[BV24.0083] Verslag van de commissie Ruimte van 8 oktober 2024
Tekst van het document
Dus die samenwerking die zetten wij graag voort om kennis binnen te halen die wij zelf niet hebben en die best practices te kunnen gebruiken in ons beleid. Dan denk ik als laatste, voorzitter, over het borgen. We willen die ambities dus vertalen in concrete doelstellingen. Nou, de omgevingsvisie is over gesproken, de doorwerking in programma's en de komende tijd willen we met de raad daar verder invulling aan geven. Er komen startnotities van de verschillende programma's eind dit jaar richting de raad en in 2025 worden de programma’s opgesteld. Daarin willen we dus ook proberen zo smart mogelijk die doelen te stellen zodat we daar ook op kunnen meten en toetsen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb veel gehoord. Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Dank u. Ik had op de valreep nog een interruptie voor de wethouder.
13/18
De voorzitter: Ja gaat uw gang. De heer Ruijtenberg: Ja, we hebben net meerdere keren gehad over het 30-30-30 wat door de vier ministerie als actieplan beschouwd wordt. Hoe kijkt het college daartegenaan? Wil het college zich daaraan committeren of is dat een stap te ver? De voorzitter: Mijnheer Muis. De heer Muis: Ja, bij ambtelijk zijn we ook nog aan het kijken van welk afwegingskader nationaal of regionaal geschikt is om daar standaarden uit over te nemen. Dus tegelijkertijd kunnen we ook zelf andere eisen stellen. Daarnaast, het regeerprogramma, die zegt aan de ene kant wel, de noodzaak en ambitie voor toekomstbestendig bouwen maar aan de andere kant zeggen ze, ja, doe lokaal vooral niet meer dan wat wij vanuit het Rijk verzinnen dus dat wordt nog wel een zoektocht dan. Dus we oriënteren ons op zeg maar wat er regionaal of landelijk aan kaders wordt bedacht om te kijken wat we daarvan over willen nemen, aan willen haken. De voorzitter: Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ja, mag ik dit vertalen als, we zijn nog aan het oriënteren of wij dit doen of dat wij zeggen van, nou, we gaan naar een lager percentage want hoger gaan we zeker niet komen. De voorzitter: Mijnheer Muis. De heer Muis: Ja, ik ga nu niet alle percentages noemen, dat lijkt me niet handig. Nee, dank u wel. De voorzitter: Even kijken, ik zag ook, ja, nog een keer mijnheer Ruijtenberg.
De heer Ruijtenberg: Ja, ik denk dat de wethouder de vraag niet heeft begrepen. Ik heb namelijk niet gevraagd van naar een concreet percentage maar van, bent u zich nog aan het oriënteren om daarmee te komen? Dat was de vraag. Oké. De voorzitter: Ik dacht dat ik de heer Scheringa nog even zag. Ook een interruptie. Ja? De heer Scheringa: Ja, dat klopt, voorzitter. Dank u wel. Ik vroeg me af of de wethouder nog misschien iets kan zeggen over, ik had een idee zeg maar, een vraag van om goed gedrag niet te belonen maar slecht gedrag te straffen zeg maar. In die zin van in plaats van dat je dus biobased of duurzaam, klimaatadaptief bouwen stimuleert, dat je het tegenoverstelde duurder maakt door bijvoorbeeld leges te verhogen. Ik snap dat we dat misschien niet in de gemeente kunnen doen maar misschien landelijk wel maar of het überhaupt mogelijk is vroeg ik mij af? De voorzitter: Mijnheer Muis. De heer Muis: Ja, dank, voorzitter. Ja, ik ben, en ik denk ook vanuit het college, dat we op zich wel de lijn volgen van de vervuiler betaalt. Alleen in het geval van leges, die mogen kostendekkend zijn. We hebben in het verleden ook groene leges gehad dus dat zijn wel dingen waar we naar willen kijken maar dat is dus meer het verleiden en niet per se het straffen.
Ik denk ook dat het straffen niet per se, daar geloof ik sowieso niet in, met mijn kinderen ook niet maar met collega's ook niet en met samenwerkingspartners ook niet, tenzij ze het heel bont maken. Maar dus je kunt volgens mij beter verleiden en in gesprek zijn. En het is echt niet zo dat wij de markt moeten dwingen, de markt denkt zelf al na, die zien die beweging ook. Dus straffen, daar geloven wij niet zo in. En bovendien, met leges gaan we dat zeker niet doen. De voorzitter: Even kijken. Volgens mij gaan wij naar de tweede sessie. Even zien, wie kan ik daar het woord geven? Gelet ook op de tijd. Mijnheer Ruijtenberg. Tweede termijn De heer Ruijtenberg: Ja, dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ik heb nog zeeën van tijd. Ik wilde eigenlijk de collega's bedanken hier voor hun toch in grondhouding positieve manier zoals ze dit beantwoord hebben. Ik merk dat er groot draagvlak is, ook in deze zaal, voor mensen. Ik wilde even kort ingaan op de vragen van de heer Hofman die die heeft gesteld. De eerste vraag is eigenlijk al beantwoord door mijnheer Krieger. Maar die eerste vraag van of we een opnemen van een verplichting belangrijker vinden
14/18
dan een snelheid, dat is eigenlijk een valse tegenstelling, het kan namelijk allebei. De heer Krieger heeft hem beantwoord, we weten inderdaad dat Waal contacten heeft in Oostenrijk, daarbij binnen zes weken een gebouw kan neerzetten. Dus het is echt een valse tegenstelling, het kan daarbij. Dan de tweede vraag die u daar gesteld heeft van, is het niet duurder? Nou, u heeft waarschijnlijk alleen Batenburg heeft u gehoord, die zegt, het is duurder. Aan de andere kant zegt Waal, het is helemaal niet duurder dan wat we zijn. Zoals met alle marktontwikkelingen, op het moment dat er meer vraag naar komt in de markt gaat het uitermate goedkoper worden, dus ook daar zijn we zeker niet bevreesd voor. Het kan goedkoper, het kan ook sneller, we zien daar alleen maar voordelen aan. Topprioriteiten, waar komen we dan mee? Ja, dat is te moeilijk om te beantwoorden. Zoals ook de wethouder aangaf, toekomstbestendig bouwen, we hebben in het begin heel erg gefocust op biobased bouwen maar het is veel meer. Het is en dat circulaire en het is CO2-opslag en het is hoe je aanlevering doet van de producten en het is klimaatadaptatie en energietransitie. En inderdaad, wat mevrouw Den Heijer zei en ook de wethouder, over mobiliteit. Dus je hebt geen prioriteit, het gaat om een mix waarin je samen wil werken om te kijken hoe je tot de beste dingen gaat komen daarin.
Dan heb ik nog één vraag voor de wethouder en dat is of hij ruimte zou zien in de huidige projecten voor bijvoorbeeld een centrale opslag voor zonnestroom? Dus geen contracten openbreken maar een extra dingetje. Dank u. De voorzitter: Ja. Mijnheer Hofman. De heer Hofman: Ja, dank u wel, mevrouw de voorzitter. Als u de heer Ruijtenberg nog even een paar seconden wilt geven voor een kleine beantwoording. De valse tegenstellingen, nou, ik had ze niet vals bedoeld maar ik wil u er wel even over bevragen. Want waar het eigenlijk om gaat is dat je jezelf als koploper zet je jezelf in de positie waarin het kan tegenvallen ten opzichte van je huidige praktijk. Dat is eigenlijk waar ik op doelde met mijn zogenaamde valse tegenstelling. Bent u bereid om die zeg maar kosten dan wel in snelheid, dan wel in financieel, wilt u daarvoor staan? De voorzitter: Mijnheer Ruitenberg, u krijgt … De heer Ruijtenberg: Ja, dan moet ik eigenlijk een tweeledig antwoord geven. Als GroenLinks zouden wij bereid zijn om daarvoor te staan omdat wij denken dat we koplopers zijn. Echter, we willen dit ook heel graag samendoen. Vandaar dat we ook contact hebben gezocht met de overige partijen om dit te doen. Wij denken dat wij heel realistisch gezien geen koploper kunnen zijn.
Zoals ook de wethouder aangaf, middenmoot en plus, ik denk dat dat het maximaal haalbare is wat we in de gezamenlijkheid hier moeten doen. Als GroenLinks, ja, als raad van Lansingerland denk ik dat we wat realistischer daarin zijn. De voorzitter: Mijnheer Hofman. De heer Hofman: Ja, een tweede termijn nog. Ja, nou, weet u, ik denk dat de heer Ruijtenberg en ik elkaar heel goed vinden, ondanks de valse tegenstelling claim. Want ik denk dat we er eigenlijk wel aardig hetzelfde in zitten. Hoe graag ik ook koploper zou willen zijn met onze gemeente, de realiteit is denk ik dat we niet alles voor het zeggen en te dicteren hebben. Maar dat we best die markt een beetje kunnen gaan pushen, stimuleren waar we kunnen. Daarin de flexibiliteit die de wethouder ook benoemde van, ja, jongens, je moet het niet allemaal gaan dicht regelen op een manier waarmee je de markt klem zet. Als ik zeg dat ik alles biobased moet gaan bouwen en iemand komt met een voorstel voor een dakkapel op een oud dak, daar moet een enorm pak isolatie tussen en dat keurt de welstand af, ja, dan schieten we ons doel voorbij zeg maar. Dus ja, pushen, maar in alle realiteit, ik denk dat we dan een heel end komen met zijn allen. Dank u wel. De voorzitter: Even kijken. Mijnheer Blonk. De heer Blonk: Ja, dank u wel, voorzitter.
Voorzitter, het belangrijkste wat ik van de wethouder heb gehoord is dat die zegt van, het toekomstbestendig bouwen, dat is ons beleid. Dat heeft die aangegeven en dat er op allerlei andere dingen maar in ieder geval is dat zeg maar het item waar het ook vanavond over gaat. Ik wil ten aanzien van kwaliteit van bouwen nog even terug naar heel lang geleden. Je had na de Tweede Wereldoorlog was er een enorm tekort aan woningen. Toen zijn er in de jaren ‘50 tot begin jaren ‘60 is er gigantisch veel gebouwd. En wat bleek later, niet zoveel later hoor, een jaar of twintig, dertig later, dat die kwaliteit abominabel was. Zo slecht dat ze na dertig jaar, is geloof ik bijna 80 procent van die gebouwen weer gesloopt. Nou, daar moeten we nooit in terechtkomen. Dat moet je niet willen dus je moet niet, vind ik, gaan beknibbelen op zeg maar toekomstbestendig bouwen. Dan kom je toch ook in de vragen van de ChristenUnie van ja, dat biobased bouwen, ja, dat gaat ten koste van snelheid of het kost meer en zo. De grootste vertraging in het bouwen van woningen die zit daar niet in, die zit in de procedure, in de planologische procedures. Als je nu begint met een stuk grond en je wil er wat gaan bouwen dan mag je blij zijn dat over acht jaar de bouw start of de sleutel na negen jaar
15/18
beschikbaar is. Dus we moeten ons niet blindstaren op van dat het ten koste gaat van snelheid of ten koste gaat van financiën. Nee, je moet het gewoon denk ik oppakken en de ontwikkelaars die weten dat ook heel erg goed. Die zullen, die gaan niet, die blijven niet slecht bouwen. Die willen niet zeg maar die garantie die ze een tien jaar moeten geven op zo’n woning die wettelijk vastgelegd is, die willen ze niet voor hun kiezen krijgen dat het fout is gegaan. Dus die gaan zeker mee daarin. Hebben we ook hier gehoord ook 28 september dus ik ben daar helemaal niet bang voor. Ik heb daar zeker ook geen angst voor dat dat fout gaat met ontwikkelaars. Ten aanzien van topprioriteiten, dat was want ik heb nu één, twee en vier gehad, die topprioriteit heeft collega Ruijtenberg ook al op gereageerd. Dus voorzitter, ik blijf dan weer, kom dan weer terug naar hoe ik eindigde in mijn eerste termijn en dat is van, ja, toekomstbestendig bouwen, laten we dat snel gaan doen. De voorzitter: Even kijken, tweede termijn. Wie nog meer? De heer Scheringa. De heer Scheringa: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, wat voor mijn fractie heel belangrijk is, is snel de woningcrisis onder andere oplossen. En we voelden ons ook, wij denken dat dat kan ook met toekomstgericht bouwen. We horen ook van andere fracties dat zij daar ook veel vertrouwen in hebben.
Dus ja, de toekomst begint nu zou ik zeggen dus ik sluit me aan bij mijnheer Blonk van, laten we nu beginnen. De voorzitter: Ja, dank u wel. Ja, ik wou alleen maar even concluderen ook dat we hier een heel welwillende raad hebben om met dat toekomstbestendig bouwen aan de slag te gaan. Dus ik denk dat het een hele mooie basis is ook voor het college, voor de wethouder om daarmee aan de slag te gaan. Dus bedankt allemaal ook. Mijnheer Jumelet van de VVD. De heer Jumelet: Ja, dank u. Ik deel natuurlijk wat er al gezegd is over toekomstbestendig bouwen maar ik denk dat het misschien ook nog een aandachtspuntje is en dat ook wel belangrijk is om mee te nemen natuurlijk de leegstand die we al hebben. Tot zover, tot op een bepaalde hoogte in onze gemeente ditkunnen gebruiken voor bijvoorbeeld een woningbouw. Ook het hergebruik van materialen die al bestaan dus die bijvoorbeeld fossiel zijn, in die zin bijvoorbeeld de bakstenen, et cetera, wat we al hebben liggen als het ware. Al bij bijvoorbeeld de sloop dat we dat ook stimuleren naar de markt toe om dat ook juist circulair in te zetten. In die zin ook dat we breed blijven kijken. Niet alleen van, we pakken alles bij een woonwijk maar ook juist te kijken van, joh, doe nou innovatief denken.
Niet alleen bijvoorbeeld over biobased maar ook om materialen die we al hebben liggen als het ware, dat we daar ook in blijven geloven als het ware. Want dat is natuurlijk, die hebben we al en dat zou natuurlijk zonde zijn om die weg te doen. De voorzitter: Ja. Eens even kijken, wie hebben we dan nog niet gehad? Ja, met overschrijding van de tijden maar … Mijnheer Krieger, u krijgt heel kort het woord. De heer Krieger: Ja, ik begrijp het, voorzitter. Maar ik wou de wethouder nog even danken voor zijn beantwoording. En fijn om te horen dat het college middenmoot plus, nou, daar is het CDA heel erg blij mee. Misschien koploper niet mogelijk maar middenmoot plus altijd nog beter dan de middenmoot. Daarnaast sluit ik mij aan bij collega Blonk en toekomstbestendig bouwen, laten we nu beginnen. De voorzitter: En mevrouw Boonstra krijgt van mij … Ook niet. Ga ik toch nog even naar mijn linkerbuurman want er is nog een vraag van de heer Ruijtenberg met name over de huidige contracten. Zit daar ruimte in en hoeveel? Beantwoording college De heer Muis: Ja, ik ga daar antwoord op geven, voorzitter. En tegelijk eventjes de afconcludering hier, we zijn bezig, dat kan ik niet vaak genoeg zeggen, we zijn aan de slag. Wat de heer Krieger zegt, we proberen aan te haken bij de koplopers maar we zijn er volop mee bezig.
Het kan natuurlijk altijd scherper, beter, meer kennis maar wij volgen die ontwikkelingen. Ambtenaren zitten daar middenin dus ik wil niet de suggestie wekken dat we morgen hiermee aan de slag gaan. Dan naar de vraag van de heer Ruijtenberg over de centrale opslag van zonnestroom in wijken. Nou, dat gaat zeker komen maar wij zien het, in het land zien we dat nog niet heel veel, een enkele pilot die gesubsidieerd moet worden. Maar we sorteren daar wel op voor door bijvoorbeeld auto's te clusteren zodat dat in de toekomst een laadplein kan worden waar je weer die auto's op één of andere manier als buurtbatterij kunt gebruiken. Dus het is wel goed om na te denken als iets nog niet kan, hoe kan je ruimtelijk dan wel stappen zetten zodat je in de toekomst niet denkt van, ja, hadden we nu maar ruimtelijk dingen anders aangepakt. Dank u wel.
16/18
De voorzitter: Dank u wel. De conclusie, ik heb gehoord van de wethouder dat wij in het najaar, en dat is nu binnenkort al aanwezig, de nodige startnotities krijgen en begin 2025 de programma's. En wij volgen dit op de voet, zoals menigeen dit aangegeven heeft. Ik sluit hierbij het bespreekpunt. 6. Stukken ter advisering aan de raad De voorzitter: Dan gaan wij over tot punt 6 van de agenda, stukken ter advisering van de raad. Ja, er zijn geen stukken van het college gekomen dus daar kunnen wij heel kort mee zijn. Dat is afgehandeld bij deze. 7. Actualiteiten uit het college De voorzitter: Actualiteiten uit het college. U heeft de voortgangsrapportage gezien van alle commissies en daar is één punt voor in de actualiteiten. Ik zag hier staan over scooters. Heeft iemand daar nog een vraag over? Niemand? Nou, dat is prettig. Maar er zijn nog wel even vanuit wethouder Muis, die heeft nog een tweetal mededelingen volgens mij. Mijnheer Muis. De heer Muis: Ja, voorzitter, dat klopt. Eén over de Zuidersingel en één over de startersleningen. De Zuidersingel, daar heb ik gisteren een constructief gesprek gehad met enkele bewoners waaronder ook de inspreker uit de commissie. Ik heb met hen een aantal zaken gedeeld en die zal ik ook met u delen zodat we allemaal dezelfde informatie hebben.
Ik heb ze nog één keer natuurlijk ook weer teruggekoppeld wat de toezegging is geweest in de commissie, dus om met bewoners in overleg te gaan over het terugbrengen van de groene uitstraling van de Zuidersingel. Dat we hun input daarin meenemen maar ook die hier in de raad in de commissie is gewisseld. Intern is er opdracht gegeven om een projectgroep samen te stellen en na te denken over de scope van dit project omdat dit een nieuw project is. Er komt een plan van aanpak. Als de projectleider een participatieplan heeft gemaakt gaan we dat delen met de bewoners die ik heb gesproken maar natuurlijk ook met alle bewoners. Dus we gaan natuurlijk kijken naar het gebied, hoe we via burgerparticipatie alle wensen en ideeën voor die vergroening van de Zuidersingel op kunnen halen. Want we willen natuurlijk wel, als we wat gaan doen, dat dat op breed draagvlak kan rekenen. En dan beginnen we met een heleboel scenario's uit te werken en die zullen wij terugbrengen. En dan zullen we met enkele scenario's terugkomen naar de commissie waar het aan u is om op basis van de uitkomsten, de financiën en de plussen en de minnen een keuze te maken. Dat is punt één. Gaan we naar punt twee. De voorzitter: Ja, punt twee. De heer Muis: De starterslening, u welbekend.
Het punt is, in de zomer ontvingen wij nog een aantal aanvragen en dat is niet zo verwonderlijk omdat wij natuurlijk ook bezig zijn met allemaal mooie huizen in de verkoop te zetten op Wilderszijde. Alleen daardoor is het budget fonds starterslening voor 2024 uitgeput op dit moment. Er zijn een enkele, op zich is dat heel goed nieuws, alleen er zijn enkele mensen die daar ook graag voor in aanmerking zouden komen. En in principe is natuurlijk afgesproken met u als budgethouder op basis van de verordening, op is op. Dat willen wij niet doen dus wij zijn voornemens sowieso met een evaluatie de verordening voor komend jaar te verlengen, dus voor 2025. Maar wij zouden graag ook deze aanvragen die er nu liggen behandelen, dus in behandeling nemen, en een klein beetje marge als er nog enkele zouden komen. Dus in overleg met de griffie kijken we of we snel een voorstel naar u toe kunnen brengen en dan later dit jaar, dan komt het raadsvoorstel voor de verordening voor de starterslening te verlengen voor 2025. Dus, nou, ik kijk even rond, ik zie instemmende … Ja, ik zie een vraag. De voorzitter: Ik zie ook iemand. Mijnheer Xhemaili. De heer Xhemaili: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, goed, dit doet me deugd om te horen dat de starterslening goed wordt gevonden in Lansingerland. Op mijn verzoek hebben we ooit een amendement ingediend om de leeftijd los te laten bij de starterslening.
En ik vroeg me af of u inzicht heeft wat de leeftijdscategorie is waarvan de starterslening wordt gebruikt? Ik kan van harte, nou ja, meegaan met het verlengen van de starterslening en ook extra voor dit jaar. De voorzitter: Nou, mijnheer Muis. De heer Muis: Nou, ik heb het een keer gezien maar ik weet het echt niet meer. Dus als u dat wilt dan zoeken we dat op dus dat moet bekend zijn. Nog even goed om te noemen, het is ons voornemen om te proberen, omdat dit redelijk urgent is, het in de raad van oktober rechtstreeks in de raad te brengen als u dat goed vindt. Ik hoop dat dat lukt ook ambtelijk om dat raadsvoorstel zo te maken. Ja, lukt dat niet, dan wordt het november. Maar dus de inzet is om even dus niet in de commissie maar vanwege de urgentie direct in de raad. Dank u wel.
17/18
De voorzitter: Wordt vervolgd. Dan hebben we punt 7, actualiteiten uit het college gehad. 8. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Ik ga naar de actualiteiten uit de commissie en ik denk dat mevrouw Boonstra iets wil vertellen. Maar dan ga ik dat verbinden aan de verbonden partijen bij nummer 9. Tenzij iemand nog iets heeft uit de commissie maar volgens mij was daar niemand voor? Nee? 9. Verbonden partijen De voorzitter: Verbonden partijen. Mevrouw Boonstra, aan u het woord. Mevrouw Boonstra-Becker: Ja, dank u wel, voorzitter. Inderdaad voor de verbonden partijen. Ik heb afgelopen weken contact gehad met de ambtenaar in voorbereiding op de dagelijks bestuursvergadering van het recreatieschap. Daar kwamen een paar punten uit tevoorschijn die besproken zijn. De eerste is met betrekking tot het ezelsbruggetje. Zoals u weet heeft de heer Gillen besloten om te stoppen hiermee. Inmiddels is het terrein leeg en worden de voorbereidingen getroffen voor tijdelijk beheer zodat het veilig blijft voor de omgeving. In de komende maanden wordt er gewerkt aan een integrale verkenning van het gebied om het bestuur een suggestie te doen voor verdere ontwikkeling. Onderdeel hiervan is een participatietraject, bewoners, ondernemers, enzovoorts worden gevraagd naar hun ideeën voor de inrichting.
En op dinsdag 26 november is er dus een inloopbijeenkomst, verkenning middengedeelte Bleiswijkse Zoom in Bleiswijk. De plaats wordt op een later datum bekendgemaakt in Bleiswijk maar de datum ligt dus al vast. Er is een nieuwe wethouder voor Rotterdam na het vertrek van de heer Karremans en dat is wethouder Pascal Lansink-Bastemeijer en die is sinds gisteren dus voorzitter van het recreatieschap. Het recreatieschap heeft een perceel in het Hoekse Park West aangekocht. Dat is al bekend bij de mensen die op 6 september meegefietst hebben met de route in groene gedeeltes van Lansingerland. Dat stuk is op dit moment nog verpacht aan boerderij Lansingerland maar het perceel is een kans om uitvoering te geven aan de versterking en uitbreiding van het recreatiegebied, zoals beoogd in het ontwikkelplan. Nog een paar kleine andere puntjes. Een bezoeker heeft Staatsbosbeheer gevraagd waarom er in het Hoge Bergse Bos minder bankjes staan dan in andere delen? Dat bleek zo te zijn. Er worden veertien bankjes bijgeplaatst. De financieel controller geeft in het dagelijks bestuur van 7 oktober een toelichting op de begroting van 2025. Er zijn op dit moment geen problemen te verwachten met betrekking tot de begroting van het recreatieschap. De toekenning van de subsidie van de provincie is nog niet 100 procent zeker maar wordt wel verwacht en die heeft geen invloed op de deelnemersbijdrage.
De Stichting Rotte Partners die heeft zich opgeheven per 1 juli. Heeft dus de ambtelijk secretaris het beheer van de website en de sociale mediakanalen tijdelijk overgenomen. Als duidelijk is wat er met het platform ‘Ook dit is de Rotte’ gaat gebeuren worden de werkzaamheden overgedragen aan een externe partij. En dat waren op dit moment de punten. De voorzitter: Dank u wel. Ja, hier mag u een vraag over stellen. Aan mevrouw Leijendekker aan mevrouw Boonstra. Mevrouw Leijendekker: Ja, u gaf aan dat er actief bezig werd gegaan met de inrichting van het terrein rond het ezelsbruggetje. U gaf daar ook aan dat daar ook participatie op gaat plaatsvinden. En in diezelfde plezierige groene tour die we mee hebben gemaakt zijn wij ook naar die MBO-school geweest. En wij zagen bij de MBO-school heel veel ambitie om mee te werken aan eventuele continuïteit van het terrein van de activiteiten. Wordt ook die MBO-school nog betrokken bij de ideeënvorming rond het ezelsbruggetje? De voorzitter: Mevrouw Boonstra. Mevrouw Boonstra-Becker: Ik ga ervan uit dat de ambtenaar dit meeneemt. De voorzitter: Dank u voor uw toelichting over dit punt. 10. Rondvraag en sluiting De voorzitter: Dan gaan we over naar punt 10 van de agenda. Rondvraag heb ik al gemeld, die is er niet. En dan kijk ik naar de klok. Nou zeg, keurig, ruim op tijd, half tien met vier minuten eroverheen.
Ik dank u voor uw inbreng en voor de discussies en ik zou zeggen, nog een hele prettige avond want de avond is nog de komende uren. Dank u wel.
18/18