[BV24.0065] Verslag raadsvergadering van 11 juli 2024
Tekst van het document
VERSLAG Gemeenteraad
BV24.0065 Datum vergadering
: BV24.0065 : 11 juli 2024
Aanwezig in de raadszaal Raadsleden Leefbaar 3B : Don van Doorn, Marjolein Gielis, Jan Pieter Blonk, Leon Erwich, Johan Philippens, Machiel Crielaard, Jean-Paul Meuldijk WIJ Lansingerland : Jan Jumelet, Bianca Boonstra, Jan Alsemgeest, Adelkarim Afalah, Mark Bik CDA : Jan-Willem van den Beukel, Nelleke Bouman, Charles van Harn, Job Halkes, Rita Leijendekker VVD : Marloes Draak, Ed van Santen, Ivo de Graaf, Christiaan Toussaint D66 : Ineke den Heijer (va 20.51u), Brecht Weerheijm, Ronald van der Stad CU : Kees-Willem Markus, Paul Lieverse, Arjen Hofman GroenLinks : Marko Ruijtenberg PvdA : Hamid Azzouzi VOOR Lansingerland : P. van Olst Wethouders
: Michiel Muis, Titia Cnossen, Simon Fortuyn en Leon Hoek
Voorzitter Griffier
: Pieter van de Stadt : Eveline Hamelink–van Rens
Afwezig CDA VVD WIJ Lansingerland
: Dave Bergwerff : Matthijs Machielse : Ton Jansen
1. Opening en mededelingen De voorzitter: Goedenavond, het is vandaag eens even kijken donderdag 11 juli acht uur. Ik open de vergadering van de gemeenteraad van Lansingerland en heet u allen welkom. Welkom aan iedereen op de publieke tribune, gasten van de raad ook. Welkom raadsleden, collegeleden, griffie, ambtelijke ondersteuning en natuurlijk een welkom voor diegenen die thuis meekijken met onze vergadering. We hebben vanavond bij de mededelingen, te melden dat de heer Bergwerff en de heer Machielse afwezig zijn. En dat er de aankondiging is dat de heer Van Doorn en mevrouw Den Heijer elk moment kunnen binnenvallen. De heer Jansen komt mogelijk nog later. En de heer Markus die komt altijd op dat startschot binnenvallen, dus die verwachten we zeker elk moment. Dan hebben wij nog de mededeling dat we vandaag niet zullen projecteren bij de moties en amendementen in de nulde termijn, die wij hebben bij agendapunt 8.a of bij het indienen gewoon in eerste termijn bij agendapunt 8.b. En dat heeft alle redenen dat de heer Nachtegaal van onze griffie het alleen moet doen. En anders heeft hij zoveel schermen en taken, dat wij bang zijn dat niet de heer Nachtegaal, maar wel onze ICT ons in de steek gaat laten.
Dus om het risico op fouten te vermijden en omdat het maar twee moties en amendementen zijn in de nulde termijn, vraag ik de indiener straks gewoon weer klassiek het dictum even voor te lezen. 2. Trekken van lot ter bepaling van het raadslid bij wie een eventuele stemming zal beginnen De voorzitter: Agendapunt twee. Het lot wie als eerste zal stemmen, mag stemmen, als we hoofdelijk zouden stemmen. En dat is de heer Bik geworden. 3. Vragenhalfuurtje raadsleden De voorzitter: Voor het vragenhalfuurtje raadsleden agendapunt 3, heeft niemand zich gemeld.
1/30
4. Spreekrecht voor niet-raadsleden De voorzitter: En voor het spreekrecht voor niet-raadsleden agendapunt 4, heeft ook niemand zich gemeld. 5. Vaststelling van de agenda De voorzitter: Dus daarmee komen wij bij het vaststellen van de agenda. Is er iemand die daarover het woord wil? Dat is niet het geval, dan stellen wij de agenda vast zoals die voorligt. 6. Vaststelling van het verslag van de vorige vergadering De voorzitter: Dan zijn we bij het vaststellen van het verslag van de vorige vergadering, agendapunt 6. Iemand daarover? Geen wijzigingen binnengekomen, in ieder geval stellen we ook het verslag vast. 7. Lijst ingekomen stukken De voorzitter: En dan agendapunt 7, de lijst ingekomen stukken. Iemand daarover? Ook niet het geval, stellen we ook de lijst ingekomen stukken vast. 8. Bespreekpunten De voorzitter: Dan zijn we bij agendapunt 8, de bespreekpunten. 8.a Inwerkingtreding spreidingswet De voorzitter: Als eerste agendapunt 8.a, de inwerkingtreding van de spreidingwet. Vandaag spreken wij over de Lansingerlandse taak op basis van de nog altijd geldende spreidingswet. We hebben een opgave om zo'n vierhonderdvijftig mensen te huisvesten. Eerder heeft de raad besloten tweehonderd mensen tijdelijk op te vangen, hier achter het gemeentehuis op Wilderszijde.
En het voorstel nu is met het oog op de spreidingswet ligt het voorstel voor om daar driehonderd van te maken, een uitbreiding waar eerder rekening mee gehouden is. Er zijn al meerdere debatten over gevoerd en er is ook de nodige informatie, ook extra informatie aangeleverd bij de raad. En vandaag is het tijd om dan over dit punt te besluiten. Besluit is dan ook het wat we noemen, de Tobias 2, de nieuwe opvang van tweehonderd naar driehonderd uit te breiden. En tegelijkertijd de Tobias 1 nog uit te breiden met de tien plaatsen van de gemeenschappelijke ruimtes die vrij zouden kunnen komen. Daarover wordt de raad om een oordeel gevraagd en daarover is gediscussieerd in de commissie en daaruit volgt dat er één amendement en een motie zijn aangekondigd. En daarom ga ik eerst naar de fractie van WIJ Lansingerland om het aangekondigde amendement in te dienen. En dat is de heer Afalah. Mijnheer u heeft het woord. Nulde termijn De heer Afalah: Ja, dank u wel voorzitter. Wij dienen een amendement in. Het gaat over, even kijken. We stellen voor beslispunt twee de huidige crisisnoodopvang locatie Tobias 1, tot 1 januari 2025 te laten staan. En het aantal opvangplekken te verhogen van vijftig naar zestig opvangplekken. Dat willen we graag vervangen door deze tekst.
De huidige crisisnoodopvang locatie Tobias 1 te sluiten, op het moment dat de nieuwe noodopvang locatie op Wilderszijde de Tobias 2 geopend wordt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Afalah. En dan gaan we naar de aankondiging van de motie, mijnheer Afalah nog een keer. De heer Afalah: Deze is mede ingediend door Paul Lieverse van de ChristenUnie. Dank u wel. De voorzitter: Om het helemaal volledig te maken. Voor de aangekondigde motie gaan we naar de fractie van het CDA. Wie kan ik daarover het woord geven? Dat is de heer Van den Beukel.
2/30
De heer Van den Beukel: Voorzitter, dank u wel. De motie is mede ingediend door de heer Lieverse van de ChristenUnie. Die heeft het volgende dictum. Verzoekt het college om zich bij het integrale onderzoek naar locaties voor de huisvesting van asielzoekers, Oekraïners, statushouders en spoedzoekers, in eerste instantie te baseren op goede ruimtelijke ordening volgens de kaders van onze Omgevingsvisie. De voorzitter: Dank u wel, dat in nulde termijn. Eerste termijn De voorzitter: Dan gaan we naar de eerste termijn van de raad. En dan beginnen wij met de indieners zodat ze ook een toelichting kunnen geven, op hun eigen dan wel reageren op de ander. We gaan eerst naar de fractie van WIJ Lansingerland. En de heer Afalah. De heer Afalah: Ja, dank je wel voorzitter. Ja, we gaan natuurlijk niet hier de discussie over doen. We hebben het er vaak over gehad. Wat ik in ieder geval wel kwijt wil, is dat ik het altijd best wel prettig heb gevonden om hier met elkaar daarover te spreken. En ik snap natuurlijk dat we hebben verschillende argumenten, zijn verschillende meningen binnen deze raad. Dat wilde ik gezegd hebben. Dan ga ik over op gewoon reageren alleen op de op amendement en de motie. Wat betreft amendement wat wij ervoor mee willen bereiken is, ik stel me voor dat straks Tobias 2 open is.
En ik ga ervan uit en dat wil ik ook weten van het college of dat ook klopt mijn uitgangspunt, dat de mensen die op dit moment op Tobias 1 wonen dat die direct verhuizen als eerste naar Tobias 2. Dan heb je een situatie dat Tobias 1 leeg komt staan. En het college wil nu op dit moment naast het feit dat ze Tobias 2 wil ophogen van 200/300, willen ze ook Tobias 1 en ophogen naar 60 en ook nog verlengen tot 1 januari 2025. Zoals eerder ook aangegeven door mijn fractie, vooral punt twee met name hebben we gewoon moeite mee. En dat heeft echt te maken puur omdat wij niet een situatie willen creëren en ook niet mee willen werken aan de situatie, waarbij mensen van hort naar her worden verhuisd. Door het hele land en dat gaat dan kwetsbare mensen die gevlucht zijn voor oorlog, geweld en achtervolging. En dat willen we gewoon hier voorkomen door hieraan mee te werken, door mensen ergens in september hier naartoe te brengen en dan op 1 januari te zeggen van joh Tobias 2 zit vol. Jullie moeten weg. En dan moeten ze weer verhuisd worden. En wat we ook niet willen, dat wil ik ook wel weten van het college hoe zij daarover denken. Hun idee daarachter om de Tobias 1 langer open te houden van joh, wat gaat er met die mensen gebeuren? En dat is wel wat onze zorg is. En dat is de reden eigenlijk waarom wij met dit amendement zijn gekomen.
Voor de rest volgens mij hebben we met elkaar uitvoerig uitgewisseld wat de voor- en nadelen hiervan zijn. Dan wil ik, moet ik reageren ook op de motie? Ja. De motie van CDA dank daarvoor en van ChristenUnie. De motie die hebben we bestudeerd. Ik op dit moment heb ik wel een aantal vragen, ook aan de indieners. Belangrijke vraag we hebben het over de Omgevingswet en mijn vraag is gaat het nou om de Omgevingswet 1.0 of 2.0? En ik ben ook benieuwd van joh als wij deze motie hier aannemen in deze raad. Wat betekent dat nou praktisch gezien voor hoe wij het op dit moment doen, wat gaat er nou praktisch veranderen? En daar wil ik heel graag van de indieners van weten en dan wil ik ook graag weten wat het college erover denkt. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u voorzitter. Ik wilde de heer Afalah laten het zijn verhaal afmaken, maar ik ga terug naar het amendement. Is de heer Afalah bewust ervan, dat hij 60 opvangplekken ontneemt aan mensen die dat nodig hebben? Los van de menselijke maat die nu gezegd wordt of dat handig is. Maar het is noodopvang, dus dat is voor die mensen is ook belangrijk dat zij opgevangen worden. Hoe denkt hij daarover? De voorzitter: Mijnheer Afalah. De heer Afalah: Nou ja, nee daar ben ik mij heel erg bewust van.
Tobias 1 is ooit opgezet als crisisnoodopvang voor vier maanden, met een verlenging voor twee maanden. Het college heeft ook
3/30
duidelijk aangegeven, deze opvang is niet geschikt voor een opvang langer dan twee jaar. Toen wij het gingen verlengen en het is een paar keer verlengd. En ik vind het nog steeds ben ik door mij eens, deze opvang is ook niet geschikt voor langer dan twee jaar. En natuurlijk zijn er altijd situaties te bedenken waar het slechter is. Alleen ik vind wel dat wij hier met elkaar een besluit hebben genomen, destijds met bepaalde voorwaardes en bepaalde argumenten. En we hebben ook het besluit genomen op Tobias 2 om daarmee te starten, met ook een van de voorwaardes dat Tobias 1 dicht zou gaan omdat die niet geschikt is voor deze opvang. En buiten het feit, ik gaf het al aan. Ja, ik vind gewoon ik vind het zelf persoonlijk, maar dat deelt mijn fractie met mij. Niet menselijk om mensen ergens anders hiernaartoe te halen en dan na twee, drie maanden te zeggen van joh ga maar weer ergens anders naartoe aan de andere kant van het land. En dat moeten ze oplossen in Den Haag, daar gaan wij niet over. De voorzitter: Nogmaals de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel voorzitter. Die menselijke maat, dat is duidelijk. Die mensen die hebben gewoon nu, die zitten nu in problemen dus die menselijke maat is er nu niet. Dus mijn vraag is waarom gaan we nou op een puntje van het college zetten en dan gaan we tegen het college zeggen je moet het zo regelen en zo regelen. Het college.
Ik neem aan dat wij vertrouwen hebben in het college, dat zij dat goed hebben uitgezocht en dat zij dat gaan uitvoeren. De voorzitter: De heer Afalah. De heer Afalah: Nou ja ik ben, ik heb heel veel vertrouwen in het college. En volgens mij mogen we best wel trots zijn, op wat we hier met elkaar hebben bereikt. We hebben hier met elkaar ervoor gezorgd dat hier 200 opvangplekken komen. En wij willen heel graag naar die 300 toegaan en daar mogen we trots op zijn. Dat is onze bijdrage die wij leveren. En ik denk dat ze daar heel blij mee zijn elders in het land. En dan geef ik aan ook een beetje vertrouwen en hebbende in ook andere plekken, andere gemeentes die ons moeten gaan helpen. Wij doen op dit moment, dit gaan wij doen en dat kunnen we goed denk ik. En ja en als dat goed gaat in de toekomst, je weet maar nooit wat er gaat komen. De voorzitter: U was toch bezig met de bespreking van de motie, of was u daar klaar mee? De heer Afalah: Nee, ik ben er klaar mee dan kom ik op tweede termijn terug. De voorzitter: We gaan naar de heer Van den Beukel, CDA. De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter dank u wel. Voorzitter, we gaan het debat niet overdoen, maar ik denk dat het wel tijd is om kleur te bekennen vanavond en dat ook te doen met een zekere context.
Dus als u mij toestaat, wil ik toch wel een paar woorden wijden in waar we staan, wat de afweging is en wat de conclusie zou zijn van het CDA Lansingerland. Want wat blijft? Dat is nog wel dilemma en dat willen we wel afpellen en ons niet verschuilen achter drogredenen. Want fatsoenlijke politiek is ook moedig voorzitter. De afweging is dat enerzijds Ter Apel niet opgelost is, het lijkt even zo maar er wordt al gezegd ook vanuit regeringskringen dat van de zomer er weer mensen in het gras zullen slapen. Veel partijen waaronder de mijne die vinden echt dat de instroom van asielzoekers omlaag moet en ook de uitstroom omhoog. Dat integratie beter moet en ook strenger moet. Maar weet u voorzitter, gezinnen soms zelfs met kinderen die moeten niet in het gras hoeven slapen in Nederland, dat is een kwestie van fatsoen. En dat is een ondergrens waar gemeenten samen voor staan uiteindelijk. Het zijn gemeentes die die opvang regelen. Dat is één. Het tweede is voorzitter, dat er is ook nog eens een keer een wet die ons verplicht tot de opvang van 446 asielzoekers. Ik werd vanmiddag gebeld door een mevrouw hier uit Bergschenhoek en die had gehoord dat mevrouw Faber had gezegd de wet geldt niet meer. Mevrouw Faber is denk niet helder geweest naar communicatie of er is iets meer anders misgegaan, maar die wet geldt wel.
Die wet geldt nog heeft juist ook mevrouw Faber gezegd en onderkend waarschijnlijk minstens een jaar, want zoveel tijd is er nodig om de Tweede Kamer en de Eerste Kamer die wet te laten intrekken. En tot dat moment hebben wij die taakstelling. En juristen zeggen dan de wet is hard, maar
4/30
het is de wet en ik zeg dat ze na. En voorzitter over mevrouw Faber gesproken, ook daar hecht ik aan dat te melden. Ik las net op nos.nl dat in Hoevelaken waar zij kennelijk woont, een partijgenoot van mij voor verrader en farizeeër is uitgemaakt. Omdat hij een voorstel steunde om daar een azc te vestigen door mevrouw Faber. Die nu verantwoordelijk is voor het COA en als verantwoordelijke voor het COA vraagt, kunt u alstublieft toch een azc realiseren? Niet fraai. Voorzitter de andere kant van de medaille is. Dat het college een voorstel doet deed doet dat in eerste instantie veel vragen opriep. En deze week en ook ietsje eerder al kwamen daar antwoorden op, op die langverwachte antwoorden op die vragen. En ook daar hecht ik aan om die even kort langs te lopen. Want er waren ook technische vragen, de meeste mensen krijgen dat niet mee. Één van de zaken was er komen ook gezinnen met kinderen in het asielzoekerscentrum en die hebben onderwijs nodig. Er was geen helderheid in eerste instantie over afspraken en er blijken goede heldere afspraken zijn gemaakt, met zowel primair onderwijs als met voortgezet onderwijs. Dus dat is goed. We hadden ook een zorg over de zorg, gaat een azc drukken op de zorginstanties in Bergschenhoek. Want soms is zijn er wachtlijsten nu al, bij huisartsen en als dat erger wordt, dan hebben we daar uitleg over te geven.
Wat blijkt, het COA heeft een eigen eerstelijns zorgverlening in huis 24 uur per dag op locatie. En daardoor heeft het college ons verzekerd, ontstaat er geen druk op de zorg in Bergschenhoek of elders in Lansingerland of de regio. Werk, ook zo'n factor wordt ook veel gevraagd aan mij. En hoor je ook veel in de samenleving mogen ze dan wel een beetje werken. Want die Oekraïners dat is zo goed die werken, gewoon voor de kost en dat kunnen ze, dat is goed voor hen, is goed voor de samenleving. Dat heeft het college gecommuniceerd. Er komt een balie samen met uitzendbureaus en met werkconsulenten, voor het aan het werk helpen van asielzoekers. Ook een goede zaak. En tot slot. Als er in de punten in de categorie draagkracht, hebben we een vraag gesteld over veiligheid. Is er nou een plan en hoe is daar aandacht aan geschonken? Ook daar blijkt er is een plan, dat is gecommuniceerd, dat is overlegd in een driehoek. De burgemeester neemt die verantwoordelijkheid hij ziet erop toe. En zowel het gaat het om de veiligheid van de bewoners van het asielzoekerscentrum, als van onze inwoners van Lansingerland. Ook daarvoor zijn onze vragen beantwoord. Deze zaken lijken op orde en we zullen daar zeker op toezien als CDA, dat ze dat ook in de praktijk zullen blijven. Dan nog twee zaken die in het debat zijn gewisseld en waar een conclusie aan te verbinden valt.
Ging over regiogemeentes, solidariteit hebben we ook gevraagd van andere gemeentes in de regio. Dan hebben we een staatje gekregen op verzoek van collega van WIJ Lansingerland van gemeentes, van hoeveel ze zouden doen. En we hebben een paar zijn we wat verder op ingezoomd, omdat we dat toch goed wilden snappen hoe dat dan zat. Eerst leek het in de communicatie alsof Delft niks deed. Grote stad, nabijgelegen, zou gek zijn. Wat blijkt Delft deed in het verleden niks, dat ze zeiden we hebben weinig grondgebied, maar nu vangen ze daar honderden asielzoekers op. Andere gemeenten die de revue passeerden, Vlaardingen doet op dit moment geen asielzoekers, maar wel 1000 Oekraïners. Kortom daar zijn wij eigenlijk wel gerustgesteld, dat er in deze regio solidariteit wordt betoond wordt betoond. Niet door de gemeente Westland overigens. Dat is wel een oproep die ik ook doe, om daar ook een been bij te trekken want dat is niet fraai om je helemaal aan die verantwoordelijkheid te onttrekken. Voorzitter, dan bleef er nog één punt over en daar gaat onze motie ook over. Het ging over regie. Er zijn veel plannen die recent zijn gemaakt en ook nog de komende tijd worden gemaakt. Eerder is gecommuniceerd, er liep een opdracht voor de huisvesting van Oekraïners en spoedzoekers.
Gemeentebreed werd en wordt gezocht waar kunnen we spoedzoekers, waar kunnen we Oekraïners huisvesten? Ook bleek een paar maand geleden gecommuniceerd dat we achterlopen met het huisvesten van statushouders. Wederom een gemeentebreed onderzoek naar mogelijke locaties waar die kunnen worden gehuisvest. In dit voorstel wederom daar staat, ik citeer een kort stukje. Voor de middellange termijn zal de gemeente moeten zoeken naar locaties met ruimte voor structurele opvang. Dat betekent minimaal vijf jaar, want dat is hier niet het geval voor de hele taakstelling en wellicht zijn er mogelijkheden om te combineren met die andere doelgroepen. Kortom, drie onderzoeken die allemaal heel Lansingerland afzoeken, afstruinen naar mogelijke locaties voor flexwoningen. En daar hebben we die zorgen over geuit. En daar gaat die motie over, voorzitter. Want als een onderzoek plaatsvindt, dan moet het wel plaatsvinden binnen kaders die deze raad heeft gesteld. En het kader dat heet eigenlijk de Omgevingsvisie en nu is de Omgevingsvisie 1.0 van kracht en straks 2.0 en een paar jaar later weer 3.0 en misschien maar 1.5. Maar dat maakt niet uit wat voor cijfer erachter hangt, uiteindelijk is er maar één ding wat van belang is. We hebben een Omgevingsvisie en de Omgevingsvisie die op dit moment van
5/30
kracht is of op een later moment. Dat zou het kader moeten zijn waarbinnen het college in eerste instantie wordt gevraagd, wat ons betreft om te zoeken naar locaties voor opvang van deze doelgroepen. En waarom hechten we daar nou aan, voorzitter. En we zien toch dat ook door kaders uit deze raad, die doelgroepen meestal worden opgevangen voor minstens 10 jaar. Dat is dus niet eventjes een paar flexwoningen. Dat is iets wat langdurig invloed heeft op de fysieke inrichting van Lansingerland. Dat maakt dus uit voor inwoners, ondernemers, mensen die hun vertrouwen ontlenen aan de Omgevingsvisie. Of ze daar wel of niet op kunnen rekenen, want als er buiten de kaders plotseling op allerlei plekken locaties verschijnen geeft dat een gevoel van onzekerheid. Dus daarom zeggen we ook in de motie in eerste instantie streven naar daar binnen te blijven. En dan antwoord ik ook op de heer Afalah, dacht dat het was die vroeg wat betekent het nou in de praktijk? Ja, betekent wat ons betreft in de praktijk dat het college duidelijk maakt in de uitkomst van zijn onderzoek, op welke manier dat binnen het kader van de Omgevingsvisie past. Of mochten de opties die ze voorleggen daar niet binnen passen, dat ze dat helder aangeven hoe dat er niet binnen past en hoe ze proberen het alsnog zoveel mogelijk wel daar binnen te laten vallen.
Want het kan zijn dat we moeten afwijken van de Omgevingsvisie omdat nood breekt wet, we wel een opdracht hebben die even ruimtelijk toch niet leek te kunnen. Daar wordt dan dus duidelijkheid aangegeven. De voorzitter: Ik ga naar de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u voorzitter. Ik ben benieuwd naar de mening van het CDA als ja … Ik heb de motie gelezen en ik maak me zorgen dat het vertragingen gaat veroorzaken in het proces. Ik ga wel ervan uit dat het college gewoon volgens de geldende beleid en kaders handelt. Dus is het CDA. Denkt het CDA ook niet met mij dat dat kan zorgen voor vertraging van dit soort processen. De voorzitter: De heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter eigenlijk niet nee, is het antwoord. Ik zal uitleggen waarom. Ten eerste locaties die binnen de Omgevingsvisie geschikt zijn voor woningbouw en die zijn naar hun aard en ook planologisch door mede overheden aangemerkt als iets wat geschikt is voor woningbouw. Dus als je daar flatwoningen zou vestigen, ja dan gaat niemand daar verder nou niemand, dan gaan minder partijen daartegen ageren dan wanneer je buiten die kaders valt. Het voorbeeld is, denk ik LOO 2 daar is deze raad voor en dat is prima, dat is een democratisch besluit geweest. Maar de provincie zegt daar zijn we door verrast, daar gaan we over nadenken.
Dus je ziet in de praktijk dat juist buiten die kaders je bewegen, dat kan zorgen voor vertraging planologisch. En waar we om vragen, is niet om totaal binnen de kaders per definitie te blijven, nogmaals er staat in eerste instantie. Maar wel om aan te geven wat er wel binnen past en wat er niet binnen past. En dat is informatie voorzitter, zou ik zeggen, die binnen het huis toch ruim aanwezig is, omdat iedereen hier de Omgevingsvisie onder zijn nachtkussen heeft liggen. Dat is namelijk het vigerend beleid. Dus daar je op oriënteren, dat lijkt me eigenlijk niet zo ingewikkeld. Dus voorzitter, tot slot dat is de motie die wij voorstellen aan deze raad. Die ons comfort voor zou geven bij dit bij dat zoekproces en als die motie aangenomen wordt, zouden we daar zeer verheugd over zijn. Los van de vraag of deze motie aangenomen wordt, ja of nee. Kunnen wij om de redenen die ik heb genoemd, instemmen met het collegevoorstellel. Waar we niet mee kunnen instemmen voorzitter, geef ik maar vast weer en mee. Is met het amendement van de collega's. De argumentatie heb ik eerder gegeven, dus ik zal het niet helemaal herhalen. Komt er in het kort op neer, in het hele land is onderaan de streep een tekort aan opvanglocaties. Er zijn waarschijnlijk nog wel slechtere locaties dan Tobias 1. Slapen in het gras lijkt mij bijvoorbeeld een slechtere optie dan Tobias 1.
Dus vanuit het COA geredeneerd, vanuit ons land geredeneerd, lijkt het ons niet verstandig om Tobias 1 nu te sluiten. Ik snap alle argumenten voor, ik respecteer ze ook zeer. Maar als je dus op een weegschaal legt dan zeggen wij laat het COA beslissen welke locaties het slechtst zijn, laten we die meteen sluiten. Als Tobias 1 dat is per morgen sluiten graag. Mocht dat niet zo zijn, dan denken we dat we er goed aan doen om die voorlopig open te houden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Lieverse fractie van de ChristenUnie.
6/30
De heer Lieverse: Dank u wel voorzitter. Ik kan voor een groot deel aansluiten bij de vorige twee sprekers, het zal ook niet verbazen want we zijn mede indiener van zowel het amendement als van de motie. Maar toch wat eigen accenten hierbij, zonder de commissie over te doen. Want ik heb het idee dat CDA dat toch wel een beetje deed, ik probeer wat eigen accenten te geven. Het voorstel over de asielopvang gaan we steunen, zouden we ook doen als het niet geamendeerd wordt. Maar we doen het liefst met amendement en om welke reden. We hebben ervaring opgedaan met 50 asielzoekers, dat is helemaal goed gegaan. We zijn op dit moment bezig met het openen van de nieuwe Tobias 2 met 200 plaatsen. In het belang van geleidelijkheid en beheersbaarheid, pleiten we voor een stapsgewijze aanpak. Liever daarom uitbreiden naar 300 op de locatie twee. En de reeks opgevangen asielzoekers precies zoals mijnheer Afalah ook naar voren bracht, daarheen verhuizen. Het is niet alleen beter voor onze zorgvoorzieningen, maar stelt ook onze vrijwilligers in staat hun taak daarin te groeien. Is het een eenvoudige opgave? Nee. Het zal inspanning vergen van onze ambtelijke organisatie en ook alle andere partijen, zoals de scholen. Het CDA noemde ook al een aantal van die groepen, die hierbij gelukkig goed bij betrokken zijn.
Het is noodzakelijk en ik ben erg ingenomen met hoe het CDA dit verwoordde zojuist in de woordvoering. En het past ook erg bij ook de landelijke politiek van CDA. Ik was erg ingenomen met u. Ook Bontenbal in de tweede kamer dat zei waarbij hij een oproep deed aan het nieuwe kabinet. Hij zei namelijk schaf de spreidingswet niet af, in ieder geval niet zolang de asielketen een chaos is. De motie van het CDA steunen we ook. De opvang van asielzoekers moeten we namelijk niet los zien vinden wij, van andere opgaven zoals in de motie aangegeven. Voor de ChristenUnie gaat het echter niet alleen om andere doelgroepen, maar ook om andere aspecten die in de Omgevingsvisie aan bod komen, zoals de leefomgeving. We willen benadrukken dat de Omgevingsvisie een dynamisch document is. Ondanks verstoringen zoals gisteren door koning voetbal, werken we eraan, aan versie twee namelijk en die zal leidend zijn. Dit een antwoord op mijnheer Afalah. Het document wat in wording is, is leidend. Deze visie is breed met aandacht voor de groenblauwe visie, met aandacht voor participatie en het heeft er allemaal een plaats in. Een bezwaar zou kunnen zijn en dat heb ik net beluisterd bij interruptie van de PvdA, dat het de plannen vertraagt. Dat zou nou juist net niet het geval moeten zijn. Hoe beter we de kaders verkennen, hoe beter we afspraken maken, hoe soepeler plannen opgesteld kunnen worden.
Tot zover voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Ruijtenberg, GroenLinks. De heer Ruijtenberg: Ja, dank u wel mijnheer de voorzitter. De fractie van GroenLinks is tijdens de commissie heel erg duidelijk geweest hierover en ik ga dat nogmaals duidelijk zijn hierover. Wij hebben toen gezegd dat wij zullen geen enkel amendement zullen wij steunen of motie ondersteunen, wat ervoor zorgt dat er minder mensen opgevangen gaan worden dan de 360 zoals het collegevoorstel doet. Ondanks alle goede bedoelingen van de nood van het amendement van WIJ Lansingerland, zal dat in praktijk ervoor zorgen dat er minder mensen opgevangen worden dan de 360 zoals het collegevoorstel beoogd. Derhalve zullen wij consequent als wij zijn, dit amendement niet gaan steunen. Wij vinden het namelijk van belang dat er 360 mensen tenminste opgevangen worden, liever 446. Maar met dit amendement, met dit collegevoorstel, kopen wij in ieder geval tijd, koopt het college tijd om het goed onderzoek te gewoon doen hoe wij aan die 446 mensen moeten voldoen. Omdat namelijk ook de heer Van den Beukel zei het al, dat is terecht wat hij zegt. De spreidingswet zoals die er nu is, is nog steeds geldig. Door voormalige VVD staatssecretaris die erover ging, had ook al aangegeven.
Op het moment dat een wet nog van kracht is, kan je niet vast zeggen van we gaan ons niet aan die wet houden, want de wet is immers nog steeds van kracht. En ook mevrouw Faber heeft gisteren in haar verrassingsbezoek aan Ter Apel, nog aangegeven dat er in ieder geval niet voor 1 november een voorstel zal liggen bij de tweede kamer ter behandeling van het intrekken van de spreidingswet. Dat betekent dat alle dingen die wij moeten doen, moeten we gewoon gaan doen, omdat ook wij ons aan de wet moeten houden. Daarmee hebben wij gewoon een wettelijke plicht om ons daaraan te houden. Dan hebben we ook wat mij betreft de morele plicht om ons aan te doen, we hebben de morele plicht om een stuk van de opvang van de mensen in Ter Apel van hen over te nemen. En we hebben de morele plicht vooral om ervoor te zorgen dat niet mensen in het gras slapen, dat wil je niet. Dat past niet in het beschaafd land als Nederland dat
7/30
je dat doet. Daarom vinden wij ook dat we dit volledig moeten doen. Wij zullen het collegevoorstel volledig steunen, wij zullen het amendement zullen we afwijzen. Dan de motie ingediend door het CDA en de ChristenUnie. Ik heb al vaker in commissievergaderingen er ook voor gepleit, dat er een integraal onderzoek moet komen naar alle woningopgaven die we hebben in Lansingerland. Want het zijn er inderdaad nogal wat voor starters, voor spoedzoekers, voor arbeidsmigranten, voor asielzoekers en noem het maar op wat hier staat. Ik ben echter bang en de ChristenUnie en het CDA hebben aangegeven van als deze motie aangenomen wordt, dan zal het niet vertragend worden. Ik wil echter voor de zekerheid voordat we deze motie gaan steunen, dat dit ook nog een keer bevestigd hebben door het college. Als ook het college bevestigd ja, dit heeft biedt geen vertraging voor het onderzoek naar de asielzoekers. Dan zullen wij deze motie gaan steunen. Wel nog met het verzoek om in het verzoek aan het college, daar ook niet alleen het woordje statushouders, Oekraïners en spoedzoekers, maar ook nog een keer arbeidsmigranten in op te nemen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Ruijtenberg. Wie dan? Dat is mevrouw Gielis, Leefbaar 3B. Mevrouw Gielis: Ja, dank u wel voorzitter. Het blijft duidelijk dat dit een moeilijk en ongemakkelijk onderwerp is voor alles en iedereen.
Leefbaar 3B is van meet af aan heel duidelijk geweest dat wij tegen grootschalige opvang zijn. Grootschalig is voor ons meer dan 50. We hebben een handreiking gedaan naar 100. Vorig jaar Juni hebben we gezamenlijk besloten en daar hebben wij moeten slikken, 200. En nu ligt er voor 360. Het mag duidelijk zijn, dat wij tegen het voorstel zijn. Nu klinkt het misschien een beetje raar, maar wij gaan wel voor het amendement stemmen van WIJ Lansingerland. Want dat geeft ons, wij krijgen, we kunnen knopen tellen. Wij denken dat het voorstel aangenomen gaat worden. Het amendement van WIJ Lansingerland maakt een kleine verbetering op een voorstel wat wij niet zullen steunen, wat aangenomen gaat worden waarschijnlijk. En zo niet dan is het ook geen man overboord. Maar dan is er in ieder geval een verbetering op het voorstel dat op de Tobias maar twee maar 300 worden aangenomen en geen 360. De voorzitter: Ik ga naar de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u. Voorzitter kan Leefbaar 3B dat verbeteren, concretiseren? Ik zie het niet. De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Nou, ik denk dat het amendement vrij duidelijk is. Het amendement geeft aan dat zo snel mogelijk het gestopt kan worden op de Tobias 1. Dat dat een feit is en daar gaan wij in mee en dat vinden wij een verbetering om het voorstel.
Met andere woorden wij zijn tegen het voorstel, want dat vinden wij niet grootschalig genoeg. En dan blijft het bij ons ook nog een beetje wringen dat wij ja dat is voor ons te grootschalig. En het wringt ook nog met het idee dat de opvang ook een beetje tekort doet aan onze eigen inwoners. We hebben nog steeds heel veel jongeren in onze eigen gemeenten die ook spoedzoeker zijn en die ook aandacht nodig hebben. Daar willen we ook heel graag nog even de aandacht voor vragen. De voorzitter: De heer Ruijtenberg, GroenLinks. De heer Ruijtenberg: Ja, dank u wel mijnheer de voorzitter. Is mevrouw Gielis zich ervan bewust dat dit helemaal niks veranderd voor de aandacht, de nodige aandacht die we al krijgen aan onze eigen spoedzoekers. Het zijn dan ook twee verschillende trajecten, bent u zich daar van bewust. Mevrouw Gielis: Ja, mijnheer Ruijtenberg daar zijn we ons zeker van … De voorzitter: Mevrouw Gielis.
8/30
Mevrouw Gielis: Dank u wel voorzitter, daar zijn we ons zeker van bewust. Mijnheer Ruijtenberg heeft deze vraag bij herhaling ook in de commissie gesteld en mijn antwoord blijft ons antwoord. Blijft ongewijzigd, daar zijn we ons van bewust, maar we willen daar wel nog even de aandacht voor vragen. De voorzitter: Mijnheer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Als u zich ervan bewust bent, waarom blijft u er dan op hameren? Waarom blijft u hameren op iets dat gewoon volledig haaks staat op elkaar en niks met elkaar te maken heeft? Het is alsof we een gesprek gaan hebben over nou over fietspaden en nu begint u daarover over de A16. Het heeft niks met elkaar te maken, behalve dan … De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn ons ervan bewust dat u daar zo in staat, maar wij willen wel heel graag even benadrukken dat wij de belangen van onze eigen inwoners gewoon in het oog moeten houden. Ondanks het feit dat wij een opgave hebben. En wij zijn niet tegen opvang, wij zijn tegen grootschalige opvang en dat wil ik graag benadrukt hebben. De voorzitter: Nog één keer de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ja, u weet toch wel dat de belangen van onze inwoners totaal niet geschaad worden door opvang? De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Die discussie kunnen we nog een keer voeren, maar die hebben we al heel vaak gevoerd hier.
En vandaag staan we er hier om besluiten te nemen. Ons standpunt is klip en klaar. Wij zijn tegen dit voorstel, omdat het niet gaat om grootschalige opvang. Dat willen wij gewoon niet. De voorzitter: En de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, ja dank. Dank voor de volledigheid van de discussie. In de commissie had ik die vragen al willen stellen, maar dat is er toen niet van gekomen. En ook voor de toehoorders u bent tegen grootschalige opvang voorzitter, niet u maar mevrouw Gielis en haar fractie. We hebben het gehad over de taakstelling van 446. Honderd was bij u kleinschalig nog, kan ik me herinneren in de discussie in eerste instantie. Mevrouw Gielis: Eens. De heer Van den Beukel: Heeft u zowel uitgesproken over uw bereidheid om een voorstel te steunen van vier keer honderd binnen Lansingerland, c.q. bent u van plan dat voorstel alsnog te gaan doen? Mocht dit voorstel het niet halen van het college. De voorzitter: mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank u voorzitter voor deze voorzet. Ja, nou ja we zitten natuurlijk in afwachting nog van de locatie onderzoek. En ja wij zijn altijd bereid om te praten over opvangmogelijkheden, die beter zijn dan driehonderd op een plek. En als dat moet zijn honderd keer vijf of vijf keer tien, alles beter dan meer dan honderd op één plek. De voorzitter: De heer Van den Beukel nogmaals.
9/30
De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter dank u wel. Dat vind ik wel fijn te horen. Ik heb het niet eerder zo begrepen. Misschien ligt het dan aan mij. Maar fractie van Leefbaar 3B is dus eigenlijk gewoon wel bereid om de hele taakstelling te realiseren binnen Lansingerland, mits dat zou zijn op een kleinschalige manier. En dan wacht ze voorstellen van een college af zou ze die zelf niet doen, dat is dan jammer. Maar goed dat zou ik nog, dat begrijp ik. Maar is de fractie van Leefbaar 3B wel bereid haar verantwoordelijkheid te nemen op een andere manier? Dus dat is mooi, ik dank haar daarvoor. Mevrouw Gielis: Voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank u wel voorzitter. Dat is een aanname van de heer Van den Beukel. Wij zijn zeker niet ... Kijk als het COA zegt dit is de opgave, hebben wij niet anders te doen dan die opgaven in te vullen. En dan is voor ons een grote voorwaarde dat het niet grootschalig is. En wij zijn niet tegen de opvang. De voorzitter: Nog eenmaal de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter dank, laatste inderdaad. Dat verheldert nog een keer mevrouw Gielis. Maar u zegt dan als het COA dat zegt, dan is mijn vraag aan het college.
Mag ik onze taakstellingen zo interpreteren dat eigenlijk dat COA dat nu al tegen ons zegt, of zegt het COA niet tegen ons? Want dat was de voorwaarde waaronder mevrouw Gielis bereid zou zijn om die kleinschalige opvang 446 te realiseren. Dat is mijn vraag aan het college. De voorzitter: Dat is geen interruptie dus, maar we kijken of de wethouder hem genoteerd heeft. We gaan terug naar mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank voorzitter. Dat was inderdaad een vraag aan de wethouder en niet aan ons. Dan ga ik verder met mijn woordvoering. Het lijkt mij klip en klaar dat wij hebben gezegd het amendement verbetert het voorstel als het aangenomen wordt. Dus zullen we voor het amendement zijn, tegen het voorstel. En de motie van CDA mijnheer Van den Beukel, die kunnen wij zeker na de uitleg van de heer Lieverse onderschrijven en zullen wij voorstemmen. En klip en klaar en helderder dan dit kan ik het niet maken. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Gielis. Dan gaan we naar mevrouw Draak, VVD. Mevrouw Draak: Dank u wel voorzitter. Ik zal namens onze fractie als eerste reageren op de motie van het CDA, daarna op het amendement en daarna nog even samenvatten hoe de VVD fractie van Lansingerland in dit vraagstuk zit. Als eerste even de motie. Daar is middels al het een en ander over gezegd. De fractie van de VVD vindt het een goed idee om de Omgevingsvisie als basis te houden voor afwegingen.
En tenzij er vanuit het college een iets komt waar wij nog niet aan hebben gedacht, maar anders zijn we van plan dat te steunen. Dan het amendement daar heb ik deze week met de heer Afalah al een paar keer over gesproken, dit amendement is voor ons heel diffuus. En de reden daarvoor is dat er een positief element in zit, eigenlijk zoals mevrouw Gielis net ook heeft besproken en zoals in het amendement zelf staat. Namelijk dat er focus komt van het ambtenarenapparaat op één locatie en ook dat er minder mensen in totaal worden opgevangen en ook op één locatie, dat stuk van het amendement spreekt ons aan. Maar er zijn ook andere dingen in de overweging waarvan wij zeggen en al vaker hebben gezegd, als VVD moet je nu als lokale politiek op de stoel van landelijke politiek of het COA gaan zitten. En dat heb ik ook al voorbij horen komen, laat het COA maar besluiten wat daar wat daarmee moet gebeuren. Sowieso denk ik en dan kom ik eigenlijk naar onze afweging, dat wij het hier vooral hebben over willen wij de Tobias 2 vergroten van tweehonderd naar driehonderd plekken. Nou voor de VVD fractie is heel duidelijk, wij willen dat niet. De reden daarvoor is onder andere dat wij in ons verkiezingsprogramma hebben staan dat wij geen asielzoekerscentrum in Lansingerland willen. Wel
10/30
hebben wij als VVD gezegd, wij willen graag bijdragen aan het probleem oplossen. En daardoor willen wij best helpen aan kleinschalige opvanglocaties. Uiteindelijk ook dat is hoe mevrouw Gielis het net heeft uitgelegd, gekomen tot een compromis waardoor we nu hebben besloten om op de Tobias locatie tweehonderd mensen op te vangen. Dat vinden wij al vanuit de VVD een hele grote locatie, maar het is een tijdelijke opvanglocatie. Die zal op een dag ook verdwijnen en we gaan onderzoek doen naar andere plaatsen in Lansingerland waar we mogelijk asielzoekers kunnen opvangen. Mochten wij dat ooit gaan steunen, zullen dat kleinschalige locaties moeten zijn. Dat vinden wij belangrijk. Maar om dan nu naar driehonderd plekken te gaan is voor ons gewoon niet bespreekbaar. Dus de VVD gaat tegen dit voorstel stemmen. De voorzitter: En eerst nog een interruptie. Mevrouw Draak: Ja, dat dacht ik. De voorzitter: Van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank je wel voorzitter. Mevrouw Draak triggert mij met de opmerkingen van kleinschalig. Betekent dat je meerdere locaties. Maar dat zit toch in strijd staat in strijd met wat u net hebt uitgelegd, dat de ambtelijke capaciteit gaat verspreiden over twee locaties wat wij nu hebben, bij het behandelen van het amendement van WIJ Lansingerland. Hoe kijkt u daarnaar? De voorzitter: Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Ja, dank u wel voorzitter.
Nou, de heer Azzouzi heeft gelijk, dat was misschien een beetje warrig. Kijk op deze locatie hier en dat staat ook zo in het amendement verwoord. Wat mij daaraan aanspreekt is dat op het moment dat je 200 nieuwe mensen verwelkomt en je ook nog een andere locatie hebt waar je aandacht aan moet besteden. Is het misschien een goed idee om daarover over te stappen naar één locatie. Wat we mogelijk later nog zullen krijgen en daar wordt nu onderzoek naar gedaan, is onderzoek naar andere locaties. Dit is een tijdelijke locatie voor asielopvang, dat ligt nu niet voor, daar besluiten wij nu helemaal niet over. Wat ik daarmee gezegd wilde hebben is de VVD is niet tegen het bijdragen aan asielzoekersopvang, maar niet in de vorm van een groot AZC. Dus dat verduidelijkt het hopelijk. Is de zonwering vervelend, voorzitter? Ben ik nog te verstaan. De voorzitter: U, het leidt af maar … We gaan even. Het gaat automatisch dus daar kunnen we niet zoveel aan doen. Mevrouw Draak gaat u door. Mevrouw Draak: En als laatste wil ik daar nog over gezegd hebben dat … Ik heb ook de discussie beluisterd over de spreidingswet die nog steeds van kracht is. Wij zijn ons daarvan bewust, we hebben daar in de discussie of in de commissie ook met elkaar over van gedachten gewisseld. Vanuit de VVD fractie vinden wij dat gemeentes die niets doen eerst aan de beurt zijn.
En gaan wij ervan uit dat de politieke wind die nu waait, betekent dat wij niet zomaar een aanwijzing zullen krijgen omdat wij al voor 200 mensen opvang regelen. En daarmee denk ik dat ik mijn woordvoering beëindig. De voorzitter: Ja, ik heb eerst nog een interruptie van de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Is mevrouw Draak zich ervan bewust, want ze vinden dat andere gemeentes eerst iets moeten doen. De heer Van den Beukel heeft al twee voorbeelden genoemd van gemeentes in onze regio. Is mevrouw Draak zich ervan bewust dat onze buurgemeente Zoetermeer gisteren besloten heeft om ruim 700 asielzoekers op te vangen? En hoeveel meer vindt u dan dat de gemeentes moeten doen, voordat u zich ook een keer aan de wet gaat houden? De voorzitter: Mevrouw Draak.
11/30
Mevrouw Draak: Nou, ik heb helemaal dat dilemma niet overwogen met de fractie. Wij hebben gezegd we weten dat de spreidingswet er is. Maar ondanks dat mevrouw Faber heeft gezegd ik weet dat die spreidingswet er is die, is niet zomaar van tafel, maar hij gaat van tafel. En ik ga dat parallel aan de spreidingswet die uitgevoerd moet worden, ga ik tegelijkertijd zorgen dat de spreidingswet wordt ingetrokken. En dat is waarom wij als fractie hebben overwogen om ons eerst te gaan focussen op de 200 die wij hebben ondersteund, de 200 plekken. En mocht er een aanwijzing komen, nou ja dan is dat het risico wat je neemt met zo'n besluit. Als je dat besluit op die manier zou nemen. Dus voor ons is dat … De voorzitter: De heer Ruijtenberg nogmaals. De heer Ruijtenberg: Ik ga het nogmaals vragen want ik denk dat de heer mevrouw Draak geeft antwoord op een vraag die ik niet gesteld heb. De vraag is in haar woordvoering geeft mevrouw Draak aan, we vinden dat eerst gemeenten in de beurt moest zijn die niks doen. En ik vraag mevrouw Draak nogmaals, de heer Van den Beukel heeft zojuist twee voorbeelden genoemd van Delft en Vlaardingen die heel veel werk doen. Gemeente onze buurgemeente, maar net een andere regio. Zoetermeer heeft gisteren besloten om 700 asielzoekers op te vangen. Lijkt me dat gemeenten hier in de buurt dus genoeg doen.
Dus ik ga nogmaals vragen hoeveel moeten randgemeenten hier doen in deze regio qua asielopvang, voordat u zich aan de wet gaat houden? De voorzitter: Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Ja, ik heb ook geen antwoord op deze vraag. Zoals ik het heb verwoord, dat is hoe de VVD fractie erover denkt en daar dat dat verandert niet meer. We hebben die afweging allemaal meegenomen op basis van de commissie. En ja, dit is het. Dit wordt onze stem. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik wie nog even kijken, mevrouw van Olst. Mevrouw Van Olst: Sorry, ik was nog even in de thee. Ja. Ik ben nog steeds van mening mijn mening die ik al eerder heb verkondigd. Ik vind dat er momenteel genoeg opvang geboden wordt in onze gemeente. Aan binnenkort dus 200 asielzoekers, maar ook aan arbeidsmigranten en Oekraïners. Als het meer echt meer zou moeten, ben ik van mening dat het voor Lansingerland en de gebruiken van de opvang beter zou zijn, om de opvangmogelijkheden kleinschalig te houden. Dus ik ben daarmee echt tegen het voorstel. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ja, dank u wel. Mevrouw Van Olst zegt dat wij al genoeg doen aan opvang, maar is mevrouw Van Olst zich ervan bewust dat wij al jaren niet onze taakstelling houden qua statushouders. En dat wij gewoon eigenlijk achterlopen qua alle opvangen die wij doen.
De voorzitter: Mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Daar ben ik ... Nou daar heb ik niet echt op gestudeerd, moet ik eerlijk zeggen. Het is meer ik kijk naar het geheel en als je het heel hoog over kijkt dan hebben we nog een veel grotere discussie, want dan gaat de discussie over dat welke landen doen er nog meer mee? Nou dat daar wil ik niet naar kijken. Ik ben voor Lansingerland, dus kijken hoe wat het beste is voor Lansingerland. En daarmee ben ik tegen het voorstel. De voorzitter: En nog een keer de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ja, mevrouw Van Olst geeft een beetje een flauw antwoord. Geeft in eerste instantie namelijk in haar woordvoering aan, van ja wij vallen al heel genoeg op. Dan de vraag aan haar van bent zich ergens van bewust? En dan het antwoord van nee dat weet ik niet, want ik heb er niet op
12/30
gestudeerd. Ja dat daar komt u iets te makkelijk mee weg. Bent u bent zich er niet van bewust dat wij dus gewoon al jaren onze taakstelling niet doen. En hoe komt u dan aan de informatie dat wij al heel veel doen en dat u andere landen erbij haalt? Ja, met alle respect we zijn de gemeenteraad van Lansingerland. We hebben het over de inwerkingtreding van de spreidingswet in Nederland waar we een taakstelling voor hebben, waar we aan moeten voldoen. En het gaat er niet over hoeveel Tsjechië, Polen of Hongarije dus op gaat vangen. De voorzitter: Mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Ik begrijp dat, wij hebben een andere mening op dit gebied. En volgens mij mag ik ook gewoon mijn mening hier verkondigen, dus het is goed dat u mij heel de tijd interrumpeert maar ik verander daarvan daarmee niet van mening dus. De voorzitter: Nog eenmaal de heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ja, u mag best een andere mening hebben dat is helemaal niet erg. Dat is graag zelfs dat we andere meningen hebben, want het zou vervelend zijn als we alle 33 de mening van GroenLinks hebben. Dat is helemaal niet leuk namelijk, dus er moeten andere meningen zijn. Maar het is wel handig als u meningen dan ook een enige fundatie geeft. Mevrouw Van Olst: Nou ja, ik ga verder met mijn … De voorzitter: Nou, ik ga even nog naar de heer Azzouzi ook. De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel voorzitter.
Vanuit bijdrage van mevrouw Van Olst heb ik begrepen dat de opvang gevolgen gehad hebben voor onze inwoners. Klopt dat? En als dat klopt. Het CDA die heeft net genoemd dat het college die antwoorden hebben gegeven, dat we eigenlijk daar geen grote effecten zijn voor onze inwoners. Hoe kijkt mevrouw Van Olst naar die redenering? De voorzitter: Mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Nou als je dat vanaf die kant gaat bekijken, dan vind ik dat de gemeente er in eerste instantie moet zijn voor de bewoners van de gemeente. En niet zozeer voor nieuwe inwoners van de gemeente. Wat niet nalaat dat als mensen in nood aankloppen, dat ze moeten worden opgevangen. Maar dan wel op een manier waarvan ik denk mijn partij, ja dat ben ik. Vind dat dat dat gewoon heel pardon? Dat dat gewoon ja zo goed mogelijk moet gebeuren. E ik denk niet dat we er als de inwoners en de bewoners van de opvang zelf ermee op veel mee opschieten, als ze daar grootschalige opvang van gaan maken. En dat ja dat is gewoon mijn mening. Dat is het de hele tijd geweest dus daar wil ik het gewoon bij houden. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Ik heb nog een motie ook. Ja sorry. De voorzitter: Nee, u heeft gelijk. Mevrouw Van Olst: Dat was mijn reactie op de interruptie.
Nou het amendement van WIJ dat ja dat vind ik voor mij warrig, want dat zou dus het voorstel vanuit eerder gesproken optiek verbeteren. Want dan ga je inderdaad van opvang van 360 naar 300 mensen, maar daar daarmee zou ik instemmen met 300 mensen opvang. Dus daar stem ik niet voor. De motie van het CDA, daar wil ik wel mee instemmen want ik denk … De voorzitter: Nog even naar mevrouw Gielis, want die wil interrumperen over het amendement.
13/30
Mevrouw Gielis: Ja, dank u wel voorzitter. Mevrouw Van Olst, het is duidelijk dat u tegen het voorstel bent. Maar stel dat het voorstel wordt aangenomen, zou het amendement het voorstel wel iets kunnen verbeteren. De voorzitter: Mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Ja, dat klopt. Dat klopt. Ik snap ik snap ook uw redenatie daarin. Ik heb er ook over nagedacht maar ik nee, ik dan vind ik mijn eigen standpunt niet helder. Dus ik laat het daar laat ik het bij. De motie van het CDA, die wil ik wel steunen. Want ik vind inderdaad dat je de opvang van asielzoekers en andere doelgroepen niet los moet zien van elkaar, maar met elkaar moet meenemen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Olst. Dan gaan we naar de heer Van de Stad, D66. De heer Van de Stad: Dank u wel, voorzitter. Twee belangrijke beslispunten vanavond om handen en voeten te geven aan de schrijnende opvangcrisis bij ons hier in Nederland. Net als anderen uit onze gemeente, voelt deze D66 zich verantwoordelijk om invulling te geven aan humane noodopvang. De situatie waarbij buiten slapen noodzakelijk goed lijkt, acht D66 totaal onnodig. Door politiek gecreëerd en door politiek op te lossen. Deze D66 is dan ook blij met het voorstel van het college, de regie pakken en invulling geven aan eerder meegegeven opdrachten.
Niet willen verzanden in maren en steeds maar nieuwe onzekerheden, maar durven door te pakken en keuzes durven te maken op basis van afdoende globale informatie. Tobias 2 ophogen van 200 naar 300 plaatsen en tijdelijke opvang Tobias 1 een half jaar langer aanhouden dan gepland en afgesproken. Deze beslispunten achten wij passend bij onze gemeente. Dit gezien de omgeving, de opgaaf van de spreidingswet en de huidige opvangcrisis. De oproep drie weken geleden van onder andere de minister president direct aan onze gemeente, sterkt ons nog meer dan eerder in te stemmen met het langer openhouden van Tobias 1. Het bieden van een dak en faciliteiten van nood van een noodopvang is meer dan uit noodzaak buiten moeten slapen. Het is maar kort dat Tobias 1 beschikbaar zal blijven, maar voor een klein aantal vluchtelingen zal het wel terdege uitkomst bieden. Het aantal amendement van WIJ. Wij begrijpen de zorgen van WIJ, maar wij zien dit echt als een onnodig compromis. Kijkend dan naar de landelijke opvang problematiek. Tobias 1 is en blijft van tijdelijke aard en achten wij geen argument. De voorzitter: De heer Afalah. De heer Afalah: Dank u wel voorzitter. Ik sla een beetje op het woord compromis, onnodig compromis.
Laten we wel heel helder zijn dit is voor ons geen compromis, dit is voor ons een standpunt vanuit een het geloof dat het niet goed is voor mensen om ze voor een paar maanden hier naartoe te verhuizen en weer erg samen te laten gaan. Dat is de reden waarom wij het amendement hebben ingediend omdat wij dat vooral en ik wil vragen wat vindt u daarvan? Vindt u dat wenselijk dat mensen honderden kilometers verhuisd worden binnen drie maanden. De voorzitter: De heer Van de Stad. De heer Van de Stad: Het gaat om een zeer gering aantal en het kiezen voor het aanhouden van Tobias 1 tot 1 januari, schept ook duidelijkheid. Richting ieder, waaronder het COA. De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Ja, dank u wel voorzitter. Maar dan wil ik de heer Van de Stad wel vragen vindt u het voor … Het gaat maar om een paar mensen, is het dan wel menselijk omdat het maar om een paar mensen gaat?
14/30
De voorzitter: De heer Van de Stad. De heer Van de Stad: Ik ga verder. Het managen van zaken nu of later dit jaar zien, maar niet als een wezenlijk verschil. De motie van het CDA, blij dat er een blik naar de toekomst geworpen wordt. Integraal, ja graag. Maar onze inziens wordt daar prima invulling door het college aangegeven. En wij krijgen geenszins de indruk dat er niet met elkaar gecommuniceerd wordt. Wij zien in de beweging en overwegingen dat het college maakt, aansluiting op bestaande visies, plannen en gedachten. Maar wij zijn ons er ook van bewust dat het om dossiers gaat waar je soms geconfronteerd wordt met feiten. Dan moet je gewoon besturen, handelen en keuzes durven maken. Wij hebben dan, wij hebben ook niet de illusie dat voorstellen voortkomend uit zoektochten discussieloos zullen zijn. Een discussie draagt ook bij aan een eindproduct. De motie van het CDA ervaren wij dus als overbodig en onnodig complicerend. Wij hebben daar moeite mee. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel en dan ten slotte de heer Azzouzi, Partij van de Arbeid. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Laat het maar duidelijk zijn, wij steunen het voorstel met de aantallen die erin zitten. Dat is de het standpunt van de Partij van de Arbeid vanaf het begin ook, het begin hadden wij het voorstel van het college gesteund en wij hadden tegen het amendement van 200 gestemd.
Nu gaan we dit hetzelfde ook doen, we gaan voor het voorstel stemmen en tegen een amendement. In het amendement heb ik wat uitgelegd in de interactie met WIJ Lansingerland. Dat wij dat niet menselijk vinden, maar wat zij nu meemaken is nog erger. Dus vandaar. We moeten ook de aantallen 445 opvangen, dus we zijn nog niet. Voor de motie van het CDA wachten wij het antwoord van het college of dat vertragend gaat werken. Als dat niet zo is, dan gaan we hem ook steunen. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u mijnheer Azzouzi. Dan zijn we aan het einde van de eerste termijn van de raad. En gaan we naar de eerste termijn van het college, de wethouder Hoek. Beantwoording college De heer Hoek: Ja, dank u wel voorzitter. Onze burgemeester heeft het voorstel al in zijn inleiding uitgelegd en de heer Afalah die heeft het amendement goed uitgelegd. Dus daar hoef ik geen woorden meer aan vuil te maken. Ik sluit me aan bij de woorden van de heer Afalah Laan hij zegt dat er op een respectvolle manier, over dit toch wel moeilijk onderwerp gesproken is en wordt. En daar sluit ik me graag bij aan en dat vind ik bijzonder prettig om te ervaren.
De heer Afalah had een aantal vragen, wat gebeurt er met de mensen van de Tobias 1 als de Tobias 2 opengaat? Die gaan in alle gevallen naar de Tobias 2, dus die mensen die gaan naar de nieuwe locatie de Tobias 1 als die langer open wordt gehouden, nog klopt het dus dat we daar plaats hebben voor nieuwe vluchtelingen. Tot en dat wil ik wel heel duidelijk gesteld hebben, staat ook heel duidelijk in het voorstel, tot met 31 december 2024. En daarna hebben we de locatie echt nodig omdat de weg daar aangelegd gaat worden. Dat wil ik wel even onderstrepen dat dat wel de werkelijkheid is. Dan was er net een mini debatje tussen mevrouw Gielis en heer Van den Beukel. Want dat werd een vraag aan mij gesteld die ik niet helemaal meer scherp heb. Maar volgens mij ging die over de resterende 147 asielzoekers, die we dan nog moeten plekken op het moment dat we die 300 al gerealiseerd hebben. Ja, uiteraard gaan we daar mee door om daar naar te zoeken, zolang de spreidingswet nog aan de orde is zullen we daar een inspanning toe plegen. En daar nemen we u uiteraard ook weer in mee. Dus dat is wat betreft mijn bijdrage zeg maar. De voorzitter: De heer Afalah nog even, wethouder blijft u staan. De heer Afalah: Ja, dank u voorzitter. Vragen voor duidelijkheid. wat gebeurt er met de mensen die dus de Tobias 1 komen bewonen nadat ze die andere weg zijn gegaan.
Wat gebeurt op 31 december met die mensen?
15/30
De voorzitter: Wethouder. De heer Hoek: Ja als … Sorry. Nee, het is heel duidelijk als 31 december deze locatie ophoudt te bestaan, dan zullen deze mensen dus weer elders geplaatst moeten worden. En waar dat is, ja dat is een zaak van het COA. Dat zullen we ook heel duidelijk met het COA communiceren want dat is natuurlijk wel de realiteit. Dat klopt. De voorzitter: De heer Ruijtenberg. De heer Ruijtenberg: Ja, dank. Ik weet niet of deze wethouder moet beantwoorden of een van de andere drie. Maar ik had nog vragen gesteld over de motie van het CDA en ChristenUnie of die mogelijk vertragend kan werken. De voorzitter: De wethouder zei dat de wethouder Cnossen verantwoordelijk voor ruimte ordening, die zal beantwoorden. Gaat over haar portefeuille. Dan gaan we naar de wethouder Cnossen. Mevrouw Cnossen: Dank u wel voorzitter, voor het woord. Ik zal namens het college inderdaad reageren op de motie die door het CDA is ingediend en dat betreft de ruimtelijke ordening. Inderdaad is de Omgevingsvisie onze basis voor de ruimtelijke ordening. Een zelf bindend document en tegelijk weet u dat ruimtelijke ordening dynamisch is, we anticiperen altijd weer op nieuwe ontwikkelingen. Bij het vaststellen van onze 1.0 versie vertelden we elkaar al, we gaan direct ook weer door richting de 2.0 versie om nieuwe ontwikkelingen weer in te verwerken. Want de wereld staat niet stil.
Ik niet alleen huisvesting, maar bijvoorbeeld ook energietransitie. De groenblauwe visie moet allemaal plek krijgen in de 2.0 versie. Er liggen een aantal opgaven voor huisvesting van nieuwe Nederlanders, ontheemden, spoedzoekers en om aan al die opgaven een plaats te geven, start het college een integraal onderzoek. Dat hebben u ook in een brief laten weten. Want ik hoorde de heer Van den Beukel ook zeggen ja regie, allerlei onderzoeken struinen Lansingerland af. Nee het college heeft juist gezegd kijk er nu naar als een grote opgave, want het hangt allemaal met elkaar samen als je locaties gaat zoeken. Dus vandaar dat integraal, integraal heeft ook altijd wel wat in zich van duurt wat langer, maar met het CDA zijn is het college het eens dat je wel op die manier moet kijken. De voorzitter: De heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel voorzitter. Heeft het college deze motie nodig? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Cnossen: Ik zal daar zo op komen voorzitter, als u dat goed vindt. Parallel aan het proces naar 2.0, de heer Lieverse sprak daar ook over loopt dit integrale onderzoek. Dus wie weet kan het ook heel mooi op die manier daarin ingepast worden. En college en raad trek hier samen in op. Raad stelt de kaders, college voert uit en komt bij afwijkingen, zoals bij alles terug bij de raad.
Heeft dit vertraging? Als we het op deze manier bekijken voorzitter, dan kan dat samen met elkaar oplopen. Die Omgevingsvisie eind van het jaar, begin volgend jaar, maar in de ruimtelijke ordening anticipeer je vaak al op nieuwe ontwikkelingen, waardoor je vooruitlopend al dingen mogelijk kunt maken. Ik kijk nog even naar de woordvoering van de verschillende fracties of er nog vragen zijn. WIJ vroeg wat gaat er praktisch veranderen? Ja, ik denk dat ik uitgelegd heb dat dit proces al zo voorzien was. De regie die had de heer Van den Beukel over. U had zorgen over de kaders van de raad. Ja, het college is van mening dat altijd als wij buiten kaders van de raad omgaan of dat nou geld is of ruimtelijke ordening. Dan komen we terug bij de raad en dan zullen wij dat moeten onderbouwen waarom we iets aan u voorstellen. Ik hoorde ook al een van de fracties ja. Er kan morgen weer iets anders gebeuren, waardoor je inderdaad je kaders moet bijstellen. Motie geeft u comfort heb ik nog opgeschreven maar dat is geen vraag. Dan was inderdaad de vertraging van de heer Ruijtenberg …