik toch dat wij met elkaar beleid door middel van een visie in dit huis vaststellen en het convenant is een soort uitwerking, zo zien we dat, hoe je daar handen en voeten aan geeft. Er staat bijvoorbeeld ook in het convenant dat het volgens mij een redelijke frequentie, ik dacht bijna jaarlijks uit mijn hoofd, geëvalueerd werd. Als we dat soort wijzigingen van die convenanten elk jaar ook weer in onze visie moeten gaan sleutelen omdat het convenant de basis voor de visie is en niet andersom, dan wordt het allemaal heel ingewikkeld. Dus ik wil er toch voor pleiten, ondanks uw verleidelijke aanbod om het stuk eerst te behandelen in de commissie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, Mijnheer De Graaf.
Dan zijn we aan het einde van deze eerste termijn van de raad en gaan we opnieuw naar de wethouder Muis. Beantwoording college De heer Muis: Dank u, voorzitter. Ik wachtte even, ik dacht misschien gaat er nu al geschorst worden. En ik volg eigenlijk wel uw debat en eigenlijk de wens die ik breed hoor om de discussie te voeren in de commissie hierover. Ondanks dat ambtenaren natuurlijk ambtelijke ondersteuning bieden om moties te schrijven, is het denk ik ook goed om gewoon in de openbaarheid met elkaar daarover van gedachten te wisselen en ook het college in staat te stellen om daar politiek natuurlijk op te antwoorden. Want dat kunnen ambtenaren niet doen. Maar daar zijn wij wel voor aangenomen. Maar nogmaals, ik hoor uw behoefte om met elkaar in gesprek te gaan. Ik zou dat ook zeker zelf vanuit het college ook voorstellen. Met het risico dat ik allemaal dingen ga herhalen die hier al gezegd zijn. Sowieso waardering voor het traject wat is gevolgd, voor de beeldvorming, voor het bespreekstuk. Maar ik denk dat nu net hier in deze afronding dat indieners iets te snel willen en daarmee partijen verliezen om hierin mee te kunnen gaan. Vanuit het college vinden we in elk geval het convenant geen goed middel of niet het juiste middel om uw en onze eigen ambities in vast te leggen. Beter doen we dat inderdaad in omgevingsprogramma's en in de omgevingsvisie.
Het gaat over, dat is al aangehaald, over zes verschillende thema's waar we ook echt heel hard mee aan de slag zijn. Sommige proberen we naar voren te trekken. Sommige liggen ingewikkelder. Heeft u zelf ook aangegeven. Bijvoorbeeld mobiliteit. Daar heeft u zelf ook besluiten genomen waarmee je niet brons gaat halen. Andere kunnen we misschien goud halen. Dus het vergt nog wel wat uitwerking, ook wat je juridisch mag vragen aan partijen die hiermee aan de slag moeten. Dus wat ons betreft nemen we het mee in het traject richting omgevingsprogramma's. Die worden uitgewerkt in 2025. Ambtenaren zijn er zeker mee aan de slag. Bijvoorbeeld natuurinclusiviteit en biodiversiteit gaan we binnenkort in het college bespreken. Dat is er via een module proberen we dat naar voren te trekken. Dus wij zitten erbovenop. Maar ik kan me voorstellen dat u graag als raad daar ook het gesprek over wil voeren met elkaar en met het college. Ik denk dat dit voldoende is en dan laat ik het bij u. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ik wil nog even wat verduidelijken, ook richting mijnheer Ruijtenberg die erover begonnen is. Ambtenaren die u als raadslid helpen, denken met u mee, in uw dienst. En ik zeg dan altijd een goede ambtenaar, en dat geldt ook voor mijzelf als u bij mij te rade gaat, ik kan het ene moment de heer Ruijtenberg adviseren hoe hij windmolens in Lansingerland kan plaatsen.
En twee minuten later de heer Van Doorn hoe ‘ie dat moet voorkomen. Dus dat doet de goede ambtenaar. Dus het is wel belangrijk dat we dat onderscheid altijd maken. Die zijn neutraal. Dank, wethouder. Is er een interruptie aan de wethouder? De heer Jumelet. De heer Jumelet: Ik had nog een concrete vraag gesteld aan het college, dus ik was benieuwd of hij daar nog antwoord op zou kunnen of willen geven.
19/26
De voorzitter: Ik denk dat de wethouder die vergeten is. Kunt u die nog even herhalen, want anders moet de wethouder naar zijn aantekeningen. De heer Jumelet: Wat het eventueel aan belasting betekent ook voor het ambtelijk apparaat. Hetgeen wat er in het convenant ook verwacht wordt aan evaluaties et cetera. De voorzitter: De wethouder. De heer Muis: Heel smart weet ik dat niet, maar je gaat natuurlijk wel dingen dubbel doen. Ik geef net aan, voorzitter, dat ambtenaren zijn dus druk bezig met al die verschillende onderdelen om te zorgen dat het in de juiste programma's uitgezocht wordt. Van hoever kunnen wij onze ambitie met elkaar leggen? En als je dus in het convenant… En dan moet je ook weer over rapporteren. De provincie zit erbij dus die wil ook weten hoe staat het ermee? Dus dat gaat gewoon extra werk en bestuurlijke drukte opleveren. Dat is ook een van de redenen dat als we een convenant willen, dan komen wij wel naar die partijen toe met wie we dat convenant willen sluiten. Maar ik zou nu niet andersom doen. Dank u wel. Tweede termijn De voorzitter: Dank, wethouder. Dan gaan we naar de tweede termijn. De heer Ruijtenberg, GroenLinks. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. In het geval van het eerste punt wat u net noemde, kom ik graag een keer bij u langs dan over die windturbines.
De discussie gehoord te hebben heb ik even via de moderne communicatiemiddelen overleg gehad met de mede-indieners. Dus we hoeven ook geen schorsing aan te vragen wat dat betreft. Motie zin in de toekomst (M2024-018) Ik trek de motie terug en hij zal terugkomen als bespreekpunt in de commissie van januari. De voorzitter: Daarmee is dan de motie ingetrokken en daarmee komt automatisch ook een einde aan dit agendapunt. 8c. Motie Mandaat voor de MRDH De voorzitter: En daarmee zijn we bij agendapunt 8c aanbeland. De motie vreemd, ingediend door… Ik geef even aan dat onze cursisten zich even terugtrekken, gaan ongetwijfeld nog even evalueren wat u zojuist gepresteerd heeft. Maar ze komen zo terug na het volgende agendapunt want dan kijken of ze hun diploma ook verdiend hebben. We gaan ondertussen verder met agendapunt 8c. Motie vreemd, aangekondigd door de fracties van Leefbaar 3B en D66. Ik geef het woord aan de heer… Eerst de heer Weerheijm, en dan gaan we naar de heer Meuldijk. De heer Weerheijm. Eerste termijn M2024-019 Mandaat voor de MRDH De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Het begint wel een thema te worden, elke keer als ik het woord hier krijg in deze raad loopt er een groepje mensen weg. Dat is al eerder gebeurd, dus ik begin erg te vrezen over de invloed die ik heb op het statuur van dit huis. Dan moet ik toch ook de tekst weer een beetje aanpassen.
Ik had een hele leuke inleiding bedacht waar we allemaal… Ik ga gewoon door waar we gebleven zijn. Even terugpakken. Deze motie, Mandaat voor de MRDH, dien ik in met de heer Meuldijk, mijn collega raadsrapporteur in de MRDH en de heer Ruijtenberg en de heer Azzouzi. Van respectievelijk nu nog GroenLinks en de PvdA. Maar wie weet, kijken naar de toekomst, binnenkort een partij. Spannend. We hebben natuurlijk hier eerder al bij stilgestaan in de commissie. Uiteindelijk het doel van dit bespreekpunt is, van deze motie, ik zal eerst even vanuit mijn
20/26
kant toelichten wat het verloop is binnen de MRDH. En vervolgens gaat de heer Meuldijk het een en ander vertellen waarom dit zo'n relevant punt is. Zeker voor alle mensen op de publieke tribune denk ik een heel leuk item. We hebben vanuit de adviescommissie afgelopen twee, tweeëneenhalf jaar dat ik daarin zit, eerst met heer Ammerlaan van het CDA, daarna met de heer Meuldijk van Leefbaar, toch een beetje het gevoel gekregen dat er een gebrek is aan strategische richting eigenlijk in de adviescommissie. We hebben het over heel verschillende punten. We gaan zelfs op bustourtjes in het donker. Daarover zal ik volgende week terugkoppelen in de commissie AB. We doen van alles, maar over de grote lijnen hebben we het helaas niet zo heel erg vaak. Daar zouden we het graag wat meer over willen hebben in de adviescommissie. En daarbij is ook gebleken, er zijn een aantal kritische rapporten geweest, onder meer van de Rekenkamer Rotterdam en van Berenschot, waar we ook naar verwijzen natuurlijk in de motie en ook een bespreekpunt waarin staat er zijn wel wat aandachtspunten voor de poot economisch vestigingsklimaat. Wat is dan de visie van Lansingerland daarin? We hebben daar lang over nagedacht.
De heer Meuldijk en ik hebben het natuurlijk onderling over gehad, met ambtelijke ondersteuning, met het college van hoe kijken we hier nu naar? Naar aanleiding daarvan hebben we in de commissie AB van oktober een mooi bespreekpunt ingebracht waar we volgens mij een heel goed gesprek hebben gehad waarin de verschillende fracties hun visie hebben geuit over welke kant we op moeten met de MRDH. Daar kwamen eigenlijk een aantal verschillende suggesties naar voren, verschillende visies op de MRDH. En ook de suggestie is het niet goed om dat gesprek over de strategie in de MRDH aan de hand van scenario's te voeren? Op basis daarvan zijn we even in de pen geklommen en nagedacht hoe zou dat er uit kunnen zien? En daar zijn een aantal scenario's zijn daar uitgerold, waarvan wij denken ongeveer omvatten van de verschillende meningen in deze raad. Vanzelfsprekend ze zijn nu even heel kort toegelicht in de motie, maar het bespreekstuk zoals we het gaan sturen naar de MRDH voor de adviescommissie dat zullen we ook weer met u delen. Zodat u ook concreet ziet hoe die scenario’s eruitzien. Dat u ook die informatie bezit. En wanneer deze motie is aangenomen, dan gaan we graag aan de hand van die scenario's dat gesprek aan in de adviescommissie.
Daarbij willen we wel ook de andere gemeenten genoeg voorbereidingstijd geven, want de ervaring leert nogal eens dat stukken nogal laat kunnen komen bij de MRDH. En je wil niet over zoiets als dit natuurlijk pas drie dagen van tevoren weten dat het komt. Dus vandaar ook die zinsnede die is opgenomen motie om dit alvast met andere deelnemende gemeentes te delen, zodat zij weten wat er aan komt. Dat is een beetje het proces wat wij intern willen gaan lopen met de MRDH. En dan draag ik nu graag het woord over aan de heer Meuldijk. De voorzitter: Niet voordat er een interruptie van de heer Van Santen is gedaan. De heer Van Santen: Interruptie. Verduidelijkingsvraag, voorzitter. Onder punt vijf, dat gaf u net ook aan, kunnen de andere gemeentes zich voorbereiden op dat gesprek wat jullie dan gaan voeren. Met wellicht een standpunt vanuit die gemeentes. Want ik neem aan dat dat dan de bedoeling is als je voorbereidt op iets, maar wat is dan het standpunt van Lansingerland? Wat nemen wij dan mee? Wat gaan jullie dan namens ons uitdragen? De voorzitter: De heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Dat is natuurlijk eigenlijk het gesprek dat we ook een beetje hier in de commissie laatste keer hebben gevoerd. En daar kwam ook naar voren dat het inderdaad niet een eensgezind standpunt, een voorkeursscenario is volgens mij hier in Lansingerland.
Dus wat wij vooral zullen doen in de adviescommissie is vooral het gesprek faciliteren. Wat denk ik ook de passende rol is als je een bespreekstuk indient. Ook eigenlijk om daar dezelfde kritische reflectie die wij hier in de commissie AB hebben gehad, eigenlijk datzelfde gesprek ook in de MRDH te voeren. Met de hoop dat daaruit vervolgens dan concrete aanknopingspunten komen hoe we verdergaan met dat EV component. Nu wordt op dit moment, en eigenlijk daardoor komt deze motie ook eigenlijk op een heel goed moment, er wordt gewerkt aan een economische visie voor de MRDH. Ze zijn nu op dit moment aan het verkennen hoe dat eruit zou moeten gaan zien. Dus eigenlijk op dat moment doordat wij dan al met elkaar van gedachten kunnen wisselen in die adviescommissie, komt er hopelijk een bepaald toekomstbeeld naar voren. Of liggen er misschien ook een aantal scenario's die ook weer als input kunnen dienen voor die
21/26
visie. En vervolgens kan die visie, het is een beetje een bureaucratisch proces, dat geef ik toe, komt natuurlijk dan weer richting terug naar de adviescommissie en dan kunnen wij ons ook weer door u in de commissie AB laten informeren... Gingen bijna alle glazen omver, bijzonder. Kunnen we door u in de commissie AB weer laten informeren over wat het standpunt dan is van Lansingerland over die visie. Dus ik denk dat we het zo voor ons zien. Dus niet dat wij als Lansingerland meteen gaan zeggen scenario een twee drie of vier vijf, hoeveel heb ik er genoemd? Vier staan erin. Maar meer hetzelfde soort gesprek faciliteren als dat we hier ook al hebben gedaan. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Meuldijk, Leefbaar 3B. De heer Meuldijk: Dank u, voorzitter. Als fanatiek skiër ben ik gewend aan hoge toppen en diepe afgronden. Maar het ravijnjaar waar we begrotingstechnisch op afstevenen, is van een heel andere orde. En dan hebben we recent gelukkig met elkaar een meerjarenbegroting en dan meer specifiek eentje van 2025 sluitend kunnen krijgen, zonder onze Lansingerlanders te veel pijn te moeten doen. Maar voor de verdere jaren is een grotere opgave en een moeilijkere zoektocht. En u weet, voorzitter, zaken op zijn beloop laten dat is niet de juiste route. Dus nu al actie wat we nu opstarten voor 2026 en verder.
Kortom, aan ons de taak om de middelen van en voor onze inwoners en ondernemers op een doelmatige en efficiënte manier te besteden. We weten soms dat een uitgave een euro erin, soms tien euro aan maatschappelijke winst kan opleveren. Maar soms ook is het tien euro erin, dan komt er maar een euro maatschappelijke resultaat uit. Als dat een wettelijke taak is dan kan het niet anders. Maar als het nog geen wettelijke taak is dan kun je heroverwegen en kijken wat er anders kan. Deze bijdrage aan de MRDH is zo’n keuze. En voor onze gemeente, om dat maar even duidelijk te maken, hebben we het over 200.000 euro, ieder jaar opnieuw. Een investering, zoals al werd aangegeven, zonder duidelijke doelen en ook geen meetbare resultaten. Sommige zaken, sommige acties die worden ondernomen, worden ook door andere gremia als de PZH of nog elders al opgepakt en uitgevoerd. En van belang, een significant deel van de vijf miljoen, is het totaalbudget per jaar van de EV opgehoest door de 21 gemeenten bij elkaar, wordt uitgegeven aan projecten. En gewoon even als voorbeeld bijvoorbeeld een robothond, onderzoek naar een robothond die drones naar binnen brengt voor een soepele evacuatie bij rampen. Natuurlijk prachtig. Allemaal hartstikke mooi, maar dat had ook prima tot ontwikkeling gekomen vanuit de markt zelf, zonder dat we daar publieke middelen uit de MRDH, ook onze pot, in hoeven te stoppen.
Onze Lansingerlandse ondernemers, ik ken er een aantal, u kent er waarschijnlijk nog veel meer, zijn goed geholpen met netwerkbijeenkomsten. Om ze in verbinding te brengen. Waarna ze zelf tot prachtige innovaties in staat zijn. Daar zien we keer op keer bewijs van, ook zonder inbreng van MRDH middelen. Daarom willen we graag middels deze motie met uw voltallige steun die andere twintig gemeenten aan tafel krijgen om met elkaar over deze vijf miljoen per jaar in gesprek te gaan, scenario's te bespreken en dan natuurlijk terugkoppelen en kijken of we met elkaar misschien de route richting dat ravijnjaar enigszins kunnen omleiden. De voorzitter: Een interruptie van de heer Jumelet. De heer Jumelet: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het helemaal eens wat de heer Brecht net aangaf qua proces et cetera, maar… Sorry, de heer Weerheijm. Excuus, maar ik ben nog een klein beetje verbaasd over de inbreng van de heer Meuldijk. Want hij schetst nu… Want ik dacht hij gaat nu wat de heer Weerheijm aangeeft, verstevigen. Maar u maakt er een soort karikatuur van. Het lijkt wel of u dan inderdaad nu als raadsrapporteur en als voorsteller van deze motie heel erg stuurt van een oplossingsrichting en et cetera.
En mijn vraag is eigenlijk aan u, kunt u dan niet ook aangeven niet alleen de negatieve dingen, maar wellicht ook de dingen die daadwerkelijk gebeurd zijn? Maar daar hebben we eigenlijk al in de commissie AB op negen oktober over gesproken. Of zegt u wat mij betreft stoppen we met het hele festijn. Want dan is het op een gegeven moment een hele andere motie zou het moeten worden die u indient.
22/26
De voorzitter: De heer Meuldijk. De heer Meuldijk: Dank u, voorzitter. Nee, voor alle duidelijkheid. Het is om de deuren te openen om het gesprek met elkaar te starten en te openen. En daarmee, niet alleen vanuit deze gemeente, maar alle 21 deelnemende gemeenten, kritisch te kijken naar nut, noodzaak en wat is het return on investment? En of de conclusie dan wordt… U heeft de scenario's kunnen lezen, zelfs verder intensiveren, houden zoals het is, of een deel uitkleden of helemaal afschaffen en misschien zijn er nog wel gaandeweg het proces meerdere scenario te bedenken, daar zit ik niet voor ingenomen in. Alleen ik vind het wel goed om kritisch te kijken naar deze middelen. En wat is het bereik er van? Is het die tien euro erin, een euro eruit? En willen we dat dan wel? Daar kritisch naar kijken, dat steunt deze motie om dat met elkaar te gaan verkennen. De voorzitter: Wie dan? De heer Van Santen. De heer Van Santen: Voorzitter, dank u wel. Ik had even moeten wachten met mijn interruptie tot de heer Meuldijk had gesproken, want dan had ik toch een beetje gehoord wat ik wilde horen. En ik heb ook het antwoord gehoord op de interruptie van de heer Jumelet en dat ondersteun ik ook, dat antwoord. Maar inderdaad die kritische houding van hoe wij dat geld uitgeven, dat ondersteunen wij van harte vanuit de VVD. We zijn erg benieuwd naar de uitkomst.
Dank u wel voor het inbrengen van de motie, heren. De voorzitter: De heer Markus. De heer Markus: Voorzitter, dank u wel. We hebben inderdaad in de commissie algemeen bestuur een uitstekende bespreking gehad over het toekomstperspectief van het economisch vestigingsklimaat van de metropoolregio. Eigenlijk was de verbazing groot dat dat beeld schetsen de MRDH zelf niet doet. Dus dat is natuurlijk een beetje vreemd, dat je niet met elkaar spreekt over je eigen toekomst terwijl daar best wel wat discussie over zou moeten zijn. Een beetje eigen vlees keuren, dat zat er schijnbaar niet in. Hadden wij grote moeite mee, dus wij kunnen deze motie van harte ondersteunen want die doet eigenlijk precies wat wij toen gezegd hebben. Ga met elkaar het gesprek aan en durf met elkaar ook kritisch na te denken over de toekomst die je hebt als economisch vestigingsklimaat. En ik denk dat het goed is wat de heer Weerheijm aangeeft, dat het even een faciliterende rol is die er gevoerd wordt en dat er geen mening vanuit Lansingerland wordt meegegeven. Maar dat het puur een eerste aanzet is voor een gesprek. En ik ben ontzettend benieuwd naar de terugkoppeling. Ik hoop dat de commissie daar echt in staat is om goed het gesprek te kunnen voeren, maar ik moet in alle eerlijkheid zeggen dat ik er wel een beetje een hard hoofd in heb. Dus als de andere raden meekijken, doe je best vooral. Dank u wel.
De voorzitter: De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. We hebben zelf ook de motie ondertekend. Het is voor ons, we zien het als de eerste stap om grip te krijgen op gemeenschappelijke regelingen in dit soort samenwerkingen. En de heer Weerheijm en de heer Meuldijk hebben dat heel goed uitgelegd. Straks moeten we echt een aantal financiële zaken oplossen en we moeten echt bij alles beginnen en dit is een eerste stap. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Is dat een interruptie, mijnheer Jumelet of het woord? Mijnheer Jumelet. De heer Jumelet: Dank u wel, voorzitter. Het werd al gezegd, negen oktober hebben we daar in de commissie uitgebreid over gesproken met elkaar. En tussen toen en nu zijn er toch in de voorbereiding ook een aantal gesprekken geweest en de motie die voorligt is ook een hele goede weergave daarvan. En wat de heer Markus ook aangaf, het is ook wel het haakje feitelijk om het gesprek met elkaar te hebben. En we zijn ook in die zin ook wel heel erg benieuwd naar de uitkomst. Waar wij wel een beetje beducht voor zijn, is dat je te sterk gaat zitten op what’s in for me? Want dat betekent als een van die gemeentes
23/26
of meerdere gemeentes zeggen we stoppen er iets meer in dan we eruit krijgen, dan stoppen we ermee. Dan weet je de uitkomst eigenlijk al van die discussie. En het is volgens mij ook wel in deze regio wel heel belangrijk om met elkaar in gesprek te zijn en met elkaar ook wel na te denken over dat economisch vestigingsklimaat. En de ene keer zal je daar voordeel bij hebben ten opzichte van de andere keer. Dus dat open gesprek wat nodig is, hopen we dat dat inderdaad gedaan wordt. Ook op basis van deze motie. En we hopen ook dat andere gemeenten zich ook inderdaad aangesproken voelen om kritisch te kijken wat nodig is om dat economisch vestigingsklimaat in onze regio de nodige boost te geven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Beukel, CDA. De heer Van den Beukel: Voorzitter, dank u wel. Dank aan de collega's voor het initiatief voor deze motie. Het woord scenario's… Ik was een van de mensen die dat bezigde de vorige keer in een bespreking, omdat het inderdaad gewoon ordentelijk is om naar aanleiding van die van de evaluatie goed te kijken naar waar kan het heen? En wij zijn een van die partijen die niet bij voorbaat kritisch is op het fenomeen samenwerking aan economie. We hebben benoemd dat samenwerking juist in deze regio die economisch niet zo goed presteert op speerpunten zoals Horti Science heel gunstig kan zijn.
Maar heel benieuwd wat die scenario's dan kunnen worden naar aanleiding van deze motie. Ook wel benieuwd, voorzitter, en misschien heb ik dat gemist, hoe de heer Hoek hierop reflecteert. Hij heeft zitting in de commissie die hierover gaat, dus ook vanuit zijn kant lijkt me wel heel relevant om te horen hoe dit gaat landen. En wat hij ook kan doen als deze motie aangenomen zou worden om dan de uitvoering hiervan te ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GroenLinks. De heer Ruijtenberg: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Samen met de heren Azzouzi, Weerheijm en Meuldijk hebben wij deze motie medeondertekend. We zijn al langer kritisch op de MRDH. Niet vanwege het gebrek aan samenwerking, hoe zouden we kunnen, maar juist vanwege het gebrek aan wat democratisch proces binnen de MRDH. Dit is wat ons betreft dan een eerste stap om mogelijk te gaan kijken van kunnen we iets veranderen om ook de MRDH wat meer democratisch te maken en wat andere dingen te laten doen? Dus van harte steun. De voorzitter: En ten slotte mevrouw Van Olst, VOOR Lansingerland. Mevrouw Van Olst: Ik kan kort zijn. Goede motie, dank aan de indieners. Beantwoording college De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Olst. Dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Hoek dit keer. De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter.
Voor alle duidelijkheid, het gaat natuurlijk wel om het economisch vestigingsklimaat en niet om de vervoersautoriteit. Dit om verwarring te voorkomen. Het gaat duidelijk om het economisch vestigingsklimaat. Het moge duidelijk zijn dat wij optimaal profiteren van de agglomeratie kracht van de MRDH. Daar hebben we echt profijt van. Dat we georganiseerd zijn hebben we profijt van, financieel-technisch hebben we er soms profijt van. Maar dat is nu eenmaal inherent als je in een samenwerking zit. Je krijgt wat, je geeft wat. Maar het gaat om het regionaal belang. Laat dat duidelijk zijn. Maar daarnaast is het ook een mooi platform voor kennisuitwisseling en een heel belangrijk netwerk in de regio. En daar wordt ook gebruik van gemaakt. In plaats dat 21 individuele gemeentes het wiel uitvinden, is het een mooie taak van de MRDH om daar een regierol in te hebben. Maar desalniettemin denk ik dat het goed is dat we eens in de zoveel tijd eens kijken of we nog steeds het juiste doen. En zeker als we dat spiegelen ten opzichte van de ombuigingen waar we voor staan. Dus wat dat betreft denk ik dat het bijzonder goed is dat we die discussie onderling met die 21 gemeentes eens aangaan, zodat we weer op één lijn zitten. Zodat de neuzen weer een kant op staan. En dat is eigenlijk wat je wil binnen de MRDH. Uiteraard is het wel zaak dat we elkaar nodig blijven hebben om economisch
24/26
sterk te blijven. Dus hoe het vervolg eruitziet dat is inherent aan hoe de discussie plaatsvindt. Het is ook geen pleidooi, zoals ik het beluister, om de MRDH op te heffen. Maar wel om weer eens het net op te halen van waar waren wij ook alweer voor en kunnen we dat in de toekomst meer waarmaken door intern die discussie een keer te voeren. Dus wat ons betreft een prima initiatief en het zal sterk afhangen hoe onze collega gemeentes gaan reageren om uiteindelijk weer gezamenlijk een mooi profiel op te stellen waar we ook alweer van zijn. Dus wat ons betreft, wat het college betreft, kunnen we deze motie omarmen. Tweede termijn De voorzitter: Dank, wethouder. Dan gaan we naar de tweede termijn. In dezelfde volgorde ga ik u even langs. De heer Weerheijm. De heer Weerheijm: Dank u wel, voorzitter. Allereerst dank voor alle complimenten. Ik denk dat ik ook namens heer Meuldijk spreek als ik zeg dat dat voor ons echt een fijn steuntje in de rug is voor alle woensdagavonden die we doorbrengen op verschillende gemeentehuizen in onze prachtige regio. Ik wil zeker ook niet de commissie overdoen maar ik denk dat zoals de wethouder net zei, dat gesprek waar waren we ook weer voor? Ik denk dat dat de kern is van het doel wat wij ook hebben met deze motie, om dat gesprek met elkaar te voeren. Het is altijd als raadsrapporteur een beetje een vreemde rol waar je natuurlijk in zit.
Want je hebt natuurlijk ook inderdaad je eigen persoonlijke politieke mening over dingen. Maar we zitten daar uiteindelijk als raad, dus we zullen er ook echt alles aan doen om de mening van deze gehele raad daarin door te laten spiegelen. Inderdaad, ik heb ook volgens mij niemand gehoord in de commissie dat je maar helemaal niet meer moet samenwerken. Dat is ook zeker niet het uitgangspunt. En ik kan me ook niet voorstellen dat andere gemeentes daar voorstander van zouden zijn. Maar goed, inderdaad wel die kritische… Op basis daarvan, we willen samenwerken, maar wat is dan de juiste vorm? En dat is het gesprek wat we met elkaar willen voeren. Dus dank voor uw steun. De voorzitter: De heer Meuldijk. De heer Meuldijk: Voorzitter, ik kan er kort over zijn. Ik onderschrijf uiteraard wat mijn collega-indiener, mede-indiener heeft gezegd en ik wil mijn dank uitspreken voor het vertrouwen wat ik tot nu toe heb kunnen horen. We gaan verder met het proces, met uw goedkeuren. Dank. De voorzitter: Ik ga even de anderen nog langs. De heer Van Santen nog een aanvulling? Nee. De heer Markus? Nee. De heer Azzouzi? Nee. De heer Jumelet? Nee. De heer Van den Beukel? Nee. De heer Ruijtenberg? Nee. En mevrouw Van Olst ook niet. Dan zijn wij aan het einde van deze tweede termijn. Dan denk ik ook niet dat er nog door de wethouder iets gezegd moet worden? Nee.
Dan zijn we aan het einde van de behandeling en dan gaan we over tot de stemming over deze motie. Motie Vreemd M2024-019 Een mandaat voor de MRDH 32 stemmen voor, die is unaniem aangenomen. Daarmee zijn we aan het einde van de bespreekstukken. De heer Markus kijkt nog eens goed of de uitslag klopt. 9. Hamerstukken De voorzitter: En we gaan over naar agendapunt negen, de hamerstukken, waarbij de heer Meuldijk heeft aangegeven een stemverklaring te willen afleggen. Mijnheer Meuldijk, ik hoef u met al uw ervaring vast niet te vertellen dat dat zeer kort en bondig moet. De heer Meuldijk: Een uitdaging. Dank, voorzitter. Leefbaar 3B is blij met het succes van de startersleningen en graag stellen we de aanvullende middelen ter beschikking zonder enig risico of kosten waarmee we onze Lansingerlandse starters op de gespannen woningmarkt op gang kunnen helpen. Ook de toezegging van de wethouder wil ik benoemen om tijdig naar de raad voor aanvulling van middelen te
25/26
komen bij het voortduren van dit succes van deze faciliteit is belangrijk, en daarom zijn we blij dat we nu zonder amendement voor dit voorstel kunnen stemmen als hamerstuk. Dank. De voorzitter: Nog op de grens, mijnheer Meuldijk, ik zal maar zo zeggen. Dank u wel. Dan gaan wij over tot afhameren van de hamerstukken. 9.a 9.b 9.c 9.d
Instructie voor de griffier van de gemeente Lansingerland Vaststellen bestemmingsplan “Hoefweg-Zuid 2016, 1e partiële herziening Transformatorstation Bleiswijk (Stedin ) (BP0164H01)” Verlenging Verordening Starterslening 2025 Wijzigingsbesluit van de 22e wijziging van de Gemeenschappelijke regeling DCMR
Hamer ik hierbij af. Deze stukken zijn dus ongewijzigd vastgesteld. 10. Sluiting De voorzitter: En dan zijn wij bij het laatste punt. Ik verzoek u nog even te blijven zitten. Dan komen onze cursisten terug. Want het leek de griffier en mij wel gepast om hun certificaten uit te reiken in uw aanwezigheid en ook binnen de formaliteit van de raadsvergadering. Het is tenslotte een cursus die u nieuwe fractieleden zou kunnen opleveren. En in ieder geval een aantal betrokken inwoners die zich in de Lansingerlandse politiek verdiepen. En misschien wel de toekomst van deze raad vormen. De voorzitter: Beste cursisten, als uw burgemeester wil ik graag tegen u zeggen dat ik het zeer waardeer dat u deze cursus heeft gevolgd. Het is belangrijk dat onze inwoners ofwel politiek actief zijn, of worden. Maar ook dat ze zich verdiepen in wat er in dit huis gebeurt. Wij leven in een tijd waarin het vertrouwen in de politiek soms afneemt of matig is. Juist door mee te doen, juist om hier getuige te zijn van wat er gebeurt, denk ik dat u kunt zien dat er vertrouwen in de politiek kan zijn. Dus ik ben zeer erkentelijk dat u deze cursus heeft gevolgd. En ook natuurlijk met goed gevolg. En daar hoort uiteraard een certificaat bij. En ik dank ook onze cursusleider van PoDemos. Super gedaan, bedankt. Een applaus mag. En applaus mag ook voor de deelnemers. De voorzitter: Geachte leden van de raad.
Dat zijn een hele hoop cursisten. Je kan er een raad mee vullen. Dus let u op. En in januari hebben we de tweede cursusronde. Dus ik ben heel blij met het grote succes van deze cursus, initiatief ook van u en onze griffie natuurlijk. Fantastisch uitgevoerd. Dank. Dank aan onze cursusleider, dank aan onze cursisten. Ik sluit nu echt deze vergadering. Goedenavond.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 30 januari 2025.
Griffier
Voorzitter
drs. Eveline Hamelink-van Rens
drs. Pieter van de Stadt
26/26