[BV24.0049] Verslag commissie Samenleving 13 mei 2024
Tekst van het document
Maar nogmaals, dat is aan u. Dus daarom even mijn verhelderende vraag, mevrouw Draak, naar aanleiding van uw woordvoering. Zegt u, het is niet besluitvormingsrijp voor de VVD of zegt u, het mag naar de raadsvergadering maar wij zullen geen amendement of motie indienen? Mevrouw Draak: Wat mij betreft is het niet rijp voor besluitvorming en ik heb zelf geen behoefte om een amendement in te dienen. Ik heb ook tot nu toe nog geen ruimte gehoord zodat ik tegen mijn commissieleden kan zeggen, als u met een mooi amendement komt, dan gaan wij daar misschien wel in mee. Ik sluit het niet uit want ik moet dat met de fractie bespreken maar voor de VVD is het op dit moment niet besluitrijp en ik zie niet echt mogelijkheden voor amendementen. De voorzitter: Helder. Daar kan ik mee werken. Is dat nog een interruptie, mijnheer Afalah? Oké, dan heeft u het woord. De heer Afalah: Ja, twee vragen. Eén, is het misschien u te overtuigen om dat te veranderen als we gewoon honderd mensen meer kunnen opvangen? Dus in een betere, een goede en veilig opvang in plaats van dat ze ergens anders zitten op een hele slechte opvang. En twee, hoe kijkt u tegenover ons amendement wat wij eventueel zouden kunnen indienen om die Tobias 1 te stoppen? De voorzitter: Even dan kort een reactie, mevrouw Draak, op het eerste punt. Het tweede punt is zeer concreet. Mevrouw Draak: Eerst de laatste vraag.
Voor wat betreft de crisisnoodopvang, ja, dat is in onze fractie geen onderwerp van gesprek geweest. Dus ja, dat weet ik niet, daar ben ik niet voor, ben ik niet tegen. Voor wat betreft uw eerste vraag. Wij hebben in de vergadering in mei ‘23 ook uiteindelijk een handreiking gedaan door mee te gaan. Wij wilden kleinschalige opvang, uiteindelijk hebben we ingestemd met de tweehonderd. U heeft toen een handreiking gedaan de andere kant op, zo hebben we elkaar gevonden. Ik merk hier nog geen ruimte daarvoor omdat ik gewoon denk dat het aantal wat er nu is wel maximaal is wat op die locatie gedragen kan worden. De voorzitter: Ik denk voldoende reactie op dit moment, mevrouw Draak. Het standpunt van uw partij is dus niet rijp voor besluitvorming. Dan ga ik naar de volgende partij uit de rij. Dat bent u, mevrouw Gielis, Leefbaar 3B. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Met dank aan de woorden van mevrouw Draak over de houding van andere gemeentes in de regio. Als gezegd, dit voorstel valt ons zwaar. In hoeverre telt het mee dat wij in Lansingerland al heel veel doen voor andere doelgroepen? Daar heeft de wethouder nog niet voldoende antwoord op gegeven. Dit voorstel verhoogt de druk op voorzieningen en de leefomgeving van onze eigen inwoners. Die worden benadeeld en vergeten en hebben nauwelijks plek. Hierover horen we weinig tot niets.
Tijdens de behandeling in de raad over de nieuwe noodopvang Tobias 2 overwegen wij bij gebrek aan balans een motie of wellicht een amendement, mevrouw Draak, in te dienen over evenwichtige huisvesting. De woorden van de wethouder klinken enthousiast maar dat zijn we als partij zeker niet. De kaders die de raad tijdens de vorige vergadering heeft meegegeven herkennen wij niet in dit standpunt.
15/24
We willen graag weten of het noodzakelijk is om dit voorstel in de raad van mei vast te stellen. Wij vinden dit voorstel, net als mevrouw Draak, nog niet voldoende volgroeid en nog niet genoeg voor definitieve besluitvorming. Nogmaals, Leefbaar 3B is tegenstander van grootschalige opvang. Niet uit angst maar juist uit menselijke wenselijkheid. Dank je wel, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Gielis, ik heb nog een interruptie voor uw van mevrouw Gabin. Mevrouw Gabin: Ja, mevrouw Gielis heeft het over kaders. Zou u mijn geheugen nog even kunnen opfrissen, om welke kaders gaat het? De voorzitter: Mevrouw Gielis, nog een korte reactie. Mevrouw Gielis: Ik heb niet heel veel tijd meer maar we hebben het gehad over de grootte, de kleinschaligheid, over de financiën, over het effect, over de omgeving en over de duur van de opvang. De voorzitter: Mijnheer Azzouzi, met uw goedvinden, ik denk dat er voldoende op dit punt is of heeft u nog een prangende interruptie? Mevrouw Gielis heeft weinig tijd hè? De heer Azzouzi: Voorzitter, ik ben benieuwd naar de menselijkheid. Kunt u dat definiëren? De voorzitter: Mevrouw Gielis. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. De menselijke wenselijkheid, wij vinden het überhaupt een opvang, of je nou driehonderd, vierhonden mensen bij elkaar zet, of het vrouwen zijn, mannen, kinderen, whatever, op een kleine ruimte bij elkaar niet wenselijk.
Dat vinden wij niet de menselijke wenselijkheid. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Gielis. Dan ga ik verder met u, mijnheer Azzouzi, PvdA, in tweede termijn. U had al helder gemaakt dat het wat u betreft een hamerstuk was maar u krijgt nog gelegenheid om dat natuurlijk wat, nou ja, kracht bij te zetten of te nuanceren, zo u wenst. De heer Azzouzi: Ja. Dank je wel, voorzitter. U heeft gelijk, ik was duidelijk in de eerste termijn. Maar voorzitter, door vorig jaar al te pleiten voor een hoge capaciteit, dus driehonderd, hebben wij als Partij van de Arbeid blijk gegeven van onze betrokkenheid in ons inzicht in de behoefte van de toekomst. Ik roep uw rad op om dit voorstel te steunen, waarmee we niet alleen voldoen aan onze wettelijke verplichting maar ook humaniteit in vooruitziend beleid tonen. Laten we samen verantwoordelijkheid nemen voor onze medemens in de wet. Dank je wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Azzouzi. Dan ga ik naar u, de heer Van der Stad, D66. De heer Van der Stad: Dank u wel, voorzitter. WIJ Lansingerland stelde de vraag aan ons hoe wij aankijken tegen de besluiten van Tobias 1 wanneer 2 geopend wordt. Wat D66 betreft houden we de locatie open conform wat het college aangeeft, ofwel tot einde jaar omdat de grond een andere bestemming heeft.
Dit met als achterliggende reden de oproep van de commissaris van de Koning om bestaande locaties niet te sluiten. De nood is simpelweg hoog. En dat die nood hoog is blijkt ook wel uit het vurend betoog van de wethouder vanavond. Voor D66 zou het een hamerstuk zijn maar we luisteren graag naar verschillende punten van zorg bij andere partijen. Zoals bij het CDA die graag zorgvuldigheid boven een snelle beslissing wenst en die diverse vragen heeft omtrent integraliteit van opvang voor diverse doelgroepen en de draagkracht van de samenleving. D66 pakt echter graag de verantwoordelijkheid om de gevraagd opvangplekken te bieden conform voorstel. Wij zien in dat Lansingerland gevraagde kan dragen en zouden nu graag die beslissing ook willen nemen want buiten slapen in Ter Apel is geen oplossing. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Stad. Dan ga ik naar het CDA, de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, dank aan de wethouder en zijn medewerker voor beantwoording. Ik ben ook blij te horen dat de heer Van der Stad naar de zorgen die geformeerd zijn namens mijn fractie, namens onze inwoners eigenlijk moet ik zeggen, dat die goed overgekomen zijn want dat is bij de wethouder niet helemaal gebleken. Ondanks zijn goede intenties ben ik wel teleurgesteld in zijn beantwoording. Ik zal u ook uitleggen waarom en wat ik
16/24
nou eigenlijk verwacht van het college. Daarmee loop ik ook een beetje vooruit op mijn stelling of onze stelling over het stuk. Wij vinden het op dit moment niet rijp voor behandeling en we willen op twee punten uitbreiding en verheldering. Allereerst hebben we geuit onze zorgen over de draagkracht van de samenleving, met name op het vlak van veiligheid, zorg en onderwijs. En voorzitter, dat is anders zoals u weet dan zoiets als draagvlak organiseren waar de wethouder het over had. Dus ik nodig hem uit om op dat punt van draagkracht niet alleen te reflecteren maar daar ook gewoon een analyse van te maken en op te acteren. Het geldt ook voor het punt van regie. Ook daar begon, voorzitter, de wethouder over overleg met de RET en met omwonenden en met t.z.t. een integrale aanpak. Ja, voorzitter, dat is niet waar het ons over ging. Het ging ons over de spaghetti aan brieven die we hier ontvangen en de veelheid aan verantwoordelijk collegeleden op al die thema's die uiteindelijk met elkaar te maken hebben. En dat we hier een staatje zien met inderdaad statushouders. Nee, ik zeg het verkeerd, asielzoekers. Terwijl inderdaad eigenlijk nog een achterliggend staatje zou bestaan over bijvoorbeeld Oekraïners en misschien wel eentje over arbeidsmigranten. En dat nooit een integraliteit naar deze raad toe komt, dat maakt dat wij niet goed hier kunnen besluiten hier.
Dus ook op dat punt, voorzitter, hebben we echt een extra informatiebehoefte. Dan bijna tot slot, voorzitter. Het ging eigenlijk al even over Bleizo-West, dat was benoemd aan de provinciale regietafel. Ik herhaal ons punt, als CDA-fractie zien we dat het college al jarenlang vasthoudt aan haar plan dat volgens belangrijke belanghebbenden in de omgeving, waaronder de provincie, geen levensvatbaar plan is. Dat zorgt ervoor dat andere mensen over je gaan beslissen. We waarschuwen het college al tijden voor dat punt en we hopen dat daar verandering zal ontstaan. We zijn ook benieuwd naar wat er nou echt is gezegd aan die regietafel. Voorzitter, de wethouder zei dat er notulen openbaar zijn. Wij hebben ze niet kunnen vinden. Dus ik wil via u de wethouder vragen om die stukken aan de raad toe te sturen zodat we ook zelf kunnen nalezen hoe andere partijen eigenlijk denken over de toekomst van Bleizo-West. Want daar worden we denk ik als raad wijzer van. Voorzitter, tot zover, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Beukel. Is dat nog een interruptie, mijnheer Afalah? Ja? Gaat uw gang. De heer Afalah: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik begrijp natuurlijk de zorgen die de heer Van den Beukel uitdraagt. Maar ik wil toch wel weten, er liggen hier twee voorstellen voor ons.
Wat vindt u van die twee voorstellen op dit moment, gewoon sec gezien? Want we kunnen heel veel andere dingen erbij gaan halen en ik snap natuurlijk dat er regie moet zijn en dergelijke. Maar het is nu een voorstel om driehonderd mensen op te vangen en ook nog dat tweede voorstel voor die verhoging. Wat vindt u van die twee voorstellen en ook wat wij hebben aangegeven in mijn eerste termijn? Dank u wel. De voorzitter: Helder. Een korte reactie nog van de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter, even een primaire reactie op uw voorstel amendement. Dat kunnen we op dit moment denk ik niet volgen. Daarmee zou je capaciteit weghalen die misschien wel nodig is dus dat vinden we niet zo'n hele logisch op dit moment. Tegelijkertijd vraagt u om een oordeel over een voorstel dat wat ons betreft onvoldragen is. We kunnen niet oordelen over een voorstel als we niet zien hoe dat de draagkracht van Bergschenhoek overschrijdt of onderschrijdt. We hebben ook geen comfort bij de manier waarop het college op dit moment regie voert over al deze doelgroepen en de huisvesting daarvan. Dus dat maakt een oordeel voor ons op dit moment niet mogelijk. Dank u wel. De voorzitter: Dat is een helder antwoord. Dan ga ik door naar WIJ Lansingerland, mijnheer Afalah.
Overigens voor de goede orde, excuus hoor, mijnheer Afalah, voordat ik bij u begin, uw voorstel, mijnheer Van den Beukel, is om het uit te stellen met uw paar heldere zaken ter uitwerking als opdracht aan het college? Heb ik dat goed begrepen? Ik zie u knikken, zeg ik voor de goede orde. Dan ga ik nu naar u, mijnheer Afalah. De heer Afalah: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik heb in principe niet zo heel erg veel toe te voegen aan mijn eerste bijdrage. Ik vind het gewoon belangrijk dat wij als gemeente onze verantwoordelijkheid nemen en mensen in nood opvangen op een goede wijze. En daar heb ik in ieder geval alle vertrouwen in dat dat geregeld wordt. Ik wil één oproep doen, laten we gewoon samenwerken om deze crisis op te pakken en gewoon te laten zien dat we in staat zijn om vluchtelingen op een menswaardige manier op te kunnen vangen. Met begrip voor alle zorgen natuurlijk die er leven bij onze inwoners. Nogmaals, wij gaan, en hopelijk ook met de hulp van
17/24
andere partijen, willen wij graag een amendement indienen. We zien ernaar uit om daar de samenwerking in te zoeken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Afalah. Nog een interruptie voor u van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag aan de heer Afalah over dat amendement. We hebben de wethouder gehoord over de crisisopvang en dat die gaat naar 2 en dan komt een nieuwe groep op 1. Heeft u dat ook meegenomen, heeft u dat goed begrepen? De voorzitter: Mijnheer Afalah. De heer Afalah: Ja, dat heb ik heel goed begrepen. De voorzitter: Helder. De heer Afalah: En er stond … Alleen waar wij geen … Hij geeft aan dat die zijn best gaat doen om dat voor elkaar te krijgen. Wij hebben op dit moment niet het gevoel dat dat heel snel gaat gebeuren. En nogmaals, die mensen die daar daarna komen, die moeten alsnog op 1 januari 2025 verhuizen naar een andere gemeente, andere omgeving en dat willen wij gewoon niet. De voorzitter: Helder. Ik … Mevrouw Gielis, ik ga uw interruptie niet toestaan want u heeft al gezegd wat uw standpunt van uw partij is en u heeft ook geen tijd meer. Dus wij gaan verder met de fractie GroenLinks. Mevrouw Gabin, u heeft het woord. Mevrouw Gabin: Ja, dank je wel. Terwijl de bezorgdheid over het draagvlak natuurlijk begrijpelijk is mag dit niet leiden tot het reduceren van het aantal opvangplekken.
Integendeel, dit zou juist een aansporing moeten zijn om betere integratieprogramma's te ontwikkelen en te investeren in ook lokale acceptatie en ondersteuning. Zodat, nou ja, ook de gemeente onze verantwoord… Zodat we als gemeente onze verantwoordelijkheid kunnen nemen zonder de sociale cohesie en ook de behoefte van de eigen inwoners te ondermijnen. Er wordt een vals frame gecreëerd over de huisvesting van eigen de inwoners. Het één sluit de ander natuurlijk niet uit hè. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we zowel aan de behoefte van onze eigen inwoners voldoen als ook de internationale en morele verplichtingen nakomen? Dus, nou ja, is het mogelijk om programma's te ontwikkelen die zowel asielzoekers als de lokale inwoners ten goede komen? Wat misschien nog naar de achtergrond verschuift is de nood. We bevinden ons in een vluchtelingencrisis en adequaat handelen is nodig en noodzakelijk. Ik denk dat we daar ons allemaal van bewust moeten zijn en ook onze verantwoordelijkheid in moeten nemen. Alhoewel we dus begonnen waren met zorgen over het al dan niet realiseren van de taakstelling kunnen wij na de proactieve beantwoording van de wethouder toch instemmen, al is het een hamerstuk. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mevrouw Gabin. Dan de fractie VOOR Lansingerland, mevrouw Van Olst. Ik wil graag van u ook een van drieën. Mevrouw Van Olst: Ja, dank u wel.
De voorzitter: Maar natuurlijk mag u ook nog uw standpunt nuanceren of aanvullen zoals ook anderen hebben gedaan. Mevrouw Van Olst: Ja, nou ja, ik val in herhaling want ik zie dus nog steeds niet zo goed in waarom wij dit nu moeten beslissen. Er zijn nog heel veel vragen en onduidelijkheden, bijvoorbeeld het onderzoek naar de locaties voor de langere termijn. Want ja, hoe doen we dat dan als deze locatie weggaat? Het lijkt onvoldoende doordacht. Ik denk dat het belangrijk is om ook een plan te hebben voor de langere termijn en volgens mij hebben we daar nog genoeg tijd voor. Dus ik denk dat het beter is om het voorstel voor nu even te laten voor wat het is en hier dan dus met meer concrete structurele plannen mee terug te komen naar de raad. De voorzitter: En even voor de goede orde, mevrouw Van Olst, heeft u dan nog aanvullingen op wat de drie andere partijen al hebben genoemd qua punten om uit te zoeken of sluit u zich aan bij die zaken? Want u moet het college dan wel een opdracht meegeven als u het wil uitstellen. Mevrouw Van Olst: Nee, ik … Ja, ik vind het belangrijk dat er structureel over wordt nagedacht want dat is de vraag die gesteld wordt. Er wordt gevraagd om vijf jaar en dan kan je met dit
18/24
gaan doen maar dat, dan is het ... Ja, het is gewoon niet goed doordacht, dat is het eigenlijk. Dank u. De voorzitter: Voor mij helder maar wellicht niet voor mevrouw Gabin want ik heb nog een interruptie voor u. Mevrouw Gabin: Ja, u heeft het over, we hebben tijd. Wie heeft precies hier tijd? Het kind wat met de moeder, de moeder met het kind die in Ter Apel buiten slaapt of de gemeente Lansingerland? De voorzitter: Mevrouw Van Olst. Mevrouw Van Olst: Kijk, dat is heel mooi dat u die vraag zo stelt want ik ben natuurlijk daar ook wel gevoelig voor en daar heeft u misschien wel een punt. Alleen we weten met zijn allen dat als we hier iets besluiten, dat het ook nog heel lang duurt. Dus ik denk dat het en voor de asielzoeker zelf maar ook voor de Lansingerlander belangrijk is om een structureel goed doordacht plan hier te bespreken en ons niet in eerste instantie te laten leiden door emoties. Dank u. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mevrouw Van Olst. Dan tot slot in deze tweede termijn, de heer Lieverse, ChristenUnie. U heeft het woord. De heer Lieverse: Ja, het is even wennen, voorzitter, die nieuwe debattechniek van de wethouder. Waarin die wel heel wat puntiger is, dat heeft dus voordelen en nadelen. Hij heeft een aantal zaken niet beantwoord die wij in onze woordvoering naar voren hebben gebracht.
Maar wel terloops kwam die op onder andere het punt van de belangenverenigingen die binnenkort hier ontvangen worden. Hij noemde het punt van de avond met de bewoners, ofwel allerlei zaken die wij heel erg graag ondersteunen. Overigens is het onderscheid tussen draagvlak en draagkracht denk ik toch een beetje fictief. Juist het werken aan dit soort avonden, juist het informatie verzamelen, het plannen, het werken aan samenwerking, dat maakt dat de draagkracht groter wordt. Dat zijn geen nutteloze zaken. Wat betreft het voorstel, wij vinden het rijp voor besluitvorming, voorzitter. Wat dat betreft steunen wij graag een koers die ook de wet volgt. De ChristenUnie gaat bijna een soort Law & Order partij worden. En het is ook geheel conform de informatie, de feiten die we gekregen hebben bij de beeldvormende avond kortgeleden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Lieverse. Dan heb ik naar aanleiding van deze tweede termijn één punt boven de markt hangen waar we echt een antwoord van het college op nodig hebben. Dat is namelijk de consequentie van niet in mei maar in juni of eventueel later agenderen. Kunt u daarop reageren, wethouder Hoek, namens het college? Dat is … Excuus, wethouder, nog één seconde. Mijnheer Azzouzi, is dat een punt van orde? U kunt mij namelijk niet interrumperen, dat mag niet maar … Dus dan moet het een punt van orde zijn. De heer Azzouzi: Een punt van orde.
Ik weet, ik ben op zoek naar de procedure. Kijk, als het … De voorzitter: Ga ik u zo in meenemen. De heer Azzouzi: Oké. De voorzitter: Maar daar heb ik even het antwoord van de wethouder voor nodig dus dat is een goede vraag van u, mijnheer Azzouzi. U heeft mij wellicht al driftig zien overleggen met een collega aan mijn rechterzijde. Maar daarvoor hebben we even het antwoord van de wethouder nodig voordat u een afweging kan maken. Dus wethouder Hoek, u heeft het woord. De heer Hoek: Ja, dank u wel. Ja, je kan beslissen wanneer je wil natuurlijk, laat dat heel duidelijk zijn. Alleen … Nee, nee, ja. Nee, ik bedoel, of het nou mei of juni wordt maar weet wel, kijk, er wordt nu constant gerefereerd aan het gegeven dat het overhaast is. Beste mensen, op 1 februari was de Spreidingswet een feit. Ja. Ik heb heel weinig vragen gezien. Ik heb geen fracties gezien die gezegd hebben, joh, luister, we moeten dit nog uitzoeken, we moeten dat nog uitzoeken want die Spreidingswet komt op ons af. Ik denk dat we juist het afgelopen jaar heel erg zorgvuldig gehandeld hebben om in mei een besluit te nemen en ook heel erg geïnvesteerd hebben in die samenleving. Dus dat. Maar wat mij betreft mei.
19/24
De voorzitter: U mag doorpraten hoor, wethouder. Ik weet niet ... De heer Hoek: Oké. Is dit mijn tweede termijn? De voorzitter: Ja, dit is gelijk uw reactie. Maar dit is volgens mij ‘…’. De heer Hoek: Een aantal zaken nog. Er wordt heel de tijd gezegd, ja, het is allemaal ad hoc, het komt op ons af, we vinden het ingewikkeld. Ja, dat vinden wij ook en daarom is er ook een beeldvormende avond belegd. Daar heeft u de inhoudsopgave al van gezien met betrekking tot de totale woonopgave. Dus die komt er gewoon aan en dat is het momentum waarop u allerlei vragen, allerlei meegevers kunt aangeven. Dus wat dat betreft, ja, daar kunt u volledig losgaan zeg maar daar waar het gaat om onduidelijkheden. Dan, ja, draagkracht, draagvlak, draag… We hebben hier toen we over de tweehonderd mensen spraken, hebben we hier het COA gehad. We hebben alle belangengroeperingen gehad. De VRR was hier, we hebben VluchtelingenWerk hier gehad, we hebben uitgebreid gesproken over draagkracht, draagvlak met betrekking tot de locatie hier achter het gemeentehuis. We hebben toen ook gezegd, de locatie is in principe redelijk eenvoudig geschikt te maken voor driehonderd. Sterker nog, daar hebben we ook de vergunning op aangepast. En waarom deze haast? Ja, nu, als u nu achter het gemeentehuis kijkt dan ziet u dat ze druk bezig zijn met het plaatsen van de woonunits.
Dus ja, weet je, het lijkt mij een handige om meteen dan op te schalen en voor die driehonderd te gaan. En ja, weet je, ik hoor VOOR Lansingerland ook nog zeggen, ja, onderzoek naar andere locaties. Juist de agenda zoals we die hebben vastgesteld geeft ons heel veel gelegenheid om nadat de Tobias 2 open is na te denken over de andere locaties. Daar hebben we nog zo'n kleine twee jaar de tijd voor, die kunnen we daarvoor gebruiken. Alleen in 2025 moeten we daar wel uit zijn. Dus tussen nu en 2025 kunnen we nog heel veel onderzoeken, heel veel met bewoners in gesprek gaan, wacht ik nog op de vijf locaties van Leefbaar. Die kunnen we allemaal meenemen in die locatiekeuze om vervolgens een beslissing te nemen. Dus we kopen juist heel erg veel tijd en voldoen toch voor een groot deel aan onze taakstelling die de Spreidingswet stelt. En ja, volgens mij kunnen we het, wat dat betreft is dit juist een regie die ervoor zorgt dat we nog voldoende tijd hebben om zaken te regelen. En als ik, ja, weet je, de Spreidingswet nadat die een feite is geworden, is ook de discussie wel verhard met betrekking tot aantallen die we moeten leveren. En ja ... De voorzitter: Wethouder? De heer Hoek: … ik word constant geconfronteerd met … De voorzitter: Wilt u wel reageren op de bespreekpunten uit de tweede termijn? Dus de tijd om het voorstel toe te lichten is geweest. De heer Hoek: Oké, helder.
De voorzitter: Maar uiteraard als u nog punten heeft mee te geven aan de commissie voor de beraadslaging op dit moment kunt u dat nog doen. De heer Hoek: Nou ja, dan zal ik het even kort nog houden. De spaghetti waarover gesproken wordt, het bespreken van de totale woonopgave en de beeldvorming en de inhoudsopgave die u al gehad heeft, die moeten daar soelaas voor bieden. Ja, volgens mij kopen we juist tijd om uiteindelijk tot een gedegen besluitvorming te komen met betrekking tot de realisatie van die 447 mensen die we moeten plaatsen. Natuurlijk wordt dat een uitdaging, hebben we genoeg de tijd voor en we voldoen al aan een groot deel van onze taakstelling. Dus ik denk dat dit een goed voorstel is. Wat mij betreft voor besluitvorming rijp omdat we, ja, er al een jaar over praten, heel veel instanties hebben gesproken. En juist goed hebben nagedacht over hoe we het op een goede ordentelijke manier kunnen inrichten van deze locatie en ook tegemoet te komen aan de verschillende oproepen die er vanuit het kabinet gedaan zijn om onze verantwoordelijkheid te nemen en daar blijven we voor staan. De voorzitter: Punt. Helder. Dank u wel, wethouder Hoek, voor uw toelichting in tweede termijn. Ik ga u eerst even uitleggen hoe de orde werkt. Is dat ook uw vraag, mijnheer Van den Beukel of niet? Heeft u nog een vraag aan de wethouder? O, nou, dat mag dan nog. Gaat uw gang.
De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter, dank u wel. Eén vraag, één meegever. De vraag is om toch te reageren op mijn verzoek tot het toesturen van de notulen waar hij naar verwezen
20/24
heeft? En de meegever was dat hij, dat de wethouder zegt, er komt nog een beeldvorming. Ja, voorzitter, waar het CDA naar op zoek is, is naar politieke regie en niet ambtelijke voorlichting. Dank u wel. De voorzitter: Helder. Maar daar is de interruptie niet voor bedoeld, mijnheer Van den Beukel. Dat weet u natuurlijk heel goed want ook u heeft de debattraining gevolgd die vanavond al eerder aan de orde is geweest. Wethouder Hoek, gaat u de notulen toesturen? De heer Hoek: Ja, ik ga … Nou ja, ja, dat ga ik doen. Politieke regie, ja, volgens mij is de raad dat. De voorzitter: Nee, nee, wethouder, dat was buiten de orde. De heer Hoek: O, sorry. De voorzitter: Excuus, wethouder. Zo. Oké, dan zijn we aan het einde gekomen van de tweede termijn ook van het college. Dan berust op mijn schouders de schone taak om u mee te nemen in de orde van deze vergadering. U kunt allemaal tellen, er zijn twintig aanwezige commissieleden en een tiental is voor uitstel met een gerichte opdracht voor uitwerking, een tiental is al dan niet geamendeerd voor door naar de raadsvergadering van 30 mei. Die weging heeft echter geen enkele waarde. Conform ons Reglement van Orde hebben wij geen afspraak over stemmingen in de commissies omdat de commissie geen stemmingen kent. Wat kent wel stemmingen? De raadsvergadering. En daarom wil ik u even het volgende in overweging geven.
Eén en ander gehoord hebbende hoor ik een aantal partijen niet hard tegen zijn maar, haakjes, om met meer informatie wellicht voor te kunnen zijn. Maar die informatie is op dit moment niet beschikbaar. U kunt als commissie zeggen, agendeer het op de eerstvolgende raadsvergadering 30 mei. Dan heeft u nog twee weken de tijd om elkaar veelvuldig te bellen. Maar is het risico dat op de raadsvergadering van 30 mei bij het vaststellen van de agenda de vier partijen die voor uitstel zijn met een meerderheid in de raadsvergadering het punt alsnog van de agenda halen. Dat is een risicoafweging, kan ik niet voor u maken. Maar ik geef u wel mee dat dan pas over twee weken feitelijk de opdracht aan het college begint om aan de slag te gaan met die gevraagde uitwerking. U kunt ook vanavond beslissen dat het college aan de slag moet met die gevraagde uitwerking. Maar dat kunt u niet doen met stemming, dat kunt u alleen doen als u het daar allemaal in meer of mindere mate wel mee eens kunt zijn want we hebben geen stemming in de commissie. Als u het er niet over eens kan worden is er geen enkel alternatief anders dan dat ik de weging ga bepalen maar dat doe ik bij voorkeur niet omdat ik het nadrukkelijk aan u wil laten als commissie.
Maar ik geef u in overweging dat bij de eerstvolgende raadsvergadering deze vier partijen, als iedereen komt opdagen, er zijn genoeg mitsen en maren, maar een meerderheid hebben. Dus de vraag die ik u stel, en dat is geen inhoudelijk politiek debat maar een ordevoorstel, is om als negen partijen gezamenlijk akkoord te gaan met de gevraagde uitwerking? En daar zou ik dan aan willen toevoegen, met uw goedvinden nogmaals negen partijen, dat het college u voor de raadsvergadering laat weten op welke termijn aan die uitvoering voldaan kan worden. Want dat stelt u in staat om ook op de raadsvergadering het alsnog op de agenda te plaatsen. Die vrijheid is geheel aan de raad want de raad bepaalt zijn eigen agenda. Dus resumerend, u heeft als commissie drie mogelijkheden, hamerstuk, al dan niet amenderen of moties of niet naar de raadsvergadering. Gelet op de discussie van de afgelopen, nou, anderhalf uur circa, is mijn voorstel aan u om het college morgen al aan het werk te zetten met de gevraagde uitwerking en het college u voor de raadsvergadering te laten weten op welke termijn dat gereed is. Dan is de enige vraag die ik aan het college wil stellen, is of het realistisch is om voor de raadsvergadering die brief te sturen over de gevraagde uitwerking? De punten van de uitwerking, wethouder, kunt u letterlijk terugluisteren uit de betogen van de vier partijen.
Als u dat scherper wil dan kunnen we dat zo doen. Ik kom zo bij u, mijnheer Azzouzi. Maar we moeten even kijken of dit ordevoorstel überhaupt uitvoerbaar is door het college, dan kom ik bij u terug. Wethouder Hoek. De heer Hoek: Ja, dan heb ik wel een punt van orde want als ik moet gaan … De voorzitter: Dat kan niet want u bent de gastwethouder. De heer Hoek: Ja, maar goed … De voorzitter: U mag wel een vraag stellen.
21/24
De heer Hoek: O. Nou ja, dan wil ik concreet weten wat die uitwerking is? Want anders gaat daar weer een heel groot grijs gebied ontstaan. Dan wil ik echt klip en klaar hebben, wat moet er verder uitgewerkt worden? Want anders dan wordt het een oeverloze discussie en dan gaan we het later weer hebben over dat datgene dat gesteld is niet is uitgewerkt en dat wil ik dan heel duidelijk weten. De voorzitter: Helder, helder. Ja. Oké. Dan ga ik even een rondje maken langs de negen partijen waarbij ik van u wil weten, het liefst unaniem en anders bij een overweldigende meerderheid, of u akkoord kunt zijn met mijn ordevoorstel? Nogmaals, het is aan u, ik wil niet voor u besluiten. En welke punten u dan wil meegeven aan het college voor die uitwerking? Oké? Dan gaan we dat op dezelfde volgorde doen. Mevrouw Draak, ik begin bij u. Bent u akkoord en welke punten wilt u meegeven? Mevrouw Draak: Ik ben akkoord. De twee punten die voor de VVD belangrijk zijn is één, wij willen graag een integrale afweging maken. Dus het gaat om totale … Ja, ik zie de wethouder nu reageren. Waar het dus om gaat is dat wij mee willen nemen waar mogelijke locaties zijn voor een structurele opvang van vijf jaar of langer voor de taakstelling. Zonder die gegevens gaan wij twee jaar lang iets doen en daarna weten we dus niet waar die mensen naartoe moeten.
Dus dat is eigenlijk ons grootste bezwaar en daar willen we antwoord op. De voorzitter: Oké, helder. Ik wil eigenlijk geen argumenten in deze termijn, alleen feitelijke dingen die u uitgewerkt wil hebben. Mevrouw Gielis, Leefbaar 3B. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij zouden graag het locatieonderzoek willen afwachten. En ja, kleinschaligheid is voor ons van groot belang. Geen grootschalig dus niet groter dan tweehonderd. De voorzitter: Nee, maar dat kunt u niet laten uitzoeken, dat is een argument. Maar ik wil van u weten welke feitelijke informatie … Mevrouw Gielis: Locatie. Locatieonderzoek. De voorzitter: Oké. Of het haalbaar is komt het college bij u terug maar we moeten even de inventarisatie eerst maken. Mijnheer Azzouzi, PvdA. De heer Azzouzi: Wat ons betreft kan het gewoon als hamerstuk of gewoon door. Dus ik weet niet wat die gevraagde uitwerking moet zijn. De voorzitter: Oké. Dan kom ik bij D66, mijnheer Van der Stad. De heer Van der Stad: Wij zijn ook voor het voorstel maar we kunnen ook meegaan met uw voorstel, zonder toevoegingen. De voorzitter: Oké. En geen specifieke punten die u uitgezocht wil hebben? De heer Van der Stad: Precies. De voorzitter: Oké. Dank u wel, mijnheer Van der Stad. Dan ga ik naar u, de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter, mijn fractie heeft behoefte aan twee dingen.
Ten eerste aan een duidelijke aanpak van het college waaruit blijkt dat ze regie gaan voeren op de huisvesting van al die concurrerende doelgroepen in flexwoningen of structureel, zowel qua beleggen van verantwoordelijkheden binnen het college als informatievoorziening naar de raad toe. Dus dat we daar grip op kunnen krijgen. En ten tweede, voorzitter, hebben wij behoefte aan een analyse van de draagkracht, met name in de kern Bergschenhoek voor het voorstel dat het college doet en een analyse of die draagkracht overschreden wordt? En zo ja, wat dan vervolgens de aanpak is om het te voorkomen? De voorzitter: Voor uw eerste vraag, mijnheer Van den Beukel, blijft u nog even bij me. Mogen we die uitleggen als een technische onderbouwing van de doelgroepen, de projecten en de verantwoordelijke wethouders en wanneer dat overzicht beschikbaar is voor u van alles wat
22/24
loopt? Want u vraagt om regie wat niet echt in een technisch onderzoek te vatten is dus daar kan ik niet over beslissen, dat is een politieke beoordeling van u. De heer Van den Beukel: Ja, voorzitter. Nee, dat is geen technische vraag, dit is een politieke vraag. Het college moet politiek regie voeren over de ruimtelijke ordening in Lansingerland. Dus je kan het niet uitspellen voor het college, ik laat het echt over aan de politieke opvattingen van het college om dat ofwel zo te laten als het nu is. Dan zou het voor ons onvoldoende zijn. De voorzitter: Oké. Oké. Helder. Dan ga ik naar WIJ Lansingerlander, mijnheer Afalah. De heer Afalah: Ja, voor ons, ja, wij gaan, wij willen best daarin mee alleen ik wil wel weten die uitwerking, dat is voor mij onduidelijk. Het enige wat ik heel concreet heb gehoord is, we willen notulen van de regietafel. Nou, die wacht ik dan af. Maar voor de rest is het voor mij niet heel duidelijk wat die uitwerking dan precies moet zijn. De voorzitter: Oké, dank u wel, mijnheer Afalah. Mevrouw Gabin, GroenLinks. U zat al bij de knoppen. Goed de volgorde in de gaten gehouden. Mevrouw Gabin: Ja. Wij zijn voor het voorstel voor de uitwerking maar hebben verder geen punten die we willen meegeven. De voorzitter: Oké, helder. Dank u wel, mevrouw Gabin. Mevrouw Van Olst, VOOR Lansingerland. Mevrouw Van Olst: Ja, dank u wel.
Mevrouw Draak heeft perfect verwoord wat ik, waar ik ook naar zoek dus dank u wel. De voorzitter: Oké. Dus u bent ook akkoord met het voorstel om met die opdracht het college op pad te sturen. Mevrouw Van Olst: Ja. Juist. Dank u. De voorzitter: Oké, helder. Ik moet dat even bewust met u afstemmen, dat we daar geen gedoe over krijgen later. Ik kijk al uit naar het vaststellen van het verslag van de volgende vergadering de volgende keer, dames en heren. Tot slot, mijnheer Lieverse. De heer Lieverse: Uiteraard blijven wij volgen hoe dit project zich ontwikkelt. Voor ons hoeft het niet uitgesteld te worden maar we kunnen ons vinden in het voorstel zoals u dat als voorzitter deed. De voorzitter: Oké. Dank u wel, mijnheer Lieverse. Dan ga ik het even voor u samenvatten. U heeft de kans gehad om een aantal concrete zaken aan het college mee te geven ter uitwerking. Het college laat u voor de raadsvergadering weten op welke termijn wat wel en niet uitgewerkt kan worden en dan is aan u en uw raadsleden de politieke beoordeling of u het alsnog op de raadsvergadering wil agenderen. Dat kan tijdens de vergadering of dat u het college afwacht in de uitwerking die volgt. Die beslissing kan ik niet voor u nemen. Maar dat betekent dat wij in deze commissie besluiten dat het niet rijp is voor besluitvorming en met deze opdracht het college op pad sturen.
Waarvan opgetekend dat de PvdA het daar niet mee eens is, is het bij meerderheid vastgesteld op deze manier. Ik kijk nog even naar mijn rechterzijde of ik iets ben vergeten? En als u geen besluit neemt op de eerstvolgende raadsvergadering komt het stuk sowieso in de commissievergadering van juni op de agenda terug, met al dan niet de uitwerking die dan beschikbaar is. Ja? Oké, u heeft het mij lastig gemaakt deze avond maar daarmee sluiten wij agendapunt 6a af. Ik zie geen ordevoorstellen meer, geen punten van kritiek. Een goede evaluatie misschien om ons Reglement van Orde eens tegen het licht te houden. Dat gaan we vanavond niet doen. 7. Actualiteiten uit het college De voorzitter: Wij gaan direct over naar agendapunt 7, de actualiteiten uit het college. Wethouder Hoek? De heer Hoek: Nee.
23/24
De voorzitter: Nee? Vanavond genoeg aan het woord geweest. Wethouder Muis? Nee? Andere wethouders aanwezig zijn geen deelnemer aan de vergadering want die zitten op de publieke tribune.
8. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Agendapunt 8, actualiteiten uit de commissie. Mijnheer Lieverse. Uiteraard, mijnheer Lieverse, ik had u al gemist. De heer Lieverse: Ja, nee, het moet toch even gemeld worden. Het heugelijke feit dat de verloskunde niet gaat sluiten in het LangeLand Ziekenhuis in … Dus het bestuur van het HagaZiekenhuis heeft besloten om het open te laten. Ik ga niet zeggen dat het komt door de open brief van allerlei ChristenUnie-fracties van Rotterdam, Den Haag, Gouda, enzovoorts, dus ook Lansingerland maar het is wel een van de factoren hopelijk geweest die misschien eraan bijgedragen hebben. Maar het feit blijft dat het open blijft. De voorzitter: Nou, ik denk waarvoor hulde en waar we als hele commissie blij mee zijn. Ik zie veel instemmend geknik. Dank voor deze actualiteit, mijnheer Lieverse. 9. Verbonden partijen De voorzitter: Agendapunt 9, verbonden partijen. Zijn er nog vergaderingen geweest van besturen, enerzijds, anderzijds? Nee, dat is niet het geval. 10. Rondvraag en sluiting De voorzitter: Dan zijn wij bij agendapunt 10, de rondvraag, die zijn niet gemeld, en de sluiting. Ik wil u allen hartelijk danken, maar niet voordat ik een compliment aan u allen heb gemaakt. Want u heeft zich werkelijk waar uitstekend gehouden aan mijn verzoek om puntig te debatteren.
En ik moet zeggen namens mijzelf in ieder geval dat ik het een zeer prettig debat heb gevonden met u. Dank. Ik sluit deze vergadering en wens u allen een fijne avond.
24/24